,maximes van ,la ,rochefoucauld ,illustratie3 ,postret ,,maximes van ,la ,rochefoucauld ,vertaald door ,dr4 ,d4 ,f4 ,scheurleer ,illustratie3 ,uitgever logo ',s-,,gravenhage ,,martinus ,,nijhoff #aibb ,,inhoud4 ,inleiding #g ,voorrede der uitgave van #affe #ij ,voorrede der uitgave van #afgh #if ,maximes #ii ,portret van ,la ,rochefoucauld door hemzelf #beb ,portret van ,la ,rochefoucauld door ,kardinaal de ,retz #bff ,register #bga ,,inleiding4 ,i4 ,zelden volgden hevig ontroerende gebeurtenissen elkander z onafgebroken op1 als in ,frankrijk gedurende de eeuw1 na den dood van ,koning ,hendrik ,,ii4 ,het land was bezig zich tot een organisch geheel te vormen maar de omstandigheden waren daartoe niet gunstig4 ,een reeks onbekwame1 krachtlooze koningen1 zonder levensdoel1 veelal speelbal van gunstelingen1 volgden elkander op en bovendien herhaalde zich telkens het rampzalige feit1 dat hij1 die den troon moest bestijgen1 veel te jong was om de teugels van het bewind in handen te nemen4 ,frans ,,ii1 die in #aeei koning werd1 was #ae jaar oud1 en stierf na achttien maanden4 ,zijn opvolger1 ,karel ,,ix1 had toen den leeftijd van #aj jaren bereikt4 ,op het oogenblik1 dat deze overleed1 was hij niet ouder dan #bd4 ,hendrik ,,iii1 die nu den troon besteeg1 was #bc jaar oud1 maar in den oorlog tegen de ,hugenoten had hij ten minste gelegenheid gehad zekere zelfstandigheid te verwerven4 ,een dolkstoot van een fanatieken monnik maakte een einde aan zijn leven1 dat aan ,frankrijk geen heil had gebracht 7#aehi74 ,naast en boven deze drie broeders stond altijd de moeder1 ,catharina de ,medici1 een karaktervolle vrouw1 een wonderlijk mengsel van heerschzucht en slimheid1 nu eens scherp doortastend1 dan weer wankelmoedig4 ,wanneer ergens de woorden van den ,prediker kunnen worden aangehaald1 dan is het hier3 ,wee u1 land1 welks koning een kind is04 ,meer dan ooit staken de partijen het hoofd op1 om zich van het oppergezag meester te maken4 ,het volk1 door middel der parlementen1 begon zich te doen gelden1 maar bovenal was het de adel1 die van den koning een willoos werktuig trachtte te maken4 ,een derde macht had zich in den ,staat gevormd3 de ,hugenoten4 ,de vrije uitoefening van den ,protestantschen godsdienst was voorzeker een hoofddoel van hun optreden1 maar niet kan worden ontkend1 dat ook zij dongen naar het bezit van het roer van staat4 ,zoo kwam het niet minder dan achtmaal tot een ,hugenoten-oorlog4 ,nu eens sloot men vrede in het voordeel der ,protestanten1 aangevoerd door de ,bourbons1 dan weder waren de ,katholieken1 onder de ,guises1 aan de winnende hand4 ,en aangezien het ,hof noch de oppermacht van de ne1 noch die der andere partij kon gedoogen1 trad het met niets ontziende heftigheid1 afwisselend tegen beide op4 ,moordaanslag op den admiraal de ,coligny1 ,bartholomeus-nacht1 moord der ,guises1 enz4 enz4 ,de ,italiaansche methodes werden toegepast4 ,met de troonsverheffing van ,hendrik ,,iv1 #aehi1 scheen een beter tijdperk te zijn aangebroken4 ,er was een persoonlijkheid opgetreden1 die wist wat hij wilde en den moed had datgene te doen1 wat hem noodzakelijk toescheen1 zelfs ten derde male een verandering van geloof6 ,en daar er kracht van hem uitging werd hij toegejuicht4 ,de vijanden joeg hij het land uit1 verscheidene stukken gebied voegde hij aan het rijk toe2 de geldmiddelen liet hij behoorlijk beheeren en weldra was hij de meest populaire koning1 dien ,frankrijk ooit gehad heeft4 ,dat hij op het punt van zedelijkheid uiterst vrije begrippen had was geen hinderpaal4 ,men was daar sedert lang aan gewend4 ,zijn vroegeren geloofsgenooten1 den ,hugenoten1 schonk hij het ,edict van ,nantes4 ,hij verleende hun daarbij vrijheden1 maar niet verder1 dan hij met zijn koninklijk gezag oirbaar achtte4 ,juist was hij voornemens zich in den dertigjarigen oorlog te mengen met het doel ,frankrijk den ,rijn als grens te verschaffen1 toen een moordenaar hem neervelde4 ,een voor zijn land zeer kostbaar leven werd hierdoor plotseling afgesneden4 ,kenschetsend voor de toenmalige toestanden is hetgeen nu geschiedde4 ,de ,koning liet slechts een achtjarigen zoon na1 ,lodewijk ,,xiii4 ,men wist niet recht op welke wijze de moeder1 ,maria de ,medici1 tot ,regentes uit te roepen4 ,toevallig had het ,parlement zitting4 ,daaraan werd onverwijld verzocht te voorzien in het regentschap en de regeering van het rijk3 er werd aan toegevoegd1 dat er geen onzekerheid kon bestaan aangaande de keuze1 namelijk die der ,koningin-,weduwe4 ,de zitting was nauwelijks geopend of de generaal der infanterie trad binnen1 den degen in de hand1 om de ,heeren er op te wijzen1 dat de zaak spoed vereischte4 ,een uitnoodiging om plaats te nemen werd door hem afgeslagen4 ,op gelijke wijze verscheen de ,hertog de ,guise4 ,het gevolg was1 dat het gewenschte besluit onmiddelijk werd genomen4 ,twee en een half uur na den moord was de ,regentes benoemd2 doch bij nader inzien vond het ,hof1 dat op deze wijze het aanzien van het ,parlement te zeer was gestegen4 ,er werd dus tegen den volgenden dag een ,lit de ,justice0 in het ,parlement beroepen1 alwaar1 alsof er niets beslist was1 de ,koningin-,weduwe en de jonge ,koning met groote statie verschenen1 toespraken hielden en ten slotte het arrest werd uitgesproken1 dat de ,koning zijn moeder tot ,regentes benoemde4 ,een sprekend bewijs van het gebrek aan afbakening der bevoegdheden4 ,de ,regentes was door haar zwak karakter niet opgewassen tegen de moeilijkheden van haar taak4 ,reeds vier jaar later verklaarde de ,koning zich meerderjarig en in #afag volgde zelfs de verbanning zijner moeder2 haar gunsteling ,concini werd vermoord4 ,lodewijk had niet de kracht van zijn vader gerfd4 ,hij was beperkt van geest1 jaloersch1 achterdochtig4 ,zijne eerste raadgevers hielpen hem niet over de moeilijkheden heen1 daarin kwam eerst in #afbd verandering1 toen ,richelieu de leiding kreeg4 ,bij uitstek merkwaardig is de schets1 die de ,kardinaal in zijn ,politiek ,testament0 van den toestand van ,frankrijk bij zijn optreden geeft3 ,toen ,uwe ,majesteit besloot mij tegelijkertijd zitting in uwen raad en voor de leiding der zaken een groot deel van uw vertrouwen te schenken1 kan ik naar waarheid verklaren1 dat de ,hugenoten den ,staat met u deelden1 dat de grooten zich gedroegen alsof zij geen onderdanen en de machtigste gouverneurs der provincin alsof zij souverein in hun ambt waren444444 ieder mat zijn verdienste met den maatstaf zijner vermetelheid4444 ,de meest ondernemenden waren het meest geacht en gevoelden zich veelal het gelukkigst40 ,in de #ah jaren van zijn beheer heeft de ,kardinaal niet stil gezeten2 het einddoel was de versterking van het monarchale beginsel4 ,de opstandige hooge adel moest worden overwonnen1 de ,hugenoten verjaagd uit eigen vestingen en sterkten1 tegen ,engeland1 ,spanje en ,oostenrijk moest worden front gemaakt4 ,tallooze intriges en complotten maakten hem het leven zuur1 maar hij wist zich te verdedigen2 vele groote ,heeren moesten voor den scherprechter het hoofd buigen1 en zelfs den ,koning dwong hij zijn vijanden aan hem uitteleveren4 ,bij zijn dood was ,frankrijk een krachtige staat geworden4 7#afdb74 ,en toen weinige maanden later zijn ,koning overleed was er wederom slechts een knaap1 ditmaal #d jaar oud1 om optevolgen4 ,en wederom een ,koningin-,weduwe1 ,anna van ,oostenrijk1 als ,regentes4 ,onmiddelijk gaf deze de leiding over aan ,mazarin1 die het voorbeeld van zijn voorganger volgde en zich tot taak stelde de centralisatie van het ,rijk verder doortevoeren en in de buitenlandsche politiek een rol te spelen4 ,met zijn scherpzinnigheid en taaiheid wist hij menig succes te behalen1 maar het aantal tegenstanders groeide voortdurend aan4 ,bij alle partijen werd de ,italiaan0 doodelijk gehaat4 ,zoodoende kon het tot den wonderlijken burgeroorlog komen1 die den naam van ,fronde draagt1 en gedurende de jaren #afdh-afec de ontwikkeling van ,frankrijk ten eenenmale verhinderde4 ,van den aanvang aan was deze oorlog1 feitelijk alleen de verdrijving van den ,kardinaal ten doel hebbende1 tot mislukking gedoemd4 ,adel en ,parlement1 die hier samengingen1 hadden te zeer tegenstrijdige belangen om tot een1 beide partijen bevredigend1 resultaat te kunnen komen4 ,wel gelukte het hun den ,kardinaal tijdelijk te dwingen het land te verlaten1 maar dit was slechts van korten duur4 ,noch de hooge adel1 noch de geestelijkheid onder ,kardinaal de ,retz1 noch de parlementen hadden voldoende uithoudingsvermogen om het tegen de ,koninklijke regeering vol te houden4 ,een algemeene moedeloosheid en een overal op den voorgrond tredend verlangen naar rust maakten een einde aan den burgeroorlog4 ,tot aan zijn dood1 #affa1 bleef ,mazarin zijn post bekleeden2 daarna nam ,lodewijk ,,xiv zelf de teugels van het bewind in handen1 en hij bleek de schitterendste verpersoonlijking van het begrip der absolute monarchie te zijn4 ,hij verdiende den naam van ,roi ,soleil4 ,voor ,frankrijk was een der schitterendste tijdperken zijner geschiedenis aangebroken4 ,,ii4 ,franois ,,vi1 ,hertog de la ,rochefoucauld1 werd den #ae ,september #afac geboren4 ,als oudste van #ab kinderen droeg hij aanvankelijk den naam van ,prins de ,marcillac1 naar een der familie-goederen2 eerst na den dood van zijn vader1 in #afej1 erfde hij den ,hertogenlijken naam4 ,zijn familie behoorde tot de oudste en voornaamste geslachten van ,frankrijk4 ,zij stamde af van ,foucauld ,i1 ,seigneur de la ,roche en ,angoumois04 ,koning ,lodewijk ,,xi noemde ,jean de la ,rochefoucauld reeds3 fal et am cousin0 en ,frans ,i betitelde het hoofd der familie met3 trs cher et am cousin et parrain04 ,fier beweerde ,marcillac in #afdh tegenover ,mazarin3 ,ik kan bewijzen1 dat sedert drie eeuwen onze koningen het niet beneden zich geacht hebben ons te behandelen als bloedverwanten40 ,zijn overgrootvader werd ,calvinist en vond op ,st4 ,bartholomeus zijn dood4 ,de grootvader diende den ,koning van ,navarra en werd door soldaten der ,ligue vermoord4 ,de vader werd in #afaj ,katholiek en in #afbb tot ,hertog en ,pair verheven4 ,in de aderen van den schrijver der ,maximes vloeide echter nog heel wat calvinistenbloed4 ,van zijn prille jeugd weten wij zoo goed als niets4 ,hij ontving geen klassieke opleiding1 later erkende hij zelf3 met de ,latijnsche taal op geen goeden voet te staan4 ,hij was #ae of #af jaar toen hij in het huwelijk trad4 ,het is wel merkwaardig1 dat aangaande de vrouw van zulk een voornaam en beroemd man ongeveer niets bekend is4 ,wij weten echter dat zij acht kinderen ter wereld bracht4 ,verder is het bekend dat haar echtgenoot hemel en aarde bewoog haar het recht op een tabouret aan het ,hof te bezorgen1 maar het heeft er allen schijn van1 dat dit minder een uitvloeisel was van groote liefde tot zijn vrouw1 dan van zijn verlangen spoedig den rang van ,hertog te verkrijgen4 ,haar sterfjaar is onbekend2 men vermoedt dat het #afgj is4 ,in #afbi diende hij bij het leger in ,itali1 en toen de veldtocht was geindigd kwam hij aan het ,hof1 waar hij eene sterke genegenheid opvatte voor een hofdame1 ,marie de ,hautefort 7de platonische beminde van den ,koning74 ,door haar kwam hij in de nadere omgeving der ,koningin1 ,anna van ,oostenrijk1 en zoo geraakte hij betrokken in de gevaarlijke intriges tegen den ,kardinaal4 ,in zijn ,mmoires erkent la ,rochefoucauld3 ,ik meende dat de partij der ,koningin de eenige was1 die men fatsoenshalve kon volgen4 ,zij was ongelukkig en werd vervolgd1 en de ,kardinaal was eerder haar tiran dan haar minnaar04 ,het is hem spoedig gebleken1 dat de fortuin niet altijd aan de zijde van het fatsoen0 staat4 ,over het algemeen was het zijn ongeluk altijd de partij te kiezen1 die verloor4 ,in #afce was hij bij het leger1 dat met de troepen van ,frederik ,hendrik in de ,zuidelijke ,nederlanden de ,spanjaarden bestreed4 ,ook daar behaalde hij geen roem en tengevolge van te vrijmoedige opmerkingen werd hem de toegang tot het hof ontzegd4 ,eerst in #afcg werd hij er weder toegelaten1 een uiterst kritiek oogenblik1 want de ,koningin werd beschuldigd1 met behulp der ,hertogin de ,chevreuse1 de grootste en onversaagste intrigante uit die dagen1 in verstandhouding te staan met den ,koning van ,spanje4 ,een feit is het dat ,anna in briefwisseling stond met haar broeder ,koning ,filips1 en ,richelieu deed zijn best de vorstin gevangen te zetten en te laten verstooten4 ,het was in die dagen dat het fantastische plan werd beraamd van een vlucht der ,koningin met haar hofdame1 onder leiding van la ,rochefoucauld4 ,met veel zelfkennis schreef hij later2 ,ik was op een leeftijd1 waarop men gaarne de meest buitengewone en geruchtmakende dingen doet1 en ik dacht dat er in die richting niets mooier was dan gelijktijdig de ,koningin aan den ,koning1 haren echtgenoot1 en aan den ,kardinaal1 die jaloers op haar was1 te ontvoeren en ,mademoiselle d',hautefort te ontnemen aan den ,koning1 die verliefd op haar was04 ,hebben wij wellicht te maken met een gevolg van zijn hartstochtelijk lezen van romans8 ,tot uitvoering kwam het niet2 daarentegen werd ontdekt dat ,marcillac weder in verbinding was getreden met de voortvluchtige ,hertogin de ,chevreuse4 ,het liep goed voor hem af1 want na acht dagen ,bastille kwam hij vrij met een verbanning naar zijn kasteel ,verteuil4 ,men krijgt den indruk dat de ,kardinaal hem eveneens als een weinig gevaarlijk1 opgewonden jongeling1 en zijn optreden als een gasconnade of galant avontuur beschouwde4 ,in #afci maakte hij den veldtocht in de ,spaansche ,nederlanden mede en hij gedroeg zich zoo moedig1 dat de ,kardinaal hem den rang van generaal-majoor aanbood4 ,het was echter de ,koningin1 die hem den raad gaf het aanbod aftewijzen1 ten einde geenerlei verplichting aan den minister te hebben4 ,de prins bleef voortgaan hulp te verleenen aan samenzweerders1 zelfs aan deelnemers van het complot van ,cinq ,mars6 ,eindelijk kwam de dag1 waarnaar zoo lang was uitgezien3 de sterfdag van den ,kardinaal1 ,dec4 '#db1 en de ,koning volgde hem weinige maanden later1 ,mei '#dc4 ,wie de ,koningin gesteund hadden meenden1 dat thans hun oogenblik gekomen was4 ,bittere ontgoocheling2 de ,koningin werd ,regentes1 maar nog den zelfden dag werd ,mazarin1 een ,italiaan1 aanbevolen door ,richelieu1 eerste ,minister4 ,in zijne ,mmoires en vooral in zijn ,apologie beschrijft la ,rochefoucauld duidelijk hoe hem te moede werd te ondervinden1 dat de ,koningin1 aan wie hij zich z geheel gewijd had1 en ten behoeve van wie hij meer dan eens alles op het spel had gezet1 niet bereid werd gevonden hem een ambt te verleenen1 overeenkomstig zijn rang en verdienste4 ,in de dagen harer verdrukking mocht zij gaarne de diensten van den ridderlijken jongen man hebben aanvaard1 nu zij de oppermacht in handen had en veelal door de oogen van ,mazarin keek1 werd zij onverschillig tegenover hem1 die alle aanbiedingen afsloeg en bepaaldelijk wenschte een ambt te bekleeden in haar particulieren dienst04 ,zoo ontstond stond een toestand van vervreemding1 die zeer ongunstig op het gemoed van den teleurgestelde werkte4 ,was het hem toch bekend dat hij wegens zijn trouwe diensten aan de ,koningin openlijk een martelaar0 werd genoemd en zij zelf van haar serviteur0 sprak4 ,dit had jaren geduurd1 en z zeer scheen zij hem genegen1 dat zij verklaarde1 wanneer hij aan het front was1 de nieuwsbladen weg te werpen1 zoodra zij er niets over hem in had gevonden4 ,nu de omstandigheden veranderd waren scheen dat alles te zijn vergeten4 ,daarentegen moet erkend worden dat hij1 ten gevolge van zijn opvatting van fatsoen1 eer en ridderlijkheid1 zijn neiging tot het romantische en zijn eerzucht1 geen gemakkelijk mensch0 was4 ,ondanks alle ervaringen meende hij zich niet los te kunnen maken van intriganten als de ,hertogin de ,chevreuse1 die een nieuw kabaal had veroorzaakt in verband met het vinden van twee liefdesbrieven1 die aan een daaraan geheel onschuldige werden toegeschreven4 ,daarentegen joeg hij andere groote heeren1 zooals den ,hertog van ,orleans1 oom van den ,koning1 tegen zich in het harnas door onvoorzichtige uitlatingen4 ,telkens zien wij hem weder partij kiezen voor de partij1 die het ten slotte verliest4 ,was het ridderlijkheid1 onberadenheid1 zucht tot oppositie1 naiveteit1 edelmoedigheid1 onhandigheid8 ,misschien was een weinig van dit alles in het spel1 maar het gevolg was1 dat hij zich1 zoowel op militair als op staatkundig gebied1 ten slotte elke mogelijkheid tot slagen afsneed4 ,het was in #afdf dat hij in nadere aanraking kwam met een vrouw1 die een groote rol in zijn leven heeft gespeeld3 ,anne-,gnevive de ,bourbon1 dochter van den ,prins van ,cond4 ,zij was in #afai in de gevangenis te ,vincennes1 waar haar vader opgesloten was1 geboren4 ,zoowel door haar schoonheid als door haar geest wist zij ieder te betooveren4 ,in #afdb huwde zij den #bd jaar ouderen ,hertog de ,longueville 7,hendrik ,,ii van ,orleans71 maar huwelijkstrouw was een deugd1 die in dien tijd weinig beoefend werd4 ,ontegenzeggelijk is deze zuster van den grooten ,cond een der hoofdpersonen van de ,fronde geweest1 maar het is moeilijk uittemaken of het la ,rochefoucauld was1 die haar aanzette of dat het omgekeerde het geval was4 ,voor het laatste is nog al wat te zeggen1 want zij was buitengewoon energiek4 ,opmerkelijk is het dat tijdgenooten de intieme verhouding van dit paar hoofdzakelijk aan eigenbelang van zijne zijde toeschrijven1 maar oordeelvellingen van deze tijdgenooten1 meest allen bij de eindelooze intriges betrokken1 mag men niet te grif aannemen4 ,den indruk maakt het1 dat hij inderdaad een hartstocht voor haar had opgevat1 waartegenover staat dat ,madame de ,svign1 die hem veel had ontmoet1 en hem genegen was1 #g ,oct4 #afgf schreef3 ,ik geloof niet1 dat hij ooit wat men noemt verliefd is geweest04 ,in zijn ,mmoires verklaart hij onomwonden hoe bij hem het plan tot rijpheid kwam de partij der ,koningin te verlaten en zich bij hare tegenstanders aantesluiten4 ,wat hij haar vroeg werd geweigerd1 zelfs de militaire aanstelling1 hem vroeger door den ,kardinaal aangeboden1 doch op haar raad van de hand gewezen4 ,zoo veel onnutte bemoeiingen en weerzinwekkende ervaringen brachten mij eindelijk op andere gedachten en deden mij gevaarvolle wegen opzoeken om aan de ,koningin en den ,kardinaal mijn wrok te betoonen04 ,de openlijke breuk volgde eerst een paar jaar later4 ,madame de ,longueville vertrok #ba ,juni #afdf naar ,munster1 waar haar man betrokken was bij de vredesonderhandelingen1 en weinige dagen later voegde ,marcillac zich als vrijwilliger wederom bij het leger in ,vlaanderen4 ,even als de vorige maal had hij geen geluk1 want reeds in ,augustus werd hij voor ,mardijck door drie musketkogels gewond1 ten gevolge waarvan hij naar ,parijs terug moest keeren4 ,door bemoeiingen van zijn vader werd hem vergund het gouverneurschap van ,poitou te koopen1 een post1 die hem echter volstrekt niet aantrok4 ,toen in #afdh de moeilijkheden tusschen ,mazarin en het parlement begonnen1 trad hij te ,poitiers trouw op voor het ,hof en den ,kardinaal1 en hij erkent dat er toen een toenadering tusschen hem en den ,minister was ontstaan4 ,zelfs had men hem den titel van ,hertog beloofd1 aan welken rang het vurig begeerde recht op een tabouret ten hove voor zijn gemalin verbonden was4 ,het niet nakomen dezer belofte1 ondanks verschillende rappels1 deed hem terugvallen in de oppositie4 ,zes andere hovelingen werden met deze onderscheiding wel bedacht1 hij alleen niet4 ,inmiddels was buiten hem om een overeenkomst gesloten tusschen voorname parlementsleden1 en leden van den allerhoogsten adel1 zooals ,prins ,conti1 den ,hertog de ,longueville1 den ,coadjuteur de ,retz enz41 tot het voeren van een gewapend verzet tegen de regeering4 ,het was het begin van den burgeroorlog1 die in de eerste plaats gericht was tegen ,kardinaal ,mazarin en zijn zware belastingen en in het algemeen tegen de absolute monarchie4 ,zoodoende reikten elkander de hand edelen en parlementsleden1 natuurlijke vijanden1 die alleen samen konden gaan zoo lang het gold het verdrijven van de toenmalige regeering4 ,behoorlijke plannen voor het geval van slagen konden niet bestaan2 personen1 die het roer in handen zouden kunnen nemen1 ontbraken4 ,verschillende groote heeren begonnen den strijd met weinig overtuiging4 ,marcillac werd door ,mevrouw de ,longueville naar ,parijs opontboden ten einde zich bij het complot aantesluiten en hij gaf onmiddelijk aan de roepstem gehoor4 ,ook hier weder ging het initiatief niet van hem uit4 ,het maakt den indruk dat ,mevrouw de ,longueville de ziel der beweging was1 al werd haar broeder1 de ,prins de ,conti1 als het hoofd aangezien4 ,cond1 haar andere broeder1 die zich eerst had willen aansluiten1 draaide ten slotte om en nam het bevel der ,koninklijke troepen op zich1 die ,parijs belegerden4 ,het hof vluchtte naar ,st4 ,germain2 ,conti en zijn zuster namen hun intrek in het stadhuis van ,parijs1 ten einde het wantrouwen der bevolking tegen hen weg te nemen4 ,allerlei grootheden sloten zich bij de partij van het ,parlement aan3 de ,hertogen de ,beaufort1 d',elbeuf1 de ,bouillon1 de ,luynes2 ,turenne1 de ,markies de ,noirmoutier1 enz41 men ziet3 ,marcillac was in goed gezelschap4 ,in een gevecht tegen de troepen van ,cond werd hij ernstig gewond1 zoodat hij persoonlijk niet meer kon optreden voor dat de schikking van ,rueil 7#aa ,maart '#di7 een einde aan de vijandelijkheden maakte4 ,het was ,mevrouw de ,longueville1 die bij de onderhandelingen zijn belangen behartigde4 ,in het stadhuis was zij moeder geworden van een zoon1 waarvan het vaderschap algemeen aan ,marcillac werd toegeschreven4 7#bh ,jan4 '#di74 ,lang duurde de vrede niet3 ,mazarin en ,cond verdroegen elkander zeer slecht en de ,minister1 bevreesd voor te groot aanzien van ,cond1 liet hem 7#ah ,jan4 '#ej7 met ,conti en ,longueville gevangen zetten4 ,mevrouw de ,longueville wist zich1 door op raad van ,marcillac de vlucht te nemen1 te redden2 hijzelf begaf zich naar ,poitou om te trachten ,bordeaux in opstand te brengen4 ,hiermede was het tweede bedrijf der ,fronde begonnen1 even onverkwikkelijk als het eerste4 ,ook het derde en laatste was niet beter4 ,geldgebrek1 onhandigheid van ,cond1 afwezigheid van gemeenschappelijk eindbelang bij de frondeerende bondgenooten4 ,daartegenover de taaiheid en geslepenheid van den ,kardinaal en de kracht1 die van het koningschap uitging4 ,een der energiekste figuren is wel ,mevrouw de ,longueville gebleven1 die het bovendien niet toelachte naar haren echtgenoot terugtekeeren4 ,la ,rochefoucauld wordt door meer dan n tijdgenoot geprezen om zijn kordaat optreden als soldaat1 maar lauweren vielen er niet voor hem te behalen4 ,zijn kasteel ,verteuil werd verwoest en bij een gevecht in den ,faubourg ,st4 ,antoine 7#b ,juli '#eb7 werden hem bijna de oogen uit het hoofd geschoten4 ,wat baatte het dat de ,prinsen uit hun gevangenschap werden ontslagen1 wat hielp het dat ,mazarin tijdelijk het land moest verlaten8 ,de ,koning deed in ,october #afeb zijn feestelijken intocht in ,parijs en nog geen jaar later werd de vrede gesloten1 met volkomen overwinning door de ,monarchie4 ,la ,rochefoucauld's toestand was allertreurigst4 ,zijn fortuin wanhopig achteruitgegaan en natuurlijk geenerlei uitzicht op een regeeringsambt1 hem waardig4 ,zijn verhouding tot ,mevrouw de ,longueville was geindigd1 daar zij zich de hofmakerij van den ,hertog de ,nemours had laten welgevallen4 ,de wijze1 waarop hij toen tegen haar is opgetreden1 behoort niet tot zijn luisterrijke daden4 ,hij trok zich terug op zijne bezittingen1 ,verteuil en ,rochefoucauld1 in de eerste plaats om zich te wijden aan het herstel van zijn vermogen4 ,daarnaast begon hij zijn letterkundige loopbaan4 ,gelijk hierboven reeds werd gemeld had hij niet gestudeerd4 ,geschriften van zijn hand uit zijn prille jeugd zijn niet bekend4 ,het oudste document is een brief van #afch1 waarin hij zijn houding tegenover de ,hertogin de ,chevreuse1 de tegenstandster van ,richelieu verdedigt4 ,hier hebben wij een uitmuntend gesteld stuk1 dat voor een jong mensch van groote vaardigheid getuigt4 ,het tweede document dagteekent van elf jaren later en is weder een apologie1 ditmaal de verdediging van zijn partij-kiezen tegen de ,koningin in #afdi4 ,eerst in #ahee is het in druk verschenen2 ,ad4 ,regnier1 die de monumentale uitgave der werken van la ,rochefoucauld bezorgde1 noemt het een der eerste voorbeelden van #ag;de eeuwsch ,fransch proza1 natuurlijk1 gespierd1 flink en vloeiend4 ,hier is evenwel nog geen letterkundige aan het woord1 het is een teleurgestelde eerzuchtige1 een beleedigd edelman1 of iemand1 die zich als zoodanig beschouwt4 ,de eerste maal1 dat hij als schrijver voor het publiek trad1 was in #afei met zijn bijdrage aan een bundel1 getiteld3 ,recueil des portraits et loges en vers et en prose1 ddi ,s4 ,a4 ,r4 ,mademoiselle4 ,paris1 ,m4,,dc4,,lix04 7,met ,mademoiselle wordt bedoeld de dochter van den broeder van ,lodewijk ,,xiii74 ,zij had een letterkundig salon4 ,zijn bijdrage draagt het opschrift3 ,portrait de ,m4 ,r4 ,d4 fait par lui-mme04 ,slechts ingewijden konden weten wie hier aan het woord was4 ,sommigen mogen vinden1 dat men hier met verregaande ijdelheid te maken heeft1 juister komt het mij voor het stuk als een voortbrengsel uit een kring van toenmalige schoone-geesten te beschouwen4 ,in het #c;de bedrijf van le ,misantrope legt ,molire ,acaste een bespiegeling in den mond1 waarvan de zelfgenoegzaamheid eenigszins aan de bewoordingen van la ,rochefoucauld doen denken4 ,eene fijne spotternij van den dichter4 ,opmerkelijk is o4a4 wat de ,hertog in zijn portret van zijn letterkundigen arbeid zegt4 ,ik schrijf een goed proza en dicht met goed gevolg2 mijn gedichten zijn niet slecht2 en1 indien ik naar den roem hunkerde1 die op dat gebied te behalen is1 dan acht ik mij met weinig arbeid in staat een goeden naam te verwerven40 ,later zegt hij nog eens een vrij goed oordeel over dichtwerken0 te bezitten4 ,naar aanleiding hiervan eenige opmerkingen4 ,ten eerste moet worden erkend1 dat bezwaarlijk een terloops neergeschreven voorspelling schitterender kon uitkomen4 ,de schrijver is z algemeen erkend1 dat weinige jaren geleden op ,fransche scholen de leerlingen het bewuste portret0 bij wijze van taal- en stijloefening1 van buiten moesten leeren4 ,ten tweede merk ik op1 dat iemand1 die z over zijn proza en zijn verzen spreekt1 veel meer moet hebben geschreven1 dan ons bekend is4 ,veel is misschien verloren gegaan1 of door hem vernietigd4 ,van zijn verzen is niets tot ons gekomen4 ,men heeft eens iets vernomen omtrent een handschrift met gedichten1 maar het is bij die nevelachtige mededeeling gebleven4 ,voor zijn dood verbrandde hij zijn papieren4 ,reeds spoedig na het einde van den oorlog begon hij een zeer belangrijk geschrift1 zijne ,mmoires1 die feitelijk een apologie moeten zijn van zijn gedrag gedurende de onlusten tijdens het regentschap4 7#afdc-afec74 ,hiermede heeft hij zich tot #afei bezig gehouden4 ,later voegde hij er het tijdvak #afbd-afdc aan toe4 ,met dit geschrift zien wij hem handelen zooals later met de ,maximes3 hij vertrouwde zich de eindredactie niet toe1 reden waarom hij afschriften bij vrienden liet rondgaan om opmerkingen of verbeteringen uittelokken4 ,zelf bleef hij steeds aan het vijlen en slijpen1 waaraan een groot aantal verschillen tusschen de afschriften en drukken te wijten is4 ,maar dat in de wereld zenden van afschriften had nog bedenkelijker gevolgen3 ,zij kwamen in handen van personen1 die er belang bij hadden het handschrift te laten drukken1 buiten den schrijver om4 ,dit overkwam thans la ,rochefoucauld4 ,een drukker te ,rouaan belastte zich met die taak1 maar de schrijver1 tijdig gewaarschuwd1 was nog bij machte de oplaag in beslag te laten nemen4 ,hiertoe kon hij overgaan omdat de drukker in ,frankrijk woonde1 maar toen in #affb1 kwansuis te ,keulen1 maar feitelijk te ,brussel1 een boek verscheen1 getiteld3 ,mmoires de ,m4 ,d4 ,l4 ,r4 sur les brigues la mort de ,louis ,,xiii1 les guerres de ,paris et de ,guyenne et la prison des ,princes4 ,chez van ,dyck1 ,cologne01 was de schrijver machteloos4 ,het boekje verwekte een storm van verontwaardiging4 ,de oorlog was nog geen tien jaar geindigd en de hoofdpersonen waren bijna allen nog in leven4 ,en wie wenschte aan dat alles herinnerd te worden8 ,de schrijver zag zich genoopt weder tot zelfverdediging over te gaan4 ,bewaard is gebleven een door hem afgelegde verklaring1 inhoudende de verzekering1 dat de uitgave buiten hem om is geschied1 dat het grootste deel van het boek niet van zijn hand1 en het overige schromelijk vervalscht is4 ,aan de ,markiezin de ,sabl en de ,heeren de ,liancourt en ,esprit had hij getoond wat er in zijn eigen handschrift stond en daaruit bleek b4v4 dat er niets grievends tegen ,cond in stond4 ,mogen sommigen zich bij die verklaring hebben neergelegd1 het spreekt van zelf1 dat het boekje vele lezers heeft gevonden4 ,er bestaan talrijke drukken van1 waaronder met groote wijzigingen4 ,deze zijn wel buiten weten van den schrijver aangebracht4 ,behalve met zijn historisch-apologetisch werk begon hij zich met anderen arbeid bezig te houden4 ,men neemt aan dat dit in '#eh-ei geschiedde4 ,in elk opzicht teleurgesteld teruggekomen uit dien maalstroom van intriges1 dien oceaan van zelfzucht1 eigenbelang1 huichelarij en trouweloosheid1 waarin hij jaren lang geleefd had1 had zich bij hem een gemoedsgesteldheid ontwikkeld1 waarvan wij in zijn zelfportret duidelijke aanwijzingen hebben4 ,hij erkent zijn zwaarmoedigheid en beweert1 dat men hem in drie of vier jaren nauwelijks drie of vier maal heeft zien lachen4 ,hij houdt bij voorkeur van ernstige gesprekken en verkiest bovenal zedekundige onderwerpen4 ,naast zijn neiging tot het opstellen van verdedigingen van zijn gedrag ontwikkelde zich een peinzen over en zoeken naar de oorzaken en beweegredenen van alles1 wat hij had zien doen4 ,het is ten eenenmale begrijpelijk1 dat zijn levensinzicht niet optimistisch zou zijn4 ,men heeft gevraagd hoe hij aan zijn stof was gekomen en of hij niet bij andere moralisten zou hebben geput4 ,hier op wordt reeds geantwoord in een handschrift uit de #b;de helft der ,x,v,i,ide eeuw 7,bibl4 ,nat4 ,nouv4 ,acq4 fr4 #dccc74 ,bijna alles0 zou hij hebben overgenomen uit een boekje1 getiteld3 ,la ,sonde de la ,conscience01 te ,genve in #afcd verschenen4 ,schrijver was ,jean ,verneuil1 die het uit het ,engelsch had vertaald4 ,de oorspronkelijke titel was3 ,the ,mystery of ,selfdeceiving1 by ,daniel ,dyke1 ,london1 #afae04 ,in het handschrift merkt men op3 ,hij voegt er alleen het mooie ,fransch aan toe04 ,niet gaarne zou ik iets te kort doen aan de verdienste dezer volkomen vergeten schrijvers1 zeker brave1 vrome protestanten1 maar de geschiedenis heeft reeds haar oordeel gesproken3 hun werk is volkomen vergeten1 terwijl de bundel van la ,rochefoucauld zijn waarde zal blijven behouden zoo lang men ,fransch zal lezen4 ,niet als stijloefening1 maar om genot te smaken van de geestige wijze1 waarop hier kernachtige gedachten zijn uitgedrukt4 ,nog meer vertelt het handschrift3 ,mevrouw de ,sabl heeft de ,maximes herzien2 de mooiste komen van haar4 ,hij doet er niets aan zonder het haar te toonen4444 ,die markiezin is het orakel1 dat door het geheele ,hof wordt geraadpleegd4 ,zij vleit in hooge mate de eigenliefde1 wanneer zij menschen aanspreekt04 ,wie zulke overdreven berichten voor waar mocht willen aannemen1 moge een brief lezen1 door den schrijver gericht aan ,mademoiselle de ,scudry1 de bekende romanschrijfster4 ,daarin zegt hij3 ,gij hebt eenige mijner laatste maximes dusdanig verfraaid1 dat zij veeleer aan u dan aan mij toebehooren4 ,ik wensch hartstochtelijk1 dat u dezelfde genade aan de andere zoudt willen bewijzen04 ,men ziet3 hij was niet bang hem verleende hulp te erkennen1 maar hij zal vermoedelijk veel zulke briefjes hebben geschreven1 want het was nu eenmaal zijn gewoonte de vrienden en vriendinnen te raadplegen4 ,indien nu ,mevrouw de ,sabl zoo buitengewoon knap was geweest1 is het wel bevreemdend1 dat de door haar nagelaten maximes niets om het lijf hebben4 ,er zijn schilders en beeldhouwers1 die van hun werk geen afscheid kunnen nemen1 die altijd nog iets te wijzigen vinden4 ,bijkans met geweld moet men ten slotte hun schilderij of beeld uit het atelier laten weghalen om een einde aan het getob te maken4 ,een dergelijk kunstenaar was la ,rochefoucauld4 ,segrais verhaalt dat de ,hertog hem cahiers met spreuken toezond1 met verzoek die vijf of zes weken onder zich te houden1 ten einde zoowel vorm als inhoud rustig te beoordeelen1 en dat er spreuken zijn1 die meer dan dertig maal heen en weer zijn gezonden4 ,van die voortdurende veranderingen kan men zeer merkwaardige staaltjes vinden door het vergelijken der handschriften en verschillende drukken4 ,vaak komt het voor dat hij zijn oordeel verzacht1 ten minste minder algemeen toepasselijk maakt1 een verzachting toegeschreven aan den invloed van ,mevrouw de ,lafayette1 zijn intieme vriendin1 van wie nog aanstonds sprake zal zijn4 ,b4v4 ,nr4 ,x4 ,hierin stond oorspronkelijk altijd01 hetgeen later werd bijna altijd04 ,,ccv4 ,de deugdzaamheid der vrouwen is dikwijls haar gehechtheid aan haar naam en haar rust04 ,het beperkende woord dikwijls0 is eerst in latere drukken ingevoegd4 ,,ccxxii4 ,er zijn weinig menschen1 die bij de eerste nadering van den ouderdom niet deden blijken op welke wijze hun lichaam en geest zullen verzwakken04 ,oorspronkelijk stond in plaats van weinig0 het veel verder strekkend geen04 ,,cclxiii4 ,hetgeen men vrijgevigheid noemt is meestal slechts de ijdelheid van te geven1 die wij hooger schatten1 dan hetgeen wij geven04 ,de aanhef was eerst3 ,er bestaat geen vrijgevigheid1 het is slechts de ijdelheid van te geven01 enz4 ,,ccclxxi4 ,de jeugd is een voortdurende roes3 zij is de koorts van het verstand04 ,hierin is herhaaldelijk veranderd4 ,vroeger heette het3 de koorts der gezondheid2 de dwaasheid van het verstand01 later3 de koorts van het leven2 de dwaasheid van het verstand04 ,een opmerkelijk voorbeeld is ,,ccxli4 ,behaagzucht is de grondslag van het gemoed der vrouwen1 maar allen brengen haar niet in praktijk1 omdat de coquetterie van sommigen in bedwang wordt gehouden door vrees of door het verstand04 ,de aanhef heeft hem veel hoofdbreken gekost3 in #affe schreef hij alle vrouwen01 in #afff was dit de meeste vrouwen0 geworden4 ,ten slotte werd het in #afga de vrouwen04 ,daar heeft de invloed zijner vriendinnen zich zeker doen gelden6 ,het waren zeer voorname1 begaafde en ontwikkelde dames1 die vriendinnen1 en gelukkig is menig briefje van haar hand bewaard gebleven1 juist ten opzichte van la ,rochefoucauld en zijn maximes en het is zeer de moeite waard te lezen wat zij elkander kort voor het in druk verschijnen van den bundel schreven4 ,de ,princes de ,guymn1 geb4 ,anne de ,rohan1 schrijft b4v4 in '#fc aan de ,markiezin de ,sabl1 een ernstige vriendin van den schrijver1 eenige maximes te hebben gezien1 en te gelooven1 dat zij meer op het humeur van den schrijver gegrond zijn dan op de waarheid1 hij beoordeelt ieder naar zich zelf04 ,haar vriendin was het volmaakt hiermede eens3 de schrijver heeft in zijn humeur de maxime der luiheid gevonden1 want nooit was er een1 grooter dan de zijne01 en deze bewering werkt zij nog verder uit4 ,terloops zij opgemerkt1 dat in een beschrijving van de provincie1 waar la ,rochefoucauld geboren is1 wordt vermeld dat de bewoners over het algemeen als lui gelden4 7,jean ,gervais1 ,mmoires sur l',angoumois4 #agbf74 ,mevrouw de ,liancourt schreef aan dezelfde dame1 dat zij aanvankelijk ontsteld was geweest over de wreede beoordeeling der deugden1 maar1 verder lezende1 had zij toch aardige en zelfs goede dingen aangetroffen4 ,alleen moesten hier en daar eenige woorden gewijzigd worden4 ,en ,mademoiselle de ,vertus 7,cath4 ,fran4 de ,bretagne71 vriendin van de ,hertogin de ,longueville1 riep ,madame de ,sabl te hulp1 om er voor te zorgen1 dat de jonge #ad;jarige ,graaf de ,saint ,paul 7zoon van ,mevr4 de ,longueville en4444 den ,hertog de la ,rochefoucauld7 de maximes niet te lezen zou krijgen4 ,mevrouw de la ,fayette1 later de intieme en trouwe vriendin van den schrijver1 riep1 ook in '#fc1 uit3 welke verdorvenheid moet men in geest en hart bezitten om in staat te zijn iets dergelijks te bedenken04 ,bovendien verzocht zij ,mevr4 de ,sabl hare maximes 7het werd mode die te maken7 ter leen1 als tegengif van die van den ,hertog4 ,zeer opmerkelijk is de beoordeeling van de hand van de ,hertogin de ,schomberg1 geb4 ,marie de ,hautefort1 de platonische liefde van ,lodewijk ,,xiii4 ,hierboven werd reeds gemeld1 dat la ,rochefoucauld indertijd voor haar een warme genegenheid had opgevat4 ,openhartig erkent zij1 nog niet zoo ver te zijn gekomen van in de wereld noch eer1 noch goedheid1 noch eerlijkheid te vinden4 ,zij acht daarom de ,maximes gevaarlijk4 ,dan staat zij bij eenige spreuken stil1 die zij prijst1 om te eindigen met de raadgeving aan den schrijver om niet over te gaan tot het laten drukken1 om niet alle vertrouwen te verliezen1 dat men in hem zou kunnen stellen4 ,dergelijke beoordeelingen bleven hem voorzeker niet verborgen1 en hij1 die toch reeds geen man van sterk initiatief was1 zag er tegen op die min gunstige meening te trotseeren4 ,hoe nu te handelen8 ,het middel was werkelijk niet zoo moeilijk te vinden4 ,met het in druk verschijnen zijner ,mmoires had hij er niet lang geleden mede kennis gemaakt1 zooals hierboven werd medegedeeld4 ,ik zou niet gaarne beweren1 dat de ,hertog die publicatie zou hebben in de hand gewerkt2 daarvoor zijn de vervalschingen al te plomp1 maar hij had er zeker uit geleerd1 dat het alles waard is zich op een gegeven oogenblik te kunnen verschuilen achter het uitvlucht3 de uitgave heeft buiten mijn weten plaats gehad en is vervalscht4 ,maar ook zonder die ervaring kende la ,rochefoucauld volkomen nauwkeurig de rol1 die de ,hollandsche boekhandel speelde4 ,alles wat in ,frankrijk gevaar liep in beslag te worden genomen1 werd gretig door ,hollandsche agenten aanvaard4 ,eenmaal in hun land aangekomen en gedrukt1 waren er honderd gelegenheden het gedrukte over de grenzen te smokkelen4 ,bovendien was de boekhandel in ,holland veel beter uitgerust om den verkoop der uitgaven te bevorderen4 ,men moet de titellijsten zien om te kunnen beseffen wat in de ,x,v,i,ide en ,x,v,i,i,ide eeuw in de ,nederlanden de productie van ,fransche boeken beteekent4 ,ziehier een kleine greep uit de allerbelangrijkste werken3 ,descartes1 ,discours de la ,mthode4 ,leyde1 #afcg4 ,corneille1 ,le ,cid4 ,leyde1 #afch4 ,nouvelles de divers quartiers4 ,amsterdam1 #afci4 7,de eerste ,fransche courant74 ,corneille1 ,l'illustre ,thtre4 ,leyde1 #afdd4 ,pascal1 ,les ,provinciales4 ,cologne1 #afeg4 ,pascal1 ,penses sur la ,religion4 ,amsterdam1 #afhd4 ,molire1 ,le ,festin de ,pierre4 ,amsterdam1 #afch4 ,de ,bussy ,rabutin1 ,histoire amoureuse de ,france4 ,amsterdam1 #afga4 ,het aantal ,fransche couranten was legio1 en in de #ah;de eeuw bleef de stroom van ,fransche boeken aanhouden4 ,eerste drukken van de grootste schrijvers waren niet zeldzaam6 ,voltaire1 ,montesquieu1 ,rousseau1 ,bayle1 ,crbillon1 enz4 ,het was dus volstrekt geen buitengewoon feit1 dat in #affd in den ,haag een eerste druk der ,maximes verscheen1 en wel onder den titel3 ,sentences et ,maximes de ,morale4 ,a la ,haye1 chez ,jean et ,daniel ,steucker1 ,,ci,i,,clxiv40 ,het boek was voorzien van het drukkersmerk der ,elzeviers1 en een der eerste uitgaven der ,steuckers1 die later meer belangrijke werken de wereld hebben ingezonden4 ,de naam van den schrijver werd niet vermeld4 ,is deze druk van #affd verschenen met voorkennis van den schrijver8 ,bewijzen zijn er niet om een bepaald bevestigend antwoord te geven1 maar de mogelijkheid is niet uitgesloten2 bijna zou men zeggen3 de waarschijnlijkheid is niet gering4 ,het was een veelvuldig gebruikte kunstgreep en de wijze1 waarop er in den druk van #affe over wordt gesproken1 wekt achterdocht4 ,er wordt het vermoeden geuit1 dat de schrijver zijn handschrift in zijn kast zou hebben laten liggen ware het niet1 dat een slechte kopie1 die in omloop was1 en die zelfs sedert eenigen tijd in ,holland was terecht gekomen1 een zijner vrienden had genoopt hem 7den uitgever7 een andere kopie te geven1 die volgens dien vriend1 geheel en al overeenkomt met het oorspronkelijke04 ,algemeen neemt men aan1 dat deze voorrede door den ,hertog is opgesteld2 het bedenksel van dien vriend0 geeft aanleiding om het verdere van het verhaal evenmin te gelooven4 ,aanstonds zal nog worden gewezen op de buitengewone snelheid1 waarmede de druk van #affe volgde en die de verrassing uit den ,haag uiterst onwaarschijnlijk maakt4 ,hoe het zij2 de ,haagsche uitgave had het ijs gebroken2 maar zij is z zeldzaam geworden1 dat vele jaren lang haar bestaan als een legende is beschouwd1 zelfs in het monumentale werk3 ,les ,grands ,ecrivains de la ,france1 publis par ,ad4 ,regnier1 ,paris1 #ahfh-ahhc40 ,vergeten was dat zekere ,pater ,andry in #ahad een exemplaar1 door hem gezien1 vermeldt1 en het toeval wilde1 dat een exemplaar in handen was gevallen van een boekenliefhebber1 die zeer goed het belang van dit boekje besefte1 maar het niemand gunde de vondst wereldkundig te maken4 ,eerst na zijn dood in #ahha kwam het zeldzame boekje uit zijn kast te voorschijn4 ,inmiddels had ,alph4 ,willems1 de geschiedschrijver der ,elzeviers1 een tweede exemplaar gevonden1 en er in #ahgi een beschrijving van gegeven4 ,in #ahhc volgde een keurig verzorgde herdruk door ,alph4 ,pauly4 ,voorbereid of niet1 de ,hertog heeft met den druk van #affe niet lang op zich laten wachten1 want het privilegie is van #ad ,jan4 #affd1 en het achev d'imprimer0 van #bg ,oct4 #affd4 ,dit feit versterkt zeer het vermoeden1 dat de zoogenaamde onbescheidenheid niet onverwacht kwam4 ,hoe zou de schrijver1 die1 volgens de voorrede1 niet aan drukken dacht1 zoo snel gereed hebben kunnen zijn met het laten schrijven van de ,inleiding en het laten drukken8 ,opmerkelijk is het hoe weinig zeker de schrijver van zijn succes was4 ,reeds in zijn voorrede somt hij op1 welken tegenstand hij verwacht en verschuilt hij zich zelfs achter de ,kerkvaders4 ,eindelijk voegt hij een langen brief bij aan den lezer01 welken brief men hem heeft gegeven0 en die hem geschikt voorkomt als verdediging tegen de critici1 die zich in hun menschelijken hoogmoed0 gekwetst achten4 ,in dien brief 7ook discours0 genoemd71 men weet niet wie hem heeft opgesteld1 beginnend met bijna kinderachtige toespelingen op de persoonlijkheid van la ,rochefoucauld1 wiens naam verzwegen wordt1 worden de ,maximes met behulp van een lange reeks aanhalingen uit beroemde schrijvers en dichters uit alle tijden verdedigd4 ,men vraagt zich af hoe het mogelijk was1 dat de ,hertog1 een man van zooveel smaak en vernuft1 heil kon zien in een dergelijk geschrift4 ,alleszins begrijpelijk is het1 dat de uitgever1 ,claude ,barbin1 van meening was1 dat deze brief het boek ongeluk aanbracht en het achterwege-laten in volgende drukken een aanbeveling van het werk achtte4 ,de schrijver daarentegen vond deze apologie nog niet eens voldoende2 door zijn vriendin1 ,mevrouw de ,sabl1 liet hij een aanbevelend artikel in het ,journal des ,savants0 van #i ,maart #affe schrijven4 ,haar ontwerp is bewaard gebleven2 de vorm1 waarin het werd opgenomen1 is voorzeker van den schrijver zelf4 ,wat hem minder behaagde schrapte hij4 ,het boek zag het licht onder den titel2 ,rflections ou ,sentences et ,maximes morales4 ,a ,paris chez ,claude ,barbin4444 ,m4,,dc4,,lxv4 ,het bevatte #cad maximes 7tegen #ahi in den ,haagschen druk7 en maakte onmiddelijk zulk een opgang1 dat in hetzelfde jaar niet minder dan drie nadrukken verschenen4 ,la ,fontaine wijdde er een fabel aan en ,mevr4 de ,maintenon liet den schrijver door ,ninon de ,lenclos zeggen1 dat naast het ,boek ,job1 zijn ,maximes haar eenige lectuur vormden4 ,wat de druk van #affe bovenal merkwaardig maakt is de omstandigheid dat er zoo vele verschillende staten van bestaan4 ,de schrijver hield niet op aan den tekst te vijlen en te wijzigen4 ,zoolang er nog exemplaren in voorraad waren liet hij sommige bladzijden1 waarin gewijzigd was1 overdrukken en hiervoor zoogenaamde cartons0 inplakken4 ,reeds heeft men elf verschillende staten van het boek in dit opzicht aangetroffen4 ,er behoort bibliographisch talent toe om den weg in dit doolhof te vinden4 ,in #afff verscheen bij denzelfden uitgever een nieuwe druk1 nouvelle dition0 gewaarmerkt1 met #cjb maximes4 ,het ,discours0 is hier weggelaten en men leest niet zonder glimlach1 dat de ,maximes bij het publiek zoo veel instemming gevonden hebbende1 men haar geen grooter onrecht zou kunnen doen dan te meenen1 dat zij een apologie noodig zouden hebben04 ,toch is1 na den dood van den schrijver1 het ,discours weder te voorschijn gehaald4 ,in #afga volgde de derde druk met #cda maximes en het volgende jaar zagen twee drukken te ,rouaan en te ,lyon het licht1 feitelijk geen nadrukken1 want men had verzuimd het afgeloopen privilegie van '#fd te vernieuwen4 ,zoodoende verscheen eerst in #afge de officieele vierde druk 7met #dac maximes74 ,een jaar later zien wij de ,gebroeders ,steucker in den ,haag weder te voorschijn treden1 ditmaal met een herdruk van de uitgave van #affe4 ,met een nieuw privilegie van #c ,juli #afgh verscheen daarna de vijfde druk1 wederom bij ,claude ,barbin1 met #ejd maximes4 ,dit was de laatste uitgave1 door den schrijver herzien4 ,twee jaar later overleed hij1 maar dat hij tot het laatst aan zijn boek vijlde1 blijkt uit het feit1 dat er zelfs van dezen druk een exemplaar met een carton0 bekend is4 ,het is hier niet de plaats de verdere lotgevallen van het boek te volgen1 dat in vele talen is overgezet4 ,b4v4 in het ,engelsch voor het eerst in #afhe1 in het ,duitsch in #afii1 in het ,italiaansch in #agfc1 het ,spaansch in #aghd en in het ,russisch in #aghh4 ,voor mijne vertaling heb ik gemeend mij te moeten bepalen tot den vijfden druk1 den laatsten door den schrijver bezorgd1 en te moeten weglaten wat la ,rochefoucauld in vroegere uitgaven geschrapt had1 evenals hetgeen in zijn nalatenschap gevonden is1 doch door hem zelf niet werd opgenomen4 ,tegenover den schrijver kwam mij dit het meest juiste standpunt voor4 ,het einde van de ,fronde was het keerpunt in het leven van la ,rochefoucauld geworden4 ,alle illusies van het spelen van een voorname politieke rol waren vervlogen2 in letterkundigen arbeid moest hij troost zoeken tegen zijne geldelijke zorgen en zijn zich sedert '#eb openbarende kwaal1 de jicht1 omstandigheden1 die men bij de beoordeeling zijner uitingen niet uit het oog mag verliezen4 ,verkeerd zou men evenwel doen zich la ,rochefoucauld als een menschenhater voortestellen4 ,geen beter middel om zich hiervan te overtuigen dan het lezen der brieven van ,mevr4 de ,svign1 die hem vele jaren en van nabij kende4 ,daar ziet men den schrijver grapjes maken1 bonbons zenden1 schaterlachen over brieven van ,mevr4 de ,grignan4 ,voorzeker1 berichten aangaande droevige1 zwaarmoedige buien ontbreken niet3 de kwellingen der jichtpijnen waren ondragelijk1 maar de beschrijvingen van de wijze waarop hij de slagen van het noodlot droeg1 dood en verwonding zijner nabestaanden1 maken hem zeer sympathiek4 ,le coeur de ,m4 de la ,rochefoucauld pour sa famille est une chose incomparable04 ,hoe ging hij gebukt onder den dood van den zoon van ,mevr4 de ,longueville1 den ,comte de ,st4 ,paul1 wiens portret als dessus de porte0 in zijn kamer hing4 ,telkens stuit men op de meest waardeerende uitdrukkingen2 c'est l'homme le plus aimable que j'ai jamais vu01 schreef zij in #afgb4 ,in #afhj leest men nog3 ,je n'ai jamais vu un homme si obligeant ni plus aimable1 dans l'envie qu'il a de dire des choses agrables02 en toen hij kort daarna was overleden heette het3 ,jamais homme n'a t si bien pleur04 ,en niet zonder verbazing1 ziet men hoe zij1 tien jaren na zijn dood1 sprekende over het maken van vrienden1 er haar dochter op wijst hoe gelukkig het voor ,mevr4 de ,lafayette is zich zoo vele vrienden te hebben gemaakt1 iets wat la ,rochefoucauld haar geleerd had4 ,leest men wat hij over vriendschap schrijft 7een soort handelszaak67 dan zou men zoo iets niet verwacht hebben4 ,niet mag uit het oog worden verloren1 dat de meeste uitingen van ,mevr4 de ,svign dagteekenen uit den tijd van zijn verhouding met ,mevr4 de ,lafayette4 ,genoemde briefwisseling is tevens een rijke bron voor de studie der ,maximes in het algemeen en van la ,rochefoucauld in het bijzonder4 ,zij vormden blijkbaar voortdurend het onderwerp van gesprek en van gedachtewisseling per brief4 ,voor den vertaler doet zich bij het nalezen van dit alles wel eens een oogenblik van leedvermaak voor4 ,mevr4 de ,svign zond b4v4 #bj ,jan4 #afgb uit naam van den schrijver aan haar dochter een exemplaar der in het vorige jaar verschenen nieuwe uitgave4 ,en wat voegt zij er aan toe8 ,il y en a des divines2 et ma honte1 il y en a que je n'entends point3 ,dieu sait comme vous les entendrez40 ,wanneer eene z hoogstaande vrouw1 z goed bekend met den schrijver en den kring1 waarin hij verkeerde1 erkende hem somtijds niet te begrijpen1 dan behoeft men zich twee en een halve eeuw later niet te schamen wanneer men bij het lezen van sommige ,maximes tot een zelfde verzuchting komt4 ,in verband hiermede is ook hoogst merkwaardig een uiting van ,corbinelli een soort philosoof1 een intimus van ,mevr4 de ,svign1 aan wier brieven hij vaak lange beschouwingen toevoegde4 ,in zulk een brief van #ah ,dec4 #afgh behandelt hij de moeilijkheden van het begrijpen der ,maximes4 ,je trouve qu'on se sert de mots dans la conversation qui1 tant examins1 sont ordinairement quivoques1 et qui1 force de les sasser1 ne signifient point1 dans la plupart des expressions1 ce qu'il semble tout le monde qu'ils doivent signifier40 ,dan vraagt hij om opgave van het verschil van beteekenis van een reeks van woorden1 zooals3 bon sens en jugement-raison1--bon sens1 humeur1 caprice en bizarrerie--bon sens en bon esprit--plaisant en agrable enz4 enz4 ,om te eindigen met de volgende zinsnede2 ,ne vous amusez pas me dire que ce sont la plus part synonymes3 c'est le langage o des parresseux o des ignorants4 ,je suis aprs dfinir tout1 bien ou mal1 il n'importe4 ,faites la mme chose1 je vous en prie04 ,dit lezende vraagt men zich onwillekeurig of men een vertaler zijn nood hoort klagen4 99 99 99 99 99 ,aangaande zijn naaste omgeving moet allereerst vermeld worden1 dat zijne echtgenoote1 die hem in '#ee zijn achtste en laatste kind schonk1 op zijn ontwikkeling niet den minsten invloed schijnt te hebben uitgeoefend4 ,in de vele1 vele brieven en andere schrifturen1 die uit dit tijdvak zijn bewaard gebleven1 wordt haar naam zelfs niet genoemd4 ,daarentegen zijn het twee andere vrouwen geweest1 die1 wat het laatste tijdvak van zijn leven betreft1 onafscheidelijk aan den naam van la ,rochefoucauld zullen verbonden blijven2 ,mevrouw de ,sabl en bovenal ,mevrouw de ,lafayette4 ,eerstgenoemde1 een zeer ernstige vrouw en niet onbegaafd1 had na het sluiten van den vrede in '#ec1 een letterkundig salon1 alwaar zich personen van allerlei richting vertoonden4 ,de gastvrouw was in de ,fronde geheel buiten het gedrang gebleven en dientengevolge geheel onafhankelijk4 ,een eigenaardigheid van haar salon was de voorliefde voor het maken van spreuken en maximes4 ,men kan zeggen dat la ,rochefoucauld in dien kring tot het samenstellen van zijn bundel is gekomen4 ,maar ,mevrouw de ,sabl sloot zich meer en meer aan bij de richting der ,jansenisten en liet zelfs voor zich een woning bouwen naast het klooster ,port ,royal1 zonder zich evenwel uit de wereld terugtetrekken4 ,en in ,port ,royal had zich ,mevrouw de ,longueville afgezonderd4 ,met het groeien der genegenheid voor deze ongelukkige vrouw verkoelde de verhouding met den ,hertog4 ,dit dagteekent van omstreeks #affe1 het verschijnen der ,maximes4 ,thans volgde als vriendin de vrouw1 die den grootsten invloed op zijn leven heeft gehad en tot het einde heeft behouden3 mevrouw de ,lafayette1 geb4 ,marie ,madeleine ,pioche de ,la ,vergne4 ,zij was in #afcc geboren en in '#ee gehuwd met een man van wien men even weinig afweet als van de echtgenoote van den ,hertog4 ,in '#ef was zij weduwe1 men weet niet sedert wanneer4 ,zij was een hoogst merkwaardige vrouw3 ,mevrouw de ,svign sprak van haar goddelijk verstand1 dat haar nooit in den steek liet04 ,niemand minder dan ,boileau verklaarde1 dat zij de geestrijkste vrouw in ,frankrijk was en die het best schreef04 ,volgens den kardinaal de ,retz was zij zeer mooi en zeer beminlijk4 ,mevrouw de ,svign vertelt1 dat zij ook voor de dingen van het dagelijksch leven bizonder knap was4 ,segrais zegt1 dat drie maanden1 nadat zij begonnen was ,latijn te leeren1 zij er meer van wist dan haar meesters4 ,niettemin hield zij die geleerdheid zorgvuldig verborgen1 om vooral geen geleerde vrouw te schijnen4 ,daarnaast had zij een voor die dagen1 waarin het brievenschrijven zoo zeer in de mode was1 zeldzame eigenschap1 te weten3 een afkeer van het schrijven van welken brief ook4 ,zij kwam daarmede wel eens in botsing met haar groote vriendin1 ,mevr4 de ,svign1 aan wie zij eens verklaarde3 ,si j'avais un amant1 qui voult de mes lettres tous les matins1 je romprois avec lui04 ,maar het was de zelfde vrouw1 die1 baanbrekend1 aan ,frankrijk met haar ,princesse de ,clves0 den besten roman der #ag;de eeuw schonk4 ,men zou verkeerd doen met de verhouding tusschen den ,hertog en ,mevrouw de ,lafayette op n lijn te stellen met de honderden liaisons0 in de toenmalige hofkringen4 ,zij kende den schrijver reeds een tiental jaren1 en men moet aannemen1 dat van een intimiteit eerst sprake was omstreeks het oogenblik van het verschijnen der ,maximes4 ,hij voelde zich aangetrokken door deze vrouw1 die hooge talenten aan fijngevoeligheid en liefderijkheid paarde4 ,haar trok zijn fijn vernuft aan1 en zij stelde zich tot taak den door tegenspoed en ziekte bitter geworden man van zijn overdreven zwartgalligheid aftebrengen4 ,men sla de brieven van ,mevrouw de ,svign na om te zien hoe zij1 haar beste vriendin1 over beide menschen oordeelt1 en men begrijpt welk een prachtigen invloed deze vrouw op hem uitoefende4 ,wat de ,maximes aangaat zij in herinnering gebracht1 dat de eerste druk slechts #cad maximes bevatte2 die van #afgh telt er #ejd4 ,het staat vast1 dat die meerdere nummers en de zeer belangrijke wijzigingen in de vroeger gepubliceerde meestal aan overleg met haar te danken zijn4 ,daarentegen heeft hij ongetwijfeld een groot aandeel gehad in het schrijven van haar ,princesse de ,clves04 ,een ramp was het voor hem1 zoo vaak door jicht aan zijn stoel gekluisterd1 dat haar gezondheid zeer slecht was en haar belette zich te verplaatsen4 ,uit de brieven van ,mevr4 de ,svign ziet men1 dat ,mevr4 de ,lafayette en la ,rochefoucauld als een volstrekt bijeenhoorend paar werden beschouwd4 ,hij bewoonde het hotel ,liancourt1 rue de ,seine1 zij een huis1 met prachtigen tuin1 rue ,vaugirard1 alles ,faubourg ,st4 ,germain4 ,vandaar dat de beroemde briefschrijfster aan haar dochter eenvoudig de groeten overbracht van le faubourg04 ,mevrouw de ,lafayette meende niet vruchteloos op haar vriend te hebben ingewerkt4 ,hij heeft1 zeide zij1 mijn geest gescherpt1 ik heb zijn hart hervormd4 ,tot aan zijn dood heeft haar trouwe liefde voortbestaan4 ,zij overleefde hem dertien jaren4 ,werd er hierboven op gewezen1 dat de ,hertog nog enkele pogingen deed in het openbare leven terug te keeren1 weldra zag hij hiervan voor goed af om zich bovenal aan de belangen van zijn oudsten zoon te wijden4 ,hij stond hem zijn pairschap af en de zoon van den oudfrondeur werd eerst grand matre de la garde-robe01 later zelfs grand veneur01 allerhoogste ambten ten hove4 ,het jaar #afgb was hem hoogst noodlottig3 bij den overtocht van het ,fransche leger over den ,rijn werd zijn oudste zoon zwaar gewond en sneuvelden zijn vierde zoon en de ,hertog de ,longueville1 de zoon van mevrouw de ,longueville1 in de dagen der ,fronde geboren4 ,men sla wederom de brieven van ,mevrouw de ,svign op om te zien hoe zwaar hem deze slagen vielen en hoe hij er zich onder hield4 ,geleidelijk ging zijn gezondheid achteruit4 ,vleugjes van beterschap ontbraken niet1 zelfs niet den dag voor zijn dood4 ,hij overleed #ag ,maart #afhj2 in de armen van ,bossuet1 die hem bediend had1 stierf hij4 ,,iii4 ,reeds wees ik er op met welke aarzelingen la ,rochefoucauld zijn boek de wereld inzond4 ,hij achtte niet alleen een voorbericht1 maar zelfs een lange apologie en een tijdschrift-artikel onmisbaar3 maar toen het boek succes had1 verklaarde de schrijver1 het was slechts een jaar later1 dat men zijn werk geen grooter nadeel zou kunnen doen1 dan door het toevoegen van een apologie4 ,inmiddels zijn meer dan twee en een halve eeuw verstreken en de ,maximes worden nog steeds beschouwd als te behooren tot de klassieke ,fransche prozawerken4 ,is er thans nog of op nieuw een apologie noodig8 ,een toelichting1 naar mijne meening1 voorzeker1 omdat het werk niet goed begrepen kan worden zonder nadere kennis van de omstandigheden1 waaraan het zijn ontstaan te danken heeft4 ,een apologie1 hoogstens in dien zin1 dat ik zou willen verklaren hoe ik tot het maken dezer vertaling gekomen ben4 ,de omstandigheid1 dat er nog altijd geen ,nederlandsche vertaling van bestaat1 heeft hierbij geen hoofdrol gespeeld1 eerder nog het verleidelijke van te trachten de fijne ,fransche uitdrukkingen in eigen taal overtezetten4 ,in geen geval heb ik er aan gedacht proselieten te winnen voor een overdreven pessimisme en cynisme4 ,laat ik zelfs vooropstellen dat er in den bundel tal van spreuken zijn1 die velen weinig belang zullen inboezemen4 ,ik denk hierbij b4v4 aan die1 welke betrekking hebben op vorsten1 veldheeren enz4 ,de omgeving1 waarin de schrijver jaren lang leefde1 deden hem die uit de pen vloeien4 ,vervolgens zijn er verscheidene maximes1 waarin hij zijn grondgedachte1 dat alle deugd verkapte ondeugd is01 tot het alleruiterste doordrijft4 ,soms wordt hij stocijns3 heb geen medelijden1 leert hij1 en hij verklaart dit gevoel in eigen boezem liefst geheel te willen uitroeien4 ,en hij gaat verder3 ,,cdlxiii4 ,dikwijls is er meer hoogmoed dan goedheid in ons beklag der ongelukken onzer vijanden2 het dient om hen te doen gevoelen1 dat wij door hun bewijzen van medelijden te geven1 boven hen staan4 ,,cclxiv4 ,medelijden is dikwijls44 handig vooruitzien van de ongelukken1 die ons kunnen overkomen2 wij geven anderen hulp om ze er toe te brengen ons die in gelijksoortige gevallen eveneens te verleenen1 en deze diensten1 die wij hun bewijzen1 zijn1 eigenlijk gezegd1 weldaden1 die wij bij voorbaat aan ons zelf bewijzen40 ,hoe beoordeelt hij vriendschap08 ,,lxxxiii4 ,wat de menschen vriendschap hebben genoemd is niets dan een overeenkomst1 een wederkeerig ontzien van belangen1 en een uitwisseling van goede diensten2 het is ten slotte niets dan een handel1 waarbij het eigenbelang altijd iets denkt te winnen4 ,in vroegere drukken heette het een handelszaak04 ,hier mag niet worden verzwegen dat verschillende tijdgenooten niet veel beter over vriendschap dachten4 ,gematigdheid4 ,daarvan heeft men een deugd gemaakt2 ten gerieve van middelmatige menschen4 ,,cccviii4 ,standvastigheid in de liefde4 ,zij is een doorloopende onstandvastigheid1 waardoor ons hart zich achtereenvolgens hecht aan alle de eigenschappen van den persoon1 dien wij liefhebben4 4444,,clxxv4 ,een dergelijke spreuk maakt den indruk te zijn uitgedacht in een prijskamp van geestigheden4 ,vrouwelijk fatsoen4 ,er zijn weinig fatsoenlijke vrouwen1 die haar beroep niet moede zijn4 ,,ccclxvii4 ,het begrip van beroep0 is hier hinderlijk en onwelvoegelijk4 ,deze voorbeelden mogen volstaan3 het is echter gewenscht1 dat de lezer er op voorbereid zij zulke buitensporigheden te zullen ontmoeten4 ,maar bij tientallen zal hij spreuken ontmoeten1 tintelend van geest4 ,bij vele tientallen zal hij opmerkingen tegenkomen1 die op het eerste gezicht overdreven mogen schijnen1 doch waarvan hij1 bij eenig nadenken1 de diepe waarheid zal moeten erkennen4 ,altijd is de hoofdgedachte hetgeen aan het begin als opschrift is neergeschreven3 ,onze deugden zijn meestal niets dan verkapte ondeugden04 ,terloops zij er op gewezen1 dat dit opschrift eerst in den vierden druk van #afge voorkomt4 ,en hiermede zijn wij gekomen tot hetgeen mij de onvergankelijke verdienste van dit boek toeschijnt4 ,in fijnen vorm1 met weinige welgekozen woorden1 worden beweringen opgedischt1 die tot nadenken stemmen en in vele1 vele gevallen1 zal de lezer1 in eigen boezem1 van daden1 waarover hij zeer voldaan was1 beweegredenen vinden1 die er geheel anders uitzien1 dan hij aanvankelijk gemeend had4 ,van menige handeling zal het aureool voor goed verdwijnen1 in menig opzicht zal men inzien bescheidener over zich zelf te moeten denken4 ,een dergelijke opfrissching kan nooit anders dan nuttig zijn4 ,maar men zij voorzichtig met die beschouwingen te veel op anderen toetepassen4 ,dit voert tot een bedenkelijke argwaan1 tot het verlies van elk vertrouwen in goede bedoelingen4 ,en hierdoor zou men lijnrecht in strijd geraken met den schrijver1 die met nadruk zegt3 het is smadelijker zijn vrienden te wantrouwen dan door hen te worden bedrogen01 7,,lxxxiv7 en ons wantrouwen rechtvaardigt het bedrog van anderen0 7,,lxxxvi74 ,tegenover zich zelf kan dit wantrouwen minder kwaad3 er zal altijd nog voldoende reden tot tevredenheid met zich zelf overblijven4 ,,voorrede ,,van ,,de ,,eerste ,,uitgave ,,van ,,parijs1 #affe4 ,aan den ,lezer4 ,ziehier een portret van het menschelijk hart1 dat ik het publiek aanbied onder den naam van ,rflections ou maximes morales4 ,het loopt kans niet aan ieder te behagen1 omdat men misschien zal vinden dat het al te goed gelijkt1 en niet genoeg vleit4 ,het heeft den schijn alsof de schilder nooit het plan heeft gehad dit werk het licht te doen zien en dat het nog in zijn kast zou liggen1 ware het niet dat een slecht afschrift1 dat in omloop was en zelfs eenige tijd geleden in ,holland is beland1 een zijner vrienden had verplicht er mij een ander te geven1 dat volgens hem1 geheel overeenkomt met het oorspronkelijke4 ,maar hoe nauwkeurig het moge zijn1 misschien ontkomt het toch niet aan de veroordeeling van zekere personen1 die niet kunnen verdragen dat men zich gaat bezighouden met in het binnenste van hun hart doortedringen1 en die het recht meenen te bezitten te beletten dat anderen hen zouden kennen1 omdat zij zich zelf niet willen kennen4 ,het is waar dat1 aangezien deze ,maximes vol zijn van die soorten waarheden1 waaraan de menschelijke hoogmoed zich niet kan aanpassen1 het bijna onmogelijk is1 dat hij er niet tegen in opstand komt1 en dat zij zich geen veroordeelaars op den hals zouden halen4 ,het is ook voor hen dat ik een brief bijvoeg1 dien men mij gegeven heeft en die geschreven is sedert het handschrift bekend is geworden1 en toen iedereen er zijn oordeel over uitsprak4 ,hij kwam mij vrij geschikt voor als antwoord op de gewichtigste bezwaren1 die men tegen de maximes kan inbrengen1 en om de gevoelens van den schrijver toetelichten2 hij is voldoende om te doen zien1 dat hetgeen zij inhouden niets anders is dan een korte zedekundige verhandeling1 overeenkomende met de denkwijze van verscheidene kerkvaders1 en dat hij1 die ze geschreven heeft1 groot gelijk heeft gehad te gelooven1 dat hij met zulke goede gidsen niet kon dwalen1 en dat het hem geoorloofd was van den mensch te spreken1 zooals de ,vaders het deden4 ,maar indien de eerbied1 hun verschuldigd1 niet bij machte is den wrevel der critici tegentehouden1 indien deze zich niet ontzien de meening dier groote mannen te veroordeelen door dit boek te veroordeelen1 dan verzoek ik den lezer hun voorbeeld niet te volgen1 zijn geest niet te laten medesleepen door de eerste opwelling van zijn hart1 en zoo mogelijk te zorgen dat de eigenliefde zich niet in de beoordeeling zal mengen2 want indien hij haar raadpleegt moet hij niet verwachten gunstig gezind te kunnen zijn ten opzichte der ,maximes2 daar zij de eigenliefde beschouwen als het bederf der rede1 zal zij niet in gebreke blijven het verstand tegen deze regels intenemen4 ,men dient er dus tegen te waken dat de vooringenomenheid ze niet rechtvaardige en zich er van te doordringen1 dat niets meer geschikt is de waarheid dezer overpeinzingen te bewijzen dan de warmte en de spitsvondigheid1 die men zal doen blijken bij de bestrijding3 inderdaad zal het moeilijk vallen elk verstandig mensch te doen gelooven1 dat men ze op een anderen grond veroordeelt dan dien van verborgen belang1 hoogmoed en eigenliefde4 ,in n woord1 de beste partij1 die de lezer kan kiezen is zich inteprenten1 dat niet n dezer spreuken in het bijzonder op hem slaat1 en dat hij de eenige uitzondering is1 ofschoon zij een algemeene strekking schijnen te bezitten2 daarna1 hiervoor sta ik borg1 zal hij de eerste zijn ze te onderschrijven en zal hij vinden1 dat zij het menschelijk hart nog genadig behandelen4 ,ziedaar wat ik in het algemeen over dit geschrift wilde zeggen2 wat de methode aangaat1 die men er in zal waarnemen1 geloof ik dat het gewenscht geweest was aan elke spreuk een opschrift te geven1 het behandelde onderwerp aanduidende1 en dat zij ordelijker gegroepeerd hadden moeten zijn2 maar ik zou dit niet hebben kunnen doen zonder de geheele kopy1 die men mij gegeven heeft1 geheel het onderst-boven te gooien2 en daar er meerdere spreuken met hetzelfde onderwerp voorkomen1 hebben zij1 wier raad ik heb ingewonnen1 gemeend dat het nuttiger was een ,register samen te stellen1 met behulp waarvan men kan vinden welke spreuken hetzelfde onderwerp behandelen4 ,,voorrede ,,van ,,de ,,vijfde ,,uitgave1 #afgh4 ,de ,uitgever aan den ,lezer4 ,deze vijfde druk is vermeerderd met meer dan honderd nieuwe spreuken en nauwkeuriger dan de vier eerste4 ,de goedkeuring1 aan de ,maximes door het publiek betuigd1 gaat boven alles wat ik ten haren gunste zou kunnen zeggen1 en indien zij zijn waarvoor ik haar houd1 en waarvan ik grond heb overtuigd te zijn1 zou men haar geen grooter onrecht kunnen doen dan te gelooven1 dat zij een verdediging noodig zouden hebben4 ,ik zal volstaan met u op twee dingen te wijzen3 ten eerste1 dat met het woord eigenbelang0 niet altijd een materieel belang bedoeld wordt1 maar meestal een belang van eer en roem2 ten tweede 7hetgeen als het ware de grondslag is van al deze spreuken71 dat hij1 die ze gemaakt heeft1 de menschen slechts heeft beschouwd in dien droevigen toestand van verdorvenheid door de zonde1 en dat dus de wijze1 waarop hij van dat oneindig aantal gebreken spreekt1 die zich als schijnbare deugden voordoen1 niet hen betreft1 die ,god er door een bijzondere genade voor behoedt4 ,wat de volgorde dezer spreuken aangaat1 zal men gemakkelijk inzien dat1 aangezien zij verschillende onderwerpen behandelen1 het bezwaarlijk was een volgorde vast te stellen2 en ofschoon er meerdere met een zelfde onderwerp zijn1 heeft men niet gemeend die altijd bijeen te moeten plaatsen1 uit vrees den lezer te vervelen2 men vindt ze echter in het ,register4 ,onze deugden zijn meestal niets dan verkapte ondeugden4 ,i4 ,hetgeen wij voor deugd aanzien is dikwijls niets dan een samenloop van verschillende handelingen en van verschillende belangen1 die de fortuin of onze ijver weten te regelen2 en het is niet altijd uit dapperheid en uit kuischheid dat mannen dapper en vrouwen kuisch zijn4 ,,ii4 ,de eigenliefde is de grootste van alle vleiers4 ,,iii4 ,welke ontdekkingen men in het land der eigenliefde ook heeft gemaakt1 er blijven nog heel wat onbekende landstreken over4 ,,iv4 ,eigenliefde is handiger dan de handigste mensch ter wereld4 ,v4 ,de duur onzer hartstochten hangt evenmin van ons af als de duur van ons leven4 ,,vi4 ,hartstocht maakt dikwijls een zot van den verstandigsten mensch en de zotsten verstandig4 ,,vii4 ,groote en schitterende daden1 die het oog verblinden1 worden door politici voorgesteld als de uitkomsten van groote plannen1 terwijl zij gewoonlijk de uitwerking zijn van humeur en hartstochten4 ,zoo was de oorlog tusschen ,augustus en ,antonius1 dien men toeschrijft aan de eerzucht om zich meesters van de wereld te maken1 misschien louter een uitwerking van jaloezie4 ,,viii4 ,hartstochten zijn de eenige redenaars1 die altijd overtuigen4 ,zij zijn als het ware een kracht der natuur1 waarvan de regels onfeilbaar zijn1 en de eenvoudigste man met hartstocht overtuigt beter dan de welsprekendste1 die er van ontbloot is4 ,,ix4 ,hartstochten hebben een kant van onrechtvaardigheid en eigenbelang1 die het gevaarlijk maakt ze te volgen en waarvoor men zich moet hoeden1 zelfs wanneer zij zoo redelijk mogelijk schijnen4 ,x4 ,er is in het menschelijk hart een voortdurende aanwas van hartstochten1 dusdanig dat de ondergang van den eenen bijkans altijd de opkomst van een anderen te weeg brengt4 ,,xi4 ,hartstochten brengen vaak andere voort1 die aan hen tegenovergesteld zijn3 gierigheid verwekt soms verkwisting en verkwisting gierigheid2 dikwijls is men standvastig uit zwakte en onverschrokken uit bedeesdheid4 ,,xii4 ,hoe veel moeite men zich ook geve om zijn hartstochten met den schijn van vroomheid en eer te bedekken1 zij blijven altijd achter die sluiers zichtbaar4 ,,xiii4 ,onze eigenliefde duldt bezwaarlijker de veroordeeling van onzen smaak dan van onze meeningen4 ,,xiv4 ,de menschen zijn niet alleen geneigd de herinnering te verliezen aan weldaden en onrecht3 zij haten zelfs degenen1 die hen verplicht hebben en houden op te haten wie hen beleedigd hebben4 ,de inspanning om het goede te beloonen en zich te wreken wegens het kwade schijnt hun een last1 waaraan zij moeite hebben zich te onderwerpen4 ,,xv4 ,de genade van vorsten is vaak niets dan politiek om de genegenheid der volken te winnen4 ,,xvi4 ,die genadigheid1 die men voor een deugd laat gelden1 bewijst men nu eens uit ijdelheid1 soms uit gemakzucht1 dikwijls uit vrees1 en bijna altijd uit alle drie te zamen4 ,,xvii4 ,de gematigdheid der gelukkige menschen komt voort uit de kalmte1 die de goede fortuin aan hun gemoedsstemming geeft4 ,,xviii4 ,gematigdheid is een vrees te worden benijd en veracht1 zoo als zij verdienen1 die verblind worden door hun geluk2 zij is een ijdele pronkerij van onze geestkracht1 en ten slotte is gematigdheid der hoogstgeplaatste menschen een verlangen grooter te schijnen dan hun goed gesternte4 ,,xix4 ,wij zijn allen sterk genoeg om andermans rampen te dragen4 ,,xx4 ,de onaandoenlijkheid der wijzen is niet anders dan de kunst van de stormen in hun hart op te sluiten4 ,,xxi4 ,ter dood veroordeelden vertoonen somtijds een onaandoenlijkheid en verachting van den dood1 die slechts vrees is om hem in het aangezicht te zien2 zoodat men kan zeggen dat die onaandoenlijkheid en doodsverachting voor hun geest zijn wat de blinddoek voor hunne oogen is4 ,,xxii4 ,de philosophie overwint gemakkelijk verleden en toekomstige rampen1 maar de tegenwoordige blijven haar de baas4 ,,xxiii4 ,weinigen kennen den dood3 men aanvaardt hem gewoonlijk niet uit vastberadenheid maar uit domheid en uit gewoonte1 en de meeste menschen sterven omdat er niets tegen te doen is4 ,,xxiv4 ,wanneer groote mannen zich laten nederdrukken door den langen duur hunner tegenspoeden1 toonen zij dat zij die slechts droegen door de kracht hunner eerzucht en niet door die hunner ziel1 en dat1 op een groote ijdelheid na1 helden gelijk zijn aan andere menschen4 ,,xxv4 ,men moet grooter deugden bezitten om voorspoed dan om tegenspoed te verdragen4 ,,xxvi4 ,de zon en den dood kan men niet strak aanzien4 ,,xxvii4 ,men pocht soms op hartstochten1 zelfs de misdadigste1 maar de afgunst1 een bedeesde en schuwe hartstocht1 wil men nimmer toegeven te bezitten4 ,,xxviii4 ,jaloezie is in zeker opzicht rechtmatig en verstandig1 daar zij er slechts naar streeft iets te bewaren1 dat ons werkelijk of naar onze meening toebehoort2 afgunst daarentegen is een razernij1 die het geluk van anderen niet dulden kan4 ,,xxix4 ,het kwade1 dat wij doen1 bezorgt ons niet zoo veel vervolging en haat als onze goede hoedanigheden4 ,,xxx4 ,wij hebben meer kracht dan goeden wil2 en het is vaak alleen om ons tegenover ons zelf vrij te pleiten1 dat wij dingen onmogelijk achten4 ,,xxxi4 ,indien wij zelf geen gebreken hadden1 zouden wij er niet zooveel behagen in scheppen die bij anderen op te merken4 ,,xxxii4 ,jaloezie groeit door twijfel en klimt tot razernij of eindigt zoodra twijfel in zekerheid verandert4 ,,xxxiii4 ,de hoogmoed weet altijd zijn schade in te halen en verliest niets1 zelfs wanneer hij van de ijdelheid afstand doet4 ,,xxxiv4 ,indien wij zelf geen trots bezaten zouden wij ons over dien van anderen niet beklagen4 ,,xxxv4 ,de trots is bij alle menschen gelijk2 er is slechts verschil in de middelen en manieren hem te uiten4 ,,xxxvi4 ,het schijnt dat de natuur1 die zoo kunstig de organen van ons lichaam heeft samengesteld om ons gelukkig te maken1 ons ook den hoogmoed heeft geschonken om ons de smart te besparen onze onvolmaaktheden te leeren kennen4 ,,xxxvii4 ,meer dan de goedheid heeft de hoogmoed aandeel in de vermaningen1 die wij richten tot hen die fouten maken1 en wij berispen hen niet zoo zeer om hen te verbeteren als om hen te overtuigen1 dat wij er vrij van zijn4 ,,xxxviii4 ,wij beloven naar mate van onze hoop1 en wij houden onze beloften naar mate van onze vrees4 ,,xxxix4 ,het eigenbelang spreekt alle soorten van talen en speelt elke rol1 zelfs die van belangeloosheid4 ,,xl4 ,het eigenbelang1 dat den een verblindt1 maakt den ander helderziend4 ,,xli4 ,wie zich te veel met kleinigheden inlaat wordt gewoonlijk ongeschikt voor groote dingen4 ,,xlii4 ,wij hebben geen voldoende kracht om ons verstand geheel te volgen4 ,,xliii4 ,de mensch gelooft dikwijls te leiden terwijl hij zelf geleid wordt1 en terwijl hij met zijn verstand naar zeker doel streeft1 sleept zijn hart hem ongemerkt naar een ander4 ,,xliv4 ,men behoort niet te spreken van kracht of zwakheid van den geest2 zij zijn in werkelijkheid goede of slechte aanleg onzer lichamelijke organen4 ,,xlv4 ,de grillen van ons humeur zijn nog grilliger dan die van de fortuin4 ,,xlvi4 ,de gehechtheid aan of de onverschilligheid tegenover het leven1 door de philosophen betoond1 was niets dan eene neiging hunner eigenliefde1 waarover men evenmin kan twisten als over den smaak der tong of de keuze der kleuren4 ,,xlvii4 ,ons humeur bepaalt de waarde van alles wat de fortuin ons schenkt4 ,,xlviii4 ,het geluk hangt af van den smaak1 niet van de dingen2 en gelukkig maakt het bezit van wat men gaarne heeft1 niet van hetgeen anderen begeeren4 ,,xlix4 ,men is nooit zoo gelukkig of zoo ongelukkig als men zich inbeeldt4 ,l4 ,zij1 die zich verdienstelijk achten1 stellen er een eer in ongelukkig te zijn1 ten einde anderen en zich zelf te overtuigen1 dat zij met het noodlot kampen4 ,,li4 ,niets moet de ingenomenheid met ons zelf zoo zeer verminderen als te zien dat wij heden afkeuren wat wij voorheen goedkeurden4 ,,lii4 ,hoe verschillend het lot der menschen ook moge schijnen1 er is niettemin een zekere vereffening van goed en kwaad1 die het verschil wegvaagt4 ,,liii4 ,hoe groote voordeelen de natuur ook schenken moge1 het is niet alleen zij1 die helden maakt2 het geluk moet medewerken4 ,,liv4 ,de verachting der rijkdommen was bij de philosophen een verborgen verlangen om hun verdienste te wreken op de onrechtvaardigheid van het lot1 door datgene te verachten wat het hun onthield2 het was een geheim om zich te beschermen tegen de vernedering van de armoede4 ,het was een omweg om tot het aanzien te geraken1 dat zij door rijkdommen niet konden bereiken4 ,,lv4 ,de haat tegen gunstelingen is niets anders dan verzotheid op gunst4 ,de ontstemming deze niet te bezitten wordt vertroost en verzacht door de minachting1 die men betoont voor hen die haar bezitten en wij weigeren hun onzen eerbied1 niet bij machte zijnde hun datgene te ontnemen1 wat hun dien van iedereen verschaft4 ,,lvi4 ,ten einde in de hooge wereld te komen1 geeft men zich alle mogelijke moeite het te doen voorkomen alsof men er reeds thuis behoort4 ,,lvii4 ,ofschoon de menschen zich laten voorstaan op hun groote daden zijn deze dikwijls niet de uitwerking van groote plannen1 maar van het toeval4 ,,lviii4 ,het schijnt dat onze daden gelukkige of ongelukkige gesternten hebben1 waaraan zij een groot deel van den lof en de blaam1 die men haar geeft1 te danken hebben4 ,,lix4 ,geen gebeurtenis zoo ongelukkig of verstandige menschen trekken er eenig voordeel uit4 ,geen is er zoo gelukkig of onverstandigen weten haar nog op hun eigen nadeel te laten uitloopen4 ,,lx4 ,de fortuin stiert alles ten voordeele van hen1 die zij begunstigt4 ,,lxi4 ,het geluk en het ongeluk der menschen hangt niet minder van hun humeur dan van de fortuin af4 ,,lxii4 ,oprechtheid is openhartigheid4 ,men vindt haar bij zeer enkelen1 en die1 welke men gewoonlijk ziet1 is slechts een verfijnde geveinsdheid1 om het vertrouwen van anderen te winnen4 ,,lxiii4 ,de afkeer van liegen is dikwijls slechts een onmerkbare eerzucht1 om aan onze beweringen gewicht bij te zetten en aan onze woorden een heiligen eerbied te verschaffen4 ,,lxiv4 ,de waarheid doet in de wereld niet zoo veel goed1 als haar schijn kwaad sticht4 ,,lxv4 ,de voorzichtigheid overstelpt men met lof2 toch vrijwaart zij ons niet voor het geringste nadeel4 ,,lxvi4 ,een verstandig man moet zijne belangen regelen en hen leiden1 elk in de juiste volgorde2 deze wordt dikwijls door onze begeerlijkheid verstoord1 omdat zij ons zoo veel tegelijker tijd doet naloopen1 dat wij1 de minst belangrijke te zeer begeerende1 de belangrijkere misloopen4 ,,lxvii4 ,bevalligheid is voor het lichaam wat gezond verstand voor den geest is4 ,,lxviii4 ,het is moeilijk de liefde te omschrijven3 wat men er van kan zeggen is1 dat zij zich1 in de ziel1 openbaart als een hartstocht tot heerschen2 in den geest als sympathie2 en in het lichaam als een verholen1 teedere begeerte na vele heimelijkheden te bezitten wat men bemint4 ,,lxix4 ,indien er eene liefde bestaat1 rein en vrij van inmenging onzer andere hartstochten1 dan is het die1 welke binnen ons hart verborgen is en die wij zelf niet kennen4 ,,lxx4 ,er bestaat geen vermomming1 die langen tijd de liefde kan verbergen die er is1 of haar kan voorwenden1 waar zij niet is4 ,,lxxi4 ,er zijn bijna geen menschen1 die zich niet schamen elkander bemind te hebben1 wanneer zij elkander niet meer beminnen4 ,,lxxii4 ,indien men de liefde beoordeelt naar het meerendeel harer uitwerkingen1 vindt men meer gelijkenis op haat dan op vriendschap4 ,,lxxiii4 ,men kan vrouwen vinden1 die nimmer een liefdes-avontuur hadden1 maar het is moeilijk er een aantetreffen1 die er slechts n heeft doorleefd4 ,,lxxiv4 ,er is slechts n soort liefde1 maar er bestaan duizend verschillende namaaksels4 ,,lxxv4 ,de liefde kan1 evenmin als het vuur1 voortbestaan zonder onafgebroken aangewakkerd te worden en zij houdt op zoodra er niets meer te hopen of te vreezen overblijft4 ,,lxxvi4 ,met de ware liefde is het gesteld als met de geestverschijningen3 een ieder spreekt er van1 maar weinigen hebben haar gezien4 ,,lxxvii4 ,de liefde leent haar naam aan een onmetelijk aantal verhoudingen1 die men haar toeschrijft en waaraan zij even min deel heeft als de ,doge aan hetgeen te ,veneti gebeurt4 ,,lxxviii4 ,de liefde tot de gerechtigheid is bij de meeste menschen niets dan vrees om onrechtvaardigheden te ondergaan4 ,,lxxix4 ,zwijgen is de beste partij voor hem1 die niet zeker van zich zelf is4 ,,lxxx4 ,wat ons in onze vriendschappen zoo veranderlijk maakt is de omstandigheid1 dat het moeilijk valt de hoedanigheden der ziel1 en gemakkelijk die van het verstand te leeren kennen4 ,,lxxxi4 ,wij kunnen niets beminnen dan met betrekking tot ons zelf en wij doen niets dan onzen zin en onzen smaak volgen1 wanneer wij onze vrienden boven ons zelf verkiezen4 ,niettemin is het alleen door die voorkeur dat vriendschap waar en volkomen kan zijn4 ,,lxxxii4 ,de verzoening met onze vijanden is niets dan een verlangen onzen toestand te verbeteren1 een oorlogsmoeheid1 en een vrees voor tegenslag4 ,,lxxxiii4 ,wat de menschen vriendschap hebben genoemd is niets dan een overeenkomst1 een wederkeerig ontzien van belangen1 en een uitwisseling van goede diensten2 het is ten slotte niets dan een handel1 waarbij het eigenbelang altijd iets denkt te winnen4 ,,lxxxiv4 ,het is smadelijker zijn vrienden te wantrouwen dan door hen te worden bedrogen4 ,,lxxxv4 ,wij maken ons vaak wijs lieden te beminnen1 machtiger dan wij1 en toch is het bloot eigenbelang1 dat onze vriendschap doet ontstaan4 ,wij geven ons niet aan hen om het goede1 dat wij hun willen bewijzen1 maar om hetgeen wij verwachten te ontvangen4 ,,lxxxvi4 ,ons wantrouwen rechtvaardigt het bedrog van anderen4 ,,lxxxvii4 ,de menschen zouden niet lang in gemeenschap blijven leven1 wanneer zij niet elkanders slachtoffers waren4 ,,lxxxviii4 ,de eigenliefde verkleint of vergroot in ons oog de goede hoedanigheden onzer vrienden naar mate van de voldoening1 die wij van hen smaken2 en wij beoordeelen hun verdienste naar de wijze1 waarop zij zich tegenover ons gedragen4 ,,lxxxix4 ,ieder klaagt over zijn geheugen1 niemand over zijn verstand4 ,,xc4 ,in het maatschappelijk verkeer behagen wij vaker door onze gebreken1 dan door onze goede eigenschappen4 ,,xci4 ,de grootste eerzucht vermijdt zorgvuldig zich als zoodanig kenbaar te maken1 wanneer zij op de volstrekte onmogelijkheid stuit om tot haar doel te geraken4 ,,xcii4 ,door iemand1 vervuld van zijn eigen verdienste1 de oogen te openen bewijst men hem een even slechten dienst als men aan dien gek te ,athene bewees1 die geloofde1 dat alle binnenkomende schepen hem toebehoorden4 ,,xciii4 ,grijsaards geven gaarne wijze lessen als troost dat zij niet meer in staat zijn slechte voorbeelden te geven4 ,,xciv4 ,een groote naam1 in stede van te verheffen1 drukt hem ter neder1 die niet sterk genoeg is hem hoog te houden4 ,,xcv4 ,het bewijs van buitengewone verdienste is te zien1 dat de hevigste benijders haar moeten prijzen4 ,,xcvi4 ,een ondankbare is soms minder schuld aan die ondankbaarheid1 dan hij1 die de weldaad bewees4 ,,xcvii4 ,men vergist zich door te meenen dat verstand en oordeel twee verschillende zaken zijn3 het oordeel is niets dan de grootheid van het licht in het verstand2 dat licht dringt tot op den bodem der dingen door1 merkt op al wat het moet opmerken en neemt ook waar wat schijnbaar niet zichtbaar is4 ,dus moet men toegeven dat het de sterkte van het licht in het verstand is1 die alle aan het oordeel toegeschreven werkingen te weeg brengt4 ,,xcviii4 ,ieder spreekt in goeden zin van zijn hart1 en niemand durft dit van zijn verstand te doen4 ,,xcix4 ,de fijnheid van den geest bestaat in het denken aan smaakvolle en kiesche dingen4 ,c4 ,de hoffelijkheid van den geest bestaat in het op aangename wijze zeggen van vriendelijke dingen4 ,,ci4 ,het gebeurt dikwijls dat dingen zich volkomener voor onzen geest opdoen1 dan deze met veel kunst zou kunnen tot stand brengen4 ,,cii4 ,het verstand is altijd het slachtoffer van het hart4 ,,ciii4 ,allen1 die hun verstand kennen1 kennen niet hun hart4 ,,civ4 ,menschen en zaken hebben hun gezichtspunt3 er zijn er1 die men van nabij moet bezien1 om er goed over te kunnen oordeelen1 en anderen1 die men nooit beter beoordeelt dan op een afstand4 ,,cv4 ,niet hij is verstandig1 die het verstandige toevallig vindt1 maar hij1 die het kent1 onderscheidt en er smaak in vindt4 ,,cvi4 ,om iets goed te kennen moet men er de kleinste onderdeelen van kennen en1 daar deze bijna oneindig zijn1 blijft onze kennis altijd oppervlakkig en onvolkomen4 ,,cvii4 ,het is een soort coquetterie te laten merken1 dat men er vrij van is4 ,,cviii4 ,het verstand vermag niet lang de rol van het hart te spelen4 ,,cix4 ,de jeugd verandert van smaak door de vurigheid van het bloed1 en de ouderdom behoudt den zijnen door de macht der gewoonte4 ,,cx4 ,men is met niets zoo vrijgevig als met raad4 ,,cxi4 ,hoe vuriger men bemint1 hoe lichter de liefde in haat omslaat4 ,,cxii4 ,de gebreken van het verstand vermeerderen bij het ouder worden even als die van het gelaat4 ,,cxiii4 ,er zijn goede huwelijken maar geen kostelijke4 ,,cxiv4 ,men is ontroostbaar over het bedrog van vijanden en het verraad van vrienden en is vaak voldaan door zich zelf bedrogen te hebben4 ,,cxv4 ,het is even gemakkelijk zich zelf te bedriegen zonder het te bemerken1 als moeilijk anderen te bedriegen1 zonder dat zij het gewaar worden4 ,,cxvi4 ,niets is minder oprecht dan de wijze1 waarop men raad vraagt en geeft3 wie er om vraagt schijnt een eerbiedige vereering te hebben voor de gevoelens van zijn vriend1 ofschoon hij er slechts aan denkt de zijne door hem te laten goedkeuren en hem aansprakelijk te maken voor zijn gedrag2 en wie den raad geeft1 beloont het in hem gestelde vertrouwen door vurigen en belangeloozen ijver1 ofschoon hij meestal in den door hem gegeven raad slechts zijn eigen belang of roem zoekt4 ,,cxvii4 ,de meest verfijnde slimheid is goed te kunnen voorwenden in den val te zijn geloopen1 die voor ons was opgesteld2 en men wordt nimmer gemakkelijker bedrogen1 dan wanneer men meent anderen te bedriegen4 ,,cxviii4 ,het voornemen nimmer te bedriegen stelt er ons aan bloot dikwijls bedrogen te worden4 ,,cxix4 ,wij zijn zoo zeer gewend ons tegenover anderen te vermommen dat wij ons ten slotte tegenover ons zelf vermommen4 ,,cxx4 ,men komt vaker tot verraad uit zwakheid dan door een vooropgezet plan om te verraden4 ,,cxxi4 ,men doet dikwijls goed om ongestraft kwaad te kunnen doen4 ,,cxxii4 ,indien wij aan onze hartstochten weerstand bieden is dit meer door hun zwakte dan door onze kracht4 ,,cxxiii4 ,men zou weinig vreugde smaken indien men zich nimmer vleide4 ,,cxxiv4 ,de handigsten geven zich gedurende hun geheele leven den schijn slimmigheden aftekeuren1 ten einde er zich zelf van te bedienen bij gewichtige gelegenheden of gevallen van groot belang4 ,,cxxv4 ,het geregeld gebruik van slimmigheden is een kenteeken van een kleinen geest1 en het gebeurt bijna altijd dat hij1 die er zich van bedient1 om zich aan ne zijde te dekken1 zich aan een andere bloot geeft4 ,,cxxvi4 ,list en verraad zijn alleen het gevolg van gebrek aan bekwaamheid4 ,,cxxvii4 ,het ware middel om bedrogen te worden is zich slimmer te achten dan anderen4 ,,cxxviii4 ,overdreven gevoeligheid is een valsche kieschheid en de ware kieschheid is een gezonde gevoeligheid4 ,,cxxix4 ,soms is een grofheid voldoende om zich door een slim mensch niet te laten beetnemen4 ,,cxxx4 ,zwakheid is het eenige gebrek1 dat men niet kan verbeteren4 ,,cxxxi4 ,het geringste kwaad van vrouwen1 die zich aan de galanterie hebben overgegeven1 is de galanterie4 ,,cxxxii4 ,het is gemakkelijker wijs voor anderen te zijn1 dan voor zich zelf4 ,,cxxxiii4 ,de eenige goede copien zijn die1 welke het belachelijke van de slechte origineelen toonen4 ,,cxxxiv4 ,men is nooit zoo belachelijk door de eigenaardigheden1 die men bezit1 als door die1 welke men zich den schijn geeft te bezitten4 ,,cxxxv4 ,men is soms even zeer in tegenspraak met zich zelf als met anderen4 ,,cxxxvi4 ,er zijn lieden1 die nooit verliefd zouden zijn geweest als zij nooit van liefde hadden hooren spreken4 ,,cxxxvii4 ,men spreekt weinig indien de ijdelheid er niet toe aanzet4 ,,cxxxviii4 ,liever spreekt men kwaad dan in het geheel niet van zich zelf4 ,,cxxxix4 ,een der redenen1 waarom men zoo weinig menschen vindt1 die verstandig en aangenaam zijn in hunne gesprekken1 is dat er bijna niemand is1 die niet meer denkt aan hetgeen hij wil zeggen1 dan aan het geven van een juist antwoord op hetgeen men hem zegt4 ,de knapsten en beleefdsten vergenoegen zich met het opzetten van een aandachtig gelaat1 terwijl men op hetzelfde oogenblik in hun oogen en in hun geest ziet1 dat zij niet zijn bij hetgeen men hun zegt en haast hebben terugtekeeren tot wat zij willen zeggen1 in stede van te overwegen1 dat het een slecht middel is zich anderen aangenaam te maken of hen te overtuigen1 wanneer men zich z zeer inspant zich zelf te behagen1 en dat de kunst goed te luisteren en goed te antwoorden een der grootste volmaaktheden is1 die men in een gesprek kan tentoonspreiden4 ,,cxl4 ,een man van verstand zou dikwijls verlegen zitten zonder het gezelschap van dwazen4 ,,cxli4 ,wij roemen er dikwijls op ons niet te vervelen en wij zijn z trotsch1 dat wij ons niet in een vervelend gezelschap willen bevinden4 ,,cxlii4 ,terwijl het in den aard ligt van groote geesten met weinig woorden veel te zeggen1 hebben daarentegen de kleine geesten de gave van veel te spreken en niets te zeggen4 ,,cxliii4 ,het is veeleer de waardeering onzer eigen gevoelens1 die ons de goede hoedanigheden van anderen doet overdrijven1 dan de waardeering hunner verdienste2 en wij willen lof oogsten1 terwijl het den schijn heeft dat wij dien toezwaaien4 ,,cxliv4 ,men prijst ongaarne en men prijst niemand zonder eigenbelang4 ,lof is een behendige vleierij1 heimelijk en fijn1 die op verschillende wijze bevredigt wie hem toekent en wie hem ontvangt3 de een aanvaart hem als een belooning voor verdienste1 de ander geeft hem om zijn rechtvaardigheid en doorzicht te toonen4 ,,cxlv4 ,wij kiezen dikwijls vergiftigde loftuitingen1 die1 als terugslag1 in hen1 die wij prijzen1 gebreken naar voren brengen1 welke wij op andere wijze niet zouden durven onthullen4 ,,cxlvi4 ,in den regel prijst men alleen om geprezen te worden4 ,,cxlvii4 ,weinig menschen zijn wijs genoeg om een hun nuttige afkeuring te verkiezen boven lof1 die hen schaadt4 ,,cxlviii4 ,er zijn verwijten1 die lof1 en loftuitingen1 die kwaadsprekerij bevatten4 ,,cxlix4 ,het afwijzen van lof is een verlangen om twee maal geprezen te worden4 ,,cl4 ,het verlangen den lof te verdienen1 dien men ons toezwaait1 versterkt onze deugd2 de lof1 dien men het verstand1 den moed en de schoonheid toekent1 draagt er toe bij die te verhoogen4 ,,cli4 ,het is moeilijker zich door anderen niet te laten beheerschen1 dan anderen te beheerschen4 ,,clii4 ,indien wij ons zelf niet vleiden zou de vleierij van anderen ons niet kunnen schaden4 ,,cliii4 ,de natuur schept de verdienste2 de fortuin brengt haar in werking4 ,,cliv4 ,de fortuin verbetert in ons verschillende gebreken1 die het verstand niet zou kunnen verbeteren4 ,,clv4 ,er zijn menschen van verdienste1 die afstootend werken1 en andere1 die1 ondanks hunne gebreken1 aantrekken4 ,,clvi4 ,er zijn menschen1 wier eenige verdienste daarin bestaat met voordeel dwaasheden te zeggen en te doen1 en die alles zouden bederven indien zij hun gedragslijn veranderden4 ,,clvii4 ,de roem van groote mannen moet altijd worden afgemeten naar de middelen1 waarvan zij zich hebben bediend om hem te verwerven4 ,,clviii4 ,vleierij is valsch geld1 dat alleen koers heeft door onze ijdelheid4 ,,clix4 ,het is niet voldoende groote hoedanigheden te bezitten2 men moet er een richtig gebruik van weten te maken4 ,,clx4 ,hoe verblindend een daad moge zijn1 zij mag niet voor groot doorgaan indien zij niet het gevolg is van een groot opgezet plan4 ,,clxi4 ,er moet een zekere verhouding zijn tusschen daden en plannen1 indien men er alle gevolgen uit wil halen1 die er uit te halen zijn4 ,,clxii4 ,de kunst1 middelmatige hoedanigheden goed naar voren te brengen1 brengt de achting op een dwaalspoor en geeft dikwijls meer naam dan de werkelijke verdienste4 ,,clxiii4 ,er zijn tallooze handelingen1 die belachelijk schijnen en waarvan de verborgen redenen zeer wijs en deugdelijk zijn4 ,,clxiv4 ,het is gemakkelijker de ambten1 die men niet heeft1 waardig te schijnen1 dan die1 welke men bekleedt4 ,,clxv4 ,onze verdienste bezorgt ons de achting der eerlijke lieden en onze geluksster die van het publiek4 ,,clxvi4 ,de wereld beloont vaker den schijn van verdienste dan de verdienste zelf4 ,,clxvii4 ,gierigheid is eerder het tegenovergestelde van zuinigheid dan vrijgevigheid4 ,,clxviii4 ,de hoop1 hoe bedriegelijk zij ook is1 leidt ons ten minste langs een aangenamen weg tot het levenseinde4 ,,clxix4 ,terwijl luiheid en bedeesdheid ons aan onzen plicht houden1 krijgt onze deugd er dikwijls al de eer van4 ,,clxx4 ,het is moeilijk te beoordeelen of een rein1 oprecht en eerlijk gedrag een uitwerking van rechtschapenheid of van handigheid is4 ,,clxxi4 ,deugden verliezen zich in eigenbelang als rivieren in de zee4 ,,clxxii4 ,wanneer men de verschillende gevolgen van verveling goed beziet1 dan vindt men1 dat zij nog meer plichten doet verzuimen dan eigenbelang4 ,,clxxiii4 ,er zijn verschillende soorten van nieuwsgierigheid3 de eene uit eigenbelang1 die er ons toe brengt te willen vernemen wat ons van nut zou kunnen zijn2 de andere uit hoogmoed1 die ontstaat uit het verlangen te weten wat anderen onbekend is4 ,,clxxiv4 ,het is beter ons verstand te gebruiken om de ongelukken te dragen1 die ons overkomen1 dan om het bezig te houden met die1 welke in aantocht zijn4 ,,clxxv4 ,de standvastigheid in de liefde is eene doorloopende onstandvastigheid1 waardoor ons hart zich achtereenvolgens hecht aan alle de eigenschappen van den persoon1 dien wij liefhebben1 gevende dan eens den voorkeur aan deze1 dan weer aan gene3 zoodat deze standvastigheid slechts een onstandvastigheid is1 beperkt tot en opgesloten in het zelfde voorwerp4 ,,clxxvi4 ,er zijn twee soorten standvastigheid in de liefde3 de eene ontstaat doordat men in den beminden persoon steeds nieuwe eigenschappen tot beminnen vindt1 en de andere omdat men er eer in stelt standvastig te zijn4 ,,clxxvii4 ,bestendigheid verdient noch lof1 noch blaam1 want zij is slechts het voortduren van neigingen en gevoelens1 die men zich zelf ontnemen1 noch geven kan4 ,,clxxviii4 ,wat ons nieuwe kennissen doet liefhebben is niet zoo zeer de moeheid1 die wij ten opzichte der oude gevoelen1 of het genoegen van verandering1 als wel de ontstemming niet voldoende bewonderd te worden door hen1 die ons te goed kennen1 en de hoop dit meer te zullen worden gedaan door hen1 die ons niet zoo goed kennen4 ,,clxxix4 ,wij beklagen ons soms lichtvaardig over onze vrienden1 om bij voorbaat onze lichtvaardigheid te rechtvaardigen4 ,,clxxx4 ,ons berouw is niet zoo zeer het betreuren van het kwaad1 dat wij deden1 dan wel vrees voor de gevolgen1 die er voor ons uit kunnen ontstaan4 ,,clxxxi4 ,er is een onbestendigheid1 die ontstaat door lichtvaardigheid van het verstand of door zijn zwakte1 die het toegankelijk maakt voor alle meeningen van anderen1 en er is er een andere1 die eerder te verontschuldigen is1 die het gevolg is van oververzadiging4 ,,clxxxii4 ,de ondeugden behooren tot de samenstelling der deugden1 zooals de vergiften tot de samenstelling der geneesmiddelen3 de voorzichtigheid brengt ze bijeen en matigt ze1 en bedient er zich met goed gevolg van tegen de kwalen van het menschelijk leven4 ,,clxxxiii4 ,men moet ter eere van de deugd erkennen dat de grootste rampen der menschen die zijn1 waarin zij vervallen door misdaden4 ,,clxxxiv4 ,wij bekennen onze fouten om door onze openhartigheid het nadeel te herstellen1 dat zij ons bij anderen doen4 ,,clxxxv4 ,er zijn helden zoowel in het goede als in het kwade4 ,,clxxxvi4 ,men veracht niet allen1 die ondeugden bezitten1 maar hen1 aan wie elke deugd ontbreekt4 ,,clxxxvii4 ,de naam van de deugd dient het eigenbelang even goed als de ondeugden4 ,,clxxxviii4 ,de gezondheid der ziel is niet zekerder dan die van het lichaam2 en hoe ver verwijderd men moge schijnen van hartstochten1 men loopt niet minder gevaar er door te worden medegesleept1 dan ziek te worden1 wanneer men gezond is4 ,,clxxxix4 ,het lijkt er naar alsof de natuur bij elken mensch bij zijn geboorte grenzen aan zijn deugden en ondeugden heeft afgebakend4 ,,cxc4 ,slechts groote menschen mogen groote gebreken hebben4 ,,cxci4 ,men kan zeggen dat de ondeugden ons op onzen levensweg opwachten als gastheeren bij wie men achtereenvolgens moet inwonen2 en ik twijfel of de ervaring ons ze zou doen ontloopen als het ons vergund werd den zelfden weg twee maal te bewandelen4 ,,cxcii4 ,wanneer de ondeugden ons verlaten vleien wij ons met den waan1 dat wij haar hadden verlaten4 ,,cxciii4 ,er zijn instortingen bij de ziekten der ziel zooals bij die van het lichaam2 hetgeen wij voor genezing aanzien is meestal slechts een opschorting of een verandering van kwaal4 ,,cxciv4 ,de gebreken der ziel zijn als de verwondingen van het lichaam2 met hoeveel zorg men tracht ze te genezen1 er blijven altijd litteekens en elk oogenblik loopen zij gevaar weder open te breken4 ,,cxcv4 ,wat ons dikwijls belet ons aan n enkele ondeugd overtegeven1 is het feit dat wij er meerdere hebben4 ,,cxcvi4 ,wij vergeten spoedig onze fouten indien niemand dan wij die kent4 ,,cxcvii4 ,er zijn menschen van wie men nooit iets kwaads zou gelooven zonder het te hebben gezien2 maar er zijn er geen van wie het ons bevreemden zou1 indien wij het zien4 ,,cxcviii4 ,wij verheffen den roem van sommigen om dien van anderen omlaag te halen en soms zou men ,cond en ,turenne minder prijzen indien men niet op hen beiden wilde afgeven4 ,,cxcix4 ,het verlangen bekwaam te schijnen verhindert dikwijls het te worden4 ,,cc4 ,de deugd zou niet ver komen indien de ijdelheid haar geen gezelschap hield4 ,,cci4 ,wie gelooft in zich zelf zoo veel te kunnen vinden dat hij buiten iedereen kan1 vergist zich schromelijk2 maar wie gelooft1 dat men niet buiten hem kan1 vergist zich noch erger4 ,,ccii4 ,schijnbaar eerlijke heden zijn zij1 die hun gebreken voor anderen en zich zelf verbergen2 echt eerlijke zijn zij1 die ze zeer goed kennen en er voor uitkomen4 ,,cciii4 ,de waarlijk welopgevoede man laat zich op niets voorstaan4 ,,cciv4 ,de terughoudendheid der vrouwen is een opschik en een blanketsel1 die zij aan haar schoonheid toevoegen4 ,,ccv4 ,de deugdzaamheid der vrouwen is dikwijls haar gehecht zijn aan haar naam en haar rust4 ,,ccvi4 ,hij is de werkelijk rechtschapen mensch1 die wenscht altijd blootgesteld te zijn aan de blikken der rechtschapen menschen4 ,,ccvii4 ,de dwaasheid volgt ons in alle tijdperken des levens4 ,wanneer iemand wijs schijnt1 dan is dit alleen omdat zijn dwaasheden evenredig zijn aan zijn leeftijd en zijn vermogen4 ,,ccviii4 ,er zijn onnoozele lieden1 die zich kennen en handig hun onnoozelheid gebruiken4 ,,ccix4 ,wie zonder dwaasheid leeft is niet zoo wijs1 als hij wel denkt4 ,,ccx4 ,met den leeftijd wordt men dwazer en wijzer4 ,,ccxi4 ,er zijn menschen1 die op volksdeuntjes gelijken1 die men slechts gedurende eenigen tijd zingt4 ,,ccxii4 ,de meeste menschen beoordeelen hunne medemenschen slechts naar den opgang1 dien zij maken1 of naar hun fortuin4 ,,ccxiii4 ,zucht naar roem1 vrees voor schande1 het plan fortuin te maken1 verlangen naar een gemakkelijker en aangenamer leven en lust anderen omlaag te drukken1 zijn dikwijls de oorzaken van den bij de menschheid zoo hoog aangeschreven moed4 ,,ccxiv4 ,dapperheid is bij gewone soldaten een gevaarlijk handwerk1 dat zij gekozen hebben om hun brood te verdienen4 ,,cccxv4 ,volmaakte dapperheid en volslagen lafheid1 zijn twee uitersten1 waartoe men zelden geraakt4 ,de afstand tusschen haar is groot en omvat alle soorten moed3 tusschen haar is niet minder verschil dan tusschen aangezichten en humeuren4 ,er zijn lieden1 die in het begin van den slag gevaar trotseeren en die in het verder verloop door den duur gemakkelijk verflauwen en ontmoedigd worden2 er zijn er die tevreden zijn indien zij aan de gebruikelijke eer hebben voldaan1 en die niet verder gaan4 ,men ziet er1 die niet altijd even goed hun vrees meester zijn2 anderen laten zich soms medeslepen door algemeenen schrik1 weer anderen vallen aan omdat zij niet durven achterblijven4 ,er zijn er wier moed1 aan kleine gevaren gewoon1 hen voorbereidt zich aan grootere bloot te stellen4 ,er zijn er1 die niet opzien tegen degenstooten1 en die bang zijn voor musketschoten2 weer anderen zijn rustig tegenover musketschoten en zijn bevreesd voor degenstooten4 ,al die soorten moed hebben dit gemeen dat de nacht1 die vreesachtigheid vergroot1 en goede en slechte daden verhult1 vrijheid geeft zich te ontzien4 ,er is een nog algemeenere soort zich te sparen3 niemand doet in zekere omstandigheid1 wat hij zou doen1 wist hij vooruit er van terug te zullen komen4 ,zoo is het duidelijk dat vrees voor den dood iets van de dapperheid afdoet4 ,,ccxvi4 ,ware dapperheid bestaat daarin zonder getuigen iets te doen1 dat men in staat zou zijn ten aanschouwe van een ieder te verrichten4 ,,ccxvii4 ,onversaagdheid is een buitengewone kracht1 die de ziel verheft boven beroeringen1 verwarringen en aandoeningen1 welke het aanschouwen van groote gevaren in haar zouden kunnen verwekken1 en het is door deze kracht1 dat helden een rustig evenwicht bewaren en het vrije gebruik van hun verstand in de meest ontstellende en verschrikkelijke omstandigheden doet behouden4 ,,ccxviii4 ,huichelarij is een eerbewijs van de ondeugd aan de deugd4 ,,ccxix4 ,de meeste menschen stellen zich in den oorlog voldoende bloot om hun eer te redden1 maar weinigen willen zich altijd z ver bloot stellen als noodig is om het doel te bereiken1 waarvoor zij zich blootstellen4 ,,ccxx4 ,i,jdelheid1 schaamte en vooral temperament zijn dikwijls de dapperheid der mannen en de deugd der vrouwen4 ,,ccxxi4 ,men wil zijn leven niet verliezen en men wil roem oogsten3 vandaar dat de dapperen meer vaardigheid en handigheid bezitten om den dood te ontgaan dan slimmerds om hun bezit te bewaren4 ,,ccxxii4 ,er zijn weinig menschen1 die bij de eerste nadering van den ouderdom niet deden blijken op welke wijze hun lichaam en geest zullen verzwakken4 ,,ccxxiii4 ,het gaat met de dankbaarheid als met de goede trouw der kooplieden3 zij onderhoudt het maatschappelijk verkeer en wij betalen niet omdat het rechtvaardig is ons van dien plicht te kwijten1 maar om des te gemakkelijker lieden te vinden1 die ons borgen4 ,,ccxxiv4 ,al degenen1 die de plichten der dankbaarheid vervullen1 kunnen zich daarom nog niet vleien dankbaar te zijn4 ,,ccxxv4 ,dat men zich verrekent ten opzichte der dankbaarheid1 die men van verleende gunsten verwacht1 komt daar van daan dat de hoogmoed van den schenker en die van den ontvanger het niet eens kunnen worden over den prijs der weldaad4 ,,ccxxvi4 ,overdreven haast bij het afdoen van zijn schuld wegens een verplichting is een soort ondankbaarheid4 ,,ccxxvii4 ,gelukkige menschen beteren zich zelden2 zij meenen altijd gelijk te hebben als de fortuin hun slecht gedrag steunt4 ,,ccxxviii4 ,hoogmoed wil niet schuldig zijn en eigenliefde wil niet betalen4 ,,ccxxix4 ,het goede1 dat wij van iemand ondervonden hebben1 eischt dat wij dit bij het kwaad1 dat hij ons doet1 in aanmerking nemen4 ,,ccxxx4 ,niets zoo aanstekelijk als het voorbeeld1 en wij verrichten nimmer aanmerkelijk goeds of kwaads1 dat geen navolging vindt4 ,wij doen de goede daden na uit wedijver en de slechte uit de boosaardigheid onzer natuur1 die de schaamte gevangen hield en het voorbeeld in vrijheid stelt4 ,,ccxxxi4 ,het is een groote dwaasheid alleen de wijsheid in pacht te willen hebben4 ,,ccxxxii4 ,welke voorwendsels wij ook aan onze droefheid geven1 dikwijls zijn slechts eigenbelang en ijdelheid er de oorzaak van4 ,,ccxxxiii4 ,in droefheid zijn verschillende soorten huichelarij verborgen2 nu eens1 onder voorwendsel van het verlies van een dierbare persoon te betreuren1 beweenen wij ons zelf2 wij betreuren de goede meening1 die de overledene van ons had2 wij betreuren de vermindering van ons vermogen1 van ons genoegen1 van ons aanzien4 ,zoodoende hebben de dooden de eer der tranen1 die slechts voor de levenden vloeien4 ,ik zeg dat het een soort huichelarij is1 omdat men met dat soort droefheid zich zelf bedriegt4 ,er is een ander soort huichelarij1 dat niet zoo onschuldig is1 omdat zij zich aan de geheele wereld opdringt3 namelijk de droefheid van zekere personen1 die naar den roem verlangen van een schoone en onsterfelijke droefheid4 ,nadat de tijd1 die alles overwint1 die smart1 welke zij inderdaad leden1 heeft doen ophouden1 gaan zij voort met hun geween1 hun klagen en hun zuchten2 zij geven zich het voorkomen van rouwdragenden1 en trachten door al hun daden de overtuiging te vestigen1 dat hun smart slechts met hun leven zal eindigen4 ,deze treurige en vermoeiende ijdelheid vindt men gewoonlijk bij eerzuchtige vrouwen3 daar haar geslacht haar alle wegen1 die tot roem leiden afsluit1 pogen zij zich beroemd te maken door een ontroostbare droefheid4 ,er is nog een ander soort tranen1 die uit kleine bronnen voortkomen en gemakkelijk opdrogen3 men huilt om den naam te hebben teergevoelig te zijn2 men huilt om beklaagd te worden2 men huilt om beweend te worden2 eindelijk huilt men om de schande te voorkomen van niet te huilen4 ,,ccxxxiv4 ,het is vaker door hoogmoed dan door gebrek aan inzicht dat men zich met zooveel hardnekkigheid verzet tegen de meest gangbare meeningen3 men vindt de eerste plaatsen in de goede partij bezet en men wil niet de laatste4 ,,ccxxxv4 ,wij troosten ons gemakkelijk over de tegenspoeden onzer vrienden1 indien die helpen om onze genegenheid jegens hen te toonen4 ,,ccxxxvi4 ,het schijnt dat de eigenliefde zich door de goedhartigheid laat misleiden1 en dat zij zich vergeet wanneer wij ten dienste van anderen werken4 ,intusschen is dit de zekerste weg om tot zijn doel te geraken2 het is leenen met woeker1 onder voorwendsel van te geven2 ten slotte is het elkeen op een slimme wijze onbemerkt voor zich te winnen4 ,,ccxxxvii4 ,niemand verdient den lof van een goed hart te bezitten1 indien hij niet de kracht bezit kwaad te kunnen zijn3 elke andere goedheid is meestal niets dan luiheid of gebrek aan wilskracht4 ,,ccxxxviii4 ,het is niet zoo bedenkelijk den meesten menschen kwaad te doen1 als hun te veel goedheid te bewijzen4 ,,ccxxxix4 ,niets vleit onzen hoogmoed zoo zeer als het vertrouwen der grooten1 omdat wij het aanzien als het gevolg van onze verdienste1 zonder te bedenken dat het meestal het gevolg is van ijdelheid of van onmacht om het geheim te bewaren4 ,,ccxl4 ,men kan zeggen2 dat de bekoorlijkheid1 los van de schoonheid1 een symetrie is1 waarvan men de regels niet kent1 en een geheim verband tusschen de trekken onderling1 en van de trekken met de kleuren1 en met het geheele voorkomen4 ,,ccxli4 ,behaagzucht is de grondslag van het gemoed der vrouwen1 maar allen brengen haar niet in praktijk1 omdat de coquetterie van sommigen in bedwang wordt gehouden door vrees of door het verstand4 ,,ccxlii4 ,men valt anderen dikwijls lastig1 wanneer men denkt hen nooit lastig te kunnen zijn4 ,,ccxliii4 ,er zijn weinig dingen uit zich zelf onmogelijk1 en de doorzettingskracht ontbreekt ons eerder dan de middelen4 ,,ccxliv4 ,het toppunt van schranderheid is de waarde der dingen goed te kennen4 ,,ccxlv4 ,het getuigt van groote handigheid zijn handigheid goed te kunnen verbergen4 ,,ccxlvi4 ,hetgeen edelmoedigheid schijnt is dikwijls slechts verborgen eerzucht1 die kleine belangen minacht1 ten einde zich met grootere bezig te houden4 ,,ccxlvii4 ,bij de meeste menschen is trouw niets dan een uitvinding der eigenliefde om vertrouwen te wekken2 het is een middel om ons boven anderen te verheffen1 en in het vertrouwen te worden genomen voor de gewichtigste dingen4 ,,ccxlviii4 ,grootmoedigheid minacht alles om alles te verwerven4 ,,ccxlix4 ,er is niet minder welsprekendheid in den toon der stem1 in de oogen en in de persoonlijke houding1 dan in de keuze der woorden4 ,,ccl4 ,de ware welsprekendheid bestaat in het zeggen van alles wat noodig en van niets te zeggen dan wat noodig is4 ,,ccli4 ,er zijn personen wien hunne gebreken goed staan en anderen wien hunne goede eigenschappen ontsieren4 ,,cclii4 ,het is even gewoon smaken te zien veranderen1 als ongewoon neigingen zich te zien wijzigen4 ,,ccliii4 ,belang brengt alle soorten van deugden en ondeugden in beweging4 ,,ccliv4 ,nederigheid is vaak niets dan gehuichelde onderdanigheid1 waarvan men zich bedient om anderen te onderwerpen2 zij is een kunstgreep van den hoogmoed1 die zich bukt om zich te verheffen1 en1 ofschoon hij zich op duizenderlei wijzen voordoet1 is hij nooit beter vermomd en in staat om te bedriegen1 dan wanneer hij zich verbergt achter den mom van nederigheid4 ,,cclv4 ,alle gewaarwordingen hebben elk haar eigen stemgeluid1 gebaren en gelaatstrekken1 en het is de goede of slechte1 aangename of onaangename samenwerking van dit alles1 die iemand aantrekkelijk of onaantrekkelijk maakt4 ,,cclvi4 ,in alle standen der maatschappij neemt ieder een zekere gedaante en houding aan om datgene te schijnen1 waarvoor men wil gehouden worden3 dientengevolge zou men kunnen zeggen dat de wereld slechts uit louter mommen is samengesteld4 ,,cclvii4 ,de gewichtigheid is een geheimzinnigheid van het lichaam1 uitgevonden om de zwakheid van geest te verbergen4 ,,cclviii4 ,goede smaak komt eerder van het oordeel dan van den geest4 ,,cclix4 ,het genoegen der liefde is beminnen1 en men is gelukkiger door den hartstocht1 dien men heeft1 dan door dien welken men verwekt4 ,,cclx4 ,beleefdheid is een verlangen beleefd behandeld en voor welgemanierd gehouden te worden4 ,,cclxi4 ,de opvoeding1 die men gewoonlijk aan jonge lieden geeft1 is een tweede eigenliefde1 die men hun inprent4 ,,cclxii4 ,in geen enkelen hartstocht heerscht de eigenliefde zoo geweldig als in de liefde1 en men is altijd meer geneigd de rust van het voorwerp zijner liefde op te offeren1 dan die van zich zelf te verliezen4 ,,cclxiii4 ,hetgeen men vrijgevigheid noemt is meestal slechts de ijdelheid van te geven1 die wij hooger schatten dan hetgeen wij geven4 ,,cclxiv4 ,medelijden is dikwijls een gevoel van onze eigen smarten in die van anderen2 het is een handig vooruitzien van de ongelukken1 die ons kunnen overkomen2 wij geven anderen hulp om ze er toe te brengen ons die in gelijksoortige gevallen eveneens te verleenen1 en deze diensten1 die wij hun bewijzen1 zijn1 eigenlijk gezegd1 weldaden1 die wij bij voorbaat aan ons zelf bewijzen4 ,,cclxv4 ,bekrompenheid van geest brengt koppigheid voort en wij gelooven niet licht hetgeen buiten ons gezichtsveld valt4 ,,cclxvi4 ,men vergist zich door aantenemen dat slechts de hevige hartstochten1 als eerzucht en liefde1 in staat zouden zijn de andere te overwinnen4 ,luiheid1 hoe futloos ook1 wordt hun dikwijls de baas3 zij overweldigt alle plannen en alle daden van het leven en vernietigt en verteert er ongemerkt alle hartstochten en deugden van4 ,,cclxvii4 ,de gretigheid om aan het kwade te gelooven1 zonder het voldoende te hebben onderzocht1 komt voort uit hoogmoed en luiheid3 men wil schuldigen vinden en men wil zich niet de moeite geven de wandaden te onderzoeken4 ,,cclxviii4 ,wij wraken rechters om de beuzelachtigste redenen en toch gedoogen wij dat onze naam en onze roem van het oordeel der menschen afhangen1 die1 hetzij door naijver1 vooroordeelen of gebrek aan inzicht1 tegen ons zijn1 en het is alleen om hun stem te winnen1 dat wij op allerlei wijze onze rust en ons leven bloot stellen4 ,,cclxix4 ,er is bezwaarlijk iemand te vinden1 die schrander genoeg is om al het onheil dat hij sticht1 te overzien4 ,,cclxx4 ,de verkregen eer is borg voor die1 welke men verkrijgen moet4 ,,cclxxi4 ,de jeugd is een voortdurende roes3 zij is de koorts van het verstand4 ,,cclxxii4 ,niets behoorde menschen1 die grooten lof hebben verdiend1 meer te verootmoedigen dan de moeite1 die zij zich geven om zich door beuzelingen te laten gelden4 ,,cclxxiii4 ,er zijn menschen1 bij de samenleving in aanzien1 die als eenige verdienste niets bezitten dan de ondeugden1 noodig in de praktijk van het leven4 ,,cclxxiv4 ,de aantrekkelijkheid van het nieuwe is voor de liefde wat het dons is op de vruchten3 zij geeft er een luister aan1 die gemakkelijk verdwijnt en nimmer wederkeert4 ,,cclxxv4 ,goedhartigheid1 die er zich op voorstaat zoo gevoelig te zijn1 verstikt vaak door het geringste eigenbelang4 ,,cclxxvi4 ,afwezigheid vermindert de zwakke hartstochten en vermeerdert de groote1 zoo als de wind het kaarslicht uitblaast en het vuur doet opvlammen4 ,,cclxxvii4 ,vrouwen meenen dikwijls te beminnen1 ook al doen zij het niet3 de drukte van intrige1 de opwinding1 die eene galanterie mede brengt1 de natuurlijke neiging tot het genot bemind te worden1 en de moeilijkheid te weigeren brengen er haar toe te gelooven1 dat zich een hartstocht van haar heeft meester gemaakt1 terwijl slechts coquetterie in het spel is4 ,,cclxxviii4 ,wat ons dikwijls ontevreden doet zijn over hen die onderhandelen1 is het feit1 dat zij bijna altijd het belang hunner vrienden achter zetten bij het belang om de onderhandelingen te doen slagen1 wat hun belang wordt door de eer van in hetgeen zij hadden ondernomen te zijn geslaagd4 ,,cclxxix4 ,wanneer wij de genegenheid1 die vrienden ons toedragen1 overdrijven dan geschiedt dit vaak niet zoo zeer uit dankbaarheid als uit verlangen om onze verdienste naar voren te brengen4 ,,cclxxx4 ,de bijval1 dien men schenkt aan hen die in de groote wereld binnentreden1 is dikwijls veroorzaakt door den verborgen nijd1 dien men daarin opgenomenen toedraagt4 ,,cclxxxi4 ,de hoogmoed1 die ons zooveel nijd bezorgt1 dient ons dikwijls ook om hem te matigen4 ,,cclxxxii4 ,er zijn vermomde onwaarheden1 die zoo sprekend op waarheid gelijken1 dat het een bewijs van een slecht oordeel zou zijn er zich niet door te laten bedriegen4 ,,cclxxxiii4 ,soms is er niet minder bekwaamheid noodig om voordeel te trekken uit een goeden raad1 dan om zich zelf goed te raden4 ,,cclxxxiv4 ,er zijn slechte menschen1 die minder gevaarlijk zouden zijn indien zij geen enkele goede eigenschap bezaten4 ,,cclxxxv4 ,wat grootmoedigheid is wordt voldoende door den naam aangeduid2 niettemin zou men kunnen zeggen1 dat zij het gezonde verstand van den hoogmoed en het edelste middel is om lof te verwerven4 ,,cclxxxvi4 ,onmogelijk is het ten tweeden male te beminnen wat men werkelijk heeft opgehouden te beminnen4 ,,cclxxxvii4 ,het is niet zoo zeer de vruchtbaarheid van den geest1 die ons verschillende middelen aan de hand doet voor een zelfde doelpunt1 als wel gebrek aan oordeelskracht1 dat ons doet stil staan bij alles1 wat onze verbeelding treft en dat ons belet dadelijk te erkennen wat het beste is4 ,,cclxxxviii4 ,er zijn zaken en ziekten die in sommige tijden door de geneesmiddelen verergeren en de groote schranderheid bestaat in het erkennen van het oogenblik1 waarop het gevaarlijk is er gebruik van te maken4 ,,cclxxxix4 ,voorgewende eenvoud is een verfijnd bedrog4 ,,ccxc4 ,er zijn meer gebreken in het gemoed dan in het verstand4 ,,ccxci4 ,de verdienstelijkheid van den mensch heeft haar seizoen1 even als de vruchten4 ,,ccxcii4 ,men kan van menschelijke gemoedsstemmingen zeggen1 zooals van de meeste gebouwen1 dat zij verschillende fronten hebben1 deels aantrekkelijk1 deels onaantrekkelijk4 ,,ccxciii4 ,gematigdheid kan geen aanspraak maken op de verdienste van de eerzucht te bestrijden en te onderwerpen3 zij komen nimmer te zamen4 ,gematigdheid is matheid en luiheid der ziel1 gelijk eerzucht er de bezigheid en ijver van is4 ,,ccxciv4 ,wij hebben hen1 die ons bewonderen1 altijd lief en wij beminnen niet altijd hen1 die wij bewonderen4 ,,ccxcv4 ,op verre na weten wij niet alles wat wij willen4 ,,ccxcvi4 ,het is moeilijk diegenen lieftehebben1 die wij niet achten2 maar niet minder moeilijk is het hen lieftehebben1 die wij veel hooger schatten dan ons zelf4 ,,ccxcvii4 ,de sappen in het lichaam hebben een gewonen en geregelden loop1 die ongemerkt onzen wil in beweging brengt en bestuurt3 zonder dat wij dit bemerken zijn zij in beweging en oefenen een geheime heerschappij in ons binnenste uit1 zoodat zij een voornaam aandeel in al onze daden hebben1 zonder dat wij het kunnen waarnemen4 ,,ccxcviii4 ,de dankbaarheid der meeste menschen is niets dan een geheime begeerte grootere weldaden te ontvangen4 ,,ccxcix4 ,bijna ieder schept er genoegen in kleine diensten te vergelden3 velen zijn dankbaar voor de kleine1 maar er is bijna niemand1 die niet ondankbaar is voor de groote4 ,,ccc4 ,er zijn dwaasheden1 die men opdoet als besmettelijke ziekten4 ,,ccci4 ,menigeen veracht geld en goed1 maar weinigen verstaan het te geven4 ,,cccii4 ,in den regel is het slechts bij onbeteekenende gelegenheden1 dat wij ons wagen aan het gevaar niet op den schijn aftegaan4 ,,ccciii4 ,hoeveel goeds men ons van ons vertelt1 nimmer vertelt men ons iets nieuws4 ,,ccciv4 ,wij vergeven dikwijls hen1 die ons vervelen1 maar wij kunnen niet vergeven hen1 die wij vervelen4 ,,cccv4 ,het eigenbelang1 dat de schuld krijgt van al onze wandaden1 verdient soms geprezen te worden wegens onze goede daden4 ,,cccvi4 ,men vindt zelden ondankbaren zoo lang men in staat is wel te doen4 ,,cccvii4 ,het is even gepast trotsch ten opzichte van zich zelf1 als belachelijk het ten opzichte van anderen te zijn4 ,,cccviii4 ,men maakt van gematigdheid een deugd om de eerzucht der groote mannen in te toomen en om de middelmatige menschen te troosten om hun gering geluk en hun geringe verdienste4 ,,cccix4 ,er zijn menschen1 voorbeschikt om dwaas te zijn1 die niet alleen dwaasheden begaan naar believen1 maar die door de fortuin gedwongen worden ze te begaan4 ,,cccx4 ,er komen in het leven verwikkelingen voor1 waarbij men een weinig dwaas moet zijn om er zich behoorlijk door te slaan4 ,,cccxi4 ,indien er menschen zijn1 waarvan men de belachelijke zijde nooit ontdekt heeft1 dan komt dit omdat men ze niet voldoende heeft nagegaan4 ,,cccxii4 ,dat gelieven zich niet vervelen wanneer zij samen zijn komt daar van daan dat zij altijd van zich zelf spreken4 ,,cccxiii4 ,hoe komt het dat wij een geheugen hebben1 voldoende om zelfs de kleinste bijzonderheden te onthouden1 die ons zijn overkomen1 en dat het niet voldoende is om te onthouden hoe vaak wij dat alles aan den zelfden persoon hebben verteld8 ,,cccxiv4 ,het buitengewone genoegen1 dat wij smaken door van ons zelf te spreken1 moet ons doen vreezen het volstrekt niet te verschaffen aan hen1 die toehooren4 ,,cccxv4 ,hetgeen ons gewoonlijk belet het diepste van ons hart aan onze vrienden te toonen is niet zoo zeer wantrouwen in hen1 maar in ons zelf4 ,,cccxvi4 ,zwakke menschen kunnen niet oprecht zijn4 ,,cccxvii4 ,het is geen ongeluk ondankbaren te verplichten1 maar het is ondragelijk verplichting te hebben aan een oneerlijk mensch4 ,,cccxviii4 ,men vindt middelen om dwaasheid te genezen1 maar men vindt er geen om dwarse koppen recht te zetten4 ,,cccxix4 ,niet lang zal men de gevoelens behouden1 die men voor zijne vrienden en weldoeners moet koesteren1 indien men zich veroorlooft dikwijls van hun fouten te spreken4 ,,cccxx4 ,vorsten te prijzen wegens deugden1 die zij niet bezitten1 staat gelijk hun straffeloos beleedigingen toetevoegen4 ,,cccxxi4 ,wij zijn er nader aan toe hen lief te hebben1 die ons haten1 dan hen1 die ons meer liefhebben dan wij wenschen4 ,,cccxxii4 ,slechts zij zijn verachtelijk1 die vreezen veracht te worden4 ,,cccxxiii4 ,onze wijsheid is niet minder een speelbal van de fortuin dan ons bezit4 ,,cccxxiv4 ,in jaloezie is meer eigenliefde dan liefde4 ,,cccxxv4 ,wij troosten ons dikwijls door zwakheid over onheil1 waarover het verstand niet bij machte is ons te troosten4 ,,cccxxvi4 ,belachelijkheid onteert meer dan oneer4 ,,cccxxvii4 ,wij bekennen kleine gebreken alleen om te overtuigen1 dat wij geen groote bezitten4 ,,cccxxviii4 ,afgunst is onverzoenlijker dan haat4 ,,cccxxix4 ,men gelooft soms vleierij te haten maar men haat slechts de wijze van vleien4 ,,cccxxx4 ,men vergeeft alles zoo lang men bemint4 ,,cccxxxi4 ,het is moeilijker aan zijne beminde getrouw te blijven1 wanneer men gelukkig met haar is1 dan wanneer men door haar slecht behandeld wordt4 ,,cccxxxii4 ,de vrouwen zijn zich niet bewust van den omvang harer behaagzucht4 ,,cccxxxiii4 ,vrouwen zijn nooit ongenaakbaar1 tenzij zij een bepaalden afkeer koesteren4 ,,cccxxxiv4 ,het kost vrouwen meer moeite haar behaagzucht dan haar hartstocht te overwinnen4 ,,cccxxxv4 ,in de liefde gaat bijna altijd het bedrog verder dan het wantrouwen4 ,,cccxxxvi4 ,er bestaat een soort liefde1 waarvan de overmaat de jaloezie uitsluit4 ,,cccxxxvii4 ,het gaat met zekere goede eigenschappen als met de zinnen3 wie er geheel van ontbloot is kan ze waarnemen noch begrijpen4 ,,cccxxxviii4 ,wanneer onze haat te hevig is1 plaatst zij ons beneden hen1 die wij haten4 ,,cccxxxix4 ,wij waardeeren ons geluk en ons ongeluk in verhouding tot onze eigenliefde4 ,,cccxl4 ,geestrijkheid dient den meesten vrouwen eerder tot versterking van haar dwaasheid dan van haar verstand4 ,,cccxli4 ,de hartstochten der jeugd staan het heil nauwelijks meer in den weg dan de lauwheid van den ouderdom4 ,,cccxlii4 ,het accent van het geboorteland blijft leven in den geest en in het hart1 evenals in de taal4 ,,cccxliii4 ,om een groot man te zijn moet men van zijn gansche geluk partij weten te trekken4 ,,cccxliv4 ,de meeste menschen hebben1 even als de planten1 verborgen eigenschappen1 die het toeval aan het licht brengt4 ,,cccxlv4 ,omstandigheden maken ons aan anderen bekend1 en meer nog aan ons zelf4 ,,cccxlvi4 ,noch voor het verstand1 noch voor het hart der vrouwen kunnen er regels bestaan indien het temperament1 er niet mede overeenstemt4 ,,cccxlvii4 ,wij vinden weinig menschen met gezond verstand1 behalve degenen1 die van onze meening zijn4 ,,cccxlviii4 ,wanneer men bemint twijfelt men dikwijls aan datgene1 waaraan men het meest gelooft4 ,,cccxlix4 ,het grootste wonder der liefde is de genezing van de behaagzucht4 ,,cccl4 ,hetgeen ons het vinnigst stemt tegenover hen1 die met slimheid tegen ons optreden1 is hun geloof slimmer te zijn dan wij4 ,,cccli4 ,zwaar valt het te breken wanneer men elkander niet meer bemint4 ,,ccclii4 ,bijna altijd verveelt men zich met hen1 bij wie men zich niet mag vervelen4 ,,ccliii4 ,een fatsoenlijk man kan verliefd zijn als een gek1 niet als een zot4 ,,cccliv4 ,er bestaan gebreken1 die1 goed te pas gebracht1 meer naar voren komen dan de deugd zelf4 ,,ccclv4 ,men verliest soms menschen1 die men meer mist dan betreurt en andere1 die men betreurt maar weinig mist4 ,,ccclvi4 ,in den regel prijzen wij van ganscher harte slechts hen1 die ons bewonderen4 ,,ccclvii4 ,kleine geesten trekken zich de kleine dingen te sterk aan2 groote geesten zien ze alle en worden er niet door aangedaan4 ,,ccclviii4 ,deemoed is het ware kenmerk der christelijke deugden3 zonder hem behouden wij al onze gebreken1 en zij worden slechts door hoogmoed bedekt1 die ze voor anderen en dikwijls voor ons zelf verbergt4 ,,ccclix4 ,ontrouw moest de liefde uitblusschen en men behoorde niet jaloersch te zijn wanneer men er aanleiding toe heeft4 ,slechts zij1 die vermijden aanleiding tot jaloezie te geven1 zijn waard dat men jaloersch op hen is4 ,,ccclx4 ,men maakt zich bij ons door de kleinste ontrouw1 die ons treft1 veel meer gehaat1 dan door de grofste ontrouw tegenover anderen4 ,,ccclxi4 ,jaloezie wordt met de liefde geboren1 maar sterft niet altijd met haar4 ,,ccclxii4 ,de meeste vrouwen beweenen den dood hunner minnaars niet zoo zeer uit liefde tot hen1 als om waardiger te schijnen bemind te worden4 ,,ccclxiii4 ,het geweld1 dat anderen ons aandoen1 veroorzaakt ons dikwijls minder smart dan hetgeen wij ons zelf aandoen4 ,,ccclxiv4 ,men weet voldoende dat men niet veel over zijn vrouw behoort te spreken1 maar men weet niet voldoende dat men dit nog minder van zich zelf moet doen4 ,,ccclxv4 ,er bestaan goede eigenschappen1 die ontaarden in gebreken wanneer zij aangeboren1 en andere1 die nooit volmaakt worden wanneer zij aangeleerd zijn3 bij voorbeeld moet het verstand ons bezit en ons vertrouwen besturen1 daarentegen moet de natuur ons voorzien van goedheid en moed4 ,,ccclxvi4 ,hoe wantrouwend wij ook mogen zijn tegenover hen1 die met ons spreken1 wij gelooven altijd dat zij tegenover ons oprechter zijn dan tegenover anderen4 ,,ccclxvii4 ,er zijn weinig fatsoenlijke vrouwen1 die haar beroep niet moede zijn4 ,,ccclxviii4 ,de meeste fatsoenlijke vrouwen zijn verborgen schatten1 die slechts in veiligheid verkeeren omdat men haar niet zoekt4 ,,ccclxix4 ,het geweld1 dat men zich aandoet om niet te beminnen1 is dikwijls wreeder dan de hardheid1 waarmee het voorwerp zijner liefde hem bejegent4 ,,ccclxx4 ,weinig lafaards weten hoe laf zij zijn4 ,,ccclxxi4 ,bijna altijd is het de fout van hem1 die bemint1 niet te bemerken1 dat men hem niet meer liefheeft4 ,,ccclxxii4 ,de meeste jonge lieden verbeelden zich natuurlijk te zijn terwijl zij zich slechts onbeschaafd en grof gedragen4 ,,ccclxxiii4 ,er is een soort tranen1 dat dikwijls ons zelf bedriegt1 na eerst anderen te hebben bedrogen4 ,,ccclxxiv4 ,wanneer men zijn meisje meent te beminnen uit liefde tot haar1 vergist men zich zeer4 ,,ccclxxv4 ,middelmatige geesten veroordeelen gewoonlijk alles wat boven hun bevatting gaat4 ,,ccclxxvi4 ,afgunst wordt door ware vriendschap1 behaagzucht door ware liefde verdreven4 ,,ccclxxvii4 ,het hoofdgebrek der scherpzinnigheid is niet daarin gelegen het doel niet te kunnen bereiken1 maar er voorbij te gaan4 ,,ccclxxviii4 ,men geeft wel raad1 maar men leert niet hoe handelend optetreden4 ,,ccclxxix4 ,wanneer onze verdienstelijkheid achteruit gaat1 gaat ook onze smaak achteruit4 ,,ccclxxx4 ,de fortuin brengt onze deugden en ondeugden aan den dag1 zooals het licht de voorwerpen zichtbaar maakt4 ,,ccclxxxi4 ,het geweld1 dat men zich aandoet om in de liefde trouw te blijven1 is weinig beter dan ontrouw4 ,,ccclxxxii4 ,onze daden zijn als rijmwoorden1 die ieder aanpast aan hetgeen hem goeddunkt4 ,,ccclxxxiii4 ,de lust om van ons zelf te spreken en onze gebreken te laten zien van de zijde1 waarvan wij die willen vertoonen1 is een groot deel van onze oprechtheid4 ,,ccclxxxiv4 ,men behoorde zich alleen te kunnen verwonderen over het feit zich nog te kunnen verwonderen4 ,,ccclxxxv4 ,men is bijkans even moeilijk te bevredigen wanneer men veel liefde gevoelt als wanneer men er bijna geen meer bezit4 ,,ccclxxxvi4 ,niemand heeft vaker ongelijk dan zij1 die niet kunnen verdragen ongelijk te hebben4 ,,ccclxxxvii4 ,een dwaas heeft geen stof genoeg om goed te zijn4 ,,ccclxxxviii4 ,al werpt de ijdelheid niet alle deugden ten eenenmale omver1 zij brengt haar toch allen aan het wankelen4 ,,ccclxxxix4 ,wat ons de ijdelheid van anderen zoo onuitstaanbaar maakt1 is dat zij de onze kwetst4 ,,cccxc4 ,liever doet men afstand van zijn belang dan van zijn neiging4 ,,cccxci4 ,de fortuin schijnt niemand zoo blind toe als aan hem1 die niet door haar begunstigd wordt4 ,,cccxcii4 ,men moet de fortuin behandelen als de gezondheid2 er van genieten wanneer zij goed1 geduld oefenen wanneer zij slecht is1 en geen krachtige middelen aanwenden zonder dringende noodzakelijkheid4 ,,cccxciii4 ,burgerlijkheid gaat in het leger soms verloren1 aan het hof nimmer4 ,,cccxciv4 ,men kan slimmer zijn dan een ander1 maar niet slimmer dan alle anderen4 ,,cccxcv4 ,men is soms minder ongelukkig wanneer men door een geliefde persoon bedrogen dan wanneer men er door teleurgesteld wordt4 ,,cccxcvi4 ,men behoudt zijn eersten minnaar lang1 indien men geen tweeden neemt4 ,,cccxcvii4 ,in het algemeen missen wij den moed te zeggen1 dat wij geen gebreken hebben1 en dat onze vijanden geen goede eigenschappen bezitten2 maar in bijzonderheden zijn wij er niet ver van verwijderd het te gelooven4 ,,cccxcviii4 ,van al onze gebreken is luiheid degene1 die wij het gemakkelijkst erkennen2 wij maken ons wijs dat zij zich verdraagt met alle vreedzame deugden1 en dat1 zonder de andere geheel te vernietigen1 zij er alleen de werking van verhindert4 ,,cccxcix4 ,er is een soort voornaamheid1 die niet afhangt van de fortuin3 zij is een zeker voorkomen1 dat ons onderscheidt en ons schijnt voor te bestemmen voor groote dingen2 zij is een gewichtigheid1 die wij onmerkbaar onszelf verstrekken4 ,het is door deze eigenschap dat wij van anderen eerbied afdwingen2 en zij is het gewoonlijk1 die ons nog meer boven hen verheft dan geboorte1 waardigheden en zelfs verdienste4 ,,cd4 ,er is verdienste zonder grootheid1 maar er is geen grootheid zonder eenige verdienste4 ,,cdi4 ,voornaamheid is voor de verdienste wat opsmuk is voor een schoonheid4 ,,cdii4 ,wat men bij de galanterie het minst vindt is liefde4 ,,cdiii4 ,de fortuin bedient zich soms van onze gebreken om ons te verheffen2 en er zijn ongemakkelijke menschen1 wier verdienste slecht beloond zou worden1 ware het niet1 dat men hun afwezigheid wilde koopen4 ,,cdiv4 ,het schijnt dat de natuur in het binnenste van onzen geest talenten en een vaardigheid verborgen heeft1 die wij niet kennen4 ,alleen de hartstochten hebben het recht die aan het licht te brengen en ons somtijds inzichten te geven1 zekerder en volmaakter dan de kunst zou vermogen4 ,,cdv4 ,wij komen geheel nieuw bij elk levenstijdperk aan1 en ons ontbreekt het dan dikwijls aan ervaring1 ondanks het aantal jaren4 ,,cdvi4 ,coquette vrouwen doen het voorkomen alsof zij jaloers waren op hun minnaars1 om te verbergen1 dat zij naijverig zijn op andere vrouwen4 ,,cdvii4 ,zij1 die het slachtoffer zijn geworden van onze slimmigheden1 schijnen ons lang niet zoo belachelijk toe als wij onszelf voorkomen1 wanneer anderen ons te slim af zijn geweest4 ,,cdviii4 ,de gevaarlijkste belachelijkheid van oude menschen1 die beminnelijk zijn geweest1 is te vergeten1 dat zij het niet meer zijn4 ,,cdix4 ,wij zouden ons dikwijls schamen over onze schoonste daden indien de wereld al de drijfveeren zag1 die er ons toe gebracht hebben4 ,,cdx4 ,het grootste bewijs van vriendschap is niet onze fouten aan een vriend bloot te leggen1 maar om hem de zijne te doen zien4 ,,cdxi4 ,er zijn haast geen gebreken1 die niet eerder verschoonbaar zijn dan de middelen1 die men bezigt om die te verbergen4 ,,cdxii4 ,hoe groote schande wij ook verdiend hebben1 wij hebben het bijna altijd in onze macht onzen goeden naam te herstellen4 ,,cdxiii4 ,men valt niet lang in den smaak wanneer men slechts n soort geestigheid bezit4 ,,cdxiv4 ,gekken en dwazen zien alles slechts door de bril hunner luimen4 ,,cdxv4 ,het verstand helpt ons soms krachtig dwaasheden te begaan4 ,,cdxvi4 ,levendigheid1 die met den ouderdom toeneemt1 grenst aan zotheid4 ,,cdxvii4 ,wie in de liefde het eerst genezen is1 is altijd het best genezen4 ,,cdxviii4 ,jonge vrouwen1 die niet coquet1 en mannen van leeftijd1 die niet belachelijk willen zijn1 moeten nooit van de liefde spreken als van iets1 waarbij zij betrokken konden zijn4 ,,cdxix4 ,wij kunnen groot schijnen in een werkkring1 beneden onze verdienste1 maar wij schijnen dikwijls klein in eenen1 die grooter is dan wij4 ,,cdxx4 ,wij gelooven vaak standvastigheid te betoonen in het ongeluk terwijl het slechts moedeloosheid is en wij dragen het zonder te durven opzien1 zooals de lafaards zich laten dooden uit vrees van zich te verdedigen4 ,,cdxxi4 ,vertrouwen levert aan het gesprek meer stof dan het verstand4 ,,cdxxii4 ,alle hartstochten doen ons fouten begaan1 maar de liefde voert tot de belachelijkste4 ,,cdxxiii4 ,weinigen verstaan de kunst oud te worden4 ,,cdxxiv4 ,wij zoeken een eer in gebreken1 tegenovergesteld aan de onze2 wanneer wij zwak zijn roemen wij er op hardnekkig te zijn4 ,,cdxxv4 ,scherpzinnigheid heeft een schijn van eene gave van voorspellen1 die onze ijdelheid meer streelt dan alle andere eigenschappen van het verstand4 ,,cdxxvi4 ,de aantrekkelijkheid van het nieuwe en de lange gewoonte1 hoezeer zij tegenover elkander staan1 verhinderen ons gelijkelijk de fouten onzer vrienden op te merken4 ,,cdxxvii4 ,het meerendeel der vrienden doen u genoeg krijgen van vriendschap1 en de meeste vromen bezorgen een afkeer van vroomheid4 ,,cdxxviii4 ,wij vergeven gemakkelijk aan onze vrienden de gebreken1 waarmede wij niet te maken hebben4 ,,cdxxix4 ,vrouwen1 die beminnen1 vergeven veel gemakkelijker groote onbescheidenheden dan kleine trouweloosheden4 ,,cdxxx4 ,in den ouderdom der liefde1 zooals in dien van het leven1 leeft men nog slechts alleen voor de kwalen1 maar niet meer voor de genoegens4 ,,cdxxxi4 ,niets dat meer belet natuurlijk te zijn dan de lust het te schijnen4 ,,cdxxxii4 ,in zekeren zin eischt men een deel op van schoone daden door die van ganscher harte te prijzen4 ,,cdxxxiii4 ,het ware kenmerk van met groote eigenschappen te zijn geboren1 is geboren te zijn zonder afgunst4 ,,cdxxxiv4 ,indien onze vrienden ons hebben bedrogen behoeft men hun vriendschapsbetoon slechts met onverschilligheid te beantwoorden1 maar men behoort altijd gevoelig te blijven voor hun ongeluk4 ,,cdxxxv4 ,fortuin en luim regeeren de wereld4 ,,cdxxxvi4 ,het is gemakkelijker den mensch in het algemeen dan als eenling te kennen4 ,,cdxxxvii4 ,men moet de verdienste van een mensch niet beoordeelen aan de hand zijner groote eigenschappen1 maar naar het gebruik1 dat hij er van maakt4 ,,cdxxxviii4 ,er is een soort levendige dankbaarheid1 die de ons betoonde weldaden niet alleen kwijtscheldt1 maar die zelfs onze vrienden nog tegenover ons in schuld laat4 ,,cdxxxix4 ,naar vele dingen zouden wij zeker niet zoo hevig verlangen indien wij nauwkeurig kenden datgene waarnaar wij verlangen4 ,,cdxl4 ,dat de meeste vrouwen voor vriendschap weinig toegankelijk zijn komt daarvan dat zij flauw is1 wanneer men liefde gekend heeft4 ,,cdxli4 ,zoowel in vriendschap als in liefde is men vaak gelukkiger door het onbekende1 dan door hetgeen men weet4 ,,cdxlii4 ,wij trachten de fouten1 die wij niet willen afleggen1 ons als een eer aan te rekenen4 ,,cdxliii4 ,de hevigste hartstochten laten ons bij wijlen met rust1 maar de ijdelheid houdt ons steeds in beweging4 ,,cdxliv4 ,oude dwazen zijn dwazer dan jonge4 ,,cdxlv4 ,zwakheid is grooter tegenstelling van de deugd dan slechtheid4 ,,cdxlvi4 ,wat de smarten van vernedering en jaloezie zoo pijnlijk maakt is dat de ijdelheid niet kan helpen ze te dragen4 ,,cdxlvii4 ,welvoegelijkheid is de minste van alle wetten en die welke het meest wordt opgevolgd4 ,,cdxlviii4 ,een eerlijk gemoed heeft minder moeite om zich aan dwarsdrijvers te onderwerpen1 dan hen te leiden4 ,,cdxlix4 ,wanneer de fortuin ons bij verrassing op een hooge plaats zet1 zonder ons daarheen geleidelijk opgevoerd te hebben1 of zonder ons daartoe te hebben opgeleid door onze verwachtingen1 is het bijna onmogelijk er zich behoorlijk te handhaven en te toonen dat men haar waardig is4 ,,cdl4 ,onze hoogmoed groeit vaak aan met hetgeen wij van onze andere fouten verliezen4 ,,cdli4 ,geen lastiger zotten dan zij1 die geestig zijn4 ,,cdlii4 ,er is niemand die zich1 in welke hoedanigheid ook1 de mindere acht van den man van aanzien1 dien hij het meeste eert4 ,,cdliii4 ,in groote zaken moet men niet zoo zeer trachten nieuwe kansen te scheppen1 dan wel de bestaande te benutten4 ,,cdliv4 ,niet vaak gebeurt het dat men een slechten koop deed door afstand te doen van het goed1 dat men van ons spreekt1 op voorwaarde van geen kwaad te spreken4 ,,cdlv4 ,hoe zeer de wereld geneigd is verkeerd te oordeelen erkent zij toch vaker valsche verdienste1 dan dat zij ware verdienste onrecht doet4 ,,cdlvi4 ,men kan soms een zot zijn al bezit men geest1 maar nimmer is men het met gezond verstand4 ,,cdlvii4 ,wij zouden verder komen door ons voor te doen zooals wij zijn1 dan door pogen te schijnen1 wat wij niet zijn4 ,,cdlviii4 ,onze vijanden komen in hun oordeel over ons dichter bij de waarheid dan wij zelf4 ,,cdlix4 ,er zijn verschillende geneesmiddelen tegen de liefde1 maar niet n is onfeilbaar4 ,,cdlx4 ,wij weten op verre na niet waartoe onze hartstochten ons kunnen voeren4 ,,cdlxi4 ,de ouderdom is een tiran1 die op verbeurte van het leven alle vermaken van de jeugd verbiedt4 ,,cdlxii4 ,de zelfde hoogmoed1 die ons de fouten doet afkeuren1 waarvan wij ons vrij achten1 doet ons de goede eigenschappen minachten1 welke wij niet bezitten4 ,,cdlxiii4 ,dikwijls is er meer hoogmoed dan goedheid in ons beklag der ongelukken onzer vijanden2 het dient om hen te doen gevoelen1 dat wij door hun bewijzen van medelijden te geven1 boven hen staan4 ,,cdlxiv4 ,er is een overmaat van goed en van kwaad1 dat zich aan onze waarneming onttrekt4 ,,cdlxv4 ,op verre na wordt de onschuld niet zoo goed beschermd als de misdaad4 ,,cdlxvi4 ,van alle hevige hartstochten staat den vrouwen de liefde het minst slecht4 ,,cdlxvii4 ,de ijdelheid laat ons meer dingen in strijd met onzen smaak doen dan het verstand4 ,,cdlxviii4 ,uit slechte eigenschappen zijn soms groote talenten geboren4 ,,cdlxix4 ,nimmer verlangt men iets vurig wanneer men het alleen met het verstand verlangt4 ,,cdlxx4 ,al onze hoedanigheden zijn onwis en twijfelachtig1 zoowel de goede als de slechte1 en zij zijn bijna altijd ten speelbal aan de omstandigheden4 ,,cdlxxi4 ,in haar eerste hartstochten beminnen de vrouwen den minnaar1 in de latere de liefde4 ,,cdlxxii4 ,de hoogmoed heeft zijn grillen even als de andere hartstochten2 men schaamt zich te erkennen jaloersch te zijn1 en men gaat er prat op het te zijn geweest en het te hebben kunnen zijn4 ,,cdlxxiii4 ,hoe zeldzaam ware liefde ook moge zijn1 zij is het nog minder dan ware vriendschap4 ,,cdlxxiv4 ,van weinig vrouwen duurt de beteekenis langer dan de schoonheid4 ,,cdlxxv4 ,het verlangen om beklaagd of bewonderd te worden is dikwijls het grootste deel van onze vertrouwelijkheid4 ,,cdlxxvi4 ,onze afgunst duurt altijd langer dan het geluk van hen1 die wij benijden4 ,,cdlxxvii4 ,de zelfde karaktervastheid1 die ons helpt liefde te weerstaan1 dient ook om haar hevig en duurzaam te maken2 en zwakke personen1 die altijd door hartstochten bewogen worden1 zijn er bijna nimmer werkelijk van vervuld4 ,,cdlxxviii4 ,de verbeelding kan niet zooveel tegenstrijdigheden uitdenken als er zich van nature in ieders hart bevinden4 ,,cdlxxix4 ,slechts menschen met karaktervastheid kunnen werkelijk zachtmoedig zijn2 zij1 die zacht schijnen1 zijn gewoonlijk slechts zwak en worden licht bitter4 ,,cdlxxx4 ,verlegenheid is een gebrek1 waarover men niet zonder gevaar de personen berispt1 die men er van wil genezen4 ,,cdlxxxi4 ,niets is zeldzamer dan ware goedheid2 zelfs zij1 die meenen haar te bezitten1 zijn gewoonlijk slechts inschikkelijk of zwak4 ,,cdlxxxii4 ,de geest hecht zich1 uit luiheid of vrees voor verandering1 aan hetgeen hem gemakkelijk of aangenaam is4 ,deze gewoonte beperkt altijd de grenzen van onze kennis1 en nimmer heeft iemand zich de moeite gegeven zijn geest te ontwikkelen en te leiden zoo ver als hij had kunnen gaan4 ,,cdlxxxiii4 ,gewoonlijk spreekt men meer kwaad uit ijdelheid dan uit kwaadwilligheid4 ,,cdlxxxiv4 ,wanneer het hart nog opgewonden is door de overblijfselen eener hartstocht1 is men er nader aan toe de prooi eener nieuwe te worden1 dan wanneer men geheel genezen is4 ,,cdlxxxv4 ,zij1 die hevige hartstochten hebben gehad1 zijn hun gansche leven gelukkig1 en ongelukkig er geheel van te zijn genezen4 ,,cdlxxxvi4 ,er zijn nog meer menschen zonder zelfzucht1 dan zonder afgunst4 ,,cdlxxxvii4 ,wij hebben meer luiheid in den geest dan in het lichaam4 ,,cdlxxxviii4 ,de kalmte of de opwinding in ons gemoed hangt niet zoo zeer af van het belangrijke1 dat ons in ons leven overkomt1 dan wel van een aangenamen of onaangenamen samenloop van nietigheden1 die dagelijks gebeuren4 ,,cdlxxxix4 ,hoe slecht de menschen ook mogen zijn1 zij zullen nooit den moed hebben vijanden van de deugd te schijnen1 en wanneer zij haar willen vervolgen1 geven zij zich den schijn van haar voor valsch te houden1 of zij betichten haar van wandaden4 ,,cdxc4 ,wel gaat men dikwijls van liefde tot eerzucht over1 maar zelden keert men van eerzucht tot liefde terug4 ,,cdxci4 ,uiterste gierigheid vergist zich bijkans altijd2 geen hartstocht verwijdert zich vaker van zijn doel1 of staat zoo zeer onder de macht van het tegenwoordige1 ten nadeele van de toekomst4 ,,cdxcii4 ,gierigheid heeft dikwijls tegenovergestelde uitwerkingen2 een groot aantal menschen offeren hun geheele bezit op aan twijfelachtige en hersenschimmige verwachtingen2 andere versmaden groote toekomstige voordeelen ten bate van kleine tegenwoordige belangen4 ,,cdxciii4 ,het schijnt1 dat de menschen meenen nog niet genoeg gebreken te hebben3 zij vermeerderen nog het aantal door zekere zonderlinge eigenschappen1 waarmede zij zich meenen optetooien2 en zij kweeken die met zoo veel zorg1 dat zij ten slotte natuurlijke gebreken worden1 die zij niet meer bij machte zijn te verbeteren4 ,,cdxciv4 ,een bewijs dat de menschen beter hunne fouten kennen1 dan men denkt1 is dat zij nimmer ongelijk hebben wanneer men hen van hun gedrag hoort spreken2 de zelfde eigenliefde1 die hen gewoonlijk verblindt1 verschaft hun dan licht en geeft hun zulk een juist inzicht1 dat zij de geringste dingen1 die afgekeurd zouden kunnen worden1 weglaten of vermommen4 ,,cdxcv4 ,jonge lieden1 die hun intrede in de wereld doen1 behooren verlegen of onbezonnen te zijn3 een houding van bekwaamheid en zelfvoldaanheid verandert gewoonlijk in brutaalheid4 ,,cdxcvi4 ,geschillen zouden niet lang duren wanneer het ongelijk slechts aan ne zijde was4 ,,cdxcvii4 ,het helpt geen vrouw jong te zijn als zij niet mooi1 of mooi te zijn als zij niet jong is4 ,,cdxcviii4 ,er zijn menschen1 z luchthartig en z lichtzinnig1 dat zij er even ver van verwijderd zijn ware gebreken of degelijke eigenschappen te bezitten4 ,,cdxcix4 ,in den regel rekent men eene vrouw haar eerste galanterie pas aan wanneer zij er een tweede heeft4 ,d4 ,er zijn menschen1 zoo vervuld met zich zelf1 dat1 in geval zij verliefd rakan1 zij het tot stand brengen vervuld te zijn van hun hartstocht1 doch niet van het voorwerp hunner liefde4 ,,di4 ,de liefde1 hoe aangenaam zij moge zijn1 behaagt meer door de wijzen1 waarop zij zich uit1 dan door haar zelf4 ,,dii4 ,weinig geest met gezond verstand verveelt op den duur minder dan veel geest met scheeve denkbeelden4 ,,diii4 ,jaloerschheid is de grootste aller ziekten en die1 welke het minste medelijden verwekt bij de personen1 welke haar veroorzaken4 ,,div4 ,na te hebben gesproken van de valschheid van zoo vele schijnbare deugden is het billijk eenige woorden te zeggen over de valschheid van de doodsverachting4 ,ik meen die doodsverachting welke de heidenen met trotsch aan eigen krachten toeschrijven1 zonder de hoop op een beter leven4 ,er is een onderscheid tusschen het onverschrokken ondergaan van den dood en hem te minachten4 ,het eerste is vrij gewoon1 maar ik houd het andere nooit voor oprecht4 ,niettemin heeft men alles geschreven om met nadruk te overtuigen1 dat de dood geen kwaad is1 en de zwakste menschen1 zoo wel als de helden1 hebben duizend beroemde voorbeelden gegeven om die zienswijze te vestigen4 ,toch betwijfel ik of ooit iemand met gezond verstand er aan heeft geloofd1 en de moeite1 die men zich geeft om zich zelf en anderen te overtuigen1 bewijst vrij duidelijk dat deze onderneming niet gemakkelijk is4 ,men kan verschillende redenen tot afkeer van het leven hebben1 maar men heeft nimmer oorzaak tot het minachten van den dood2 zelfs zij1 die zich hem vrijwillig geven1 tellen hem niet zoo gering1 en zij ontstellen er over en verwerpen hem1 even als de anderen1 indien hij langs een anderen dan den door hen gekozen weg komt4 ,de ongelijkheid1 die men in den moed van een oneindig aantal dappere menschen bespeurt1 komt daar van daan1 dat de dood zich op verschillende wijze aan hun verbeelding voor doet en den eenen tijd dichter bij schijnt dan den anderen3 zoodoende komt het dat zij1 na geminacht te hebben wat zij niet kennen1 ten slotte vreezen wat zij kennen4 ,men moet vermijden hem in alle bijzonderheden in het aangezicht te zien1 wil men niet gelooven1 dat hij het grootste van alle euvels is4 ,de handigsten en dappersten zijn zij1 die de meest gepaste voorwendselen zoeken om hem niet in het aangezicht te zien4 ,maar elk mensch1 die hem weet te zien zoo als hij is1 acht hem iets verschrikkelijks4 ,de noodzaak te sterven maakte de kracht der philosophen uit4 ,zij meenden goedsmoeds daarheen te moeten gaan1 waarheen men niet weerhouden kan te gaan2 en niet in staat hun leven te vereeuwigen1 verzuimden zij niets om hun naam te vereeuwigen en uit de schipbreuk te redden wat er uit kon worden gered4 ,stellen wij er ons mede tevreden1 ten einde ons leed achter een vroolijk gelaat te verbergen1 met niet aan ons zelf te zeggen al wat wij er van denken1 en laat ons meer verwachten van onze natuurlijke geaardheid dan van die zwakke redeneringen1 die ons moeten doen gelooven dat wij den dood met onverschilligheid te gemoet kunnen treden4 ,de roem met moed te sterven1 de hoop betreurd te worden1 de begeerte een mooien naam achter te laten1 de zekerheid bevrijd te worden van de ellende der wereld1 en niet meer aftehangen van de nukken der fortuin1 zijn hulpmiddelen1 die men niet moet verwerpen4 ,men moet ze evenwel niet onfeilbaar achten4 ,zij zijn1 om ons gerust te stellen1 wat een heg dikwijls in den oorlog doet1 om hen te beveiligen1 die een plaats moeten naderen van waar men schiet3 is men ver af dan vermeent men dat zij volkomen kan dekken2 raar komt men nader bij1 dan ziet men dat zij een zwak hulpmiddel is4 ,wij vleien ons wanneer wij gelooven dat de dood ons van nabij toeschijnt wat wij er op een afstand van hadden gedacht1 en dat onze gevoelens1 die slechts zwakheid zijn1 zoo sterk zouden zijn1 dat wij niet zouden lijden bij het ondergaan van de ruwste aller beproevingen4 ,men kent ook de uitwerking der eigenliefde slecht door te denken dat zij ons zou kunnen helpen om als niets te achten wat haar noodzakelijk moet vernietigen2 en het verstand1 waarin men zoo veel hulpbronnen meent te vinden1 is te zwak om in dit geval ons de gewenschte overtuiging te verschaffen4 ,integendeel is het de rede1 die ons het vaakst bedriegt1 en die1 in plaats van ons minachting voor den dood in te boezemen1 ons helpt ontdekken wat al akeligs en vreeselijks er in is4 ,alles1 wat de rede voor ons kan doen1 is ons aanteraden de oogen aftewenden en naar andere dingen te kijken4 ,cato en ,brutus kozen beroemde4 ,een lakei vergenoegde zich eenigen tijd geleden1 op het schavot1 waarop hij zou worden geradbraakt1 te dansen4 ,dus1 hoewel de drijfveeren verschillen1 zij hebben vaak de zelfde uitwerkingen4 ,daarom is het waar1 dat1 hoe groot het verschil tusschen groote menschen en gewone stervelingen moge zijn1 men duizend maal gezien heeft hoe de eenen even goed als de anderen1 met hetzelfde gelaat den dood ingingen2 maar altijd met dit verschil1 dat in de doodsverachting der groote mannen het de zucht naar roem is1 die hen verblindt1 terwijl het bij de gewone menschen slechts een uitwerking van gebrek aan inzicht is1 dat hen belette den omvang van hun ongeluk te erkennen1 en hun vrijheid liet aan iets anders te denken4 ,,portret van la ,rochefoucauld door hemzelf4 #afeh4 ,ik ben van middelbare lengte1 gemakkelijk in mijne bewegingen en goed gevenredigd4 ,ik heb een bruine gelaatskleur1 maar vrij gelijkmatig2 een hoog en redelijk breed voorhoofd2 zwarte1 kleine1 diepliggende oogen1 zwarte en dikke1 goed geteekende wenkbrauwen4 ,ik zou moeilijk kunnen zeggen welk soort neus ik heb want zij is noch stomp1 noch dik1 noch spits1 noch arendsneus1 ten minste naar ik meen2 al wat ik weet is dat zij eerder groot dan klein is en dat zij een weinig te laag zit4 ,ik heb een grooten mond en gewoonlijk vrij roode1 noch goed1 noch slecht gevormde lippen4 ,mijn tanden zijn wit en vrij goed geplaatst4 ,vroeger heeft men mij gezegd1 dat ik een weinig te veel kin had3 ik heb mij eens betast en in den spiegel gekeken om te weten hoe het er mede staat1 en ik kan er niet goed over oordeelen4 ,de vorm van mijn gelaat is vierkant of ovaal3 het zou mij zeer moeilijk vallen tusschen die twee te kiezen4 ,mijn haar is zwart1 van nature gekruld en daarbij dik en lang genoeg om van een mooien kop te mogen spreken4 ,ik heb iets droevigs en hooghartigs in mijn blik3 dat doet de meeste menschen gelooven1 dat ik minachtend ben1 hetgeen volstrekt het geval niet is4 ,ik beweeg mij gemakkelijk1 zelfs een weinig te veel1 waardoor ik bij het spreken veel gebaren maak4 ,ziehier ronduit hoe ik meen dat ik ben1 wat het uiterlijk betreft en men zal1 geloof ik1 vinden1 dat hetgeen ik dienaangaande denk1 niet ver van de waarheid is4 ,met dezelfde getrouwheid zal ik te werk gaan bij hetgeen nog aan mijn portret ontbreekt1 en mij zal het noch aan vrijmoedigheid ontbreken om ronduit te spreken van mijne goede eigenschappen1 noch aan oprechtheid om rondborstig te erkennen welke gebreken mij aankleven4 ,ten eerste1 om van mijn humeur te spreken3 ik ben zwaarmoedig1 en ik ben het in zulke mate1 dat men mij sedert drie of vier jaar nauwelijks drie of vier maal heeft zien lachen4 ,toch zou ik1 naar ik geloof1 een vrij dragelijke en milde zwaarmoedigheid bezitten1 indien ik slechts die had1 welke uit mijn gestel voortkomt2 maar ik krijg er zoo veel van andere zijde1 en wat ik krijg is van zulke hoedanigheid1 vervult dusdanig mijn verbeelding en houdt mijn geest zoo zeer bezig1 dat ik den meesten tijd hetzij droom zonder een woord te uiten of bijna geen aandeel neem aan hetgeen ik zeg4 ,ik ben zeer kortaf met degenen1 die ik niet ken en zelfs met de meesten van hen1 die ik wl ken1 ben ik niet zeer rondborstig4 ,dat is een gebrek1 ik weet het wel1 en ik zal niets nalaten om mij in dit opzicht te verbeteren2 maar omdat een zekere sombere uitdrukking in mijn gezicht mij nog terughoudender doet lijken dan ik ben1 en het niet in onze macht staat ons te ontdoen van een booze uitdrukking1 die het gevolg is van het natuurlijke beloop der gelaatstrekken1 geloof ik1 dat1 wanneer ik mij inwendig zal hebben verbeterd1 ik1 door mijn uiterlijk1 altijd slecht zal blijven staan aangeschreven4 ,ik heb geest1 en ik aarzel niet het te zeggen3 waartoe daaromtrent plichtplegingen te maken8 ,het gebruiken van zoo veel omwegen en het toepassen van verzachting1 wanneer het geldt te spreken van zijne goede hoedanigheden1 komt mij voor als het verbergen van een weinig ijdelheid onder een schijn van bescheidenheid1 en het zich bedienen van een zeer handig middel om van zich veel meer te doen gelooven dan men zegt4 ,wat mij aangaat1 ik ben tevreden wanneer men mij noch voor mooier houdt dan ik mij voordoe1 noch beter geluimd dan ik mij afschilder1 noch geestiger of verstandiger dan ik ben4 ,nogmaals1 ik heb vernuft1 maar een vernuft1 bedorven door zwaarmoedigheid3 want1 ofschoon ik vrij goed mijn taal meester ben1 een goed geheugen bezit1 en ik niet verward denk1 ben ik dusdanig onder den druk van mijn verdriet1 dat ik vaak vrij slecht uitdruk wat ik wil zeggen4 ,het gesprek met beschaafde menschen is een der genoegens1 die mij het meest aantrekken4 ,ik heb gaarne dat zulk een gesprek ernstig zij en dat zedekunde er het leeuwenaandeel in heeft4 ,maar ik weet het ook te waardeeren wanneer het vroolijk is2 en al vertel ik weinig grapjes om te lachen1 dan is dit niet omdat ik niet zou weten hoe kostbaar een goed vertelde beuzeling is1 of omdat ik deze wijze van schertsen1 waarin zekere slagvaardige en gevatte geesten zoo zeer uitmunten1 niet vermakelijk zou vinden4 ,ik schrijf een goed proza en ik dicht met goed gevolg2 mijn gedichten zijn niet slecht2 en hunkerde ik naar den roem die op dat gebied te behalen is1 dan acht ik mij met weinig arbeid in staat een goeden naam te verwerven4 ,ik houd van lezen1 in het algemeen2 het meest van die boeken1 waarin iets te vinden is1 dat den geest kan vormen en de ziel kan versterken4 ,bovenal is het voor mij een groote voldoening te lezen met iemand van verstand3 want op die wijze denkt men voortdurend na over hetgeen men leest2 en uit de gemaakte opmerkingen vormt zich een bij uitstek aangenaam en nuttig gesprek4 ,ik heb een vrij goed oordeel over de dichtwerken1 die men mij toont1 maar ik zeg mijn gevoelen misschien wat al te openhartig4 ,wat bovendien verkeerd in mij genoemd mag worden is1 dat ik soms te pijnlijk-kieschkeurig en een te streng beoordeelaar ben4 ,ik heb geen afkeer van te hooren redetwisten1 en dikwijls meng ik mij vrij gaarne in het geschil2 maar ik verdedig gewoonlijk mijn gevoelen met te veel warmte2 en wanneer men tegen mij een onrechtvaardige zaak verdedigt1 word ik door mijn hartstocht voor het goed recht wel eens alles behalve redelijk4 ,ik gevoel voor deugd en ben geneigd tot het schoone en heb een zoo sterke begeerte om een door en door eerlijk man te zijn1 dat mijne vrienden mij geen grooter genoegen kunnen doen dan mij ernstig op mijn gebreken te wijzen4 ,zij1 die mij eenigszins van nabij kennen1 en die de goedheid hebben gehad mij soms in dit opzicht raad te geven1 weten dat ik hen altijd met alle denkbare vreugde en gewenschte onderworpenheid van den geest heb ontvangen4 ,alle mijne hartstochten zijn vrij gematigd en beperkt2 bijna nooit zag men mij in woede ontsteken1 en gehaat heb ik niemand4 ,niettemin ben ik wel in staat mij te wreken indien men mij had beleedigd1 en wanneer mijn eer betrokken was bij de beleediging1 mij aangedaan4 ,in tegendeel1 ik ben er zeker van dat het plichtsgevoel in mij zoo goed de rol van haat zou vervullen1 dat ik mijn wraakneming nog feller zou ten uitvoer brengen dan een ander4 ,eerzucht achtervolgt mij niet4 ,voor weinig dingen ben ik bang1 en in het geheel niet voor den dood4 ,ik ben weinig toegankelijk voor medelijden1 en ik wenschte wel er geheel vrij van te zijn4 ,toch is er niets dat ik zou verzuimen om de smart van een lijder te verminderen2 en ik geloof werkelijk dat men alles behoort te doen1 zelfs veel medelijden te betuigen1 want de ongelukkigen zijn zoo dwaas1 dat dit hun meer goed doet dan wat ook ter wereld4 ,maar ik hecht er ook aan mij tevreden te stellen met het te betuigen1 en er streng op te passen het niet te bezitten4 ,het is een hartstocht1 die in een goed gevormde ziel nergens toe dient2 die slechts het hart verzwakt1 en die men moet overlaten aan de groote menigte1 die1 nimmer iets doende1 geleid door verstand1 hartstochten noodig heeft om tot daden te geraken4 ,ik heb mijn vrienden lief1 en ik heb hen dusdanig lief1 dat ik geen oogenblik zou aarzelen mijne eigen belangen ten hunnen bate op te offeren4 ,ik ben inschikkelijk tegenover hen2 ik verdraag geduldig hun slecht humeur2 alleen streel ik hen niet vaak en hun afwezigheid maakt mij niet zeer ongerust4 ,van nature ben ik uiterst weinig nieuwsgierig ten opzichte van het meeste dat andere lieden zoo zeer bezig houdt4 ,ik ben zeer gesloten en ik heb minder moeite1 dan wie ook1 om wat men mij in vertrouwen heeft gezegd1 vr mij te houden4 ,ik ben bij uitstek stipt op het houden van mijn woord2 ik breek het nooit1 welke gevolgen het door mij beloofde ook voor mij moge hebben1 en ik heb dit mijn geheele leven als een volstrekt noodzakelijke wet beschouwd4 ,tegenover vrouwen neem ik een zeer stipte hoffelijkheid in acht2 en ik geloof in hun tegenwoordigheid nimmer iets te hebben gezegd wat haar pijnlijk had kunnen treffen4 ,wanneer zij een goed verstand hebben geef ik aan een gesprek met haar de voorkeur boven een met mannen2 men vindt er zekere zachtheid in1 die bij ons niet te vinden is2 en het schijnt mij bovendien1 dat zij zich zuiverder uitdrukken en een aangenamer tint geven aan de dingen1 die zij zeggen4 ,galant ben ik vroeger wel een weinig geweest2 tegenwoordig ben ik het niet meer1 hoe jong ik mij ook gevoel4 ,van hofmakerij heb ik afgezien2 en ik ben alleen verbaasd1 dat er nog zoo veel beschaafde mannen zijn1 die er zich wel mede bezighouden4 ,ik juich levendig de schoone hartstochten toe2 zij zijn het bewijs van zielegrootheid2 en ofschoon er in de onrust1 die zij veroorzaken1 iets gelegen is1 tegenstrijdig met ware wijsheid1 verdragen zij zich z goed met de strengste deugd1 dat men hen1 naar mijne meening1 met recht niet zou kunnen veroordeelen4 ,wanneer ik1 die alles ken wat er teeders en krachtigs in de groote aandoeningen der liefde is1 eens zal beminnen1 dan zal het zeker op die wijze zijn2 maar zooals ik geaard ben1 geloof ik niet dat al die kennis1 die ik bezit1 ooit van mijn verstand naar mijn hart zal verhuizen4 ,,portret van la ,rochefoucauld door den ,kardinaal de ,retz4 ,in de geheele figuur van la ,rochefoucauld is altijd iets1 ik weet niet wat1 geweest3 hij heeft zich van kindsbeen af1 in intriges willen mengen en toen hij de kleine belangen niet opmerkte1 die nooit zijn zwak zijn geweest1 en de groote niet kende1 die1 aan den anderen kant1 nimmer zijne sterke zijde waren2 hij is nimmer voor eenige onderneming geschikt geweest1 en ik weet niet waarom1 want hij had eigenschappen1 die1 bij ieder ander diegene1 welke hij miste1 zouden hebben kunnen vervangen4 ,zijn blik was niet vrziende genoeg1 en hij zag zelfs niet gelijktijdig alles1 wat binnen zijn bereik lag2 maar zijn gezond verstand en degelijk overpeinzen1 gevoegd bij zijn zachte manieren1 zijn overredingskracht1 en zijn gemakkelijk optreden1 dat bewonderingswaardig was1 moesten1 meer dan het geval was1 opwegen tegen de zwakte van zijn diep inzicht4 ,hij had altijd een doorloopende besluiteloosheid1 maar ik weet zelfs niet waaraan die is toe te schrijven3 zij kan niet in hem gekomen zijn door de vruchtbaarheid zijner verbeelding1 die alles behalve levendig is2 ik kan haar niet wijten aan de onvruchtbaarheid van zijn oordeel1 want1 al beschikt hij er niet over bij zijn handelend optreden1 hij bezit een goeden voorraad verstand3 wij zien de gevolgen dezer besluiteloosheid zonder er de oorzaak van te kennen4 ,hij is nimmer krijgsman geweest1 ofschoon hij een echt soldaat was2 uit zich zelf was hij nooit een goed hoveling1 ofschoon hij steeds de beste voornemens heeft gehad het te zijn2 hij was nimmer een goed lid eener partij1 niettegenstaande hij er zijn geheele leven bij betrokken was4 ,die bedeesdheid en verlegenheid in zijn gezicht1 dat gij van hem in het burgerlijke leven kent1 heeft zich in zaken in een soort van zelfverdediging omgezet2 hij meende er steeds behoefte aan te hebben3 hetgeen1 gevoegd bij zijne ,maximes1 die niet voldoende deugd en geloof ademen1 en aan zijn gewoonte om zich altijd uit een zaak met evenveel ongeduld terug te trekken1 als hij er zich in had begeven1 mij tot de overtuiging brengt1 dat hij veel beter zou hebben gedaan met zich zelf te kennen en zich tevreden te stellen met1 zooals hij gekund had1 door te gaan voor den beleefdsten hoveling van zijn eeuw4 ,,register ,,op ,,de ,,onderwerpen ,,der ,,maximes ,de getallen verwijzen naar de nummers der maximes4 ,aantrekken1 #aee1 #bgd1 #dbf4 ,aard1 #adb4 ,afgunst1 #bg1 #bh1 #cbh1 #cgf1 #dcc1 #dgf1 #dhf4 ,afkeer1 #dbg4 ,afwezigheid1 #bgf4 ,afstooten1 #aee4 ,ambt1 #afd4 ,armoede1 #ed4 ,bedeesdheid1 #aa1 #afi4 ,bedriegen1 #aae1 #aah1 #abg1 #cce1 #cie1 #dcd4 ,behaagzucht1 #bda1 #ccb1 #ccd1 #cdi1 #cgf4 ,beheerschen1 #aea4 ,beklagen1 #dge4 ,bekrompenheid1 #bfe4 ,bekwaamheid1 #aii4 ,belachelijk1 #caa1 #cbf1 #djh1 #dbb4 ,belang1 #cj1 #bec1 #cij4 ,beleefdheid1 #bfj4 ,beloonen1 #ad4 ,beloven1 #ch4 ,beminnen1 #ha1 #he1 #aaa1 #bei1 #bgg1 #bhf1 #bid1 #ccj1 #cca1 #cdh1 #cea1 #cfi1 #cga1 #cgd1 #dga4 ,beoordeelen1 #bab4 ,berouw1 #ahj4 ,bestendigheid1 #agg4 ,betreuren1 #cee4 ,bevalligheid1 #fg1 #bdj4 ,bevredigen1 #che4 ,bewonderen1 #dge4 ,breken1 #cea4 ,burgerlijkheid1 #cic4 ,copie1 #acc4 ,coquetterie1 #ajg1 #bda1 #djf1 #dah4 ,daden1 #g1 #eg1 #eh1 #afj1 #afa1 #afc1 #chb1 #dji1 #dcb4 ,dankbaarheid1 #bbc1 #bbd1 #bbe1 #bgi1 #bih1 #bii1 #dch4 ,dapperheid1 #a1 #bad1 #baf1 #bbj4 ,deemoed1 #ceh4 ,deugden1 #a1 #aga1 #ahc1 #ahf1 #ahg1 #ahi1 #bjj1 #bah1 #bbj1 #ced1 #chh1 #dhi4 ,diensten1 #bii4 ,dood1 #bc1 #bf1 #bba4 ,doorzettingskracht1 #bdc4 ,droefheid1 #bcb1 #bcc4 ,drijfveeren1 #dji4 ,dwaasheid1 #aef1 #bjg1 #bji1 #bca1 #cjj1 #cah1 #dae4 ,dwarse koppen1 #cah4 ,dwazen1 #adj1 #cji1 #caj1 #chg1 #dad1 #ddd4 ,edelmoedigheid1 #bdf4 ,eenvoud1 #bhi4 ,eer1 #ab1 #bai1 #bgj4 ,eerlijk1 #agj1 #bjb1 #ddh4 ,eerzucht1 #g1 #bd1 #fc1 #ia1 #bdf1 #bff1 #dij4 ,eigenaardigheden1 #acd4 ,eigenbelang1 #i1 #ci1 #dj1 #df1 #ahg1 #cje1 #did4 ,eigenliefde1 #b1 #c1 #d1 #ac1 #hh1 #bbh1 #bcf1 #bdg1 #bfa1 #bfb1 #cci4 ,eigenschappen1 #ij1 #agf1 #bea1 #bhd1 #ccg1 #cdd1 #cfe1 #dcc1 #dfh1 #dih4 ,fatsoenlijk1 #cfh4 ,fortuin1 #a1 #ag1 #de1 #dg1 #fj1 #fa1 #aec1 #aed1 #bbg1 #cbc1 #chj1 #cia1 #cib1 #cii1 #djc1 #dce1 #ddi4 ,fouten1 #ahd1 #aif1 #dbb1 #dbf1 #ddb1 #did4 ,fijnheid1 #abh4 ,galanterie1 #aca1 #djb1 #dii4 ,gebeurtenis1 #ei4 ,geboorteland1 #cdb4 ,gebreken1 #ca1 #ij1 #aij1 #aid1 #bea1 #bii1 #cbg1 #ced1 #cfe1 #cig1 #cih1 #djc1 #daa1 #dbd1 #dbh1 #dic1 #dih4 ,geest1 #dd1 #fg1 #ii1 #ajj1 #aja1 #bhg1 #cdj1 #ceg1 #cge1 #def1 #dhb1 #ejb4 ,geestigheid1 #dac1 #dea4 ,geestkracht1 #ah4 ,geheugen1 #hi1 #cac4 ,geld en goed1 #cja4 ,gelieven1 #cab4 ,geluk1 #ah1 #dh1 #di1 #ec1 #fa1 #cci4 ,gemakzucht1 #af4 ,gematigdheid1 #ag1 #ah1 #bic1 #cjh4 ,gemoed1 #bij1 #dhh4 ,gemoedsstemmingen1 #bib4 ,genadigheid1 #ae1 #af4 ,genegenheid1 #bgi4 ,genezing1 #aic4 ,gepast1 #cjg4 ,geschillen1 #dif4 ,gesprekken1 #aci4 ,gesternte1 #eh4 ,geven1 #cja4 ,gewaarwordingen1 #bee4 ,geweld1 #cfc1 #cfi4 ,gewichtigheid1 #beg4 ,gezichtspunt1 #ajd4 ,gezond verstand1 #fg4 ,gierigheid1 #aa1 #afg1 #dia1 #dib4 ,goede1 #aba1 #bbi1 #cjc1 #dfd4 ,goede wil1 #cj4 ,goedhartigheid1 #bcf1 #bcg1 #bch1 #bge1 #dfc1 #dha4 ,grofheid1 #abi4 ,grootheid1 #djj4 ,groot man1 #cdc4 ,grootmoedigheid1 #bdh1 #bhe4 ,grijsaard1 #ic4 ,gunsteling1 #ee4 ,haast1 #bbf4 ,haat1 #ee1 #gb1 #aaa1 #cbh1 #cch4 ,handigheid1 #d1 #agj1 #bde1 #bfd4 ,hart1 #aj1 #dc1 #ih1 #ajb1 #ajc1 #ajh1 #cdf1 #dhd4 ,hartstochten1 #d1 #f1 #g1 #h1 #i1 #aj1 #aa1 #ab1 #bg1 #abb1 #ahh1 #bfb1 #bff1 #bgf1 #ccd1 #cda1 #djd1 #dbb1 #ddc1 #dfj1 #dff1 #dga1 #dhd1 #dhe4 ,helden1 #ec1 #ahe4 ,hoedanigheden1 #bi1 #aei1 #afb1 #dgj4 ,hooge wereld1 #ef1 #bhj4 ,hoogmoed1 #cc1 #cf1 #cg1 #bbh1 #bcd1 #bci1 #bed1 #bfg1 #bha1 #ceh1 #dej1 #dfb1 #dfc1 #dgb4 ,hoop1 #ch1 #afh4 ,houding1 #bdi4 ,huichelarij1 #bah1 #bcc4 ,humeur1 #g1 #de1 #dg4 ,huwelijk1 #aac4 ,ingenomenheid1 #ea4 ,jaloezie1 #g1 #bh1 #cb1 #cbd1 #ccf1 #cfa1 #djf1 #ddf1 #dgb1 #ejc4 ,jeugd1 #aji1 #bfa1 #cda1 #die4 ,jong1 #die1 #dig4 ,kansen1 #dec4 ,karaktervastheid1 #dgg1 #dgi4 ,kennissen1 #agh4 ,kieschheid1 #abh4 ,kleinigheden1 #da4 ,kracht1 #cj1 #db1 #dd1 #abb4 ,kuischheid1 #a4 ,kwaad1 #aca4 ,kwaadspreken1 #ach1 #adh1 #ded1 #dhc4 ,kwaadwilligheid1 #dhc4 ,lafheid1 #bae1 #cgj4 ,lastig1 #bdb4 ,leeftijd1 #bjg1 #baj1 #bbb4 ,leiden1 #dc4 ,leven1 #df1 #dcj1 #dce4 ,levenstijdperk1 #dje4 ,liefde1 #fh1 #fi1 #gj1 #ga1 #gb1 #gc1 #gd1 #ge1 #gf1 #gg1 #gh1 #aaa1 #acf1 #age1 #agf1 #bei1 #bfb1 #bff1 #bgd1 #ccf1 #cdi1 #cec1 #cfa1 #cfb1 #cfi1 #cgd1 #cgf1 #cha1 #che1 #cie1 #djb1 #dag1 #dah1 #dbb1 #dcj1 #ddj1 #dda1 #dei1 #dff1 #dga1 #dgc1 #dgg1 #dij1 #ejj1 #eja4 ,liefhebben1 #bif1 #cba4 ,liegen1 #fc4 ,lof1 #fe1 #add1 #ade1 #adf1 #adg1 #adh1 #adi1 #aej1 #bgb4 ,lot1 #eb4 ,luiheid1 #afi1 #bff1 #cih1 #dhb1 #dhg4 ,luim1 #dce4 ,medelijden1 #bfd4 ,meening1 #ac4 ,middelmatig1 #cge4 ,mindere1 #deb4 ,minnaar1 #cif1 #djf4 ,misdaad1 #dfe4 ,moed1 #bac1 #cig4 ,mom1 #bed4 ,mooi1 #dig4 ,naam1 7,groote71 #id4 ,natuur1 #cf1 #fc1 #aec1 #ahi1 #djd4 ,natuurlijk1 #cgb1 #dca4 ,nederigheid1 #bed4 ,nieuwe1 #bgd4 ,nieuwsgierigheid1 #agc4 ,omstandigheden1 #bae1 #cde1 #dgj4 ,onaandoenlijkheid1 #bj1 #ba4 ,onbestendigheid1 #aha4 ,ondankbaarheid1 #if1 #bbf1 #bii1 #cjf1 #cag4 ,onderhandelen1 #bgh4 ,ondeugden1 #ahb1 #ahf1 #ahg1 #ahi1 #aia1 #aib1 #aie1 #bgc4 ,oneerlijk1 #cag4 ,ongeluk1 #fa1 #cci1 #chf1 #cie1 #dbj1 #dif4 ,onnoozelheid1 #bjh4 ,onrecht1 #ad4 ,onschuld1 #dfe4 ,ontrouw1 #cei1 #cfj4 ,onverschrokkenheid1 #bag4 ,onverstandigen1 #ei4 ,onwaarheden1 #bhb4 ,oordeel1 #ig1 #deh4 ,oorlog1 #bai4 ,openhartigheid1 #ahd4 ,oprechtheid1 #fb1 #aaf1 #agj1 #cff4 ,opvoeding1 #bfa4 ,ouderdom1 #aji1 #cda1 #djh1 #daf1 #dah1 #dbc1 #ddd1 #dfa4 ,oud worden1 #dbc4 ,philosophen1 #df1 #ed4 ,philosophie1 #bb4 ,prijzen1 #add1 #ade1 #adf1 #cbj1 #cef4 ,raad1 #aaj1 #aaf1 #bhc1 #cgh4 ,ramp1 #ai1 #bb4 ,rechters1 #bfh4 ,rechtschapenheid1 #agj1 #bjf4 ,rein1 #agj4 ,roem1 #aeg1 #aih1 #bac1 #bba4 ,rijkdom1 #ed4 ,sappen1 #big4 ,schamen1 #dji4 ,schande1 #bac1 #dab4 ,scherpzinnigheid1 #cgg1 #dbe4 ,schijn1 #cjb4 ,schijnen1 #deg4 ,schoonheid1 #dgd4 ,schranderheid1 #bdd1 #bfi1 #bhh4 ,slachtoffer1 #hg4 ,slim1 #bcf1 #cej1 #cid1 #djg4 ,slimmerds1 #bba4 ,slimmigheden1 #aag1 #abd1 #abe4 ,smaak1 #ac1 #beb1 #beh1 #cgi1 #dac1 #dfg4 ,spreken1 #adb1 #cae1 #cai1 #chc4 ,standen1 #bef4 ,standvastig1 #aa1 #age1 #agf1 #agg1 #dbj4 ,sterven1 #bc4 ,talenten1 #djd1 #dfh4 ,tegenspoed1 #bd1 #be1 #bce4 ,tegenspraak1 #ace4 ,tegenstrijdigheden1 #dgh4 ,toeval1 #eg4 ,tranen1 #cgc4 ,trots1 #cd1 #ce4 ,trouw1 #bdg1 #cha4 ,vaardigheid1 #djd4 ,vastberadenheid1 #bc4 ,verachtelijk1 #cbb4 ,verachting van den dood1 #ba1 #ejd4 ,verbeelding1 #dgh4 ,verbeteren1 #bbg4 ,verdienste1 #ib1 #ie1 #aec1 #aee1 #aef1 #afe1 #aff1 #bgc1 #bia1 #djj1 #dai1 #dcg1 #dee1 #dgd4 ,verdienstelijk1 #ej1 #cgi4 ,vergeven1 #ccj1 #dbh1 #dbi4 ,verkwisting1 #aa4 ,verlangen1 #dci1 #dfi1 #dge4 ,verlegenheid1 #dhj4 ,vermommen1 #aai1 #bef4 ,vernedering1 #ddf4 ,verraden1 #abj4 ,verstand1 #db1 #dc1 #hj1 #hi1 #ig1 #ih1 #ajb1 #ajc1 #aab1 #adj1 #aed1 #agd1 #bij1 #cdf1 #cdg1 #dae1 #dba1 #dbe1 #def1 #dfg1 #dfi1 #ejb4 ,verstandig1 #f1 #ff1 #aje1 #ajh4 ,vertrouwen1 #fb1 #bci1 #dba4 ,vervelen1 #ada1 #agb1 #cjd1 #cab1 #ceb1 #ejb4 ,verwonderen1 #chd4 ,verzoenen1 #hb4 ,vleien1 #abc1 #aeb1 #aeh1 #cbi4 ,volksdeuntjes1 #baa4 ,voorbeeld1 #bcj4 ,voornaamheid1 #cii1 #dja4 ,voorspoed1 #be4 ,vooruitziendheid1 #bfd4 ,vrees1 #af1 #ah1 #ch4 ,vrienden1 #hd1 #agi4 ,vriendschap1 #gb1 #hj1 #ha1 #hc1 #cgf1 #daj1 #dbg1 #dcd1 #ddj1 #dda1 #dgc4 ,vroomheid1 #ab1 #dbg4 ,vrouwen1 #gc1 #aca1 #bjd1 #bje1 #bbj1 #bda1 #bgg1 #ccb1 #ccc1 #ccd1 #cdj1 #cdf1 #cfb1 #cfd1 #cfg1 #cfh1 #djf1 #dah1 #dbi1 #ddj1 #dff1 #dga1 #dgd1 #dig1 #dii4 ,vrijgevigheid1 #bfc4 ,vijand1 #aad1 #deh4 ,waardeering1 #adc1 #cci4 ,waarheid1 #fd4 ,wantrouwen1 #hd1 #hf1 #cae1 #cee4 ,weldaden1 #ad4 ,wereld1 #dee4 ,welopgevoed1 #bjc4 ,welsprekendheid1 #bdi1 #bej4 ,welvoegelijkheid1 #ddg4 ,weten1 #bie4 ,willen1 #bie4 ,wreken1 #ad4 ,wijsheid1 #acb1 #bjg1 #bji1 #bca1 #cbc4 ,wijze lessen1 #ic4 ,wijzen1 #bj4 ,i,jdelheid1 #af1 #acg1 #bjj1 #bfc1 #chh1 #chi1 #ddf1 #dfg1 #dhc4 ,i,jver1 #a4 ,zaken1 #bhh4 ,zelfbedrog1 #aad4 ,zelfvertrouwen1 #dge4 ,zelfzucht1 #dhf4 ,ziekten1 #bhh1 #ejc4 ,ziel1 #bd1 #hj1 #ahh1 #aid4 ,zon1 #bf4 ,zotten1 #f1 #cec1 #dea1 #def4 ,zwakheid1 #dd1 #abj1 #abb1 #acj1 #caf1 #cbe1 #dbd1 #ddd1 #dgg1 #dgi4 ,zwijgen1 #gi4