,,s*ets5 ,,uit ,,de ,,di]5w]eld4 ,,geteek5d ,,door ,,joseph ,,wolf4 ,,gegrave]d ,,door ,j4 ,w4 en ,e4 ,,:ymp]4 ,,ha>lem1 ,,kruseman ,,tje5k ,,will9k4 #ahgd4 ,,voorb]i*t4 ,de ,s*ets5 uit de ,di]5w]eld1 die hi]bij het vad]l&s*e publiek word5 aangebod51 zijn e5 n$]l&s*e bew]k+ van e5 engels* boek1 getiteld3 ,wild ,animals1 bevatt5de e5 tw9tigtal pra*tige gravures van ,j4 ,w4 en ,edw>d ,:ymp]1 na> teek5+5 van d5 b]oemd5 ,joseph ,wolf1 met bijs*rift5 van ,danil ,g4 ,elliot4 ,i$] die e5ig]mate bek5d is met de groote v]ma>dheid1 welke ,wolf zi* door zijne talrijke /udies van het di]5lev51 vooral 9 ,engel&1 heeft v]worv51 zal ongetwijfeld met +5om5heid e5e uitgaaf begroet51 wa>door enkele van de gewro*t5 van dez5 mee/] ook ond] de oog5 van het n$]l&s*e publiek word5 gebra*t1 en dit zooveel te me] da> ,wolf 9 zek] opzi*t e5 oude bek5de voor ons is1 ( al?ans behoorde te zijn1 9 zoov] de plat51 9 v]s*eid5e pra*tw]k5 van ,pr(4 ,s*legel voorkom5de1 van zijne h& zijn4 ,want1 gelijk ,:ymp] ons v]haalt1 0 het de ,leids*e hoogle]a> zelf1 die1 nu om/reeks #cj j>5 gel$51 het buit5gewone tal5t van d5 to5 jeugdig5 kun/5a> 9 zijne na> de natuur gemaakte /udin opm]kte en hem de e]volle taak opdroeg1 om de teek5+5 te lev]5 voor het de/ijds 9 druk v]s*ijn5d groot w]k ov] de ,valk5jagt4 ,de teek5+51 die d5 ?ans 9 het li*t v]s*ijn5d5 bundel v]si]51 w]d5 door ,wolf1 op uitnoodig+ van d5 graveur ,edw>d ,:ymp]1 expresselijk voor dit doel v]va>digd4 ,neemt m5 hi]bij 9 aanm]k+1 dat ze e5 /udie van #g j>5 hebb5 geko/ en da>5bov5 welli*t de laat/5 van di5 a>d zijn1 die wij van ,wolf te wa*t5 hebb51 dan hebb5 ze re$s da>door e5 bijzond] re*t op de a&a*t en belang/ell+ van het publiek1 inzond]heid van alle beoef5a>s d] natuurlijke hi/orie4 ,do* niet alle5 om die r$51 ook op zi*zelf zijn deze teek5+51 door ,:ymp]'s v]di5/elijke grave]/ift tot ons gebra*t1 onze belang/ell5de a&a*t ov]wa>dig1 en t]e*t gaat da>ov] 9 ,engel& ma> n /em op4 ,het weekblad ! ,academy zegt er o4 a4 het volg5de van3 ,deze ,wilde ,di]51 die hun prooi v]volg5 en met elk&] ( met de m5s*5 wor/el5 9 d5 /rijd om het be/aan1 zijn 9 de hoog/e mate dramatis*1 ja zelfs tragis* te noem54 ,i$]e teek5+ 9 't bijzond] is e5 mee/]/uk van v9d+1 de vru*t e5] uitgebreide k5nis van het lev5 d] di]51 van hunne eig5a>digh$5 en gewoont51 en tegelijk volmaakt van uitvo]+ zo[el wat teek5+ als wat gravure betreft4 ,de bijs*rift51 welke de plat5 v]gezell51 zijn bew]kt door d5 am]ikaans*5 s*rijv] ,danil ,g4 ,elliot1 en1 wa> het noodig 01 door d5 deskundig5 n$]l&s*5 v]tal] gewijzigd en aangevuld4 ,zij vorm5 e5 aang5ame en ond]h\d5de lectuur1 zond] ev5wel aanspraak te mak5 op d5 naam van zuiv] wet5s*appelijke /udin ov] het lev5 d] wilde di]54 ,met het oog op e5 en &] v]tr\w5 de uitgev]s1 dat dit plaatw]k met +5om5heid door het kun/liev5d publiek zal word5 ontvang54 ,de ,uitgev]s4 ,,inh\d4 ,,de ,,sie/a4 ,,misg]ek5d4 ,,wat ,,is ,,er8 ,,e5 ,,roov]sbur*t4 ,,op ',t ,,kantje ,,af4 ,,het ,,geve*t4 ,,li/ ,,teg5ov] ,,kra*t4 ,,snuffela>s ,,op ,,zee4 ,,e5 ,,tropis*e ,,badplaats4 ,,e5 ,,gelukkig ,,huisgez94 ,,de ,,kon+ ,,d] ,,di]54 ,,e5 ,,roov] ,,gevang54 ,,de ,,dans5de ,,s*aduw4 ,,de ,,sneeuwval4 ,,twee ,,m$$+]s ,,om ,,het ,,kon+s*ap4 ,,de ,,h9d]laag4 ,,dubbel ,,geva>4 ,,mo$]liefde ,,en ,,mo$4 ,,9 ',t ,,nauw ,,gebra*t4 ,,afgetobd4 ,,de ,,sie/a4 ,hoe pra*tig is de plant5groei 9 de tropis*e gewe/56 ,boom5 van all]lei grootte en vorm /aan da> 9 elk&] gegroeid en v]w>d2 bevallige klim- en sl+]plant5 groei5 9 sl+]s tuss*5 en rondom de gekronkelde boom/amm5 en takk51 en bov5di5 v9dt m5 er tallooze plant5 die de diepe boss*5 met duiz5de bloem5 van all]lei kleur v]vroolijk54 ,(s*oon het ze] /il is ond] deze blad]rijke gewelv51 en m5 ge5 &] geluid hoort als miss*i5 het ritsel5 d] blad]5 ( het gekraak van de takk5 door d5 w9d1 lev5 er to* e5e m5igte di]5 9 die oog5s*ijnlijk e5zame boss*54 ,het wemelt er van all]lei insekt51 en vooral van pra*tige vogels1 van d5 luidru*tig5 papegaai tot het s*itt]5de kolibrietje2 zij vlieg5 rond1 en zoek5 de vru*t5 die 9 tross5 aan de takk5 hang51 ( zuig5 de honig uit de bloem54 ,9 de mo]ass5 lev5 slang5 met pra*tig gekleurde fluweel5 huid1 ( afs*uwelijke krokodill5 met s*ubbige wap5ru/+1 die met d5 kop alle5 bov5 de opp]vlakte van het wat] ligg54 ,ook m5ig vi]voetig di] zw]ft door de koele blad]rijke boss*52 zij s*uw5 de groote hitte van de middagzon1 en ligg5 languit op d5 grond te sluim]52 als de zon ond]gaat1 /aan zij v]fris*t op en beg9n5 hunne na*telijke ro(to*t54 ,ond] de di]5 die 9 de tropis*e boss*5 lev51 is de jagoe>1 ook de luipa>d van ,zuid-,am]ika g5aamd1 het mee/ te vreez54 ,diefa*tig1 li/ig1 /]k en v]rad]lijk1 is hij de s*rik van alles wat hem omr+t2 als hij hong] heeft1 vree/ hij zelfs d5 m5s* niet1 ma> bespr+t hem1 en draagt hem 9 het di*te kreupelbos* wa>9 m5 onmogelijk door kan dr+54 ,da> h\dt hij zijn afs*uwelijk5 maaltijd4 ,m5 v]w>t d5 jagoe> dikwijls met d5 luipa>d en d5 pant]1 want deze drie di]5 gelijk5 ze] veel op elk&]4 ,de jagoe> is niet altijd gelijk geteek5d1 en de beide zijd5 van zijn li*aam v]s*ill5 wel e5s4 ,de grondkleur van zijn kort ha> is bru9a*tig geel en aan d5 buik wit2 aan de zijd5 heeft hij van drie tot zes lange rij5 zw>te oogvlekk51 welk] r+5 nooit geslot5 zijn2 langs de w]velkolom e5 rij groote en onregelmatige zw>te vlekk51 en aan de b9n5zijde van de poot5 zw>ta*tige dw>s/rep54 ,de jagoe> v]toeft het lief/ 9 de nabijheid van groote /room52 hij zwemt ze] gemakkelijk1 en vangt zijn buit ev5 go$ 9 het wat] als op het l&4 ,t]wijl hij 9 het wat] /aat1 w]pt hij met e5 slag van zijn poot de viss*5 op d5 oev]1 hetge5 door vel51 e*t] geheel t5 onre*te1 betwijfeld wordt1 want er zijn zelfs vele huiskatt5 die viss*5 vang54 ,des na*ts zw]ft de jagoe> langs de rivi]5 rond1 valt de s*ildpadd5 aan die aan l& kom51 haalt ha> vlees* voorzi*tig uit de s*aal1 zond] deze te brek51 graaft de ei]5 van de s*ildpad uit d5 grond op1 en lo]t op de jong54 ,de ,indian5 dood5 d5 jagoe> met kle9e zwa> v]giftigde pijltjes die zij uit rietjes blaz52 de jagoe> blijft er ze] onv]s*illig voor1 want deze pijltjes v]oorzak5 sle*ts we9ig pijn1 ma> na v]loop van e5 kw>ti] valt hij dood n$]4 ,het is ze] geva>lijk om met e5 vuurwap5 op d5 jagoe> te s*iet51 want als de kogel niet doodelijk treft1 w]pt de jagoe> zi*1 wo$5d van pijn en s*rik1 op d5 jag]4 ,de jagoe> is buit5gewoon /]k1 zooals uit het volg5de voorval blijkt4 ,e5 jagoe> _h e5 pa>d g$ood1 ma> w]d door e5ige reizig]s 9 zijn maaltijd ge/oord1 en ontvlu*tte2 kort da>na kwam hij e*t] t]ug1 sleepte zijn buit na> e5e bre$e en diepe rivi]1 die ongeve] ze/ig s*r$5 af/&s v]wijd]d 01 sloeg de t&5 9 het li*aam van het pa>d1 zwom er m$e na> d5 ov]kant1 en bra*t het 9 e5 nabijgeleg5 bos*4 ,het v]s*rikkelijke gebrul van d5 jagoe>1 v]m5gd met het diepe1 dreun5de geluid van d5 krokodil en de vreesselijke onw$]s d] tropis*e gewe/51 mak5 op de reizig]s e5 ontza*elijk5 indruk1 en v]vull5 h5 met ang/ en s*rik4 ,de jagoe> is alle5 des na*ts bezig1 ev5 als alle bewon]s van de tropis*e gewe/51 zo[el m5s*5 als di]54 ,als de zon is opgegaan1 gaat hij op e5 lag5 tak ligg51 en slaapt het groot/e g$eelte van d5 dag4 ,ev5 als alle katt5 kan hij ze] go$ klimm51 want met zijne s*]pe klauw5 klimt hij gemakkelijk bij de boom5 op3 m5ige ongelukkige aap1 die veilig op zijn tak d5kt te zitt5 en teg5 de w]eld b5$5 hem grijn/ en gezi*t5 trekt1 wordt e5sklaps door d5 jagoe> aangevall51 en 9 triomf weg g$rag54 ,de jagoe> valt ge5 m5s*5 aan1 t5zij hij hong] heeft ( 9 't nauw gebra*t wordt4 ,hoe v]s*rikkelijk hij dan is1 kan uit het volg5de voorval blijk54 ,e5 leekebro$] uit het kloo/] van d5 ,h4 ,franciscus te ,santa ,f _h jui/ zijn belijd5is g$aan1 en wilde de sakri/ie b9n5tr$54 ,to5 hij de deur op5de1 zag hij e5sklaps teg5ov] zi* e5 buit5gewoon groot5 jagoe>4 ,het di] sprong op hem los1 greep hem1 en droeg hem 9 e5 hoek om hem da> te v]s*eur54 ,de wa*t] van het kloo/]1 die de ang/kret5 van d5 man hoorde1 liep er he52 ma> nauwelijks _h hij gezi5 wat er voorviel1 ( de tijg] sprong op hem los1 en doodde hem ev5 als d5 &]4 ,da>na g+ e5 d]de man 9 de sakri/ie2 ook deze ond]g+ het zelfde lot4 ,e5 s5ator tra*tte nu 9 de sakri/ie te kom51 door e5 a*t]kam] die met e5 kle9 deurtje er 9 uitkwam4 ,ma> t] zelfd] tijd dat de s5ator 9 de a*t]kam] g+1 v]liet de jagoe> de sakri/ie1 en voordat de s5ator met e5 kle9 gevolg b9n5 0 gekom51 hoorde hij de kret53 hi] is hij6 hi] gaat hij6 help6 help6 ,t] zelfd] tijd hoorde m5 het gebrul van d5 jagoe> en de laat/e kret5 van e5 vi]de sla*t(f]4 ,i$] vlu*tte 9 de k]k1 en de jagoe> ke]de na> de sakri/ie t]ug4 ,nu nad]de de s5ator1 en gr5delde za*tjes de deur4 ,hij boorde er e5 gat 91 en op deze wijze gelukte het hem het mon/] dood te s*iet54 ,deze v]s*rikkelijke gebeurt5is is te v]kl>5 doordat het kloo/] op de oev]s van d5 ,rio ,bravo ligt1 die bij /orm5 de eil&5 ov]/roomt1 die di*t bij de /ad ligg54 ,g$ur5de zulk e5 ov]/room+ w>5 alle di]5 van de eil&5 v]drev51 wa>ond] ook de bov5g5oemde jagoe>1 die 9 de tu95 van het kloo/] sloop4 ,da> zag hij e5 deur die toevallig op5 /ond1 en zoo kwam hij 9 de sakri/ie4 ,to5 hij da> 01 begreep hij dat zijn s*uilplaats door d5 vlo$ 0 afgeslot51 zoodat hij als 9 e5 val zat4 ,hij me5de dus g5oodzaakt te zijn e5 wanhopig5 aanval op de m5s*5 te do51 en h]haalde di5 v]s*eid5e mal54 ,het is gelukkig voor de bewon]s van ,am]ika dat de jagoe> nooit 9 troep5 leeft1 want zoodra hij oud g5oeg is om voor zi* zelv5 te zorg5 en e5 prooi te dood51 v]laat hij zijne familie1 en leidt e5 e5zaam lev54 ,w>e hij gewoon 9 troep5 te lev51 ev5als de wolv51 dan z\ hij spo$ig elk lev5d di] v]s*eur52 want door zijn s*]p5 reuk1 kra*t en li/1 en het gemak wa>m$e hij 9 de boom5 klimt1 ov]treft hij bijna elk lev5d s*epsel4 ,het z\ v]s*rikkelijk zijn als de jagoe>s 9 troep5 op hunne prooi aanviel53 9 dit geval z\ niets teg5 h5 be/& zijn4 ,ma> da> zorgt de go$e natuur voor1 want zulk e5 di] wordt als het w>e 9 toom geh\d5 door de hem +es*ap5e zu*t na> e5zaamheid4 ,als m5 de plaat beziet1 z\ m5 niet d5k5 dat de jagoe> zulk e5 wre$ di] is2 het is als( m5 hem hoort sp9n5 van tevr$5heid1 nu hij da> bov5 d5 koel5 /room ligt te sluim]5 en hij zijne gewone si/a h\dt4 ,,misg]ek5d4 ,ond] de zooltr$]s1 dat wil zegg5 de vi]voetige di]5 die op de voetzool en niet op hun te55 loop51 is de be] e5 van de /]k/54 ,als hij niet geplaagd wordt1 is hij ons*adelijk1 en br5gt zijn tijd door met 9 het bos* na> bess5 en vru*t5 te zoek51 die hij ga>ne lu/4 ,(s*oon hij ze] /]k en taai van lev5 is1 s*uwt hij alle onaang5ame ontmoet+51 en als hij m5s*5 ziet1 vlu*t hij liev]1 t5 m9/e als 't mogelijk is1 dan /aan te blijv51 en zi* te v]d$ig54 ,9 d5 zom] wordt hij ze] vet1 zoodat hij op zijn vet te]5de d5 ge/r5g5 w9t] zond] vo$sel kan doorbr5g54 ,zoodra de e]/e sneeuwvlokk5 vall51 ziet hij om na> e5 ges*ikt leg]1 lief/ 9 e5 groot51 holl5 boom ( 9 e5 rotsspleet4 ,dr slaat hij dan zijne won+ op1 om er de treurige w9t]ma&5 9 door te slap54 ,als hij zoo 9 e5 holl5 boom ov]w9t]t1 rolt hij zi* op als e5 kluw51 en als hij niet ge/oord wordt1 ontwaakt hij niet e]d] dan wanne] alles we] beg9t te bloei54 ,9 alle noordelijke l&5 v9dt m5 b]54 ,9 de k\de noordpool/rek5 zw]ft de groote ijsbe] ov] de ijsveld5 en de met sneeuw b$ekte vlakt5 van het ruwe en onh]b]gzame l&1 en twi/ met de arme ,eskimo's om zijn buit4 ,9 het noordelijke g$eelte van ,am]ika woont de grijze be]1 de wre$/e van alle soort51 en de zw>te be]4 ,ook 9 ,azi1 ,afrika1 ,japan1 op de eil&5 van d5 ,indis*5 ,ar*ipel1 en 9 ,zuid-,am]ika v9dt m5 b]51 zoodat deze di]5 bijna ov] de geheele a>de v]spreid zijn4 ,van de buit5gewone kra*t van d5 grijz5 be] v]haalt ,sir ,john ,ri*>dson het volg5de4 ,er zat e5 gezels*ap jag]s aan de ,saskat*ewan-rivi] bij e5 vuur hun et5 te kook51 to5 plotsel+ e5 groote grijze be] ov] het s*uitje sprong1 dat bij h5 lag1 e5 man bij zijn s*\d] pakte en mesleepte4 ,de &]5 vlu*tt51 e5 uitgezond]d1 die zijn gewe] greep en het di] volgde4 ,hij riep zijn kam]aad toe dat hij bang 0 vuur te gev51 omdat hij ook hem kon treff52 ma> de &] smeekte hem het ev5wel te do51 omdat hij to* t] dood v]oordeeld 04 ,hij vuurde da>op op d5 be]1 die onmiddellijk d5 man di5 hij va/hield losliet1 en op zijn nieuw5 aanvall] toes*oot4 ,ma> deze ontsnapte hem1 en de be] v]dwe5 9 het kreupelbos*1 wa> m5 ond]/elt dat hij ge/orv5 is1 want niem& _h d5 mo$ om er na> te gaan zi54 ,de arm van d5 g]$d5 man 0 gebrok5 en hevig gekwet/1 ma> h]/elde lat]4 ,somtijds is de be] ze] nieuwsgi]ig1 en snuffelt dan vooral met a&a*t als er iets is dat zijne reukorgan5 ge/reeld heeft4 ,als hij op zulk e5 ontdekk+/o*t is1 g]aakt hij dikwijls 9 moeielijkh$5 die hij op e5 &] tijd/ip zek]lijk z\ hebb5 v]m$54 ,ik h]9n] mij e5 voorval1 wa>9 zijne bege]te na> e5 /uk vlees* ze] la/ig 0 voor de p]son5 die er bij teg5woordig w>51 zoodat zij d5 be] sle*ts met veel moeite uit hun nabijheid kond5 h\d54 ,e5ige jag]s hadd5 e5 el& g$ood2 zij liet5 het di] ligg51 g+5 na> huis om te et51 en ke]d5 v]volg5s t]ug om het di] aan /ukk5 te snijd52 zij liet5 hunne gew]5 a*t]1 niet d5k5de dat zij er behoefte aan z\d5 hebb54 ,de bodem wa>op de el& lag1 0 e5igz9s heuvela*tig en b$ekt met e5 dikke laag losse /e554 ,to5 zij hun taak half geindigd hadd51 ontdekt5 zij e5sklaps d5 grijz5 neus van e5 zw>t5 be] bov5 e5 heuvel1 die di*t bij h5 04 ,het duurde nu niet lang1 ( zij zag5 d5 be] 9 zijn geheel2 hij 0 ze] groot1 en wa>s*ijnlijk e5 a>tsvad] ond] zijne gelijk51 want hij w]d gevolgd door niet m9d] dan vi] &]e b]5 van v]s*ill5de grootte1 die ook op d5 heuvel kwam5 aanwaggel54 ,zij kwam5 nu all5 wat di*t] bij1 g+5 zitt51 en gav5 door snuiv5 te k5n51 dat zij op v]k5n+ uit w>54 ,hunne neuz5 zeid5 hun /ellig dat er iets lekk]s te v9d5 01 ma> de onwelkome tweevoetig]s s*55 de ruige groep niet te bevall54 ,om bet] te kunn5 zi51 kwam de patri>*1 v]gezeld van de &]51 nog e5 we9ig di*t] bij4 ,ze] betreurde het gezels*ap nu het gemis van hunne wap5s1 want hunne gew]5 lag5 ongebruikt 9 het veld4 ,zij begonn5 h>d te s*reeuw51 hop5de de b]5 da>door v]s*rikt te mak54 ,ma> dit hielp niets1 en zij da*t5 niet &]s ( de nad]5de b]5 z\d5 d5 dood5 el& wegnem54 ,nu begonn5 zij met /e55 te w]p51 wa>door e5 pa> van de b]5 ern/ig gekwet/ w]d51 zoodat de ruige di]5 t5 laat/e ma> he5g+54 ,zij kek5 telk5s e5s om1 en zoolang de el& nog 9 't gezi*t 01 hield de grijsneuzige patri>* tuss*5beide e5s /il1 als( hij nada*t wa>om hij to* zoo'n he]lijk maal moe/ miss54 ,to5 de onv]wa*te bezoek]s v]dw55 w>51 w]d de el& spo$ig aan kant gemaakt1 en liet m5 de be5d]5 en +ew&5 voor de b]5 ligg51 die zek]lijk lat] da>aan gesmuld hebb54 ,de be] loopt langzaam1 en heeft e5 waggel5d5 gang2 hij zet de beide poot5 van d5 zelfd5 kant te gelijk]tijd ne]1 en draaft nooit h>d4 ,ma> als hij er toe g5oodzaakt wordt1 kan hij to* snel loop51 want op de vlu*t ( als hij hong] heeft en e5 prooi v]volgt1 kan e5 go$ pa>d hem voor e5 kort5 tijd niet 9 vlugheid ov]treff54 ,gewoonlijk vre$zaam van a>d1 doet de be] niet dikwijls &]e di]5 le$1 en bemoeit zi* ook niet veel met wat hem omr+t4 ,uit het volg5de voorval blijkt dat hij somtijds zi* zelv5 9 groote moeielijkh$5 br5gt4 ,e5 jag]1 die het groot/e g$eelte van d5 dag 9 e5 ongeba& bos* van ,noord-,am]ika op de ja*t 0 gewee/1 en da>door v]moeid 01 g+ aan d5 oev] van e5 me]tje op d5 grond ligg5 om wat uit te ru/54 ,niet lang5 tijd _h hij da> geleg51 to5 de /ilte van het bos* e5sklaps door e5 vreesselijk gehuil v]brok5 w]d1 dat hoe lang] hoe h>d] w]d1 als( er e5ige wo$5de di]5 aan 't ve*t5 w>54 ,op e5s kwam e5 be] uit het bos* s*iet51 nad]de d5 oev]1 en zag ont/eld na> e5 ges*ikt] s*uilplaats rond dan het diepe me] voor hem kon zijn4 ,e5ige oog5blikk5 da>na v]s*e5 er e5 groote koegoe>1 die ond] vreesselijk gehuil en met uitge/rekte klauw5 op d5 rug van zijn vij& sprong4 ,hi]op volgde e5 hevig geve*t4 ,het 0 als ( m5 sle*ts n di] zag1 zoo vlug draaid5 zij om elk&] he54 ,zij vo*t5 te midd5 van e5 dw>rel5d5 hoop ha> en wol1 en ond] e5 v]s*rikkelijk gebrom en gebrul4 ,spo$ig v]flauwde het geve*t1 want de be] viel dood n$]1 door zijn woe/5 vij& bijna geheel aan /ukk5 g]et54 ,nadat de koegoe> aan het me] zijn dor/ geles*t _h1 wilde hij we] 9 het bos* v]dwijn51 ma> nu doodde de jag] hem door e5 go$ gelukt s*ot4 ,hij zag dat het e5 wijfje 01 en de e5ige v]kl>+ die m5 kan gev5 van het ve*t5 van twee di]51 die zoo volkom5 van elk&] v]s*ill5 en beid5 zoo kra*tig zijn1 is dat de koegoe>1 die kla>blijkelijk mo$] 01 door d5 be] van ha> jong b]o(d 01 en nu door ha> mo$]lijk gevoel g$rev5 w]d om het kwaad te wrek51 dat hij ha> _h aang$aan4 ,de plaat die bij dit ho(d/uk behoort1 /elt e5e gebeurt5is voor1 die aan e5 he] 9 ,noorweg5 is ov]kom54 ,op e5 w9t]morg5 g+ hij met e5ige vri5d5 op de b]eja*t1 v]gezeld van e5e m5igte hond5 van all]lei ras4 ,het duurde niet lang1 ( zij zag5 het w9t]v]blijf van e5 groot5 be]4 ,na h]haalde pog+5 w]d het di] uit zijn w>m hol g$rev5 en gewond4 ,nu de be] g$wong5 w]d om zi* te v]d$ig51 sprong hij op d5 jag] los1 wi]p hem t] a>de1 en g+ bov5 op hem ligg54 ,gelukkig lag er ze] veel sneeuw1 en da> de he] wi/ dat zijn e5ige kans op lev5sbeh\d 01 zi* niet te beweg51 kroop hij zooveel mogelijk ond] de sneeuw1 en hield zi* als( hij dood 04 ,de be] 0 ze] oud1 en zijne t&5 w>5 tot op het t&vlees* afgeslet51 zoodat zij telk5s afglipt51 en ge5 kwaad d$5 to5 de be] het ho(d van d5 jag] 9 zijn muil nam4 ,ond]tuss*5 viel5 de hond5 d5 be] aan1 en belett5 hem al zijn a&a*t te s*5k5 aan d5 man die ond] hem lag4 ,weldra kwam5 de &]e jag]s aanloop51 en maakt5 het di] spo$ig af2 zij bevrijdd5 hun metgezel uit zijn onaang5am5 en geva>lijk5 toe/&1 zoodat m5 met re*t mo*t zegg5 dat de be] 9 dez5 _h misg]ek5d4 ,,wat ,,is ,,er8 ,bijna ondoordr+ba> zijn de boss*5 van ,afrika4 ,de boom5 /aan da> zoo di*t op e51 dat zij hunne takk5 bijna niet kunn5 uitspreid51 t]wijl sl+]- en klimplant5 van all]lei a>d van /am tot /am en van tak tot tak gaan1 en het geheele bos* tot e5 netw]k van h\t en blad en bloem mak54 ,sle*ts met moeite kan de m5s* zulke beletsel5 op zijn to*t ov]w9n51 en zelfs de di]5 die 9 deze boss*5 won51 kunn5 er nauwelijks 9 doordr+54 ,ma> 9 de donk]/e g$eelt51 sle*ts hi] en da> door e5 /raal d] tropis*e zon v]li*t1 te midd5 van doodelijke miasma's1 zoo noodlottig voor d5 ,europeaan1 heeft de gorilla zijn won+ geve/igd4 ,v]s*rikkelijk is het uitzi*t van dez5 groot/5 all] bek5de ap54 ,het groote ho(d1 de korte dikke hals1 het dikke lijf1 de lange arm5 en de dunne kromme be551 gevoegd bij e5 voorkom5 wa>uit de laag/e di]lijke drift5 sprek51 vorm5 e5 wez5 wa>voor m5 bang wordt4 ,tot h$5 wet5 wij sle*ts we9ig van de gewoont5 en lev5swijs van dit di]2 do*1 (s*oon er vele v]hal5 9 omloop zijn van zijn wildheid en ontemba>heid en m5 zegt dat de inboorl+5 bevreesd zijn om 9 e5 bos* te gaan wa>9 gorilla's huiz5--wij me55 to* dat hij niet woe/] van a>d zal zijn dan de &]e groote ap54 ,hij leeft van wortels en vru*t5 die hij 9 m5igte 9 het bos* kan v9d54 ,als hij v]ontru/ wordt1 tra*t hij zijn heil 9 de vlu*t te zoek51 en sle*ts als hij gewond wordt ( als hij niet kan ontkom51 v]d$igt hij zi*4 ,ma> 9 die om/&igh$51 ( als hij zijn jong v]d$igt1 maakt zijn groote kra*t d5 gorilla zek] tot e5 v]s*rikkelijk5 vij&4 ,de gorilla is veel groot] dan zijn blo$v]want1 de sjimpansee1 en1 voor zoo v] wij kunn5 oordeel51 bezit hij bij lange na zooveel v]/& niet als de laat/e4 ,de sjimpansee is e5 ze] gezellig di]1 dat zi* met groote g5eg5heid aan zijn oppass] he*t1 en teek55 van droefheid geeft als hij van zijn vri5d wordt ges*eid54 ,de groote ap5 lev5 bijna nooit 9 troep52 m5 v9dt gewoonlijk sle*ts e5ig5 bije54 ,de oude mannetjes zijn wild] dan de wijfjes1 en als m5 h5 wil vang51 bijt5 zij en slaan met hunne geweldige vui/54 ,op d5 grond loop5 zij snel1 ma> ongemakkelijk1 op de vi] poot51 namelijk op de knokkels van de v+]s d] h&51 ma> op de voetzol5 van de a*t]/e l$emat54 ,de wijfjes drag5 ha> jong op d5 rug1 ( het hangt aan ha> bor/3 de kle9e h\dt zi* va/ aan het lange ha> van de huid d] mo$]1 zoodat het1 zelfs als de mo$] g$ood is1 moeielijk valt het jong er af te trekk54 ,op de boom5 v]toon5 de ap5 zi* het voordeelig/4 ,hunne lange kra*tige arm5 /ell5 h5 9 /aat v] te reik51 en zij sl+]5 zi* van tak tot tak1 zoo gemakkelijk en zoo vlug dat het voor e5 m5s* onbegrijpelijk is4 ,zij br5g5 d5 na*t op de boom5 door1 en v]s*eid5e soort5 zijn gewoon e5 dikk5 tak die vorksgewijs uit d5 /am voortkomt1 uit te zoek51 en v]volg5s dunne takk5 af te brek51 en da>van e5 dak te vorm51 e5 soort van ne/ wa>9 zij zitt5 blijv5 totdat de dag aanbreekt4 ,gewoonlijk mak5 zij elk5 avond e5 nieuw v]blijf1 en ke]5 zij niet altijd na> hunne won+ van d5 vorig5 na*t t]ug1 ma> br5g5 d5 na*t door t] plaatse wa> zij zi* bev9d5 als de zon ond] gaat4 ,m5 v9dt de groote ap5 sle*ts op plaats5 wa> uitge/rekte boss*5 zijn1 want da> deze di]5 +]i*t zijn om als ov] de topp5 d] boom5 te loop51 en van tak tot tak1 door middel van hunne lange arm5 v]d] te gaan1 z\d5 zij niet op op5e vlakt5 ( wa> de boom5 v] van elk&] /aan1 kunn5 lev54 ,als zij ov] e5 dikk5 tak loop51 gaan zij 9 e5e half opg]i*te h\d+1 en /eun5 met de knokkels van de v+]s op d5 tak4 ,heeft de aap de takk5 van e5 &]5 boom b]eikt1 dan grijpt hij die met beide h&51 en trekt er uit al zijn kra*t aan1 om te beproev5 ( hij er zi* wel op kan v]tr\w52 is hij hi]ov] voldaan1 dan sl+]t hij zi* na> d5 ov]kant1 en op deze wijze doorkrui/ hij spo$ig e5e groote uitge/rek!id van het bos*4 ,de grimass5 van deze di]51 en de mani] wa>op zij tevr$5heid ( teg5z9 te k5n5 gev51 zijn1 vooral als zij jong zijn1 ze] grappig en klu*tig4 ,wallace _h e5 jonge gorilla1 en als dat di] iets kreeg dat hem beviel1 dan likte hij zi* de lipp5 af1 trok zijne wang5 sam51 en sloeg zijne oog5 na> bov5 met e5e uitdrukk+ van de groot/e tevr$5heid4 ,smaakte de spijs hem niet1 dan proefde hij er ev5 van1 en spuwde het ov]ige uit1 en als m5 hem to* we] de zelfde spijs voorzette1 begon hij te huil5 en te s*opp5 als e5 /\t k9d4 ,als hij boos ( onru/ig 01 sloeg hij met zijne h&5 9 de lu*t als( hij iets wilde grijp51 ma> hij 0 bijzond] 9 zijn s*ik als hij d5 ba>d van ,wallace ma*tig kon word51 di5 hij dan zoo /evig va/hield dat m5 hem zond] hulp niet w$] los kon mak54 ,om zijn aap g5oeg5 te do51 maakte ,wallace e5 pop van e5 rol ( bundel van buffelhuid1 en h+ die ongeve] e5 voet hoog bov5 d5 grond op4 ,de aap s*e5 da>m$e ze] 9 zijn s*ik te zijn3 om di5 rol kon hij zijne arm5 en be55 slaan1 en na> h>telu/ 9 het ha> wroet54 ,dit geluk duurde e*t] sle*ts zoo lang tot hij plotsel+ aan zijne mo$] da*t1 want hij de$ e5e pog+ om te zuig54 ,ma> niets v9d5de als ha> ( wol1 w]d hij boos1 en begon h>d te gill51 zoodat de nagemaakte mo$] w$] weg g5om5 moe/ word54 ,de ap51 vooral de groote soort51 hebb5 niet vele vij&54 ,op ,borneo1 wa> e5 van de groot/e ap5 ?uis behoort1 namelijk de orang-oetan1 bew]5 de inboorl+5 dat hij 9 het bos* nooit door e5ig &] di] wordt aangevall5 beh\d5s twee uitzond]+51 door d5 krokodil en d5 py?on2 wat tr\w5s to* zeld5 gebeurt4 ,als er ge5 vru*t5 me] 9 het bos* te v9d5 zijn1 zoekt de orang-oetan zijn vo$sel aan d5 oev] d] rivi]1 wa> hij vele jonge lot5 v9dt1 en vru*t5 die aan d5 wat]kant groei54 ,dan tra*t de krokodil hem soms te grijp52 ma> de orang-oetan spr+t op hem1 slaat hem met h&5 en voet51 v]s*eurt en doodt hem4 ,als e5 py?on ( boa-con/rictor d5 aap aanvalt1 grijpt de mias1 zooals m5 hem op ,borneo noemt1 de slang met beide h&51 en bijt ha> dood4 ,de gorilla is tot h$5 de groot/e van alle bek5de soort54 ,m5 heeft hem nog nooit 9 volwass5 /aat lev5d na> ,europa ov] kunn5 br5g51 want als deze aap de vru*t5 mi/ wa>aan hij 9 't wild gew5d is1 ( blootge/eld wordt aan de k\d]e lu*t/reek van noordelijk] l&51 beg9t hij te kwijn5 en /]ft hij weldra aan de t]+4 ,ma> mo*t er iem& zijn1 die lu/ heeft om dit woe/e s*epsel 9 vrijheid te zi51 dan moet hij na> de b9n5l&5 van ,afrika gaan1 na> die /rek5 wa> ge5e bes*av+ he]s*t1 en wa>9 sle*ts enkele ,european5 zijn doorg$rong54 ,dr woont de gorilla met zijn familie1 9 gezels*ap van de ov]ige wilde bos*bewon]s4 ,dr lev5 zij onge/oord1 en et5 de vele vru*t5 die aan tross5 aan de boom en hang51 en s*5k5 sle*ts we9ig a&a*t aan hetge5 b5$5 h5 gebeurt4 ,ma> als e5 ongewoon geluid de /ilte van het bos* komt /or51 ( als zij iets vreemds zi51 dan vlu*t5 de wijfjes met de jong5 die zij va/ omklemd h\d5 nog diep] 9 het bos*1 t]wijl de vad] en bes*]m] zi* snel van d5 e55 boom na> d5 &]5 sl+]t1 het voorw]p van zijne vrees tra*t op te spor5 voor dat hij de &]5 op de vlu*t volgt1 en rond ziet ( er geva> is2 en dan s*ijnt hij met e5 toornig gelaat en e5 hees* geluid knorrig te vrag53 ,wat is er8 ,,e5 ,,roov]sbur*t4 ,9 e5 van de m]5 van de s*ots*e ,hoogl&5 /aat e5e e5zame rots1 het toevlu*tsoord van de vogels die wij op de plaat zi5 afgebeeld4 ,e5 van deze vogels ke]t jui/ na> zijn ne/ t]ug1 en h\dt het vo$sel voor zijne hong]ige jong5 tuss*5 zijne klauw54 ,re$s j>5 lang wordt die ong5aakb>e klip door deze vogels bewoond2 zij bro$5 en v]zorg5 er hunne jong51 en de opp]vlakte van d5 top d] rots is bijna geheel b$ekt door het ne/1 dat met elk ja> groot] wordt4 ,nog nooit heeft e5 m5s*elijke voet die rots betr$51 en nog nooit heeft e5 h>t/o*telijke ei]5-v]zamela> na> de gespikkelde ei]5 gezo*t1 die er op dat eil& ligg54 ,het is e5 pra*tig gezi*t als e5 vis*-ar5d zijn prooi v]volgt4 ,met welk e5 bevalligheid en gemakkelijkheid zweeft hij met zijne bre$e vl]k5 door de lu*t6 ,als hij weet dat alles 9 zijn ne/ 9 orde is1 vliegt hij na> d5 oev] van het me]1 want dr is het wat] m9d] diep1 en kan hij dus bet] de viss*5 zi51 wa> op hij aa/4 ,als hij dr is1 vliegt bij langzaam he5 en w$]1 en ziet a&a*tig na> hetge5 er b5$5 hem voorvalt2 e5sklaps h\dt hij e5 oog5blik /il1 s*iet als e5 pijl uit d5 boog 9 het wat]1 en v]dwijnt 9 de bruis*5de golv54 ,spo$ig komt hij we] te voors*ijn1 en nu heeft hij e5 groot5 vis* tuss*5 zijne klauw52 hij s*udt de gl9/]5de wat]droppels uit zijne v$]51 ev5 als e5 hond die 9 't wat] gewee/ is1 vliegt na> zijn ne/ t]ug1 en v]kondigt zijn geluk door het uit5 van s*rille kret54 ,de jong5 hoor5 het welkome geluid1 en gev5 door aanh\d5d gepiep hunne dankba>heid te k5n52 zij kom5 bov5 het ne/ uitkijk51 en met uitg]ekte halz5 en uitgespreide vleugel5 wa*t5 zij ong$uldig op hun v]zorg]4 ,vr dat de vogel 9 het ne/ gaat1 vliegt hij er 9 e5 halv5 cirkel om he51 dan /rijkt hij ne] met d5 vis*1 die spo$ig door de s*]pe bekk5 van de hong]ige jong5 aan /ukk5 wordt ges*eurd4 ,(s*oon de vis*-ar5d ze] veel kra*t 9 zijne klauw5 heeft1 en er zw>e wond5 mee kan toebr5g51 is hij to* e5 van de vre$zaam/e en ons*adelijk/e di]54 ,hij leeft bijna 9 elk w]elddeel2 m5 v9dt hem vooral langs de ku/5 van ,noord-,am]ika1 en nu en dan op e5 van de b9n5l&s*e m]54 ,gro5l& wordt ook somtijds door d5 vis*-ar5d bezo*t1 en 9 d5 h]f/ van het ja> #ahgb v+ de he] ,edw>d ,:ymp] op zijne to*t5 9 dat bijna onbek5de l&1 e5 ze] s*oon exempla> van e5 vis*-ar5d2 ma> het gebeurt to* zeld5 dat deze vogel zoo v] na> het noord5 trekt1 want het exempla> van d5 he] ,:ymp] is tot h$5 het e5ige 't welk 9 dat g$eelte d] a>de g$rong5 is4 ,zoodra de w9t] beg9t1 bezoekt de vis*-ar5d ook dikwijls de ,antill54 ,m5 v9dt hem ook 9 ,groot-,brittanje1 (s*oon teg5woordig niet zoo veel als vroeg]4 ,hij is ook ze] algeme5 9 ,au/rali1 op de eil&5 van d5 ,indis*5 ,ar*ipel1 en 9 ,indi4 ,ongeve] vijf ( zes soort5 van deze vogels zijn bij de natuurkundig5 bek5d4 ,(s*oon de rivi]5 en m]5 bij de kom/ van d5 vis*-ar5d dikwijls bevror5 zijn1 en hij da>door g5oodzaakt is lang5 tijd te va/51 zal hij to* nooit kle9]e vogels ( zoogdi]5 tot zijn prooi mak51 hetge5 hij door zijn snelle vlu*t en /]ke klauw5 gemakkelijk z\ kunn5 do54 ,voor de am]ikaans*e viss*]s is hij e5 welkome v]s*ijn+1 want hij is altijd de voorbode van e5e groote hoeveelheid h>+5 en makrel51 die 9 di*te massa's aan d5 oev] kom5 zwemm54 ,de viss*]s lat5 d5 vis*-ar5d dan ook altijd ongemoeid1 want zijne v]s*ijn+ voorspelt hun e5 ov]vlo$ig en voordeelig ja>1 en zij moet5 dan ook niet zi5 dat e5 jag] het waagt 9 hunne teg5woordigheid op e5 vis*-ar5d te s*iet51 want dan z\ hij er niet go$ afkom54 ,de zwemvogels hebb5 niets van d5 vis*-ar5d te vreez51 want hij valt h5 nooit aan2 9 ,am]ika ziet m5 zelfs insekt5-et5de vogels e5 plaats op zijn ne/ innem51 en er hun eig5 ne/5 op mak51 ev5als vasall5 die rondom de bur*t van hun ma*tig5 he] en mee/] hutt5 b\w54 ,de vis*-ar5d is ov] 't algeme5 van bov5 donk]-bru9 gekleurd1 van ond]5 wit1 en de kop wit met bru9e vlekk52 de v$]5 aan d5 nek en hals zijn li*tgeel met bru9e /rep52 van de oog5 tot d5 opp]>m loopt e5 bre$e1 donk]bru9e /reep1 aan de bor/ heeft hij enkele pijlvormige vlekk51 en de wa%uid en poot5 zijn li*tblauw4 ,de jong5 zijn van bov5 bru9-grijs1 van ond]5 zuiv] wit2 de volwass5e wijfjes zijn moeielijk van de mannetjes te ond]s*eid54 ,ond] de te55 heeft de vis*-ar5d ze] s*]pe knobbeltjes1 wa>door hij met gemak de gladde viss*5 kan grijp5 en va/h\d54 ,9 ,am]ika heeft de vis*-ar5d e5 gevreesd5 vij& 9 d5 zee-ar5d1 die hem dikwijls zijn prooi ont/eelt4 ,de wijze wa>op hij dit doet1 is a>dig om te zi54 ,als de vis*-ar5d na> e5 vis* zoekt1 gaat de zee-ar5d 9 e5 boom zitt51 volgt d5 vis*-ar5d met gretige blikk51 en v]lie/ zijn sla*t(f] ge5 oog5blik uit het oog4 ,zoodra de vis*-ar5d uit het wat] komt en zijn zegekreet laat hoor51 buigt de zee-ar5d zijn li*aam1 en zit op de takk5 he5 en we] te wiegel54 ,als nu de vis*-ar5d zek]e hoogte b]eikt heeft1 vliegt de zee-ar5d met e5 s*rill5 kreet op1 om hem te v]volg54 ,de ongelukkige vis*-ar5d weet ma> al te wel van wa> die kreet komt1 en plotsel+ beg9t hij 9 wijde cirkels te vlieg52 de zee-ar5d doet het zelfde1 en nu tra*t5 zij beid5 bov5 elk&] te blijv54 ,hoe bevallig en gemakkelijk zijn hunne beweg+5 als zij zoo 9 kr+5 na> bov5 vlieg56 ,ma> nu beg9t de vis*-ar5d het gewi*t van d5 vis* te voel51 en nu kan hij niet me] zoo vlug als zijne kra*tige teg5p>tij vlieg54 ,zoodra de zee-ar5d het ov]wi*t v]krijgt1 en bov5 d5 vis*-ar5d is gekom51 h\dt hij e5 oog5blik /il1 en valt op d5 vis*-ar5d ne]1 die1 nu hij zi* moet v]d$ig51 d5 vis* laat vall51 wa>voor hij zooveel moeite g$aan heeft4 ,nu vliegt de vrijpo/ige roov] bliksemsnel na> b5$51 vangt d5 vis* voor dat deze 9 het wat] valt1 en ond] zegekret5 draagt de zee-ar5d zijn ge/ol5 buit na> d5 di*t/ bijzijnd5 boom1 om d5 vis* op zijn gemak op te peuzel52 en de ongelukkige vis*-ar5d vliegt we] v]d] om e5 &]5 vis* te zoek54 ,op het ru/ige me]1 dat op onze plaat afgebeeld is1 ziet m5 ge5 gevleugelde roov]s die he]s*appij vo]5 ov] de vre$zame vis*-ar5d54 ,ja> 91 ja> uit1 lev5 zij veilig op de rots1 zoo veilig als 9 de midd5eeuw5 e5 ridd] op zijn roov]sbur*t4 ,,op ',t ,,kantje ,,af4 ,er zijn we9ig vogels die tot zoo veel bijgelo( en vrees aanleid+ hebb5 gegev5 als de uil1 en die tev5s zoo geheel zond] r$5 v]afs*uwd word54 ,9 vroeg]e tijd5 bes*\wde m5 het krijs*5 van dez5 na*tvogel als e5 teek5 van onheil1 vooral als m5 het 9 de nabijheid van e5e won+ hoorde2 en to* is er zek]lijk ge5 s*epsel dat m9d] kwaad doet4 ,gelukkig v]dwijnt het bijgelo( re$s bij vel51 en wordt de uil met re*t gewa>de]d als e5 weldo5de v]niel] van vele insekt5 en kr5g54 ,er zijn vele soort5 van uil51 wa>ond] de groote ooruil1 en de kle9e uil die nauwelijks groot] is dan e5 mus*4 ,sommige uil5 gaan op ro( uit als de zon hoog aan d5 hemel /aat1 hetge5 geheel 9 teg5/ell+ is met de gewone gebruik5 van de &]e soort51 zoodat er dus twee soort5 van uil5 zijn3 dag- en na*tuil54 ,9 de noordpool/rek5 is de uil ev5 wit als het ijs en de sneeuw die de geheele opp]vlakte van het l& b$ekt1 zoodat hij zi* gemakkelijk voor zijne vij&5 kan v]b]g51 en ongem]kt e5 di] kan nad]51 dat hij voor zijn prooi heeft uitgezo*t4 ,de natuur plaat/ altijd h>e s*epsel5 9 zulke om/&igh$5 als het be/e met hun ge/el en uit]lijk ov]e5kom51 en v]zuimt nooit iets wat tot hun gemak1 geluk en bes*]m+ bij kan drag54 ,de groote uil5 van me] zuidelijke l&5 hebb5 gespikkelde v$]51 en sommige hebb5 groote kuiv5 bov5 de oor51 die d5 vogel e5 ze] grappig aanzi5 gev51 als hij die v$]bosjes 9 de hoogte /eekt4 ,de uil v]toeft bij dag ga>ne 9 het di*te geboomte1 op sp>r5 en &]e boom51 en ook wel 9 e5 holl5 boom1 wa>9 hij zi* s*uil h\dt zoolang de zon s*ijnt1 ( 9 /omme v]baz+ zit te kijk5 na> alles wat di*t bij zijne s*uilplaats komt4 ,m5ig d>tel eekhoorntje dat ov] de takk5 huppelt ( ov] e5 boom/am spr+t1 h\dt e5 oog5blik /il1 en ziet na> d5 bezadigd5 en ern/ig5 vogel4 ,niet tevr$5 ov] de koele ontvang/ van d5 uil1 geeft het eekhoorntje zijn ong5oeg5 te k5n5 door telk5s met zijn dikk5 /a>t he5 en we] te slaan1 en s*eldt d5 uil uit door e5 geluid te mak5 als de ratel van e5 na*twa*t4 ,kort da>op huppelt hij ma> we] v]d]1 om e5 me] ga/vrij5 vri5d op te zoek51 want hij ziet to* wel dat hij1 vol/rekt ge5 indruk op zijn droom]ig5 buurman maakt4 ,de groote ooruil van ,am]ika valt des na*ts de kalko55 aan4 ,die aanval wordt door deze vogels e*t] op de volg5de wijze v]ijdeld4 ,(s*oon de uil altijd za*tjes nad]t1 wordt de kalko5 to* zeld5 onv]ho$s aangevall51 want zoodra hij d5 na*tvogel bespeurt1 uit hij e5 wa>s*uw5d5 kreet voor zijne metgezell51 en de kalko5 die door d5 uil aangevall5 wordt1 buigt zijn kop en spreidt zijn /a>t ov] zijn rug uit4 ,zoo kan de uil dus niets &]s ma*tig word5 als e5 ( twee /a>tp5n51 en zoodra de uil weg gevlog5 is1 zoek5 de kalko55 e5e &]e plaats op om d5 slaap te v]volg54 ,ov] 't algeme5 v]wijd]5 de uil5 zi* nooit v] van die plaats5 wa> zij gebor5 zijn1 omdat zij da> altijd ov]vlo$ van vo$sel hebb54 ,van de k\de hebb5 zij niets te lijd51 want hunne dikke v$]5 zijn e5e g5oegzame bes*]m+ teg5 de /orm5 en rukw9d5 van het ruwe ja>getijde4 ,(s*oon zij ov] dag ze] ru/ig en traag zijn1 beg9n5 zij1 zoodra de na*t invalt1 zi* ijv]ig op hunne na*telijke to*t5 voor te b]eid54 ,door de donsa*tige v$]5 van hunne vleugels kunn5 zij zond] g$ruis* vlieg51 en zijn zij voorbij gevlog5 e] m5 bespeurt dat zij kom54 ,de oog5 van d5 uil die ov] dag half bl9d 9 't rond />51 zijn des na*ts held] en flikk]5d1 zoodat hij elk voorw]p 9 de dui/]nis kan ond]s*eid54 ,niets ontgaat zijn blik wanne] hij door de blad]rijke w\d5 zw]ft1 en bij tuss*5pooz5 zijn onwelluid5d gekrijs* laat hoor51 dat vele m5s*5 e5 hevig5 s*rik aanjaagt1 en wa>door dikwijls de geheele bevolk+ van e5 dorp uit d5 slaap gewekt wordt1 want zijn gekrijs* kl9kt als de gesmoorde kreet van e5 m5s* die /ikt ( geworgd wordt4 ,tuss*5beide v]laat hij het geboomte1 en zweeft ov] de op5e vlakt54 ,met d5 vos ve*t hij om zijn prooi1 ma> als de vos hem mee/] kan word51 is er ook voor hem ge5 g5ade4 ,door alle vogels1 van de kle9/5 tot de groote ro(vogels1 wordt de uil gehaat en v]afs*uwd4 ,niet tevr$5 met kikvors*5 en torr51 ro(t hij konijn51 korho5d]s1 eekhoorntjes1 fazant51 e5d5 en1 zooals wij re$s gezegd hebb51 kalko554 ,de v$]51 h>5 en be5d]5 word5 m$e doorgeslikt1 en v]t]5 niet1 ma> voor vis*grat5 is hij bang en v]mijdt die zorgvuldig4 ,hij h\dt er ze] veel van om het g$oode di] uit het vel te hal51 en 9 de gevang5s*ap weig]t hij gesn$5e /ukk5 vlees*1 want dan b5eemt m5 hem de geleg5heid om het zelf aan /ukk5 te s*eur54 ,de ooruil vliegt niet ze] snel1 ma> gelijkmatig en za*t4 ,als hij gewond wordt1 is hij wo$5d2 hij zoekt zijn vij& op1 en ve*t met e5 volh>d+ en mo$1 wa>9 hij zelfs d5 ar5d ov]treft4 ,hi]door hebb5 de inboorl+5 van ,noord-,am]ika e5 bijgeloovige vrees voor dez5 vogel1 en de prie/]s drag5 altijd e5 opgezett5 uil met glaz5 oog5 bij zi*1 als e5 z9nebeeld van hun ma*t en b]oep4 ,9 het beg9 van ,april bro$t de uil #b--c kegelronde1 witte ei]5 uit1 die ev5 groot zijn als kipp5ei]5 en e5e ruwe s*aal hebb54 ,het wijfje is altijd e5 we9ig kle9] en slank]1 en heeft e5 dikk]5 kop en lang]e v$]bosjes dan het mannetje4 ,de kleur van d5 ooruil is op d5 rug gewoonlijk grijs1 met ze] fijne zw>te en witte /ipp51 de vleugels zijn geela*tig wit met zw>t1 zijn bor/ is wit met roe/gele vlekk5 en grijsgele golv5de dw>s/rep51 om de oog5 heeft hij zw>te r+51 de snavel en de klauw5 zijn zw>t1 de poot5 di*t met gele v$]5 b$ekt1 en zijn /a>t is aan de ond]zijde wit met zw>t ge/reept4 ,e5ige konijn5 spel5 op de gl9/]5de sneeuw die door hunne sprong5 9 de lu*t /uift4 ,ge5 enkele vij& b$reigt h51 en vrijpo/ig kom5 zij uit hunne hol5 kijk54 ,ma> za*tjes zweeft de groote na*tuil ov] de witte veld5 om zijn avondmaal te zoek54 ,hij bukt en buigt zi* om te ond]zoek5 ( er iets is wat hij kan mee/] word54 ,ov] de bevror5 plant5 ligt e5 laag sneeuw2 de uil komt1 en /a>t na> de speelplaats van de kle9e vi]voetige di]51 die onbek5d zijn met het geva> dat h5 dreigt4 ,e5sklaps valt de uil op h5 aan1 en de v]s*rikte konijn5 vlu*t5 na> hunne hol52 ma> hoe h>d zij ook loop51 hun v]volg] vliegt nog h>d]1 en grijpt e5 van de konijn5 met zijn klauw5 9 het vel4 ,do* het konijn bi$t teg5/& zooveel het kan1 het loopt na> zijn hol3 gelukkig ligt er e5 boomtak voor de op5+1 en t]wijl zijn v]s*rikte metgezel ov] zijn li*aam he5 spr+t1 om het gew5s*te toevlu*tsoord te b]eik51 trekt het ont/elde kle9e di] d5 poot van d5 vogel teg5 d5 tak1 ontwor/elt zi* uit de s*]pe klauw51 en v]dwijnt 9 de op5+ van het hol4 ,en e5 lo]5de vos die1 voordat de vogel zi* v]toonde1 g$uldig gewa*t _h op de geleg5heid om e5 sprong te do5 na> de konijn51 kijkt v]wond]d op als hij de doordr+5de kreet van dit di]tje hoort1 en is getuige van e5e ontsnapp+ die nog jui/ op het kantje af is4 ,,het ,,geve*t4 ,9 de boss*5 van ,azi lev5 ontelb>e v]s*eid5h$5 van zoogdi]51 vogels en insekt51 t]wijl de mo]ass5 en rivi]5 bewoond word5 door all]lei kruip5d g$i]te1 dat1 9 het wat] v]borg5 ( b$ekt door de ov]hang5de blad]5 d] boom51 g$uldig aan d5 oev] op d5 lo] ligt na> e5 s*epsel1 dat zijn dor/ aan d5 v]koel5d5 /room komt less*54 ,van alle v]s*eur5de di]5 is zond] teg5spraak de ge/reepte tijg]1 e5 blo$v]want van d5 jagoe> van ,zuid-,am]ika1 het geva>lijk/ en mee/ te vreez54 ,ev5als deze laat/e heeft hij e5 pra*tige huid1 ma> zijn k>akt] /emt met dat s*oone uit]lijk niet ov]e51 want hij is li/ig1 wre$1 v]rad]lijk en ro(gi]ig1 en als hij door hong] geplaagd wordt ( op wraak b$a*t is1 be/aat er zek] ge5 di] dat me] te du*t5 is4 ,en to* is de olifant niet bang voor hem1 want 9 e5 geve*t zal de tijg] bijna altijd het ond]spit delv52 als de olifant hem niet t]/ond met zijne groote slagt&5 doorboort1 neemt hij d5 tijg] met zijn slurf op om hem ond] zijne poot5 te v]trapp51 en dan help5 de s*]pe t&5 en klauw5 d5 tijg] niets1 want zij glijd5 af op de taaie1 dikke huid van zijn groot5 teg5/&]4 ,er zijn vele voorbeeld5 van het tam mak5 van tijg]s en van hun ond]worp5heid aan hunne v]zorg]s2 ma> (s*oon zij aan de gevang5s*ap gew5d rak51 en zi* lat5 liefkoz51 v]raadt hun wilde natuur zi* to* op het e5 ( &] oog5blik1 en met de snelheid van d5 bliksem valt de tijg] d5 p]soon aan1 wi5s liefkoz+5 hij nog e5ige oog5blikk5 te vor51 ond] luid gesp91 heeft toege/aan4 ,e5 he] 9 ,indi _h e5 tijg] groot gebra*t1 die e5ige wek5 oud 0 to5 hij hem kreeg4 ,de tijg] volgde hem als e5 hond1 speelde met hem1 en v]raadde nooit e5 trek van de wre$heid die d5 tijg] eig5 is4 ,e5s op e5 dag zat de he] ond] zijn v]&a te lez51 en1 zooals gewoonlijk1 lag de tijg] naa/ zijn /oel4 ,e5sklaps w]d hij 9 zijne lectuur ge/oord2 hij voelde dat de tijg] zijn h& likte1 die ov] de leun+ van d5 /oel h+1 en da>bij luid sp9de4 ,na> b5$5 zi5de1 bespeurde hij dat zijn h& beblo$ 01 wa>door de wre$heid van het di] opgewekt w]d4 ,zond] van h\d+ te v]&]51 riep hij e5 b$i5de om e5 gewe] te hal51 dat gelukkig gelad5 en di*t bij 01 en beval hem het di] op de plaats dood te s*iet54 ,dit ges*i$de1 en zoo ontsnapte die he] aan e5 groot geva>1 want de flikk]5de oog5 van d5 tijg] en het slaan met zijn /a>t toond5 duidelijk aan1 dat de natuurlijke h>t/o*t5 bij het di] bov5 w>5 gekom54 ,de tijg] is bijna ov] geheel ,azi v]spreid4 ,m5 v9dt sle*ts enkel5 9 ,turks* ,georgia1 ma> zij zijn talrijk 9 het ,elbo]z-geb]gte t5 zuid5 van de ,kaspis*e zee4 ,9 ,bokh>a1 aan d5 oev] van d5 ,irtisj1 en ook 9 de ,altai-/rek5 en aan d5 ,amo] zijn zij niet ongeme52 ook 9 ,*9a en natuurlijk 9 ,indi t5 zuid5 van het ,himalaya-geb]gte v9dt m5 h52 ma> niet op ,ceylon1 (s*oon hij e5 inwon] is van het maleis*e s*i]eil& en van sommige groote eil&5 van d5 ,ar*ipel4 ,de tijg]s van noordelijke l&5 zijn groot] en hebb5 dikk] ha> dan die van zuidelijk] /rek54 ,het vo$sel van d5 tijg] 9 ,indi be/aat uit rund]51 h]t5 en wilde zwijn54 ,somtijds bi$5 de laat/5 zulk e5 heftig5 teg5/&1 dat de tijg] ov]wonn5 en v]slag5 wordt2 m5 heeft tijg]s gevond5 welk] li*aam geheel op5 g]et5 01 wa>s*ijnlijk door de s*]pe slagt&5 van het zwijn4 ,het is bek5d dat dit di]1 tot het uit]/e g$rev51 zijn slagt&5 weet te gebruik51 h&ig] dan e5 man met e5 mes kan omgaan4 ,de tijg] is ook ze] belu/ op pauw51 en e5 groote vlu*t van deze vogels v]raadt mee/al de aanwezigheid van e5 tijg]4 ,van nature is de tijg] lafh>tig en ontwijkt hij d5 aanval1 zelfs al is hij bezig met zijn prooi te v]sl9d54 ,m5 v]haalt hoe e5 h]d]sjong5 9 ,indi door e5 van deze di]5 aangevall51 ma> door de buffels die hij ho$de g]$ w]d4 ,zij viel5 d5 tijg] zoo kra*tig op het lijf1 dat zij hem tot e5 onte]5d5 afto*t dwong51 t]wijl de knaap te midd5 van zijne h>dkoppige bes*]m]s ong$e]d bleef4 ,als de tijg] hong] heeft1 eet hij zelfs kikvors*5 en alles wat hij sle*ts van di]lijk vo$sel kan v9d54 ,sir ,walt] ,elliot v]haalt van e5 tijg] die door hem g$ood w]d en die ze] mag] 01 wat v]oorzaakt 0 door d5 /ekel van e5 /ekelv>k5 die 9 zijn keel 0 blijv5 zitt5 en hem het slikk5 belette4 ,e5 b]oemd jag] v]haalt dat1 to5 hij e5s e5 tijg]9 g$ood _h1 hij1 9 zijn t5t t]ug gekom5 zijnde1 e5 man met e5 olifant zond om de tijg]9 te hal54 ,de man kwam t]ug en zei1 dat hij de tijg]9 nog lev5d gevond5 _h4 ,zij g+5 dus d5 volg5d5 morg5 op ontdekk+ uit en zag51 dat de tijg]9 9 e5 b]gspleet 0 gevall5 en v]volg5s door e5 &]5 tijg] half opgeget54 ,dez5 laat/5 doodd5 zij niet v] van da>4 ,het s*ijnt dus dat kannibalisme ook tot de eig5s*app5 van dit s*oone di] g]ek5d kan word54 ,de tijg]ja*t behoort 9 ,indi tot de mee/ geliefkoosde uitspann+51 wa>aan ev5wel vele gev>5 v]bond5 zijn2 er zijn we9ig pa>d5 die m5 zoo kan afri*t51 dat zij d5 jag] 9 de nabijheid van e5 tijg] br5g51 zoodat de tijg]ja*t dus mee/al op olifant5 plaats heeft4 ,m5 drijft d5 tijg] uit zijn leg]1 en dr+t van alle kant5 op hem aan4 ,als de tijg] nu tot het uit]/e g$rev5 wordt en ge5 uitkom/ ziet1 spr+t hij soms op d5 rug van d5 olifant en grijpt d5 jag]4 ,zulke ja*t5 hebb5 dikwijls e5 treurig5 afloop4 ,er zijn ook vele gevall5 bek5d van reizig]s die e5sklaps door tijg]s aangevall5 w]d54 ,om des na*ts op reis veilig te kunn5 slap51 is het g5oeg dat m5 e5 groot vuur aanlegt1 want de tijg]s zijn bang voor vuur1 (s*oon het niet altijd e5 voldo5d middel is om leeuw5 op e5 af/& te h\d54 ,(s*oon de tijg] h>dnekkig v]volgd wordt1 s*ijnt zijn getal to* niet te v]m9d]53 9 de prov9cie ,k&ei/h alle5 w]d5 er 9 de j>5 #ahbe-ahbi duiz5d twee en d]tig tijg]s g$ood4 ,op ,sumatra zijn geheele dorp5 door de aanvall5 d] tijg]s onbewoond g]aakt2 het volk durft h5 uit e5 godsdi5/ig vooroordeel niet dood51 want zij geloov5 dat doode m5s*5 9 de g$aante van tijg]s t]ug kom54 ,de huid van d5 tijg] is rooda*tig geel1 aan de zijd5 met zw>te dw>s/rep5 geteek5d1 aan d5 buik zw>t ge/reept1 zw>te r+5 op d5 /a>t1 witte ond]k9 en lipp54 ,als de tijg] v]zadigd is brult hij1 en als hij van plan is e5 aanval te do5 laat hij e5 kort en s*]p gehuil hoor52 e5 eig5a>dig blaz5 door de neusgat51 dat veel van niez5 heeft1 geeft tevr$5heid en e5e vri5delijke /emm+ te k5n54 ,(s*oon de tijg] ze] veel kra*t bezit1 en door het kreupelbos* s*uifelt1 zooals alle katt5 do5 die hun prooi onv]wa*ts aanvall51 wordt hij to* dikwijls het sla*t(f] van e5 &]1 ev5 wre$ en v]s*eur5d di]4 ,de rivi]5 en m]5 9 de heete l&5 word5 bewoond door v]s*ill5de soort5 van krokodill54 ,9 d5 ,nijl leeft de e*te krokodil1 9 ,sur9ame de kaaiman ( alligator1 en 9 d5 ,ganges de gaviaal3 het is ov] deze laat/e soort dat wij hi] sprek54 ,deze groote en afs*uwelijke di]5 ligg5 f 9 de /ral5 d] middagzon op e5 z&bank te slap51 f geheel 9 het wat] v]s*ol51 behalve de oog5 en neusgat5 die bov5 de opp]vlakte van het wat] uitkom52 z blijv5 zij beweg+loos ligg5 wa*t5 op e5 ( &] di] dat bij de rivi] komt4 ,als de gavial5 op e5 z&bank ligg51 kan m5 h5 nauwelijks ond]s*eid51 want dan gelijk5 zij veel op doode boom/amm54 ,de gaviaal valt op tweerlei wijze aan4 ,is zijn prooi di*t bij1 dan grijpt hij het di] 9 zijne v]s*rikkelijke kak51 en sleept het na> d5 bodem d] rivi]4 ,( wel hij blijft op de z&bank ligg51 en zoodra e5 di] het wat] nad]t1 slaat hij het met zijn /a>t 9 het wat]1 met me] beh5digheid dan e5 koetsi] met zijn zweep4 ,als hij op die mani] het di] tuss*5 zijne kak5 heeft gekreg51 v]s*eurt hij het ond] wat]4 ,de gaviaal is geheel +]i*t voor het lev51 wa>toe hij be/emd is4 ,hij is b$ekt met s*ubb5 die sam5ge/eld zijn uit plat5 van v]s*ill5de grootte1 en sam5gevoegd word5 door vleezige s*>ni]54 ,als wap5 om aan te vall5 ( om zi* te v]d$ig51 bezit hij lange rij5 s*]pe t&51 en d5 lang5 buigzam5 /a>t1 wa>m$e hij e5 di] kan v]morsel52 9 n woord de gaviaal is het s*rikwekk5d/e en vreesselijk/e di] dat 9 het wat] leeft4 ,zijne kle9e1 gro5e1 glazige oog51 zond] e5ige uitdrukk+1 /ek5 bov5 het hoog/e g$eelte van d5 kop uit1 zoodat het di] 9 /aat is zijn geheele li*aam ond] wat] te dompel51 en to* alles te zi5 wat er bov5 het wat] voorvalt4 ,(s*oon zijne beweg+5 gewoonlijk traag zijn1 kan hij to* ze] vlug op het l& vooruit kom51 en m5 heeft hem dikwijls zoo haa/ig uit het wat] zi5 s*iet51 dat m5 hem moeielijk met het oog kon volg54 ,de gaviaal is de groot/e van alle hag$isa*tige di]51 hij wordt dikwijls van #e tot #f met] lang4 ,ev5als hij op buffels en &]e zoogdi]5 lo]t1 ri*t hij ook ond] de viss*5 groote v]woe/+5 aan1 en alle lijk5 die 9 d5 ,ganges geworp5 word51 word5 zijn prooi4 ,de geloovige ,h9does lat5 zi*1 als zij op /]v5 ligg51 na> de heilige rivi] br5g51 en word5 ook somtijds door d5 gaviaal aangevall5 en v]s*eurd4 ,wat de kleur5 betreft1 gelijkt de gaviaal op d5 krokodil1 en heeft1 ev5als deze1 klauw5 aan de drie b9n5/e te554 ,zijne a*t]poot5 gelijk5 op die van d5 krokodil1 ma> de neks*ild5 op die van d5 alligator4 ,de e]/e en vi]de t& aan beide zijd5 van de ond]kaak1 /ek5 bov5 de &]5 uit1 en vall5 9 e5 holte van de bov5kaak4 ,aan het e9d van de kaak vorm5 de met klepp5 b$ekte neusgat5 e5 kraakbe5ig1 vooruit/ek5d kuss54 ,9 het weefsel van het ooglid ligt e5 kle9 be5plaatje1 en ond] de b5$5kaak ligg5 e5 pa> kli]51 die e5 na> muskus riek5de /( afs*eid54 ,nu wij e5 kort ov]zi*t hebb5 gegev5 van de beide di]5 die op de plaat zijn afgebeeld1 zull5 wij zi5 op welke wijze zij met elk&] ve*t52 e5 geve*t1 wa>bij altijd e5 van beid5 het lev5 v]lie/4 ,de zon is zoo ev5 opgekom51 en wekt de gev$]de bos*bewon]s uit hun slaap4 ,zij s*udd5 de dauwdroppels van hunne v$]51 en hun morg5gezang kl9kt door het w\d1 t]wijl de tijg]1 v]gezeld van zijn wijfje1 na> d5 /room gaat om zijn dor/ te less*51 voordat hij zijn leg] opzoekt wa>9 hij d5 dag zal doorbr5g54 ,za*tjes doorkruis5 zij het welbek5de kreupelbos*1 onv]s*illig voor de vroolijkheid die h5 omgeeft4 ,de speels*e aap sl+]t zijn buigzaam li*aam door de takk51 en op het zi5 van zijn mee/ gevreesd5 vij&1 grijn/ hij van wo$e en vrees4 ,de beide di]5 b]eik5 d5 /room1 ma> de tijg]9 die voorzi*tig] is dan de tijg]1 blijft 9 het di*te kreupelbos* /aan2 de tijg] /apt 9 het wat]1 en beg9t te dr9k54 ,de gaviaal heeft miss*i5 ur5 lang op die geleg5heid aan d5 oev] ligg5 te wa*t54 ,met e5 nauw m]kb>e beweg+ trekt hij zijne s*ubbige poot5 teg5 zijn li*aam1 en zoodra de tijg] beg9t te dr9k51 grijpt de kra*tige gaviaal d5 kop van het ongelukkige di] tuss*5 zijne kak54 ,met e5 half gesmoord5 kreet van wo$e en s*rik beproeft de tijg] zi* van d5 wre$5 vij& te ontslaan1 ma> deze doet wat hij kan om hem 9 de rivi] te trekk54 ,nietteg5/a&e de hevige pijn grijpt de tijg] hem met zijne poot51 ma> zijne s*]pe klauw5 glijd5 af op d5 s*ubbig5 kop van d5 gaviaal4 ,/ap voor /ap wordt de tijg] van d5 oev] gesleurd1 (s*oon hij wanhopig teg5 zijn v]s*rikkelijk noodlot /rijdt2 ma> als hij diep] 9 het wat] komt1 wordt zijn teg5/& all5gs zwakk]1 t]wijl de gaviaal1 die nu 9 zijn elem5t is1 alle kra*t5 inspant om d5 kop van d5 tijg] ond] wat] te duw54 ,na e5ige kra*tige pog+5 v]dwijnt hij met zijn prooi 9 de diepte1 en duikt na> d5 bodem d] rivi]4 ,enkele cirkels aan de opp]vlakte van het wat] en e5 pa> onheilspell5de roode /rep5 zijn de e5ige teek55 van het v]s*rikkelijke en blo$ige geve*t dat hi] heeft plaats gehad4 ,,li/ ,,teg5ov] ,,kra*t4 ,het h]t van ,canada ( de wapiti van ,noord-,am]ika is zek] het edel/e di] dat er be/aat4 ,(s*oon hij niet zoo groot is als de el&1 is hij veel bevallig]1 en veel regelmatig] geb\wd4 ,het is e5 pra*tig gezi*t als het edele h]t zijn na*tleg] v]laat en na> het veld gaat1 t]wijl zijn li*aam gl9/]t van de talrijke dauwdruppels4 ,het h\dt zijn bevallig5 kop re*t op1 en het veeltakkige gewei ru/ op zijne s*\d]s4 ,bij het m9/e g]uis* /eekt het zijne oor5 op1 en de omgekrulde bov5lip en het ong$uldige trappel5 met de voorpoot5 duid5 e5 vurig ge/el aan4 ,9 d5 h]f/ is de wapiti 9 de volle bewu/heid van zijn kra*t2 dan vree/ hij ge5 geva>1 en v]gezeld van zijne wijfjes die na> hem als ha> bes*]m] opzi51 leeft hij zond] vrees voor de aanvall5 van di]5 die hem op &]e ja>getijd5 v]volg54 ,9 d5 w9t] kan hij door de dikke sneeuw niet vlu*t5 ( zi* teg5 zijne vij&5 v]d$ig52 9 de l5te1 als hij uit gebrek aan het noodige vo$sel mag] en zwak is1 en zijn gewei mi/1 dat 9 de e]/e ma&5 van het ja> afvalt1 is de wapiti sle*ts e5 s*im bij wat hij gewee/ is en nauwelijks 9 /aat zi* teg5 d5 m9/e van zijne vij&5 v]d$ig54 ,dan vlu*t hij 9 het kreupelh\t1 en blijft zooveel mogelijk uit het gezi*t1 dan s*uwt hij zelfs het gezels*ap van &]e h]t51 en blijft zoolang v]borg5 totdat zijn gewei we] gegroeid is4 ,de takk5 van zijn groot gewei groei5 v]baz5d snel4 ,kort nadat het afgevall5 is1 komt er aan elk5 kant van d5 kop e5 knobbeltje te voors*ijn1 b$ekt met e5e za*te zelf/&igheid die veel op fluweel gelijkt4 ,9 dit knobbeltje vloeit blo$1 dat het gewei g$ur5de de v]d]e ontwikkel+ vo$t4 ,de jonge hor5s zijn 9 dez5 tijd zoo te$]1 dat de m9/e /oot ( wond aan het za*te bekle$sel het aan 't blo$5 maakt1 en da>om v]s*uilt de wapiti zi* gewoonlijk totdat het gewei zijn voll5 wasdom b]eikt heeft4 ,als de hor5s h>d geword5 zijn1 s*ilf]t de za*te huid die h5 bekle$de 9 lange /rook5 af2 ze zijn dan zuiv] wit1 ma> word5 door de zonne/ral5 spo$ig bru9 gekleurd4 ,g$ur5de de l5te en d5 zom] lev5 de wijfjes met de jong5 9 kle9e troepjes4 ,zij kunn5 zi* moeielijk v]d$ig5 als de mannetjes er niet bij zijn1 en als zij door e5 ro(di] ov]vall5 word51 zijn zij g5oodzaakt te vlu*t54 ,ha> geva>lijk/e vij& is de poema1 (1 zooals m5 hem somtijds noemt1 de noord-am]ikaans*e leeuw1 di5 zij gelukkig zeld5 ontmoet54 ,dit di] is de groot/e en /]k/e tijg] die 9 de /rek5 leeft die door d5 wapiti bewoond word54 ,(s*oon hij mee/al des na*ts rondzw]ft1 gaat hij ook wel bij dag op ro( uit1 en sluipt dan za*tjes door het bos* om het e5 ( &] di] aan te vall54 ,de poema is ze] li/ig1 zooals uit het volg5de voorval blijkt4 ,e5 jag] die het groot/e g$eelte van d5 dag ja*t gemaakt _h op e5 poema1 zag1 to5 hij e5 e9d weegs geloop5 _h1 telk5s de spor5 van e5 man en van zulk e5 tijg]1 en weldra kwam hij op het v]mo$5 dat het li/ige di] e5 omweg gemaakt _h en a*t] d5 man gekom5 01 en zoodo5de de v]volg] 0 geword5 9 plaats van d5 v]volgde4 ,9 plaats van v]d] te gaan1 g+ hij a*t] e5 boom /aan1 en wa*tte met zijn gelad5 gewe] d5 sluipmoord5a> af4 ,kort da>na zag hij d5 poema voorzi*tig aan kom5 sluip52 het di] besnuffelde zijn voetspoor en zo*t ov]al om d5 jag]4 ,deze wa*tte e5 gun/ig oog5blik af en gaf vuur2 het di] viel gelukkig op de plaats dood n$]4 ,het 0 e5 mannetje van de groot/e soort4 ,9 d5 w9t] beproeft de poema dikwijls te v]geefs d5 wapiti aan te vall51 want de wapiti's kunn5 kra*tig5 teg5/& bi$51 en de h9de wordt gewoonlijk v]gezeld van d5 bok1 wi5s h>de hor5s niet te m9a*t5 zijn4 ,dan br5gt de tijg] e5 bezoek aan de s*aapskooi1 wa> hij ond] de v]s*rikte en hulpelooze s*ap5 groote ont/elt5is v]oorzaakt4 ,als de tijg] zulk e5e geleg5heid v9dt1 doodt hij me] s*ap5 dan hij noodig heeft om zijn hong] te /ill54 ,wordt e5 tijg] door e5 jag] met zijne hond5 v]volgd en 9 't nauw gebra*t1 dan vlu*t hij op e5 boom1 en gaat op e5 dikk5 tak ligg52 da> ziet hij ru/ig op zijne vi]voetige v]volg]s ne]1 die toornig om d5 boom he5loop51 en 9 hunne v]geefs*e pog+5 om bij hem te kom5 bij d5 /am op gaan /aan4 ,ma> nu wordt de tijg] door e5 s*ot doodelijk gewond en is g5oodzaakt zijne s*uilplaats te v]lat52 hij valt te midd5 van zijne v]volg]s en v]d$igt zi* h>dnekkig4 ,zeld5 wordt de tijg] dan ook afgemaakt1 voordat e5ige hond5 door zijne klauw5 en t&5 g$ood zijn4--,nu wij e5 ov]zi*t gegev5 hebb5 van zijne lev5swijze en gewoont51 zull5 wij zi5 hoe het komt dat de tijg] en de wapiti soms aan 't ve*t5 g]ak54 ,e5 troepje vr\welijke wapiti's loopt door het bos*1 om e5e ges*ikte plaats te zoek5 wa> zij d5 na*t kunn5 doorbr5g54 ,nu zij niet v]gezeld zijn van h>e bes*]m]s1 die 9 dit ja>getijde afgezond]d lev51 v]tr\w5 zij op ha> s*]p gezi*t en gehoor en op h>e vlugheid4 ,ge5 vij&ig gebrul wordt 9 het bos* gehoord4 ,ma> ha> groot/e vij& bespi$t de zorgelooze di]5 met vurige blikk54 ,hij ziet ha> gehuppel1 en sluipt op zijne fluweel5 poot5 na> d5 ov]hang5d5 tak van e5 blad]rijk5 boom1 en wa*t op de kom/ van de h]t54 ,da> ligt hij1 als uit m>m] geh\w53 m5 bespeurt ge5 &] teek5 van lev5 als de onwillekeurige beweg+ van de klauw51 die telk5s van de gladde s*ors afglijd54 ,za*tjes kom5 de bevallige1 s*uwe h]t5 aanhuppel51 zij h\d5 telk5s e5s /il om te snuffel5 ( om met opge/ok5 oor5 na> de kom/ van e5 vij& te lui/]54 ,ma> zij hoor5 ( ruik5 niets1 en onbek5d met de grootte van het geva>1 loop5 zij ond] d5 boom door4 ,de tijg]1 wi5s natuurlijke wre$heid nog v]hoogd is door het lange va/51 spr+t e5sklaps op d5 bre$5 rug van zijn sla*t(f]4 ,de arme wapiti is e5 oog5blik als v]lamd door het onv]wa*te van d5 s*ok1 en bezwijkt ond] het gewi*t van het v]s*rikkelijke di]2 ma> de ang/ v]le5t hem nieuwe kra*t5 en hij ijlt door het bos*1 t]wijl zijn wre$e vij& zijn vlees* met zijne klauw5 en t&5 op5rijt4 ,het gebrul van d5 tijg] en het gejamm] van het gewonde h]t br5gt de &]e bos*bewon]s op de be52 all5 vlu*t51 behalve de groote ooruil1 die 9 zijn slaap wordt ge/oord2 hij volgt de twee di]51 hop5de zijn a&eel te krijg5 9 het ga/maal dat op h&5 is4 ,de wapiti1 wi5s kra*t5 all5gs m9d] word51 begrijpt dat hij zi* van zijn geva>lijk5 metgezel moet bevrijd51 want dat hij &]s ond] zijne klauw5 zal bezwijk52 hij draaft voorbij de dikke boom/amm51 en s*uurt er teg5 aan1 v]geefs moeite do5de d5 tijg] van zijn rug af te krijg54 ,do* al zijn moeite is v]geefs2 e5sklaps ziet hij e5 dood5 boom/am die dw>s ov] d5 weg en e5ige voet5 bov5 d5 grond ligt4 ,de wapiti ijlt er na> toe1 bukt zi* en kruipt er ond] door2 de tijg] s*uurt met geweld teg5 d5 boom/am aan1 zoodat hij g5oodzaakt is zijn prooi los te lat52 de tijg] valt1 en de wapiti v]dwijnt 9 het di*te bos*4 ,de tijg] brult van wo$e1 slaat met zijn lang5 /a>t en sluipt za*tjes weg2444 ,m5 ziet hi]uit dat li/ dikwijls veel v]mag teg5ov] kra*t4 ,,snuffela>s ,,op ,,zee4 ,nadat het s*oone s*ip m5ig5 /orm heeft doorge/aan1 lijdt het t5 laat/e s*ipbreuk op de ku/4 ,het is door de woe/e golv5 geheel uite5 geslag51 en de plank5 ligg5 v]/rooid op het /r&4 ,de lad+ spoelt weg1 en de s*oone zeemeeuw5 vlieg5 er he54 ,zij zwev5 bov5 d5 eetb>5 voorraad1 ( zett5 zi* ne] op iets dat ha> bijzond] bevalt4 ,zij betwi/5 elk&] met s*rille kret5 d5 buit en haa/5 zi* het g]o(de 9 h>e ivor5 bekk5 weg te drag54 ,zij vlieg5 9 zw]m5 bov5 het ge/r&e s*ip1 en h>e zilv]5 v$]5 /ek5 teg5 de donk]e wolk5 af4 ,ond] de zeevogels zijn er ge5 die bevallig] en s*oon] zijn dan de w]kzame1 vroolijke1 zuiv] witte zeemeeuw54 ,e5 vlu*t van deze vogels gelijkt me] op sneeuwvlokk5 dan op lev5de s*epsels2 als sneeuwvlokk5 zwev5 zij ov] de golv5 ( ov] het kale /r&4 ,de zee1 die door duiz5de s*epsel5 van all]lei g$aant5 bewoond wordt1 z\ wa>lijk ze] treurig zijn indi5 er ge5e zeevogels w>5 om ha> te v]vroolijk54 ,als wij ha> b\w gadeslaan1 die zoo geheel 9 ov]e5/emm+ is met het lev5 wa>toe zij be/emd zijn1 zi5 wij hoe talrijk de middel5 zijn wa>ov] de ,s*epp] kan bes*ikk56 ,op alle zeen v9dt m5 deze vogels1 van de groote zeemeeuw met zw>te rugv$]51 tot de kle9e zeemeeuw die niet groot] is dan e5 zwaluw4 ,9 w>me l&5 blijv5 deze vogels het geheele ja> ov]2 ma> zij v]lat5 de noordelijke l&5 zoodra de w9t] 9 aanto*t is1 want dan is de zee met e5 ijskor/ b$ekt1 en zijn de meeuw5 dus van ha> gewone vo$sel v]/ok54 ,hoe bevallig pl(f5 zij 9 de zee n$] om viss*5 te vang56 ,ov]al we]kl9k5 h>e zegekret51 somtijds ook kret5 van grams*ap1 als e5 /]k]e vogel ha> het vo$sel ont/eelt4 ,m5 wordt duizelig als m5 de ontelb>e zw5k+5 van deze witte vogels gadeslaat1 ma> m5 wordt tev5s getr(f5 door de v]s*eid5heid1 s*oonheid en snelheid van hunne gemakkelijke beweg+54 ,m5 v9dt deze bevallige vogels niet alle5 langs de ku/51 ma> ook hond]de mijl5 van het l& v]wijd]d4 ,(s*oon zij zoo li*t zijn dat m5 z\ d5k5 dat de w9d h5 mee moet vo]51 kunn5 zij to* gemakkelijk e5 /orm we]/aan2 nu e5s balance]5 zij op hunne vleugels1 dan zw5k5 zij w$] ev5als s*ep5 teg5 d5 w9d 94 ,als de zeemeeuw v]moeid is door lang te vlieg51 gaat zij op het wat] zitt52 zij v\wt h>e lange vleugels ov] d5 rug1 en blijft dan ru/ig zwemm51 onv]s*illig voor de golv5 die ha> li*aam telk5s 9 de hoogte sl+]54 ,de zeevogels mak5 niet all5 ne/52 sommig5 legg5 hunne ei]5 9 het z&1 &]5 op kale rots52 dit zijn vooral zulke zeevogels1 die gewoon zijn op ov]hang5de klipp5 te bro$5 en hunne jong5 te v]zorg54 ,elke l$ige ruimte wordt soms +5om5 door duiz5d5 van alk51 zeekoet5 en d]gelijke vogels1 die hunne ei]5 op de rots5 legg52 v]d]op vorm5 de zeemeeuw5 e5 kolonie1 en vo$5 en v]zorg5 h>e jong54 ,d5 geheel5 dag wemelt het op de rots5 van ontelb>e vogels2 de e5 br5gt vo$sel aan zijne jong5 en de &] gaat het zoek54 ,als zij ge/oord word51 vliegt e5sklaps de geheele bevolk+ op1 hetwelk e5 g]aas geeft als ( het 9 de v]te dond]t4 ,(s*oon zij 9 ontelb>e m5igte bije5 lev51 zijn zij altijd vri5ds*appelijk ond] elk&]1 en als hunne pli*t5 v]vuld zijn1 zoekt elk zijn woonplaats we] op4 ,zoo volg5 die snuffela>s op zee alle hun eig5a>dige lev5swijze1 zond] dat de e5 d5 &] le$ doet4 ,,e5 ,,tropis*e ,,badplaats4 ,9 ,afrika lev5 de mee/e groote di]54 ,9 de woe/ijn5 zw]v5 kudd5 antelop51 die dag5 lang zond] e5 enkel5 druppel wat] kunn5 lev51 en de boss*5 word5 bewoond door kudd5 reusa*tige olifant51 die 9 /atig5 opto*t ond] de s*aduw5 van het geboomte voortloop54 ,het groote1 lompe neu%oorndi] komt met zijne kle9e1 boosa>dig flikk]5de oog5 uit het kreupelbos* kijk5 en is na> all5 s*ijn 9 diep gepe9s v]zonk52 de trots*e giraffe loopt met groote s*r$5 door de blad]rijke boss*54 ,ook bavian5 ziet m5 deftig 9 e5e ple*tige v]gad]+ bije52 zij b]aadslag5 met elk&] ov] e5 ( &] gewi*tig ond]w]p van hunne hui%\d+ en word5 door e5 grijz5 patri>* 9 b$wang geh\d51 die op kra*tige wijze de go$e orde h&haaft4 ,de kon9klijke leeuw en de luipa>d zijn er ook aanwezig1 ma> blijv5 9 hun leg] totdat de na*t invalt2 dan gaan zij op ro( uit1 gevolgd door d5 lafh>tig5 hy5a en d5 keff5d5 jakhals4 ,ov]al ziet m5 vreemde vogels1 van d5 langhalzig5 secret>is1 die ov] de vlakte /apt om na> slang5 te zoek51 tot de w]kzame kle9e wev]vogels1 die 9 luidru*tige groep5 hunne groote ne/5 op de boom5 mak54 ,9 de rivi]5 lev5 ontelb>e krokodill51 die onbewegelijk op d5 oev] ligg51 t]wijl groote kudd5 nijlpa>d5 zi* 9 het wat] v]mak54 ,dus ov]al di]51 9 zulk e5 one9dige v]s*eid5heid en m5igte1 dat ,afrika me] op e5 groot5 di]5tu9 gelijkt1 dan op e5 l& wa>9 ook m5s*5 won54 ,ond] de vi]voetige di]5 trekt de olifant vooral onze a&a*t1 zo[el door zijne grootte als door zijne s*r&]heid4 ,groot] dan de olifant van ,azi1 v]s*ilt hij er ook nog 9 vele &]e opzi*t5 van4 ,hij heeft buit5gewoon groote oor52 als hij ze a*t]ov] w]pt1 reik5 zij voorbij de s*\d]s en b$ekk5 het geheele voor/e g$eelte van zijn li*aam1 en als hij ze na> vor5 w]pt1 b$ekk5 zij d5 geheel5 kop1 zoodat het s*ijnt als( hij e5 pa> groote1 le]a*tige vleugels heeft4 ,beide sex5 bezitt5 slagt&51 en het wijfje heeft dus e5 groot voorre*t bov5 h>e aziatis*e zu/]1 die deze v]d$ig+smiddel5 mi/4 ,de olifant1 die met het nijlpa>d en het neu%oorndi] tot de orde d] dikhuidig5 behoort1 leeft altijd 9 groote troep52 het mannetje bes*]mt het wijfje en de jong5 als zij aangevall5 word54 ,hij heeft ge5 r$5 om bang te zijn voor de mee/e wilde di]51 (s*oon het wel e5s gebeurt dat hij aan 't ve*t5 g]aakt met het ontemb>e neu%oorndi]1 dat1 als het ond] het li*aam van zijn groot5 teg5/&] valt1 zijn lang51 s*]p5 hoorn 9 het lijf van d5 olifant /oot1 wa>door deze weldra dood t] a>de valt4 ,e5 soort van tijk5 en vele &]e insekt5 lev5 op de huid van d5 olifant1 en v]oorzak5 hem veel la/4 ,om zi* van deze la/ige insekt5 te bevrijd51 neemt hij zijn toevlu*t tot e5 ze] s*r&] en kra*tdadig middel4 ,hij zoekt e5 modd]ig5 poel op en gaat er 9 ligg5 roll5 als e5 v>k54 ,als hij dik met de klev]ige modd] b$ekt is1 /aat hij op en is nu geheel wit1 rood ( zw>t1 na> de kleur van de modd]2 da>na gaat hij zi* 9 de zon droog51 en wa*t ur5 lang totdat de modd]kor/ droog en h>d is geword54 ,dan s*udt hij zijn li*aam1 wa>door de modd] loslaat2 alle insekt5 zitt5 nu 9 de h>de kor/1 en het s*r&]e di] gaat he51 en is voor e5ig5 tijd w$] van zijne kwelgee/5 bevrijd4 ,ov] 't algeme5 wordt de olifant ze] oud1 ma> zoodra er e5 uit de kudde ziek wordt1 jag5 de &]5 hem uit hun midd54 ,nu het arme di] wel g5oodzaakt wordt zijn gezels*ap te v]lat51 zoekt het e5e plaats op die bij de jag]s ond] d5 naam van de begraafplaats van d5 olifant bek5d is1 en blijft da> tot aan zijn dood4 ,hoe v] deze bijzond]e plaats ook v]wijd]d moge zijn1 to* spant hij al zijne kra*t5 9 om ha> te b]eik51 als( hij onmogelijk erg5s eld]s z\ kunn5 /]v54 ,9 de laat/e j>5 zijn de olifant5 diep] 9 het l& doorg$rong51 want de jag]s v]volg5 h5 h>dnekkig1 vooral om de slagt&5 die e5 ze] ko/ba> h&els>tikel zijn4 ,e5e groote kudde van deze reusa*tige di]5 moet e5 pra*tig s*\wspel oplev]51 en de we9ige ,european5 die zulk e5 kudde 9 't wild gezi5 hebb51 gev5 er opgetog5e bes*rijv+5 van4 ,h>ris1 de e]/e reizig] die 9 het ,ca%an-geb]gte doordrong1 spreekt van e5 pra*tig panorama dat zi* e5sklaps aan zijn oog v]toonde4 ,het geheele l&s*ap 0 b$ekt met wilde olifant54 ,er w>5 niet m9d] dan driehond]d bij elk&]4 ,ov]al w>5 zij v]spreid1 op de gro5e heuvels en 9 het dal2 het 0 e5 zw>te lev5de massa2 sommig5 w>5 g$eeltelijk v]borg5 a*t] boom5 die door h5 v]nield w]d51 &]5 /ond5 maje/ueus ov]e9d1 en droeg5 boomtakk5 9 hunne snuit51 wa>m$e zij zi* voor de vlieg5 bes*]md54 ,op d5 a*t]grond zag m5 e5e blauwe b]gket51 die hi] ze] /eil 0 en e5 v]hev5 en treff5d s*\wspel aanbood4 ,zulke tooneel5 g5iet5 dikwijls zij1 die hun lev5 en gezondheid veil hebb5 voor de wet5s*ap1 ( voor hun geliefkoosd b$rijf1 de ja*t4 ,gewoonlijk bad5 de wilde olifant5 zi* des na*ts1 ma> als de dag ze] w>m is1 zoek5 zij de rivi] op om zi* te v]friss*54 ,zij gaan er ze] voorzi*tig 91 h\d5 telk5s e5s /il om te lui/]5 ( zij ook e5 vij&ig geluid hoor51 ( om zi* door hun buit5gewoon s*]p5 reuk van de nabijheid van d5 e5 ( &]5 vij& te ov]tuig54 ,9 hun badplaats gaat het vroolijk toe2 de groote di]5 dompel5 zi* geheel ond] wat]1 ( /aan er 9 en slurp5 groote hoeveelh$5 wat] 9 hunne snuit5 op1 om het ov] hunne rugg5 ( die van hunne bur5 te spuit54 ,de logge nijlpa>d51 die door de onv]wa*te kom/ van de olifant5 ge/oord word51 kom5 bov5 wat] en w]p5 door hunne neusgat5 dikke /ral5 wat] 9 de lu*t2 zij op55 hunne bekk51 lat5 de groote t&5 zi5 en />5 na> de onwelkome indr+]s2 grijnz5de ap5 gev5 door all]lei grimass5 en bela*elijke geb>5 hunne afkeur+ ov] het geheele gezels*ap te k5n54 ,zoo iets ziet elke reizig] 9 de b9n5l&5 van ,afrika1 en er is zek] niets wat me] het h>t van de natuurvors*]s v]kwikt1 nadat zij wek5 lang omgezworv5 hebb5 en blootge/eld w>5 aan de wo$5de elem5t51 aan aanvall5 van wilde di]5 ( van wilde m5s*51 dan e5sklaps e5 tooneel voor oog5 te hebb5 zooals wij op onze plaat zi5 afgebeeld1 e5 tooneel1 dat met re*t e5 tropis*e badplaats g5oemd kan word54 ,,e5 ,,gelukkig ,,huisgez94 ,van alle di]5 die 9 de di*te boss*5 d] w>me l&5 lev51 zijn er ge5 die belangwekk5d] zijn dan de ond]s*eid5e soort5 van ap5 en bavian54 ,zij ond]zoek5 alles wat 9 hun b]eik is1 en met e5 ern/ die grappig is om aan te zi51 boots5 zij elke5 na4 ,de bavian5 lev5 9 troep5 van n ( me] familin1 die gewoonlijk be/uurd word5 door e5 grijz51 ern/ig5 a>tsvad]1 die de orde h&haaft1 de nieuwe l$5 ond]ri*t en h5 9 b$wang h\dt1 hetge5 somtijds ges*i$t door het uitdeel5 van oorveg5 en klapp54 ,de ap5 zijn vrijpo/ig en li/ig1 en ri*t5 dikwijls groote v]woe/+5 9 de tu95 en koornveld5 aan4 ,hi]9 zijn zij ze] b$rev52 e5ig5 gaan op d5 uitkijk /aan om de diev5 te wa>s*uw5 en 9 e5 oog5blik zijn de veld5 van hunn5 oog/ b]o(d1 t]wijl de buit wordt m$eg5om54 ,niet alle5 /el5 zij eetb>e w>51 ma> m5 v]haalt ook van e5 k9d dat door e5 troep bavian5 ge/ol5 w]d4 ,m5 vond de ap5 rondom het k9d zitt51 dat vol/rekt ge5 letsel bekom5 _h4 ,zond] twijfel w>5 zij ern/ig met elk&] aan het b]aadslag51 ( zij d5 nieuwel+ al ( niet 9 hun huisgez9 z\d5 opnem54 ,de bavian5 zijn ze] bevreesd voor slang51 en v]mijd5 ha> zooveel mogelijk1 door op de takk5 d] boom5 ( op e5e hooge rots te gaan zitt51 en da> hun toorn en afke] ov] het kruip5d g$i]te door geb>5 te k5n5 te gev54 ,e5 inboorl+ van ,afrika bezat e5 tamm5 baviaan2 s*]ts5d]wijze sloeg hij hem e5e doode slang om d5 hals4 ,de baviaan bleef dood/il zitt5 en beefde v]s*rikkelijk2 hij durfde zi* niet v]ro]51 en to5 de man de slang wegnam1 vlu*tte hij 9 de hut van zijn mee/]1 en s*ool weg 9 e5 hoek4 ,de eig5a> riep hem om bij hem te kom51 ma> de baviaan weig]de1 en to5 de man hem voor zijne ongehoorzaamheid sloeg1 vloog de baviaan op hem aan4 ,hi]op volgde e5 hevig geve*t2 m5 kon de /rijd5d5 bijna niet zi5 door het /( en door de as* van het vuur dat 9 de hut br&de2 e5sklaps vlu*tte de baviaan uit de hut1 en g+ na> de b]g54 ,zijn mee/] 0 vreeselijk gewond1 en moe/ e5ige wek5 het b$ h\d54 ,zoodra hij h]/eld 01 g+ hij met zijn gewe] uit1 va/ beslot5 om zi* op zijn gewez5 lievel+ te wrek54 ,nadat hij e5ig5 tijd te v]geefs gezo*t _h1 zag hij t5 laat/e d5 baviaan met e5ige kam]ad5 op e5e rots zitt5 en na> hem glur54 ,oog5blikkelijk gaf hij vuur1 ma> de baviaan trok zijn kop t] zijde1 en hield e5 van zijne kam]ad5 als e5 s*ild voor zijn li*aam4 ,hij 0 zoo vlug en beh5dig 9 zijne w5d+51 dat de man g5oodzaakt 01 zijn v]lang5 om hem te /raff5 op te gev51 en teleurge/eld na> huis g+4 ,de bavian5 vall5 i$] aan die h5 te na komt1 en gev5 hun afke] door s*orre geluid5 te k5n54 ,e5 reizig] v]haalt het volg5de3 ,de onga/vrije beh&el+ d] bavian5 spoorde ons aan om h5 e5s e5e be/raff+ toe te di554 ,wij beantwoordd5 de uitdag+ van e5 onbes*aamd5 troep ap5 met twee gewe]s*ot54 ,de bavian5 g+5 na> de plaats wa> de e]/e kogel gevall5 01 en krabd5 met de nagels van de v+]s 9 het lood4 ,de twe$e kogel tr( e5 van de oud/e bavian51 e5 ze] groot5 man1 zooals de ,hott5tott5 hem noem52 hij 0 ev5 groot als e5 newf\ndl&s*e hond1 en te oordeel5 na> zijn e]wa>dig uit]lijk1 t&elooz5 bek en witte bakkeba>d51 0 hij zek] e5 groote mijnhe] gewee/4 ,deze ramp v]wekte e5e buit5gewone ont/elt5is1 en er hadd5 vele a&o5lijke tooneel5 plaats4 ,ond] e5 v]s*rikkelijk ges*reeuw en gehuil liep de troep 9 alle ri*t+5 weg1 de wijfjes grep5 h>e jong51 drukt5 ze liefkoz5d aan de mo$]lijke bor/1 en droeg5 ze 9 h>e arm5 weg4 ,de baviaan is ze] /\tmo$ig1 en ve*t wanhopig als hij aangevall5 wordt4 ,de oude mannetjes zijn ze] woe/1 en kunn5 vreeselijke wond5 toebr5g5 met hunne lange1 puntige t&51 welk] b9n5kant5 zoo s*]p zijn als e5 mes4 ,als e5 di] h5 kwaad g$aan heeft1 grijp5 zij het met de h&51 slaan de t&5 9 zijn li*aam1 en w]p5 het da>na weg4 ,ev5als alle s*epsel51 hebb5 ook de bavian5 hunne vij&51 wa>teg5 hun groote li/igheid to* niet be/& is4 ,d5 luipa>d vreez5 zij het mee/1 want het gebeurt dikwijls dat hij e5 uit hun midd5 wegneemt4 ,dan zijn zij raz5d1 en zoek5 zi* op d5 luipa>d te wrek51 die e*t] ze] onv]s*illig blijft voor hunne dreig5de h\d+54 ,zij zoek5 e5 veilige s*uilplaats op1 trekk5 afs*uwelijke gezi*t5 teg5 d5 luipa>d1 en huil5 van kwaada>digheid4 ,e5 groote baviaan loopt voor de &]5 he5 en we]1 hetge5 e5 teek5 is van wo$e en raz]nij2 tuss*5beide grijpt hij e5 kle95 aap1 en bijt hem 9 zijn li*aam om zijn wraak te koel51 hetge5 hij natuurlijk veel liev] d5 luipa>d z\ do51 als hij ma> durfde4 ,ov] 't algeme5 zijn zij e*t] ze] vre$zaam2 tuss*5beide gaan zij op ro(to*t5 uit na> de naburige veld51 wa> zij zooveel et5 als zij ma> kunn51 en zooveel mogelijk 9 hunne wangzakk5 en h&5 m$5em5 om het lat] op hun gemak op te et54 ,dit is de bezigheid van de volwass551 die de noodige orde bew>51 welke noodzakelijk is voor het welzijn van elk go$ be/uurd hui%\d54 ,de bavian5 hebb5 de gewoonte om zoo di*t mogelijk bij elk&] te kruip5 en ov] dag te slap54 ,als m5 zoo'n groep ziet1 s*ijnt het als( zij aan elk&] gegroeid zijn1 zoo di*t zitt5 zij op elka>4 ,hunne oog5 zijn geslot51 en met hunne h&5 h\d5 zij elk&] bij het ha> va/2 telk5s lat5 zij e5 tevr$5 geknor hoor5 en do5 zij hun be/ om nog di*t] op elk&] te gaan zitt54 ,op de plaat zi5 wij zulk e5 troepje1 na> all5 s*ijn zijn zij ze] tevr$5 met hunne zitplaats en van plan e5 slaapje te do54 ,e5 oude baviaan1 de leidsman van d5 troep1 zit op het e9de van de sam5gep]/e rij2 zijne arm5 zijn om zijne knien geslag5 en hij heeft veel lu/ om de ondeug5de jonge ap51 die op e5ig5 af/& zoo one]bi$ig d5 slaap van de oud]5 v]/or51 te be/raff5 en te ka/ijd54 ,e5 &]e baviaan1 zond] twijfel de huismo$]1 is a*t] de &]5 opge/aan1 en zal aan/onds 9 ton5 van v]ontwa>dig+ ha> afkeur+ te k5n5 gev51 omdat de jonge ap51 t]wijl de oud5 hun namiddagslaapje do51 zooveel kattekwaad uitvo]54 ,e5ig5 van de jong]e l$5 zijn aan 't /el5 gewee/1 en n er van doet als( hij ze] v]ontwa>digd is ov] hun onfatso5lijk g$rag4 ,ma> wij k5n5 u1 kle9e dief1 het v]ontwa>digd uit]lijk1 dat gij ze] go$ nageboot/ hebt1 b$riegt ons niet4 ,uwe dikke wang5 v]rad5 u6 ,hij zoekt e5 plaatsje op1 wa> hij veilig is voor de nieuwsgi]igheid van zijne makk]s en voor de be/raff+5 van d5 /r5g5 oud5 a>tsvad]4 ,de zitplaats van de bavian5 is go$ gekoz54 ,de w>mte d] zonne/ral51 die de boom5 met e5 g\d5 glo$ omgev51 wordt gematigd door het za*te w9dje dat door de blad]5 speelt2 de ap5 zitt5 hi] buit5 het b]eik van hunne vij&51 en het gelukkige huisgez9 is ze] tevr$5 met zijn lot4 ,,de ,,kon+ ,,d] ,,di]54 ,m5 heeft d5 leeuw altijd bes*\wd als d5 kon+ d] di]51 do* t5 onre*te2 hij is sle*ts de tyran d] di]5w]eld4 ,hij is de mo$ig/e all] katt51 ma> niet de grootmo$ig/e all] di]54 ,gre5 trots ( edelmo$igheid1 die m5 voorhe5 d5 leeuw toes*reef1 gev5 hem e5e wa>digheid en maje/eit bov5 &]e di]52 zij zijn sle*ts de uitdrukk+ van het bewu/zijn1 dat hij kra*tig is1 zi* zelv5 v]tr\wt1 en gewoon is te zegepral54 ,we9ig s*epsel5 kunn5 hem dan ook teg5/& bi$51 en des na*ts als hij op ro( uit is1 v]spreidt re$s zijn gebrul dat door de boss*5 we]galmt1 ang/ en s*rik ond] het geheele di]5rijk4 ,als hij aan zijn maaltijd is1 zal ge5 enkel s*epsel zi* v]met5 hem te /or52 all5 wa*t5 g$uldig totdat hij v]zadigd is1 en v]g5oeg5 zi* dan met hetge5 er ov]bleef4 ,zoo rege]t hij ov] het talrijke vi]voetige g$i]te dat met hem dezelfde /rek5 bewoont2 sle*ts we9ig5 die zijn gezag niet erk5n54 ,enkele di]5 intuss*5 vreez5 hem niet2 het zijn de olifant1 het neu%oorndi] en de buffel1 met wie hij tr\w5s we9ig 9 aanrak+ komt4 ,to* gebeurt het somtijds dat leeuw5 olifant5 aanvall54--,e5 reizig] die op de antelop5-ja*t 01 kwam op e5e plaats wa> ongeve] e5 dozijn olifant5 ru/ig aan hun maaltijd w>54 ,e5 van de olifant5 die zi* e5 we9ig van de &]5 v]wijd]d _h1 w]d e5sklaps door e5 leeuw en e5e leeuw9 aangevall54 ,de leeuw klom van a*t]5 bij d5 olifant op1 en de leeuw9 sloeg h>e klauw5 9 zijn keel4 ,zoodra de olifant de klauw5 van zijne bespr+]s voelde1 begon hij h>d te s*reeuw51 draafde na> e5e di*tbijzijnde rivi]1 en sloeg met zijn slurf met zooveel kra*t langs rug en zijd51 dat de leeuw5 g5oodzaakt w]d5 los te lat5 en d5 aanval op te gev54 ,dezelfde reizig] v]haalt ook van e5 leeuw die e5 buffel aanviel4 ,de leeuw sprong a*t] op het li*aam van d5 buffel1 klaut]de op zijn rug1 en sloeg de klauw5 9 zijn nek2 de buffel viel en w]d spo$ig afgemaakt4 ,h>ris v]haalt nog het volg5de3 ,wij w>5 e5s op de ja*t1 en zag5 e5 leeuw 9 het kreupelbos* ligg54 ,to5 wij er he5 r$51 s*oot de leeuw e5sklaps ond] e5 hevig gebrul uit het bos*je1 en r5de met de snelheid van e5 hazew9dhond ov] de vlakte4 ,de s*oonheid van zijne dikke1 zw>te man5 bra*t ons 9 v]zoek+ hem te v]volg51 en zoodra de leeuw zag dat hij a*t]volgd w]d1 bleef hij 9 e5 kle9 bos*je /aan1 en wa*tte 9 e5e edele en ontzagwekk5de h\d+ zijne v]volg]s af4 ,ma> hij rook /ellig dat wij kruit bij ons hadd51 want hij v]liet het bos*je en g+ op d5 top van e5 heuvel ligg54 ,zooals hij da> lag1 _h hij veel van de /e55 leeuw5 die m5 wel aan d5 +ang van tu95 ziet2 hij keek ons aan en nam e5e uitdag5de h\d+ aan4 ,to5 de kogels hoe lang] hoe di*t] bij hem ne]viel51 kreeg de toorn de ov]h& op de voorzi*tigheid2 zijne oog5 flikk]d52 hij begon hoe lang] hoe h>d] te brull5 en sloeg met d5 /a>t4 ,e9delijk tr( e5 kogel zijn poot4 ,hij sprong nu na> b5$51 de /a>t re*tuit en de man5 ov]e9d1 met oog5 die vuur s*55 te s*iet54 ,ma> hij kon onze pa>d5 niet inhal51 en ke]de h9k5d na> d5 heuvel t]ug4 ,wij hield5 niet op met s*iet52 wo$5d v]liet hij d5 heuvel en ijlde ov] de vlakte2 het blo$ /roomde uit zijn bek1 en kleurde zijne man54 ,e5 go$ gemikte kogel /uitte hem e9delijk 9 zijn va>t1 hij viel voorov] op zijn kop1 maakte e5e buitel+ en 0 dood4 ,de leeuw is e5 v]s*eur5d di]1 hij vo$t zi* met het vlees* van lev5de di]5 en van lijk54 ,somtijds valt hij m5s*5 aan1 en m5 zegt dat1 als e5 leeuw e5s m5s*5vlees* geproefd heeft1 hij het bov5 al het &]e v]kie/1 alle pog+5 9 het w]k /elt om het te v]krijg5 en da>voor dag5 lang op d5 lo] blijft ligg54 ,om deze r$5 bes*\wt m5 dez5 m5s*5et]1 zooals m5 hem noemt1 altijd als veel geva>lijk] dan &]e ro(di]51 en somtijds trekt de geheele mannelijke bevolk+ van e5 afrikaans* dorp er op uit om hem te v]volg54 ,zijn dood v]wekt de groot/e vreugde1 en de ov]w9na>s h\d5 de huid van het v]slag5e di] zegevi]5d 9 de hoogte1 opdat e5 i$] het zal zi54 ,de aanvall5 van zulk e5 m5s*5et5de leeuw zijn altijd onv]ho$s4 ,des na*ts sluipt hij om de leg]plaats he51 en zoekt e5 van de p]son5 die om het vuur zitt5 tot zijn prooi uit2 hij sluipt /il nad]bij1 neemt e5 sprong1 en grijpt het sla*t(f] met zijne klauw54 ,dat alles heeft zoo onv]wa*t plaats1 dat het gezels*ap nauwelijks d5 tijd heeft om te zi5 wat er gebeurd is1 en ge5 hulp me] kan bi$54 ,de leeuw ond]s*eidt zi* van alle &]e di]5 van het katt5gesla*t door e5 ha>bos aan d5 /a>t1 en door lange man5 die zijn hals b$ekk54 ,zijn kleur is mee/al bru+eel4 ,afrika1 bov5al ,s5egal1 ,b>b>ije1 de ,kaap de ,go$e ,hoop enz4 is het vad]l& van dit di]4 ,9 ,azi is hij m9d] v]breid2 hij leeft dr 9 ,b5gal51 ,p]zi1 9 het /roomgebi$ van d5 ,indus enz4 ,de leeuw woont niet 9 hoog/ammige boss*51 ma> 9 kreupelh\t en rietboss*54 ,op e5e bes*utte plaats graaft hij e5 ondiep5 kuil1 en br5gt da>9 d5 dag slap5de door1 om 's avonds op ro( uit te gaan4 ,de leeuw en de leeuw9 lev5 9 de groot/e e5dra*t met elk&]1 en v]d$ig5 met onbegr5sd5 mo$ hunne jong54 ,de leeuw wordt ze] oud2 te ,p>ijs hebb5 dikwijls leeuw5 #dj j>5 lang geleefd1 en te ,lond5 /i]f 9 #agfj de b]oemde leeuw ,pompejus 9 d5 oud]dom van #gj j>54 ,de leeuw9 is veel kle9] dan de leeuw1 en mi/ de pra*tige man51 die zulk e5 groot si]aad van d5 laat/e zijn4 ,zij is driftig] en wre$] dan de leeuw1 vooral als zij jong5 heeft4 ,veelal zijn er van twee tot vi] jong5 9 e5 leg]4 ,het zijn ze] a>dige di]51 die flauw ge/reept zijn2 lat] v]dwijn5 e*t] die /rep54 ,e]/ 9 het d]de ja> krijg5 de jong5 man54 ,9 /orma*tige na*t51 als de reg5 9 /room5 n$]valt en de boom5 voor de kra*t van d5 w9d moet5 zwi*t51 als de ondoordr+b>e dui/]nis nu en dan door bliksem/ral5 wordt v]li*t en de e*o de dond]slag5 h]haalt1 is de leeuw het /\tmo$ig/1 en laat hij bij voorkeur zijn gebrul hoor54 ,zelfs 9 die dui/]nis ziet zijn s*]p oog e5ige s*uwe antelop51 die1 e5 s*uilplaats voor d5 /orm zoek5d1 bev5d bij elk&] zijn gekrop54 ,met n slag van zijn poot velt hij er e54 ,dan draagt hij zijn prooi na> de rivi]1 h\dt e5 oog5blik /il om teg5 het we]li*t te brull51 en de kon+ d] di]5 beg9t zijn avondmaaltijd4 ,,e5 ,,roov] ,,gevang54 ,er zijn ge5 vogels die met m9d] g]uis* vlieg5 dan de na*tuil4 ,als e5 gee/ zweeft hij ov] het l&s*ap1 en ongem]kt nad]t hij zijne sla*t(f]s1 die 9 e5 oog5blik van d5 grond gehev5 en 9 triomf wegg$rag5 word54 ,de uil behoort bijna 9 alle w]elddeel5 te huis4 ,v] 9 de noordpool/rek51 op plaats5 wa> nooit e5 bes*aafd m5s* d5 voet heeft gezet1 leeft de groote sneeuwuil1 die bijna ev5 wit is als de sneeuw4 ,zelfs aan d5 snavel en de klauw5 heeft deze uil v$]51 zoodat hij de /r5g/e k\de kan door/aan1 en 9 de s*em]+ van d5 noords*5 w9t] is zijn oog ev5 held] en s*]p als dat van d5 ar5d 9 de /ral5 d] zon4 ,zond] vrees en vol zelfv]tr\w5 op zijne kra*t51 vliegt hij ov] de blanke veld51 ( volgt de b]5 op hunne ro(to*t5 op d5 walrus en d5 zeehond1 om d5 maaltijd met h5 te deel54 ,er zijn ook uil5 die 9 hol5 ond] d5 grond won5 en to* het dagli*t niet s*uw54 ,9 deze vreemde1 ond]a>ds*e geb\w5 leeft de uil 9 gezels*ap van d5 prairie-hond en de ratelslang4 ,ma> het valt te betwijfel5 ( de laat/e wel altijd e5 welkome ga/ is1 want zij zal somtijds wel e5s e5 van h>e m$ebewon]s v]s*eur54 ,deze kle9e hol5-uil5 zitt5 altijd aan d5 +ang van hunne won+51 om1 zoodra zij e5 al>mkreet hoor51 met v]baz5de snelheid te v]dwijn54 ,zulke kolonin van drie soort5 van di]51 die zoo we9ig bij elk&] pass51 v9dt m5 dikwijls 9 de prairien van het we/5 van ,am]ika4 ,9 de zuidelijke l&5 wordt de /ilte van d5 na*t dikwijls door het gekras van d5 k]kuil v]brok54 ,de k]kuil vree/ de nabijheid van d5 m5s* niet2 hij wordt niet zeld5 op de zold]s van oude geb\w5 midd5 9 groote /$5 gevond51 wa> hij d5 dag slap5de doorbr5gt4 ,hij is de mee/ gewone soort van uil 9 ons l&1 en t5 gevolge da>van zek]lijk zoo bek5d1 dat er hi] ge5 uitvo]ige bes*rijv+ van zijn za*t1 geela*tig1 met grijs gevlekt en ge/reept gev$]te1 ( van zijne g$aante behoeft gegev5 te word54 ,de k]kuil s*uwt ze] k\de lu*t/rek51 en wordt da>om 9 ,zw$5 ev5 zeld5 aangetr(f5 als 9 ,s*otl&1 do* komt des te me] voor 9 ,i]l&1 ,engel&1 ,n$]l&1 ,duits*l& en 9 de ov]ige g$eelt5 van het zuidelijk ,europa1 zelfs tot v] 9 ,azi4 ,ook aan de ,kaap de ,go$e ,hoop en 9 ,noord-,am]ika is hij niet m9d] geme5 dan 9 ,europa4 ,de zom]na*t5 br5gt de k]kuil onoph\delijk jag5de door1 en vangt dan kle9e knaagdi]51 moll51 vogels en vooral spitsmuiz54 ,hij v]zamelt zelfs teg5 d5 w9t] e5 voorraad van de laat/g5oemde di]tjes4 ,9 vraatzu*t doet hij voor groot]e ro(vogels niet ond]2 m5 v9dt soms #ae doode muiz5 en jonge ratt5 9 d5 omtrek van zijn ne/4 ,wa>om hij e*t] ge5 jonge duiv5 v]moordt1 da> hij zelfs zangvogels die 9 kooi5 aan de huiz5 hang5 aanta/1 is niet gemakkelijk te v]kl>54 ,hoe dit ook zij1 hij v]di5t to* de onr$elijke v]volg+ niet1 die de bo]5 hem a&o51 want hij behoort tot die hoog/ nuttige vogels1 zond] welke de door d5 m5s* zoo moeielijk te v]delg5 en to* zoo v]d]felijke veldmuiz5 ontzaglijk z\d5 to5em54 ,e5 eig5lijk ne/ b\wt de k]kuil niet2 hij v]g5oegt zi* met e5 hoek ( e5 vlakk5 kuil 9 pu9hoop5 ( 9 oude mur54 ,de drie tot vijf langw]pige witte1 ei]5 word5 om/reeks drie wek5 lang bebro$2 de jong5 word5 door de oud5 zorgvuldig gevo$]d4 ,9 de e]/e jeugd gevang51 kunn5 zij tot zek]e mate tam gemaakt word51 t5 m9/e aan de nabijheid van d5 m5s* gew5n52 vri5delijk en v]tr\welijk word5 zij e*t] nooit1 en e5 dikwijls uitge/oot5 kreet v]kondigt hoe moeielijk het hun valt de gevang5s*ap te v]drag54 ,als de uil geplaagd wordt1 sp]t hij zijn bek wijd op5 en blaa/ als e5 kat1 en als hij aangevall5 wordt w]pt hij zi* op d5 rug en v]d$igt zi* dapp] met de klauw5 en d5 bek1 wa>om hij ook wel katuil wordt g5oemd4 ,als de zon ond]gaat op5t de uil zijne groote oog5 en komt uit d5 holl5 boom/am1 wa>9 hij ov] dag geslap5 heeft1 te voors*ijn4 ,hij klapt e5ige ke]5 met de kak51 als om te beproev5 ( zij go$ 9 orde zijn1 s*udt zijne v$]5 en v]laat zijn v]blijf4 ,hij maakt nu all]lei wond]lijke beweg+51 rekt zijn hals uit en kijkt1 als( hij bijzi5de is en e5 bril noodig heeft om go$ te kunn5 zi52 nu en dan draait hij d5 kop v] na> a*t]51 op geva> van zijn nek te v]draai51 en v]s*uilt zi* v]volg5s we] 9 d5 boom1 di5 hij jui/ v]lat5 heeft4 ,als de na*t en da>m$e de dui/]nis invalt1 wordt hij lev5dig]4 ,de /ilte d] boss*5 is hem /ellig onaang5aam1 want hij uit e5ige diepe keeltoon51 die e5 geluid gev5 als( hij geworgd wordt1 en ziet dan om zi* he51 na> all5 s*ijn ze] voldaan ov] zijn muzikaal tal5t4 ,de maan is opgekom5 en bes*ijnt de blad]5 en de dikke boom/amm5 met ha> zilv]5 li*t2 duiz5de /]r5 flonk]5 aan d5 hemel en s*itt]5 als diamant54 ,de geheele natuur is 9 ru/1 en ge5 enkel geluid /oort de /ilte die er he]s*t1 behalve het g]itsel d] blad]51 die door e5 za*t w9dje he5 en we] bewog5 word54 ,nu vliegt de uil weg1 hij klapp]t met zijne vleugels en zweeft za*tjes voort4 ,met zijne wond]lijk saamge/elde oog51 die ge5 dagli*t kunn5 v]drag51 ziet hij als door e5 teleskoop 9 de dui/]nis van het bos*4 ,hij v]mijdt zorgvuldig de ontelb>e takk51 die hij 9 de vlu*t ontmoet1 en ziet mete5 na> e5 prooi uit4 ,dr ontdekt hij e5 kle9e wezel1 die ev5e5s e5 /roopto*t ond]neemt na> e5 plaats wa> e5ige vogels zitt52 bliksemsnel s*iet de uil na> b5$51 en het vlugge1 vi]voetige di]tje is gevang5 9 de s*]pe klauw5 van zijn gevleugeld5 vij&4 ,de uil vliegt nu na> e5 b\wvallig5 tor51 wa> hij re$s dikwijls zijn maaltijd g5uttigd heeft1 en wa> de vle]muiz51 die er om he5 fladd]51 re$s op zijne kom/ s*ijn5 te wa*t54 ,ma> e5sklaps v]m9d]5 zijne vleugelslag51 hij slaakt e5 enkel5 rauw5 kreet1 en 9 plaats van na> bov5 te vlieg51 valt hij na> b5$54 ,de oorzaak van dit vreemde v]s*ijnsel is op de volg5de wijze te v]kl>54 ,de uil _h de wezel bij d5 rug gegrep51 en de slanke wezel1 die ha> lev5 niet zond] /rijd wilde v]koop51 greep d5 vogel bij de keel en zette er h>e s*]pe t&5 94 ,de roov] 0 gevang51 en zoodra de wezel d5 grond b]eikte1 sprong zij weg en v]dwe51 t]wijl het lev5looze li*aam van d5 vogel bleef ligg54 ,hi]uit blijkt1 dat de li/ van e5 oog5s*ijnlijk zwak s*epsel dikwijls me] kwaad doet dan de kra*t van d5 /]ke4 ,,de ,,dans5de ,,s*aduw4 ,er zijn we9ig di]5 die zoo talrijk zijn als de konijn54 ,vlug en gemakkelijk spr+5 zij rond op du95 en weid52 zij zijn speelziek van a>d1 en mak5 des na*ts 9 het maanli*t all]lei dwaze sprong5 ov] het gras4 ,door de natuur niet van v]d$ig+smiddel5 voorzi51 zijn de konijn5 g5oodzaakt hun heil 9 de vlu*t te zoek51 als zij aan hunne talrijke vij&5 will5 ontsnapp54 ,de konijn5 h\d5 veel van gezelligheid1 en 9 hunne hol5 zijn dikwijls hond]d5 bij elk&]4 ,deze hol5 zijn ze] groot2 kle9e tunnels vo]5 na> alle ri*t+51 en hebb5 op5+5 aan de opp]vlakte van d5 grond4 ,deze op5+5 gev5 niet altijd toegang tot de eig5lijke hol51 ma> di55 dikwijls me] als s*uilhoek5 wanne] zij v]volgd word52 da>uit leid5 we] &]e loopgrav5 na> afzond]lijke plaats51 wa> de jong5 opgekweekt word54 ,de konijn5 zijn altijd des na*ts 9 de we]1 (s*oon zij ook dikwijls ov]dag vo$sel gaan zoek54 ,ma> zoodra de zon ond]gaat1 beg9t hun lev5 e]/2 uit elke op5+ van het hol ziet m5 e5 konijn kom51 het gaat zitt5 en ond]zoekt a&a*tig d5 omtrek4 ,als het zek] is dat er ge5 geva> te du*t5 is1 spr+t het op om zijn avondw&el+ te do51 en huppelt1 met d5 kort5 witt5 /a>t ov] d5 rug1 ov] het grasveld4 ,weldra e*t] beg9t deze e5zame w&el+ hem te v]vel52 en da> inmiddels de maan is opgekom51 die h>e zilv]5 /ral5 ov] het l&s*ap w]pt1 zoekt het zijne makk]s op om met elk&] te spel54 ,zij spr+5 nu e5s ov] elk&]s rug1 en r5n5 dan we] door de veld54 ,tuss*5beide /ak5 de mannetjes e5sklaps hun r5p>tij1 trapp5 ong$uldig met de lange a*t]poot5 op d5 grond1 en spr+5 dan we] v]d]1 nog vlugg] dan te vor54 ,deze dans duurt e5ige ur51 totdat zij door de koelte van d5 na*t en door de inspann+ eetlu/ gekreg5 hebb51 en aan hun avondmaaltijd gaan d5k54 ,zij v]deel5 zi* 9 kle9e groepjes en beg9n5 gras te et54 ,ma> to* kunn5 zij niet lat5 om tuss*5beide nog e5s te /oei51 om dan we] ern/ig te gaan zitt5 en hun maaltijd te v]volg54 ,het konijn heeft vele vij&54 ,de ar5d5 en uil5 grijp5 het dikwijls ov]dag1 en hal5 het zelfs bij na*t uit zijn hol4 ,m5ig konijn ook wordt het sla*t(f] van de vi]voetige di]51 die door de veld5 dol5 om hun hong] te /ill54 ,e5 van zijn mee/ gevreesde vij&5 is de vos1 die altijd op d5 lo] ligt om het 9 zijne /oeip>tij5 te ov]vall54 ,door zijn s*]p5 reuk ontdekt de vos spo$ig ( er konijn5 9 de nabijheid zijn1 en door li/ en all]lei kun/grep5 is hij 9 /aat h5 onv]wa*t te nad]5 en aan te vall54 ,zoo ook hi]4 ,e5 vos heeft e5ige konijn5 ontdekt2 het is nog vroeg 9 d5 morg51 en zij zijn al w$] aan 't /oei54 ,het kreupelbos*je belet hem de konijn5 te zi51 ma> hij ruikt dat hi] ge5 misv]/& kan plaats hebb54 ,hij sluipt dus laag op d5 grond g$ok5 voorzi*tig na> h5 toe1 tilt beho$zaam de poot5 op1 en zet ze za*tjes op het gras ne]4 ,met zijne s*itt]5de oog5 w]pt hij gretige blikk5 om zi* he51 en zijne spitse oor5 /eekt hij vooruit1 om het m9/e geluid op te vang54 ,e5sklaps ziet hij op e5e rots de dans5de s*aduw afgeteek5d van twee konijn51 die met elk&] spel5 en /oei54 ,al hunne beweg+5 word5 door deze eig5a>dige soort van spiegel getr\w t]uggekaat/4 ,ma> ,re9tje de ,vos weet ze] go$ dat het sle*ts hunne s*aduw5 zijn1 en t]wijl hij deze v]toon+ gadeslaat1 beproeft hij door het bos*je te kijk5 en op v]k5n+ uit te gaan4 ,weldra ziet hij hunne slanke g$aant51 want zij kom5 g$urig nad]bij4 ,e5sklaps neemt hij e5 sprong4 ,e5 s*rille kreet van het teg5sp>tel5de konijn bewij/ dat de vos gelukkig gewee/ is2 de v]s*rikte konijn5 vlu*t5 9 hunne hol51 de dans5de s*aduw is v]dw551 en m5 ziet sle*ts de g$aante van e5 vos die e5 lev5loos konijn wegvo]t4 ,,de ,,sneeuwval4 ,9 l&/rek5 wa> hooge b]g5 zijn1 welk] topp5 met ijs en sneeuw zijn b$ekt1 doet zi* e5 natuurv]s*ijnsel voor1 't welk m5 sneeuwval ( law9e noemt4 ,zulke law95 ont/aan doordi5 het b]gijs soms 9 brokk5 en met sneeuw v]m5gd van de hooge topp5 na> b5$5 valt4 ,9 de ,bov5-,alp5 bijvoorbeeld vall5 elk5 dag groote hoeveelh$5 sneeuw en /ukk5 ijs van de /eile hell+5 en kamm5 met e5 dond]5d g]aas na> b5$54 ,zulke law95 word5 g$eeltelijk v]oorzaakt door de w>mte d] zonne/ral51 g$eeltelijk door de g$urige beweg+ van het b]gijs4 ,gewoonlijk vall5 zij op kale rots5 en zijn dus niet altijd geva>lijk ( s*adelijk4 ,ook vall5 de law95 veelal op bepaalde plaats51 en als die plaats5 bek5d en door de omr+5de rots5 b9n5 e5e enge ruimte bep]kt zijn1 kan m5 er somtijds ze] di*t bij/aan en het vall5 van e5 law9e zond] lev5sgeva> bijwon54 ,f4 ,galton v]haalde e5ige j>5 gel$5 9 het ,alp5-dagblad1 dat dit het geval is met de law95 die aan de noordelijke zijde van d5 ,jungfrau vall54 ,hij v]haalt dat de law9e1 welke jui/ to5 hij da>bij teg5woordig 0 ne]/ortte1 ha> kom/ aankondigde door e5 v]s*rikkelijk g]aas en e5 dikke wolk /(sneeuw die v] bov5 zijn ho(d op/o(4 ,ik wi/ niet wat er gebeur5 z\1 en liep weg zoo h>d ik kon1 totdat ik g]u/ ge/eld w]d door te zi5 dat de law9e ha> gewon5 weg volgde4 ,ik ke]de dus na> mijn vorige /&plaats aan d5 r& d] klo( t]ug1 om dat treff5de v]s*ijnsel bij te won54 ,het vall5 van de sneeuwmassa's en ijsbrokk5 9 de diepte d] klo( en het g]aas1 da>door te weeg gebra*t1 w>5 v]s*rikkelijk4 ,de zoog5aamde grond- en /(law95 ri*t5 veel groot] v]woe/+5 aan dan de bov5g5oemde ijs- ( sneeuwlaw951 want zij vall5 bijna altijd op bewoonde /rek51 en v]plett]5 duiz5de boom51 geb\w5 en zelfs geheele dorp5 9 hun val4 ,het ont/aan d] sneeuwvall5 is niet zoo van het toeval afhankelijk als wij1 m5s*5 uit de vlakte1 ons dat v]beeld51 want op vele plaats5 he]s*t da>9 zek]e regelmatigheid4 ,natuurlijk drag5 da>toe de hell+ d] rotsmur5 en de rijkdom aan sneeuw van het ja>getijde het mee/e bij4 ,da>om let m5 da>op bij het b\w5 van won+5 op de b]g51 en word5 zulke onveilige plaats5 v]m$54 ,de ,alp5bewon] ziet niet zeld5 het aan/a&e n$]vall5 ( losbrek5 van e5 sneeuwval vooruit4 ,dikwijls ke]t hij op e5 v]r5 to*t1 di*t bij zijn doel1 om en maakt liev] e5 omweg1 wet5de dat zijne voet/app5 d5 sneeuwval aan zijne zijde kunn5 do5 n$]/ort54 ,dit geldt vooral van de zoog5aamde /uifsneeuwvall51 die voor de geva>lijk/5 doorgaan4 ,zij v]toon5 zi* vooral bij hevige k\de1 als de w9d bij aanh\d5d sneeuw5 groote sneeu:oop5 teg5 /eil afloop5de rotsw&5 aangewaaid heeft4 ,m5 noemt ze da>om ook w9d- ( slagsneeuwvall51 da> zij van e5 vreeselijke lu*tdrukk+ v]gezeld gaan1 die alle5 re$s 9 /aat is om boom5 en hutt5 omv] te w]p54 ,da> hun n$]/ort5 niets &]s is als het afglijd5 van groote sneeuwmassa's1 heeft m5 op niet al te geva>lijke plaats5 met go$ gevolg aan d5 ond]/5 r& van zulke glijplaats5 ( glipp5 hooge damm5 van /e55 opg]i*t1 die tot bes*utt+ di55 van het da> b5$5 ligg5de dal4 ,de wilde di]5 die 9 de b]g5 lev5 en aan de gev>5 die h5 dreig5 gewoon zijn1 word5 to* somtijds door deze law95 ov]vall5 en er ond] b$olv54 ,nietteg5/a&e h>e vlugheid komt de gems er ev5 go$ bij om 't lev5 als de m9d] vlugge m>mott51 en 9 de l5te v9dt m5 de g]aamt5 d] sla*t(f]s dikwijls 9 de sneeuw t]ug4 ,ook heeft m5 doode gemz5 bij boom5 gevond51 ond] welks takk5 zij ges*uild hadd54 ,de takk51 die door de zwa>te van de sneeuw na> d5 grond gebog5 w>51 hadd5 ha> als het w>e 9 e5 kooi opgeslot5 en v]h9d]d te vlu*t54 ,zulke gevall5 zijn e*t] zeldzaam1 (s*oon de gemz5 9 d5 w9t] dikwijls ond] d5neboom5 s*uil54 ,sommige vogels1 zooals het korho5 en het hazelho51 kom5 ook dikwijls 9 de sneeuw om4 ,als de sneeuw los is1 dr+5 zij er 91 om zi* teg5 de k\de ( voor e5 ( &]5 vij& te bes*]m51 en als zij 's avonds 9 de sneeuw kruip51 blijv5 zij er tot d5 volg5d5 morg5 94 ,als het nu 9 d5 na*t h>d beg9t te vriez51 vormt zi* e5 h>de kor/ aan de opp]vlakte2 de vogels kunn5 da> niet doorhe5 kom5 en /]v5 van hong]4 ,behalve vogels en gemz5 word5 soms ook groot]e di]5 door de sneeuw ov]vall52 ma>1 da> zij ge5 vreemdel+5 op de b]g5 zijn1 word5 zij sle*ts ov]vall5 door kle9e law95 ( sneeuwwolk51 die h5 wel voor e5ige oog5blikk5 b$ekk5 ma> niet dood54 ,zulk e5e gebeurt5is wordt op de nev5sga&e plaat afgebeeld4 ,e5ige h]t5 loop5 langzaam ov] e5 b]gpas 9 de ,s*ots*e ,hoogl&5 en zoek5 e5 go$5 weigrond4 ,zij v]mo$5 ge5 geva>1 en de gehoornde leid] van het troepje loopt voorzi*tig met gebog5 kop vooruit en d5kt aan niets als aan zijn vo$sel4 ,de s*uwe h9d5 /ek5 telk5s ha> bevallig5 kop 9 de hoogte1 spits5 de oor5 en snuiv5 d5 friss*5 b]gw9d op1 om te ruik5 ( er ook geva> 9 de nabijheid is4 ,zoo gaan de di]5 v]d]1 ondanks hun s*]p gezi*t en s*]p5 reuk to* niet 9 /aat het geva> wa>aan zij bloot /aan te voorzi54 ,op e5ig5 af/&1 bov5 het enge1 kronkel5de pad 't welk zij volg51 v]heft zi* e5 groote klip1 9 e5 smetteloos wit gewaad gehuld4 ,zij /aat da> ze] ons*uldig1 en geeft niet de m9/e r$5 om te v]mo$5 dat zij zi* weldra van de rots zal losmak54 ,t]wijl de di]5 nad]51 vall5 er re$s e5ige sneeuwklomp5 na> b5$52 de bok /aat /il1 beweegt zijn kop1 snuift door de neusgat51 en de h9d5 kruip5 s*uw a*t] hem weg4 ,ma> nu wordt alles w$] /il1 en de di]5 v]volg5 hun weg4 ,ond] de witte klip gekom51 laat zi* e5 onbepaald1 geheimz9nig1 dreun5d geluid hoor51 en de geheele massa valt e5sklaps met e5 dond]5d g]aas na> b5$54 ,de ongelukkige di]5 word5 9 e5 di*te wolk van sneeuw gehuld4 ,zij do5 wanhopige sprong5 om zi* te r$d51 en tra*t5 zi* met hunne hoev5 e5 weg door de sneeuw te ban54 ,e9delijk gelukt hun dit4 ,v]heugd zi5 zij om zi* he51 en nu de zon h5 we] bes*ijnt1 spr+5 zij1 gelukkig aan d5 sneeuwval ontkom51 vroolijk v]d]4 ,,twee ,,m$$+]s ,,om ,,het ,,kon+s*ap4 ,e5 van de treff5d/e gezi*t5 op het va/el& van het we/elijk halfrond zijn de groote kudd5 buffels1 ( bet] g5aamd bisons1 da> er 9 ,noord-,am]ika ge5 eig5lijk gezegde buffels zijn4 ,zoov] het oog reikt1 ziet m5 niets als groote1 ruige g$aant54 ,zij behoor5 tot de laat/e v]teg5woordig]s van de groote1 vi]voetige di]51 die 9 vroeg]e tijd5 9 dit uitge/rekte l& v]blijf hield54 ,het s*ijnt dat ook het gesla*t d] bisons weldra uitge/orv5 zal zijn1 want zij word5 diep 9 het b9n5l& g$rev5 en v]volgd2 en het tijd/ip kan dus niet v] me] af zijn1 dat de laat/e bison voor zijne talrijke vij&5 bezwijkt1 en dit gesla*t ev5 als dat zijn] reusa*tige voorgang]s tot de ges*i$5is behoort4 ,(s*oon de bison van ,am]ika ze] /]k is1 v]tr\wt hij to* me] op zijne vlugheid om zijne v]volg]s te ontkom51 dan gebruik te mak5 van de v]d$ig+smiddel5 die de natuur hem ges*onk5 heeft4 ,de vorm van d5 bison is ze] onbevallig1 zijn groote kop hangt laag na> d5 grond1 als( hij te zwa> is voor het li*aam4 ,desniettem9 loopt hij 9 e5 soort van galop en met zulk e5 va>t1 dat e5 jag] wel e5 go$ pa>d mag hebb51 zal hij hem inhal54 ,de /i]5 loop5 altijd voorop en aan de kant51 t]wijl de koei5 en kalv]5 9 het midd5 blijv54 ,het v]w>de ha> hangt ov] hunne kle9e1 s*itt]5de oog51 en zij drav5 ond] wolk5 van /( ov] de vlakt54 ,wee het ongelukkige s*epsel1 dat h5 9 d5 weg komt2 het wordt door de kra*tige aanvo]d]s t] a>de geworp5 en v]plett]d4 ,het vlees* van d5 bison is ze] smakelijk1 en wordt door de ,am]ikan5 zelfs bov5 dat van tam rundvee v]koz52 vooral de tong en het vlees* van de s*\d]s moet5 e5 w>e lekk]nij zijn4 ,het vlees* wordt g$roogd en aan /ukk5 ge/ampt1 en is het be/e en duurzaam/e vo$sel voor jag]s en h&elsreizig]s1 t]wijl het vel van d5 bison h5 tot bes*utt+ di5t teg5 de /r5ge k\de1 wanne] zij op de sneeuwveld5 will5 ov]na*t54 ,de bison is ongeve] #c met] lang1 en weegt van #fjj tot #gjj kilogram4 ,het wijfje van d5 bison is slank] geb\wd1 heeft e5 lang]5 hals en dunn] poot54 ,beide seks5 bezitt5 korte1 dikke1 zw>te hor5s1 die na> buit5 /ek5 en v] van elk&] /aan4 ,ov] het algeme5 is de kleur van het ha> aan d5 kop zw>t en aan de ov]ige deel5 van het li*aam bru94 ,somtijds bevangt deze di]5 plotsel+ e5 hevige s*rik4 ,9 on/uimige va>t drav5 zij dan voort1 totdat e5sklaps de opgewond5 kudde op e5 rotsklo( /uit1 welks /eile w&5 loodre*t na> b5$5 z9k54 ,de aanvo]d]s de9z5 t]ug voor de diepte die zi* e5sklaps v]toont1 en blijv5 e5 oog5blik /aan1 als om zi* g]e$ te mak5 tot e5 wanhopig5 sprong4 ,ma> opg$rong5 door de massa die a*t] h5 is1 word5 zij voortge/uwd en 9 d5 afgrond ne]ge/oot54 ,e5 afgrijsselijk tooneel grijpt ?ans plaats3 groote troep5 vall5 op elk&] 9 d5 afgrond1 totdat de diepte met doode en /]v5de bisons is gevuld4 ,bij zulke geleg5h$5 kom5 er hond]d5 om1 die e5 prooi word5 van de gi]5 en wolv51 die /e$s belu/ zijn op zulk e5 fee/4 ,de bison behoeft ge5 van de di]5 te vreez51 die met hem dezelfde /rek5 bewon51 want als hij aangevall5 wordt1 kom5 al zijn bro$]s hem te hulp4 ,sle*ts als hij door d5 pijl van e5 ,indiaan ( door e5 kogel gewond is1 wordt dit groote di] het sla*t(f] van zijne vi]voetige vij&54 ,de li/ige witte wolv5 vree/ hij het mee/1 want deze zw]vel+5 bespeur5 spo$ig dat hij zwak ( ziek is1 en gaan dan 9 m5igte op hem af1 met het doel om hem te v]s*eur54 ,ma> de bison bezwijkt niet zond] pog+5 te do5 om zijn lev5 te r$d54 ,hij v]d$igt zi* met zijn kra*tig5 kop1 en is mo$ig en dapp] tot het laat/e oog5blik1 ma> zijne knien knikk5 ond] het gewi*t van zijn li*aam1 dat door blo$v]lies is v]zwakt4 ,de wolv5 vall5 hem van alle kant5 aan4 ,met hunne s*]pe t&5 rijt5 zij zijne huid op51 telk5s te vlug a*t]uit ga&e om door zijne hor5s ( hoev5 getr(f5 te word54 ,zijne pog+5 om de sprong5 van de wolv5 te ontduik5 zijn te v]geefs2 hij spant zijne laat/e kra*t5 91 spr+t op e5 van de wolv5 los1 ma> valt tegelijk]tijd op het li*aam van zijn vij& ne]1 te zwak om d5 ongelijk5 /rijd voort te zett5 en niet 9 /aat om we] op te /aan4 ,de hong]ige wolv5 vall5 op hem aan1 en weldra is er van d5 bison niets me] ov] dan alle5 zijn g]aamte4 ,er is e5 &] di] dat met d5 bison na> de he]s*appij d+t1 namelijk de grijze be]4 ,deze gevreesde inwon] van het v]re we/5 is e5 ze] geva>lijke teg5p>tij zo[el voor m5s*5 als voor di]54 ,gelukkig valt hij zeld5 aan1 en als hij kan1 vlu*t hij liev] dan te ve*t54 ,ma> dit is niet het geval als hij 9 zijn maaltijd ge/oord wordt1 ( als hij niet vlu*t5 kan1 ( nog erg]1 als het di] e5 wijfje is en jong5 heeft2 dan mog5 jag]s en di]5 wel voorzi*tig zijn1 want dan is de aanval moorddadig en wanhopig4 ,de grijze be] is ze] /]k4 ,als hij e5 bison heeft kunn5 dood51 sleept hij het zw>e li*aam na> zijn hol en v]s*eurt het da>4 ,is hij volwass51 dan klimt hij niet me] 9 de boom51 wa>aan re$s vele jag]s hun lev5 te dank5 hebb54 ,de grijze be] wordt ze] zeld5 na> ,europa ov]gebra*t1 en blijft 9 de gevang5s*ap ze] ruw en woe/4 ,(s*oon de grijze be] e5 groot en lomp li*aam heeft1 kan hij to* vlug loop51 zoodat e5 jag]1 op e5 go$ pa>d gezet51 te nauw]nood aan zijne wo$e ontsnapt4 ,als de grijze be] zijn vij& a*t]volgt1 neemt hij groote sprong51 brult v]s*rikkelijk en tra*t zijn vij& met zijne s*]pe klauw5 te grijp54 ,gelukkig kan hij d5 w$loop niet lang volh\d54 ,g]aakt5 de bison en de grijze be] met elk&] aan 't ve*t51 dan z\ de /rijd vreeselijk zijn1 en de uitkom/ er van moeielijk te voorspell54 ,ma> de be] komt niet dikwijls 9 aanrak+ met d5 bison1 da> hij 9 het di*te kreupelh\t hui/1 en de bison e5 bewon] is van de op5e vlakte4 ,tuss*5beide gebeurt het to*4 ,op onze plaat wordt e5 grijze be] v]ra/ door e5 /oot met d5 h>d5 kop van d5 bison4 ,kunn5 wij ook d5 afloop van het geve*t bezwa>lijk rad51 wij mog5 ons v]zek]d h\d5 dat de bison al het mogelijke zal do5 om zijn m$$+] na> het kon+s*ap te v]slaan4 ,,de ,,h9d]laag4 ,de ro(di]5 gaan op v]s*ill5de wijze te w]k als zij hun prooi aanvall54 ,de wolf a*t]volgt zijn sla*t(f] zoo lang1 totdat het arme di]1 uitgeput van v]moei5is1 n$]valt en voor d5 moorddadig5 aanval van zijn onv]moeid5 v]volg] bezwijkt4 ,ma> de mee/e wilde di]5 ligg5 9 h9d]laag1 en wa*t5 g$uldig tot hun prooi 9 de nabijheid komt4 ,e5ige slang51 zooals de boa-con/rictor1 do5 het zelfde3 van d5 tak wa>op zij ligg51 s*iet5 zij e5sklaps na> b5$51 kronkel5 zi* om het li*aam van hun sla*t(f] en v]brijzel5 het4 ,het katt5gesla*t1 wa>toe de tijg] en de leeuw behoor51 ov]valt zijn prooi onv]ho$s4 ,alle soort5 van dit gesla*t bezitt5 e5 buigzaam en l5ig li*aam en poot51 die als fluweel zoo za*t zijn4 ,zij hebb5 e5 ongelo(elijk g$uld1 ligg5 soms ur5 lang op de lo]1 en mak5 zeld5 e5 mislukt5 sprong4 ,de tijg] kruipt laag bij d5 grond1 en t]wijl hij a*t] e5 bos*je ( op e5 tak van e5 boom ligt1 met de poot5 ond] het li*aam opgetrokk51 volgt het li/ige di] alle beweg+5 van zijn sla*t(f]4 ,de los1 die op onze plaat /aat afgebeeld1 is e5 d] zwakk]e l$5 van de katt5familie1 wa>van de leeuw en de tijg] de kra*tig/e en groot/e v]teg5woordig]s zijn4 ,sommige loss5 zijn ze] groot2 zij az5 op geit51 s*ap5 en kle9]e di]51 en br5g5 ook dikwijls e5 bezoek aan het pluimg$i]te1 als het t5 m9/e niet te di*t bij e5 huis is2 want ev5 als alle wilde katt51 is de los ze] s*uw en bang om 9 de nabijheid van e5e won+ te kom54 ,ov] dag slaapt hij op de rots51 ma> zoodra de na*t invalt1 beg9t hij zijne ro(- en v]niel+/o*t54 ,zeld5 waagt hij het groote di]5 aan te vall51 en doet dit sle*ts dan1 als hij ze] veel hong] heeft4 ,de klauw5 van d5 los zijn dun1 ma> to* ze] geva>lijk1 want er zitt5 s*]pe punt5 aan4 ,de leeuw en de tijg] rijt5 met hunne s*]pe klauw5 de huid van hun prooi op52 zij w]p5 gewoonlijk hun sla*t(f] met e5 enkel5 slag van d5 poot t] a>de1 en s*eur5 v]volg5s met hunne klauw5 de huid op54 ,die klauw5 zijn niet zeld5 aan de punt gesplet52 want door het g$urig aangroei5 en omdat zij van ond]5 za*t] zijn dan van bov51 beg9t de punt te brek5 en splijt4 ,da> nu deze punt5 op d5 duur ze] lang word51 krabb5 de huiskatt51 om zi* van dez5 la/ te bevrijd51 op de tapijt5 en aan de poot5 d] /oel51 gelijk de wilde katt5 aan de /amm5 en takk5 d] boom54 ,volg5s ,d>w9 maakt de poema 9 ,patagoni1 wa> we9ig boom5 zijn1 als zijne klauw5 te lang word51 diepe groev5 9 d5 kal51 h>d5 grond4 ,(s*oon er e5ige soort5 van loss5 9 de w>m]e lu*t/rek5 lev51 zooals 9 ,spanje en 9 het zuid5 van ,noord-,am]ika1 is de los eig5lijk e5 bewon] van de noordelijke gewe/52 door de dikte van zijn huid lijkt het di] veel groot] en zwa>d] dan het w]kelijk is1 en kan het de /r5g/e k\de door/aan4 ,hij leeft gewoonlijk 9 afzond]+1 ma> er zijn enkele soort51 zooals de k>akal van ,azi en ,afrika1 die1 v]s*ill5d van de mee/e katt51 9 troep5 lev5 en hun prooi 9 groot5 getale aanvall54 ,de k>akal heeft lange poot5 en e5 slank li*aam en loopt ze] s*ielijk1 hetge5 gewoonlijk met de katt5 van deze afdeel+ niet het geval is4 ,de k>akal zw]ft ov] de vlakt51 t]wijl de &]e soort5 het di*te bos* v]kiez51 wa> zij zi* bet] kunn5 v]s*uil54 ,de los1 die bij oud]e natuurk5n]s ook wel lijnx geheet5 w]d1 is tweemaal groot] dan e5 gewone kat4 ,van kleur is hij van bov5 rosa*tig1 met donk]e wolk5 gevlekt2 hals1 bor/1 buik en b9n5zijde d] poot5 zijn wit4 ,ze] k5s*ets5d is e5 di*te kraag ( bakkeba>d1 die van de oor5 tot ond] d5 hals voortloopt4 ,er zijn e5e m5igte v]s*eid5h$5 van deze di]soort1 die door sommige gele]d5 als soort5 bes*\wd word51 en wa>door er e5e vrij groote v]w>r+ 9 de boek5 he]s*t4 ,de hi]nev5s afgebeelde noemt m5 d5 poollos4 ,hij is de voslos d] duits*e di]k5n]s1 en de canadas*e los d] ,engels*5 en ,am]ikan54 ,hij heeft e5 vrij kort5 /a>t1 ze] lang en za*t ha>1 en oor5 die met e5 ha>kwa/ zijn v]si]d4 ,hij is het blo$dor/ig/e ro(di] van het noord51 en ri*t groot] sla*t+ ond] het wild aan dan de wolf4 ,de los is onges*ikt om snel te loop51 zwemt e*t] uitmunt5d en /eekt zelfs ov] bre$e rivi]5 he54 ,de ,roodhuid5 et5 zijn wit en va/ vlees*1 hetwelk niet als dat van &]e katt5 e5 bijzond]5 ( onaang5am5 reuk bezit1 ma> ev5 go$ als dat van e5 haas moet zijn4 ,de huid van d5 los wordt als h&els>tikel ze] op prijs ge/eld1 ma> is op d5 e55 tijd veel deugdzam] dan op d5 &]51 en v]s*ilt ook ze] na> het l& wa> het di] leeft4 ,ja>lijks word5 duiz5d5 van deze di]5 9 het noord5 van ,noord-,am]ika g$ood1 zoodat hun getal ze] v]m9d]t en zij wel spo$ig zeldzaam zull5 wez54 ,de los loopt ze] voorzi*tig1 als( hij ov] elk5 /ap di5 hij doet nad5kt4 ,dit is vooral het geval wanne] hij e5 prooi ontdekt4 ,om die nauwkeurig gade te slaan1 klimt hij v]baz5d snel op de ond]/e takk5 van e5 boom1 en wa*t dan e5 gun/ig oog5blik af om e5 sprong te do54 ,op de plaat zi5 wij hem ook 9 deze h\d+4 ,de geit51 die de nabijheid van ha> vij& niet v]mo$51 dwal5 rond1 en kom5 hoe lang] hoe di*t] bij de noodlottige plaats4 ,de los komt ev5wel nog niet te voors*ijn1 want dan z\d5 de geit5 hem zi51 ma> hij lui/]t en v]b]gt zi* nog diep] 9 zijn h9d]laag4 ,met zijne gro5e oog5 gluurt hij rond1 en e5 zijn] poot5 heeft hij al opgehev5 om d5 aanval te do54 ,weldra zal zi* de geleg5heid voordo54 ,de niets kwaads v]mo$5de geit5 kom5 ond] d5 boom1 plukk5 de blad]5 van de takk5 af1 en et5 het korte gras4 ,t]wijl de speels*e di]5 met elk&] /oei51 valt de los e5sklaps op zijn sla*t(f] aan1 en v]s*eurt het met zijne t&5 en klauw52 de &]e geit51 v]s*rikt door di5 onv]wa*t5 aanval1 loop5 9 alle ri*t+5 weg4 ,als zijn prooi niet te zwa> is1 draagt de los ha> 9 e5 bos*je1 wa> hij1 voor all] oog v]borg51 zijn maaltijd nuttigt om1 als hij ze] veel hong] heeft1 nogmaals 9 h9d]laag te gaan ligg5 en e5 nieuwe prooi te v]mee/]54 ,,dubbel ,,geva>4 ,wat is het k\d6 ,de e5zame vlakte is geheel met sneeuw b$ekt1 en door het heuvela*tige van d5 grond s*ijnt het als( m5 de golv5 d] zee ziet4 ,de vlakte bezit e5e uitge/rek!id van vele mijl5 gaans4 ,het korte1 gro5e gras dat 9 de l5te rijkelijk v]si]d is met fraaie bloem51 is nu ond] de sneeuw v]borg54 ,het is e5 s*oon gezi*t3 de sneeuw gl9/]t 9 de held]e /ral5 van de w9t]zon1 die duiz5dv\dig t]ug gekaat/ word54 ,ma> hoe s*oon zulk e5 s*\wspel ook moge zijn1 het sneeuwveld br5gt ongemak1 lijd5 en dikwijls d5 dood ov] m5ig5 bewon] van de e9delooze vlakt51 zo[el door d5 sn]p5d5 w9d en de k\de die de bek5 en rivi]5 doet bevriez51 als door gebrek aan vo$sel1 't welk ond] de sneeuw b$olv5 is4 ,9 zulke tijd5 ziet m5 to* enkele di]5 op ro( uitgaan1 9 de hoop iets van hunne gad+ te v9d54 ,op g9ds heuveltje zi5 wij e5 groot di] /aan2 het sluipt za*tjes ov] het sneeuwveld en ziet ru/eloos na> alle kant5 rond1 als( het iets zoekt4 ,m5 ziet het di] niet dadelijk1 want het is bijna ev5 wit als de sneeuw4 ,aan d5 lang5 neus1 de puntige oor5 en d5 dikk5 ruig5 /a>t h]k5n5 wij d5 onv]moeid5 zw]v]1 d5 lafh>tig51 li/ig5 en s*r&]5 witt5 wolf uit het we/5 van ,am]ika4 ,als er veel sneeuw ligt1 is hij 9 zijn elem5t2 dan loopt hij er za*tjes ov] he51 en kan zoodo5de onv]wa*ts zijn prooi ov]vall54 ,wij will5 hem e5s volg5 en zi51 ( hij dez5 morg5 gelukkig is 9 zijn vang/4 ,hij gaat langzaam v]d]1 snuift als( hij zijn prooi al ruikt en draait zi* telk5s om1 om te zi5 ( zijne kam]ad5 hem ook volg54 ,da> /aat e5 troepje kato5boom54 ,de wolf /aat ev5 /il1 snuffelt na> alle kant5 en loopt na> het bos*je toe2 da> gaat hij zitt5 en s*ijnt ov] iets na te d5k54 ,kla>blijkelijk heeft hij g]ok5 dat er iets tuss*5 deze boom5 te v9d5 is4 ,voorzi*tig komt hij di*t]bij en loopt om het bos*je he51 want hoewel hij hong] heeft is hij te li/ig ( te voorzi*tig om er dadelijk 9 te gaan4 ,hij ziet /ellig iets1 want hij wordt onru/ig en zijne h>5 gaan ov]e9d /aan2 ma> nu gaat hij zitt5 en beg9t h>d te huil51 zoodat het ov] de geheele vlakte we]galmt4 ,en nu m]k5 wij ook wa>om hij deze beweg+5 gemaakt heeft4 ,t]wijl de wolf zijn treurig gehuil laat hoor51 zi5 wij e5sklaps e5 mannelijk5 wapiti uit het bos*je te voors*ijn kom54 ,het edele di] blijft 9 zijn s*uilplaats1 ma> de gekrulde bov5lip1 het kn>s5 met de t&5 en de trots*e h\d+ van d5 kop b]eid5 zijn teg5/&] ge5 aang5ame ontvang/1 als hij k5nis met d5 wapiti mo*t will5 mak54 ,ma> dat s*ijnt niet de b$oel+ van d5 wolf te zijn1 want hij gaat e5 we9ig a*t]uit en laat onafgebrok5 zijn gehuil hoor54 ,dit geeft hem 9 het e]/ niets1 de e*o alle5 h]haalt het1 ma> na v]loop van e5ig5 tijd wordt zijn gehuil uit de v]te beantwoord2 hij /eekt zijne oor5 9 de hoogte en hoort nu van alle kant5 hetzelfde geluid4 ,vlug en za*tjes kom5 e5ige g$aant5 na> de plaats loop5 wa> zij het gehuil het e]/ gehoord hebb54 ,de wapiti wordt onru/ig en doet e5ige /app5 voorwa>ts1 als( hij e5 aanval wil do51 ma> hij b$5kt zi* en ke]t na> zijn s*uilhoek t]ug4 ,de wolv5 kom5 s*ielijk na> het bos*je toe1 zij loop5 er om he5 ( gaan ligg51 en s*ijn5 te pe9z5 ov] de be/e mani] om d5 wapiti aan te vall54 ,op e5s hebb5 zij e5 besluit g5om51 want zij kom5 all5 na> d5 wapiti toesnell51 die met gebog5 kop en v]s*rikte oog5 d5 aanval afwa*t4 ,ma> nog durv5 zij hem niet aan2 zij gaan voor hem /aan en kn>s5 met de t&54 ,nu zi5 wij de li/ van de wolv52 e5ig5 zijn ongem]kt weggeloop5 en kom5 op hunne a*t]poot5 aanspr+52 zij vall5 d5 wapiti van a*t]5 aan en beproev5 door het gesmak met hunne kak5 het edele di] s*rik aan te jag54 ,de wolv5 h]nieuw5 hun aanval en zijn nu /\t] dan 9 't beg92 de wapiti doet ond]tuss*5 wanhopige /oot5 met zijne hor5s4 ,e9delijk valt e5 van de wolv5 hem aan en w]pt hem t] a>de2 de wapiti vliegt op hem los1 doorboort d5 wolf met zijne hor5s en w]pt hem hoog 9 de lu*t4 ,de &]e wolv5 zijn wo$5d ov] het lot van hun metgezel2 zij vall5 d5 wapiti all5 te gelijk aan1 en nu heeft er e5 hevig en wanhopig geve*t plaats4 ,aan alle kant5 kunn5 de wolv5 d5 wapiti aanvall51 en da> kan hij zi* niet teg5 v]d$ig52 hij breekt door het bos*je he5 en ontvlu*t4 ,de hong]ige wolv5 volg5 hem1 hun toornig gehuil we]kl9kt door de lu*t1 en zij spann5 al hunne kra*t5 9 om d5 wapiti 9 te hal51 die h5 all5 vooruit blijft en met wanhopige sprong5 door de sneeuw ijlt4 ,zoo gaan zij v]d]1 v]volg]s en v]volgde1 vele mijl5 v]4 ,kudd5 s*uwe antelop5 s*rikk5 op en vlu*t5 pijlsnel2 buffels kruip5 bij elk&]1 de /i]5 /aan voorop1 met hunne kra*tige1 h>de kopp5 na> de bege]ige wolv5 geke]d1 t]wijl de koei5 en kalv]5 a*t] hunne dapp]e bes*]m]s gaan /aan4 ,de wolv5 zijn onv]moeid1 en met blo$dor/ige oog5 en uit d5 bek hang5de tong5 a*t]volg5 zij hun prooi mijl5 v]4 ,de wapiti wordt v]moeid1 want de sneeuw h9d]t hem1 en door zijne s*]pe hoev5 breekt de ijskor/ die zijn poot5 op5rijt en wondt4 ,zijn tong hangt uit zijn bek1 zijn ademhal+ wordt snell]1 en met zijne groote1 held]e oog5 ziet hij telk5s na> zijne blo$dor/ige v]volg]s om4 ,ma> hij h\dt vol1 want het is e5 /rijd op lev5 ( dood1 en hij begrijpt dat1 als hij nu v]flauwt1 hij spo$ig 9 de ma*t van zijne vij&5 is1 die hem oog5blikkelijk aan /ukk5 zull5 s*eur54 ,9 het e]/ da*t hij dat zijn vlugheid voldo5de z\ zijn om hem van zijne vij&5 te v]loss51 ma> nu hem zijne kra*t5 beg9n5 te begev51 begrijpt hij dat hij e5 veilige plaats moet opzoek54 ,en die gew5s*te plaats doet zi* als van zelf voor2 hij b]eikt e5ige lage heuvel5 en ziet e5 rivi]4 ,op dit gezi*t voelt hij zijne kra*t5 h]lev51 en hij r5t na> d5 vri5delijk5 oev]4 ,ma> helaas6 9 plaats van het gew5s*te wat]1 ziet hij e5e groote uitge/rek!id gl9/]5d ijs4 ,de wapiti a>zelt e5 oog5blik1 ma> zijne vij&5 zijn di*t bij hem3 nog n m9uut en het is te laat4 ,met de kra*t d] wanhoop spr+t hij van d5 oev] en komt ne] op het gladde ijs dat ond] zijn gewi*t breekt4 ,de bege]ig/e wolv5 volg5 hem en vall5 met hem 9 het wat]4 ,e5 er van wordt door zijne s*]pe hoev5 gewond1 de /room vo]t d5 wolf m$e1 en hij v]dwijnt ond] de ijskor/4 ,e5 &]e wolf ke]t na> d5 oev] t]ug1 want het k\de bad heeft zijn ijv] bekoeld2 de ov]ig5 /aan op d5 oev] te huil5 en zi5 hoe de wapiti alle moeite doet om aan het nieuwe geva> dat hem dreigt te ontkom54 ,de wapiti breekt het ijs met zijne voorpoot51 en duwt de /ukk5 9 het op5e wat]4 ,langzam]h& wordt de af/& van zijne vij&5 groot]1 en nu is er nog n /uk ijs tuss*5 hem en zijne r$d+4 ,half opg]i*t plaat/ hij er zijne voorpoot5 op1 hij duwt het weg en heeft nu e5 kanaal gemaakt1 wa>9 hij zwemm5 kan4 ,mooi en dapp] g$aan6 ,de wolv5 /aan op d5 oev] te huil5 van kwaada>digheid2 zij volg5 hem met de oog51 en sommig5 wag5 zi* zelfs op het ijs4 ,druipnat klimt de wapiti bij d5 &]5 oev] op1 wa> hij e5 plaatsje zoekt om wat uit te ru/5 en zijne kra*t5 t]ug te krijg52--het dubbele geva> is voorbij1 zijn lev5 bleef gespa>d6 ,,mo$]liefde ,,en ,,mo$4 ,(s*oon de gi]-ar5d m9 ( me] op e5 gi] gelijkt1 behoort hij to* niet tot deze orde van vogels4 ,9 plaats van d5 kal5 kop1 d5 afzi*telijk51 kal5 nek en het g]impelde vel van d5 gi] te bezitt51 is het li*aam van d5 gi]-ar5d tot aan d5 snavel met v$]5 b$ekt1 zoodat hij met zijn s*]pzi5d oog en fraai5 vorm me] heeft van d5 ar5d dan van het afs*uwelijke gesla*t d] gi]54 ,de gi]-ar5d vliegt ze] snel1 en is zoo /\tmo$ig dat zelfs de teg5woordigheid van m5s*5 hem niet van zijne roov]ij5 t]ugh\dt4 ,e5 bek5d reizig] v]haalt3 ik zat e5s met e5ige li$5 om e5 vuur ges*a>d1 wa>op ons middagmaal kla> gemaakt w]d2 e5sklaps /reek e5 gi]-ar5d vlak bij ons ne]1 klom bij d5 ketel op1 en /ak er zijn poot 9 om er e5 s*ap5b\t uit te nem54 ,ma> het kok5de wat] b$roog hem1 zoodat hij weg vloog2 op zoo iets _h hij niet g]ek5d4 ,kort da>na kwam hij e*t] t]ug1 en nam1 zond] a*t te slaan op de p]son5 die om het vuur zat51 alle /ukk5 vlees* weg die voor h5 lag54 ,to* _h hij er sle*ts kort pleizi] van1 want hij w]d doodges*ot54 ,de gi]-ar5d is de groot/e d] ar5d51 en bezit niet alle5 m9d] kra*t 9 zijne klauw5 als m5ige kle9]e ro(vogel1 ma> ook e5 9 v]h\d+ kle9]5 snavel4 ,hij aa/ bijna nooit op doode di]53 hij doodt h5 liev] zelf1 en v]g5oegt zi* dan ook sle*ts 9 de uit]/e noodzakelijkheid met rott5de ov]blijfsel54 ,hij komt met d5 gi] da>9 ov]e51 dat hij zijn prooi niet wegdraagt1 ma> op de plaats zelve opeet1 en ook 9 zijn groote gulzigheid1 want hij eet altijd zooveel tot hij zi* niet me] beweg5 kan4 ,de gi]-ar5d doodt zijn prooi niet door e5 /\t5 aanval1 en door gebruik te mak5 van zijn snavel en zijne klauw51 ma> vliegt bov5 zijne prooi he5 en w$]1 v]bl9dt en b$welmt ha> door vleugelslag51 en zoekt ha> 9 e5 afgrond te w]p54 ,de gi]-ar5d is niet /]k g5oeg om groote di]5 le$ te do5 en kie/ dan ook alle5 zijne sla*t(f]s ond] zwakke en jonge s*epsel54 ,9 ,zwits]l& vangt m5 d5 gi]-ar5d door het zelfde middel als wa>m$e m5 de voss5 vangt1 namelijk 9 vall51 en 9 ,pimont w]p5 de inwon]s doode pa>d5 9 diepe klov52 spo$ig kom5 de vogels er op los1 en et5 zooveel zij ma> kunn52 da>na will5 zij weg vlieg51 ma> door de engte van de klo( kunn5 zij de vleugels niet uitslaan1 en word5 nu gemakkelijk gevang54 ,het li*aam van d5 gi]-ar5d is van bov5 glanz5d bru9a*tig zw>t1 elke v$] heeft e5 witte s*a*t en e5 witte /ip op de punt4 ,zijn hals en bor/ zijn roe/geel1 e5 zw>te /reep loopt van het midd5 van d5 s*$el ov] de oog5 tot d5 wortel van d5 snavel1 de as*grauwe /a>tp5n5 met donk]5 r& en de slagv$]5 hebb5 witte s*a*t54 ,de bek en het keelgat van d5 gi]-ar5d zijn buit5gewoon groot1 en het laat/e is zoo rekba>1 dat hij met gemak de groot/e bet5 doorslikt2 zijn maag is ze] groot en v]te]t be5d]51 s*]pe spl9t]s1 vogelklauw5 en het ha> van zoogdi]54 ,zijn ne/ maakt hij van takk5 en dunne boomwortels1 en vult het met dor gras4 ,9 de ma& ,ma>t legt hij van twee tot vi] vuilwitte1 bru9 gevlekte ei]54 ,9 de e]/e j>5 zijn de v$]5 d] jong5 donk]kleurig1 en e]/ 9 het d]de ( vi]de ja> krijg5 zij v]s*ill5de kleur54 ,als de gi]-ar5d op d5 grond loopt1 doet hij zi* het m9/ voordeelig voor1 ma> 9 de lu*t vliegt hij bevallig en gemakkelijk2 met zijne bre$e vleugels doorklieft hij d5 dampkr+1 tuss*5beide gaat hij op de met sneeuw b$ekte topp5 d] b]g5 zitt51 en ond]zoekt met zijn doordr+5d5 blik alle plaats51 om te zi5 ( er miss*i5 ook e5 ( &] di] tuss*5 de b]g5 v]s*ol5 is1 dat hij onv]wa*ts met zijne klauw5 kan grijp54 ,zijn /a>t /uurt hem 9 alle ri*t+51 ev5als het ro] van e5 s*ip4 ,als hij ov] de m]5 vliegt die zijn beeld t]ugkaats51 ( als hij na> b5$5 ziet1 na> de dal5 die aan d5 voet d] hooge b]g5 ligg51 dan v]heugt hij zi* 9 zijne kra*t en vrijheid1 en laat telk5s e5 s*rill5 vreugdekreet hoor54 ,ma> e5sklaps /aakt hij zijn vlu*t1 want hij heeft iets ontdekt dat zijn a&a*t opwekt4 ,langs de zijd5 van e5 bijna ontoegankelijke rots spr+t e5 gems met ha> e5ig jong2 zij huppel5 van de e5e punt na> de &]e1 en kom5 dikwijls op zulke smalle ri*els ne]1 dat zij er nauwelijks op kunn5 /aan4 ,het kle9e gemsje blijft di*t 9 de nabijheid van de mo$]1 en volgt al h>e beweg+5 en sprong5 na1 op geva> af van 9 d5 afgrond te vall54 ,ma> zij zijn ze] zek] 9 hunne sprong51 en (s*oon sle*ts e5ige wek5 oud1 loopt de jonge gems zoo gemakkelijk op de geva>lijke rots51 als( zij het al j>5 _h g$aan4 ,zij is zoo g]u/1 als( er ge5 afgrond ond] ha> en ge5 doodvij& bov5 ha> is4 ,ma> wie is zoo waakzaam als e5e mo$]8 ,t]wijl zij na> e5 ruim] punt spr+t1 altijd op h>e ho$e dat ha> jong ge5 le$ kan ges*i$51 ziet zij dat e5 gi]-ar5d van plan is ha> jong aan te vall54 ,met opg]i*t5 kop en snuiv5de neusgat5 wa*t zij d5 vij& af1 en trapt ong$uldig met de voorpoot5 op d5 grond2 het jong1 dat door de beweg+5 van de mo$] begrijpt dat er geva> op h&5 is1 s*uilt a*t] ha>4 ,ja1 dat tere s*epseltje z\ e5 he]lijke maaltijd voor d5 gi]-ar5d zijn6 ,hij zal dus de oude gems met vr$e lat51 die tr\w5s h>e s*]pe hor5s na> hem ke]t1 en beproeft h>e a&a*t van het jong af te trekk5 en ha> door li/ te v]wijd]54 ,telk5s s*iet hij half ne]1 ma> de gems laat zi* niet om d5 tu9 leid54 ,nu v]&]t de gi]-ar5d zijn plan van aanval2 hij komt di*t] bij en wil met zijne kra*tige vleugel5 het jong van de smalle rots afw]p54 ,de /\tmo$ige gems v]ijdelt e*t] al zijne pog+51 en nu beproeft de gi]-ar5d1 die toornig is omdat hij zoo gefopt wordt1 nog e5e laat/e kra*tige pog+4 ,hij zweeft nu e5s he5 en we] bov5 de jonge gems1 h\dt dan w$] e5 oog5blik /il1 en s*iet met de snelheid van d5 bliksem na> b5$54 ,zijne s*]pe1 me$og5looze klauw5 heeft hij re$s uitge/ok5 om het jong te grijp544444 ma> hij komt t]e*t op de h>de hor5s van de onv]saagde mo$]1 en ond]v9dt e5ig]mate de gewa>word+ als w]d hij teg5 e5e rots gesl+]d4 ,ge5 s*oon] e]eteek5 voor de mo$] dan die v$]5 uit de bor/ van h>5 wre$5 vij&2 zij zijn het be/e bewijs van h>e mo$]liefde en tr\w4 ,de toornige gi]-ar5d is ?ans v]slag5 en v]n$]d1 en zet zi* op e5 nabijgeleg5 rots ne]1 9 de hoop weldra e5 prooi te v9d51 die m9d] kra*tig v]d$igd wordt4 ,zijne gehav5de v$]5 getuig5 van de kra*t1 die zulk e5 9 v]gelijk+ zwak di] als de gems bezit1 als zij ha> hulpeloos jong teg5 d5 vij& wil bes*]m5 en v]d$ig54 ,,9 ',t ,,nauw ,,gebra*t4 ,er be/aat ge5 nors*] en wraakzu*tig] di] dan e5 oud wild zwijn4 ,ev5 als zijn geheele ras toont het ze] we9ig s*r&]heid4 ,door de dikte van zijn huid en door zijne groote kra*t komt het mee/al ong$e]d uit e5 geve*t met e5 &] wild di] te voors*ijn4 ,de lange1 witte slagt&51 die 9 zijn ond]kaak zitt51 word5 door de g$urige wrijv+ teg5 de bov5kaak zoo s*]p als e5 s*e]mes1 en de /ek5 die het er mee kan gev51 zijn doodelijk4 ,er zijn vele soort5 van wilde zwijn54 ,sommig5 hebb5 e5 afs*uwelijk uit]lijk2 hun kop is b$ekt met wratt5 en uitwass51 en uit hun lang5 /omp5 snuit /ek5 groote t&5 na> buit54 ,dit is o4 a4 het geval met het zoog5aamde wratzwijn 9 ,afrika1 dat het leelijk/e is van alle zwijn54 ,op sommige eil&5 van d5 ,indis*5 ,ar*ipel leeft e5 zwijn dat door de inboorl+5 babi-roessa g5aamd wordt1 van wege d5 vreemd5 en buit5gewon5 vorm van de slagt&5 die uit de bov5kaak /ek54 ,deze slagt&5 zijn ze] lang en s*]p1 en 9 plaats van na> b5$5 en buit5 te groei51 zooals bij de &]e soort51 /ek5 zij aan elk5 kant van d5 neus uit be5a*tige pijpjes re*t 9 de hoogte1 en word5 dan bov5 de oog5 t]ug gebog52 bij oude zwijn5 word5 de slagt&5 ongeve] ti5 c5timet] lang4 ,m5 weet niet wa>toe deze t&5 di551 want zij zijn het di] somtijds h9d]lijk 9 zijne beweg+5 en kunn5 ook niet t] v]d$ig+ di554 ,(s*oon de babi-roessa dezelfde gewoonte heeft als het gewone zwijn1 graaft en wroet hij to* niet 9 d5 grond1 zooals de &]e zwijn5 altijd do51 ma> leeft van afgevall5 vru*t5 die hij 9 de boss*5 v9dt4 ,de kleur van het wilde zwijn is altijd rosa*tig zw>t ( bru9 met grijs gem5gd4 ,het mask]zwijn van ,zuid-,afrika heeft lange kwa/5 aan de oor51 die puntig en dun zijn1 en bezit doorgaans e5 roodbru9e huid1 welks h>5 van ond]5 grijsa*tig wit en van bov5 roodbru9 zijn4 ,dit di] ziet er vroolijk] uit dan zijn somb]e bro$]s4 ,m5 gelo(t algeme5 dat de zwijn5 ongevoelig zijn voor slangegif1 zoodat m5 niet zeld5 e5 kudde zwijn5 h\dt op plaats51 die door slang5 onveilig gemaakt word51 da> de zwijn5 de slang5 vang5 en opet54 ,het is bek5d dat het zwijn niet zeld5 de ratelslang v]nietigt1 hoewel deze ze] v]giftig is4 ,m5 bewe]t dat al wordt het zwijn door de wo$5de slang gebet51 het v]gif to* niet 9 zijn blo$ wordt opg5om51 omdat het li*aam ond] de huid ov]al met e5 dikke laag vet is b$ekt4 ,da>door ond]v9dt het zwijn ge5 s*adelijke w]k+ van het v]gif4 ,zoodra het zwijn e5 slang ziet1 valt het1 met de bor/els ov]e9d1 op ha> aan1 en onv]s*illig voor h>e vreesselijke bet51 bijt het de slang aan /ukk5 en eet ha> op4 ,de zwijn5ja*t 0 en is nog h$5 t5 dage 9 sommige g$eelt5 van ,europa e5 geliefkoosd tijdv]drijf4 ,bij zulk e5 ja*t behoor5 natuurlijk /eig]5de pa>d51 blaff5de hond5 en vroolijk hoornges*ett]2 de /\tmo$ige jag]s ontkom5 dikwijls t] nauw]nood aan het wo$5de di]1 als het na> e5e plaats g$rev5 wordt wa> de hond5 het omr+51 en wa>uit het niet kan ontkom54 ,dan is het ze] geva>lijk om het zwijn te gemoet te gaan en op de punt van het korte ja*tgewe] op te wa*t54 ,als m5 niet go$ treft1 ( als het di] de punt van het gewe] op zijde s*uift1 br5g5 zijne slagt&5 v]s*rikkelijke wond5 toe1 ( wel het zwijn v]trapt het voorw]p van zijn haat ond] zijne puntige hoev54 ,9 het zuidelijke g$eelte van ,am]ika leeft e5 kle9 zwijn1 algeme5 bek5d ond] d5 naam van pecc>y4 ,het v]s*ilt 9 vele opzi*t5 van de &]e zwijn51 en behoort met e5ige v]wante soort5 tot e5 &] gesla*t als ons gewoon zwijn4 ,deze kle9e zwijn5 lev5 gewoonlijk 9 troep51 en k5n5 ge5 vrees voor aanvall5 van &]e di]54 ,zij zijn zoo wre$ en /\tmo$ig1 dat m5s*5 en bee/5 wel g5oodzaakt zijn h5 te ontvlu*t51 want &]s loop5 zij geva> van vreesselijk gewond te word5 door de korte1 s*]pe slagt&5 van deze di]54 ,9 v]gelijk+ van de &]e soort5 is hun uit]lijk niet leelijk1 de kleur van het ha> is zw>t-bru91 aan de lipp5 en k9 wit4 ,op het va/el& van ,europa betwi/5 de wilde zwijn5 en de wolv5 elk&] de he]s*appij4 ,de bromm5de1 lafh>tige wolv5 zijn ze] ge/eld op het vlees* van hun bor/elig5 vij&4 ,van de jonge zwijn5 ond]v9d5 de wolv5 niet veel teg5/&2 zij mak5 h5 met gemak van kant1 t5 m9/e als de vad] ( mo$] er niet bij is om het jong te bes*]m54 ,alle5 9 d5 w9t]1 als de grond met sneeuw b$ekt is en de zwijn5 half dood zijn door het lange va/51 durv5 de wolv5 e5 oud wild zwijn aan te vall54 ,zoodra de wolv5 dan e5 e5zaam ronddol5d zwijn zi51 lat5 zij hun gehuil hoor52 hi] kom5 &]e wolv5 op af1 die zi* bij de ja*t voeg51 en nu 9 groot5 getale hun bege]de prooi a*t]na ijl54 ,het zwijn begrijpt dat gehuil wel1 dat 9 het di*te bos* we]galmt1 en het b>s*e e5zame oudje1 dat na> alle kant5 met zijne blo$dor/ige oog5 rondziet1 draaft ov] de sneeuw en zoekt e5e s*uilplaats wa> het zi* bet] dan op de op5e vlakte teg5 zijne talrijke v]volg]s kan v]d$ig54 ,het zwijn k5t het geva> dat hem dreigt1 en vree/ dat de wolv5 hem 9 het op5e bos* zull5 ov]vall51 want teg5 zoo vele di]5 is het niet be/&4 ,het gehuil wordt hoe lang] hoe hevig]1 de bege]ige wolv5 kom5 nad]2 da> ligt e5 omgevall5 boom1 de wortels /ek5 uit d5 grond1 het zwijn v]s*uilt zi* tuss*5 de door elk&] ge/r5gelde wortels die hem g5oeg kunn5 bes*]m51 en wa*t nu a*t] deze natuurlijke v]s*ans+ zijne vij&5 af4 ,kort da>na v]s*ijn5 zijn v]volg]s4 ,zij omr+5 zijn s*uilhoek1 tra*t5 de geva>lijke slagt&5 te ontduik5 en het di] van a*t]5 aan te vall52 ma> de wortels van d5 boom zijn te dik1 en al hun moeite is te v]geefs4 ,wo$5d dat zij zoo gefopt word51 vall5 zij het zwijn all5 te gelijk aan1 hop5de hi]door de ov]w9n+ te behal52 ma> het zwijn draait zijn groot5 kop na> alle kant51 en e5 van de wolv5 valt blo$5de op d5 grond1 t]wijl de ov]ige wolv5 huil5de a*t]uit /uiv54 ,da> zit het zwijn met zijne kle9e1 blo$dor/ige oog5 veilig 9 zijn s*uilplaats1 met blo$ en s*uim om d5 bek1 en knort v]s*rikkelijk4 ,op het gehuil van de v]slag5 wolv5 kom5 &]5 h5 te hulp3 9 het maanli*t v]toon5 zi* de s*aduw5 van g$aant5 die nad]bij kom5 om hunne kam]ad5 te help54 ,nu wordt het geve*t nog wanhopig] en wo$5d] dan te vor54 ,door d5 hong] g$rev51 zi5 de wolv5 het geva> ov] 't ho(d2 zij vall5 het zwijn van alle kant5 aan4 ,ma> het zwijn is wo$5d1 en maakt op e5 onb>mh>tige mani] gebruik van zijne slagt&54 ,de gesneuvelde wolv5 ligg5 om hem he51 de sneeuw wordt rood gekleurd door het blo$ dat uit hunne gap5de wond5 vloeit1 en hun gehuil we]galmt door het bos*4 ,de ov]ige wolv5 word5 nu bang1 en ontmo$igd door d5 dapp]5 teg5/& van het zwijn1 sluip5 zij /illetjes weg4 ,?ans komt het zwijn zegevi]5d te voors*ijn uit de s*uilplaats1 wa>9 het zoo de]lijk 9 't nauw w]d gebra*t4 ,,afgetobd4 ,het gezi*t van e5 kraai wekt bij vele m5s*5 somb]e g$a*t5 op1 wa>s*ijnlijk door de zw>te kleur van h>e v$]54 ,zij is diefa*tig van a>d en neemt alles wat zij krijg5 kan3 als het voorw]p t5 m9/e niet te groot is1 br5gt zij ha> buit op e5e v]borg5e plaats1 ev5als de ek/] en de me]kol do54 ,het veld1 wa>9 jui/ koorn gezaaid is1 bes*\w5 de kraai5 als ha> eig5dom2 als zij zulk e5 veld zi51 zijn zij zoo ong$uldig om er op te kom51 dat zij nauwelijks zoolang kunn5 wa*t5 tot de l&b\w]s v]trokk5 zijn4 ,het gekras d] kraai5 is ze] onwelluid5d2 zij lat5 het telk5s hoor51 als( zij will5 toon5 dat zij spott5 met &]e vogels die e5 welluid5d] gezang kunn5 uit54 ,zij behoor5 tot de vogels die het geheele ja> door op bepaalde plaats5 blijv51 en zijn ongevoelig voor de v]&]+5 van de ja>getijd54 ,9 d5 w9t] zitt5 zij op de doode takk5 d] boom51 die ev5als de geheele natuur 9 e5 wit sneeuwkle$ gehuld zijn2 m5 ziet ha> vooral 9 de somb]/e tijd5 van het ja>1 als alle bloem5 v]welkt zijn en de natuur van ha> groot/e s*oonheid is b]o(d4 ,zij vlieg5 ov] de sneeuw1 h>e zw>te li*am5 s*ijn5 nu nog zw>t] te zijn1 en ond] het uit5 van s*rille kret5 doorkliev5 zij de k\de w9t]lu*t4 ,zij hebb5 e5 s*]p gezi*t3 niets ontgaat ha> doordr+5d5 blik4 ,het arme di]1 dat voor de ruwe k\de bezwijkt ( dat gewond is1 behoeft niet te hop5 dat het d5 roov] zal ontkom51 want zoodra de kraai het ziet1 s*iet zij na> b5$5 en volgt het zoolang tot het dood is4 ,9 d5 zom]1 als de geheele natuur 9 ha> bekoorlijk/ gewaad getooid is1 zijn deze zw>te vogels e5e onaang5ame v]s*ijn+2 zij pass5 bet] bij de k\de van de w9t]ma&54 ,het is s*em]avond1 de zon is a*t] e5 dikk5 nevel v]borg51 en de w9d gi]t ov] de e5zame vlakte4 ,de dorre takk5 d] boom5 wiegel5 he5 en we]1 de grond is met sneeuw b$ekt1 en de geheele natuur is lev5loos4 ,de wolk5 jag5 door de lu*t1 als( zij op e5e bepaalde plaats moet5 wez5 en bevreesd zijn1 dat zij die niet zull5 b]eik54 ,de jonge boompjes bezwijk5 ond] d5 la/ d] sneeuw1 en aan de takk5 hang5 lange1 gl9/]5de ijskegels4 ,m5 z\ d5k5 dat 9 zulk e5 tijd alle di]5 9 hunne s*uilplaats5 blijv51 en dat niets &]s als de hong] h5 kan v]leid5 om de gure k\de te door/aan4 ,do* da> komt e5 gewonde haas langzaam aanspr+51 hij heeft pijn1 want zijn ne poot is gebrok51 miss*i5 wel door e5 moorddadig s*ot2 hij zoekt e5 s*uilplaats1 die hem voor d5 sn]p5d5 w9d en zijne onme$oog5de v]volg]s kan bes*]m54 ,het is nog ma> kort gel$5 dat hij e5sklaps opges*rikt w]d door e5 hond die zijn s*uilplaats ontdekt _h2 de haas da*t miss*i5 jui/ aan de he]lijke held]e zom]na*t51 to5 hij op het za*te gras speelde4 ,zijn leg] is v] weg1 hij is v]zwakt door de doodelijke wond1 en spant al zijne kra*t5 9 om e5e veilige plaats te b]eik54 ,ma> hij kan niet v]d] en v]s*uilt zi* ond] e5 v]dord5 /ruik1 die hem to* niet bes*]m5 kan1 want ook da> is hij aan de /r5ge k\de van d5 nad]5d5 na*t blootge/eld4 ,helaas6 arm haasje1 ge5 oog5blik laat m5 u met vr$e3 de kraai5 hebb5 u al gezi5 en uwe bezwijk5de kra*t5 gadegeslag52 da> kom5 zij al aanvlieg56 ,zij wet5 ma> al te go$1 dat het niet lang me] met u zal dur52 het flauwe teek5 van lev5 dat gij nog geeft1 s*rikt ha> niet af1 en weldra zull5 zij u aanvall51 gij die nog kort gel$5 zoo vol lev5slu/ wa>t6 ,ja1 gij ont/elt6 want h>e vleugels rak5 u al aan1 zij kunn5 ha> ong$uld bijna niet lang] b$w+54 ,de w9d huilt en /rooit de sneeuwvlokk5 9 het rond1 en b$ekt da>door het afgetobde1 doode li*aam van d5 haas met e5e laag sneeuw1 als wilde hij het di] 9 e5 re9 doodskle$ hull56