,,de ,,nuttige ,,handwerken4 ,,handboekje ,,ten ,,dienste ,,der ,,lagere ,,school ,,door ,a4 ,,teunisse en ,a4 ,m4 ,,van ,,der ,,velden4 ,,het ,,breien1 #a;e stukje1 met #cj houtgravures4 ,,vierde ,,verbeterde ,,druk4 7,bekroond met de ,gouden ,medaille op de wereldtentoonstelling te ,parijs #aijj74 ,,amsterdam4--#aijc4--,w4 ,,versluys4 ,,voorbericht ,,bij ,,den ,,eersten ,,druk4 ,door het samenstellen van dit werkje hopen wij een groot bezwaar tegen het klassikale onderwijs in de handwerken te hebben opgeheven4 ,het is namelijk gebleken1 dat het dicteeren van hetgeen de leerlingen noodzakelijk moeten onthouden1 veel tijd in beslag neemt1 terwijl verder dit schriftelijke werk zelfs bij de beste leerlingen toch tot op zekere hoogte gebrekkig blijft en minder geschikt is1 om later nog eens te worden geraadpleegd4 ,het ontbreken van juiste afbeeldingen vooral blijft in zulk werk eene groote leemte4 ,we hebben daarom getracht1 zoo eenvoudig en beknopt mogelijk1 het breien der kous en wat daarmede in verband staat te behandelen4 ,mondelinge mededeelingen1 voorwerken en teekenen op het bord zullen echter niet achterwege kunnen blijven4 ,integendeel1 dit alles zal bij het leeren breien geregeld moeten geschieden4 ,dit boekje treedt alleen in de plaats van hetgeen de leerlingen anders opschrijven1 en is dus bestemd voor de hoogere klassen4 ,daarom hebben we gemeend1 de beginselen van het breien achterwege te kunnen laten4 ,voor gegronde opmerkingen en bedenkingen houden wij ons ten zeerste aanbevolen4 ,,bij ,,den ,,tweeden ,,druk4 ,deze druk is op enkele verbeteringen na1 geheel gelijk aan den voorgaanden4 ,daar het onze bepaalde overtuiging blijft1 dat het onderwijs in dit vak op de lagere school zoo eenvoudig mogelijk moet blijven1 wenschten wij er geene uitbreiding aan te geven4 ,,bij ,,den ,,derden ,,druk4 ,deze druk is nagenoeg geheel gelijk aan den vorigen4 ,,bij ,,den ,,vierden ,,druk4 ,in dezen druk hebben wij voor het zetten van den hiel nog eene teekening met nadere verklaring gevoegd1 waardoor de verdeeling der steken1 naar wij meenen1 nog duidelijker is op te merken4 ,het breiend opzetten en het muizentandje hebben wij er uitgenomen1 daar het eerste slordig en onsterk is en het tweede niet meer gebreid wordt4 ,,de ,,schrijfsters4 ,,benoodigdheden ,,voor ,,het ,,breien4 ,verschillende kleedingstukken worden gebreid van katoen1 van wol of van sajet4 ,er zijn verschillende soorten van katoen3 gele of ongebleekte katoen1 witte of gebleekte katoen en gekleurde katoen4 ,de wol en de sajet zijn ook in verschillende kleuren en soorten te verkrijgen4 ,de kleedingstukken1 die wij breien1 zijn niet altijd even grof of fijn2 daarom komen de katoen1 de wol en de sajet in verschillende dikte voor1 welke door nummers wordt aangewezen4 ,hoe hooger nummer1 hoe fijner katoen4 ,de draad1 waarmede men breit1 is gedraaid uit #d of #f fijnere draden4 ,daarom spreken we van #d draadsche of #f draadsche katoen of wol4 ,de #f draadsche is steviger in elkander gedraaid dan de #d draadsche en daardoor sterker in het gebruik4 ,de katoen1 waarmede wij nu leeren breien1 is ongebleekte katoen ,no4 #ab1 vierdraadsch4 ,willen wij grovere katoen gebruiken1 dan hebben wij katoen ,no4 #aj noodig en voor fijnere ,no4 #ad of hooger4 ,het gebreide werk moet goed rekbaar zijn2 daarom moeten de naalden niet te fijn zijn1 want dan worden de steken te stijf4 ,de naalden1 die wij bij katoen ,no4 #ab gebruiken1 zijn stalen breinaalden ,no4 #f_/j2 worden de steken te los1 dan hebben we fijnere naalden noodig1 bijv4 ,no4 #e_/j2 worden de steken te stijf1 dan nemen we #g_/j1 die groffer zijn4 ,bij de nummers der naalden merken we het tegenovergestelde op van de nummers bij de katoen4 ,bij de katoen gold de regel3 hoe hooger nummer1 hoe fijner katoen2 bij de naalden daarentegen3 hoe hooger nummer1 hoe groffer naalden2 staat echter die #j niet achter het cijfer1 dan zijn ook bij de naalden de hoogere nummers fijner4 ,,de ,,kous4 ,niet alle kousen zijn even wijd en even groot2 dit hangt geheel af van hen1 voor wie zij bestemd zijn4 ,wij leeren daarom den vorm van eene kous breien naar een bepaald aantal steken1 waaraan wij alle deelen leeren kennen en berekenen1 om dit daarna op verschillende grootten te kunnen toepassen4 ,we beginnen dus met het opzetten van de steken1 waarvoor we in dit geval #fd zullen nemen1 die we zullen verdeelen over drie breinaalden1 en wel op de eerste naald #be steken1 op de tweede naald #bj steken1 en op de derde naald #ai steken4 ,waarom we dit aantal steken z verdeelen1 zal u straks duidelijk worden4 ,toen we leerden breien hebben we reeds leeren opzetten4 ,we willen dit hier nog even herhalen4 ,,het ,,opzetten ,,met ,,halven ,,kettingrand4 ,om #bj steken te kunnen opzetten1 moet men den draad eenmaal de lengte van eene breinaald afmeten2 voor #fd steken heeft men dus #c maal de lengte van eene breinaald noodig4 ,deze afgemeten draad neemt men tusschen den duim en den wijsvinger van de rechterhand met den afgemeten draad naar voren en den draad van het kluwen naar achteren 7zie fig4 #a;a72 dan legt men den wijsvinger van de linkerhand onder den draad van het kluwen1 den middelvinger en den ringvinger op den draad en den pink weder onder den draad 7zie fig4 #a;b7 en verder den afgemeten draad met eene lus om den duim en weder van binnen langs de hand tusschen den ringvinger en den pink naar achter 7zie fig4 #b74 ,men zorgt nu1 dat de draad vooraan op den duim en den wijsvinger ligt2 vervolgens wordt de duim op het tweede lid van den wijsvinger gelegd1 waardoor de lus op den duim en den wijsvinger duidelijk gezien wordt4 ,nu steekt men de breinaald langs den duim van onder naar boven in de lus 7zie fig4 #b71 dan van voren naar achter in de lus van den wijsvinger 7zie fig4 #c van c naar b7 en haalt de lus van den vinger door de lus van den duim4 ,de duim wordt nu uit de lus gehaald en weder onder den draad gelegd en daarmede de steek aangetrokken4 ,de volgende steken werkt men evenzoo en zorgt hierbij1 dat de steken op de naald niet te stijf worden aangetrokken4 ,zijn er #be steken op de eerste naald1 dan houdt men de draden nog hetzelfde1 laat de eerste naald hangen en begint met de tweede naald1 alsof men met de eerste naald vervolgde2 hierbij moet men vooral zorgen1 dat de steken van de #b;e naald goed aansluiten bij die van de #a;e naald1 en zet evenzoo de steken met de #c;e naald op4 ,nu leggen we de #c naalden tot een driehoek 7zie fig4 #d7 en breien dan met de #c;e naald #a steek van de eerste naald af1 dan is de ronding gesloten en hebben we op alle drie de naalden een even aantal steken1 dat door vier deelbaar is4 ,dit is gemakkelijk1 als we straks den boord met het geribde patroon1 d4i4 twee recht1 twee averechtsch zullen breien4 ,we kiezen dit patroon1 omdat het 't meest geschikt is voor den boord eener kous1 daar deze dan goed om het been sluit4 ,na de opzetsteken moet men dadelijk met het geribde patroon beginnen4 ,,het ,,breien ,,eener ,,kous4 ,de kous bestaat uit twee hoofddeelen3 het been en den voet4 ,aan het been onderscheiden wij3 a4 den boord2 b4 het kniedeel2 c4 de afmindering2 d4 den enkel4 ,aan den voet onderscheiden wij3 e4 den grooten hiel2 f4 den kleinen hiel2 g4 de afmindering van den voet2 h4 het rechte gedeelte van den voet2 i4 den teen4 ,vergelijk hiermede fig4 #e4 ,,eerste ,,deel ,,van ,,het ,,been ,,van ,,de ,,kous4 a4 ,de boord4 ,de hoogte van den boord is gelijk aan de helft van de breedte van den boord 7zie fig4 #f74 ,de breedte van de kous zien we1 wanneer we eene afgewerkte kous plat leggen1 zooals in fig4 #e4 ,ze is dus gelijk aan de halve wijdte4 ,in fig4 #f zien we1 door de gebogen lijn aan de onderzijde1 de geheele wijdte van de kous4 ,de breedte is in fig4 #f geteekend op vier ruitjes en telt dus de helft van #fd steken #cb steken4 ,als een steek even hoog was als breed1 dan zouden wij zooveel toeren moeten breien1 als er steken op de helft van de breedte zijn1 in dit geval dus #af4 ,een steek is echter niet even hoog als breed1 maar anderhalf maal zoo breed als hoog2 wij hebben dus niet genoeg aan #af toeren1 maar moeten anderhalf maal zooveel breien1 dus #af #h #bd toeren4 ,,tweede ,,deel ,,van ,,het ,,been ,,van ,,de ,,kous4 b4 ,het kniedeel4 ,het kniedeel 7zie fig4 #g;b7 is tweemaal zoo lang als de boord1 dus #b x #bd toeren #dh toeren4 ,dit deel wordt bijna geheel recht gebreid2 aan de achterzijde alleen breien wij om den anderen toer een averechtschen steek1 om den naad van de kous aan te geven1 waardoor we gemakkelijk de toeren kunnen tellen4 ,bij elken averechtschen steek telt men dus twee toeren4 ,daar we met elk paar toeren n naadje werken1 kunnen we ook zeggen1 dat we #bd naadjes moeten breien4 ,,derde ,,deel ,,van ,,het ,,been ,,van ,,de ,,kous4 c4 ,de afmindering4 ,de kous moet naar den vorm van het been naar onderen toe nauwer worden4 ,dit zal alleen kunnen gebeuren1 wanneer het aantal steken in de opeenvolgende toeren minder wordt4 ,we zullen dus af en toe 7in welke toeren zult ge straks zien7 van twee steken n maken2 dan is n steek weggeminderd4 ,het gedeelte der kous1 waarin we dit geregeld doen1 heet de afmindering4 ,het vierde deel van de wijdte der kous wordt weggeminderd4 ,bij kleine kousen wordt de afmindering even lang als het kniedeel 7zie fig4 #h;c74 ,de minderingen zelve1 d4i4 het vervangen van twee steken door n steek1 plaatsen we voor en achter het naadje1 en gaan daarbij aldus te werk3 ,wij breien1 totdat er nog drie steken voor het naadje zijn1 werken dan eene overhaling 7dat is3 n steek afhalen1 den volgenden steek recht breien en den afgehaalden steek over den gebreiden steek halen71 daarna n steek recht1 maken het naadje1 breien dan weer n steek recht en dan minderen1 dat is3 #b steken recht te zamen breien4 ,bij deze kous moeten in het geheel #fd steken 3 #d #af steken worden weggeminderd1 en daar in elken toer1 waar geminderd wordt1 twee steken weggeminderd worden1 zullen we hebben #af 3 #b #h minderingtoeren4 ,de minderingtoeren worden verdeeld over de lengte van de afmindering #bd naadjes1 maar niet op regelmatige afstanden1 daar dan de vorm der kous niet zou zijn in overeenstemming met den vorm van het been4 ,we maken met het eerste van de #bd naadjes den #a;en minderingtoer1 dan hebben we nog #bc naadjes over4 ,wij zullen nu eens eerst deze #bc naadjes gelijk verdeelen op de #g minderingtoeren1 die we nog moeten maken1 en deelen daarvoor #bc door #g4 ,we krijgen dan #c tot quotient 7zie fig4 #i;a7 en er blijven nog #b naadjes over4 ,deze #b naadjes voegen wij nu vr de volgende mindering1 zoodat we de tweede mindering met het #e;e naadje maken 7zie fig4 #i;b71 waarin de kleine streepjes de naadjes tusschen de minderingtoeren1 de groote streepjes het naadje1 waarbij de minderingen gemaakt worden1 aangeven4 ,we nemen nu nog van de laatste twee minderingen n naadje af en voegen er n bij de #c;e mindering en n bij de #d;e mindering 7zie fig4 #i;b74 ,wanneer ge deze verdeeling oplettend nagaat1 zult ge bemerken1 dat we na de afmindering bij het #a;e naadje1 eenmaal geminderd hebben bij het eerstvolgende vijfde naadje1 tweemaal bij het vierde naadje1 tweemaal bij het derde naadje en tweemaal bij het tweede naadje 7zie fig4 #i;b74 ,,het ,,vierde ,,deel ,,van ,,het ,,been4 d4 ,de enkel4 ,de hoogte van den enkel bedraagt #c_/d van het aantal toeren van den boord4 ,bij deze kous dus #c_/d #bd toeren #ah toeren of #i naadjes4 ,wanneer het laatste naadje gemaakt is1 dan is het eerste hoofddeel van de kous of het been af4 ,,het ,,eerste ,,deel ,,van ,,den ,,voet4 e4 ,de groote hiel4 ,de achterzijde van den voet moet langer zijn dan de voorzijde1 omdat de vorm van den hiel er in moet komen 7zie fig4 #aa;e74 ,dit verkrijgt men door de helft van de steken1 die aan de achterzijde van de kous zijn1 eerst afzonderlijk te werken en ze daarna weder in verbinding met de voorzijde te brengen4 ,men noemt bij het breien daarom dit eerste deel den grooten of rechten hiel4 ,de wijdte van den enkel is #dh steken4 ,op de helft daarvan1 dus op #bd steken1 met nog n middensteek er bij1 wordt de hiel begonnen4 ,er moet dus aan elke zijde van het naadje #a_/d van het aantal steken komen4 7,zie fig4 #ab74 ,nadat wij het laatste naadje in den enkel gemaakt hebben1 zullen de steken op de naalden zitten1 zooals fig4 #ac doet zien4 ,op de eerste naald waren #bd steken opgezet2 deze zijn verminderd met #h steken1 dus zijn er #af steken over4 ,op de laatste naald waren #bj steken opgezet2 deze zijn ook verminderd met #h steken1 dus zijn hier #aa rechte steken en het naadje over 7zie fig4 #ac74 ,de werkdraad zit nu bij het naadje en moet aan het einde van het vierde deel komen om den hiel te beginnen4 ,we breien dus naast het naadje nog #a_/d #ab steken recht af1 nemen de naald met de #d overgebleven steken in de rechterhand en halen #h steken van de daaropvolgende naald averechts af4 ,nu zitten er aan de rechterzijde van het naadje nog #aa steken2 er moet dus nog n steek worden overgestoken van de vorige naald4 ,dan gaan wij verder aldus te werk3 ,het werk omkeeren1 den eersten steek averechts afhalen en de naald averechts breien2 het werk omkeeren1 den eersten steek recht afhalen1 #a recht1 een naadje maken1 #i recht1 het middennaadje1 #i recht1 een naadje maken en twee recht 7zie fig4 #ad74 ,dit zijnaadje dient1 om gemakkelijk de toeren te kunnen tellen1 daar het middennaadje in verlenging van den enkel is doorgebreid en men moeilijk hierbij de afscheiding vindt4 ,de lengte van den hiel is bij eene kinderkous gelijk aan het aantal naadjes van den enkel1 dus #i naadjes4 ,,het ,,tweede ,,deel ,,van ,,den ,,voet4 f4 ,de kleine schuine hiel4 ,om de ronding aan den hiel te maken1 moeten wij steken wegminderen2 men noemt deze ronding den kleinen hiel4 ,men begint hiervoor op de averechtsche zijde en breit tot twee steken voorbij den middensteek 7zie fig4 #ad71 dan3 averechts minderen1 dat is3 twee steken averechts te zamen breien1 vervolgens een steek averechts1 het werk omkeeren1 den eersten steek afhalen 7zie fig4 #ad;b71 nu recht breien tot twee steken voorbij den middensteek1 overhalen1 dan n steek recht breien2 het werk omkeeren1 den eersten steek averechts afhalen 7zie fig4 #ad;c71 averechts breien tot drie steken voorbij den middensteek1 dan is men juist vr den steek1 die met den volgenden steek eene opening vormt4 ,deze twee steken averechts te zamen breien1 vervolgens een steek averechts1 het werk omkeeren1 een steek recht afhalen1 recht breien tot drie steken voorbij den middensteek2 men ziet ook hier tusschen de twee volgende steken eene opening4 ,deze twee steken worden gebruikt voor de overhaling1 dan een steek recht4 ,zoo gaat men telkens averechts en recht een steek verder van den middensteek en daarna minderen op de averechtsche en overhalen op de rechte zijde1 totdat alle steken van de naald verbruikt zijn4 ,men zal dan recht eindigen4 ,,het ,,zetten ,,van ,,den ,,voet4 ,nadat de kleine hiel af is1 moet het werk weder tot eene ronding gemaakt worden4 ,de lussen op de zijde van den grooten hiel moeten als steken worden opgenomen en gebreid4 ,wij nemen daarvoor de naald met de steken van den kleinen hiel er op1 in de linkerhand1 en nemen de buitenste lussen van al de kantsteken van den enkel naar den kleinen hiel toe op en trekken die omhoog2 daarna wordt de naald er uitgehaald en de lussen dicht bij elkander in de hand gehouden om de liggende lussen op te nemen1 zooals fig4 #ae;a aangeeft4 ,de dwarse lus achter den kantsteek wordt hiervoor opgenomen2 bij het opnemen van iedere lus moet men er op letten1 dat men door het opnemen van de dwarse of liggende lussen de buitenste lus van den kantsteek aantrekt4 ,heeft men de juiste lus opgenomen1 dan moet men beide steken voorbij het naadje kunnen zien1 zooals fig4 #ae;b aangeeft4 ,aan de eerste zijde krijgen wij aan den hiel van dit kousje #aj lussen2 deze neemt men op ne naald op1 dan neemt men het werk recht voor zich en breit de opgenomen lussen als verdraaide steken af1 dat wil zeggen3 men steekt z tusschen de lus in1 dat men de achterste lus recht kan af breien4 ,de steken1 die bij het breien van den hiel onbewerkt zijn gebleven1 worden nu op ne volgende naald recht afgebreid4 ,men neemt dan aan de andere zijde van den hiel de lussen op2 aan deze zijde krijgt men altijd ne lus minder dan aan de linkerzijde4 ,om te voorkomen1 dat hierbij eene opening ontstaat1 wordt1 voordat deze lussen afgebreid worden1 de rechter lus van den tweeden steek1 die onder den laatsten kantsteek van den hiel ligt met den draad1 die er door heen gaat1 te zamen opgenomen en verdraaid afgebreid4 ,deze steek wordt nog bij de steken van de voornaald gevoegd4 ,vervolgens worden de opgenomen lussen als aan de andere zijde afgebreid en hierbij de helft van de steken1 die van den kleinen hiel zijn overgebleven1 tot en met den middensteek recht afgewerkt4 ,de volgende naald wordt ook nog recht gebreid4 ,deze laatste twee naalden vormen nu de achterzijde van den voet1 terwijl de steken1 die bij het breien van den hiel onbewerkt zijn gebleven1 de voorzijde vormen4 ,wij hebben dien steek1 die gebreid was ter voorkoming van de opening1 die anders ontstaan zou1 weer aan de voorzijde van den voet gegeven1 omdat wij bij het breien van den hiel er eenen steek van hadden afgenomen1 om een oneven aantal steken voor den hiel te hebben1 waardoor we het naadje als middensteek kregen4 ,nu breien wij nog een toer recht en zijn dan weder aan de voorzijde van den voet4 ,,het ,,derde ,,deel ,,van ,,den ,,voet4 g4 ,de afmindering van den voet4 ,op de voornaald breien we nu #b steken recht1 #a averechtsch1 de steken verder afbreien tot op drie steken na1 dan #a averechtsch1 #b recht4 ,van de eerste zijnaald breien we #b steken recht1 overhalen1 de steken verder recht van de naald breien4 ,van de tweede zijnaald breien we tot op vier steken na alle steken recht1 dan minderen1 #b steken recht4 ,de volgende toer wordt geheel recht gebreid4 ,deze twee toeren worden zoo dikwijls herhaald1 tot men aan de achterzijde1 dat is op de twee zijnaalden1 evenveel steken heeft als op de voornaald of voorzijde van den voet2 bij deze kous is dit #bd steken4 ,,het ,,vierde ,,deel ,,van ,,den ,,voet4 h4 ,het rechte gedeelte van den voet4 ,het rechte gedeelte van den voet kan verschillend van lengte zijn4 ,gewoonlijk breit men zooveel toeren aan de afmindering en het rechte gedeelte van den voet te zamen1 als er steken in de rondte van den toer zijn na de afmindering2 bij deze kous dus #dh toeren of #bd naadjes4 ,,het ,,vijfde ,,deel ,,van ,,den ,,voet4 i4 ,de platte teen4 ,daar de kous geheel om den voet moet sluiten1 moet men aan het laatste gedeelte zooveel steken wegminderen1 dat men den vorm van den voet verkrijgt4 ,dit gedeelte noemt men den teen4 ,het wegminderen van deze steken werkt men bij dezen teen aan het begin en aan het einde van de voor- en de achterzijde4 ,de steken van de voorzijde zijn op ne naald en de steken van de achterzijde in twee helften op twee naalden4 ,we breien nu eerst een toer recht1 daarna voor den tweeden toer aan de voorzijde #b steken recht1 overhalen1 de volgende steken recht tot op #d steken na1 dan minderen1 en #b steken recht 7zie fig4 #af72 nu breien wij op de eerste zijnaald hetzelfde als op de eerste helft van de voorzijde en op de tweede zijnaald als de tweede helft van de voorzijde4 ,deze twee toeren worden zoo lang herhaald1 totdat de helft van de steken zijn weggeminderd4 ,er waren #dh steken in de rondte2 de helft hiervan is #bd steken4 ,daar nu in n toer vier steken worden weggeminderd1 zal men dus #f maal om den anderen toer moeten minderen4 ,in de tweede helft van den teen worden de minderingtoeren steeds voortgezet1 zonder een toer recht er tusschen1 totdat ongeveer een vijfde deel van het aantal opzetsteken over is1 bij deze kous dus #ab steken2 men heeft alzoo #f steken op de voorzijde of voornaald en #c steken op elke zijnaald4 ,de steken van de tweede zijnaald worden op de eerste overgenomen1 de voor- en de achterzijde van den teen tegen elkander gehouden en de steken van de beide naalden twee aan twee te zamen afgebreid op ne naald4 ,daarna worden de overgebleven steken afgekant1 dat is3 de eerste steek wordt afgehaald1 de tweede steek gebreid en de afgehaalde steek wordt over den gebreiden steek heen gehaald2 nu wordt weder een steek gebreid en de vorige steek er over heen gehaald4 ,op deze wijze worden alle steken achtereenvolgens afgewerkt en door den laatsten steek de draad gehaald4 ,als alle draden zijn afgehecht1 dan is de kous voltooid4 ,wil men den teen aan de verkeerde zijde af kanten1 dan keert men de kous om1 vrdat men de tweede helft van den teen begint2 men steekt namelijk den boord van binnen door de kous en zoo naar buiten door de ronding heen1 die door de breinaalden gevormd wordt1 en werkt de kous verder af met de opening naar zich toe1 om zoo recht te vervolgen4 ,,beproef ,,nu ,,eens ,,de ,,onderstaande ,,vragen ,,te ,,beantwoorden4 #a4 ,waarvan worden kousen gebreid8 #b4 ,welk verschil is er in de katoen8 #c4 ,uit hoeveel dunne draden is een draad katoen of wol samengesteld8 #d4 ,wat hebben wij nog meer dan katoen of wol noodig8 #e4 ,welk verschil is er tusschen de nummers van de naalden en die van de katoen8 #f4 ,waarvan hangt de wijdte van eene kous af8 #g4 ,waarom leert gij het breien van eene kous naar een bepaald aantal steken8 #h4 ,hoeveel hoofddeelen heeft de kous8 #i4 ,hoeveel deelen heeft het been2 en welke zijn die8 #aj4 ,hoeveel deelen heeft den voet2 en welke zijn die8 #aa4 ,hoeveel steken hebt ge voor het eerste kousje opgezet8 #ab4 ,hoe lang moet den draad zijn1 om #bj steken te kunnen opzetten8 #ac4 ,hoe lang moet de draad zijn voor #fd steken8 #ad4 ,hoe neemt men den draad in de hand bij het opzetten8 #ae4 ,hoe legt men hem in de linkerhand8 #af4 ,welke lussen worden gebruikt om den eersten steek te maken8 #ag4 ,hoe vervolgt men met het opzetten8 #ah4 ,waarvoor moet men zorgen bij het opzetten van steken8 #ai4 ,hoe noemen wij het eerste deel van het been van de kous8 #bj4 ,hoe lang wordt dat deel8 #ba4 ,wat verstaan wij door de wijdte van de kous8 #bb4 ,wat verstaan wij door de breedte van de kous8 #bc4 ,is een steek even hoog als breed8 #bd4 ,als ge het aantal steken van de breedte weet1 hoe berekent ge dan het aantal toeren8 #be4 ,hoe noemen wij het tweede deel van het been van de kous8 #bf4 ,hoeveel langer is dit deel dan de boord8 #bg4 ,hoeveel toeren worden aan het kniedeel gebreid8 #bh4 ,hoe wordt het derde deel van het been van de kous genoemd8 #bi4 ,waarvoor is eene afmindering in de kous noodig8 #cj4 ,hoe lang wordt het deel1 waarin geminderd wordt8 #ca4 ,hoe worden de minderingen op het aantal naadjes verdeeld8 #cb4 ,waar worden de minderingen verder van elkaar geplaatst8 #cc4 ,waarom worden de minderingen niet op gelijken afstand geplaatst8 #cd4 ,hoe wordt eene overhaling gewerkt8 #ce4 ,hoe breit men eene mindering8 #cf4 ,hoe wordt het vierde deel van het been van de kous genoemd8 #cg4 ,hoe lang wordt de enkel gebreid8 #ch4 ,naar welk aantal steken wordt dit berekend8 #ci4 ,hoe noemen wij het eerste deel van den voet8 #dj4 ,op welk deel wordt de hiel begonnen8 #da4 ,hoeveel steken breit men voorbij het naadje1 om aan den hiel te kunnen beginnen8 #db4 ,hoeveel steken breit men daarna aan de averechtsche zijde8 #dc4 ,hoe wordt de tweede toer aan den hiel gebreid8 #dd4 ,hoeveel toeren worden er aan den grooten hiel gebreid8 #de4 ,hoe wordt het tweede deel van den voet genoemd8 #df4 ,hoe breit men den kleinen hiel8 #dg4 ,hoe werkt men eene averechtsche mindering8 #dh4 ,hoeveel steken zijn er weggeminderd1 als de kleine hiel af is8 #di4 ,welke lussen van den hiel worden opgenomen en gebreid8 #ej4 ,hoeveel lussen moet men opnemen en breien aan de linkerzijde8 #ea4 ,wat volgt dan aan de voorzijde8 #eb4 ,hoeveel lussen krijgt men aan de rechterzijde8 #ec4 ,hoeveel steken komen er nu op de naald1 die de voorzijde van den voet vormt8 #ed4 ,wat doet men aan 't begin van den voet om eene opening te voorkomen8 #ee4 ,op hoeveel naalden plaatsen wij de steken1 die de achterzijde van den voet vormen8 #ef4 ,hoeveel steken zijn er nu op de voorzijde van den voet8 #eg4 ,hoeveel steken op de twee zijnaalden8 #eh4 ,als alle lussen zijn opgenomen en gebreid1 wat breit men dan nog1 voordat we de naadjes in den voet beginnen8 #ei4 ,hoe heet het derde deel van den voet8 #fj4 ,waar worden de naadjes in den voet gewerkt8 #fa4 ,waarom worden er steken in den voet weggeminderd8 #fb4 ,waar plaatst men de overhaling8 #fc4 ,waar wordt de mindering gewerkt8 #fd4 ,tot hoe lang worden deze minderingen voortgezet8 #fe4 ,hoe lang wordt het vierde deel van den voet8 #ff4 ,hoeveel naadjes worden nog na de afmindering aan den voet gebreid8 #fg4 ,hoe noemt men het vijfde deel van den voet8 #fh4 ,welken naam heeft deze teen8 #fi4 ,uit hoeveel deelen bestaat deze teen8 #gj4 ,hoe wordt het eerste deel gewerkt8 #ga4 ,tot hoe lang wordt dit voortgezet8 #gb4 ,hoe wordt het tweede deel gewerkt8 #gc4 ,hoeveel steken moet men overlaten om af te kanten8 #gd4 ,hoe kant men af8 ,,berekening ,,van ,,eene ,,kous ,,van #hj ,,steken1 ,,waarbij ,,de ,,lengte ,,van ,,de ,,afmindering ,,berekend ,,is ,,op #a #a_/d ,,vierkant4 7,zie voor de afmindering fig4 #bb74 ,de wijdte van de kous #hj steken4 ,de breedte van de kous #dj steken4 ,de lengte van den boord 7een half vierkant7 #a #a_/b #dj_/b toeren of #dj_/b #a #a_/b toer #cj toeren4 ,de lengte van het kniedeel 7een vierkant7 #dj #a #a_/b toer of #a #a_/b #dj toeren #fj toeren of #cj naadjes4 ,de lengte van de afmindering 7#a #a_/d vierkant7 #ge toeren1 want n vierkant #fj toeren1 #a_/d vierkant #ae toeren1 dus #a #a_/d vierkant #fj toeren #ae toeren #ge toeren of #cg naadjes4 ,een vierde deel wordt weggeminderd1 dus #hj steken 3 #d #bj steken of #aj minderingtoeren4 ,nadat de eerste mindering gemaakt is1 blijven er #i minderingtoeren te verdeelen op #cf naadjes4 ,gelijk verdeeld zou men telkens met het #d;e naadje moeten minderen 7zie fig4 #ag;a74 ,doch wij moeten de bovenste minderingen dichter bij elkander plaatsen2 daarom nemen wij van de #c bovenste afstanden #a naadje af en voegen dit bij de #c onderste 7zie fig4 #ag;b71 dus moet men na de eerste mindering #c maal met het #e;e naadje1 dan #c maal met het #d;e naadje en vervolgens #c maal met het #c;e naadje minderen4 ,de wijdte van de kous is nu #fj steken4 ,de breedte van den enkel is dus #cj steken4 ,de lengte van den enkel 7een half vierkant #cj_/b #a #a_/b toer #bb toeren of #aa naadjes47 7,men berekent hier #bb toeren1 omdat een halve toer niet gebreid wordt74 ,de hiel wordt begonnen op de helft van de steken met het naadje als middensteek #ca steken4 ,de lengte van den hiel 7een half vierkant7 is dus evenals bij den enkel #bb toeren of #aa naadjes4 ,bij het opnemen van de lussen van den hiel krijgen wij links #ab lussen en rechts #aa lussen4 ,de steek1 die gebreid wordt1 ter voorkoming van de opening1 die daar ontstaan zou1 komt aan de voorzijde van den voet4 ,de afmindering van den voet wordt op de beide zijnaalden gewerkt en met elken tweeden toer of naadje voortgezet1 totdat er op de beide zijnaalden juist zooveel steken zijn als aan de voorzijde4 ,de voet is na de afmindering #fj steken wijd1 dus is de geheele voet #fj toeren of #cj naadjes lang4 ,in het eerste gedeelte van den teen mindert men de helft van het aantal steken weg4 ,daar de helft van #fj steken #cj steken nu weggeminderd moeten worden en dit getal niet door #d deelbaar is1 nemen wij voor de eene helft #bh steken en voegen de twee overige steken bij de tweede helft4 ,na de tweede helft blijft het vijfde deel van #hj steken #af steken over om te worden afgekant4 ,is het aantal steken1 waarop de kous gebreid wordt1 zeer groot1 dan laat men voor het af kanten het vijfde deel van het aantal steken1 waarop de voet begonnen werd1 over4 ,,berekening ,,van ,,eene ,,kous ,,van 99 #a ,,steken1 ,,met ,,eene ,,lengte ,,voor ,,de ,,afmindering ,,van #a #a_/b ,,vierkant4 7,zie fig4 #ah47 #a4 ,hoe breed is deze kous8 #b4 ,hoeveel toeren werkt men aan den boord8 #c4 ,hoeveel toeren werkt men aan het kniedeel8 #d4 ,hoeveel naadjes zijn er aan de afmindering8 #e4 ,hoeveel minderingtoeren worden er aan deze kous gewerkt8 #f4 ,hoe zouden de afstanden voor de minderingtoeren worden1 als deze gelijk verdeeld worden8 #g4 ,hoe worden deze minderingtoeren nu geregeld8 #h4 ,hoeveel toeren komen er aan den enkel8 #i4 ,hoeveel toeren worden er aan den hiel gewerkt8 #aj4 ,hoeveel lussen moet men opnemen1 nadat de kleine hiel gebreid is8 #aa4 ,hoe lang wordt de afmindering van den voet voortgezet8 #ab4 ,hoeveel toeren worden er aan den geheelen voet gebreid8 #ac4 ,hoeveel minderingen komen er aan de eerste helft van den teen8 #ad4 ,op hoeveel steken wordt de kous afgekant8 ,,verschillende ,,zaken1 ,,die ,,bij ,,het ,,breien ,,van ,,kousen ,,te ,,pas ,,kunnen ,,komen4 ,nu ge eenige vaardigheid hebt verkregen in het breien eener kous op de eenvoudigste wijze1 zullen wij u ook nog een en ander leeren1 dat bij het breien van kousen te pas kan komen4 ,,het ,,aanhechten ,,met ,,den ,,geheelen ,,draad4 ,als er een knoop in den draad is1 dan moet deze worden afgeknipt of als er met een nieuw kluwen moet worden begonnen1 dan moet er op de volgende wijze worden aangehecht3 de oude draad moet minstens de lengte hebben van eene breinaald1 dan steekt men de naald in den volgenden steek en slaat den draad om1 alsof men breit2 nu neemt men den nieuwen draad in de rechterhand1 zoodat het begin van den draad tusschen duim en vinger wordt genomen1 waarbij de nieuwe draad ongeveer de lengte van eene halve naald moet neerhangen4 ,dezen draad legt men in tegenovergestelde richting van den ouden draad nu ook op de naald en houdt het eind nieuwen draad in de linkerhand tegen de steken aan1 die op de naald zijn2 nu breit men met den ouden en met den nieuwen draad vijf of zes steken1 laat het overige van den ouden draad hangen en vervolgt het werk4 ,nadat het breiwerk af is1 hecht men de draden van het aanhechten aan de verkeerde zijde af in de slingering van de steken4 ,,het ,,aanhechten ,,met ,,een ,,gespleten ,,draad4 ,daar het aanhechten met den geheelen draad eenige ongelijkheid in het werk veroorzaakt1 is het netter1 maar iets moeielijker1 dit met een gespouwen draad te doen4 ,de draad1 die aan het breiwerk is1 moet minstens zoo lang zijn als eene breinaald4 ,bij den laatst gebreiden steek draait men den draad een weinig uit en splijt dezen tot het einde in tween4 ,de nieuwe draad wordt op dezelfde lengte als de oude gespleten2 men zal dan aan het uiteinde van elken draad #d of #f dunne draadjes hebben4 ,men steekt nu met de naald in den volgenden steek1 legt de helft van den ouden draad langs de steken in de linkerhand en de andere helft van den draad om de naald4 ,nu neemt men de helft van den nieuwen draad1 legt de lengte van eene halve breinaald over de naald en houdt ook dit einde met de linkerhand vast4 ,de steek wordt nu afgebreid1 de twee helften van den ouden en den nieuwen draad een weinig in elkander gedraaid en vijf of zes steken er mede gebreid4 ,het werk wordt nu verder met den nieuwen draad voortgezet4 ,aan het begin en het einde van het aanhechten moeten de gespleten draden bij elkander liggen1 om1 nadat het werk af is1 in de slingering van de steken op de verkeerde zijde te worden afgehecht4 ,,het ,,breien ,,van ,,letters4 ,om kleedingstukken van elkander te kunnen onderscheiden1 merkt men ze1 en doet dit gewoonlijk met den kruissteek4 ,bij breiwerk kan men het er echter ook in breien4 ,men plaatst in kousen niet alleen den naam1 maar ook een cijfer1 waardoor men1 als de kousen gewasschen zijn1 de paren weer bij elkander kan voegen1 b4v4 bij het eerste paar werkt men in iedere kous eene #a1 in het tweede paar in iedere kous eene #b1 enz4 ,om een merk in een kous te breien1 teekent men1 wanneer de boord naar boven gehouden wordt1 de letters aan de rechterzijde van het naadje en het cijfer aan de linkerzijde 7zie fig4 #ai74 ,dan neemt men de teekening vr zich met den boord naar onderen 7zie fig4 #bj71 omdat men het breiwerk ook zoo voor zich heeft4 ,nadat boven den boord twee naadjes gewerkt zijn1 breit men1 voor elk kruisje in de teekening1 in den eersten toer een steek averechtsch en in den tweeden toer een steek recht4 ,voor ieder kruisje kan men ook tweemaal boven elkander een steek averechtsch breien4 ,elk ruitje 7zie fig4 #bj71 waar geen kruisje in is1 stelt n rechten steek voor in de breedte en twee rechte steken in de hoogte4 ,fig4 #ba geeft eene afgewerkte letter te zien op de eerste manier en fig4 #bb op de tweede manier gewerkt4 ,,de ,,knie4 ,evenals men voor den hiel aan het achterdeel van den voet eenige toeren meer breit1 om ruimte te geven voor den voet1 breit men vaak in het kniedeel eenige toeren aan de voorzijde meer dan aan de achterzijde1 omdat de kous voor de knie ook meerdere ruimte noodig heeft dan aan de achterzijde van het been4 ,dit behoeft echter niet zoo ruim te zijn als de hiel en wordt daarom op eene andere wijze gewerkt4 ,wij beginnen hiermede1 nadat #a_/c van het kniedeel gebreid is 7zie fig4 #bc74 ,het is gemakkelijk bij het breien van de knie #e naalden te gebruiken en de steken op #d naalden te verdeelen4 ,aan de achterzijde van de kous blijft #a_/d onbewerkt2 men plaatst dit vierde deel1 waarbij het naadje de middensteek moet zijn op ne naald 7zie fig4 #bd;cc74 ,is b4v4 de ronding van de kous op #hj steken1 dan heeft men #bj steken voor het vierde deel4 ,men plaatst nu aan elke zijde van het naadje de helft van #bj steken #aj steken en rekent n steek meer voor het naadje4 ,op de naald tegenover het naadje wordt #a_/e van de ronding geplaatst1 in dit geval #af steken2 daar er echter aan de achterzijde n steek meer dan het vierde deel gebruikt is1 trekt men dien van de steken van de voorzijde af en wordt deze #ae steken 7zie fig4 #bd;dd74 ,de steken van de vr en achterzijde worden bij elkander geteld en afgetrokken van het geheele aantal4 ,we houden dus #hj steken - 7#ba steken #ae steken7 #dd steken over4 ,deze #dd steken worden in #b deelen verdeeld 7zie fig4 #bd a en b7 en aan elke zijde van de beide naalden de helft geplaatst1 d4i4 #bb steken4 ,heeft men dit alles berekend1 dan wordt de toer van af het naadje recht gebreid tot aan het einde van de #ae steken1 dus #aj steken #bb steken #ae steken #dg steken4 ,dan ga men aldus te werk3 het werk omkeeren1 den eersten steek averechts afhalen en de naald met de #ae steken averechts breien4 ,het werk omkeeren1 den eersten steek recht afhalen1 de naald met de #ae steken recht breien en twee steken van de volgende naald4 ,het werk omkeeren1 den eersten steek averechts afhalen en #af steken averechts breien met nog twee steken aan die zijde van de volgende naald4 ,men heeft dan #ai steken4 ,zoo breit men heen- en teruggaande1 telkens #b steken verder er bij1 totdat de helft van de steken zijn bijgebreid op eene naald2 dan plaatst men de afgebreide steken in twee helften weder op de zijnaalden 7zie fig4 #bd a en b7 en vervolgt heen en weder telkens twee steken verder1 totdat aan beide zijden de #bb steken zijn gebreid1 en het #a_/d deel aan de achterzijde nog over is4 ,deze toeren1 die niet over de geheele ronding worden gebreid en waarin geene minderingen worden gemaakt1 maar tusschen andere toeren ingewerkt worden1 noemt men insteektoeren4 ,fig4 #be geeft eene kous met eene knie er in gebreid te zien4 ,deze kous is1 de boord uitgezonderd1 met rechte steken gebreid1 en de knie gewerkt1 zooals op de boven beschreven wijze is aangegeven4 ,breit men echter eene kous geheel in een geribd patroon1 dan worden er gewoonlijk meer steken in de ronding opgezet en is het dus noodig1 meer dan twee steken met iederen toer bij te breien1 daar eene knie in eene kous niet te hoog moet worden gewerkt4 ,nadat de knie is gewerkt1 worden de overige #b_/c deelen van het kniedeel gewerkt 7zie fig4 #bc74 ,bij het rondbreien van den eersten toer zal men bij den laatsten afgehaalden steek eene opening krijgen1 omdat hier geene verbinding is4 ,men neemt om dit te voorkomen den steek1 die onder den afgehaalden steek ligt1 er bij op de naald en breit dezen met den afgehaalden steek te zamen4 ,in fig4 #bc en #be is de afmindering #a #a_/d vierkant lang4 ,wanneer na de knie evenveel naadjes worden gebreid als boven de knie en daarna een boord1 zooals aan het begin1 dan ontstaat een kniewarmer4 ,,het ,,sterker ,,breien ,,van ,,de ,,knie1 ,,den ,,hiel ,,en ,,de ,,teen4 ,de deelen1 die het meest aan slijten onderhevig zijn1 kan men sterker maken door bij den werkdraad een fijneren draad te voegen en deze twee draden als n draad te bewerken4 ,bij katoen neemt men een fijneren draad katoen of ook wel spinaal1 bij wol een fijneren draad wol2 deze wordt veel gebruikt als maaswol en komt voor in allerlei kleuren4 ,men gebruikt er ook wel brat voor4 ,,een ,,voet ,,in ,,twee ,,deelen4 ,daar de voorzijde van den voet zelden slijt1 maar het achtergedeelte dikwijls zeer spoedig1 is het doelmatig den voet met nog eenige toeren van den enkel in twee helften te breien1 die op de zijden verbonden worden4 ,men begint b4v4 op de helft van den enkel de steken in twee deelen te verdeelen1 waarbij het naadje zich juist in het midden van het achterdeel bevindt1 breit dan de voorzijde van den enkel in heen- en teruggaande toeren af en vervolgt hierop de voorzijde van den voet tot aan den teen4 ,dan knipt men den draad op eene tamelijke lengte af en hecht aan de achterzijde van den enkel den draad aan en breit den enkel zoo lang1 als noodig is4 ,vervolgens breit men den hiel en den kleinen hiel1 neemt aan de linkerzijde de lussen van den hiel op 7zie fig4 #bf7 en breit deze1 zooals op bl4 #ac is beschreven4 ,nu keert men het werk om en breit averechts terug1 om aan de andere zijde de lussen op te nemen en averechts af te breien4 ,zoo vervolgt men de afmindering en het rechte deel van den voet in heen- en teruggaande toeren en breit na den laatsten toer van den voet ook de voorzijde van den voet1 waardoor de voor- en de achterzijde aan elkander komen en breit den teen op de geheele ronding4 ,men kan ook eerst de achterzijde en daarna de voorzijde werken4 ,om de beide deelen aan elkander te verbinden neemt men aan de averechtsche zijde de liggende lussen 7zie fig4 #bf7 aan den kant van de beide deelen op eene breinaald1 steekt den draad1 die aan de voorzijde is1 in eene straminnaald en neemt met deze beurtelings eene lus van de eene breinaald en eene lus van de andere breinaald op en haalt den draad door4 ,wanneer de draad een- of tweemaal door alle lussen is heengeregen1 wordt hij afgehecht4 ,om den anderen kant te verbinden wordt een nieuwe draad aangehecht en gaat men op dezelfde wijze te werk4 ,bij het vernieuwen van het achterdeel heeft men slechts dezen draad er uit te halen1 om de beide deelen los te maken4 ,voor de sterkte kan men ook hier aan de achterzijde een draad dunne wol of katoen er in breien1 en wel van af het tweede deel van den enkel tot aan het rechte deel van den voet of langs den geheelen voet4 ,,de ,,engelsche ,,of ,,rechte ,,kleine ,,hiel4 ,men begint den ,engelschen of rechten kleinen hiel ook op de averechtsche zijde en breit de helft van de steken van eene zijde voorbij den middensteek averechts1 dan averechts minderen4 ,vervolgens3 het werk omkeeren1 den eersten steek afhalen1 recht breien tot op de helft voorbij den middensteek1 dan eene overhaling4 ,het werk omkeeren1 den eersten steek averechts afhalen1 hetzelfde aantal steken voorbij den middensteek averechts breien en den overgebleven mindersteek met den volgenden steek te zamen breien1 totdat alle steken aan de zijden zijn gebruikt 7zie fig4 #bg74 ,,de ,,ronde ,,teen4 ,de afmindering in den teen kan men ook op gelijken afstand op de ronding van de kous verdeelen 7zie fig4 #bh74 ,het aantal steken wordt dan in #h of #aj deelen verdeeld en de laatste twee steken van elk achtste of tiende deel te zamen gebreid4 ,als het aantal steken in #aj deelen verdeeld wordt1 dan zal de geheele teen na de afwerking even lang zijn als de platte teen4 ,wordt het aantal steken in #h deelen verdeeld1 dan zal de teen veel langer worden en moet bij het breien van den voet hierop gerekend worden4 ,boven elken minderingtoer worden zooveel toeren recht gebreid1 als er steken zijn tusschen twee minderingen4 ,in elken volgenden minderingtoer wordt n steek recht minder gebreid tusschen de minderingen en dus ook n toer minder boven de minderingtoeren4 ,zoo gaat men voort tot ongeveer #a_/e deel van de steken over is om af te kanten4 ,het laatste gedeelte van den teen wordt even als bij den platten teen 7zie bl4 #af7 is aangegeven1 op de verkeerde zijde gebreid4 ,heeft men bij dezen ronden teen een aantal steken1 dat juist door #aj deelbaar is1 b4v4 #hj steken1 dan is elk tiende deel #h steken4 ,men breit dan telkens in den eersten toer #f steken recht1 minderen4 ,is het aantal steken niet door #aj deelbaar1 dan wordt dit in den eersten toer gevonden4 ,bij eene ronding van #gf steken zijn er dus #d steken minder4 ,men breit dan #d maal om de andere mindering op de plaats van eene mindering n rechten steek1 waardoor er nu in den eersten toer zes minderingen gewerkt worden en het aantal steken1 dat nu overblijft1 door #aj deelbaar is4 ,men plaatst dan in den volgenden minderingtoer tien minderingen4 ,,eene ,,sok4 ,bij eene kous is het bovendeel tweemaal zoo lang als de voet2 bij eene sok is het bovendeel echter even lang 7zie fig4 #bi74 ,men zet voor eene sok de wijdte op1 die men bij den enkel noodig heeft1 omdat in eene sok geene minderingen worden gewerkt4 ,de boord wordt #a #a_/b vierkant lang 7zie fig4 #cj7 en met een geribd patroon #b recht #b averechtsch gebreid 7zie fig4 #bi72 daarna wordt #a_/d vierkant recht gebreid1 waarin men een naadje werkt4 ,de hiel wordt zooveel toeren lang1 als men steken op de naald heeft2 dit doet men ook bij mans- en groote vrouwenkousen4 ,fig4 #bi en #cj toonen aan1 dat de hiel ook langer is dan bij de andere kousen4 ,men kan er een schuinen kleinen hiel of ,engelschen kleinen hiel aan werken4 ,de voet wordt iets langer gebreid dan bij de kous2 in fig4 #cj is dit aangegeven door een half ruitje meer te gebruiken voor de lengte van den geheelen voet dan bij de kous4 ,ook in fig4 #bi kan men zien1 dat de voet eene grootere afmeting heeft4 ,om bij het verstellen de achterzijde van den voet gemakkelijk te kunnen vernieuwen1 breit men ook dezen voet in twee deelen1 zooals op bl4 #cj is aangegeven4 ,men kan er zoowel een ronden als een platten teen aan breien4 ,,inhoud4 ,bladz4 ,voorbericht #b4 ,benoodigdheden voor het breien #c4 ,de kous #d4 ,het opzetten met halven kettingrand #d4 ,het breien eener kous #g4 ,eerste deel van het been van de kous #g4 ,tweede 11 11 11 11 11 11 11 #h4 ,derde 11 11 11 11 11 11 11 #h4 ,de verdeelingen der minderingen #i4 ,het vierde deel van het been van de kous #aj4 ,het eerste deel van den voet #aj4 ,het tweede 11 11 11 11 #ab4 ,het zetten van den voet #ac4 ,het opnemen van de lussen #ac4 ,het derde deel van den voet #ad4 ,het vierde 11 11 11 11 #ae4 ,het vijfde 11 11 11 11 #ae4 ,eenige vragen over het voorgaande #ag4 ,berekening van eene kous van #hj steken #bj4 ,berekening van eene kous met een onbepaald aantal steken #bb4 ,het aanhechten met den geheelen draad #bb4 ,het aanhechten met een gespleten draad #bd4 ,het breien van letters #be4 ,de knie #bg4 ,het sterker breien van de knie1 den hiel en den teen #bi4 ,een voet in twee deelen #cj4 ,een ,engelsche of rechte kleine hiel #ca4 ,de ronde teen #cb4 ,eene sok #cc4 ,,aanteekening #a ,de onderwijzeres bepale het aantal steken1 en herhale zoo noodig deze oefening met eenige andere opgaven4