,,ari/oteles' ,,zielkunde ,,met ,,e5 ,,inleid+1 ,,korte ,,ov]zi*t5 ,,en ,,v]kl>5de ,,aanteek5+5 ,,door ,dr ,j4 ,m4 ,,fra5kel ,,bij ,j4 ,b4 ,,wolt]s' ,u4 ,m4--,,gron+51 ,,d5 ,,haag1 #aiai ,,inleid+4 ,wanne] wij na de lez+ van ,plato voor het e]/ k5nis mak5 met het traktaat van ,ari/oteles ov] de ziel1 dan ko/ het ons moeite onze teleur/ell+ te v]b]g54 ,al zo*t5 wij niet de bekor+ van de kun/ van ,plato1 die uit d5k5 en s*oonheid n lev5 s*ept en onze ziel za*tk5s omhoog vo]t0--to5 wij ons v]plaat/5 van het tooneel na> de grijze collegekam]1 rek5d5 wij op e5 regelmatige en voll$ige uite5zett+ van het ond]w]p en aangezi5 de vorm van het traktaat niets aantrekkelijk] is dan die onz] h$5daags*e wet5s*appelijke ges*rift51 v]wa*tt5 wij ev5veel wet5s*appelijkheid4 ,hi]9 word5 we dan 9 vel]lei opzi*t teleurge/eld4 ,ari/oteles is g$rong5 en da>door vaak dui/]1 gebruikt voortdur5d wijsge]ige t]m5 wi] oorsprong hij niet aangeeft2 het v]b& begeeft ons dikwijls en de wet5s*ap die hi] voor ,plato's kun/ en v]hev5heid 9 de plaats tre$t1 v]s*ijnt 9 nog onontwikkelde vorm4 ,bij ,plato moet m5 na> wet5s*appelijkheid nog niet vrag52 zijn ,sokrates1 zijn wij%eid1 lev]t hymn5 op ,apollo1 m$eslaaf van de zwan50 7,pha$o #he ,b72 weliswa> heeft ,ari/oteles 9 alle wet5s*ap van hem gele]d1 ma> de wet5s*ap komt e]/ 9 ,ari/oteles tot /&4 ,we behoev5 dan ook eig5lijk niet om ,ari/oteles' traktaat te begrijp51 te vrag5 wat ,plato ov] de ziel gele]a>d heeft4 ,plato le]t n]g5s /elselmatig ov] de ziel1 al zijn ,!aetetus ,pha$o ,republiek en ,timaeus vol van ha>4 ,want hoe spreekt b4v4 de ,pha$o1 het drama van ,sokrates' on/]felijkheidsv]tr\w51 ov] de ziel8 ,de ond]s*eid+--heet het--van het z9tuigelijk wa>nem5 7het onw>e k5n57 en het d5k5 d] ideen 7het w>e wet57 vo]t tot het wez5 van de ziel1 7#fe ,d7 en het wez5 d] ziel doet zi* k5n5 als het blijv5de 9 d5 kr+loop van ont/aan en v]gaan 7#gb ,d74 ,het d5k5 v]d] is de wet5s*ap1 die 9 aanleg1 blijk5s de erv>+ van het le]5 7#gc ,a7 met de ziel gegev5 is en die door /elselmatige h]9n]+ tot /& wordt gebra*t4 ,zij betreft de idee1 het algeme5e1 blijv5de1 onv]&]lijke1 wa>na> de wa>nem+5 v]wijz51 en dat aan de wa>nem+5 voorafgaat4 ,dat wez5lijke heeft de ziel tot grondslag 7#gf ,e71 die tev5s de grondslag is van het lev5 7#gg ,d74 ,zoo is de ziel als onzi*tb>e grondslag het niet-sam5ge/elde 7#gh ,c72 zij is het goddelijke1 on/]felijke1 alle5 d5kb>e1 het e5vormige1 ondeelb>e1 altijd met zi*zelf e5zelvige 7#hj ,b71 ge5 h>monie van /(felijke elem5t5 7#hf ,b7 ( product 7#hg ,b71 en niet sle*ts noodzakelijke be/aansvoorwa>de 7#ii ,b7 ma> de w>e oorzaak van het lev51 als grondslag van het lev5 ev5 onv]delgba> als het lev5 zelf 7#ajd74 ,zoo is de psy*ologie van d5 ,pha$o2 9 di5 trant sprek5 ook de &]e dialog52 het is moeilijk en h>d dat alles te ontl$5 en 't is1 zooals gezegd is1 niet noodig 9 deze inleid+4 ,ari/oteles heeft het le]/ellige van ,plato 9 zijn eig5 v]b& opg5om51 en dit zal voor zoov] noodig bij deze v]tal+ toegeli*t word52 de toon van zijn kritiek is soms grimmig3 4 etc4 de ,ideen laat ik da>1 dat is kl9kklank0 zegt hij 7,anal4 ,po/4 ,i #hc a #cb vgl4 ,met4 #iia a #bj71 ma> wel begrijpelijk als van d5 wet5s*appelijke teg5ov] d5 !oso(4 ,want ,ari/oteles' d5k5 is /elselmatig1 hij /aat 9 het teek5 d] wet5s*ap en wat bov5 gezegd is1 dat de wet5s*ap bij hem nog onontwikkeld is1 dat is jui/ het bewijs van zijn wet5s*appelijkheid2 hij moet veel zegg5 wat wij met me] k5nis zegg52 want phantasie en kun/ zijn voor alle tijd51 ma> oude wet5s*ap v]gaat 9 nieuwe4 ,met dit besef ev5wel /aan wij niet op d5 bodem van de mod]ne bes*\w+ omtr5t ,ari/oteles2 an ke9] ,philosophie 7hat7 die neu]e ,zeit si* s v]gang5 als an ihr 7d4i4 aan de ,ari/otelis*e70 zegt ,hegel's ,ges*4 d] ,phil4 7p4 #dfh ed4 ,boll&74 ,da> is ,e4 ,zell]'s uitvo]ig w]k1 die 9 zijn slotbes*\w+ 7p4 #hja7 zegt dat da>gelat5 de absolute wa>heid van ,a4's le] 7wa>ov] hij niet wil sprek57 hij en &]5 moet5 erk5n51 dat het ,a4 niet gelukt is de leid5de gezi*tspunt5 van zijn sy/eem zond] teg5spraak te v]b9d54 ,wa>van dan zek] e5 /aaltje is wat p4 #cab e5 hoog/ +rijp5de teg5spraak 9 't sy/eem van d5 ,philoso(0 heet1 dat n4l4 ,a4 nu e5s het enkele d+ dan we] het ,algeme5e de w>e sub/antie 77 noemt4 ,de onv]zo5lijkheid van die teg5spraak /aat voor ,zell] va/4 ,to* weet hij wel dat ,a41 &]s dan ,plato1 het ,algeme5e niet op zi*zelf /elt1 niet s*eidt van het ,enkele1 ma> da>9 het wez5 van het ,enkele v9dt3 9 zoov] kan het ,algeme5e na> de geleg5heid vord]t het w>e heet54 ,do* teg5ov] die e5zijdigheid /aat met gelijk re*t1 die welke het ,enkele het w>e noemt1 jui/ omdat het &]e te zegg5 ook e5zijdigheid is4 ,ge5 van beide op zi*zelf is wa> ( onwa> ( het w>e--als m5 't w>e zegg5 wil1 dan kan m5 na> om/&igh$5 't ,enkele zo[el als 't ,algeme5e het w>e noem54 ,dat doet ,a4 ge5 liefhebb] van e5zijdigheid1 die b4v4 9 't beg9 d] ,metaphysica de wet5s*ap het hoog/e noem5de1 erk5t dat de erv>+ zond] wet5s*ap ev5 go$ en soms bet] is4 ,het ,ari/otelis*e sy/eem1 voorbeeldig voor het ,hegels*e1 is w]kelijkheidssy/eem en v9dt de w]kelijkheid 9 de voll$igheid4 ,als m5 9 i$]e ri*t+ philos(e]t10 zoo zegt ,a4 ,polit4 #abgi b #ab en niet alle5 na> de praktijk ziet1 is het gepa/ niets voorbij te zi5 ( weg te lat51 ma> de wa>heid omtr5t alles duidelijk te mak540 ,bewegelijkheid is de philosophie van ,a41 zooals zij is het pr9cipe van de natuur 7,phys4 #bec b #e vgl4 #aib b #bj74 ,voor ,zell] is dus ,a4's sy/eem e5 7gebrekkige7 le]1 die ha> tijd gehad heeft4 ,gewoonlijk e*t] wordt e5 &] oordeel ov] ,a4 uitgesprok54 ,hoor ,r4 ,d4 ,hicks1 de v]di5/elijke uitgev] van ons traktaat voor de ,cambridge ,univ]sity 7#aijg7 9 zijn inleid+ p4 ,l n4 #a ,van onze hoog]e k5nis uit kunn5 wij ons v]gunn5 te glimla*5 ov] de naeve onnoozelheid1 de brutale v]metelheid1 die bewe]t d5 groei te v]kl>5 zond] iets te wet5 van cell51 die gevoel en beweg+ bespreekt zond] k5nis van de natuur en de functies d] z5uw5 en die vuur als e5 elem5t beh&elt 9 zalige onwet5dheid van de *emis*e v]br&+sv]s*ijnsel540 ,lewes ,ari/oteles p4 #bbc 7v]t4 van ,c>us73 zijn gee/1 die noodw5dig tot ong]ijmdh$5 moe/ v]vall51 als hij ov] w>mte !oretise]de zond] !rmomet] en ov] physica zond] k5nis d] beweg+swett51 /ijgt tot bewond]5swa>dige hoogte wanne] hij de hoog]e algeme5h$5 van het lev5 en d5 gee/ beh&elt40 ,hem cite]t met in/emm+ ,rudolf ,euck51 iem& van naam en groote k5nis op dit gebi$1 wi5s oordeel en beh&el+ typis* mog5 heet53 zie die ,me?ode d] ,ari/ot4 ,=s*ung0 7#ahgb7 ,s*lusswort p4 #ehd vlg4 ,hij zegt dat hij zijn bes*\w+ zooveel mogelijk hi/oris* geh\d5 heeft en dan ,a4 voortreffelijk a*t2 ma> dat v]d] de wa>de van de me?ode to* ook nog te beoordeel5 is4 ,en oordeel5de blijkt hem dat op 't e]/e gezi*t ,a4 niet van wa>de is voor onz5 tijd1 dan alle5 door zijn f\t5--de f\t5 van e5 groot5 gee/--die wij kunn5 le]5 v]mijd5 en wa>door wij onze zek]heid me] kunn5 beseff54 ,ma>1 zegt hij1 dat maakt de v]e]+ van de nieuw]5 voor ,a4 nog niet begrijpelijk4 ,die moet gegrond zijn op de blijv5de beteek5is van zijn me?ode van ond]zoek en 9 't bizond] op zijn /rev5 om met en door de nauwkeurige /udie van de ond]deel5 tot e5 geheel van w]eldv]kl>+ te kom54 ,en hi]9 v9dt de ho(dzakelijk kritis*e ri*t+ van de nieuw]e philosophie de aanvull+1 die zij miss*i5 behoeft2 want kritiek is niet het laat/e doel1 ma> dt is alle5 door v]e5ig5d d5k5 te b]eik54 ,alzoo spreekt ,euck5--he5 en we]1 zoodat wij met zijn oordeel d5zelfde graad van moeite hebb5 als hij zelf met ,ari/oteles--wel is wa> niet dezelfde soort van moeite4 ,hij zegt wel iets1 dat wij begrijp52 hij wa>de]t het v]e5ig5d d5k5 van ,a41 ma> wij v]nem5 niet--wa> het op aankomt--( die v]e5ig+1 dat geheel van w]eldv]kl>+1 bevr$ig5d tot /& gekom5 is en zoo ja1 hoe dat 9 zijn w]k gegaan is bij ,a4's gebrekkige me?ode2 zoo ne51 wat er eig5lijk van h\dba> is4 ,de onru/ nu zelf van zulk e5 onbepaald oordeel als van ,euck5 en zoovel5 doet ons beseft5 dat 9 hun bes*\w+ het begrip zi* nog niet heeft gevond54 ,dit geldt van d5 heel5 ,a41 dit geldt van de ,anima4 ,ik heb gezegd hoe gebrekkig en zwak dat ges*rift is2 ma> het s*ijnt to* ze] gewa>de]d te word52 wa>om &]s die pra*tige uitgav5 van ,tr5dl5burg1 ,rodi]1 ,hicks--,duits*1 ,frans*1 ,engels*8 ,lat5 we dan nauwkeurig] nagaan wat van het ges*rift te d5k5 is4 ,het is s*etsmatig1 n]g5s uitvo]ig ( geord5d2 wij erk5n5 het en hetzelfde geldt van al het voornaam/e ,ari/otelis*e4 ,ma> door alles loopt e5 draad2 zooals te v]wa*t5 0 bij d5 #co 9 de rij2 want ,sokrates beg9t1 ,plato zet voort en ,a4 voltooit4 ,da>om is zijn philosophie sy/eem 9 d5 w>5 z91 zelfvoltooi+ van het begrip 7voortga&e heeft de zaak zelf h5 d5 weg geba& en door de wa>heid zelve g5oodigd zo*t5 zij v]d]0 zegt hij ,met4 #ihd a #ai b #aj van de oude d5k]s74 ,en to* ook we] niet2 want wij moet5 uit de ges*rift5 het sy/eem e]/ hal51 het v]spreidde sam5vatt51 toevoegsels afs*eid51 sam5hang h]/ell51 kortom het begrip er 9 br5g54 ,do* e]/ moet m5 v]tr\w5 9 het ,ari/otelis*e hebb5 en wekk51 zooals hijzelf v]tr\w5 heeft 9 het m5s*elijk d5k5--de aanleg van de m5s*51 zegt hij 7,rhet4 #acee a #ae7 is voldo5de voor het w>e en 9 't mee/e treff5 zij de wa>heid40--,alle m5s*5--zoo beg9t de ,metaphysica--/rev5 van nature na> het wet52 dat bewij/ de lu/ 9 het gewa>word52 imm]s ook afgezi5 van het nut gev5 de gewa>word+5 voldo5+ en 9 't bizond] die door de oog54 ,want niet alle5 om te h&el51 ma> ook zond] dat wij iets will5 do51 v]kiez5 wij het gezi*t bov5 alle &]e gewa>word+54 ,hi]van is de oorzaak dat die gewa>word+ ons 't mee/ doet k5n5 en vele ond]s*eid+5 mogelijk maakt40 ,dit v]tr\w5 9 de wet5s*ap doet ,a4 k5n5 als e5 d5k] voor wi5 de w]kelijkheid r$elijk en het r$elijke ook w]kelijk is en het bepaalt de h\d+ teg5ov] zijn mee/] en voorgang] ,plato4 ,hi]bij e5 toeli*t5d /aaltje4 ,plato 9 zijn dialoog ,gorgias0 ontzegt d] rhetorica d5 naam van kun/ omdat zij niet op de wa>heid ma> op d5 s*ijn g]i*t is protegit haec sontes1 imm]itosque premit0 7zij bes*]mt s*uldig5 en v]drukt ons*uldig57 zooals ,ovidius zegt4 ,ari/oteles m]kt op 7,rhet4 #aced a #d etc474 ,alle m5s*5 hebb5 9 zek]5 z9 deel aan beide 7nl4 aan rhetorica en dialektiek71 want zij beproev5 all5 tot op e5 zek]e hoogte te toets51 rek5s*ap te gev51 te v]d$ig5 en aan te vall54 ,de groote m5igte doet dit f op go$ geluk af f door gewoonte en a>d4 ,da> het dus op beide wijz5 gaat1 is het duidelijk dat m5 er ook me?ode 9 kan br5g52 want het is mogelijk de oorzaak na te gaan1 wa>door op beide wijz5 het succes volgt3 en dit na te gaan zal i$] toegev5 het w]k van kun/ te zijn40 ,en op 't e9d van het ho(d/uk 7#acee b #b74 ,het argum5t dat wie onre*tva>dig de woordkun/ gebruikt1 groot nadeel /i*t5 kan1 geldt voor alle go$ 7behalve de deugd7 en 9 't bizond] voor het nuttig/e als kra*t1 gezondheid1 rijkdom1 veldhe]/al5t2 da>m$e kan m5 bij re*tva>dig gebruik 't groot/e nut do51 bij onre*tva>dig het groot/e kwaad /i*t50--en op deze wijze zet ,a4 de bew]+ van ,plato op zij ( t]e*t4 ,veel me] d]gelijke rake kritiek1 die tev5s me?ode en begrip is1 lev]5 de ,politica op ,plato's beide /aatkundige w]k51 en de ,metaphysica op zijn ,ideenle]2 ma> da>ov] wil ik niet uitwijd54 ,9 de twe$e plaats wordt ons v]tr\w5 v]/]kt door de bev9d+ dat de w]k5 van ,a4 z sam5hang51 dat het niet geheel mogelijk is uit d5 inh\d te zi5 wat het e]/1 wat het laat/ ges*rev5 is2 op elk punt s*ijnt het geheele sy/eem pres5t te zijn1 zooals dat ook bij ,hegel gaat4 ,ons traktaat b4v4 is zek] lat] dan het tot e5 &] deel d] le] behoor5de boek ov] de dialektis*e gezi*tspunt5 7,topica071 ma> to* /aat ,top4 #aaa b #d ov] de beweg+ d] ziel hetzelfde als 9 de ,anima4 ,de uitgev]s hebb5 dan de gewoonte bij elke plaats alle &]5 van d5zelfd5 inh\d te cite]52 zoo wordt hun comm5ta> lijvig1 ma> van de e5heid van het ,ari/otelis*e sy/eem gewag5 zij niet4 ,dus beantwoord5 zij b4v4 de vraag niet ( ,a4 v]b& /elt tuss*5 de ab/racte d5kle] van zijn logica 7het ,organon07 en zijn ,metaphysica4 ,dat dit wl het geval is1 kan blijk5 uit ,metaphys4 #ajcd a #cg wa> van e5 betoog dat de word+ uit het zijn voortkomt1 het slot luidt3 zooals bij de sluitr$55 het pr9cipe van all5 het wez5 is--want uit het begrip zijn de sluitr$55--zoo hi] 7uit het zijn7 de word+540 ,de mod]n5 die uitdrukk+5 als en wez51 begrip1 zijn0 v]/>r5 en wa> ,a4 ond]s*eidt ges*eid5 h\d51 ontnem5 zi* da>m$e de mogelijkheid om te begrijp54 ,plaats5 nu als de gecite]de zijn er me]2 b4v4 ,met4 #ajad b #a2 die moet5 ons di55 als leiddraad om 9 het ges*rijf het sy/eem te volg54 ,e5 algeme5e inleid+1 zooals door lat]5 voor ,a4 wl gemaakt zijn ma> dan op hn mani]1 be/aat er niet en to* wordt iets algeme5s van di5 a>d1 't zij als ges*rev51 't zij mondel+1 vaak voorond]/eld 9 de be/a&e w]k54 ,de tijd heeft nog veel wond]lijk] omgesprong5 met de wij%eid van ,a4 dan met ,hegel4 ,er is ge5 groot] v]s*il d5kba> dan tuss*5 de ongeve] volkom5 ov]lev]+ van de dialog5 van ,plato en de toevallige /ukk5 en brokk5 die ,ari/otelis* zijn en heet54 ,ma> alles is uit n gee/3 9 di5 gee/ moet ik ook ons traktaat beh&el5 &]s dan 9 d5 aanvang1 to5 ik de gewone bes*\w+swijze volgde alle5 wat e]lijk] ( nog e5zijdig] dan deze zi* gewoonlijk uitspreekt4 ,wanne] de v]s*ill5de boek5 die de ges*i$5is d] philosophie beh&el5 bij ,ari/oteles en ,hegel kom51 rak5 ook de degelijk/5 de kluts kwijt3 bij deze twee v9dt e5zijdige kritiek van ho(d0punt5 ge5 baat2 al is die kritiek zoo welwill5d als 9 't geval van ,a4 bij ,euck51 die bij elke be/rijd+ tev5s e5 v]onts*uldig+ voegt en met het geheel v]leg5 blijft1 zooals we zag54 ,ik wil tra*t5 na> v]mog5 het begrip 9 ,a4's ges*rift na te gaan als volgt4 ,het boek de ,anima beg9t met de opm]k+ dat de /udie d] ziel bov5 &]e /udin gewi*tig is doordat zij ov]gang vormt tuss*5 de algeme5e wa>heid en de natuur--gee/1 ziel en lev5 alzoo4 ,gewi*tig en ev5ze] moeilijk1 omdat met het ond]w]p tev5s de me?ode en de grondslag5 van het ond]zoek beh&eld moet5 word54 ,hi]door word5 wij er op voorb]eid dat de ziel niet van uit e5ig me] ( m9 bewu/ van te vor5 bepaald /&punt zal be/ude]d word52 op hetzelfde wijz5 de volg5de algeme5e vraagpunt5 en vooral de z9sn$e3 ,wie imm]s nu wet5s*appelijk sprek5 ov] de ziel1 lijk5 alle5 de m5s*elijke ziel na te gaan04 ,t5 slotte /aat dat de /udie d] ziel kan zijn de /udie van de wa>neemba>h$5 en d5kba>h$5 als zoodanig1 want van het begrip komt m5 tot de wett5 d] erv>+1 ma> omgeke]d is de erv>+ op te nem5 als k5bron van het begrip4 ,de w>e wez5sdef9itie moet van de v]s*ijnsel5 rek5s*ap gev5 en de ziel is niet gee/elijk zond] me]1 ma> zij heeft blijk5s de a&o5+5 ook e5 natuurlijk5 kant1 zij is niet als lijn ( vlak4 ,de re/ van het boek di5t om 9 de !orien van de voorgang]s kaf en kor5 te ond]s*eid52 dat ,a4 dit doet van zijn eig5 sy/eem uit en dat de mod]n5 hem dit v]wijt5 kan ons na> wat wij gehoord hebb5 ev5 we9ig bevreemd5 als dat bij ,hegel de ges*i$5is d] ,philosophie er &]s uitziet dan 9 de ov]ige philosophieges*i$5iss5 en dat de mod]n5 ,hegel dit v]wijt54 ,zoo zegt ,enrico ,s\li] 9 e5 boek ov] ,eraclito ,efesio 7,roma #ahhe7 p4 #cc3 co/rurre a priori la /oria del p5si]o filos(ico1 come volle ,hegel1 cio ridurre la so/anza dei si/emi div]si ad una m]a successione di categorie logi*e necess>ie1 s>ebbe dunque vol]e anni5t>e 9 ciascun si/ema la p>ticol>it *e lo di/+ue40 ,de s*rijv] drukt zi* onnauwkeurig uit3 hij b$oelt dat ,hegel door de sub/antie van de v]s*ill5de sy/em5 te mak5 tot e5 simpele ope5volg+ van logis*e kategorien afziet van de bijkom/igh$5 van elk sy/eem4 ,dat keurt hij af4 ,ev5zoo ,euck5 p4 #ab3 ,w5n ,a4 444 dur* die ges*i*tli*e ,betra*tung e9e ,bekrftigung d] eign5 ,ans*auung5 er/rebt und dabei d5 eign5 ,/&punkt als e95 abges*loss55 voraussetzt1 s kann er natrli* die ,vorgng] ni*t unbefang5 betra*t51 er wird vielmehr 9 d5 ,fehl] v]fall51 se9e eign5 ,gesi*tspunkte 9 sie h9e9zutrag5 enz4 enz4444 ,dass er ab] d5 eign5 ,/&punkt also zum massgeb5d5 au* fr se9e ,vorgng] ma*t1 dazu trug ohne ,zweifel eb5 die ,ansi*t bei1 dass 444 se9e ,philosophie die gei/ige ,bewegung abzus*liess5 be/immt sei4 ,e9e sol*e b]zeugung konnte ihn dazu v]leit5 d5 eign5 ,/&punkt fr d5 absolut5 zu halt5 und d>na* alle ges*i*tli*5 ,ers*e9ung5 zu mess540 ,ma> als #co 9 de opvolg+ d] ,voor-,sokratis*e1 ,platonis*e en eig5 philosophie n als man d] wet5s*ap die het zoek5 d] wa>heid ge5 z9neloo%eid 7 7 noemt 7,met4 #ajji b #ch7 _h ,a4 ind]daad t]e*t deze opvatt+ en dat geeft hem het re*t ( legt hem de pli*t op 9 zijn voltooidheid van de bizond]h$5 d] voorgang]s af te zi51 wat zek] niet geoorlo(d is1 als 't gaat om de bes*rijv+ van e5ig sy/eem op zi*zelf g5om54 ,ook ik kan 9 deze bes*\w+ we] afzi5 van deze ,ari/otelis*e kritiek1 die voornamelijk ,plato en zijn onmiddellijk5 opvolg] ,speusippos geldt2 alle5 neem ik enkele passages op1 die opb\w5d zijn1 zooals dat de beweg+ die de ziel geeft ge5 natuurlijke ma> e5 gee/elijke moet heet5 en dat de e5heid van d5 gee/ en de g$a*te ge5 natuurlijke ma> e5 e5heid als die des getals is2 en /ukk5 als ,deze ong]ijmdheid0 en uit het gezegde blijkt0 7v]tal+ p4 #ec en #ef74 ,afgezi5 van deze en d]gelijke plaats5 is v]d] het e]/e boek gewijd aan op zij- en t]e*tzett+ van de 7de me5+5 d] vroeg]57 die vaak1 om met ,x5ophanes te sprek5--sle*ts 7v]z9sels7 blijk54 ,da>om moet me?odis* ond]zo*t word5 en beg9t het #bo boek met de algeme5e bepal+ van alle ziel3 de e]/e 7d4i4 aanvankelijke7 entele*ie van e5 bew]ktuigd natuurlijk li*aam40 ,wat de entele*ie is--9 de ,anima wordt de t]m als bek5d voorond]/eld2 't door ,a4 gemaakte woord moet voltooidheid0 beteek55--dat _h ,h]molas ,b>b>us 7,hegel ,ges*4 d] ,phil4 p4 #dgb ,boll47 niet aan d5 ,duivel moet5 vrag52 ,a4 zelf zegt #c tek/regels na zijn def9itie1 dat de entele*ie is het w>e ne en het w>e zijn1 die het lev5d wez5 tot n maakt1 n uit en 9 ond]s*eid van /( en vorm4 ,lat5 wij zegg53 de ,ari/otelis*e def9itie van ziel luidt3 de ziel is de aanvankelijke zelfbepal+ van het bew]ktuigde natuurlijke4 ,het natuurlijke def9ie]t dan ,a4 als datg5e1 wat beg9sel van beweg+ en /il/& 9 zi*zelf heeft--en dus als datg5e1 wat ziel heeft2 en we hebb5 dus welbes*\wd hi] te do5 met e5 cirkelr$5e]+ 9 de bepal+4 ,edo*1 wij de9z5 da>voor niet t]ug2 wie zelfbepal+ begrijpt1 begrijpt ook cirkelr$5e]+ 9 de bepal+2 want zelfbepal+ is ook cirkelr$5e]+1 e5heid van het bepal5de en het bepaalde 9 zelfbew]k+ ( t]ugke] tot zi*zelf4 ,het wez5 van de ziel wordt dan voorloopig v]duidelijkt door de v]gelijk+ die het gezi*t de ziel van het oog noemt4 ,hi]uit volgt dat de ziel niet te s*eid5 is van het li*aam1 behalve wanne] wij w]k+5 van ha> k5n5 die van ge5 li*amelijk orgaan afhang5 ( wanne] de ziel moet g5om5 word5 als leid] van het li*amelijk geheel 9 de v]h\d+ van /uurman tot s*ip4 ,van de gegev5 def9itie zal dan v]d]op v]kla>d word51 dat zij niets le]t omtr5t het bizond]e en op zi*zelf ev5m9 bevr$igt als m5 9 de meetkunde tevr$5 kan zijn met e5 algeme5e bepal+ van figuur1 zond] te lett5 op #c-;hoek1 #d-;hoek enz4 ,let m5 op de erv>+1 die zegt dat de ziel de oorzaak van het lev5 is--dan is lev5 om te beg9n5 vo$+1 groei en 't teg5deel2 v]d] plaatselijke beweg+1 gewa>word+1 d5k54 ,van deze v]mog5s is het ?reptikon1 het ond]h\d5de1 voor 't lev5 de grondslag en 't noodzakelijke3 de &]e1 de gewa>word+1 de plaatselijke beweg+1 het d5k5 tr$5 op met d5 voortgang van het lev5de4 ,ev5zoo is 9 de gewa>word+ de e]/e1 de ta/z91 de noodzakelijke2 de &]5 tr$5 op 9 ov]e5/emm+ met de algeme5e v]mog5s4 ,plant5 hebb5 alle5 de vo$5de ziel1 di]5 op zijn m9/ nog bov5di5 d5 ta/z94 ,zoo is er e5 uitbreid+ van het psy*is*e met het lev5d wez51 wa>van r$5 moet word5 gegev54 ,lev5de plant5 en sommige di]5 blijk5 splitsba> zond] wez5sv]&]+3 zoo blijkt het vo$5de en het gewa>word5de en da>m$e het voor/ell5de en bege]5de--en dus1 al het zielige1 voorloopig afgezi5 van d5 gee/--met het lev5de li*amelijke sam5 te gaan en onafs*eidelijk te zijn4 ,die functin moet5 dus 9 hun opvolg+ ond]zo*t word5 om tot het w>e begrip van de ziel te kom5 en de functin word5 bepaald uit hun uitw]ksel1 de vo$5de uit vo$+1 de gewa>word5de uit het wa>neemb>e1 de d5k5de uit het d5kb>e4 ,de algeme5/e functie1 de vo$5de1 heeft betrekk+ op vo$+ en voortplant+ en da>door re$s is het natuurlijk lev5de bov5 het natuurlijke zond] me] uit en heeft elk 9 v]s*ill5de grad5 deel aan het eeuwige1 goddelijke1 wa>na> al het natuurlijke /reeft4 ,zoo is dan de ziel het wez5 van het li*aam als oorzaak van het lev51 het doel van het li*aam dat van nature voor de ziel is bew]ktuigd1 bewu/ ( onbewu/2 en t5 slotte de oorzaak van de beweg+ en de v]&]+1 die aan de gewa>word+ va/ zit4 ,da>door is de me*anis*e opvatt+ betreff5de de vo$+ van ,emp$okles we]legd1 alsook van h51 die de vo$+ tot v]br&+ h]leid54 ,bij de vo$+ doet zi* de vraag op1 ( het gelijke voor het gelijke ( het teg5ge/elde voor het teg5ge/elde vo$sel is4 ,aan d5 e55 kant v]&]t het vo$sel door de vo$+ en is het dus het ongelijke2 aan d5 &]5 kant1 als oorzaak van de groei1 is het het gelijke4 ,het blijkt dus dat beide opvatt+5 geld5 na> gelang m5 vo$sel noemt het aanvankelijke1 onv]te]de ( het aangeeig5de1 v]te]de4 ,vo$sel is noodzakelijk1 niet bijkom/ig1 v]bond5 aan het begrip van het bezielde1 omdat alle5 het bezielde li*aam gevo$ wordt4 ,het vo$sel als zoodanig is te ond]s*eid5 van hetge5 wasdom v]oorzaakt2 want het betreft niet de grootte ma> het wez5 zelf van het lev5de wez5 en het heeft als doel de voortplant+2 da>om behoort de vo$5de ziel de voortplant5de te heet54 ,zooals h& n /uurriem 9 v]s*ill5d5 z9 bij het /ur5 w]k51 zoo is 9 de vo$+ bij het vo$sel de w>mte noodzakelijk die het doet v]te]52 dus heeft al het bezielde w>mte4 ,het omtr5t het vo$sel gezegde is b$oeld als s*ets2 de bizond]h$5 kom5 eld]s t] sprake4 ,bij de gewa>word+ h]haalt zi* de vraag omtr5t gelijkheid ( teg5/ell+1 die eld]s beh&eld wordt en komt v]d] de vraag op1 wa>om m5 de gewa>word+5 zelf niet gewa>wordt en voorw]p5 van buit5 noodig zijn1 t]wijl to* de elem5t51 die m5 9 de voorw]p5 gewa>wordt1 9 de z9tuig5 aanwezig zijn4 ,dus zijn de elem5t5 9 de z9tuig5 alle5 na> mogelijkheid1 niet 9 w]kzaamheid1 zooals het br&b>e het vuur-9-w]kelijkheid noodig heeft om te br&54 ,da>om moet m5 ond]s*eid5 tuss*5 gewa>word5 na> mogelijkheid en w]kzaamheid4 ,en die ond]s*eid+ lo/ ook de #ao vraag omtr5t gelijkheid ( teg5/ell+ op4 ,na> mogelijkheid lijdt het teg5ge/elde door het teg5ge/elde1 na> w]kelijkheid het gelijke door het gelijke4 ,de ond]s*eid+ tuss*5 mogelijkheid en w]kzaamheid moet nog v]diept word54 ,de m5s* is na> mogelijkheid b4v4 taalkundig1 als ges*ikt voor wet5s*ap2 ook taalkundig als bezitt5de de taalkunde2 en e9delijk ( 9 w]kzaamheid taalkundig als be/ude]5de en k5n5de e5 bepaald punt van taalkunde4 ,de e]/e twee wijz5--beide na> mogelijkheid--/aan niet gelijk2 de e]/e alle5 kan v]&]+1 soms omslaan1 heet54 ,zoo is ook het ond]gaan d] w]k+ niet nduidig2 het is deels v]nietig+1 deels voltooi+ b4v4 wanne] het d5k5de d5kt ( de b\wmee/] b\wt4 ,dat bij het d5k5 niet1 bij het gewa>word5 wl voorw]p5 van buit5 noodig zijn1 komt omdat deze de enkelh$5 betreft1 het d5k5 het algeme5e dat van zelf 9 de ziel aanwezig is4 ,da>om kan m5 wel d5k51 ma> niet gewa> word5 wanne] m5 wil en betreff5 ook de wet5s*app5 d] gewa>word+5 de enkelh$5 die van buit5 kom54 ,als slotsom blijft dat het gewa>word5de na> mogelijkheid is wat het wa>neemb>e 9 w]kzaamheid is2 het gewa>word5de ond]gaat het wa>neemb>e als het niet gelijke1 ma> is er aan gelijk gemaakt gewa>geword5 hebb5de4 ,het wa>neemb>e is 9 #c;erlei z93 f het aan elke gewa>word+ alle5 eig5e 7zooals kleur aan gezi*t71 wa>omtr5t ge5 v]giss+ mogelijk is2 f de algeme5e wa>neemba>h$53 beweg+1 /il/&1 getal1 figuur1 grootte 7want beweg+ b4v4 is wa>neemba> n door d5 ta/z9 n door 't gezi*t72 f de bijkom/ige wa>neemba>h$5 b4v4 dat het witte1 dat ik zie1 e5 bepaalde p]soon is2 dat heeft voor de gewa>word+ als zoodanig ge5 belang4 ,van het niet-bijkom/ige ma> op zi*zelf wa>neemb>e is het eig5e ( bizond]e het eig5lijke1 wa>van het wez5 van elke gewa>word+ afhangt4 ,dan volgt 9 de re/ van het boek de beh&el+ van de v]s*ill5de gewa>word+52 wa>op ik niet +a2 ook hi] is me] te begrijp5 van het algeme5e dan de beh&el+ d] mod]n5 9 ,ari/oteles opm]kt4 ,e5 enkel /aaltje3 de sam5hang tuss*5 gewa>word5 en d5k5 op 't e9d4 ,wij word51 /aat er bij de beh&el+ van d5 ta/z91 alle5 gewa> wat me] ( m9d] w>m ( k\d enz4 is dan wijzelf2 dus funge]t de gewa>word+ als e5 midd5 en wordt oordeel5d2 want het midd5 is het oordeel5de2 het wordt nl4 teg5ov] elk van beide uit]/5 het &]e uit]/e4 ,m5 ziet hi] tev5s we] het v]b& bij ,a4 tuss*5 logica 7imm]s het midd5 is ook 9 de sluitr$e het oordeel5de7 en wat m5 gewoonlijk ontologie noemt4 ,het slot van boek #b zegt dat de gewa>word+ is wat de vorm5 zond] de /( 7&]sgezegd wat de wa>heid7 aan de wa>neemba>h$5 opneemt2 na> 't begrip te ond]s*eid5 van het wa>neemb>e doordat zij ge5 groo!id is1 ma> e5 v]h\d+ van en v]mog5 9 e5 groo!id2 v]h\d+ die v]/oord kan word5 door ov]maat van het wa>neemb>e1 wa>door de gewa>word+sorgan5 v]nietigd word5 als de toon bij te /]ke spann+ d] sn>54 ,da>om nem5 de plant5 niet wa>1 al bezitt5 zij e5 beg9 van ta/z93 zij hebb5 ge5 ond]s*eid5d midd5 en nem5 niet vorm zond] /( aan4 ,zooals de gewa>word+ is voor het wa>neemb>e1 zoo is het wa>neemb>e ook alle5 voor de gewa>word+--te wet5 het 9 w]kzaamheid wa>neemb>e1 zooals hij eld]s er bijvoegt4 ,het #c;e boek beg9t met de aanvull+ en toeli*t+ van het beh&elde ov] de gewa>word+2 wij moet5 dit voorbij gaan4 ,het #c;e ho(d/uk bespreekt de #c;e functie van de ziel1 het d5k54 ,de vr-,socratici en nog &]5 ond]s*eidd5 het t5 onre*te niet van het gewa>word5 en me5d5 tev5s dat het gelijke door het gelijke wa>g5om5 en gek5d w]d2 zoodat voor h5 f alle v]s*ijnsel5 wa>heid w>5 ( alle5 9 het ongelijke het b$rog mogelijk 02 t]wijl to* wa>heid en b$rog omtr5t het teg5ge/elde n en hetzelfde zijn1 i$] lev5d wez5 gewa>wordt1 ma> we9ige d5k5 en het d5k51 niet de gewa>word+ als zoodanig f\tief kan zijn4 ,de voor/ell+ 77 /aat tuss*5 gewa>word+ en d5k5 9 en is iets &]s dan beid52 want voor/ell5 is willekeurig1 d5k5 is aan wa>heid ( leug5 gebond52 het laat/e w]kt onmiddellijk op het gevoel 9 7het d5k5 van 't s*rikwekk5de v]oorzaakt s*rik71 het e]/e indirekt1 als het zi5 van e5 s*ild]ij4 ,gewa>word+ is zij niet2 want voor/ell+ is 9 w]kzaamheid ook 9 d5 slaap1 gewa>word+ niet2 gewa>word+ is na> mogelijkheid ( 9 w]kzaamheid /e$s aanwezig1 voor/ell+ niet2 9 w]kzaamheid zijn ze ook niet hetzelfde1 want niet alle di]5 hebb5 voor/ell+2 gewa>word+5 zijn altijd wa>1 voor/ell+5 groot5deels onwa>4 ,voor/ell+ is niet wet5 ( begrip1 want er is ook vals*e voor/ell+2 niet me5+1 want da>m$e is ov]tuig+ v]bond5 die de di]5 miss51 die to* veelal voor/ell+ hebb52 niet me5+ met ( door gewa>word+ ( v]b9d+ van 't e5 en 't &]4 ,ma> da> de voor/ell+ to* met de gewa>word+ v]bond5 is1 behoort zij tot e5 soort van gewa>word+ die niet als de eig5lijke /e$s wa> is1 ma> tot de w]kelijkheid van die geme5s*appelijke gewa>word+ 7als beweg+ en grootte7 die het bijkom/ige betreft1 die wa> en vals* kan zijn1 't laat/e vooral wanne] het wa>neemb>e v]wijd]d is4 ,de voor/ell+5 beklijv5 en gelijk5 de gewa>word+5 en zijn voor de di]5 de grond5 van vele h&el+5 en voor de m5s*5 wanne] door h>t/o*t ( ziekte ( slaap het v]/& omhuld is4 ,wat het d5k5 is1 komt nu t] sprake4 ,het v]h\dt zi* tot de d5kba>h$5 als het gewa>word5 tot de wa>neemba>h$5 en moet dus all5 kunn5 bevatt52 dus moet de gee/1 zooals ,anaxagoras zegt1 zelf re9 zijn en is 9 w]kzaamheid niets1 voordat m5 d5kt4 ,het eig5lijke d5kb>e is het zuiv]e begrip en dat is 9 de d+5 als zoodanig en op zi* zelf alle5 na> mogelijkheid aanwezig3 de gee/ ( het d5k5 is de w>e w]kelijkheid d] d+54 ,zoo is 9 d5 gee/ zelf te ond]s*eid5 de gee/ als het w]kzame1 zooals 9 de natuur het li*t dat de kleur5 zi*tba> maakt1 en de gee/ als het 9 mogelijkheid zijnde1 de passieve2 het e]/e is dan het eeuwige dat ons bewu/zijn ov]s*rijdt4 ,dan komt de g$a*te t] sprake1 de e5heid wa>toe door d5 gee/ het vele wordt gebra*t2 de g$a*te b]u/ op de voor/ell+54 ,tot de g$a*t5 heeft de gee/ dezelfde v]h\d+ als tot de w]ktuig5 de h&1 het w]ktuig p> excell5ce1 dat de &]5 e]/ tot w]ktuig5 maakt4 ,het slot van het traktaat beh&elt d5 praktis*5 gee/1 wa>van plaatselijke beweg+1 bege]te en /rev5 uitgaan en d5 grond van de ope5volg+ d] zielsv]mog5s 9 v]b& met de li*amelijkh$54 ,zoo is 9 ho(dzaak de inh\d van ,a4's zielkunde2 9 kle9]e ges*rift5 7de zoog4 ,p>va naturalia07 word5 bizond]h$5 uitgew]kt4 ,wie da>9 mi/ de beh&el+ van de natuurlijke zijde van de ziel1 v]h\d+ van h]s55 ( h>t tot het d5k51 functie d] z5uw5 en afzond]lijke organ51 misk5t de taak van de zielkunde zooals van de wijsbege]te 9 't geheel4 ,zij bevat ge5 bes*rijv+ van pa?ologis*e ( normale v]s*ijnsel5 9 voorond]/eld v]b& van v]oorzak+1 ma> volgt 9 alle betrekkelijkh$51 die ligg5 tuss*5 natuur en gee/1 de zelfontv\w+ van het begrip dat ook volg5s ons traktaat alle d+5 omvat 7 74 ,dit begrijp5 blijft ond] alle v]me]d]+ van bizond]e wet5s*ap de taak van de algeme5e1 de wet5s*ap des ,begrips1 die ,a4 gegrondve/ en 9 e5 zek]e mate voltooid heeft en ,hegel zegt t]e*t3 ,wrde es ,ern/ mit d] ,philosophie1 s wre ni*ts wrdig] als b] ,ari/oteles ,vorlesung5 zu halt50 7,ges*4 d] ,phil4 p4 #djh ed4 ,boll&74 ,de moeilijkh$51 die de /udie van ,a4 d5 beg9n] oplev]t1 zal ik voor ons ges*rift 9 de v]tal+ zelf tra*t5 te v]li*t5 en 9 deze inleid+ door e5e ,,uite5zett+ ,,betreff5de ,,de ,,t]m9ologie4 #a7 ,het begrip 7,zell] ,,ii#b #co dr4 p4 #bjg n4 #b7 wordt uitg$rukt door 1 1 1 1 4 ,de laat/e t]m 9 ond]s*eid+ van d5 voorlaat/51 spreekt het begrip uit niet zooals m5 er m$e beg9t1 niet 9 zijn aanvankelijke onmiddellijkheid1 ma> als het door r$5e]+--zegge door zi*zelf--b]eikte1 na> de ,grieks*e spreekmani] door het imp]fekt1 die b4v4 ook 9 het quod erat demon/r&um0 van de wiskundig5 geldt4 ,alzoo vatt5 wij als het begrip van het wez54 ' ' 0 zegt m51 als m5 des ,pudels ,k]n01 het wez5 van iets1 erk5t1 2 wanne] m5 na> 't wez5 vraagt en is de ge/elde wez5lijkheid1 het ,wez54 ,zoo /aat 9 dit traktaat #dab b #bj #a3 444 4 d4i4 de ziel is de begripszijde1 het wez51 van het bepaalde li*aam--en v]d]op3 zooals het gezi*t is de begripszijde van het oog4 ,zoo #dai a #i dit is het wez5 van kleur0 #dbd a #ca ' dit is het wez5 d] gewa>word+02 zoo /aat ,metaph4 #ihc a #bg synoniem met als het e]/e d] pr9cipes 77 en ,metaph4 #ajab b #ad ' met het b$oel ik het wez5 zond] de /(40 ,het bepaalde begrip wordt uitg$rukt volg5s de =mule 1 b4v4 9 de gecite]de plaats 7#dab b #ac7 het wez5 van e5 bijl0 en #dai a #i3 het wez5 van e5 kleur02 wa>9 de datief het op iets g]i*t zijn01 de voltooide ontwikkel+ van het begrip a&uidt1 datg5e1 wa>toe het begrip zelf de /rekk+ heeft zi* te ontwikkel54 #b7 ,de t]m ziet af van de toevalligheid d] v]s*ijn+1 die 9 de algeme5e t]m niet afges*eid5 wordt2 van da> dat1 t]wijl ,analyt4 ,po/4 ,i #gi a #ch /aat 444 betreft het algeme5e01 9 de ,metaph4 #ajbh a #ag de vraag na> beantwoord wordt met 4 ,ma> het is begrip afgezi5 van de /(0 7,metaph4 #ajgd a #cc74 ,het ond]s*eid tuss*5 beide t]m5 wordt ev5als eld]s bij ,a4 9 dit traktaat v]duidelijkt door de v]h\d+ van en #dbi b #ac 1 ' 1 2 het vlees* is niet zond] de /(1 ma> als het wipneuzige1 beli*aamde vorm0 ,metaph4 #ajbe b #cb 4 1 4 ,het wipneuzige is sam5gevat met de /(2 want het wipneuzige is holle neus1 ma> de holheid is zond] wa>neemb>e /(40 /aat tot als tot 4 #c7 ,zooals wij 9 de sub #a7 gecite]de plaats 7#dab b #bj7 zag51 geldt ook het woord voor begrip03 4 ,zoo /aat het teg5ov] #dah b #bd 7de v]s*ijnsel57 ( ,metaph4 #ajc b #cd 7de d+57 en teg5ov] 7de /(7 en is dan synoniem met ( 7de vorm7 #djc b #a en #dad a #i en v]d]op 1 ' 4 ,en /aat 9 ons tractaat #dab a #aj #dae b #ad heet het3 en #dab b #af is synoniem met 1 het wez54 ,t5 d]de /aat teg5ov] 7wa>nem+7 ,metaph4 #ihf b #cb ,phys4 #ahi a #g4 ,voorzek] behoort tot de de woord5 van vel]lei beteek5is01 zooals ,a4 zegt4 ,behalve 9 het all$aags*e gebruik voor woord1 spraak1 uit+1 m$$eel+0--ook wel 9 teg5/ell+ tot de g$a*te1 de daad1 het feit--en voor r$evo]+1 v]h&el+1 v]haal ( fabel0 en d]gelijke1 di5t het me] philosophis* voor r$5e]+0 #djg a #be 4 7alle is def9itie ( bewijs71 voor def9itie0 7#djj b #b eig5lijk #dac a #ad2 zoo vaak b4v4 ( 71 voor oordeel1 rek5s*ap1 r$e0 7zoo aanleg1 gewoonte1 r$e7 en voor v]h\d+02 zoo is volg5s #dbf a #bg-;b #g zo[el het wa>nem5de als het wa>g5om5-word5de en de wa>nem+ 1 v]h\d+4 ,deze uitvo]ig]e besprek+ van 1 omdat dit woord voorbeeldig is voor de moeilijkheid d] oude tal51 vooral van het ,grieks*4 ,wel is wa> zijn ook 9 de nieuwe tal5 de woord5 niet van n beteek5is1 ma> het voortgezette gebruik bep]kt /e$s me] de onbepaalde afwissel+ d] beteek5iss54 ,dit geldt me] van de zaaknam5 dan van de afgetrokk5h$53 ma> 9 't ,grieks* zijn deze nog veel me] onbepaald4 ,we zag5 dat ,a4 n teg5ov] /elt n de e5 noemt4 ,het begrip op zi*zelf1 wa>van bij ,plato nog we9ig sprake is1 wor/elt bij ,a4 om zi*zelf te vatt54 #d7 ,we kunn5 kort] zijn met 1 dat behalve uit]lijk1 g$aante0 logis* de soort1 het ond]deel van het gesla*t1 aanwij/2 voorts metaphysis* 9 't algeme51 synoniem met en 1 het bepal5de01 de vorm0 teg5ov] de 1 de /(1 zie #dab a #g vlg43 de v]valt 9 en en het uit beid5 voortkom5d geheel4 ,da>om is ook uitdrukk+ voor de ,platonis*e ideen 774 moet me] a heet5 dan 7,metaph4 #ajbi a #bi7 als het algeme5 bepal5de teg5ov] het onbepaalde algeme5e1 het k5b>e teg5ov] het onmiddellijke1 aanvankelijke en da>om kan het alomvatt5de1 de gee/ 7 7 heet5 het begrip d] begripp50 7 #dcb a #b71 zooals de h& het w]ktuig d] w]ktuig504 #e7 ,na wat bov5 ov] gezegd is1 behoeft het niet te v]wond]51 dat het mee/ algeme5e woord groote v]leg5h$5 ba>t1 z dat ,zell] 7,,ii#c p4 #cab7 en &]5 9 de ,ari/otelis*e bepal+ van dit begrip e5 defekt en diep+rijp5de teg5spraak 9 het sy/eem van d5 philoso(0 moet5 va//ell54 ,niem& heeft bezwa> teg5 het gebruik van voor v]mog501 ( voor het aanzijn1 de wa>heid1 het wez50 zooals ,plato en v]d]5 het woord gebruik5 voor wat bij de vr-,sokratis*e d5k]s heette2 zoo #djg b #a ' 1 als ha> beweg+ niet ha> wez5 is1 dan is die onnatuurlijk04 ,ma> /aat als het eig5lijke1 het eig5 zijn1 de sub/antie0 teg5ov] de bijkom/igh$50 7 1 de accid5tia #djb a #h71 dan vraagt m53 wat is voor ,a4 de sub/antie8 ,zij is 9 de rij d] algeme5e begripp5 7kategorien7 de e]/e1 grond van alle &]51 ma> wa>van geldt zij8 ,van het enkele-- ' heet het telk5s--( van het begrip1 het wez51 als pr9cipe en oorzaak 7 7 van het aanzijn d] d+58 ,zoo van het enkele1 dan is er ge5 k5nis van en het begrip1 het k5b>e1 is dan niet het w>e2 want dat is dan het enkele4 ,dat is het bezwa> van ,zell] en de mee/54 ,ma> m5 heeft aan te nem5 dat ,a4's philosophie 9 dez5 wel ond]s*eidt1 ma> niet s*eidt4 ,wanne] hij vaak 7zooals #dab a #g vlg47 van de spreekt e5]zijds als 1 &]deels als en t5 d]de als 7wat uit beid5 voorkomt7 en de natuurlijke d+51 de elem5t5 7 7 de eig5lijk/e noemt1 dan blijkt de het alomvatt5de voorond]/elde algeme5e te zijn1 dat wel is wa> alle5 als het enkele w]kelijk voorkomt1 ma> z dat de wa>heid er aan alle5 het begrijpelijke1 het begrip d4i4 het algeme5e is4 ,dus /elt ,a4 e5 e5heid van teg5deel51 wa>toe hij komt van de all$aags*e erv>+ d] enkele d+5 uit2 van da> het veelvuldige 444 7pleegt m5 te noem5074 ,e5 voorbeeld t] v]duidelijk+3 e5 woord is inn]lijk1 van wege zijn beteek5is1 het algeme5e1 uit]lijk 7deze klank en niet die klank07 het enkele2 beide zijd5 kunn5 heet51 9 klankle] 7phonetiek1 geldt als de uit]lijke1 9 beteek5isle] 7semantiek7 de inn]lijke zijde2 als de me] w>e geldt de inn]lijke van het /&punt van d5 gee/2 de natuur geeft het onmiddellijke1 onbewu/e1 wa>mee m5 ook kan beg9n5 do* alle5 om het op te heff5 tot het gee/elijke1 dat aanvang en e9de 9 n5 is4 #f7 ,de is de e]/e 9 de rij d] 1 ook g5oemd 7#djb a #bc7 ( 7,metaph4 #ajcd b #i71 d] kategorien ( algeme5/e begripp51 wa>van ,a4 er #h ( #aj optelt1 niet op/elt ( al?ans niet duidelijk maakt dat er deze1 zooveel en zoo moet5 zijn 9 de 7,metaphys4 #ajgd b #cd7 als het begrip zi*zelf begrijpt40 ,hetge5 e]/ bij ,hegel b]eikt is #b en da>door is de eis* d] r$ele] bevr$igd4 ,de #h kategorien van ,a4 zijn3 7sub/antie1 quidditas71 hoeveelheid1 ho$anigheid1 betrekk+1 plaats1 tijd1 do51 lijd53 v]d] de #b 7ligg57 7hebb571 die ik hi] alle5 noem4 #g7 ,wij hebb5 de hoor5 noem5 pr9cipium et causa0 7,zell] #cbg vlg47 ,zulke tweel$ige uitdrukk+5 gebruikt ,a4 dikwijls b4v4 hi] 9 't beg9 #djb a #g 444 7na te gaan en te begrijp5 ha> natuur en ha> wez5074 ,zij zijn van ,hom]us af e5 9 't ,grieks* veel voorkom5de w5d+ om de voll$igheid aan te gev53 de aangehaalde uitdrukk+ komt 9 all$aags* gebruik voor bij ,demo/h5es ov] d5 ,vr$e0 #ae de oorsprong en de oorzaak van d5 oorlog01 9 't ,latijn bij ,tacitus1 ,hi/ori ,,ii3 #a /ruebat iam =tuna 444 initia causasque imp]io de =tu9 b]eidde re$s de beg9sel5 en oorzak5 voor e5 keiz]s*ap0 etc4 ,zoo neemt het all$aags* gebruik uitdrukk+5 d] philosoph5 halfbewu/ ov]4 ,de philosophie h\dt zi* bezig met het bepal5 van de e]/e beg9sel5 7,metaph4 #iha b #bh74 ,bij de vr-,sokratis*e d5k]s w>5 deze me] ( m9d] van /(felijk5 a>d 771 wa>om dan ook nog #daj a #ai 7,metaph4 #ihc b #aj7 op hun /&punt van 7elem5t57 gesprok5 wordt4 ,bij ,a4 heet5 de elem5t5 7 1 7 de van de &]e li*am5 7#dab a #ab72 ma> wanne] de ziel als bepaald wordt 7#dae b #h71 dan /aat de teg5ov] de als #dcj a #ah voortreffelijk] is de 4 dan de 4 ,ev5zoo 9 d5 aanhef van het traktaat de ziel is om zoo te zegg5 het pr9cipe van het lev5de01 om zoo te zegg501 want de w>e is niet de ziel 77 ma> de ( ,metaph4 #ajgb a #cj en 't heele #go ho(d/uk4 beteek5t ook grond van het k5v]mog5 7#djb a #ba73 d5k5 er zijn vall5 bij ,a4 nog mee/al uite54 ,de zoog54 d5kwet1 het pr9cipium contradictionis1 is e5 en voor de v]s*ill5de ond]zoek+5 geld5 v]s*ill5de 7#djb a #ba74 ,dus is het begrip wijd] dan dat van 1 wa>m$e synoniem is4 #h7 ,de causae 7 ( 7 /elt ,a4 gewoonlijk t5 getale van vi] op die tot n h]leid kunn5 word53 de causa =malis 7 71 mat]ialis 7 7 effici5s 7 7 en f9alis 7 7 ,metaph4 #ihc a #bg-cb ,zell] ,,ii#b p4 #cbg vlg4 ,zoo is aan het kun/w]k wez5lijk 7c4 =m47 de vorm1 die de kun/ geeft2 mat]ieel1 de /( ( het voorloopige1 voorond]/elde1 na> vorm+ /rev5de1 efficint de kun/ des kun/5a>s en f9aal 7de s*oonheid van7 het geheel4 ,bij het v]s*ijnsel vall5 deze mom5t5 het mee/ uite51 behalve vorm en /(2 9 het wez5 zijn zij n4 ,da>om is het voll$ige ond]zoek na> de causae het geheel d] philosophie 7,metaph4 #ihb b #i3 de wet5s*ap moet de bes*\w+ zijn van de e]/e beg9sel5 en grond5074 #i7 ,de v]h\d+ tuss*5 het /(- en vormmom5t1 tuss*5 ( en het 1 welke ook 9 't algeme5 geldt1 wordt nad] begrep5 als die van mogelijkheid 77 en w]kzaamheid 77 ,metaph4 #ajad a #h4 ,het algeme5e geheel1 als e5heid van het onbepaalde en het bepal5de1 het lijd5de en w]k5de1 /( en vorm en het bizond]e ( re$s bepaalde ond]s*eidt zi* na> mogelijkheid en w]kzaamheid2 9 het algeme5e e]/e 79 't onbepaalde1 het lijd5de1 de /(7 ligt de mogelijkheid van de w]kzaamheid van het &]e 7het bepal5de1 het w]k5de1 de vorm7 vgl4 #dad a #aa72 en het bizond]e is f 9 aanleg f ontwikkeld4 ,zooals 9 't algeme5 de mogelijkheid ( aanleg is voor de v]w]kelijk+ van het 1 zoo is elke lag]e vorm van de ziel 9 d5 telk5s hoog]5 na> mogelijkheid0 aanwezig1 na> wij zegg5 opgehev5 en bewa>d0 7#dad b #bi7 en tot het lijf zelf /aat de ziel als teg5ov] 7#dab a #bj74 ,deze ond]s*eid+1 re$s bij ,plato aangegev5 7,!aetetus71 geldt e]/ bij ,a4 /elselmatig2 zij is het die aan de le] de e5heid en bewegelijkheid geeft1 die het k5m]k van de wa>heid is4 #aj7 ,t4a4p4 7#dab a #ba7 is sprake van 4 ,de vorm+ van dit woord1 van het adjektief d4i4 7voltooidheidhebb5de7 als voor is na vel] pog+5 e9delijk v]kla>d door ,h]man ,diels 9 ,kuhn's ,zeits*rift #aiaf p4 #bja door v]gelijk+ met bij ,demo/h4 c4 ,polyclem #ah die voll$ig loon heeft40 ,de t]m is veelal synoniem met 7zie ,no4 #i7 b4v4 #dag a #i van het vuur dat 9 w]kzaamheid is0 en ev5zoo 9 het geheele #eo ho(d/uk van het #bo boek4 ,de w]kzaamheid is e*t] sle*ts e5 zijde van het geheel d] entele*ie4 ,zooals de ,"p4 ,anim4 ,,ii #fdf a #bj /aat dat de elem5t5 er zijn voor de gelijkdeelige1 deze voor de ongelijkdeelige ( organis*e deel5 des li*aams1 want deze vorm5 het doel en de voltooi+10 zoo wordt de ziel e5e des li*aams g5oemd1 zijnde deze vorm 77 teg5ov] de /(4 ,want 7#dab a #aj7 en 7#dae b #ad7 7de ziel (7 de entele*ie is het begrip van het na> mogelijkheid zijnde40 ,zoo v]kla>t e5 s*olium 7oude aanteek5+7 t]e*t door en wordt er m$e b$oeld de voltooidheid van het begrip 9 elke v]h\d+4 ,teg5ov] valt zij sam5 met de 1 t5 opzi*te van het begrip op zi*zelf duidt zij de vol/rek!id1 de alomvatt5dheid1 de voltooidheid aan1 als #dca a #c alles wat wordt1 wordt uit wat 9 voltooidheid is10 #dab b #i het w>e 7zijn7 is de entele*ie40 ,van da> ,metaph4 #ajci a #g de entele*ie /elt op zi*zelf1 sluit v]d]e bepal+ uit0 zoodat het niet aangaat met de s*ola/ici als bij e5 bizond]heid nad]e bepal+ d] entele*ie te vrag54 ,de laat/ gecite]de plaats doet d5k5 dat het begrip van het voor-zi*-zijn1 de t]ugke] van het begrip tot zi*zelf met aang$uid wordt4 #aa7 ,de ov]ige t]m51 die 9 het traktaat voorkom53 7d$uctief bewijs7 7analyse ontl$+7 7ook 71 7opvatt+71 7voor/ell+ uit z9tuigelijk wa>nem57 7ontzegg+1 ont/5t5is71 7bezit1 toe/&1 eig5s*ap7 zijn duidelijk uit het v]b&4 ,hi]m$e v]tr\w ik deze v]tal+ aan de belang/ell5d5 toe1 sle*ts e5 pog+ om van de diepz9z9nigheid van het oorspronkelijke besef te gev54 ,wanne] ik aan ,hegel's bov5v]melde aanman+ op mijn wijze heb gehoorzaamd1 dan v]tr\w ik1 al zijn er na ,ari/oteles en ,hegel beid5 vele nieuwe philosophien gewee/1 niet sle*ts philologis* w]k te hebb5 v]ri*t4 ,dr4 ,j4 ,m4 ,,fra5kel4 ,utre*t1 #ca ,jan4 #aiai4 ,,ari/oteles' ,,zielkunde4 #djb;a#a--bb4 ,voortreffelijkheid d] zielkunde bov5 &]e /udien doordat de ziel ov]gang vormt tuss*5 de wa>heid 9 't algeme5 en de natuur4 ,ha> ond]w]p 9 't algeme54 ,h>e moeilijkheid omdat met het ond]w]p tev5s de me?ode van wijsge]ig ond]zoek en de grondslag5 van het ond]zoek moet5 gevond5 word54 #djb;a4 ,als wij het wet5 iets s*oons en ko/ba>s a*t5 en de e5e wet5s*ap me] dan de &]e ( door h>e nauwkeurige me?ode ( omdat ha> ond]w]p bet] en belangwekk5d] is1 /ell5 wij met re*t om beide r$55 de zielkunde voorop4 ,de k5nis d] ziel zal ook voor alle wa>heid veel bijdrag5 en voornamelijk voor de 7k5nis d]7 natuur2 want de ziel is1 zoo te zegg51 het pr9cipe #c d] lev5de wez5s4 ,wij zoek5 h>e natuur en wez5 te le]5 k5n5 en dan v]d] h>e eig5s*app52 sommige da>van d5kt m5 zi* als aan de ziel op zi* zelf eig51 &]e zull5 door ha> ook aan 't lev5d geheel behoor54 t ,is 9 alle opzi*t5 all]moeilijk/ e5ige zek]e k5nis omtr5t ha> te erlang54 ,want da> de vraag omtr5t het wez5 ook voorkomt 9 vele &]e gevall51 z\ m5 alli*t d5k5 aan n me?ode voor alles1 wa>van wij het wez5 will5 le]5 k5n5--zooals afleid+ geldt voor de tot het wez5 behoor5de eig5s*app5 #d--;en dan z\ m5 dus die me?ode moet5 zoek54 ,wanne] de e5e en algeme5e me?ode betreff5de het wez5 ontbreekt1 wordt de beh&el+ nog moeilijk]1 want dan zal m5 de voor elk geval geldige mani] moet5 krijg54 ,en als het blijkt ( die afleid+ is ( ontl$+ #e1 ( ook e5ige &]e me?ode1 br5gt de vraag nog moeilijkh$5 en dwal+5 g5oeg1 wa>van het ond]zoek moet uitgaan2 want de elem5t5 van v]s*ill5de d+5 zijn v]s*ill5d1 zooals van getall5 en vlakk5 #f4 #djb a #bc--;b #af4 ,algeme5e vrag53 #a4 ,tot welke d] kategorien behoort de ziel8 #b4 ,is zij mogelijkheid ( w]kzaamheid4 #c4 ,g$eeld ( ondeelba>8 #d4 ,zijn alle ziel5 gelijksoortig8 ,zoo niet1 geldt het ond]s*eid het gesla*t ( alle5 de soort8 #e4 ,is er n algeme5e bepal+ voor ziel1 lev5d wez5 en d]gelijke algeme5h$58 #f4 ,als de ziel g$eeld is1 moet m5 beg9n5 met het geheel ( met de deel58 #g4 ,hoe ond]s*eid5 zi* de deel58 #h4 ,moet m5 e]/ de w]k+ d] deel5 ond]zoek5 en nog e]d] hun voorw]p58 ,voore]/ zat m5 wel moet5 bepal5 tot welke kategorie #g de ziel behoort1 tot die d] sub/antie1 d] ho$anigheid1 d] hoeveelheid ( tot e5 &]e d] ond]s*eid5 kategorien4 ,voorts--wat niet we9ig v]s*ilt--( zij aanleg is dan veele] e5 zek]e w]kzaamheid #h4 #djb;b4 ,ook moet m5 nagaan ( zij deelba> ( ong$eeld is en ( alle ziel gelijksoortig is ( niet2 en zoo niet1 ( zij dan na> soort ( na> gesla*t ond]s*eid5 zijn4 ,wie imm]s nu wet5s*appelijk sprek5 ov] de ziel1 lijk5 alle5 de m5s*elijke ziel na te gaan4 ,wij di55 er op te lett51 ev5als bij &]e algeme5e begripp51 ( van de ziel n def9itie geldt1 zooals van lev5d wez51 dan ( die met elke ziel wisselt1 zooals van pa>d1 hond1 m5s* en god1 t]wijl dan het lev5d wez5 9 't algeme5 niets me] is dat e5 ab/ractie #i4 ,v]d] als er niet van me]d]e ziel5 sprake kan zijn1 ma> van deel5 7van ne71 ( m5 't ond]zoek beg9n5 moet met de heele ziel ( met de deel54 ,ook is het moeilijk te bepal5 wat het v]s*il is tuss*5 de deel5 ond]l+ en ( m5 e]/ de deel5 moet na gaan ( hun v]ri*t+5 bijv4 het d5k5 ( d5 gee/1 het wa>nem5 ( het wa>nem+sv]mog5 enz4 #aj4 ,zoo m5 moet beg9n5 met de v]ri*t+51 dan z\ m5 we] kunn5 vrag5 ( m5 niet nog e]d] de object5 moet nagaan bijv4 het wa>neemb>e vr het wa>nem+sv]mog5 en de d5kba>heid vr d5 gee/4 #djb b #af--djc a #b4 7,want v]ri*t+ en voorw]p kunn5 het wez5 do5 k5n574 ,m5 kan door het wez5 de eig5s*app5 ond]zoek5 ( omgeke]d /eun5 op de erv>+ d] eig5s*app5 voor de bepal+ van het wez5 en de bepal+ van het wez5 7aanvang van het bewijs7 die niets omtr5t de eig5s*app5 le]t1 is z9l$ig4 ,blijkba> is niet sle*ts de k5nis van het wez5 van nut tot het begrijp5 van de grond5 van de eig5s*app5 d] d+5--zooals 9 de wiskunde het begrip van het re*te en kromme ( van lijn en vlak tot het inzi*t aan hoeveel re*t5 de hoek5 van d5 driehoek gelijk zijn--ma> omgeke]d /rekk5 ook de eig5s*app5 grootelijks tot de k5nis van het wez52 want wanne] wij uit de voor/ell+ omtr5t de eig5s*app51 all5 ( de mee/51 r$e kunn5 /aan zull5 wij ook het be/ ov] het wez5 kunn5 sprek54 #djc;a4 ,da> alle bewijs #aa uitgaat van het wez51 zijn wez5sbepal+5 die niet tot de k5nis d] eig5s*app5 leid51 ja niet e5s li*t giss+5 di5aanga&e mogelijk mak51 blijkba> sam5 niets dan ijdele woord-def9ities4 #djc a #c--;b #ai4 ,de a&o5+51 ook wel het d5k51 zijn 9 v]b& met de /(2 dus h\dt de zielkunde v]b& met de natuurle]4 ,excurs3 ond]s*eid 9 de opvatt+ van het voorw]p tuss*5 d5 natuurkundige1 d5 kun/5a>1 d5 wiskundige en d5 begripskundige4 ,betreff5de de a&o5+5 d] ziel kan m5 onzek] zijn ( all5 aan het drag5de geme5 zijn ( dat er ook e5ige aan de ziel op zi*zelf eig5 is2 dit is wel noodzakelijk na te gaan1 ma> niet gemakkelijk4 ,de ziel s*ijnt 9 de mee/e gevall5 niets zond] het li*aam te ond]gaan ( te do51 als bij toorn1 g]u/heid1 bege]te en gewa>word+ 9 't algeme54 ,het d5k5 lijkt wel het mee/ het eig5e te zijn1 ma> indi5 ook dit voor/ell+ is ( van voor/ell+ v]gezeld moet zijn1 kan ook het d5k5 niet zond] li*aam voorkom54 ,is nu e5ig do5 ( ond]gaan van de ziel ha> eig51 dan z\ zij ges*eid5 kunn5 word52 is er niets ha> eig51 dan is zij niet s*eidba> en gaat het da>mee als met de re*te 7lijn7 die1 als re*t ond] &]e eig5s*app5 deze heeft d5 kop]5 bol 9 e5 punt te rak52 het is e*t] niet het re*te ges*eid5 dat zoo raakt1 imm]s het is ons*eidba>1 da> het altijd met e5ig li*aam v]bond5 is #ab4 ,ook alle a&o5+5 d] ziel lijk5 het li*aam m$e te betreff51 drift1 za*tz9nigheid1 vrees1 m$elijd51 g]u/heid1 ook vreugde en liefde en haat1 want hun optr$5 w]kt tegelijk op 't li*aam 94 ,e5 teek5 hi]van is dat t]wijl m5 soms bij aanwezigheid van kra*tige en zi* opdr+5de a&o5+5 9 't geheel niet g]aakt wordt ( ont/elt1 m5 soms door g]+e en zwakke g$rev5 wordt1 wanne] het li*aam ti]t en 9 e5 toe/& is als bij toorn4 ,nog duidelijk] 7teek57 is dit1 dat zond] dat iets vreeswekk5ds aanwezig is1 de v]s*ijnsel5 van vrees getoond word5 #ac4 ,als het zoo is1 dan zijn de a&o5+5 blijkba> v]h\d+5 9 /(felijkh$54 ,dus moet5 de def9ities z luid51 dat bijv4 toorn is de inw]k+ op e5 bepaald li*aam ( li*aamsdeel ( v]mog5 door e5 bepaalde oorzaak en met e5 bepaalde /rekk+4 ,en da>om is het de taak re$s van d5 natuurkundige de ziel1 al?ans de zoodanige1 na te gaan4--,de def9ities van d5 natuurkundige en d5 r$ekundige zull5 9 elk van deze gevall5 v]s*ill51 bijv4 toorn zal de e5 def9ie]5 als /rev5 na> w$]ke]ige kr5k+ ( iets d]gelijks1 de &] als v]hitt+ van het w>me h>teblo$4 #djc;b4 ,de laat/e geeft het /(felijke aan1 de e]/e 't wez5 en het begrip4 ,want dit is 't begrip van de zaak1 ma> dat moet w]kelijk word5 9 e5 bepaalde /(4 ,zoo is het begrip van huis dat het is e5 bes*utt+ teg5 ond]gang door w9d en reg5 en hitte2 de &] noemt het /e551 ti*els en h\t1 de d]de noemt het3 9 deze mat]ial5 de vorm #ad met e5 bepaalde /rekk+4 ,wie van dez5 heeft de natuurkundige te heet58 ,die de /( beh&elt zond] k5nis van het begrip ( die alle5 het begrip beh&elt8 ,veele] die beid5 v]e5igt4 ,hoe dan met elk van de twee &]58 ,ge5 beh&elt de van de /( ons*eidb>e eig5s*app5 als onges*eid5 #ae1 ma> de natuurkundige alle do5 en lijd5 van e5 bepaald li*aam en e5 bepaalde /(2 van die bepaalde /( afzi5de w]kt niet hij1 ma> t5 deele soms de kun/5a>1 bijv4 de timm]man ( de dokt]2 ev5e5s het ons*eidb>e1 wat bij wijze van afgetrokk5heid1 ma> niet aan e5 bepaald li*aam v]bond5 g$a*t wordt1 beh&elt de wiskundige1 en als ges*eid5 7het wez5 op zi*zelf7 de metaphysicus4 ,ma> laat ons t]ugke]5 van deze uitwijd+4 ,wij zeid5 dat de a&o5+5 d] ziel1 9 zoov]re zij eig5s*app5 heeft als mo$ en vrees1 niet af te s*eid5 zijn van de /( bij lev5de wez5s en &]s zijn dan lijn en vlak4 #djc;b #ai--dje;b #cj4 ,de le]+5 d] vroeg]53 de ziel het beweg5de1 het zi*zelf beweg5de2 ,democritus1 ,leucippus1 de ,py?agorers1 ,anaxagoras4 ,de ziel uit de elem5t51 het k5n5de en wa>nem5de2 ,emp$ocles1 ,plato4 ,de elem5t5 /(felijk1 on/(felijk ( gem5gd1 n ( me]4 ,democritus1 ,anaxagoras1 ,?ales1 ,diog5es e4a41 ,h]aclitus1 ,alcmaeon1 ,hippo1 ,critias4 ,sam5vatt+3 de ziel is het beweg5de1 wa>nem5de1 on/(felijke1 te h]leid5 tot de elem5t51 me] ( n1 uit teg5deel5 ( e5 da>van4 ,etymologie4 ,bij het ond]zoek ov] de ziel is het noodig ond] het /ell5 d] v]leg5h$51 die 9 d5 voortgang hun oploss+ moet5 v9d51 de me5+5 d] voorgang]s betreff5de de ziel er bij op te nem5 om het go$e te aanva>d5 en hun f\t5 te v]mijd54 ,wij beg9n5 het ond]zoek met aan te gev5 wat de ziel na> m5 zegt van nature 't mee/ eig5 is4 ,het bezielde dan ond]s*eidt zi* 9 twee opzi*t5 voornamelijk van het onbezielde1 door beweg+ en gewa>word+4 ,deze twee opvatt+5 ongeve] ov] de ziel hebb5 wij ook van de voorgang]s gele]d2 sommig5 dan noem5 de ziel het voornamelijk en eig5lijk beweg5de4 ,en aangezi5 zij me5d5 dat wat zelf niet bewog5 w]d niet iets &]s kan beweg51 vatt5 zij de ziel op als iets dat bewog5 wordt4 #djd;a4 ,da>om noemt ,demokritos ha> iets van vuur en w>mte1 want t]wijl er one9dig vele s*em5 ( atom5 zijn #af1 zooals de zoog5aamde /(jes 9 de lu*t1 die 9 de zonne/ral5 door de v5/]s zi*tba> word51 noemt hij hun m5gel+ de elem5t5 van de heele natuur--ev5zoo ,leukippos--en da>ond] de bolvormige vuur en ziel1 omdat zulke vormsels het mee/ door alles he5 kunn5 dr+5 en zij de re/ beweg51 t]wijl ze ook zelf bewog5 word51 volg5s hun opvatt+ dat de ziel is wat aan de lev5de wez5s de beweg+ v]s*aft4 ,dat da>om ook de ademhal+ het w]k van het lev5 is1 want dat t]wijl de atmosfe] de li*am5 sam5dr+t en de atom5 uitp]/1 die door dat ze zelf nooit 9 ru/ zijn aan de lev5de wez5s de beweg+ v]s*aff51 er van buit5 hulp komt door het b9n5kom5 van &]e d]gelijke atom5 bij het ademhal52 want dat deze ook de uit/oot+ van de 9 de lev5de wez5s aanwezige atom5 belett51 het sam5dr+5 en v]/ijv5 ke]5de2 en dat m5 leeft1 zoolang m5 dat kan do54 ,ook wat de ,py?agorers zegg5 s*ijnt d5zelfde z9 te hebb53 e5ig5 van h5 zeid5 dat de ziel 0 de /(jes 9 de lu*t1 &]5 wat deze beweegt4 ,hi]ov] is gezegd dat zij voortdur5d 9 beweg+ blijk5 ook bij volkom5 w9d/ilte4 ,op hetzelfde kom5 ne] die de ziel het zi* zelf beweg5de noem52 want al deze lijk5 te me55 dat de beweg+ het mee/ eig5 is aan de ziel en dat alle &]e d+5 bewog5 word5 door de ziel en deze door zi*zelf1 omdat zij van niets wa>nem5 dat het beweg+ geeft ( het wordt ook zelf bewog54 ,ev5e5s noemt ,anaxagoras de ziel het beweg5de en wie &]s heeft gezegd dat de gee/ het heelal heeft bewog5 #ag1 ev5wel niet geheel zooals ,demokritos4 ,deze imm]s noemt zond] me] ziel en gee/ hetzelfde en volg5s hem is het w>e het v]s*ijnsel1 wa>om ,hom]us jui/ di*t3 ,hektor lag buit5 d5k50 #ah4 7,ilias #bde vgl4 ,odys4 #cgd74 ,hij weet dus niet van d5 gee/ als e5 v]mog5 omtr5t de wa>heid1 ma> noemt ziel en gee/ hetzelfde4 #djd;b4 ,anaxagoras is hi]ov] m9d] duidelijk2 dikwijls imm]s spreekt hij van d5 gee/ als de oorzaak van de re*te ord5+1 do* eld]s noemt hij d5 gee/ de ziel1 zegg5de dat hij 9 alle lev5de wez5s aanwezig is1 groote en kle9e1 hooge en lage4 ,e*t] s*ijnt niet de als d5k5d b$oelde gee/ bij alle lev5de wez5s gelijkelijk aanwezig te zijn1 ja niet e5s bij alle m5s*54 ,zij nu die op de beweg+ van het bezielde het oog ri*t51 vatt5 de ziel als het mee/ beweg5de2 die lett5 op het k5n5 en wa>nem5 d] d+51 noem5 de ziel de elem5t51 die er me]d]e aannem51 die me]d]51 die n aannem5 dit e5e4 ,zoo /elt ,emp$okles de ziel sam5 uit alle elem5t5 z dat elk elem5t ook ziel is1 9 deze v]z53 ,a>de zi5 we met a>de en wat] zi5 we met wat] ,lu*t doet ons godd'lijke lu*t en vuur het v]delg5de vuur zi5 ,liefde met liefde en met haat aans*\w5 we 't bitt]e hat540 ,op dezelfde wijze /elt ,plato 9 d5 ,timaeus de ziel uit de elem5t5 sam51 zegg5de dat het gelijke door het gelijke gek5d wordt en dat de d+5 uit de elem5t5 be/aan #ai4 ,e5 soortgelijke bepal+ w]d gegev5 9 de philosophis*e voordra*t51 het lev5de wez5 op zi*zelf #bj sam5ge/eld uit het begrip op zi*zelf van het ne en het begrip van l5gte1 bre$te en diepte en het ov]ige desgelijks4 ,( nog &]s3 de gee/ het ne1 't wet5 de twee--imm]s met n ri*t+ heeft het n e9dpunt--het getal van het vlak de me5+1 dat van het li*aam de gewa>word+1 want de getall5 w]d5 g5oemd de ideen zelf en de be/aansgrond5 en zij be/aan to* uit de elem5t5 #ba4 ,de d+5 word5 deels door d5 gee/1 deels door 't wet51 deels door de me5+1 deels door de gewa>word+ beoordeeld en deze getall5 zijn de ideen d] d+54 ,da> nu de ziel ook het beweg5de s*e5 ev5als het k5n5de hebb5 e5ig5 hun def9itie uit beid5 sam5gevlo*t51 die de ziel noemd5 e5 zi*zelf beweg5d getal4 ,er is v]s*il van opvatt+ welke en hoevele de pr9cipes zijn1 vooral tuss*5 het /ell5 van /(felijke ( on/(felijke en de v]m5g+ van de e55 en de &]54 #dje;a4 ,wat het aantal betreft1 sommig5 noem5 n pr9cipe1 &]5 me]d]54 ,hi]mee ov]e5/emm5d def9ie]5 zij de ziel1 want zij noem5 ha> niet onbegrijpelijk dt elem5t dat van nature 't bewegelijke is4 ,d]halve hebb5 sommig5 v]kla>d dat de ziel vuur is2 imm]s dit is het fijn/e en on/(felijk/e elem5t en het ond]gaat beweg+ en beweegt het &]e onmiddellijk4 ,demokritos geeft nog held]d] uite5zett+ wa>om beide om/&igh$5 7van de ziel geld572 de ziel is namelijk volg5s hem hetzelfde als de gee/ en behoort tot de ondeelb>e elem5t51 die dan bewegelijk zijn door hun kle9heid en figuur2 van de figur5 noemt hij het bewegelijk/ het bolvormige en zoodanig is dan de gee/ en het vuur4 ,anaxagoras s*ijnt ziel en gee/ te ond]s*eid51 zooals wij bov5 zeid51 ma> 9 de beh&el+ zijn beid5 bij hem n natuur2 to* /elt hij d5 gee/ all]mee/ als 't pr9cipe1 als hij namelijk zegt dat van alle d+5 alle5 de gee/ e5v\dig1 onv]m5gd en re9 is4 ,k5n5 en beweg5 beid5 s*rijft hij toe aan hetzelfde pr9cipe1 als hij zegt dat de gee/ het ,al heeft bewog54 ,volg5s de ov]lev]+5 omtr5t hem s*ijnt ook ,?ales de ziel als iets beweg5ds opgevat te hebb51 imm]s hij zeide dat de 7magneet7/e5 e5 ziel heeft omdat zij 't ijz] beweegt4 ,diog5es ev5als e5ige &]5 noemt de ziel lu*t1 9 de me5+ dat die het fijn/e van alles is en pr9cipe2 en dat da>door de ziel k5t en beweegt1 k5t 9 zoov]re zij elem5t is en uit ha> als oorsprong het ov]ige is1 en beweeglijk inzoov] zij het fijn/e is4 ,ook ,h]akleitos zegt dat het pr9cipe ziel is1 imm]s ziel noemt hij de uitdamp+1 wa>uit hij het &]e vormt2 en 't mee/ on/(felijk en /e$s vloei5d2 en wat bewog5 wordt wordt dan volg5s hem gek5d door wat bewog5 wordt4 ,hij ev5als de mee/5 me5d5 dat de d+5 9 beweg+ zijn4 ,ov]e5/emm5d met dez5 s*ijnt de me5+ van ,alkmaion ov] de ziel2 hij zegt nl43 dat de ziel on/]felijk is doordat zij gelijkt op 't on/]felijke1 en dat dit ha> toekomt als altijd bewog51 want dat ook al de goddelijke d+5 altijddoor bewog5 word51 maan1 zon1 /]r5 en de heele hemel4 #dje;b4 ,sommige grov]51 zooals ,hippon1 hebb5 de ziel wat] g5oemd2 zij lijk5 tot die ov]tuig+ gekom5 doordat all] zaad vo*tig is4 ,imm]s hij be/rijdt deg55 die de ziel blo$ noem51 omdat het zaad ge5 blo$ is en het zaad is de ziel 9 aanleg4 ,&]5 als ,kritias1 sprek5 van 't blo$1 me55de dat de gewa>word+ het mee/ aan de ziel eig5 is en dat deze aanwezig is door de natuur van het blo$4 ,alle elem5t5 hebb5 dus hun v]d$ig] gevond51 behalve de a>de2 die heeft niem& tot ziel v]kla>d1 behalve alwie de ziel uit alle elem5t5 sam5ge/eld ( alles ziel a*t4 ,all5 ongeve] bepal5 de ziel na> drie zijd51 beweg+1 gewa>word+1 on/(felijkheid en elk di] bepal+5 h\dt v]b& met de pr9cipes4 ,d]halve /ell5 zij1 die het k5n5 als bepal+ gev51 de ziel als e5 elem5t ( als sam5ge/eld uit de elem5t51 op n na #bb1 ond]l+ ov]e5/emm5d 9 de opvatt+ dat het gelijke door het gelijke gek5d wordt2 want aangezi5 de ziel alle d+5 erk5t1 /ell5 zij ha> sam5 uit alle elem5t54 ,die dus n pr9cipe en n elem5t aannem51 /ell5 ook de ziel als n bijv4 vuur ( lu*t2 die me]d]e pr9cipes aannem51 /ell5 ook e5 veelheid 9 de ziel4 ,anaxagoras alle5 noemt d5 gee/ onaang$aan en met niets van het &]e iets geme5 hebb5d4 ,als hij zoo is1 hoe hij dan zal k5n5 en door welke oorzaak1 dat heeft ,a4 niet gezegd no* blijkt het uit wat hij zegt4 ,zij die 9 de pr9cipes teg5/ell+5 zi51 a*t5 ook de ziel uit de teg5/ell+5 gevormd2 zij die n zijde van de teg5/ell+5 als pr9cipe aannem5 bijv4 het w>me ( het k\de ( iets d]gelijks1 /ell5 ov]e5kom/ig de ziel als e5 da>van4 ,zoo dan volg5 zij 't spoor van de woord53 de e55 sprek5 van 't w>me1 omdat da>na> ook het lev5 g5oemd is2 de &]5 van het k\de1 zegg5de dat het ademhal5 en de afkoel+ aan de ziel d5 naam geeft 7- 1 -74 ,dit alzoo is wat ons gele]d is ov] de ziel met de grond5 wa>op de me5+5 /eun54 #djf a #a--djg;b #bf4 ,heeft de ziel van nature eig5 7niet bijkom/ige7 beweg+8 ,ne51 want die voorond]/elt plaats2 /elt als mogelijk dwangbeweg+ en ru/1 maakt ha> tot e5 elem5t en v]plaatsba>1 heft ha> bijkom/ige beweg+ op en br5gt ha> buit5 zi*zelf4 ,kritiek van ,democritus en ,plato's ,timaeus4 ,de besprok5 !orien beh&el5 e5zijdig de ziel afges*eid5 van het li*aam4 #djf;a4 ,e]/ nu moet5 wij de beweg+ ond]zoek52 want miss*i5 is het niet sle*ts onjui/ dat het wez5 d] ziel zoodanig iets is1 dat zi*zelf beweegt ( kan beweg51 zooals sommig5 zegg51 ma> is het onmogelijk dat zij beweg+ heeft4 ,dat het nu niet noodzakelijk is dat het beweg5de zelf bewog5 wordt1 is vroeg] #bc gezegd4 ,beweg+ is tweerlei2 alles nl4 beweegt f betrekkelijk f op zi*zelf1 het e]/e1 al wat beweegt doordat het zi* 9 't beweg5de bev9dt1 als de s*ipp]s1 imm]s hun beweg+ is niet gelijksoortig met die van het s*ip2 dit to* beweegt op zi*zelf1 zij doordat ze zi* bev9d5 9 het beweg5de4 ,wat uitkomt bij de ond]deel53 want de eig5 beweg+ d] voet5 is het loop5 en zoo ook van de m5s*5 en die hebb5 de s*ipp]s dan niet4 ,t]wijl nu beweg+ 9 tweerlei z9 gezegd wordt1 ond]zoek5 wij nu ( de ziel op zi*zelf beweegt en aan beweg+ deel heeft4 ,er zijn vi] beweg+53 v]plaats+1 v]&]+1 afnem+ en groei2 e5 ( me] da>van zal de ziel moet5 hebb5 ( all54 ,is ha> beweg+ ge5 bijkom/igheid1 dan heeft zij ha> van nature en heeft zij da>m$e ook e5 plaats2 want alle g5oemde beweg+5 ges*i$5 op e5 plaats4 ,is het wez5 van de ziel da>9 geleg5 dat zij zi*zelf beweegt1 dan is ha> beweg+ ge5 bijkom/igheid1 zooals bij het witte ( #c el lange2 ook hi]9 imm]s is beweg+1 ma> die is bijkom/ig2 het li*aam nl4 wa>mee zij v]bond5 zijn1 beweegt4 ,zoo is er dan ook van h5 ge5 plaats1 zooals van de ziel wl1 als beweg+ van nature ha> deel is4 ,en v]d] als zij van nature beweegt1 z\ zij ook door geweld kunn5 bewog5 word5 en omgeke]d4 ,hetzelfde geldt van de ru/2 de ziel z\ dan plaats5 hebb5 van natuurlijke ( gewelddadige beweg+ en ru/4 ,ma> welke de gewelddadige beweg+5 en ru/ d] ziel zijn1 dat zal m5 zi* niet li*t zelfs ma> kunn5 v]beeld54 ,gaat v]d] de beweg+ d] ziel na> bov51 dan moet zij vuur zijn1 na> b5$51 a>de--want dit zijn de beweg+5 van die li*am5--en ov]e5kom/ig is de betrekk+ tot de tuss*5ligg5de elem5t54 ,voorts da> zij het li*aam blijkt te beweg51 is het aannemelijk dat zij ha> eig5 beweg+5 aan het li*aam me$eelt en dus omgeke]d na> wa>heid te zegg51 dat de beweg+ van het li*aam ook de h>e is4 #djf;b4 ,de beweg+ van het li*aam is plaatsv]&]+2 dus z\ ook de ziel op de wijze van het li*aam geheel ( g$eeltelijk zi* v]plaats54 ,is dit mogelijk dan z\ zij ook uit en we] 9 kunn5 gaan en bij gevolg z\d5 de dood5 kunn5 op/aan4 ,de bijkom/ige beweg+ z\ zij van iets &]s kunn5 ontvang52 zoo wanne] het lev5d wez5 met geweld ge/oot5 wordt4 ,ma> behalve 9 di] voege moet datg5e1 welks wez5 zelfbeweg+ is1 niet door iets &]s bewog5 word51 ev5m9 als het go$e op zi*zelf ( door zi*zelf om ( door iets &]s moet zijn4 ,en van de ziel z\ m5 to* zegg51 dat zij voornamelijk door de wa>neemba>h$5 bewog5 wordt1 ls zij bewog5 wordt4 ,ma> voorwa> ook indi5 zij zi*zelf beweegt1 wordt zij to* ook bewog5 en da> alle beweg+ wat bewog5 wordt doet uittr$5 9 de beweg+1 z\ de ziel ook uit ha> wez5 moet5 uitgaan #bd1 als zij niet bijkom/ig zi*zelf beweegt1 ma> de beweg+ tot ha> eig5 wez5 op zi*zelf behoort4 ,sommig5 zegg5 ook dat de ziel het li*aam wa>9 zij is ha> eig5 beweg+ me$eelt1 zooals ,demokritos 9 ov]e5/emm+ met d5 blijspeldi*t] ,philippos1 die ,daidalos de h\t5 ,aphrodite laat mak5 en beweg5 doordat hij er kwikzilv] +oot2 desgelijks zegt ook ,demokritos dat de beweg5de ondeelb>e boll5 doordat ze van nature nooit 9 /il/& zijn het geheele li*aam meesleep5 en beweg54 ,wij vrag5 dan ( ditzelfde ook de ru/ zal v]oorzak54 ,hoe dat z\ gaan1 is moeilijk ( liev] onmogelijk te zegg54 ,welbes*\wd s*ijnt de ziel niet z het lev5d wez5 te beweg5 ma> door iets als b$oel+ en g$a*te4 ,op dezelfde wijs bes*\wt ook de natuurle] van d5 ,timaios #be de beweg+ die de ziel aan 't li*aam me$eelt2 door ha> eig5 beweg+ beweegt zij het li*aam1 wa>m$e zij v]bond5 is4 ,t]wijl zij sam5ge/eld is uit de elem5t5 en +$eeld na> h>monis*e v]h\d+1 opdat zij aangebor5 gewa>word+ van h>monie hebbe en het heelal zi* h>monis* bewege1 heeft 7de demiurg7 ha> re*te baan tot e5 kr+ omgebog5 en d5 e55 kr+ 9 twee gesplit/ hebb5de1 die bij twee punt5 v]bond5 zijn1 heeft hij w$] d5 e55 9 zev5 kr+5 gesplit/1 da> 7volg5s ,plato7 de hemelbeweg+5 die d] ziel zijn4 #djg;a4 ,voore]/ nu is het niet behoorlijk de ziel e5 grootte te noem52 blijkba> nl4 b$oelt hij met de ,alziel zooiets als wat m5 wel #bf d5 gee/ noemt en niet iets als de gewa>word5de ( de bege]5de ziel1 want hun beweg+ is ge5 kr+loop2 de gee/ is n en aane5 als het d5k5 en het d5k5 is de g$a*t51 welke n zijn bij ope5volg+ als het getal ma> niet als de grootte2 da>om is ook de gee/ niet z aane51 ma> f ondeelba> f niet als e5 grootte aane54 ,en hoe ook zal hij d5k5 als hij grootte is8 ,met e5ig deel van zi*zelf8 ,e5 deel dat grootte heeft ( puntsgewijze is1 als m5 e5 punt ook e5 deel moet noem54 ,gaat het puntsgewijze1 dan komt blijkba> de g$a*te nooit tot /&1 da> de punt5 e9deloos zijn2 en gaat het met grootte dan zal m5 dikwijls ( e9deloos veel mal5 hetzelfde d5k51 ma> het blijkt dat het ook e5maal mogelijk is #bg4 ,als voldo5de is de aanrak+ met e5ig deel1 wa>toe is dan kr+beweg+ noodig ( moet er 9 't geheel van e5 grootte sprake zijn8 ,wanne] het d5k5 aanrak+ door d5 geheel5 kr+ v]eis*t1 wat doet dan de aanrak+ met de deel58 ,en v]d] hoe kan m5 het g$eelde d5k5 met het ong$eelde ( omgeke]d8 ,het is noodzakelijk dat de gee/ de gezegde kr+ is1 want de beweg+ van d5 gee/ is het d5k51 van d5 kr+ de draai+2 is nu het d5k5 de draai+1 dan moet de gee/ de kr+ zijn welks zoodanige draai+ het d5k5 is4 ,ma> wat zal het zijn dat de gee/ altijd door d5kt8--imm]s de draai+ duurt altijd door4 ,ma> de g$a*t5 van toegepa/e wet5s*ap hebb5 gr5z51 want zij all5 beoog5 iets buit5 zi*2 en de !oretis*e ov]weg+5 hebb5 ev5e5s hun gr5z5 9 de r$5e]+51 zijnde all5 f def9itie f bewijs2 het bewijs nu gaat van e5 ond]/ell+ uit en heeft op e5ige wijze zijn e9de 9 de sluitr$e ( de gevolgtrekk+2 en als zij niet afloop51 zoo ke]5 zij to* niet t]ug tot het uitgangspunt1 ma> gaan voorwa>ts met toevoeg+ telk5s van midd5t]m en conclusie2 t]wijl de draai+ we] tot 't beg9 ombuigt4 ,de def9ities zijn all5 begr5sd4 ,gebeurt v]d] dezelfde draai+ dikwijls dan zal m5 dikwijls hetzelfde moet5 d5k54 ,v]d] lijkt de g$a*te me] op e5 ru/ en halt dan op beweg+2 desgelijks de sluitr$e4 #djg;b4 ,voorzek] is ook niet gelukzalig wat niet gemakkelijk gaat ma> met geweld2 indi5 nu de beweg+ d] ziel ha> wez5 niet is1 dan wordt zij teg5 ha> natuur bewog5 #bh4 ,bezwa>lijk is het ook 7voor d5 gee/7 onafs*eidelijk gem5gd te zijn met het li*aam2 ja zelfs v]w]pelijk1 als het w]kelijk voor d5 gee/ bet] is zond] het li*aam te zijn1 zooals ,plato pleegt te zegg51 wa>mee dan vel5 in/emm54 ,onduidelijk blijft ook de oorzaak van de kr+beweg+ des heelals1 want no* is het wez5 d] ziel oorzaak d] kr+beweg+1 ma> die is ha> bijkom/ig1 no* is het li*aam oorzaak1 ma> veele] is de ziel oorzaak voor 't li*aam4 ,en e9delijk ontbreekt ook het bewijs wa>om het di5/ig is1 t]wijl to* de godheid da>om de kr+beweg+ aan de ziel moe/ gev5 omdat het ha> di5/ig] is te beweg5 dan te ru/5 en z te beweg5 en niet &]s4 ,ma> da> d]gelijk ond]zoek 9 e5 &]e wet5s*ap me] ?uis hoort1 will5 wij het ?ans da>lat54 ,deze ong]ijmdheid deelt ,plato's r$5e]+ met de mee/5 ov] de ziel1 dat zij n4l4 de ziel v]b9d5 met en /ell5 9 het li*aam zond] de bepal+ erbij te voeg5 van de oorzaak 7di] v]b9d+7 en van de v]h\d+ van 't li*aam4 ,en dat mag to* e5 eis* heet52 want door de geme5s*ap is het e5e w]k5d1 het &]e lijd5d en wordt het e5e bewog5 t]wijl het &]e beweegt en deze v]h\d+5 geld5 nimm] voor onv]s*illige d+5 ond]l+4 ,ma> zij beproev5 alle5 te bepal5 wat de ziel is1 do* gev5 er v]d] ge5 bepal+ bij van het li*aam dat de ziel moet opnem51 als( het mogelijk w>e dat na> de v]hal5 d] ,py?agorers e5 ziel1 welke ook1 ha> intrek nam 9 't e]/e 't be/e li*aam4 ,ne51 elk li*aam moet wel eig5 ge/alte en vorm #bi hebb54 't ,is hetzelfde als( m5 zeide dat de timm]kun/ fluit5 betrok2 want de kun/ moet ha> 7eig57 w]ktuig5 en de ziel het li*aam gebruik54 #djg b #bg--djh a #bh4 ,de ziel is ge5 h>monie1 zooals vel5 geloov53 no* h>monie als sam5/ell+ van deel5 no* als de v]h\d+ 9 de sam5/ell+4 ,bezw>5 teg5 ,emp$ocles1 die de ziel uit al de elem5t5 maakt en elk elem5t als v]h\d+ d5kt en tev5s de 7liefde7 oorzaak d] v]b9d+ doet zijn1 dus iets buit5 de v]b9d+ zelve4 ,ma> hoe dan te d5k5 ov] de s*eid+ van ziel en li*aam8 ,ook is e5 &]e me5+ gele]d ov] de ziel die bij vel5 niet m9d] gelo( v9dt dan e5ige &]e d] beh&eld5 en die ook 9 de tot geme5 go$ gemaakte besprek+5 #cj e5 soort van proces heeft door/aan4 ,m5 zegt nl4 dat zij e5 zek]e h>monie is2 dat imm]s de h>monie e5 m5g+ en sam5voeg+ van teg5deel5 is en dat het li*aam sam5ge/eld is uit teg5deel54 ,ev5wel de h>monie is e5 v]h\d+ van de gem5gd5 ( e5 sam5voeg+ en de ziel kan ge5 van beid5 zijn4 ,v]d] is beweg5 ge5 eig5s*ap van h>monie en dat s*rijv5 all5 wel ongeve] 't mee/ aan de ziel toe4 ,het pa/ me] bij gezondheid van h>monie te sprek5 en 9 't algeme5 bij de li*amelijke deugd5 dan bij de ziel4 ,het duidelijk/ blijkt 7de ongelijkheid7 wanne] m5 z\ beproev5 het do5 en lijd5 d] ziel op e5 h>monie ov] te br5g5--dat is moeilijk te h>monie]54 ,voorts als wij sprek5 van h>monie 9 twee gevall5 en wel eig5lijk bij de groo!d5 die beweg+ en plaats hebb5 hun sam5voeg+ zdanig dat zij niets gelijksoortigs kan opnem5 en t5 twe$e ook de v]h\d+ van de gem5gd5--nu1 dan zijn ge5 van beide opvatt+5 7voor de ziel7 aannemelijk en die van de h>monis*e sam5voeg+ d] li*aamsdeel5 laat zi* al te gemakkelijk we]legg54 ,want er zijn vele sam5voeg+5 d] deel5 en op vele wijz52 van welk deel ( hoe moet m5 nu aannem5 dat de gee/ e5 sam5voeg+ is ( de gewa>word+ ( de bege]te8 ,ev5 ong]ijmd is de me5+ dat de ziel de v]h\d+ van de m5g+ is2 want de v]h\d+ bij de v]m5g+ d] elem5t5 is niet dezelfde voor vlees* en be54 ,wa>uit volgt dat m5 vele ziel5 zal hebb5 en door het heele li*aam he51 als alles be/aat uit het m5gsel d] elem5t5 en de v]h\d+ d] m5g+ h>monie en ziel is4 ,hi]ov] z\ m5 ook ,emp$ocles rek5s*ap kunn5 vrag51 die zegt dat elk d] deel5 na> e5 bepaalde v]h\d+ 7d] elem5t57 +]i*t is2 is nu de v]h\d+ de ziel ( komt deze als iets nieuws 9 de deel58 ,is v]d] de liefde de oorzaak van onv]s*illig welke m5g+ ( van die na> de jui/e v]h\d+8 ,en is deze de v]h\d+ ( iets &]s da>nev5s8 ,dat alles zijn da>bij v]leg5h$54 ,en als de ziel iets &]s dan de m5g+ is1 wa>om wordt zij dan v]nietigd met het be/aan van het vlees* en van de &]e deel5 van het lev5d wez58 ,bov5di5 indi5 niet i$] d] deel5 e5 ziel heeft1 en indi5 de ziel niet is de v]h\d+ d] m5g+1 wat wordt dan eig5lijk v]nietigd als de ziel weg gaat8 #djh a #bi--;b #bi4 ,van beweg+ d] ziel spreekt m5 m9d] jui/1 wanne] het jui/e is li*amelijke beweg+ van ha> uitga&e ( tot ha> /rekk5de1 als bij gewa>word+ ( h]9n]+2 de w]kzaamheid ook van d5 gee/ lijdt van ziekte en oud]dom1 dus van 't li*amelijke1 ma> de gee/ zelf is e5 zelf/&igheid4 ,uit het gezegde nu blijkt dat de ziel onmogelijk h>monie kan zijn no* kr+beweg+ kan hebb54 ,wel kan zij1 zooals gezegd is1 bijkom/ig bewog5 word5 en zi*zelf beweg51 zoo b4v4 dat datg5e bewog5 wordt1 wa>9 zij is en wel door de ziel bewog5 wordt1 &]s is ruimtelijke beweg+ voor ha> onmogelijk4 #djh;b4 ,met me] grond z\ m5 ov] h>e beweg+ kunn5 r$ekavel5 uit d]gelijke ov]weg+51 dat m5 zegt dat de ziel sm>t en vreugde ond]v9dt1 g]u/ is ( vree/1 voorts toornig wordt1 wa>neemt en d5kt2 want dat alles zull5 beweg+5 zijn4 ,en dus z\ m5 me55 dat zij bewog5 wordt1 ma> dat is niet noodzakelijk4 ,want al zijn ook w]kelijk sm>t1 vreugde en d5k5 beweg+5 en is elk da>van bewog5 word51 bewog5 word5 door de ziel--b4v4 toornig word5 ( vreez5 zulk e5 beweg+ van het h>t1 d5k5 7beweg+7 van dit welli*t ( van iets &]s--en gebeurt dit bij e5ige ervan door v]plaats5de beweg+1 bij &]5 door v]&]+ van ho$anigheid 7bij welke en welke v]&]+ is hi] niet de vraag72 dan is het zegg5 dat de ziel toornig wordt1 zoo1 als( m5 zeide dat de ziel weeft ( b\wt4 ,het lijkt wel bet] niet te zegg5 dat de ziel m$elijd5 heeft ( le]t ( d5kt1 ma> de m5s* met zijn ziel en wel omdat de beweg+ niet 9 ha> is1 ma> soms tot aan ha>1 soms van ha> uit b4v4 de gewa>word+ van deze voorw]p5 hi] uitga&e tot aan ha>1 de h]9n]+ van ha> uit na> de beweg+5 ( /il/&5 9 de z9tuig54 ,de gee/ s*ijnt 79 d5 m5s*7 te zijn e5 zelf/&igheid1 die onv]nietigba> is4 ,&]s moe/ hij vooral v]nietigd word5 door de v]dui/]+ 9 d5 oud]dom2 do* d5kelijk geldt hi] hetzelfde als bij de z9tuig52 als de grijsa>d e5s zlk e5 oog kreeg1 dan z\ hij kunn5 zi5 als e5 jongel+4 ,alzoo heeft de oud]dom niet tot oorzaak e5ig ond]v9d5 van de ziel1 ma> van 't li*aam wa>9 zij is1 zooals bij dronk5s*ap en ziekte4 ,zoo kwijnt dan het d5k5 en /ude]5 doordat iets &]s inw5dig afbreuk lijdt1 ma> zelf is het onaanta/ba>4 ,het d5k51 bem9n5 en hat5 ta/5 niet d5 gee/ aan1 ma> dat bepaalde1 dat hem bevat 9 zoov] het hem bevat4 ,gaat da>om dat 7bevatt5de7 te loor1 dan h\dt h]9n]5 #ca en bem9n5 op2 want die behoord5 niet aan d5 gee/1 ma> aan het geheel1 dat v]lor5 is4 ,de gee/ e*t] lijkt wel iets goddelijk]s en onaang$aan4 #djh b #cj--dji b #ah4 7,x5okrates'7 le] d] ziel als zelfbeweg5d getal4 ,uit deze bes*\w+5 dus blijkt dat het niet mogelijk is dat de ziel bewog5 wordt en als zij 9 't geheel niet bewog5 wordt1 dan natuurlijk ook niet door zi* zelf4 ,v]reweg het ong]ijmds van de bew]+5 is die1 dat de ziel e5 zi*zelf beweg5d getal is2 want wie dat zegg5 hebb5 voore]/ de onmogelijkh$5 die uit de beweg+ voortkom5 en dan nog bizond]e uit de /ell+ dat zij getal is4 ,hoe to* moet m5 d5k5 e5 e5heid1 die bewog5 wordt1 door wat en hoe1 da> zij ong$eeld en onond]s*eid5 is8 ,is zij imm]s beweg5d en bewog5 dan moet er ond]s*eid 9 zijn4 ,en dan3 aangezi5 na> m5 zegt de beweg+ van e5 lijn e5 vlak1 die van e5 punt e5 lijn maakt1 zoo zull5 ook de beweg+5 van de e5h$5 lijn5 zijn2 het punt is nl4 e5 e5heid met plaats en het getal van de ziel is dan zek] erg5s en heeft e5 plaats4 ,v]d]3 als m5 van e5 getal e5 getal ( e5 e5heid aftrekt1 dan blijft er e5 &] getal ov]2 ma> de plant5 en vele di]5 blijv5 na v]deel+ lev5 en blijk5 dan soortelijk dezelfde ziel te h\d54 ,m5 z\ ook ev5go$ als van e5h$5 kunn5 sprek5 van molekels2 want als m5 de bolletjes van ,demokritos t]ugbr5gt tot punt51 zoodat sle*ts de veelheid blijft1 moet da>9 zijn het ond]s*eid van beweg5 en bewog5 word5 ev5als 9 het aane5geslot5 geheel2 dat ond]s*eid imm]s hangt niet sam5 met het v]s*il van grootte ( kle9heid1 ma> het is er om het aantal4 ,dus moet er iets zijn dat de e5h$5 beweg5 kan4 ,wanne] nu 9 het lev5d wez5 het beweg5de de ziel is1 dan is zij het ook 9 het getal en dus z\ de ziel niet zijn het beweg5de en wat bewog5 wordt1 ma> alle5 het beweg5de4 ,hoe kan dat dan e5 e5heid zijn8 ,er moet dan to* e5 ond]s*eid zijn tuss*5 ha> en de &]e 7e5h$574 ,en welk ond]s*eid kan e5 e5heid-punt hebb5 behalve van plaats8 ,zijn nu de punt5 9 het li*aam v]s*ill5d van de e5h$51 dan zull5 de e5h$5 op dezelfde plaats zijn 7met de punt572 want elke zal de plaats van e5 punt innem54 ,e*t] wat belet dat1 zoo er twee1 dan ook e9deloos vele op dezelfde plaats zijn8 ,want d+5 wi] plaats onges*eid5 is1 zijn zelf ook onges*eid54 ,en indi5 de punt5 9 't li*aam het getal van de ziel zijn ( indi5 het getal van de punt5 9 't li*aam de ziel is1 wa>om hebb5 dan niet alle li*am5 e5 ziel8 ,punt5 moet5 er to* 9 all5 zijn en wel e9deloos vele4 ,en dan hoe is het mogelijk dat de punt5 ges*eid5 en afges*eid5 word5 van 't li*aam1 t]wijl to* niet de lijn5 zi* lat5 v]deel5 9 punt58 ,zooals gezegd is1 /emm5 zij e5]zijds ov]e5 met h5 die de ziel iets fijns li*amelijks noem51 &]zijds is er e5 bizond]e ong]ijmdheid doordat zij als ,demokritos de beweg+ lat5 uitgaan van de ziel4 #dji;b4 ,want da> to* de ziel 9 het geheele gewa>word5de li*aam is1 moet5 er twee li*am5 op dezelfde plaats zijn1 als de ziel e5 li*aam is2 die de ziel e5 getal noem51 moet5 aannem5 dat 9 het e5e punt vele punt5 zijn ( dat elk li*aam e5 ziel heeft1 wanne] niet het er 9 zijnd getal v]s*ill5d is en iets &]s dan het getal van de 9 de li*am5 zijnde punt54 ,ook is e5 gevolgtrekk+ dat het lev5d wez5 bewog5 wordt door het getal1 zooals wij zeid5 dat ook ,demokritos het laat beweg52 want welk v]s*il maakt het te sprek5 van kle9e bolletjes ( groote e5h$5 ( 9 't geheel van beweg5de e5h$58 ,op beide wijz5 to* is noodzakelijk de beweg+ van 't lev5d wez5 door h5 v]oorzaakt doordat zij bewog5 word54 ,die dus beweg+ en getal sam5vle*t5 leid5 tot die en vele d]gelijke gevolg54 ,zoo iets kan imm]s niet sle*ts ge5 def9itie van de ziel zijn1 ma> zelfs ge5 bijkom/igheid4 ,dit blijkt als m5 z\ beproev5 op grond van die bew]+ rek5s*ap te gev5 van 't lijd5 en do5 van de ziel1 b4v4 van r$5e]+51 gewa>word+51 vreugd51 sm>t5 enz4 ,imm]s die bew]+5 gev51 zooals wij vroeg] zeid51 niet e5s li*t grond tot giss+5 #cb4 #dji b #ai--daj b #ae4 ,de ziel1 het wa>nem5de1 uit de elem5t51 z dat het gelijke het gelijke wa>neemt4 ,bezw>5 teg5 deze !orie en teg5 ,emp$okles4 ,drie wijz5 zijn gele]d wa>op m5 de ziel def9ie]t3 als 't bij uit/ek beweg5de doordat zij zi* zelf beweegt2 als het fijn/e ( mee/ onli*amelijke li*aam2 de moeilijkh$5 en teg5sprak5 die zi* hi]bij voordo5 hebb5 wij 9 ho(dzaak besprok5 en er blijft ov] na te gaan hoe het /aat met de bew]+ dat de ziel uit de elem5t5 be/aat4 ,dat zegt m51 opdat zij de d+5 zal wa>nem5 en elk d+ zal k5n51 ma> vele onmogelijkh$5 volg5 uit die r$5e]+ noodzakelijk4 ,m5 /elt n4l4 dat het gelijke het gelijke k5t1 de ziel als 't w>e de d+5 noem5de4 ,ma> dat zijn niet alle5 deze 7de elem5t57 ma> nog vele &]5 ( liev] tallooze die er uit sam5ge/eld zijn4 ,toegegev5 dat de ziel k5t en wa>neemt de elk d+ sam5/ell5de elem5t52 wa>door zal zij e*t] het geheel k5n5 ( wa>nem51 b4v4 god1 m5s*1 vlees* ( be5 en desgelijks elk &] sam5/el8 ,want i$] da>van is niet uit de elem5t5 willekeurig1 ma> 9 e5 bepaalde v]h\d+ en sam5/ell+1 zooals ,emp$okles omtr5t gebe5te zegt3 ,de vri5delijke a>de nam 9 d5 ruim5 smeltkroes twee a*t/e deel5 glanz5d vo*t en vi] deel5 ,hephae/us3 zoo ont/ond5 de witte be5d]50 #cc4 ,het helpt dus niets dat de elem5t5 9 de ziel zijn1 indi5 niet ook de v]h\d+5 en de sam5voeg+ er 9 zijn2 elk elem5t imm]s zal het gelijke erk5n51 ma> niets het gebe5te ( d5 m5s*1 zoo niet deze ook er 9 zijn--onmogelijkheid die ge5 betoog behoeft2 want wie kan twijfel5 ( er 9 de ziel e5 /e5 ( m5s* is8 ,ev5zoo zal niets het go$e en 't omgeke]de erk5n52 en zoo ook met 't &]e4 ,v]d] wordt er van het zijnde 9 vele beteek5iss5 gesprok53 als sub/antie1 hoeveelheid1 ho$anigheid ( e5ige &]e d] ond]s*eid5 kategorien2 zal nu de ziel uit all5 be/aan ( niet8 ,ma> het blijkt niet dat er elem5t5 zijn die aan alle kategorien geme5s*appelijk zijn4 ,dan alle5 uit de sub/antie-elem5t58 ,hoe k5t zij dan al het &]e8 ,( zal m5 aannem5 dat er van elke kategorie eig5 elem5t5 en pr9cipes zijn en dat de ziel da>uit be/aat8 ,dan zal er hoeveelheid1 ho$anigheid en sub/antie 797 zijn4 ,ma> het is onmogelijk dat uit hoeveelheids-elem5t5 e5 sub/antie1 niet e5 hoeveelheid is4 ,die dus de ziel uit alle elem5t5 sam5/ell5 treff5 deze en me] d]gelijke bezw>54 ,het is ook ong]ijmd te zegg5 dat het gelijke ona&o5lijk is voor het gelijke en dat het gelijke het gelijke wa>neemt en door het gelijke het gelijke k5t1 t]wijl m5 het wa>nem5 e5 lijd5 en bewog5 word5 noemt en desgelijks het d5k5 en k5n54 ,van de vele v]leg5h$5 en moeilijkh$5 die het geeft om met ,emp$okles te zegg5 dat alle d+5 door de /(felijke elem5t5 gek5d word51 en bov5di5 het gelijke door het gelijke1 is n aanwijz+ wat nu gezegd wordt3 alles nl4 wat 9 de li*am5 d] lev5de wez5s zond] me] a>de is1 als gebe5te1 spi]51 h>51 blijk5 niets wa> te nem5 en dus ook niet het gelijke1 wat to* behoorde4 ,bov5di5 zal elk d] elem5t5 me] onkunde dan begrip hebb52 want elk zal n d+ k5n5 ma> vele d+5 niet k5n5 nl4 al de &]e4 ,emp$okles moet besluit5 dat de godheid het onwij/ is2 hij to* alle5 k5t n elem5t1 de /rijd #cd niet2 wel alle /]felijke d+51 die imm]s uit alle elem5t5 be/aan4 ,wa>om 9 't geheel hebb5 niet alle d+5 e5 ziel1 da> elk d+ ( e5 elem5t is ( uit e5 ( me] ( alle elem5t5 be/aat1 z dat het e5 ( e5ige ( alle d+5 moet k5n58 ,ook z\ m5 de vraag kunn5 opw]p5 wat het wel is dat 9 de elem5t5 de e5heid maakt2 want zij gelijk5 de /( en dat sam5h\d5de1 wat het ook zij1 is het kra*tig/e2 ma> het is onmogelijk dat er iets kra*tig]s z\ zijn dan de ziel ( dat voorgaat2 nog onmogelijk] dan de gee/2 die moet r$elijk]wijze de e]/e en he]s*5d uitt]a>d zijn2 ma> zij zegg5 dat de elem5t5 de e]/5 d] d+5 zijn4 #daj b #af--daa a #bc4 ,deze opvatt+ omtr5t de ziel en die van de ziel als het beweg5de omvatt5 niet alle ziel no* e5ige 9 ha> geheel2 bij bep]k+ van de e]/e tot d5k5 en wa>nem5 ev5m94 ,bezw>5 teg5 de ,orphis*e le] omtr5t de ziel als deel van de ,alziel door inadem+ opg5om54 ,de ziel behoeft om te k5n5 niet uit alle elem5t5 te be/aan1 ma> sle*ts uit de e5e helft d] teg5ge/elde4 ,?ales' ,alziel4 ,all5 zo[el die zegg5 dat de ziel uit de elem5t5 is om het k5n5 en gewa>word5 van de d+51 als die ha> het all]bewegelijk/e noem51 sprek5 niet ov] elke ziel4 ,want e5sdeels is niet al wat gewa>wordt beweg5d2 #ce aangezi5 sommige lev5de wez5s aan hun plaats gebond5 blijk52 en to* geeft de ziel wel deze beweg+ 9 't bizond] aan het lev5de wez54 't ,zelfde geldt van wie d5 gee/ en het gewa>word+sv]mog5 uit de elem5t5 do5 be/aan2 want het blijkt dat de plant5 lev5 zond] beweg+ en wa>nem+ en dat vele di]5 ge5 v]/& hebb54 ,als m5 dit ook z\ toe/aan dat m5 d5 gee/ en desgelijks het wa>nem+sv]mog5 e5 deel van de ziel noemt1 dan sprek5 zij to* niet geme5s*appelijk ov] alle ziel no* ov] e5ige 9 ha> geheel4 ,dit geldt ook van de opvatt+ 9 de zoog5aamde ,orphis*e v]z53 dat de ziel uit het heelal intre$t bij het ademhal51 g$rag5 door de w9d54 ,dan kan dit niet uitkom5 voor de plant5 en voor e5ige di]51 da> niet all5 ademhal52 ma> dit hebb5 zij1 die zoo me551 niet opgem]kt4 ,en als m5 de ziel uit de elem5t5 moet do5 be/aan1 behoeft het ge5sz9s te zijn uit alle2 want van de teg5deel5 is de e5e helft voldo5de om zi*zelf te beoordeel5 en het teg5deel4 ,imm]s door het re*te k5n5 wij dit zelf en het kromme1 want ov] beid5 oordeelt het ri*tsno]1 ma> het kromme no* ov] zi* zelf no* ov] het re*te4 ,ook zegg5 sommig5 dat de ziel 9 het heelal gem5gd is1 van wa> miss*i5 ook ,?ales me5de dat alles vol van god5 04 ,dit ba>t e5ige v]leg5h$52 wa>om to* maakt de ziel 9 de lu*t ( het vuur ge5 lev5d wez51 ma> wel 9 de m5gsel5 en dat nog wel als zij 9 de e]/5 bet] moet zijn8 ,v]d] z\ m5 moet5 vrag5 wa>om de ziel 9 de lu*t bet] en on/]felijk] is dan die 9 de lev5de wez5s4 ,9 beide gevall5 komt m5 tot iets ong]ijmds en onr$elijks2 imm]s het vuur ( de lu*t e5 lev5d wez5 te noem5 is erg onr$elijk en ge5 lev5de wez5s aan te nem5 als de ziel er 9 is1 is ong]ijmd4 ,het s*ijnt dat zij me55 dat de ziel 9 deze 7elem5t57 is1 omdat het geheel gelijksoortig is met de deel52 zoodat zij ook moet5 zegg5 dat de ziel gelijksoortig is met ha> deel51 als de lev5de wez5s bezield word5 doordat e5 deel van de atmosfe] 9 h5 afgezond]d wordt4 ,ma> als de lu*t na v]deel+ gelijksoortig en de ziel ongelijksoortig van deel5 is1 zal er blijkba> iets van ha> aanwezig zijn en iets &]s niet4 ,alzoo moet de ziel f gelijksoortig van deel5 zijn ( niet 9 elk willekeurig deel van 't geheel da> zijn4 #daa a #bd--;b #cj4 ,kritiek van de le] d] soortelijk ond]s*eid5 zielsdeel54 ,de ziel blijft n na v]deel+ van het li*aam bij plant5 en sommige insect52 die ziel is dan het pr9cipe dat plant5 en di]5 geme5 hebb54 ,uit het gezegde blijkt dus dat het k5v]mog5 d] ziel niet tot grond heeft dat zij uit de elem5t5 be/aat en dat van e5 beweg+ d] ziel niet go$ ( wa> gesprok5 wordt4 ,da> nu het k5n5 tot de ziel behoort en het gewa>word5 en me55 en v]d] het bege]5 en will5 en de neig+5 9 't geheel en ook de plaatselijke beweg+ voor de lev5de wez5s uit de ziel voortkomt en bov5di5 groei1 rijpheid en ne]gang1 komt de vraag op ( dit alles tot de heele ziel behoort1 ( wij met de heele ziel d5k51 gewa>word51 beweg5 en al 't &]e do5 en lijd5 ( dat er v]s*ill5de deel5 met v]s*ill5de w]k+ zijn8 #daa;b4 ,en het lev5 e9delijk1 ligt dat 9 e5 van de deel5 ( 9 me] ( 9 all5 ( heeft het nog e5 &]5 grond8 ,sommig5 dan zegg5 dat de ziel deel5 heeft en dat e5 deel d5kt1 e5 &] bege]t4 ,wat is het dan to* wel1 dat de ziel sam5h\dt als zij g$eeld is8 ,to* wel niet het li*aam2 omgeke]d zal veele] de ziel het li*aam sam5h\d52 imm]s als de ziel uitgetr$5 is1 v]waait en v]gaat0 #cf het li*aam4 ,als dus iets &]s ha> n maakt1 dan is dt eig5lijk de ziel en da>van zal m5 we] moet5 vrag5 ( het n ( me]l$ig is4 ,is het n1 wa>om dan niet van 't beg9 af ook de ziel n8 ,is het g$eeld1 dan moet de r$5e]+ we] na> het sam5h\d5de da>van vrag5 en gaat zij zoo voort 9 't e9delooze4 ,m5 z\ ook kunn5 vrag5 omtr5t de deel5 d] ziel1 welk v]mog5 elk deel 9 het li*aam heeft4 ,imm]s indi5 de heele ziel het geheele li*aam sam5h\dt1 moet ook elk deel e5 deel van het li*aam sam5h\d54 ,dat lijkt iets onmogelijks2 welk deel to* de gee/ sam5h\dt ( hoe1 valt moeilijk zelfs te v]z9n54 ,het blijkt ook dat de plant5 bij v]deel+ lev5 en ond] de di]5 e5ige insect51 z dat de deel5 dezelfde ziel hebb5 soortelijk1 (s*oon niet num]iek2 want elk van de helft5 hebb5 gewa>word+ en plaatselijke beweg+ e5 tijd lang4 ,dat het niet blijv5d is1 is niet vreemd2 want zij hebb5 niet de organ5 om hun wez5 te h&hav54 ,ma> desniettem9 hebb5 elk d] helft5 alle deel5 van de ziel en de deelziel5 zijn soortgelijk ond]l+ en met de geheele ziel1 teg5ov] elka> als ( zij 7de deelziel57 niet zelf/&ig zijn1 teg5ov] de geheele ziel z dat die deelba> is4 ,ook lijkt het pr9cipe 9 de plant5 e5 soort ziel2 want dit alle5 is geme5s*appelijk aan di]5 en plant5 en het be/aat ges*eid5 van het pr9cipe d] gewa>word+1 ma> niets heeft gewa>word+ zond] dit pr9cipe4 ,e9de van boek ,i4 #daa b #ca--dab b #i4 ,algeme5e def9itie3 de ziel is de e]/e 7voorloopige7 w]kelijkheid van e5 natuurlijk bew]ktuigd li*aam4 ,deze w]kelijkheid is de w>e e5heid van ziel en li*aam4 #dab;a4 ,wat de vroeg]5 omtr5t de ziel gele]d hebb51 da>omtr5t vol/a het gezegde2 laat ons als van 't beg9 af t]ugke]5 en tra*t5 de ziel te bepal5 en de algeme5/e def9itie er van op te gev54 ,wij noem5 dan e5 kategorie d] d+5 de sub/antie en van deze sprek5 wij e5]zijds als /(1 wat op zi*zelf niet iets bepaalds is1 &]zijds als vorm en ge/alte1 na> welke e]/ van iets bepaalds sprake is2 als d]de noem5 we wat uit beid5 voortkomt4 ,de /( is mogelijkheid1 de vorm w]kelijkheid #cg en dat 9 tweev\dig5 z91 deels zooals de k5nis1 deels zooals het /ude]54 ,sub/anties 9 d5 eig5lijk/5 z9 zijn de li*am5 en van deze de natuurlijke2 want die zijn de ,pr9cipes van de &]54 ,de natuurlijke li*am5 zijn lev5d ( lev5loos2 lev5 is zelfond]h\d+1 groei en afname4 ,dus is elk natuurlijk1 lev5d1 li*aam sub/antie en wel als de sam5ge/elde4 ,da> nu ook van e5 zoodanig geheel1 nl4 e5 lev5d li*aam1 sprake is1 is het niet het li*aam dat de ziel is2 want het li*aam is ge5 op e5 voorond]/eld iets betrokk5 zijn1 ma> v]h\dt zi* veele] als voorond]/elde en /(4 ,d]halve moet de ziel sub/antie zijn als vorm van e5 natuurlijk li*aam1 dat na> mogelijkheid lev5 heeft4 ,die sub/antie is w]kelijkheid4 ,de ziel is dus van e5 zoodanig li*aam de w]kelijkheid4 ,deze is tweev\dig1 deels zooals de k5nis1 deels zooals het /ude]54 ,blijkba> dus zooals de k5nis2 want 9 't aanzijn van de ziel is n slaap n wak52 het wak5 is ov]e5kom/ig met het uitoef551 de slaap met het bezitt5 zond] w]kzaamheid2 als v]s*ijnsel is bij d5 enkel+ de k5nis voorafga&4 ,d]halve is de ziel de e]/e w]kelijkheid van e5 natuurlijk li*aam dat na> mogelijkheid lev5 heeft4 ,e5 zoodanig li*aam is dat1 wat bew]ktuigd is4 ,organ5 zijn ook de deel5 d] plant51 ma> gans* e5v\dige3 zoo is het blad omhulsel van de vru*tw&1 de vru*tw& van de vru*t2 de wortels zijn ov]e5kom/ig met d5 mond1 want beid5 nem5 het vo$sel op4 #dab;b4 ,moet m5 dus e5 voor alle ziel geme5s*appelijke def9itie gev5 dan is zij de e]/e w]kelijkheid van e5 natuurlijk1 bew]ktuigd1 li*aam4 ,da>om moet m5 ook niet vrag5 ( de ziel en het li*aam n is1 ev5m9 als van de 0 en de figuur ( 9 't algeme5 van de /( van elk d+ en datg5e wa>van de /( grondslag is4 ,want t]wijl m5 van n0 en zijn0 spreekt 9 v]s*eid5 z91 is het eig5lijke de w]kelijkheid4 #dab;b #aj--dac a #aj4 ,de ziel het wez5 van het li*aam1 als het gezi*t het wez5 van het oog en de gewa>word+ van het heele gewa>word5de li*aam4 ,het na> mogelijkheid lev5de is niet het doode1 no* is de ziel me] dan 9 aanleg het w]kzame4 ,s*eid+ van ziel en li*aam4 ,ziel en li*aam als s*ipp] en s*ip8 ,wat nu de ziel is1 is 9 't algeme5 gezegd nl4 sub/antie na> het begrip bes*\wd4 ,en dat is het wez5 voor het bepaald li*aam4 ,/el dat e5 w]ktuig b4v4 e5 bijl e5 natuurlijk li*aam 01 dan z\ imm]s het bijlwez5 zijn sub/antie zijn en de ziel z\ dt zijn2 van deze ges*eid5 z\ het alle5 nog 9 naam e5 bijl zijn4 ,ma> nu is het e5 bijl2 imm]s niet bij e5 zoodanig li*aam is het wez5 en het begrip de ziel1 ma> van e5 bepaald natuurlijk li*aam dat het pr9cipe van beweg+ en ru/ 9 zi*zelf heeft4 ,m5 moet het gezegde ook bij de ond]deel5 nagaan4 ,als 't oog e5 lev5d wez5 01 dan z\ 't gezi*t da>van de ziel zijn1 want dat is de sub/antie van 't oog na> het begrip bes*\wd4 ,het oog is de /( van het gezi*t2 ontbreekt dit dan is het ge5 oog me] behalve 9 naam1 als 't /e55 oog ( 't ges*ild]de4 ,wat nu van 't deel geldt moet m5 toepass5 op 't geheele lev5de li*aam2 want zooals 't deel 7van 't gewa>word57 /aat tot 't 7li*aams7deel1 zoo de geheele gewa>word+ teg5ov] het heele gewa>word5de li*aam als zoodanig4 ,niet wat de ziel v]lor5 heeft1 heeft na> mogelijkheid de /rekk+ tot lev51 ma> wat de ziel heeft2 het zaad en de vru*t is na> mogelijkheid het bepaalde li*aam4 #dac;a4 ,en zooals het snijd5 en het aans*\w51 zoo is ook het wak5 de w]kelijkheid1 zooals het gezi*t en de kra*t van het w]ktuig1 de ziel2 en het li*aam is het na> mogelijkheid zijnde2 ma> zooals het oog de pupil mt het gezi*t is1 zoo hi] e5 lev5d wez5 de ziel mt het li*aam4 ,dat nu de ziel niet ges*eid5 is van 't li*aam1 ( als zij deelba> is1 deel5 van ha>1 is duidelijk2 want van e5ige 7zielsdeel57 is de w]kelijkheid bij de deel5 7des li*aams7 zelf behoor5d2 niets intuss*5 belet de s*eid+ bij sommige deel51 doordat die ge5 w]kelijkheid van e5ig li*aam zijn4 ,bov5di5 is nog niet duidelijk ( niet de ziel z de w]kelijkheid des li*aams is als de s*ipp] van e5 s*ip4 ,zoo nu moet5 9 't algeme5 de bepal+5 en omtrekk5 van de ziel zijn4 #dac a #aa--dad a #c4 ,eis* voor de w>e def9itie3 zij moet van de erv>+ tot het begrip vo]54 ,de ziel is het k5m]k van het lev54 ,het lev5 is op zijn m9/ zelfond]h\d1 groei en afname1 als bij de plant52 bij de di]5 komt er gewa>word+ bij en da>van all]e]/ de ta/z92 beid5 om nad] te besprek5 r$54 ,de v]mog5s en hun ond]deel5 be/aan trapsgewijze1 de v]d]5 niet zond] de e]/54 ,bij v]deel+ van plant5 en insect5 blijft de ziel n met h>e v]mog5s2 die zijn dus niet zelf/&ig1 behalve miss*i5 het d5kv]mog54 ,alle5 9 begrip zijn de v]mog5s te s*eid54 ,da> uit het me] bek5de ma> dat onduidelijk is voortkomt het duidelijke en wat na> 't begrip me] k5ba>heid heeft1 moet5 wij we] beproev5 op die wijs ha> wez5 na te gaan2 imm]s de def9itie moet niet alle5 het dat0 uitdrukk51 zooals de mee/e def9ities do51 ma> moet5 ook de oorzaak inh\d5 en do5 blijk54 ,nu lijk5 de def9ities wel conclusies van de sluitr$55 b4v4 kwadraatmak5 is het mak5 van e5 gelijkzijdige re*?oek gelijk aan e5 ongelijkzijdig54 ,zulk e5 def9itie is de conclusie van de sluitr$e2 ma> de 7def47 die kwadraatmak+ noemt het v9d5 van e5 gemiddelde noemt de oorzaak van de zaak4 ,als uitgangspunt van het ond]zoek dan nem5 wij dat het bezielde van het onbezielde ond]s*eid5 is door het lev54 ,wanne] van de me]d]e opvatt+5 die het woord lev5 heeft er ma> n 9 het d+ aanwezig is1 zegg5 wij dat het leeft1 zooals v]/&1 gewa>word+1 plaatselijke beweg+ en ru/1 ook inw]k+ door vo$+ en afname en groei4 ,da>om spreekt m5 ook van lev5 bij alle plant52 imm]s die blijk5 9 zi* e5 v]mog5 en pr9cipe te hebb5 zoodanig dat zij afnem5 en aangroei5 9 de teg5ge/elde ri*t+52 want niet na> bov5 alle5 groei5 zij en niet na> ond]1 ma> gelijkelijk 9 beide ri*t+5 en ov]al he5 vo$5 zij zi* en lev5 voortdur5d1 zoolang zij vo$sel kunn5 nem54 ,dit v]mog5 kan van de &]5 afges*eid5 word51 de &]5 niet hi]van 9 de /]felijke wez5s4 ,dit blijkt bij de gewass51 die ge5 &] zielsv]mog5 hebb54 #dac;b4 ,het lev5 nu bezitt5 de lev5de wez5s door dit pr9cipe1 ma> met de gewa>word+ e]/ is er sprake van het di]3 imm]s ook wat zi* niet beweegt no* van plaats v]&]t1 ma> gewa>word+ heeft1 noem5 wij di] en niet sle*ts lev5d wez54 ,van gewa>word+ bezitt5 all]e]/ all5 ta/z94 ,zooals het vo$+sv]mog5 kan afges*eid5 word5 van d5 ta/z9 en alle gewa>word+1 zoo de ta/z9 van de &]e gewa>word+54 ,het vo$5de noem5 wij het zoodanige deel van de ziel1 dat ook de gewass5 toekomt2 al de di]5 blijk5 d5 ta/z9 te bezitt52 door welke oorzaak het e5e en het &]e zoo is1 zal lat] t] sprake kom54 ,nu will5 wij ons hi]toe bepal51 dat de ziel van de g5oemde v]mog5s de bron is en zi* da>na> ond]s*eidt als 't vo$5de1 gewa>word5de1 d5k5de en de beweg+4 ,( elk da>van ziel ( deel d] ziel is1 en zoo deel1 s*eidba> alle5 9 begrip ( ook 9 plaats1 dat is betreff5de sommig5 di] v]mog5s niet moeilijk te zi51 ma> e5ig5 gev5 bezwa>4 ,zooals imm]s bij de plant5 e5ig5 bij v]deel+ blijk5 te lev51 ges*eid5 van elka>1 en de ziel dus da>9 9 w]kelijkheid n is 9 elke plant1 ma> is mogelijkheid me]v\dig1 hetzelfde zi5 wij 9 &]e ond]s*eid+5 van de ziel gebeur5 bij de gel$e di]5 als zij doorgesn$5 word52 imm]s elk van beide deel5 heeft gewa>word+ en plaatselijke beweg+ en met gewa>word+ imm]s ook voor/ell+ en /rev52 want wa> gewa>word+ is1 is ook sm>t en vreugde en wa> deze zijn is noodzakelijk ook bege]te4 ,wat d5 gee/ betreft en het d5kv]mog5 is nog niets geblek51 ma> het lijkt e5 &] soort van ziel te zijn en dit alle5 kan afges*eid5 be/aan als het eeuwige afges*eid5 van het v]gankelijke4 ,de ov]ige deel5 van de ziel zijn1 zooals uit het gezegde blijkt1 niet afs*eidba>1 gelijk sommig5 #ch zegg51 ma> wl v]s*ill5d volg5s het begrip2 want gewa>word+ hebb5 en v]mog5 tot oordeel5 is v]s*ill5d1 da> to* gewa>word5 v]s*ilt van oordeel54 ,en hetzelfde geldt van elk van de &]e g5oemde v]mog5s4 ,en v]d] hebb5 e5ige d] lev5de wez5s al deze v]mog5s1 sommige sommig5 er van en e5ig5 sle*ts n--en hi]9 zal het ond]s*eid tuss*5 de lev5de wez5s gevond5 word5--2 de oorzaak hi]van moet5 wij lat] nagaan4 #dad;a4 ,hetzelfde geldt voor de gewa>word+52 sommig5 bezitt5 all51 &]5 e5ig51 &]5 alle5 de noodzakelijk/e1 d5 ta/z94 #dad a #d--bh4 ,de ziel1 als eig5lijke bron van het lev51 is vorm1 niet /( en vorm van e5 bepaald li*aam1 zooals de vorm 9 't algeme5 e5 eig5 /( voorond]/elt4 ,datg5e nu wa>door wij lev5 en gewa>word5 laat zi* op twee wijz5 besprek5 ev5als datg5e wa>door wij wet5 7aan de e5e kant wet5s*ap1 aan de &]e de ziel2 want door elk van deze beid5 zegg5 wij te wet572 en ev5ze] is datg5e1 wa>door wij gezond zijn1 aan de e5e kant gezondheid1 aan d5 &]5 e5 deel ( 't geheel van 't li*aam4 ,na>di5 nu de wet5s*ap en de gezondheid vorm en ge/alte en begrip en om zoo te zegg5 w]kelijkheid van het opnem5de is1 de e]/e de w]kelijkheid van het voork5nis-ges*ikte1 de &]e van het op-de-gezondheid-betrekk+hebb5de 7da> namelijk 9 het lijd5de en aang$ane de w]kelijkheid van het w]k5de is7 en de ziel datg5e is wa>door wij lev5 en gewa>word5 en d5k5 9 eig5lijk5 z91 is dus de ziel e5 begrip en ge/alte1 ma> niet /( en sub/raat4 ,da> sub/antie1 zooals wij zeid51 drierlei beteek5t1 e5sdeels vorm1 &]deels /(1 e9delijk beid] sam5/el en hi]van de /( mogelijkheid1 de vorm w]kelijkheid en beid] sam5/el het bezielde is1 is niet het li*aam de w]kelijkheid van de ziel1 ma> deze die van e5 bepaald li*aam4 ,en da>om oordeel5 zij jui/1 die me55 dat de ziel niet zond] li*aam is1 ma> ook ge5 li*aam2 want zij is ge5 li*aam ma> v]bond5 met het li*aam en is da>om 9 e5 li*aam aanwezig en 9 e5 bepaald li*aam1 niet zooals de vroeg]5 ha> 9 e5 li*aam voegd5 zond] nad]e bepal+ 9 welk en ho$anig li*aam1 (s*oon ook volg5s de erv>+ niet iets willekeurigs iets wat dan ook opneemt4 ,zoo is het ook 9 ov]e5/emm+ met het begrip2 want de w]kelijkheid van i$] d+ pleegt te kom5 9 wat de mogelijkheid inh\dt en 9 de bijbehoor5de /(4 ,dat de ziel nu e5 w]kelijkheid is en begrip van datg5e wat de mogelijkheid heeft om het resultaat te zijn1 is hi]uit duidelijk4 #dad a #bi--dae a #ac4 ,de v]mog5s van de ziel van het e5v\dig/e tot het hoog/e--van het vo$+sv]mog5 tot het d5k5--vorm5 e5 reeks1 wa>na> de lev5de wez5s ond]s*eid5 word54 ,de algeme5e def9itie voldoet bij ziel ev5m9 als bij figuur2 de volgorde moet begrep5 en elk zielsv]mog5 afzond]lijk beh&eld word5 en nog 9 't bizond] de d5k5de gee/4 ,van de v]mog5s d] ziel hebb5 sommig5 alle g5oemd5 zooals wij zeid51 &]5 e5ig51 e5ig5 sle*ts n4 ,als v]mog5s noemd5 wij het vo$5de1 het /rev5de1 het gewa>word5de1 het plaatselijk beweg5de1 het d5k5de4 ,de plant5 hebb5 alle5 het vo$+sv]mog51 &]5 dit en het gewa>word+sv]mog54 ,hebb5 zij dit1 dan ook het /reefv]mog52 want /rev5 is bege]te en drang en will5 en alle di]5 hebb5 al?ans n gewa>word+1 d5 ta/z92 voor wat gewa>word+ heeft1 geldt vreugde en sm>t en 't aang5ame en sm>telijke en voor wat die geld51 da>voor geldt ook de bege]te2 want dat is het /rev5 na> 't aang5ame4 ,ook hebb5 zij gewa>word+ van het vo$sel2 want de ta/z9 is de gewa>word+ van het vo$sel2 want alle lev5de wez5s word5 door 't drooge1 natte1 w>me en k\de gevo$ en da>van is de ta/z9 de gewa>word+2 zij betreft de &]e wa>neemba>h$5 bijkom/ig4 ,imm]s tot vo$+ draagt niets bij geluid no* kleur no* reuk en de smaak is iets van de ta/ba>h$54 ,hong] en dor/ is bege]te1 hong] na> 't droge en w>me1 dor/ na> het k\de en natte en de smaak is als iets dat dez5 kruidt4 ,lat] zal dit v]duidelijkt word52 nu bepal5 wij ons hi]toe1 dat de di]5 die ta/z9 hebb5 ook /rev5 bezitt54 ,omtr5t de voor/ell+ is niets uitgemaakt en dat moet lat] nagegaan word54 ,e5ig5 hebb5 bov5di5 de plaatselijke beweg+1 &]5 het d5kv]mog5 en d5 gee/1 als de m5s*5 en wat v]d] zoodanig is ( hoog]4 ,dus is het duidelijk dat er op dezelfde wijze n def9itie van ziel kan zijn als van figuur2 want hi] is ge5 figuur buit5 driehoek enz41 no* dr ziel buit5 de g5oemd54 ,er is ook bij de figur5 e5 geme5s*appelijke def9itie mogelijk1 die op all5 zal pass5 ma> aan ge5 figuur eig5 zal zijn2 ev5zoo bij de gezegde ziel54 ,da>om is het dwaas hi]bij en bij &]e d+5 de geme5s*appelijke def9itie te zoek51 die bij ge5 d] wez5s eig5lijk zal behoor51 no* betrekk+ heeft op het eig5e en v]5kelde soort en die wl zoo is1 da> te lat54 ,bij de figur5 en de ziel is dezelfde v]h\d+2 /e$s is 9 het volg5de 9 mogelijkheid aanwezig het vroeg]e bij de figur5 en bij de bezielde wez5s1 zooals 9 d5 vi]hoek de driehoek1 9 het gewa>word+sv]mog5 het vo$+sv]mog54 ,dus moet m5 afzond]lijk nagaan wat de ziel van elk wez5 is1 b4v4 wat die van e5 plant1 van e5 m5s* ( di] is4 ,en wa>om ze zi* zoo 9 ope5volg+ v]h\d5 moet m5 nagaan4 #dae a4 ,want zond] het vo$+sv]mog5 be/aat het gewa>word+sv]mog5 niet1 ma> van het gewa>word+sv]mog5 is het vo$+sv]mog5 afges*eid5 9 de plant54 ,w$]om is zond] d5 ta/z9 ge5 &]e gewa>word+ aanwezig1 wel ta/z9 zond] de &]52 want vele di]5 hebb5 no* gezi*t no* gehoor no* gewa>word+ van reuk4 ,en van die gewa>word+ bezitt5 hebb5 sommig5 het plaatselijk beweg+sv]mog51 &]5 niet4 ,als laat/e hebb5 het kle9/e aantal begrip en v]/&2 want de e9dige wez5s die begrip bezitt5 hebb5 ook al de ov]ige v]mog5s1 ma> die elk da>van bezitt5 hebb5 niet all5 begrip1 ma> sommig5 niet e5s voor/ell+1 t]wijl &]5 alle5 da>op lev54 ,ov] de bes*\w5de gee/ geldt e5 &]e r$5e]+4 ,het blijkt dus dat de r$5e]+ ov] elk van deze 7v]mog5s7 ook de mee/ geldige omtr5t de ziel is4 #dae a #ad--;b #g4 ,de v]mog5s kom5 na hun w]k+5 en deze na hun uitw]ksel4 ,het e]/e en de grondslag is de vo$+ en voortplant+1 die de b& vormt tuss*5 het e9dige en het eeuwige4 ,het is noodzakelijk wanne] m5 hi]na> ond]zoek doet1 omtr5t elk d] 7v]mog5s7 te bepal5 wat het is en zoo v]d] omtr5t de volg5de en de ov]ige d+5 na te gaan4 ,als m5 moet zegg5 wat elk er van is b4v4 wat het d5k-1 ( gewa>word+s- ( vo$+sv]mog5 is1 moet m5 nog e]d] zegg5 wat het d5k5 ( gewa>word5 is2 want vr de v]mog5s zijn na> het begrip de v]w]kelijk+5 en v]ri*t+54 ,als dat zoo is1 en m5 nog e]d] dan deze de object5 moet nagegaan hebb51 moet m5 e]/ omtr5t dez5 bepal5 om dezelfde r$51 nl4 omtr5t vo$+1 het wa>neemb>e en het d5kb>e4 ,alzoo moet e]/ ov] vo$+ en voortplant+ gesprok5 word51 imm]s de vo$5de ziel bezitt5 ook de &]5 en dit is het e]/e en geme5s*appelijk/e v]mog5 van de ziel1 wa>op bij all5 het lev5 b]u/4 ,de v]ri*t+5 da>van zijn zi* voortplant5 en vo$sel gebruik52 imm]s de natuurlijk/e v]ri*t+ van de lev5de wez5s1 voor zoov] zij voll$ig en niet defekt5 zijn1 ( van zelf ont/aan1 is het mak5 van e5 &] na> zijn eig5 a>d1 e5 di] e5 di]1 e5 plant e5 plant1 opdat zij het eeuwige en goddelijke deel5 na> v]mog52 want da>na> /reeft alles en da>om v]ri*t alles alle h&el+5 volg5s de natuur4 #dae;b4 ,het da>om0 is tweev\dig1 e5sdeels 7de zaak7 wa>om1 &]deels 7de p]soon7 wa>voor #ci4 ,da> het 7enkele7 nu niet het eeuwige en goddelijke onond]brok5 deela*tig kan zijn doordat ge5 e9dig d+ n en hetzelfde kan blijv51 neemt alles er aan deel zooals het kan1 het e5e me] het &]e m9d] en wat blijft is niet het enkele zelf ma> het zoodanige1 niet na> getal ma> na> wez5 n4 #dae b #h--daf a #ah4 ,de ziel is pr9cipe van beweg+1 doel en wez5 van 't lev5de li*aam4 ,op e5 doel wijz5 de organ54 ,v]&]+ en groei en afname betreff5 de ziel3 kritiek van ,emp$ocles' me*anisme4 ,vo$+ is ook niet v]br&+ zond] me]1 want die mi/ de zelfbepal+4 ,de ziel is van het lev5de li*aam oorzaak en pr9cipe woord5 van me] dan n beteek5is2 en ov]e5kom/ig is de ziel oorzaak na> de drie ond]s*eid5 wijz51 want zij is de bron van de beweg+1 en het doel2 en als het wez5 van de bezielde li*am5 is de ziel oorzaak4 ,het laat/e wordt +ezi5 omdat voor alles het wez5 de oorzaak is van het zijn1 en voor de lev5de wez5s het zijn lev5 is en da>van de ziel oorzaak en pr9cipe is4 ,bov5di5 is de w]kelijkheid 7de ziel7 het begrip van wat na> mogelijkheid is4 't ,is duidelijk dat ook als doel de ziel oorzaak is2 want zooals de gee/ om iets h&elt1 op dezelfde wijze ook de natuur en dat is ha> doel4 ,zoodanig iets is bij de lev5de wez5s de ziel1 ook na> de natuur bes*\wd2 want al de natuurlijke li*am5 zijn w]ktuig5 d] ziel1 en zooals bij de di]5 zoo ook bij de plant51 als zijnde t] wille van de ziel4 ,het t]wille van0 is tweev\dig1 e5sdeels de zaak wa>om1 &]deels de p]soon wa>voor4 ,en v]d] is ook de bron van de plaatselijke beweg+ ziel2 ma> niet alle lev5de wez5s bezitt5 dit v]mog54 ,ook v]&]+ en groei betreft de ziel2 imm]s de gewa>word+ is wel e5 zek]e v]&]+ en niets heeft gewa>word+ zond] ziel4 ,ev5zoo /aat het met groei en afname2 imm]s niets neemt af ( groeit van nature zond] vo$+ en niets wordt gevo$ dat niet aan lev5 deel heeft4 ,hi] is ,emp$okles af te keur5 wanne] hij zegt dat door bijvoeg+ de plant5 hun groei krijg51 t]wijl zij na> ond]5 wortel s*iet5 doordat zoo de natuurlijke beweg+ van de a>de is en na> bov5 7klimm57 doordat het vuur die ri*t+ neemt4 #daf;a4 ,want hij spreekt v]ke]d van na> bov5 en na> ond]52 imm]s bov5 en ond] beteek55 niet hetzelfde voor elk d+ als voor het geheel1 ma> als het ho(d van de di]5 zoo v]h\d5 zi* de wortels van de plant51 als m5 de organ5 &]5 ( dezelfde moet noem5 na> hun w]k+4 ,en bov5di51 wat is het dat het vuur en de a>de1 die teg5ge/elde ri*t+5 zoek51 sam5h\dt8 ,want is er niets dat teg5h\dt1 dan zull5 ze uite5g]ukt word52 is er wl iets1 dan is dat de ziel en de oorzaak van het groei5 en de vo$+4 ,sommig5 me55 dat de natuur van het vuur op zi*zelf oorzaak van de vo$+ en de groei is2 imm]s het blijkt het e5ige van de li*am5 ( elem5t5 dat vanzelf gevo$ wordt en groeit en dus z\ m5 ook bij de plant5 en de di]5 da>aan die w]k+ moet5 toes*rijv54 ,e*t] is het wel 9 zek]5 z9 m$eoorzaak1 ma> niet e5v\dig oorzaak1 wat veele] de ziel is2 want de groei van het vuur gaat onbepaald door zoolang er br&/( is1 ma> alle natuurlijk sam5ge/elde li*am5 hebb5 e5 gr5s en bepal+ van grootte en wasdom2 dit zijn d+5 van de ziel ma> niet van vuur en veele] van begrip dan van /(4 #daf a #ai-;b #ca4 ,vo$+ w]k+ van teg5deel5 op elka> ( van gelijk op gelijk8 ,voorond]/elt bezield zijn en is te ond]s*eid5 van wasdom1 ma> leidt tot de voortplant+1 die dus doel is van de e]/e 7e5v\dig/e7 ziel4 ,bij vo$+ is de v]w]k5de w>mte voorond]/eld als de h& bij het /ur54 ,da> hetzelfde v]mog5 van de ziel vo$+s- en voortplant+sv]mog5 is1 is het noodig ook e]/ omtr5t vo$+ te sprek51 want door die v]ri*t+ ond]s*eidt zi* dit v]mog5 van de &]54 ,m5 me5t dat de vo$+ is teg5deel met teg5deel1 ma> niet elk met elk1 ma> die teg5deel5 die niet alle5 ont/aan uit elk&] hebb5 ma> ook wasdom2 imm]s vele d+5 ont/aan uit elka> die niet all5 bepaalde groo!d5 zijn1 zooals het gezonde uit het zieke4 ,ook de bepaalde groo!d5 blijk5 niet ev5ze] voor elk&] vo$+ te zijn1 ma> het wat] wl voor het vuur1 het vuur e*t] vo$t het wat] niet4 ,ond] de enkelv\dige li*am5 nu zijn deze 7teg5deel57 wel e5]zijds vo$+1 &]zijds wat gevo$ wordt4 ,de moeilijkheid doet zi* voor dat volg5s de e55 het gelijke door het gelijke gevo$ wordt alsook groeit1 de &]5 d5k51 zooals gezegd is1 omgeke]d het teg5deel door het teg5deel1 da> het gelijke ge5 w]k+ ond]v9dt van het gelijke en het vo$sel v]&]t en v]te]d wordt3 en de v]&]+ gaat bij alles na> het teg5ge/elde ( het midd5 7neutrale74 #daf;b4 ,v]d] ond]v9dt het vo$sel w]k+ van wat gevo$ wordt1 ma> niet omgeke]d1 ev5als de timm]man niet van de /( ma> de /( van hem1 en de timm]man v]&]t alle5 van ru/ tot b$rijvigheid4 ,ma> ( het vo$sel het laat/ bijkom5de is ( het e]/e1 dat maakt ond]s*eid4 ,zoo beide1 ma> het e]/ bijkom5de als onv]te]d1 het laat/e als v]te]d1 dan kan m5 9 beid]lei z9 ov] het vo$sel sprek52 9 zoov] het onv]te]d is1 wordt het teg5deel door het teg5deel gevo$1 9 zoov] het v]te]d is1 het gelijke door het gelijke4 ,dus blijkt dat beid5 9 zek] opzi*t jui/ en niet jui/ sprek54 ,da> niets zi* vo$t dat ge5 deel heeft aan lev51 is het bezielde li*aam als zoodanig hetge5 gevo$ wordt en het vo$sel heeft niet sle*ts e5 bijkom/ige betrekk+ tot het bezielde4 ,het begrip van vo$+ en bew]k+ van groei is niet hetzelfde2 9 zoov] n4l4 het bezielde e5 groo!id is1 geldt bew]k+ van groei1 inzoov] het e5 bepaald iets en wez5 is1 vo$+2 want deze h&haaft het wez5 en iets be/aat zoolang het gevo$ wordt en de vo$+ v]oorzaakt de word+1 niet van hetge5 gevo$ wordt1 ma> van zijnsgelijke2 want zijn wez5 be/aat re$s en niets v]wekt zi*zelf ma> h&haaft zi*4 ,dus is het zoodanige zielspr9cipe het v]mog5 dat d5 bezitt] h&haaft 9 zijn wez5 en het vo$sel br5gt dat v]mog5 tot b$rijvigheid4 ,da>om is zond] vo$sel ge5 be/aan mogelijk4 ,als wij drie ond]s*eid51 wat gevo$ wordt1 wa>door het gevo$ wordt en het vo$5de1 is het vo$5de de e]/e ziel1 wat gevo$ wordt het deze bezitt5de li*aam1 wa>door het gevo$ wordt het vo$sel4 ,da> m5 na> het doel alles behoort te noem5 en het doel is de v]wekk+ van zijnsgelijke1 is de e]/e ziel datg5e wat het zijnsgelijke v]wekk5 kan4 ,wa>door het gevo$ wordt0 is tweev\dig1 ev5als wa>door m5 /uurt1 en de h& en het ro]1 het e5e beweg5de en bewog5 word5de1 het &]e alle5 bewog5 word5de4 ,alle vo$sel nu moet noodzakelijk v]te]d kunn5 word51 en het is de w>mte die de v]t]+ bew]kt2 da>om heeft elk bezield wez5 w>mte4 ,9 omtrek nu is hi]m$e gezegd wat vo$+ is1 uitvo]ig] moet lat] de zaak v]duidelijkt word5 9 de da>ov] h&el5de ges*rift5 #dj4 #daf b #cb--dah a #f4 ,van vo$+ tot gewa>word+ kom5de1 e]/ ov] deze 9 't algeme5 als e5 v]&]+4 ,hi]bij dezelfde vraag als bij de vo$+ en voorts wa>om zij niet inw5dig w]kt ma> object5 v]eis*t4 ,zij is alle5 na> mogelijkheid4 ,ond]s*eid+5 9 de mogelijkheid1 bij do5 en lijd5 ( v]&]5--v]&]5 tot v]nietig+ ( tot v]wez5lijk+4 ,dit ond]s*eid is niet met e5 woord te noem54 ,de gewa>word+ betreft het enkele1 &]s dan de k5nis die het algeme5e betreft2 dit laat/e is 9 de ziel1 het e]/e is van buit54 ,de v]h\d+ van z9tuig en wa>neemba>heid als tuss*5 mogelijkheid en w]kzaamheid lo/ ook de e]/e vraag na> 't gelijke ( 't ongelijke op4 ,na deze uite5zett+ will5 wij ov] alle wa>nem+ 9 't algeme5 sprek54 ,de gewa>word+ gaat door 't bewog5 word5 en lijd51 zooals gezegd is2 want zij is e5 zek]e v]&]+4 ,ma> sommig5 zegg5 dat ook het gelijke van het gelijke inw]k+ lijdt2 hoe dit mogelijk ( onmogelijk is hebb5 wij 9 de algeme5e besprek+5 omtr5t 't do5 en lijd5 #da gezegd4 ,er doet zi* e5 moeilijkheid voor1 wa>om er ook van de gewa>word+5 zelf ge5 gewa>word+ is en wa>om 7de z9tuig57 zond] de d+5 van buit5 ge5 gewa>word+ tot /& br5g51 t]wijl ze vuur1 a>de en de &]e elem5t5 inh\d51 wa>op de gewa>word+ zi* ri*t1 op h5 zelf ( op hun bijkom/igh$54 ,het is dus duidelijk dat het z9tuig niet 9 b$rijvigheid is1 ma> sle*ts 9 mogelijkheid4 ,dus is het er m$e zoo1 gelijk het br&b>e niet br&t op zi* zelf zond] het v]br&5de2 &]s z\ het zi*zelf v]br&5 en niet het vuur 9 w]kelijkheid noodig hebb54 ,da> wij op tweerlei wijze sprek5 van gewa>word5 7want wij zegg5 dat hetge5 na> mogelijkheid hoort en ziet1 hoort en ziet1 ook als het slaapt1 ev5als hetge5 nu b$rijvig is71 spreekt m5 ook op tweerlei wijze van de gewa>word+1 e5]zijds als na> v]mog51 &]zijds als 9 b$rijvigheid en ev5ze] van het gewa>word51 na> v]mog5 en 9 w]kzaamheid4 ,lat5 wij nu e]/ sprek5 als( het inw]k+ lijd5 en het bewog5 word5 en het w]kzaam zijn hetzelfde is2 want de beweg+ is e5 zek]e w]kzaamheid1 die e*t] onvoltooid is #db1 zooals eld]s gezegd is4 ,alles lijdt inw]k+ en wordt bewog5 door het bew]k5de en 9 w]kzaamheid zijnde2 da>om laat zi* zegg5 dat het inw]k+ lijdt van het gelijke alsook van het ongelijke1 zooals wij zeid52 want de inw]k+ lijdt het ongelijke1 ma> die gel$5 hebb5de is het gelijk4 ,ook moet5 wij ond]s*eid+ mak5 omtr5t v]mog5 en w]kelijkheid2 nu imm]s sprek5 wij er zond] ond]s*eid ov]4 ,er is iets kundig op die wijze1 zooals wij e5 m5s* kundig noem5 omdat de m5s* behoort tot de kundig5 en de k5nis hebb5d52 ook op die wijze1 zooals wij kundig noem5 hem die de spraakle] k5t2 i$] van deze beid5 bezit het v]mog5 niet op dezelfde wijze1 ma> de e5 omdat zijn soort en /( dusdanig is1 de &]e omdat hij1 als hij wil 9 /aat is tot k5nisuitoef5+1 als niets van buit5 het belet2 die nu aan de uitoef5+ is1 is kundig 9 w]kelijkheid en 9 eig5lijk5 z9 k5n5de deze ,a4 ,de beide e]/5 nu zijn na> mogelijkheid kundig1 ma> de e5 is v]&]d door le]+ en miss*i5 uit de teg5ge/elde toe/& omgeslag51 ma> &]s die uit het bezitt5 van de gewa>word+ ( de spraakle] zond] uitoef5+ tot het uitoef55 ov]gaat4 #dag;b4 ,ook het inw]k+ ond]gaan is niet e5v\dig1 ma> het e5e is e5 zek]e v]nietig+ door zijn teg5deel1 het &]e veele] e5 be/5dig+ van het 9 mogelijkheid zijnde door het 9 w]kelijkheid zijnde en dat zoo eraan gelijk is als mogelijkheid zi* v]h\dt tot w]kelijkheid2 want dat wat de kunde heeft wordt k5nisnem5d1 wat f ge5 v]&]+ is 7imm]s de to5ame is tot eig5 vole9d+ en tot w]kelijkheid7 f e5 &] soort van v]&]+4 ,da>om moet m5 niet zegg5 dat het d5k5de 9 het d5k5 v]&]t ev5m9 als de b\wmee/] wanne] hij b\wt4 ,wat nu tot w]kelijkheid vo]t uit hetge5 9 mogelijkheid is moet betreff5de het d5k5 en beseff5 niet le]+ heet5 ma> &]s2 ma> wat uit d5 /aat van mogelijkheid le]t en k5nis krijgt door wat 9 w]kelijkheid en ond]wijz5d is1 da>van moet m5 niet zegg5 dat het lijdt ( twee wijz5 aannem5 van v]&]+1 de v]&]+ tot de ont/5t5is en die tot de ge/eldheid en wez5lijkheid4 ,voor het gewa>word+sv]mog5 is de e]/e v]&]+ door het v]wekk5de1 wanne] het v]wekt is1 v]h\dt het zi* re$s als kunde en het gewa>word5 #dc4 ,en het gewa>word5 9 b$rijvigheid wordt gezegd ev5als het k5nisnem51 ma> het v]s*ilt doordat bij het gewa>word5 de oorzak5 van de b$rijvigheid van buit5 kom51 het zi*tb>e en het hoorb>e1 en ev5e5s de ov]ige wa>neemba>h$54 ,de oorzaak hi]van is dat de gewa>word+ 9 w]kzaamheid de enkele d+5 betreft1 de kunde de algeme5h$52 deze laat/5 zijn op zek]e wijze 9 de ziel zelf4 ,da>om /aat het d5k5 9 eig5 ma*t wanne] m5 wil1 gewa>word5 niet 9 eig5 ma*t2 imm]s het is noodig dat het wa>neemb>e aanwezig is4 ,hetzelfde is het geval met de wet5s*app5 betreff5de de wa>neemba>h$5 en door dezelfde oorzaak1 omdat de wa>neemba>h$5 zijn de enkele d+5 van buit54 ,ma> hi]ov] hebb5 wij lat] geleg5heid tot duidelijk] uite5zett+4 ,nu gelde deze bepal+ dat hetge5 als 9 mogelijkheid g5oemd wordt niet enkelv\dig is1 ma> e5]zijds zooals m5 zegt dat het k9d veldhe] kan zijn1 &]zijds zooals m5 het van hem1 die de militaire leeftijd heeft zegt en dat zoo zi* ook het gewa>word+sv]mog5 v]h\dt4 #dah;a4 ,da> het ond]s*eid hi]van ge5 naam heeft1 ma> het als ond]s*eid en als welk ond]s*eid bepaald is1 moet m5 noodzakelijk het lijd5 en v]&]5 als de geldige b5am+5 gebruik54 ,het gewa>word+sv]mog5 is 9 mogelijkheid zooals het wa>neemb>e re$s 9 w]kelijkheid is1 gelijk gezegd is4 ,het ond]gaat inw]k+ als het niet gelijke1 ma> na de inw]k+ is het gelijk gemaakt en is zooals het &]e4 #dah a #g--;a #be4 ,wa>neemba>heid3 algeme5e1 eig5e1 bijkom/ige4 ,de eig5e zijn de eig5lijke1 wa>na> het wez5 van de gewa>word+ bepaald is4 #f4 ,bij elke gewa>word+ moet5 wij ov] het wa>neemb>e e]/ sprek54 ,van het wa>neemb>e spreekt m5 9 drierlei z92 hi]bij neemt m5 twee d+5 eig5lijk wa>1 n bijkom/iglijk4 ,van de twee is het e5e eig5 aan elke gewa>word+1 het &]e geme5s*appelijk aan all54 ,eig5 noem ik dat1 wat m5 met e5 &]e gewa>word+ niet kan wa>nem5 en wa>omtr5t m5 zi* niet kan v]giss51 als het gezi*t teg5ov] de kleur1 het gehoor teg5ov] het geluid en de smaakz9 teg5ov] de smaak4 ,de ta/z9 laat me]d]e ond]s*eid+5 geld52 to* oordeelt elke 7z97 ov] dze d+5 en v]gi/ zi* niet dat er kleur ( geluid is1 ma> wat het gekleurde is ( wa>1 ( wat het geluidgev5de is ( wa>4 ,d]gelijke d+5 nu zijn eig5 aan elke 7z971 geme5s*appelijk zijn beweg+1 ru/1 getal1 vorm en grootte2 want d]gelijke zijn aan ge5 z9 eig51 ma> geme5s*appelijk aan all54 ,imm]s voor d5 ta/z9 is e5 zek]e beweg+ wa>neemba> en voor het gezi*t4 ,van bijkom/iglijk wa>neemba> spreekt m5 b4v4 wanne] het witte de zoon van ,di>es is2 want dat neemt m5 bijkom/iglijk wa>1 omdat het witte dit als bijkom/igheid heeft1 wat m5 wa>neemt4 ,da>om ond]v9dt m5 9 zoov]re ge5 inw]k+ van het wa>neemb>e4 ,van de eig5lijke wa>neemba>h$5 zijn de eig5e de wa>neemba>h$5 9 w>5 z9 en die1 wa>op elke gewa>word+ 9 ha> wez5 betrekk+ heeft4 #dah a #bf--dai b #c4 ,zi*tba>heid3 kleur en iets nameloos4 ,kleur en li*t4 ,li*t w]kzaamheid van het doors*ijn5de 7ae!r74 ,kritiek op ,emp$ocles' beweg+ van het li*t4 ,phos=esc5tie4 ,kleur is de inw]k+ op het actueel doors*ijn5de d4i4 op het li*t als midd5/(4 ,kritiek op ,demokritos4 ,de midd5/( is ook v]eis*t bij geluid en reuk1 s*ijnba> niet bij ta/z9 en smaak4 ,bij reuk iets dat wat] en lu*t geme5 hebb54 ,het is het zi*tb>e1 wa>op het gezi*t betrekk+ heeft4 ,het zi*tb>e is kleur en wat door e5 oms*rijv+ is te zegg5 ma> ge5 naam heeft2 9 het v]volg zal wel blijk5 wat wij b$oel54 ,het zi*tb>e dan is de kleur4 ,dat is wat behoort bij het zelf/&ig zi*tb>e2 zelf/&ig niet na> 't begrip #dd1 ma> omdat het 9 zi*zelf de oorzaak heeft van zijn zi*tba>heid4 ,alle kleur beweegt hetge5 9 w]kelijkheid doors*ijn5d is en dat is ha> wez54 #dah;b4 ,da>om is zij niet zi*tba> zond] li*t ma> wordt alle kleur van alles 9 li*t gezi54 ,da>om moet5 wij e]/ ov] het wez5 van het li*t sprek54 ,er is dan iets doors*ijn5ds4 ,doors*ijn5d noem ik wat wel zi*tba> is1 ma> niet zelf/&ig zi*tba> e5v\dig gezegd1 ma> door vreemde kleur4 ,zoodanig is lu*t en wat] en vele va/e li*am52 want niet als wat] ( lu*t zijn zij doors*ijn5d1 ma> omdat dezelfde natuur 9 deze beid5 aanwezig is als 9 het eeuwige bov5a>ds*e li*aam #de4 ,li*t is de w]kzaamheid da>van1 van het doors*ijn5de als zoodanig4 ,wa>9 dit 9 mogelijkheid is1 is ook de dui/]nis #df4 ,het li*t is als de kleur van het doors*ijn5de1 wanne] het 9 w]kelijkheid doors*ijn5d is door vuur ( iets zoodanigs als het bov5a>ds*e li*aam2 want ook dit heeft iets dat e5 en hetzelfde is4 ,dus1 wat het doors*ijn5de en wat het li*t is1 is gezegd1 dat het no* vuur no* 9 't geheel e5 li*aam1 no* e5 uitvloei+ van e5ig li*aam is 7want 9 dat geval z\ het ok e5 zek] li*aam zijn71 ma> de aanwezigheid van vuur ( iets zoodanigs 9 het doors*ijn5de2 imm]s het is niet mogelijk dat twee li*am5 tegelijk 9 dezelfde ruimte zijn4 ,en het li*t is het teg5deel van de dui/]nis2 de dui/]nis is de ont/5t5is van dusdanige gea>dheid bij het doors*ijn5de1 dus is blijkba> ook de aanwezigheid er van het li*t4 ,emp$ocles en wie v]d] zoo gezegd heeft le]t niet jui/ dat het li*t zi* beweegt en te e5ig] tijd tuss*5 de a>de en 't hemelruim komt1 buit5 onze wa>nem+2 want dat /rijdt met de kla>heid van het begrip en met de v]s*ijnsel52 want 9 e5 kle9e ruimte z\ het aan de wa>nem+ kunn5 ontgaan2 ma> voor de af/& van zonsopgang tot zonsond]gang is die eis* te kras4 ,wat kleur aanneemt is het ongekleurde1 voor 't geluid het geluidlooze4 ,kleurloos is het doors*ijn5de en het onzi*tb>e ( nauwlijks zi*tb>e1 zooals zal zijn het dui/]e4 ,zoodanig is het doors*ijn5de1 ma> niet wanne] het 9 w]kelijkheid ma> wanne] het 9 mogelijkheid doors*ijn5d is2 want 't zelfde wez5 is nu dui/]nis1 dan li*t4 #dai;a4 ,niet alle d+5 zijn zi*tba> 9 't li*t1 ma> alle5 de eig5 kleur van alles2 imm]s e5ige d+5 word5 niet gezi5 9 't li*t1 ma> lat5 zi* wa>nem5 9 de dui/]nis1 zooals de vuura*tige en /ral5de v]s*ijnsel5 7die gezam5lijk ge5 naam hebb57 als padde/oel51 hoorn1 vis*kopp51 s*ubb5 en oog52 ma> van niets da>van ziet m5 de eig5 kleur4 ,door welke oorzaak nu deze d+5 gezi5 word5 blijft hi] onbesprok52 nu blijkt zooveel dat wat 9 't li*t gezi5 wordt1 kleur is2 da>om ook wordt die niet gezi5 zond] li*t2 want dat 0 het wez5 van de kleur dat zij bew]kt het 9 w]kzaamheid doors*ijn5de en de w]kelijkheid van het doors*ijn5de is het li*t4 ,e5 duidelijk teek5 hi]van is dat1 als m5 het gekleurde op het oog zelf h\dt1 m5 het niet zal zi51 ma> de kleur bew]kt het doors*ijn5de b4v4 de lu*t en da>door als sam5hang5d geheel wordt op het z9tuig +ew]kt4 ,want hi]9 v]gi/ ,demokritos zi* als hij me5t dat1 wanne] de tuss*5ruimte l$ig 01 ook e5 mi] 9 d5 hemel duidelijk z\ gezi5 word52 want dat is onmogelijk4 ,imm]s het zi5 ges*i$t doordat de z9 iets ond]gaat1 dit kan niet gebeur5 door de kleur zelf die gezi5 wordt2 dus blijft er ov] dat het door de midd5/( gebeurt1 zoodat er noodzakelijk e5 midd5/( moet zijn1 ma> wanne] de ruimte l$ig is1 zal er niet alle5 niet duidelijk1 ma> 9 't geheel niets gezi5 word54 ,wa>om het nu noodzakelijk is dat de kleur 9 't li*t gezi5 wordt1 is gezegd4 ,vuur wordt 9 beid51 9 dui/]nis en 9 li*t1 gezi5 ev5e5s met noodzakelijkheid2 want het doors*ijn5de wordt da>door doors*ijn5d4 ,dezelfde r$5e]+ geldt voor geluid en reuk2 want niets da>van v]wekt de gewa>word+ wanne] het het z9tuig aanraakt1 ma> door reuk en geluid wordt de midd5/( bew]kt en da>door elk van beide z9tuig51 ma> wanne] m5 het geluidgev5de ( riek5de op het z9tuig zelf plaat/1 v]wekt het ge5 gewa>word+4 ,met ta/z9 en smaak /aat het ev5zoo1 (s*oon het niet zoo s*ijnt2 lat] zal blijk5 wa>door4 ,de midd5/( voor geluid5 is de lu*t1 voor reuk heeft zij ge5 naam2 want zooals het doors*ijn5de voor kleur1 zoo is het voor wat zi* laat ruik5 e5 geme5s*appelijk iets bij lu*t en wat]1 dat 9 deze beide aanwezig is2 imm]s ook de wat]di]5 blijk5 reukgewa>word+ te bezitt54 ,ma> de m5s* en de ademhal5de l&di]5 kunn5 niet ruik5 zond] ademhal54 #dai;b4 ,de oorzaak ook hi]van zal lat] besprok5 word54 #dai b #d--dba a #f4 ,geluid1 gehoor en /em 7bezield geluid74 ,beteek5is van hoog en laag4 ,nu will5 wij e]/ ov] geluid en gehoor h&el54 ,geluid is tweev\dig1 e5sdeels geluid 9 w]kzaamheid1 &]deels 9 mogelijkheid2 want sommige d+5 noem5 wij geluidloos1 als spons1 wol1 &]e niet geluidloos b4v4 kop] en al wat va/ en glad is1 omdat het het v]mog5 heeft geluid te gev54 ,dat is tuss*5 zi* en het gehoor e5 geluid 9 w]kzaamheid te mak54 ,het geluid 9 w]kzaamheid gebeurt /e$s van iets teg5 iets en 9 iets2 want het is de slag die 't geluid maakt en da>om is 't ook onmogelijk dat er geluid ont/aat wanne] er ma> n d+ is2 imm]s hetge5 slaat is iets &]s dan wat geslag5 wordt2 dus wat geluid geeft doet dat teg5 iets 7sla&e7 en 't slaan is niet zond] beweg+4 ,zooals wij zeid5 ont/aat geluid niet door d5 slag van willekeurige d+52 imm]s wol die geslag5 wordt maakt ge5 geluid1 ma> wel kop] en al wat glad en hol is2 kop] omdat het glad is2 het holle maakt door de t]ugkaats+ vele slag5 na de e]/e1 da> datg5e wat bewog5 wordt er niet kan uitgaan4 ,ook hoort m5 9 lu*t en wat]1 ma> m9d]4 ,niet van de lu*t ( het wat] hangt het geluid af1 ma> er moet e5 slag van va/e li*am5 zijn teg5 elka> en teg5 de lu*t en dit gebeurt1 wanne] de lu*t die geslag5 wordt /&h\dt en niet v]vloeit4 ,da>om1 wanne] de lu*t snel en h>d wordt geslag51 geeft zij geluid2 want de beweg+ van het zweep5 moet de brek+ van de lu*t voorkom51 zooals wanne] m5 e5 hoop ( kr+ van dw>rel5d z& z\ slaan1 die 9 snelle beweg+ is4 ,we]klank ont/aat1 wanne] van de lu*t die bije5geh\d5 wordt doordat het vat ha> afs*eidt en v]h9d]t gebrok5 te word51 de lu*t t]ugge/oot5 wordt als e5 bal4 ,het lijkt dat er altijd we]klank is1 ma> niet duidelijk2 imm]s het gaat met het geluid als met het li*t2 want ook het li*t wordt altijd we]kaat/--&]s z\ er niet ov]al li*t zijn1 ma> dui/]nis buit5 wat de zon bes*ijnt--ma> het wordt niet z we]kaat/ als van wat] ( kop] ( iets &]s glads1 dat het s*aduw maakt1 wa>door wij het li*t ond]s*eid54 ,t]e*t a*t m5 het l$ige datg5e1 wa>van het hoor5 afhangt4 ,imm]s de lu*t is wel het l$ige en die maakt dat m5 hoort1 wanne] zij als n en sam5hang5d bewog5 wordt4 ,ma> doordat zij ijl is1 kl9kt zij niet wanne] het geslag5e niet glad is4 ,9 dat geval wordt zij n en 9 sam5hang #dg door het opp]vlak2 want het opp]vlak van het gladde is n4 ,geluidgev5d nu is wat de aane5geslot5 lu*te5heid tot aan 't gehoor beweegt4 ,het gehoor is van nature v]bond5 met de lu*t2 doordat het 9 de lu*t is1 wordt bij beweg+ van de buit5lu*t de lu*t er 9 bewog54 ,da>om heeft het lev5d wez5 niet ov]al gehoor no* dr+t de lu*t ov]al door2 imm]s het deel dat bewog5 moet word5 en bezield is heeft niet ov]al lu*t4 ,de lu*t zelf nu is zond] geluid door ha> onva/heid2 ma> wanne] zij v]h9d]d wordt te brek5 dan is ha> beweg+ geluid4 ,de lu*t 9 de oor5 is +eb\wd met 't oog op onbewegelijkheid1 opdat m5 nauwkeurig al de ond]s*eid+5 d] beweg+ zal wa>nem54 ,da>om hoor5 wij ook 9 wat]1 omdat het niet indr+t tot de met 't gehoor v]bond5 lu*t zelf1 zelfs niet 9 de oor5 door de w9d+54 ,wanne] dit gebeurt1 hoort m5 niet1 en ook niet wanne] het trommelvlies aang$aan is zooals de m5braan van de pupil4 ,ma> jui/ e5 teek5 van het wel ( niet hoor5 is dat altijd het oor ruis*t als de hoorn2 want /e$s heeft de lu*t 9 de oor5 e5 eig5 beweg+2 ma> het geluid is vreemd en niet eig54 ,en da>om zegt m5 dat m5 hoort met het l$ige en ruis*5de1 omdat wij hoor5 met wat begr5sde lu*t heeft4 ,is hetge5 geslag5 wordt ( het sla&e wat kl9kt8 ,veele] beid51 ma> op v]s*ill5de wijze2 want het geluid is de beweg+ van wat kan bewog5 word5 op die wijze als hetge5 van de gladde opp]vlakk5 afge/oot5 wordt1 wanne] m5 ze aan/oot4 ,niet dus alles1 zooals gezegd is1 kl9kt wanne] het geslag5 wordt en slaat b4v4 wanne] iem& e5 naald met e5 naald treft2 ma> wat geslag5 wordt moet eff5 zijn1 zoodat de lu*t v]e5igd afge/oot5 wordt en trilt4 ,de ond]s*eid+5 d] geluidgev5de d+5 kom5 uit 9 het geluid 9 w]kzaamheid2 want zooals zond] li*t de kleur5 niet gezi5 word51 zoo blijkt ook zond] geluid het hooge en 't lage niet #dh4 ,deze b5am+5 zijn ov]gebra*t van de ta/ba>h$52 imm]s het s*]pe treft de wa>nem+ 9 we9ig tijd diep1 het zw>e 9 veel tijd we9ig diep4 ,nu is niet het s*]pe snel1 het zw>e traag1 ma> van het e]/e wordt de beweg+ door de snelheid zoodanig1 van het twe$e door de traagheid4 #dbj;b4 ,en er s*ijnt ov]e5kom/ te be/aan met het s*]pe en /ompe bij d5 ta/z92 want het s*]pe /eekt1 om zoo te zegg51 't /ompe /oot1 doordat het e5e 9 we9ig tijd beweegt1 het &]e 9 veel tijd1 zoodat bijkom/iglijk 't e5e snel1 't &]e traag is4 ,dit zij nu omtr5t geluid va/ge/eld4 ,de /em is e5 bepaald geluid van het bezielde2 want van het onbezielde heeft niets e5 /em1 ma> m5 spreekt 9 beeld van de /em van fluit b4v4 en li] en de &]e onbezielde d+5 die volume1 toon en voordra*t hebb52 want het lijkt dat ook de /em die heeft4 ,vele di]5 hebb5 ge5 /em1 zooals de blo$elooze en van die blo$ hebb5 de viss*54 ,dit heeft ook zijn grond1 da> imm]s het geluid e5 bepaalde beweg+ van de lu*t is4 ,ma> die na> m5 zegt /em hebb51 zooals de viss*5 9 d5 ,a*elos1 mak5 geluid met hun kieuw5 ( iets &]s zoodanigs4 ,/em is het geluid van e5 di]1 niet elk #di en niet met e5 willekeurig li*aamsdeel4 ,ma> da> alle geluid ont/aat doordat iets slaat teg5 iets en 9 iets en dat is de lu*t1 kan met r$5 alle5 datg5e /em uitt5 dat de lu*t opneemt4 ,imm]s de lu*t bij de ademhal+ gebruikt de natuur op dit punt voor twee v]ri*t+51 ev5als de tong voor d5 smaak en het sprek51 van welke de smaak is iets noodzakelijks1 7die da>om ook bij me]d]5 aanwezig is7 t]wijl de spraak voor het hoog]e is4 ,zoo gebruikt zij ook de adem voor de inw5dige w>mte als iets noodzakelijks 7de oorzaak zal eld]s t] sprake kom57 en voor de /em opdat het hoog]e aanwezig zij4 ,het orgaan voor de ademhal+ is de lu*tpijp2 wa>voor dit li*aamsdeel ook is1 dat is de long1 want 9 dit li*aamsdeel hebb5 de l&di]5 het mee/e w>mte van all54 ,ook de h>t/reek heeft 9 de e]/e plaats de ademhal+ noodig4 ,da>om is het noodzakelijk dat door de inadem+ de lu*t b9n5 komt4 ,dus is de /oot van de +eademde lu*t bew]kt door de ziel 9 die deel5 teg5 de zoog5aamde lu*tpijp1 de /em4 ,want zooals wij zeid5 is niet i$] geluid van e5 di] /em 7want m5 kan met de tong geluid mak5 en zooals bij hoe/571 ma> het /oot5de moet bezield zijn en v]gezeld zijn van e5ige voor/ell+1 want de /em is e5 geluid met beteek5is2 en de /em is niet 't geluid van de +eademde lu*t1 zooals de hoe/1 ma> da>m$e /oot m5 de lu*t 9 de lu*tpijp teg5 deze4 #dba;a4 ,e5 bewijs is dat m5 ge5 /em kan uit5 bij 9- ( uitadem+1 ma> als m5 d5 adem inh\dt2 want da>door v]oorzaakt die d5 adem inh\dt de beweg+4 ,ook blijkt wa>door de viss*5 /om zijn1 doordat zij nl4 ge5 lu*tpijp hebb54 ,dat li*aamsdeel miss5 zij omdat zij de lu*t niet opnem5 no* inadem54 ,de r$5 nu wa>om dit zoo is1 behoort 9 e5 &]e beh&el+4 #dba a #g--dbb a #g4 ,de reuk1 ov]e5kom/ met de smaak4 ,ond]s*eid+51 ,midd5/(1 ,bizond]heid bij de m5s*elijke reukgewa>word+4 ,de reuk betreft het droge4 ,ov] d5 reuk en het ruikb>e is de bepal+ m9d] gemakkelijk dan bij het beh&elde2 want de a>d van de reuk is niet zoo duidelijk als het geluid ( de kleur1 de oorzaak is dat wij deze gewa>word+ niet nauwkeurig bezitt5 ma> m9d] dan vele di]52 want de m5s* ruikt sle*t en heeft ge5 reukgewa>word+ zond] gevoel van afke] ( g5ot1 da> blijkba> het z9tuig niet nauwkeurig is4 ,het is aannemelijk dat op deze wijze ook de />oogig5 de kleur5 gewa>word5 en de ond]s*eid5 d] kleur5 h5 alle5 blijk5 doordat zij al ( niet vrees v]wekk52 zoo neemt ook het m5s*elijk gesla*t de reuk5 wa>4 ,want de reuk s*ijnt ov]e5kom/ te hebb5 met de smaak en de soort5 van de smak5 met die van de reuk1 ma> wij hebb5 nauwkeurig5 smaak omdat deze e5 soort ta/z9 is en de m5s* die gewa>word+ 't nauwkeurig/ heeft2 want 9 de &]e gewa>word+5 blijft de m5s* bij vel5 van de di]5 a*t]1 ma> 9 d5 ta/z9 bezit hij de &]e v] ov]treff5de nauwkeurigheid4 ,da>om is hij ook het v]/&ig/e d] lev5de wez5s4 ,e5 bewijs is dat ook ond] het m5s*elijk gesla*t het ond]s*eid van aanleg van dat z9tuig afhangt en van niets &]s2 want de h>dvleezig5 zijn sle*t van aanleg voor 't d5k51 de za*tvleezig5 go$4 ,zooals bij smak5 de e5e zoet1 de &]e bitt] is1 zoo ook bij de reuk54 ,ma> sommige d+5 hebb5 ov]e5kom/ig5 reuk en smaak b4v4 zoete reuk en zoete smaak1 &]e omgeke]d4 ,ev5e5s is er bitt]e1 wrange1 zure en zoete reuk2 ma>1 gelijk wij zeid51 doordat de reuk5 9 hun ond]s*eid niet ze] duidelijk zijn1 zooals de smak51 hebb5 zij da>aan hun nam5 ontle5d na> de gelijksoortigheid d] zak52 nl4 de zoete van saffraan en honig1 de bitt]e van ?ym en d]gelijke en zoo de &]54 #dba;b4 ,ev5als bij het gehoor en i$]e gewa>word+1 deze het hoorb>e betreft en het onhoorb>e1 g5e het zi*tb>e en het onzi*tb>e1 zoo betreft de reuk het reukb>e en onreukb>e4 ,het onreukb>e is deels gezegd van wat 9 't geheel ge5 reuk kan hebb51 deels van wat we9ig ( sle*te reuk heeft4 ,ev5zoo spreekt m5 ook van wat ge5 smaak heeft4 ,ook de reuk gaat door e5 midd5/( als lu*t ( wat]2 want ook de wat]di]5 blijk5 reukgewa>word+5 te hebb51 de blo$ige ev5als de blo$elooze1 zooals ook de di]5 9 de lu*t2 want e5ig5 van dez5 kom5 van v]re op het vo$sel af wa>van zij de reuk krijg54 ,da>om doet zi* e5 moeilijkheid voor dat1 t]wijl alles gelijkelijk ruikt1 de m5s* wl bij inadem+1 ma> niet wanne] hij uitademt ( zijn adem inh\dt1 no* van v]re no* van di*tbij1 zelfs niet wanne] het voorw]p b9n5 op het neusgat wordt geplaat/4 ,en dat hetge5 op het z9tuig zelf geplaat/ wordt onwa>neemba> wordt is aan alle z9tuig5 geme51 ma> dat zond] inadem+ ge5 7reuk7wa>nem+ plaats v9dt is e5 bizond]heid bij de m5s*51 die bij proefnem+ blijkt2 dus z\d5 de blo$elooze di]51 da> zij niet inadem51 e5ige &]e gewa>word+ bezitt5 naa/ de bek5d54 ,dit is e*t] onmogelijk1 da> zij imm]s de reuk wa>nem51 want de wa>nem+ van het riek5de1 het wel- ( kwalijk riek5de1 is de reuk4 ,ook blijk5 zij v]nietigd te word5 door dezelfde /]ke reuk5 als de m5s*1 zooals van asphalt1 zwavel en d]gelijke4 ,ruik5 dus is noodzakelijk1 ma> niet met inadem54 ,het lijkt dat dit z9tuig bij de m5s*5 teg5ov] dat van de &]e di]5 v]s*ilt zooals de oog5 teg5ov] die d] />oogig52 want de oog5 van d5 m5s* hebb5 als e5 s*ut ( hulsel de oogl$51 die m5 moet beweg5 en optrekk5 om te zi52 de />oogig5 hebb5 niets zoodanigs1 ma> zi5 onmiddellijk wat zi* 9 het doors*ijn5de bev9dt3 zoo lijkt ook het reukz9tuig bij d5 e55 onb$ekt te zijn als 't oog1 en bij h5 die de lu*t opnem5 e5 b$eksel te hebb5 dat bij inadem5 op5gaat t]wijl de ad]5 en porien zi* v]wijd54 #dbb;a4 ,en da>om ruik5 de inadem5de di]5 niet 9 het wat]1 want zij moet5 door inadem5 ruik5 en dat is onmogelijk 9 het wat]4 ,de reuk betreft het droge1 zooals de smaak het vo*tige2 het reukz9tuig is na> mogelijkheid zoodanig #ej4 #dbb a #h--;b #af4 ,smaak4 ,ge5 midd5/(1 als bij d5 ta/z94 ,betreft het vo*tige4 ,ond]s*eid+5 van smak54 ,het voorw]p van de smaak is iets ta/ba>s en dat is de oorzaak wa>om het niet wa>neemba> is door het midd51 dat e5 vreemd li*aam is2 imm]s hetzelfde geldt van d5 ta/z94 ,en het li*aam wa>9 de smaak is1 het proefb>e1 is 9 't vo*tige als zijn mat]ie en dat is iets ta/ba>s4 ,da>om ook indi5 we 9 't wat] w>5 z\d5 wij het da>9 geworp5 zoete wa>nem52 ma> dan z\ onze gewa>word+ niet gaan door d5 midd5/(1 ma> doordat het zoete met het natte v]m5gd w]d ev5als bij d5 drank4 ,de kleur wordt niet zoo gezi51 door het v]m5gd word5 no* door de uitvloei+54 ,aan de midd5/( 7bij het zi57 beantwoordt 7bij de smaak7 niets2 ma> zooals het zi*tb>e de kleur is1 zoo het proefb>e de smaak4 ,niets v]wekt smaakgewa>word+ zond] vo*tigheid1 ma> het heeft 9 w]kzaamheid ( na> mogelijkheid vo*tigheid1 zooals het z\te2 want dat is zelf li*t smeltba> en doet de tong m$e aan door 't smelt54 ,zooals het gezi*t betreft het zi*tb>e en onzi*tb>e 7imm]s de dui/]nis is onzi*tba>1 ma> ook die ond]s*eidt het gezi*t7 en bov5di5 het te ze] s*itt]5de 7want ook dat is onzi*tba> ma> op &]e wijze dan de dui/]nis7 en tev5s het gehoor gaat ov] geluid en /ilte1 wa>van het e5e hoorba> het &]e onhoorba> is1 en ov] groot geluid1 ev5als het gezi*t ov] het s*itt]5de 7want zooals het g]+e geluid onhoorba> is1 zoo op e5 zek]e wijze ook het groote en gewelddadige7 en m5 e5]zijds van het vol/rekt onzi*tb>e spreekt1 zooals 9 &]e gevall5 van het onmogelijke1 &]zijds van 't niet wa>neemb>e dan1 wanne] iets wat zijn natuur meebr5gt niet ( 9 onvoldo5de mate bezit1 zooals het voet- en pitlooze2 zoo betreft dan ook de smaak het proefb>e en niet proefb>e1 dat is hetge5 we9ig ( sle*te smaak heeft ( e5 smaak die d5 z9 v]nietigt4 ,de grondslag zal zijn het dr9kb>e en ondr9kb>e2 want beid5 zijn e5 smaak1 ma> het laat/e e5 sle*te en die d5 z9 b$]ft1 het e]/e na> de natuur4 ,het geme5s*appelijke van ta/z9 en smaak is het dr9kb>e4 #dbb;b4 ,da> het proefb>e vo*tig is moet het dit betreff5de z9tuig no* 9 w]kelijkheid vo*tig zijn1 no* buit5 de mogelijkheid zijn vo*tig te word54 ,want de smaak ond]v9dt iets van het proefb>e als zoodanig4 ,dus moet het z9tuig van de smaak bevo*tigd word5 t]wijl het niet nat is1 ma> nat kan word5 zond] v]nietig+4 ,e5 bewijs is dat de tong niet wa>neemt wanne] zij v]droogd no* wanne] zij te vo*tig is2 want dan is de aanrak+ met het e]/kom5de vo*tige1 zooals wanne] m5 na vooraf e5 /]ke smaak geproefd te hebb5 e5 &]e proeft en zooals d5 ziek5 alles bitt] voorkomt omdat zij met de tong vol van d]gelijke vo*tigheid wa>nem54 ,de soort5 van de smaak zijn1 zooals bij de kleur51 als enkelv\dig teg5ge/eld1 het zoete en het bitt]e1 aansluit5d bij het e]/e het vettige1 bij het &]e het z\te1 da>tuss*5 het s*]pe en /r5ge en wrange en zure2 dat zijn ongeve] de ond]s*eid+5 van de smak54 ,dus het smaakz9tuig is wat 9 mogelijkheid zoodanig is1 het proefb>e wat het z9tuig 9 w]kelijkheid zoo maakt4 #dbb b #ag--dbd a #af4 ,ta/z94 ,v]s*il 9 de wa>neemba>h$5 da>bij en bij de &]e z9n5 en omtr5t het midd5--dat bij d5 ta/z9 met het li*aam n is2 bij de tong is ta/z9 en smaak hetzelfde4 ,er moet bij d5 ta/z9 ev5ze] e5 midd5 zijn als bij de &]51 wil de w]kzaamheid mogelijk zijn4 ,ma> &]s dan bij de &]5 wordt het z9tuig tegelijk met het midd5--niet dr het midd5--aang$aan4--,de wa>neemba>heid v]w]kelijkt het na> mogelijkheid aan ha> gelijke ta/z9tuig2 het z9tuig tre$t als gemiddelde op teg5ov] de ta/ba>h$5 en wordt dus oordeel5d--en neemt het ta/b>e en 't niet ta/b>e wa>4 ,ov] het ta/b>e en d5 ta/z9 geldt dezelfde r$5e]+2 want als de ta/z9 niet n gewa>word+ is ma> me]d]e1 dan moet5 ook de ta/ba>h$5 me]d]e zijn4 ,er is te vrag5 ( zij me]d]e gewa>word+5 zijn dan wel ne en wat het z9tuig van d5 ta/z9 is1 het vlees* en het da>m$e ov]e5kom/ige 9 de &]e d+5 ( niet1 ma> dat dit de midd5/( is en het eig5lijke z9tuig iets &]s inw5digs4 ,want i$]e gewa>word+ betreft n teg5/ell+ b4v4 gezi*t wit en zw>t1 gehoor hoog en laag en smaak bitt] en zoet2 ma> 9 het ta/b>e zijn vele teg5/ell+51 w>m en k\d1 droog en vo*tig1 h>d en za*t enz4 ,deze vraag v9dt e5 zek]e oploss+ doordat ook bij de &]e gewa>word+5 me]d]e teg5/ell+5 be/aan1 zooals bij de /em niet alle5 hoog en laag ma> ook luid en za*t1 vloei5d en ruw en &]e d]gelijke4 ,ook bij kleur zijn &]e d]gelijke ond]s*eid+54 ,ma> wat het e5e is dat de grondslag vormt1 zooals bij gehoor geluid1 dat is bij d5 ta/z9 niet duidelijk4 #dbc;a4 ,( het z9tuig inw5dig is ( niet1 ma> onmiddellijk het vlees*1 dat wordt niet uitgemaakt doordat de gewa>word+ tegelijk met de aanrak+ komt4 ,imm]s ook wanne] m5 om het vlees* iets van e5 vlies sp&e1 m]kt m5 ev5ze] de gewa>word+ t]/ond bij de aanrak+2 en to* is het duidelijk dat da>9 het z9tuig niet is2 en w>e het aangegroeid1 dan z\ de gewa>word+ nog snell] doordr+54 ,da>om s*ijnt het zoodanige deel van het li*aam zoo te zijn als( de lu*t 9 e5 kr+ om ons he5 gegroeid 02 want dan z\d5 wij me55 met n midd5 geluid kleur en reuk wa> te nem5 en gezi*t gehoor en reuk z\d5 n gewa>word+ s*ijn53 ,ma> nu doordat datg5e1 wa>door he5 de beweg+5 ges*i$51 ges*eid5 is 7van het li*aam71 blijk5 de gezegde z9tuig5 v]s*ill5d te zijn4 ,bij d5 ta/z9 is dit nu onduidelijk2 imm]s het is onmogelijk dat het bezielde li*aam uit lu*t ( wat] be/aat1 want er moet iets va/s zijn4 ,er blijft ov] dat het gem5gd is uit a>de en die d+5 #ea1 zooals het vlees*1 en wat da>mee ov]e5kom/ig is1 b$oelt te zijn2 zoodat noodzakelijk ook het li*aam is het midd5 van d5 ta/z91 dat aangegroeid is1 wa>door de gewa>word+5 gaan1 die me]d]5 zijn4 ,dat zij me]d]5 zijn bewij/ de aanrak+ bij de tong2 want zij neemt alle ta/ba>h$5 met ha> zelfde deel wa> als de smaak4 ,als nu ook het ov]ige vlees* de smaak wa>nam1 dan z\ de smaak en de ta/z9 e5 en dezelfde gewa>word+ s*ijn52 nu zijn zij twee doordat zij niet ond]l+ te v]wissel5 zijn4 ,hi] doet zi* e5 moeilijkheid voor4 ,als i$] li*aam diepte heeft als d]de afmet+1 en twee li*am5 wa>tuss*5 e5ig li*aam is1 elka> niet kunn5 aanrak51 en het natte niet zond] li*aam is no* het bevo*tigde1 ma> het noodzakelijk wat] is ( wat] heeft2 en wat elka> aanraakt 9 't wat]1 t]wijl de uite9d5 niet droog zijn1 noodzakelijk wat] tuss*5beide heeft dat de uite9d5 dekt2 zoo dit wa> is1 dan kan het e5 het &] niet aanrak5 9 het wat] en op dezelfde wijze ook 9 de lu*t 7want de lu*t is teg5ov] de 9 ha> zijnde d+5 als het wat] tot de da>9 zijnde d+51 ma> wij m]k5 dat m9d]1 ev5als ook de di]5 9 het wat]1 wanne] wat vo*tig is het vo*tige aanraakt74 #dbc;b4 ,gaat dus de wa>nem+ van alles op dezelfde wijze ( bij v]s*ill5de d+5 v]s*ill5d1 zooals m5 ma> aanneemt dat de smaak en de ta/z9 door aanrak+ en de &]5 ges*eid5 wa>nem58 ,niet alzoo1 ma> ook het h>de en za*te nem5 wij door &]e 7midd5/(f57 wa> ev5als het geluidgev5de1 het zi*tb>e en het ruikb>e1 ma> deze van v]re1 de e]/5 van di*tbij4 ,da>om m]k5 wij het niet1 imm]s wij nem5 alles wa> door de midd5/(1 ma> bij die gewa>word+5 m]k5 wij het niet4 ,en to*1 zooals wij ook vroeg] zeid51 ook indi5 wij door e5 vlies alle ta/ba>h$5 wa>nam5 zond] te m]k5 dat het afs*eidt1 z\d5 wij ons zoo v]h\d5 als nu 9 't wat] en 9 de lu*t2 want wij me55 nu de d+5 zelf aan te rak5 zond] dat er e5 midd5/( is4 ,ma> het ta/b>e ond]s*eidt zi* van de zi*tba>h$5 en geluidgev5de d+5 doordat wij die gewa>word5 door e5 inw]k+ van de midd5/( op ons1 ma> de ta/ba>h$5 niet door to$o5 van de midd5/( ma> da>m$e tegelijk1 zooals die e5 /oot krijgt door zijn s*ild he52 imm]s niet het s*ild krijgt en geeft d5 /oot1 ma> beid5 7p]soon en s*ild7 krijg5 hem tegelijk4 ,9 't geheel lijkt het dat vlees* en de tong zi* teg5ov] het z9tuig zoo v]h\dt als de lu*t en het wat] tot het gezi*t en 't gehoor en de reuk4 ,wanne] het z9tuig zelf aang]aakt wordt1 kan er no* bij de laat/5 no* bij het e]/5 wa>nem+ zijn b4v4 wanne] m5 e5ig wit li*aam onmiddellijk op het oog legt4 ,hi]uit blijkt dat het gewa>word+sv]mog5 bij het ta/b>e inw5dig is4 ,want dan geldt hetzelfde als voor de &]e 7z9n572 imm]s wanne] de wa>neemba>h$5 op het z9tuig gelegd word5 heeft ge5 gewa>word+ plaats1 ma> wanne] ze op het vlees* gelegd word51 wl2 dus is het vlees* de midd5/( van d5 ta/z94 ,ta/ba> nu zijn de ond]s*eid+5 van het li*aam als zoodanig2 ik b$oel de ond]s*eid+5 tuss*5 de elem5t51 w>m1 k\d droog en nat1 wa>ov] wij vroeg] hebb5 gesprok5 9 het ges*rift ov] de elem5t5 #eb4 ,het dez5 betreff5de ta/z9tuig1 dat1 wa>9 de gewa>word+ die ta/5 heet eig5lijk aanwezig is1 is het li*aamsdeel dat 9 mogelijkheid dusdanig is2 want gewa>word5 is iets ond]gaan4 #dbd;a4 ,dus hetge5 dit na> w]kzaamheid aan zi*zelf gelijk maakt1 w]kt da>op 9 t]wijl dit na> mogelijkheid dusdanig is4 ,da>om nem5 wij het ev5 w>me en k\de ( h>de en za*te niet wa>1 ma> de ov]maat1 da> de wa>nem+ als e5 midd5 is tuss*5 de teg5/ell+ 9 de wa>neemba>h$54 ,en da>om beoordeelt 7de wa>nem+7 de wa>neemba>h$54 ,want het midd5 is oordeelkundig1 want het v]h\dt zi* tot elk van beide teg5deel5 als hun teg5deel en zooals wat wit en zw>t zal wa>nem5 ge5 van beide 9 w]kzaamheid moet zijn en beid5 9 mogelijkheid 7ev5zoo bij de &]e7 zoo moet bij d5 ta/z9 7het wa>nem5de7 no* w>m no* k\d 7zijn74 ,zooals v]d] het gezi*t 9 zek]5 z9 het zi*tb>e en het onzi*tb>e betr( en ev5e5s de &]e de teg5/ell+5 wa>nam51 zoo betreft ook de ta/z9 het ta/b>e en onta/b>e2 onta/ba> is de ta/ba>heid die ze] g]+e ond]s*eid+ bi$t1 zooals de lu*t1 en de ov]maat ond] de ta/ba>h$5 zooals de v]nietig5de4 ,zoo is nu elk d] gewa>word+ 9 omtrek beh&eld4 #dbd a #ag--;b #ah4 ,gewa>word+ 9 't algeme5 betreft de vorm51 niet de mat]ie4 ,het wa>nem5de v]s*ilt 9 wez5 van het object1 doordat het ge5 groo!id ma> e5 v]h\d+ aan de groo!id is1 die da>om v]nietigba> is en niet bij plant5 voorkomt4 ,de wa>neemba>heid is er alle5 voor het betreff5de v]mog51 ook bij ta/z9 en reuk4 ,9 't algeme5 moet m5 betreff5de alle gewa>word+ begrijp5 dat de gewa>word+ is hetge5 de wa>neemb>e vorm5 aanneemt zond] de mat]ie1 zooals de 0 het m]k van d5 r+ opneemt zond] het ijz] en het g\d en het g\d5 ( kop]5 m]k aanneemt ma> niet als g\d ( kop]2 ev5e5s wordt de wa>nem+ van i$] aang$aan door hetge5 kleur ( smaak ( geluid heeft1 ma> niet 9 zoov] elk van die d+5 7iets7 ma> iets zoodanigs g5oemd wordt en na> het begrip4 ,en het z9tuig is all]e]/ datg5e1 wa>9 het zoodanige v]mog5 is4 ,9 aanzijn nu is het hetzelfde1 ma> 9 begrip iets &]s2 want het wa>nem5de is e5 groo!id1 ma> het begrip van het wa>nem5d-zijn en de wa>nem+ is niet groo!id ma> e5 v]h\d+ en v]mog5 van de groo!id4 ,hi]uit blijkt ook wa>om to* de ov]maat d] wa>neemba>h$5 de z9tuig5 v]nietig52 imm]s wanne] de beweg+ van het z9tuig te /]k is1 wordt de v]h\d+ 7d4w4z4 de wa>nem+7 opgehev5 ev5als ook het accoord en de toon1 wanne] de sn>5 /]k getokkeld word52 en wa>om de plant5 niet wa>nem5 die iets van ziel hebb5 en iets ond]gaan van de ta/ba>h$5 zelve1 imm]s zij word5 k\d en w>m2 de oorzaak is nl4 dat zij ge5 midd5toe/& hebb5 no* zulk e5 pr9cipe dat de vorm5 van de wa>neemba>h$5 kan opnem51 ma> zij ond]gaan ze met de /(4 #dbd;b4 ,m5 z\ kunn5 vrag5 ( datg5e wat niet kan ruik5 iets ond]gaat van de reuk ( van de kleur wat niet kan zi51 en ev5zoo bij de &]54 ,ma> wanne] het ruikb>e de reuk is1 bew]kt de reuk1 zoo iets1 het ruik52 dus kan niets wat niet kan ruik5 iets ond]gaan van de reuk en hetzelfde geldt van de &]51 no* iets van wat wl kan1 &]s dan 9 zoov] elk het bepaalde wa>nem+sv]mog5 heeft4 ,ook blijkt dit aldus4 ,no* li*t ( dui/]nis no* geluid no* reuk doet de li*am5 aan ma> hun drag]s1 b4v4 de lu*t met dond] splijt het h\t4 ,ma> wl do5 de ta/ba>h$5 en de smak5 de li*am5 aan2 want wa>door z\d5 &]s de onbezielde li*am5 aang$aan en v]&]d word58 ,do5 dan soms ook die &]5 7nl4 li*t1 geluid1 reuk7 aan ( is niet elk li*aam vatba> voor inw]k+ door reuk en geluid en die aang$aan word5 zijn onbepaald en h\d5 ge5 /&1 zooals de lu*t2 want die riekt als op e5ige wijze aang$aan4 ,wat dan is ruik5 &]s dan iets ond]gaan8 ,( is ruik5 ook wa>nem51 ma> de lu*t die aang$aan is1 wordt 9 kort5 tijd wa>neemba> 7niet wa>nem5d47 ,e9d van boek ,,ii4 #dbd b #bb--dbe b #aa4 ,niet me] dan #e z9n5 mogelijk 7de ta/z9 en die wi] elem5t5 wat] en lu*t zijn74 ,ge5 bizond]e z9 voor de geme5s*appelijke wa>neemba>h$54 ,wa>om me]d]e gewa>word+54 ,dat er ge5 &]e gewa>word+ is behalve de vijf--gezi*t1 gehoor1 reuk1 smaak1 ta/z9--kan m5 hi]uit geloov54 ,namelijk van alles1 wa>van de gewa>word+ ta/z9 is1 hebb5 wij w]kelijk gewa>word+ 7want alle gevall5 van het ta/b>e als zoodanig zijn voor ons door d5 ta/z9 wa>neemba>72 voorts is het noodzakelijk dat1 wanne] e5 gewa>word+ ontbreekt1 ons ook e5 z9tuig ontbreekt2 wat wij door onmiddellijke aanrak+ wa>nem5 is door d5 ta/z9 wa>neemba>1 di5 wij w]kelijk bezitt51 wat wij niet onmiddellijk ma> door midd5/( wa>nem51 nem5 wij wa> door de elem5t5 als lu*t en wat]4 ,nu is het zoo ge/eld dat als wij door n midd5 me]d]e ongelijksoortige wa>neemba>h$5 wa>nem51 hij die het ov]e5kom/ige z9tuig heeft1 noodzakelijk beide moet kunn5 wa>nem5 7als b4v4 het z9tuig uit lu*t is en de lu*t de midd5/( is voor geluid en kleur72 als er me] midd5/(f5 voor dezelfde gewa>word+ zijn b4v4 voor kleur lu*t en wat] 7want beide zijn doors*ijn5d71 zal dege5 die sle*ts e5 van beide midd5/(f5 heeft1 wa>nem5 wat door beid5 gaat4 #dbe;a4 ,en alle5 uit deze twee d] elem5t5 zijn de z9tuig51 uit lu*t en wat]2 7want de pupil is van wat]1 het gehoor van lu*t1 de reuk van elk van beid572 het vuur behoort tot ge5 z9tuig ( geme5s*appelijk tot all5 7want niets is tot wa>nem5 9 /aat zond] w>mte72 a>de ( tot ge5 z9tuig ( is 't mee/ met d5 ta/z9 bizond]lijk gem5gd2 zoodat er ov]blijft dat er ge5 z9tuig is buit5 wat] en lu*t4 ,deze bezitt5 w]kelijk e5ige lev5de wez5s en dus bezitt5 alle gewa>word+5 de niet onvoltooide ( gebrekkige wez5s2 want ook de mol blijkt ond] de huid oog5 te hebb54 ,dus als er niet e5 &] li*aam is ( e5 eig5s*ap tot ge5 d] a>ds*e li*am5 behoor5de1 dan ontbreekt er ge5 gewa>word+4 ,v]d] kan er ook ge5 bizond] z9tuig zijn van het geme5s*appelijke dat wij met i$]e wa>nem+ bijkom/ig wa>nem51 als beweg+1 /il/&1 vorm1 grootte1 getal en e5heid2 al deze nl4 nem5 wij door beweg+ wa>1 zooals grootte door beweg+ en dus ook vorm1 want de vorm is e5 grootte2 en het ru/5de door het niet beweg52 het getal door de ontk5n+ van het aann zijn en door de bizond]e wa>nem+52 want elke wa>nem+ neemt n d+ wa>4 ,het is dus duidelijk dat er van ge5 enkele van deze e5 eig5 gewa>word+ zijn kan b4v4 van beweg+2 want het zal zoo zijn1 zooals wij nu met het gezi*t het zoete wa>nem54 ,dit komt omdat wij van beid5 gewa>word+ hebb5 wa>door wij ook wanne] zij sam5vall5 ze tegelijk k5n52 zoo niet1 dan z\d5 wij het alle5 bijkom/iglijk wa>nem51 zooals d5 zoon van ,kleon niet als zoon van ,kleon ma> als wit en dit 7witte7 heeft als bijkom/igheid zoon van ,kleon te zijn4 ,van het geme5s*appelijke hebb5 wij /ellig e5 geme5s*appelijke1 niet bijkom/ige1 gewa>word+1 die dus niet e5 eig5e is2 want &]s z\d5 wij ze niet wa>nem5 dan zooals gezegd is betreff5de het zi5 van ,kleon's zoon4 ,de bij elka> als eig5 behoor5de wa>neemba>h$5 nem5 de gewa>word+5 bijkom/iglijk wa>1 niet als die enkel5 zoodanig1 ma> 9 zoov] de gewa>word+ n is1 wanne] zij tegelijk hetzelfde betreft b4v4 van gal als bitt] en geel2 want het is niet het w]k van e5 &]e gewa>word+ te zegg5 dat beid5 n zijn2 da>om v]gi/ m5 zi* ook en me5t m51 wanne] iets geel is1 dat het gal is4 #dbe;b4 ,m5 z\ kunn5 vrag5 wa>om wij me]d]e gewa>word+5 en niet e5e alle5 hebb54 ,welli*t opdat de als algeme5h$5 met de gewa>word+5 v]bond5e ons niet z\d5 ontgaan1 als beweg+1 grootte en getal2 want indi5 alle5 het gezi*t er 0 en dat het witte betr(1 z\ van alles veel ontgaan en hetzelfde s*ijn5 doordat tegelijk kleur en grootte met elka> v]bond5 w>54 ,ma> da> nu ook 9 e5 &]e wa>neemba>heid de algeme5h$5 aanwezig zijn1 wordt het duidelijk dat elk van dez5 iets &]s is4 #dbd b #ab--dbg a #af4 ,gewa>word+ van de wa>neemba>heid gaat gepa>d met die welke zi*zelve betreft4 ,gewa>word+ 9 w]kzaamheid is hetzelfde als het wa>neemb>e 9 w]kelijkheid en w]kzaam 9 het na> mogelijkheid wa>neemb>e4 ,dit laat/e blijft ook zond] de gewa>word+ 9 w]kzaamheid4 ,gewa>word+ is ev5als accoord e5 v]h\d+ van het z9tuig en het wa>neemb>e1 die v]/oord kan word5 door ov]maat4 ,het gem5gde geeft me] g5ot 9 de gewa>word+ dan het e5v\dige4 ,ond]s*eid+ van gelijktijdige ongelijksoortige wa>neemba>h$5 door n gewa>word+1 die gelijkheid en v]s*il tegelijk wa>neemt zooals het punt n ( twee is4 ,da> wij gewa>word5 dat wij zi5 en hoor51 moet m5 door het gezi*t wa>nem5 dat m5 ziet ( door e5 &]e gewa>word+4 ,ma> dan betreft dezelfde wa>nem+ het gezi*t en de voorw]pelijke kleur en zoo zull5 twee wa>nem+5 bij hetzelfde voorw]p zijn ( de wa>nem+ zal zi*zelf betreff54 ,neemt m5 aan dat de gewa>word+ van het gezi*t e5 &]e is1 dan komt m5 tot e9deloo%eid ( e5ige wa>nem+ zal zi*zelf betreff54 ,dus moet m5 dat van de e]/e wa>nem+ lat5 geld54 ,hi] is de moeilijkheid dat1 als gezi*tswa>nem+ zi5 is er wat gezi5 wordt kleur ( het kleurh\d5de is1 wanne] m5 het zi5de ziet1 het e]/e zi5de kleur moet hebb54 ,dus blijkt dat gezi*tswa>nem+ hebb5 niet n is2 imm]s ook wanne] wij niet zi51 oordeel5 wij met het gezi*t en de dui/]nis en het li*t1 ma> niet op gelijke wijze4 ,v]d] is ook het zi5de 9 zek]5 z9 gekleurd2 want het z9tuig neemt elk d] wa>neemba>h$5 op zond] de /(4 ,da>om zijn ook wanne] de wa>neemba>h$5 v]wijd]d zijn de wa>nem+5 en beeld5 9 de z9tuig54 ,9 de w]kzaamheid zijn het wa>neemb>e en de wa>nem+ e5 en hetzelfde1 9 het begrip niet4 ,b4v4 het geluid en het gehoor 9 w]kzaamheid2 m5 kan nl4 gehoor hebb5 zond] te hoor5 en wat geluid heeft maakt niet /e$s geluid4 ,ma> wanne] wat kan hoor5 en wat geluid kan gev5 9 w]kzaamheid is1 dan komt tegelijk het gehoor 9 w]kzaamheid en het geluid 9 w]kzaamheid2 het e5e kan m5 hoor+ en het &]e geluid+ noem54 #dbf;a4 ,indi5 nu de beweg+ en de bew]k+ en inw]k+ ligt 9 wat bew]kt wordt1 moet ook het geluid en het gehoor 9 w]kzaamheid ligg5 9 wat de mogelijkheid bezit2 want de w]kzaamheid van het bew]k5de en beweg5de ligt 9 het lijd5de2 da>om is het niet noodzakelijk dat het beweg5de bewog5 wordt4 ,de w]kzaamheid nu van het geluid hebb5de is geluid ( geluid+1 van het gehoorhebb5de gehoor ( hoor+2 want gehoor is tweerlei en geluid en hetzelfde geldt van de &]e wa>nem+5 en wa>neemba>h$54 ,namelijk zooals de bew]k+ en de inw]k+ ligt 9 het lijd5de en niet 9 het bew]k5de1 zoo ligt ook de w]kzaamheid van het wa>neemb>e en het wa>nem+ hebb5de 9 het wa>nem+ hebb5de4 ,ma> bij e5ige is er e5 woord voor b4v4 de geluid+ en de hoor+1 bij e5ige is e5 van beide nameloos2 m5 spreekt van aans*\w+ als het gezi*t 9 w]kzaamheid is1 ma> de w]kzaamheid van de kleur is zond] naam1 en het smak5 is de w]kzaamheid van het smaak hebb5de1 ma> die van 7't voorw]p van7 de smaak is zond] naam4 ,da> 9 w]kzaamheid het wa>neemb>e en het wa>nem+hebb5de n is1 ma> 9 begrip ond]s*eid51 moet5 noodzakelijk het gehoor en geluid 9 di5 z9 tegelijk te loor gaan en beh\d5 blijv51 ev5zoo 't voorw]p van smaak en het smak5 enz41 do* niet noodzakelijk wat 9 mogelijkheid zoo is2 ma> de vroeg]e natuurkundig5 dwaald5 9 hun me5+ dat niets wit ( zw>t zond] gezi*t1 no* voorw]p van smaak 0 zond] smak54 ,imm]s 9 e5 z9 hadd5 zij gelijk1 9 e5 &]5 z9 dwaald5 zij3 want t]wijl m5 9 tweerlei z9 spreekt van de gewa>word+ en het wa>neemb>e1 deels als van d+5 9 mogelijkheid1 deels 9 w]kzaamheid1 geldt het gezegde van de laat/51 ma> geldt niet van de e]/54 ,ma> zij sprak5 9 vol/rekt5 z9 ov] wat niet onond]s*eid5 geldt4 ,als het accoord e5 /emklank is1 en de /emklank en het gehoor 9 e5 opzi*t n 79 e5 &] niet n7 en het accoord e5 v]h\d+ is1 moet ook het gehoor e5 v]h\d+ zijn4 ,en da>om ook v]nietigt elke ov]maat1 zo[el het hooge als het lage1 het gehoor2 ev5e5s 9 de smak5 de smaak en 9 de kleur5 het ze] s*itt]5de ( dui/]e het gezi*t en bij d5 reuk de /]ke reuk1 zoo de zoete als de bitt]e1 omdat de gewa>word+ e5 v]h\d+ is4 #dbf;b4 ,da>om gev5 wel ook de wa>neemba>h$5 wanne] zij zuiv] en ongem5gd 9 de v]h\d+ kom5 g5ot1 als het zure ( zoete ( z\te2 dan imm]s gev5 zij g5ot2 ma> 9 't geheel me] het gem5gde1 het accoord #ec1 dan het hooge ( het lage4 ,voor d5 ta/z9 is het aang5ame wat v]w>md ( v]koeld kan word5 en de gewa>word+ is de v]h\d+2 bij ov]maat is er pijn ( v]nietig+4 ,elke wa>nem+ nu betreft het voorw]pelijke wa>neemb>e en is aanwezig 9 het z9tuig als zoodanig en beoordeelt de ond]s*eid5 van het voorw]pelijke wa>neemb>e1 b4v4 wit en zw>t het gezi*t1 zoet en en bitt] de smaak enz4 ,da> wij ook het witte en het zoete en i$]e &]e wa>neemba>heid met i$]e &]e v]gelijk51 wa>door dan nem5 wij hun ond]s*eid wa>8 ,noodw5diglijk door wa>nem+1 aangezi5 het wa>neemba>h$5 zijn4 ,hi]uit blijkt ook dat het vlees* niet het eig5lijke z9tuig is2 want dan z\ noodzakelijk]wijze het v]gelijk5de het d+ zelf moet5 aanrak54 ,ma> het is ook niet mogelijk met afzond]lijke z9tuig5 te oordeel5 dat het zoete iets &]s is dan het witte1 ma> noodzakelijk moet5 beid5 voor n enkel 7z9tuig7 duidelijk zijn4 ,want &]s z\ ook indi5 ik het e5e en gij het &]e z\dt wa>nem51 duidelijk zijn dat de beide voorw]p5 v]s*ill5d zijn4 ,ma> het ne moet zegg5 dat het iets &]s is2 want het zoete is iets &]s dan het witte4 ,het is blijkba> hetzelfde1 wat zoo zegt en zooals het zegt1 zoo ook d5kt het en wordt het gewa>4 ,het blijkt dus nu dat het niet mogelijk is met v]s*ill5de z9tuig5 de v]s*ill5de wa>neemba>h$5 te oordeel52 dat het ev5m9 mogelijk is 9 v]s*ill5de tijd51 blijkt hi]uit4 ,zooals namelijk hetzelfde zegt dat het go$e iets &]s is dan het kwade1 zoo ook wanne] het zegt dat het e5e en het &]e iets &]s zijn1 is het wanne]0 ge5 bijkom/igheid1 d4w4z4 dat ik nu zeg1 dat het iets &]s is1 ma> niet dat het nu iets &]s is2 ma> nu zegt m5 dat het zoo is en dat het nu zoo is1 dus tegelijk4 ,en dus onges*eid5 en 9 onges*eid5 tijd4 ,ev5wel het is onmogelijk dat hetzelfde tegelijk teg5ge/elde beweg+5 ond]gaat als ong$eeld en 9 ong$eeld5 tijd4 ,want iets zoets br5gt deze beweg+ 9 de gewa>word+ ( het d5k51 het bitt]e de teg5ge/elde en het witte e5 &]e4 #dbg;a4 ,is dus niet het oordeel5de tegelijk]tijd en 9 getal ong$eeld en ons*eidba>1 ma> 9 begrip ond]s*eid58 ,dan is het dus e5]zijds het g$eelde dat de g$eeld5 wa>neemt1 &]zijds zooals het als ong$eeld is2 imm]s 9 begrip g$eeld1 na> plaats en getal ong$eeld4 ,is dit wel mogelijk8 ,imm]s 9 mogelijkheid zijn de teg5deel5 hetzelfde en ong$eeld 7(s*oon niet 9 het begrip71 ma> 9 w]kzaamheid g$eeld en het is niet mogelijk dat iets tegelijk wit en zw>t is1 dus ook niet dat iets de vorm5 da>van opneemt1 als dat wa>nem5 en d5k5 is4 ,ma> dit v]h\dt zi* zooals wat sommig5 het punt noem51 het e5e als twee en 9 zoov]re g$eeld4 ,9 zoov] nu het ong$eeld is1 is het oordeel5de e5 en tegelijk]tijd1 9 zoov] het g$eeld is1 is het niet n2 imm]s m5 gebruikt twee ke] hetzelfde punt tegelijk2 9 zoov] m5 nu het gr5spunt als twee gebruikt1 zijn het twee die oordeel5 en ges*eid5 als met 9 zek]5 z9 ges*eid5 wa>nem+2 9 zoov]re het punt n is1 oordeelt m5 met n en tegelijk #ed4 ,ov] het pr9cipe nu volg5s hetwelk het lev5d wez5 gewa>word+ heeft1 mog5 zulke bepal+5 geld54 #dbg a #ag--;b #bf4 ,ond]s*eid tuss*5 gewa>word51 d5k5 en voor/ell+4 ,na> twee ond]s*eid+5 wordt ho(dzakelijk de ziel bepaald1 na> plaatselijke beweg+ en na> het d5k5 en het oordeel5 en wa>nem54 ,ook het begrijp5 en d5k5 s*ijnt e5 wa>nem5 te zijn 7want 9 deze beid5 oordeelt en k5t de ziel e5ig d+74 ,en de oud5 noem5 zek] het d5k5 en wa>nem5 hetzelfde1 zooals ook ,emp$okles heeft gezegd3 na> het aanwezige groeit de g$a*te bij de m5s*50 en eld]s3 van da> ov]komt het h5 ook /e$s &]ssoortige d+5 te d5k50 en hetzelfde b$oelt ook het ,hom]is*e3 zoodanig to* is de gee/0 #ee4 ,deze all5 imm]s a*t5 het d5k5 ev5als het wa>nem5 van li*amelijk5 a>d en dat m5 met het gelijke wa>neemt en d5kt het gelijke1 zooals wij 9 d5 aanvang uite5 hebb5 gezet4 #dbg;b4 ,e*t] hadd5 zij tev5s ook ov] de dwal+ moet5 sprek51 die imm]s aan de lev5de wez5s me] eig5 is en da>9 v]blijft de ziel d5 mee/5 tijd4 ,dus is het noodzakelijk dat (1 zooals sommig5 zegg51 alle v]s*ijnsel5 wa> zijn ( dat de aanrak+ van het ongelijke dwal+ is1 want dat /aat teg5ov] het k5n5 van het gelijke door het gelijke2 en ook is de dwal+ en het wet5 betreff5de de teg5deel5 hetzelfde4 ,e*t] blijkt dat het wa>nem5 en het d5k5 niet hetzelfde zijn4 ,want het e]/e bezitt5 alle di]51 het laat/e we9ig54 ,ma> ook het begrijp51 dat jui/ en onjui/ kan zijn1 jui/ als v]/&1 wet5s*ap en w>e me5+1 onjui/ als het omgeke]de da>van1 ook dat is niet hetzelfde als het wa>nem52 want de wa>nem+ betreff5de de eig5 wa>neemba>h$5 is altijd wa> en is aanwezig bij alle di]51 ma> d5k5 kan m5 ook onwa> en niem& heeft het die ook niet r$e bezit2 want voor/ell+ is iets &]s dan wa>nem+ en begrip1 en zij 7de voor/ell+7 wordt niet zond] wa>nem+ en zond] ha> is er ge5 opvatt+4 ,dat de voor/ell+ #ef niet zelf begrip en opvatt+ is1 is duidelijk4 ,want dit gebeur5 7van de voor/ell+7 is van onz5 wil afhankelijk 7want m5 kan zi* iets voor oog5 /ell51 zooals zij die 9 de geheug5kun/ door beeld5 iets va/h\d571 ma> niet het me551 want 7da>bij7 moet m5 f onwa> f wa> zijn4 ,bov5di5 wanne] wij iets ergs ( vreeselijks me551 ond]gaan wij onmiddellijk die gewa>word+ tev5s en ev5e5s bij het bemo$ig5de2 bij de voor/ell+ v]h\d5 wij ons zoo als( wij het vreeselijke ( bemo$ig5de ges*ild]d aans*\wd54 ,er zijn ook van de opvatt+ zelf ond]s*eid+51 wet5s*ap1 me5+1 v]/& en hun teg5deel52 ov] het ond]s*eid da>tuss*5 moet eld]s gesprok5 word54 #dbg b #bg-dbi a #i4 ,voor/ell+1 e5 v]mog5 van oordeel51 is niet gewa>word+2 ook niet k5nis ( begrip4 ,ev5m9 is zij me5+ met ( door gewa>word+ ( v]b9d+ van 't e5e en 't &]e b4v4 voor/ell+ van en me5+ omtr5t de grootte van de zon4 ,de voor/ell+ is e5 beweg+ uit die d] gewa>word+ 9 w]kzaamheid voortkom5de1 welke beweg+ vooral bij de algeme5e bijkom/ige gewa>word+5 vals* kan zijn1 vooral als het voorw]p v] v]wijd]d is4 ,naam en w]k+ d] voor/ell+4 ,het d5k51 iets &]s dan het wa>nem51 is deels voor/ell+ deels opvatt+2 na de bepal+ van de voor/ell+1 moet5 wij sprek5 ov] het &]e4 #dbh;a4 ,als dan de voor/ell+ datg5e is dat 9 ons e5 beeld doet opkom51 en niet ov]dra*telijk is b$oeld1 dan is zij e5 v]mog5 ( ge/eldheid van dieg551 volg5s dewelke wij oordeel51 wa> ( onwa>4 ,dezulke zijn gewa>word+1 me5+1 wet5s*ap1 begrip4 ,dat de voor/ell+ nu niet gewa>word+ is1 blijkt hi]uit dat gewa>word+ ( mogelijkheid ( w]kzaamheid is b4v4 gezi*t en aans*\w+1 ma> voor/ell+ is dr1 ook zond] dat e5 van beid5 aanwezig is1 zooals bij droom54 ,v]d] is gewa>word+ altijd aanwezig1 voor/ell+ niet4 ,als zij 9 w]kzaamheid hetzelfde w>51 z\d5 alle di]5 voor/ell+ kunn5 hebb51 do* dit is niet aan te nem5 b4v4 bij e5 mi]1 bij ( worm4 ,v]d] zijn de gewa>word+5 altijd wa>1 de mee/e voor/ell+5 onwa>4 ,v]volg5s zegg5 wij ook niet1 wanne] wij nauwkeurig 9 het wa>neemb>e w]kzaam zijn dit s*ijnt ons e5 m5s*01 ma> veele] wanne] wij niet duidelijk gewa>word54 ,en ook zooals wij vroeg] zeid51 v]s*ijn5 gezi*t5 ook als m5 de oog5 sluit4 ,ma> ook kan zij ge5 zijn van die altijd wa> zijn1 als wet5s*ap ( begrip2 want er is ook onw>e voor/ell+4 ,er blijft dus ov] na te gaan ( zij me5+ is2 want me5+ is en wa> en onwa>4 ,ma> met me5+ gaat gelo( sam5 7want het is onmogelijk bij me5+ niet te geloov5 wat m5 me5t7 en gelo( heeft ge5 di]1 ma> 9 vel5 is voor/ell+4 ,v]d] gaat elke me5+ v]gezeld van gelo(1 gelo( van ov]tuigd zijn1 ov]tuig+ van r$e2 van de di]5 hebb5 sommig5 wel voor/ell+1 ma> ge5 r$e4 ,het blijkt v]d] dat voor/ell+ ook niet me5+ met ( door gewa>word+ ( v]e5ig+ van me5+ en gewa>word+ kan zijn om g5oemde r$55 en hi]om3 natuurlijk betreft de me5+ niet iets &]s1 ma> datg5e dat ook de wa>nem+ betreft nl4 uit de me5+ en de wa>nem+ van het witte komt als hun v]e5ig+ de voor/ell+1 imm]s niet uit de me5+ van het go$e en de wa>nem+ van het witte3 zoo is dan het zi* voor/ell5 het me55 van wat m5 niet bijkom/ig wa>neemt4 #dbh;b4 ,ma> 9 de voor/ell+ zijn ook onwa>h$5 wa>omtr5t m5 tegelijk e5 w>e opvatt+ heeft b4v4 de zon /elt m5 zi* voor als van n voet middellijn1 ma> m5 is ov]tuigd dat zij groot] is dan de a>de2 wa>uit dus volgt dat m5 f zijn w>e me5+ heeft v]lor51 die m5 _h1 t]wijl het voorw]p onv]&]d blijft1 zond] die v]get5 te zijn ( bewu/elijk v]&]d te hebb5 f als m5 ha> nog heeft1 dan moet noodzakelijk dezelfde me5+ wa> en onwa> zijn4 ,ma> zij w]d onwa>1 zoo dikwijls m5 niet bem]kte dat het voorw]p omsloeg #eg4 ,alzoo is de voor/ell+ no* e5 van deze no* uit deze 7gewa>word+1 me5+7 voortkom5d4 ,ma> het is mogelijk dat wanne] e5 d+ bewog5 wordt da>door e5 &] bewog5 wordt en de voor/ell+ s*ijnt e5 beweg+ te zijn en niet zond] wa>nem+ te gebeur5 ma> bij wa>nem5d5 en betreff5de hetge5 wa>neemba> is2 en het is mogelijk dat e5 beweg+ ont/aat door de w]kzaamheid d] wa>nem+1 die noodzakelijk ov]e5kom/ig moet zijn met de wa>nem+4 ,zoo is dan deze beweg+ niet mogelijk zond] wa>nem+ no* kan zij aanwezig zijn bij wie niet wa>nem5 en door ha> kan het subjekt veel do5 en lijd5 en zij kan wa> en onwa> zijn4 ,dit volgt hi]uit4 ,de wa>nem+ van de eig5 wa>neemba>h$5 is wa> ( heeft het m9/ onwa>heid4 ,da>na de wa>nem+ van deze d+5 als bijkom/igh$52 hi]9 kan m5 zi* dan b$rieg53 dat nl4 iets wit is1 da>9 b$riegt m5 zi* niet2 dat het witte dit ( iets &]s is1 da>9 wl4 ,t5 d]de de wa>nem+ van de algeme5e bepal+5 die de bijkom/igh$5 v]gezell5 als de eig5 wa>neemba>h$5 aanwezig zijn1 zooals beweg+ en grootte die bijkom/igh$5 zijn van de wa>neemba>h$52 hi]omtr5t kan m5 zi* 9 de wa>nem+ dan het mee/ b$rieg54 ,de beweg+ voortkom5d uit de w]kzaamheid d] wa>nem+ moet v]s*ill5 bij elk van die drie wa>nem+54 ,en de e]/e is als de wa>nem+ er bij is1 wa>1 de &]5 kunn5 n bij aan- n bij afwezigheid 7d] wa>nem+7 onwa> zijn1 vooral wanne] de wa>neemba>heid v] v]wijd]d is4 #dbi;a4 ,als dus de voor/ell+ niets &]s is #eh dan is zij e5 beweg+ door de w]kzaamheid d] wa>nem+ opgewekt4 ,da> het gezi*t 9 de e]/e plaats wa>nem+ is1 heeft zij ook ha> naam van 7li*t7 gekreg51 da> m5 zond] li*t niet zi5 kan4 ,en omdat de voor/ell+5 bijblijv5 en ov]e5kom/ig zijn aan de gewa>word+51 h&el5 de lev5de wez5s vaak da>na>1 deels doordat ze ge5 v]/& hebb5 als de di]51 deels doordat het v]/& soms b$ekt wordt door h>t/o*t1 ( ziekt5 ( slaap1 als bij de m5s*54 ,zooveel nu ov] de voor/ell+1 wat zij is en wa>door zij is4 #dbi a #aj-;b #i4 ,het d5kv]mog5 ( de gee/1 onbepaald1 vatba> voor alle vorm51 9 mogelijkheid alle d5kba>h$5 en zuiv]1 is 9 zijn wez5 mogelijkheid1 en dus niet li*amelijk bepaald4 ,de onbepaaldheid d] z9tuig5 bij z9nelijke gewa>word+ is niet vol/rekt1 als die van d5 gee/4 ,op zi*zelf betrokk5 is de gee/ ook nog 9 mogelijkheid4 ,ov] het deel van de ziel wa>door de ziel k5t en d5kt moet m5 't ond]s*eid nagaan ( het s*eidba> is dan wel ons*eidba> na> grootte ma> niet na> 't begrip en hoe eig5lijk het d5k5 tot /& komt4 ,alsnu het d5k5 is als het wa>nem51 dan is het iets ond]gaan door het d5kb>e ( iets d]gelijks4 ,dus moet het onaang$aan zijn1 ges*ikt om d5 vorm te vatt5 en na> mogelijkheid iets zoodanigs ma> niet dit d+ en zooals het wa>nem+sv]mog5 teg5ov] de wa>neemba>h$5 zoo moet de gee/ zi* v]h\d5 tot de d5kba>h$54 ,dus moet de gee/1 da> hij alles d5kt1 onv]m5gd zijn1 zooals ,anaxagoras zegt1 opdat hij behe]s*e d4w4z4 opdat hij k5ne2 want het vreemde dat zi* bijtoont h9d]t en v]sp]t2 dus heeft de gee/ ge5 &]e natuur dan dat hij iets 9 mogelijkheid is4 ,het gee/ g5oemde deel van de ziel 7gee/ noem ik dat wa>mee de ziel d5kt en opvat7 is dus 9 w]kzaamheid niets van de d+5 alvor5s te d5k54 ,da>om heeft het ook ge5 z9 dat hij v]m5gd is met het li*aam2 want dan z\ hij bepaald word51 k\d ( w>m1 ( hij z\ ook e5 z9tuig hebb51 zooals het wa>nem+sv]mog51 en to* heeft hij er ge54 ,en die de ziel de plaats d] vorm5 noem51 do5 niet v]ke]d1 do* niet de heele ziel ma> de d5k5de en de vorm5 niet 9 w]kzaamheid ma> 9 mogelijkheid4 ,dat het onaang$aan zijn van het wa>nem+sv]mog5 en het d5kv]mog5 niet gelijksoortig is1 blijkt bij de z9tuig5 en de wa>nem+4 #dbi;b4 ,want de wa>nem+ kan niet wa>nem5 na het 9 hooge mate wa>neemb>e b4v4 geluid na /]ke geluid5 ( na /]ke kleur5 en reuk5 zi5 ( ruik52 ma> de gee/1 wanne] hij iets ze] d5kba>s d5kt1 d5kt niet m9d] de m9d]e d5kba>h$5 ma> veele] me]2 want het wa>nem+sv]mog5 is niet zond] li*aam1 ma> de gee/ is ges*eid54 ,wanne] hij z alles wordt1 zooals m5 spreekt van de 9 w]kzaamheid kundige 7dit gebeurt wanne] hij door zi*zelf tot w]kzaamheid kan kom571 zoo is hij ook dan 9 zek] opzi*t 9 mogelijkheid1 ma> ma> niet zooals voordat hij gele]d ( gevond5 heeft2 en ook zi*zelf kan hij dan d5k54 #dbi b #aj-dcj a #i4 ,het onmiddellijke1 het ma!matis*e1 het begrip /aan v]s*ill5d teg5ov] d5 gee/4 ,als onaang$aan en zuiv] en zi*zelf d5k5d is de gee/ alles 9 mogelijkheid1 niets 9 w]kelijkheid vr zijn w]k+1 als e5 onbes*rev5 blad4 ,d5k5 en begrip zijn hetzelfde2 het zakelijke is begrip 9 mogelijkheid1 afgezi5 van de /(4 ,da> grootte en het begrip van grootte1 wat] en 't begrip van wat] te ond]s*eid5 is 7zoo ook bij vele &]e d+51 do* niet bij all51 want bij sommig5 is het hetzelfde7 oordeelt m5 het begrip van vlees* en het vlees* ook met iets &]s ( met iets 9 &]e v]h\d+2 want het vlees* is niet zond] de mat]ie ma> als het /ompneuzige1 bepaalde vorm 9 bepaalde mat]ie4 ,met het wa>nem+sv]mog5 nu oordeelt m5 ov] het w>me en k\de en die elem5t5 wa>van het vlees* e5 bepaalde v]h\d+ is2 het begrip van vlees* met iets &]s f iets ges*eid5s f dat is als de v]h\d+ van de gebrok5 lijn tot zi*zelf als ge/rekte4 ,v]d] bij de wiskundige d+5 het re*te als het /ompneuzige1 want het is gebond5 aan uitgebreidheid2 ma> het begrip1 als het begrip van het re*te en het re*te v]s*ill5d zijn1 is iets &]s2 laat het zijn tweeheid4 ,dus oordeelt m5 het met iets &]s ( dat zi* &]s v]h\dt4 ,en zooals dus 9 't geheel de zak5 ges*eid5 zijn van de mat]ie1 zoo ook gaat het met d5 gee/4 ,m5 kan vrag51 als de gee/ e5v\dig is en onaang$aan en met niets iets geme5 heeft1 zooals ,anaxagoras zegt1 hoe hij dan zal d5k51 indi5 het d5k5 is iets ond]gaan4 ,want 9 zoov] twee d+5 iets geme5 hebb51 is het e5e w]k5d het &]e lijd5d4 ,bov5di51 7is er de v]leg5heid71 als hij zelf d5kba> is4 ,want dan moet ( bij de &]e d+5 gee/ aanwezig zijn1 als de gee/ zelf niet om iets &]s d5kba> is en het d5kb>e n is 9 soort1 f de gee/ moet iets gem5gds hebb5 dat hem d5kba> maakt als de &]e d+54 ,ma> het lijd5 9 iets geme5s*appelijks is vroeg] ond]s*eid51 dat de gee/ 9 zek]5 z9 na> mogelijkheid de d5kba>h$5 is1 ma> niets 9 w]kelijkheid voordat hij d5kt4 #dcj;a4 ,m5 begrijpe het zoo als op e5 s*rijftafel1 wa>op niets 9 w]kelijkheid ges*rev5 is2 wat het geval is bij d5 gee/4 ,en zelf is hij d5kba> zooals de d5kba>h$54 ,want bij de d+5 zond] mat]ie is het d5k5de en het g$a*te hetzelfde2 want de !oretis*e k5nis en wat zoo gek5d wordt is hetzelfde4 ,de oorzaak dat m5 niet altijd d5kt moet nagegaan word54 ,9 de mat]ieele d+5 is 9 mogelijkheid elk d] d5kba>h$54 ,dus bezitt5 zij ge5 gee/ 7want de gee/ is de mogelijkheid d] zoodanige d+5 zond] hun mat]ie7 ma> de gee/ bezit wel het d5kb>e4 #dcj a #aj-;a #be4 ,als 9 de geheele natuur1 zoo ook 9 d5 gee/ ond]s*eid+ van mat]ie en vorm1 passieve en actieve gee/4 ,de actieve e5 ge/eldheid als 't li*t1 na> wez5 w]kzaamheid1 zelf/&ig1 onaang$aan1 zuiv] en alle5 on/]felijk en eeuwig zi*zelf4 ,die kan niet omvat word5 door het /]felijk bewu/zijn1 want de actieve gee/ d5kt niets zond] het /]felijk bewu/zijn1 dat e5heid van lijd5 en w]k5 is4 ,da> er1 ev5als 9 de heele natuur1 iets is e5]zijds mat]ie voor elk soort 7dat is wat 9 mogelijkheid al de d+5 van die soort is7 &]zijds het v]oorzak5de en bew]k5de doordat het alle d+5 maakt1 7zooals de v]h\d+ is tuss*5 de kun/ en de mat]ie71 zoo moet5 ook 9 de ziel deze ond]s*eid+5 aanwezig zijn4 ,en zoodanig is de e5e gee/ door alles te word51 de &]e door alles te mak51 als e5 ge/eldheid1 gelijk het li*t2 want op e5 zek]e wijze maakt ook het li*t de kleur5 na> mogelijkheid tot kleur5 9 w]kzaamheid4 ,en deze gee/ is ges*eid51 onaang$aan en ongem5gd1 van wez5 w]kzaamheid zijnde4 ,want altijd is hoog] het bew]k5de dan het lijd5de en het pr9cipe dan de /(4 ,en de k5nis 9 w]kzaamheid is hetzelfde als de zaak2 7de k5nis na> mogelijkheid gaat 9 tijd vooraf bij d5 enkele1 ma> 9 't geheel ook niet 9 tijd7 en deze gee/ d5kt niet nu wl1 dan niet4 ,op zi*zelf is hij alle5 dat wat hij is en dat alle5 is on/]felijk en eeuwig4 ,wij hebb5 er ge5 bewu/zijn van1 omdat dit onaang$aan is en de lijd5de gee/ v]gankelijk is en 7de actieve gee/7 zond] deze niets d5kt4 #dcj a #bf-;b #cj4 ,bij d5k5 van het ong$eelde ge5 wa>heid ( onwa>heid2 dat komt e]/ 9 de v]b9d+2 het v]b9d5de is de gee/4 ,d5k5 van het ong$eelde na> aantal ( na> de soort4 ,d5k5 van het negatieve en de teg5/ell+ en van wat ge5 teg5/ell+ heeft4 ,oordeel is wa> ( onwa>1 begrip van het wez5 /e$s wa>1 als het zi5 van het eig5lijk zi*tb>e4 #f4 ,het begrip nu d] ong$eeldh$5 betreft die d+51 wa>omtr5t ge5 onwa>heid is4 ,die1 wa>9 van wa>heid en onwa>heid sprake is1 zijn dan e5 v]b9d+ van begripp5 als e5 nheid vorm5de1 zooals ,emp$okles zeide3 gelijk van vel5 ho(d5 zond] hals ontsprot50 die dan door de liefde v]bond5 w]d51 zoo word5 ook deze ges*eid5 zijnde v]bond51 zooals het ond]l+ onmeetba> zijn en de diagonaal2 wanne] er sprake is van 9 't v]l$5 ( 9 de toekom/1 d5kt m5 er d5 tijd bij en /elt di5 sam54 #dcj;b4 ,want de onwa>heid ligt altijd 9 de v]b9d+2 imm]s noemt m5 het witte niet wit1 dan heeft m5 het niet witte v]bond54 ,m5 kan ook alles s*eid+ noem54 ,ma> zek] is niet alle5 't w>e ( onw>e dat ,kleon wit is1 ma> ook dat hij wit 0 ( zijn zal4 ,dat wat de e5heid bew]kt is bij alles de gee/4 ,aangezi5 het ondeelb>e tweev\diglijk geldt1 ( na> mogelijkheid ( 9 w]kzaamheid1 belet niets te d5k5 het ondeelb>e1 wanne] m5 d5kt de l5gte 7die is nl4 ondeelba> 9 w]kzaamheid7 ook 9 ondeelb>5 tijd3 want de tijd is deelba> en ondeelba> ov]e5kom/ig de l5gte4 ,nu kan m5 niet zegg5 wat m5 9 elk van beide helft5 d5kt2 want die be/aan sle*ts1 als de v]deel+ niet ges*i$t1 9 mogelijkheid4 ,d5kt m5 elk van beide helft5 afzond]lijk1 dan v]deelt m5 ook tegelijk de tijd en dan d5kt m5 7l5gte7 als l5gt54 ,d5kt m5 7l5gte7 als uit beide 7helft57 dan d5kt m5 ook 9 d5 tijd voor beid54 ,wat niet als grootte ma> soortelijk ondeelba> is1 d5kt m5 9 ondeelb>e tijd en met 't ondeelb>e van de ziel2 ma> bijkom/iglijk en niet zooals die vorig51 zijn deelba> wa>mee m5 d5kt en de tijd wa>9 m5 d5kt2 want ook 9 dez5 is iets ondeelba>s1 ma> miss*i5 niet ges*eid51 7't zelfde7 dat de tijd en de l5gte n maakt4 ,en dat is ev5zoo 9 alle uitgebreidheid van tijd en l5gte4 ,het punt en alle v]deel+ en wat zoo ondeelba> is1 wordt v]duidelijkt als de ontk5n+4 ,en de r$5e]+ is gelijk voor de &]e d+5 b4v4 hoe m5 het booze ( het zw>te k5t2 nl4 m5 k5t het zoo te zegg5 door het teg5ge/elde4 ,het k5n5de moet 9 mogelijkheid zijn en e5heid hebb54 ,als e5ige d] oorzak5 ge5 teg5deel heeft1 k5t zij zi*zelf en is 9 w]kzaamheid en ges*eid54 ,het oordeel spreekt iets uit van iets1 zooals de beve/ig+ en is altijd wa> ( onwa>2 het begrip niet altijd1 ma> het begrip van het d+ na> zijn wez5 is wa> en niet e5ige bepal+ omtr5t iets2 ma> zooals het zi5 van het eig5lijke wa> is1 ma> niet altijd wa> ( het witte e5 m5s* is ( niet1 zoo v]h\d5 zi* de on/(felijkh$54 #dca a #a-dca b #a4 ,het door het wa>neemb>e 9 w]kzaamheid gebra*te wa>nem+sv]mog51 leidt tot /rev5 en v]mijd52 voor het d5kv]mog5 zijn de voor/ell+5 als wa>neemba>h$54 ,er is e5 c5traliteit van wa>nem+4 ,die oordeelt ook ov] ongelijksoortige eig5s*app5 9 n54 #dca;a4 ,de k5nis 9 w]kzaamheid is hetzelfde als de zaak4 ,die 9 mogelijkheid is na> tijd e]d] 9 d5 e55 ma> 9 't geheel ook niet 9 tijd2 want alles wat wordt komt voort uit wat 9 w]kelijkheid is4 ,het blijkt dat het wa>neemb>e het wa>nem+sv]mog5 uit mogelijkheid tot w]kzaamheid br5gt1 want het lijdt ( v]&]t niet4 ,da>om is dit e5 &] soort van beweg+2 imm]s de beweg+ 0 de w]kzaamheid van het onvoltooide1 ma> de vol/rekte w]kzaamheid1 die van het voltooide1 is e5 &]e4 ,het wa>nem5 nu komt ov]e5 met het zegg5 en d5k5 alle52 wanne] m5 het aang5ame ( onaang5ame 7wa>neemt71 ov]e5kom/ig met beam+ ( ontk5n+1 /reeft m5 na ( v]mijdt2 en g5ot en sm>t gevoel5 is w]kzaam zijn met het wa>nem5d gemiddelde t5 opzi*te van het go$e ( het kwade als zoodanig4 ,en het v]mijd5 en de na/rev+ zijn 9 w]kzaamheid hetzelfde en het /reefv]mog5 en 't v]mijd+sv]mog5 zijn niet v]s*ill5d no* ond]l+ no* van het wa>nem+sv]mog51 ma> het begrip v]s*ilt4 ,voor de d5k5de ziel zijn de voor/ell+5 als wa>nem+52 wanne] zij bij go$ ( kwaad beaamt ( ontk5t1 v]mijdt zij ( /reeft zij na4 ,da>om d5kt de ziel nooit zond] voor/ell+4 ,en zooals de lu*t de pupil op bepaalde wijze a&oet en deze iets &]s en het gehoor ev5zoo1 en het laat/e n is en n gemiddelde1 ma> het begrip da>van veelv\dig #ei444 ,wa>mee m5 beoordeelt het v]s*il van zoet en w>m1 is ook vroeg] gezegd1 en 't kan ook z gezegd word54 ,het is nl4 e5 e5heid1 zooals ook de gr5s4 ,en deze1 n zijnde als door v]h\d+ en na> aantal1 v]h\d5 zi* tot elk van beid5 als die tot elka>2 want wat v]s*ilt het te vrag5 hoe m5 de ongelijksoortige d+5 beoordeelt ( de teg5deel5 als wit en zw>t3 laat als wit 7,a7 zi* v]h\dt tot zw>t 7,b7 zoo ,c /aan tot ,d1 dus ook omgeke]d4 ,als dus ,c ,d bij n d+ aanwezig is1 zal het zi* v]h\d5 als ,a ,b1 n en het zelfde1 ma> na> begrip niet hetzelfde en 't &]e ev5e5s4 ,dezelfde r$5e]+ geldt als ,a het zoete is en ,b het witte4 #dca b #b-ai4 ,d5k5 en voor/ell+ met ( zond] wa>nem+1 met ( zond] h&el+4 ,d5k5 van het afgetrokk5e4 ,de gee/ 9 w]kzaamheid is n met zijn object54 ,de begripp5 nu d5kt het d5kv]mog5 9 de voor/ell+5 en als da>9 7v]ke]5de7 ond]s*eidt zi* voor 't d5kv]mog5 het na/reefb>e en v]mijdb>e en buit5 de wa>nem+ wanne] het 9 de voor/ell+5 v]ke]t1 wordt het bewog5 b4v4 van het signaal wa>nem5de het vuur1 erk5t het door de algeme5e z9 de beweg+ zi5de1 dat er e5 vij& is4 ,&]s b]ek5t en ov]weegt het door de voor/ell+5 ( g$a*t5 9 de ziel als zi5de de toekom/ige d+5 teg5ov] de aanwezige2 en wanne] het zooals dr zegt het aang5ame ( onaang5ame1 zoo v]mijdt het hi] ( /reeft na en 9 't geheel bij het h&el54 ,en ook hetge5 zond] h&el+ is1 het w>e en onw>e1 is 9 't zelfde gesla*t met het go$e en kwade1 ma> het v]s*ilt als vol/rekt ( betrekkelijk4 ,de afgetrokk5h$5 d5kt het zooals m5 het wipneuzige z\ d5k5 als wipneuzig niet ges*eid51 ma> als hol1 z\ m5 het als m5 het 9 w]kzaamheid da*t1 zond] het vlees* d5k5 wa>9 de holheid is2 zoo d5kt het de wiskundige d+5 die onges*eid5 zijn als ges*eid51 wanne] m5 ge5e d5kt4 ,9 't geheel is de gee/ 9 w]kzaamheid de zak54 ,( het mogelijk is iets ges*eid5s te d5k5 zelf niet ges*eid5 zijnde van grootte ( niet1 moet lat] nagegaan word54 #dca b #bj-dcb a #ad4 ,de ziel is als 't w>e de voorw]p51 wa>neemba>h$5 en d5kba>h$5 als vorm52 de ziel is de vorm d] vorm5 als de h& het w]ktuig d] w]ktuig54 ,de d5kba>h$5 zijn 9 de wa>neemba>h$54 ,wa>nem+ en voor/ell+ zijn noodzakelijk voor het begrijp52 ma> voor/ell+ en g$a*te zijn niet hetzelfde4 #h4 ,wanne] wij nu het gezegde omtr5t de ziel sam5vatt51 zull5 wij zegg5 dat de ziel zoo te zegg5 de d+5 is2 want al de d+5 zijn ( wa>neemba>h$5 ( d5kba>h$5 en de k5nis is als 't w>e de k5ba>h$51 de wa>nem+ de wa>neemba>h$52 de nad]e bepal+ hi]van moet m5 zoek54 ,de k5nis nu en de wa>nem+ v]deel5 zi* ov] de d+51 die 9 mogelijkheid ov] mogelijkh$51 die 9 w]kelijkheid ov] w]kelijkh$54 ,van de ziel is het wa>nem+sv]mog5 en het k5v]mog5 9 mogelijkheid hetzelfde1 het e5e het k5b>e 't &] het wa>neemb>e4 ,dit moet5 ( de d+5 zelf ( de vorm5 zijn4 ,nu zijn het niet de d+5 zelf1 want niet de /e5 is 9 de ziel1 ma> de vorm2 zoodat de ziel is als de h&2 imm]s ook de h& is als het w]ktuig d] w]ktuig5 en de gee/ is de vorm d] vorm5 en de wa>nem+ de vorm d] wa>neemba>h$54 #dcb;a4 ,da> er ge5]lei d+ is buit5 de wa>neemb>e groo!d5 7en7 ges*eid51 zijn de d5kba>h$5 9 de wa>neemb>e vorm51 de als afgetrokk5h$5 gezegde en alles wat toe/&5 en bew]k+5 van de wa>neemba>h$5 zijn4 ,en da>om is 't onmogelijk zond] iets wa> te nem5 iets te le]5 ( te begrijp5 en wanne] m5 bespiegelt is het noodzakelijk met voor/ell+ te bespiegel52 want de voor/ell+5 zijn als wa>g5om5 d+5 do* zond] mat]ie4 ,de voor/ell+ is iets &]s dan beam+ ( ontk5n+2 want de wa>heid ( onwa>heid is e5 sam5voeg+ van begripp54 ,ma> wat zal het v]s*il zijn tuss*5 de e]/e begripp5 en de voor/ell+5 zijn8 ,veele] zijn ook de &]e ge5 voor/ell+51 ma> niet zond] voor/ell+54 #dcb a #ae-dcc a #cj4 ,plaatselijke beweg+ en zielsdeel54 ,/reefv]mog5 met g$a*te ( voor/ell+ bron van de plaatselijke beweg+ en 9 de e]/e plaats het /reefv]mog51 dat zi* ri*t op het als mogelijk go$ zi* voordo5de4 #i4 ,da> de ziel d] lev5de wez5s door twee v]mog5s bepaald is1 door het oordeelsv]mog51 wat het w]k is van d5k5 en wa>nem+ en bov5di5 door de plaatselijke beweg+1 zij ov] wa>nem+ en gee/ dit bepaald1 en moet5 wij nagaan wat wel 9 de ziel het beweg5de is1 ( het is e5 bepaald deel d] ziel1 ges*eid5 na> grootte ( 9 begrip1 ( de heele ziel en zoo e5ig bepaald deel1 ( het e5 bizond] deel is naa/ die gewoonlijk g5oemd word5 en die gezegd zijn ( e5 da>van4 ,wij hebb5 alva/ de moeilijkheid hoe m5 van zielsdeel5 moet sprek5 en van hoevele4 ,imm]s zij lijk5 9 zek] opzi*t onbepaald vele en niet alle5 die welke sommig5 #fj ond]s*eid51 het r$elijke1 h>t/o*telijke en bege]5de1 ( zooals &]5 het r$elijke en onr$elijke2 want 9 v]gelijk+ met de v]s*ill5 wa>door zij deze deel5 ond]s*eid51 zull5 &]e v]d] uit elka> blijk5 te /aan dan deze1 wa>ov] hi] ook gesprok5 is1 het vo$+sv]mog51 dat ook de gewass5 en alle di]5 hebb5 en het wa>nem+sv]mog51 dat m5 niet li*t ( onr$elijk ( r$elijk kan noem54 ,v]d] het voor/ell+sv]mog5 dat 9 't begrip van all5 v]s*ilt1 ma> wa>van het ze] moeilijk is te zegg5 met welk van deze het n is ( v]s*ilt1 als m5 ges*eid5 deel5 van de ziel aanneemt4 #dcb;b4 ,bov5di5 het /reefv]mog51 dat en 9 begrip en 9 w]k+ als van all5 v]s*ill5d geldt4 ,dan is het ong]ijmd dit uite5 te rukk52 imm]s 9 het r$elijke ligt de wil en 9 het niet-r$elijke de bege]te en de h>t/o*t2 wanne] de ziel dri$eelig is1 komt 9 elk deel het /reefv]mog54 ,e9delijk datg5e wa>van nu sprake is1 wat is het dat de plaatselijke beweg+ aan het lev5de wez5 geeft8 ,want de beweg+ van groei en afname1 die bij all5 aanwezig is1 zal voortkom5 uit het bij all5 aanwezige voortbr5g+s- en vo$+sv]mog52 ov] 9- en uitadem+1 slaap en wak5 moet5 wij lat] h&el5 #fa2 want ook da>bij do5 zi* vele vrag5 voor4 ,ma> wij moet5 nagaan omtr5t de plaatselijke beweg+1 wat het is dat aan het lev5de wez5 de beweg+ van het gaan geeft4 ,blijkba> niet het vo$+sv]mog52 want deze beweg+ heeft /e$s e5 doel en is v]gezeld van voor/ell+ ( /rev52 want zond] /rev5 ( v]mijd5 is er ge5 &]e beweg+ dan door geweld4 ,bov5di5 z\d5 dan ook de gewass5 beweg+sv]mog5 hebb5 en e5ig orgaan voor deze beweg+4 ,ev5m9 het wa>nem+sv]mog52 imm]s vele di]5 hebb5 wel wa>nem+ ma> zijn ru/5d en onbewegelijk /e$s door4 ,aang5om5 nu dat de natuur niets doelloos maakt no* iets noodzakelijks weglaat behalve 9 de gebrekkigh$5 en onvoltooidh$52 de zoodanige lev5de wez5s nu zijn voltooid en ge5 gebrekkigh$51 wa>voor het bewijs is dat zij teelkra*t hebb5 en wasdom en afname2 zoo z\d5 zij dus ook de organ5 voor d5 gang moet5 hebb54 ,ma> ook het d5kv]mog5 en de zoog5aamde gee/ is niet het beweg5de2 want de bespiegel5de gee/ d5kt niets betreff5de h&el+ en zegt niets omtr5t wat te v]mijd5 ( na te jag5 is1 t]wijl de beweg+ altijd is van iets v]mijd5 ( najag54 ,ma> zelfs niet als hij iets zoodanigs bes*\wt1 beveelt hij tegelijk na te jag5 ( te v]mijd5 b4v4 dikwijls b$5kt hij iets vreeswekk5ds ( aang5aams1 zond] dat hij gela/ te vreez51 ma> het h>t komt 9 beweg+ (1 bij het aang5ame1 e5ig &] deel4 #dcc;a4 ,v]d] ook als de gee/ gela/ en de g$a*te beveelt iets te v]mijd5 ( na te jag51 wordt m5 7da>door7 niet bewog5 ma> h&elt na> de bege]te1 gelijk de losb&ige4 ,en 9 't algeme5 zi5 wij1 dat hij die de g5eeskunde v]/aat1 niet g5ee/ als zijnde iets &]s besliss5d bij het do5 volg5s de wet5s*ap1 ma> niet de wet5s*ap4 ,ma> ook is het niet het /reefv]mog5 dat die beweg+ behe]s*t2 imm]s de zelfbehe]s*5d5 do5 ondanks /rev5 en bege]5 niet dat1 wa>toe zij neig+ hebb51 ma> volg5s d5 7r$elijk57 gee/4 ,het blijkt e*t] dat deze twee beweg51 ( /reefv]mog5 ( gee/1 als m5 de voor/ell+ e5 soort van d5k5 noemt2 want vel5 volg5 teg5 de k5nis de voor/ell+5 en de &]e di]5 bezitt5 ge5 d5k5 ( ov]weg+1 ma> voor/ell+4 ,dus zijn 't deze beid5 die de plaatselijke beweg+ gev51 gee/ en /reefv]mog51 nl4 de met e5 doel ov]weg5de1 praktis*e gee/2 deze v]s*ilt van de !oretis*e door het doel4 ,ook elk /reefv]mog5 betreft e5 doel2 imm]s het doel van het /rev5 is het beg9 van de praktis*e gee/ en het e9d da>van is 't beg9 van de h&el+4 ,dus blijk5 r$elijk]wijze deze twee de beweg5d51 /reefv]mog5 en praktis*e g$a*te2 want het nage/reefde beweegt en da>door de g$a*te1 omdat het nage/reefde ha> beg9 is4 ,ook wanne] de voor/ell+ beweegt1 doet zij dit niet zond] /rev54 ,dus is het n d+ dat beweegt1 het /reefv]mog54 ,want indi5 twee1 begrip en /rev51 bewog51 z\d5 zij dit uit e5 geme5s*appelijk5 vorm do54 ,nu e*t] blijkt het begrip niet te beweg5 zond] /rev52 want de wil is /rev51 en wanne] m5 na> de ov]weg+ bewog5 wordt1 wordt m5 ook na> d5 wil bewog54 ,het /rev5 beweegt teg5 de ov]weg+1 want de bege]te is e5 zek] /rev54 ,alle begrip nu is jui/2 /rev5 en voor/ell+ zo[el jui/ als niet jui/4 ,d]halve is het altijd het nage/reefde dat beweegt1 ma> dit is ( het go$e ( wat go$ lijkt1 en niet al het go$e ma> het go$e van de praktijk4 ,dit is wat de mogelijkheid toelaat van &]szijn4 #dcc a #ca-;b #cj4 ,we]/rev+5 bij /rev5 we]sprek5 niet de e5heid 9 het /reefv]mog54 ,v]b& met het li*amelijke4 ,ru/ bij de beweg+4 ,het /reefv]mog5 oorzaak van de plaatselijke beweg+ 9 v]b& met voor/ell+ uit g$a*te ( gewa>word+4 #dcc;b4 ,het blijkt nu dat het zoodanige zielsv]mog51 het zoog5aamde /rev51 beweegt4 ,die de ziel 9 deel5 v]deel51 krijg51 wanne] ze na> de v]mog5s v]deel5 en s*eid51 vele deel51 vo$+sv]mog51 wa>nem+sv]mog51 d5kv]mog51 b]aadslag+s5 /reefv]mog52 want het ond]s*eid tuss*5 dez5 is groot] dan tuss*5 de bege]te en de h>t/o*t #fb4 ,da> /rev+5 voorkom5 met elka> 9 /rijd1 en dit gebeurt wanne] de r$e en de bege]t5 9 /rijd zijn en bij h51 die wa>nem+ van tijd hebb5 7want de gee/ v]zet zi* weg5s de toekom/1 de bege]te gela/ om het oog5blikkelijke #fc2 imm]s het oog5blikkelijk aang5ame lijkt vol/rekt aang5aam en vol/rekt go$1 doordat m5 de toekom/ niet ziet71 zoo is na> vorm het beweg5de n1 het /reefv]mog5 als zoodanig en all]e]/ het nage/reefde 7want dit beweegt zond] bewog5 te word5 door g$a*t ( voorge/eld te word571 ma> na> aantal zijn de beweg5d5 me]4 ,da> er drie zijn1 e5 het beweg5de1 het twe$e wa>door het beweegt en v]d] het d]de wat bewog5 wordt1 en het beweg5de is dubbel1 deels onbewog5 deels beweg5d en bewog5 word5d2 zoo is het onbewog5e het go$e van de praktijk1 het beweg5de en bewog5 word5de het /reefv]mog5 7want het /rev5de als zoodanig wordt bewog5 en het /rev5 als w]kzaamheid is e5 beweg+7 en het bewog5 word5de het lev5de wez51 en het w]ktuig e9delijk wa>m$e het /rev5 beweegt is li*amelijk2 d]halve moet dat ond]zo*t word5 bij de geme5s*appelijke v]ri*t+5 van ziel en li*aam4 ,nu1 9 ho(dzaak gezegd1 is het door organ5 beweg5de da> wa> beg9 en e9de hetzelfde is1 zooals het gewri*t2 want da> is het gebog5e en het holle 't e5e e9de 't &]e beg92 da>om ru/ het e5e en het &]e wordt bewog51 na> begrip v]s*ill5d ma> 9 uitgebreidheid onges*eid52 want alles wordt door /oot en trek bewog54 ,da>om moet er als 7't middelpunt7 9 e5 cirkel iets ru/51 en da>van moet de beweg+ beg9n54 ,9 't geheel dus1 zooals gezegd is1 is het lev5de wez5 als voorzi5 van /reefv]mog5 voorzi5 van 't v]mog5 van zelfbeweg+2 het bezit van /reefv]mog5 is niet zond] voor/ell+2 alle voor/ell+ is ( v]/&elijk ( uit de gewa>word+4 ,deze is ook het deel van de &]e lev5de wez5s4 #dcc b #ca-dcd a #ba4 ,/rev5 en r$5e]+ 9 w$]zijds*e v]h\d+ en we]/rev+ 9 het /rev54 ,het bizond]e1 niet het algeme5e1 uitgangspunt van het /rev54 ,wij moet5 ook nagaan wat het beweg5de is bij de onvolmaakte wez5s die alle5 d5 ta/z9 als gewa>word+ hebb51 ( deze voor/ell+ en bege]te kunn5 hebb5 ( niet4 #dcd;a4 ,het blijkt dat zij voor sm>t en g5ot plaats hebb54 ,met deze moet5 zij noodzakelijk ook bege]te hebb54 ,ma> hoe z\d5 zij voor/ell+ kunn5 hebb58 ,( zooals zij zi* onbepaald beweg51 zoo zijn er ook deze v]mog5s 9 aanwezig ma> onbepaald4 ,de op gewa>word+ b]u/5de voor/ell+ nu is1 zooals gezegd is1 ook 9 de &]e lev5de wez5s aanwezig1 die uit de ov]weg+ voortkomt1 9 de met r$e begaafd52 want de keus tuss*5 twee h&el+5 is t5 slotte het w]k van r$5e]+ en maakt e5 maat/af noodzakelijk1 want m5 zoekt het groot]e4 ,dus kan zij uit me]d]e voor/ell+5 er n mak54 ,en dit is de oorzaak dat zij zond] oordeelskra*t lijkt1 omdat zij het oordeel uit de sluitr$e niet heeft1 wel omgeke]d dat ha>4 ,da>om heeft het /rev5 niet de oordeelskra*t1 soms e*t] ov]treft het die en beweegt d5 wil2 soms deze het /rev51 soms als de bal het e5e /rev5 het &]e #fd1 wanne] er losb&igheid is2 van nature is altijd de hoog]e he]s*5d en beweegt2 zoodat er t5 slotte drie beweg+5 geld54 ,het wet5de wordt niet bewog5 ma> ru/4 ,da> opvatt+ en begrip deels het algeme5e deels het bizond]e betreft1 7de e]/e nl4 zegt dat de zoodanige het zoodanige moet do51 de twe$e3 dit nu is zoodanig en ik b5 e5 zoodanige71 is het t5 slotte deze me5+ die beweegt1 niet de algeme5e2 ( beid51 ma> de e5e me] ru/5de1 de &]e niet4 #dcd a #bb-dce b #be4 ,rangorde 9 de zielsv]mog5s en ov]e5kom/ige bepaaldheid des li*aams4 ,de ta/z9 als het algeme5/e v]eis*t het sam5ge/eld-zijn van het li*aam en zij is zelf noodzakelijk voor het be/aan1 de &]e z9n5 voor het hoog]e4 ,de vo$5de ziel moet noodzakelijk alles hebb5 wat leeft en ziel heeft #fe van de geboorte af en tot d5 ond]gang2 want het is noodzakelijk dat het gebor5e groeit en hoogtepunt en ond]gang heeft en dit is onmogelijk zond] vo$+2 dus moet noodzakelijk de vo$+skra*t aanwezig zijn 9 alles wat groeit en afneemt4 ,gewa>word+ is niet noodzakelijk 9 alle lev5de wez5s2 want alle wi] li*aam enkelv\dig is1 kunn5 ge5 ta/z9 hebb51 no* die de vorm5 niet kunn5 opnem5 zond] de mat]ie4 ,ma> het di] moet noodzakelijk gewa>word+ hebb51 indi5 de natuur niets doelloos maakt4 ,want alle natuurlijke d+5 /rekk5 tot iets ( zijn bijkom/igh$5 van de doelbeoog5de d+54 ,indi5 dus elk li*aam dat loop5 kan1 als het ge5 gewa>word+ bezat1 z\ omkom5 en zijn voltooi+ niet z\ b]eik51 wat het w]k van de natuur is2 imm]s hoe zal het zi* vo$58 #dcd;b4 ,de ru/5de imm]s hebb5 datg5e wa>uit zij gegroeid zijn 7als vo$+sbodem74 ,ook is het niet mogelijk dat e5 li*aam e5 ziel en oordeel5de gee/ heeft ma> ge5 gewa>word+ bezit1 wanne] het niet ru/5d is en iets geword5s is4 ,want wa>om z\ het die hebb58 ,( is 't belang van de ziel ( van 't li*aam4 ,9 't ge/elde geval ge5 van beid52 want de ziel zal to* niet kunn5 d5k5 en 't li*aam niet me] kunn5 be/aan da>door4 ,dus heeft ge5 li*aam1 dat niet ru/5d is1 e5 ziel zond] gewa>word+4 ,v]d] als het li*aam gewa>word+ heeft1 moet het ( enkelv\dig ( gem5gd zijn4 ,ma> het kan niet enkelv\dig zijn1 want dan kan het ge5 ta/z9 hebb51 die het noodzakelijk moet hebb54 ,dit blijkt uit het volg5de4 ,da> imm]s het lev5de wez5 e5 bezield li*aam is en alle li*aam ta/ba>1 d4i4 wa>neemba> voor d5 ta/z9 is1 moet ook het li*aam van het lev5de wez5 ta/gevoel hebb5 als het 9 /& zal blijv54 ,want de &]e gewa>word+5 als reuk1 gezi*t1 gehoor gaan door midd5/(f51 ma> als er aanrak+ is zond] gewa>word+1 zal het wez5 niet 9 /aat zijn het e5e te v]mijd5 het &]e te nem5 en 9 dat geval zal het zi* niet kunn5 h&hav54 ,da>om ook is de smaak als e5 ta/gevoel1 want zij betreft het vo$sel en het vo$sel is het ta/b>e li*aam4 ,geluid en kleur en reuk vo$5 niet no* v]oorzak5 groei ( afname4 ,dus moet ook de smaak e5 ta/gevoel zijn1 omdat zij de gewa>word+ van het ta/b>e en vo$5de is2 deze nu zijn noodzakelijk voor het lev5de wez5 en het is duidelijk dat zond] ta/gevoel ge5 lev5d wez5 kan zijn4 ,de &]5 zijn voor het hoog]e en moet5 dan ook niet voor e5 willekeurig soort aanwezig zijn ma> voor sommig51 als voor het voortga&e2 want indi5 dit zi* zal h&hav5 moet het niet alle5 bij aanrak+ ma> ook op af/& gewa>word54 ,dit is mogelijk1 wanne] het gewa>word+ heeft door de midd5/(1 doordat deze door het wa>neemb>e aang$aan wordt en het lev5d wez5 door de midd5/(4 ,want zooals het plaatselijk beweg5de tot e5 bepaald punt doet v]&]5 en het /oot5de iets &]s doet /oot5 en de beweg+ 9 het midd5 is en het e]/e /oot zond] ge/oot5 te word51 het laat/e alle5 ge/oot5 wordt zond] te /oot5 en het midd5 beid51 t]wijl het midd5 veelv\dig is1 zoo is het ook met v]&]+1 behalve dat die plaats heeft t]wijl het voorw]p zijn plaats bewa>t1 zooals indi5 m5 7iets7 9 0 doopt1 de 0 zoov] bewog5 wordt als het indoop5 gaat2 e5 /e5 9 't geheel niet1 ma> 't wat] v] door en de lu*t wordt het v]/ bewog5 en doet aan en wordt aang$aan als hij blijft en n is4 #dce;a4 ,da>om is het betreff5de we]kaats+ bet] 7te zegg571 niet dat het gezi*t uitga&e we]kaat/ wordt1 ma> dat de lu*t door d5 vorm en kleur aang$aan wordt tot zoov] hij n is4 ,op het gladde is hij n2 da>om beweegt w$] deze het gezi*t1 ev5 als( het m]k 9 de 0 doorgevo]d w]d tot aan het e9de4 ,dat het li*aam van het lev5de wez5 niet enkelv\dig kan zijn b4v4 van vuur ( lu*t1 is duidelijk4 ,want zond] ta/gevoel kan het ge5 &]e gewa>word+ hebb52 want alle bezield li*aam bezit ta/z91 zooals gezegd is4 ,de &]e elem5t5 behalve a>de kunn5 z9tuig5 zijn1 en all5 bew]k5 de wa>nem+ door iets &]s1 de midd5/(f54 ,de ta/z9 v]eis*t de aanrak+ van de d+5 zelf en heeft da>door di5 naam4 ,ev5wel ook de &]e z9tuig5 nem5 door aanrak+ wa>1 ma> door iets &]s he51 de ta/z9 blijkt alle5 door zi*zelf wa> te nem54 ,dus kan ge5 li*aam van het lev5d wez5 uit d]gelijke elem5t5 zijn4 ,ook niet van a>de4 ,want de ta/z9 betreft alle ta/ba>h$5 als e5 gemiddelde en het z9tuig neemt niet alle5 de v]s*ill5 van a>de op1 ma> ook van w>m en k\d en alle &]e ta/ba>h$54 ,en da>om nem5 wij door be5d]51 h>5 en d]gelijke deel5 niet wa> omdat die van a>de zijn4 #dce;b4 ,en de plant5 hebb5 da>door ge5 wa>nem+ omdat zij van a>de zijn2 ma> zond] ta/z9 kan ge5 &]e gewa>word+ aanwezig zijn en dat z9tuig is no* van a>de no* van e5 &] elem5t4 ,het blijkt nu dat b]o(d van deze wa>nem+ alle5 de lev5de wez5s noodzakelijk moet5 /]v52 want het is niet mogelijk dat e5 niet-lev5d wez5 deze heeft no* is het noodzakelijk dat e5 lev5d wez5 e5 &]e behalve deze heeft4 ,en da>om v]nietig5 de &]e wa>neemba>h$5 door ov]maat het lev5de wez5 niet1 als kleur en geluid en reuk1 ma> alle5 de z9tuig51 behalve bijkom/iglijk als b4v4 met het geluid tegelijk /oot en slag komt en door gezi*t5 en reuk &]e d+5 bewog5 word5 die door aanrak+ v]nietig54 ,ook de smaak v]nietigt 9 zoov] hij tev5s als aanrak5d w]k5 kan4 ,ma> de ov]maat d] ta/ba>h$5 als w>me k\de en h>de d+5 v]nietigt het lev5de wez52 want de ov]maat van elke wa>neemba>heid v]nietigt het z9tuig1 dus ook het ta/b>e d5 ta/z9 en da>door is het lev5 bepaald1 want er is aangetoond dat zond] ta/z9 het lev5d wez5 niet kan be/aan4 ,da>om v]nietigt de ov]maat d] ta/ba>h$5 niet alle5 het z9tuig1 ma> ook het lev5de wez51 omdat het noodzakelijk dez5 z9 alle5 moet bezitt54 ,de &]e gewa>word+5 heeft het lev5d wez51 zooals gezegd is1 niet om het be/aan ma> om het hoog]e1 als gezi*t omdat het 9 lu*t en wat]1 ( 9 't algeme5 9 het doors*ijn5de is en moet zi51 smaak om het aang5ame en onaang5ame 9 het vo$sel wa> te nem5 en te bege]5 en aang$aan te word51 gehoor om e5 m$$eel+ te ontvang51 de tong om aan e5 &] e5 m$$eel+ te do5 #ff4 ,,e9de4 ,,aanteek5+5 #a ,zie ook b5$54 #b en zuiv]d] 9 ,pr(4 ,boll&'s logica4 #c ,inleid+ ,no4 #g4 #d ,b4v4 die d] meetkundige figur54 #e ,afleid+ als 9 de meetkunde2 ontl$+ na> gesla*t soort en het enkele1 als 9 ,plato's ,sophi/a en ,politicus4 #f ,bij de beh&el+ d] getall5 gaat m5 uit van de e5heid1 het ges*eid5e2 bij de vlakk5 van de lijn1 het sam5hang5de4 #g ,inl4 ,no4 #f4 #h ,inl4 ,no4 #i4 #i ,na> 't ,grieks*e idioom 7bijna niem&07 v]taal ik zoo hi] 4 #aj ,ev5zoo ook bij de &]e 7v]mog5s70 zegt ,a4 uitvo]ig]1 hi] en eld]s4 #aa ,bewijs 77 gaat uit van het begrip en br5gt het tot /& 7,zell] die ,phil4 d] ,gr4 ,,ii #b p4 #bcc #c;e dr474 #ab ,het re*te op zi*zelf komt niet voor2 als 't rak5 zal1 moet het voorkom5 d4i4 aan e5 li*aam v]s*ijn54 ,de dan mogelijke v]h\d+ van het beli*aamde re*te teg5ov] d5 kop]5 bol1 is als raakv]h\d+ op zi*zelf g5om5--d4i4 afgezi5 van de /( van li*aam en bol--eig5s*ap van het re*te op zi*zelf4 ,zoo kan de ziel1 ook niet ges*eid5 van het li*aam1 to* eig5s*app5 op zi* zelf hebb54 #ac ,zie #dcb b #bi vlg4 #ad ,inl4 ,no4 #d4 #ae ,de geheel bizond]e eig5s*app5 van e5 enkel voorw]p1 die niet als algeme5h$5 te beh&el5 zijn4 #af ,hi]a*t] /aat 9 de h&s*rift53 hij noemt de bolvormige vuur en ziel01 v]ke]d uit e5 aan 't volg5de ontle5de r&aanteek5+ +evoegd4 ,9 't volg5de moet uit ,cod4 ,v vuur0 opg5om5 word54 #ag ,h]motimus van ,clazom5ae 7,metaph4 #ihd b #ai74 #ah ,moet zijn3 buit5 wa>nem+2 b$welmd door d5 slag4 #ai ,zie b5$54 #bj ,d4i4 de w]eld als d5kba>heid1 die het ov]ige0--dus de ziel ook--omvat4 ,z 9 de mondel+e voordra*t5 van ,plato4 #ba ,dit alles na> 't laat/e /adium van het ,platonisme1 wa>9 idee en getal v]e5zelvigd w]d en van het getal de e5heid en de onbepaalde #b7veelheid7 de elem5t5 zijn4 #bb ,anaxagoras4 #bc ,slaat miss*i5 op 't e9de van p4 #djc;b ( e]d] op de ,physica 7#bef b #bc vlg47 #bd ,d4i4 v]nietigd word51 volg5s ,philoponus4 #be ,plato ,tim4 p4 #cd ,b enz4 #bf ,oneig5lijke naamgev+ duidt ,a4 vaak aan door bijvoeg+ van het teg5woordig deelwoord 0 g5oemd word5d04 #bg ,bet] z9 krijgt m5 door voorvoeg+ d] ontk5n+ 773 ,het blijkt niet ook nmaal mogelijk0 7nl4 hetzelfde te d5k574 #bh ,miss*i5 word5 de laat/e twee z9n51 bet] omgezet4 #bi ,inl4 #d4 #cj ,slaat wa>s*ijnlijk op d5 ,eudemus1 e5 v]lor5 dialoog van ,ari/oteles 7,zell] ,,iii p4 #aab n4 #c74 #ca ,(3 bewu/zijn4 #cb ,teg5 ,x5okrates' bepal+ van de ziel als e5 zelfbeweg5d getal vo]t ,a4 aan3 #a4 het getal1 als e5heid 7monade7 is onond]s*eid53 de zielsmonade moet ond]s*eid+ hebb5 van beweg5 en bewog5 word54 #b4 ,zielsmonade 9 het li*aam is als e5 punt3 bij beweg+ alzoo dus lijn1 vlak enz4 #c4 ,getal v]&]t bij bew]k+2 ziel bij bew]k+ van het zielige niet /e$s b4v4 bij plant5 en lag]e di]soort54 #d4 ,de ,demokritis*e molekels word5 bewog5 en hi]9 ligt niet ha> v]s*il met monad52 die dus ook ond]s*eid5 z\d5 moet5 zijn4 #e4 ,zijn li*aamspunt5 en monad5 ond]s*eidd5 dan zull5 to* /e$s #a punt en #a monade sam5 zijn1 dus twee 7( dan ook wel e9deloos vel57 op n plaats zijn4 #f4 ,volg5s ,x4 z\ alles bezield moet5 zijn4 #g4 ,s*eid+ van ziel en li*aam is volg5s hem onbegrijpelijk4 #cc ,uit #b deel5 a>de #b wat] en #d vuur4 #cd ,liefde 77 en ,/rijd 77 zijn bij ,emp$okles de kra*t5 die het ,al 7de ,sphaira7 v]e5ig5 en s*eid54 #ce ,elk van beide !orien is gebrekkig en de beid5 omvatt5de betreft niet alle ziel4 #cf ,woord5 van ,plato 7,pha$o #hj ,c74 #cg ,inl4 #i4 #ch ,plato4 ,tim4 #fi ,d4 #ci ,b5$5 dezelfde z9 bij de ziel als doel1 wa>bij de p]soon voorop /aat2 hi] de zaak3 de eeuwigheid4 #dj ,be/aan niet me] van ,ari/oteles4 #da ,slaat op het ges*rift #8,ov] word5 en v]gaan1' #cbc;b #ah vlg4 #db ,bij de afzond]lijke mom5t5 d] beweg+4 #dc ,ik lees i4 pl4 v4 d5 #do4 naamval4 #dd ,de zi*tba>heid is niet het wez5 van het d+1 no* k5m]k1 no* grond van de def9itie4 #de ,de ae!r4 #df ,b5$53 dezelfde natuur is nu e5s dui/]nis dan we] li*t0 7#dah b #ca74 #dg ,lees 4 #dh ,hi]voor zegt het grieks*3 het s*]pe en 't zw>e4 #di ,niet elk0 moet +ela/ word5 7b5$5 #bi74 #ej ,n4l4 droog4 #ea nl4 lu*t en wat]4 #eb ,zie ov] word5 en v]gaan0 ,,ii c4 #b en #c4 #ec ,lees het lidwoord vr 4 #ed ,ik lees 77 4 #ee ,odyss4 #acf sq4 444 als de dag1 di5 ,zeus aanbr5gt04 #ef ,lees3 7 7 4 #eg ,omtr5t de grootte van de zon is voor/ell+ met me5+ 9 /rijd4 ,w>5 zij id5tiek1 dan z\ m5 zijn w>e me5+ v]lor5 moet5 hebb5 ( 7voor/ell+ en7 me5+ tegelijk wa> en onwa> moet5 zijn4 ,ma> als 't voorw]p ongem]kt v]&]t1 dan wordt alle5 de me5+ onwa>1 niet de gewa>word+ tev5s4 ,voor/ell+ is dus niet v]e5ig+ van gewa>word+ en me5+4 #eh ,iets uitgelat5 als one*t4 #ei ,deze z9 ov] de c5traliteit van wa>nem+ is defect vgl4 #dbf b #ab etc4 ,het volg5de is onduidelijk4 ,v]h\d+0 77 /aat voor ov]e5kom/igheid4 #fj ,slaat op ,plato4 #fa ,9 de zoog54 ,p>va naturalia4 #fb ,bij ,plato4 #fc ,lees3 1 ' 4 #fd ,+evoegd3 vr vgl4 #dai b #bg4 #fe ,lees met enkele ,h ,s ,s4 en ,bekk]4 #ff ,vgl4 #dbj b #ah-bj4