,,karl ,,marx ,,en ,,zijne ,,voorgangers door ,,jos4 ,,loopuit ,cohen ,zonen1 ,amsterdam ,,voorwoord4 ,onwetendheid is de bron aller boosheid4 ,spinoza4 ,er is zeer zeker in onze dagen geen belangrijker verschijnsel in de samenleving dan het socialisme4 ,het heeft zich met zulk eene elementaire macht1 van den aanvang der vorige eeuw af baan gebroken1 dat niemand1 die eenig oog heeft voor het algemeen belang1 zich aan die macht kan onttrekken1 die er al meer en sterker van is uitgegaan4 ,iedereen die zijn tijd begrijpen en kennen wil1 moet ook eene kennismaking met de denkbeelden der socialisten en de volksbewegingen1 eene studie van de sociaal-demokratie en de arbeidersbeweging onzer dagen1 binnen den kring van zijn onderzoek betrekken4 ,het bestaan van de sociaal-demokratie te loochenen valt niemand in onze dagen meer in1 en niet minder wordt algemeen erkend1 dat het socialisme in het algemeen en de theorin van de sociaal-demokratie in het bijzonder1 niet van dien aard zijn1 dat wij door ze te leeren kennen1 ons weten1 ons denken en ons voelen er niet in groote mate door zouden kunnen versterken4 ,in een tijd van gisting1 overal om ons heen1 is er te meer reden om dit te doen1 opdat wij weten wat anderen willen1 die1 zonder dat wij onderricht zijn over hetgeen zij leeren en voorstaan1 voor ons niet te begrijpen zouden zijn4 ,en wij moeten anderen begrijpen1 willen wij ons-zelven begrijpen4 ,het moet ons duidelijk zijn wat anderen willen1 willen wij ons een klaar denkbeeld kunnen vormen1 van wat wij-zelf willen4 ,en in het willen onzer dagen1 neemt dat van de socialisten eene groote plaats in4 ,wij begrijpen dat soms niet1 wij zien hier alles aan voor het werk van enkele personen1 van enkele leiders1 wanneer wij niet leeren kennen1 wat de werkelijke drijfkracht en de drijfveer hunner handelingen is4 ,wij begrijpen de hartstochten en de handelingen niet1 zooals zij zich tegenwoordig openbaren in de arbeidersbewegingen van alle landen rondom ons1 en ook in ons eigen land1 wanneer wij ons niet op de hoogte stellen waaruit deze voortvloeien4 ,zeker1 aan voorlichting van de publieke opinie ontbreekt het in onze dagen allesbehalve4 ,den tijd1 dien ,ferguson komen zag1 waarin zelfs het denken tot een speciaal beroep zal worden1 is reeds lang bereikt4 ,de groote massa in onze dagen1 denkt over groote vraagstukken1 denkt over groote bewegingen en theorien1 in den regel niet meer zelfstandig na1 maar laat voor zich denken1 door dag- en weekbladschrijvers4 ,zij haalt hare wijsheid uit couranten1 die voor het meerendeel hen de dingen mededeelen onvolledig1 partijdig dikwijls en1 wat niet het minst erg is1 zonder de minste samenhang4 ,hoe zoude dit ook anders kunnen8 ,de menschen hebben1 in onze dagen van strijd-om-het-bestaan1 van een zenuwachtig druk leven1 waarin soms geen minuut mag verloren gaan voor de persoonlijke stoffelijke belangen1 niet den tijd en ook niet de noodige gelegenheid1 niet de kalmte en niet het geduld1 die er noodig zijn om zich eenigszins volledig op de hoogte te stellen van de groote maatschappelijke vraagstukken die het socialisme heden ten dage1 aan onze beschouwing ter oplossing heeft voorgelegd4 ,ons dunkt het dan ook goed en eene voortreffelijke gedachte welke den uitgevers van dit werk bezielde1 toen zij meenden in een zoo kort mogelijk bestek1 een zoo volledig mogelijk overzicht te kunnen doen geven1 van datgene wat de groote denkers van het socialisme en de groote grondvesters der sociaal-demokratische theorien geleeraard hebben en niet minder1 in welk verband en in welke verhouding hunne denkbeelden tot elkander stonden4 ,wat de theorien der sociaal-demokratie aangaat1 en inzonderheid die harer grootste theoreticus ,karel ,marx1 is het zeker zr belangrijk1 dat het publiek in staat wordt gesteld k te leeren kennen1 de afkomst van diens theorie en diens leven- en wereldbeschouwing4 ,groote denkers en schrijvers1 maar voorl groote stichters van eene school1 komen geestelijk uit anderen voort4 ,zij vormen in geestelijk opzicht afstammingsvormen1 uit andere hen voorafgegane geestelijke vormen1 die zich belichaamden in vroegere denkers en schrijvers4 ,is dit zoo1 en er is dunkt ons niet aan te twijfelen1 dan behoeft men1 om een duidelijk beeld van de theorie voor zich te hebben1 gelijk zij ons wordt verklaard1 ook te kennen1 de wortels waaruit als 't ware de stam is opgegroeid4 ,met andere woorden3 men moet de stelsels kennen1 zij het dan ook in groote en algemeene trekken1 waaruit zij als theorien zich hebben ontwikkeld4 ,in de geheele wetenschap is dat een systeem1 dat door geen ernstig onderzoeker meer wordt ongebruikt gelaten1 waar het hem te doen is om een goed beeld van het terrein dat hij moet overzien1 te verkrijgen4 ,dit moet ook bij de wetenschap1 die het socialisme ons heeft verschaft1 zoowel in de staathuishoudkunde1 in de philosophie als in de sociologie1 de methode van ons onderzoek zijn4 ,en daarom zal in de volgende bladzijden het socialisme1 zooals het zich heeft doen kennen in en na de ,fransche ,revolutie van #aghi1 worden behandeld4 ,zoo zullen de lezers ook kennis kunnen nemen van de scholen der eerste groote denkers van het socialisme1 in de eerste helft van de negentiende eeuw4 ,en niet minder zullen zij worden in kennis gesteld1 met de groote philosophen uit dit tijdperk in ,duitschland1 omdat ook daaruit de sappen zijn getrokken1 die ,karel ,marx in zich heeft opgezogen1 ten einde daaruit zijne wereldbeschouwing te kunnen construeeren1 daarin bijgestaan door zijn talentvollen trouwen vriend ,friedrich ,engels4 ,want het moet hier op den voorgrond worden geplaatst1 waar ,marx genoemd wordt1 kan dit bijna nooit anders geschieden1 zonder dat zijn vriend ,engels er niet bij te pas komt4 ,waar wij den laatsten dus niet altijd zullen noemen1 daar1 men vergete het niet1 geschiedt dit omdat ,marx1 ,engels in-zich bevat2 terwijl wij het aan den laatste in zoo groote mate te danken hebben1 dat wij den eerste begrepen hebben4 ,de grootste popularisator van ,marx' denkbeelden en de man1 die dezen heeft uitgewerkt waar ,marx ons alleen schema's heeft kunnen geven1 is ten allen tijde ,friedrich ,engels 't eerst geweest4 ,en wij zullen vervolgens ook nog1 om een meer volledig beeld te verkrijgen1 de staatkundige stelsels doen kennen1 waaruit ,marx' economie is voortgekomen en ten slotte de stelsels van anderen1 die eenerzijdsch met die van ,marx parallel liepen1 anderzijdsch eene andere richting gingen dan de zijne4 ,wij hopen hiermede te bereiken wat wij wenschen dat bereikt worde3 den lezer zelf in staat te stellen1 zich een zelfstandig oordeel te vormen over eene der belangrijkste1 zoo niet het belangrijkste verschijnsel van onzen tijd4 ,of wij daarin geslaagd zijn1 wij weten het niet1 wij hopen het alleen maar4 ,niemand kan beoordeelen1 welken indruk zijn werk op anderen maakt2 wel1 of hij naar zijn beste weten en kunnen getracht heeft het bereikbare in dat opzicht na te jagen4 ,en wat ons aangaat1 gegeven het bestek van dit werk1 hebben wij al het mogelijke beproefd1 om het resultaat dat er mede bereikt moet worden1 ook te doen bereiken4 ,de ,schrijver4 ,,inleiding4 ,de benamingen van socialist en sociaal-demokraat worden in onzen tijd dikwerf gebruikt1 in dezelfde beteekenis dikwerf ter onderscheiding van elkander4 ,zoo zijn er een aantal personen die zich socialist noemen1 zonder daarom de leer en de consekwenties van de sociaal-demokratie te aanvaarden2 omgekeerd1 spreken de vertegenwoordigers en de aanhangers1 van 't laatste dikwijls van het socialisme1 hiermede bedoelende het gansche stelsel van de gemeenschappelijk-making der productiemiddelen4 ,van lieverlede evenwel1 is men desondanks goed gaan begrijpen1 wat er onder die benamingen verstaan wordt en weet men ook1 dat onder sociaal-demokraten in het algemeen verstaan worden de aanhangers van de theorien van ,marx1 zoowel zij1 die men met de benaming ,marxist bestempelt1 als zij die niet geheel en al vasthouden aan alle consekwenties van dien leer4 ,de algemeen-naam socialist is meer toepasselijk op hen1 die1 f een sterker en krachtdadiger ingrijpen van den ,staat en de overheid wenschen in de maatschappelijke positie van den arbeider3 in de verhouding tusschen kapitaal en arbeid1 of van die groepen1 die het doel in het algemeen wel willen--n4 l4 voorstanders zijn van gemeenschappelijke maatschappelijke voortbrenging en verdeeling der goederen1--maar in de middelen om daartoe te geraken1 van de sociaal-demokraten afwijken4 ,die meer door propaganda van de ide van het socialisme in het algemeen1 op het volk wenschen in te werken1 terwijl zij dezen geestelijken arbeid geheel voorop stellende1 praktische middelen in het tegenwoordige als van onwaarde of als van uiterst geringe waarde voor het doel achten4 ,onder deze laatsten kunnen dan ook wel de anarchisten worden gerekend1 voor zoover zij geen voorstanders zijn van de z4 g4 n4 propaganda door de daad4 ,het woord socialisme dankt zijn ontstaan in de vorige eeuw aan ,pierre ,leroux1 een der scholieren van ,saint-,simon en een philosophisch socialist1 die1 gelijk hij zeide1 dit woord smeedde in de oppositie tegen het individualisme en daarmede eene politieke organisatie bedoelde1 waarin het individu opgeofferd zou worden aan de gemeenschap4 ,dit begrip is dus1 gelijk men ziet1 zoo algemeen mogelijk2 want feitelijk van af het bestaan der georganiseerde staat of gemeenschap1 is steeds het individu1 in meerdere of mindere mate1 opgeofferd aan het belang van de gemeenschap4 ,het geeft den feitelijken inhoud van het woord dus1 in 't geheel niet wer4 ,er is nog een andere verklaring van het woord die eveneens van een franschen socialist van beteekenis stamt1 en evenmin iets zegt en deze is van ,p4 ,j4 ,proudhon4 ,toen deze in 't jaar #ahdh voor de ,rechtbank stond1 vroeg hem de president3 of hij niet een socialist was8 ,zeker6 meneer de president1 antwoordde ,proudhon2 ,nu vroeg deze hem1 wat is dan eigenlijk het socialisme8--,elke poging tot verbetering van de maatschappij1 antwoordde de ondervraagde4--,maar dan1 zeide den president1 zijn wij tegenwoordig allen socialisten6--,precies zoo denk ik er ook over1 was het wederwoord van ,proudhon4 ,hierbij sluit zich het bekende woord van den engelschen liberalen ,staatsman ,sir ,william ,harcourt aan1 die voor jaren geleden in het ,engelsche ,parlement uitriep3 ,tegenwoordig zijn wij allen socialisten6 ,is het woord socialisme1 gelijk wij reeds zeiden1 zeer onbestemd en vaag1 en kan1 gelijk men ziet1 daar onder begrepen worden1 al wat maatschappelijke verbetering der minder-gegoeden in onze samenleving in zich sluit1 het begrip sociaal-demokratie heeft eene meer scherp belijnde1 zeer wel te omschrijven beteekenis4 ,het sluit in-zich1 een stelsel van maatschappelijke verandering1 volgens bepaalde regelen1 volgens bepaalde wetten1 zou men kunnen zeggen4 ,het heeft een wetenschap ten grondslag1 eene gesloten levens- en wereldbeschouwing4 ,in het algemeen genomen1 is de grondslag van de sociaal-demokratie1 de erkenning dat geene duurzame en blijvende verbetering van de maatschappelijke toestanden mogelijk is1 zonder opheffing van het privaat-bezit van de produktie-middelen der maatschappij1 grond en bodem1 machines1 fabrieken1 middelen van vervoer en verkeer1 kortom al datgene waarmede tegenwoordig wordt voortgebracht4 ,dit beginsel is het communisme1 ongeacht of dit in praktijk gebracht zal worden door middel van eene gecentraliseerden staat of streng demokratisch-ingerichte gemeenschap1 of dat de voortbrenging- en verdeelingswijze een meer federatief karakter zal dragen1 zooals het collectivisme dat bedoelt4 ,het communisme is zr oud4 ,afgescheiden van het z4 g4 n4 oorspronkelijke of oer-communisme1 dat bij de oude volksstammen bijna zonder uitzondering gevonden werd en waarvan ,morgan nog zeer sterk levende vormen gevonden heeft bij de ,indianenstammen in ,n4 ,amerika1 en den gemeenschappelijken eigendom bij de ,germanen1 waarvan von ,maurer de overblijfselen in de marken enz4 heeft opgespoord1 vinden wij bij de eerste christelijke sekten1 die ontstonden onder het ,romeinsche ,keizerrijk reeds het communisme in den vorm van gezamenlijk verbruik van de genotmiddelen4 ,het was een communisme der consumptie1 niet een van voortbrenging4 ,in de ,evangelin1 zijn dan ook tal van uitspraken te vinden1 die op dit communisme en de verachting van het persoonlijk bezit toespelen4 ,de communistische denkbeelden die in het ,evangelie en in den ,bijbel worden gevonden1 in verband met de komst van het ,duizendjarig ,rijk1 hebben dan ook eeuwen op eeuwen achtereen een ontzaggelijken invloed uitgeoefend op de ontwikkeling van vele sekten van communistische christenen1 welke meestal bloedig zijn onderdrukt of verdwenen zijn1 omdat de maatschappelijke praktijk zich niet met deze christelijke theorie deed vereenigen4 ,het klooster1 in de vroege middeneeuwen ontstaan1 is als eene poging tot verwerkelijking van het christelijk-communistisch ideaal te beschouwen4 ,niet minder de eerste van die groote bdel-orden1 waarvan de stichter1 de heilige ,franciskus van ,assisi als eerste voorwaarde leeraarde1 de verachting voor al het aardsche1 een leven zooals de stichter der ,christelijke godsdienst dit zelve zou hebben geleid4 ,bij vele ,kerkvaders der katholieke kerk vinden wij dan ook eene veroordeeling van den privaat-eigendom4 ,de ,rijke is een dief1 zegt de ,h4 ,bazelius4--,het is noodzakelijk dat er eene soort gelijkheid besta1 waarin de een den ander van zijnen overvloed geeft4 ,het ware beter als alle goederen gemeenzaam waren1 zoo zegt de ,h4 ,johannes ,chrijsostemus4 ,de natuur heeft de gemeenschappelijkheid ingevoerd2 de wederrechtelijke inbezitname1 het privaat-eigendom1 zegt de ,h4 ,ambrosius4 ,naar recht en billijkheid moest alles aan allen behooren4 ,de ongerechtigheid is het die den privaten eigendom geschapen heeft1 zoo leerde de ,h4 ,clementius4 ,enz4 ,de moderne sociaal-demokratie heeft1 historisch gesproken3 twee wortels4 ,beiden komen uit denzelfden bodem voort--de bestaande maatschappelijke- en eigendomsorde4 ,de eene dezer wortels--het communistische utopisme--komt uit de hoogere klassen voort4 ,de dragers van dit utopisme waren den geestelijk aan den spits staanden in de maatschappij4 ,zij hebben hunne maatschappelijke idealen nergelegd in een of meer hunner werken4 ,middelijk of onmiddellijk stonden zij onder den invloed van den griekschen wijsgeer ,plato1 den grooten scholier van ,socrates1 die in zijn ,staatsideaal eene samenleving teekent1 volgens een vast plan ingericht1 en dat als zoodanig dan ook als de eerste maatschappelijke ,utopie kan worden gerekend4 ,hem is als opsteller van een tweede staatsideaal1 ,thomas ,morus opgevolgd1 die in #aeaf ,utopia schreef als staatsman in dienst van ,koning ,hendrik ,,viii van ,engeland4 ,in deze ,utopia1 dat geluksland beteekent1 ontwikkelt ,more1 door gesprekken die hij zelve voert met gefingeerde tegenstanders1 het stelsel eener volkomen communistische samenleving4 ,alleen het communisme is in staat de verschrikkelijke euvelen van de zich ontwikkelende kapitalistische maatschappij uit den weg te ruimen1 zegt hij1 al erkent hij daarbij tevens1 dat de tijd er toe nog niet gekomen was4 ,de andere wortel der sociaal-demokratie1 is het gelijkheidscommunisme1 hetwelk zijnen oorsprong vindt bij de onderste klassen der maatschappij1 aldus genoemd1 omdat het uitsluitend of voornamelijk steunde op den eisch van den gelijkheid der maatschappelijke goederen en ruw als het was1 eigenlijk zonder preciesen vorm1 ontsprong aan het religieus gevoel en overwegend steunde op den ,bijbel1 voornamelijk op de reeds hier te voren genoemde uitspraken en leeren van het ,evangelie4 ,men vindt dit ,communisme in tal van bewegingen in de ,middeleeuwen2 zooals die der ,lollharden1 de ,begharden1 de ,waldenzen1 de ,hussiten1 de ,taborieten2 de ,boheemsche en ,moravische ,broeders2 vr de groote beweging der ,hervorming van #aeae onder ,luther1 tot diep in die beweging toe1 door de ,boerenoorlogen onder ,thomas ,mnzer in ,duitschland en de bewegingen van de ,wederdoopers in ,munster heen4 ,behalve deze sekten1 waaronder er zijn1 die gedurende langen tijd een grooten invloed hebben uitgeoefend op den voorarbeid en het tot stand komen der ,hervorming1 is het ook wel merkwaardig1 dat wij reeds in #abce bij een dichter van nog bekenden en grooten naam1 communistische gedachten zien uitgesproken4 ,in een gedicht3 ,van de ,wapene1 ,martijn1 zegt ,jacob van ,maerlant3 ,martijn1 die deutsce ,loy vertelt2 ,dat van onrechter gewelt1 ,eigendom is comen4 ,en dan3 ,twee worde in die werelt sijn3 ,dats allene ,mijn ende ,dijn1 ,mochte men die verdriven2 ,paijs ende vrede bleve fijn3 ,het ware al vri1 niemen eijgin ,manne metten wiven2 ,het waer gemene tarwe ende wijn4 ,de religieus-,communistische sekten leefden nog tot in de zeventiende eeuw voort4 ,zoo onder anderen ook in ons land nog onder de ,labadisten1 eene sekte welke door een franschen predikant ,jean de ,labadie in het leven geroepen1 maar snel in het zand verloopen is4 ,nevens ,thomas ,morus1 als schrijver van eenen uitgewerkten communistischen ideaalstaat1 moet ook ,campanella worden genoemd1 een monnik1 die de ,civita ,solis of ,zonnestaat geschreven heeft in het jaar #afbj4 ,in de eerste engelsche ,revolutie vertoonden zich ook reeds genoegzame sporen van communisme en socialisme in den meer modernen zin2 al wordt het geheel ook zeer sterk beheerscht door religieuze bijmengsels4 ,zoo de beweging der ,levellers of gelijkmakers4 ,een der takken dezer beweging1 de sekte der ware ,leveller1 had in #afea_/eb een boek uitgegeven getiteld3 ,de wet der vrijheid1 als program uiteengezet1 of de wederherstelling van het ware regeeringssysteem 7,the ,law of ,freedom in a platform of ,true ,magistracy ,restored71 waarin ontwikkeld wordt1 wat koninklijke regeering en wat republikeinsche of gemeentelijke regeering 7,commonwealth7 te beteekenen heeft4 ,het is bescheidenlijk opgedragen aan ,olivier ,cromwell1 zoo ook aan alle engelschen1 die mijne broeders zijn1 hetzij tot het ,kerkverband behooren of niet1 en over hunne hoofden heen1 aan alle naties ter wereld4 ,in dit boek ligt een gansch communistisch stelsel uitgebeeld4 ,op het koopen en verkoopen1 worden daarin de hoogste straffen gesteld2 niemand mag arbeid huren of zijnen arbeid verhuren1 en wie land- of de vruchten daarvan verkocht1 was des doods schuldig4 ,goud en zilver mag niet in munt worden omgezet1 alleen tot huisraad mag het worden versmolten4 ,ook ontstonden in ,engeland in de #ag;e eeuw de ,staatsromans1 d4 w4 z4 die litteratuur1 waarin in romanvorm het plan eener staatsinrichting werd nergelegd4 ,zoo de ,leviathan door den staatsrechtsleeraar ,thomas ,hobbes in #afea geschreven1 en den daarna in #afef verschenen ,oceana van ,james ,harrington4 ,de eerste was een utopie van den absolutistischen ,staat1 waarin voor alle standen en geledingen der samenleving is gezorgd2 de andere kan als zijnen onmiddellijken tegenhanger gelden4 ,kommunistische tendenzen zaten er ook in sterke mate1 in de1 in de zeventiende eeuw opgekomen sekte der ,kwakers1 waarvan ,john ,bellers 7geb4 #afed7 als de voornaamste en meest practische kan worden beschouwd4 ,zoo ontstonden ook in de zeventiende en achttiende eeuw in ,frankrijk1 de utopische staatsromans1 in den vorm van reisbeschrijvingen4 ,zij heetten o4a43 ,la terre australe connue1 waarvan ,pierre ,bayle een zekeren ,gabriel ,toigni als auteur noemt1 voorts het boek3 ,de ,reizen en ,avonturen van ,jacques ,mass2 het boek van de ,fontenelle3 de ,republiek der philosophen of de geschiedenis der ,ajaoer2 ,restif's boek3 ,la decouverte australe ou lettres d'un singe2 het boek van den abt ,fnlon3 ,telemach2 ,ramsay's3 ,les ,voyages de ,pyrus en ,pechmja's boek3 ,tlphe4 ,hier moet ook nog worden melding gemaakt van den arbeid van ,jean ,meslier1 gemeenlijk het ,testament van ,jean ,meslier genoemd1 dat in #agfb door ,voltaire aan het publiek bekend werd en eene diepgaande critiek van den schrijver1--een armen en verdrukten dorpspastoor die bij zijn leven niet spreken dorst1--bevatte1 zoowel op den godsdienst1 als op de geheele inrichting der maatschappij4 ,dit ,testament welks inhoud eerst later geheel bekend werd1 daar ,voltaire het slechts in zooverre gaf als het dienst kon doen voor zijne propaganda tegen de kerk1 geeft de communistische gedachten weer over een gemeenschap1 gelijk de schrijver zich die gedacht heeft4 ,ik wilde1 roept ,meslier uit aan het slot ervan1 dat mijn stem konde gehoord worden van het eene einde van het koninkrijk tot aan het andere1 neen1 van het eene einde der wereld1 tot aan het andere4 ,ik zo dan uit al mijne krachten schreeuwen3 ,gij zijt dwazen o1 menschen6 gij zijt dwazen1 u zoo te laten knevelen en zoo blind te gelooven aan een aantal domheden6 ,ik zal u uwe dwaasheden toonen en u uwe leiders als bedriegers en menschenschenners laten zien4444 ,vereenigt u toch volk1 vereenigt u proletarirs2 vereenigt u zoo gij het hart hebt om u te bevrijden van uwe onderdrukkers6 ,in #agee verscheen er een boek in het licht ,code la ,nature genaamd1 door een vrij onbekend man1 een schoolmeester ,morelly genaamd1 geschreven4 ,tevoren had hij reeds een roman geschreven ,nauvrage des les flottantes ou la ,basiliade 7,schipbreuk van het drijvend eiland of de ,basiliade7 genaamd4 ,aan den spits van zijn ontwerp tot inrichting van een samenleving stelt hij drie grondstellingen1 welke hij geheiligde grondpunten noemt1 die de sociale gelijkheid kunnen waarborgen4 #a4 ,niets mag in privaat-eigendom zijn1 dan wat elk tot werkelijk gebruik voor zijne behoeften1 genoegens of dagelijkschen arbeid noodig heeft4 #b4 ,elk burger is een publiek wezen1 dat recht heeft op onderhoud en op arbeid van wege de gemeenschap4 #c4 ,elk burger is verplicht1 naar zijne krachten1 talenten en volgens zijnen ouderdom1 tot het publiek welzijn bij te dragen1 naar die mate zullen zijn openbare plichten worden geregeld4 ,later nog1 omstreeks de jaren van #ahcj1 hebben onderscheidene socialistische denkers en schrijvers1 en onder hen ,louis ,blanc zich dikwijls op deze stellingen van ,morelly beroepen4 ,tot de onmiddellijke volgelingen van ,morelly1 behoorde in de eerste plaats3 ,gabriel ,bonnot de ,mably1 in #agji geboren en in #aghe gestorven4 ,in zijn boek1 dat in #agfh uitkwam en getiteld is3 ,doutes proposs aux philosophes conomistes sur l'ordre naturel et essentiel des socits politiques 7,twijfelingen voorgesteld aan de economische wijsgeeren1 nopens de natuurlijke en wezenlijke orde van de politieke samenleving71 oefent hij eene diepgaande critiek uit op de maatschappij in verband met de eigendomskwestie4 ,hij is vooral hier in strijd met de ,physiokraten waarmede hij tot op een zekere hoogte kon samengaan1--dat de persoonlijke vrijheid zich niet laat verbinden met den gemeenschappelijken eigendom1 zooals dezen meenden4 ,vervolgens ,brissot de ,warville1 in #agdc geboren en den #casten ,mei #agic onthoofd1 als ,girondist1 die in zijn ,recherches philosophiques 7,wijsgeerige onderzoekingen7 zeer vergaande conclusies trok1 omtrent de niet-noodzakelijkheid van den persoonlijken eigendom4 ,van dezen stamt de stelling1 later door ,pierre ,joseph ,proudhon overgenomen3 le proprit c'est le vol 7eigendom is diefstal71 die men meermalen--ten onrechte--eene zuiver sociaal-demokratische noemde4 ,en hiermede zijn wij genaderd tot het tijdstip der ,fransche ,revolutie van #aghi1 dat reeds lang te voren1 door de geestelijke propaganda der ,verlichting was voorbereid door de fransche wijsgeeren van de #ah;e eeuw4 ,zij ontsluit een nieuwen tijd4 ,door haar is de burgerklasse tot macht en invloed gekomen1 na haar is de moderne kapitalistische produktiewijze ontstaan en door haar zijn dus middelijk de voorwaarden tot de sociaal-demokratie van ,karel ,marx geschapen4 ,wij zullen in het nu volgend hoofdstuk nog nagaan1 op welke wijze er reeds in die ,revolutie-zelve1 gearbeid werd aan of gedacht werd over1 socialistische of communistische idealen4 ,,eerste ,,gedeelte4 ,,hoofdstuk ,i4 ,,de ,,fransche ,,revolutie ,,van #aghi4 ,toen de achttiende eeuw ten einde neigde1 had de economische ontwikkeling van ,engeland die van ,frankrijk reeds vrijwel ingehaald niet alleen1 maar was haar reeds boven het hoofd gewassen4 ,maar in ,engeland hadden reeds in #afdh1 en daarna in #afhh in de z4 g4 n4 glorious revolution 7glorierijke omwenteling7 de burgerlijke klassen gezegevierd over den adel en het absolute koningschap4 ,de strijd der fransche burgerklasse richtte zich tegen alle bestaande grondslagen der maatschappij en nergens is zoo van grond uit met het oude opgeruimd1 dan in ,frankrijk in het ,revolutietijdperk van #aghi4 ,de fransche burgerij1 die den strijd had te voeren tegen de absolute monarchie en de gepriviligeerde klassen van den adel en de groote geestelijkheid1 had in dezen strijd het gansche volk achter zich4 ,maar dit duurde niet lang2 spoedig genoeg1 en wel voornamelijk toen het gold de vaststelling van ieders rechten1 kwam de verdeeldheid van meening aan het licht1 die reeds in den strijd om het bestaan die de ,republiek had te voeren1 van grooten invloed moest wezen4 ,aan den eenen kant splitste de partij van den derden stand zich in die der fabrikanten1 groote grondbezitters en handelskapitalisten1 aan den anderen kant kwamen de arbeiders te staan en de kleine burgers4 ,als vertegenwoordiger der laatste belangen1 komt in het revolutie-tijdperk vooral ,jean ,paul ,marat op1 die hoewel zelve geen arbeider maar geneesheer1 mr den proletarischen kant van de ,revolutie zag1 dan vele anderen die met hem aan haren spits stonden4 ,marat werd vroegtijdig vermoord1 door ,charlotte ,cordaij4 ,en op aandringen van de ,mirabeau1 de edelman die in het voorspel tot de ,revolutie eene belangrijke rol had gespeeld1 zou zelfs de burgerklasse haren vrede hebben gesloten met de constitutioneele monarchie1 wanneer niet n ,mirabeau vroegtijdig was overleden n de gebeurtenissen aan den grenzen niet z geloopen waren1 dat alles noodig was om den inwendigen vrede te bewaren en dus aan de eischen der kleine burgerij en der arbeiders toe te geven4 ,maar na het tijdperk van den ,terreur1 toen het gematigde deel der bourgeoisie weder de bovenhand had gekregen1 werd er hoe langer hoe meer opgetreden tegen de communistische tendenzen1 vooral tegen die van de groepen der jakobijnen4 ,van de laatsten verdient in de eerste plaats hier vermeld te worden ,,fran,,ois ,,boissel1 geboren te ,joijeux in ,vivarais in #agbh1 die in #agec advokaat van het parijsche ,parlement werd1 later naar het eiland ,st4 ,domingo ging1 maar in #aghi bij het uitbreken van de ,revolutie1 naar ,frankrijk terugkeerde4 ,hij trad in #agii op1 met een ,catechismus van het menschelijk geslacht1 waarin hij zeer koene conclusies trok uit de in #aghi geproklameerde ,rechten van den ,mensch en zijne iden bloot gaf omtrent eene hervorming van de maatschappij4 ,de voorwaarde om te komen tot eene maatschappij1 waarin geen eigenbelang zal heerschen1 en den eigendom niet eene private zaak1 zag ,boissel wel voornamelijk in eene sociale opvoeding4 ,de kinderen moesten derhalve door de gemeenschap worden opgevoed meende hij4 ,als overgangsmaatregel stelt ,boissel1 en dit is voor hem als fransch socialist van de #ah;e eeuw typisch1 eene progressieve inkomstenbelasting voor1 die den rijken ten-slotte z belasten zal1 dat voor hen het privaat-bezit elke waarde verliest4 ,uit de opbrengst zullen pensioenen moeten worden bestreden voor ouden en invaliden4 ,ook sloeg ,boissel het oprichten van staatsmagazijnen van agricole produkten voor1 en publieke werkinrichtingen voor werkeloozen van staatswege4 ,na hem1 komt hier in aanmerking als maatschappelijk hervormer1 ,robespierre's vriend en volgeling ,,saint-,,just4 ,deze1 die in #agid na ,danton's val aan de regeering kwam1 meende1 dat zoolang er nog armen en behoeftigen waren1 de zaak van de vrijheid1 van de ,republiek1 in gevaar was4 ,duldt in den ,staat noch eene ongelukkige1 noch eene arme3 alleen tot dien prijs zult gij eene ware republiek kunnen in stand houden6 ,de economische gelijkstelling is de levensvoorwaarde voor de republiek2 de rijkdom der aristokratie is voor de republiek evenzoo gevaarlijk als de ellende des volks4 ,er behooren noch rijken1 noch armen te bestaan4444 ,daar waar er te groote bezitters bestaan daar vindt men louter armen4444 ,de rijkdom is een infamie1 enz41 ziedaar zijn meeningen4 ,de ellende1 die wel het naast1 volgens ,saint-,just1 een gevaar oplevert voor de republiek1 moest in de eerste plaats dan ook uitgeroeid worden4 ,dit was te vinden door zeer strenge agrarische wetten3 ,ten einde de zeden te hervormen en den nood te bevredigen1 moest men beginnen1 met een ieder wat land te geven4 ,het bedeldom moet worden tegengegaan door verdeeling van de nationale goederen onder de armen4 ,voorl moest het volk zich op den landbouw kunnen toeleggen1 daar alleen een landbouwend volk een deugdzaam en een vrij volk kan wezen4 ,de mogelijkheid om de maatschappij gelukkig te maken1 zag ,saint-,just1 evenals zoovele hervormers uit het midden der #ah;e eeuw dan ook gelegen in de wetgeving en die wel uitsluitend van uit een streng gecentraliseerden ,staat4 ,saint-,just viel echter spoedig met ,robespierre1 wiens handlanger en vriend bij was1 en hiermede ging ook zijn plan te gronde4 ,maar het eerst en het voornaamst werden communistische denkbeelden1 te midden van de ,fransche ,revolutie verkondigd door een man1 die niet aarzelde1 zelfs niet onder het ,schrikbewind1 met zijn meeningen voor den dag te komen4 ,die man was3 ,,fran,,ois ,,no,l ,,babeuf1 of1 gelijk hij zich-zelf gaarne noemde1 met eene herinnering aan de ,romeinsche geschiedenis1 ,grachus ,babeuf1 werd in #agfj te ,saint-,quentin uit ,calvinistische ouders geboren4 ,op #af-;jarigen leeftijd als schrijver bij een landmeter werkzaam1 werd hij daarna ambtenaar bij het kadaster in ,roije 7,picardi74 ,in deze positie leerde hij den slimmen nood waarin het landvolk zich bevond van nabij kennen en het is wel daaraan te wijten1 dat hij zich reeds in #ahhg onledig hield met de studie van de werken van ,meslier1 ,morelly en ,mably1 en met het vraagstuk van de afschaffing van den eigendom4 ,na de bestorming der ,bastille1 waaraan hij deel had genomen1 bekleedde hij verschillende ambten in dienst van den ,staat4 ,in #agid stichtte hij het ,journal de la libert de la presse1 dat later in ,tribun du peuple werd omgedoopt4 ,na den val van ,robespierre en zijnen aanval op degenen welke dezen ten val hadden gebracht1 de ,thermidoristen1 werd hij1 tezamen met een aantal eveneens radikale republikeinsch-gezinden1 in de gevangenis geworpen4 ,hier was het1 dat ,babeuf de gelegenheid kreeg1 om met hen van gedachten te wisselen1 over het beginsel van de gelijkheid en te onderzoeken of de gelijkheid1 zooals die tot nog toe was verstaan1 wel eene grondstelling voor het maatschappelijk leven kon heeten van genoegzame waarde1 om het geluk en het leven daarvoor te wagen4 ,zij werden tot twijfel daaraan gedreven1 door de gebeurtenissen van den laatsten tijd1 en kwamen tot de slotsom1 dat het simpele politieke axioma van de gelijkheid alln1 geen ideaal kon zijn waarmede de menschheid gelukkig te maken was4 ,zij trokken uit de theorien van ,jean ,jacques ,rousseau1 die in die dagen1 wel de bron waren van alle hervormers van voor en in #aghi1 de verdere consekwenties en de conclusie1 dat ook het onderscheid in bezit moet worden weggenomen1 wil de politieke gelijkheid geen chimre1 geen denkbeeldig iets blijken te zijn4 ,in ,october #agie weder vrijgelaten1 ging ,babeuf dadelijk aan het agiteeren voor zijne denkbeelden1 die communistisch waren en de natuurrechtelijke politieke gelijkheids-iden van ,rousseau ten grondslag hadden4 ,de mensch is van nature goed gelijk ,rousseau leerde2 deze goede en onbedorven mensch werd eigenlijk nog maar vertegenwoordigd door die uit de onderste standen der samenleving1 die van de weelde en de verdorvenheid daarmede gepaard gaande1 bevrijd waren gebleven4 ,daarom moest door de toekenning van alle politieke rechten het volk tot de regeering brengen1 omdat1 gelijk men in #agic zeide3 le but de la socit est le bonheur commun 7het doel van de maatschappij is het gemeenschappelijk geluk47 ,robespierre verklaarde3 ,nous voulons un ordre des choses1 o toutes les passions basses et cruelles soient enchaines1 toutes les passions bienfaisantes et gnreuses veilles par les lois4444 ,nous voulons substituer dans notre pays1 la morale l'gosme1 la probit l'honneur1 les devoirs aux biensances1 le mpris du vice au mpris du malheur4 7,wij willen een orde van zaken1 waarin alle lage en slechte hartstochten zullen worden vastgelegd1 alle edele en weldadige hartstochten zullen worden opgewekt door de wetten444 ,wij willen in ons land de moraal stellen in de plaats van de zelfzucht1 de braafheid voor de eer1 de plichten voor de zeden1 de smaad van de gebreken voor die van het ongeluk74 ,babeuf wilde uitgaande van deze gedachten1 als grondstellingen voor een ideale maatschappij1 de arbeidsplicht van allen1 wettelijke vaststelling van het getal arbeidsuren2 leiding van de produktie door eene1 door het volk direkt gekozen opperste macht2 verdeeling van den noodzakelijken arbeid onder de burgers onderling2 afdoening van den onaangenamen arbeid door de burgers naar de rij af2 het recht van alle burgers op gezamenlijk genot1 en diensvolgens gezamenlijke verdeeling der gebruiksgoederen--welker voortbrenging1 door de algemeene deelname daaraan natuurlijk zeer zoude stijgen--onder de individuen1 naar de mate hunner behoeften4 ,dit communistisch stelsel verkreeg eene hoogere wijding bij ,babeuf1 dewijl hij het verdedigde1 niet zoozeer met wetenschappelijke1 als wel met godsdienstig-bijbelsche uitspraken en stellingen4 ,het communisme zou daarnaar een wil van ,god1 de aardsche gelukzaligheid en de voorbereiding zijn tot de hemelsche2 en de eenige drijfveer tot dat alles1 zal de deugd zijn4 ,maar daar deze phantazie niet zoo dadelijk te verwerkelijken was1 gelijk ook ,babeuf wel begreep1 zoo waren er een aantal maatregelen noodig voor het tegenwoordige1 opdat in de toekomst de menschheid dit ideaal bereiken kon4 ,in de eerste plaats dan moest er worden ingesteld eene groote nationale gemeenschap van goederen1 waartoe zullen moeten behooren alle staatseigendommen1 al het vermogen van de vijanden der volkszaak zoowel als alle goederen1 welker aanbouw door de eigenaren derzelven1 niet werd uitgevoerd4 ,elke franschman zal tot deze gemeenschap kunnen toetreden1 doordien hij zijn vermogen ten haren dienste stelt en haar zijne arbeidskracht aanbiedt4 ,dan zal de gemeenschap de erfgename moeten zijn van elke private erfenis4 ,de medeleden arbeiden gezamenlijk en krijgen daarvoor voedingsmiddelen in ruil1 zooals eene matige en sobere keuken1 die plegen op te leveren2 zoowel alles wat noodig is voor het leven4 ,wie met schulden de gemeenschap bijtreedt1 wordt van alle zijne verplichtingen ontheven4 ,dit zijn in 't kort1 de denkbeelden waarvoor ,babeuf in #agie de agitatie in zijn ,tribun du peuple ondernam2 die hij predikte in stad en land en daar hij een meester van het woord was in alle opzichten1 zoowel door zeggingskracht als door woordenkeus zijn gehoor wist mede te sleepen1 maakte zijne propaganda een geweldigen indruk4 ,vooral na den val der ,jacobijnen1 richtte hij er al zijne krachten op1 dezen weder uit hunne verstrooidheid en tot hereeniging te brengen4 ,hij richtte weder een dier geheime genootschappen op--in de dagen van de #aghi eene zoo geweldige kracht1--die hij het genootschap van de ,gelijken noemde4 ,daarnevens werden een aantal kleine clubs gesticht over het geheele land2 zoodat naar men meende in vrij korten tijd ,babeuf mr dan #ag4jjj aanhangers van zijne sociale theorien om zich heen had verzameld4 ,alsnu trad de regeering handelend op4 ,de poging die er zoude worden gedaan om zich meester te maken van de macht in den staat1 teneinde eene andere sociale orde van zaken in te stellen1 was namelijk verraden geworden4 ,in het begin van ,mei #agif1 werd ,babeuf zelf in hechtenis genomen1 nadat zijne vrienden reeds eerder gevat waren en terecht waren gesteld4 ,de rechtbank veroordeelde hem wegens samenzwering tegen den staat ter dood1 welk vonnis hij heldhaftig den #hste prairial #agig1 op de place de la ,vendme onderging met zijn vriend ,darth4 ,van zijn medestanders waren er enkelen gevlucht1 anderen tot deportatie veroordeeld4 ,dit was het einde van een man die in armoede geboren en in armoede geleefd heeft1 en meende1 dat het aan den goeden wil van een betrekkelijk klein aantal menschen lag1 om de leuzen1 die in de ,revolutie van #aghi1 eene zoo geweldigen dienst hadden gedaan1 tot werkelijkheid te maken4 ,en hiermede hadden de socialistische pogingen in de ,fransche ,revolutie geboren1 en die welke ten doel hadden deze hervorming tot eene radikale te doen zijn1 voor goed schipbreuk geleden4 ,de geheele ,revolutie verliep verder in het ,keizerrijk van ,napoleon ,bonaparte1 die van eersten ,consul der ,republiek1 weldra ,keizer werd4 ,en onder diens regeering had ,frankrijk te veel oorlogen te voeren en genoot te veel eene betrekkelijken voorspoed1 dan dat er aan de verwerkelijking der leuzen van #aghi kon worden gedacht4 ,eerst in de periode van het herstel1 die der ,restauratie1 doken er weder plannen op1 die er op doelden eene grondige sociale vervorming van de maatschappij1 van eene kapitalistische in eene socialistische1 in het leven te roepen4 ,de moderne socialistische ,utopisten1 of gelijk men ze noemt de groote ,utopisten kwamen als nu ten tooneele4 ,de aanvang van de negentiende eeuw zag de socialistische denkers opstaan2 zag den graaf de ,saint-,simon en ,charles ,fourier in ,frankrijk en ,robert ,owen in ,engeland aan den arbeid gaan1 ten einde het menschelijk ideaal1 de algemeene welvaart en de grootste som van menschelijk geluk1 te trachten tot werkelijkheid te maken4 ,,hoofdstuk ,,ii4 ,,de ,,socialistische ,,utopisten4 ,in alle kampen en verwarringen der ,revolutie1 als eenerzijds de hartstochten den hoogsten graad hadden bereikt1 anderzijds de begeestering gloeide en zich in woorden en daden omzette1 bleef er evenwel iets1 dat de menschen1 in weerwil van al hun peinzen en hunne inspanning niet begrijpen konden4 ,de ,revolutie had ontzaggelijke menschenoffers gekost1 maar met het guillotineeren van menschen1 bleef evenwel die toestand bestaan4 ,die toestand1 een economische toestand1 was het kapitalisme1 dat juist door de revolutie in ,frankrijk zich eerst recht ontplooien kon4 ,het kapitalisme had uit alle inwendige1 zoowel als buitenlandsche verlegenheden der ,republiek nut getrokken4 ,het had uit de confiscatie der goederen1 het had uit de assignatenzwendel1 uit de instelling van het wettelijk maximum1 uit de rationeeringen1 uit de veldtochten met hunne wapen-1 kleeding- en voedingsleveranties2 uit het continentale stelsel tegen ,engeland2 kortom1 uit alle maatregelen1 welke de ,constiuante1 de ,conventie en het ,comit voor publiek welzijn1 nam1 door het ,directoire het ,consulaat en ,keizerrijk heen zijn nut getrokken en er baten voor zich weten uit te slaan4 ,de groote vermogens kwamen als paddestoelen uit den grond2 de speculatie- en handelsgeest greep meer dan ooit om zich heen en alom maakte zich de kapitalistische geest meester van alle private verhoudingen van de menschen onder-elkander4 ,de theorien van ,adam ,smith1 die het individualisme tot den grondleer van de ,staathuishoudkunde had verheven1 kwamen van ,engeland naar ,frankrijk over en vonden daar geheel spontaan1 ook hunne verwerkelijking4 ,en onder het regime van ,napoleon ,i was de oude orde van zaken weder teruggekeerd4 ,de begeestering voor de gelijkheid der menschen verdween en na ,napoleon's val kwam het ancien regime 7de oude regeeringsorde7 terug en alles scheen te gaan gelijken op de toestanden van vr #aghi4 ,dat de geest van onderzoek echter nog bestond1 bewezen wel op verrassende wijze twee mannen1 die tegelijk1 en onafhankelijk van elkander1 opstonden in ,frankrijk4 ,de eerste1 die wij hier zullen doen kennen1 was de graaf de ,saint-,simon4 ,,claude ,,henry ,,de ,,rouvraij1 graaf de ,saint-,simon1 werd den #ag;en ,october #agfj geboren4 ,hij was een achterneef van den groothertog en pair van dien naam1 die in zijne kroniek van het hof-leven onder ,lodewijk ,,xiv1 eene der beroemdste memoire-werken geleverd heeft uit die dagen4 ,deze voorvaderen spelen dan ook in de ,saint-,simon's leven geen geringe rol4 ,inderdaad stamde het geslacht in rechten lijn af van den lageren adel uit het graafschap ,vermandois1 waarvan onder de regeering van ,lodewijk ,,xiii1 een medelid tot den rang van hertog werd verheven4 ,deze ,vermandois nu1 leidden hun geslacht af van ,karel de ,groote4 ,in den droom1 vertelt de ,saint-,simon ons1 was hem eenmaal ,karel de ,groote verschenen1 om hem te profeteeren1 dat hij nmaal als philosoof1 het geslacht tot eene even groote eer zou wezen1 als dezen dit als ,vorst geweest was4 ,saint-,simon geloofde inderdaad dat hij1 als 't ware gepredestineerd was tot den rol van wereldbeheerschend philosoof4 ,zijne overspannen phantazie en zijne overigens levendige verbeeldingskracht1 deden hem dingen gelooven1 die zich in de werkelijkheid niet zoo hebben toegedragen als hij-zelf ze ons mededeelt4 ,de ,saint-,simon was een leerling van de groote d',alembert1 de man die met ,diderot en anderen medewerker was aan de beroemde ,encyclopedie der #ah;e eeuwsche materialistische wijsgeeren in ,frankrijk1 vr de groote ,revolutie4 ,zijn jeugd verliep in onvaste bezigheden4 ,wij vinden hem dan als officier in ,frankrijk1 dan als medestrijder van ,washington bij de vrijheidsoorlog van de staten van ,n4-,amerika tegen ,engeland2 als diplomatiek agent op eigen gelegenheid in ,nederland of als raadgever van ministeries in ,spanje en ,mexiko1 in welk laatste land hij omvangrijke irrigatiewerken op touw zette4 ,in de ,revolutie verloor de ,saint-,simon1 evenals zoovelen1 zijn gansche vermogen en aldus werd hij gedwongen te gaan werken voor zijn levensonderhoud4 ,dit deed hij z1 dat hij1 door middel van den koophandel1 waarop hij zich toelegde1 alras een nieuw vermogen had weten bijeen te krijgen4 ,maar ook dit was weder spoedig door een groote luxe en verkwisting verdwenen4 ,de ,saint-,simon zegt opzettelijk zich aan zoo groote verkwisting te hebben overgegeven1 teneinde daardoor zijne kennis van het leven te vervolmaken en al het menschelijke1 zelfs het mr dan menschelijke1 bij de plannen die hij had voor de toekomst van het menschelijk geslacht1 daarbij in oogenschouw te kunnen blijven houden4 ,dat hij ook lang genoeg gelegenheid heeft gehad de psychologie van de armoede te bestudeeren1 en dat eveneens aan zijn eigen lijf1 hinderde hem dan ook geenszins4 ,het is dan ook uit deze laatste periode zijns levens1 dat zijn werkzaamheid als publicist1 als denker en als hervormer dagteekent4 ,het uitgangspunt van de ,saint-,simon's denken1 was de erkenning van het armzalige van al het bestaande1 van de gansche materieele1 politieke en religieuze nood van zijnen tijd4 ,zijne critische blik1 kon zich niet laten verblinden1 door den glansrijken pronk van de weelde1 die het nieuw-geschapen keizerrijk van ,napoleon ,i ten toon spreidde2 hij zag zeer goed daarachter1 de ellende van dat bloeiend kapitalisme en zijn hart werd ten volle aangegrepen door der menschheid ganschen jammer4 ,over het algemeen genomen1 was de ,saint-,simon een ,faustnatuur4 ,geniaal en vol van de hem verteerende weetgierigheid1 dreef hem dit alles rusteloos voort naar eene allesomvattende kennis en tot een door niets in te toomen hartstocht1 der menschheid gelukkig te willen maken4 ,dat hij bij dit onbeperkt streven1 meer dan eens de rele feiten niet goed heeft kunnen zien1 doet niets af aan dit groote feit1 dat hij dingen heeft gezien in een tijd1 toen nog door de geringe ontwikkeling van de kapitalistische maatschappij1 geen mensch heeft kunnen zien wat hij zag4 ,de ,saint-,simon was #dc jaren oud1 toen hij zijn eerste publieke geschrift schreef1 genaamd3 ,lettres d'un habitant de ,genve ses contemporains4 7,brieven van een inwoner van ,genve aan zijne tijdgenooten47 ,het kwam uit in #ahjc1 maar werd vergeten1 totdat het in #ahbc door zijne leerlingen aan deze vergetelheid ontrukt was geworden4 ,in deze ,brieven toonde de ,saint-,simon reeds zijn denkbeelden aan1 van der menschheid eene leiding te willen geven4 ,gelijk de maatschappij in de middeneeuwen door de geestelijkheid was geleid1 zoo moest dit ook nu weder geschieden1 thans door het denkend gedeelte van de samenleving4 ,de hier door de ,saint-,simon gedachte heerschappij van den geest1 moest in waarheid die van het genie zijn4 ,deze genien moesten onafhankelijk zijn2 geen posten van de regeering behoeven aan te nemen en daardoor niet verplicht zijn secondairement te denken4 ,zij moesten zich niet verlamd gevoelen1 en met stoutheid zouden zij de wieken van hunne geestelijke meerderheid kunnen uitspreiden en daardoor de menschelijke maatschappij steeds ten zegen kunnen verstrekken4 ,ruimte voor de ,archimedessen6 was zijn uitroep--geen hulde meer aan de ,alexanders6 ,met andere woorden3 de tijd die aangebroken was beteekende volgens hem1 een ten troon stijgen van de wetenschap1 die de plaats innam van de studie van den oorlog4 ,bij zijn plan tot organisatie van de maatschappij1 verdeelde hij de menschen in drie klassen4 ,de eerste klasse was die van de vooruitgang2 zij was samengesteld uit de geleerden1 de mannen van de kunst1 en allen1 die liberale denkbeelden ten beste van de samenleving te geven hadden4 ,de tweede was die van het behoud1 zij bestond uit de eigenaars van den grond4 ,de derde klasse was die van de gelijkheid4 ,zij bevatte dat deel van de menschheid dat niets bezat1 geen eigendom1 ook niet een geestelijk4 ,tot de eerste klasse zeide hij3 ,gij geleerden en kunstenaars1 gij hebt den scepter der publieke opinie in uwen hand1 grijpt dien aan met moed4 ,overwint slecht der inertie van uwen stand4 ,mathematici maakt een aanvang6 ,tot de tweede klasse richtte zich de ,saint-,simon met deze woorden3 ,aanvaardt mijn plan1 doet het uit vrijen wil1 want anders zoudt gij er door de geleerden toe gedwongen kunnen worden en zou de geschiedenis van #aghi zich voor u kunnen herhalen4 ,gij kunt de crisis nog beletten1 en taak van den overgangstoestand kunt gij helpen verlichten4 ,gij kunt de regulateurs der beweging worden en op die wijze uwe plaatsen blijven innemen6 ,en tot de derde klasse eindelijk zeide hij3 ,vrienden maakt dat de rijken1 die tot nu toe geen andere bezigheid gehad hebben dan u bevelen te geven1 gedwongen worden u onderwijs te geven4 ,wie kunnen u anders voorthelpen dan de geleerden8 ,een geleerde is iemand die voorziet1 iemand die voorspelt4 ,bedenkt wel dat gij drom alleen1 staat onder de heerschappij van de klasse van de eigenaars1--die tien- en twintigmaal geringer in aantal zijn dan gij--omdat de eigenaars u in verstand verre de meerdere zijn4 ,zoekt met hen op gelijken trap van ontwikkeling te komen4 ,zoowel geleerden1 als kunstenaars moeten u daarbij ter hulpe komen4 ,door mijn ontwerp heb ik getracht alle plannen ter uwer ontwikkeling tot ne straal te leiden4 ,helpt dus6 ,schrijft in zoo gij kunt4 ,bij de keuze der benoemingen zal ik u helpen6 ,het plan beoogde eene algemeene organisatie der maatschappij1 op deze grondslagen3 de geestelijke macht in handen van de geleerden2 de wereldlijke macht in hadden der eigenaars2 de macht om hn te benoemen1 die de taak zouden te vervullen hebben van leiders der menschheid te zijn1 in handen van een ieder4 ,het loon der regeerders moest bestaan in de algemeene achting en de eerbied die men hen zou toedragen4 ,in deze ,brieven uit ,genve wilde de ,saint-,simon dus aan de menschheid eene nieuwe organisatie geven2 een orde van zaken in de maatschappij1 steunende op het denkbeeld1 dat de geheele menschheid n eenheid was2 dat er nheid moest komen in het menschelijk arbeiden en dat de geleerden en kunstenaars de mannen bij uitnemendheid waren1 om dat werken te leiden en te besturen4 ,de taak der vrouw was hierbij niet over het hoofd gezien en ook werd deze nieuwe orde van zaken door de ,saint-,simon1 tot een soort nieuwen godsdienst verheven4 ,in #ahjg1 na een leven van ontbering te hebben geleden1 schreef de ,saint-,simon zijn3 ,introduction aux travaux scientifiques du ,,xix-me ,sicle4 7,inleiding tot den wetenschappelijken arbeid der #ai;e eeuw74 ,in zekeren zin was dit boek een antwoord op een prijsvraag door ,napoleon ,bonaparte uitgeschreven en aan het ,instituut opgegeven onder het opschrift3 geeft mij rekenschap van de vooruitgang der wetenschap sedert #aghi en zegt mij1 welke hare tegenwoordige toestand is en welke de middelen zijn om haar vorderingen te doen maken4 ,de ,saint-,simon past in zijn boek voor het eerst1--en dit is werkelijk een vooruitgang der wetenschap geweest1 al werd het niet officieel erkend1--deze tweeledige methode toe3 die der analyse en die der synthese4 ,door analyse1 klimt men van bijzondere feiten p tot een algemeen feit2 door synthese daalt men van het algemeene tot de bijzondere feiten af1 zoo stelde hij vast4 ,de geleerden van de richting a priori waren voor hem die zoo als ,bacon van ,verulam en ,descartes4 ,vooral de laatste1 die tot den menschheid heeft durven zeggen1 dat zij slechts gelooven moet die zaken welke haar door de rede worden aangetoond en bevestigd zijn door de ervaring2 de man die het bijgeloof omverwierp en een volgens vaste methode te werk gaanden twijfel onderwees4 ,de richting a posteriori was begonnen bij ,locke en ,newton in ,engeland4 ,de een op het gebied van de kennis van de georganiseerde wezens1 de ander op dat van de brute lichamen1 verkregen hunne bewonderenswaardige resultaten door toepassing van de analyse4 ,beide methodes zegt de ,saint-,simon1 moeten worden vereenigd2 het was de fout van de denkers der #ah;e eeuw1 dat zij hierbij dachten aan strijd en aan tegenstelling4 ,zoowel het generaliseeren als het particulariseeren1 zij hebben verder te zamen recht van bestaan4 ,na aldus de gansche wetenschap van de #ah;e eeuw te hebben getoetst aan deze twee maatstaven1 gaat de ,saint-,simon zich in beschouwingen verdiepen over den godsdienst4 ,en dan krijgen wij eene krachtige uiteenzetting van hem1 dat de ,kerk in de middeneeuwen drom zoo hoog in aanzien stond1 omdat werkelijk de geestelijken van toen beter en intelligenter waren dan de leeken4 ,eerst toen die meerderheid van verstand en gemoed ophield te bestaan1 kwam er scheuring4 ,volgens zijne inzichten1 gaat de richting in het godsdienstige deze kant uit3 het godsdienstig ,desme maakt plaats voor het ,physicisme1 een godsdienst op natuurkennis gebouwd4 ,wat de ethiek aangaat1 meent de ,saint-,simon1 dat het negatief beginsel van het ,evangelie3 ,doe niet aan anderen1 wat gij niet wilt dat men u doet1 plaats moet maken voor een ander en een positief beginsel4 ,de mensch moet werken6 ,het denkbeeld van den arbeid in den breedsten zin opgevat altijd4 ,maar een rentenier1 iemand die niet persoonlijk het werk bestuurt dat zijn eigendom produktief moet maken1 is een wezen dat de maatschappij tot last is4 ,de zedeleer dient hierop steeds de aandacht gevestigd te houden4 ,de wetgever moge het vrije en volledige gebruik van den eigendom toestaan1 de moralist is genoodzaakt der menschheid en der openbare meening te drijven in de richting der erkenning1 dat den nietsdoenden eigenaar1 alle achting moet worden onthouden4 ,in 't jaar #ahac schreef ,saint-,simon twee groote manuscripten1 zij zijn het bij zijn leven gebleven1 dewijl hij geen geld had om ze te laten drukken4 ,eerst in #aheh zijn zij gedrukt geworden4 ,zij zijn getiteld3 ,mmoire sur la science de l'homme en ,travail sur la gravitation universelle 7,memorie over de wetenschap van den mensch7 en 7,studie over de algemeene zwaartekracht74 ,het eerste is wederom een poging om de ,europeesche maatschappij te reorganiseeren4 ,de studie van den mensch moest allereerst uitgaan van de physiologie1 in de tweede plaats moesten de daden van het menschelijk geslacht beantwoorden aan de wet der ontwikkeling4 ,de physiologie is de eenige positieve grondslag voor de kennis die de mensch noodig had4 ,volgens de ,saint-,simon1 had de literatuur als zoodanig1 als voortbrengend middel van beschaving uitgediend2 de kennis der natuur kon thans nog alleen tot resultaten leiden4 ,de ,saint-,simon's uitgangspunt was1 dat de mensch van dezelfde natuur is als de dieren en alleen door eene betere organisatie van het lichaam1 zich boven de dieren heeft weten te verheffen4 ,de menschheid heeft evenwel gezorgd1 de dieren op lageren trap te houden en daarom storend gewerkt op hunne ontwikkeling4 ,de ,saint-,simon's betoog komt dan vervolgens hierop neer1 dat het geheele stelsel van onze kennis daarheen moet worden georganiseerd1 en gegrondvest moet worden op dit eene geloof3 dat het geheel bestuurd wordt door eene enkele vaste wet4 ,alle systemen van toepassing nu1 alle die van religie1 van politiek1 van moraal en van burgerlijk recht1 zij zullen in overeenstemming moeten worden gebracht met dit nieuwe stelsel van kennis4 ,de geheele maatschappij moest aldus worden geregeld1 en volgens hem was de tijd daarvan niet meer zoo ver af4 ,immers1 politieke en wetenschappelijke omwentelingen wisselen elkander beurtelings af4 ,in zijn tweede geschrift1 vervaardigd onder den indruk van gebeurtenissen van #ahac1 geeft hij o4 m4 een schoon overzicht van de philosophie1 in den vorm van een toespraak van ,socrates aan zijne leerlingen4 ,en dan nogmaals1 een overzicht van de waarde van de ,middeneeuwen voor de beschavingsgeschiedenis der menschheid4 ,hij toont aan1 hoe slecht de geschiedschrijving dit tijdperk begrijpt1 door het te beschouwen als dat van de donkere eeuwen der barbaarschheid4 ,verder uitwerkende het denkbeeld1 dat zoowel de zedelijke als de natuurwetenschappelijke1 ja alle kennis berust op de wet der zwaartekracht1 moeten de geleerden zelven1 als geestelijke macht bij uitnemendheid1 de leiding van de wereld op zich nemen4 ,het geleerdste lichaam moest de priesterlijke functie vervullen en de nieuwe paus van zulk eene nieuwe wereldorde1 priester van positieve kennis1 zal het tijdperk van den oorlog sluiten1 dat van den vrede inwijden en de anarchie zal alsdan ophouden te bestaan4 ,in #ahad verscheen onder den titel van3 ,de la rorganisation de la ,socit ,europenne1 par ,m4 le ,comte de ,saint-,simon et par ,m4 ,a4 ,thierry1 son lve4 7,over de hervorming van de europeesche maatschappij door de graaf de ,saint-,simon en ,a4 ,thierry1 zijn leerling71 het eerste eigenlijke maatschappelijk hervormings-werk4 ,de ,saint-,simon stelde daarin voorop1 dat de negentiende eeuw tot taak had te organiseeren1 gelijk de aan haar voorafgaande1 de #ah;e1 tot taak had de critiek op de maatschappij te leveren4 ,in de eerste plaats moesten de ,mogendheden naar betere regeeringsvormen zoeken4 ,men vergete niet1 dat de ,saint-,simon dit schreef onder den geest van algemeene reaktie in de politieke gebeurtenissen na den val van ,napoleon ,i4 ,dit betere moest zijn criterium vinden in de voorwaarde1 dat onder zulk een regeeringsvorm elke quaestie van openbaar belang1 achtereenvolgens a priori synthetisch en a posteriori analytisch werd onderzocht en behandeld4 ,dit was volgens hem alln mogelijk--en ook verwezenlijkt in het ,engelsche parlementaire stelsel--waar voor het onderzoek a posteriori afzonderlijke en goed onderscheiden politieke machten waren gevestigd4 ,het ,huis der ,gemeenten ging alles na1 uit het oogpunt der locale belangen1 onderzocht de zaken a posteriori1 terwijl de ,koning daar te lande1 het hooge standpunt vertegenwoordigde dat de zaken a priori behandelde4 ,en het ,huis der pairs was werkzaam als moderateur 7middelaar7 tusschen beiden4 ,daarbij waren dan maatregelen genomen tegen het eventueele kwaad1 dat de machtige koning het systeem op zijn grondslagen kon doen wankelen1 door de verdeeling van de koninklijke uitvoerende autoriteit in twee deelen3 den koning zelven en de verantwoordelijke ministers4 ,zijn plan kwam ten slotte hierop ner1 dat elke ,europeesche staat een eigen parlement moest bezitten en dat al die parlementen boven zich zouden hebben3 een algemeen ,europeesch parlement4 ,dit zou zijn samengesteld uit twee ,kamers1 die der ,gemeenten en die van de ,pairs4 ,ieder millioen menschen in ,europa dat lezen en schrijven kon1 zou naar de ,kamer der ,gemeenten van dat groot-,europeesch parlement1 een koopman1 een geleerde1 een magistraat en een administrateur benoemen4 ,van de berekening uitgaande1 dat er in ,europa #fj millioen menschen waren1 die lezen en schrijven verstonden1 zou men dus #bdj leden hebben4 ,ieder lid van de ,kamer zou voor #aj jaren gekozen worden en ten minste #be1jjj franken aan rente moeten zitten4 ,nevens die vermogende mannen1 het element van de stabiliteit1 zouden er uit de niet-vermogenden #bj leden bij worden gekozen1 uit de bekwaamste geleerden1 kooplieden1 magistraten en administrateurs1 die door die toelating eene dotatie van #be1jjj franken aan grondeigendom zouden verkrijgen4 ,de ,pairs zouden door den ,europeeschen koning worden benoemd uit de allerrijksten van ,europa2 ieder ,europeesch pair zou ten minste #ejj1jjj francs aan rente moeten bezitten4 ,ook zouden hier nog #bj pairs bij kunnen toegelaten worden en gedoteerd1 uit de mannen van wetenschap1 industrie1 magistratuur en administratie te kiezen4 ,over een ,europeeschen koning1 wiens instelling eveneens in het plan lag1 heeft de ,saint-,simon zich niet verder uitgelaten4 ,tot de bevoegdheden van het ,europeesche parlement rekende de ,saint-,simon in de eerste plaats1 twistpunten oplossen tusschen de ,mogendheden onderling4 ,verder het ondernemen en het leiden van groote werken van openbaar nut voor de ,europeesche maatschappij1 bijv43 het verbinden van den ,rijn met den ,donau en dat van den ,rijn aan de ,oostzee1 enz4 ,dan ook zou dit ,parlement het openbaar onderwijs1 in zijn geheel1 onder zijn beheer moeten nemen4 ,vervolgens1 zou het een ,wetboek van de zedeleer moeten ontwerpen en invoeren1 gesplitst in voorschriften voor het algemeen en voor elke natie4 ,zulk een code zou geheel ,europa moeten worden ingeprent4 ,na zich aldus te hebben bezig gehouden met het najagen van hersenschimmen2 immers in de dagen waarin hij ,de la ,rorganisation schreef was er in de verste verte niet te denken aan de algemeene vereeniging van de ,europeesche ,staten1 ging de ,saint-,simon zijn groote denkkrachten besteden aan de hervorming van den arbeid4 ,in ,mei van 't jaar #ahag1 kwam het eerste deel uit van ,l',industrie 7,over de nijverheid7 onder het motto3 ,tout par l',industrie1 tout pour elle4 7,alles door de industrie1 alles voor haar47 ,daarin was ,augustin ,thierry1 den reeds genoemden leerling van de ,saint-,simon aan het woord1 die daarin een krachtig betoog hield over de nuttigheid van de industrieele klasse4 ,in het oude ,europa was de krijgsman in eere1 hij achtte zich krachtig1 omdat de menschen voor hem leefden2 in het nieuwe ,europa is de industrieel de hoofdpersoon1 hij heeft het bewustzijn van zijn sterkte1 omdat alle menschen zijn belang voorstaan en behartigen4 ,volgens de nieuwe beschouwing is thans die natie de eerste van allen1 die het nuttigst voor de anderen is4 ,het geluk van een volk bestaat in maatschappelijke werkzaamheid3 eerst werken dan genieten4 ,werkt voor allen1 want allen werken voor u1 dt is de leuze van den nieuwen tijd6 ,en de groote strijd die nog gevoerd moet worden1 gaat thans tegen de onwetendheid en tegen allen die door haar worden gevoed4 ,de grondslag van de geheele politiek moet worden3 elke natie is eene industrieele maatschappij4 ,in het tweede deel van 't boek is de ,saint-,simon zelf aan het woord4 ,de maatschappij is volgens hem niet anders dan de nheid1 van de menschen die arbeiden4 ,deze gemeenschap kent slechts twee vijanden3 de anarchie en het despotisme4 ,gedreven door hun eigen belang1 moeten alle menschen ongestoord kunnen arbeiden4 ,maar er zwerven rondom hen1 en in de maatschappij1 een aantal parasieten rond1 die niet arbeiden4 ,de groote taak van elke regeering moet het zijn den arbeid tegen die schadelijken te beschermen4 ,een verbond van de industrie met de denkers moest vervolgens tot stand komen4 ,de ,saint-,simon's gevolgtrekkingen in dat boek waren3 eerbied voor de produktie en voor de producenten2 mannen van den arbeid moeten den gang en de loop van den ,staat regelen2 het verderfelijke van oorlogen en van monopolin moesten de menschen inzien2 eene verbetering van de zedeleer was noodzakelijk1 omdat aan den arbeid grooten eer diende bewezen te worden2 iedereen behoorde zich te beschouwen1 als behoorende tot het genootschap van arbeiders1 ,de politiek is de wetenschap der productie4 ,laat den arbeider dus fier den standaard opheffen2 industrie is gelijkbeteekenend met productie6 ,in het derde deel1 dat ook nog in #ahag verscheen1 werd de wending die de maatschappelijke orde te gemoet moest gaan1 tengevolge van het optreden van de industrie1 uit een hooger standpunt bezien4 ,het tegenwoordig tijdstip was een overgangstijdperk1 zoowel in zeden en gewoonten als in denkwijze4 ,geen regime kan zich vestigen1 wanneer niet een daarmede in overeenstemming zijnd philosophisch stelsel zich eerst baan gebroken had en in de gedachten der menschen zich had vastgezet4 ,en dan gaat de ,saint-,simon in zijn boek verder de theologische zijde van het ,christendom bestrijden4 ,zooals hij zeide3 de morale cleste1 had te wijken voor de morale terrestre2 hemel en hel moesten niet langer de menschelijke gedachten in beslag nemen4 ,het rijk van de positieve iden moest een aanvang nemen4 ,dit alles moet evenwel zeer voorzichtig geschieden2 men moet met geduld te werk gaan2 de bestaande kerken moeten niet worden met opheffing bedreigd1 van-zelf zou dit wel geschieden4 ,maar de priesters zouden evenwel bij de wet gedwongen moeten worden1 een examen af te leggen in de positieve wetenschappen4 ,in het vierde deel1 dat in #ahah uitkwam1 zijn wij weder op praktisch terrein4 ,de maatschappelijke kwestie1 zegt de ,saint-,simon daarin1 geldt de kwestie van den eigendom4 ,de eigendom moet geconstitueerd worden1 met het oog op het groote welzijn van de maatschappij1 onder het tweeledige gezichtspunt dat van den rijkdom en dat der vrijheid4 ,men moet het eigendomsrecht inrichten en bepalen op een wijze1 die het gunstigst is voor het aangroeien van den rijkdom en voor het vermeerderen van de vrijheid van den arbeid4 ,het eigendomsrecht moet in zijn volle kracht blijven1 maar de uitoefening van dat recht op deze of gene wijze1 moet worden bepaald door een wet4 ,en de ,saint-,simon maakt in dit opzicht geen onderscheid tusschen de landbouw1 het handels- en het fabriekswezen4 ,bij het handels- of fabriekswezen is de man die werkt en kapitalen opgenomen heeft1 de meester dier kapitalen2 bij den landbouw blijft hij die het land verpacht1 die dus niet zelf aan het land werkt1 de voorname rol vervullen4 ,de oude kooplieden en handwerkers1 hebben door vrijkooping hunner gemeenten hunne rechten moeten koopen2 de rechten van de eigenaars van den grond echter steunen op verovering1 steunen op het recht van den sterksten4 ,de ,saint-,simon wil aldus aan de landbouwende standen1 de agricole industrieelen dezelfde rechten geven tegenover de grondeigenaren1 als de kooplieden en nijverheidsmannen die reeds bezitten tegenover de lieden van het kapitaal4 ,de vastheid van invloed1 die den grondeigendom heeft1 moest volgens hem1 ophouden te bestaan4 ,bij de volle eerbiediging van den grondeigendom als zoodanig1 wil hij den grondeigenaren niet geheel vrij laten in de uitoefening van deze hunne rechten2 het individueele eigendomsrecht kan volgens hem1 slechts worden gewettigd door het algemeene en het gemeenschappelijke nut dat er verkregen wordt1 door de uitoefening van dat recht4 ,het nut kan veranderen1 al naar mate de tijdomstandigheden veranderen4 ,men schept daardoor eene klasse van landelijke industrieelen1 die opkomen voor hun grond1 die mede betalen in de belasting1 die dus ook invloed uitoefenen op het parlement en die aldaar de politieke partij van den arbeid kunnen helpen versterken4 ,saint-,simon wilde de voorwaarden waaronder de eigenaars hunne gronden kunnen laten verpachten goed zien vastgesteld en evenzoo de bepalingen1 waarbij de eigenaars verplicht kunnen worden bij te dragen1 in de verbetering van dien grond4 ,van groote waarde is ook voor de ,saint-,simon het nut van grondcrediet-banken4 ,als dus zoodoende de landbouwkwestie zal kunnen worden gerangschikt onder de categorie van industrieele zaken1 dan zal de landbouw uit haar staat van verval op te heffen zijn en een bloeiend leven kunnen gaan leiden1 evenals dit de industrie deed4 ,een zaak achtte de ,saint-,simon hard noodig1 en dat was de meerdere verbreiding van de kennis der economie4 ,onder die economie rekende hij vral die van ,adam ,smith en ,j4 ,b4 ,say4 ,de economisten zijn volgens hem1 en in bovenstaanden zin opgevat1 de beste bondgenooten van de arbeidende klassen4 ,in #ahai gaf de ,saint-,simon een verhandeling over de politiek uit1 getiteld3 ,la ,politique1 of zooals de ondertitel luidde3 ,verhandelingen over de politiek1 zooals zij aan de menschen der #ai;e eeuw voegt1 door eene vereeniging van letterkundigen4 ,dit geschrift is bijna uitsluitend van polemischen aard en is vooral gericht tegen de geringschattende wijze1 waarop er destijds over den arbeid1 van machthebbende zijden werd gesproken4 ,de eigenaars1 de bezitters werden toenmaals verklaard te zijn de eenige mannen van kennis en geschikt om het land te besturen4 ,dit was de ,saint-,simon te veel4 ,hij riep alle produceerenden op1 om eene nationale partij te vormen1 tegenover de door de van reaktionaire zijde samengeperste nationale partij van uitsluitend mannen van grondbezit en groot-kapitaal4 ,de klasse der produceerenden riep hij toe1 dat zij zich moest bemoeien met de politiek dat zij was die der bijen van de maatschappij en dat zij verlost moesten worden--zichzelven moesten verlossen--van de hommels4 ,hij ried hun aan1 eene petitie tot den koning te richten1 met de bede3 ,sire1 wij zijn de bijen1 verlos ons van de hommels6 ,dan zal het begrepen worden1 dat de producenten de kracht van het land zijn en dat het niets dan materialisme is1 wanneer alleen de nationale vertegenwoordiging berustte op de macht van den grondeigendom en het aktieve element van den arbeid van elken invloed op den gang van zaken bleef buiten gesloten4 ,het geschrift is dan ook in twee afdeelingen gesplitst4 ,het eerste heet3 ,le parti national ou industriel1 compar au parti anti-national 7,de nationale of industrieele partij1 vergeleken bij de anti-nationale partij47 ,het tweede3 ,sur la querelle des abeilles et des frelons1 ou sur la situation respective des producteurs et des consommateurs non-producteurs 7,over de twisten der bijen en der hommels of bijzonderlijk over de positie van de voortbrengers en de verteerders niet-voorbrengers47 ,omstreeks dezen tijd was het1 dat de ,saint-,simon de medewerking van zijn leerling en geadopteerden zoon1 ,augustin ,thierry verloor4 ,zij gingen uiteen omdat beider opvattingen bleken te zeer uiteen te loopen4 ,thierry heeft later groote naam gemaakt als historicus1 en het is in deze hoedanigheid dat wij hem nog verderop met een enkel woord ook zullen hebben te noemen4 ,hij is met zijn historische werken tevens ook niet zonder eenige invloed op de ontwikkeling van ,karl ,marx en diens geschiedsphilosophie geweest4 ,in plaats van ,thierry trad nu als leerling1 d4 w4 z4 als medewerker van de ,saint-,simon ,auguste ,comte op1 eveneens een man die zich later onafhankelijk van zijnen vroegeren meester1 een beroemden naam gemaakt heeft1 door zijn positivistisch-philosophische denkbeelden4 ,ook was de tijd dat de ,saint-,simon ,l',industrie uitgaf1 blijkbaar voor dezen een goeden tijd1 althans in finantieel opzicht4 ,dit laatste echter in zooverre1 dat de uitgave van dit boek met milde hand werd gesteund door bankiers als ,perier1 ,lafitte enz41 zoowel als door edellieden van naam als de hertog de ,broglie en de hertog de la ,rochefoucauld1 van wien er later weder terugkrabbelden toen de ,saint-,simon zijn morale terrestre in plaats van de morale cleste gesteld wenschte te zien4 ,in den aanvang van #ahbj verscheen ,l',organisateur1 dat een positief plan bevatte tot wijziging van het maatschappelijk bestuur en tot samenstelling van het ,parlement4 ,de ,saint-,simon ging hierin wederom van het begrip uit1 dat de #ai;e eeuw de nieuwe stelsels moest organiseeren1 gelijk de #ah;e critisch is te werk gegaan4 ,hij geeft hier al dadelijk zijn standpunt omtrent den arbeid in zijn geheel aan1 door het bekende beeld1 dat onder den naam van le ,parabole 7de gelijkenis7 beroemd is geworden4 ,hij zegt3 ,gesteld dat op een nacht in ,frankrijk stierven3 de #ej eerste natuurkundigen1 de #ej eerste scheikundigen1 de #ej eerste physiologen1 de #ej eerste mathematici1 de #ej eerste dichters1 de #ej eerste schilders1 de #ej eerste beeldhouwers1 de #ej eerste musici1 de #ej eerste letterkundigen1 de #ej eerste mechanici1 de #ej eerste ingenieurs1 de #ej eerste artilleristen1 de #ej eerste architecten1 de #ej eerste doktoren1 de #ej eerste wondheelers1 de #ej eerste pharmaceuten1 de #ej eerste zeevaartkundigen1 de #ej eerste uurwerkkundigen1 de #ej eerste bankiers1 de #bjj eerste kooplieden1 de #ajj eerste landbouwers1 de #ej eerste bestuurders van hoog-ovens en van metaalfabrieken1 de #ej eerste wapenfabrikanten1 de #ej eerste bestuurders van leerlooierijen1 de #ej eerste metselaars1 de #ej eerste timmerlieden1 de #ej eerste schrijnwerkers1 de #ej eerste smeden1 de #ej eerste slotenmakers2 kortom1 een cijfer van drieduizend van de eerste mannen van wetenschap1 techniek1 kunst en arbeid1 zou ,frankrijk in ne nacht moeten verliezen4 ,dan zou1 volgens de ,saint-,simon1 ,frankrijk als met n slag de ziel van zijn leven verliezen1 in rang beneden andere natin dalen en eene geheele nieuwe generatie zou er noodig zijn om het geleden verlies weder te boven te komen4 ,maar als nu eens ,frankrijk al die mannen behield1 doch op ne nacht1 zou het land evenzoo plotseling verliezen3 ,monsieur 7de broeder van den ,koning71 de hertog van ,angoulme1 de hertog van ,berrij1 de hertog van ,orleans1 de hertog van ,bourbon1 de hertogin van ,angoulme1 de hertogin van ,berrij1 de hertogin van ,orleans1 de hertogin van ,bourbon en mejonkvrouwe van ,cond4 ,gesteld dat daarnevens op ne nacht aan ,frankrijk1 l de groot-officieren van den ,kroon1 l de ministers van ,staat1 l de ,staatsraden1 l de leden van de rekenkamer1 l de ,maarschalken1 l de ,kardinalen1 l de ,aartsbisschoppen1 groot-vicarissen en kanunikken2 l de prefecten en onder-prefecten1 l de beambten der ministeries2 alle rechters en nog bovendien de tienduizend rijkste inwoners het land zouden ontvallen1 het ongeluk zou zeker te bejammeren zijn1 zegt de ,saint-,simon1 maar het land zou geen noemenswaarde schade door deze verliezen lijden4 ,het verlies zou zr spoedig te vergoeden zijn6--,en toch zegt hij1 hebben al deze menschen1 wiens verlies den ,staat niet1 of zeer weinig voelen zou1 den grootsten invloed in onze maatschappij1 toch hebben zij mr te zeggen1 dan de overgroote massa van producenten en nijveren4 ,de armen moeten mild zijn voor de rijken2 de onbekwamen hebben den taak1 den bekwamen te leiden en te regeeren4 ,het is zeker in ,frankrijk de omgekeerde wereld6 ,het is alsof de maan de zon verlicht1 zoo zegt hij vervolgens1 wanneer men ziet1 dat de mannen der oude orde1 de mannen der conjecturale wetenschappen1 leiding meenen te kunnen geven aan nieuwe dingen1 aan nieuwe wenschen1 aan eene nieuwe orde van zaken1 aan den bedrijvige1 positieve vooruitgang4 ,de leiding moet komen aan de kundigsten en aan de bedrijvigsten en de regeerders moeten er toezicht op houden1 dat de arbeid ongestoord plaats kan vinden4 ,de arbeid is er1 volgens de ,saint-,simon1 niet om de regeering1 omgekeerd1 de regeering is er om den arbeid4 ,er worde dus gevormd eene eerste ,kamer1 welke hij ,kamer van ,inventie noemt4 ,zij zal bestaan uit drie secties4 ,de eerste sectie zal bestaan uit #bjj ingenieurs1 de tweede uit #ej dichters of literatoren1 die nieuwe denkbeelden hebben1 de derde uit #be schilders1 #ae beeldhouwers of architecten en uit #aj musici4 ,zij zal zich moeten bezig houden1 met het ontwerpen van werken van openbaar nut1 ten doel hebbend den rijkdom van ,frankrijk te doen vermeerderen en het lot van zijn inwoners te verbeteren4 ,in de tweede plaats moet deze ,kamer de openbare instellingen organiseeren4 ,de leden dezer ,kamer hebben zitting voor vijf jaren1 zijn herkiesbaar en hebben eene persoonlijke toelage van #aj1jjj francs4 ,dan worde er gevormd een tweede ,kamer1 die ,kamer van ,onderzoek zal genaamd zijn4 ,zij zal eveneens bestaan uit #cjj leden1 waarvan #ajj natuurkundigen1 die zich bezig hebben te houden met de kennis van de georganiseerde natuur1 #ajj physici1 die zich met lichamelijk onderzoek1 zoowel van menschen1 dieren en insecten bezig houden en #ajj beoefenaren van de meetkunde4 ,deze ,kamer zal al de ontwerpen van de ,eerste ,kamer moeten onderzoeken en toetsen aan hunne kennis en aan de ervaring4 ,zij moet de ontwerpen van wetten voor het onderwijs maken en invoeren4 ,het onderwijs moet zooveel mogelijk pasklaar1 aan de praktische behoeften des volks1 worden gemaakt en daarom in drie trappen worden verdeeld4 ,er mag alleen1 in geen der drie soorten van onderwijs1 sprake wezen van godsdienstig onderwijs4 ,de ,saint-,simon meent dat1 daar ieder vrij is in het uitoefenen van den godsdienst dien hij verkiest1 iedereen ook persoonlijk moet weten1 welke godsdienstige opleiding hij zijne kinderen moet laten geven4 ,ook moet deze ,kamer een geregeld toezicht houden op de openbare opvoeding4 ,de leden dezer ,kamer genieten mede #aj1jjj francs per jaar persoonlijke toelage1 worden eveneens voor vijf jaren gekozen1 en zijn eveneens herkiesbaar4 ,daarna komt de derde ,kamer1 waaronder de ,saint-,simon zooveel als het ,huis der gemeenten in ,engeland verstaat1 en die hij ,kamer van uitvoering noemt4 ,en in deze moet elke tak van den arbeid goed en evenredig vertegenwoordigd zijn4 ,de leden dezer ,kamer genieten gnerlei toelage1 omdat zij vrij zijn door den arbeid dien zij verrichten4 ,zij is belast1 niet alleen met de uitvoering van de door de beide eerste ,kamers vastgestelde en aangenomen wetsontwerpen1 maar ook met het uitschrijven en het heffen van belastingen4 ,het parlement zal eene nieuwe ,code civil 7,burgerlijk wetboek7 en eene nieuwe ,code criminel 7,wetboek van ,strafrecht7 vaststellen4 ,het zal den eigendom op nieuwe grondslagen vestigen1 gunstiger voor de voortbrenging in de maatschappij2 een stelsel van algemeene verdediging1 dat zoo weinig mogelijk een staande leger noodzakelijk maakt en een stelsel van algemeene volksweerbaarheid ontwerpen4 ,de ,saint-,simon verwacht1 dat als alle staten rondom ,frankrijk zich evenzoo zullen hebben gereorganiseerd1 oorlog niet zal voorkomen en dus alle verdedigingsmiddelen overbodig zullen worden4 ,een schadeloosstelling van twee milliard1 zal worden toegestaan aan hen1 die onder deze nieuwe orde van zaken schade zullen lijden4 ,de menschen zullen het een utopie noemen1 zegt de ,saint-,simon1 zulk een plan6 ,maar dit komt1 volgens hem1 omdat de menschen geen begrip hebben van de geschiedenis2 geen kennis hebbende van den loop der beschaving spreken zij van utopien4 ,het is zeer te bejammeren1 zegt hij1 dat de geschiedenis een tak is van de wetenschap der letteren1 en niet wordt beschouwd als een wetenschap op zich-zelve1 wat zij is4 ,intusschen1 terwijl zich een aantal leerlingen om de ,saint-,simon geschaard hadden1 verergerde zijne pecuniaire positie zeer4 ,hij ging zijn zestigsten levensjaar in1 kon zijne geschriften alleen maar gedrukt krijgen1 door zich telkens en telkens te vernederen en openlijk vernederd te worden1 en de geringe opbrengst ervan1 was niet in staat om hem in het leven te houden4 ,van teleurstelling en van armo werd hij wanhopig en op een morgen in de maand ,maart #ahbc1 vonden zijne jongeren hem met een kogel in het hoofd liggen op zijn kamer1 evenwel niet doodelijk gewond4 ,hij herstelde weder1 maar moest een oog verliezen1 terwijl zijn gezondheid van nu af zeer zwak en wankel was geworden4 ,twee jaren leefde hij nu nog1 en in dien tijd zagen nog het licht3 ,catchisme des ,industriels en het beroemde boek ,le ,nouveau ,christianisme 7,het nieuwe ,christendom47 ,in de ,catchisme heeft de science gnrale waarover de ,saint-,simon het zoo vaak heeft1 die hij met zooveel hopelooze inspanning verdedigt1 haar uitgangspunt in de idee der ,industrie4 ,wat de industrie is naar haar wezen en welke gestalte zij in de geschiedenis van ,frankrijk heeft aangenomen1 welke aanspraken zij kan doen gelden en welken som van geluk in de samenleving zij heeft doen geboren worden1 alle deze vraagstukken liggen aan deze verhandeling ten grondslag4 ,hij begint met de begrippen1 industrieel en arbeider te ontleden4 ,een industrieel is iemand1 die der samenleving de middelen verschaft om in stand te blijven en om de behoeften der menschen te bevredigen4 ,de klasse van menschen1 die zulks doen1 behooren den eersten rang in te nemen2 zij kan allen ontberen1 niemand echter haar4 ,daar alles dr de industrie geschiedt1 zoo geschiede ook alles vr haar4 ,zij vormt de groote massa van de natie1 zij vormt het overwicht aan physieke kracht1 zij bezit de talenten en de intelligenties4 ,hoe was het nu mogelijk1 dat zij onderdrukt werd1 door een kleiner en zwakker aantal8 ,en hierop antwoordt de ,saint-,simon1 door ons historisch uiteen te zetten1 de verhouding waarin de industrie tot de staatsmacht staat4 ,de ,franken zijn1 naar zijne voorstelling1 als de krijgslieden van ,frankrijk te beschouwen1 en tegelijkertijd als de bezitters van grond en bodem2 door hen werden de ,gallirs onderworpen1 die nch wapens1 nch vermogen hadden1 en niets als hunne arbeidskracht bezaten4 ,beide deelen van het ,fransche volk kwamen alsnu1 vijandig tegenover elkander te staan2 deze heerschend en slechts verteerend1 gene onderworpen en werkzaam4 ,nog bij de troonsbestijding van ,lodewijk ,,xi waren deze klassen scherp gescheiden4 ,deze koning echter verbond zich met de industrieelen1 de laatsten kwamen daardoor langzamerhand tot persoonlijke vrijheid en bezit van geld1 terwijl de militaire klasse der ,franken1 nog altijd aan haar bezit van den grond vasthield4 ,hierdoor ontstond voor het eerst in ,frankrijk de tegenstelling in bezit1 die van de eigenaren van geld en industrie en die van den grond4 ,tot aan ,lodewijk ,,xiv toe vormden grondbezitters1 fabrikanten en handelslieden1 drie afzonderlijke corporaties4 ,maar onder deze laatste koning begon de industrie zich te ontplooien en een element in zich te vormen1 dat hare geheele gestalte begon te vervormen4 ,uit de concurrentie en de behoefte van den afzet1 vormde zich de wereldhandel1 die op hare beurt eene klasse van bankheeren in het leven riep1 die bemiddelaars der betalingen werden en in wiens handen het eigenlijke voordeel terecht kwam2 met hen begon de periode van het credietwezen in de geschiedenis4 ,het crediet behoort1 naar zijn wezen1 den grooten bankheeren en kooplieden toe2 om hen te gebruiken1 leenen dezen den fabrikanten en den arbeidenden4 ,dezen breiden daardoor hunne zaken uit en daarvandaan komt het1 dat de eigenlijke macht van het geld en alles wat daardoor geschiedt en mogelijk is1 in handen van den bankiers over is gegaan4 ,als nu de ,staat geld noodig had1 boden zij het hem aan1 maar onder zekere voorwaarden1 en hier vangt den tijd aan1 waarin de geldwisselaars1 de bezitters van het crediet zelfs over de industrieelen konden zegevieren en zich van den ,staat meester konden maken4 ,op deze wijze was het ook mogelijk1 dat zich de industrieele wereld zelve splitste in twee klassen1 die van de eigenlijke industrieelen1 zij die arbeiden1 en die van de slechts-bezittenden2 de eersten onderworpen1 de laatsten heerschend4 ,de oude tegenspraak ziet men hier van nieuw af aan opkomen3 zij die het diepst onderdrukt zijn1 vormen de beste klasse van de maatschappij4 ,zoo komt het resultaat dan te voorschijn1 dat de natie1 het volk is industrieel2 de regeering feodaal4 ,terwijl de bankiers van alle landen1 den gouvernementen het crediet van de industrie tegen hoogen interest verkoopend en zich verheffend op de puinhoopen van de ineengeslagen leenheerschappij1 den toestand van onderworpenheid van voren af aan zijn gaan bevestigen4 ,nevens hen verheft zich eene eigenaardige klasse1 die zich tusschen beide klassen in stelt2 beiden dienend1 maar die den eene in haar ziel vijandig is1 terwijl zij de andere beheerschend1 beiden in stand houdt4 ,dat is de klasse der ,legistes1 waaronder speciaal de advokaten behooren4 ,zij vormen met de bankheeren tezamen1 eene middelklasse en zijn de eigenlijke liberalen1 die tegenover de ,industrieelen staan4 ,men vergist zich zr1 zegt de ,saint-,simon1 wanneer men beide voor identiek houdt2 integendeel is het liberalisme van eerstgenoemde klasse1 niets als een verkapt egosme en de leuze van hunne leiders tegenover het gouvernement1 komt op niets anders neer1 dan op het te-toi de l1 que je m'y mette6 7,verwijder u van deze plaats1 opdat ik mij er neder kunne zetten67 ,de ware grondzuilen van het eeuwigdurend welzijn der menschelijke maatschappij1 zijn de industrieelen4 ,want1 zoo roept hij uit1 het is duidelijk1 dat de industrieele heerschappij die is1 welke den menschen de grootste som van algemeene en individueele vrijheid kan geven en dat zij alleen aan de moraal de grootste macht in de samenleving kan verzekeren4 ,het is verder duidelijk1 dat de samenleving van-uit de feodale heerschappij naar die der industrieele1 niet kan worden overgeleid1 door het bloote zakenleven van het bestuur2 beiden staan diametraal tegenover elkander4 ,de eerste wil de grootst mogelijke ongelijkheid onder de menschen1 het laatste1 het industrieele systeem1 is gebouwd op de grootst mogelijke gelijkheid van de menschen4 ,daarom moet het rijk van de industrie a priori gekend worden en deze catechismus1 is het bewijs1 dat de menschelijke geest zich reeds tot die hoogte opgewerkt heeft4 ,wat is evenwel de kracht eens gewonen ondernemers anders dan de eenheid8 ,daarom moet de goddelijke1 zoowel als de menschelijke moraal1 den meest uitstekenden geesten aan het werk stellen2 het industrieele systeem in zijn onderdeelen bloot leggen en de industrieelen zelven opeischen zich1 ter verwerkelijking kunnen roeping te vereenigen4 ,dit is1 in 't kort1 de inhoud van de ,catchisme des ,industriels4 ,de ,saint-,simon is de eerste1 die naar de innerlijke wetten van de samenleving en de wetten welke haar besturen en op hare vorming en gestalte van invloed zijn1 heeft opgespoord2 die hare verschillende gestalten heeft blootgelegd en onderzocht heeft1 wrdoor zij zich tracht te vervolkomenen4 ,hij vond de klasse-tegenstellingen1 in primitieven vorm1 tusschen bezit en niet-bezit2 tusschen arbeid en kapitaal en tusschen1 wat hij nog noemde3 de strijd der standen4 ,de ,saint-,simon's laatste werk1 waaraan hij arbeidde toen zijne krachten hem reeds voor een goed deel begeven hadden1 is ,le ,nouveau ,christianisme geweest4 ,reeds in zijn ,systme ,industriel predikt hij deze moraal3 ,god zeide3 ,bemint u en helpt u onder elkander62 hier begint hij de stelling te ontwikkelen1 dat het waarachtig goddelijke principe van de christelijke religie is3 de menschen zullen elkander als broeders behandelen4 ,god had zelf1 wel-is-waar de christelijke godsdienst gesticht1 maar de later zich ontwikkelende clerus is een misgeboorte der christelijke kerk2 zij heeft den inhoud van het goddelijke christendom1 tot een menschelijke gemaakt4 ,het is dus de taak van onzen tijd1 om de godsdiensten weder terug te voeren tot hunnen waren oorsprong2 ze te zuiveren van elk egostisch en tweeslachtig bijmengsel en om de menschheid op het nieuwe ,christendom voor te bereiden4 ,hij klaagde den ,paus en zijn kerk van ketterij aan2 het onderwijs dat de geestelijkheid den leeken geeft1 is valsch en leidt1 volgens hem1 van het ware ,christendom af4 ,want in plaats van de levende moraal der liefde te prediken1 stelt de katholieke kerk het doode dogma aan den spits en in plaats van de kennis te doen vermeerderen1 zoekt zij de leeken absoluut zich van haar afhankelijk te maken4 ,hij klaagde den paus van haeresie aan en ook dat hij in zijn eigen ,staat een bestuur in stand houdt1 die de moreele en physieke belangen van de behoeftige klasse in den weg staat1 en dan ook nog hiervan1 dat de ,paus en de kardinalen1 zoomede de geheele geestelijkheid geheel uit den tijd zijn en tegenwoordig zeer gemist kunnen worden4 ,de protestantsche kerk critiseert hij eveneens4 ,hij erkent1 dat ,luther met de ,reformatie der beschaving een grooten dienst bewezen heeft1 maar in het andere gedeelte der ,hervorming1 dat der opbouw van den godsdienst1 heeft ,luther zijnen navolgers nog veel te doen overgelaten4 ,de protestanten hebben dan ook eene moraal welke1 bij die zooals zij aan den tegenwoordigen stand der beschaving past1 verre ten achterstaat4 ,de protestantsche cultus is bovendien zonder eenige bekoring1 onschoon en koud1 in plaats van de aanbidding van het ,hoogste te doen vieren met behulp van den kracht van den schilder1 den dichter en de macht van de muziek4 ,ook gelooft het protestantisme aan een gebrekkig dogma4 ,luther gebood den ,bijbel te lezen en niets dan den ,bijbel4 ,het lezen van den ,bijbel heeft zeker groote voordeelen gegeven1 maar ook groote nadeelen4 ,het ware dogma heeft geen gebreken4 ,de ,saint-,simon stelt nu als positief dogma op deze moraal3 in het nieuwe ,christendom zullen de menschen zich wederzijdsch als broeders beschouwen4 ,deze godsdienst zal de samenleving haar grootste doel1 de snelste verbetering van het lot der arme klassen tegemoet doen voeren4 ,de godsdienst is van nu af eene sociale godsdienst geworden2 haar uitgangspunt is de toestand van de menschelijke samenleving de terugvoering naar het aardsche geluk4 ,het woord van ,christus3 ,mijn ,rijk is niet van deze wereld6 werd niet begrepen4 ,der religie moet men hare zinrijke zijde teruggeven en den eeuwigen strijd tusschen materie en kennis1 tusschen lichaam en geest moet1 in haar verzoend1 ons tegentreden4 ,toen de ,saint-,simon zijn ,nouveau ,christianisme voleindigd had1 hadden hem zijn laatste krachten reeds bijna begeven4 ,hij hield zich toen bezig met de oprichting van het blad ,le ,producteur1 maar hijzelf zag de verschijning daarvan niet meer4 ,toen hij zijn einde voelde naderen1 riep hij de vertrouwden van zijne gedachten voor zijn bed en zeide tot hen3 ,gij gaat een tijd tegemoet1 waarin goed gecombineerde inspanningen tot een ongekend resultaat moeten voeren2 de vrucht is rijp1 gij zult ze plukken4 ,en zich tot zijn meest geliefde scholier1 ,olinde ,rodrigues1 wendend1 zeide hij3 ,vergeet niet1 mijn zoon1 dat men begeestering moet hebben1 om groote dingen tot stand te brengen6 ,mijn geheele werken laat zich tezamen vatten in deze eene gedachte3 alle menschen de verzekering der meest vrije ontwikkeling te kunnen geven6 ,na eenige minuten1 toen hij reeds met den dood streed1 riep hij uit3 ,de toekomst is aan ons6 ,des morgens den #ai;en ,mei #ahbe1 ontsliep hij in de armen van zijne leerlingen4 ,de ,saint-,simonistische ,school telde aanvankelijk vele jonge mannen1 die later tot de eersten intellecten hebben behoord4 ,het eerst stond zij onder de leiding van ,bazard en ,enfantin1 waarvan later de anderen zich afscheidden4 ,tot hen behoorden behalve de reeds genoemden ,a4 ,thierry en ,comte1 ,buchez1 ,pierre ,leroux1 ,adolphe ,blanqui1 ,michel ,chevalier1 ,ferdinand de ,lesseps1 ,felicien ,david1 ,armand ,carrel enz4 ,velen hunner hebben ,de ,saint-,simon's denkbeelden later of geheel1 of halverwege losgelaten4 ,gelijk wij schreven1 geheel onafhankelijk van ,de ,saint-,simon leefde1 werkte en streed er in denzelfden tijd in ,frankrijk een ander groot denker en een genie van even grooten soort als hij1 voor het geluk van de menschheid4 ,beiden leefden in n land1 doch kenden elkander niet1 hadden elkander nooit gezien of gesproken en voor zoover bekend1 stelden zij zich ook niet tegenover elkander1 althans niet in het openbaar4 ,het tweede genie hier bedoeld was ,fourier4 ,,fran,,ois ,,marie ,,charles ,,fourier werd den #g;en ,februari te ,besanon geboren uit gegoede ouders4 ,zijn vader was groothandelaar4 ,de jonge ,charles toonde reeds vroeg1 een groot gevoel van ingeboren rechtschapenheid4 ,hij was voor den handel bestemd1 maar hij kreeg reeds als knaap een zoo onoverwinnelijken afkeer van den handel1 dat die op zijn geheele leven den stempel heeft afgedrukt4 ,hij leerde niet alleen den handel haten1 maar ook verachten4 ,hij zeide later zelf1 dat men in den handel ophoudt het onderscheid te leeren kennen1 tusschen oprecht zijn en liegen4 ,in katechismus en op school1 had men hem geleerd nooit te liegen1 maar dan leidde men hem in den winkel1 om hem vroegtijdig in het edele handwerk van den leugen1 of in de kunst om te verkoopen zich te doen oefenen4 ,getroffen door het bedrog en den zwendel van den handel1 had hij meermalen den koopers terzijde genomen1 om hen te vertellen1 hoe zij bedrogen werden4 ,een van hen was zoo dankbaar hem te verraden1 hetgeen hem van zijn vader een pak slaag deed oploopen4 ,en op een toon van verwijt1 zeiden zijn ouders dan ook meermalen die jongen zal voor den handel nooit deugen4 ,inderdaad1 bij ,fourier was dan ook een diepen afkeer van den handel gerijpt en1 negen jaren oud1 zwoer hij den handel een eeuwigen haat4 ,fourier was jong op een bankierskantoor geplaatst in ,lyon1 maar hij liep weg1 verklarende nooit een koopman te willen worden4 ,in #agij kwam hij naar ,rouen1 alwaar hij een positie als reiziger bekwam1 als reiziger naar ,parijs1 hetgeen in dien tijd een post van groot vertrouwen was4 ,hij kreeg daardoor de gelegenheid1 zoowat alle groote steden van ,frankrijk1 ,duitschland1 ,nederland en ,belgi te bezoeken en daardoor kon hij veel studin maken1 omtrent buitenlandsche toestanden4 ,op al deze reizen bestudeerde ,fourier het klimaat der verschillende landen1 de toestand van den bodem1 de nijverheid1 de bouworde van de steden1 de aanleg der straten en het karakter van de bewoners4 ,geen architektuur was er in de door hem bezochte steden1 die hij niet kende4 ,alleen voor de talen had hij weinig zin1 daarvandaan de opmerking1 door hem uitgedrukt in zijn hoofdwerk ,de theorie van de universeele eenheid1 dat het eene der slimste gebreken van het menschelijk geslacht was1 de vele en verschillende talen te hebben4 ,hij beschouwde ne wereldtaal1 waartoe hij het fransch als de meest geigende beschouwde1 als eene der belangrijkste voorwaarden1 voor eene nieuwe1 sociale orde van zaken4 ,in de ,revolutieperiode verloor ,fourier zijn vermogen4 ,maar ook met den gang van zaken in de ,revolutie kon hij zich geenszins vereenigen4 ,naar zijne meening had het volk maar zeer weinig bij de ,revolutie gewonnen1 daarentegen had die klasse1 welke hij het meest onder allen haatte1 de handeldrijvende klasse1 het meest daarbij gewonnen4 ,niets kon dan ook ,fourier meer in toorn brengen1 bij de latere ontwikkeling zijner denkbeelden1 dan dat men hem op eene lijn stelde met de ,jacobijnen uit de ,revolutie4 ,neen en duizendmaal neen6 zoo riep hij dan uit1 mijne theorien hebben niets te maken met die van deze lieden1 noch iets met hunne omverwerpende denkbeelden6 4444 ,wat hij evenwel gezien had1 dat was dit3 terwijl de menschen der ,revolutie bezig waren alles met bloedig geweld ner te slaan1 wat naar hunne begrippen aan het geluk van het vaderland in den weg stond1 het kapitaal evenwel1 in den schrilste tegenspraak bleef ageeren1 met de gepredikte grondstellingen4 ,hij zag hoe de schaggerhandel1 hoe de levensmiddelenwoeker1 de zwendel met de leverantin bloeiden1 en hoe de plotseling rijk geworden opkomelingen hunne orgien vierden4 ,en niet minder waren hem de oogen opengegaan voor de ellende der massa1 die haar leven voor de ,republiek zoo heldhaftig gegeven had4 ,al deze waarnemingen1 die hij vooral de gelegenheid had volkomen te maken1 door wat hij dag aan dag in kleineren kring om zich heen zag1 brachten dezen denker op de gedachte1 dat de samenleving niet juist georganiseerd moest wezen4 ,en hij zon op middelen1 eene maatschappelijk plan te ontwerpen1 dat aan alle deze euvelen een einde kon maken4 ,fourier1 die van nature reeds een tegenzin had in de studie van politieke vraagstukken1 werd in deze weerzin versterkt1 door de feiten om hem heen4 ,hij zag de politieke stelsels veranderen1 maar de maatschappelijke euvelen blijven4 ,dit deed bij hem de gedachte ontstaan1 dat er tusschen de sociale toestand van de maatschappij en de politieke geen wezenlijk verband bestond2 de eerste is even willekeurig1 als den laatste2 maar samenhang tusschen beiden bestaat er niet volgens hem4 ,voor hem was het vl gewichtiger het uitgangspunt te vinden1 van waaruit alle beschaving en ontwikkeling ontsproot1 en hij meende1 dat datgene wat een ,newton voor de natuurlijke wereld had gedaan1 n4 l4 het ontdekken van de wetten der zwaartekracht1 dat dit moest geschieden voor de materieele wereld1 en dat hij het was die dit had te doen4 ,dat hij1 ,fourier1 deze wetten1 die het uitgangspunt waren van een geheel stelsel1 hetwelk in staat was den menschheid het verloren geluk te hergeven1 had ontdekt was zuiver toeval1 volgens hem4 ,andere geleerden vr hem hadden het ook kunnen doen1 en een eigenaardige beschouwing is het dan ook van hem1 dat de #djj1jjj dikke boekdeelen1 welke er in den loop der tijden waren geschreven en die in ,bibliotheken opgestapeld lagen1 van zr twijfelachtige waarde voor de menschheid en haar geluk waren4 ,in #ahjh publiceerde ,fourier nu ook zijn eerste en principieel-wetenschappelijke werk3 ,la thorie des quatres mouvements et des destines generales4 7,de leer van de vier bewegingen en der algemeene bepalingen7 genaamd4 ,de gedachtengang door ,fourier daarin ontwikkeld1 is de volgende4 ,de wereld bestaat uit drie eeuwige1 ongeschapene en onverstoorbare grondstellingen3 ,god1 of den geest1 actief en bewegend principe2 de materie1 passief en bewogen principe2 de gerechtigheid of de mathematische wetten1 regelend principe4 ,analoog aan het wereld-al1 bestaat ook den mensch uit drie principes1 namelijk3 de drijfveeren 7passiones71 aktief en bewegend principe2 het lichaam1 passief en bewogen principe2 de intelligentie1 neutraal en regelend principe4 ,god1 welke de leider en bestierder is van het wereld-al1 kan alleen de nheid en de harmonie ervan willen1 anders zou hij met zichzelve in tegenspraak komen4 ,daarom bestaat er een onafgebroken keten van betrekkingen tusschen de drie rijken der natuur--dieren1 planten1 mineralien--en de menschen2 tusschen den menschen en ,god1 gelijk tusschen den menschen en den aardbol en het gansche planeten- en wereldsysteem4 ,terwijl ,god den menschen schiep1 hen van drijfveeren en hartstochten voorzag1 wilde hij1 dat de menschen daardoor gelukkig zouden worden4 ,het is dus niet aan te nemen1 dat deze drijfveeren schadelijk zouden zijn1 dat van deze hartstochten de eene of de andere zoude moeten worden onderdrukt of onbevredigd behoeven te blijven4 ,integendeel1 eene bevrediging daarvan1 schept veelmeer de harmonie van den mensch met zich-zelf en met ,god4 ,wanneer wij desniettegenstaande zoo dikwerf zien1 dat deze hartstochten bij de menschen1 zich in eene schadelijke richting openbaren en werken1 dan bewijst dit niets tegen dezen1 maar tegen de sociale organisatie van de maatschappij1 welke deze hartstochten op valsche wijze zoekt werkzaam te doen zijn1 of ze zoekt te onderdrukken4 ,het zijn vijf bewegingen1 welke de wereld voortbewegen en haar hare bestemming doen naderen3 #a4 ,de normale beweging2 wetten der aantrekking voor imponderabele elementen1 electriciteit1 magnetisme1 reuken4 #b4 ,de dierlijke of instinktmatige beweging2 wetten der aantrekking voor drijfveeren en instinkten van alle geschapen wezens hoe en wanneer zij ook waren1 zijn en zullen zijn4 #c4 ,de organische beweging3 wetten der aantrekking voor de eigenschappen der lichamen3 vorm1 kleur1 smaak1 reuk1 enz4 #d4 ,de materieele beweging--reeds door de mathematici 7,newton7 ontdekt--wetten der aantrekking en gravitatie der wereldlichamen 7,planeten en vaste sterren74 ,de kometen zijn1 volgens ,fourier1 irregulaire lichamen die het wereldruim doortrekken4 #e4 ,de sociale beweging--het eigenlijke steunpunt van het geheel-- de wetten1 welke de orde en de opeenvolging van de verschillende sociale gestalten op alle wereldlichamen regelen4 ,het middelpunt dezer sociale wetten is de mensch1 die daardoor1 in den grond der zaak1 tot het middelpunt van het geheel wordt en om wien1 ten slotte1 zich alles draait4 ,wat zou1 zoo vraagt ,fourier1 de wereld voor een ander doel hebben1 wanneer zij niet geschapen was voor de menschen8 ,de bestemming van den mensch is het geluk1 dat in de ontwikkeling van geheel zijnen aanleg1 de bevrediging van al zijne hartstochten ligt4 ,de mensch behoort te genieten en nogeens te genieten1 alles waartoe zijn hart hem dringt4 ,deze bestemming was den mensch door ,god toegedacht4 ,fourier legt op het akkerbouwbedrijf of de agricole associatie het hoofdgewicht2 hij ziet het zelfs voor de eigenlijke grondslag aan van het menschelijk bestaan1 die welke de meeste en de aangenaamste afwisseling geeft4 ,maar ook de gansche huiselijke bezigheid1 de huishouding in hare uitgebreidste opvatting2 handel en nijverheid2 opvoeding2 de kunsten en de wetenschappen1 zij allen moeten socitair bedreven worden4 ,de arbeid is volgens ,fourier1 een noodzakelijkheid voor alle menschen zonder onderscheid van leeftijd of geslacht1 maar zij moet geene last1 maar een lust wezen4 ,zij moet in een woord gezegd3 aantrekkelijk zijn4 ,en dit kan zij alleen wezen1 wanneer ieder in die richting drijven kan1 waarheen zijne gaven en aanleg hem dringen1 tot wat hem dus het meeste genoegen kon schenken4 ,daarnevens moet de arbeid1 dikwijls afwisselen en moeten ten dien einde1 de arbeidstijden slechts kort zijn4 ,ten einde de verschillende tegen elkander in dwarrelende elementen te kunnen leiden1 is het noodig1 dat zich groepen vormen van gelijkgezinden1 voor bepaalde bezigheden4 ,elk van deze groepen1 kan slechts negen personen omvatten4 ,er vormen zich evenveel groepen1 als er ondersoorten van arbeid bij eene bepaalde produktietak noodig zijn2 de verschillende groepen vormen3 eene serie4 ,daar twee menschen niet in alles dezelfde smaak kunnen hebben en ook niet de voor alles gelijke aandrift1 worden dezelfde personen1 die zooeven tezamen gearbeid hebben in ne groep1 in tegenovergestelde arbeidsgroepen1 of serien van andere produktietakken geplaatst4 ,niet alleen dus1 dat er voortdurend afwisseling is van arbeid1 er is ook eene voortdurende afwisseling in maatschappelijk verkeer bij dien arbeid4 ,deze voortdurende afwisseling van arbeidsbeoefening en van de personen die den arbeid beoefenen en de daaruit voortvloeiende1 dan weder aantrekkende1 dan weder afstootende bewegingen1 voldoen volgens ,fourier1 aan de hoogste bevrediging1 omdat juist daarbij alle drijfkrachten in het spel komen4 ,maar zulk eene bevrediging zou nog geen volkomene zijn1 wanneer niet ook de voortbrenging van den rijkdom door haar kon worden in stand gehouden4 ,daarom dacht ,fourier een stelsel uit1 waarin den maatschappelijken arbeid1 op den grondslag van deze organisatie en samenwerking van alle drijfkrachten en geaardheden1 talenten en kundigheden1 kon worden verricht4 ,het was het systeem van de phalanstre4 ,deze planmatig georganiseerde en geassocieerde bezigheid van honderden van families1 zal1 naar ,fourier verklaarde1 in tegenstelling tot de private en individueele voortbrenging en het private ondernemerschap eene groote mate van besparing aan arbeidskracht1 werktuigen en tijd ten gevolge kunnen hebben eenerzijds2 en door geschikt aangewende en gecombineerde werkzaamheid van allen anderzijds1 eene vermeerdering van den rijkdom ten gevolge hebben1 die in vergelijking met die van thans verveertigvoudigd zou kunnen worden en zelfs den armsten zo veroorloven eene bevrediging van zijne behoeften1 z rijkelijk als heden ten dage den rijkste alleen1 dit mogelijk was4 ,in de ,fouriersche phalanstre blijft het onderscheid in bezit voortbestaan4 ,fourier achtte dit zelfs noodzakelijk voor de harmonie1 die volgens hem juist uit eene geschikte en verstandige combinatie van tegenstellingen voort kan komen4 ,zijn socialisme was dat van verwijdering en van harmonie2 van elkander drom bekampende tegenstellingen1 omdat zij niet onderling verbonden en dus niet tot eenheid kunnen komen4 ,daarom wendde hij zich steeds tot de grooten en aanzienlijken en niet tot de geringen1 tot de arbeiders of tot het volk4 ,alleen de eersten waren in staat zijn plan te doen verwezenlijken4 ,in de phalanstre zou volgens ,fourier kapitaal1 arbeid en talent z worden beloond1 dat aan den arbeid vijf-twaalfde1 aan het kapitaal vier-twaalfde en aan het talent drie-twaalfde van de arbeidsopbrengst ten goede komt4 ,de beide geslachten zullen volkomen op gelijken voet worden behandeld4 ,immers zij werken1 vergenoegen en beminnen zich1 met- en onder elkander4 ,ook de opvoeding van de kinderen behoort gemeenschappelijk te geschieden2 de kinderen zijn het derde neutrale geslacht en aan hunne opvoeding wijdt ,charles ,fourier in zijne werken1 groote en breede ruimte4 ,met grondige diepte en met een wonderbaarlijk onderscheidingsvermogen1 heeft hij steeds over de opvoeding geschreven en geen pedagoog zal nog heden ten dage deze bladzijden1 niet dan met genoegen lezen4 ,wat de verhouding van de geslachten tot elkander aangaat1 deze is door ,fourier van een zeer ruim standpunt bekeken4 ,de critiek1 dien hij uitoefent op het tegenwoordig huwelijk1 zoowel op zijnen vorm als op zijne uitwassen1 behoort tot het scherpste wat daarover ooit is gezegd4 ,onder de nieuwe levensverhoudingen1 gelijk ,fourier ze ons die schilderde1 genieten de menschen niet alleen het volle geluk1 zij kunnen zelfs bij hunne1 zooveel betere1 gezondere en natuurlijker levensverhoudingen een hoogeren ouderdom bereiken4 ,fourier spreekt van het bereiken van een leeftijd van #add jaren1 als doorsne-leeftijd4 ,het gansche heelal1 is volgens ,fourier1 die zich hierbij op ,schelling beroept het spiegelbeeld van de menschelijke ziel4 ,de wereld is ter wille van de menschen geschapen2 na zijn dood wandelt den mensch van planeet tot planeet1 tot een steeds hoogere volkomenheid4 ,elke planeet wordt geboren en heeft1 gelijk den mensch1 hare kindschheid en hare ouderdom1 op- en nergaande ontwikkeling1 en dood4 ,ook de menschheid sterft1 en wel1 na een totaal-levensduur van #hj1jjj jaren1 die zich afwikkelen in vier phazen4 ,de phaze der kindschheid1 in welke laatste periode wij ons bevinden1 duurt3 #ce1jjj jaar en die van den nedergang eveneens3 #ce1jjj jaren4 ,dan volgt de phaze van de ouderdomszwakte1 weder met #ejjj jaren1 waarna de dood der menschheid en die der aarde intreden4 ,in de tijdruimte van #hj1jjj jaren beleeft de menschheid #cb ontwikkelingsperioden--wij bevinden ons in de vijfde1 die der civilisatie--en in deze verschillende perioden1 zijn er verschillende hrscheppingen1 door welke de dieren- en plantenwereld en ook het klimaat1 in overeenstemming met de hoogere ontwikkeling der menschen1 zich tot hoogere volkomenheid ontvouwen zal4 ,met de achtste periode1 die van de harmonie1 vangt de dageraad van het geluk aan4 ,dan wordt de noordpoolkroon 7couronne borale7 geboren1 die dan gelijk de zon1 niet alleen licht1 maar ook warmte verspreidt en daarmede zullen tal van nieuwe scheppingen ingeleid worden4 ,de werkingen daarvan zullen zijn1 dat ,petersburg zoowel als ,ochotsk een klimaat zullen verkrijgen1 gelijk ,cadix en ,constantinopel2 dat het klimaat van de ,siberische ijskusten1 dat van ,marseille en van den golf van ,genua verkrijgt en dat eene vruchtbaarheid van deze noordelijke deelen der aarde aanvangt1 die zal kunnen wedijveren met die van deze tropische gewesten4 ,gelijktijdig zal door de inwerking van dit fludum en door de verandering der klimaten1 de zee zich veranderen en haar water een anderen smaak verkrijgen4 ,de bestaande1 thans den mensch nog vijandige en schadelijke zeemonsters als de haai enz41 zullen verdwijnen en door andere schepsels1 als anti-haai1 anti-walvisch vervangen worden1 die den menschen vriendelijk gezind zullen worden en zich door hen zullen laten gebruiken tot het leiden van hunne schepen enz4 ,evenzoo op het land4 ,alle wilde dieren1 leeuwen1 tijgers1 luipaarden1 wolven enz41 alle giftige reptielen en vergiftige schadelijke planten zullen verdwijnen en plaats maken voor nieuwe1 der menschheid nuttige gewassen4 ,zoodra den ganschen aardbodem met phalanstres overdekt is1 zal zij twee millioen derzelven en vier milliard menschen aanwijzen4 ,dan zal ,constantinopel hoofdstad zijn van de wereld en zal de door alle phalanstres gekozen ,omniarch1 als heerscher der wereld1 aldaar zijn zetel innemen4 ,met het getal van vier milliard1 is volgens ,fourier1 het maximum bereikt dat het bevolkingscijfer bereiken kan2 want wanneer ook de menschen zich aanvankelijk sterk vermeerderen1 de vruchtbaarheid van het geslacht zal verminderen1 naar mate nevens de mannen1 ook de vrouwen sterker zullen worden1 hunne geestelijke en lichamelijke ontwikkeling en opulente levenswijze toenemen zal4 ,fourier gelooft1 reeds voor onze samenleving de opmerking gemaakt te hebben1 dat vrouwen van groote lichaamskracht en lichaamsgestalte en onder gunstige materieele verhoudingen levend1 minder kinderen krijgen dan die van een zwakkelijke en geringe constitutie4 ,de eersten zijn zelfs dikwerf onvruchtbaar4 ,dezelfde veranderingen als op aarde1 voltrekken zich ook op alle overige planeten4 ,geheele nieuwe planeetsystemen zullen zich nog moeten vormen1 ten einde in de sterrenwereld denzelfde harmonie1 het opperste klavier 7clavier majeure7 te kunnen vestigen1 zooals deze harmonie op aarde gevestigd is in het klavier van de menschelijke ziel1 dat #haj karaktereigenschappen aanwijst4 ,fourier rekent bij dit alles met bepaalde mathematische verhoudingen2 alle levensuitingen en levenschijnselen laten zich in bepaalde mathematische getalverhoudingen uitdrukken4 ,fourier staat hierbij geheel op den bodem van ,pytagoras 7#edj-ejj vr ,chr471 die gelijk bekend is1 eene philosophie van de getallenleer voor alle verschijnselen1 leerde4 ,in #ahbi verscheen ,fourier's tweede werk3 ,le nouveau monde industriel et socitaire4 7,de nieuwe industrieele en socitaire wereld47 ,dit boek bestaat uit n deel en is van alle werken van ,fourier wel het duidelijkst en helderst geschreven4 ,het kan1 om de beknoptheid waarin zijne denkbeelden erin vervat zijn1 als de quintessens van ,fourier's denkbeelden als hervormer1 worden beschouwd4 ,zeven jaren later gaf hij nogmaals een groot werk in het licht1 dat ,valsche industrie genaamd was1 maar dit boek bevat geen nieuwe denkbeelden en is van beslist minder waarde1 dan zijn ,nouveau monde en zijn ,thorie des quatres mouvements dat zijn4 ,in #ahdh hebben de scholieren van ,fourier zijn gezamenlijke werken uitgegeven1 onder den titel3 ,l'harmonie ,universelle et le ,phalanstre 7,de algemeene harmonie en de phalanstre71 waarin ,fourier zelf aan het woord is1 omtrent zijne plannen en de ontdekkingen zijner wetenschap4 ,hij zegt1 dat nadat bij hem eenmaal den twijfel was geweken1 dat de toestand van ontbering1 die overal heerschte1 van nood en gebrek1 het overal-heerschend-bedrog1 het handelsmonopolie en de slavenhandel1 een door ,god gewilde toestand was1 dat hij toen tot de conclusie kwam1 dat deze gansche toestand er eene van overgang was voor de menschheid2 een toestand van verandering in de sociale orde van zaken4 ,en hij maakte 't zich tot een regel van zijn onderzoek3 de absolute twijfel1 en de absolute vermijding van de tot dusverre betreden wegen4 ,hij vroeg3 wat kan er twijfelachtiger bestaan1 dan deze onvolkomene beschaving8--,wanneer er aan haar ook drie periodes voorafgegaan waren1 die van wildheid1 patriarchaat en barbarisme1 moet dan daaruit worden opgemaakt dat zij de laatste is1 alleen omdat zij de vierde is8 ,kan er niet een vijfde1 zesde of zevende sociale orde komen1 die wel-is-waar ons nog niet bekend kan zijn1 maar dit alleen1 omdat tot nog toe niemand zich de moeite gegeven heeft van haar te ontdekken6 ,men moet dus de noodzakelijkheid1 de voortreffelijkheid1 zoowel als de voortduring van deze maatschappij1 altijd en altijd in twijfel blijven trekken4 ,dit hebben de philosophen nooit gedaan1 omdat zij1 zoo zegt ,fourier1 dit nooit gewaagd hebben1 dewijl dan de nietswaardigheid van al hunne werken voor de menschheid meteen zou aan het licht gekomen zijn6 ,in de eerste plaats hield ,fourier zich bezig met de landelijke associatie 7association agricole7 en bij het nadenken over haar1 geraakte hij tot de theorie der bepalingen4 ,de oplossing van dit vraagstuk1 leidt volgens hem1 tot die van alle politieke vraagstukken4 ,de philosophen hielden de akkerbouw-associatie voor eene even zoo groote onmogelijkheid1 als de afschaffing der slavernij1 omdat zulk eene associatie tot nog toe niet bestond4 ,ziende1 dat bij de dorpsbewoners elk gezin op eigen gelegenheid arbeidt1 konden zij zich geen middel denken om hen te vereenigen4 ,en toch zouden er reeds talrijke verbeteringen kunnen ontstaan1 wanneer men de bewoners van elk vlek1 kon vereenigen tot gemeenschappelijke bezigheid1 naar verhouding van hun kapitaal en hunnen arbeid4 ,aldus zouden #b-cjj families1 met ongelijk vermogen1 een streek kunnen cultiveeren4 ,men kan nauwelijks #bj1 #cj1 #dj individuen tot gemeenschappelijke bezigheid verbinden1 hoe zoude men het honderden kunnen doen1 zegt men4 ,en toch zouden er voor zulk een associatie op zijn minst genomen #hjj personen noodig zijn4 ,ik versta hieronder1 verklaart ,fourier verder1 eene samenwerking bij welke de medeleden door wedijver1 eigenliefde en andere middelen1 aan den arbeid gehecht zouden kunnen worden gemaakt4 ,eene zoodanige organisatie komt ons belachelijk voor en toch is zij mogelijk4 ,eene agrarische associatie1 gelijk ik mij die voorstel en die wel duizend personen kan omvatten1 levert zulke enorme voordeelen op1 dat zij in vergelijking met de tegenwoordige toestanden1 aan een toestand van zorgeloosheid gelijk zou zijn4 ,de sterkste prikkel voor den landman1 zoo gaat ,fourier voort1 is de winst4 ,wanneer de verbondenen maar eenmaal zullen zien1 dat socitair-georganiseerden arbeid1 hen vijf zesmaal meer winst oplevert1 dan hunne gesoleerde bedrijven van vroeger dit deden1 zullen zij wel l hunne onderlinge jalouzien ter zijde zetten en tot de associatie toetreden4 ,dan zullen zich de associaties over regionen uitbreiden4 ,want overal hebben de menschen den trek naar genot en naar rijkdommen4 ,het eerste wat ,fourier daarna ontdekte1 was de aantrekking der hartstochten4 ,ik zag in dat de voortschrijdende serien1 aan de hartstochten der beide geslachten1 de verschillende leeftijden en klassen de volle ontwikkeling zouden kunnen geven2 dat in de nieuwe orde1 men zooveel te meer kracht en vermogen zoude erlangen1 naar mate men meer hartstochten heeft1 en ik concludeerde daaruit3 dat als ,god zooveel invloed gegeven heeft aan de aantrekking der hartstochten en zoo weinig invloed aan de rede1 hunnen vijand1 dat dit zeker geschiedde1 om ons tot organisatie der voortschrijdende serien te voeren1 welke in elk opzicht de aantrekking bevredigen4 ,in de schaduwen van de voorhanden zijnde sociale wetgeving1 zoo zegt hij voorts1 ziet men niet in1 dat de ellende der volkeren aanwast1 juist met de sociale vooruitgang4 ,wij zien reeds die gevaarlijke werking uit den invloed van den handelsgeest1 die daarheen leidt1 de heete luchtstreek te bevolken met zwarte slaven1 die men ontrukt aan hun geboorteland en het gematigde klimaat met witte slaven1 die men in industrieele bagnoos drijft1 gelijk men dit heden ten dage in ,engeland doet1 iets dat gewis wel in andere landen navolging zal vinden4 ,is er zelfs eene gerechtvaardigde zijde aan een toestand1 waarin de vooruitgang van de industrie1 zelfs niet eens aan den armen den behoorlijken arbeid kan garandeeren8 ,het verbond is de basis van elke economie1 wij vinden de kiemen daarvan verstrooid in het geheele sociale mechanisme1 van-af de machtige ,oost-,indische ,compagnie1 tot aan de arme vereenigingen der voor een bedrijf vereenigde dorpsbewoners toe4444 ,wij hebben overal1 zoowel in het kleine als in het groote deze kiemen voor ons welzijn bij de hand2 het zijn ruwe diamanten1 welke door de wetenschap geslepen moeten worden4 ,het problema is1 deze kiemen der associatie1 die in alle takken van menschelijken arbeid terug te vinden zijn1 tot n mechanisme te verbinden1 hen tot eene algemeene nheid te doen worden4 ,wat de sociale beweging aangaat1 zoo ziet men elke belanghebbende klasse1 de andere het booze toewenschen2 overal is het persoonlijke belang in tegenspraak met het algemeene belang4 ,de geheele schrikkelijkheid van een dusdanige toestand1 ziet men recht en duidelijk in1 wanneer men ze eerst goed leert begrijpen2 wanneer men de socitaire organisatie leert kennen1 waarin de belangen een geheel andere richting uitgaan1 wanneer ieder voor het algemeen belang werkt1 juist omdat dit het meest parallel loopt met zijn persoonlijk belang4 ,de vrijheid is illusoir wanneer zij niet algemeen is4 ,waar de vrije ontwikkeling van de hartstochten tot een zeer kleine minderheid beperkt is1 daar heerscht er slechts onderdrukking4 ,om de massa eene volkomene ontvouwing en de bevrediging harer hartstochten te verzekeren1 is eene sociale organisatie noodig1 die aan drie voorwaarden te voldoen heeft4 ,men moet3 #a;e een regime der industrieele attractie zoeken1 ontdekken en organiseeren2 #b;e aan ieder moeten gewaarborgd kunnen worden de zeven natuurlijke rechten1 die ook de wilde bezit2 en #c;e1 de belangen des volks moet men verbinden met die van de grooten4 ,want het volk zal op den grooten afgunstig zijn en hen haten1 zoolang het niet gradueel een aandeel heeft aan hun welzijn4 ,slechts onder deze drie voorwaarden1 kan men het volk een minimum aan voedingsmiddelen1 bekleeding1 woning en hoofdzakelijk1 ook aan het vergenoegen verzekeren1 want zonder er een aangename zijde aan te verbinden1 zal ook de nieuwe toestand voor de menschen niet voldoende zijn4 ,er is1 volgens ,fourier1 geen voor altijd samengestelde vrijheid mogelijk die niet in-zich bevat dat minimum4 ,geen minimum zonder industrieele attractie2 geen industrieele attractie in den stuksgewijs verrichten arbeid1 waarmede hij bedoelt1 in den arbeid gelijk hij verricht wordt in de privaat-ondernemingen4 ,de aantrekking tot den arbeid1 kan slechts daar aanwezig zijn1 waar die arbeid aangenaam en lucratief is4 ,de verdeeling heeft plaats1 volgens de drie industrieele eigenschappen3 arbeid1 kapitaal en talent4 ,het bevolkingsaantal van een phalanstre mag niet grooter wezen dan van #ahjj tot #bjjj personen1 omdat in dat getal naar ,fourier's berekening1 de verschillende hartstochten en karaktereigenschappen ten volle en doelmatig vereenigd zijn4 ,de economie der hulpmiddelen verkrijgt men1 uit een zoo doelmatig mogelijk tezamenwerken van allen1 met elkander werkenden1 omdat allen belang hebben bij de besparing van materialen1 van tijd en van arbeidskrachten4 ,zoo zal men in een phalanstre van #djj families1 niet #djj keukenvuren voor #djj private huisgezinnen noodig hebben1 maar zullen vier of vijf groote keukenvuren voldoende zijn4 ,de bewoners zullen in vier of vijf klassen1 naar hunnen stand en naar hun vermogen ingedeeld kunnen worden1 en aldus n gemeenschappelijk paleis kunnen bewonen4 ,een phalanstre1 die zich bijv4 met de wijn- of olieproduktie bezig houdt1 zal slechts een enkele werkruimte noodig hebben1 in plaats van de velen1 die thans in een wijn- of olieverbouwende streek bestaan4 ,de juiste behandeling van den wijn1 is den kleinen bezitter onmogelijk1 noch kan hij voor de behoorlijke ligging zorg dragen1 noch voor de verkoeling die noodig is4 ,in eene phalanstre zal de wijn1 tengevolge van de deugdelijke bewaring en verzorging reeds na n jaar1 vijfmaal meer waard zijn4 ,bovendien kan de phalanstre steeds het produkt verbeteren1 door de kostenbesparing2 betere zaden1 betere planten aan te schaffen4 ,zij kan de beste bodem uitzoeken en de doelmatigste machines1 gebouwen1 stallen en bergruimten hebben4 ,eene der schitterendste kanten van het socitaire systeem van den arbeid1 is wel deze1 dat daarbij de waarheid in handel en wandel kunnen worden ingevoerd4 ,terwijl de associatie1 de coperatieve1 solidaire en zeer vereenvoudigde1 op waarachtigheid en waarborgen berustende concurrentie1 in plaats van de individueele1 onsoliede en door leugenachtigheid opgevreten1 willekeurige concurrentie onzer beschaving stelt1 zal zij maar een twintigste van de handen en de kapitalen daarvoor noodig hebben4 ,men zal zoodoende den tegenwoordigen handel als parasietisch kunnen onderdrukken4 ,men zal door de phalanstre1 in plaats van honderden concurreerende en tegen-elkander intrigueerende kooplieden en winkeliers1 met hunne marktplaatsen en winkels slechts n groot ,warenmagazijn en naar verhouding zeer weinig personen noodig hebben1 dewijl alle koopen en verkoopen naar buiten1 door de phalanstres onder-elkander afgesloten worden4-- ,zoodra mannen1 vrouwen en kinderen1 de laatsten van af den leeftijd van drie jaren werkzaam zijn uit aantrekking2 wanneer hartstocht1 geschiktheid1 wedijver1 het verbeterde mechanisme van den arbeid1 nvormigheid in het doel der handelingen1 vrijer verkeer1 verbeteringen van het klimaat1 hoogere kracht en langeren levensduur der menschen1 tezamen werken1 zullen de arbeidsmiddelen en -krachten onberekenbaar zich vermeerderen1 en het produkt kwantitatief en kwalitatief zich1 daaraan gevenredigd veredelen en vermeerderen4 ,het meest wel zal het lot van de kinderen in deze socitaire organisatie1 zich verbeteren4 ,in de slecht geleide privaat-ondernemingen vinden de kinderen1 in de hutten en de arbeidsplaatsen1 schuren en ellendige woningen nch de verzorging1 nch de beoordeeling1 nch de aandrift die zij zoo noodig hebben om zich te kunnen ontwikkelen4 ,daarbij sterven zij bij massa's in ongenoemde woningen1 door slechte levenswijzen1 of worden zij met kwalen behept4 ,in den socitairen toestand1 zal de sterfte buitengewoon verminderen2 het kinderaantal zal1 zoowel lichamelijk als geestelijk1 op ongekende wijze toenemen4 ,dreigende overbevolking1 zal alleen door de socitaire organisatie kunnen worden geneutraliseerd4 ,de beschaving bevindt zich tegenover alle deze vraagstukken in een vicieuzen cirkel en dit erkent men allerwege4 ,men is er perplex van dat in de beschaving1 de armoede de overvloed voorbrengt4 ,onzen toestand brengt ons niet het geluk1 maar zij levert het niet-geluk op1 de excessen der industrie voeren tot de grootste euvelen1 zij brengen ons van ,scylla in ,charybdes4 ,en waarom8 ,omdat wij zonder leiddraad1 omdat wij zonder gids1 ronddolen in een labyrinth4 ,dat ziet men aan alles4 ,wij moeten een wegwijzer in het maatschappelijk leven hebben1 eene nieuwe wetenschap en die is volgens ,fourier1 die van de serien der aandriften4 ,men zegt dat de menschen van heden niet slechter zijn1 dan die van vroeger4 ,maar een halve eeuw terug1 kon men nog voor weinig geld stoffen van goeden kleur en goede kwaliteit koopen voor weinig geld4 ,men kon nog onvervalschte levensmiddelen krijgen1 tegenwoordig heerscht in alles bedrog en vervalsching4 ,de landman-zelf is een vervalscher moeten worden1 gelijk het den koopman reeds lang voor hem was2 melk1 olie1 wijn1 brandewijn1 suiker1 meel1 koffie1 alles is vervalscht4 ,de arme menigte kan geen natuurlijke levensmiddelen meer bekomen1 men verkoopt overal vergiften4 ,de handel is schrikwekkend toegenomen en in dezelfde mate het bedrog1 den zwendel en de opzuiging van kapitalen4 ,ten allen tijden en overal1 zal de aantrekking der hartstochten1 tot drie doeleinden trachten te komen4 ,tot de luxe of tot bevrediging der vijf zinnen2 tot groepvormingen en serien van groepen of bonden van toeneiging2 tot het mechanisme der aandriften1 der karakters en der instinkten2 en door alle deze drie1 tot universeele gelijkvormigheid4 ,alle groepen zoeken eene serie of een ontwikkelingstrap te vormen1 verschillend in paring en soort4 ,deze serien van groepen1 zijn aldus het tweede doel van de aantrekking1 terwijl zij zich voor alle funkties der zinnen en der ziel vormen4 ,het derde doel1 is het mechanisme van de aandriften of de serien van de aandriften of de serien van groepen4 ,het is het streven van de vijf zinnelijke aandriften4 #a4 ,smaak1 #b4 gevoel1 #c4 reuk1 #d4 gewicht1 #e4 gehoor met de vier affektieve3 #f4 vriendschap1 #g4 eerzucht1 #h4 liefde1 #i4 ouderschap1 in overeenstemming te komen4 ,deze overeenstemming voltrekt zich door bemiddeling der drie weinig bekende en veel miskende aandriften2 #aj4 de aandrift door intrigue1 naar vereeniging van gelijkstrevenden2 #aa4 de aandrift naar afwisseling1 naar contrasten2 #ab4 de aandrift tot beijvering1 tot begeestering en tot het streven naar vervolkomening4 ,deze twaalf tezamenwerkende aandriften of hartstochten1 bevatten volgens ,fourier1 de harmonie van de aandriften4444 ,tegenwoordig is de mensch in oorlog met zich-zelven4 ,zijne aandriften werken tegen elkander-in4 ,de eerzucht werkt tegen de liefde1 het ouderschap tegen de vriendschap in2 en aldus bevinden zich vele aandriften in disharmonie4 ,ons doel moet het zijn1 een vrijwillig in-elkander grijpend mechanisme van aandriften te scheppen1 zonder een derzelve te onderdrukken4 ,dit kan geschieden1 door dat ieder individu1 terwijl hij zijn persoonlijk belang beoogt1 daarmede tegelijkertijd het algemeen belang dient4 ,de kunst om te associeeren bestaat hierin1 een phalanx van serien van aandriften1 met elkander in volle overeenstemming te kunnen brengen en te doen ontwikkelen1 die volkomen vrij alleen door aantrekking voortbewogen wordt en toegepast kan worden op de zeven voornoemde industrieele functies3 huishouding1 akkerbouw1 industrie1 handel en verkeer1 onderwijs1 wetenschappen en schoone kunsten4 ,een serie der aandriften is een verbinding van verschillende1 op en neder gaande volgreeksen van verbonden groepen4 ,zij zijn vereenigd door overeenstemming in smaak voor een of andere bezigheid1 zooals het verbouwen van een zekere vrucht1 in welke voor elken tak van arbeid1 zich hierbij een speciale groep vormt4 ,wanneer eene serie bijv4 hyacinthen of aardappelen verbouwt1 moet zij even zoovele groepen vormen1 als er soorten van hyacinthen of soorten van aardappelen in cultuur gebracht moeten worden4 ,elke groep vormt zich uit de leden van de serie1 die voor eene bepaalde soort1 neiging aan den dag leggen4 ,er zijn minstens #dj-ej serien noodig1 om eenigermate te voorzien in de behoeften aan de noodige afwisseling en neutraliseering4 ,de serien benuttigen de verscheidenheid van karakters1 smaken en instinkten2 van de vermogens1 aanspraken en van de trappen van ontwikkeling4 ,elke serie is tezamengesteld uit contrasteerende ongelijkheden1 zij behoeft evenzoovele tegenstellingen of antipathin1 als zij overeenstemmingen of sympathien noodig heeft4 ,gelijk in de muziek1 waarin men een akkoord verkrijgt doordien men evenzoovele noten uit laat vallen1 als men aan den anderen kant er aan toevoegt en de contrasten der tonen n akkoord leveren1 zoo levert de vereeniging van de serien der groepen1 voor de sociale harmonie hetzelfde effect op4 ,zij brengt beweging1 waarheid1 gerechtigheid1 direkte en indirekte overeenstemming en eenheid in den vorm4 ,de verschillende groepen moeten zich tegen elkander-in bewegen4 ,dat is mogelijk1 doordat de groepen slechts gradueel van elkander verschillende bezigheden verrichten1 bijv4 niet verschillende soorten van ooft1 maar verschillende soorten van een soort verbouwen4 ,verder moeten de arbeidszittingen kort zijn en niet langer dan twee uren duren4 ,een groep van zeven arbeiders is voldoende1 zij is volkomen1 als zij er negen telt4 ,dan verdeelt zij zich onwillekeurig weder in ondergroepen1 in de beide vleugels en een centrum4 ,vier en twintig groepen is het laagste getal voor eene serie4 ,de mensch1 zegt ,fourier is uit instinkt een vijand van dwang en van gelijkheid1 hij streeft in elk opzicht gestadig naar verandering4 ,in de beschaving van thans wordt instinktmatig overal het valsche bereikt4 ,steeds wordt het valsche aan het ware voorgetrokken en het steunpunt van ons tegenwoordig systeem is eene valsche groep1 die welke zich tot het kleinste getal laat terugbrengen3 tot de echt4 ,deze groep is valsch door de beperking van het getal1 valsch door het ontbreken van de vrijheid1 valsch door het uitelkandergaan en de splitsing van de smaken4 ,reeds dadelijk zijn deze verschillen voelbaar4 ,n den eersten dag van het huwelijk1 verschilt men bijv4 al over de gerechten1 over de bezoeken1 over de uitgaven1 de conversatie en over honderd andere dingen meer4 ,welnu1 als de beschaafden van onzen tijd1 in de oorspronkelijkste hunner groepeering niet kunnen harmonieeren1 dan kunnen zij het nog veel minder met het geheel der groepeeringen in de samenleving4 ,in de phalanstre van ,fourier1 is men niet zonder eenige regeering4 ,de leiders van de serien en groepen worden officieren genaamd en hebben militaire graden4 ,zij hebben den titel van hoofdlieden1 luitenants1 vaandeljonkers2 er zijn geheele staven in de phalanstre en ten opzichte van deze waardigheden is er geen verschil tusschen man en vrouw4 ,de medeleden van de serien en groepen1 verkiezen tot hunnen leiders diegenen onder hen1 die zich in hunnen kring het meest verdienstelijk gemaakt hebben en daardoor het meest de sympathie hebben van de anderen4 ,fourier is verder van oordeel1 dat de menschen1 met zeer weinig uitzonderingen1 reeds vrij spoedig hunne vreugde zullen hebben aan schoone harmonien van kleuren1 aan prachtige en schoone feesten1 standbeelden en gebouwen4 ,en naar alle deze richtingen heen1 kan alleen door de phalanstre het schoonste gewrocht kunnen worden4 ,zien wij nu nog voorts hoe1 volgens ,fourier een onbemiddelde en een rijke in zulk eene phalanstre hunnen dag doorbrengen4 ,wij kiezen daartoe den maand ,juni4 ,des morgens #c #a_/b uur is het opstaan en aankleeden2 #d uur sance in een groep voor de verzorging der dieren in de stallingen2 #e uur arbeid in een groep van tuiniers2 #g uur ontbijt2 #g #a_/b zitting van maaiers2 #i #a_/b uur zitting van groentekweekers4 ,om #aa uur1 tweede zitting in de stallingen2 #a uur middagtafel2 #b uur boscharbeid2 #d uur arbeid in een werkplaats2 #h uur beurs2 #h #a_/b uur avondeten2 #i uur conversaties en #aj uur slapen-gaan4 ,de beurs van de phalanstre houdt zich niet bezig met schaggerhandel in papieren of levensmiddelen1 maar met den zorg voor den volgenden dag4 ,dan wer vormen zich nieuwe groepen en serien4 ,ook worden later als de phalanstre in volle werkzaamheid is1 het getal der rustpoozen en maaltijden verhoogd tot op vijf1 en worden ook de zittingen korter4 ,den korten slaaptijd1 verklaart ,fourier hiermede1 dat de menschen die in harmonie arbeiden1 tengevolge van hun veel aangenamer levenswijze1 veel minder slaap noodig zullen hebben1 dan de beschaafden van tegenwoordig4 ,maatstaf van verdeeling van de opbrengst van het produkt in de phalanstre is3 ten #a;e de direkte werking1 die zij voor de banden der eenvormigheid van de phalanx in het spel van het sociale mechanisme heeft2 ten #b;e de waarde die zij heeft voor de uit-de-wegruiming van tegenstrijdige hindernissen en ten #c;e de omgekeerde verhouding waarin zij staat tot de sterkte der aantrekking1 die zij opwekt4 ,naar deze wijze groepeeren zich de verschillende bezigheden1 welker klassificeering en ordening de medeleden der phalanx-zelve te bepalen hebben4 ,een overeenstemming is zooveel te gemakkelijker1 daar elk medelid in een gansche menigte van serien en in een nog grooter aantal groepen werkzaam is4 ,de gunst die het medelid eener serie of groep in de bevoordeeling van dividend zou kunnen verkrijgen1 zou hen tot schade zijn in eene andere groep of serie4 ,zijn eigen belang dwingt hem dus tot de grootst mogelijke objektiviteit4 ,ook is hij erbij genteresseerd1 dat de harmonie niet gestoord worde1 omdat dit dan tot schade zou wezen van het geheel en zonder twijfel ook tot dat van hemzelf4 ,van deze gezichtspunten uit beoordeeld1 geschiedt ook de verdeeling van het inkomen over kapitaal1 arbeid en talent4 ,fourier geeft hiermede volgende voorbeelden3 ,alippus is een rijke aktienbezitter1 die tot nu toe1 n de beschaving1 voor de uitleening van zijn kapitaal op goederen1 #c #d procent maakte4 ,in de phalanstre heeft hij kans #ab #ae procent te maken4 ,hij is zr voor een rechtvaardige verdeeling1 maar zijn hebzucht kan hem ertoe verleiden1 als kapitalist de helft van het overschot1 als dividend voor zich op te eischen4 ,maar hij komt dan dadelijk tot het inzicht1 dat de beide andere talrijke klassen1 welke arbeid en talent aan de zaak gaven1 daarmede zr ontevreden zouden zijn en waarschijnlijk binnen weinig jaren zou de phalanstre opgelost en de schade dan nog veel grooter zijn4 ,dus vergenoegt hij zich met eene regeling1 die aan zijn kapitaal #d_/ab1 den arbeid #e_/ab en het talent #c_/ab toewijst4 ,hij heeft1 naar deze maatstaf1 nog driemaal meer inkomen dan de beschaving hem gaf2 hij leeft in de phalanstre veel goedkooper1 hij ziet bovendien de beide andere klassen bevredigd en het bestaan der maatschappij daardoor verzekerd4 ,zijne hebzucht wordt in evenwicht gehouden door twee tegenwichten4 ,hij heeft de overtuiging1 dat in het algemeen belang tevens zijn eigenbelang opgesloten ligt en dat in de vooruitgang van de industrieele aantrekking1 voor hem een bron van grooter rijkdom opgesloten ligt4 ,een tweede voorbeeld3 ,johannes heeft nch kapitaal1 nch aktien4 ,hij is als beschaafde er dus zr voor1 dat den arbeid1 op kosten van het kapitaal en het talent het leeuwenaandeel bekomt en rekent dus #g_/ab voor den arbeid1 #c_/ab voor het kapitaal1 en #b_/ab voor het talent4 ,maar ,johannes1 als lid van de phalanstre1 denkt er anders over4 ,als medelid van een groep1 juist dikwijls door het talent dat hij ten toon spreidt de eerste1 komt hij nu tot juiste waardeering van het talent4 ,bovendien begrijpt hij1 als praktisch burger1 welke beteekenis het kapitaal heeft1 welke voordeelen den arbeid eruit kan trekken1 hoevele voordeelen er uit geboren worden voor de serie en de groepen1 en vervolgens1 dat zijne kinderen het vooruitzicht hebben met kapitaal te worden bedeeld4 ,hij zelve kan door toeneming zijner kennis tot hooger waardigheid klimmen1 ook besparingen maken4 ,en ten slotte zal hij gevoelen1 dat tot een juist evenwicht in de maatschappij1 hier den arbeid iets of wat naar den achtergrond heeft te treden1 tegenover het kapitaal en het talent4 ,een derde voorbeeld3 ,philintus is medelid van #cf serien4 ,in twaalf daarvan munt hij uit1 door groote geschiktheid en talent2 in twaalf anderen is hij middelmatig en in de twaalf laatsten1 is hij een nieuweling4 ,als nu bij het einde van het jaar zijne rekening opgemaakt wordt1 zou hij1 in aanmerking genomen de talenten welke hij ontwikkelde in twaalf serien1 zr geneigd zijn1 deze bijzonder hoog te willen aanslaan4 ,maar verstandig als hij is1 zal hij moeten inzien1 dat hiermede nch zijn belang1 nch dat van de phalanstre kan gediend zijn4 ,niet alleen staan tegenover de #ab serien1 waarin hij zich door talent onderscheidde1 #bd anderen waarin hij slechts een middelmatig arbeider bleek1 maar ook van die #ab serien waarin hij uitmunt1 behooren slechts vier tot de eerste klasse1 de hoogst beloonde1 die van de noodzakelijkheden2 vier anderen in de tweede1 en de vier laatsten in de derde klasse4 ,hieruit dus1 volgt voor hem van-zelf1 dat de eenzijdige maatstaf van de bevoorrechting van het talent hier geenszins in toepassing kan worden gebracht4 ,maar daarbij komt nog iets4 ,daar de belangen van alle medeleden in de dozijnen van serien en honderden van groepen persoonlijk van elkander verschillen2 in eene serie of groep1 van twee of van meerdere weder harmonieeren1 dezen wederom in alle andere serien en groepen in belang van elkander uiteenloopen1 is een intriguenspel ten gunste van enkele serien of groepen onmogelijk4 ,in deze honderden1 door elkander loopende en elkander kruisende belangen1 waarbij geen individu alleen iets vermag en geen andere verbinding van gelijke belangen mogelijk is1 moet ten slotte wel het algemeen belang1 en dus tegelijk het belang van allen1 op zich-zelve reeds zegevieren4 ,het regime van de serien der aandriften1 is de gewilde gerechtigheid1 die de voorhanden zijnde ondeugd1 de zucht naar goud1 omzet in den dorst naar gerechtigheid4 ,de geheele verdeelingswet formuleert ,fourier aldus3 ,de individueele hebzucht moet door het collectief belang van elke serie en dat der geheele phalanstre1 als toebehoorende aan eene menigte van serien geabsorbeerd worden4 ,en deze wet wordt bereikt1 door de direkte verhouding van het getal der frequente serien1 in omgekeerde verhouding tot den duur van den arbeid2 in de serien op-zich-zelf4 ,met andere woorden1 tot hoe meer serien het individu behoort en hoe korter dientengevolge de enkele arbeidszittingen worden1 zooveel te lichter zal de neutraliseerende gerechtigheid in de verdeeling van de arbeidsopbrengst zich voordoen4 ,met het getal der verschillende belangen van de enkelingen1 groeien ook de mogelijkheid van de meest rechtvaardige verzoening en de eenvormigheid van het geheel aan4 ,de hebzucht werkt aldus ten slotte verzoenend in de harmonie4 ,maar tegenover haar staat nog een tweede impuls van verzoening3 de edelmoedigheid4 ,bijvoorbeeld4 ,het komt er op aan een bedrag van #baf francs te verdeelen1 zegt ,fourier1 onder negen medeleden eener groep1 waarbij het dan toevallig uitkomt1 dat de rijksten en welhebbendsten onder de negen groepsgenooten1 tengevolge hunner verrichtingen het meest uitgekeerd krijgen4 ,hierop verklaren dan de beide eersten1 dat zij hun kapitaalinkomen in aanmerking genomen1 en ook om het genoegen dat hen den arbeid gedaan heeft1 zich met het minimum zullen vergenoegen1 hetgeen vier franken bedraagt4 ,dientengevolge blijven en #eb franken over1 om onder de overigen te verdeelen4 ,maar het voorbeeld van de beide eersten volgen de anderen na1 alleen deze laten1 met het oog op hun geringer vermogen1 van het hen toekomende maar de helft vallen1 waardoor dus verder nog #bj franken te verdeelen overblijven4 ,de #gb franken worden nu onder vijf armere socitaires verdeeld1 zoodat die #bd1 #ah1 #ab1 #i en #i franken krijgen4 ,wanneer nu hieruit ook voortspruit1 dat de rijkste socitaires slechts het geringst mogelijk arbeidsaandeel ontvangen--en het grootste deel van hun inkomen trekken al naar de mate van hun kapitaal--dan resulteert daaruit1 dat hun aandeel in de algemeene opbrengst1 in omgekeerde verhouding staat tot den afstand waarin de kapitalen tot elkander staan2 want voor arbeid en talent bedoelen zij slechts het kleinste aandeel in beslag te nemen4 ,daarentegen staat hun aandeel in de algemeene opbrengst1 met betrekking tot het kapitaalaandeel1 in directe verhouding tot de massa der kapitalen4 ,er komen hier1 evenals in de physieke wereld1 twee tegen elkander inwerkende krachten in aanmerking3 de centripetale1 welke hier de hebzucht is1 en de centrifugale1 die hier de edelmoedigheid vertegenwoordigt4 ,ook aan het bevolkingsvraagstuk1 heeft ,fourier een behoorlijken aandacht gewijd4 ,juist in zijnen tijd n4l4 kwam het boek van ,thomas ,robert ,malthus ,over de bevolkingsleer uit1 en werd veel besproken4 ,malthus stelde de theorie op1 dat de menschheid de tendenz heeft zich in eene geometrische progressiereeks1 dus in de reeks3 #a1 #b1 #d1 #h1 #af1 #cb enz41 te vermeerderen2 daarentegen vermeerderen de voedingsmiddelen zich maar in eene arithmetischen reeks3 #a1 #b1 #c1 #d1 #e1 #f1 #g1 #h enz4 ,uit deze1 met elkander in tegenspraak zijnde tendenzen1 zou volgens ,malthus1 binnen vijf-en-twintig jaren--die voldoende zijn om de verdubbeling van het aantal menschen voort te brengen--de aarde zoo verbevolkt zijn1 dat de menschheid te gronde zal moeten gaan1 door gebrek aan levensmiddelen4 ,fourier nu pakt het vraagstuk van zijne andere zijde aan4 ,hij huldigt de grondstelling3 stijgende produktiekrachten geven een stijging van produkt1 beiden staan tot elkander in onmiskenbare verhouding4 ,maar zegt hij1 vergeefsch zullen de beschaafden naar middelen moeten omzien1 om eene vier- ja1 honderdvoudige vermeerdering te bereiken1 die er noodig is1 wanneer de menschen veroordeeld moeten blijven zich te vermeerderen onder den tegenwoordigen socialen toestand1 die1 tengevolge van oneconomische toepassing1 der maatschappij dwingt1 gestadig het drie- of viervoud van het produkt op te koopen1 om het door de gewoonte bestendigde levensonderhoud der verschillende klassen1 mogelijk te maken4 ,ten allen tijde in de beschaving was de bevolkingstoename1 in verhouding tot de voedingsmiddelen1 een der klippen waarop de politiek is gestrand4 ,de ,ouden kenden tegen de overbevolking geen andere middelen dan uitzetting1 kinderdooding en wurging van de overtollige slaven4 ,in socitaire toestand1 zegt ,fourier1 werpt de natuur tegenover de excessieve vermeerdering van de bevolking1 vier werkzame dammen op4 #a;e4 ,de grootere kracht en de lichamelijke ontwikkeling der vrouwen2 #b;e4 de ruimere levenswijze2 #c;e4 de phanegoramische zeden en #d;e4 de gelijkmatige lichamelijke oefening van alle krachten4 ,wat de grootere lichamelijke ontwikkeling aangaat1 dat zien wij bij de vrouwen in onze steden2 op elke vier vrouwen die onvruchtbaar zijn1 komen drie robuste1 terwijl daarentegen de zwakkere vrouwen ook de vruchtbaarste zijn4 ,men zal zeggen1 dat de vrouwen ten platten meest robust en tch ook vruchtbaar zijn4 ,dit is juist1 zegt ,fourier1 maar een bewijs te meer1 dat alle vier middelen moeten worden gecombineerd en met elkander verknocht moeten worden gemaakt4 ,de vrouwen op het platte land zijn vruchtbaar1 omdat zij matig leven en een grove1 hoofdzakelijk vegetabiele voeding tot zich nemen4 ,de vrouwen uit de steden1 leven meest weelderiger en geraffineerder1 en daarvandaan hare grootere onvruchtbaarheid4 ,verbindt men nu in de harmonie1 de lichamelijke krachtsontwikkeling der vrouwen met luxueuser levenswijze en voeding1 dan zal men daardoor twee werkzame middelen1 die de vruchtbaarheid tegenwerken met elkander verbonden hebben4 ,in de harmonie zullen de menschen dan ook later als tegenwoordig hunne geslachtsrijpheid erlangen1 omdat de niet-onderbroken en steeds afwisselende lichamelijke oefeningen1 alle ledematen in werking doen komen en langeren tijd de levenskrachten opslurpen zullen4 ,zij zullen aldus het oogenblik verlengen1 waarop tengevolge van de ontbrekende absorptie het overschot der sappen1 onverwacht1 de puberteit vr het door de natuurgewilde tijdstip1 teweeg zo brengen4 ,evenzoo zullen de gelijkmatige gymnastische oefeningen bij de vrouwen1 de vruchtbaarheid tegengaan1 en wel in die mate1 dat eene vrouw1 welke zwangerschap wenschte1 zich omgekeerd1 door onthouding van lichamelijke oefeningen en grootere industrieele inspanning1 op dezen toestand zal moeten voorbereiden4 ,de l te groote lichamelijke rust van de tegenwoordige stedebewoonsters is het wel in hoofdzaak1 welke de geslachtsdrift en het zwanger worden doen stijgen4 ,een tegenwicht is er1 in den regel1 niet aanwezig4 ,fourier verklaart1 dat de tegenwoordige beschaving1 ongeschikt is om het bevolkingsvraagstuk op te lossen4 ,hij toont dat aan1 door op ,ierland te wijzen1 welks bevolking in dezelfde mate verarmt1 als het in aantal afneemt2 terwijl het aantal van de onder de ploeg genomen acres land en het hoofdcijfer van de veekudden1 steeds stijgen4 ,de roof aan grond en bodem begunstigt de kunstmatige ontwikkeling van de industrie en het verkeerswezen en zoo1 zegt ,fourier dan ook1 dat de beschaving de armoede uit overvloed voortbrengt en dat dit elk euvel1 elke ondeugd1 welke de periode van het barbarisme slechts op eenvoudige wijze gekend hebben1 tot een tweezijdige maakt4 ,zij gaat aan haar cercle vicieux1 aan hare inwendige tegenspraken ten gronde4 ,gelijk het menschelijk lichaam1 zoo bezitten de maatschappijen hunne vier1 door bepaalde karaktereigenschappen zich kenmerkende leeftijden1 welke elkander opvolgen4 ,men kan nch de opkomst1 nch de nedergang van eene samenleving bepalen1 zoolang men niet de zeer verschillende karaktereigenschappen weet aan te duiden1 welke eene bepaalde samenleving bezit4 ,onze natuurwetenschapsleeraren zijn1 wanneer er sprake is van de onderscheiding bij vrij nuttelooze planten1 zeer scrupuleus4 ,waarom1 vraagt ,fourier1 zijn onze politici en economisten niet ook zoo1 waar het samenlevingen te beoordeelen geldt8 ,waarom volgen zij hier niet de natuurwetenschappelijke methode1 bij het onderscheiden hunner kenmerkende eigenschappen8 ,volgens ,fourier1 zijn de vier phazen der civilisatie en elk harer kenmerkende eigenschappen1 de volgende3 ,,opstijgende ,,linie4 #a4 ,phaze3 ,kindschheid4 ,eenvoudige kiem ,monogamie4 ,samengestelde kiem ,patriarchale of adellijke feodaliteit4 ,steunpunt der periode ,burgerlijke rechten der vrouw4 ,tegenwicht ,federatie der groote vazallen4 ,toon of stemming ,ridderlijke illusies4 #b4 ,phaze3 ,jeugd4 ,eenvoudige kiem ,stedelijke privilegies4 ,samengestelde kiem ,zorg voor wetenschappen en kunsten4 ,steunpunt der periode ,bevrijding van den arbeid4 ,tegenwicht ,vertegenwoordigend stelsel4 ,toon of stemming ,illusies der vrijheid4 ,,middagsphaze4 ,kiem ,zeevaartkunst1 experimenteele chemie4 ,karaktereigenaardigheden ,ontgoochelingen1 ,staatsleeningen4 ,,nederdalende ,,linie4 #c4 ,phaze3 ,mannelijkheid4 ,eenvoudige kiem ,handelsgeest1 ,fiskalisme4 ,samengestelde kiem ,maatschappijen op aandelen4 ,steunpunt der periode ,monopolie en ,zeeheerschappij4 ,tegenwicht ,handelsanarchie4 ,toon of stemming ,economische illusies #d4 ,phaze3 ,ouderdomszwakte4 ,eenvoudige kiem ,banken van leening4 ,samengestelde kiem ,ondernemenden van een bepaald aantal4 ,steunpunt der periode ,industrieele feodaliteit4 ,tegenwicht ,heerschappij van monopolisten4 ,toon of stemming ,illusies over associatie4 ,fourier merkt bij dit tableau op1 dat hij die karaktereigenschappen1 welke aan alle vier phazen eigen zijn1 niet heeft op den voorgrond gesteld1 maar slechts die1 welke den eene of de andere phaze karakteriseeren en die1 welke met den eene of met de andere phaze vermengd zijn4 ,zoo is de tweede phaze1 waar in de ,atheners leefden1 eene onvolkomene1 eene bastaardachtige periode1 die nog merkteekenen van het barbarisme draagt en waaraan het steunpunt van de tweede phaze1 de bevrijding van den arbeid ontbrak4 ,in ,engeland en ,frankrijk1 bevindt de civilisatie zich in de nederdalende lijn van de derde phaze en neigt sterk naar de vierde1 welker beide kiemen zij reeds bezit4 ,deze toestand wordt door een zich sterk voelbaar makende stagnatie aangetoond2 het genie voelt zich vermoeid van zijne onvruchtbaarheid en als een gevangene1 het pijnigt zich tevergeefsch af1 om eene nieuwe gedachte voort te brengen4 ,de fiskalische geest aarzelt evenwel niet1 de middelen te ontdekken om de vierde phaze te organiseeren1 die wel-is-waar een vooruitgang1 maar geen vooruitgang ten goede is4 ,er moet een tusschen-phaze geschapen worden1 die de civilisatie1 in een garantietoestand overbrengen moet4 ,maatschappijen zoo goed als individuen gaan ten gronde1 zegt ,fourier1 wanneer zij zich aan den woekeraars overgeven en het is een feit van onze eeuw1 van leening naar leening te hollen4 ,fourier begeeft zich hiermede in een critiek der staatsleeningen4 ,opdat een ,staat door de geldmachten beheerscht1 economisch en finantieel kan worden uitgebuit en uitgeplunderd1 moet men hem tot het sluiten van leeningen verleiden4 ,maar met lke nieuwe leening wordt hem den strik vaster om den hals gedraaid1 evenals dit met den privaten persoon het geval is4 ,de staatsmacht1 zegt ,fourier1 wordt zoodoende ten slotte een werktuig in de handen der groote finantieele machten1 die mr dan de ministers den gang van zaken beheerschen en leiden2 wetten decreteeren1 oorlogen voeren of verhinderen1 al naar hun belang dat medebrengt4 ,en opdat de ,staatsmachine naar wensch ga1 de regeering ten allen tijde door de contrle hare afhankelijke positie bewust zij2 opdat verder de nodige bronnen van inkomsten in den vorm van belastingen van allerlei aard tot rente-betaling en schulddelging aanwezig zullen zijn1 heeft men het vertegenwoordigend stelsel noodig1 door middel waarvan de hooge persoonaadjes1 die de touwtjes der finantien in handen hebben1 den hun nog ontbrekenden invloed op de gansche wetgeving en het staatsbestuur erlangen1 en den ,staat tevens tot hunne melkkoe maken4 ,onder de permanente euvelen van zijnen tijd1 rekende ,fourier de heerschappij van de philosophen1 die niet willen dat het volk tot de erkenning zal komen van zijn oorspronkelijk recht en het recht zal eischen1 dat het bezit op een bestaansminimum1 wat het alleen maar gegarandeerd kan worden1 onder het stelsel van de industrieele aantrekking4 ,de maatschappij is overvuld van armen1 hare gebreken laten zich samenvatten in #ab hoofdpunten3 #a;e ,eene minderheid1 de heerschende1 bewapent slaven1 die eene meerderheid1 ongewapende slaven1 in toom hoopt4 #b;e ,gebrek aan solidariteit der menigte en daardoor een ongedwongen egosme4 #c;e ,dubbelzinnigheid aller handelingen in de samenleving en hare sociale elementen4 #d;e ,inwendige strijd van de menschen onderling4 #e;e ,het onverstand tot principe verheven4 #f;e ,in de politiek wordt de uitzondering als grondslag van den regel4 #g;e ,het hardnekkigste en taaiste genie wordt kleinmoedig gemaakt4 #h;e ,ongedwongen begeestering voor het slechte4 #i;e voortdurende verergering1 terwijl men gelooft verbetering aan te brengen4 #aj;e ,alzijdig ongeluk voor de groote massa4 #aa;e ,het ontbreken van een wetenschappelijke oppositie tegen de heerschende theorie4 #ab;e ,verslechtering der klimaten4 ,het laatste door de verminking van de wouden en de daaruit voortkomende uitdroging van de bronnen1 hetgeen volgens ,fourier1 noodzakelijk tegen het einde der eeuw1 tot excessen van het klimaat zal moeten leiden4 ,de handel1 zegt ,fourier verder1 is het zwakke punt der civilisatie1 het punt waarbij men haar moet aantasten4 ,in het geheim wordt de handel1 zoowel door de regeeringen1 als door de volkeren gehaat4 ,de rechtschapen bezitter begrijpt niet eens de middelen1 waardoor deze agioteuren zich weten te verrijken4 ,de economisten evenwel1 slingeren hunne anathema's naar de hoofden van allen1 die deze grootaardigheid van den handel verdacht willen maken4 ,welke schoone phrazes zijn er niet tot mode geworden1 ter hrer verheerlijking8 ,fourier1 die er van hield alles te ordenen en te klassificeeren1 doet zulks ook ten opzichte van het bankroet4 ,de ware aard van het bankroet te leeren kennen1 hiertoe deden de philosophen1 volgens hem1 al even weinig moeite1 als zij dit deden1 tot het leeren kennen van de waren aard van den handel en van den woeker4 ,napoleon ,i had gelijk1 toen hij zeide1 dat men het eigenlijke wezen van den handel niet kent4 ,napoleon was bang geworden1 door de ervaring die hij opgedaan had1 dat elke schade die men den handel toebracht1 door deze weder afgewenteld werd op de lagere en arbeidende klassen4 ,zoodra de handel bedreigd wordt1 trekt hij de kapitalen terug1 zaait hij wantrouwen1 belemmert hij de circulatie4 ,de handel is als den egel1 die men nergens aanvatten kan1 zonder dat men zich zelf steekt4 ,fourier meende dat er een overgangsstand moet worden geschapen1 die de civilisatie in den kortst mogelijken tijd kon leiden naar een hoogere ontwikkelings-phaze en die hij overal1 naar wij zagen die der harmonie noemt4 ,een stelsel dat in de eerste plaats den handel van zijnen troon moet stooten4 ,hij stelt voor1 dat de regeering zich van de banken1 zoowel als van den handel meester maakt4 ,dit kan geschieden langs tweerlei wegen4 ,een bruske en een zacht dwingende2 een concurreerende en een ondergravende4 ,ook zijn beide methoden te vereenigen4 ,hij veronderstelt dat er een koning bestond van het vaste en niets ontziende karakter van een ,mahmud ,,ii 7,sultan van #ahjh tot #ahci71 die aan dwangmaatregelen in dezen de voorkeur geeft4 ,deze zal de geheele arme klasse1 welke niets bezit1 vereenigen en staatshoeven organiseeren4 ,men kan rekenen1 dat het aantal van hen die geheel zonder middelen zijn1 ongeveer een tiende van de bevolking bedraagt en op elke vierhonderd familin veertig arme familien wonen4 ,elke #bjj personen vormen dan een staatshoeve1 die hare noodzakelijke gebouwen1 stallen1 vee1 grond1 werktuigen enz4 bevat4 ,dit aantal is groot genoeg1 om een doelmatig en niet kostbaar bestuur1 afwisselenden arbeid en een lucratieve opbrengst te verzekeren4 ,deze staatshoeven moeten zich dan aansluiten bij de industrie1 het instituut van het gefixeerde ondernemerschap van private personen1 die van jaar tot jaar toegelaten zullen worden1 onder voorwaarde1 dat zij van jaar tot jaar progressief stijgende retributien aan den ,staat hebben te betalen4 ,een maatregel1 zegt ,fourier1 die twee werkingen hebben zal4 ,ten eerste3 den ,staat hooge inkomsten te bezorgen1 ten tweede3 den onbemiddelden het ondernemerschap onmogelijk te maken of hen zal dwingen1 het op te geven4 ,de aldus vrijkomende bevolking wordt daardoor naar de staatshoeven gedrongen2 de inkomende belastingen moeten evenwel1 nevens tot de dekking der staatsuitgaven1 aangewend worden tot delging der staatsschulden4 ,fourier stelt voorop1 dat deze inkomsten ten slotte zeer hoog zullen worden en een belangrijk deel van de ondernemerswinst absorbeeren zullen1 zoodat het private-ondernemerschap alsdan onmogelijk zal worden en er een toestand zal worden geschapen gelijk die noodig is1 om tot de phaze van de harmonie te komen1 welk ,fourier beschouwt de hoogste vervolkomening en de vervolmaking van het menschelijke leven op aarde te zijn4 ,fourier stierf te ,parijs den #aj;en ,oktober #ahcg4 ,op zijn grafsteen staat gebeiteld3 ,hier liggen de overblijfselen van ,charles ,fourier4 ,de serie verdeelt de harmonien4 ,de attracties staan in verhouding tot de bepalingen4 ,tot ,fourier's meest bekende en meest ijverige scholieren behoorden3 ,victor ,considrant1 een voormalig genie-officier1 die het hoofdwerk der ,fouriersche school3 ,destine sociale1 exposition lmentaire complte de la theorie socitaire vervaardigde4 ,hij vestigde na veel moeite een phalanstre te ,texas ,la ,reunion genaamd1 die echter in #ahfi te niet ging4 ,ook andere pogingen tot het oprichten van dergelijke phalanstres1 n4 l4 in #ahcb1 nog tijdens ,fourier's leven1 door ,baudet-,dulary in het leven geroepen en een in ,citeaux bij ,dijon1 met de finantieele hulp van den engelschman ,arthur ,young2 ook een in ,algerije1 allen mislukten eveneens na korter of langer tijd4 ,tegelijkertijd met de ,saint-,simon en ook met ,fourier1 werkte en streed er in ,engeland een man1 die minder dan de twee eersten1 in geschriften zijn denkbeelden had uiteengezet1 maar meer een man was van de daad4 ,die man was ,robert ,owen4 ,,robert ,,owen werd den #ad;de ,mei #agga te ,newtown1 een landstadje in ,montgomeryshire 7,wales7 in ,engeland1 geboren1 waar zijn vader winkelier en posthuishouder was4 ,zijn moeder stamde uit een geachte pachtersfamilie4 ,robert was de jongste van zeven kinderen4 ,na in het stadje zijner inwoning de school te hebben doorloopen1 kwam hij bij een koopman in ,stanford in de leer1 een zekere ,mac ,guffog1 die zich-zelf in zaken er bovenp had gewerkt4 ,de jonge ,owen bleef hier vier jaren en benuttigde zijnen vrijen tijd met lezen en studeeren4 ,elke minuut die hij van de zaken af kon nemen1 wijdde hij aan de studie der mathematiek1 de natuurwetenschappen en der geschiedenis4 ,ook hield hij zich met godsdienstige studin niet onledig en werd hij al spoedig een twijfelaar in theologische aangelegenheden4 ,in 't jaar #agie ging ,robert ,owen naar ,londen met aanbevelingen van zijn patroon1 die hem ongaarne van zich vertrekken zag4 ,hij vond hier een betrekking voor #be ,l4 ,s4 7#cjj gulden7 jaarlijksch1 voor een knaap van #ad jaar1 eene gunstige positie in die dagen4 ,vandaar ging hij in betrekking in ,manchester1 eene positie die hem #ae ,l4 ,st4 per jaar mr opleverde4 ,minder noch om het salaris1 dan wel om eene andere reden1 nam hij de hem aangeboden nieuwe positie aan4 ,de katoenindustrie had in die dagen reuzenschreden gemaakt en hare hoofdzetel was ,manchester4 ,het was overigens een geweldigen tijd4 ,eene machtige sociale revolutie voltrok zich in ,engeland4 ,terwijl in ,frankrijk de politieke revoluties als het ware over elkander vielen1 vond er in het geheim1 zonder dat het iemand zag of kon zien1 een revolutie in de maatschappelijke verhoudingen in ,engeland plaats1 die bewerkstelligd werd door den stoom en de stoommachine4 ,watt had de stoommachine1 ,arkwright had de spinmachine en ,cartwright had de stoomweefstoel uitgevonden4 ,de kleinproductie ging haren ondergang tegemoet en de handspinmachine en de handweefstoel1 zij moesten het afleggen tegen den met stoom gedreven industrie van de groote fabrieken4 ,de in 't raam van de kleinproductie passende verhoudingen1 deugden niet meer4 ,een zee van ontketende vrije concurrentie--het hoofdleerstuk der staathuishoudkunde van den econoom ,adam ,smith--was nu de industrieele maatschappij geworden4 ,de golven sloegen al hooger en hooger1 en wie niet met goed uitgeruste schepen kwam1 ging onder4 ,de machinekrachten ontketenden den strijd van allen tegen allen1 een eeuw vroeger door den philosoof en staatsrechtsleeraar ,thomas ,hobbes zoozeer voorzien4 ,niet alleen mannen1 ook vrouwen en kinderen togen bij massa's naar die groote fabrieken met hunne rookende schoorsteenen1 hunne stampende en ratelende machines4 ,de groot-industrie begon haar hoogtijd te vieren in ,engeland1 het eerste land dat daarvoor rijp was4 ,robert ,owen zag dat alles1 maar hij zag ook tegelijkertijd1 dat de groot-industrie de produktie op geweldige manier deed toenemen4 ,hij zag zoowel voor- als nadeelen van het nieuwe stelsel4 ,en meer dan iemand van zijnen tijd1 heeft hij het ook begrepen4 ,de jonge man peinsde op middelen1 zon op een stelsel om de voordeelen te behouden1 maar de nadeelen zooveel mogelijk te neutraliseeren4 ,hij wilde aanstonds katoenfabrikant worden1 want hij was inmiddels in bijna alle geheimenissen van dat vak doorgedrongen4 ,maar toen hem intusschen in #aghi een mechanikus met name ,jones1 dien hij had leeren kennen1 den voorslag deed1 om met hem gezamenlijk een fabriek op te richten1 tot vervaardiging van nieuwe machines voor katoenfabrikatie1 greep hij dit denkbeeld aan en zeide zijne betrekking op4 ,hij werd machinefabrikant met een kapitaal van #bjj pd4 sterling1 dat hij van zijn broeder in ,londen had geleend4 ,jones evenwel betoonde zich ongeschikt1 en hij wilde ook geenerlei raad aannemen en in dat geval hield ,owen het voor geraden zijn deelhebberschap aan een kapitalist te verkoopen en uit de zaak te treden1 om tot zijn oorspronkelijk beroep terug te keeren4 ,voor het ontvangen geld1 richtte hij een gehuurd fabrieksgebouw in1 dat hij voor het grootste gedeelte aan anderen onderverhuurde en stelde1 in de hem overblijvende ruimte een paar spinmachines op4 ,de ervaringen die hij in zijn korten loopbaan als machinefabrikant had opgedaan1 kwamen hem nu voortreffelijk te stade en in korten tijd had hij zich een goede clintle verschaft4 ,alleen het gebrek aan kapitaal1 hinderde hem bij elken stap1 dien hij wilde doen4 ,tot dat men hem op zekeren dag mededeelde1 dat een zekere heer ,drinkinwater1 een rijke katoenfabrikant1 wiens ouden chef hem plotseling had verlaten1 een nieuwen chef zocht4 ,owen nam een snel besluit en bood zich aan4 ,de heer ,drinkinwater nam aanvankelijk den nog geen twintigjarigen jongeling1 die zich vermat aan het hoofd te willen komen van eene der grootste katoenfabrieken van toenmaals in ,engeland1 eens op4 ,en met een blik waarin verbazing1 zoowel als geringschatting lag1 zeide hij tot ,owen3 ,u is mij te jong6--,voor vier of vijf jaren was ik het wel1 antwoordde de jonge ,robert4--,nog grooter verbazing bij den heer ,drinkinwater2 hij dacht voor het lapje te worden gehouden4 ,hoeveel malen per week bedrinkt u je wel8 vroeg hij4--,ik was nog nooit in mijn leven beschonken1 antwoordde ,owen heel droog4--,hoeveel salaris vraagt ge8 begon na een korte pauze den fabrikant4 ,driehonderd pond sterling6 was wederom het korte antwoord van ,owen4 ,het bleek dat zijn manier van antwoorden1 den grooten fabrikant zoozeer imponeerde1 dat hij informaties inwon1 en het resultaat was dat ,owen de betrekking kreeg4 ,dit was in 't jaar #agia1 toen de fransche ,revolutie op haar hoogste punt was gekomen4 ,de jonge ,owen had voor politieke kwesties een niet zeer levendige belangstelling4 ,of de gebeurtenissen in ,frankrijk een grooten indruk op hem gemaakt hebben1 is niet gebleken4 ,praktische vragen1 vraagstukken die in onmiddellijk verband stonden met het leven1 hadden evenwel zoo veel te meer steeds zijne groote belangstelling bezig gehouden4 ,de heer ,drinkinwater had geen reden om zijn besluit te betreuren4 ,de jonge ,owen bracht weldra orde in het bedrijf en vervolkomende de machinerie dermate1 dat de fabriek binnen korten tijd1 gelijk erkend werd1 het beste en fijnste spinwerk van ,engeland leverde4 ,daarbij kwam1 dat de arbeiders goed werden betaald en humaan werden behandeld4 ,nadat een jaar verstreken was1 wilde de heer ,drinkinwater dan ook van geen veranderen meer weten2 hij verhoogde ten dien einde dadelijk ,owen's salaris tot op #djj pd4 st4 en verplichtte zich1 om1 na het derde jaar dat ,owen in zijn dienst zou blijven op een salaris van #ejj pd4 st41 hij hem als deelgenoot in de zaak zou opnemen4 ,voor dat het contrakt tot stand kwam1 verliet ,owen de zaak1 om eene1 naar hij later zelf toegaf1 door hem verkeerd opgevatte handelwijze des heeren ,drinkinwater en richtte in ,manchester eene eigene spinnerij op1 echter een voor zulk soort garens1 die niet in de fabriek des heeren ,drinkinwater vervaardigd werden1 ten einde dezen geen schade te doen4 ,de onderneming gelukte en ,robert ,owen werd wat men noemt een gemaakt man1 door andere fabrikanten met jaloerschheid aangezien2 bewonderd als man van zaken en uitgekreten als een zonderling1 omdat hij absoluut geen vermaak vond in de gezellige omgang dier heeren1 die hun geld en hunnen tijd doodsloegen1 terwijl hij zijnen vrijen tijd doorbracht in litterarisch en philosophisch gezelschap2 slechts met menschen willende verkeeren1 waarvan hij meende iets te kunnen leeren4 ,hij stelde er meer een eer in1 om te gaan met mannen als3 ,coleridge1 de dichter1 ,dalton1 de scheikundige en ,fulton1 de uitvinder van het eerste stoomschip1 welke laatste hij vooral met beduidende geldsommen steunde4 ,en als ,owen wel eens in het gezelschap was van zijne collega's de fabrikanten1 dan had hij zulke verschrikkelijke plannen op te stellen en iden te verkondigen1 dat het er den anderen koud van werd4 ,deze denkbeelden echter liet daarom ,owen niet varen1 in tegendeel1 zij trokken hem juist aan4 ,wij zijn hier aangeland bij het keerpunt in ,robert ,owen's leven1 daar waar hij van een privaat-ondernemer1 een historische beteekenis krijgt als sociaal hervormer4 ,tegen het einde der #ah;e eeuw kwam ,owen1 op een handelsreis zijnde1 te ,new-,lanark in ,schotland aan4 ,daar leerde hij een zekere heer ,dale kennen1 den eigenaar van een aantal fabrieksinrichtingen aldaar4 ,de kennis met den vader1 leidde tot kennismaking met de dochter2 de kennismaking leidde tot liefde en ,owen werd met den vriend1 ook den schoonzoon van den heer ,dale en alras den medeeigenaar van de fabrieken te ,new-,lanark4 ,in #ahjj nam hij de leiding van de gezamenlijke fabrieken aldaar1 bekend onder den naam van ,new-,lanark ,mills over1 met inbegrip van alle daarbij behoorende tablisementen4 ,de fabriek van den heer ,dale was door hem en ,richard ,arkwright1 de beroemde uitvinder van de spinmachine1 in #aghd opgericht geworden1 toen de katoenspinnerij in ,schotland het eerst werd ingevoerd4 ,de voordeelen1 die de waterkracht van de ,clyde aanboden1 had de keuze bepaald van deze plaats1 die overigens niets aantrekkelijks had4 ,het land rond er om heen was onbebouwd2 de inwoners dun gezaaid en zeer ruw1 bijna wild2 de wegen zoo slecht dat zelfs de hartstochtelijkste liefhebbers van natuurschoon het niet licht wagen dorsten tot deze oorden aan de ,clyde-watervallen1 al te diep door te dringen4 ,men moest handen hebben voor de fabriek1 geen gemakkelijk iets1 daar de bevolking van de plaats geen bijzondere trek had in het werken in gesloten ruimten4 ,kinderen voor den fabrieksarbeid waren er in 't geheel niet te krijgen4 ,men moest zich dus wenden tot de werkhuizen in het ,engeland van die dagen1 niet ten onrechte de ,bastilles van den armen genoemd1 ten einde kinderkrachten te bekomen4 ,en had zoodoende #ejj kinderen bij elkander gekregen1 meest uit ,edinburgh1 die in een daarvoor gebouwd groot huis tezamen werden gebracht1 om gekleed1 gevoed en opgevoed te worden4 ,ter aanlokking van arbeiders uit andere oorden1 bouwde men een dorp om de fabriek en verhuurde de huizen tegen een lagen prijs4 ,maar de arbeid was er z impopulair1 dat men bijna geen arbeiders kon krijgen1 anders dan verworden menschen en werkeloozen2 van alle middelen ontbloote individuen2 menschen die over het algemeen1 zedelijk zeer laag en voor den arbeid bijna onbruikbaar waren1 kortom het uitschot van de armen4 ,en niet zoodra hadden dezen door eenigen tijd te arbeiden er geheel den slag van gekregen of zij werden weerspannig en onhandelbaar4 ,voor de kinderen was naar de toenmaals heerschende begrippen1 vrij goed gezorgd4 ,de lokaliteit waar zij gehuisvest waren1 was ruim1 de kamers vrij goed1 de kost en de kleeding voldoende4 ,ook was er voor voldoende geneeskundige hulp en verzorging1 goed onderwijs en behoorlijk toezicht zorg gedragen4 ,de armenvoogden echter1 verlangden dat de kinderen reeds op #f-;jarigen leeftijd zouden opgenomen worden4 ,de kinderen moesten dus van des morgens #f tot des avonds #g uur werken met de grooten tezamen en daarna eerst1 konde men hen onderwijs geven4 ,de gevolgen daarvan bleven niet uit2 de kinderen liepen weg als zij eenigszins daartoe in staat waren1 om naar ,glasgow en ,edinburgh te gaan en daar dan dikwijls hunnen ondergang te vinden4 ,maar alles was hen liever dan #ac uren per dag te werken onder menschen1 zooals het arbeidspersoneel van den heer ,dale was4 ,owen spreekt den heer ,dale vrij van schuld2 niet zijn wil was het1 dat de kinderen reeds met hun zesde jaar aan de spinmachine moesten staan1 zegt hij1 maar die van het ,armentoezicht1 dat tot elken prijs natuurlijk1 van de arme1 verlaten1 ongelukkige kinderen af wilde zijn4 ,en wat de toestanden aangaat1 zegt hij3 als deze nu zoo waren bij goede werkgevers als den heer ,dale1 kan men nagaan hoe het er moet hebben uitgezien bij de slechten4 ,de toestand van de dorpelingen van ,new-,lanark was dan ook eene hoogst ongunstige4 ,drankzucht1 luiheid en armoede waren er heer en meester4 ,stelen was er aan de orde van den dag en in 't bijzonder scheen het een formeel recht te zijn1 zich aan den eigendom van den heer ,dale te mogen vergrijpen4 ,ook heerschte er een godsdienstig sekte-fanatisme van de allerergste soort4 ,de eene groep van een zeker soort geloovigen verketterde den andere1 en dit werd er niet beter op1 doordien den heer ,dale zelve partij koos voor eene der vele secte-gelooven4 ,nog een groot euvel was er1 doordien de menschen van ,new-,lanark1 tengevolge van den grooten afstand van de marktplaatsen veel te dure prijzen moesten betalen voor hunne levensmiddelen1 hetgeen1 naar te begrijpen was onder hen een even groote bron van ontevredenheid1 als het voor den diefstal van andermans eigendom1 een groote prikkel was4 ,het geheel evenwel scheen1 met al zijn euvelen en al zijn ellende een terrein te zijn1 alwaar iemand als ,robert ,owen zich op tehuis gevoelen kon4 ,dadelijk overzag hij het geheel en besloot hij onmiddellijk de zaak radikaal aan te pakken4 ,hij ondernam een grondige hervorming4 ,de enorme moeielijkheden die hij hierbij ondervond verhoogden zijnen ijver slechts4 ,hij deed als een wetenschappelijk ontdekker1 die hoe moeielijker de taak1 dien hij zich gekozen had werd1 met te meer lust aan de nieuwe studie ging1 wetende zijn doel toch te zullen bereiken4 ,hij verklaarde zijnen vrienden1 dat hij zou inwijden een geheel nieuw systeem1 dat geheel gebaseerd zal zijn op gerechtigheid en goedheid1 dat hij zijn hoofdoogmerk zo wijden aan de opvoeding van de kinderen1 en alle straffen zo afschaffen en zou weten te vervangen door moreele middelen4 ,men lachte hem uit2 maar de lachers werden hier wel zeer beschaamd gemaakt4 ,owen toog aan den arbeid4 ,onwetendheid1 schrijft ,owen's biograaf ,sargent1 immoraliteit1 godsdienstige huichelarij1 overmatige arbeidstijd1 verduurdering van levensmiddelen1 en om op dit alles den kroon te zetten1 een hardnekkig vooroordeel dat men het tegen ,owen den ,engelschman1 wiens spraak den schotschen hoog- en laaglanders bijna niet verstonden1 dat alles stond hem in den weg4 ,hierbij kwam nog1 dat de andere deelnemers hoofdzakelijk het oog hadden gevestigd op de winsten1 die er te maken vielen en alles van een zakenstandpunt bekeken4 ,de arbeiders wantrouwden de geheele zaak eveneens4 ,zij immers waren zoozeer gewend te worden gexploiteerd1 dat zij onmiddellijk achter elke vernieuwing van de dingen1 eene poging zagen1 om meer uit hunne arbeidskracht te halen4 ,geen wonder dus1 dat er in de eerste twee jaren slechts weinig was volbracht4 ,er was geen middel1 schrijft ,owen zelf1 dat er niet tegen mij werd gebruikt2 en de vesting van vooroordeelen en misbruiken die te veroveren was1 en wier verovering ik mij vast voorgenomen had1 werd dan ook systematisch en op hardnekkige wijze tegen mij verdedigd4 ,owen was echter te verstandig om met geweld te werk te gaan4 ,hij zag in1 dat de noodzakelijkste veranderingen zeer talrijk waren en niet in n handomdraaien gedaan waren te krijgen1 temeer1 daar hij van geen enkele zijde op medewerking te rekenen had4 ,de beambten der fabriek zagen in hun patroon een phantast1 die de zaak te gronde zou richten met zijne plannen en zij verklaarden liever hunne plaatsen aan de fabriek te zullen verlaten1 dan zich te zullen leenen tot zulke belachelijke dingen1 als ,owen die met de fabriek voorhad4 ,hij moest zich dus voor alles een vasten bodem onder de voeten scheppen1 waarop hij het gebouw zijner wenschen moest vestigen4 ,maar dit niet alleen1 hij moest zich ook het noodige bouwmateriaal zelf verschaffen4 ,het voornaamste was in dat opzicht1 mannen te krijgen1 die hem bij zijnen arbeid ondersteunen konden en genoeg vertrouwen in zijn zaak hadden4 ,dat was niet gemakkelijk1 maar gegeven de uitmuntende takt die ,owen bezat om met menschen om te gaan1 om uit ieder te halen wat erin zat1 was deze moeielijkheid geene onoverkomelijke4 ,hij vond dan ook wel de noodige krachten4 ,en nu ging hij met onvermoeiden ijver aan den gang tot het volbrengen van zijne tweeledige taak3 verbetering van het lot der volwassenen en de opvoeding der kinderen4 ,het was vr alles noodig1 in de fabriek-zelf eene zekere orde te herstellen1 omdat het gebrek aan systeem en de wanorde die er heerschten1 werkelijk de fabriek met een bankroet bedreigden1 zelfs onder het oude regime4 ,repressie-maatregelen1 daaraan dacht ,owen niet4 ,wat zou het hem baten1 een paar dozijn handen in het tuchthuis en enkelen aan den galg te brengen8 ,daarmede waren noch de fabriek1 noch de menschen zelf gebaat1 noch hadden ,owen's plannen1 die hij met de menschen voor had1 daarbij maar eenigszins een voordeel gehad4 ,owen geloofde niet aan wat men den persoonlijken schuld noemde1 daarvoor had hij een te diep inzicht in de omstandigheden1 waaronder die menschen van ,new-,lanark leefden en wat dezen van hen hadden gemaakt4 ,owen zag dus van elk soort van bestraffing af4 ,hij zocht het mistrouwen der werklieden op verstandsgronden te overwinnen1 door beleering hen de dingen te verklaren en door hen louter en steeds op hun belang te wijzen1 dat hen gebood eerlijk en arbeidzaam te zijn4 ,ten einde de dieverijen op de fabriek tegen te gaan1 trof hij zeer vernuftige maatregelen1 welke de ontdekking van de misdrijven zeer verlichten en1 als 't ware1 het politietoezicht in de handen der arbeiders zelven legde4 ,het was ,owen's doel geenszins een modelfabriek te stichten1 hem was de sociale zijde van de hervormingen veel meer aangelegen1 dan aan de mercantiele zijde van het vraagstuk4 ,maar het ging bij hem hierom1 een modelsamenleving op kleine schaal in te richten4 ,de fabriek was ,owen slechts middel tot dat doel4 ,door haar zocht hij zijn hervormingsplannen te verwezenlijken1 die met de vooruitgang in de praktijk van den dag1 telkens grootere afmetingen begonnen aan te nemen4 ,de inrichtingen van ,new-,lanark waren ,owen's proefstation voor sociale hervormingen4 ,door deze maatschappij-in-het-klein wilde hij der maatschappij in het groot1 een bewijs leveren van de juistheid en de uitvoerbaarheid van zijne sociale hervormingsplannen4 ,door deze wilde hij beproeven1 praktisch de argumenten te werleggen van hen1 die zijn plannen misschien in theorie prachtig1 maar in de praktijk voor onuitvoerbaar verklaarden4 ,het duurde niet lang of te ,new-,lanark was er zveel verbeterd1 dat de spotters en de lachers1 althans niet meer zoo luide lachten en de twijfelaars tot nadenken gestemd werden4 ,het stelen hield op1 zonder dat er n arbeider gerechtelijk vervolgd was geworden4 ,en het optreden en de manier-van-doen van de arbeiders1 niet alleen binnen1 maar ook buiten de fabriek1 was geheel anders geworden4 ,dronkenschap werd steeds minder en dat1 zonder dat men de drankwinkels in het dorp had doen sluiten1 wat men ,owen aangeraden had4 ,owen was persoonlijk geen vijand zoozeer van het alkoholgebruik als zoodanig1 maar beschouwde het drinken en wel1 het zich bedrinken1 in verband met de maatschappelijke omstandigheden der arbeiders4 ,hij vroeg zich af1 hoe het kwam1 dat de menschen zulk een misbruik maakten van den alkohol en kreeg allereerst de overtuiging1 dat dit voortsproot uit gebrek aan phijsiek voedsel1 dat den menschen dwong1 kunstmatige prikkels tot zich te nemen4 ,ten tweede ontbrak het den menschen aan een goed en behoorlijk tehuis1 aan een behoorlijk en gezellig familieleven1 waardoor zij zich in de kroeg meer thuis gevoelden1 dan in hunne eigene woning4 ,ten derde kwam het1 omdat de menschen geestelijk op een te laag standpunt stonden en verwaarloosd waren4 ,de meesten van zijn fabriekarbeiders konden niet eens lezen6 ,het was dus geen wonder1 dat zij geen denkbeeld hadden van hooger levensgenot en van geestelijk leven1 eene der beproefdste middelen1 om de menschen uit de kroeg te houden4 ,owen ging planmatig te werk4 ,hij onderdrukte het ,trucksysteem1 hetwelk1 zooals overal in ,groot-,brittanje1 ook in ,new-,lanark in zwang was1 en de arbeiders waren aldus niet meer gedwongen hunne levensmiddelen te koopen waar die duurder en slechter waren1 dan overal elders4 ,in plaats daarvan stichtte ,owen eene coperatie1 de eerste die bestaan heeft en zeker niet de minst slechte4 ,hij kocht waren van de allereerste kwaliteit in het groot en deed ze aan de arbeiders die ze koopen wilden--gedwongen was men niet--tegen den kostenden prijs van de hand4 ,alleen de kosten van beheer werden hen in rekening gebracht4 ,het gevolg was1 dat weldra alle arbeiders deelnamen en dat de bevolking van ,new-,lanark binnen vrij korten tijd1 tot de bestgevoede en de bestgekleede van ,engelands arbeidersbevolking behoorde4 ,voor de ongehuwden werd een kost- of eethuis opgericht1 eveneens op coperatieven grondslag1 waarin voor hunne voeding en hunne kleeding den meesten zorg werd gedragen4 ,owen liet vervolgens de slechte woningen afbreken en liet er ,cottages bouwen van zijne eigene vinding en naar zijne eigene aanwijzingen1 met ruime lustige woon- en slaapkamers1 een praktische keuken erbij en tevens een stukje tuingrond eraan verbonden1 om groenten1 ooft en bloemen te kweeken4 ,voor de kinderen werden bovendien speelplaatsen opgericht4 ,de nieuwe woningen1 met de daarbij behoorende tuintjes werden voor een lagen prijs verhuurd1 zoodat niet meer dan de rente van het kapitaal in rekening gebracht werd1 die opgebracht moest worden4 ,niet lang daarna verlieten alle arbeiders hunne ellendige krotten1 om de woningen van de fabriek binnen te trekken4 ,een moeielijker werk leverde de geestelijke verheffing van de arbeiders op4 ,hier moest tegelijkertijd1 van twee kanten uit worden begonnen4 ,met bloote opvoeding van de kinderen was men alleen niet klaar1 ook de reeds opgegroeide generatie mocht niet onverzorgd gelaten worden4 ,voor de jeugd was een groote school opgericht die binnen korten tijd1 onder de persoonlijke leiding van ,owen1 tot een modelschool werd4 ,geschikte leeraren en leeraressen werden gevormd en aan de school verbonden2 het slaan was streng verboden4 ,de kinderen werden er onderwezen in lezen en schrijven1 in mathematiek1 in geschiedenis1 geographie en meer praktische vakken4 ,voor volwassenen werden aparte onderwijsklassen opgericht1 leeszalen en een bibliotheek gesticht en in weerwil dat voor de deelname aan alle deze dingen geen dwang was ingevoerd1 was de deelname weldra zoo algemeen1 dat na eenigen tijd ,new-,lanark1 behalve den grijsaards geen inwoner meer had1 die niet ter dege kon lezen en schrijven4 ,het intellektueele peil der bevolking rees dan ook zeer schielijk en kwam zeker boven het doorsnepeil van de fabrieksplaatsen1 in het ,engeland dier dagen te staan4 ,in de fabriek werd de behandeling eveneens op veel humaner en praktischer manier ingericht1 dan dit voorheen het geval was4 ,straffen waren principieel verboden4 ,goede loonen werden betaald en ,owen wist de menschen het snel duidelijk te maken dat1 hoe beter zij arbeidden1 des te meer dan hunne loonen zouden stijgen1 en dat dan ook zooveel te meer zoude gezorgd kunnen worden1 voor hunne moreele en materieele verheffing4 ,hij maakte er voor de menschen geen geheim uit1 dat ook dan de eigenaren van de fabriek daar beter bij zouden varen4 ,maar door te wijzen op hetgeen hij had gedaan1 en op hetgeen hij voornemens was daarenboven te doen1 kon hij met een goed geweten verklaren1 dat voor hem de fabriek geen doel1 maar een middel was1 om tot de oplossing te komen van het problema1 de arbeid die tot dusver voor den arbeiders een vloek geweest1 voor hen in een zegen te doen veranderen4 ,en de eenige dwang1 welke hij uitgeoefend had1 was eene moreele1 n4l41 de dwang van de publieke opinie4 ,ten einde1 om zoo te zeggen1 een soort gerecht onder de arbeiders1 uit de arbeiders zelven te verkrijgen1 voerde ,owen den ,silent ,monitor 7stille vermaner7 in4 ,hij liet voor elken arbeider vier borden maken1 van verschillende kleur3 een wit1 een blauw1 een geel en een zwart4 ,de eerste was goed1 de tweede tamelijk goed1 de derde middelmatig en de laatste onvoldoende4 ,al naar het werk van de week uitviel1 liet ,owen een der vier borden naast den arbeider neerhangen1 op den ,maandag waarop het werk aanving1 zoodat dan elkeen kon oordeelen over eens anders arbeid en gedrag4 ,deze borden hadden bovendien nog dit voor1 dat de arbeiders die hunnen plicht niet gedaan hadden1 geen standjes kregen1 maar zelven zien konden hoe men over hun werk dacht4 ,owen controleerde zelf deze borden steeds en zorgde voor de meest stipte gerechtigheid bij hunne verdeeling4 ,owen ging misschien hier wat schoolmeesterachtig te werk1 maar het was hem liever aldus te handelen1 dan eene heerschappij van de fabrieksopzichters langer te handhaven4 ,hij wilde den arbeiders dan ook niet anders opvoeden dan met moreele middelen1 als een werkelijk pedagoog4 ,in ,new-,lanark1 werd door ,owen in 't jaar #ahji de eerste kleine-kinderenbewaarplaats en kleine-kinderenschool opgericht die er tot dusver bestond1 en alle scholen van dit soort waren geschoeid op de leest van ,robert ,owen's eerste stichting van dien aard4 ,in een rede door ,owen in #ahab te ,glasgow gehouden1 ter eere van zijnen vriend ,lancaster1 den beroemden schoolhervormer1 zijn zijne grondstellingen over opvoeding neergelegd4 ,hij zeide daarin3 ,wat is de oorzaak van de lichamelijke en geestelijke verschillen1 welke wij in 't algemeen onder de menschen waarnemen8 ,zijn zij ons aangeboren1 of ontstaan zij uit den bodem1 waarop wij ter wereld komen8 ,noch het een1 noch het ander4 ,deze verschillen zijn eenig en alleen3 werkingen van verschillende omstandigheden en van de opvoeding4 ,de mensch wordt een ruwe en een gruwzame wilde1 een kannibaal--of een beschaafd en een goedaardig wezen1 al naar mate van de omstandigheden1 waarin hij van zijne geboorte af is gekomen4 ,hieruit volgt dus1 dat het cardinale punt voor ons is1 te overwegen of wij deze omstandigheden benvloeden1 of wij ze beheerschen kunnen2 en als dit zoo is1 in welke mate wij dit kunnen doen4 ,stellen wij het geval eens1 ten einde eene proef te nemen brachten wij bijv4 een aantal pasgeboren kinderen uit ons geboorteland naar ver-afgelegen landen1 leverden ze daar aan de inboorlingen over en lieten ze daar achter4 ,zouden wij n oogenblik hebben te twijfelen aan het resultaat8 ,neen6 ,de kinderen zouden gezamenlijk1 zonder uitzondering1 gelijk worden aan elke gewone inboorling en van die in karakter niet verschillen4 ,en zouden op gelijke manier1 een zeker aantal van jongegeboren kinderen tusschen het gezelschap der vrienden 7genootschap van kwakers7 eenerzijds en tusschen het verwaarloosde gedeelte van de ,londensche bevolking welke ,st4 ,giles bewoont anderzijds uitgeruild worden1 dan zouden de kinderen van de eersten1 opgroeien en gelijk worden aan die van de laatsten2 vrbestemd voor elk misdrijf1 waarentegen de kinderen der laatsten tot evenzoo matige1 goede zedelijke menschen opgroeien1 gelijk de eersten dat zijn4 ,dit waren1 in 't kort1 de grondprincipes van ,owen2 de beginselen van zijn sociaal systeem1 welke hij sedert 't jaar #ahab1 toen hij met zijne agitatie begon1 en in een gansche rij van brochures1 voordrachten voor het volk en in tal van memories aan staatslieden nederlegde3 de mensch is het produkt der omstandigheden2 ellende en misdaad1 zij zijn de gevolgen van de onnatuurlijke levensverhoudingen4--,het moet alzoo onzen taak zijn1 op de invoering van andere verhoudingen te werken4 ,en dit is in het belang van alle menschen1 omdat alle menschen zonder uitzondering1 onder de bestaande omstandigheden te lijden hebben4 ,elk mensch heeft een gelijk recht op welzijn1 voorzoover dit de vooruitgang van de beschaving en de stand der produktie mogelijk maken en op de hoogst mogelijke graad van ontwikkeling1 voorzoover dit zijn lichamelijke en geestelijke eigenschappen mochten vereischen4 ,daarom is het volgens ,owen1 eene maatschappelijke noodzakelijkheid1 dat alle kinderen een zoo goed mogelijke opvoeding verkregen1 opdat de huidige klassebevoorrechting in dit opzicht1 ten minste niet meer heerschen1 en voor eene organisatie plaats maken zal1 waarin elk lid van de samenleving arbeiden kan voor de gemeenschap en deze hem wederkeerig1 een menschwaardig bestaan daarvoor in ruil waarborgen kan4 ,robert ,owen vergenoegde zich niet met de hervormingen aan zijn eigen fabriek te ,new-,lanark1 hij strekte zijne bemoeiingen ook uit over geheel ,engeland4 ,het was een boozen tijd voor ,engeland4 ,de ,coalitie-wet verbood den arbeider op elke manier1 zich te vereenigen4 ,de omstandigheden waren evenwel t verschrikkelijk voor den arbeiders1 dan dat zij zich zoo maar konden nederleggen bij hetgeen er in 't land gebeurde4 ,de wetten dreven hun echter tot het plegen van daden van geweld4 ,vooral de jaren van #ahad-ahbd1 kenmerkten zich door geweldigen strijd4 ,in 't laatste jaar werd toen de coalitie-wet eerst ingetrokken1 door het werken van het parlementslid ,joseph ,hume4 ,robert ,owen begreep1 dat voor de kinderen althans iets moest worden gedaan4 ,in #ahjb was er reeds een wet op de kinderarbeid in het ,parlement tot stand gekomen1 maar deze wet werd of in het geheel niet1 of zeer slecht uitgevoerd4 ,owen riep ten dien einde in #ahae eene ,meeting van de schotsche fabrikanten1 te ,glasgow bijeen1 maar ondervond van geen enkele zijde medewerking4 ,toen ging hij zelf aan den arbeid en op reis1 teneinde de noodige gegevens te verzamelen voor zijn agitatie4 ,hij deed deze reis vergezeld van zijn zoon ,robert ,dale ,owen2 ging naar ,engeland en door ,schotland4 ,toen hij genoegzaam gegevens had1 bezocht hij den minister ,robert ,peel1 bij wien hij aandrong op het indienen van een wetgeving op den arbeid van jonge kinderen en volwassenen4 ,immers1 het was hem gebleken1 dat er in die dagen1 als regel en niet als uitzondering1 door kinderen van tien jaren doorgaans veertien uren per dag werd gewerkt1 met een oponthoud van een half uur per dag voor eten1 dat niet buiten1 maar binnen de fabriek werd genuttigd4 ,na eene onnoemelijke tegenwerking1 kwam in #ahai de eerste ,wet op den ,kinderarbeid tot stand1 niet in die mate zooals zij door ,owen werd gewenscht1 maar dan toch als eerste stap1 in de door hem aangewezen richting4 ,van af #ahac tot #ahaf1 publiceerde ,owen zijn vier opstellen1 getiteld3 ,a ,new view of ,society or ,essays on the principle of the ,formation of the human ,character and the ,application of the ,principle to ,practice4 7,nieuwe inzichten omtrent de samenleving1 of studien over de vorming van het menschelijk karakter en de toepassing van het beginsel in de praktijk74 ,in de aan de fabrikanten gerichte ,voorrede tot deze uitgave zegt ,owen o4a43 ,sedert de algemeene invoering van een levenloos mechanisme in de ,britsche manufaktuur1 wordt den mensch1 zeer weinige uitzonderingen hier buiten beschouwing gelaten1 als eene machine van lagere orde behandeld2 men heeft er veel meer zorgen aan besteed1 de ruwmaterialen van het hout en het ijzer1 dan die van het lichaam en ziel van de menschen te verbeteren4 ,wijdt aan deze kwestie eens de haar toekomende aandacht1 en gij zult zien dat de mensch1 zelfs in zijn hoedanigheid als werktuig tot de voortbrenging van den rijkdom1 nog beduidend beter kan worden gemaakt6 ,maar nog een veel belangrijker opmerking1 valt er in dat opzicht te maken4 ,benuttigt de middelen1 die thans genoeg voor iedereen duidelijk waarneembaar kunnen zijn en gij zult daardoor1 niet alleen deze levende werktuigen volkomener maken1 maar gij zult ook leeren1 dat men ze zoo voortreffelijk kan maken1 dat ze niet alleen het tegenwoordige1 maar ook die van 't geheele verleden in alle opzichten overtreffen zullen6 ,owen had een vredelievend karakter en meende dat de belangen van fabrikanten en arbeiders1 langs den meest vredelievenden weg te verzoenen waren4 ,dit belette hem evenwel niet in te zien1 dat er een groote klove tusschen hen gaapte2 dat er een geweldige antagonie bestond tusschen het kapitaal en den arbeid4 ,maar hij was overtuigd1 dat de vervulling van hetgeen hij meende dat de plichten waren van de werkgevers ertoe zou leiden1 dat er eene toenadering tot stand zou kunnen komen1 welke de hervorming van de maatschappij langs vredelievenden weg1 niet alleen niet in den weg stond maar ook in de hand zoude werken4 ,daardoor1 dat hij praktisch deze plichten wist te formuleeren1 stond hij reeds verre boven zijne tijdgenooten2 zooals hij ook verre boven economen van zijnen tijd1 als ,robert ,malthus stond1 op wien hij reeds toentertijd het inzicht vr had3 #a;e dat een zekere mate van welstand1 de onbepaalde voorwaarde is1 voor een zedelijken levenswandel2 en #b;e dat de ontwikkeling van de groot-produktie1 aan de beschaafde menschheid eene buitengewone mate van produktiviteit kan verzekeren4 ,zoodat dus diens vrees geenszins behoefde te worden bewaarheid1 dat de productie eenmaal te kort zou kunnen komen te schieten4 ,zijn goede hart en zijn bijzonder praktische ervaring1 deden hem dan ook menig nieuw gezichtspunt aan de hand4 ,zijne theoretische inzichten waren wel-is-waar1 door die van den in zijn tijd levenden liberalen apostel ,jeremias ,bentham sterk benvloed1 maar zij waren verder zelfstandig door hem uitgewerkt4 ,de mensch is1 volgens ,owen1 uitgerust met een natuurlijk streven naar geluk1 de regeering heeft dus ten doel1 ons1 geregeerden en regeerenden gelukkig te maken4 ,de beste regeering is deze1 welke in de praktijk de grootst mogelijke som van geluk aan het grootste getal menschen weet te bezorgen1 waarbij allen1 zoowel regeerders als onderdanen inbegrepen moeten zijn4 ,alle gecompliceerde en elkander tegensprekende motieven voor goede verhoudingen1 zijn op een enkel principe der handelingen terug te voeren1 hetwelk door zijne voorlichtende werkzaamheid1 het oude verdorven systeem overbodig maakt en ten slotte zich in alle deelen der wereld zal oplossen4 ,dit principe is het geluk van het eigen-,ik1 goed begrepen1 en gelijkvormig verwerkelijkt1 hetgeen slechts kan worden bereikt door eene verhouding1 waarin het geluk van de menschheid bevorderd wordt4 ,want iedere macht1 welke het wereld-al beheerscht en doordringt1 heeft den menschen zoo gevormd1 dat zij progressief1 van uit eene toestand van onwetendheid1 tot eene van intelligentie moeten opklimmen1 welker grenzen de menschen niet bepalen kunnen2 zoodat zij bij dit voortschrijden eerst ontdekken moeten1 dat hun individueel geluk slechts door het groeien en het uitbreiden van het geluk van allen hen omgevenden1 groeien en toenemen kan4 ,het is ,owen's onomstootelijke overtuiging geweest1 dat de wereld alleen door deze erkenning kan worden verbeterd1 dat slechts naar die verhouding waarin het streven der menschen naar eigen geluk of de liefde tot zich zelf geleid wordt1 deugdzame en zegenrijke handelingen overwogen kunnen worden4 ,en zoowel karakter als opvoeding1 berusten bij den mensch op de erkenning van die waarheid4 ,owen was er van overtuigd1 dat de menschen tot nog toe eene valsche opvoeding hebben gehad2 valsch onderricht en valsch gevormd zijn geworden en dat daaruit1 alle menschelijke ellende is geboren geworden4 ,owen geloofde der menschheid van deze waarheid te kunnen overtuigen1 al had hij zelf1 eveneens een slechte en onware opvoeding gehad4 ,want hoezeer dat laatste ook het geval is1 toch maakt hij zich niettemin sterk1 dat het zijn meergevorderd inzicht was1 dat hem der menschheid thans aldus kon doen beleeren4 ,owen's overtuiging was het1 dat aan elke maatschappij een zeker karakter kon worden gegeven1 hetzij goed of kwaad1 hetzij vernuftig hetzij dom1 en dat de middelen daartoe zoo goed als in handen waren1 van hen die invloed konden uitoefenen op den gang van zaken in de wereld4 ,die middelen moesten echter nu worden aangewend4 ,het was een feit1 dat drie-vierde gedeelte van de gansche bevolking van ,groot-,brittanje en ,ierland behoorde1 tot die der arbeidenden4 ,men liet het echter toe1 dat het karakter van die menschen werd gevormd zonder eenige leiding1 onder omstandigheden1 die hen noodwendig moesten brengen tot een levensloop van ellende1 ondeugd en onzedelijkheid4 ,terwijl de hoogere klassen1 wel-is-waar zeiden te gelooven aan beginselen1 maar eveneens deden1 alsof die beginselen niet bestonden4 ,zulk een toestand zou als zij lang voortduurde tot den opstand moeten leiden1 omdat het lijden van de bevolking en van de arbeidende klassen van ,groot-,brittanje en ,ierland werkelijk rger is1 dan de toenmaals zooveel besproken slavernij van de negers in ,amerika4 ,owen gebruikte het eerst benaming voor de fabrieksarbeiders van blanke slaven en leverde het bewijs1 dat zij met betrekking tot gezondheid1 voeding en kleeding er veeltijds slechter aan toe zijn1 dan de zwarte slaven4 ,de hoofdzaak was nu het allereerst te zorgen voor de jeugd2 een zorg die rustte op het denkbeeld dat de mensch zijn eigen karakter niet vormt1 maar dat dit voor hem gevormd wordt1 door de omstandigheden waardoor hij is omringd4 ,het doel van het gouvernement is om regeerders en geregeerden gelukkig te maken1 daarom behoorde elke regeering zich te laten leiden door het denkbeeld1 dat het beter is misdaden te voorkomen1 dan ze te bestraffen4 ,alle aanleidingen die tot het misdrijf aanzetten1 behooren daarom door de regeering te worden weggenomen4 ,oorlog behoorde er aan de kroegen te worden aangedaan4 ,de rechten op gedistilleerd behoorden te worden verhoogd2 een stelsel van licentien 7vergunningen7 in sterke en in strenge mate dient er te worden toegepast4 ,elk loterij1 ook die van den ,staat uitgaande1 moet worden afgeschaft4 ,het stelsel van de armenwetten dient grondig te worden herzien1 en er moet worden tegengegaan1 dat den vlijtigen arbeid1 voor het onderhoud van luien en leegloopers heeft te zorgen4 ,dan moest de geheele strafwetgeving herzien worden1 en het beginsel van de preventiviteit moest geheel worden doorgevoerd4 ,een hervorming van de ,staatskerk achtte ,owen niet minder noodig4 ,owen was n4l4 langzamerhand1 door de ervaring geleerd1 een vijand van de officieele godsdienst geworden1 hetgeen ten slotte niet het minst geleid heeft1 tot zijn maatschappelijk isolement en zijne verwijdering1 ook van diegenen zijner tijdgenooten1 welke hem in den aanvang1 geldelijk tot het ten-uitvoer leggen van zijne plannen in staat hadden gesteld4 ,owen vatte zijn betoog in de vier hier behandelde opstellen te zamen1 in de navolgende twee reeksen van wetten4 ,de eene reeks zou moeten bestaan in eene algemeene onderwijs-regeling voor het geheele land1 zoowel omvattend den geest van het onderwijs1 als de voorziening van de schoolgebouwen1 de normaal-inrichtingen voor onderwijzers en hunne gansche vorming op het oog hebbend4 ,de tweede reeks1 zou aan de hervorming van den arbeid moeten zijn gewijd4 ,zij zou moeten worden ingeleid door eene wettelijke enqute1 naar de arbeidstoestanden in het ,vereenigd ,koninkrijk1 naar de verhoudingen tusschen kapitaal en arbeid in hunnen ganschen omvang1 ook wat aangaat de werkeloosheid4 ,owen hield zich overtuigd1 dat deze laatste geen maatschappelijk euvel zoozeer1 als wel een euvel der opvoeding was en dat daarin gelegen was een reden tot armoede en niet in de z4 g4 n4 ,wet van ,malthus4 ,het was z4 i4 niet de massa van menschen1 die kwaad was voor de menschheid1 het waren de groote onwetendheid1 de domheid en de verwaarloosde opvoeding der menschen1 die al het kwaad over de wereld gebracht hadden4 ,ieder individu kon geleid worden1 en wel in die richting1 dat hij veel meer produceert1 dan dat hij verteert2 daar er volgens ,owen's vaste overtuiging veel meer was of geschapen kon worden1 dan er noodig was om dadelijk te worden verteerd4 ,inmiddels was ,owen steeds voortgegaan1 de inrichtingen van ,new-,lanark te verbeteren en steeds volkomener te maken4 ,de bezoekers stroomden naar dat oord1 om het wonder van dien tijd in oogenschouw te nemen4 ,jaarlijks kwamen meer dan tweeduizend belangstellenden naar ,new-,lanark1 en de hooge wereld was niet het minst1 onder dat aantal vertegenwoordigd4 ,de ,koning van ,saksen zond ,owen een medaille1 de ,koning van ,pruissen schreef hem eigenhandig brieven4 ,groot-,vorst ,nicolaas van ,rusland begaf zich in #ahaf1 persoonlijk derwaarts en verwijlde zelfs een paar dagen in ,owen's huis4 ,de ,hertogen van het ,koninklijk huis van ,engeland1 toonden de grootste belangstelling in de instellingen van ,new-,lanark en de ,hertog van ,kent1 de vader van ,koningin ,victoria1 was zelf op vriendschappelijken voet met ,robert ,owen er door gekomen4 ,dit alles maakte ,owen evenwel niet trotsch1 of deed zijn hervormingszucht omslaan in conservatisme1 of in zucht om de grooten der aarde wlgevallig te zijn4--,juist1 integendeel6 ,het is een bewijs voor de groote naviteit van ,owen1 voor het kinderlijk vertrouwen1 dat hij in de menschen stelde1 dat hij deze blijken van belangstelling aanzag voor aansporingen die men hem wilde geven1 steeds verder voort te gaan4 ,maar hij zou bittere ervaringen opdoen met dat vertrouwen4 ,telkens en telkens kwam er oppositie van den kant der geldschieters1 hoofdzakelijk ,kwakers1 die mr winsten verlangden1 of wel het meest van alles1 nu eens wenschten opgehouden te zien met die oneindige hervormingen1 welke ,owen nooit moede was in te voeren1 teneinde aldoor maar te verbeteren en te verbeteren4 ,maar erger werd deze oppositie1 of liever zij verscherpte zich1 door de kwestie van het onderwijs4 ,owen had n4 l4 in zijn onderwijsinstituten een neutraal onderwijs ingevoerd1 van een soort1 gelijk dat bij ons nog gehuldigd wordt in de openbare school4 ,hij nam een ,christendom aan1 dat boven geloofsverdeeldheid stond1 een universeel ,christendom dus4 ,hij was de meening toegedaan1 reeds in zijn ,new ,view of ,society uitgesproken1 dat men1 om de ongelegenheden te vermijden die altijd moeten oprijzen1 wanneer men een bepaald geloof op school invoert1 de kinderen slechts behoorde te leeren uit die boeken1 welke zoodanige voorschriften der christelijke godsdienst inprenten1 die gemeen zijn aan alle uitingen of secten van het christendom4 ,dat was den kwakers1 die een positief christendom voorstonden1 zeker niet naar den zin4 ,nog veel minder was het van hunne gading1 dat ,owen de kinderen op school1 onderricht liet geven in dansen1 in muziek en ze liet oefenen in militaire exercitien4 ,owen gaf ter wille van zijn drieduizend menschen1 die in ,new-,lanark het zoo goed hadden1 veel toe4 ,maar telkens en telkens herhaalden zich de grieven van de zijde der financiers4 ,men liet niet na ,owen wetten te stellen1 hem op de vingers te tikken2 ten slotte wilde men hem zoo bedillen1 dat hem het handelen feitelijk1 daardoor tot eene onmogelijkheid werd4 ,in #ahbb nam ,owen ontslag1 verliet ,new-,lanark1 na een bestuur van #be jaren1 dat den grootsten zegen had aangebracht4 ,owen zegt zelf1 dat hij zijne benijdenswaardige positie in ,new-,lanark alleen prijs gaf1 om volkomen vrijheid te verkrijgen voor zijne agitatie en om al zijne krachten te kunnen aanwenden1 tot eene grondige hervorming van de menschelijke maatschappij4 ,in ,new-,lanark vergewiste hij zich1 door de1 onder de ongunstigste omstandigheden op zich genomen praktische toepassing1 van de juistheid van zijne principes--onder ongunstige omstandigheden1 die voor een deel voortvloeiden uit de natuurlijke oppositiegeest van de menschen1 tegen een experiment dat1 bij al de instemming die het vond1 toch er toe geigend was als het ware1 om de onhoudbaarheid aan te toonen van1 en het geloof te schokken1 in1 de principes waarop de tegenwoordige wereld was gebouwd4 ,sedert de verbreking van den band1 die er tusschen hem en ,new-,lanark bestond1 vestigde ,owen zich weer in ,londen4 ,tusschen de herfst van #ahbd en den zomer van #ahbi1 was ,owen eenmaal in de ,vereenigde ,staten1 eenmaal in ,west-,indi en eenmaal in ,mexiko4 ,drie jaren te voren bezocht hij ,frankrijk1 ,oostenrijk1 ,pruissen1 ,beijeren en ,saksen4 ,al deze reizen deed hij1 als studiereizen en met dat eene doel voor oogen3 de voortdurende welvaart van het menschelijk geslacht te kunnen grondvesten4 ,in #ahbe stichtte ,owen in ,amerika de eerste kolonie op communistischen grondslag4 ,hij noemde haar ,new-,harmony4 ,owen had voor deze kolonie #cj1jjj acres land aangekocht van de sekte der ,rappiten4 ,de kolonie bloeide een tijd lang1 maar hoe langer hoe meer deze tot de praktijk moest komen1 zag ,owen in1 of liever het bleek1 dat men kapitalistische instellingen niet zoo maar tot ,communistische kan maken1 en dat daartoe veel meer en veel andere dingen behoorden1 dan de goeden wil1 het edel gemoed en de energie van een man1 als hij was4 ,na het in ,mexiko nog eens beproefd te hebben1 keerde ,owen naar ,engeland terug4 ,voor zijn familie had hij intusschen gezorgd en hij zou zich nu geheel aan de arbeidende klassen gaan wijden4 ,reybeaud vertelt1 dat ,owen van #ahbf tot #ahcg1 duizend openbare redevoeringen gehouden1 vijfhonderd adressen heeft verzonden1 tweeduizend tijdschrift-artikelen geschreven heeft en driehonderd reizen gedaan heeft4 ,in #ahbi deed ,owen een diplomatieke poging1 die gelukkig geslaagd mocht heeten4 ,tusschen ,engeland en de ,vereenigde ,staten waren n4l4 kwesties ontstaan1 die tot een oorlog hadden kunnen leiden1 en wel daarom zoozeer de verhoudingen tusschen beide naties geprikkeld maakten1 omdat het in den grond van de zaak handelskwesties waren4 ,owen1 die bij den toenmaligen president van ,n4 ,amerika ,jackson1 zoowel als bij den ,staatssecretaris van ,buren in hoog aanzien stond1 gebruikte zijne aanwezigheid in ,amerika daartoe1 om de verschilpunten met de beide mannen grondig te bespreken4 ,het resultaat was1 dat ,owen aan de ,engelsche regeering kon melden1 dat de ,amerikaansche1 de bereidwilligheid tot een vredelievende oplossing van de kwesties toonde en dat binnen weinige weken1 een twist1 die door de vakdiplomaten behandeld1 misschien tot een oorlog geleid zou hebben1 door een niet-diplomaat1 op de beste wijze tot oplossing werd gebracht4 ,in 't jaar #ahcb stichtte ,owen dan zijne bekende ruilbank1 die in verbinding met de ,coperaties en de produktieve-associaties door wederzijdsch crediet1 den arbeiders in staat zoude stellen1 zich te emancipeeren van het kapitalistendom4 ,het plan mislukte1 evenzoo als #ag jaren later de ruilbank door ,proudhon in ,frankrijk gesticht1 met ongeveer dezelfde bedoelingen mislukte1 omdat het crediet van hen die niets hebben1 ook niets waard is4 ,tusschen #ahcf en #ahch1 zag ook ,owen's hoofdwerk ,the ,new ,moral ,world 7,de nieuwe moreele wereld7 het licht1 eerst als weekblad1 later in #ahdd1 als boek4 ,het bevatte zeven deelen en kan als samenvatting1 van datgene wat ,owen wilde1 worden beschouwd4 ,het is1 naar zijn eigen meening1 zijn omvangrijkste werk geweest1 waarin hij zijn diepste gedachte heeft nedergelegd4 ,het ,eerste deel verzamelt de gegevens over de menschelijke natuur4 ,owen geeft hier niets nieuws en wij kunnen dus volstaan met hetgeen daaromtrent vroeger omstandig is medegedeeld4 ,de mensch vormt nch zichzelven1 nch zijne meeningen1 nch zijne gevoelens2 zij-allen worden voor hen gevormd1 door de omstandigheden1 waarin hij is geplaatst4 ,hiermede valt dus de leer te zamen1 dat men het allereerst moet aanvangen1 die omstandigheden te begrijpen4 ,men moet niet oordeelen of veroordeelen1 maar men moet leeren begrijpen4 ,men moet de natuur beluisteren en haar volgen1 want de natuur is niet slecht4 ,ook de mensch is niet van nature-uit verkeerd2 de maatschappij waarin hij verkeert vormt hem zooals hij is4 ,de tegenwoordige beschaving is op den slechten weg4 ,men moet het natuurlijk instinct volgen en bevredigen4 ,het tegenstreven der natuur1 het gedurig tegenwerken harer bedoelingen1 draan is het te danken1 dat de menschelijke karakters dien betreurenswaardigen trek verkregen hebben1 waaraan zij lijden4 ,in plaats van het egosme der onwetendheid1 moest er onder de menschen gaan heerschen1 de welwillendheid van het inzicht in de werkelijkheid4 ,de mensch is bestemd een sociaal wezen te zijn4 ,de verschillende onderscheidingen moeten wijken onder de menschen2 de religies zullen te-niet worden gedaan1 de priesters overbodig worden bevonden1 de menschelijke trots verdwijnen en eene hrschepping van den mensch zal er komen1 zoo schoon als zij er nog nooit geweest is4 ,owen meent1 dat hij hetzelfde voor de menschheid op 't oog had1 als ,gallile gedaan had voor de natuurwetenschap1 toen hij bewees1 dat de aarde om de zon en niet de zon om de aarde draaide4 ,het ,tweede deel behandelt de leer en de kennis van de maatschappij4 ,naar ,owen's overtuiging moest de menschheid zich bezig houden met vier onderwerpen3 ten #a;e1 met de produktie van den rijkdom2 ten #b;e1 met de verdeeling van den rijkdom2 ten #c;e1 met de opvoeding en het onderwijs1 en ten #d;e3 met de regeering4 ,de produktie lijdt tegenwoordig aan deze gebreken1 dat alles tegen elkander inwerkt2 dat er geen harmonie1 dat er geene samenwerking is2 daar is overal wanorde1 daar is overal scheiding en er is verdeeldheid en daardoor is er een enorme verspilling van arbeidskracht4 ,men werkt hard1 vl te hard en nog is er te weinig1 nog steeds produceert men niet genoeg4 ,elk beginsel van produktie1 dat op een gezonde basis staat1 moet er op zijn ingericht3 een vereeniging en eene verbinding van de productiemiddelen tot stand te brengen2 landbouw bij nijverheid1 geoefendheid en kennis bij kapitaal te brengen1 dezen samen te vereenigen1 dt moet het doel van de produktie zijn2 dat is de gezonde grondslag van de nieuwe moreele wereld1 die ,owen1 aan de menschen wilde laten zien4 ,maar terwijl de combinatie van al deze verschillende elementen tot een eenvoudig en een overvloedig resultaat zou leiden1 wordt het heil gezocht in eene geweldige concurrentie1 van den een tegenover den ander1 elk toegerust met zijn eigene middelen4 ,het is een onafgebroken strijd1 een worsteling1 een hijgen en een zwoegen van fragmenten tegen fragmenten1 waarvan de gevolgen zijn3 een verwijdering van den mensch1 van zijn voedsel en eene verwijdering van de natuur2 een ophooping van menschen in gangen1 sloppen en stegen1 zonder licht1 zonder lucht en zonder reinheid4 ,wat blijft er over van al datgene1 waarop de mensch recht heeft1 van een fatsoenlijk dak1 dat den mensch noodig heeft om er onder te vertoeven2 van goed onderwijs1 van het genoegen1 van het gezellig verkeer1 van liefde en van vriendschap8 ,door de gruwelijke tijdsverkwisting van arbeid1 van tijd en van kapitaal1 wordt er door de individuen gebrek geleden1 hoe zij zich ook aftobben4 ,bij een verstandige leiding van arbeidsassociatie1 behoefde er zooveel te minder te worden gearbeid1--misschien slechts vier uren daags--om al de producten voort te brengen1 welke er noodig zijn1 om aan de behoeften van de consumptie te voldoen4 ,bij de verdeeling der rijkdom is volgens ,owen1 deze verspilling van arbeid en produkt nog meer zichtbaar4 ,de ware leer van de verdeeling1 zegt ,owen1 is de producent zoo dicht mogelijk bij den consument te plaatsen4 ,de consumenten moesten als uit den voorraad of uit het magazijn1 kunnen putten4 ,en in plaats daarvan1 heeft zich tusschen den producent en den consument eene klasse van tusschenpersonen genesteld3 die der kooplieden1 die koopen en verkoopen in 't groot1 in 't klein1 op de beurs of in den winkel4 ,zij nemen overal hunne winst1 laten zich geducht betalen en vormen het doode gewicht der maatschappij4 ,zij zien er niet tegen op1 om voor meer winst de waren te bederven1 te vervalschen4 ,zij noemen zich verdeelers of verspreiders van den rijkdom1 maar moesten eigenlijk verspreiders van de menschheid genoemd worden4 ,zij moesten bij elken gezonde regeling van de verdeeling verdwijnen1 want zij kosten der maatschappij te veel1 veel meer dan men oppervlakkig denkt4 ,owen1 die een kwart-eeuw fabrikant was1 kon daar dan ook wel met verstand van zaken1 een oordeel over vellen4 ,ook richten die verdeelers banken op1 die in verband met het slechte geld-systeem1 alle voordeelen van den arbeid aan zich trekken en als het ware de produkten1 van hun weg1 dien zij hebben af te leggen1 van producent naar consument1 onderscheppen4 ,plaats den mensch naast zijn voedsel1 zegt ,owen1 en naast zijnen rijkdom1 dan behoeft dit niet1 tot hem te worden gebracht4 ,opvoeding en onderwijs zijn slechts twee onderdeelen van de vorming van het karakter1 met welke taak de maatschappij zich bezig moet houden4 ,de tegenwoordige wetgevers deden dat tot nog toe niet4 ,want er is noodig een vorming of eigenlijk een vervorming van de uitwendige omstandigheden om de menschen heen1 en zulk eene taak1 kan alleen door de georganiseerde maatschappij op zich genomen worden4 ,neemt zij die taak op zich1 dan is vr alles noodig1 dat zij tot het inzicht komt1 hoezeer o4 a4 de godsdienst een zonderlinge rol gespeeld heeft1 om het milieu waarin de menschen tot nog toe geleefd hebben1 te doen verworden4 ,de godsdienst1 die voortkwam uit de imaginatie van de menschen en niet uit hunne rede2 de godsdienst1 die veral donker-gekleurde glazen zette1 waar het licht van de waarheid1 helder schijnen moest4 ,men zal ook de ongerijmdheid inzien1 van stichtingen als ,oxford en ,cambridge1 die instellingen van gepriviligeerd ,onderwijs1 en men zal overal instellingen van gelijk onderwijs in het leven roepen1 men moet dat onderwijs organiseeren1 men moet de uitstekendste mannen aan dat onderwijs kunnen weten te verbinden4 ,reeds van af de prilste jeugd1 moet men daarme beginnen4 ,en het was dan ook volgens ,owen's plannen1 dat in ,engeland en ook in gansch de beschaafde wereld1 de eerste kleinkinderbewaarplaatsen 7crches7 tot stand gekomen zijn4 ,ook omtrent het staatsbestuur1 had ,owen zijn eigen denkbeelden4 ,de taak van het gouvernement bestaat niet in onthouding1 maar in ingrijpen4 ,het gouvernement moet leiden en niet lijdzaam blijven4 ,de taak van het gouvernement is wel degelijk positief en niet negatief1 gelijk de economisten uit ,owen's tijd1 op het voetspoor van ,adam ,smith1 hadden geleerd4 ,de slotsom van dat alles is deze3 dat de elementen der maatschappij1 tot eene vaste eenheid en orde moeten worden georganiseerd4 ,om die harmonie te vestigen1 die eerbied van gevoelens en belangen in de maatschappij tot stand te brengen1 wilde ,owen een vaste grondslag scheppen van het gemeenschapsleven4 ,deze bestond voor hem in de genootschappelijkheid of de communiteit4 ,het is de keus1 de nucleus1 die den band van de enkele huisgezinnen vervangt4 ,op eene juiste vestiging dezer nuclei komt het voor de maatschappij der toekomst1 in alles aan4 ,het ,derde deel houdt zich bezig1 met de opnoeming en de ontvouwing van alles1 wat voor het geluk der menschen noodig is4 ,die voorwaarden zijn volgens ,owen talrijk4 ,hij noemt er dertien op4 ,zij hebben betrekking op goede gezondheid2 op een zorgvuldige opvoeding2 op het verkrijgen van meerdere kennis2 op het bekomen van genot2 op het bewustzijn en het streven om voortdurend tot het geluk van onze medemenschen werkzaam te zijn2 op het bezitten van vrienden2 de vrijheid en de gelegenheid van associatie1--van gedachte en geweten2 de afwezigheid van bijgeloof en op het zich bevinden in een maatschappij1 wier wetten1 instellingen en schikkingen1 in overeenstemming zijn met de wetten der natuur4 ,de arbeiderstoestanden1 onderwerpt ,owen dan aan de scherpste critiek4 ,de streng doorgevoerde arbeidsverdeeling1 door welke den arbeider-mensch opgeofferd wordt aan het product1 wil ,owen vervangen zien worden1 door een lzijdigen arbeid1 dien hij ook eischt1 in 't belang van de gezondheid van den mensch en in het strikte belang van een harmonische ontwikkeling van lichaam en geest4 ,owen verklaart zich een sterken voorstander van eene afwisselende bezigheid van lichaam en geest1 mits die geest zich niet bezig houdt met vakken1 als bijv4 de theologie1 rechtsgeleerdheid of de medicijnen4 ,owen meent dat het bestaan der prostitutie1 wel het sterkste bewijs is1 op welken lagen trap van ontwikkeling wij nog staan4 ,in het ,vierde deel ontvouwt ,owen1 wat volgens hem1 de inhoud van een redelijke godsdienst der menschheid moet zijn4 ,hare geest is gegrondvest op waarheid en liefde4 ,het wezen der ,godheid1 is volgens ,owen nu eenmaal onbegrijpelijk1 daarom is er over twisten1 nutteloos4 ,godsdienst trouwens1 bestaat in daden en niet in begrippen4 ,het vraagstuk van het leven n den dood is een1 waarmede de menschen wijs doen zich niet in te laten2 de mensch moet slechts bedenken1 hoe hij hier op aarde heeft te leven en te werken4 ,hij moet zijn liefde over alle schepselen--ook over de dieren--uitstrekken4 ,hij moet er zijn doelwit op richten1 de maatschappij waarin hij leeft1 voortdurend volkomener te maken4 ,deze godsdienst is eene praktische1 die alle andere1 zeer onpraktische zal doen verdwijnen1 meent ,owen4 ,tal van gebreken onzer samenleving noemt ,owen ngodsdienstig1 niet gebaseerd op de liefde en op de ware verhouding1 van de menschen tot elkander4 ,het heffen van ongelijk-drukkende belastingen is ngodsdienstig4 ,de verhouding van de twee geslachten--mannen en vrouwen--is volgens ,owen al het minst godsdienstig2 de praktijk om de vrouwen tot slavinnen van het gezin te maken1 is een bewijs onzer ngodsdienstigheid4 ,ten slotte is onze geheele maatschappij ngodsdienstig1 daar men er in haar zich hard er-op toelegt1 niet om waarheid1 maar om onwaarheid te spreken4 ,de eenige taal1 door woorden of blikken gesproken1 moet de taal der waarheid zijn4 ,de waarheid zonder mysterie1 zonder bijmengsels en zonder eenige vrees voor menschen of hoogere machten4 ,in het ,vijfde deel1 wordt op het vreemde verschijnsel gewezen1 dat aan het einde der #ah;e eeuw1 wel werd gedacht aan het construeeren van een nieuwen ,staat1 maar niet aan het vormen van een nieuwe maatschappij4 ,dit laatste1 is evenwel belangrijker dan het eerste4 ,owen vindt dat de ,amerikanen1 die evenzoo handelden1 op een zandgrond gebouwd hadden4 ,onder het gezichtspunt van de voortbrenging1 moet alles worden terzijde gesteld1 wat doet denken aan den ouden krijg om rijkdom4 ,hierin moet ,engeland de andere naties voorgaan4 ,er zal geen goede toestand meer komen1 dan voor dat1 tot de vestiging van de communiteiten wordt overgegaan4 ,zoolang men verstrikt blijft in de leeringen der economisten1 zoolang zullen de regeerders met de handen in den schoot moeten blijven zitten4 ,maar reeds moet nu tot nationaliseering worden overgegaan der spoorwegen2 van staatswege moeten nieuwe worden aangelegd en de gronden1 die langs deze lijnen vrijkomen tot communiteiten worden ingericht4 ,de tegenwoordige standen en rangen behoorden1 in een goed geregelde maatschappij1 niet te bestaan4 ,alleen ouderdom en ervaring1 zouden aanspraken kunnen doen gelden op eenig onderscheid4 ,kennis is de eenige maatstaf1 waarmede de menschen behooren te worden gemeten4 ,geen mensch heeft het recht1 zegt ,owen uitdrukkelijk1 van een ander mensch te verlangen1 dat deze iets voor hem doet1 wat hij niet bereid is voor anderen te doen1 of in andere woorden uitgedrukt3 alle menschen hebben gelijke rechten4 ,de natuurlijke en zedelijke klassenverdeeling van het menschelijk geslacht1 is de verdeeling naar den ouderdom1 die ,owen in acht klassen verdeelt4 ,eerste klasse3 ,van-af de geboorte tot het einde van het vijfde jaar4 ,na het eerste tijdstip van den zuigelingstijd1 komen de kinderen in de verplegingsinrichtingen en kleine kinderscholen1 waar hunne eigenlijke opvoeding een aanvang neemt4 ,tweede klasse3 bestaande uit kinderen van vijf tot tien jaren4 ,in de eerste twee jaren1 dus totdat het zevende jaar is afgelegd1 wordt het onderwijs der kleine-kinderscholen1 met de door de noodzakelijkheid1 aan lichaams- en geestesontwikkeling gestelde behoeften voortgezet4 ,van het achtste jaar af1 wordt aan het onderwijs regelmatigen arbeid1 zoowel in huis als in tuin verbonden4 ,natuurlijk mag die arbeid de krachten der kinderen nooit te boven gaan1 integendeel daarmede in volkomen overeenstemming zijn4 ,zij staan daarbij onder de leiding van de jongere leden van de derde klasse4 ,deze arbeid vormt voor ,owen een deel der opvoeding1 en het doel der opvoeding1 moet hierbij geen enkel oogenblik uit het oog worden verloren4 ,in weerwil daarvan1 zal ook dit onderwijs nuttig zijn voor de maatschappij en zijnen winst dan ook1 ruimschoots loonen4 ,derde klasse1 bestaande uit kinderen van #aj tot #ae jaren4 ,in de eerste drie jaren1 alzoo tot de afgelegde #ab jaren1 hebben de kinderen der derde klasse--onder oppertoezicht van volwassenen--den arbeid van die der tweede klasse te leiden en er het opzicht over te houden4 ,van af het #ac;de jaar1 worden zij ingewijd in de hoogere kunsten en takken van bedrijf en zoodanig opgeleid1 dat zij den rijkdom en het welzijn van de gemeenschap1 gepaard aan het zoo groot mogelijk genoegen voor zich-zelf1 kunnen bevorderen en dit op de meest praktische manier4 ,hunnen arbeid omvat het gansche gebied van landbouw en industrie1 de mijnbouw1 de visscherij enz4 ,in alle deze verrichtingen worden de medeleden der derde klasse regelmatig1 zoo vele uren per dag bezig gehouden1 als in overeenstemming1 is te brengen1 met de lichamelijke ontwikkeling en het doel van de opvoeding4 ,het onderwijs strekt zich uit1 over alle takken van wetenschap en voor een goede en volkomene ontwikkeling van het lichaam1 wordt mede zorg gedragen4 ,de ,vierde klasse bestaat uit de jonge personen van #ae tot #bj jaren4 ,in deze arbeids-klasse vindt de ontvouwing van het geslachtsleven plaats4 ,der neigingen worden geen dwang opgelegd1 en de volkomene vrijheid1 waarmede zij zich kunnen uiten1 gepaard aan de volkomen afwezigheid van velerlei omstandigheden1 welke de verhouding van de geslachten tot elkander in de huidige maatschappij onnatuurlijk en immoreel maken1 waarborgt eene reine en op wederzijdsch-geluk gegrondveste1 verbinding van de twee seksen4 ,de leden der vierde klasse1 nemen naar de mate hunner hooger ontwikkelde arbeidskracht in grooteren omvang dan de leden van de derde klasse1 deel aan den maatschappelijk-noodzakelijken arbeid1 echter met de voortdurende ondergeschiktmaking van dezen arbeid1 aan het doel der opvoeding4 ,zij hebben--onder oppertoezicht der volwassenen--den arbeid van de derde klasse te leiden en tot onderricht derzelven1 mede behulpzaam te zijn4 ,vijfde klasse3 bestaande uit staatsburgers en staatsburgeressen van #bj tot #be jaren4 ,deze klasse omvat1 het tot arbeiders en onderwijzers geschiktste gedeelte1 van de leden der samenleving4 ,wie dezen leeftijd achter den rug heeft1 behoeft geen deel meer te nemen aan de eigenlijke produktie4 ,de leden der vijfde klasse zijn de werkmeesters en de werkmeesteressen2 de direkteuren en de direktrices in elken tak van bedrijf1 van produktie en van opvoeding4 ,zij hebben in het algemeen genomen--maar alleen in hoogeren en volkomener graad--de leiding van de bedrijven1 inrichtingen enz4 gelijk die heden ten dage de direkteuren1 leeraren etc4 die hebben4 ,door deze vijf klassen1 is volgens ,owen1 voor de vermeerdering van den rijkdom der maatschappij1 genoegzaam gezorgd en voor de vorming van deugdelijke karakters1 eveneens4 ,de ,zesde klasse3 bestaande uit staatsburgers en staatsburgeressen van #be tot #cj jaren1 heeft tot taak1 de door de jongere leden voortgebrachte rijkdom te bewaren en te verdeelen1 en deze verdeeling zoo praktisch mogelijk te organiseeren4 ,owen meent1 dat twee uren daags1 bij een praktische organisatie daarvan1 daardoor in beslag genomen worden4 ,de rest van den tijd1 moet besteed worden1 met het bezoeken van de werkinrichtingen en het toezicht houden1 dat1 in 't algemeen de zaken niet alleen gaan1 maar ook dat de produktie vooruit gaat4 ,daarom moet dit bezoeken der volwassenen1 geen zuiver belangstellend bezoeken zijn1 om de nieuwsgierigheid te bevredigen1 of een plichtmatig iets doen1 dat men liever nalaat4 ,neen1 het moet evenzeer strekken tot vermeerdering van kennis1 als tot een prikkel om met de opgedane ervaring te rade1 de produktie steeds op een hoogere trap van volmaking te brengen4 ,een ander deel van den dag1 moet worden doorgebracht met het beoefenen van schoone kunsten1 wetenschappen1 allerlei experimenten1 lezingen1 conversatie1 pleziertochten en beleering aan anderen op alle gebied1 en tot het aankweeken van vriendschap4 ,de ,zevende klasse1 omvattende alle leden der gemeenschap van #cj tot #dj jaren1 heeft tot taak de leiding der inwendige aangelegenheden van de gemeenschap2 het instandhouden van de vrede en de bevordering van de welvaart1 van de gansche gemeenschap4 ,de ,achtste klasse1 omvattend de leden van de gemeenschap van #dj tot #fj jaren1 vormt een ,raad der ouden en1 terwijl de geheele leiding van alle inwendige aangelegenheden in handen der ,zevende en die van produktie en consumptie enz4 in handen is van de ,zesde klasse1 is de achtste klasse een ,raad van appl1 die twisten beslecht1 die er rijzen mochten tusschen de overige klassen1 en als laatste instantie daarover moeten beslissen4 ,ook is het de taak van deze klasse1 om zich bezig te houden met de buitenlandsche aangelegenheden2 eene bezigheid1 die1 aangezien zij een pad is1 waarop nog al veel moeielijkheden en veel wrijvingen kunnen voorkomen1 alleen gekend kan worden1 door ervaren en werkelijk wijze mannen1 die geduld en omzichtigheid bezitten1 voor deze teere kwesties4 ,zij die boven #fj jaren zijn1 worden in geen klasse meer ingedeeld4 ,zij hebben1 vindt ,owen1 hunne plichten tegenover de gemeenschap vervuld en moeten nu verder ongestoord worden overgelaten aan het private leven2 het staat hun vrij om zich onledig te houden met verrichtingen1 die het geheel ten goede komen1 maar verplicht daartoe zijn zij niet4 ,de centrale regeering1 bestaat bij ,owen1 uit commissies welke gekozen worden1 door de gedelegeerden van de beide regeerende klassen1 dus van de maatschappelijke leden der #g;e en der #hste ouderdomsklasse1 van #cj tot #fj jaar4 ,door zulke commissies1 die terzijde worden gestaan door de gedelegeerdenvergaderingen als ,parlement1 zullen ook de betrekkingen tot de andere ,staten1 die ook op dezelfde manier georganiseerd moeten zijn1--verzorgd en geregeld worden4 ,in het ,zesde deel van de ,new-,moral ,world bespreekt ,owen de algemeene constitutie der ,regeering nog nader en behandelt hij de overgangswetten4 ,zij zijn vijf en twintig in getal4 ,de vier eersten betreffen de volkomen vrijheid van geweten1 van geloof en van denken4 ,de zeven daaraan volgende1 over onderhouds- en levensrecht1 het onderwijs en de opvoeding en het huwelijk4 ,dan zes1 die de regeling omvatten der communiteiten1 het nadeel van den privateneigendom tegengaan en op den arbeidstijd1 zoowel als op den grondeigendom1 slaan4 ,en ten slotte een zevental1 dat betrekking heeft op de leiding en de regeling van den tegenwoordigen toestand1 naar eene nieuwe1 zooals ,owen die geschetst heeft4 ,de laatste en #beste wet1 geeft enkele regelen van arbitrage aan1 bij verschil over sommige punten van regeling4 ,wanneer deze wetten ingevoerd zijn1 kunnen alle anderen worden afgeschaft en is de toestand genoegzaam1 voor een nieuwe voorbereid4 ,in het ,zevende ,deel1 komen nu nog de conclusies der voorafgaande4 ,vervolgens geeft ,owen daarin een sterk betoog over de noodzakelijkheid1 de wereld op meer moreele grondslagen te vestigen4 ,hij voorspelt daarin veel1 hetgeen hem den naam van den ouden profeet verschaft heeft4 ,hij ziet de anarchie naderen4 ,thans heerschen weinigen over velen1 maar die velen zullen zich vereenigen en dan zullen die velen1 op hunne beurt1 een macht worden4 ,de naties zullen opstaan4 ,reeds nu zijn revoluties te voorzien en deze zullen zich uitbreiden en vermeerderen4 ,groote rampen ziet ,owen over de menschen komen4 ,en dit alles is te voorkomen1 daar een zachte en vriendelijke toekomst mogelijk is1 zoo de menschen maar geneigd waren den hand te slaan aan de vervorming hunner samenleving1 wat ,owen's eenigste hoop is1 voor de toekomst der menschheid4 ,wij deelen nu de ,vierentwintig stellingen mede1 die ,owen den #e;en ,maart #ahhi verdedigde in een openbaar debat1 tegenover den ,reverend ,mr4 ,legg1 een dissenter4 #a4 ,van af de vroegste tijden der bekende geschiedenis1 hebben alle menschelijke aangelegenheden berust1 op fundamenteele fouten4 #b4 ,die fouten waren3 ten eerste1 het geloof dat den mensch geschapen is met een vrijen wil1 te gelooven1 dat hij gevoelde en handelde1 zooals het hem beliefde en dat hij daarom voor zijne gedachten1 gevoelens en handelingen aan zijne medemenschen verantwoordelijk moet zijn4 ,ten tweede1 het geloof dat de mensch zijn eigen karakter vormt1 en dat hij daarom de maatschappij voor dezelve verantwoordelijk moet zijn1 naar de mate van de begrippen van degenen met wien hij tezamen leeft1 hoe onverstandig en onzinnig deze begrippen ook mogen zijn4 #c4 ,deze beschouwingen staan in tegenspraak met de feiten4 ,en het is daarvandaan gemakkelijk te bewijzen1 dat zij onverstandig en onzinnig zijn--schadelijk in den hoogsten graad1 voor de eenheid1 de vrede1 de deugd en het geluk van het menschelijk geslacht--werkelijk van nut voor geen nkel individu1 welken rang of welke positie hij ook1 het zij in welk land ook mag toebehooren of bekleeden4 #d4 ,deze dwalingen loopen door alle menschelijke verrichtingen1 van af de vroegste tijden4 ,zij zijn van hetzelfde soort als deze dwaling1 die duizende jaren geduurd heeft1 dat de aarde vlak is en onbewegelijk1 en dat de zon om haar heen draait4 #e4 ,deze1 in het oogvallende feiten1 zijn met de ingebeelde voorstellingen1 dat ieder mensch zijn eigen karakter1 zijn eigen gevoelens en handelingen bepaalt1 zoo handtastelijk in tegenstelling1 dat deze dwalingen niet zoo lang den menschelijken geest hadden kunnen beheerschen1 waren zij haar niet voortdurend opgedwongen geworden1 door eene algemeene organisatie der maatschappij1 bestaande uit eene drie-eenheid van machten1 waartegen tot op heden geen individu1 met het geringste uitzicht op succes1 vermocht te strijden4 #f4 ,deze drie-nheid van macht bestaat primo uit3 de geopenbaarde godsdiensten1 door menschen uitgevonden2 secundo3 uit menschelijke wetten1 en tertio3 uit regeeringen1 gesteund door de onwetendheid en door de zelfzucht der menschen4 ,en deze maatschappelijke organisatie1 heeft de heerschappij gekregen1 over alle volkeren der aarde4 #g4 ,deze organisatie kon bij die volken1 welke de kunst hadden verkregen1 om feiten en wetten van de natuur af te zien1 en de wetenschappen uit haar af te leiden1 niet in stand worden gehouden1 zonder dat de maatschappij werd ingedeeld in klassen1 waardoor de invloedrijksten en machtigste klassen1 een open en schijnbaar recht verkregen1 om deze organisatie in het leven te houden4 #h4 ,geen lid der menschelijke familie1 heeft eenig werkelijk belang bij de instandhouding van deze grondfouten1 waarop de tegenwoordige samenleving berust1 of bij de klassen-verdeeling1 waardoor deze dwalingen1 der menschheid worden opgedwongen4 #i4 ,deze dwalingen1 deze organisatie en deze klassen-indeeling1 zijn de eenige oorzaken der onwetendheid en van de armoede2 van den tweespalt tusschen geest en belang1 van de hartstochten1 de ondeugden1 de misdaden2 kortom1 van het totaal van ellende1 waarvan tot nog toe1 de geheele menschelijke samenleving doordrongen is geweest4 #aj4 ,zoolang deze grondfouten1 deze organisatie en deze klassenverdeeling door de autoriteiten en door de publieke opinie worden ondersteund1 is eene genezing van het kwaad niet te verwachten4 #aa4 ,wanneer de wil van het volk ten opzichte van deze1 de welvaart en het geluk van elk individu in zich bevattende kwesties1 verheldering wenschte en tot eene oplossing wilde komen1 zijn er tegenwoordig genoeg middelen voorhanden1 om allen die tot het menschelijk geslacht behooren1 beter1 wijzer1 deugdzamer1 rijper en gezonder te maken dan ooit te voren--zelfs met de individuen der bevoorrechte klassen--het geval is geweest4 #ab4 ,het is thans1 buiten allen twijfel van het hoogste belang voor de menschheid1 voor elk menschelijk wezen1 onverschillig van welken rang of positie1 dat deze grondfouten der samenleving1 die der organisatie en die verdeeling in klassen1 publiek en zonder eenig voorbehoud worden veroordeeld en worden opgegeven4 #ac4 ,de verwerving dezer kennis door een deel van de samenleving1 is een genoegzaam bewijs1 dat de tijd gekomen is1 waarin deze groote omwenteling in den geest der menschen1 zich begint te voltrekken4 #ad4 ,de ontdekking van deze zeer gewichtige waarheden en de mededeeling derzelven aan het publiek van de beschaafde wereld1 zal noodzakelijk tengevolge hebben1 dat eene groote verandering bewerkstelligd en algemeen zal worden doorgevoerd2 in weerwil van de nog heerschende onkunde en het aangekweekte vooroordeel4 #ae4 ,die omwenteling zal vrede1 zal liefde en welstand1 deugd en geluk in het menschelijk leven brengen1 en er kunnen de grootste en de heerlijkste resultaten door worden bereikt4 #af4 ,die grondfouten1 die desorganisatie en die klassenverdeeling1 zij hebben zekere verbindingen van uitwendige omstandigheden noodig gemaakt1 om bij de klagelijke omstandigheid en de verwarring waarmede de zaken van de menschheid tot-nog-toe werden bestuurd en geleid1 zoovele dwalingen te kunnen doen samenwerken4 #ag4 ,de mensch was1 is1 en zal steeds zijn1 het gewrocht zijner omgeving2 van de omstandigheden om hem heen4 ,de werking dezer omstandigheden wordt in geringe1 niet nauwkeurig te bepalen mate gemodificeerd1 door de eigenlijke gesteldheid en de verbinding van de organen en de geschiktheden van de individueele organisatie der menschen4 #ah4 ,de hoogere of lagere ontwikkeling1 de ellende1 of het geluk van de menschen1 hangen in zeer hoogen graad af1 van den aard en den toestand der uiterlijke omstandigheden1 welke den mensch omgeven4 #ai4 ,de bevrijding van die hoofddwalingen1 van de desorganisatie en de klassenverdeeling1 welke in het verleden en het heden1 den chaotischen1 foutieven en onzinnigen toestand van de samenleving geschapen hebben1 wordt in het leven geroepen door eene volkomene verandering van de1 tegen het gezond verstand indruischende uitwendige omstandigheden1 welke deze grondfouten1 deze desorganisatie en deze klassenverdeeling ter hunne voortduring noodzakelijk gemaakt hebben1 in tegenstelling met de nieuwe feiten1 welke door den tijd en door de ervaring gestadig in een of ander deel van de wereld1 tot ontwikkeling gekomen zijn4 #bj4 ,eene gansch nieuwe orde van de uitwendige omstandigheden1 kan thans in het leven geroepen worden1 met behulp der middelen1 die onder de gemakkelijkste contrle van de maatschappij kunnen staan4 ,eene orde van zaken scheppen1 die onfeilbaar voor het menschelijk geslacht een hooger karakter als tot dusver bereikt is--en een verreweg hoogeren welstand voor allen1 als tot dusverre geheerscht heeft zullen in het leven roepen1 van omstandigheden1 welke aan alle oorlogen en aan alle tweedracht tusschen personen1 zoowel als tusschen volkeren1 een einde kan maken4 ,en eene welke vrede1 vriendschap en liefde tot hun recht zullen doen komen en die een verreweg hoogeren graad1 van bestendig toenemend weten en welzijn1--als tot dusverre gekend was1--voor alle menschen grondvesten zal4 #ba4 ,deze uitwendige omstandigheden zullen bestaan3 uit zichzelf instandhoudende en op wetenschappelijke grondslag berustende instellingen voor de voortbrenging en de verdeeling van den rijkdom2 voor de huiselijke gemakkelijkheid van allen2 voor de ontwikkeling van het karakter van allen1 van af de geboorte tot aan den ouderdom en van de lokale en algemeene regeering van allen1 zonder ter hulpe te nemen1 het tot dusver gevolgde onrechtvaardige en barbaarsche systeem1 van persoonlijke straffen en persoonlijke belooningen4 #bb4 ,deze nieuwe instellingen zullen zijn1 inrichtingen waarvan elk1 voor de opname en de instandhouding eener gemeente van #ejj tot #bjjj personen 7in de gewone verhouding van mannen1 vrouwen en kinderen72 welke gemeenten zich rijkelijk zelven onderhouden kunnen1 met behulp van den hoogeren trap van hun weten en hun goed geleide nijverheidsvlijt1 en ondersteund worden door de onbegrensde hulpmiddelen van de mechaniek en de chemie1 welke tot bevrijding van alle ongezonde en weerzinwekkende verrichtingen van het leven1 in praktijk kunnen worden gebracht4 #bc4 ,deze doeltreffende veranderingen van de uitwendige toestanden1 welke er toe bestemd zijn1 de gestadige vooruitgang en het steeds groeiende geluk van het menschelijk geslacht te verzekeren1 kunnen met veel geringer offers van kapitaal1 van tijd en van arbeid1 toegepast en in stand gehouden worden1 als thans noodig is1 om den tegenwoordigen chaotischen en op tegenstrijdigheden berustenden toestand van de maatschappij1 in stand te houden #bd4 ,de volkomen verandering van den tegenwoordigen1 in den nieuwen toestand1 kan plaats vinden1 zonder eenige wanorde of verwarring teweeg te brengen1 en kan door eene1 op voor elk individu weldadige wijze1 worden in 't leven geroepen4 ,in den loop dier discussie had ,owen nog verder de gelegenheid1 om zijne meeningen nader uiteen te zetten4 ,hij zeide toen ook nog dit3 ,wanneer het nu toch zoo gemakkelijk is de dwalingen van de samenleving te bewijzen1 hoe is het dan mogelijk1 dat zij zich duizende jaren achtereen1 hebben kunnen staande houden8 ,ik moet hierop antwoorden3 door een drieenigheid van machten--door geheimzinnige1--tegen het gezond verstand indruischende godsdiensten2 door menschelijke wetten1 die met de wetten der natuur in strijd zijn en door regeeringen1 die op onrecht en geweld steunen4 ,de gansche wereld wordt volgens deze principes geregeerd2 ons geheele maatschappelijke systeem is er op gebaseerd4 ,en onze belachelijke en domme verdeeling van de menschen in klassen1 een toestand1 wier werzinwekkendheid ik nu wil daar laten1 is tegenwoordig de hoofdsteunpilaar van deze avontuurlijke en werzinwekkende verhoudingen4 ,owen nam nu een aantal houten wervels van verschillende grootte1 waarmede hij de positie en de verhouding der verschillende klassen tot elkander1 wilde aantoonen en verklaren4 ,de grootste dezer wervels1 zeide hij1 stelt de totaal-bevolking van ,groot-,brittanje voor4 ,die welke er in grootte op volgt en ongeveer het drie-vijfde van de grootte der grootste heeft1 stelt de talrijkste klasse voor3 die der arbeiders1 welke de voortbrengers zijn van alle rijkdom en desniettegenstaande1 in de diepste onwetendheid en armoede leven4 ,dat deze belangrijkste1 de eenig onontbeerlijke klasse van de bevolking tot zulk een ellendig bestaan gedoemd is1 kan geen enkel lid van de menschelijke samenleving tot waar voordeel strekken4 ,de volgende wervel stelt voor3 de dieven1 de vagebonden en de paupers4 ,de vierde1 die welke de kleine-kramers voorstelt1 heeft tot levensregel3 goedkoop inkoopen en duur verkoopen4 ,dan volgen de kooplieden1 bankiers1 de groothandelaren1 fabrikanten en de zoogenaamd geleerde standen4 ,dan het leger en de vloot1 waarbij een mensch als een ruw en ongevormd wezen toetreedt1 na weinig weken is gevormd tot een volkomen1 niet-weder-te-herkennen individu1 omgedrild en ingewijd wordt in de verbazend verhevene wetenschap om zijne medemenschen1 op het gemakkelijkst naar een anderen wereld te helpen4 ,dan komen de grondeigenaren en de adel4 ,dan de clerus en de ,huizen der ,lords en de leden van het ,lagerhuis4 ,de kleinste wervel stelt de koninklijke familie1 de bisschoppen en de aartsbisschoppen voor4 ,en de groote massa nu wordt door dit allerkleinste werveltje geregeerd6 ,dit is toch wel een kinderachtige orde van zaken1 waarbij niemand voordeel heeft6 ,men heeft mij tegengeworpen1 zeide ,owen vervolgens bij de discussie3 ik troost de menschen met de toekomst1 ik spijzig hen met een wissel op de eeuwigheid6 ,wie kan echter van mij verlangen1 dat ik de wereld verander met n handomdraaien8 ,ik wil geen wonderen verrichten2 ik wil alleen de fouten en gebreken van den tegenwoordigen toestand en hare ontwikkeling aantoonen en de mogelijkheid aangeven1 om tot verbetering dier toestanden te geraken4 ,heeft het ,christendom soms het welzijn van de menschheid bevorderd1 op de een of andere manier8 ,ik vraag ,u3 wat hebben wij in de #ahjj jaren1 waarin de christelijke religie bestaan heeft1 door dat christendom gewonnen8 ,welk nut heeft het ons gebracht8 ,wat waren zijne daden8 ,wat waren zijne werkingen8 ,ik heb alleen ontdekt1 dat sedert het ,christendom bestaat1 de christenen van elken aard1 van elke sekte1 confessie en partij1 gestadig elkander hebben bevochten2 wegens hunne geloofstellingen1 elkander in de haren zijn gevlogen en elkander uitgeroeid hebben6 ,en wanneer ik bedenk1 hoe de christenen overal en sedert alle tijden1 door alle menschelijke ondeugden en fouten bevangen waren2 hoe liefdeloos1 hatelijk1 egostisch en gruwzaam zij overal en ten allen tijde1 onder elkander1 en tegen andersdenkenden waren1 dan1 moet ik zeggen houd ik het voor een zeer groote dwaasheid1 te spreken van de zegeningen des christendoms44444 ,ik weet niet wanneer de menschelijke samenleving verstandig zal zijn ingericht1 maar dat weet ik er wel van1 dat1 wanneer dit eenmaal zal zijn geschiedt--en ik hoop dat dit niet zoo lang meer zal duren1--dat dan niet #ahjj jaren behoefden te verloopen1 alvorens de menschheid geleerd zal hebben1 in vrede en vriendschap gelukkig onder elkander en met elkander te leven4 4444,tegen de stelling1 dat het karakter der menschen het produkt van uitwendige inwerkingen is1 heeft men voorts aangevoerd1 elk mensch heeft een hem aangeboren1 hem ingeplant geweten4 ,niets kan meer in strijd zijn met alle waarheid en elke ervaring4 ,de waarheid is deze3 het geweten wordt juist zoo en net zoo gefabriceerd1 als een katoenenstof of een of andere waar4 ,voor een ,hindoe kunnen wij een ,hindoe-geweten vervaardigen1 voor een ,kannibaal een kannibalen-geweten enz44444 ,men werpt mij tegen3 ik wil den menschen tot machines maken4 ,laat dit zoo zijn2 dan wil ik toch in elk geval goede machines van hen maken en dit is ongetwijfeld mogelijk4 ,en zonderling1 die menschen1 die het in mij laken1 dat ik den mensch voor het produkt der omstandigheden verklaar1 loochenen het in weerwil daarvan1 dat de menschen de omstandigheden contrleeren kunnen en drijven hunne inkonsekwentie nog verder1 waar zij aannemen1 dat dezen mensch1 die de omstandigheden niet vermag te contrleeren1 tch voor zijne handelingen verantwoordelijk gesteld kan worden4 ,robert ,owen had zijn gansche leven lang de illusie gekoesterd1 en dit had hij gemeen met zijne tijdgenooten1 de ,utopisten in ,frankrijk1 dat de ,vorsten en ,grooten der aarde in hun eigen belang1 gelijk hij meende1 zijne sterkste medewerkers zouden worden bij zijn hervormingsplannen4 ,zijn geloof was ijdel2 maar tot aan het laatst van zijn leven1 dat hij zonderling genoeg1 als spiritist eindigde1 is hij1 desondanks blijven gelooven aan de waarheid van zijn stelsels en aan de toekomst van zijne plannen4 ,in het jaar #ahah1 toen te ,aken het congres der ,heilige ,alliantie tezamen kwam1 wendde ,owen zich tot deze bijeenkomst1 om te trachten haar te winnen voor zijne wereld-hervorming4 ,hij richtte toen zijn ,adres aan de hoofden der ,regeeringen en der ,kerken en aan de ,mannen van den leidenden invloed in de beschaafde ,wereld1 waarin hij o4 a4 zeide3 ,opdat de groote en glorierijke hervorming van den toestand der menschen1 zonder wanorde en verwarring1 en zonder nadeel voor welk individu ook1 zich kan voltrekken1 behoorden de bestaande regeeringen1 elk een of meer1 van de ervarenste en voor dezen arbeid meest geigende persoonlijkheden in de respektieve ,staten te benoemen1 welke een ,congres zouden moeten bijeenroepen op een plaats1 die zich daartoe het best leende1 ten einde zich daarop te verstaan1 omtrent de meest praktische maatregelen1 waardoor eene hervorming op de voor beide deelen1 regeeringen als volken1 heilzaamste manier is tot stand te brengen4 ,natuurlijk had de ,heilige ,alliantie geen ooren naar ,owen's voorstellen1 evenmin als zij dit had1 naar die van de ,saint-,simon of ,charles ,fourier1 die zich tot haar wendden4 ,wat de arbeidersbeweging in ,engeland betreft1 is ,owen wel de eenige econoom van zijnen tijd geweest1 die de beteekenis van de ,trade ,unions voor de positie van den arbeid tegenover die van het kapitaal1 heeft begrepen4 ,in den tijd van ,owen1 was er niet n staathuishoudkundige van naam1 die niet in de individueele vrijheid het hoogste heil van de menschheid en voor de nijverheid1 van het allervoornaamste gewicht achtte4 ,owen trachtte de ,trade ,unions dienstbaar te maken aan zijne algemeene plannen1 tot hervorming van den arbeid4 ,door middel van de algemeene ,vakbond der ,engelsche arbeiders trachtte hij dat te doen4 ,hij streefde hiermede1 in den grond der zaak een denkbeeld na1 dat aan de besten onder de ,engelsche ,trade ,union-mannen steeds heeft voor den geest gestaan1 maar tot op den huidigen dag1 nog niet verwezenlijkt is4 ,in ,september #ahcc hield ,owen een toespraak op het ,congres der ,builders-,union1 waarin hij de stelling ontwikkelde1 dat de arbeid de bron is van alle rijkdom en dat die rijkdom voor de voortbrengers kon behouden blijven door een wereldverbond van de voortbrengende klassen4 ,de stichting van een ,algemeenen ,bond van de voortbrengende klassen in #ahcd1 was het gevolg van de ,owensche agitatie4 ,hij werd gevolgd door die der ,grand ,national ,consolidated ,trade ,unions1 die meerdere invloed had dan de eerstgenoemde1 en welker agitatie en propaganda1 zelfs1 nadat hij zelve niet meer bestond1 van grooten invloed is geweest op de denkbeelden van de vakvereenigingsmannen in ,engeland4 ,het ,owensche socialisme heeft in ,engeland lange jaren eene krachtige school gevormd1 onder arbeiders1 zoowel als onder intellektueelen4 ,tot ,owen's beste scholieren kan ,william ,thompson worden gerekend1 die1 grondiger econoom1 dan hij1 vooral de theorien uitwerkte en ze propageerde4 ,den #ag;en ,november #aheh blies ,owen1 als een zwakke en op het laatst geheel hulpelooze grijsaard1 den laatsten adem uit4 ,zijn laatste woorden waren1 schrijft zijn zoon3 ,de verlossing is gekomen6 ,zij was dit inderdaad voor den man1 die zoo oud werd en in zijn leven van een groot vertrouwen in de menschheid1 zooveel teleurstelling ondervond en zooveel smaad oogstte4 ,wat ,owen gemeen had met zijn groote tijdgenooten1 ,saint-,simon en ,fourier1 dat was zijne utopistische wereldhervormingzucht2 wat hem van hen onderscheidde1 dat was zijne praktische blik op de industrieele vooruitgang1 waarvan door hem zoo dikwerf de blijken gegeven zijn4 ,owen zag dan ook in de toename van de groot-industrie op nijverheidsgebied niets1 dat aan-zich slecht is en verderfelijk1 gelijk de conservatieve socialisten van zijn tijd bijv41 maar iets dat alleen in staat is1 de wereld beter te maken4 ,door de geweldige toename van den rijkdom1 die alleen kon worden in het leven geroepen door de produktie op den grootst mogelijken schaal1 alleen daardoor kon ook1 volgens ,owen1 de menschheid datgene bereiken wat zij bereiken moest1 n4l4 een algemeen-maken van de opbrengsten van den arbeid3 een communisatie van de nationale goederen4 ,owen wilde nooit terug1 maar steeds vooruit4 ,en het is vooral hier1 bij dat punt in ,owen's beschouwingen1 dat de latere sociaal-demokraten1 dat ,marx heeft kunnen aanknoopen4 ,omdat1 gelijk men later zal zien1 ,marx het kapitalistisch produktiestelsel als een historisch proces in de ontwikkeling der maatschappelijke produktie beschouwt1 dat zich1 hoofdzakelijk door zijn eigene voortontwikkeling1 zelve oplossen moet4 ,de ontwikkelings- en bewegingswetten van het kapitalistische stelsel1 waardoor dit zal moeten geschieden1 heeft ,marx later ontdekt4 ,maar dat de moderne groot-produktie op den grootstmogelijken voet en met de meest volmaakte produktiewerktuigen en krachten1 de hefboom is1 voor de vooruitgang van de menschheid naar de communistische samenleving1 is een ontdekking door ,robert ,owen gedaan1 in een tijd1 toen de kapitalistische groot-industrie1 in verhouding tot de middelen waarover zij later beschikte1 nog in hare kinderschoenen stond4 ,de eene groote ,utopist1 de graaf de ,saint-,simon1 profeteerde dat de toekomst aan den arbeid was1 en verklaarde de politiek voor de wetenschap der produktie4 ,de andere1 ,charles ,fourier1 uit burgerlijker kringen voortgesproten1 critiseerde op geweldige wijze de burgerlijke samenleving en toonde aan1 dat de armoede in onze maatschappij uit overvloed voortkomt4 ,en de derde1 ,robert ,owen eindelijk1 ontdekte den arbeid als den bron van allen rijkdom in de kapitalistische maatschappij1 d4 w4 z4 als de eenige voortbrenger der ruilwaarden2 en ontdekte voorts1 dat in de nijverheid1 de menschheid niet terug moet naar de klein-produktie1 maar integendeel1 vrder voort moet op den weg van de groot-produktie4 ,bovendien heeft de laatste1 praktisch aangetoond1 den grooten invloed die er uitgaat van het stoffelijk milieu op den mensch en van de veranderingen1 die deze als sociaal wezen1 daardoor kan ondergaan4 ,al heeft dit ,owen ook hier en daar overschat1 het blijft een feit1 dat hij der wereld met de bewijzen in den hand heeft aangetoond1 van hoeveel gewicht1 de verandering van het sociaal milieu op de samenleving is en kan worden4 ,,tweede ,,gedeelte4 ,,hoofdstuk ,i4 ,,de ,,ontwikkeling ,,der ,,philosophie4 ,de critiek op de physikalisch-materialistische en idealistische philosophie van ,kant1 ,fichte en ,hegel1 is ten allen tijde ,marx' sterkste wapen geweest4 ,hij is daardoor gekomen1 tot zijne levens- en wereldbeschouwing en als resultaat daarvan1 tot de grondlegging van de sociaal-demokratie als wetenschappelijk stelsel4 ,marx volgde hierbij--gelijk in zijn gansche werk--de induktieve methode1 die vanaf ,bacon van ,verulam en ,descartes1 tot de resultaten der moderne natuurwetenschappen heeft geleid4 ,hij paste haar toe op de geschiedenis en ook op de economie4 ,deze critiek nu moest leiden1 tot eene vereeniging van de materialistische levensbeschouwing met de philosophie van ,kant1 ,fichte en ,hegel2--welke vereeniging tot het historisch materialisme geleid heeft1 en van druit1 tot eene wetenschappelijke grondlegging van het ,socialisme heeft kunnen leiden4 ,deze vereeniging geschiedde niet1 door eene bloote samenvoeging van beiderlei wereld- en levensbeschouwingen1 maar door de critiek daarop uitgeoefend4 ,critiek van een zoodanigen aard1 dat het mogelijk was1 het met de moderne ontwikkeling der maatschappij overeenkomende te behouden voor eene voortontwikkeling1 en eene verwerping1 van wat in het een1 noch in het andere stelsel1 houdbaar bleek te zijn4 ,uit den smeltkroes van deze critiek1 die ,marx met behulp van het machtige wapen der dialektiek--de groote philosophische denkvrucht1 waaraan den naam van ,hegel voor altijd is verbonden--uitoefende1 kwam het historisch-materialisme als een zuiver goud te voorschijn4 ,en het is met behulp van dit1 door harden arbeid gewonnen resultaat1 dat ,karel ,marx in staat was1 het kapitalisme1 als produktievorm en als maatschappelijk verschijnsel1 als het ware onder den mikroscoop van zijn geweldig critisch talent te nemen2 het binnenste binnen van dat stelsel1 de wetten die het beheerschen en evolutioneeren na te gaan en op deze wijze ook af te leiden1 langs wlken weg en in wlken vorm het zich zal en zich moet oplossen1 in het communisme4 ,de grondkwestie van alle philosophie1 de strijd tusschen ,idealisme en ,materialisme2 de verhouding van ,subject en ,object2 de vraag of ,denken of ,zijn1 of ,geest of ,natuur het oorspronkelijkst zijn2 of een ,god de wereld geschapen heeft1 of dat de wereld van af de eeuwigheid bestaat1 heeft reeds den denkers van uit de oudheid bezig gehouden en zelfs in het kerkgeloof van de middeneeuwen1 vond dienzelfden strijd1 reeds dikwerf werklank4 ,zij dook met nieuwe kracht weder op1 toen bij den aanvang van het burgerlijk tijdvak1 de economische ontwikkeling en dientengevolge de natuurwetenschappen1 een snellen opbloei begonnen te nemen4 ,de geboorteplaats van het nieuwere ,materialisme is dan ook ,engeland2 het land van de burgerlijke ontwikkeling door handel en industrie bij uitnemendheid1 en zijn baanbreker is ,bacon van ,verulam geweest4 ,john ,locke leerde daarna1 dat niets in den geest kan zijn1 dat niet daarvr in de zinnen bestond4 ,hij grondvestte de philosophie van het gezonde menschelijk-verstand4 ,hij wilde daarmede zeggen1 dat er geene van de gezonde menschelijke zinnen en het op hen berustend verstand verschillende1 philosophie bestaan kon4 ,hij scheidde politiek en godsdienst van elkander2 bestreed in tegenstelling met ,hobbes der ,staatsmacht het recht om de meeningen den menschen op te dringen of ze uit te delgen2 hij predikte voorts de burgerlijke verdraagzaamheid als de hoogste moraal4 ,in weerwil daarvan1 bleef het ,engelsche ,materialisme een esoterische theorie1 een geheimleer voor de bovenste-tienduizend en nog meer eene voor de aristokratie1 dan voor de bourgeoisie4 ,het ,engelsche volk was er niet door beroerd geworden en reeds van boven-af1 werd de uitspraak gehoord1 dat men het volk zijne religie niet ontnemen mocht4 ,in de #ah;de eeuw ontdekte ,hartley1 een materialistisch denker1 het menschelijk denken en gevoelen door hersenbewegingen1 verklaarde dit laatste dus op materialistische wijze4 ,maar dezelfde wijsgeer trachtte de zekerheid van de wonderen uit den ,bijbel1 eveneens aan te toonen1 op theologische wijze4 ,toenmaals gold voor den ongeloovigen denker1 iemand die juist geen materialist was1 namelijk de philosoof ,david ,hume1 die wel-is-waar elk kerkgeloof verwierp1 maar evenzoo ook het ,materialisme1 doordien hij aan de menschelijke zinnen1 eene uitputtende kennis van de wereld bestreed4 ,zooals ,locke het fransche ,materialisme1 zoo deed ,hume het duitsche ,idealisme geboren worden4 ,was de eerste1 de erkende voorlooper van ,diderot1 d',alembert enz41 de laatste was die van ,kant4 ,op het vasteland van ,europa1 had zich in de wijsbegeerte van de #ag;de eeuw1 doordien mannen als ,descartes1 ,spinoza en ,leibnitz meest beduidende mathematici en physici waren1 de ,idealistische en de ,materialistische wereldbeschouwing tamelijk wel1 in evenwicht gehouden4 ,in den aanvang van de #ah;de eeuw evenwel1 ontwikkelde zich het fransche ,materialisme1 als zelfstandige verschijning4 ,het splitste zich in twee richtingen1 die zich wel-is-waar menigmaal kruisten1 maar toch in wezenlijkheid van elkander verschilden4 ,de eene van deze richtingen1 ging van ,descartes uit en beperkte zich meer of minder1 tot de zuivere natuurwetenschappen4 ,de andere1 nam de door ,locke gesponnen draden weder op4 ,zij was aanvankelijk eene aristocratische leer1 maar allengs erkende de1 naar de macht strevende burgerklasse1 dat het haar een machtig wapen kon zijn1 in haren strijd tegen koningschap1 adel en geestelijkheid4 ,het fransche ,materialisme van de #ah;de eeuw1 verhelderde niet alleen de hoofden ten opzichte der godsdienst1 maar het greep diep in het politieke en sociale leven van het ,frankrijk dier dagen in4 ,helvetius1 de eigenlijke grondlegger van het fransche ,materialisme1 verklaarde in zijn boek ,de l',homme 7,over den mensch7 dat de grondslagen der moraal waren3 de zinnelijke eigenschappen en de eigenliefde1 het genot en het welbegrepen persoonlijk belang4 ,hoofd-gezichtspunten van zijn systeem waren3 de natuurlijke gelijkheid van de menschelijke intelligenties1 de nheid tusschen de vooruitgang van de rede en de vooruitgang van de industrie2 de natuurlijke goedheid van de menschen en de macht van de opvoeding4 ,het fransche ,materialisme vond zijn toppunt in de beroemde ,encyclopedie2 zooals het zijn politieke omzetting vond in de verklaring van de beroemde ,rechten van den ,mensch4 ,het verliep in het utopistisch socialisme1 dat aan zijne theorien ontleende1 de beschouwingen over de oorspronkelijke goedheid en de gelijke intellectueele begaafdheid van den mensch1 de almacht der ervaring1 gewoonte en opvoeding2 de invloed der uitwendige omstandigheden op den mensch2 de hooge beteekenis van de industrie1 het recht op genot enz41 gelijk wij dit bij de behandeling van hunne stelsels1 in het eerste gedeelte van dit boek1 hebben kunnen zien4 ,in weerwil van deze schitterende resultaten1 rustte het fransche ,materialisme evenwel nog op een wankelen grondslag4 ,de natuurwetenschappen hadden1 wel-is-waar groote vorderingen gemaakt1 maar eerst de mechaniek was tot een behoorlijk resultaat gekomen4 ,chemie en biologie stonden nog in hunne kinderschoenen2 men wist nog niets van eene ontwikkelingsleer der natuur en kon dus nog niets weten omtrent eene evolutie in de geschiedenis4 ,de natuur bewoog zich in een eeuwige kringloop1 en de menschelijke natuur1 aldus was de beschouwingswijze1 was van den aanvang af gelijk1 zij werd bij tijd-en-wijle verduisterd1 zooals in de ,middeleeuwen1 maar dan weder1 was zij strevende naar hare natuurlijke rechten4 ,het ,materialisme beroerde nog den innerlijken samenhang van de wereldraadsels niet4 ,zoo kon het ,idealisme1 het nog weder eens op zich nemen1 met te trachten deze raadsels op te lossen en zij deed dit in de duitsche philosophie van op het uiteinde der #ah;e en aan den aanvang van de #ai;e eeuw4 ,kant's ,kritiek van de zuivere ,rede1 werd in het ,revolutiejaar #aghi algemeen bekend4 ,het duitsche ,idealisme1 zooals het door ,kant is geleeraard1 was wel-is-waar een terugslag op het engelsch-fransche ,materialisme1 maar geenszins was het een reactie daarop4 ,kant versloeg het ,materialisme met succes op zijn eigen gebied1 doordien hij het principe van de ontwikkeling1 in de natuur binnenleidde4 ,hij loste de eeuwigen duur van het zonnesysteem op1 doordien hij het ontstaan van de ,zon en dat van alle ,planeten1 uit roteerende nevelmassa's verklaarde4 ,zelfs sprak hij in zijne ,populaire ,voorlezingen reeds het denkbeeld van de ontwikkeling van de menschen uit het dierenrijk uit1 als iets dat van-zelf sprak4 ,uitdrukkelijk verwierp hij de leer van het oudere ,idealisme1 dat alle kennis door ervaring en de zinnen verkregen1 niets was dan louter schijn en er slechts in de iden van de zuivere rede1 waarheid is4 ,hij zeide omgekeerd3 alle kennis van dingen uit de enkele1 zuivere rede1 is niets dan louter schijn en slechts in de ervaring is er waarheid4 ,kant's wezenlijke arbeid bestond juist hierin1 dat hij1 aanknoopend aan ,david ,hume1 het kenvermogen van den mensch onderzocht en door de critiek van de zuivere rede1 de gansche ervaring1 tezamen met alle historische en exacte wetenschappen omkeerde1 door de eenvoudige stelling dat onze begrippen zich niet naar de voorwerpen richten1 maar de voorwerpen naar onze begrippen2 dat wij de dingen buiten ons niet zien1 zooals zij zijn1 maar zooals zij aan onze onvolkomen zinnen zich voordoen2 dat de gansche verschijningswereld tot op de zinnelijke aanschouwing van ruimte en tijd1 voor de menschen1 alleen slechts in de menschelijke voorstelling bestaat1 terwijl zich achter haar het absolute wezen van de dingen1 het ding-aan-zich verbergt1 in een ondoordringbaar duister4 ,aan de eene zijde waren hiermede ,denken en ,zijn verzoend1 maar aan de andere zijde1 gingen zij daarmede zooveel te verder1 weder uit elkander4 ,kant loste het wereldraadsel niet p1 hij verklaarde het voor onoplosbaar4 ,in de dingen zelf kunnen geen tegenspraken bestaan1 want alles wat een tegenspraak bevat1 is onmogelijk1 daarentegen verwikkelt ons het denken in onvermijdelijke tegenspraken4 ,dit was de grondslag van de beroemde ,antimonien van ,kant1 zooals daar zijn3 begrensdheid en onbegrensdheid van de wereld1 deelbaarheid en ondeelbaarheid van de materie1 vrijheid en noodwendigheid4 ,brak nu ,kant de objektieve wereld geheel en al af1 terwijl hij haar bestaan in de werkzaamheid van het menschelijk bewustzijn oploste1 ,fichte bouwde haar1 tegelijkertijd op ,kant's theorien voortbouwend en hen omscheppend1 weder uit het menschelijk bewustzijn op4 ,fichte was met de natuurwetenschappen van nabij1 niet bekend4 ,het ,ik1 d4 w4 z4 de mensch1 niet als individu1 maar als soort1 was voor hem het werkelijke ,ding-aan-zich1 het menschelijk bewustzijn niet de spiegel1 maar de schepper van de objektieve wereld1 welker bestaan zich niet uit de zuivere denkvormen laat verklaren1 maar welker bestaansvormen1 door het zuivere denken voortgebracht geworden zijn4 ,uit hen leidde ,fichte1 ruimte en tijd1 kwantiteit en kwaliteit1 mogelijkheid1 werkelijkheid en noodzakelijkheid af4 ,het denken is een zelfstandig proces1 dat zich met noodwendigheid voltrekt4 ,met elke stelling is zijne tegenstelling gegeven1 en in de voortdurende overwinning van deze gestadige tegenspraken1 door eene hoogere eenheid1 beweegt de idee zich vooruit4 ,hiermede nam ,johan ,gottlieb ,fichte de oud-,grieksche1 dialektische-philosophische methode weder op4 ,deed hij nu echter uit de zuivere innerlijkheid van het subjekt1 het objekt geboren worden1 zoo werden geest en natuur een en hetzelfde4 ,en inderdaad verklaarde ,fichte1 het ,ik1 dan ook voor het subject-objekt4 ,op zijne theorien voortspinnend en tegelijk hen weder omscheppend1 voerden ,schelling en ,hegel daartegen aan3 wanneer subjekt en objekt een-en-hetzelfde zijn1 dan is geen van hen beiden de zaak-zelf2 het subjekt zoo min als het objekt1 het denken zoo min als het zijn1 den geest zoo min als de natuur2 maar elk van hen1 is dan slechts ne zijde van de zaak en de geheele zaak is niets anders dan het proces1 dat door beide heengaat en in den geest van den mensch1 tot het bewustzijn van zich-zelf komt4 ,bij ,schelling bleef de identiteit van subjekt en objekt een blooten inval4 ,bij de pogingen om haar te begronden1 geraakte hij hoe langer hoe meer in eene phantastische natuurphilosophie verward1 totdat hij tenslotte belandde bij het openbaringsgeloof4 ,hegel daarentegen1 vatte de absolute ,idee1 die hij voor de levenwekkende ziel van de gansche wereld verklaarde1 als een logisch en historisch proces op4 ,de geest1 het aan-zich en voor-zich bestaande ,ik1 wordt in verschillende ontwikkelingsphazes eerst bewustzijn1 dan zelfbewustzijn1 dan beschouwend en dan handelend verstand1 tenslotte den zich-zelf-begrijpenden gevormde en religieuzen geest4 ,dan zet bij zich om in de natuur1 waarin hij als blinde noodzakelijkheid werkt en arbeidt zich in de geschiedenis uit het ruwe weder op1 tot dat hij zich-zelf begrijpt4 ,dit historisch proces1 is slechts een afspiegeling van het logische proces1 dat zich onbekend met het3 wanneer8 en het3 waarheen8 voltrokken heeft4 ,hegel vatte aldus het historische1 tevens als een logisch proces op4 ,waar ,kant de ontwikkeling in de natuur leidde1 daar leidde ,hegel haar de geschiedenis binnen4 ,waar ,fichte aan de dialektische methode weder aanknoopte1 daar maakte ,hegel haar tot den springenden fontein des levens4 ,met het begrip ,zijn1 is ook het begrip van niet-,zijn gegeven1 en uit den strijd van beiden1 ontstaat het hoogere begrip van het ,worden4 ,alles bestaat en bestaat tegelijk niet1 want alles is in vloed en is voortdurend onderworpen aan eene gestadige verandering1 is onderworpen aan een voortdurend en nooit stilstaand proces van ,worden en ,vergaan4 ,de dialektische beweging van de duitsche philosophie voltrok zich dus aldus1 dat ,kant's stelling3 ,alles wat een tegenspraak in zich bevatte is onmogelijk1 omsloeg in de stelling van ,hegel3 ,wat over het algemeen der wereld beweegt1 is de tegenspraak4 ,hiermede nu was iets bereikt1 dat men eene overwinning kon noemen op het engelsch-fransche ,materialisme4 ,de dialektische beweging in de natuur zelf in te voeren en haar aan te nemen1 is eerst mogelijk geworden1 nadat de natuurwetenschappen die geweldige vooruitgang hadden gemaakt1 gelijk dat het eerst in de tweede helft van de #ai;e eeuw het geval is geweest4 ,hier heeft de door ,kant gegeven stoot1 zijne afsluiting het eerst gevonden in de theorie van ,darwin1 waardoor de gansche organische natuur1 planten en dieren en daarmede ook den mensch1 als het voortbrengsel van een ontwikkeling wordt opgevat1 die zich1 in millioenen na millioenen jaren voortgezet heeft4 ,hegel evenwel1 kwam in dit opzicht niet boven de meeningen van de fransche ,materialisten uit1 de perken van de ontoereikende natuurkennis lieten dat ook destijds niet toe4 ,hij deelde nog de meening van de fransche ,materialisten1 dat de natuur een1 zich in gelijke kringloopen bewegend1 zich steeds gelijkblijvend geheel met eeuwige wereldlichamen1 met onveranderlijke vormen van organische wezens was4 ,maar hij doorbrak die beschouwingswijze toch1 voor zoover zij namelijk1 door de engelsche ,materialisten op de geschiedenis werd overgedragen4 ,hij vatte de geschiedenis van de menschheid op1 als een gestadig in beweging zijnd1 aan verandering en omschepping onderworpen1 van lager naar hooger opstijgend proces en hij beproefde door geweldigen geestesarbeid1 in de verschillende vakken van de historische wetenschap1 de inwendige tezamenhang1 de voortdurende phazenloop van dit proces1 door alle schijnbare dwaalwegen en toevalligheden heen1 te vervolgen4 ,dewijl hij de dingen als afspiegelingen van de begrippen opvatte1 kwam hij wel-is-waar tot al te willekeurige geschiedenisconstrukties1 maar daar halsstarrige dingen als historische feiten dit zijn1 zich niet zoo gemakkelijk onder het juk der begrippen dwingen laten1 kwam hij toch ook tot geniale blikken1 op de tezamenhang van de geschiedenis der menschheid4 ,kant's grondgedachte van alle moraal3 ,handel z dat gij de menschheid1 zoowel in uw persoon1 als in de persoon van elk ander1 tegelijk als doel en niet alleen maar als middel gebruikt1 kon ontstaan in een land1 waarin de burgerlijke klasse weinig en de proletarische klasse1 nog in het geheel niet ontwikkeld was4 ,en ,fichte liet erop volgen1 dat geen mensch andere krachten voor zich mag in gebruik nemen2 dat den mensch moet arbeiden1 maar niet als een lastdier1 dat onder den last1 in slaap neder zakt en na nooddruftige verkwikking weder tot het dragen van denzelfden last gewekt zal worden4 ,de mensch behoort angstloos met list en met vreugde te werken en tijd over te houden om zijnen geest en zijn oogen ten hemel te verheffen1 voor welker aanblik hij geboren is6 ,fichte brandmerkte met deze uitspraak en met anderen1 de feodale adel van zijnen tijd1 die lui en ondeugend was4 ,hij proklameerde de majesteit van het ,recht in deze stelling3 ,het ,recht moet gewoonweg bestaan en wie dit niet door zichzelven inziet1 moet tot dat inzicht gedwongen worden4 ,en daarnevens predikte ,fichte de vrijheid en de gelijkheid voor alles wat een menschelijk aangezicht draagt4 ,in zijn ,rechtvaardiging van de fransche ,revolutie zegt hij o4 a4 ,de eigendom kan geen anderen oorsprong hebben1 dan die van den arbeid4 ,wie niet arbeidt1 heeft niet het recht van de samenleving middelen tot zijn bestaan te verlangen4 ,in zijn ,grondslagen van het ,natuurrecht1 schrijft hij3 ,diegene1 welke niet zoo veel heeft dat hij ervan leven kan1 behoeft noch den eigendom van anderen te erkennen1 noch achting te hebben voor dezelve1 daar de grondslagen van het maatschappelijk verdrag1 tot zijne schade aangetast zijn geworden4 ,elkeen behoort eigendom voor zich te hebben2 de samenleving is verplicht1 allen van arbeidsmiddelen te voorzien en allen moeten arbeiden om te leven4 ,in zijn ,rechtsstaat1 voorspelt hij1 dat eene gemeenschappelijke organisatie komen moet1 welke realiseeren zal1 wat hij als ,recht verlangt4 ,de arbeid en de verdeeling zullen gemeenschappelijk georganiseerd zijn2 elkeen ontvangt voor een nauwkeurig bepaald deel arbeids1 een bepaald gedeelte van het kapitaal1 hetwelk zijn eigendom1 naar de mate van het recht vaststelt4 ,het eigendom zal alzoo algemeen verbreid zijn4 ,niemand mag overvloed hebben1 zoolang niet allen van het noodzakelijkste voorzien zijn4 ,en het eigendomsrecht aan voorwerpen van weelde1 ontbeert dien grond in zooverre1 dat niet elk burger zijn aandeel kan bekomen1 van dien eigendom4 ,de landlieden en de arbeiders zullen zich behooren te vereenigen1 teneinde zoovl mogelijk1 met zoo weinig mogelijk inspanning van krachten te kunnen voortbrengen4 ,in zijne verhandeling over ,de gesloten ,handelsstaat1 die in #ahjj verscheen en aan den pruisischen minister van finantin ,struensee opgedragen was1 werkte ,fichte bovengenoemde socialistische gedachten verder uit1 bestreed hij de theorien van ,adam ,smith1 de vrije concurrentie-leer en het denkbeeld1 dat de ,staat zich heeft te beperken1 tot een bescherming van het recht4 ,maar hij neemt daarbij toch weder een ander standpunt in1 dan de fransche en engelsche socialisten van zijnen tijd2 hij is ook drin een tegenstander van ,adam ,smith1 dat hij van de bepaling van de waarde der goederen door den arbeid1 niets wil weten2 hij ziet in den vrijen handel1 eene onhoudbare overlevering uit de denkwijze onzer voorouders4 ,voor de moderne naties1 meende hij1 geldt niet meer1 wat voor de middeneeuwsche eenheid van het christelijk ,europa gold4 ,fichte erkende evenwel in zijn tijd reeds1 de zware lasten die er op het volk kwamen te drukken1 door het uitzuigend militairisme en hij probeerde dan ook den ,staat geheel en al om te vormen4 ,als zoodanig1 geldt dan ook hij nog eenigszins voor eene der utopistische ,socialisten1 omdat hij in zijn wereldhervormende sociale plannen niet uitging van de bestaande feiten1 maar van een aan zijn brein ontsprongen plan4 ,hij wilde den ,staat omvormen tot eene harmonische gemeenschap1 waarvan de deelen op zich-zelve1 de individuen1 hun natuurlijk recht zullen verzekerd zien1 op een gelukkig en tevreden bestaan4 ,maar aan den anderen kant1 dacht hij zich dien ,staat als een verstands-,staat1 geheel en al afgesloten van het buitenland1 met een bijzonder soort geld en met de overige ,staten slechts in gemeenschap1 niet door middel van den handel1 maar door dat van de wetenschap alleen4 ,ook ,hegel heeft eenmaal zijne philosophie den voorlooper genoemd1 van een tijd waarin er een vrij volk zal bestaan4 ,na de nederlaag van de franschen bij ,waterloo1 verklaarde hij het voor de natuurlijke roeping van de duitschers1 voor den hoofdwinst hunner teruggewonnen onafhankelijkheid1 dat zij thans ongestoord het heilige vuur van de philosophie in bewaring konden nemen4 ,toen hij naar ,berlijn beroepen1 zijne ,philosophie van het ,recht schreef1 teneinde het ,recht als een redelijk1 zich uit zich-zelf ontwikkelend organisme voor te stellen1 ging hij van de stelling uit3 ,het bestaande is redelijk en het redelijke is dat wat bestaat4 ,de polemiek welke ,hegel gevoerd heeft1 tegen de historische ,rechtsschool1 bewees dat hij met deze stelling geenszins eene verheerlijking van l het bestaande bedoelde1 gelijk men in zijnen tijd zich niet ontzien heeft1 op deze zijne woorden bij alle reaktionaire maatregelen der ,pruisische regeering1 zich te beroepen4 ,hegel bedoelde met deze stelling1 dat de rede de historische noodzakelijkheid was1 de eeuwige vloeiing in het historische ontwikkelingsproces4 ,wat deze schept1 is werkelijk en redelijk1 omdat het noodzakelijk is2 zoodra het ophoudt noodzakelijk te zijn1 wordt het onwerkelijk en onredelijk4 ,hegel heeft de rijke schepping van het duitsche ,idealisme in n machtig systeem samgevat4 ,hij heeft alle bronnen en stroomen van dit klassieke tijdperk in ne bedding geleid1 waar zij wel-is-waar in bevroren zijn1 door den ijskouden adem van de reaktie die over ,duitschland woei1 maar die zijne jongeren toch weder1 door hunnen eigenen arbeid1 konden doen ontdooien4 ,toen ,hegel tegen de ,juli-,revolutie in #ahcj te velde trok1 toen hij de ,engelsche reformbill een snijden noemde in de edele ingewanden van een ,groot-,brittanje's staatsregeling1 toen verlieten hem de scharen zijner jongeren1 om naar zijnen eigenen leerling ,eduard ,gans te gaan luisteren1 die lezingen ging houden over des meesters ,rechtsphilosophie1 daarbij de revolutionaire zijde van des ,meesters methode op den voorgrond stellende en tegen de historische ,rechtsschool polemiseeren ging4 ,men zeide toentertijd dan ook in ,berlijn1 dat1 niet aan de cholera1 maar aan deze smartelijke ervaring1 zou den grooten ,meester overleden zijn4 ,,hoofdstuk ,,ii4 ,,critiek ,,op ,,de ,,hegelsche ,,philosophie4 ,david ,friederich ,strausz1 ,bruno ,bauer1 ,max ,stirner en ,ludwig ,feuerbach1 waren de meest beteekenende scholieren van ,hegel geweest1 die elk hun eigen weg gingen bij de ontwikkeling1 van de philosophie van den ,meester4 ,ook ,karel ,marx behoorde tot de leerlingen van ,hegel4 ,strausz had behalve zijn ,dogmatiek1 de beroemde critiek op het leven van ,jezus geschreven4 ,bruno ,bauer heeft voor het onderzoek naar het ,ontstaan van het ,christendom beduidenden arbeid geleverd1 terwijl ,max ,stirner weder geheel zelfstandige paden insloeg met zijn ,einzige und sein ,eigenthum1 welk werk wel eens als een voorlooper van het latere anarchisme1 van ,bakounine en ,krapotkine1 is genoemd4 ,ludwig ,feuerbach en ,bruno ,bauer behoorden tot de meest beteekenenden van ,hegels uitloopers op wijsgeerig terrein4 ,feuerbach baarde het eerst als beduidend philosoof opzien1 door zijn ,wesen des ,christenthums4 ,van-uit ,hegel's ,idealisme1 ontwikkelde hij daarin weder het materialistisch denken4 ,de natuur bestaat onafhankelijk van alle philosophie1 zoo zeide hij1 zij is de grondslag1 waarop wij menschen1 zelven produkten van de natuur1 gegroeid zijn4 ,buiten de natuur en den menschen bestaat niets1 en de hoogere wezens1 die onze phantasie geschapen had1 zijn slechts phantastische werspiegelingen1 van ons eigen wezen4 ,de mensch is1 wat hij eet4 ,de ban was dus verbroken1 het systeem was gesprongen en ter zijde geworpen en de tegenspraak was--dewijl zij slechts in de verbeelding bestond--opgelost4 ,het materialisme van ,feuerbach is evenwel doodgeloopen4 ,en het was ,karel ,marx die in #ahde er met de volgende #aa stellingen positie tegen nam4 #a4 ,het hoofdgebrek van alle tot nu toe bestaan hebbend ,materialisme--dat van ,l4 ,feuerbach niet uitgezonderd--was1 dat het objekt1 de werkelijkheid1 de zinnelijkheid1 slechts onder den vorm van het objekt of der aanschouwing werd opgevat2 niet echter als menschelijke1 zinnelijke werkzaamheid1 praktijk1 niet subjektief4 ,daarvandaan kon het geschieden1 dat de werkzame zijde1 in tegenstelling tot het materialisme1 door het ,idealisme ontwikkeld werd--maar alleen abstrakt1 daar het ,idealisme natuurlijk de werkelijke1 zinrijke werkzaamheid1 als zoodanig1 niet kent4 ,feuerbach wil zinnelijke1 van de gedachtenobjekten werkelijk-verschillende objekten2 maar hij vat de menschelijke werkzaamheid zelf1 niet op als objektieve werkzaamheid4 ,hij beschouwt daarom in het ,wesen des ,christenthums slechts de theoretische verhouding als het echt menschelijke1 terwijl de praktijk slechts in haren smerig-joodschen verschijningsvorm opgevat en gefixeerd kan worden4 ,hij begrijpt daarvandaan niet de beteekenis van de revolutionaire1 van de praktisch-critische werkzaamheid4 #b4 ,de kwestie1 of het menschelijk denken de objektieve waarheid bijgebracht kan worden1 is geen kwestie van theorie1 maar een kwestie van praktijk4 ,in de praktijk moet de mensch de waarheid1 d4 w4 z4 de werkelijkheid en de macht1 de dezerzijdschheid van zijn denken1 bewijzen4 ,de strijd over de werkelijkheid en de niet-werkelijkheid van het denken1 dat zich van de praktijk isoleert1 is een van zuiver scholastischen aard4 #c4 ,de ,materialistische theorie1 dat de menschen produkten zijn van omstandigheden en van opvoeding1 veranderde menschen dus1 produkten van andere omstandigheden en veranderde opvoeding zijn1 vergeet1 dat de omstandigheden zelf door de menschen veranderd worden en dat de opvoeders1 zelf moeten worden opgevoed4 ,zij komt daarom met noodwendigheid ertoe1 de samenleving in twee deelen te splitsen1 waarvan het eene boven het andere verheven is4 7,bijv4 bij ,robert ,owen47 ,het tezamenvallen van het veranderen der omstandigheden en der menschelijke werkzaamheid1 kan slechts als revolutionaire praktijk1 opgevat en rationeel worden begrepen4 #d4 ,feuerbach gaat uit van het faktum der religieuze zelfontvreemding1 van de verdubbeling der wereld in eene religieus voorgestelde en eene werkelijke wereld4 ,zijn arbeid bestaat hierin1 de religieuze wereld door hare wereldlijke grondslag te doen oplossen4 ,hij overziet1 dat na volbrenging van dezen arbeid1 de hoofdtaak nog onafgedaan blijft4 ,het feit namelijk1 dat de wereldlijke grondslag zich vanzelf opheft1 en zich een zelfstandig rijk in de wolken fixeert1 is juist alleen maar uit de zelfverdeeldheid en het zichzelf-tegenspreken dezer wereldlijken grondslag te verklaren4 ,deze zelf moet alzoo1 eerstens1 in haren tegenspraak verstaan en daarna1 door terzijdestelling van die tegenspraak praktisch gerevolutioneerd worden4 ,alzoo bijv41 nadat de aardsche familie als het geheim van de heilige familie ontdekt is1 moet men de eerste zelve theoretisch gecritiseerd en praktisch gerevolutioneerd hebben4 #e4 ,feuerbach1 niet tevreden met het abstrakte denken1 appelleert aan de zinnelijke aanschouwing2 maar hij vat deze zinnelijkheid niet als een practische1 menschelijk-zinnelijke werkzaamheid op4 #f4 ,feuerbach lost het religieuze wezen in het menschelijk wezen op4 ,maar het menschelijk wezen is niet een1 den individueelen mensch inwonende abstraktie4 ,in zijn werkelijkheid is 't1 het ensemble van de maatschappelijke verhoudingen4 ,feuerbach1 die op de critiek van dit werkelijke wezen niet ingaat1 is daarom gedwongen3 #a;e4 ,van het historisch verloop te abstraheeren en het religieuze gemoed voor zich te fixeeren1 en een abstrakt-gesoleerd-menschelijk individu voorop te zetten4 #b;e4 ,kan bij hem daardoor het menschelijk wezen1 slechts als soort1 als innerlijke stomme1 de vele individuen alleen maar natuurlijk verbindende algemeenheid1 opgevat worden4 #g4 ,feuerbach ziet daardoor niet in1 dat het religieuze gemoed1 zelve een maatschappelijk produkt is1 en dat het abstrakte individu1 hetwelk hij analyseert1 in de werkelijkheid tot eene bepaalde maatschappelijke vorm behoort4 #h4 ,het maatschappelijk leven is wezenlijk praktisch4 ,alle mysterin1 welke de theorie verleidt en tot mysticisme maakt1 vinden hunne rationeele oplossing in de menschelijke praktijk en in het begrijpen dezer praktijk4 #i4 ,het hoogste waartoe het beschouwende ,materialisme--d4 w4 z4 het ,materialisme dat de zinnelijkheid niet als een praktische werkzaamheid begrijpt--het brengt1 is de beschouwing van de individu in de burgerlijke maatschappij4 #aj4 ,het standpunt van het oude ,materialisme is de burgerlijke maatschappij2 het standpunt van het nieuwe1 dat der menschelijke samenleving of dat van de vermaatschappelijkte menschheid4 #aa4 ,de philosophen hebben tot nog toe de wereld slechts verschillend genterpreteerd1 maar het komt er op aan haar te veranderen4 ,,heinrich ,,karel ,,marx werd op den #e;en ,mei #ahah te ,trier geboren als de zoon van den advokaat en lateren ,justitieraad ,marx1 die in #ahbd met zijne familie van het ,jodendom tot het ,christendom overging4 ,marx' stamboom moet van af zijn vader opwaarts tot aan de #af;e eeuw toe1 slechts rabbijnen aanwijzen2 wat zekerder is1 dat is1 dat zijne moeder afstamde van een hollandsche1 joodsche familie4 ,beide zijne ouders1 waren lieden van hooge ontwikkeling4 ,nauwelijks de kinderschoenen ontwassen1 ging de jonge ,marx naar de ,universiteit van ,bonn1 daarna naar die van ,berlijn1 waar hij ter wille van zijn vader rechtsgeleerdheid bestudeerde en1 voor zijn eigen genoegen1 geschiedenis en philosophie4 ,met zijn verstand1 van nature als het ware aangelegd voor de dialektiek1 moest de jonge ,karel ,marx zich het sterkst aangetrokken gevoelen tot de philosophie van ,hegel4 ,geen onder die talrijke jongeren1 heeft ,hegel grondiger bestudeerd1 dan ,marx4 ,wat ,marx dan ook zoo machtig tot de philosophie van ,hegel aantrok1 dat was hare dialektische methode1 welker revolutionaire spits1 juist door het schaduwspel van nevelachtige begrippen omhuld werd4 ,marx ruimde veelmeer deze begrippen op1 terwijl hij zich in de massa van historische stof wierp en met deze feiten de theorie bevruchtte4 ,van jongs-af bezat hij een onverzadigbare dorst naar weten en eene rustelooze zelfcritiek4 ,reeds de vrienden zijner jeugd klaagden er over1 dat hij door zijn nachtwaken om te werken1 zijne sterke gezondheid vaak geschokt heeft4 ,arnold ,ruge schreef aan ,ludwig ,feuerbach over ,marx3 ,hij leest zeer veel2 hij arbeidt met eene ongemeene intensiviteit en hij heeft een critisch talent1 dat somwijlen tot een in overmoed ontaardende dialektiek wordt14444 maar hij voleindigt niets1 hij breekt overal af en stort zich steeds van voren af aan1 in een eindelooze boekenzee4 ,hij behoort1 volgens zijne geleerde dispositie1 gansch der duitsche wereld toe1 maar door zijn revolutionaire denkwijze1 is hij van haar buitengesloten4 ,marx vereenigde dan ook in zich1 alle faustiaansche aandriften van de duitsche geleerdheid4 ,hij droeg het leven der wetenschap binnen1 zooals hij de wetenschap in het leven binnendroeg4 ,dit was de vooruitgang1 die de duitsche wijsgeerige beschaving alleen nog maar maken kon1 die zij onder alle omstandigheden maken moest1 wilde zij niet1 van een drijfrad der historische ontwikkeling1 tot een traprad voor kleinburgerlijke denkers worden4 ,van de grootste beteekenis voor ,marx' jeugd1 was zijne verhouding tot de familie von ,westphalen4 ,dt waren buren van het ouderlijke huis4 ,de graaf von ,westphalen was een ,pruisisch beambte1 van een niet gewoon slag en zeer ruim van opvattingen4 ,zijn vader was de geheimsecretaris ,philip von ,westphalen1 die in den zevenjarigen oorlog1 vijf fransche maarschalken in vijf veldslagen met succes versloeg en daarnevens van nature zoo burgerlijk bleef1 dat hij nooit een soldatenuniform droeg en den titel van ,generaal-,adjudant van het leger1 waarmede de koning van ,engeland hem meende te vereeren1 lachend van de hand wees4 ,alleen de verheffing in den adelstand1 liet hij zich welgevallen1 maar dit1 teneinde een meisje te kunnen huwen dat hem aan geesteseigenschappen evenaarde en de dochter van een ,schotsche baronnenfamilie was3 zij stamde af van den beroemden ,argyle1 den hertog1 die door de veroordeeling onder de tyrannieke regeering van ,jacobus ,,ii en den heldenmoed waarmede hij zijn vonnis droeg1 in de geschiedenis van ,engeland wlbekend is4 ,de jongste zoon uit dezen echt was ,lodewijk von ,westphalen4 ,in het huis van dezen vrijdenker vond de jonge ,marx een tweede tehuis4 ,terwijl zijn vader hem de fransche beschaving deelachtig deed worden1 hem ,racine en ,voltaire voorlas1 leidde de heer von ,westphalen hem in de duitsche beschaving in2 las hem ,homerus en ,shakespeare voor1 die dan ook voor altijd1 ,marx' lijfdichters gebleven zijn4 ,westphalen's kinderen1 werden de speelmakkers van den jongen ,marx en het is daarvandaan1 dat ,marx in de jonge ,jenny von ,westphalen1 die drie jaren ouder was dan hij1 spoedig eene geliefde kreeg1 die hem geheel zijn leven is blijven aanhangen met de grootste trouw en de grootste liefde4 ,bereids in #ahcf1 toen ,marx naar de ,universiteit ging1 was de zaak van eeuwige trouw en liefde tusschen hen beiden beklonken4 ,twee jaren later1 verloor ,karel ,marx zijnen goeden en zachten vader en hiermede eindigde een conflict tusschen hen beiden1 dat in den aanvang zich liet aanzien van genoegzaam ernstigen aard te kunnen worden1 om tot een scherpen breuk te leiden4 ,het liep nu nog slechts over ,marx' voorkeur voor de philosophie en des vaders neiging1 om een advokaat van hem te maken4 ,marx' beste vrienden aan de ,hoogeschool waren3 ,bruno ,bauer en ,karl ,friedrich ,kppen1 aan beider omgang verdankt ,marx veel van zijn ontwikkeling4 ,zij waren beide ,hegelianen1 gelijk toenmaals in ,duitschland en vooral in ,pruissen1 geen beteekenende kop1 zich aan den invloed van den grooten ,meester der philosophische redeneerkunst heeft kunnen onttrekken4 ,bruno ,bauer stamde uit ,saksen-,altenburg1 en was de zoon van burgerouders2 zijn vader was porceleinschilder in ,berlijn4 ,bruno was de oudste van drie broeders1 die allen in de geleerde wereld naam gemaakt hebben4 ,bruno echter1 gold als de begaafdste van de drie4 ,het was de wensch van ,bauer1--die inmiddels reeds in een polemiek met ,david ,friederich ,strausz1 den grooten schrijver van het ,leven van ,jezus1 gewikkeld was--om ,marx naast zich te hebben aan de redaktie van een critisch tijdschrift1 omdat hij van ,marx' groote critische en dialektische begaafdheden1 wenschte te profiteeren4 ,in de brieven die hij ,marx schreef1 spoorde hij dezen aan examen te doen2 hij wilde ,marx een positie zien krijgen aan de ,universiteit als hoogleeraar4 ,friedrich ,kppen was meer geschiedkundige dan philosoof4 ,beiden hadden een tijdschrift gegrondvest de ,hallische ,jahrbcher genaamd1 waarin ,kppen over historie en historische figuren schreef1 en ,bauer zijnen strijd tegen de orthodoxie met groote scherpte streed4 ,in 't jaar #ahda promoveerde ,marx dan1 als doktor in de philosophie aan de ,hoogeschool te ,jena1 met eene dissertatie3 ,over de philosophie van ,epikurus1 welke dissertatie toen niet in het licht is verschenen4 ,zijn voornemen om zich te ,bonn als privaatdocent te vestigen1 liet hij weldra varen4 ,de wijze toch1 waarop de minister ,eichhorn zijnen vriend ,bauer behandelde1 lokte een vrij man1 zooals ,marx zich dit voelde1 allesbehalve aan om zijn nek onder den pruisischen censuur te krommen4 ,spoedig daarna krijgt ,marx1 het was in #ahdb1 de leiding van de radikale ,rheinische ,zeitung1 waaraan hij voorf reeds had medegewerkt4 ,onder de medewerkers dier dagen aan dit blad1 dat in ,keulen verscheen1 en aan de belangen der politiek1 handel en nijverheid dienstbaar was gemaakt1 telde men de besten onder de ,hegelsche jongeren als3 ,bruno ,bauer1 ,kppen1 ,nauwerk1 ,max ,stiner1 ,georg ,jurg1 ,mozes ,hesz1 ,hermann ,pttmann en den dichter en literator ,georg ,herwegh4 ,in de opstellen in dat blad door hem geplaatst1 staat ,marx nog geheel op het standpunt van de radikale ,hegelianen1 die uit zuiver ideologische1 voorpgestelde meeningen hunne conclusin trokken2 maar ook reeds1 een echo van het fransche socialisme deden hooren4 ,in een polemiek uit die dagen1 zeide hij reeds3 ,de ,rheinische ,zeitung1 die de communistische denkbeelden1 in hunne huidige gestalte geen verwerkelijking kan voorspellen 444 zal deze iden aan eene grondige critiek onderwerpen4 ,dat evenwel de geschriften van ,p4 ,leroux1 ,v4 ,considrant en voor alles1 de scherpzinnige werken van ,p4 ,j4 ,proudhon niet door invallen van het oogenblik kunnen worden bestreden1 maar na lange en diepgaande studien kunnen worden gecritiseerd 4441 is onze vaste overtuiging 4444 ,op praktische pogingen van communisme1 kan men met kanonnen antwoorden1 zoodra zij gevaarlijk worden2 maar iden1 die zich meester maken van onze intelligentie1 die onze gezindheid veroveren1 waaraan het verstand ons geweten gaat kluisteren1 dat zijn ketens1 waaraan men zich niet onttrekt1 zonder zijn hart te verscheuren2 dat zijn demonen1 welke de mensch slechts overwinnen kan1 doordien hij zich eraan onderwerpt4 ,de #bhste ,januari van 't jaar #ahdc1 in hetzelfde jaar waarin ,marx in het huwelijk trad met ,jenny von ,westphalen1 kwam het verbod van de regeering tot het langer voortbestaan van de ,rheinische ,zeitung4444 ,uit de noodzakelijkheid1 die hieruit geboren werd voor de vrije geesten in ,duitschland om hunne denkbeelden te verkondigen1 kwam het maandschrift de ,deutsch-,franzsischen ,jahrbcher voort1 dat ternauwernood n jaar heeft bestaan4 ,herwegh1 ,arnold ,ruge en ,heinrich ,heine hebben eraan medegewerkt en ,marx heeft er zijn eerste artikelen3 de critiek op ,hegel en het ,hegelianisme in gepubliceerd en ,engels1 zijn eerste staathuishoudkundige opstellen4 ,de opstellen der eerste heeten3 critiek op de ,hegelsche ,rechtsphilosophie en over de ,jodenkwestie1 een critiek op artikelen van ,bruno ,bauer over het ,jodendom2 die der laatste3 ,omtrekken eener critiek der nationale-economie en de positie van ,engeland4 ,marx was intusschen naar ,parijs gegaan1 om er zich voor goed te vestigen en daar was het1 dat hij het fransche socialisme bestudeerde en dat hij tevens kennis maakte met ,proudhon1 in wiens bestrijding hij later tevens de gelegenheid zal vinden1 zijn wetenschappelijk standpunt 't eerst1 krachtig te ontvouwen4 ,maar rst moeten wij terug1 naar het tijdperk van de ,deutsch-,franzsische ,jahrbcher en ,marx' critiek op het ,hegelianisme4 ,hiermede vangen wij dus aan4 ,,tot ,,critiek ,,der ,,hegelsche ,,rechtsphilosophie4 ,,eene ,,inleiding4 7#ahdc7 ,voor ,duitschland is de critiek der religie in wezenlijkheid reeds beindigd en de critiek der religie is de voorwaarde tot elke critiek4 ,de profane existentie van de dwaling is gecompromiteerd1 nadat hare hemelsche oratio pro aris et focis werlegd is4 ,de mensch1 die in de phantastische werkelijkheid van den hemel1 alwaar hij naar een1 bermensch zoekend1 slechts de werschijn van zich-zelf gevonden heeft1 zal niet meer geneigd zijn1 slechts de werschijn van zich-zelve1 slechts den onmensch te vinden1 waar hij zijne ware werkelijkheid zocht1 en vinden moet4 ,het fundament van de irreligieuze critiek is3 de mensch maakt de religie1 de religie niet den mensch4 ,en wel-is-waar is de religie het zelfbewustzijn en het zelfgevoel der mensch1 die zich-zelf nog niet tot bewustzijn heeft kunnen brengen of1 zich-zelf weder verloren heeft4 ,maar de mensch is geen abstrakt1 buiten de wereld staand wezen4 ,de mensch1 dat is de wereld der menschen1 de ,staat1 de sociteit4 ,dezen ,staat1 deze sociteit1 brengt de religie voort1 een omgekeerd zelfbewustzijn1 omdat zij eene omgekeerde wereld is4 ,de religie is de algemeene theorie dezer wereld1 haar encyclopedisch compendium1 hare logica in populairen vorm1 haar spiritualistisch point d'honneur1 haar enthousiasme1 haar moreele sanktie1 hare slechte vervolkomening1 hare algemeene troost- en rechtvaardigingsgrond4 ,zij is de phantastische verwerkelijking van het menschelijk wezen1 omdat het menschelijk wezen1 geen ware werkelijkheid bezit4 ,de strijd tegen de religie1 is dus middellijk den strijd dier wereld1 welker geestelijk dogma de religie is4 ,de religieuze ellende is1 in n woord1 de uitdrukking der werkelijke ellende en zij is het protest tegen die werkelijke ellende4 ,de religie is de zucht van het bedrukte schepsel1 het gemoed van een hartelooze wereld1 zooals zij den geest van eene geestlooze toestand is4 ,zij is het opium des volks4 ,de opheffing der religie als het illusoire geluk des volks1 is de eisch voor zijn werkelijk geluk4 ,de eisch1 de illusies omtrent zijn toestand op te geven1 is de eisch om een toestand op te geven1 welke aan illusies behoefte heeft4 ,de critiek op de religie is dus1 in den kiem1 de critiek op het jammerdal1 welks heiligheidsschijn de godsdienst is4 ,die critiek heeft de imaginaire bloemen aan den stengel afgeplukt1 niet opdat de mensch deze phantazielooze1 troostelooze stengel drage1 maar opdat hij daardoor dien stengel wegwerpen en de levende bloemen er af zoude breken4 ,die critiek der religie ontgoochelt den mensch1 opdat hij denke1 handele en zijne werkelijkheid duidelijk zal zien1 zooals een ontgoocheld en tot bezinning gekomen mensch2 opdat hij zich om zich-zelf en daarmee1 om zijn werkelijke zon zich bewege4 ,de godsdienst is slechts de illusoire zon1 die zich om den mensch beweegt1 zoolang hij zich niet om zich-zelf beweegt4 ,het is daarom de taak der geschiedenis1 nadat het generzijdsch der waarheid verdwenen is1 de waarheid van het dezerzijdsch te doen verspreiden4 ,en het is in de eerste plaats de taak der philosophie1 die in dienst der geschiedenis staat1 nadat de heiligengestalte van de menschelijke zelfontvreemding ontmaskerd is1 de zelfontvreemding1 in hare onheilige gestalte te ontmaskeren4 ,de critiek op den hemel1 moet zich daarmede omzetten1 in eene critiek op de aarde2 de critiek der religie in de critiek van het recht2 de critiek der theologie in die van de politiek4 ,de hiervolgende uiteenzetting--een bijdrage tot dezen arbeid--sluit in de eerste plaats niet bij het origineel1 maar bij een copie aan1 bij de duitsche ,staats- en ,rechtsphilosophie1 om geen andere oorzaak als deze1 dat zij zich aan ,duitschland aansluit4 ,wilde men ook aan het duitsche status quo zelf aanknoopen1 hetzij dan op den eenig daartoe passende wijze1 dit wil zeggen1 negatief1 het resultaat zal steeds een anachronisme blijven4 ,zelfs de negatie van onzen tegenwoordigen politieken toestand bevindt zich reeds als een beschimmeld feit1 in de rommelkamer der moderne volken4 ,wanneer ik de gepoederde pruiken negeer1 houd ik altijd nog de opgepoederde pruiken over4 ,wanneer ik de duitsche toestanden van #ahdc negeer1 sta ik1 naar fransche tijdrekening1 nog altijd nauwelijks in 't jaar #aghi1 veel minder in het brandpunt van den tegenwoordigen tijd4 ,ja1 de duitsche geschiedenis vleit zich1 eene beweging te bezitten1 die haar geen volk aan den historischen hemel nog voorgedaan heeft1 noch na zal doen4 ,wij hebben namelijk in de ,restauratie der moderne volken gedeeld1 zonder van hare ,revoluties iets te hebben ontvangen4 ,wij zijn gerestaureerd geworden1 eerstens1 omdat andere volken een ,revolutie waagden1 en tweedens1 omdat andere volken een contra-,revolutie leden2 de de eene keer1 omdat onze ,heeren vrees hadden1 de andere keer1 omdat onze ,heeren geene vrees hadden4 ,wij1 met onze herders aan den spits1 bevonden ons altijd maar nmaal in het gezelschap van de vrijheid1 op den dag harer begrafenis namelijk4 ,eene school1 welke de lafhartigheid van heden1 legitimeert door de lafhartigheid van gisteren2 een school1 die elken schreeuw van de lijfeigenen tegen den knoet1 voor rebellisch verklaart1 zoodra die knoet een bejaarde1 een afgestamde1 een historische knoet is2 een school die de geschiedenis1 gelijk ,isral's ,god zijnen dienaar ,mozes1 slechts haar a posteriori wijst1 de historische ,rechtsschool1 zij zoude zeker de duitsche geschiedenis uitgevonden hebben1 ware zij niet zelve eene uitvinding van de duitsche geschiedenis4 ,als ,shijlock1 maar als ,shijlock de bediende1 zweert zij bij elk pond vleesch1 hetwelk uit het hart des volks gesneden wordt1 op haar schuldbrief1 op hare christelijk-germaansche schuldbrief4 ,goedmoedige enthousiasten daarentegen1 duitsche vaderlanders naar den bloede en vrijzinnigen van reflektie1 zoeken onze geschiedenis der vrijheid1 aan gene zijde van de geschiedenis in de teutonische oer-wouden4 ,waardoor onderscheidt zich evenwel onze vrijheidsgeschiedenis van de vrijheidsgeschiedenis van ,ebers1 wanneer zij slechts in de wouden te vinden is8 ,bovendien is het bekend2 zooals men in het woud inschreeuwt1 zoo schalt het uit het woud1 tot ons weder terug4 ,dus vrede zij er in de teutonische oer-wouden6 ,de oorlog aan de duitsche toestanden6 ,zeer zeker6 ,zij staan onder het niveau van de geschiedenis1 zij staan beneden alle critiek1 maar zij blijven een voorwerp van de critiek1 zooals de misdadiger1 die beneden het niveau van de humaniteit1 een voorwerp van den scherprechter blijft4 ,met hen in den strijd1 is de critiek geen hartstocht van het hoofd1 zij is het hoofd van de hartstocht4 ,zij is geen anatomisch mes1 zij is een wapen4 ,haar objekt is haar vijand1 die zij niet nederleggen1 maar die zij dooden wil4 ,want de geest dezer toestanden is wederlegd4 ,op en voor zichzelf1 zijn zij geene gedenkwaardige objekten1 maar evenzoo verachtelijke1 als verachte existenties4 ,de critiek-aan-zich1 behoeft niet de zelfovereenkomst met dit onderwerp1 want zij is met hem in 't reine4 ,zij geeft zich niet meer als doel1 maar zij is hem slechts als middel4 ,haar wezenlijk pathos1 is de onwaardigheid1 haren wezenlijken arbeid1 de aanklacht4 ,het geldt de schildering eener wisselwerkenden1 dompigen druk1 van alle sociale spheren op elkander2 eener algemeene1 daadlooze bepaling2 eener zich evenzoozeer erkennende1 als zich regeerende bekrompenheid binnen het raam van een regeeringssysteem1 hetwelk van de conservatie van alle erbarmelijkheden levend1 zelve niets is1 dan de erbarmelijkheid aan de regeering4 ,welk een schouwspel6 ,de tot in het oneindige voortgaande verdeeling der samenleving in menigvuldige klassen1 welke met kleine antipathien1 slechte gewetens en brutale middelmatigheid tegenover elkander staan1 welke juist ter wille harer wederzijdsche tweeslachtige en argwanende positie1 allen zonder onderscheid1 hetzij dan ook met verschillende formaliteiten1 als geconcessioneerde existenties door hunne ,heeren worden behandeld4 ,en zelfs dat2 dat zij beheerscht1 geregeerd1 bezeten worden1 moeten zij als eene concessie des hemels erkennen en bekennen4 ,anderzijdsch1 deze heerschers zelven1 wier grootte in omgekeerde verhouding tot hun aantal staat6 ,de critiek1 welke zich met dezen inhoud bezig houdt1 is de critiek die reeds handgemeen is1 en in handgemeenschap gaat het niet hierom1 of de tegenstander een edel1 gelijkwaardig en interessant tegenstander is1 maar het gaat erom1 hem te treffen4 ,het gaat dus hier om de duitschers geen oogenblik van zelfbedrog en resignatie te gunnen4 ,men moet den werkelijken druk ng drukkender maken1 doordat men er het bewustzijn van den druk aan toevoegt2 den smaad ng smadelijker1 doordat men ze publiek maakt4 ,men moet lken spheer van de duitsche samenleving als de partie honteuse der duitsche samenleving schilderen2 men moet de versteende verhoudingen daardoor dwingen te dansen1 door hen hunne eigene melodie voor te zingen6 ,men moet het volk leeren te schrikken van zich-zelf1 om het moed in te blazen4 ,men vervult daarmede eene onafwijsbare behoefte van het duitsche volk en de behoeften der volkeren1 zijn de laatste gronden hunner bevrediging zelf4 ,en zelfs voor de moderne volken kan dezen strijd tegen den geborneerden inhoud van het ,duitsche status-quo niet van belang ontbloot zijn1 want dit ,duitsche status-quo is de openhartigste voleindiging van het ancien rgime en dit ancien rgime1 is het verborgen gebrek van den modernen ,staat4 ,de strijd tegen den ,duitschen politieken toestand van het oogenblik is de strijd tegen het verleden der moderne volken1 en door de reminicensen van dit verleden1 worden zij nog steeds bedreigd4 ,het is leerrijk voor hen1 dit ancien rgime1 dat bij hen zijn tragedie beleefde1 als duitsch revenant1 zijn komedie te zien spelen4 ,tragisch was zijne geschiedenis1 zoolang het de prexisteerende macht van de wereld1 de vrijheid daarentegen een persoonlijken inval was2 in n woord3 zoolang het zelve aan zijn rechtmatigheid geloofde en gelooven moest4 ,zoolang het ancien rgime als de voorhanden wereldorde1 met eene1 eerst in wording zijnde wereld streed1 had het een wereldhistorische dwaling aan zijne zijde1 maar geen persoonlijke4 ,zijn ondergang was daardoor tragisch4 ,het tegenwoordige duitsche regime daarentegen--een anachronisme--een flagrante tegenspraak tegen algemeen erkende axioma's2 de voor de wereld tentoongestelde nietswaardigheid van het ancien rgime1 beeldt zich slechts in1 aan zich-zelf te gelooven en verlangt van de wereld1 diezelfde inbeelding4 ,wanneer het aan zijn eigen bestaan geloofde1 zou het ditzelve dan verstoppen1 achter den schijn van een vreemd wezen en zijn redding zoeken in huichelarij en sophismen8 ,het moderne ancien rgime is slechts de komediant van eene wereldorde1 wier werkelijke helden gestorven zijn4 ,de geschiedenis gaat grondig te werk en maakt vele phazen door1 wanneer zij eene oude gestalte ten grave draagt4 ,de laatste phaze eener wereldhistorische gestalte1 is hare komedie4 ,de goden van ,griekenland1 die reeds eenmaal tragisch ten doode gewond waren in den geketenden ,prometheus van ,aeschylos1 moesten nog eenmaal komisch den dood ondergaan1 in de gesprekken van ,lucianus4 ,waarvoor deze gang der historie8 ,opdat de menschen vroolijk van hun verleden zullen kunnen scheiden4 ,deze vroolijke historische bestemming1 vindiceeren wij voor ,duitschland's politieke machten4 ,zoodra intusschen de moderne politiek-sociale werkelijkheid zelf aan de critiek onderworpen wordt2 zoodra dus de critiek zich verheft tot waarlijk menschelijke problemen1 bevindt zij zich buiten het raam van het duitsche status quo of zij zal haar objekt1 beneden het objektieve aangrijpen4 ,een voorbeeld6 ,de verhouding van de industrie1 der wereld van den rijkdom in het algemeen tot die der politieke wereld1 is het hoofdproblema van den modernen tijd4 ,onder welken vorm evenwel1 begint dit problema den duitschers bezig te houden8 ,onder den vorm van beschermende rechten1 het systeem van de prohibiviteit1 der nationaal-economie4 ,het duitsch-nationalisme is1 van uit de menschen in de materie gevaren en zoo zagen op een goeden morgen onze katoenridders en onze ijzerhelden1 zich veranderd in patriotten4 ,men vangt dus in ,duitschland aan de souvereiniteit van het monopolie naar binnen te erkennen1 doordat men het de souvereiniteit van het monopolie naar buiten verleent4 ,men begint dus thans in ,duitschland met iets1 waarme men in ,frankrijk en ,engeland aanvangt een einde te maken4 ,de oude rotte toestand1 waartegen deze landen voortdurend in opstand zijn1 en die welke zij nog verdragen1 gelijk men een ketting verdraagt1 wordt in ,duitschland als de opgaande dageraad van een schoone toekomst begroet1 die het nauwelijks waagt1 uit de listige theorie1 tot de niets ontziende praktijk over te gaan4 ,terwijl het problema in ,frankrijk en ,engeland aldus is3 staathuishoudkunde of heerschappij van de gemeenschap over den rijkdom1 is het in ,duitschland zoo gesteld3 nationaal-economie of heerschappij van het privaat-bezit1 over den nationaliteit4 ,in ,frankrijk en ,engeland gaat het dus om een monopolie1 dat tot aan zijn laatste consekwenties gekomen is op te heffen2 in ,duitschland gaat het erom1 tot op de laatste consekwenties van het monopolie voort te gaan4 ,daar gaat het om de oplossing en hier eerst om de collisie4 ,een duidelijk voorbeeld van den duitschen vorm der moderne vraagstukken2 een voorbeeld hoe onze geschiedenis1 als een onhandig rekruut1 tot nu toe slechts de taak heeft vervuld1 afgekauwde geschiedenissen te mogen na-exerceeren4 ,stak aldus1 de totale duitsche ontwikkeling niet boven die der politieke ontwikkeling uit1 een ,duitscher zou hoogstens kunnen deelnemen aan de vraagstukken van onzen tijd1 zooals een ,rus daar aan deelnemen kan4 ,alleen1 wanneer het individu op zich-zelf niet gebonden is door de grenzen van de natie1 wordt de gansche natie nog minder bevrijd1 door de bevrijding van een individu4 ,de ,scythen hebben der ,grieksche beschaving geen stap vooruit doen gaan1 omdat ,griekenland1 onder zijn philosophen1 een ,scyt geteld heeft4 ,gelukkig zijn wij duitschers geen ,scythen4 ,gelijk de oude volken hunne vrgeschiedenis doorleefd hebben in de imaginatie1 zoo hebben wij duitschers1 onze nageschiedenis doorleefd in de gedachte1 in de philosophie4 ,wij zijn philosophische tijdgenooten van het tegenwoordige1 zonder zijne historische tijdgenooten te zijn4 ,de duitsche philosophie1 is de ideale verlenging van de duitsche geschiedenis4 ,wanneer wij dus in plaats van de oeuvres incompltes van onze werkelijke geschiedenis1 de oeuvres posthumes van idele geschiedenis1 de philosophie critiseeren1 dan staat onze critiek in het midden van de kwestie1 waarvan de tegenwoordige tijd zegt3 that is the question4 ,wat bij de voortgeschreden landen1 praktisch in verval is met de moderne staatstoestanden1 dat is in ,duitschland1 waar deze toestanden nog niet eens bestaan1 in de eerste plaats critisch verval1 van de philosophische weerkaatsing dezer toestanden4 ,de duitsche ,rechts- en ,staatsphilosophie1 is de eenige met den officieelen1 modernen tijd pari staande duitsche geschiedenis4 ,het duitsche volk moet daarvandaan deze zijne droomgeschiedenis1 door de ten zijnent bestaande toestanden1 verdrijven en niet slechts deze bestaande toestanden1 maar ook tegelijk1 hunne abstrakte voortzetting1 aan de critiek onderwerpen4 ,zijne toekomst kan zich noch tot de onmiddellijke ontkenning zijner rele toestanden1 noch tot de onmiddellijke voltrekking van zijne idele staats- en rechtstoestanden beperken4 ,want de onmiddellijke ontkenning van zijne rele toestanden1 bezit het in zijne idele toestanden1 en de onmiddellijke voltrekking van zijne idele toestanden1 heeft het in de beschouwing der naburige volken1 bijna reeds weder overleefd4 ,terecht eischt dan ook de praktische politieke partij in ,duitschland1 de negatie der philosophie4 ,haar ongelijk bestaat evenwel niet in den eisch1 maar in het staan-blijven bij dien eisch1 dien zij1 ernstig genomen1 noch doorzet1 noch doorzetten kan4 ,zij gelooft deze negatie daardoor te volvoeren1 dat zij der philosophie den rug toekeert en met een afgewend hoofd1 eenige ergerlijke en banale phrazes over haar prevelt4 ,de bekrompenheid van hare gezichtskring1 telt de philosophie niet insgelijks in den cirkel der duitsche werkelijkheid of waant haar1 zelfs beneden de duitsche praktijk en de haar dienende theorien te staan4 ,gij verlangt1 dat men bij de werkelijke levenskiemen aanknoopen zal1 maar gij vergeet1 dat de werkelijke levenskiem van het duitsche volk1 tot dusver nog slechts onder zijn hersenpan gewoekerd heeft4 ,in n woord3 gij kunt de philosophie niet opheffen1 zonder haar tot werkelijkheid te maken6 ,hetzelfde onrecht beging1 alleen met omgekeerde faktoren1 de theoretische1 van de uit de philosophie dagteekenende politieke partij4 ,zij zag in den tegenwoordigen strijd1 slechts den critieschen strijd van de philosophie met de duitsche wereld1 zij bedacht echter niet1 dat de philosophie tot op heden1 zelve tot deze wereld behoort1 al is zij ook hare idele vervolkomening4 ,critisch tegenover hare wederpartijders1 verhield zij zich oncritisch tegenover zichzelf1 terwijl zij van de voorwaarden der philosophie uitging1 en bij hare gegeven resultaten1 noch is blijven staan1 noch van elders hierheen gehaalde eischen en resultaten1 voor onmiddellijke eischen en resultaten van de philosophie uitgaf4 ,alhoewel dezelven1 hunne gerechtigheid vooropgesteld1 integendeel slechts door de negatie der tot nu bestaan hebbende philosophie1--de philosophie als philosophie1--in stand zijn te houden4 ,een nadere en diepergaande schildering van deze partij te leveren1 behouden wij ons nog voor4 ,hare grondgebreken zijn daarheen te reduceeren3 zij geloofde de philosophie te kunnen verwerkelijken1 zonder haar op te heffen4 ,de critiek der duitsche staats- en rechtsphilosophie1 welke door ,hegel hare consekwentste1 rijkste en laatste samenvatting verkregen heeft1 is beiden4 ,zij is zoowel de theoretische analyse van den modernen ,staat en de met hem samenhangende werkelijkheid1 als ook de besliste ontkenning van de gansche1 tot-nog-toe bestaan hebbende vorm van het duitsche politieke- en rechtsbewustzijn1 welks voornaamste1 universeelste en tot wetenschap verheven uitdrukking1 juist de speculatieve ,rechtsphilosophie zelve is4 ,was in ,duitschland de speculatieve ,rechtsphilosophie slechts mogelijk1--dit abstrakte overspannen denken van den modernen staat1 welker werkelijkheid1 een aan genezijde liggende blijft1 al ligt dit generzijdsch dan ook over den ,rhijn1--zoo was evenzoozeer omgekeerd1 het duitsche1 van den werkelijken mensch abstraheeren1 het abstraheerende gedachtenbeeld van den modernen staat slechts mogelijk1 omdat tot zoover1 den modernen staat zelf van den werkelijken mensch abstraheert1 of den ganschen mensch op eene slechts imaginaire wijze bevrediging schenkt4 ,de duitschers hebben in de politiek gedacht1 wat de andere volken gedaan hebben4 ,duitschland was hun politiek geweten4 ,de abstractie en de over-verhevenheid van zijn denken1 hielden steeds gelijken tred met de eenzijdigheid en de onverzettelijkheid harer werkelijkheid4 ,wanneer dus het status quo van het duitsche staatswezen1 de voltooidheid van het ancien rgime uitdrukt1 het einde van den paal die in het vleesch van den modernen ,staat zit1 dan drukt het status quo van het duitsche staatswezen1 de onvoltooidheid van den modernen ,staat uit1 de beschadigdheid van zijn vleesch zelf4 ,reeds als besliste tegenstander van de tot nu toe bestaande uitdrukkingswijze van het politiek bewustzijn1 verliest de critiek van de speculatieve ,rechtsphilosophie zich niet1 in zich-zelf1 maar in een opgave1 voor welker oplossing er slechts n middel bestaat3 de praktijk4 ,de kwestie is3 kan ,duitschland tot een praktijk la hauteur du principe zich opwerken2 dat wil zeggen1 tot eene revolutie1 die het niet alleen verheft tot op het officieele niveau van de moderne volken1 maar tot op de hoogte der humaniteit1 die de aanstaande toekomst van deze volken zijn zal4 ,het wapen der critiek kan in geen geval de critiek der wapenen vervangen2 het materieele geweld moet worden terneder gestort1 door het materieele geweld1 zoodra dit de massa's aangrijpt4 ,de theorie is geschikt om de massa's aan te grijpen1 zoodra zij ad hominem demonstreert en zij demonstreert ad hominem1 zoodat zij radikaal wordt4 ,radikaal zijn1 is de zaak bij den wortel aanvatten4 ,de wortel voor de menschen evenwel1 is de mensch zelf4 ,het evidente bewijs voor het radikalisme der duitsche theorie1 dus voor hare praktische energie is1 dat zij uitgaat van de beslist positieve opheffing der religie4 ,de critiek der religie1 eindigt met hare leer1 dat de mensch voor den mensch het hoogste wezen is2 alzoo met de kategorische imperatief3 alle verhoudingen omver te werpen1 waarin den mensch een vernederd1 een geknecht1 een verlaten1 een verachtelijk wezen is2 verhoudingen welke men niet beter kan schilderen1 dan met de uitroep van den franschman1 na den beraamde hondenbelasting ,arme honden6 ,men gaat u als menschen behandelen6 ,zelfs historisch heeft de theoretische emancipatie een specifiek praktische beteekenis voor ,duitschland4 ,duitschland's revolutionair verleden1 is namelijk een theoretisch3 het was de ,reformatie4 ,gelijk toenmaals in dat van den monnik1 zoo is het thans in het hoofd van den wijsgeer1 waarin de ,revolutie een aanvang neemt4 ,luther heeft drom de knechtschap uit devotie overwonnen1 omdat hij de knechtschap1 uit overtuiging in hare plaats heeft kunnen zetten4 ,hij heeft het autoriteitsgeloof gebroken1 omdat hij de autoriteit des geloofs1 heeft kunnen herstellen4 ,hij heeft de priesters veranderd in leeken1 omdat hij de leeken in priesters veranderd heeft4 ,hij heeft de menschen van de uitwendige religieuziteit bevrijd1 omdat hij die religieuziteit naar den inwendigen mensch teruggebracht heeft4 ,hij heeft het lichaam van den keten gemancipeerd1 dewijl hij het hart in ketenen gelegd heeft4 ,maar1 al was het protestantisme niet de ware verlossing1 het was de stelling om tot die opgave te komen4 ,het gold daarna niet meer den strijd van de leeken met de priesters1 het gold den strijd met zijne eigene inwendige priesters1 zijne priesterlijke natuur4 ,en wanneer de protestantsche omzetting van de duitsche leeken in priesters1 de leekenpriesters1 de vorsten met hunne clerus incluis1 den geprivileerden en de philisters emancipeerde1 de philosophische omzetting van de priesterlijke duitschers in menschen1 zal het volk emancipeeren4 ,zoo min echter deze emancipatie bij de vorsten1 zoo min zal de secularisatie der goederen bij den kerkroof staan blijven1 die voor allen1 door het huichelachtig ,pruissen in het werk werd gezet4 ,toenmaals mislukte de ,boerenoorlog1 het radikaalste feit van de duitsche geschiedenis1 door de theologie4 ,heden1 nu de theologie zelve het meest verschipbreukt is1 zal het meest onvrije feit der duitsche geschiedenis1 ons status quo zich aan de philosophie stukstooten4 ,den dag voor de ,reformatie was het officieele ,duitschland de onvoorwaardelijke knecht van ,rome4 ,den dag voor zijne ,revolutie1 is het de onvoorwaardelijke knecht van minder dan ,rome1 van ,pruissen en ,oostenrijk2 van verloopen jonkers en philisters4 ,aan eene radikale duitsche ,revolutie schijnt intusschen een hoofdbezwaar in den weg te staan4 ,revoluties behoeven namelijk een passief element1 eene materieelen grondslag4 ,de theorie wordt in een volk altijd maar in zooverre verwezenlijkt1 als zij de verwezenlijking harer behoeften is4 ,zal nu de ongekende tweespalt tusschen de eischen van de duitsche gedachten en de eischen der duitsche werkelijkheid dan aan den denzelfden tweespalt van de burgerlijke maatschappij met den ,staat en met zichzelve1 beantwoorden8 ,zullen de theoretische behoeften1 onmiddellijk praktische behoeften worden8 ,het is niet voldoende1 dat de gedachte doordringt tot de werkelijkheid1 de werkelijkheid moet zich-zelf tot gedachten kunnen brengen4 ,duitschland heeft de middentreden der politieke emancipatie1 niet tegelijkertijd beklommen met de moderne volken4 ,zelfs die phazen1 welke het theoretisch overwonnen heeft1 heeft het praktisch nog niet bereikt4 ,hoe kan het dan met een salto mortale niet alleen zich heenzetten over zijn eigene beperkingen1 maar tegelijk ook over de grenzen der moderne volken1 over grenzen1 die het in werkelijkheid als de bevrijding van zijne werkelijke beperkingen1 gevoelen en nastreven moet8 ,een radikale ,revolutie1 kan alleen geen revolutie van radikale behoeften zijn1 als daar de voorwaarden en geboorteteekenen niet voor schijnen aanwezig te zijn4 ,alleen1 wanneer ,duitschland slechts met de abstrakte werkzaamheid van het denken de ontwikkeling der moderne volken begeleid heeft1 zonder werkdadig deel te nemen aan den werkelijken strijd dezer ontwikkeling1 dan heeft het anderzijds het lijden dezer ontwikkeling gedeeld1 zonder het genot1 zonder de partieele bevrediging daarvan te deelen4 ,de abstrakte werkzaamheid eenerzijds1 beantwoordt aan het abstrakte lijden anderzijds4 ,duitschland zal zich daarvandaan op een zekeren dag op het peil van europeesch verval bevinden1 nog alvorens het zich op het peil van de europeesche emancipatie heeft bevonden4 ,men zou het bij een fetischdienaar kunnen vergelijken1 die aan de ziekten des christendoms wegsterft4 ,beschouwt men dan de duitsche regeeringen1 dan ziet men ze door de tijdsomstandigheden1 door ,duitschland's positie1 door het standpunt der duitsche beschaving1 ten slotte door eigen gelukkig instinkt gedreven1 de geciviliseerde gebreken der moderne staatswereld1 welker voordeelen wij niet bezitten1 combineeren1 met de barbaarsche gebreken van het ancien rgime1 die wij in volle maat mogen bezitten4 ,zoodat ,duitschland1 al is het dan ook niet aan verstand1 dan tenminste aan nverstand1 ook de boven zijn status quo uitreikende staatsvormingen1 steeds meer participeeren moet4 ,is er bijv4 een land in de wereld1 dat zoo naef alle illusies van het constitutioneele staatswezen deelt1 zonder zijne realiteiten te deelen1 dan het zoogenaamde constitutioneele ,duitschland8 ,of was het niet bepaald een duitsche regeeringsinval1 om de euvelen der censuur1 met de euvelen der fransche ,septemberwetten1 welke de persvrijheid tot voorwaarde hebben1 te verbinden8 ,gelijk men in het romeinsche ,pantheon de goden aller naties bijeenvond1 zoo zal men in het heilige romeinsche-duitsche-,rijk1 de zonden aller staatsvormen bijeenvinden4 ,dat dit eklekticisme een tot dusver nog niet gedachte hoogte bereiken zal1 daarvoor staat ons namelijk de politiek-aesthetische gourmandise eens duitschen konings1 die alle rollen van het koningschap1 de feodale zoowel als de bureaucratische1 de absolute zoowel als de constitutioneele1 de autokratische zoowel als de demokratische1 zij het niet door middel van de persoon des volks1 dan toch in eigen persoon1 zij het niet voor het volk1 dan voor zichzelve1 denkt te spelen4 ,duitschland1 als het tot een eigen wereld geconstitueerde gebrek der politieke oogenblikkelijkheid1 zal de specifiek duitsche kluisters niet verbreken kunnen1 zonder de algemeene kluisters van het politieke oogenblik af te werpen4 ,niet de radikale revolutie is een utopischen droom voor ,duitschland1 niet de algemeen menschelijke emancipatie is dit1 maar veeleer de gedeeltelijke1 de slechts-politieke ,revolutie2 die ,revolutie welke de pijlers waarop het huis gebouwd is1 laat staan4 ,waarop toch1 berust eene gedeeltelijke1 een slechts-politieke ,revolutie8 ,hierp1 dat een deel der burgerlijke samenleving zich emancipeert en tot algemeene heerschappij komt2 hierop1 dat eene bepaalde klasse van hare bijzondere situatie uit1 de algemeene emancipatie der samenleving onderneemt4 ,deze klasse bevrijdt de gansche samenleving1 maar slechts op die voorwaarde1 dat de gansche samenleving zich in de situatie dezer klasse bevindt1 alzoo bijvoorbeeld1 geld en beschaving1 bezitten of naar believen1 verwerven kan4 ,geen klasse van de burgerlijke maatschappij kan deze rol spelen1 zonder een moment van het enthousiasme in zich en in de massa te voorschijn te roepen2 een moment waarin zij met de samenleving in het algemeen zich verbroedert en met haar ineenvloeit2 zich met haar verwisselt en als haar algemeene representant gevoeld en erkend wordt2 een moment waarin hare aanspraken en rechten1 in waarheid de rechten en de aanspraken der samenleving zelve zijn1 waarin zij werkelijk het sociale hoofd en het sociale hart is4 ,slechts in naam van het algemeene recht van de samenleving1 kan eene bijzondere klasse de algemeene heerschappij voor zich vindiceeren4 ,tot bestorming van deze emancipatorische positie en daarmede tot politieke uitbuiting van alle spheren der samenleving in het belang der eigene spheer1 zijn revolutionaire energie en geestelijk zelfbewustzijn1 alln niet toereikend4 ,opdat de ,revolutie van een volk en de emancipatie van eene bijzondere klasse der burgerlijke samenleving tezamen vallen1 opdat eene stand1 als de stand der gansche samenleving gelden kan1 daartoe moeten omgekeerd1 alle gebreken der samenleving in eene andere klasse geconcentreerd zijn2 daartoe moet eene bepaalde stand1 de stand van de algemeene aanstoot1 de incorporatie van de algemeene beperkingen zijn1 daartoe moet eene bijzondere1 sociale spheer1 als de notoire misdaad van de gansche sociteit gelden kunnen1 zoodat de bevrijding van deze spheer1 als de algemeene zelfbevrijding zich voordoet4 ,opdat de stand par excellence1 die stand der bevrijding zal zijn1 daartoe moet omgekeerd1 eene andere stand1 de aangewezen stand der onderdrukking zijn4 ,de negatief-algemeene beteekenis van den franschen adel en den franschen clerus1 had de positief-algemeene beteekenis der direkt aangrenzende en hen tegenovergestelde klasse van de bourgeoisie1 tot hare voorwaarde4 ,het ontbreekt evenwel elke bijzondere klasse in ,duitschland1 niet alleen aan de consekwentie1 aan de scherpte1 den moed en de roekeloosheid die er noodig zijn1 om als negatieve representanten van de samenleving te kunnen worden bestempeld4 ,het ontbreekt evenzoo aan elken stand1 die breedte van ziel die zich met de volksziel1 hetzij dan momenteel identificeeren kan2 die genialiteit1 welke de materieele macht1 tot politieke macht begeestert2 die revolutionaire koenheid1 welke den tegenstanders het trotsche parool toeslingert3 ,ik ben niets en ik moet lles zijn6 ,de hoofdinhoud van de duitsche moraal en eerlijkheid1 niet alleen die der individuen1 maar ook der klassen1 is veeleer die bescheiden zelfzucht1 die zijne bekrompenheid doet gelden en tegen zich zelve geldend laat maken4 ,de verhouding tusschen de verschillende spheren van de duitsche samenleving1 is daarvandaan niet dramatisch1 maar episch4 ,elke op zich begint zich te gevoelen en dit naast de andere met hunne bijzondere aanspraken1 niet zoodra zij verdrukt worden1 maar zoodra zonder hun toedoen1 de tijdsomstandigheden een gezellige onderlaag scheppen1 waarop zij wederzijdsch eenigen druk uitoefenen kunnen4 ,zelfs het moreele zelfgevoel van de duitsche middelklasse1 berust slechts op het bewustzijn1 de algemeene vertegenwoordigster der klein-burgerlijke middelmatigheid van alle overige klassen te zijn4 ,het zijn daarvandaan niet alleen slechts de duitsche koningen1 welke mal--propos op den troon komen1 het is elke spheer van de burgerlijke samenleving1 die haren nederlaag lijdt1 nog vr zij haren zege heeft kunnen vieren2 hare eigene beperkingen ontwikkelt1 alvorens zij de haar tegenoverstaande beperkingen overwonnen2 haar kleinzielig wezen doet gelden1 alvorens zij van eenig grootmoedig wezen heeft kunnen doen blijken4 ,zoodat zelfs de gelegenheid tot eene groote rol voor immer voorbij is1 nog voordat zij voorhanden was2 zoodat elke klasse1 zoodra zij de strijd met de boven haar staande klasse begint1 reeds in de strijd met de onder haar staande gewikkeld is4 ,daarvandaan bevindt het vorstendom zich in strijd met het koningschap2 de bureaukratie in een strijd tegen den adel2 de bourgeoisie in strijd tegen hen allen1 terwijl het proletariaat reeds begint1 zich in de strijd met de bourgeoisie te wikkelen4 ,de middelklasse waagt het nauwelijks1 van haar standpunt uit de gedachte harer emancipatie te formuleeren of reeds verklaart de ontwikkeling der sociale toestanden1 zooals de vooruitgang der politieke theorie1 dit standpunt-zelf voor antikwarisch1 of minstens voor zeer problematisch4 ,in ,frankrijk is het voldoende dat iemand iets is1 om alles te kunnen zijn4 ,in ,duitschland durft niemand iets zijn1 om niet van alles afstand te moeten doen4 ,in ,frankrijk is de gedeeltelijke emancipatie1 den grond voor de universeele4 ,in ,duitschland is de universeele emancipatie conditio sine qua non van elke partieele4 ,in ,frankrijk moet de werkelijkheid1 in ,duitschland1 moet de onmogelijkheid de trapsgewijze bevrijding van de gansche vrijheid baren4 ,in ,frankrijk is elke bijzondere volksklasse1 politiek idealist en gevoelt zich direkt1 niet als een bijzondere klasse1 maar als een representant van de sociale nooden in 't algemeen4 ,de rol van emancipator gaat alzoo hier den rij langs in dramatische bewegingen1 over op de verschillende klassen van het fransche volk1 totdat zij eindelijk aanlandt bij eene klasse1 welke de sociale vrijheid niet meer onder voorwaarde van zekere1 buiten de menschen liggende en toch voor de menschelijke samenleving geschapene voorwaarden verwezenlijkt1 maar veelmeer alle voorwaarden van het menschelijk bestaan1 met vooropstelling der sociale vrijheid organiseert4 ,in ,duitschland daarentegen1 waar het praktische leven evenzoo geestloos1 als het geestelijke leven er onpraktisch is1 heeft geen klasse der burgerlijke samenleving de behoefte en de geschiktheid der algemeene emancipatie1 zoo zij niet door hare onmiddellijke positie1 door de materieele noodzakelijkheid1 door hare ketens zelven1 daartoe wordt gedwongen4 ,waarin bestaat alzoo de positieve mogelijkheid der duitsche emancipatie8 ,antwoord3 ,in de vorming eener klasse met radikale ketenen1 eene klasse der burgerlijke samenleving1 welke geen klasse der burgerlijke samenleving is2 een stand1 die de oplossing van alle standen beteekent1 een spheer1 die een universeel karakter door haar universeel lijden begint en geen bijzonder recht in beslag neemt1 omdat geen bijzonder onrecht1 maar onrecht als zoodanig1 aan haar gepleegd wordt4 ,die niet meer op een historische1 maar alleen nog op de menschelijke titel provoceeren kan2 die in geenerlei eenzijdige tegenstelling tot de consekwenties1 maar in eene alzijdige tegenstelling tot de voorwaarden van het duitsche staatswezen staat2 een spheer ten slotte1 die zich niet emancipeeren kn1 zonder zich van alle overige spheren der samenleving te emancipeeren2 die1 in n woord het volle verlies van de menschheid is1 dus slechts door de volkomen hrwinning van de menschheid zich-zelf kan terugwinnen4 ,deze oplossing van de samenleving als een bijzondere stand1 is het proletariaat4 ,het proletariaat vangt eerst door de baanbrekende industrieele beweging aan1 in ,duitschland iets te worden4 ,want niet door de uit-de-natuur ontstane1 maar de kunstmatig geproduceerde armoede1 niet de mechanische1 door de zwaarte der samenleving nergedrukte1 maar de1 uit hare acute oplossing1 bij voorkeur uit de oplossing der middenstanden te voorschijn komende menschenmassa1 vormt dat proletariaat2 hoewel gaandeweg1 zooals van zelf spreekt1 ook de uit natuurlijke oorzaken ontstane armoede en de christelijk-germaansche lijfeigenschap1 in zijne rangen komen4 ,wanneer het proletariaat de oplossing van de bestaande wereld-orde verkondigt1 dan spreekt dit slechts het geheim uit van zijn eigen bestaan1 want het is de faktische oplossing van deze wereldorde4 ,wanneer het proletariaat de vernietiging verlangt van den privaat-eigendom1 dan verheft het slechts tot principe der maatschappij1 wat de maatschappij tot haar principe verheven heeft2 wat in hem1 als negatief resultaat der maatschappij1 reeds buiten zijn toedoen belichaamd is4 ,de proletarir bevindt zich dan ook1 met betrekking tot de wordende wereld op denzelfden rechtsgrond1 waarop de duitsche koning met betrekking tot de gewordene wereld zich bevindt1 wanneer hij het volk1 zijn volk1 zooals hij het paard1 zijn paard noemt4 ,de koning--terwijl hij het volk voor zijn privaat-eigendom verklaart--spreekt het slechts uit1 dat de privaat-bezitter1 de koning is4 ,gelijk de philosophie in het proletariaat hare materieele1 zoo bezit het proletariaat in de philosophie1 zijn geestelijke wapenen en zoodra de bliksemschicht der gedachten1 grondig in deze naeve volksbodem zal zijn ingeslagen1 zal de emancipatie van den duitschers tot menschen1 worden voltrokken4 ,resumeeren wij ten slotte3 de eenig praktisch-mogelijke bevrijding van ,duitschland1 is de bevrijding op het standpunt van de theorie1 welke de menschen voor het hoogste wezen der menschheid verklaart4 ,in ,duitschland is de emancipatie van de middeneeuwen slechts mogelijk1 als eene emancipatie die tegelijkertijd die van de gedeeltelijke overwinningen der middeneeuwen is4 ,in ,duitschland kan geenerlei soort van knechtschap gebroken worden1 zonder dat lken vorm van knechtschap gebroken wordt4 ,het grondige ,duitschland kan zich niet revolutioneeren1 zonder van grond-uit te revolutioneeren4 ,de emancipatie van de duitschers1 is de emancipatie van de menschheid4 ,het hoofd dezer emancipatie is de philosophie1 het hart is het proletariaat4 ,de philosophie kan niet worden verwezenlijkt1 zonder de opheffing van het proletariaat2 het proletariaat kan zich niet opheffen1 zonder de verwezenlijking van de philosophie te worden4 ,wanneer alle inwendige voorwaarden daartoe vervuld zijn1 zal de duitsche opstandingsdag worden aangekondigd door het kraaien van den ,gallischen haan4 ,eveneens uit het jaar #ahdc1 en geschreven te ,brunswijk zijn de opstellen van ,karel ,marx over3 ,,de ,,jodenkwestie4 ,bruno ,bauer had in dat jaar twee artikelen geschreven over deze kwestie4 ,het eerste was getiteld3 ,de ,jodenkwestie2 het andere ,over de geschiktheid der hedendaagsche ,joden en ,christenen zich te emancipeeren1 geschreven in ,zwitserland en uitgegeven door ,george ,herwegh4 ,de ,jodenkwestie was in die dagen een der slippen waaraan het duitsche idealisme1 de economische ontwikkeling gepakt had4 ,de christelijk-germaansche ,staat mishandelde1 verdrukte en vervolgde den joden1 terwijl hij ze aan den anderen kant1 tegelijk duldde1 begunstigde1 ja zelfs liefkoosde4 ,de duitsche-,bondsakte had in artikel #af1 een algemeene jodenwetgeving tot uitgangspunt genomen1 maar aan die belofte was evenmin voldaan1 als aan zoovele anderen4 ,de duitsche joden leefden staatsrechtelijk nog in de runes van de feodaal-middeneeuwsche ,ghetto-toestanden4 ,in den ,pruissischen ,staat alleen1 bestonden achttien verschillende joden-wetgevingen1 die naar gelang der verschillende lokale gesteldheid1 liepen1 van af de gelijkstelling van de joden met de christenen1 tot aan de meest achterlijke en middeneeuwsch-barbaarsche verhoudingen toe4 ,daarbij kwam dat de moorddadige rol die den joden opgedwongen was1 doordien men hen alleen het geldwoekerdom vrijliet1 tegen hen een verschrikkelijken haat had ontketend en dit niet alleen onder de boeren en kleine handwerkers1 maar ook in de steden1 doordien juist daar de joden aan economische macht en invloed wonnen voornamelijk door den geldhandel1 waarop zij zich hadden toegelegd4 ,de joden schudden daardoor zelf aan de ketenen hunner onmenschelijke positie in de beschaafde maatschappij en vandaar dat er in die dagen1 onder de zich noemende humanisten1 algemeen over hunne positie werd gesproken4 ,zoo ook door ,bruno ,bauer in genoemde opstellen4 ,de duitsche ,joden1 zegt ,marx daarop1 begeeren emancipatie2 welke emancipatie begeeren zij8 ,de ,staatsburgerlijke1 de politieke emancipatie4 ,bauer zegt3 ,niemand in ,duitschland is politiek gemancipeerd4 ,wij-zelf zijn onvrij6 ,gij ,joden zijt egosten1 omdat gij een emancipatie voor ,u-zelf verlangt1 gij behoort1 als duitschers1 als menschen1 deel te nemen aan de menschelijke emancipatie44444444 ,of verlangen de ,joden gelijkstelling met de christelijke onderdanen8 ,dan erkennen zij den christelijken ,staat als gerechtigd1 erkennen zij het regiment der algemeene onderdrukking4 ,waarom misvalt hun dit speciale juk1 terwijl hun het algemeene juk niet tegenstaat8 ,waarom moeten de duitschers zich voor de bevrijding der joden warm maken1 waar de jood zich niet warm maakt voor de bevrijding der ,duitschers8 ,hierbij1 en bij nog meer dergelijke belangrijke vragen door ,bauer gesteld1 erkent ,marx dat ,bauer de kwestie wel nieuw gesteld heeft1 maar haar niet geheel heeft kunnen oplossen4 ,wanneer ,bauer1 zegt ,marx1 den ,joden vraagt3 hebt gij1 van uw standpunt bekeken het recht1 de politieke emancipatie te begeeren1 dan vragen wij1 omgekeerd3 heeft het standpunt der politieke emancipatie het recht1 van de ,joden de opheffing van het ,jodendom1 van de menschen in het algemeen1 de opheffing der religie te verlangen8 ,de ,jodenkwestie verkrijgt een ander gezicht1 al naar den staat1 waarin den ,jood zich bevindt4 ,in ,duitschland1 waarin geen politieken ,staat1 geen ,staat als zoodanig bestaat1 is de ,jodenkwestie nog een zuiver theologische4 ,de ,jood bevindt zich daar nog in de religieuze tegenstelling tot den ,staat1 die het christendom als zijn grondslag erkent4 ,dezen ,staat is de theoloog ex professo4 ,in ,frankrijk in den constitutioneelen ,staat1 is de ,jodenkwestie een kwestie van constitutionalisme1 een kwestie van halfheid der politieke emancipatie4 ,daar hier de schijn van een staatsreligie1 hoewel ook in de nietszeggende en zich zelf tegensprekende formule1--in de formule van een religie der meerderheid--behouden is gebleven1 zoo behoudt de verhouding van de ,joden tot den ,staat1 den schijn van een religieuze1 theologische tegenstelling4 ,eerst in de ,amerikaansche ,vrijstaten--minstens in een deel derzelven--verliest de ,jodenkwestie hare theologische beteekenis en wordt zij een zuiver wereldlijke kwestie4 ,slechts daar1 waar de politieke ,staat het stadium van zijne volkomene ontwikkeling is genaderd1 kan de verhouding van den ,jood1 van den religieuzen mensch in 't algemeen tot den politieken ,staat1 dus de verhouding van de godsdienst tot den ,staat1 in hare eigenaardigheid en in hare zuiverheid te voorschijn treden4 ,marx werkt deze vraag geheel in hare algemeenheid uit1 en komt daardoor ertoe1 de verhouding van godsdienst en ,staat meer diepgaand te behandelen4 ,de politieke emancipatie van de ,joden1 vervolgt ,marx dan1 van de christenen1 over het algemeen van den religieuze menschen1 is de emancipatie van den ,staat van het jodendom1 van het christendom1 van de religie in het algemeen4 ,in zijnen vorm1 in de aan zijn wezen eigenaardige wijze als ,staat1 emancipeert de ,staat zich van de religie1 d4 w4 z4 doordien den ,staat als ,staat1 zich niet meer tot eene religie bekent en zich als ,staat gaat voelen4 ,de grens van de politieke emancipatie ligt schijnbaar juist daarin1 dat de ,staat zich van een beperking bevrijden kan1 zonder dat den mensch werkelijk van haar vrijkomt2 dat de ,staat een vrijen ,staat kan zijn1 zonder dat de mensch een vrije mensch is 4444 ,maar de verhouding van den ,staat tot de religie1 namelijk van den vrijen ,staat1 is toch slechts de verhouding waarin de menschen1 die den ,staat vormen1 zich tot de religie bevinden4 ,hier volgt dus uit1 dat den mensch door het medium van den ,staat1 zich politiek bevrijdt1 doordien hij zich in tegenspraak stelt met zich-zelf1 doordien hij op een abstrakte en beperkte1 op partieele wijze zich boven deze belemmeringen verheft1 ,er volgt verder uit1 dat de mensch langs een omweg1 door een medium1--zij het dan ook door een noodzakelijk medium--zich bevrijdt1 wanneer hij zich politiek vrij maakt4 ,ten slotte volgt er ook uit1 dat de mensch1 zelfs wanneer hij door de bemiddeling van den ,staat zich als athest proklameert1 d4 w4 z4 wanneer hij den ,staat athestisch maakt1 steeds nog religieus bevangen blijft1 juist omdat hij langs een omweg1 door middel van een medium tot erkenning van zich-zelf komt4 ,de religie is juist de erkenning van den mensch langs een omweg1 door eenen bemiddelaar4 ,de ,staat is de bemiddelaar tusschen den mensch en zijne vrijheid4 ,zooals ,christus een bemiddelaar was1 die den mensch zijne geheele goddelijkheid1 zijne gansche religieuziteit op den schouders legde1 zoo is den ,staat de bemiddelaar1 waarin hij zijne gansche ongoddelijkheid1 zijne geheele menschelijke onbevangenheid gelegd heeft4 ,de politieke verheffing der menschen boven de religie1 deelt in alle gebreken1 zoo ook in de voorkeur1 van de politieke verheffing in het algemeen4 ,de ,staat als ,staat1 annuleert bijv4 het privaat-eigendom1 de mensch verklaart op politieke wijze1 het privaat-eigendom voor opgeheven1 zoodra hij den census opheft voor het aktieve en het passieve kiesrecht1 gelijk dit geschiedt is in de ,amerikaansche ,staten4 ,hamilton interpreteert deze gebeurtenis1 van uit een politiek standpunt zeer juist aldus3 ,de groote hoop heeft de zege over het eigendom en den geld-rijkdom behaald4 ,is het privaat-eigendom niet ideel opgeheven1 wanneer de niet-bezittende1 tot wetgever over de bezittende geworden is844444 ,de voltooide politieke ,staat is naar zijn wezen1 het paringsleven van de menschen1 in tegenoverstelling tot hun materieel leven4 ,alle voorwaarden van dit egostisch leven1 blijven buiten de staatsspheer in de burgerlijke samenleving bestaan1 maar als eigenschappen van de burgerlijke samenleving4 ,waar de politieken ,staat zijne voltooiing bereikt heeft1 leidt de mensch1 niet alleen in gedachten1 in bewustzijn1 maar in de werkelijkheid1 in het leven1 een dubbel leven1 een hemelsch en een aardsch leven2 het leven in het politiek gemeenschapswezen1 waarin hij zich laat gelden als gemeenschapswezen en het leven in de burgerlijke samenleving1 waarin hij als privaat-persoon werkzaam is1 de andere menschen als middel beschouwt1 zich-zelf tot middel vernedert en tot speelbal van aan hem vreemde machten wordt4 ,de politieke ,staat1 staat in evenzoo spiritualistische verhouding tot de burgerlijke samenleving1 als de hemel tot de aarde4 ,hij bevindt zich tot haar in dezelfde tegenstelling2 hij moet die op dezelfde wijze overwinnen1 als de religie de bekrompenheid der profane wereld2 d4 w4 z4 doordat hij haar eveneens weder erkennen1 herstellen1 zich-zelf door haar moet laten beheerschen4 ,de mensch in zijne naaste werkelijkheid1 in de burgerlijke maatschappij1 is een profaan wezen4 ,in den ,staat daarentegen1 waar de mensch als gemeenschapswezen geldt1 is hij het ingebeelde lid1 van een ingebeelde souvereiniteit2 is hij van zijn werkelijk individueel leven beroofd en van eene onwerkelijke algemeenheid vervuld4 ,het conflikt1 waarin den mensch zich als bekenner eener religie bevindt met zijn staatsburgerschap1 met de andere menschen als leden van de gemeenschap1 laat zich terugbrengen tot de wereldlijke splitsing1 tusschen den politieken ,staat en de burgerlijke samenleving4 ,zeer zeker blijft de mensch als bourgeois1 evenals de jood1 slechts sophistisch in het staatsleven1 zooals de citoyen slechts sophistisch jood of bourgeois blijft2 maar deze sophistiek is niet persoonlijk1 zij is de sophistiek van den politieken ,staat zelf4 ,het verschil tusschen den religieuzen mensch en den staatsburger1 is het verschil tusschen den koopman en den staatsburger1 tusschen den daglooner en den staatsburger1 tusschen den grondbezitter en den staatsburger1 tusschen het levende individu en den staatsburger444444444444444444444444 ,wij zeggen aldus niet1 met ,bauer1 tot de ,joden3 gij kunt niet politiek gemancipeerd worden1 zonder u radikaal te emancipeeren van het ,jodendom4 ,wij zeggen eerder tot hen3 omdt gij politiek gemancipeerd kunt worden1 zonder u volkomen en zonder tegenspraak los te kunnen maken van het ,jodendom1 daarom is de politieke emancipatie-zelve1 niet de menschelijke emancipatie4 ,wanneer gij joden1 politiek gemancipeerd kunt worden1 zonder ,u menschelijk te kunnen emancipeeren1 dan ligt de halfheid en de tegenspraak daarvan in u-zelven niet alleen1 maar in het wezen en de categorie van de politieke emancipatie4 ,marx onderzoekt vervolgens het wezen van de in #aghi verkondigde ,menschenrechten en der ,burgerschapsrechten4 ,de droits de l'homme1 de menschenrechten1 zijn als zoodanig te onderscheiden van den droits du citoyen1 de rechten des staatsburgers4 ,wie is de van den citoyen verschillende homme8 ,niemand anders dan het lid van de burgerlijke samenleving6 ,voor alles moet het feit geconstateerd worden1 dat de z4 g4 n4 ,menschenrechten1 de droits de l'homme in onderscheiding van den droits du citoyen niets anders zijn1 dan de rechten van het mede-lid der burgerlijke samenleving1 d4 w4 z4 van den egostischen mensch2 de van de menschen en van de gemeenschap gescheiden individu4 ,geen van de z4 g4 n4 ,menschenrechten1 zegt ,marx1 gaat verder dan1 en boven den egostischen mensch uit zooals hij is3 medelid der burgerlijke maatschappij2 de mensch op zichzelf1 de op zijn privaat-belang en privaat-willekeur teruggetrokken en van de gemeenschap verwijderde mensch4 ,verre van dien1 dat de mensch in haar als gemeenschapswezen opgevat wordt1 schijnt veelmeer dat gemeenschapsleven zelf1 haar de samenleving toe en de beperking harer oorspronkelijke zelfstandigheid4 ,de eenige band die haar samenhoudt1 is de natuurnoodwendigheid2 is de behoefte en het privaat-belang1 de conserveering van haren eigendom en van hare egostische persoonlijkheid4 ,het is reeds raadselachtig dat een volk1 hetwelk zoo even aan zijne bevrijding begon1 door alle barrires tusschen de verschillende volksdeelen neer te halen en een politieke samenleving te grondvesten1 dat een zoodanig volk1 de berechtiging van den egostischen1 de van den medemensch en van het gemeenschapswezen afgezonderde menschen1 plechtiglijk proklameert 7,declaration de #agia74 ,ja1 deze proklamatie op een oogenblik herhaalt1 waarop de heldhaftige opoffering van allen1 de natie kan redden en daarom gebiedend noodzakelijk is geworden2 op een oogenblik1 waarin de opoffering van alle belangen der burgerlijke samenleving1 aan de orde van den dag was1 en het egosme als een misdaad zou moeten worden zijn gestraft4 7,declaration des droits de l'homme etc4 #agic74 ,nog raadselachtiger wordt dit feit1 als wij zien dat het staatsburgerschap1 de politieke gemeenschap1 door de politieke emancipators zelven tot een bloot middel voor de instandhouding dezer zoogenaamde menschenrechten verlaagd zijn geworden2 dat aldus de citoyen tot den dienaar van den egostischen homme verklaard wordt2 de spheer waarin de mensch als gemeenschapswezen leeft1 beneden de spheer waarin hij als deelgenoot leeft gedegradeerd wordt1 en ten slotte1 dat niet den mensch als citoyen maar den mensch als bourgeois1 voor den eigenlijken en den waarachtigen mensch wordt aangezien4 ,le but de toute association politique est la conservation des droits naturelles et imprescriptibles de l'homme4 7,declar4 des droits etc4 de #agia art4 #b74 ,le gouvernement est institu pour garantir l'homme la jouissance de ses droits naturels et imprescriptibles 7,decl4 etc4 de #agic art4 #a74 ,het doel van elke politieke associatie is1 de instandhouding van de natuurlijke en de onafwijsbare rechten van den mensch4 ,het gouvernement is ingesteld om te waarborgen aan den mensch1 de uitoefening van zijne natuurlijke en niet te vervreemden rechten4 7,verklaring van de ,rechten van den mensch van #agic1 art4 #a en #b74 ,alzoo in de momenten zelfs1 van zijne nog jeugdig frisch en zijn1 door den drang der omstandigheden ten top gevoerd enthousiasme1 verklaart het politiek leven zich voor een bloot middel1 welker doel is1 het leven der burgerlijke samenleving4 ,wel 't sterkst staat hier de revolutionaire praktijk in flagranten tegenstrijd tot zijne theorie4 ,terwijl bijv4 de zekerheid voor een menschenrecht verklaard wordt1 wordt de schending van het briefgeheim openlijk op de dagorde gezet4 ,terwijl de libert indfinie de la presse1 7,constitution de #agic art4 #abb71 als consekwentie van het menschelijk recht der individueele vrijheid gewaarborgd wordt1 wordt de persvrijheid volkomen vernietigd1 want3 la libert de la presse ne doit pas tre permise lorsqu'elle compromet la libert publique4 7,robespierre jeune1 histoire parlementaire de la ,rev4 franaise1 par ,buchez et ,roux ,v4 #bh p4 #ace47 7,de vrijheid van den pers kan niet worden toegelaten1 zoodra zij in botsing komt met de publieke vrijheid47 ,dat wil dus zeggen3 het menschenrecht der vrijheid houdt op een recht te zijn1 zoodra het in conflikt komt met het politieke leven2 terwijl volgens de theorie het politieke leven slechts de waarborg van de menschenrechten1 der rechten van den individueelen mensch dus1 moet worden prijsgegeven zoodra het met zijn doel1 deze menschenrechten zelven in tegenstrijd komt4 ,maar de praktijk is slechts uitzondering en de theorie regel4 ,wil men echter zelfs de revolutionaire praktijk1 als de juiste positie der verhouding beschouwen1 dan blijft er steeds een raadsel ter oplossing over1 waarom in het bewustzijn der politieke emancipators deze verhouding op haren kop gesteld is1 en het doel1 als middel en het middel1 als het doel zich vertoont4 ,dit optisch bedrog van hun bewustzijn1 zou dan altijd nog een raadsel blijven1 hoewel dan een psychologisch1 een theoretisch raadsel4 ,het raadsel is evenwel eenvoudiger op te lossen4 ,de politieke emancipatie is tegelijkertijd de oplossing der oude maatschappij1 waarop het den volke ontvreemde staatswezen1 de heerschersmacht berust4 ,de politieke ,revolutie is de ,revolutie van de burgerlijke maatschappij4 ,wat was het karakter der oude samenleving8 ,de feodaliteit4 ,de oude burgerlijke samenleving had een onmiddellijk politiek karakter2 d4 w4 z4 de elementen van het burgerlijke leven1 zooals bijvoorbeeld het bezit of de familie of de manier van arbeiden waren in den vorm van grondheerlijkheid1 van standen en corporatin1 verheven tot elementen van het staatsleven4 ,zij bepaalden in dezen vorm de verhouding van de individuen op zich-zelf1 tot het staatsgeheel1 d4 w4 z4 zijn politieke verhouding1 zijn verhouding van de scheiding en uitsluiting tot de andere bestanddeelen der maatschappij4 ,want deze organisatie van het volksleven verhief het bezit of den arbeid niet tot sociale elementen1 maar voltooide veelmeer hunne scheiding van het staatsgeheel en constitueerde hen aldus1 tot bijzondere maatschappijen1 in de maatschappij4 ,zoo waren intusschen altijd nog de levensfunkties en levensvoorwaarden der burgerlijke maatschappij van politieken aard1 zij het ook politiek1 in den zin van feodaal1 d4 w4 z4 dat zij het individu van het staatsgeheel afsloten2 dat zij de bijzondere verhouding zijner corporatin tot het staatsgeheel omzetten in zijn eigen algemeene verhouding tot het volksleven1 zooals tot zijne bepaalde burgerlijke werkzaamheid en situatie4 ,als eene consekwentie van deze organisatie1 doet zich1 als eene noodzakelijkheid de staatsnheid kennen1 gelijk het bewustzijn1 den wil en de werkzaamheid der staatsnheid2 de algemeene staatsmacht1 eveneens als eene bijzondere aangelegenheid van eene1 van het volk afgezonderden heerscher en van zijne dienaren4 ,de politieke ,revolutie1 welke aan deze heerschersmacht een einde maakte en de ,staatsaangelegenheden tot volksaangelegenheden verhief1 welke den politieken ,staat als algemeene aangelegenheid1 d4 w4 z4 als werkelijken ,staat constitueerde1 sloeg noodwendig alle standen1 corporatin1 gilden en privilegin1 welke evenzoovele uitdrukkingen van de scheiding van zijn gemeenschapswezen waren1 uiteen4 ,de politieke ,revolutie hief daarmede het politiek karakter van de burgerlijke samenleving op4 ,zij sloeg de burgerlijke samenleving in hare eenvoudige bestanddeelen uiteen2 eenerzijds in de individuen1 anderzijds in de materiele en geestelijke elementen welke den levensinhoud1 de burgerlijke situatie van deze individuen vormden4 ,zij ontketende den politieken geest1 die geleidelijk in de verschillende doodloopende stegen van de feodale maatschappij verdeeld1 verbrokkeld en verloopen was2 zij verzamelde hem uit deze verstrooiing2 zij maakte hem vrij van zijne vermenging met het burgerlijk leven en constitueerde hem1 als de spheer van de gemeenschap1 van de algemeene volksaangelegenheid1 in eene ideale onafhankelijkheid van de bijzondere elementen van het burgerlijk leven4 ,de bepaalde levenswerkzaamheid en de bepaalde levenssituatie1 zonken nu tot hunne individueele beteekenis terug4 ,zij vormden niet meer de algemeene verhouding van de individuen tot het ,staatsgeheel4 ,de publieke aangelegenheid als zoodanig1 wordt veelmeer tot eene algemeene aangelegenheid van ieder individu1 en de politieke funktie1 tot zijne algemeene funktie4 ,alleen de voltooiing van het idealisme van den ,staat1 was tegelijkertijd de voltooiing van het materialisme der burgerlijke samenleving4 ,het afschudden van het politieke juk1 was tegelijk het afschudden van de ketens1 welke den egostischen geest der burgerlijke samenleving geketend hielden4 ,de politieke emancipatie1 was tegelijkertijd de emancipatie der burgerlijke maatschappij van de politiek1 van den schijn zelfs van eenen algemeenen inhoud4 ,de feodale maatschappij was opgelost in haren grond1 in den mensch4 ,maar in den mensch1 zooals die werkelijk in den grond was3 in den egostischen mensch4 ,deze mensch1 dat lid van de burgerlijke samenleving nu1 is de basis1 de voorwaarde tot den politieken ,staat4 ,hij is door hem dan ook als zoodanig erkend in de ,menschenrechten4 ,de vrijheid van den egostischen mensch en de erkenning dezer vrijheid1 is echter veelmeer de erkenning van de teugellooze beweging der geestelijke en moreele elementen1 welke zijn levensinhoud vormen4 ,de mensch wordt daarmede niet van de religie bevrijdt2 hij verkrijgt de vrijheid der religie4 ,hij wordt niet van den eigendom bevrijdt1 hij verkrijgt de vrijheid van den eigendom4 ,hij wordt niet bevrijd1 van de zelfzucht van het bedrijfswezen2 hij verkrijgt de vrijheid van het bedrijf4 ,alle emancipatie is terugvoeren van de menschelijke wereld1 van de menschelijke verhoudingen1 tot den menschen zelf4 ,de politieke emancipatie is de reduktie der menschen eenerzijds tot op het lid van de burgerlijke samenleving1 tot op het egostische onafhankelijke individu2 anderzijds1 tot op den staatsburger1 tot op den moreelen persoon4 ,eerst wanneer de werkelijke individueele mensch1 den abstrakten staatsburger die in hem is1 naar zich terugneemt1 en als individueelen mensch in zijn empirisch leven1 in zijnen individueelen arbeid1 in zijne individueele verhoudingen1 paringswezen geworden is2 eerst wanneer de mensch zijne forces propres als maatschappelijke krachten erkent en georganiseerd heeft en aldus de maatschappelijke kracht niet meer in de gestalte der politieke kracht van zich afscheidt1 eerst dan is de menschelijke emancipatie volbracht4 ,bruno ,bauer zocht nog steeds de ,jodenkwestie langs theologischen weg op te lossen4 ,laten wij beproeven1 zegt ,marx1 om de theologische opvatting van de kwestie te doorbreken4 ,de vraag naar de emancipatiegeschiktheid van de ,joden1 zet zich naar onze beschouwing om in de vraag1 welk bijzonder maatschappelijk element er is te overwinnen om het jodendom op te heffen6 ,want de emancipatiegeschiktheid van de huidige ,joden drukt de verhouding uit van het ,jodendom1 tot de emancipatie der huidige wereld4 ,deze verhouding spruit noodwendig voort uit de bijzondere positie van het ,jodendom in de huidige1 geknechte wereld4 ,beschouwen wij eens den werkelijken wereldlijken jood1 niet den sabath-jood gelijk ,bauer het doet1 maar den alledaagschen jood1 wat nader4 ,zoeken wij het geheimzinnige van de joden1 niet in hunne religie1 maar zoeken wij het geheimzinnige van de religie1 in de werkelijke joden4 ,welke is de wereldlijke grond des ,jodendoms8 ,de praktische behoeften1 het eigenbelang4 ,welke is de wereldlijke cultus der ,joden8 ,de schagger4 ,welke is zijn wereldlijken ,god8 ,het geld6 ,welnu4 ,de emancipatie van den schagger en van het geld1 dus van het praktische1 rele jodendom1 dat beteekent de zelf-emancipatie van onzen tijd4 ,eene organisatie der maatschappij1 welke de voorwaarden van den schagger1 dus de mogelijkheid om te schaggeren zou opheffen1 zou den joden onmogelijk maken4 ,zijn religieus bewustzijn zou dan als een ijle mist zich oplossen1 in den werkelijken levenslust der samenleving4 ,aan den anderen kant3 wanneer de jood1 dit zijn praktisch wezen als nietig beschouwt en aan zijne verheffing arbeidt1 arbeidt hij boven zijne tegenwoordige ontwikkeling uit1 aan de menschelijke emancipatie in het algemeen en keert hij zich tegen de hoogste1 praktische uitdrukking der menschelijke zelfvervreemding4 ,wij erkennen dus in het ,jodendom een algemeen aanwezig zijnd1 anti-sociaal element1 hetwelk door de historische ontwikkeling1--waaraan de ,joden in deze slechte beteekenis ijverig medegewerkt hebben--op zijne tegenwoordige hoogte gedreven is geworden1 op een hoogte1 waarop het zich noodzakelijk oplossen moet4 ,de emancipatie der ,joden in hare laatste instantie1 zal de emancipatie der menschheid van het ,jodendom zijn4 ,het geld is de naijverige ,god van ,isral1 waarnaast geen anderen ,god bestaan kan4 ,het geld vernedert alle goden der menschen--en zet ze om in waren4 ,het geld is de algemeene1 voor-zich-zelf geconstitueerde waarde aller dingen4 ,het heeft daarvandaan de gansche wereld1 de menschenwereld benevens de natuur1 van hunne eigenaardige waarde beroofd4 ,het geld is het1 den mensch ontvreemde wezen van zijnen arbeid en van zijn bestaan4 ,en dit vreemde wezen beheerscht hem en hij aanbidt het4 ,de god der ,joden heeft zich verwereldlijkt2 hij is tot een wereld-god geworden4 ,de wissel is de wereldlijke god der ,joden4 ,hun god slechts de illusoire wissel4 ,die beschouwing1 welke onder de heerschappij van het privaat-eigendom en van het geld over de natuur1 gewonnen werd1 is de werkelijke verachting1 de praktische ontwijding van de natuur1 welke in den joodschen godsdienst wel-is-waar bestaat1 maar slechts in de verbeelding bestaat4 ,in dezen zin verklaart ,thomas ,mnzer het voor onverdragelijk3 dat alle creaturen tot eigendom gemaakt worden1 de visschen in 't water1 de vogels in de lucht1 het gewas op de aarde--ook die schepselen moeten vrij worden4 ,wat in de joodsche religie abstrakt opgesloten ligt1 de verachting der theorie1 der kunst1 der geschiedenis1 die van den menschen als doel1 dat is het werkelijke bewuste standpunt1 de deugd van den geldmensch444444 ,het jodendom bereikte zijn hoogste punt1 met de voltooieng van de burgerlijke maatschappij1 maar de burgerlijke maatschappij voltooit zich eerst in de christelijke wereld4 ,slechts onder de heerschappij van het christendom1 hetwelk alle nationale1 natuurlijke1 zedelijke1 theoretische verhoudingen der menschen tot uitwendige maakte1 kon de burgerlijke samenleving zich volkomen van het ,staatsleven afzonderen1 alle samenlevingsbanden der menschen verscheuren2 het egosme stellen in de plaats dezer banden2 de menschenwereld in een wereld van atomistische1 vijandig tegenover elkander staande individuen1 doen oplossen4 ,het ,christendom is uit het ,jodendom ontsproten4 ,het heeft zich weder in het ,jodendom opgelost4 44444 ,het ,christendom is de sublieme gedachte van het ,jodendom1 het ,jodendom de ordinaire nuttigheidsaanwending van het ,christendom4 ,maar deze nuttigheidsaanwending kon eerst tot eene algemeene worden1 nadat het ,christendom1 als de voltooide religie1 de zelfvervreemding van den mensch1 van zich-zelf en van de natuur1 theoretisch voleindigd had4444 ,omdat het rele wezen der joden zich in de burgerlijke maatschappij algemeen verwezenlijkt1 daarom kon de burgerlijke maatschappij den ,joden niet van de onwezenlijkheid van hun religieus wezen1 hetwelk juist slechts de ideale beschouwing van de praktische behoefte is1 overtuigen4 ,alzoo1 noch in den ,pentateuch1 noch in den ,talmud1 maar in de tegenwoordige samenleving vinden wij het wezen van de huidige ,joden2 niet als een abstract1 maar als een hoogst empirisch wezen2 niet slechts als de bekrompenheid der ,joden1 maar als de joodsche bekrompenheid der samenleving4 ,zoodra het der maatschappij gelukt1 het empirische wezen van het ,jodendom1 den schagger en zijne voorwaarden op te heffen1 is de ,jood eene onmogelijkheid geworden1 omdat dan zijn bewustzijn geen objekt meer zal hebben1 dewijl de subjektieve basis van het ,jodendom1 de praktische behoefte1 vermenschelijkt2 dewijl dan het conflikt van het individueel-zinnelijke bestaan1 met het samenlevingsbestaan der menschen1 uit den weg geruimd zal zijn4 ,de maatschappelijke emancipatie van de ,joden1 zal de emancipatie der samenleving van het ,jodendom zijn4 ,,samenwerking ,,van ,,marx ,,met ,,friedrich ,,engels4 ,te ,manchester verwijlde ,friedrich ,engels1 een fabrikantenzoon uit ,barmen en voor de industrie opgeleid1 #ba maanden lang1 van af ,december #ahdb tot ,december #ahdd4 ,hij maakte aldaar de school der industrie door en bestudeerde deze zoowel als het wereldhistorische proces der groot-industrie1 de philosophische grondslagen en de inwendige tezamenhang der kapitalistische maatschappij4 ,hij verkreeg daardoor een blik op het geheel1 waartoe het engelsche socialisme van ,owen in die dagen1 zich niet heeft vermogen op te werken4 ,engels arbeidde als medewerker1 aan de ,northern ,star1 aan den organen van de ,chartisten dier dagen1 zoowel als aan de ,new ,moral ,world1 van ,robert ,owen4 ,terwijl ,marx uit de studie van het fransche socialisme leerde concludeeren1 dat niet de ,staat de burgerlijke samenleving1 maar dat de burgerlijke samenleving den ,staat tezamenhoudt1 leerde ,engels uit de engelsche industrie1 dat de economische feiten1 die in de tot nog toe geldende geschiedschrijving geenerlei of althans maar een zeer geminachte rol speelden1 minstens in de moderne wereld1 van een beslissend historische kracht zijn4 ,dat zij het zijn1 die de grondslagen uitmaken voor het ontstaan der huidige klassetegenstellingen in die landen1 die zich door middel van de groot-industrie1 economisch ontwikkeld hadden zooals ,engeland4 ,en dat deze klassetegenstellingen1 wederom de grondslag vormen der politieke partijvorming1 der partijstrijd en daarmede van de gansche politieke geschiedenis4 ,langs verschillende wegen waren ,marx en ,engels dus tot dezelfde conclusies gekomen4 ,bij ,marx gaven de philosophische1 bij ,engels gaven de economische feiten den doorslag4 ,toen ,marx en ,engels zich in den herfst van #ahdd te ,parijs voor de tweede maal samentroffen1 bleek het hun1 dat zij het op het gebied hunner theorien volkomen eens waren4 ,hierop berustte dan ook in gansch hun leven de wapenbroederschap1 die later is overgegaan in vriendschap1 zooals die alleen twee denkers die evenhoog staan1 kan vereenigen4 ,intusschen ging ,engels weder naar ,barmen terug en moest ,marx te ,parijs blijven1 daar men in ,duitschland een bevel tot inhechtenisneming tegen hem had uitgevaardigd4 ,marx werkte toen mede aan een blaadje de ,vorwrts genaamd1 dat door een zekere ,bornstein1 met geld van den componist ,g4 ,meijerbeer was opgericht geworden4 ,voor het blad schreven ook3 ,heinrich ,heine1 die te ,parijs een goed en gaarne gezien huisvriend der familie ,marx is geweest1 de dichter ,george ,herwegh1 ,michael ,bakounine1 ,moritz ,hesz1 ,arnold ,ruge e4a4 ,maar het blaadje moest spoedig ophouden te bestaan4 ,de ,pruisische regeering had bij de fransche daarop aangedrongen en de laatste had toegegeven4 ,spoedig daarna werd ook aan ,marx het bevel gegeven1 door de regeering van den heer ,guizot1 om ,frankrijk en daarmede ,parijs te verlaten en ,marx1 overal verjaagd1 moest naar ,brussel uitwijken4 ,aldaar trof hij in het voorjaar van #ahde wederom met ,engels tezamen1 die van verlangen brandde om met ,marx van gedachten te wisselen1 over zijn rijp geworden communistische beginselen4 ,intusschen had deze zijn eerste werk voltooid3 ,de positie der arbeidende klassen in ,engeland4 getiteld1 waarvan de voorrede nog in ,barmen was geschreven4 ,in deze voorrede duidt ,engels het als doel van dat geschrift aan1 de socialistische theorien en de beoordeeling hunner juistheid1 een vasten grondslag te geven en aan alle phantazien daaromtrent een einde te maken4 ,een scheiding dus van het utopistisch ,socialisme4 ,engels hield het voor noodzakelijk1 dat voornamelijk de duitsche theoretici1 waarvan bijna niet een1 anders dan door middel van de ,feuerbachsche oplossing van de ,hegelsche1 speculatieve wijsbegeerte1 tot het ,communisme gekomen was1 de werkelijke levensomstandigheden van het proletariaat zouden leeren kennen4 ,in hunnen klassieken vorm1 in hunne voltooieng nu1 bestonden zuiver proletarische toestanden1 in dien tijd alln nog maar pas in ,engeland1 het land der groot-industrie4 ,daarom schreef ,friedrich ,engels zijn boek dan ook over engelsche arbeiderstoestanden4 ,toen beiden1 ,marx en ,engels elkander te ,brussel aantroffen1 zetten zij zich aan den arbeid1 om naar alle richtingen heen1 hun nieuw gewonnen standpunt uiteen te zetten1 ten opzichte van de ,hegelsche philosophie1 om gelijk zij het noemden1 voor goed met hun philosophisch geweten in 't reine te komen4 ,dat deden zij in een critiek op de ,hegeliaansche en de na-,hegeliaansche philosophie2 een boek van twee deelen dik4 ,dat boek is echter nooit gedrukt kunnen worden2 de drukker weigerde ter elfder ure iets van ,marx te drukken1 gelijk er jaren na dien nog geen uitgever te vinden was in ,duitschland1 die iets van ,marx wilde of durfde uitgeven4 ,het manuscript lieten toen ,marx en ,engels1 gelijk ,marx het eenmaal uitdrukte1 aan de knagende critiek der muizen over2 zij hadden hun doel1 een afrekening met zich-zelven1 volkomen bereikt4 ,dit manuscript hield ook de #aa stellingen in1 van ,marx tegen ,feuerbach1 reeds vroeger medegedeeld en jaren later door ,engels tot een geschrift uitgewerkt1 onder den naam van ,ludwig ,feuerbach of het uiteinde der klassieke ,duitsche wijsbegeerte1 in welk geschrift door ,engels1 met groote bescheidenheid erkend wordt1 dat de groote philosophische lijnen van de gewonnen levensbeschouwing van hun beiden1 geheel en al door ,marx getrokken zijn4 ,marx was een genie1 schrijft hij daar1 waar anderen hoogstens talenten genoemd konden worden4 ,marx en ,engels sponnen de draden van hunne positieve zelf-critiek verder voort4 ,zij vereenigden zich tot een zelfstandigen arbeid1 eene critische oplossing van het duitsche ,idealisme1 voor zoover dit in ,bruno ,bauer en de ,berlijnsche ,vrijen1 zijn vertegenwoordigers vond4 ,hierdoor kwam voor 't eerst het geschrift tot stand1 dat getiteld was3 ,de ,heilige ,familie of de ,critiek der critiseerende critiek van ,bruno ,bauer en consorten1 dat in #ahde in ,frankfort a_/,m4 het licht zag4 ,het geschrift staat in geen uitwendige samenhang met de ,deutsch-,franzsischen ,jahrbcher2 naar het wezen evenwel1 past het volkomen in het raam van den arbeid der beiden1 aan dit tijdschrift4 ,het doel der ,heilige ,familie is volgens het voorwoord der auteurs1 het publiek in te lichten omtrent de illusies van de speculatieve philosophie4 ,het rele ,humanisme heeft in ,duitschland geen gevaarlijker vijand1 dan het ,spiritualisme of het speculatieve ,idealisme1 dat in plaats van den werkelijken individueelen mensch1 het zelfbewustzijn of den ,geest plaatst1 en met den ,evangelist leert3 ,de geest is het1 die levend maakt1 het vleesch is van geen nut4 ,het spreekt vanzelf1 dat dezen vleeschloozen geest1 slechts in zijne verbeelding1 geest bevat4 ,wat wij aan de ,bauersche critiek bestrijden1 dat is juist de als carricatuur zich reproduceerende speculatie4 ,zij is voor ons de volmaaktste uitdrukking van het christelijk-germaansche principe1 dat er zijn laatste poging in doet1 om de critiek zelve in eene transcendentale om te zetten4 ,bauer c4s4 hadden ons willen aantoonen1 dat alle groote akties in de geschiedenis tot nog toe1 daarom van begin af een misgreep waren of wel succes hadden1 naarmate de massa's zich er voor opgewonden en er zich voor genteresseerd hadden1 of omdat de idee waarom het ging1 van een soort was1 dat zij zich met eene oppervlakkige opvatting moest vergenoegen en alzoo ook op hunnen bijval rekenen moest4 ,de geest wist1 zoo gingen zij bij de uiteenzetting van hun standpunt verder1 waarin hij zijne tegenstanders had te zoeken1 namelijk in het zelfbedrog en de kernloosheid van de massa's4 ,in zeker opzicht geleek dit standpunt op dat1 waarvan de fransche ,utopisten uitgegaan waren4 ,massabewegingen zooals de fransche ,revolutie1 waren oogenschijnlijk mislukt en op het allerplatste despotisme uitgeloopen4 ,elk vooruitgang van den geest bewees dus1 steeds meer tegen de vooruitgang van de massa der menschheid in te gaan en haar in een steeds onmenschelijker situatie te brengen4 ,fourier en ,owen traden dan ook in zekere mate op als aktieve geesten1 tegenover de passieve massa4 ,de ,allgemeine ,literatur-,zeitung het orgaan der ,jong-,hegelianen van het slag van ,bauer en ,feuerbach1 kantte zich dan ook sterk tegen de massabewegingen van destijds4 ,in hare oogen kon de engelsche industrie1 even zoo weinig genade vinden1 als de fransche ,revolutie4 ,de beschaving van het ,westen1 was haar en hare medewerkers eigenlijk een soort gruwel4 ,het was dus niet het minst in dat geschrift1 dat ,marx en ,engels de geheimenissen van de speculatieve construktie ontsluieren moesten4 ,hierover zeiden zij het volgende3 ,wanneer ik mij uit de werkelijke appelen1 peren1 aardbeien en amandelen1 de algemeene voorstelling vrucht vorm1 wanneer ik verder ga en mij verbeeld1 dat mijne1 uit de werkelijke vruchten getrokken abstrakte voorstelling de vrucht een buiten mij bestaand iets1 ja het ware wezen der peren1 der appels enz4 is1 dan verklaar ik--spekulatief uitgedrukt--de vrucht1 voor de substantie der peren1 der appelen1 der amandelen enz4 ,ik zeg dan3 de peer is een onwezenlijke peer1 de appel is een niet-wezenlijke appel4 ,het wezenlijke uit die dingen1 is niet hun werkelijk en zinnelijk te aanschouwen bestaan1 maar het door mij uit hen geabstraheerd en een hen ondergeschoven wezen1 het wezen mijner voorstelling3 de vrucht4 ,ik verklaar daarmede appels1 peren1 amandelen enz4 voor niets1 dan voor bestaansvormen1 voor modi der vrucht4 ,mijn eindend1 door de zinnen ondersteund verstand1 onderscheidt zeer zeker een appel van een peer1 en een peer van een amandel1 maar mijn spekulatief verstand1 verklaart deze zinnelijke verschillen voor onwezenlijk1 niet-verschillend4 ,zij ziet in den appel hetzelfde als in den peer en in de peer hetzelfde als in den amandel1 namelijk3 de vrucht4 ,de bijzondere werkelijke vruchten1 gelden hier dus voor schijnvruchten1 welker werkelijk wezen de substantie1 de vrucht is44444 ,wanneer de appel1 de peer1 de amandel of aardbezie in waarheid niets anders zijn dan de substantie1 de vrucht1 dan vraagt men zich af1 hoe komt het toch1 dat de vrucht zich aan mij dan als appel1 dan als peer of dan als amandel vertoont2 vanwaar komt deze schijn der menigvuldigheid1 die mijne speculatieve aanschouwing van de eenheid1 van de substantie1 van de vrucht1 zoo in 't oogspringend weerspreekt8 ,dat komt1 zal de speculatieve philosoof u antwoorden1 omdat de vrucht geen dood1 verschilloos en rustend1 maar een levend1 een in zich-zelf verschillend en bewogen wezen is4 ,de verschillendheid van de profane vruchten1 is niet alleen voor mijn zinnelijk verstand1 maar ook voor de vrucht zelf1 voor het spekulatieve verstand van beteekenis4 ,de verschillende profane vruchten zijn verschillende levensuitingen van de eene vrucht1 zij zijn kristallisaties1 welke de vrucht zelf vormen4 ,dus in den appel bijv4 heeft de vrucht een appelachtig1 in de peer een perenachtig bestaan4 ,men moet dus niet meer zeggen1 zooals op het standpunt der substantie3 de peer is de vrucht1 de appel is de vrucht1 de amandel is de vrucht1 maar veeleer3 de vrucht is als peer1 de vrucht is als appel1 de vrucht is als amandel tezamen gesteld en de verschillen welke appel1 peer en amandel van elkander scheiden1 zijn even zoovele zelfonderscheidingen van de vrucht en maken de bijzondere vruchten evenzoo tot verschillende ledematen van het levensproces der vrucht4444 ,men ziet3 wanneer de christelijke religie slechts van n inkarnatie gods weet1 de spekulatieve philosophie bezit evenzoo veel inkarnaties als er dingen bestaan1 gelijk zij hier in elke vrucht eene inkarnatie van de substantie1 van de absolute vrucht bezit4 ,het hoofdbelang voor de speculatieve philosophen bestaat dus hierin1 de werkelijke profane vruchten voort te brengen en dan op geheimzinnige wijze ervan te zeggen1 dat er appelen1 peren1 amandelen en rozijnen zijn44444 ,het spreekt van zelf1 dat de spekulatieve philosoof deze voortdurende schepping slechts verkrijgt1 doordat hij algemeen bekende1 in de werkelijke aanschouwing voorhanden zijnde eigenschappen van appelen1 peren enz41 als het ware door hem uitgevonden bepalingen onderschuift1 terwijl hij datgene1 wat alleen het abstrakte verstand verschaffen kan1 namelijk de abstrakte verstandsformules1 de namen der werkelijke dingen geeft4 ,terwijl hij ten slotte zijn eigen werkzaamheid1 waardoor hij van de voorstelling appel1 tot de voorstelling peer overgaat1 voor de zelfwerkzaamheid van het absolute subjekt der vrucht verklaart44444 ,tegen de hoofdstelling van ,bruno ,bauer1 waarnaar alle groote akties in de geschiedenis tot nu toe1 derhalve van te voren reeds mislukt zouden zijn en zonder ingrijpend succes1 omdat de massa zich ervoor genteresseerd en opgewonden had1 of omdat de idee waarom het ging1 op den bijval der massa rekenen moest1 voerde ,marx aan3 ,de idee1 blameerde zich altijd1 in zooverre zij met het belang in botsing kwam4 ,aan den anderen kant1 is het licht te begrijpen1 dat elk massaal en historisch en doorzettend principe als het voor het eerst het wereldtooneel betreedt1 in de idee of in de voorstelling1 verre de werkelijke grenzen te buiten gaat en zich met menschelijke belangen gewoonweg verwisselt4 ,het belang van de bourgeoisie in de ,revolutie van #aghi1 verre ervan verwijderd1 mislukt te zijn1 heeft alles gewonnen en heeft het ingrijpendste succes gehad1 hoezeer ook het pathos in rook vervlogen is en hoezeer ook de enthusiastische bloemen1 waarmede dit belang zijn wieg omkranste1 verwelkt zijn4 ,dit belang was z machtig1 dat het de pen van een ,marat1 de guillotine van de terroristen1 den degen van ,napoleon1 zoowel als het crusifix der ,bourbons overwon4 ,mislukt is de ,revolutie slechts voor die massa1 welke in de politieke idee1 niet de idee van haar werkelijk belang bezat2 welker waarachtig levensprincipe alzoo met het levensprincipe der ,revolutie niet tezamenviel2 welker rele voorwaarden voor emancipatie wezenlijk verschillend waren1 van de voorwaarden1 waarbinnen de bourgeoisie zich in de samenleving emancipeeren kon4 ,de ,revolutie is mislukt1 omdat de massa binnen welker levensvoorwaarden zij werkelijk is blijven stil staan1 eene beperkte en exclusieve1 niet de totaliteit omvattende massa was2 omdat het talrijkste1 van de bourgeoisie verschillende deel van de massa1 in haar principe geen werkelijk belang1 maar slechts een idee bezat4 ,het was een illusie der terroristen1 den modernen ,staat1 die berust op de burgerlijke samenleving1 naar het model van den antieken ,staat te willen vormen1 terwijl deze samenleving toch op de slavernij berustte4 ,welk een kolossale vergissing6 de moderne burgerlijke samenleving1 de samenleving der industrie1 der algemeene concurrentie1 der1 van de vrij hare doeleinden najagende private belangen1 der anarchie en de zichzelf vervreemdende natuurlijke en geestelijke individualiteit1 in de ,rechten van den ,mensch te willen doen erkennen en te doen sanktioneeren2 tegelijkertijd de levensuitingen dezer samenleving1 van opzichzelfstaande individuen te willen annuleeren1 en tevens de politieke kop dezer samenleving1 naar antiek model te willen vervormen4 ,het was de illusie van een ,napoleon1 den ,staat als doel te beschouwen en het burgerlijk leven slechts als zijn schatmeester en zijne subalternen1 die geen eigen wil mogen hebben4 ,de terroristen zoowel als ,napoleon1 leden met hunne illusies volmaakt schipbreuk4 ,daarna kwam de bourgeoisie nog weder eenmaal tegenover de contra-,revolutie te staan4 ,eindelijk verwezenlijkten zich in het jaar #ahcj hare wenschen van het jaar #aghi1 slechts met dat verschil1 dat hare politieke verheldering nu voltooid was2 dat zij in den constitutioneelen1 representatieven ,staat1 niet meer het ideaal van den ,staat1 niet meer het heil der wereld en der algemeen-menschelijke doeleinden meende na te kunnen streven1 maar in hem veel meer1 de officieele uitdrukking harer uitsluitende macht en de politieke erkenning1 van haar bijzonder belang heeft gezien444444 ,de natuurnoodwendigheid1 de menschelijke wezenseigenschappen1 hoe vervreemd of de menschen ook van elkar mogen schijnen1--het belang1 houdt de leden van de burgerlijke maatschappij te zamen2 het burgerlijke en niet het politieke leven is hunnen relen band4 ,niet de ,staat houdt de atomen der burgerlijke maatschappij bij elkander1 gelijk ,bruno ,bauer meende1 maar dit1 dat zij slechts atomen in de voorstelling zijn1 in den hemel harer verbeelding1 terwijl zij in de werkelijkheid echter1 geweldig van atomen verschillen een wezenlijk namelijk1 geen goddelijke egosten1 maar egostische menschen zijn4 ,slechts politiek bijgeloof1 kan zich tegenwoordig nog inbeelden1 dat het burgerlijk leven door den ,staat bijeengehouden moet worden2 terwijl omgekeerd toch in de werkelijkheid den ,staat door het burgerlijke leven tezamen gehouden wordt4 ,gelooft de critiseerende critiek in de kennis der historische werkelijkheid1 ook maar slechts aan haar begin te zijn gekomen1 zoolang zij de theoretische en de praktische verhouding van de menschen tot de natuur1 de natuurwetenschap en de industrie1 buiten hare historische wetenschap sluit8 ,of1 meent zij een of andere periode inderdaad reeds te hebben leeren kennen1 zonder bijv4 de industrie dezer periode1 de onmiddellijke produktiewijze van het leven-zelf te hebben kunnen leeren kennen8 ,zeer zeker1 de spiritualistische1 de theologische critiek kent slechts1--kent ten minste in hare verbeelding--de politieke1 de littraire en de theologische hoofd- en staatsakties der geschiedenis4 ,zooals zij het denken van de zinnen1 de ziel van het lichaam1 zich-zelf van de wereld scheidt1 zoo maakt zij de geschiedenis los van de natuurwetenschap en van de industrie4 ,zoo ook meent zij1 niet in de gewone materieele produktie op aarde1 maar in de nevelachtige wolkenbeelden aan den hemel1 de geboorteplaats der geschiedenis te moeten zien4 ,van de utopistische ,socialisten1 was het wel het meest ,fourier en zijn denkbeelden1 die hebben bijgedragen tot de inhoud van de ,heilige ,familie4 ,marx stelde op den voorgrond dat de organisatie van den arbeid geen wachtwoord van de ,socialen1 maar een van de politiek-radikale partij is1 die in ,frankrijk een bemiddeling zocht te bewerken1 tusschen de politiek en het socialisme4 ,beiden toonen echter aan1 wat ook de groote ,utopisten nooit begrepen hebben n4l43 de historische ontwikkeling1 de zelfwerkende beweging van de arbeidersklasse1 zegt ,marx4 ,en op de bemerking van ,bauer1 dat de arbeider niets heeft1 omdat hij niets maakt en dat hij niets maakt1 omdat zijn arbeid steeds eene individueele blijft1 een op zijn dagelijksche behoefte berekende is1 antwoordde ,engels dit3 ,de critiseerende critiek voert niets uit2 de arbeider doet alles1 ja1 zoozr alles1 dat hij de gansche critiek ook in zijn geestelijke scheppingen beschaamt2 de engelsche en fransche arbeiders kunnen hier getuigenis van afleggen4 ,en wat de tegenstelling tusschen geest en massa aangaat door ,bauer geconstrueerd1 stelde ,marx hierna in het licht1 dat de communistische critiek der ,utopisten1 praktisch wl deugdelijk heeft beantwoord aan de behoeften der groote massa4 ,hij zeide1 dat men om dit te weten1 de studie1 de weetgierigheid1 de zedelijke energie en de rustelooze aandrift tot ontwikkeling van de fransche en engelsche werklieden moet hebben leeren kennen1 om zich een voorstelling te kunnen maken van den menschelijken adel dier bewegingen4 ,voor het eerst behandelde ,marx in de ,heilige ,familie ook den arbeider-publicist en socialist3 ,pierre ,joseph ,proudhon4 ,edgar ,bauer had er zich lustig over gemaakt1 dat ,proudhon uit het principe der gelijkheid1 de laatste redelijke grond aller bewijzen voor den eigendom zocht te concludeeren4 ,daarop nu antwoordde ,marx1 dat ,proudhon hier hetzelfde doet als ,bauer1 die aan alle zijne ontwikkelingen het oneindige zelfbewustzijn te gronde legt en dit principe1 ook als het scheppende grondbeginsel van de1 het oneindige zelfbewustzijn--door hare oneindige bewusteloosheid--schijnbaar juist elkander tegensprekende ,evangelin1 te gronde legt4 ,marx wijst erop1 dat voor de praktische franschen het principe der gelijkheid juist hetzelfde is1 als voor de theoretische duitschers1 het principe van het zelfbewustzijn4 ,zooals in ,duitschland de destruktieve critiek1 voordat zij met ,feuerbach van de beschouwing der werkelijkheid uitgegaan was1 al het bepaalde en bestaande door het principe van het zelfbewustzijn trachtte op te lossen1 heeft de destruktieve critiek in ,frankrijk door het principe der gelijkheid1 hetzelfde trachten te bereiken4 ,en zooals ,bruno ,bauer de theologie critisch oploste1 maar steeds principieel van de theologie uit1 zoo doet ,proudhon het met de nationaal-economie1 principieel van de nationaal-economie uit4 ,maar de groote vooruitgang door ,proudhon bereikt1 is volgens ,marx deze1 dat hij den privaat-eigendom1 de grondvoorwaarde van de ,staathuishoudkunde1 welke hare vertegenwoordigers als een onomstootelijk1 niet verder uiteen te zetten feit behandelen1 aan het eerste en tevens beslissende en tegelijkertijd1 wetenschappelijke onderzoek heeft onderworpen4 ,marx betoogt verder tegenover ,bauer--die de eenzijdigheid van ,proudhon veroordeelde1 waar hij zijne wapens ontleende aan de feiten van de ellende en de armoede en deze feiten als absoluut gerechtigd en den rijkdom als een absoluut ongerechtigd feit aanneemt--dat de voorwaarde tot het bestaan van het geheel1 de erkenning moet zijn van den aard der beide zijden1 dat proletariaat en rijkdom tegenstellingen zijn4 ,als zoodanig vormen zij n geheel4 ,zij zijn beiden gestaltenissen van den privaten eigendom4 ,het is echter hier niet genoeg1 ze voor twee zijden van een gehl te verklaren1 maar het gaat hier om de bepaalde positie1 welke beiden in die tegenstelling innemen3 ,den privaat-eigendom als rijkdom1 is ertoe gedwongen1 zich-zelf en daarmede zijne tegenstelling1 het proletariaat in stand te houden4 ,het is de positieve kant van de tegenstelling1 het inzich-zelf bevredigde privaat-bezit4 ,het proletariaat omgekeerd1 als proletariaat is gedwongen zich-zelf en daarmede zijne noodzakelijke tegenstelling1--die het tot proletariaat doet worden1--het privaatbezit dus op te heffen4 ,dit is de negatieve kant van de tegenstelling2 zijn onrust in zich-zelf1 het opgeloste en zich-oplossende privaat-bezit4 ,in den boezem dier tegenstelling1 is den privaat-bezitter al dus de conservatieve1 de proletarir de destruktieve partij4 ,van gene gaat de aktie uit tot het instandhouden1 van deze de aktie tot de vernietiging der tegenstelling4 ,het privaat-eigendom drijft zeer zeker zich-zelf1 in zijne economische beweging voort naar zijne eigene oplossing1 maar slechts door van hem onafhankelijke1 bewustelooze1 tegen zijnen wil plaatsvindende1 door den aard van den zaak bepaalde ontwikkeling2 slechts doordien het een proletariaat als proletariaat voortbrengt1 de zijn geestelijke en physieke ellende bewuste ellende2 de hare mensch-onteering bewuste1 mensch-onteering en daarom1 de zich-zelf verheffende mensch-onteering4 ,het proletariaat voltrekt het oordeel1 dat het privaat-bezit door de voortbrenging van het proletariaat over zich-zelf velt2 zooals het 't oordeel voltrekt1 dat de loonarbeid over zich-zelf velt1 doordien hij den vreemden rijkdom en de eigen ellende voortbrengt4 ,wanneer het proletariaat zegeviert1 dan is het daarmede niet geworden tot eene absolute kant van de samenleving4 ,het kan slechts zegevieren1 doordien het zich-zelf en zijn tegendeel opheft4 ,alsdan is evenzoowel het proletariaat1 als zijn noodzakelijke tegenstelling1 den privaten eigendom verdwenen4 ,over het verwijt1 dat men1 door aan het proletariaat een historische taak op den schouders te leggen1 den proletarirs tot godheden maakt1 zegt ,marx dit3 ,veeleer is dit juist omgekeerd6 ,omdat de abstraktie van alle menschelijkheid1 zelfs van den schijn van menschelijkheid in het proletariaat voltrokken is op praktische wijze2 omdat in de levensvoorwaarden van het proletariaat1 alle levensvoorwaarden van de huidige maatschappij in hare onmenschelijke toppunten tezamengevat zijn2 en omdat de mensch in hem zich-zelf verloren heeft1 maar tegelijkertijd weder hrwonnen heeft en niet alleen door het theoretisch bewustzijn van dit verlies1 maar ook door de onmiddellijke1 door de niet meer af te wijzen1 niet meer te verbloemen nood--de praktische uitdrukking der noodwendigheid6--tot opstand tegen deze onmenschelijkheid gedwongen is1 daarom kan en moet het proletariaat zich-zelf bevrijden4 ,het kan zich-zelf echter niet bevrijden1 zonder zijne eigene levensvoorwaarden op te heffen4 ,het kan die levensvoorwaarden evenwel niet opheffen1 zonder alle menschelijke levensvoorwaarden van de huidige samenleving1 die zich in zijne situatie samenvatten1 op te heffen4 ,het maakt niet te vergeefs de harde1 maar tevens stalende school van den arbeid door4 ,het komt er niet op aan1 wat deze of gene proletarir of zelfs ook het gansche proletariaat1 zich bij wijlen als doel voor oogen stelt4 ,het komt er op aan1 wat het is en wat het historisch genoodzaakt zal zijn te doen4 ,zijn doel en zijn historische aktie1 zijn hem in zijne eigene levenssituatie1 zooals in de gansche organisatie van de huidige burgerlijke maatschappij1 zinnebeeldig en onherroepelijk voorgeteekend4 ,,hoofdstuk ,,iii4 ,,marx ,,tegen ,,proudhon4 ,ten tijde dat ,marx in ,parijs leefde1 verkeerde hij ook aldaar1 met den reeds hier genoemden franschen socialist ,pierre ,joseph ,proudhon4 ,proudhon was letterzetter geweest en had het1 na een jeugd van armoede en ontbering1 tot een bekend schrijver gebracht4 ,marx vertelt zelve1 dat hij met ,proudhon lange nachten achtereen gediscussieerd had over economische vraagstukken4 ,marx leidde hem de ,hegeliaansche philosophie binnen1 wat hij later evenwel betreuren moest1 daar ,proudhon1 doordien hij geen duitsch verstond1 nooit in staat is geweest ,hegel zelve te bestudeeren in diens eigen taal4 ,hem is daardoor van de denkbeelden van dien wijsgeer1 altijd een valsch denkbeeld bijgebleven4 ,nadat ,marx ,parijs verlaten had1 kwam ,proudhon onder den invloed van den duitschen socialist ,karl ,grn4 ,in ,juni van #ahdg deed ,marx in het fransch een geschrift het licht zien1 bij wijze van antwoord op ,proudhon's geschrift ,la philosophie de la ,misre 7,de philosophie der ellende7 dat getiteld was3 ,la misre de la philosophie 7,de ellende der philosophie7 van de grootste beteekenis1 niet alleen om de polemiek1 maar vooral daardoor1 omdat het de wetenschappelijke inleiding van ,marx' lateren en wetenschappelijken arbeid kan genoemd worden2 zoowel in philosophisch als in staathuishoudkundig opzicht4 ,in de ,voorrede tot dit geschrift1 die gedagteekend is uit ,brussel1 den #ae;e ,juni #ahdg zegt ,marx3 ,de heer ,proudhon heeft het ongeluk op eene eigenaardige wijze te worden miskend4 ,in ,frankrijk heeft hij het recht1 een slecht econoom te zijn1 omdat men hem aldaar voor een geducht duitsch philosoof houdt2 in ,duitschland daarentegen1 mag hij een slecht philosoof zijn1 omdat hij daar doorgaat voor een sterk fransch staathuishoudkundige4 ,in onze dubbele hoedanigheid van duitscher n van econoom1 zien wij ons genoodzaakt1 tegen deze dubbele dwaling op te komen4 ,de lezer zal begrijpen1 dat wij bij dezen ondankbaren arbeid1 meermalen de critiek van den heer ,proudhon over de duitsche philosophie1 op den achtergrond zullen moeten laten treden en daarnevens ons eenige bemerkingen over de politieke-economie in het algemeen zullen moeten veroorloven4 ,van de twee gedeelten1 waaruit het geschrift bestaat1 houdt het eerste zich bezig met ,proudhon's geconstitueerde waarde4 ,marx toont aan1 dat de ruil der waren1 naar de mate van de in hen belichaamde arbeidstijd de revolutionaire toekomsttheorie van ,proudhon1 niets anders is1 dan wat de econoom ,ricardo heeft geconstateerd als te zijn de theorie van de burgerlijke maatschappij4 ,de waarde van den arbeid wordt bepaald door den arbeidstijd die er benoodigd is1 voor de voortbrenging van al datgene1 wat den arbeider voor zijn onderhoud en voor zijne voortplanting noodig heeft4 ,ricardo heeft het dus al uiteengezet3 verminder de onderhoudskosten der menschen door matiging van den natuurlijke prijzen1 der voor het leven noodzakelijke voeding en kleeding en gij zult zien1 hoe de loonen zullen dalen1 zelfs wanneer de vraag naar arbeiders ook sterk stijgt4 ,de natuurlijke prijs van den arbeid1 is niets anders dan een minimum van het loon4 ,zoo is de door den arbeidstijd gemeten waarde1 noodzakelijkerwijs de formule voor de moderne slavernij van den arbeider1 inplaats van gelijk ,proudhon dit aannam1 de revolutionaire theorie voor de emancipatie van het proletariaat te wezen4 ,teneinde zijne utopie te steunen1 verklaarde ,proudhon1 dat zich aanbod en vraag ontwijfelbaar dekken zullen1 wanneer de waarde van een produkt bepaald wordt door de in hem belichaamde arbeidstijd4 ,voor deze meening heeft hij het schijnbaar historische bewijs aangevoerd1 dat de nuttigste dingen1 den geringsten produktietijd vorderen2 dat de samenleving steeds met de gemakkelijkste industrien aanvangt1 en dan1 geleidelijk tot de produktie van dingen voortgaat die grooter arbeidstijd vorderen en aan hare behoeften beantwoorden4 ,marx voerde hiertegen aan1 dat die dingen zich op gansch andere manier hebben voltrokken dan ,proudhon wel denkt4 ,op het moment waarop de civilisatie een aanvang neemt1 begint ook de produktie zich op te bouwen op de tegenstelling der beroepen1 der standen1 der klassen en ten slotte1 op de tegenstelling tusschen den opgehoopten en den onmiddellijken arbeid4 ,zonder tegenstelling geen vooruitgang2 dat is de wet welke de beschaving tot op heden gevolgd heeft4 ,tot nu toe1 hebben zich de produktiekrachten op grond van deze heerschappij der klassentegenstellingen ontwikkeld4 ,de geschiedenis evenwel toont ook aan1 dat de manier waarop de produkten zich tegen elkander ruilen1 in het algemeen zich richt1 naar de manier waarop zij voortgebracht worden4 ,de individueele ruil beantwoordt aan een bepaalde produktiewijze1 die op klasse-tegenstellingen berust4 ,het verbruik van de produkten wordt bepaald door de sociale verhoudingen1 waarin de consumenten zich tot elkander bevinden en deze verhoudingen1 berusten op de tegenstellingen der klassen4 ,weshalve zijn katoen1 aardappelen en brandewijn1 de steunpunten van de burgerlijke maatschappij1 de voorwerpen van algemeen verbruik8 ,omdat zij de maatschappelijk-nuttigste produkten zijn1 of omdat zij als de ellendigste produkten1 in eene op ellende gegrondveste samenleving1 het natuurnoodzakelijke voorrecht genieten1 tot gebruik van de groote massa te dienen8 ,eerst in eene komende samenleving1 waarin de klassetegenstellingen zullen zijn verdwenen1 waarin geene klassen meer zullen bestaan1 zal het gebruik niet meer van het minimum van den produktietijd afhankelijk zijn1 die men aan de verschillende voorwerpen besteedt1 maar de produktietijd zal dan afhankelijk zijn van hunne maatschappelijke nuttigheid4 ,in de burgerlijke maatschappij1 worden aanbod en vraag niet door de1 in de arbeidswaarde opgesloten waarde der producten geregeld1 maar de oszillatorische 7schommelende7 beweging van vraag en aanbod1 vormt uit den arbeidstijd1 hunne waardemeter4 ,elke nieuwe uitvinding1 welke het mogelijk maakt in n uur te produceeren1 wat tot nog toe in twee uren geproduceerd is kunnen worden1 ntwaardigt alle gelijksoortige produkten welke zich op de markt bevinden4 ,de concurrentie dwingt den producenten het produkt van twee uren1 evenzoo goedkoop te verkoopen1 als het produkt van n uur arbeids4 ,de concurrentie zet de wet door1 waarnaar de waarde van een produkt door de1 tot zijn voortbrenging noodwendige hoeveelheid arbeidstijd wordt bepaald4 ,niet den tijd waarin een zaak wordt geproduceerd1 maar den tijd waarin zij kan worden geproduceerd1 bepaalt hare waarde en dit minimum kan alleen door de concurrentie worden bepaald4 ,het feit dat de arbeidstijd1 als de maat van de ruilwaarde dient1 wordt op deze wijze tot de wet van eene bestendige waarde-vermindering van den arbeid1 die met overproduktie en industrieele anarchie hand aan hand gaat4 ,marx stelt de utopie van ,proudhon gelijk1 met den wensch van iemand die gaarne zo zien1 dat de waren in zulke proporties zouden worden voortgebracht1 dat men ze tot de gewone1 hem believende prijs van de hand zou kunnen zetten4 ,hij wijst erop1 dat het van-huis-uit eene burgerlijke illusie geweest is1 zich den individueelen ruil zonder klasse-tegenstellingen voor te spiegelen2 om zich de burgerlijke maatschappij1 als een toestand van harmonie voor te stellen en als eene van eeuwige gerechtigheid1 die niemand veroorlooft zich te verrijken1 op kosten van anderen4 ,maar de juiste proportie tusschen aanbod en vraag was slechts mogelijk in die tijden1 waarin de produktie-middelen beperkt waren1 waarin den ruil zich binnen buitengewoon enge grenzen voltrok2 waarin de vraag het aanbod1 de consumptie1 de produktie beheerschte4 ,zij is onmogelijk geworden met het ontstaan van de groot-industrie1 die al reeds door de instrumenten waarmede zij werkt gedwongen is1 gedurig in steeds grootere mate te produceeren2 die niet op de vraag kan wachten2 die met natuur-noodzakelijkheid de gestadige1 aan elkander opvolgende wisselingen van prosperiteit en depressie1 krisis1 stilstand1 nieuwe prosperiteit en zoo vervolgens1 door moet maken4 ,in de huidige maatschappij1 gaat ,marx voort1 in de op individueelen ruil gebaseerde industrie1 is de anarchie die er in de productie heerscht1 de bron van zveel ellende1 maar gelijktijdig k de oorzaak der vooruitgang4 ,nochtans1 van tween een3 of men wil de juiste proporties van vroegere eeuwen1 mt de produktiemiddelen van onzen tijd1--en dan is men reaktionair en utopist tegelijk1--of men wil de vooruitgang zonder de anarchie1 en dan moet men afstand doen van het behoud der produktiekrachten op de basis van den individueelen ruil4 ,marx toont vervolgens aan1 hoe het met de bijzondere nuttigheidstoepassingen1 die ,proudhon gemaakt had omtrent het goud en het zilver1 eigenlijk precies is gesteld4 ,goud en zilver1 zouden volgens ,proudhon de eerste waren zijn1 welker waarde tot constitueering zijn gekomen en uit de souvereine wijding zegt ,proudhon3 die erop werd gedrukt door de zegels van de vorsten1 is er het geld uit voortgekomen4 ,het geld1 antwoordt ,marx hierop1 is niet een zaak maar eene maatschappelijke verhouding2 een schakel in den ganschen keten van de economischen verhoudingen en als zoodanig op het innigst met hen verbonden4 ,gelijk de individueele ruil1 beantwoordt het aan eene bepaalde produktiewijze4 ,het believen der souvereinen heeft het geld niet geschapen4 ,inderdaad1 men moet wel lke historische kennis missen1 om niet te weten1 dat de souvereinen zich ten allen tijden hebben moeten schikken naar de maatschappelijke verhoudingen1 maar dat zij dezen nooit de wet hebben kunnen voorschrijven6 ,zoowel de politieke1 als de burgerlijke wetgeving proclameeren en protocoliseeren1 slechts het willen van de economische voorzienigheid2 het recht is slechts de officieele erkenning van dat feit4 ,het zegel der souvereinen drukte op het goud niet zijne waarde1 maar het gewicht2 maar juist in hunne eigenschap als munt1 als waardeteeken1 zijn goud en zilver onder alle waren de eenige1 die niet door hare produktiekosten worden bepaald1 wat dan ook door ,d4 ,ricardo reeds lang en helder in het licht gesteld is geworden4 ,het geld1 als praktische proef op de geconstitueerde waarde van ,proudhon1 past daarop1 zooals een tang op een varken past4 ,om het problema te verklaren1 dat de samenleving voortdurend rijker wordt en de arbeider voortdurend armer1 vatte ,proudhon de samenleving op1 als de ,prometheus in persoon1 wier levenswerkzaamheid aan andere wetten gehoorzaamt1 dan de levenswerkzaamheid van de individuen4 ,de geconstitueerde waarde evenwel1 zal elken arbeider een steeds grooter produkt verzekeren dan dat hij op elken arbeidsdag1 door de vooruitgang van den gemeenschappelijken arbeid behaalt4 ,marx merkt daartegen op3 ,in de engelsche maatschappij heeft de arbeidsdag in zeventig jaren1 een overschot van #bgjj procent aan produktiviteit gewonnen2 d4 w4 z4 in het jaar #ahdj produceerde hij zeven-en-twintig maal mr dan in #aggj4 ,volgens ,proudhon nu1 zou men de vraag volgenderwijs moeten stellen3 ,waarom was de engelsche arbeider van #ahdj niet zeven-en-twintigmaal rijker1 dan die van #aggj8 ,om nu zulk een vraag te poseeren1 moet men natuurlijk van te voren aangenomen hebben1 dat de engelschen dien rijkdom zonder de historische voorwaarden hadden kunnen produceeren1 waaronder hij is voortgebracht2 gelijk daar zijn3 opeenhoping van privaat-kapitalen1 moderne arbeidsverdeeling1 machinaal bedrijf1 anarchische concurrentiewijze1 loonsysteem1 in n woord1 louter die dingen1 welke op klassetegenstellingen berusten4 ,dit waren n4l41 juist de bestaansvoorwaarden voor de ontwikkeling der produktiekrachten en van het arbeidsoverschot4 ,het was zoomede1 en ten einde deze ontwikkeling van de produktiekrachten en dit arbeidsoverschot te kunnen erlangen1 noodzakelijk1 dat er klassen bestonden die profiteerden en anderen die ontbeerden4 ,wat is dus den door ,proudhon opgewekte ,prometheus in laatste instantie8 ,het is de samenleving1 het zijn de maatschappelijke verhoudingen gebaseerd op de klassetegenstellingen4 ,deze verhoudingen zijn niet die van individu tegenover individu1 maar van arbeider tegenover kapitalist1 van pachter tegenover grondbezitter enz4 ,hef deze verhoudingen op en gij hebt de gansche samenleving opgeheven2 uw ,promotheus is niets meer dan een phantoom zonder armen of beenen geworden1 d4 w4 z4 zonder machinebedrijf1 zonder arbeidsverdeeling2 dien het in n woord aan alles ontbreekt1 wat gij hem oorspronkelijk gegeven hebt1 om uit hem1 het arbeidsoverschot te kunnen erlangen4 ,en ,marx voegt hieraan toe3 dat het volgens ,proudhon's theorie praktisch voldoende zou wezen1 onder den arbeiders eene gelijke verdeeling van alle de verworven rijkdommen te ondernemen1 zonder aan de produktievoorwaarden1 op een of andere manier iets noodig te hebben te veranderen4 ,en dan voegt ,marx hier reeds bij voorbaat aan toe3 dat eene zoodanige verdeeling zekerlijk aan den individueelen deelhebbers1 geen bijzonder groote mate van welstand zal kunnen verzekeren4 ,proudhon heeft zich ook onledig gehouden met een critiek op de burgerlijke economie en het is hierover1 dat ,marx in het tweede gedeelte van de ,misre de la philosophie het zijne te zeggen heeft4 ,proudhon schreef3 ,wij geven geen geschiedenis naar de orde des tijds1 maar naar de opvolging van de iden4 ,de economische phazen of categorien1 treden in hunne manifestaties dan gelijktijdig1 dan in omgekeerde reeksen op444 ,die economische theorien hebben niet voor het minst hunne logische opeenvolging en hunne geleding in de rede2 deze orde vleien wij ons te hebben ontdekt4 ,de economen1 zegt ,marx hierop1 stellen de burgerlijke produktieverhoudingen1 arbeidsverdeeling1 crediet1 geld etc4 als vaste1 onveranderlijke en eeuwige categorien voor4 ,de heer ,proudhon nu1 wil ons met een gebaar van de onderlegdheid in deze1 die categorien1 principes1 wetten en iden verklaren6 ,de economen toch verklaren ons hoe men onder de hier boven gegeven verhoudingen produceert1 wat zij ons niet verklaren1 zegt ,marx1 hoe deze verhoudingen zelven voortgebracht worden1 d4 w4 z4 de historische bewegingen1 waardoor ze in het leven geroepen worden4 ,de materialen der economen zijn het voortbewogen en het bewegende leven van de menschen2 de materialen van den heer ,proudhon zijn de dogma's van de economen4 ,zoodra men evenwel de historische ontwikkeling van de produktieverhoudingen niet voortzet1--en deze categorien zijn niets dan de theoretische uitdrukkingen derzelven1--zoodra men in deze categorien slechts van-zelf ontstane denkbeelden1 van de werkelijke verhoudingen onafhankelijke gedachten ziet1 is men1--of men wil of niet--gedwongen1 de oorsprong dezer gedachten naar de beweging van de zuivere rede te verleggen4 ,hoe nu brengt deze zuivere1 eeuwige en onpersoonlijke rede deze gedachten voort8 ,hoe doet zij1 om ze voort te brengen8 ,marx maakt zich daarbij vervolgens lustig1 over ,proudhon's manier om la ,hegel te abstraheeren van de werkelijkheid1 van de menschen en van de maatschappelijke beweging4 ,zoo hebben de metaphysici1 die zich verbeeldden door middel van zulke abstrakties te kunnen analyseeren en die1 hoe meer zij zich verwijderden van de voorwerpen des te meer waanden daarin door te dringen1 hunnerzijds het recht te zeggen1 dat de dingen dezer wereld slechts stiksels zijn op het stramien dat gemaakt wordt door de logische categorien4 ,hier hebben wij het verschil tusschen den philosoof en den christen4 ,de christen kent slechts n vleeschwording van den ,logos1 in weerwil van de logiek1 de philosoof is met die vleeschwording in het geheel nog niet aan het einde4 ,dat alles wat bestaat1 dat alles wat op de aarde en in het water is1 door abstraktie tot eene logische categorie kan worden teruggebracht1 dat men op deze manier1 de totale werkelijke wereld kan doen verdrinken in de wereld van de abstrakties1 de wereld der logische categorien1 is geen wonder4 ,alles wat bestaat1 alles wat op de aarde en in het water is1 bestaat alln door middel van beweging van den een of anderen aard4 ,zoo brengt de beweging der geschiedenis1 de sociale betrekkingen2 de industrieele beweging1 de industrieele produkten voort1 enz4 ,wat is de absolute methode8 ,de abstraktie der beweging4 ,wat is de abstraktie der beweging8 ,de beweging in abstrakten toestand4 ,wat is de beweging der abstrakte toestanden8 ,de zuiver-logische formule der beweging of de beweging der zuivere rede4 ,waarin bestaat die beweging der zuivere rede8 ,in het in zich-zelf vast te stellen1 in zich-zelf tegen te stellen1 ten slotte zich weder tezamen-zetten4 ,in het zich als thesis1 antithesis en synthesis formuleeren2 of3 zich te stellen1 zich te negeeren en hare negatie dan weder opnieuw te negeeren4 ,eenmaal daartoe gekomen1 zich als thesis te stellen1 splitst zich deze thesis1 terwijl zij aan zich-zelf tegenover komt te staan1 in twee elkander tegensprekende iden3 in positief en negatief2 in ,ja en ,neen4 ,de strijd dezer beiden1 elkander tegengestelde elementen1 vormt de dialektische beweging4 ,het ,ja wordt ,neen1 het ,neen wordt ,ja1 het ,ja wordt gelijktijdig ,ja en ,neen2 op deze manier houden de tegenstellingen elkander in evenwicht1 neutraliseeren zij zich1 heffen zij elkander op4 ,deze nieuwe gedachte nu1 splitst zich wederom in twee elkander wersprekende iden1 die hunnerzijds wederom eene nieuwe synthesis vormen4 ,uit deze voortbrengingsarbeid komt de groep der gedachten voort4 ,die gedachtengroep gaat in dialektische richting voort1 als eene eenvoudige categorie1 en verkrijgt daardoor tot antithesis1 een tegenovergestelde groep4 ,uit deze twee gedachtengroepen1 ontstaat dan eene nieuwe gedachtengroep1 de synthesis van beiden4 ,zooals uit de dialektische beweging der enkelvoudige categorie1 de groep ontstaat1 zoo ontstaat uit de dialektische beweging der groepen1 de rij1 en uit de dialektische beweging der rijen1 het gansche systeem4 ,men passe deze rijen op de categorien der ,staathuishoudkunde toe1 en men bekomt de logiek1 benevens de methaphysiek der ,staathuishoudkunde1 of met andere woorden1 men heeft de aan de gansche wereld bekende economische categorien1 in een minder bekende spraak vertaald4 ,proudhon1 zegt ,marx1 is nog maar nauwelijks tot de twee eerste schreden van deze dialektische methode gekomen1 die welke van ,hegel stammen en die door ,proudhon1 in plaats van voortontwikkeld1 op klagelijke wijze plat zijn gedrukt4 ,hij geloofde de wereld1 door middel van de beweging der iden te kunnen verklaren1 terwijl hij slechts de gedachten die in ieders hoofd wonen1 systematisch gereconstrueerd en volgens eene absolute methode geklassificeerd heeft4 ,marx gaat dan verder3 ,de sociale verhoudingen zijn nauw verbonden met de produktiekrachten4 ,met het verwerven van nieuwe produktiekrachten veranderen de menschen hunne produktiewijzen2 met de manier om hun levensonderhoud te winnen1 veranderen zij tevens al hunne maatschappelijke verhoudingen4 ,de handweefmolen1 bracht eene samenleving voort met feodale heeren1 de stoomweefmolen eene samenleving van industrieele kapitalisten4 ,maar dezelfde menschen1 welke aan de sociale verhoudingen1 naar de mate hunner materieele produktiewijze hunne gestalte geven1 geven ook aan de principes1 aan de iden1 aan de categorien eene gestalte1 en deze eveneens naar de mate hunner maatschappelijke verhoudingen4 ,hierdoor zijn deze iden1 deze categorien evenzoomin eeuwige1 als de verhoudingen welke zij opgedrukt zijn4 ,zij zijn historische1 vergankelijke en voorbijgaande producten4 ,wij leven te midden van eene voortdurende aangroeiing der produktiekrachten1 eene verstoring der sociale verhoudingen1 eene vervorming van iden4 ,onbewegelijk is slechts de abstraktie der beweging1--mors immortalis4 ,de economen1 zegt ,marx1 gaan op zonderlinge wijze te werk4 ,volgens hen bestaan er slechts twee soorten van instellingen3 kunstmatige en natuurlijke4 ,de instellingen van het feodalisme waren kunstmatige1 die der bourgeoisie1 zijn natuurlijke voor hen4 ,zij gelijken daarin op de theologen1 die ook twee soorten van religie onderscheiden1 n4 l4 die welke zij te verdedigen hebben en die welke zij te bestrijden hebben4 ,de eerste berust1 op eene openbaring ,gods1 de ander is een uitvinding van menschen4 ,wanneer de economen zeggen1 dat de tegenwoordige verhoudingen--de verhoudingen der burgerlijke produktie--natuurlijke zijn1 dan geven zij daarmede te kennen1 dat het verhoudingen zijn1 waarin de voortbrenging van den rijkdom en de ontwikkeling der produktiekrachten1 zich volgens natuurwetten ontwikkelen4 ,daarmede zijn deze verhoudingen-zelf1 van den invloed van den tijd onafhankelijke natuurwetten geworden4 ,het zijn eeuwige wetten1 welke de samenleving steeds te regeeren hebben4 ,aldus ws er eens geschiedenis1 maar bestaat zij van nu af aan niet meer4 ,er was eenmaal geschiedenis1 omdat er feodale inrichtingen hebben bestaan en omdat men in deze feodale inrichtingen produktieverhoudingen vond1 volkomen verschillend van die der burgerlijke samenleving1 welke de economen als natuurlijke1 en dus als eeuwige willen aangezien hebben4 ,ook het feodalisme had zijn proletariaat3 dat van de lijfeigenschap1 hetwelk in zijnen kiem1 het burgerdom bevatte4 ,ook de feodale produktie had twee antagonistische elementen1 dewelken men eveneens zou kunnen noemen3 de goede en de slechte zijde van het feodalisme4444 ,toen de bourgeoisie er bovenp was gekomen1 vroeg zij noch naar de goede1 noch naar de slechte zijde van het feodalisme4 ,de produktiekrachten1 welke zich onder het feodalisme hadden ontwikkeld1 vielen haar in den schoot4 ,alle oude economische vormen1 de privaat-rechtelijke betrekkingen welke met hen in overeenstemming waren2 de politieke toestand1 welke de erkende uitdrukking der oude samenleving was1 werden verbroken4 ,wil men nu de feodale produktiewijze juist beoordeelen1 dan moet men haar opvatten1 als een op de tegenstelling gebaseerde produktiewijze4 ,men moet aantoonen1 hoe den rijkdom binnen het raam van deze tegenstelling voortgebracht werd2 hoe de produktiekrachten zich--gelijktijdig met de tegenstrijdigheid der klassen--ontwikkeld hebben2 hoe eene dezer klassen1 de slechte zijde1 het maatschappelijk euvel steeds aangroeide1 totdat de materieele voorwaarden harer emancipatie tot rijpheid gekomen waren4 ,verklaart dit niet duidelijk genoeg dat de produktiewijze1 de verhoudingen waarin de produktiekrachten zich ontwikkelen niets minder als eenige wetten zijn1 maar eene bepaalde ontwikkelingstoestand der menschen en hunne produktiekrachten vertegenwoordigen1 en dat een in de produktiekrachten der menschen opgetreden verandering1 noodzakelijkerwijs eene verandering in hunne produktieverhoudingen teweeg brengen moet8 ,daar het vr alle dingen hierop aankomt1 niet van de vruchten der civilisatie1 de verworven produktiekrachten uitgesloten te zijn1 wordt het noodzakelijk de overgebleven vormen waarin zij geschapen werden1 te verbreken4 ,van dat oogenblik af1 wordt eene revolutionaire klasse conservatief4 ,de bourgeoisie vangt met een proletariaat aan1 dat zelve op zijne beurt1 een overblijfsel is van het proletariaat uit de feodalistische periode4 ,in het verloop harer historische ontwikkeling1 ontwikkelde de bourgeoisie noodzakelijkerwijs haar antagonistisch karakter1 dat zich bij haar eerste optreden slechts omsluierd1 nog in latenten toestand deed kennen4 ,in die mate waarin de bourgeoisie zich ontwikkelt1 ontwikkelt zich in haren schoot een nieuw proletariaat3 het moderne proletariaat4 ,het ontwikkelt zich in eenen strijd tusschen de proletarirsklasse en de bourgeoisklasse2 een strijd die1 alvorens zij aan beide zijde wordt gevoeld1 bespeurd1 op hare waarde geschat1 begrepen1 toegestemd en eindelijk luide wordt geproclameerd1 zich voorloopig maar bij gedeelten en in voorbijgaande conflikten1 in verstoringswerken openbaart4 ,aan den anderen kant1 wanneer allen die tot de moderne bourgeoisie behooren hetzelfde belang hebben1 in zooverre zij ne klasse1 tegenover de andere klasse vormen1 dan hebben zij aan elkander tegenovergestelde belangen1 zoodra zij-zelf tegenover elkander staan4 ,deze tegenstelling van belangen1 komt voort uit de economische voorwaarden van het burgerlijke leven4 ,van dag tot dag wordt het hierom duidelijker1 dat de produktieverhoudingen waaronder de bourgeoisie zich bevindt1 niet een nvormig1 nzijdig karakter hebben1 maar een tweeslachtig4 ,dat onder dezelfde verhoudingen1 waaronder den rijkdom wordt geproduceerd1 ook de ellende wordt voortgebracht2 dat onder dezelfde verhoudingen waarin de ontwikkeling van de produktiekrachten haren weg gaat1 zich eene repressiekracht ontwikkelt2 dat deze verhoudingen den burgerlijken rijkdom1 d4 w4 z4 den rijkdom der bourgeoisie slechts kunnen voortbrengen1 onder voortgezette vernietiging van den rijkdom der leden dezer klasse individueel en onder de voortbrenging van een steeds aangroeiend proletariaat4 ,hoe meer den toestand dezer tegenstellingen naar den voorgrond treedt1 des te meer geraken de economen1 de wetenschappelijke vertegenwoordigers van de burgerlijke produktiewijze1 met hunne eigene theorien in tegenspraak en vandaar de verschillende scholen die er onder hen bestaan4 ,wij hebben de ,fatalistische economen1 die in hunne theorie evenzoo onverschillig zijn tegenover datgene1 wat zij de euvelen van de burgerlijke produktiewijze noemen1 als de bourgeois-zelf in de praktijk dat is tegenover het lijden van den proletarir1 die hem aan het verzamelen van zijn rijkdommen geholpen heeft4 ,zij onderscheiden zich in klassieken en romantieken4 ,de ,klassieken1 zooals ,adam ,smith en ,ricardo1 vertegenwoordigen eene bourgeoisie1 die nog in strijd is met de resten van de feodale maatschappij en die slechts hieraan arbeidt1 de economische verhoudingen van de feodale smetten te zuiveren2 de produktiekrachten te vermeerderen en der industrie en den handel nieuwe drijfkrachten te verschaffen4 ,het aan deze kampen deelnemende proletariaat kent1 door dezen koortsachtigen arbeid in beslag genomen1 slechts voorbijgaand en toevallig lijden1 beschouwt hetzelve ook als zoodanig4 ,de economen gelijk ,adam ,smith en ,ricardo1 welke de geschiedkundigen dezer periode zijn1 hebben bloot de missie te bewijzen hoe de rijkdom onder de verhoudingen der burgerlijke produktie verworven werd2 deze verhoudingen in categorien1 in wetten te formuleeren en aan te toonen1 in hoeverre deze wetten1 deze categorien voor de produktie van den rijkdommen voortreffelijker zijn1 dan de categorien der feodale samenleving4 ,de ellende is in hunne oogen slechts de smart1 die met elke geboorte gepaard gaat1 zoowel in de natuur als in de industrie4 ,de ,romantieken behooren tot onze periode1 die waarin de bourgeoisie zich in eene direkte tegenstelling bevindt met het proletariaat2 die waarin de ellende in een even zoo groote mate aangroeit als de rijkdom4 ,de economen doen zich daarin voor als geblaseerde fatalisten1 en werpen1 van uit de hoogte van hun standpunt een trotschen blik van verachting op de menschelijke machines1 die dien rijkdom voortbrengen4 ,zij herhalen alle de door hunne voorgangers gegeven uiteenzettingen1 maar de onverschilligheid1 die bij dezen naviteit was1 is bij hen tot koketterie geworden4 ,komt alsnu de ,humanitaire school aan de beurt1 welke zich de slechte eigenschappen van de bestaande produktie-verhoudingen zoozr aantrekt4 ,deze zoekt1 ten einde haar geweten gerust te stellen1 de werkelijke contrasten zoo goed het gaat te bemantelen2 zij beklaagt oprechtelijk den nood van het proletariaat1 de teugellooze concurrentie der bourgeois onder elkander2 zij raadt het proletariaat aan matig te zijn1 vlijtig te werken en weinig kinderen voort te brengen2 der bourgeoisie beveelt zij eenig overleg aan bij haren produktieijver4 ,de geheele theorie van deze school bestaat in eindelooze onderscheidingen tusschen theorie en praktijk1 tusschen de principes en de resultaten2 tusschen de idee en de toepassing2 tusschen inhoud en vorm2 tusschen het wezen en de werkelijkheid2 tusschen het recht en de feiten2 tusschen den goeden en den slechten kant4 ,de ,philantropische school is de volkomener gemaakte ,humanitaire school4 ,zij loochent de noodzakelijkheid der tegenstellingen4 ,zij wil alle menschen tot bourgeois maken4 ,zij wil de theorie verwerkelijken1 in zooverre dezelve zich onderscheidt van de praktijk en het antagonisme niet in zich sluit4 ,vanzelfsprekend is het in de theorie gemakkelijk van de tegenspraken te abstraheeren1 waaraan men bij elken schrede in de werkelijkheid zich stoot4 ,deze theorie zou daarom die der gedealiseerde werkelijkheid moeten heeten4 ,deze philantropen willen dus de categorien behouden1 welke de uitdrukking der burgerlijke verhoudingen zijn1 zonder de tegenspraak die in haar wezen opgesloten ligt1 en die van haar niet is te scheiden4 ,zij verbeelden zich nog ernstig de burgerlijke praktijk te bestrijden en zij zijn toch nog meer bourgeois1 dan alle anderen6 ,gelijk de economen de wetenschappelijke vertegenwoordigers van de bourgeoisklasse zijn1 zoo zijn de ,socialisten en ,communisten de theoretici van de klasse van het proletariaat4 ,zoolang het proletariaat nog niet genoegzaam ontwikkeld is om zich als klasse te constitueeren en daarvandaan1 den strijd van het proletariaat met de bourgeoisie nog geen politiek karakter draagt2 zoolang de produktiekrachten nog in den schoot van de bourgeoisie zelve1 niet genoeg zijn ontwikkeld om de materieele voorwaarden te laten doorschijnen1 die noodzakelijk zijn tot bevrijding van het proletariaat en tot vorming van eene nieuwe samenleving1 zoo lang zijn deze theoretici slechts ,utopisten1 die1 om de behoeften der onderdrukte klassen te verhelpen1 systemen uitdenken en naar eene regenereerende samenleving zoeken4 ,maar naar de mate waarin de geschiedenis voortschrijdt en daarmede den strijd van het proletariaat zich duidelijker afteekent1 hebben zij niet meer noodig de wetenschap te zoeken in hunne hoofden2 zij hebben zich slechts rekenschap te geven van datgene wat zich voor hunne oogen afspeelt en zich tot het orgaan daarvan te maken4 ,zoolang zij de wetenschap zoeken en niets dan systemen maken1 zoolang zij aan den aanvang van den strijd staan1 zien zij in de ellende slechts ellende1 zonder de revolutionaire gedachte die er zich in verbergt en die in staat is de oude samenleving te doen verdwijnen4 ,van af dat oogenblik wordt de wetenschap1 een bewust voortbrengsel van de historische beweging en heeft zij opgehouden doctrinair te zijn2 zij is revolutionair geworden4 ,marx onderzocht vervolgens van historische en economische gezichtspunten uit1 of de fabriek en de machine1 later dan de arbeidsverdeeling het autoriteitsbeginsel in de samenleving hadden ingevoerd1 zooals ,proudhon had beweerd4 ,of aan den eenen kant de arbeider gerehabiliteerd is geworden1 in weerwil dat hij aan de anderen kant aan de autoriteit werd onderworpen2 of de machine de recompositie der gedeelden arbeid1 de aan de analyse tegenovergestelde synthese van den arbeid is1 naar ,proudhon's bewering4 ,de samenleving als geheel1 zegt ,marx1 heeft met het inwendige van een fabriek dit gemeen1 dat ook zij hare arbeidsverdeeling heeft4 ,neemt men de arbeidsverdeeling als voorbeeld om haar op eene gansche samenleving toe te passen1 dan zou ongetwijfeld die samenleving het best voor de produktie van haren rijkdom georganiseerd zijn1 welke slechts n enkelen ondernemer als leider heeft1 die nog in een vooropgezette1 vastgestelde orde1 de funkties onder de verschillende leden der maatschappij verdeelt4 ,maar dit is geenszins het geval4 ,terwijl in de moderne fabriek de arbeidsverdeeling1 door de autoriteit van den ondernemer tot in de onderdeelen geregeld is1 kent de moderne samenleving geen anderen regel1 geen andere autoriteit voor de verdeeling van den arbeid1 dan de vrije concurrentie4 ,onder het patriarchale rgime1 onder het rgime van de kasten1 van het feodale- en het gildesysteem1 bestond er arbeidsverdeeling in de gansche maatschappij1 volgens bepaalde regelen4 ,zijn deze regelen door een wetgever gegeven geworden8 ,neen1 oorspronkelijk uit de voorwaarden der materieele produktie geboren1 werden zij eerst later tot wetten verheven4 ,aldus werden deze verschillende vormen der arbeidsverdeeling tot even-zoovele grondslagen van sociale organisatie4 ,wat de arbeidsverdeeling in de werkplaats aangaat1 zoo was deze in alle samenlevingsvormen1 zeer laag ontwikkeld4 ,men kan als algemeene regel stellen3 hoe minder de autoriteit van de deeling van den arbeid1 binnen het raam der samenleving ingrijpend werkt1 des te meer ontwikkelt zich de arbeidsverdeeling binnen de werkplaats en des te meer is zij aan de autoriteit van een enkele onderworpen4 ,daarom dus1 staan de autoriteiten in de werkplaats en de autoriteit in de samenleving1 met betrekking tot de arbeidsverdeeling1 tot elkander in eene omgekeerde verhouding4 4444 ,hoe is die werkplaats1 die fabriek ontstaan8 ,ten dien einde1 antwoordt ,marx3 hebben wij te onderzoeken hoe de eigenlijke ,manufaktuurindustrie zich ontwikkeld heeft4 ,ik bedoel hier1 zegt ,marx1 die industrie1 welke nog niet de moderne groot-industrie met hare machines is1 die echter niet meer de industrie uit de middeneeuwen1 noch zelfs huisindustrie meer is4444 ,eene der eerste behoeften voor de vorming der ,manufaktuurindustrie1 was de akkumulatie van kapitalen1 die vergemakkelijkt werd door de ontdekking van ,amerika en door de invoer van edele metalen4 ,het is genoegzaam bewezen1 dat de vermeerdering van ruilmiddelen ten gevolge had1 eenerzijds3 de waardevermindering der loonen en grondrenten1 anderzijds3 de vermeerdering der industrieele winsten4 ,met andere woorden1 met even zooveel als waarmede de klasse der grondbezitters en de klasse der arbeiders1 de feodale heeren en het volk zonken1 met even zooveel verhief zich de klasse van de kapitalisten1 de bourgeoisie4 ,er waren nog andere omstandigheden1 die gelijktijdig tot ontwikkeling van de ,manufaktuurindustrie bijdroegen4 ,de vermeerdering van de op de markt gebrachte waren1 zoodra toen eenmaal de verbinding met ,oost-,indi1 langs den zeeweg om de ,kaap de ,goede ,hoop was ontdekt1 verder het koloniale stelsel en de ontwikkeling van den zeehandel4 ,een anderen kant welke in de geschiedenis van de ,manufaktuurindustrie nog niet genoegzaam naar waarde is beoordeeld1 is de afdanking van de talrijke gevolgschappen door de feodale ,heeren1 welker onderhoorigen landloopers werden1 alvorens zij in de werkplaats kwamen4 ,de schepping van de in de fabriek overgaande werkplaats1 werd in de #ae;e en #af;e eeuw1 door een bijna universeel landloopersdom voorafgegaan4 ,de werkplaats vond verder1 een machtigen ruggesteun in de talrijke landlieden1 die tengevolge van de verandering van akkers in weiden en tengevolge der vooruitgang in de landbouw1 die minder arbeiders voor de bewerking van akkers noodig maakten1 voortdurend uit den dienst ontslagen werden en gansche eeuwen achtereen1 naar de steden stroomden4 ,het groeien van de markt1 de akkumulatie van kapitalen1 de in de sociale positie der klassen ingetreden veranderingen en het groote getal van personen1 die zich van hunne bronnen van inkomsten zagen beroofd1 dat zijn even zoovele historische voorwaarden voor het ontstaan van de ,manufaktuur geweest444444 ,de akkumulatie1 benevens de concentratie van werktuigen en arbeiders1 werden voorafgegaan door de ontwikkeling van de arbeidsverdeeling in het inwendige van het atelier4 ,een ,manufaktuur bestond meer in de vereeniging van vele arbeiders en vele handwerkers in een en hetzelfde lokaal1 in eene zaal1 onder het commando van een kapitaal1 dan in de oplossing van de werkzaamheden en in de aanpassing van een specialen arbeider aan een zeer eenvoudigen taak4 ,het nut van een fabriekswerkplaats bestond veel minder in de eigenlijke arbeidsverdeeling1 dan wel in de omstandigheid1 dat men op uitgebreider voet kon arbeiden1 vele nuttelooze onkosten besparen kon1 enz4 ,aan het einde der #af;e en aan het begin van de #ag;e eeuw1 kende de hollandsche ,manufaktuur nog maar nauwelijks de verdeeling van den arbeid4 ,de ontwikkeling van de arbeidsverdeeling1 heeft ook tot voorwaarde de vereeniging van de vle arbeiders in ne werkplaats4 ,er is zelfs niet een enkel voorbeeld aan te halen1 noch in de #af;e noch in de #ag;e eeuw1 dat de verschillende takken van een en hetzelfde handwerk1 in die mate gescheiden werden beoefend1 dat het noodig zou geweest zijn ze op eene plaats te vereenigen en daarmede de fabriekswerkplaats kant en klaar in het leven te roepen4 ,maar toen eenmaal n menschen n werktuigen vereenigd waren1 reproduceerde zich de arbeidsverdeeling zooals zij ten tijde van de ,gilden heeft bestaan en spiegelde zij zich noodwendig terug in het inwendige van de fabriekswerkplaats444444 ,de eigenlijke machines dateeren van het einde der #ah;e eeuw4 ,niets is dommer dan in de machine de anti-thesis der arbeidsverdeeling te willen zien2 de synthesis die de eenheid in den verbrokkelden arbeid weder terugbrengt4 ,de machine is eene vereeniging van arbeidswerktuigen en geensdeels eene verbinding van den arbeid voor den arbeider zelve44444 ,eenvoudige werktuigen2 akkumulatie van werktuigen2 samengestelde werktuigen2 in beweging brengen van een samengesteld werktuig1 door een enkelen handmotor1 den mensch2 in beweging brengen dezer instrumenten door natuurkrachten2 machines2 systeem van machines1 die slechts n motor hebben2 systeem van machines1 die een automatische motor hebben1 aldus is de ontwikkelingsgang van de machine geweest444444 ,toen in ,engeland de markt een zoodanige ontwikkeling had verkregen1 dat de handenarbeid voor haar niet meer toereikend was1 gevoelde men de behoefte aan machines4 ,men zon toen op de toepassing van de mechanische wetenschap1 die reeds in de #ah;e eeuw klaar was4 ,het eerste optreden van de fabriek met krachtbedrijf1 wordt gekenmerkt door handelingen1 die alles-behalve philantropisch waren4 ,kinderen werden met de zweep tot den arbeid aangezet2 zij werden een voorwerp van schagger1 men sloot contrakten met de ,weeshuizen om hen4 ,men schafte alle wetten omtrent den leertijd van den arbeiders af4444 ,ten slotte1 waren sedert #ahbe bijna alle nieuwe uitvindingen1 het gevolg van wrijvingen tusschen arbeiders en ondernemers1 die tot elken prijs de vakontwikkeling van den arbeid van hare waarde wilden berooven4 ,na elke1 eenigszins beduidende werkstaking1 werd er eene nieuwe machine ingevoerd4 ,zoo weinig zag de arbeider1 in de toepassing van machines een soort rehabilitatie1 een soort wederherstelling1 dat hij in de #ah;e eeuw1 zr lang werstand heeft geboden aan de ontstane heerschappij van deze krachtautomaten4 ,alles tezamen genomen1 heeft de invoering van machines de verdeeling van den arbeid in de samenleving doorgevoerd1 het werk van den arbeider in de werkplaats vereenvoudigd1 het kapitaal geconcentreerd en de menschen verbrokkeld4444 ,wat de verdeeling van den arbeid in de mechanische fabrieken kenteekent1 dat is1 dat zij elk speciaal karakter verloren heeft4 ,maar van het oogenblik af1 waarin elke bijzondere ontwikkeling ophoudt1 wordt de behoefte aan universaliteit1 het streven naar eene alzijdige ontwikkeling van de individu1 meer voelbaar4 ,de automatische fabriek doet de specialisten en het vak-idiotisme verdwijnen4 ,de heer ,proudhon1 die niet eens deze revolutionaire zijde begrepen heeft1 doet eene schrede terug en slaat den arbeider voor1 niet alleen het twaalfde gedeelte van een speld1 maar voor en na1 alle twaalf deelen van den speld te vervaardigen4 ,de arbeider zou dan aldus tot de wetenschap en tot het bewustzijn van den speld kunnen komen4444 ,alles bij elkander genomen1 komt den heer ,proudhon niet verder dan tot het ideaal van den kleinen burger4 ,teneinde dit ideaal te verwezenlijken1 valt hem niets beters in1 dan ons terug te voeren naar de periode van de handwerksgezellen1 hoogstens naar die van de handwerksmeesters uit de ,middeneeuwen4 ,het is genoeg1 zoo zegt hij ergens in zijn boek1 een enkele maal in zijn leven een meesterstuk vervaardigd te hebben1 om zich een enkele maal als een mensch te hebben gevoeld444444 ,is dit niet1 zoowel naar den vorm als naar den inhoud1 het door de ,gilden uit de ,middeneeuwen steeds verlangde meesterstuk8 ,marx toont dan1 met eene beschouwing over concurrentie en monopolie aan1 dat deze niet zooals ,proudhon had te kennen gegeven1 natuurlijke1 maar maatschappelijke categorien zijn4 ,hij zegt3 de geheele geschiedenis1 is eene voortdurende verandering der menschelijke natuur444444 ,de concurrentie is geene noodzakelijkheid van de menschelijke natuur1 zooals ,proudhon meende1 maar gelijk zij in de #ah;e eeuw1 uit historische oorzaken geboren is geworden1 zoo zo zij in de #ai;e1 uit historische oorzaken eveneens weder kunnen verdwijnen4 ,zij is niet de industrieele1 maar de commercieele wedijver1 zij kampt niet om het produkt maar om de winst4 ,er zijn zelfs phazen in het economische leven der volken1 waarin de geheele wereld aangegrepen was door een soort van dolle woede1 om winsten te maken zonder te produceeren4 ,deze speculatiekoorts1 die periodiek terugkomt1 onthult ons dan het ware karakter van de concurrentie1 die aan de noodzakelijke voorwaarden van den industrieelen wedijver zoekt te ontkomen4 ,de slechte zijde van de concurrentie1 door ,proudhon zoo op den voorgrond gesteld en die hij daarom uitroeien wil1 drijft juist de geschiedenis vooruit4 ,hoe koortsachtiger de concurrentie nieuwe produkten schiep1 des te meer vertoonde zij de burgerlijke verhoudingen en schiep zij daarmede1 de materieele voorwaarden voor eene nieuwe samenleving4 ,,marx ,,over ,,werkstakingen ,,en ,,over ,,vakvereenigingen4 ,proudhon had geschreven3 ,de werkstaking der arbeiders is onwettig4 ,en het is niet alleen het ,wetboek van ,strafrecht dat dit zegt1 maar ook het economisch systeem1 de noodzakelijkheid van de bestaande orde4444 ,dat elke individueele arbeider de vrije beschikking moet hebben over zijn persoon en over zijn handen kan geduld worden2 maar dat de arbeiders door middel van samenspanning1 zich vermeten het monopolie geweld aan te doen1 kan de maatschappij niet toelaten4 ,de economen en de socialisten1 zegt ,marx1 zijn het hier op n punt samen eens3 in het veroordeelen van de coalities der arbeiders4 ,zij motiveeren deze hunne veroordeeling alleen maar verschillend4 ,de economen zeggen tot den arbeiders3 vereenigt u niet4 ,want doordat gij u vereenigt1 houdt gij den regelmatigen gang van de industrie tegen1 verhindert gij er de fabrikanten in hunne bestellingen na te komen2 stoort gij den handel en bevordert gij de snellere invoering van machines1 die uwen arbeid voor een deel overbodig maken en u daardoor dwingen zullen1 een nog lager loon aan te nemen4 ,overigens is uw werken om niet2 uw loon zal steeds1 door de verhouding van het aantal gezochte handen tot die van het aantal aangeboden handen1 worden bepaald4 ,en het is even zoo belachelijk als het gevaarlijk is1 u te verzetten tegen de eeuwige wetten van de ,staathuishoudkunde4 ,de socialisten 7d4 w4 z4 de toenmalige3 die van de school van ,fourier in ,frankrijk en de volgelingen van ,owen in ,engeland7 zeggen tot den arbeiders3 vereenigt u niet1 want wat zoudt ge er ten slotte bij kunnen winnen8 ,eene loonsverhooging8 ,welnu1 de staathuishoudkunde zal u met evidente bewijzen overtuigen1 dat op de loonsverhooging van een paar penningen1 die gij in het gunstigste geval daarmede kunt bereiken1 een terugslag volgt van een veel langduriger aard4 ,goede rekenaars zullen het u voorrekenen1 dat gij jaren zult noodig hebben om door middel van die loonsverhooging1 slechts de kosten goed te maken dien gij zult moeten uitgeven voor uwe organisatie en tot het behoud uwer loonsverhooging benoodigd4 ,wij als socialisten1 wij zeggen tot u1 dat nog afgezien van deze geldkwestie1 gij met dat al nog steeds de arbeiders zult moeten blijven1 zooals uwe meesters steeds uwe meesters zullen blijven1 voor en na4 ,daarom3 geen vakvereenigingen1 geen politiek2 want vakvereenigingen oprichten en in stand houden1 is dit niet aan politiek medoen8 ,de ,economisten willen1 dat de arbeiders de maatschappij zullen doen blijven zooals deze thans is en gelijk zij dit ons1 in hunne handboeken hebben voorgeteekend en bezegeld4 ,de ,socialisten willen1 dat de oude samenleving zal gelaten worden voor wat zij is1 om des te beter in de nieuwe samenleving binnen te kunnen treden1 die zij met zoo grooten voorzorg uitgewerkt hebben4 ,in weerwil van beiden2 in weerwil van ,handboeken en ,utopisten hebben de arbeidersvereenigingen geen oogenblik opgehouden te bestaan1 met de ontwikkeling van de industrie zich te ontwikkelen en tot bloei te komen4 ,dit is heden ten dage zoozeer het geval1 dat de ontwikkelingsgraad van die vereenigingen in een zeker land1 juist den rang kenmerkt die dat land in de hirarchie van de wereldmarkt inneemt4 ,engeland1 alwaar de industrie op het hoogst is ontwikkeld1 bezit de omvangrijkste en best-georganiseerde vakvereenigingen444444 ,de eerste pogingen van de arbeiders om zich te vereenigen nemen steeds den vorm van coalities aan4 ,de groot-industrie brengt een menigte1 aan elkander onderling onbekende lieden op eene plaats tezamen4 ,de concurrentie verdeelt ze naar hunne belangen1 maar de instandhouding van het loon1 het gemeenschappelijk belang tegenover hunnen meester1 drijft hen tot de gemeenschappelijke gedachte van den werstand3 tot de coalitie4 ,aldus heeft de coalitie steeds een dubbel doel3 n4l4 het opheffen van de concurrentie tusschen de arbeiders onderling en het vormen van eene algemeene concurrentie1 tegenover den ondernemer4 ,wanneer het eerste doel van den werstand slechts geldt de instandhouding van het loon1 dan formeeren zich de aanvankelijk gesoleerde coalities1 in de mate waarin1 aan den anderen kant1 de kapitalisten hunnerzijds zich vereenigen tot het bieden van werstand1 tot groepen2 en tegenover het steeds sterker vereenigde kapitaal1 wordt de instandhouding der associatie voor hen een sterker noodzakelijkheid zelfs1 dan de instandhouding van het loon4 ,dit is z waar1 dat de engelsche economen ganschelijk verstomd ervan staan1 hoe de arbeiders een groot deel van hun loon opofferen1 ten gunste van hunne vakvereenigingen1 een deel dat in de oogen van de economen slechts aan het loon ten goede had mogen komen4 ,in deze kampen1--ware burgeroorlogen zijn het6--vereenigen en ontwikkelen zich alle elementen voor den komenden krijg4 ,eenmaal aangeland bij dat punt1 neemt de coalitie een politiek karakter aan4 ,de economische verhoudingen1 hebben voor het eerst de massa der bevolking1 in arbeiders omgezet4 ,de heerschappij van het kapitaal heeft voor deze massa gemeenschappelijke belangen en eene gemeenschappelijke situatie geschapen4 ,zoo is deze massa bereids eene klasse tegenover die van het kapitaal1 maar zij is dit ng niet1 voor-zich-zelf4 ,in den strijd die wij slechts in eene enkele harer phasen gekenschetst hebben1 sluit zich de massa te zamen2 constitueert zij zich als klasse voor-zichzelf4 ,de belangen welke zij verdedigt1 worden daardoor klasse-belangen4 ,de strijd van klasse tegenover klasse is een politieken strijd4 4444,eene onderdrukte klasse is de levensvoorwaarde1 voor elke1 op klassetegenstellingen berustende samenleving4 ,de bevrijding van de onderdrukte klasse1 sluit aldus noodwendig in zich1 de schepping van eene nieuwe samenleving4 ,wil de onderdrukte klasse zich kunnen bevrijden1 dan moet er eene ontwikkelingshoogte bereikt wezen1 waarop de reeds verworven produktiekrachten en de geldende maatschappelijke inrichtingen1 niet meer naast elkander kunnen bestaan4 ,onder alle produktie-instrumenten is de grootste produktiekracht3 de revolutionaire klasse zelf4 ,de organisatie van de revolutionaire elementen als klasse1 stelt als voorwaarde1 het gereedzijnde bestaan van alle produktiekrachten1 die zich over het algemeen in den schoot der oude samenleving ontvouwen kunnen4 ,wil dat zeggen1 dat er nadat de oude samenleving zal zijn ingestort1 eene nieuwe klasseheerschappij tot stand zal komen1 die in eene nieuwe politieke heerschappij haar toppunt vinden zal8 ,neen6 ,de voorwaarde tot bevrijding van de arbeidende klasse1 is de afschaffing van lke klasse2 zooals de voorwaarde tot de bevrijding van den derden stand1 de burgerlijke orde van zaken1 de afschaffing der oude standen geweest is4 ,de arbeidende klasse zal in den loop der ontwikkeling in de plaats van de oude burgerlijke samenleving1 eene associatie plaatsen1 welke de klassen en hunne tegenstelling uitsluit1 en er zal geene eigenlijke politieke macht meer bestaan1 omdat juist de politieke macht1 de officieele uitdrukking is van de klassetegenstellingen in de burgerlijke samenleving4 ,,hoofdstuk ,,iv4 ,,het ,,historisch ,,materialisme4 ,in het geschrift tegen ,proudhon is reeds in de behandeling van de stof1 het wetenschappelijk standpunt van ,marx1 zijne philosophische1 historische en economische gezichtspunten duidelijk te zien4 ,dat nieuwe standpunt was gewonnen1 door eene vereeniging van het beste dat het fransche ,materialisme van de #ah;e eeuw in ,holbach en ,helvetius geleverd heeft1--de revolutionaire kern uit die levensbeschouwing1--met het uit de critiek op de speculatieve en de idealistische wijsbegeerte der ,hegelsche school1 verkregen realisme4 ,de grondslag voor die levensopvatting--eene vereeniging van de oude tegenstellingen van ,denken en ,zijn1 of die van geest en stof1--was het bestaande1 de ervaring1 de mensch4 ,het klassieke fransche materialisme van de #ah;e eeuw1 kn de wereld niet opvatten als n proces2 van de in gestadige en voortdurende1 historische voort-ontwikkelingsgang zich bevindende materie4 ,aan den anderen kant was het ,idealisme van ,hegel gedoemd om te verstarren in de beschouwing van de absolute idee4 ,bij de ,jong-,hegelianen ontwikkelde zij zich dan ook tot de zuivere burgerlijke ideologie eenerzijds en tot de speculatieve wijsbegeerte anderzijds1 door het abstraheeren van de begrippen1 van hunne eigen moeder3 de werkelijkheid4 ,maar ,hegel had toch reeds de evolutie in de geschiedenis geconstateerd en ook de weg ontdekt1 al was dit slechts door zuiver abstraheeren1 waarlangs dit geschiedde3 de dialektische ontwikkeling in de geschiedenis4 ,de begrippen toeval en willekeur1 waren reeds door ,spinoza uit de philosophische beschouwing der dingen buitengesloten en de causaliteit tot eene absolute wet door hem verheven1 waaraan alles in de natuur zooals ook in den menschelijken wil1 onderworpen was4 ,de groote gedachte van de vooruitgang in beschaving1 die het voornaamste voortbrengsel van de ,hegelsche philosophie was1--de dialektische ontwikkeling--heeft1 als sleutel tot het begrip van het verleden1 de geschiedeniswetenschap op een hooger plan kunnen stellen4 ,de toepassing van de evolutionaire1 dus dialektische ontwikkeling op de menschelijke samenleving is1 in wetenschappelijken zin en beteekenis1 niet verschillend van die1 welke ,darwin toepaste op de biologie en waarmede hij tot zijne1 voor de vooruitgang der biologische wetenschappen zoo baanbrekende resultaten was gekomen4 ,en het is in het algemeen geen toeval1 dat beide wetenschappelijke ontdekkingen1 voor natuur en samenleving van het grootste belang1 in een en denzelfden tijd zijn tot stand gekomen4 ,darwin en ,marx kenden elkander echter niet4 ,maar in hetzelfde jaar1--alleen dit is er toevalligs aan--dat ,charles ,darwin zijn ,ontstaan van de ,soorten publiceerde1 zag ook van ,marx ,kritiek der ,staathuishoudkunde het licht4 ,dit was in 't jaar #ahei4 ,met de nieuwe levensbeschouwing lieten zich1 noch het standpunt van de humanistische socialisten1 noch dat van de utopistische socialisten vereenigen4 ,vooral de laatsten hadden bij hunne beschouwingen1 hoe nauw deze dikwijls de werkelijkheid ook raakten1 steeds ne onveranderlijke en vaste1 menschelijke natuur aangenomen1 waarvan zij ook steeds uitgingen en ondanks alles steeds op terugkwamen4 ,dat deze niet echter er was kon de geschiedenis aantoonen1 zoodra zij maar op hare rele basis1 de menschheid zelve werd teruggevoerd4 ,wat is echter de menschheid en wat beweegt haar8 ,wat maakt1 in laatste instantie de beweegkracht der geschiedenis uit8 ,is het het toeval8 ,neen4 ,zijn het iden dan8 ,maar deze wonen in menschen2 in de samenleving van produceerende en consumeerende1 werkende en niet-werkende individuen4 ,en de iden zelven1 waren ook nooit eeuwige en onvergankelijke1 maar steeds naar den aard der samenleving die ze produceerde1 andere4 ,trouwens1 reeds om die eeuwige vastheid van de menschelijke natuur had ,hegel zich in zijne ,geschiedenis-philosophie lustig gemaakt4 ,het was namelijk met betrekking tot de socialistische ,utopisten1 die zich het hoofd stuk peinsden over de beste wetgeving en over de beste maatschappij4 ,en ook zelfs de burgerlijke geschiedschrijving1 in den aanvang van de #ai;e eeuw1 van ,augustin ,thierry en ,michelet voornamelijk1 de eerste in zijne geschiedschrijving van de burgerlijke revoluties in ,engeland en die van #aghi in ,frankrijk1 de tweede in zijne groote studin over de middeneeuwen2 zoowel als de minister ,guizot in zijn ,essai sur l'histoire de ,france1 hadden de samenleving zelve aangetoond als de grondslag van de geschiedenis te zijn4 ,die grondslag evenwel1 is evenmin een vaste en steeds blijvende2 zij zelve verandert en deze hare verandering is niet minder dan die van de samenleving en de gansche natuur1 aan de wetten der evolutie onderworpen4 ,de vrucht nu van de philosophische levensbeschouwing van ,marx1 die gebouwd was op de dialektische ontwikkeling in natuur en samenleving1 hare revolutionaire vrucht dus1 was het historisch materialisme4 ,de toepassing van deze beschouwingswijze op de geschiedenis1 leidde tot de opvatting van de burgerlijke samenleving1 als te zijn gebaseerd op de klasse-tegenstellingen van bezit1 d4 w4 z4 kapitaal eenerzijds en niet-bezit1 d4 w4 z4 van arbeid anderzijds4 ,de formuleering van het begrip van den modernen klassenstrijd1 was hiervan wederom het gevolg4 ,toen ,marx zich aan de ontleding zette van de burgerlijke1 de kapitalistische samenleving van tegenwoordig1 teneinde uit deze analyse bloot te leggen1 de drijvende krachten die hare produktiewijze voortbewegen en oplossen2 een arbeid die aangevangen is met ,zur ,kritik der politischen konomie en voortgezet is in zijn hoofdwerk das ,kapital2 ging hij1 naar hij in de ,voorrede van het eerste geschrift ons mededeelt1 uit van de volgende wetenschappelijke denkmethode1 die in groote trekken1 de grondslag is te noemen van het historisch materialisme4 ,hij zegt daar3 ,mijne onderzoekingen leidden tot het resultaat1 dat rechtsverhoudingen1 zoowel als staatsvormen noch uit zich-zelf te begrijpen zijn1 noch uit de zoogenaamde algemeene ontwikkeling van den menschelijken geest1 maar veelmeer in de materieele levensverhoudingen wortelen1 welker totaal ,hegel1 naar het voorbeeld van de ,engelschen en ,franschen uit de #ah;e eeuw onder den naam van de burgerlijke maatschappij tezamenvat2 dat evenwel1 de anatomie der burgerlijke maatschappij1 in de staathuishoudkunde is te zoeken4 ,de navorsching van de laatste1 in ,parijs door mij aangevangen1 heb ik te ,brussel voortgezet1 waarheen ik tengevolge van het verbanningsbevel des heeren ,guizot heb moeten uitwijken4 ,het algemeene resultaat dat zich aan mij opdrong1 en dat eenmaal gewonnen1 tot den leiddraad mijner studin werd1 kan in het kort aldus worden geformuleerd3 ,in de maatschappelijke produktie huns levens1 leven de menschen onder bepaalde1 noodzakelijke1 van hunnen wil onafhankelijke verhoudingen1 produktieverhoudingen1 die met eene bepaalde ontwikkelingstrap hunner materieele produktiekrachten in overeenstemming zijn4 ,het totaal dezer produktieverhoudingen1 vormt de economische structuur van de samenleving1 de werkelijke basis waarop zich een juridische en een politieke bovenbouw verheffen1 en welke aan bepaalde maatschappelijke bewustzijnsvormen beantwoorden4 ,de produktiewijze van het materieele leven1 bepaalt het sociale1 politieke en geestelijke levensproces in het algemeen4 ,het is niet het bewustzijn der menschen1 dat hun ,zijn1 maar omgekeerd1 het is hun maatschappelijk ,zijn1 dat hun bewustzijn bepaalt4 ,op eene bepaalde ontwikkelingshoogte hunner ontwikkeling1 geraken de materieele produktiekrachten der samenleving in tegenspraak met de voorhanden produktieverhoudingen1 of gelijk de juridische uitdrukking daarvoor luidt1 met de eigendomsverhoudingen1 waarbinnen dezen zich tot dusverre bewogen hebben4 ,dan slaan deze verhoudingen1 van uit ontwikkelingsvormen der produktiekrachten1 om1 in kluisters derzelven4 ,er treedt dan een tijdstip van sociale revolutie in4 ,met de verandering van de economische grondslagen1 wentelt ook de gansche bovenbouw langzamer of sneller om4 ,bij de beschouwing van zulke omwentelingen1 behoort men steeds te onderscheiden tusschen de materieele1 natuurwetenschappelijk-nauwkeurig te constateeren omwenteling in de economische produktievoorwaarden en de juridische1 politieke1 religieuze1 artistieke of philosophische1 kortom ideologische vormen1 waarin de menschen zich dat conflikt bewust worden en het uitvechten4 ,zoomin als men1 dat wat als een individu geldt1 beoordeelt naar datgene wat dit van zich-zelf denkt1 zoomin kan men eene zoodanige omwentelingsperiode uit haar bewustzijn beoordeelen1 maar moet veelmeer1 dit bewustzijn uit de tegenstellingen van het materieele leven1 uit het aanwezig zijnde conflikt tusschen maatschappelijke produktiekrachten en produktieverhoudingen worden verklaard4 ,een samenlevingsvorm gaat niet ten onder1 dan alvorens alle produktiekrachten ontwikkeld zijn2 voor dat zij ver genoeg heen is2 en nieuwe1 hoogere produktieverhoudingen nemen hare plaats niet in1 alvorens de materieele bestaansvoorwaarden derzelven1 in den schoot der oude samenleving zijn uitgebroed4 ,hierom ook stelt de menschheid zich steeds eene taak1 die zij volvoeren kan2 want nauwkeuriger beschouwd1 zal zij steeds vinden1 dat die taak zelf1 slechts daar haren oorsprong vindt1 waar de materieele voorwaarden harer oplossing reeds voorhanden zijn1 of minstens in staat van wording verkeeren4 ,in groote omtrekken kunnen ,aziatische1 antieke1 feodale en modern-burgerlijke produktiewijzen1 als progressieve tijdperken van de economische maatschappij-formaties worden gekarakteriseerd4 ,de burgerlijke produktie-verhoudingen zijn de laatste antagonistischen vorm van het maatschappelijk produktieproces2 antagonistisch1 niet in den zin van een individueel antagonisme1 maar van een1 uit de maatschappelijke levensbehoeften der individuen voortkomend antagonisme4 ,maar1 de in den schoot der burgerlijke maatschappij zich ontwikkelende produktiekrachten1 scheppen tegelijkertijd ook de materieele voorwaarden tot oplossing van dit antagonisme4 ,met dezen vorm van samenleving1 sluit daarom de voorgeschiedenis van de menschelijke maatschappij af4 ,het eerste groote resultaat van de geschieds-beschouwing1 gelijk wij die1 n in het geschrift over de ,hegelsche ,rechtsphilosophie n in dat tegen ,proudhon geformuleerd zien1 de beschouwing namelijk1 dat het de klassetegenstellingen zijn waarop de burgerlijke samenleving gebaseerd is1 was een geschrift dat tevens in zich bevatte1 de eerste samengedrongene1 wetenschappelijke formuleering van het moderne socialisme van ,marx en ,engels4 ,gedurende ,marx' oponthoud te ,brussel werkten hij en ,engels geducht mede aan een blad ,die ,deutsche ,brusseler ,zeitung genaamd1 dat onder leiding van v4 ,bornstedt twee malen 's weeks verscheen en aan een duitsch tijdschrift ,das ,westphlische ,dampfboot genaamd4 ,zoo ook stichtten zij onder de politieke vluchtelingen1 welke zich toenmaals in ,brussel bevonden1 de ,deutsche ,arbeiterverein in vereeniging met ,moritz ,hesz1 ,sebastian ,seiler1 ,ernst ,dronke1 ,stephan ,born en ,wilhelm ,wolff1 dezelfde1 aan wien later het eerste deel van das ,kapital werd opgedragen4 ,het was in die ,vereeniging dat ,marx zijn voordracht hield over ,loonarbeid en ,kapitaal1 die met het critisch-staathuishoudkundig overzicht van ,marx tegelijk zal worden behandeld4 ,maar het is in deze periode te ,brussel geweest1 dat het wetenschappelijk socialisme1 of gelijk de beide mannen het toenmaals om eene behoorlijke onderscheiding te maken noemden1 het communisme tot stand is gekomen4 ,tegen het destijds in ,duitschland geleerde ware socialisme van ,hesz1 ,karl ,grn en anderen1 richtte ,marx de scherpste pijlen zijner realistische critiek1 door den politieken klassenstrijd op den voorgrond te stellen1 terwijl ,engels in ,puttman's ,burgerbuch met nadruk1 zoowel ,wilhelm ,weitling1 als ook ,fourier ten sterkste verdedigde tegen hunne aanvallen4 ,marx en ,engels wisten zr goed1 dat zij daarmede zoowel naar den eenen als naar den anderen kant1 een deel van hunne medestanders van zich zouden af stooten4 ,maar met zich-zelf in 't reine zijn1 hun standpunt naar beide zijden scherp te kunnen afbakenen1 dat was hun eerste en gewichtigste doel naar zij meenden4 ,zonder partijen geen ontwikkeling1 zonder scheiding geen vooruitgang1 had ,marx reeds in #ahdb geschreven4 ,en hij meende dat men bij het innemen van zijn eigen wetenschappelijk standpunt1 vr alles zuiver moest staan4 ,intusschen stonden ,marx en ,engels met de politieke vluchtelingen in ,londen1 de sociaal-demokraten uit de ,chartistenbeweging in ,engeland en voor een deel ook met de fransche sociaal-demokraten1 in eene nauwe betrekking4 ,nu bestond erin ,londen zoowel als in ,parijs een ,bond der ,rechtvaardigen1 waartoe ,engels noch ,marx ooit wenschten toe te treden4 ,hij was de stichting van ,karel ,schapper en ,heinrich ,bauer1 schrijvers1 van ,josef ,moll1 een horlogemaker1 van den miniatuurschilder ,karl ,pfnder en van den klermaker ,eccarius4 ,een crisis in die organisatie ontstaan1 deed ,marx1 ,engels en ,wilhelm ,wolff besluiten1 zich bij de afgescheidenen te voegen en met hen den ,bond der ,communisten op te richten4 ,als de eerste daad van dezen ,bond naar buiten is het1 in 't najaar van #ahdg ontworpen en in ,februarij #ahdh in het publiek verschenen ,communistisch ,manifest te beschouwen1 dat de klassieke uiteenzetting bevat van alle resultaten welke ,marx en ,engels uit hunnen praktischen strijd en hunne theoretische studin hadden vermogen te trekken4 ,in dit ,communistisch ,manifest wordt in enkele groote trekken de economisch-sociale geschiedsdeduktie van de tijden der lijfeigenschap in de middeneeuwen1 tot aan onze huidige klassen- en eigendomstegenstellingen doorgevoerd en komt het inzicht erin tot uiting1 en wordt er voor 't eerst in het bijzonder in aangetoond1 dat ook de tegenwoordige vorm van de samenleving tot den ondergang is bestemd2 terwijl alles wat de bourgeoisie in het werk stelt en in het werk stellen moet1 slechts de arbeid harer eigene ondergang is4 ,naar de stelling van ,hegel die eenmaal luidde3 dat in de wereldgeschiedenis door de handelingen der menschen1 nog in het algemeen iets anders te voorschijn komt als zij bedoelen en bereiken1 als zij onmiddellijk weten en willen is deze gansche beschouwingswijze geformuleerd4 ,deterministisch is deze beschouwing der samenleving1 zoolang deze en voor zoover deze1 kapitalistisch is4 ,het ,manifest dat aanvangt met de verklaring dat er een spook over ,europa rondwaart1 welk spook het communisme is--dat dit communisme bereids door de machten van ,europa als een macht is erkend--zegt vervolgens3 dat het hoog tijd is geworden1 dat de communisten hunne beschouwingswijze1 hun doel en hunne tendenzen1 voor de geheele wereld open en bloot leggen1 om aan het sprookje van het communisme1 een manifestatie daarvan1 tegenover te plaatsen4 ,tot dit doel hebben zich communisten van verschillende naties in ,londen bijeenverzameld en een ,manifest ontworpen1 dat in het engelsch1 fransch1 duitsch1 italiaansch1 vlaamsch en deensch gepubliceerd zal worden4 ,het begint in zijn #aste ,hoofdstuk eene definitie te geven van de begrippen3 ,bourgeoisie en ,proletariaat4 ,de geschiedenis van alle der nog toe bestaan hebbende maatschappijen1 is de geschiedenis van klasseoorlogen4 ,vrijen en slaven1 patricier en plebejer1 baron en lijfeigene1 gildeburger en gezel1 in 't kort1 onderdrukten en onderdrukkers1 zij stonden in gestadige tegenstelling tot elkander1 voerden een ononderbroken1 dan eens verkapte1 dan eens open strijd tegen elkander1 die telkenmale met eene revolutionaire gedaante-verandering van de gansche samenleving eindigde1 of met den gemeenschappelijken ondergang der strijdende klassen4 ,in de vroegere tijdstippen der geschiedenis1 vinden wij bijna overal eene volledige geleding der samenleving in verschillende standen1 eene menigvuldige en trapsgewijze vorming van maatschappelijke stellingen4 ,in het oude ,rome hadden wij de patricirs1 ridders1 plebejers en slaven2 in de ,middeneeuwen de feodaal-,heeren1 ,vasallen1 gildeburgers1 gezellen1 lijfeigenen en bovendien1 bestonden er nog in bijna alle deze klassen weder1 bijzondere trapsgewijze indeelingen4 ,de uit den ondergang van de feodale maatschappij voortgekomen moderne burgerlijke maatschappij1 heeft die klassetegenstellingen niet opgeheven4 ,zij heeft slechts nieuwe klassen1 nieuwe voorwaarden van onderdrukking1 eene nieuwe gestalte aan dien strijd1 in de plaats van de oude gegeven4 ,ons tijdstip1 dat van de bourgeoisie1 kenteekent zich echter daardoor1 dat zij deze klasse-tegenstellingen vereenvoudigd heeft4 ,de gansche maatschappij splitst zich meer en meer in twee groote1 elkander vijandige legers1 in twee groote1 elkander direkt tegenoverstaande klassen3 bourgeoisie en proletariaat4 ,uit den lijfeigene van de ,middeneeuwen1 werden de paalburgers der eerste steden geboren2 uit dezen paalburgers ontwikkelden zich weder de eerste elementen der bourgeoisie4 ,de ontdekking van ,amerika1 van de scheepvaart om ,afrika1 schiepen voor de opkomende bourgeoisie een nieuw terrein4 ,de ,oost-,indische en ,chineesche markt1 de koloniseering van ,amerika1 de ruil met deze kolonin1 de vermeerdering der ruilmiddelen en der waren over het algemeen1 verleenden aan den handel1 aan de scheepvaart en aan de industrie een ongekenden vlucht en daarmede aan het revolutionaire element van de1 in verval zijnde feodale maatschappij1 eene even snelle ontwikkeling4 ,de tot nu toe bestaan hebbende feodale of gildenachtige bedrijfswijze van de industrie1 was niet meer toereikend voor de met de nieuwe markten1 steeds aangroeiende behoefte4 ,de ,manufaktuur trad in hare plaats4 ,de gildenmeesters werden verdrongen door de industrieele middenstand2 de verdeeling van den arbeid tusschen de verschillende corporaties maakte plaats voor de verdeeling van den arbeid1 in den afzonderlijken werkplaats1 gelijk die op zich-zelf reeds bestond4 ,maar steeds groeiden de markten aan1 steeds steeg de behoefte4 ,ook de ,manufaktuur was niet meer voldoende4 ,de stoom kwam en revolutioneerde door middel van de machinerie de industrieele produktie4 ,in plaats van de ,manufaktuur trad nu de moderne groot-industrie2 in plaats van den industrieelen middenstand traden nu1 de industrieele millionairs1 de chefs van gansche industrieele legers1 de moderne bourgeois in het leven4 ,de groot-industrie heeft de wereldmarkt in het leven geroepen1 die door de ontdekking van ,amerika was voorbereid4 ,de wereldmarkt heeft aan den handel1 aan de scheepvaart en aan de landcommunikatie eene onmetelijke ontwikkeling gegeven4 ,deze heeft wederom op de uitbreiding van de industrie teruggewerkt1 en in dezelfde mate waarin industrie1 handel1 scheepvaart en spoorwegen zich uitbreidden1 in diezelfde mate ontwikkelde zich de bourgeoisie1 vermeerderde zij hare kapitalen1 drong zij alle1 van af de ,middeneeuwen traditioneel geworden klassen1 meer en meer naar den achtergrond4 ,wij zien dus hoezeer de moderne bourgeoisie-zelf1 het produkt van een lange ontwikkelingsgang1 van een rij van omwentelingen in de produktie- en verkeerswijze is4 ,ieder dezer ontwikkelingstrappen der bourgeoisie1 werd begeleid door eene1 met hen in overeenstemming zijnde politieke vooruitgang4 ,onderdrukte stand onder de heerschappij van de feodale ,heeren2 bewapende en zich-zelf beheerende associatie in de gemeenten2 hier onafhankelijke stedelijke ,republiek1 daar derde belastingplichtige ,stand van de monarchie2 dan1 ten tijde van de op gildenorganisatie berustende ,manufaktuur1 tegenwicht tegenover den adel in de ,standen of in de absolute monarchie2 hoofdgrondslag van de monarchien in het algemeen1 veroverde zij eindelijk1 sedert het bestaan van de groot-industrie en der wereldmarkt in de moderne constitutioneele staten1 voor zich uitsluitend de politieke heerschappij4 ,de moderne staatsmacht is slechts eene commissie1 die de gemeenschappelijke belangen van de gansche bourgeoisklasse bestuurt4 ,de bourgeoisie heeft in de geschiedenis een hoogst revolutionaire rol gespeeld4 ,de bourgeoisie1 waar zij tot heerschappij is gekomen1 heeft alle feodale1 patriarchale en idyllische verhoudingen verstoord4 ,zij heeft de bontgekleurde feodale banden1 die den menschen aan hunne natuurlijke meesters verbonden1 onbarmhartig verscheurd en geen anderen band tusschen mensch en mensch overgelaten1 dan die van het naakte belang1 dan die van de gevoellooze bare betaling4 ,zij heeft de heilige rilling van de vrome dweperij1 de ridderlijke begeestering1 de klein-burgerlijke weemoed1 verdronken in het ijskoude water van de egostische berekening4 ,zij heeft de persoonlijke waarde1 in de ruilwaarde opgelost en in de plaats van de tallooze1 op vrijbrieven berustende privilegin en vrijheden1 de eene1 die van de gewetenlooze handelsvrijheid gesteld4 ,zij heeft in n woord1 in plaats van de met religieuze en politieke illusies omhulde uitbuiting1 de openlijke1 de onbeschaamde1 direkte en dorre uitbuiting geplaatst4 ,de bourgeoisie heeft alle tot dusver eerwaardige en met vrome schuwheid beschouwde handelingen1 van hunnen schijn van heiligheid ontdaan4 ,zij heeft den arts1 den jurist1 den priester1 den poet en den man van de wetenschap tot hare betaalde loonarbeiders gemaakt4 ,de bourgeoisie heeft de familieverhouding van haren roerend-sentimenteelen sluier beroofd en haar teruggevoerd tot op een zuiver finantieele verhouding4 ,de bourgeoisie heeft ons het geheim onthuld1 hoe de brute krachtsuiting1 die de reaktie zoo zeer bewondert in de ,middeneeuwen1 in de luiste dagdieverij hare beste aanvulling kan vinden4 ,maar eerst heeft zij ons bewezen1 wat de werkzaamheid van menschen tot stand kan brengen4 ,zij heeft nog gansch andere wonderwerken tot stand doen komen als de ,pyramiden van ,egypte1 romeinsche waterleidingen en gothische ,cathedralen dat waren2 zij heeft nog geheel andere tochten tot stand weten te brengen1 als de ,volkerentochten en de ,kruistochten dat waren4 ,de bourgeoisie kan niet bestaan1 zonder de produktie-instrumenten1 d4 w4 z41 zonder de produktieverhoudingen1 dus de gezamenlijke maatschappelijke verhoudingen1 voortdurend te revolutioneeren4 ,onveranderde instandhouding van de oude produktiewijzen1 was daarentegen de eerste bestaansvoorwaarde van de vroegere industrieele klassen4 ,de voortdurende omwenteling van de produktie1 de ononderbroken schokking van alle maatschappelijke toestanden1 de eeuwigdurende onzekerheid en de toestand van bewogenheid1 onderscheidt de periode der bourgeoisie van al de vroegere4 ,alle vaste1 ingewortelde verhoudingen1 mitsgaders hunne gevolgen van oude en traditioneele voorstellingen en beschouwingswijzen1 zijn door haar opgelost geworden2 alle nieuwgevormde verouderen1 nog voor zij zich hebben kunnen vastnestelen4 ,al het bestaande en vaststaande verdampt1 al het heilige wordt ontwijd1 en de menschen worden er eindelijk wel toe gedwongen1 hunne levenspositie en wederzijdsche betrekkingen1 met nuchtere oogen te gaan bekijken4 ,de behoefte aan een steeds uitgebreider afzetmarkt voor hare produkten1 jaagt de bourgeoisie over den ganschen aardbol4 ,overal moet zij zich inburgeren1 overal inwerken1 overal moet zij connekties aanknoopen4 ,de bourgeoisie heeft door hare exploitatie van de wereldmarkt1 aan de produktie en de consumptie van alle landen1 eene cosmopolitische gestalte gegeven4 ,zij heeft tot groote droefenis van de reaktionairen1 der industrie den nationalen bodem onder de voeten weggerukt4 ,over-oude nationale industrien zijn door haar vernietigd geworden en worden er dagelijks nog meer vernietigd4 ,zij worden verdrongen door nieuwe industrien1 welker invoering tot eene levenskwestie voor alle beschaafde naties wordt2 door industrieelen1 welke niet meer inheemsche ruwprodukten1 maar de1 van de verst verwijderde streken komende ruwprodukten verwerken en welker fabrikaten1 niet alleen in het land zelve1 maar in alle werelddeelen verbruikt worden4 ,in de plaats van de oude1 door de produkten van het land zelf bevredigde behoeften1 komen er nieuwe1 welke de produkten van de verstverwijderde landen en klimaten1 tot hunne bevrediging noodig hebben4 ,in de plaats van de oude lokale en nationale zelfgenoegzaamheid en afgeslotenheid1 trad een alzijdig verkeer1 eene alzijdige afhankelijkheid der verschillende naties van elkander4 ,en zooals het in de materieele produktie ging1 zoo ging het ook in de geestelijke produktie4 ,de geestelijke voortbrengselen der naties elk op zich1 zijn gemeen-goed geworden4 ,de nationale eenzijdigheid en bekrompenheid wordt meer en meer onmogelijk gemaakt1 en uit de vele nationale en lokale litteraturen1 vormt zich ne wereldlitteratuur4 ,de bourgeoisie trekt1 door eene snelle verbetering van alle produktie-instrumenten1 door de oneindig vergemakkelijkte communikaties1 alle1--ook de barbaarsche--naties1 binnen den kring harer beschaving4 ,de goedkoope prijzen harer waren1 zijn de zware artillerie1 waarmede zij alle chineesche muren platschiet1 waarmede zij den hardnekkigsten vreemdenhaat der ,barbaren tot capitulatie dwingt4 ,zij dwingt alle naties1 de produktiewijze der bourgeoisie zich eigen te maken1 willen deze niet te gronde gaan2 zij dwingt ze1 deze zoogenaamde beschaving bij zich-zelf in te voeren1 d4 w4 z4 bourgeois te worden4 ,in een woord1 zij schept zich een eigen wereld1 naar haar eigen beeld4 ,de bourgeoisie heeft het platte land onderworpen aan de heerschappij van de steden4 ,zij heeft enorme steden geschapen4 ,zij heeft het getal van de stedelijke bevolking1 tegenover dat van het land in hoogen graad doen toenemen en een beduidend deel van de bevolking aan het idealisme van het landleven onttrokken4 ,gelijk zij het land van de stad1 zoo heeft zij de barbaarsche en half-barbaarsche landen van de beschaafde1 de boerenvolkeren van de bourgeoisvolkeren1 het ,oosten van het ,westen afhankelijk gemaakt4 ,de bourgeoisie heft meer en meer de versplintering van de produktiemiddelen1 van het bezit en van de bevolking p4 ,zij heeft de bevolking geaglomereerd1 de productiemiddelen gecentraliseerd en den eigendom1 in weinige handen geconcentreerd4 ,het noodzakelijke gevolg hiervan1 was de politieke centralisatie4 ,onafhankelijke1 nauwelijks verbonden provincin met verschillenderlei belangen1 wetten1 regeeringen en tollen1 werden tezamengedrongen tot ne natie1 ne regeering1 ne wet1 n nationaal klassebelang en ne douanelinie4 ,de bourgeoisie heeft in hare1 nauwelijks honderdjarige klasseheerschappij1 mr massale en mr kolossale produktiekrachten geschapen1 als alle aan haar voorafgegane generaties1 tezamen4 ,onderwerping van natuurkrachten1 machinerie1 toepassing van de chemie op de akkerbouw2 stoomscheepvaart1 spoorwegen1 elektrische telegraphen1 exploitatie van gansche werelddeelen1 bevaarbaarmaking van stroomen1 gansche1 als uit den grond gestampte bevolkingen--welke vroegere eeuw had er eenig begrip van1 dat zulke produktiekrachten in den schoot van den maatschappelijken arbeid1 te sluimeren lagen6 ,wij hebben dus gezien3 ,de produktie- en verkeersmiddelen1 op welker grondslag zich de bourgeoisie kon verheffen1 werden in de feodale maatschappij voortgebracht4 ,op een gegeven ontwikkelingshoogte dezer produktie- en verkeersmiddelen bleken de verhoudingen1 waarin de feodale maatschappij produceerde en ruilde1 met de feodale organisatie der ,agrikultuur en der ,manufaktuur1 in n woord1 de feodale eigendomsverhoudingen bleken met de ontwikkelde produktiekrachten1 niet meer in overeenstemming te zijn4 ,zij hielden de produktie tegen1 in plaats van die te bevorderen4 ,zij moesten dan ook springen en zij sprongen4 ,in hunne plaats trad de vrije concurrentie1 met de aan haar beantwoordende maatschappelijke en politieke constitutie1 met de economische en politieke heerschappij van de bourgeoisklasse4 ,onder onze oogen nu1 voltrekt zich eene gelijke beweging4 ,de burgerlijke produktie- en verkeersverhoudingen1 de burgerlijke eigendomsverhoudingen1 de moderne burgerlijke maatschappij1 die zulke geweldige produktie- en verkeersmiddelen te voorschijn getooverd heeft1 gelijkt den heksenmeester1 die de onderaardsche machten1 die hij zelve te voorschijn had geroepen1 niet meer bezweren kan4 ,sedert tientallen van jaren is de geschiedenis van de industrie en van den handel1 slechts de geschiedenis van den opstand der moderne produktiekrachten tegen de eigendomsverhoudingen1 welke de levensvoorwaarden zijn voor de bourgeoisie en voor hare heerschappij4 ,het is voldoende1 de handelscrisissen aan te duiden1 welke met hunne periodieke terugkeer1 steeds dreigender het bestaan van de gansche burgerlijke samenleving tot eene kwestie van tijd maken4 ,in de handelscrisissen breekt eene maatschappelijke epidemie los1 welke in alle vroegere tijdstippen als iets onzinnigs zou zijn beschouwd3 de epidemie van de overproduktie4 ,de maatschappij bevindt zich plotseling teruggezet in een toestand van oogenblikkelijk barbarisme2 een hongersnood1 eene algemeene vernietigingsoorlog schijnen haar alle levensmiddelen afgesneden te hebben2 de industrie1 de handel schijnen vernietigd4 ,en waarom8 ,omdat zij te vl beschaving1 omdat zij te vl levensmiddelen1 te vl industrie1 te vl handel bezit4 ,de produktiekrachten1 die haar ter beschikking staan1 dienen niet meer tot bevordering der burgerlijke eigendomsverhoudingen2 integendeel1 zij zijn te geweldig voor deze verhoudingen geworden1 zij worden door haar juist tegengehouden4 ,en zoodra zij dezen tegenstand overwinnen1 brengen zij de gansche burgerlijke samenleving in wanorde en1 brengen zij het bestaan van den burgerlijken eigendom1 in gevaar4 ,de burgerlijke verhoudingen zijn te eng geworden om de door haar voortgebrachte rijkdom te bevatten4 ,en waardoor overwint de bourgeoisie nu de crisissen8 ,aan den eenen kant1 door eene gedwongen vernietiging van een massa van produktiekrachten2 aan den anderen kant1 door de verovering van nieuwe markten en de radikale uitbuiting van de oude markten4 ,waardoor dus8 ,daardoor1 dat zij nog veelzijdiger en nog veel geweldiger crisissen voorbereidt en de middelen om die crisissen te voorkomen1 juist worden verminderd4 ,de wapenen waarmede de bourgeoisie het feodalisme tegen den grond geslagen heeft1 richten zich nu tegen de bourgeoisie zelve4 ,maar de bourgeoisie heeft niet alleen de wapens gesmeed die haar ten dood zullen brengen2 zij heeft ook de menschen voortgebracht1 die deze wapens tegen haar zullen voeren4 ,dit zijn de moderne arbeiders3 het proletariaat4 ,in dezelfde mate waarin de bourgeoisie1 d4 w4 z4 het kapitaal zich ontwikkelt1 in diezelfde mate ontwikkelt zich k het proletariaat2 die klasse van moderne arbeiders1 die slechts zoo lang te leven hebben1 als zij arbeid kunnen vinden en die slechts zoo lang arbeid vinden1 als hunnen arbeid het kapitaal vermeerdert4 ,deze arbeiders die zich stuksgewijs verkoopen moeten1 zijn een waar1 zooals elk handelsartikel dat is en daarvandaan gelijkmatig aan alle wisselingen van de concurrentie1 aan alle schommelingen van de markt onderworpen4 ,de arbeid van de proletarirs heeft door de uitbreiding van de machinerie en de verdeeling van den arbeid1 elk zelfstandig karakter en daarmede alle bekoorlijkheid voor den arbeider verloren4 ,hij is een gewoon aanhangsel van de machine geworden1 van wien slechts de eenvoudigste1 eentonigste en gemakkelijk aan te leeren handgrepen worden verlangd4 ,de kosten die de arbeider veroorzaakt1 bepalen zich daarvandaan tot die van de bloote levensmiddelen-hoeveelheid die hij noodig heeft tot zijn onderhoud en tot voortplanting van zijn geslacht4 ,de prijs eener waar1 ook die van den arbeid1 is echter gelijk aan die harer produktiekosten4 ,in dezelfde mate1 waarin de walgelijkheid van den arbeid toeneemt1 in diezelfde mate neemt het loon f4 ,meer nog1 in dezelfde mate waarin de machinerie en de verdeeling van den arbeid toenemen1 in diezelfde mate neemt ook de massa van den te verrichten arbeid toe1 hetzij door vermeerdering van de arbeidsuren1 hetzij door vermeerdering van de in een bepaalden tijd te leveren hoeveelheid arbeids1 versnelde loop der machines enz4 ,de moderne industrie heeft de kleine werkplaats van den patriarchalen meester doen veranderen in de groote fabriek van den kapitalistischen ondernemer4 ,arbeidersmassa's tezamengedrongen in de fabriek1 worden aldaar op militaire wijze georganiseerd4 ,zij worden als ordinaire industrie-soldaten1 onder het toezicht van een volledige hirarchie van onder-officieren en officieren geplaatst4 ,zij zijn niet alleen knechten der bourgeoisklasse1 maar zij worden dagelijks en op elk uur van dien dag geknecht door de machine1 door den opzichter en voor alles1 door den individueelen bourgeois zelf1 die fabrikant heet4 ,dit despotisme is zooveel te kleiner1 zooveel te hatelijker1 zooveel te verbitterender1 naar mate het te openlijker de uitbuiting als zijn doel proklameert4 ,hoe minder de handenarbeid geschiktheid1 en krachtsuiting gaat vereischen1 d4 w4 z4 hoe meer de moderne industrie zich ontwikkelt1 des te meer wordt de arbeid der mannen verdrongen door die van de vrouwen4 ,geslachts- en ouderdomsverschillen zijn niet meer maatschappelijk-geldig voor de arbeidersklasse4 ,er zijn slechts arbeidsinstrumenten van hen over1 die naar gelang van ouderdom en van geslacht1 verschillende kosten opleveren4 ,is de uitbuiting van den arbeider door de fabrikanten eenmaal in zooverre gedaan1 dat hij zijn arbeidsloon in gereed geld uitbetaald krijgt1 dan vallen de andere deelen van de bourgeoisie hem op het lijf1 in den vorm van den huisheer1 den winkelier1 den pandjeshuishouder1 enz4 ,de tot dusver bestaan hebbende kleine middenstand1 de kleine industrieelen1 kooplieden en renteniers1 de handwerker en de boer1 alle deze klassen zinken tot het proletariaat af2 deels hierdoor1 omdat hun klein kapitaal voor het bedrijf van de groote industrie niet toereikend is1 deels daardoor1 omdat hunne geschiktheid door de nieuwe produktiewijze van hare waarde wordt beroofd4 ,zoo wordt het proletariaat gerecruteerd uit alle klassen der bevolking4 ,na een schildering van het ontstaan en het verloop van den strijd van het proletariaat1 ongeveer gelijk aan die welke in het geschrift tegen ,proudhon voorkwam1 gaat het ,manifest verder ons den klassenstrijd schilderend4 ,van alle klassen die heden ten dage tegenover de bourgeoisie zich geplaatst zien1 is alln het proletariaat de werkelijk revolutionaire klasse4 ,de overige klassen komen om1 en gaan onder met de groot-industrie2 het proletariaat is haar eigen produkt4 ,de middenstanden1 de kleine industrie1 de kleine koopman1 de handwerker1 de boer1 zij allen bestrijden de bourgeoisie1 om hun bestaan als middenstand voor den ondergang te vrijwaren4 ,zij zijn aldus beschouwd1 niet revolutionair1 zij zijn conservatief4 ,sterker nog1 zij zijn reaktionair1 zij zoeken het rad van de vooruitgang terug te draaien4 ,als zij revolutionair zijn1 dan zijn zij het met betrekking tot hun aanstaande overgang tot het proletariaat1 maar alsdan verdedigen zij niet hunne tegenwoordige1 maar hunne toekomstige belangen2 dan verlaten zij hun eigen standpunt1 om zich op dat van het proletariaat te stellen444444444 ,elke samenleving die tot nog toe bestond1 berustte gelijk wij gezien hebben1 op de tegenstelling van onderdrukkende en onderdrukte klassen4 ,om evenwel een klasse te kunnen onderdrukken1 moeten haar de voorwaarden verzekerd zijn1 waarop zij1 minst genomen haar geknecht bestaan kan voeren4 ,de lijfeigene heeft zich in de lijfeigenschap tot medelid van de commune opgewerkt1 zooals de kleine burger tot bourgeois onder het juk van het feodale absolutisme4 ,de moderne arbeider daarentegen1 in plaats van zich met de vooruitgang van de industrie te kunnen verheffen1 zinkt steeds dieper onder de bestaansvoorwaarden zijner eigene klasse4 ,de arbeider wordt een pauper en het pauperisme ontwikkelt zich nog sneller1 dan de bevolking en dan de rijkdom4 ,het wordt hiermede klaar en duidelijk1 dat de bourgeoisie ongeschikt is nog langer de heerschende klasse der samenleving te blijven en de levensvoorwaarden harer klasse1 der samenleving als eene regelende wet op te dwingen4 ,zij is ongeschikt tot heerschen1 omdat zij ongeschikt is hare slaven1 het bestaan1 zelfs binnen het raam hunner slavernij te verzekeren2 omdat zij gedwongen is hun te laten neerzinken tot eene positie1 waarin zij hen voeden moet1 in plaats van door hen gevoed te worden4 ,de maatschappij kan niet meer onder haar leven1 d4 w4 z4 haar leven1 laat zich niet meer vereenigen met dat der samenleving4 ,de wezenlijke voorwaarde tot het bestaan en de heerschappij der bourgeoisklasse1 is de ophoping van den rijkdom in de handen van privaat-personen1 de vorming en vermeerdering van het kapitaal2 de voorwaarde van het kapitaal is3 de loonarbeid4 ,de loonarbeid berust uitsluitend op de concurrentie der arbeiders onderling4 ,de vooruitgang van de industrie1 welker willooze en werstandslooze draagster de bourgeoisie is1 stelt echter in plaats van het isolement van den arbeider door de concurrentie1 hunne revolutionaire aaneensluiting door de vereeniging4 ,met de ontwikkeling der groot-industrie wordt aldus ook de grondslag onder de voeten der bourgeoisie weggerukt1 die waarop zij produceert en de produkten zich toeigent4 ,hare ondergang en de zegepraal van het proletariaat zijn beiden gelijkelijk onvermijdelijk4 ,het tweede gedeelte van het ,manifest behandelt den proletarir en den communist en de verhouding waarin beiden tot elkander staan1 benevens eene uiteenzetting van wat de communisten willen3 ,de theoretische stellingen der communisten berusten geensdeels op iden1 op principes die door dezen of genen wereldverbeteraar zijn uitgedacht4 ,zij zijn de algemeene uitdrukkingen van feitelijke verhoudingen1 van een bestaanden klassenstrijd1 eene1 zich onder onze oogen afspelende historische beweging4 ,de afschaffing van de tot nu toe bestaande eigendomsverhoudingen1 is niet iets dat aan het communisme in het bijzonder eigen is4 ,alle eigendomsverhoudingen waren aan een gedurige historische wisseling1 aan eene gestadige historische verandering onderworpen4 ,de fransche revolutie bijv41 schafte den feodalen eigendom1 ten gunste van den burgerlijken af4 ,wat het communisme karakteriseert1 dat is niet de afschaffing van den eigendom in het algemeen1 maar de afschaffing van den burgerlijken eigendom4 ,de moderne burgerlijke privaat-eigendom is echter de laatste en meest volkomene uitdrukking van de voortbrenging en de toeigening der produkten1 welke op klassetegenstellingen1 op de uitbuiting van den een door den ander berusten4 ,in dezen zin kunnen de communisten hunne theorie in deze eene uitdrukking3 opheffing van het privaat-bezit samenvatten4 ,vervolgens werlegt het ,manifest alle tegenwerpingen1 die er gemaakt zijn geworden tegen de doeleinden der communisten4 ,in de eerste plaats1 dat zij den eigendom willen afschaffen4 ,het antwoordt hierop3 dat de communisten niet den eigendom als zoodanig willen afschaffen1 om die reden1 dat zij dat niet zouden kunnen4 ,iets anders is het1 dat zij den privaat-eigendom willen doen vervangen door de gemeenschappelijke4 ,die privaten eigendom namelijk1 welke zich beweegt in de tegenstelling1 tusschen kapitaal en loonarbeid4 ,het kapitaal is geen persoonlijke maar eene maatschappelijke macht4 ,het is een produkt van gemeenschappelijken arbeid en kan slechts door eene gemeenschappelijke werkzaamheid van vele leden1 in laatste instantie van die van alle leden der gemeenschap1 in beweging worden gezet4 ,wordt het in gemeenschappelijk1 aan alle leden der samenleving toebehoorend eigendom veranderd1 dan verandert niet de persoonlijke eigendom in gemeenschappelijk1 maar het maatschappelijk karakter van den eigendom verandert1 doordien dit zijn klasse-karakter verliest4 ,in de burgerlijke maatschappij is de levende arbeid slechts een middel om den opgehoopten arbeid te doen vermeerderen4 ,in de communistische samenleving1 zal de opgehoopte arbeid slechts een middel zijn om het levensproces van den arbeider te verruimen1 te verrijken en te bevorderen4 ,in de burgerlijke samenleving heerscht dus het verleden over het heden1 in het communisme zal het heden over het verleden heerschen4 ,in de burgerlijke samenleving is het kapitaal zelfstandig en persoonlijk1 terwijl het werkende individu nzelfstandig en npersoonlijk is44444 ,gij werpt ons voor1 zoo roept het ,manifest den tegenstanders toe1 dat wij uw eigendom willen afschaffen6 ,zeker1 dat is zoo6 ,van af het oogenblik1 waarin de arbeid niet meer kan worden omgezet in kapitaal1 geld of grondrente1 in 't kort tot een monopoliseerbaar iets kan worden gemaakt4444 van dat oogenblik af1 verklaart gij den persoon voor opgeheven4 ,gij stemt aldus toe1 dat gij onder den persoon1 niemand anders verstaat dan den bourgeois1 den burgerlijken bezitter4 ,en deze persoon nu1 zal zeer zeker moeten ophouden te bestaan6 ,het communisme beneemt niemand de macht zich maatschappelijke produkten toe te eigenen1 het beneemt alleen hem de macht1 door middel van vreemden arbeid anderen te onderdrukken4 ,men wierp ons voor1 met de opheffing van het privaatbezit zal alle werkzaamheid ophouden te bestaan en eene algemeene luiheid zal er heerschen4 ,ware dat zoo1 dan moest de burgerlijke maatschappij reeds sinds lang aan luiheid te gronde gegaan zijn2 want die in haar arbeiden1 worden niet rijker en die in haar rijker worden1 arbeiden niet4 ,de gansche bedenking loopt uit op de tautologie1 dat er geen loonarbeid meer bestaat1 zoodra er geen kapitaal meer bestaat4 ,het ,manifest weerlegt vervolgens alle aanklachten1 die van ideologisch1 philosophisch en religieus standpunt gemaakt zijn tegen het ,communisme4 ,met de levensverhoudingen der menschen1 zegt het1 met het maatschappelijk bestaan1 veranderen ook hunne voorstellingen1 beschouwingen en begrippen1 in n woord verandert hun bewustzijn4 ,wat bewijst de geschiedenis anders1 dan dat de geestelijke voortbrenging1 verandert met de materieele8 ,de heerschende iden van een zekeren tijd1 waren altijd maar de iden van de in dien tijd heerschende klasse4 ,men spreekt van iden welke eene gansche samenleving revolutioneeren2 men constateert daarmede het feit1 dat zich binnen het raam van de oude samenleving de elementen tot eene nieuwe gevormd hebben dat met de oplossing der oude levensverhoudingen2 de oplossing der oude iden gelijken tred houdt4 ,toen de oude wereld aan het ndergaan was1 werden de oude godsdiensten overwonnen door de christelijke religie4 ,toen de christelijke iden in de #ah;e eeuw het aflegden tegen de verlichtings-iden1 streed de feodale maatschappij haren doodstrijd met de toenmalige revolutionaire bourgeoisie4 ,de iden van de gewetens- en religievrijheid1 waren slechts de weerklank van de heerschappij der vrije concurrentie1 op het gebied van de wetenschap44444 ,de tegenwerping1 dat er toch eeuwige waarheden zooals vrijheid1 gerechtigheid enz41 zijn1 die aan alle maatschappelijke toestanden gemeen zijn1 werlegt het ,manifest met te zeggen3 ,onder vrijheid verstaat men in de tegenwoordige burgerlijke produktieverhoudingen1 den vrijen handel1 den vrijen koop en verkoop4 ,vervalt evenwel den schagger1 dan vervalt ook den vrijen schagger4 ,de tirades over den vrijen handel1 gelijk alle overige vrijheidsredevoeringen van onze bourgeoisie1 hebben over het algemeen maar eenigen zin tegenover den gebonden schagger1 tegenover den geknechten burger van uit de ,middeneeuwen1 niet echter1 tegenover de communistische opheffing van den schagger1 der burgerlijke produktieverhoudingen en der bourgeoisie zelf4 ,gij zijt er verontrust over dat wij den privaat-eigendom willen opheffen4 ,maar in uwe bestaande maatschappij1 is het privaat-bezit voor negen tiende harer leden reeds opgeheven2 bestaat het juist drdoor dat het voor #i_/aj niet bestaat6 ,gij werpt ons dus voor1 dat wij een eigendom wenschen op te heffen1 hetwelk de eigendomloosheid van de overgroote massa1 als eene noodzakelijke voorwaarde voorop stelt444444 ,en de opheffing der familie dan1 welke men den communisten verwijt6 ,waarop1 vraagt het ,manifest1 berust de tegenwoordige burgerlijke familie8 ,op het kapitaal1 op den privaten winst4 ,volkomen ontwikkeld bestaat zij slechts bij de bourgeoisie2 maar zij verkrijgt hare aanvulling in de gedwongen familieloosheid van de proletarirs en de publieke prostitutie4 ,de familie der bourgeois valt natuurlijk weg met het wegvallen van deze hare aanvulling1 en beiden verdwijnen met het verdwijnen van het kapitaal4 ,werpt gij ons nu voor1 dat wij de uitbuiting van de kinderen door hunne ouders opheffen willen8 ,dan stemmen wij met dat verwijt volkomen in4 ,maar1 zegt gij1 wij heffen de intiemste verhoudingen op1 doordien wij in de plaats van de huiselijke opvoeding die van de samenleving willen plaatsen6 ,maar wordt niet uwe opvoeding door de samenleving bepaald8 ,door de maatschappelijke verhoudingen1 binnen welke gij opvoedt1 door de direktere of indirektere inmenging van de maatschappij1 door middel van de scholen enz4 ,de communisten hebben de inwerking van de samenleving op de opvoeding niet uitgevonden3 zij veranderen haar karakter alleen1 zij ontrukken alleen de opvoeding aan den invloed van de heerschende klasse4 ,de burgerlijke tirades over familie en over opvoeding1 over de intieme verhoudingen van ouders tot kinderen1 zijn evenwel te ellendiger1 naarmate te meer door en ten gevolge van de groot-industrie1 alle familiebanden van den proletarir zijn vaneengereten en zijne kinderen tot eenvoudige handelsartikelen en produktie-instrumenten zijn geworden4 ,het ,manifest wijst er dan vervolgens op1 dat de communistische revolutie de radikaalste zal zijn1 omdat zij zal breken met de traditioneele eigendomsverhoudingen1 geen wonder dat in hare ontwikkelingsgang op het radikaalst gebroken wordt met de traditioneele iden4 ,als eerste schrede van de arbeiders om tot de verheffing van het proletariaat te geraken1 wijst het ,manifest de verovering van de demokratie aan4 ,het proletariaat1 zegt het verder1 zal zijne politieke heerschappij daartoe aanwenden1 der bourgeoisie voor en na al het kapitaal te ontrukken1 alle produktiemiddelen in handen van den ,staat1 d4 w4 z4 van het als heerschende klasse georganiseerde proletariaat te centraliseeren en de massa der produktiekrachten1 zoo snel mogelijk te doen vermeerderen44444444 ,zijn in den loop van de ontwikkeling de klasseverschillen verdwenen en is alle produktie in handen van de geassocieerde individuen samengetrokken1 dan heeft de ,staat zijn politiek karakter verloren4 ,de politieke macht in den eigenlijken zin1 is de georganiseerde macht van de eene klasse1 tot onderdrukking van de andere4 ,wanneer het proletariaat in den strijd tegen de bourgeoisie1 zich noodzakelijk tot klasse vereenigt2 door een revolutie zich tot heerschende klasse maakt en als heerschende klasse1 gewelddadig de oude produktieverhoudingen opheft1 dan heft het met deze produktieverhoudingen1 de bestaansvoorwaarden van de klassetegenstellingen1 der klassen over het algemeen op1 en daarmee tegelijk3 zijne eigene heerschappij als klasse4 ,in de plaats van de oude burgerlijke samenleving met hare klassen en klassetegenstellingen treedt dan eene associatie1 waarin de vrije ontwikkeling van een ieder1 de voorwaarde voor de vrije ontwikkeling van allen is4 ,het ,manifest behandelt in zijn derde gedeelte achtereenvolgens1 de vormen van socialisme1 gelijk men die in de dagen vr #ahdh in ,west-,europa aantrof3 #a;e4 ,het ,reaktionaire socialisme1 waaronder a4 feudale socialisme1 b4 het klein burgerlijk socialisme en c4 het duitsche of het ware socialisme gerekend werden4 ,dan #b;e4 het ,conservatieve of het bourgeois-socialisme en ten #c;e4 het ,critisch-utopistische socialisme4 ,in het vierde gedeelte stelt het ,manifest de positie in het licht1 die de ,communisten tegenover de verschillende oppositioneele partijen innemen4 ,de communisten1 zegt het1 strijden voor de bereiking van de onmiddellijk voor de hand liggende doeleinden en belangen der arbeidersklasse1 maar zij vertegenwoordigen in de tegenwoordige beweging de toekomst dier beweging4444 ,zij laten geen oogenblik verloren gaan om bij den arbeider een zoo mogelijk klaar bewustzijn1 over de vijandige tegenstelling tusschen bourgeoisie en proletariaat te voorschijn te roepen4444 ,in n woord de communisten ondersteunen overl elke revolutionaire beweging1 tegen de bestaande maatschappelijke en de politieke toestanden gericht4 ,in alle deze bewegingen verheffen zij de eigendomskwestie1 welke meer of minder ontwikkelde vorm deze ook mag hebben aangenomen1 tot de principieele kwestie van de beweging4 ,de communisten arbeiden voorts overal aan de verbinding en de verstandhouding der demokratische partijen van alle landen4 ,de communisten versmaden het hunne inzichten en doeleinden te bemantelen4 ,zij verklaren het ronduit1 dat hun doel alleen kan worden bereikt door de gewelddadige omverwerping van de tot nu toe bestaande maatschappelijke orde4 ,mogen de heerschende klassen1 sidderen voor eene communistische revolutie6 ,de proletarirs hebben niets te verliezen dan hunne ketenen6 ,zij hebben daarentegen een wereld te winnen6 ,proletarirs aller landen vereenigt ,u6 ,aldus eindigt dit klassieke dokument van het wetenschappelijke socialisme4 ,van af zijnen tijd dagteekent de eigenlijke sociaal-demokratie4 ,wij moeten verder ,marx' kleineren arbeid1 na hem vluchtig te hebben aangestipt laten rusten1 om ons met zijn hoofdwerk de ,critiek op de staathuishoudkunde die later volkomener is gemaakt door ,das ,kapital1 bezig te houden4 ,na de ,revolutie van #ahdh in ,duitschland1 door de verandering van de toestanden1 welke ,marx e4 d4 weder de gelegenheid verschaften naar ,duitschland terug te keeren1 richtte hij met medewerking van vrienden waaronder ook ,engels in ,keulen de ,neue ,rheinische ,zeitung op4 ,het eerste nummer van dit blad1 dat zich onmiddellijk in de politiek op streng demokratischen en in sociale dingen op communistischen grondslag plaatste1 verscheen #a ,juni #ahdh4 ,onder zijne tijdelijke medewerkers telde het blad o4 a4 de jonge ,ferdinand ,lasalle1 die eenige jaren later in ,duitschland als pionier der socialistische beweging zulk een groote rol zou spelen4 ,maar de reaktie had in ,duitschland en vooral in ,pruissen1 spoedig weder gezegevierd en met meer dan twee dozijn processen beladen wegens wederspannigheid1 en voornamelijk om haar aansporen tot het weigeren van belastingbetalen aan eene regeering1 die de pas verworven rechten der burgerij met voeten trad1 moest de ,neue ,rheinische ,zeitung den #ai;e ,mei #ahdi ophouden te verschijnen4 ,freiligrath de dichter had voor dit laatste nummer de volgende dichtregelen geschreven3 ,kein offner ,hieb in offner ,schlacht-- ,es fllen die ,ncken und ,tcken1 ,es fllt mich die schleichende ,niedetracht ,der schmutzigen ,westkalmcken6 ,aus dem ,dunkel flog der ttende ,schaft1 ,aus dem ,hinterhalt fielen die ,streiche-- ,und so lieg' ich nun da1 in meiner ,kraft1 ,eine stolze ,rebellenleiche6 ,marx toog weder naar ,parijs1 waar hij de later beroemd geworden historische schets van de fransche ,revolutie van #ahdh schreef1 die de eerste toepassing van zijn geschiedschrijvingsmethode op de gebeurtenissen van den dag was4 ,deze artikelen-reeks later uitgegeven onder den titel3 de ,burgeroorlog in ,frankrijk1 is later aangevuld met een niet minder prachtige historische analyse van de overwinning der reaktie in ,frankrijk onder ,napoleon ,,iii1 door ,marx betiteld met ,der #ah;e ,brumaire des ,louis ,bonaparte4 ,ook over de duitsche ,revolutie van #ahdh zijn toen door ,marx artikelen geschreven1 die voor eenige jaren geleden uitgegeven zijn onder den titel3 ,revolutie en ,contra-,revolutie in ,duitschland in #ahdh4 ,volledigheidshalve moet hier nog melding worden gemaakt1 dat na een proces1 dat men den leden van den ,communistenbond in ,duitschland aandeed wegens hoogverraad en waarbij een aantal hunner veroordeeld werden1 dezen ,bond opgeheven moest worden4 ,marx heeft de gansche historie van dien ,bond1 benevens zijn karakter en ook dat van de op de revolutie gevolgde reaktie1 terneergeschreven in een boekje3 ,het ,keulsche ,communisten-proces genaamd4 ,marx toog1 nadat ook ,parijs hem voor de tweede maal als woonplaats ontzegd was1 naar ,londen1 om zich daar voor goed te vestigen4 ,aldaar moest hij werken om zijn brood1 door journalistieken arbeid te verrichten en had hij inmiddels ook eenige kinderen gekregen4 ,maar wat hem het meest in ,londen bleef aantrekken1 dat was de gelegenheid die hij aldaar vond1 om zijne economische studin voort te zetten4 ,eerstens1 omdat ,engeland het groote proefveld was voor iemand1 die in die dagen de groot-industrie met al hare voor- en nadeelen1 licht- en schaduwzijden wilde leeren kennen4 ,tweedens1 omdat er in het ,british ,museum een ongekende hoeveelheid materiaal was te vinden voor politiek-economische studin4 ,derdens omdat ,londen zelf1 de interessantste plaats was tot waarneming van het burgerlijk leven2 en ten laatste1 door het nieuwe ontwikkelingsstadium waarin de burgerlijke samenleving gekomen was door de ontdekking van de ,californische en ,australische goudmijnen4 ,marx zelf verklaarde hieromtrent3 ,de physikus beschouwt natuurprocessen1 of daar waar zij in hunnen scherpst afgeteekenden vorm en van storenden invloeden onberoerd zijn waar te nemen2 of zoo mogelijk1 maakt hij experimenten onder voorwaarden1 welke hem eene zuivere ontwikkeling van het proces kunnen verzekeren4 ,wat ik in dit werk trachtte na te vorschen 7in ,das ,kapital n4 l47 is de kapitalistische produktiewijze en de aan haar beantwoordende produktie- en verkeersverhoudingen4 ,hunne klassieke verblijfplaats is tot nu toe nog ,engeland4 ,dit is de reden1 waarom dit land als hoofd-illustratie mijner theoretische ontwikkeling dienst doet4 ,aldus luidt het in de ,voorrede van het eerste deel van ,das ,kapital4 ,,marx ,,over ,,vrij-,,handel4 ,wij hebben nog melding te maken van een tweetal studin van staathuishoudkundigen aard1 welke beiden dateeren uit de periode der ,brusselsche ballingschap van #ahdg4 ,het zijn ,voordrachten1 door ,marx in openbare vergaderingen gehouden4 ,zijne groote kennis van economische toestanden en de proeven zijner critische gaven op dit gebied blijken reeds uit beiden4 ,de eene is getiteld ,over ,loonarbeid en ,kapitaal en is gehouden in de ,deutsche ,arbeiterverein aldaar4 ,zij is een begin1 dat geheel en al tehuis behoort bij ,marx' critisch-economische beschouwingen en behoeft dus hier niet opzichzelf te worden behandeld4 ,het andere is de in #ahdg in de ,demokratische ,gesellschaft te dier plaatse gehouden voordracht ,over ,vrije-handel4 ,het was in het agitatietijdperk der graanrechtwetten in ,engeland4 ,marx komt hierin tot deze conclusies3 wat beteekent onder den huidigen toestand der samenleving de vrije handel8 ,niet anders1 dan de vrijheid van het kapitaal44444 ,zoolang gij de verhouding van loonarbeid tot kapitaal laat voortbestaan1 moge de ruil der waren1 zich ook voortdurend voltrekken onder de gunstigste verhoudingen1 zal er steeds een klasse wezen die uitbuit1 en eene die uitgebuit wordt444444 ,niettemin1 gelooft niet ,mijne heeren1 dat wanneer wij den vrijen handel critiseeren1 wij dan vrienden zijn van beschermende rechten4 ,integendeel6 ,men kan het constitutionalisme bestrijden zonder een vriend van het absolutisme te wezen4 ,overigens zijn beschermende rechten slechts een middel1 om in een land de groot-industrie op te voeden1 d4 w4 z4 haar van de wereldmarkt afhankelijk te maken en van het oogenblik af waarop men van de wereldmarkt afhankelijk begint te worden1 hangt men in meerdere of mindere mate reeds van den vrijen handel af4 ,bovendien ontwikkelt bescherming de vrije concurrentie in het land zelf4 ,derhalve zien wij het1 dat in de landen waar de bourgeoisie begint zich als klasse te doen gelden1 zooals bijv4 in ,duitschland1 zij reeds groote moeite doet om bescherming te verkrijgen444444 ,in 't algemeen echter is tegenwoordig het systeem der beschermende rechten conservatief1 terwijl de vrije handel verstorend werkt4 ,het ontwricht de vroegere nationaliteiten en drijft de tegenstelling tusschen proletariaat en bourgeoisie op hunnen spits4 ,in n woord3 het systeem van den vrijen handel bespoedigt de sociale revolutie4 ,en slechts in dezen1 revolutionairen zin ,mijne ,heeren1 zoo eindigde ,marx zijn rede1 stem ik vr den vrijen handel4 ,,derde ,,gedeelte4 ,,hoofdstuk ,v4 ,,de ,,kritiek ,,op ,,het ,,kapitalisme4 ,zooals in de philosophie en in de wereldbeschouwing ,marx' wetenschappelijke inzichten aanknoopten aan ,kant1 ,fichte1 ,hegel en ,feuerbach2 in de geschiedenisbeschouwing aan ,augustin ,thierry en ,michelet1 zoo knoopten zijne staathuishoudkundige inzichten aan die van de1 eveneens klassieke vertegenwoordigers der burgerlijke staathuishoudkunde aan4 ,adam ,smith en ,david ,ricardo1 beiden engelsche economen waren zijne voorgangers4 ,voornamelijk was het kernpunt van elke principieele economie1 het concipieeren eener waarde-theorie4 ,deze is ook bij ,marx1 gelijk bij elken econoom die een zeker tijdvak in zijn werk vertegenwoordigt1 de spil waarom alles draait4 ,maar bij ,marx bovendien1 de bron waaruit de door hem geformuleerde theorie van de mrwaarde1--de polsader in de kapitalistische produktiewijze1--wetenschappelijk door hem kon worden vastgesteld4 ,tusschen de ,critiek op de staathuishoudkunde en ,das ,kapital1 het begin en de voortzetting1 liggen negen jaren4 ,het eerste deel van3 ,das ,kapital1 zur ,kritik der politischen konomie verscheen in #ahfg2 het tweede deel eerst in #ahhe1 twee jaren na ,marx' dood1 zoo ook het derde deel1 beiden door ,friedrich ,engels uitgegeven4 ,de jaren die er liggen tusschen de ,critiek en het groote dikke boek ,das ,kapital1 waren voor ,marx1 die van een langdurig1 steeds terugkeerend lichamelijk lijden en van groote finantieele zorgen4 ,maar dat niet alleen4 ,in die periode viel ook de persoonlijke aktie van ,karel ,marx1 de oprichting van en de enorme werkzaamheden verbonden aan de ,internationale1 de stichting die in #ahfd te ,londen tot stand kwam1 ten doel hebbend de arbeidersbeweging van toenmaals in de verschillende landen1 een internationale band te geven4 ,marx was hare secretaris en tevens hare ziel4 ,de noodzakelijkheid om beknopt te zijn1 waardoor ook alleen maar de hoofdpunten van ,marx' levenswerk kunnen worden weergegeven1 noopt ons van de ,internationale en wat ,marx er in deed1 met een enkel woord gewag te maken en er niet langer bij stil te staan4 ,wij behandelen vervolgens al het economische werk van ,marx tezamen4 ,een voornaam ding dient hierbij wl te worden in 't oog gevat4 ,marx heeft geen bepaald nieuw nationaal-economisch systeem op gesteld2 hijzelf betitelde zijn werk als critiek4 ,en iets anders zou dan ook met ,marx' overtuiging en opvatting van de evolutie die de samenleving doormaakt in de kapitalistische produktieperiode en de1 aan die produktiewijze immanente wetten die haar voortbewegen en tot oplossing brengen1 welker oplossing niet anders kan zijn dan hare eigene negatie1 niet te rijmen zijn geweest4 ,voor ,marx1 zoo luidt het oordeel van een ,russisch critikus1 afgedrukt in den tweeden druk van het eerste deel van ,das ,kapital14444 is slechts n ding van gewicht3 de wet der phenomenen te vinden met welker onderzoek hij zich bezig houdt4 ,en voor hem is niet alleen de wet van gewicht die ze beheerscht1 voor zoover zij hunnen ontwikkelden vorm hebben en in samenhang met elkander staan en zooals zij in een gegeven tijdperk kan worden waargenomen4 ,voor hem is het ook vr alles van gewicht1 de wet harer verandering1 harer ontwikkeling1 d4 w4 z4 de overgang uit de eene vorm in de andere1 uit de eene orde van samenhang in de andere te vinden4 ,zoodra hij eenmaal eene wet heeft ontdekt1 onderzoekt hij in dtails de gevolgen waarin zij zich in het maatschappelijk leven demonstreert4444 ,dientengevolge geeft ,marx zich slechts moeite voor n ding3 door nauwkeurige wetenschappelijke onderzoekingen1 de noodzakelijkheid van bepaalde orden van maatschappelijke verhoudingen aan te toonen en zooveel mogelijk onkreukbaar de feiten te constateeren1 die hem tot uitgangs- en steunpunten dienen4 ,hiertoe is het volmaakt voldoende1 wanneer hij met de noodzakelijkheid van de tegenwoordige orde van zaken1 tegelijk de noodzakelijkheid van eene andere aantoont1 waarin de eerste onvermijdelijk moet overgaan1 gansch onverschillig of de menschen dat gelooven of niet gelooven1 of zij zich hetzelve bewust zijn of niet4 ,marx beschouwt de maatschappelijke beweging als een natuurhistorisch proces1 dat door wetten geleid wordt1 die niet alleen niet van den wil1 het bewustzijn en doel van de menschen afhankelijk zijn1 maar veeleer omgekeerd1 welker willen1 bewustzijn en doel er door bepaald wordt4444 ,wanneer het bewuste element in de beschavingsgeschiedenis een zoo ondergeschikte rol speelt1 dan spreekt het vanzelf1 dat de critiek welker objekt de beschaving zelf is1 minder dan ergens anders1 den een of anderen vorm of het een of andere resultaat van het bewustzijn tot grondslag kan hebben4 ,dat wil zeggen3 niet de idee1 maar het uitwendige verschijnsel alleen kan dan als haar uitgangspunt dienen4 ,de critiek zal zich beperken tot de vergelijking en de confronteering van een feit1 niet met de idee1 maar met het andere feit4 ,voor haar is het slechts van gewicht1 dat de beide feiten zooveel mogelijk nauwkeurig onderzocht worden en werkelijk de een tegenover den ander verschillende ontwikkelingsmomenten vormen1 voor alles is 't voor haar evenwel van gewicht1 dat niet minder nauwkeurig de serie der orden opgespoord wordt1 de opvolging en de verbinding1 waarin de trappen van ontwikkeling zich aan ons voordoen4 ,maar1 zoo zal men daartegen aanvoeren1 de algemeene wetten van het economische leven zijn een en hetzelfde2 geheel onverschillig1 of men ze toepast op het tegenwoordige of op het verleden6 ,juist dt loochent ,marx4 ,volgens hem bestaan zulke abstrakte wetten niet444 ,volgens zijn meening bezit integendeel elke historische periode hare eigen wetten4444 ,zoodra het leven eener maatschappij een zekere ontwikkelingsperiode overleefd heeft1 uit een bepaald stadium in een ander overgaat1 vangt het ook aan door andere wetten te worden geleid4 ,in n woord het economische leven biedt ons een1 aan de ontwikkelingsgeschiedenis op het andere gebied dat der biologie1 analoog verschijnsel aan444444 ,de oude economen miskenden den aard van de economische wetten1 toen zij dezelven vergeleken met de wetten der physiek en der chemie44444 ,een diepere analyse der verschijnselen bewees1 dat sociale organismen zich van elkander evenzoo grondig onderscheiden als planten en dierlijke organismen4 ,ja een en hetzelfde verschijnsel is aan geheel en al verschillende wetten onderworpen1 tengevolge van de verschillende totaal-struktuur dier organismen1 der afwijking van hunne onderlinge organen1 van het verschil der voorwaarden1 waaronder zij funktioneeren44444 ,met de verschillende ontwikkeling der produktiekrachten wijzigen zich de verhoudingen en de hen regelende wetten4 ,daardien ,marx zich ten doel stelt1 van uit dit gezichtspunt de kapitalistische maatschappij na te vorschen en te verklaren1 formuleert hij slechts streng wetenschappelijk het doel1 hetwelk ieder nauwgezet onderzoek van het economisch leven hebben kan4 44444 ,de wetenschappelijke waarde van zulk onderzoek is te vinden in de opheldering van de bijzondere wetten1 welke ontstaan1 leven1 ontwikkeling en dood van een bepaald maatschappelijke organisme en zijn opvolging door een ander en hooger1 regelen4 ,,de ,,analyse ,,van ,,de ,,waar4 ,de rijkdom der maatschappijen1 in welke de kapitalistische produktiewijze heerscht1 doet zich aan ons voor1 als eene ongehoorde verzameling van waren1 de individueele waar als zijn elementairen vorm4 ,marx begin daarom ,das ,kapital met de analyse van de ,waar4 ,een ,waar is een arbeidsprodukt1 dat niet voor het eigen gebruik1 hetzij van den producent of van met hem verbonden menschen1 maar voor den ruil tegen andere produkten1 wordt voortgebracht4 ,het zijn dus geen natuurlijke1 maar maatschappelijke eigenaardigheden die een zeker produkt tot waar maken4 ,aan de maatschappelijke rol1 de maatschappelijke funktie kan men 't zien of een produkt ,waar is of niet4 ,in de kapitalistische maatschappij nu1 nemen in steeds stijgender mate de arbeidsprodukten de vorm van ,waren aan4 ,wanneer heden ten dage nog niet alle arbeidsprodukten bij ons tot ,waren zijn geworden1 dan is dit deswegens omdat nog resten van vroegere produktiewijzen door de tegenwoordige heenloopen4 ,ziet men nu hiervan af1 dan kan men zeggen dat tegenwoordig alle arbeidsprodukten1 de vorm van ,waren aannemen4 ,wij kunnen de tegenwoordige produktiewijze niet begrijpen1 wanneer ons niet helder voor oogen staat1 hoe het karakter van de ,waar is in de huidige produktiewijze4 ,in de produktie betrekken de menschen zich niet alleen op de natuur4 ,zij produceeren1 doordien zij op eene bepaalde manier tezamenwerken en de resultaten daarvan1 tegen elkander ruilen4 ,om te produceeren1 komen zij in bepaalde verhoudingen en betrekkingen tegenover elkander te staan en alleen binnen het raam van deze maatschappelijke betrekkingen en verhoudingen1 vinden hunne betrekkingen tot de natuur1 heeft de produktie plaats4 ,al naar het karakter der produktiemiddelen1 kunnen natuurlijk deze maatschappelijke verhoudingen waarin de producenten tegenover elkander komen te staan2 de voorwaarden waaronder zij hunne produkten ruilen en aan de totaal-handeling der produktie deelnemen1 verschillend zijn4 ,met de uitvinding van een nieuw oorlogsinstrument1 het geweer1 veranderde ook noodwendig de gansche inwendige organisatie van het leger2 veranderden de verhoudingen1 waarin de individuen een leger vormden en als leger werken konden2 wijzigde zich ook de verhouding van de verschillende legers tot elkander4 ,de maatschappelijke verhoudingen waarin de individuen produceeren1 de maatschappelijke produktieverhoudingen wijzigen zich alzoo2 veranderen1 naarmate dat er verandering en ontwikkeling komt in de produktiemiddelen1 de produktiekrachten in het algemeen4 ,de produktieverhoudingen als geheel1 vormen datgene wat men de maatschappelijke verhoudingen1 de maatschappij noemt en wel een maatschappij op eene bepaalde1 historische hoogte van ontwikkeling2 een maatschappij met een eigenaardig1 verschillend karakter4 ,in de kapitalistische maatschappij1 met hare privaat-produktiewijze1 hare voortbrenging door elken ondernemer afzonderlijk en de daaruit noodwendigerwijs voortvloeiende private verhouding1 waarin de ruilers tegenover elkander zijn komen te staan2 de produktie vervolgens1 niet ten eigen behoeve1 niet om het produkt zelf1 maar om den winst1 heeft de ,waar noodwendigerwijs een ander karakter en een andere beteekenis1 dan in eene voorafgaande1 eene andere samenleving1 met andere produktie-verhoudingen en krachten en een andere1 maatschappelijke wijze van ruilen4 ,in de private produktiewijze1 gelijk het kapitalisme van onzen tijd haar heeft geschapen1 arbeidt elk1 oogenschijnlijk voor zichzelve1 en de manier waarop ieder aan het produkt van den ander komt schijnt niet geweten te kunnen worden aan het karakter van hunnen arbeid1 maar aan de eigenaardigheden van het produkt-zelf4 ,de verhoudingen dier personen onder elkander1 gelijk zij door het maatschappelijk karakter van den arbeid worden bepaald1 verkrijgen1 onder de heerschappij van de warenproduktie den schijn van verhoudingen van dingen1 namelijk3 van produkten onder elkander4 ,zoolang de produktie een direkt maatschappelijke was1 was zij onderworpen aan de bepaling en aan de leiding van de maatschappij en lagen de verhoudingen der producenten1 onder elkander1 duidelijk voor de hand4 ,zoodra evenwel de arbeid tot privaat-arbeid werd1 die onafhankelijk werd bedreven2 zoodra de produktie daardoor tot een planlooze werd1 verschenen de verhoudingen der producenten tot elkander1 als verhoudingen van produkten4 ,van nu af lag de bepaling van de verhouding der producenten onderling1 niet meer bij hen zelf4 ,deze verhoudingen ontwikkelden zich1 onafhankelijk van den wil der menschen1 de maatschappelijke machten groeiden hen over het hoofd1 zij verschenen voor de naeve beschouwingswijze uit vroegere eeuwen1 als goddelijke machten1 zooals zij later voor klaardere koppen1 machten der natuur geworden waren4 ,aan de natuurvorm der ,waren1 werden nu eigenschappen toegeschreven1 van een mystiek karakter1 omdat zij niet uit de verhoudingen der producenten onderling konden worden verklaard4 ,marx noemt dit verschijnsel1 de erkenning van het fetichisme dat den arbeidsprodukten aankleeft1 zoodra zij als ,waren worden geproduceerd en dat daarom van de ,waar onafscheidelijk is4 ,dit fetichistisch karakter van de ,waren-wereld ontspruit444 uit het eigenaardig maatschappelijk karakter van den arbeid1 die ,waren voortbrengt4 ,gebruiksgoederen worden in het algemeen slechts ,waren1 omdat zij produkten der van elkander onafhankelijk gedreven privaat-arbeid zijn4 ,het complex van deze privaat-arbeid vormt den maatschappelijken totaal-arbeid4 ,daar de producenten eerst weder met elkander in een maatschappelijk contakt komen door middel van den ruil hunner arbeidsprodukten1 komt ook het specifiek maatschappelijk karakter van hunnen privaat-arbeid1 eerst weder in dezen ruil aan den dag4 ,,waarde ,,der ,,waren4 ,gelijk wij zagen1 heeft de ,waar ten doel te worden geruild tegen een andere4 ,zij kan slechts aan dit doel beantwoorden onder de voorwaarde1 dat door haar eene menschelijke behoefte1 van welken aard ook1 bevredigd wordt4 ,voor ,marx maakt het geen verschil1 of die behoefte1 eene werkelijke of een ingebeelde is2 of het brood is of katoen of een behoefte naar luxe4 ,deze onderscheidingen1 door sommige spitsvondige economen wel eens gemaakt1 gelden in de werkelijkheid dan ook inderdaad niet4 ,de ,waar moet dus een nuttig ding zijn3 zij moet gebruikswaarde bezitten4 ,deze laatste eigenschap1 die de ,waar noodzakelijk hebben moet1 wordt bepaald door de physieke eigenschappen van het lichaam van de ,waar4 ,gebruiksnuttigheid vormt de stoffelijke inhoud van den rijkdom1 hoedanig zijne maatschappelijke vorm ook zijn mag4 ,gebruikswaarde is dus geene1 der waren alln aanklevende eigenschap4 ,er zijn gebruiksnuttigheden die gn waren zijn1 bijv4 produkten van een op communistischen grondslag ingericht gemeenschapswezen1 zooals die der oude indische dorpsgemeenten4 ,ja1 er zijn gebruikswaarden die niet eens arbeidsprodukten zijn1 zooals bijv4 de vruchten van een oerwoud1 water van een vloed enz4 enz4 ,maar1 er kan geen ,waar bestaan die niet gebruikswaarde heeft4 ,doordien de ,waren worden wat zij zijn en waartoe zij bestemd zijn1 verkrijgen zij een tweede eigenschap1 die van te worden geruild3 hunne ruilwaarde dus4 ,de verhouding waarin zich de ,waren tegen elkander doen ruilen1 wordt door hunne waarde bepaald4 ,wij hebben hier niet met abstrakte begrippen van waarde van een of ander te doen4 ,wij hebben hier de ,waar als maatschappelijk ding1 wier produktie aan bepaalde maatschappelijke verhoudingen en voorwaarden en aan de aanwezigheid van bepaalde maatschappelijke krachten is gebonden4 ,wat bepaalt dus de waarde dier ,waar8 ,de waarde der ,waar is niet gelijk aan haren prijs4 ,de laatste is alleen maar hare ruilwaarde in geld uitgedrukt4 ,daardoor kan dus1 als gezamenlijke produkten van menschelijken arbeid1 hunne waarde niet worden uitgemaakt4 ,als gebruikswaarden worden zij slechts daarom tegen elkander geruild1 omdat zij juist verschillende1 niet-gemeenschappelijke1 natuurlijke eigenschappen hebben1 die wel de beweegredenen tot hunnen ruil1 maar in geen geval de verhouding van dien ruil1 bepalen kunnen4 ,het raadsel laat zich slechts oplossen1 zegt ,marx1 wanneer men de algemeene eigenschap der ,waren heeft ontdekt1 n4l4 deze1 dat zij arbeidsprodukten1 d4 w4 z4 produkten van menschelijken arbeid berhaupt zijn4 ,een ,waar heeft dus daardoor waarde1 omdat in haar1 menschelijke arbeid berhaupt1 is nergelegd4 ,die waarde-grootte van de ,waren1 hoe is die nu te meten8 ,de waarde-meter daarvan1 is de hoeveelheid van de waarde-vorming die zij in zich bevatten1 van den menschelijken arbeid die in haar is gekristalliseerd4 ,en deze hoeveelheid kan op haren beurt1 door niets anders gemeten worden1 dan door den arbeidstijd die er noodig was1 om de ,waar voort te brengen4 ,maar niet den individueelen arbeidstijd4 ,immers dan zou1 hoe luier een arbeider was1 zooveel te meer waarde zijnen arbeid hebben4 ,deze arbeidstijd laat zich1 volgens ,marx1 niet anders opvatten dan als eene maatschappelijke faktor van de voortbrenging4 ,in eene bepaalde samenleving zijn deze voorwaarden eveneens gegevene en bepaalde2 blijven zij aan elkander gelijk1 dan blijft ook de in de produktie eener ,waar nergelegde hoeveelheid arbeids gelijk2 wijzigen zich deze1 dan veranderen gene eveneens4 ,want het totaal van de maatschappelijke verhoudingen1 waaronder de produktie plaats vindt1 is van de produktiviteit van den arbeid afhankelijk4 ,onder deze is mede te rekenen1 de oogenblikkelijke vorming der arbeiders1 de hoogte die de techniek bereikt heeft1 de manier van samenwerking van de organen der produktie1 de natuurverhoudingen van menigvuldigen soort1 zooals daar zijn3 rijkdom van den bodem1 meteorologische invloeden etc4 ,al deze omstandigheden zijn aan wisseling onderhevig en daarmede ook de produktiviteit van de maatschappelijke arbeidsopbrengst in een bepaald tijdperk4 ,tegelijk hiermede veranderen ook de arbeidshoeveelheden1 die noodig zijn om het gelijke produkt voort te brengen1 en mede ook deszelfs waarde-grootte4 ,de waarde-grootte van tweerlei waren staan dientengevolge in de verhouding van kwantiteiten van den maatschappelijk noodzakelijken arbeid1 die tot hunne produktie gevorderd worden4 ,kan dus de hoeveelheid arbeid1 noodig tot de voortbrenging van een warensoort1 ingekrompen worden tot op de helft1 door opvoering van de produktiviteit van den arbeid1 invoering van machinerie ter vervanging van handenarbeid1 volkomener maken van de machinerie enz41 dan daalt ook de waarde van die waren tot op de helft4 ,zoo is de waarde van stalen veren bijv41 binnen #fj #gj jaren1 gedaald tot op nog minder dan het honderdste gedeelte harer oorspronkelijke waarde4 ,dit is dus het begrip maatschappelijk-noodwendige arbeidstijd1 gelijk dit bij ,marx geldt4 ,reeds was die algemeene waardewet der arbeidsprodukten1 hunne bepaling door den arbeid1 oorspronkelijk eene ontdekking van de klassieke engelsche economie en in embryonalen vorm was zij reeds bij den engelschen econoom ,sir ,william ,petty te vinden4 ,zij is later door ,adam ,smith overgenomen en ten slotte op de kapitalistische1 half nog manufaktuurlijke1 half groot-industrieele produktiewijze1 gelijk zij in het ,engeland dier dagen 7#aggb-ahbc7 te vinden was1 toegepast door den staathuishoudkundige ,david ,ricardo4 ,alleen1 wat nch ,adam ,smith nch ,ricardo zagen en doorschouwen konden1 dat doorzag ,marx1 die als econoom eene latere periode toebehoort1 n4l4 die der groot-industrie met de stoom en de maatschappelijke massa-produktie4 ,marx was het gegeven om het maatschappelijk karakter van den arbeid-zelve te doorzien4 ,men moet bij de beoordeeling van deze waarde-theorie zich hoeden voor vergissingen4 ,marx zelf wees hierop reeds4 ,een dier voornaamste is wel de verwisseling van waarde met rijkdom4 ,de waarde1 zegt ,marx duidelijk1 is eene historische categorie1 slechts geldig voor de periode van de warenproduktie2 zij is eene maatschappelijke verhouding4 ,de rijkdom daarentegen1 is iets stoffelijks en wordt samengesteld uit gebruikswaarden4 ,arbeid1 zegt ,marx1 is niet de eenige bron der door hem voortgebrachte gebruikswaarden voor den stoffelijken rijkdom4 ,de arbeid is zijn vader1 gelijk ,william ,petty zegt de aarde zijn moeder is6 ,,de ,,waar3 ,,arbeidskracht4 ,zooals de voortbrenging der waren verschilt in de eene maatschappelijke periode met die van de andere1 zoo zal ook die van den voortbrenger daarvan verschillend moeten zijn in de verschillende produktietijdvakken4 ,zoo was de positie van den voortbrenger1 den arbeider1 een geheel andere in de periode van de oorspronkelijke naturalwirthschaft1 dan in die van het feodale ,handwerk voor den engeren markt2 in die van de ,manufaktuur anders dan onder die van de heerschappij der op kapitalistische leest geschoeide fabriek of der kapitalistische huis-industrie4 ,onder dit kapitalistisch systeem nu1 dat waarin den arbeider gescheiden is van het produkt1 dat noch hem toebehoort1 noch hem ten goede komt1 maar den ondernemer1 den bezitter1 kan men ten zijnen opzichte niet spreken van zijn arbeid1 maar van de geschiktheid die hem eigen is om te arbeiden4 ,hij is niet de man van den arbeid1 die behoort zijnen meester1 maar alleen de bezitter van de arbeidskracht4 ,onder arbeidskracht of arbeidsvermogen1 zegt ,marx1 verstaan wij1 het totaal physieke en geestelijke geschiktheid1 dat in de lichamelijkheid van de levende persoonlijkheid eens menschen bestaat en dat hij in beweging brengt zoodra hij gebruiksnuttigheden van welken soort vervaardigt44444 ,deze arbeidskracht komt als een zuivere ,waar aan de markt4 ,wat beteekent dat8 ,de ruil der waren in het algemeen heeft tot voorwaarde1 dat de bezitters tegenover elkander komen te staan als vrije menschen4 ,datzelfde moet dus k kunnen gelden voor den bezitter van die waar welke arbeidskracht heet4 ,de bezitter dezer waar moet dus ook een vrij man zijn1 die zijn waar niet voor eeuwig maar voor een bepaalden tijd verkoopt1 anders wordt hij een slaaf en wordt hij1 van een warenbezitter zelve een waar1 gelijk de arbeiders1 in de samenleving van de grieksche en romeinsche oudheid dat waren4 ,nog een andere voorwaarde moet vervuld zijn4 ,een gebruiksnuttigheid1 moet geen gebruikswaarde hebben voor zijnen bezitter4 ,de arbeider die de beschikking heeft over de produktiemiddelen1 verkoopt niet zijn arbeidskracht1 maar zijn arbeidsprodukt4 ,de van zijn productiemiddelen1 van grond en den bodem gescheidene arbeider evenwel1 heeft alleen zijn arbeidskracht om ter markt te brengen4 ,daar vindt hij den ondernemer1 die haar koopt of huurt4 ,de waarde dezer waar1 arbeidskracht1 wordt eveneens bepaald door de ter harer voortbrenging en wedervoortbrenging maatschappelijk-noodwendige hoeveelheid arbeidstijd4 ,het bestaan van de arbeidskracht1 heeft natuurlijk tot voorwaarde1 het bestaan en de voortplanting van den arbeider4 ,dit bestaan is nergelegd en wordt verstoffelijkt1 in een zekere som van levensmiddelen1 die de arbeider daartoe noodig heeft4 ,deze laatste verschilt ook alweder naar tijd en oord4 ,maar ook kunnen hier nog bovendien allerlei geestelijke redenen in het spel zijn4 ,in tegenstelling tot die van andere waren1 zegt ,marx zeer duidelijk1 bevat 7dus7 de waardebepaling der arbeidskracht1 een historisch en een moreel element4 ,het geestelijk niveau van den arbeider1 de ontwikkelingshoogte van zijne organisatie enz41 vormen die elementen4 ,maar ook zijn onder de produktiekosten der arbeidskracht te rekenen1 de kosten benoodigd voor leertijd1 in eene bepaalde tak van arbeid4 ,deze laatsten worden natuurlijk minder1 naarmate de arbeid meer en meer een machinale wordt4 ,al deze gronden bewerken1 dat de waarde van de arbeidskracht1 van eene bepaalde arbeidersklasse1 in een bepaald land levend en in een bepaald tijdstip1 eene bepaalde grootte is4 ,men moet nadrukkelijk in 't oog houden1 dat hier sprake is van de waarde van de arbeidskracht en niet van haren prijs4 ,de laatste toch1 wordt uitgedrukt in het arbeidsloon1 het rele geldloon1 dat de arbeider1 krachtens zijne overeenkomst met den kapitalist van dezen bekomt1 na gedanen arbeid4 ,marx wijst erop1 dat de beschouwingswijze der burgerlijke economie1 krachtens welke de ondernemer den arbeider zijn loon vrschiet1 omdat hij hem betaalt1 alvorens het produkt verkocht is1 eene verkeerde voorstelling van zaken is1 die met de werkelijke economische verhoudingen in strijd is4 ,onder het huidige systeem1 riskeeren niet alleen de arbeiders hun loon1 maar zijn zij ook gedwongen op borg te leven4 ,en daarom zijn zij ook de grootste slachtoffers van de vervalsching en de verslechtering der levensmiddelen1 die door de tusschenhandelaren1 rustig kan worden bedreven4 ,maar ook streng economisch gesproken is het valsch4 ,de eigenaardige zijde dezer specifieke waar1 die der arbeidskracht1 brengt het met zich mede1 dat met het afsluiten van het contrakt tusschen kooper en verkooper1 hare gebruikswaarde nog niet werkelijk1 in de handen van den kooper is overgegaan4 ,hare waarde1 gelijk aan die van elke andere waar1 werd bepaald1 alvorens zij in circulatie trad1 want een bepaald kwantum van maatschappelijken arbeid1 werd er tot voortbrenging aan ten koste gelegd1 maar hare gebruikswaarde bestaat eerst in de achterna komende krachtsinspanning444444 ,overal schiet hierom de arbeider1 den kapitalist de gebruikswaarde der arbeidskracht voor2 hij laat ze door den kooper consumeeren1 alvorens zij haren prijs betaald heeft gekregen1 overal crediteert daarom de arbeider den kapitalist444444 ,hieruit blijkt dus1 dat kapitalist en arbeider1 als ruilers van twee gelijke waren1 toch niet in gelijke conditie verkeeren4 ,maar ook nog in een ander voornaam opzicht is de waar arbeidskracht1 eene andere als de gewone waar1 gelijk wij later zullen zien4 ,wij moeten eerst weder terug tot de eenvoudige ruil en de funktie van het geld daarbij4 ,,hoofdstuk ,,vi4 ,,het ,,geld4 ,wij zagen1 dat de waardegrootte eener ,waar wordt bepaald door de tot hare voortbrenging benoodigde hoeveelheid1 maatschappelijk-noodzakelijken arbeidstijd4 ,maar daarin drukt zich de waardegrootte evenwel niet uit4 ,men zegt niet3 deze jas is veertig arbeidsuren waard1 maar hij is zoo en zooveel waard1 bijv4 zooveel als #bj el linnen of als #aj gram goud4 ,de waardegrootte wordt dus wel bepaald1 door de hoeveelheid van de maatschappelijk-noodzakelijken arbeid1 die er aan moet worden besteed1 maar zij wordt uitgedrukt in en door hare ruilverhouding4 ,er moet dus ook een zekere maat zijn1 een zeker medium1 waardoor de ruil der waren kan geschieden en die de uitdrukking der verhouding1 van de waren onderling1 in zich belichaamt4 ,marx noemt dit het aequivalent1 en den vorm waarin de verhouding van de gebruikswaarden1 als ruilprodukten zich wederzijds uitdrukken1 de aequivalentvorm der waren4 ,dit aequivalent treedt het minst naar den voorgrond in de perioden der eenvoudigen warenruil2 maar hoe ingewikkelder de produktieverhoudingen worden1 zooveel te minder kunnen waren als zulke aequivalentvormen voldoen1 zooals dat in primitieve maatschappijen1 met primitieve produktiewijzen3 eenvoudige vorm van landbouw en bedrijf1 eenvoudige warenhandel enz41 het geval is geweest4 ,hoe langer hoe meer dus de warenruil zich ontwikkelde1 hoe meer arbeidsprodukten tot waren werden1 des te noodzakelijker werd een algemeen aequivalent4 ,in den aanvang van den ruil1 ruilt een elk datgene wat hij niet noodig heeft1 onmiddellijk tegen datgene in wat hij wl noodig heeft4 ,dat wordt natuurlijk steeds moeilijker1 naarmate de warenproduktie steeds meer de algemeene vorm werd van de maatschappelijke produktie4 ,er moest door deze ontwikkeling dus een ,waar komen1 die een ieder gebruiken kon1 een algemeene aequivalent dus1 eene onmiddellijke belichaming tevens van de waarde1 die tevens a priori gebruikswaarde voor elkeen bezit4 ,en die ontstond in den geldvorm4 ,in den loop der tijden zijn verschillende dingen in dezen rol opgetreden1 bijv4 vee1 slaven1 wapens enz41 het laatst3 edele metalen4 ,dat de geldvorm van goud en zilver1 ten slotte de meest bruikbare werd voor eene1 reeds op eene zekere hoogte van beschaving staande samenleving1 met een reeds ontwikkelde warenproduktie en een vrij omvangrijk warenverkeer1 vindt hare oorzaak in verschillende omstandigheden4 ,voor een deel mag dit hieraan te wijten zijn geweest1 dat pronk en pronkvoorwerpen reeds van oudsher als gewichtige ruilvoorwerpen dienst hebben gedaan2 maar hoofdzakelijk besliste hier de omstandigheid1 dat goud en zilver1 door de maatschappelijke funkties1 die zij als algemeen waren-aequivalent bezitten1 het best aan dat doel beantwoordden1 door hunne natuurlijke eigenschappen4 ,ten eerste zijn de edele metalen steeds van gelijke kwaliteit en lossen zij zich1 noch in lucht1 noch in water op2 zij zijn dus praktisch niet veranderlijk4 ,ten tweede kunnen zij naar willekeur gedeeld en samengesteld worden4 ,goud en zilver1 konden het monopolie van als algemeen aequivalent te dienen1 slechts daardoor verkrijgen1 doordien zij als waren1 tegenover de andere waren1 konden komen te staan4 ,zij konden dus alleen geld worden1 omdat zij waren vertegenwoordigden4 ,het geld is dus1 noch uitgevonden door zekere soorten van menschen1 noch is het geld een bloot waardeteeken4 ,de waarde van het geld en zijn bepaalde maatschappelijke funkties1 zijn niet willekeurig in het leven geroepen4 ,de edele metalen werden tot geldwaren1 door de rol1 die zij als waren in het ruilproces speelden en nog spelen4 ,de eerste funktie van het geld1 bestaat dus hierin1 als waardemaatstaf te dienen4 ,de waren worden niet door middel van het geld aan elkander gelijk en met elkander te vergelijken2 maar1 doordien zij waarde-belichamingen zijn van menschelijken arbeid1 kunnen zij als zoodanig1 gemeenschappelijk door dezelfde bepaalde waarde worden gemeten4 ,het geld als waardemeter1 is dus de noodzakelijke verschijningsvorm1 van den in alle waren zich bevindende waardemaat1 de arbeidstijd namelijk4 ,de uitdrukking eener waar in geldwaar1 is de geldvorm der waar of haren prijs4 ,dit laatste1 is dus de tweede funktie van het geld1 n4l4 de maatstaf van de prijzen te zijn4 ,als waardemeter zet het geld de waarde der waren om1 in bepaalde1 aanschouwelijke hoeveelheden gelds4 ,als maatstaf van de prijzen1 meet het de verschillende hoeveelheden gelds aan ne bepaalde hoeveelheid goud1 die als munteenheid aangenomen wordt1 bijv43 een pond goud4 ,het verschil is dus1 dat de prijs de geldnaam voor de waarde-grootte der waren is1 maar tegelijkertijd k de uitdrukking is van de ruilverhouding der waar met de geldwaar1 het goud of het zilver4 ,de waarde evenwel1 kan nooit op zich zelf1 voor zich alleen te voorschijn komen en niet van de waar geabstraheerd worden1 maar zit steeds1 aan de ruilverhouding met andere waren vast4 ,hierdoor is dus eene afwijking mogelijk geworden1 tusschen den prijs van de waren en hunne waarde-grootte1 gelijk die dan ook in de werkelijkheid steeds voorkomt4 ,de balans van het verschil tusschen beiden schept de kapitalistische concurrentie4 ,met de volgende woorden van ,engels is dit duidelijk te maken3 ,in de huidige kapitalistische maatschappij1 produceert elke industrieele kapitalist op eigen hand1 wat1 hoe- en zooveel1 hij wil4 ,de maatschappelijke behoefte evenwel1 blijft voor hem eene onbekende grootte1 zoowel wat de kwaliteit en de soort van de benoodigde voorwerpen1 als de kwantiteit daarvan aangaat4 ,wat heden niet snel genoeg geleverd kan worden1 wordt in den tegenwoordigen tijd1 wordt morgen1 verre boven de vraag aangeboden4 ,in weerwil daarvan1 wordt ten slotte toch in de behoefte1 hetzij slecht of goed1 hoe 't ook zij voorzien1 en de produktie richt zich in het algemeen genomen1 ten slotte toch op de benoodigde voorwerpen4 ,hoe komt nu hier de verevening van die tegenspraken tot stand8 ,door de concurrentie4 ,en hoe speelt de concurrentie deze oplossing klaar8 ,eenvoudig1 doordien zij de naar soort of hoeveelheid1 voor het oogenblikkelijk maatschappelijk verbruik niet benoodigde waren1 ontwaardigt1 d4 w4 z4 beneden hunne arbeidswaarde doet dalen1 en langs dezen omweg den producenten het voelbaar maakt1 dat zij f onbruikbare1 f op-zich-zelf bruikbare artikelen in eene onbruikbare1 overtollige hoeveelheid voortgebracht hebben4 ,hieruit spruit dus tweerlei voort3 ,ten eerste1 dat de voortdurende afwijkingen der warenprijzen van de warenwaarde1 de noodzakelijke voorwaarden zijn1 waaronder en waardoor alleen1 de warenwaarde haar bestaan kan erlangen4 ,alleen door de schommelingen van de concurrentie en hiermede die van de warenprijzen1 zet zich de waardewet onder de warenproduktie door2 wordt de bepaling van de waarde der waren door den maatschappelijk noodzakelijken arbeidstijd1 tot werkelijkheid4 ,dat daarbij de vereffeningsvorm van de waar1 haren prijs1 in den regel iets of wat anders er uitziet1 dan de waarde die zij te voorschijn brengt1 is een noodlot1 dat de waarde deelt met de meeste maatschappelijke verhoudingen4 ,de koning ziet er meestendeels gansch anders uit1 dan de monarchie die hij voorstelt4 ,ten tweede4 ,terwijl de concurrentie1 in eene samenleving van met elkander ruilende warenproducenten1 de waardewet der warenproduktie tot hare geldigheid doet komen1 zet zij juist drmede1 de onder die omstandigheden eenig mogelijke organisatie en orde1 der maatschappelijke produktie door4 ,alleen door middel van de waardevermindering en de opvoering ervan boven hunne waarde1 worden de individueele warenproducenten er als het ware met hunnen neus voorgezet1 wat en hoeveel de samenleving van hunne waren noodig heeft1 of niet noodig heeft4 ,de waren die aan de markt komen1 veranderen daar in geld1 daarna weder in waren4 ,deze beweging is de eenvoudige warencirculatie1 ,w-,g-,w4 ,maar de waar1 aan het einde van dit gansche proces1 is eene andere1 dan die van aan het begin daarvan4 ,de eerste was niet-gebruikswaarde voor haren bezitter1 de laatste is gebruikswaarde voor hem geworden4 ,de nuttigheid van de eerste ,waar1 bestond voor hem in hare eigenschap als waarde1 als produkt van algemeen-menschelijken arbeid2 in hare uitruilbaarheid met een ander produkt van algemeen menschelijken arbeid1 met geld4 ,de nuttigheid van de andere ,waar1 bestaat voor hem in hare lichamelijke eigenschappen1 niet als produkt van algemeen menschelijken arbeid1 maar van een bepaalden vorm van arbeid4 ,de bovengenoemde formule is dus die van ,waren1-,geld1-,waren3 verkoopen om te koopen4 ,elke verkoop is een koop en omgekeerd4 ,marx schildert wat er nu vervolgens gebeurt aldus1 onder wat hij noemt3 ,de methamorphose der ,waren3 ,w-,g4 ,eerste methamorphose der ,waar of verkoop4 ,het overspringen van de warenwaarde uit het lijf van de waar in het lijf van het goud is14444 de salto mortale van de waar4 ,mislukt zij1 dan is wel-is-waar de ,waar niet in benauwdheid1 wel echter is dat de warenbezitter4 ,de maatschappelijke verdeeling van den arbeid1 maakt zijnen arbeid evenzoo nzijdig1 als zij zijne behoeften vlzijdig maakt4 ,maar juist daarom1 doet het produkt voor hem slechts als ruilwaarde dienst4 ,algemeen maatschappelijk geldige aequivalentvorm1 bezit het alleen slechts in het geld en dat geld bevindt zich in eens andermans zak4 ,om het eruit te krijgen1 moet de ,waar voor alles dus gebruikswaarde voor den geldbezitter hebben1 de aan haar ten koste gelegden arbeid dus in maatschappelijk-nuttigen vorm er aan besteed zijn of zich in het verband van de maatschappelijke verdeeling van den arbeid kunnen handhaven4 ,maar die verdeeling van den arbeid1 is een uit de natuur voortkomend produktie-organisme1 welker draden gesponnen worden1 achter den rug van den warenproducent om1 en die zich aldaar voortweven4 ,wellicht is de ,waar1 produkt van eene nieuwe arbeidsmethode1 die aan eene nieuw opgekomen behoefte bevrediging zoekt te geven1 of op eigen gelegenheid1 deze behoefte eerst te voorschijn roepen wil4 ,gisteren nog een funktie1 onder de vele funkties van een en dezelfde warenproducent1 rukt zich eene bijzondere arbeidsverrichting heden wellicht los van deze samenhang1 verzelfstandigt zich en zendt juist deswegens1 haar deelprodukt als zelfstandige ,waar ter markt44444 ,onze warenbezitters bespeuren daaruit1 dat dezelfde verdeeling van den arbeid1 welke hen tot onafhankelijke particuliere voortbrengers1 het maatschappelijke produktieproces en zijne verhoudingen in dit proces van hen-zelf afhankelijk maakt2 dat de onafhankelijkheid der personen van elkander1 zich vervolkoment1 in een systeem van alzijdige zakelijke afhankelijkheid van elkander4 ,de verdeeling van den arbeid verandert het arbeidsprodukt in een ,waar en maakt drmede zijne verandering in ,geld tot eene noodzakelijkheid4 ,wij kennen tot dusver geenerlei economische verhouding der menschen1 gaat ,marx voort1 buiten dat van warenbezitters1 een verhouding1 waarin zij vreemde arbeidsprodukten zich toeigenen1 doordien zij eigene van zich vervreemden4 ,de eene warenbezitter kan derhalve1 den andere dan ook slechts als geldbezitter tegemoet treden1 hetzij omdat zijn arbeidsprodukt van nature den geldvorm bezit1 dus geldmateriaal is1 goud enz41 hetzij omdat zijn eigene waar reeds van huid veranderd is en haar oorspronkelijken gebruiksvorm afgestroopt heeft4 ,ten einde als geld te kunnen funktioneeren1 moet het goud natuurlijk een zeker punt hebben1 van waaruit het op de warenmarkt op kan treden4 ,dit punt ligt in zijne produktiebron1 waar het zich1 als onmiddellijk arbeidsprodukt1 met een ander arbeidsprodukt van dezelfde waarde kan doen ruilen4 ,maar van af dit oogenblik1 stelt het gedurig gerealiseerde warenprijzen voor4 ,afgezien van den ruil van het goud met waren1 aan zijne produktiebron1 is het goud in de handen van elk warenbezitter1 de blootgelegde gestalte van de van hem vervreemde ,waar1 het produkt van den verkoop of van de eerste waren-metamorphose3 ,w-,g4 ,ideaal geld of waardemeter werd het goud1 omdat alle waren hunne waarde in hem maten en het1 aldus tot het handtastelijke tegendeel van hunne gebruiksgestalte1 tot hunne waardegestalte maakten4 ,reel geld werd het1 doordien de waren1 door hunne alzijdige vervreemding1 het tot aan hem werkelijk vreemde of veranderde gebruiksgestalte en daardoor tot hunne werkelijke waardegestalte maakten4 ,in hare waardegestalte stroopt de ,waar1 elk spoor van haar oorspronkelijke gebruikswaarde en van de in 't bijzonder nuttigen arbeid1 waaraan zij haren oorsprong te danken heeft1 af1 om zich in de gelijkvormige maatschappelijke stoffelijkheid van niet te onderscheiden menschelijken arbeid1 weder te ontpoppen4 ,men kan het 't ,geld daarom niet aanzien1 van welk slag de in hem veranderde ,waar is4 ,de eene ,waar ziet in haren geldvorm precies zoo uit als de andere4 ,geld mag slijk zijn1 hoewel slijk nog geen geld is4 ,wij nemen aan1 dat de twee geldwolven waaraan de linnenwever bijv41 zijne waar vervreemdt1 de veranderde gestalten zijn van een mud tarwe4 ,de verkoop van het linnen3 ,w-,g1 is tegelijk haren koop3 ,g-,w4 ,maar als verkoop van linnen1 vangt dit proces met eene beweging aan1 welke in haar tegendeel eindigt1 met den koop van een bijbel bijv42 als koop van het linnen1 eindigt het met eene beweging die met haar tegendeel aanving1 met den verkoop van de tarwe bijv4 ,w-,g 7linnen-geld7 deze eerste phaze van ,w-,g-,w 7linnen-geld-bijbel71 is tegelijk ,g-,w 7geld-linnen71 de laatste phaze van eene andere beweging3 ,w-,g-,w 7tarwe-geld-linnen74 ,de eerste metamorphose eener ,waar1 hare verandering uit den warenvorm in geld1 is steeds tegelijk de tweede1 haar tegenovergestelde metamorphose der andere waar2 hare terugontwikkeling van uit den geldvorm in den warenvorm4 ,g-,w4 ,tweede of slot-metamorphose der waar3 koop4--,dewijl het de vervreemde gestalte is1 van alle andere waren of het produkt hunner algemeene ontvreemding1 is geld1 de absoluut vervreemde ,waar4 ,het leest alle prijzen achterwaarts en spiegelt zich aldus1 in alle warenlichamen terug1 als de opofferende materie zijner eigene warenwording4 ,tegelijk toonen de prijzen1 de lonkjesoogen waarmede hem de waren wenken1 hem ook de grenzen zijner veranderingsgeschiktheid1 namelijk die van zijn eigen kwantiteit4 ,daar de ,waar in hare geldwording ondergaat1 ziet men het 't geld niet aan1 hoe het in de handen van zijn bezitter gekomen is1 of wat er zich in omgezet heeft4 ,non olet1 hoe ook deszelfs oorsprong moge wezen4 ,wanneer het aan den eenen kant1 verkochte ,waren vertegenwoordigt1 aan den anderen kant vertegenwoordigt het1 verkoopbare ,waren4 ,g-,w1 de koop is tegelijktijd verkoop3 ,w-,g2 de laatste metamorphose eener ,waar1 is dus tegelijk de eerste metamorphose eener andere ,waar4 ,voor onzen linnenwever sluit de levensloop van zijnen waar af met de gekochte bijbel1 waarin hij de #b pond ,st4 terug omgezet heeft4 ,maar de bijbelverkooper1 zet de van den linnenwever gebeurde #b pond ,st41 in brandewijn om4 ,g-,w1 de slotphaze van ,w-,g-,w 7linnen-geld-bijbel7 is tegelijk ,w-,g1 de eerste phaze van ,w-,g-,w 7bijbel-geld-brandewijn74 ,daar de warenproducent slechts een eenzijdig produkt levert1 verkoopt hij het dikwijls in grootere hoeveelheden1 terwijl zijn veelzijdige behoeften hem ertoe dwingen1 den gerealiseerden prijs of de gebeurde geldsom1 gestadig in talrijke koopen te versplinteren4 ,een verkoop mondt daarom1 in vele koopen van verschillende waren1 uit4 ,de slotmetamorphose eener ,waar1 wordt dus door de som van eerste metamorphosen van andere waren1 gevormd4 ,beschouwen wij nu de totaal-metamorphose eener ,waar1 bijv4 van linnen1 dan zien wij in de eerste plaats1 dat zij uit twee elkander tegenovergestelde en elkander aanvullende bewegingen bestaat4 ,w-,g en ,g-,w4 ,deze twee1 tegenoverelkander staande veranderingen der ,waar1 voltrekken zich1 in twee aan elkander tegenovergestelde maatschappelijke processen der warenbezitters1 en reflekteeren zich1 in twee elkander tegenovergestelde economische karakters derzelven4 ,als agent van den verkoop1 wordt hij verkooper1 als agent van den koop1 kooper4 ,zooals echter in elke verandering der ,waar1 hare beide vormen1 warenvorm en geldvorm gelijktijdig bestaan1 alleen op elkander tegenovergestelde polen1 zoo staat dezelfde warenbezitter als verkooper1 tegenover een andere kooper en als kooper1 tegenover een andere verkooper4 ,het zijn derhalve dus geen vaste1 maar binnen het raam der warencirculatie1 gestadig van persoonlijkheid verwisselende karakters4 ,de warencirculatie is niet alleen formeel1 maar ook wezenlijk verschillend van de onmiddellijke produktenruil4 ,men werpe slechts een terugblik op hetgeen voorgevallen is4 ,de linnenwever heeft1 zonder voorbehoud1 linnen geruild tegen bijbels1 eigen waren tegen eene vreemde ,waar4 ,maar dat verschijnsel bestaat slechts voor hem4 ,de bijbelagent1 die heet aan koud de voorkeur geeft1 dacht er niet aan linnen te ruilen voor bijbels1 gelijk de linnenwever er niets van wist1 dat er tarwe was ingeruild tegen zijn linnen enz4 ,de ,waar van ,b4 komt in plaats van de ,waar van ,a2 maar ,a en ,b1 ruilen niet wederzijdsch hunne waren tegen elkander4 ,het kan werkelijk voorkomen1 dat ,a en ,b wisselsgewijs van elkander koopen1 maar zulke bijzondere betrekkingen1 zijn geenszins de voorwaarden tot de algemeene verhoudingen der warencirculatie4 ,aan den eenen kant ziet men hieruit1 hoe de warenruil de individueele en lokale grenzen van den onmiddellijken produktenruil doorbreekt en de stofwisseling der menschelijken arbeid doet ontwikkelen4 ,aan den anderen kant1 ontwikkelt zich hierdoor een geheele kring van door de handelende personen1 niet te controleeren1 maatschappelijke natuursamenhangsels4 ,de wever kan slechts linnen verkoopen1 omdat de boer tarwe verkocht2 de heethoofd den bijbel1 omdat de wever het linnen1 de distillateur slechts gebrand water1 omdat de andere1 het water des eeuwigen levens verkocht had1 enz4 enz4 ,het circulatieproces lost zich deswegens ook niet1 gelijk de onmiddellijke produktenruil1 op1 in de plaats- of de handsverwisseling van de gebruikswaarden4 ,het geld verdwijnt niet1 omdat het ten slotte uit de metamorphosenreeks eener ,waar uitvalt4 ,het slaat voortdurend weder neer1 op een door de waren zelf voor hem ingeruimde circulatie-plek4 ,bijv4 van de totaal-metamorphoze van het linnen--linnen-geld-bijbel--valt eerst het linnen buiten de circulatie1 het geld komt in zijn plaats2 daarna valt de bijbel buiten de circulatie en het geld treedt in zijn plaats4 ,de vervanging van waren door waren1 doet tegelijkertijd in de derde hand1 de geldwaren hangen blijven4 ,de circulatie zweet gestadig geld uit4 ,,verandering ,,van ,,geld ,,in ,,kapitaal4 ,wij hebben de ontwikkeling van de warencirculatie uit de produktenruil nagegaan en eveneens hebben wij den kringloop dier beweging gadegeslagen4 ,welke is evenwel hare drijfkracht8 ,de beweegreden der kringloop3 ,waar-,geld-,waar1 is duidelijk2 is daarentegen die van ,geld-,waar-,geld niet zinneloos8 ,neen1 zij zou zinneloos zijn1 wanneer de geldsom aan het einde van de transaktie1 niet eene andere was1 dan die aan het begin daarvan4 ,de kringloop ,g-,w-,g1 heeft dus maar n doel3 de geldsom waarmede hij eindigt grooter te doen worden1 dan die1 waarmede hij aanving4 ,deze vermeerdering is inderdaad het drijvende motief in dien kringloop4 ,wij komen dus1 nadat het proces zijn bekenden gang is gegaan1 voor de formule3 ,g-,w - 7,g g7 te staan4 ,dit g1 de toegevoegde waarde die boven en uit de oorspronkelijk voorgeschoten waarde1 aan het einde van den kringloop voor den dag komt1 noemt ,marx3 de ,meerwaarde4 ,die laatste moet met hare verschijningsvorm en winst1 rente etc4 evenmin verward worden1 als de waarde eener waar1 met haren prijs4 ,want evenals daar1 gaat het hier om de grondslagen en niet om de uiterlijke vormen1 de verschijningsvormen1 waaronder de economische verhouding aan het daglicht treedt4 ,de waarde wordt aldus tot processeerende waarde1 processeerend geld en als zoodanig tot kapitaal4 ,dit komt uit de circulatie vandaan1 gaat weder in haar onder en verveelvoudigt zich in haar2 keert vergroot uit haar terug en begint denzelfden kringloop weder van voren af aan4 ,g-,g1 geldbarend geld--money which begets money1--zoo luidde de beschrijving van het kapitaal1 in den mond van zijn eerste wegwijzers1 de merkantilisten reeds1 zegt ,marx4 ,koopen om te verkoopen1 of vollediger1 koopen om duurder te verkoopen1 ,g-,w-,g1 schijnt wel-is-waar slechts eene vorm aan het koopmanskapitaal eigen1 maar ook het industrieele kapitaal is geld1 dat zich verandert in waren en door den verkoop de waren1 in meer geld terug-verandert4 ,wij zien hieruit en ook uit hetgeen voorafging1 dat dus niet alle geld1 niet elke ,waar kapitaal is2 dat deze dingen alleen dan tot kapitaal worden1 wanneer zij een bepaalde beweging doormaken2 wanneer zij dienen om een mr-produkt in het leven te roepen3 mr-waarde geboren te doen worden4 ,deze beweging heeft ook op haren beurt1 weder bepaalde historische voorwaarden4 ,wat ,marx ons hier ook heeft doen zien1 dat is1 dat het niet waar is1 gelijk het in den gewonen akademisch-staathuishoudkundigen vorm luidt1 dat opgehoopte arbeid en produktiemiddelen1 kapitaal zijn tout court1 maar dat dezen dan eerst tot kapitaal worden1 als zij voldoen aan zekere voorwaarden van historische en van maatschappelijken aard1 waaronder de voornaamste deze is3 dat zij in beweging worden gezet1 om mrwaarde voort te brengen4 ,uit welken bron ontspringt nu deze mrwaarde8 ,men zou zoo oppervlakkig zeggen1 doordien de een van zijn macht 7slimheid1 ervaring enz471 gebruik maakt om zijn tegenpartij te misleiden2 overmacht van welken aard ook4 ,zulk eene verklaring1 die op zich-zelf al zeer weinig bewijst1 is bovendien economisch van niet de minste beteekenis1 daar een ieder1 gelijk wij gezien hebben1 bij afwisseling kooper en verkooper is4 ,bovendien kan toepassing van overmacht enz4 wel de een voor een oogenblik zich-zelve doen verrijken1 maar zij is absoluut niet in staat de door beiden bezeten totaal-som1 alzoo de som van de circuleerende waarden1 te doen vermeerderen4 ,wij verklaren er dus niet anders mede1 dan eene verplaatsing van de te deelen som aan waarden1 zonder meer4 ,de verandering van geld in kapitaal1 concludeert ,marx1 moet worden verklaard1 op den grondslag van de in den warenruil zich bevindende immanente wetten1 z1 dat de ruil van aequivalenten1 ons daarbij steeds als uitgangspunt dient4 ,onze1 nog slechts als kapitalistenrups aanwezig zijnde geldbezitter1 moet de waren tegen hunne waarde koopen1 tegen hunne waarde verkoopen en desniettegenstaande moet hij aan het einde van dit proces1 mr waarde eruit halen1 dan dat hij erin wierp4444444 ,de oplossing dier vraag1 is nevens die der waardetheorie1 de spil van het systeem van analyse1 dat ,marx toegepast heeft bij het onderzoek van de kapitalistische produktiewijze4 ,zij bevat de ontdekking van een faktor1 die de waarde voortdurend vergroot2 bron van waarde is1 terwijl zij zelve tegen hare waarde wordt gekocht door den kapitalistischen ondernemer1 die op de warenmarkt komt1 om deze eigenaardige ,waar op te doen1 alwaar hij den verkooper van die ,waar te ontmoeten weet1 die dezen aan niemand anders1 dan aan hem slijten kan4 ,deze ,waar is die der arbeidskracht namelijk1 die wij vroeger reeds hebben leeren kennen4 ,de bron der meerwaarde nu is te vinden1 in den arbeidstijd1 welke de ondernemer1 de kapitalist1 den arbeider voor zich laat arbeiden1 boven den tijd welke noodig is om de waarde voort te brengen1 die hij zelf kostte4 ,het kapitaal1 zegt ,marx heeft de meerarbeid niet uitgevonden4 ,overal1 waar een deel der samenleving het monopolie der produktiemiddelen bezit1 moet de arbeider1 vrij of onvrij1 aan de tot zijn onderhoud noodzakelijke arbeidstijd een overschot van arbeidstijd toevoegen1 ten einde de levensmiddelen voor de eigenaars der produktiemiddelen voort te brengen4 ,mrarbeid1 arbeid boven den tot zelfbehoud van den arbeider noodzakelijken tijd1 en toeigening van het produkt dezer mrarbeid door anderen1 uitbuiting van den arbeid dus1 is aan alle tot nu bestaan hebbende maatschappelijke vormen1 voor zoover zij zich in klassetegenstellingen bewogen hebben1 gemeenzaam geweest4 ,maar eerst wanneer het produkt dezer meerarbeid1 de vorm van meerwaarde aanneemt1 wanneer de eigenaar der produktiemiddelen1 den vrijen arbeider--vrij van sociale banden en vrij van eigen bezit6--als voorwerp van uitbuiting tegenover zich vindt en hem uitbuit1 tot het doel van de produktie van waren1 eerst dn neemt dit produktiemiddel1 het specifieke karakter van kapitaal aan4 ,en dit is op groote schaal eerst geschied1 aan het einde van de #ae;e1 en aan het begin van de #af;e eeuw4 ,,de ,,voortbrenging ,,der ,,meerwaarde4 ,nemen wij1 om de produktie van de meerwaarde met een voorbeeld aanschouwelijk te maken1 eens het volgende geval4 ,de heer ,jansen1 industrieel1 richt zich in4 ,zijn vader stelt een groot kapitaal ter zijner beschikking4 ,hij richt een katoenspinnerij op1 neemt een technisch- en een handelsdirekteur aan1 die het gansche bedrijf inrichten en leiden en de inkoop van katoen1 de aanschaffing van machines1 de aanstelling van arbeiders enz4 bezorgen4 ,de katoen wordt in de fabriek versponnen tot garen en deze wordt1 door middel van reizigers etc41 van de hand gezet4 ,de heer ,jansen nu1 men lette er wel op1 heeft daarmede niet waren tegen waren geruild1 door middel van de waar geld1 maar hij had oorspronkelijk geld1 hij heeft dit uitgegeven om waren te koopen 7fabriek1 inrichting1 ruwprodukten1 arbeidskrachten71 en dan verkoopt hij weder zijn waren1 om ze wederom tot geld te doen worden4 ,de ruilformule is hier niet3 ,w-,g-,w1 maar is hier3 ,geld-,waar-,geld4 7,g-,w-,g47 ,hij heeft zijn geld in waren omgezet en hij zet zijn waren weder in geld om4 ,waarom doet hij dat8 ,dat doet hij om winst te maken2 het geld dat in des heeren ,jansen's brandkast terugkomt1 moet mr zijn dan dat wat er uit ging4 ,anders zou de heer ,jansen een gek geweest zijn1 om zijn geld in de circulatie te zenden4 ,maar het was des heeren ,jansen's doel niet1 om het als een schat enkel te laten liggen1 maar om het als kapitaal te laten fungeeren1 het te laten broeden dus4 ,alle waren die hij evenwel koopt 7ruwprodukten1 machines enz471 moet hij naar hunne waarde betalen1 bijgevolg zijn winst zal daardoor niet vermeerderen4 ,maar de arbeidskracht der arbeiders die in zijnen dienst zijn1 betaalt hij niet naar hare waarde4 ,nemen wij daartoe1 nog eens het voorbeeld op en werken wij het verder uit4 ,een arbeider verspint in #f uren1 #aj pond ruw-katoen tot garen4 ,in deze #aj pond garen steekt1 nevens den zesurigen arbeid1 ook een deel van de arbeidsmiddelen1 welke daarbij worden afgebruikt1 vervat in de spindels4 ,het pond katoen komt hem te staan op f #j4fj1 het pond garen brengt f #j4ij op4 ,aan spinsel wordt #aj pond katoen ingewerkt1 dus voor f #a4bj4 ,het arbeidsloon bedraagt f #a4hj4 ,dus3 ,uitgaven3 #aj pond ruwkatoen f #f4 ,spinsel - #a4bj4 ,arbeidsloon - #a4hj4 te zamen f #i4jj4 ,inkomsten3 #aj pond katoengaren f #j4ij f #i4jj ,inkomsten en uitgaven zijn gelijk4 ,maar het doel van den fabrikant is anders4 ,zijn toch zes uren arbeidsloon voldoende1 om de waarde der waar arbeidskracht te voldoen1 dan zou de arbeider daarna moeten ophouden met arbeiden4 ,maar z zijn fabrikant en arbeider niet samen getrouwd6 ,de arbeider is gehuurd voor een zekeren tijd1 die de fabrikant goedvindt te bepalen1 subsidiair zooals zij dien tezamen overeengekomen zijn4 ,bijvoorbeeld3 een arbeidsdag van #ab uren4 ,wij nemen nu ons voorbeeld wer op3 ,uitgaven3 voor de eerste zes uren van den dag3 gelijk boven3 #aj pond ruwkatoen f #f4 ,spinsel - #a4bj4 ,arbeidsloon - #a4hj4 totaal f #i4jj4 voor de verdere arbeidsuren3 #aj pond ruwkatoen f #f4 ,spinsel - #a4bj4 ,arbeidsloon-- f #g4bj f #i f #af4bj4 ,inkomsten3 #bj pond garen f #j4ij f #ah4jj4 ,hij wint dus dagelijks aan een arbeider3 f #a4hj1 juist zooveel als het arbeidsloon van de zes uren bedraagt1 die hij hem meer laat arbeiden4 ,in die mr-arbeid1 ligt de meer-waarde4 ,der waardewet is hier geen haartje gekrenkt en de kapitalist heeft tch winst gemaakt4 ,van andere waren1 is de ruilwaarde namelijk vervlogen1 zoodra hun verbruik is afgeloopen2 de waar arbeidskracht daarentegen1 is1 nadat het proces afgeloopen is1 nog bruikbaar1 ook wanneer zooveel van haar is verbruikt1 als hare ruilwaarde bedraagt4 ,daar de waarde van de waar arbeidskracht elastisch of variabel is1 d4 w4 z4 met de voortschrijdende beschavingstoestanden steeds geringer wordt1 terwijl de voortbrengingsgeschiktheid van de arbeidskracht niet inkrimpt1--d4 w4 z4 de arbeider zou #ab en meer uren kunnen arbeiden1 ook wanneer tot reproduktie van zijne dagelijksche arbeidskracht slechts #f uren arbeids en minder noodig zouden zijn1--zoo kan de kooper der arbeidskracht1 in ons voorbeeld de heer ,jansen dus1 de warenwaarde derzelve ten volle betalen en desniettemin mr-waarde overhouden4 ,in enkele woorden dus3 het verschil tusschen de gebruikswaarde en de ruilwaarde van de waar arbeidskracht1 vormt de meerwaarde4 ,het historisch toeigenen van de meerwaarde1 geschiedde zonder twijfel door het zich toeigenen van vreemde waarde2 hetzij door middel der waren-cirkulatie van het koopmanskapitaal1 of1 geheel onverbloemd1 door het woekerkapitaal4 ,maar deze beide soorten van kapitaal-formaties1 konden alleen in de samenleving ontstaan1 door schennis van de wetten der warencirkulatie1 door grove schennis van haar grondwet1 dat waarden1 alleen tegen gelijke waarden geruild kunnen worden4 ,het kapitaal stond daarvandaan1 zoolang het handels- en woekerkapitaal was1 in eene tegenstelling tot de economische organisatie van zijn tijd1 en daarmede ook in tegenstelling1 tot de moreele inzichten van zijn tijd4 ,in de ,oudheid1 evenals in de ,middeleeuwen stonden handel en woeker in een slechten reuk2 zij werden op gelijke wijze gebrandmerkt1 zoowel door de antieke ,philosophen1 door de heilige ,kerkvaders1 als door de ,pausen4 ,met uitzondering van ,calvijn1 hebben ook de ,hervormers--,luther niet voor 't minst--handel en woeker scherp veroordeeld4 ,wij moeten dan ook1 om het kapitaal te onderkennen1 tot deze zijne voorwereldsche vormen teruggaan4 ,eerst nadat hoogere vormen van kapitaal zich hadden ontwikkeld1 konden zich ook tusschenvormen ontwikkelen1 die de funkties van het handelskapitaal en het rentegevend kapitaal1 in overeenstemming konden brengen1 met de wetten van de thans heerschende warenproduktie4 ,maar eerst ook van dat oogenblik af1 hebben zij opgehouden het karakter van eenvoudige afzetterij of van direkten roof te dragen1 zegt ,marx4 ,marx heeft deze soorten van kapitaal1 in de beide eerste deelen van ,das ,kapital1 dan ook niet behandeld1 omdat zij bij de navorsching van het kapitalisme1 als vorm van eene produktiewijze1 als maatschappelijk verschijnsel1 rechtstreeks niet betrokken zijn4 ,men begrijpt evenwel nu1 in het gansche proces van de voortbrenging der meerwaarde1 ook het groote gewicht1 dat daarin ,,de ,,arbeidsdag bekleedt1 waaraan bij ,marx een zevental beschrijvende hoofdstukken zijn gewijd1 die historisch en economisch zeker behooren1 tot het grootste wat op dit gebied is verricht4 ,zijne onderzoekingen daaromtrent1 benevens die omtrent de verdeeling van den arbeid1 haar ontstaan en hare ontwikkeling in de periode der ,manufaktuur1 de machinerie en de groot-industrie1 vormen de klassieke gedeelten uit het eerste deel van ,das ,kapital4 ,hunne economische en historische waarde1 wordt door geen staathuishoudkundige van eenig gezag meer ontkend4 ,in dat opzicht1 is zijn groote werk dan ook eene voortzetting geweest1 van ,adam ,smith's beroemde ,wealth of the ,nations 7,rijkdom der volkeren74 ,de kapitalist1--zegt ,marx1 aan den aanvang van de behandeling der ,arbeidsdag1--heeft de arbeidskracht tot hare dagwaarde gekocht4 ,hem behoort dus hare gebruikswaarde toe1 gedurende een arbeidsdag4 ,hij heeft dus k het recht verkregen den arbeider1 gedurende dien dag1 voor zich te laten arbeiden4 ,maar wat is een arbeidsdag8 ,in elk geval minder dan een natuurlijken levensdag4 ,en hoeveel minder8 ,de kapitalist 7natuurlijk is hier sprake van den ondernemer in het algemeen71 heeft zijn eigen inzichten omtrent dit ultima thule1 de noodzakelijke grenzen van den arbeidsdag4 ,als kapitalist is hij slechts gepersonifieerd kapitaal4 ,zijn ziel is de kapitalistenziel4 ,het kapitaal kent slechts n levensaandrift1 de aandrift zich in waarden om te zetten2 mrwaarde voort te brengen1 en met zijn konstant gedeelte1 de produktiemiddelen1 de grootst mogelijke massa meerarbeid in zich op te zuigen4 ,kapitaal is gestorven arbeid1 die op vampyr-achtige wijze opleeft1 door opzuiging van levenden arbeid en er zoo veel te meer van leeft1 naarmate het meer daarvan in zich opzuigt4 ,de tijd waarin de arbeider werkt1 is de tijd waarin1 door den kapitalist de van hem gekochte arbeidskracht1 wordt verbruikt4444 444,van zeer elastische grenzen hier afgezien1 worden er door den aard der warenruil zelf1 geen grenzen van den arbeidsdag1 dus ook geen grenzen van de meerwaarde getrokken4 ,de kapitalist staat op zijn recht als kooper1 wanneer hij den arbeidsdag zoo lang als mogelijk is maakt1 en1 zoo mogelijk uit eenen arbeidsdag1 er twee tracht te maken4 ,aan den anderen kant1 houdt de specifieken aard van de verkochte waar 7arbeidskracht7 een grens van haar verbruik door den kooper in1 terwijl de arbeider op zijn recht staat als verkooper1 wanneer hij den arbeidsdag tot op eene bepaalde minimum-grootte tracht te beperken4 ,hier is dus een antimonie voorhanden2 recht tegenover recht1 beiden gelijkmatig bezegeld door de wet van den warenruil4 ,en zoo is dan ook in de geschiedenis der kapitalistische produktiewijze1 de normeering van den arbeidsdag1 tot een strijd om de grenzen van den arbeidsdag geworden2 een strijd tusschen de gezamenlijke kapitalisten1 d4 w4 z4 tusschen de klasse der kapitalisten en de gezamenlijke arbeiders of de arbeidersklasse4 ,voor het eerst is men in ,engeland1 en wel in #ahdc1 begonnen den arbeidsdag wettelijk vast te stellen1 nadat bijna een halve eeuw lang de arbeiders in dat land daarvoor gestreden hadden en het bitterst daarin door de economen zijn tegengewerkt geworden4 ,desniettemin1 zegt ,marx1 heeft het principe gezegevierd en in de groot-industrietakken1 die zelve de schepping zijn der moderne produktiewijze1 was zijne wondervolle ontwikkeling1 die hand aan hand is gegaan1 met de moreele wedergeboorte der fabrieksarbeiders1 zelfs voor blinden te zien4 ,de economische beteekenis van den arbeidsdag voert ons tot eene beschouwing van ,,de ,,relatieve ,,meerwaarde4 ,tot nu toe1 hebben wij gezien hoe de kapitalist zijn meerwaarde vormt3 uit onbetaalden arbeidstijd4 ,deze nu noemt ,marx de3 absolute mrwaarde4 ,maar het spreekt van zelf1 dat er nog een andere soort moet bestaan2 dit bleek ons reeds uit het expos van de gansche warencirculatie4 ,wij hebben gezien1 dat de meerwaarde voortkomt uit den onbetaalden arbeidstijd4 ,hare bron zit in den arbeidsdag4 ,de arbeidsdag kan echter niet tot in het oneindige verlengd worden4 ,aan het streven der kapitalisten1 hem te verlengen1 worden grenzen gelegd1 zoowel van moreelen1 als van politieken aard4 ,de door verlenging van den arbeidsdag voortgebrachte meerwaarde noem ik1 zegt ,marx1 absolute meerwaarde2 de meerwaarde daarentegen1 die uit de verkorting van den noodwendigen arbeidstijd en de daarmede overeenstemmende verandering1 in de hoegrootheidsverhouding der beide bestanddeelen van den arbeidsdag voortkomt3 relatieve meerwaarde4 ,om de waarde van de arbeidskracht te doen dalen1 moet de stijging der produktiekrachten die industrietakken aangrijpen1 welker produkten de waarde der arbeidskracht bepalen2 die dus noch tot den kring van de door de gewoonte vastgestelde levensmiddelen behooren1 noch daarvoor in de plaats kunnen treden4 ,de waarde eener waar1 wordt echter niet alln bepaald door het kwantum arbeid1 hetwelk haar den laatsten vorm doet verkrijgen1 maar evenzoogoed1 door de massa der produktiemiddelen1 die zij in zich bevat4 ,bijv4 de waarde van een paar schoenen1 wordt niet alleen door den arbeid des schoenmakers1 maar ook door de waarde van het leder1 het pek1 draad enz4 bepaald4 ,stijging van de produktiekracht en de daarmede gepaard gaande goedkoopermaking der waren1 in de industrien welke de stoffelijke elementen van het constant-kapitaal1 de arbeidsmiddelen en het arbeidsmateriaal1 tot voortbrenging der noodzakelijke levensmiddelen leveren1 doen dus eveneens de waarde van de arbeidskracht dalen44444 ,de goedkooper geworden waar1 doet natuurlijk de waarde der arbeidskracht1 slechts pro tanto1 d4 w4 z4 alleen maar in die verhouding1 waarin zij in de reproduktie van de arbeidskracht overgaat1 dalen4 ,hemden bijv41 zijn een noodzakelijk levensmiddel1 maar een van de velen4 ,hunne goedkoopermaking1 vermindert alleen de uitgaven der arbeiders voor hemden4 ,de totaalsom van de noodzakelijke levensmiddelen bestaat echter uit verschillende waren1 louter produkten van de bijzondere industrien1 en de waarde van ieder dier waren1 vormt steeds een zich gelijkverdeelend deel1 van de waarde der arbeidskracht4 ,deze waarde neemt af1 met de tot hare reproduktie noodzakelijken arbeidstijd1 welker totaalverkorting gelijk is aan de som van hare verkortingen1 in alle bijzondere takken van voortbrenging44444 ,de waarde der waren1 staat in omgekeerde verhouding tot de produktiekracht van den arbeid4 ,evenzoo1--omdat zij door de waarde der waren bepaald wordt1--de waarde der arbeidskracht4 ,daarentegen staat de relatieve meerwaarde1 in direkte verhouding tot de produktiekracht van den arbeid4 ,zij stijgt met stijgende- en daalt1 met dalende produktiekracht4 ,een maatschappelijke doorsne-arbeidsdag van #ab uren1 geldswaarde als gelijkblijvend verondersteld1 produceert steeds hetzelfde waardeprodukt van #f ,shilling1 hoe deze som van waarden zich ook immer moge verdeelen1 tusschen het aequivalent voor de waarde der arbeidskracht en de meerwaarde4 ,dalen evenwel1 ten gevolge van de gestegen produktiekracht der waarden1 de dagelijksche levensmiddelen en dientengevolge1 de dagelijksche waarde der arbeidskracht van #e shilling op #c sh41 dan rijst de meerwaarde van #a sh4 op #c sh4 ,ten einde de waarde der arbeidskracht te reproduceeren1 waren er #aj en zijn er thans nog slechts #f arbeidsuren vrij gekomen en kunnen deze bij de domeinen van den meerarbeid worden ingelijfd4 ,het is daarom de immanente drijfveer en de gestadige tendens van het kapitaal1 de produktiekracht der arbeid te doen stijgen1 en te dien einde de waar1 en door de goedkoopermaking van de waar1 den arbeider-zelve goedkooper te maken4 ,een verhooging van de produktiekracht van den arbeid1 die van verkorting van den arbeidsdag het noodwendige gevolg moet zijn1 is echter alleen mogelijk1 door eene verandering van de produktiewijze1 door verbetering van de arbeidsmiddelen en van de arbeidsmethoden4 ,produktie van relatieve meerwaarde1 heeft dus tot voorwaarde1 eene revolutie van het arbeidsproces4 ,de produktie van de absolute meerwaarde1 zegt ,marx verder1 draait zich slechts om de lengte van den arbeidsdag2 de produktie van de relatieve meerwaarde1 revolutioneert door en door de technische processen van den arbeid en de maatschappelijke groepeeringen4 ,zij veronderstelt dus eene specifiek-kapitalistische produktiewijze1 die1 met hare methoden1 middelen en voorwaarden zelven eerst op den grondslag van de formeele subsumtie van den arbeid onder het kapitaal1 op natuurlijke wijze ontstaat en verder ontwikkeld wordt4444 ,wij zien dan ook bij stijgende produktiekracht van den arbeid1 het percentage van de meerwaarde aanhoudend stijgen1 terwijl de waarde van het produkt daalt4 ,zoo zien wij in de kapitalistische produktiewijze1 in hare specifiek groot-industrieele uiting1 den oogenschijnlijken tegenspraak zich ontwikkelen1 dat de kapitalisten onophoudelijk zich moeite geven1 steeds goedkooper te produceeren1 d4 w4 z4 de waarde der waren steeds te doen dalen1 terwijl zij daarbij steeds meer waarde1 zich toe-eigenen kunnen4 ,wij zien ook dat1 hoe grooter de produktiekracht van den arbeid1 des te grooter wordt de meerwaarde1 de overschietende arbeidstijd van den arbeider4 ,de kapitalistische produktiewijze streeft er naar1 de produktiekracht van den arbeider reusachtig te doen stijgen1 den noodwendigen arbeidstijd tot op een minimum te reduceeren1 maar gelijktijdig evenwel1 den arbeidsdag zoo veel als mogelijk is te verlengen4 ,,hoofdstuk ,,vii4 ,,machinerie ,,en ,,groot-,,industrie4 ,in een belangrijk hoofdstuk1 onderzoekt ,marx vervolgens de omwenteling1 die de machine heeft doen ontstaan in de industrie uit de ,manufaktuur gesproten1 en welke deze1 op zijne beurt1 tot groot-industrie heeft doen worden4 ,die omwenteling zelf draagt mede een ander karakter4 ,de omwenteling der produktiewijze heeft in ,manufaktuur de arbeidskracht tot uitgangspunt genomen en in de groot-industrie de arbeidsmiddelen4 ,marx wijst vervolgens1 op de absoluut onvoldoende verklaring1 die de mathematici en de mechanici van de machine gegeven hebben1 waar zij het werktuig voor een enkelvoudig en de machine voor een samengesteld werktuig hebben verklaard4 ,van economisch standpunt1 deugt deze verklaring niet1 omdat bij haar het historisch element wordt gemist4 ,ook is de verklaring1 door het verschil dat men maakt tusschen werktuig en machine en die welke hierin gezocht wordt1 dat bij het werktuig de mensch de bewegende kracht is en bij de machine1 eene van den mensch afgescheiden natuurkracht1 zooals die van het dier1 het water1 de wind enz41 historisch even onjuist4 ,dewijl de toepassing van de dierlijke kracht1 eene der oudste uitvindingen is van de menschheid1 zoo zou aldus geredeneerd1 de machinale produktie1 vooraf hebben moeten gegaan aan die van het ,handwerk6444444 ,de machine waarvan de industrieele revolutie haar uitgangspunt neemt1 vervangt den arbeider1 die een nkelvoudig werktuig hanteert1 door een mechanisme1 dat met eene massa van dezelfde of gelijksoortige werktuigen tegelijk opereert en door een enkele drijfkracht1 hoe ook steeds haren vorm moge zijn1 voortbewogen wordt4 ,hier hebben wij de machine voor ons1 maar eerst als een eenvoudig element van de machinale produktie4 ,de uitbreiding van den omvang der arbeidsmachine en het getal harer gelijktijdig opereerende werktuigen1 vorderde een meer massaal bewegingsmechanisme en dit mechanisme1 tot overweldiging van zijnen eigenen werstand1 een machtiger drijfkracht dan de menschelijke4 ,afgezien nog hiervan1 dat de mensch een zeer onvolkomen produktieinstrument van gelijkvormige en continueerende beweging is1 gegeven1 dat hij nog slechts als eenvoudige drijfkracht werkt1 dus in de plaats van zijn werktuig een werktuigmachine gekomen is en de natuurkrachten hem thans ook als drijfkracht kunnen vervangen4 ,van alle uit de ,manufaktuurperiode ons overgeleverde1 groote bewegingskrachten1 was de paardenkracht de slechtste2 eensdeels1 omdat een paard zijn eigen zin heeft1 anderdeels1 wegens zijne kostbaarheid en den beperkten omvang1 waarmede zij in de fabrieken alleen toe te passen was444444 ,eerst met ,james ,watt's uitvinding van de z4 g4 n4 dubbelwerkende stoommachine1 was de motor geschapen1 die zijne beweegkracht zelf voortbrengt en uit de voedering met kolen en water1 wier krachtpotentie geheel onder menschelijke contrle1 onafhankelijk van natuurkrachten van lokalen aard staat1 en aldus de toepassing van de machinale industrie op elke1 willekeurige plaats mogelijk maakte4 ,nadat eerst de werktuigen1 van werktuigen van het menschelijk organisme1 tot werktuigen van een mechanisch apparaat1 tot werktuig-machines konden worden1 verkreeg dan ook de bewegings-machine een zelfstandige1 van de grenzen van menschelijke kracht1 volkomen gemancipeerden vorm4 ,daarmede zonk de enkelvoudige werktuigmachine1 zooals wij tot nu toe die hebben beschouwd1 tot een bloot element van de machine-produktie4 ,ene bewegingsmachine was thans in staat1 vle arbeidsmachines gelijktijdig te drijven4 ,met het aantal van de gelijktijdig voortbewogen arbeidsmachines1 groeide de bewegingsmachine en breidde zich het transmissie-mechanisme1 tot een wijdloopig apparaat uit4 4444 ,dan zet ,marx het verschil uiteen1 tusschen het karakter der machine in de ,manufaktuurperiode en in die van de fabrieksmatige industrie4 ,hij zegt3 ,in de ,manufaktuur moeten de arbeiders1 individueel of in groepen1 elk bijzonder deelproces met hun handwerktuig uitvoeren4 ,maakte de arbeider zich eenmaal het proces eigen1 dan was evenwel van te voren reeds het proces voor den arbeider geigend4 ,dit objektieve principe van de verdeeling van den arbeid1 valt bij de machinale produktie geheel weg4 ,het totaalproces wordt hier objektief1 aan en op zichzelf beschouwd1 in zijne constitueerende phazen geanalyseerd2 en het problema van elk deelproces ten uitvoer te brengen en de verschillende deelprocessen te verbinden1 door technische toepassing van de mechaniek1 de chemie enz4 opgelost1--waarbij natuurlijk voor en na de theoretische conceptie1 door opgehoopte praktische ervaring op groote schaal1 volkomener moet worden gemaakt4444 ,de gecombineerde arbeidsmachine1 nu tot een geledend systeem van verschillenderlei op-zich-zelf staande arbeidsmachines en van groepen derzelven geworden1 is des te volkomener1 hoe voortdurender haar totaal-proces is4 ,d4 w4 z4 met hoe minder onderbreking het ruwmateriaal van zijne eerste phaze tot zijn laatste overgaat1 hoe meer dus1 in plaats van de menschelijke hand1 van het mechanisme zelf1 van de eene produktiephaze in de andere wordt vereischt4 ,wanneer in de ,manufaktuur het isolement van het bijzondere proces1 een principe is dat uit de verdeeling van den arbeid als van-zelf voortspruit1 in de ontwikkelde fabriek daarentegen1 heerscht de continuteit van het bijzondere proces44444 ,in het geledend systeem van arbeidsmachines1 die hunne beweging door middel van de transmissie-machinerie1 van een centralen automaat ontvangen1 bezit het machinebedrijf zijne ontwikkeldste gestalte4 ,in de plaats van eene enkele machine1 treedt hier een mechanisch monster1 welker lijf gansche fabrieksgebouwen vervult en welker demonische kracht1 eerst verborgen door de bijna plechtstatige1 afgemeten beweging van zijne reusachtige ledematen1 in een koortsachtig dollen maalstroom zijner tallooze1 eigenaardige arbeidsorganen1 uitbreekt44444 ,marx schetst hierna1 de gevolgen1 die de intrede van die machineproduktie in de industrie teweeg bracht4 ,de omwenteling van de produktiewijze in de eene spheer van de industrie1 bepaalde hare omwenteling in eene andere4 ,dit gold in de eerste plaats voor zulke takken van industrie1 welke wel-is-waar door de maatschappelijke verdeeling van den arbeid gesoleerd waren--zoodat elk derzelve eene zelfstandige waar produceerde1--maar die toch weder1 als phazen van een totaalproces1 door elkander liepen4 ,zoo werd door de machinale spinnerij1 de machinale weverij noodzakelijk1 en beiden te zamen1 deden de mechanisch-chemische revolutie in de bleekerij1 drukkerij en verwerij ontstaan4 ,zoo riep aan den anderen kant1 de revolutie van de katoenspinnerij de uitvinding van het gin1 tot afscheiding van de katoendraden uit het zaad te voorschijn1 waardoor eerst de katoenproduktie op de daardoor vereischte hoogte van ontwikkeling kon komen te staan4 ,de revolutie in de produktiewijze van de industrie en van de agrikultuur noodzaakte namelijk ook tot eene revolutie1 in de algemeene voorwaarden van het maatschappelijk produktieproces1 d4 w4 z4 van de communikatie- en transportmiddelen4 ,afgezien van de geheel gerevolutioneerde zeil-scheepsbouw1 werden de kommunikatie- en transportwegen aldus geheel en al door een systeem van rivierstoombooten1 spoorwegen1 overzeesche stoombooten en telegraphen aan de produktiewijze van de grootindustrie aangepast4 ,de verschrikkelijke massa's ijzer evenwel1 die er thans te snijden1 te hameren te boren en te vormen waren gekomen1 vereischten hunnerzijds cyclopische machines1 welker schepping in de machinebouw op manufaktuur-achtige grondslag1 geheel onmogelijk was4 ,de groot-industrie moest zich dusdoende van haar karakteristiek produktiemiddel1 de machinerie1 zelf meester maken en machines doen voortbrengen door machines4 ,zoo werd1 eindigt ,marx dit historisch-technische onderzoek1 het coperatieve karakter van het arbeidsproces1 7de verdringing van den individueelen arbeider door den vermaatschappelijkten7 tot een1 haar door den aard van de arbeidsmiddelen1 zelve gedicteerde technische noodzakelijkheid4 ,de machine wordt door ,marx tot het constante kapitaal gerekend4 ,zij schept geene waarde1 maar zet slechts hare eigene waarde aan het produkt toe4 ,zij lost zich in het arbeidsproces telkens geheel1 maar in het waarde-vormingsproces1 slechts maar gedeeltelijk op4 ,zij geeft niet meer waarde van zich af1 dan zij in doorsne verliest door haar gebruik4 ,er is dus een groot verschil1 tusschen het waarde-deel dat de machine1 en het periodiek door haar op het produkt overgedragen1 deel van de waarde4 ,er is dus een groot verschil tusschen de machine als waardevormend en als produktenvormend element4 ,hoe grooter de periode1 in welke dezelfde machine1 herhaaldelijk in hetzelfde arbeidsproces dienst doet1 des te grooter zal dit verschil zijn4 ,hoe minder arbeid de machine zelf kost1 d4 w4 z4 hoe veel te minder arbeid erin is neergelegd1 des te minder waarde zet zij aan het produkt toe4 ,hoe minder waarde van zich afgevend1 des te produktiever is zij en des te meer1 nadert haren dienst die der natuurkrachten4 ,de produktie van machines door machines1 doet hare waarde echter inkrimpen1 naar verhouding van hare uitbreiding en werking4 ,uitsluitend als middel tot goedkoopermaking van het produkt beschouwd1 vindt het gebruik van de machinerie daarin hare grenzen1 dat hare eigen produktie minder arbeid kost1 dan hare toepassing ervoor in plaats geeft4 ,voor het kapitaal echter1 laat zich deze grens enger uitdrukken4 ,daar het niet1 de ten koste gelegden arbeid1 maar de waarde der ten koste gelegde arbeidskracht betaalt1 wordt voor hem het machinegebruik begrensd1 door het verschil tusschen de machinewaarde en de waarde van de door haar vervangene arbeidskracht4 ,daar de verdeeling van den arbeidsdag1 in noodwendigen arbeid en mr-arbeid1 in verschillende landen in verschillende periodes1 of gedurende dezelfde periode voor verschillende takken van bedrijf1 verschillend is2 dan beneden de waarde van zijn arbeidskracht1 dan weder daarboven stijgt1 kan het verschil tusschen den prijs der machinerie en den prijs van de door haar vervangen arbeidskracht1 zr varieeren4 ,ook1 wanneer het verschil tusschen het1 voor de produktie van de machine benoodigde kwantum arbeids en het totaalkwantum van de door haar vervangen arbeidskracht1 hetzelfde blijft4 ,het is evenwel alleen maar het eerste verschil1 dat de produktiekosten der waar1 voor de kapitalisten zelven bepaalt en door middel van de dwangwetten van de concurrentie invloed erop uitoefent4 ,het is daardoor1 zegt ,marx1 dat men in het eene land machines in een tak van bedrijf invoert1 terwijl ze in een ander land1 absoluut niet toegepast kunnen worden1 doordien1 de arbeidskracht in die tak als te goedkoop zijnde1 eene toepassing van de machinerie het produkt duurder1 in plaats van goedkooper zou maken4 ,ook hier is dus de maatschappelijke tegenstelling1 tusschen het groote belang1 dat de menschheid heeft bij machines en het belang dat bij de produktie-leidende klasse overheerscht1 merkbaar4 ,hoe de machine de verhoudingen revolutionneert1 zet ,marx nu verder uiteen4 ,in zooverre1 zegt hij1 als de machinerie spierkracht ontbeerlijk doet worden1 wordt zij tot een middel om arbeid zonder spierkracht en van een onrijpe lichaamsontwikkeling1 maar van grooter lenigheid aan te wenden4 ,vrouwen- en kinder-arbeid was daarvandaan het rste woord1 dat de kapitalistische toepassing van de machinerie wist te spreken6 ,dit geweldige vervangingsmiddel van den arbeid en van de arbeiders1 veranderde dan ook aanstonds in een middel1 om het getal loonarbeiders te doen vermeerderen1 doordien het in zich opreeg alle leden van de arbeidersfamilie1 zonder verschil in geslacht of ouderdom1 en deze1 onder de onmiddellijke heerschappij van het kapitaal plaatste44444 ,de waarde van de arbeidskracht wordt bepaald1 niet alleen door de1 tot instandhouding van den individueelen1 volwassen arbeider noodzakelijken arbeidstrijd1 maar ook door die1 welke er noodig is1 om de arbeidersfamilie in stand te houden4 ,terwijl de machinerie alle leden der arbeidersfamilie op de arbeidsmarkt werpt1 verdeelt zij de waarde van de arbeidskracht van den man1 over zijn gansche gezin4 ,zij ontwaardigt daardoor zijne arbeidskracht4 ,de aankoop van in vier arbeidskrachten bijv4 geparcelleerde familie1 kost wellicht mr1 dan vroeger de aankoop van de arbeidskracht van n gezinshoofd1 maar daarvoor komen dan ook vier arbeidsdagen in de plaats van een2 en hunne prijs daalt in de verhouding tot het overschot van de mr-arbeid van die vier1 over den prijs van de mr-arbeid van die eene4 ,vier moeten niet alleen den arbeid1 maar ook den mr-arbeid aan het kapitaal leveren1 opdat n gezin in het leven blijve4 ,zoo verwijdt de machinerie reeds van te voren1 met het menschelijk exploitatiemateriaal1 tevens haar eigen uitbuitingsterrein voor het kapitaal1 en tegelijk daarmede1 tevens den graad van exploitatie4 ,zij revolutioneert evenzoo goed van grond uit1 de formeele tusschenkomst van de kapitaalsverhoudingen1 als zij dit het contract tusschen kapitaal en arbeid doet4 ,op den grondslag van den warenruil1 was het eene eerste voorwaarde1 dat kapitalist en arbeider als vrije personen1 de een als onafhankelijke warenbezitter1 van geld en produktiemiddelen1 de ander als bezitter van arbeidskracht1 tegenover elkander kwamen te staan4 ,maar nu koopt het kapitaal onmondige of half-mondigen4 ,de arbeider verkocht vroeger zijne eigene arbeidskracht1 waarover hij1 als formeel vrije persoon de beschikking had4 ,hij verkoopt thans vrouw en kind4 ,hij is een slavenhandelaar geworden4 ,marx gaat thans over tot een historisch overzicht1 gestaafd door officieele berichten van de fabrieksinspecteurs in ,engeland over den kinderarbeid1 van af den aanvang der negentiende eeuw2 benevens van de drooge1 maar toch zoo hartverscheurende rapporten van de ellende door vrouwen- en kinderarbeid1 die de eerste bloeiperiode van het engelsche kapitalisme1 tot ver in de jaren #ahcj toe1 te lezen geven4 ,wij hebben ons bij ,robert ,owen's beschrijving daarmede reeds bezig gehouden4 ,maar ,marx ziet ook in deze ellende1 niet de ellende aan en voor zich1 maar eene die in zich1 een revolutioneerend element tevens bevat4 ,hij zegt3 door die overwegende toevoeging van vrouwen- en kinderarbeid1 breekt de machinerie eindelijk den tegenstand welke de mannelijke arbeiders in de ,manufaktuur1 aan de despotie van het kapitaal nog konden blijven bieden4 ,de machine1 zoo zegt ,marx verder in dit dertiende hoofdstuk1 voert tot3 ,,verlenging ,,van ,,den ,,arbeidsdag4 ,zooals de machinerie het machtigste middel is1 om de produktiviteit van den arbeid te doen stijgen1 d4 w4 z4 de tot voortbrenging eener waar noodwendige hoeveelheid arbeidstijd te verkorten1 zoo wordt zij als draagster van kapitaal1 reeds dadelijk in de1 onmiddellijk door haar aangegrepen industrien1 tot het machtigste middel om den arbeidsdag1 boven elke natuurlijke beperking uit1 te doen verlengen4 ,zij verschaft aan den eenen kant1 nieuwe voorwaarden die het kapitaal geschikt maken1 deze zijne gestadige tendens den vrijen teugel te laten vieren1 aan den anderen kant echter nieuwe motieven1 tot het wettigen van zijn geeuwhonger naar vreemden arbeid4 ,in de eerste plaats maakten1 in de machinerie1 de beweging en de aktiviteit van de arbeidsmiddelen zich zelfstandig1 tegenover den arbeider4 ,zij wordt aan en op zichzelf1 een industrieel perpetuum mobile1 dat ononderbroken voort zou moeten produceeren1 als zij daarbij niet stuitte op zekere natuurlijke grenzen in hare menschelijke bedienden3 hunne lichaamszwakte en hunne eigenzinnigheid4 ,als kapitaal1--en als zoodanig bezit de automaat in handen van den kapitalist bewustzijn en wil1--is het daarom met de tendens behept1 de werstrevende1 maar elastische menschelijk-natuurlijke grenzen tot een minimum van werstand terug te dringen4 ,dezen worden buitendien nog verminderd1 door de schijnbare gemakkelijkheid van den arbeid aan de machine en het meer voeg- en buigzame element1 dat den vrouwen- en kinderarbeid oplevert44444 ,de machine produceert relatieve mrwaarde2 niet alleen doordien zij de arbeidskracht direkt in waarde doet dalen en deze1 indirekt1 door billijkermaking van de in hare reproduktie op te nemen waren1 goedkooper maakt1 maar ook1 doordien zij bij hare eerste sporadische invoering1 de door de machinebezitter verwerkten arbeid1 omzet in gepotentierde arbeid2 de maatschappelijke waarde van het machineprodukt1 boven zijne individueele waarde uit verhoogt en den kapitalist aldus in staat stelt1 met een geringer waardedeel van het dagelijksch produkt1 de dagwaarde van de arbeidskracht te vervangen4 ,gedurende de overgangsperioden1 die waarin het machinebedrijf een soort monopolie blijft1 zijn daarvandaan de winsten buitengewoon en de kapitalist zocht deze eersten tijd van jeugdige liefde zoo grondig mogelijk uit-te-buiten1 door een zoo groot mogelijke verlenging van den arbeidsdag4 ,de grootte van den winst verscherpt den geeuwhonger naar mrdere winst4 ,door het algemeener worden van de machinerie1 in dezelfde produktietak1 zinkt de maatschappelijke waarde van het machineprodukt tot op zijne individueele waarde en maakt zich de wet voelbaar1 dat de meerwaarde niet uit de arbeidskrachten voortkomt1 welke de kapitalist door de machine vervangen heeft1 maar omgekeerd1 uit de arbeidskrachten die hij aan haar doet aan den arbeid stellen4 ,de mrwaarde komt slechts uit het variabel deel van het kapitaal voort1 terwijl zij zagen1 dat de massa van de meerwaarde bepaald wordt door twee faktoren3 het percentage der meerwaarde en het aantal van de gelijktijdig in dienst zijnde arbeiders4 ,bij een bepaalde lengte van den arbeidsdag1 wordt het percentage van de mrwaarde bepaald1 door de verhouding waarin de arbeid van een arbeidsdag1 in noodzakelijke en in mrarbeid uiteenvalt4 ,het aantal van gelijktijdig aan het werk gehouden arbeiders1 hangt hunnerzijds af van de verhouding van het variabel kapitaal-deel tot die van het constante4 ,het is dus duidelijk1 dat het machinebedrijf1 hoe het ook steeds door verhooging van de produktiekracht van den arbeid1 den mrarbeid ten koste van den noodzakelijken arbeid uitdijt1 dit resultaat slechts kan doen te voorschijn roepen1 doordien 't het aantal van de voor een gegeven kapitaal1 aan het werk zijnde arbeiders doet verminderen4 ,het verandert een deel van het kapitaal1 dat vroeger variabel was1 d4 w4 z4 zich omzette in levende arbeidskracht1 in machinerie1 dus in constant kapitaal dat geen mrwaarde voortbrengt4 ,het is onmogelijk bijv41 uit twee arbeiders evenzooveel meerwaarde te persen1 als uit #bd4 ,wanneer elk der #bd arbeiders in #ab uren1 maar n uur meerarbeid levert1 leveren zij tezamen #bd uren meerarbeid1 terwijl de totaal-arbeid der twee arbeiders eigenlijk maar #bd uur bedraagt4 ,er is dus in de toepassing der machinerie1 tot produktie van meerwaarde eene immanente tegenspraak2 naardien zij van de beide faktoren der mrwaarde1 die een kapitaal van een zekere grootte oplevert1 de eene faktor1 het percentage van de mrwaarde slechts drdoor kan doen vergrooten1 door den anderen faktor1 het getal arbeiders namelijk1 te doen verkleinen4444 ,wanneer dus de kapitalistische toepassing van de machinerie eenerzijds nieuwe1 machtige motieven tot eene matelooze verlenging van den arbeidsdag schept en de wijze van arbeiden zelve1 evenzoo als het karakter van het maatschappelijke arbeidslichaam op eene manier revolutioneert1 die den werstand tegen dezen tendens breekt1 produceert zij anderzijds1 deels uit van voor het kapitaal1 vroeger ontoegankelijke groepen der arbeidersklasse1 eene overvloedige arbeidersbevolking1 die zich door het kapitaal de wet moet laten voorschrijven4 ,daarvandaan het merkwaardige verschijnsel in de geschiedenis van de moderne industrie1 dat de machine alle zedelijke en natuurlijke grenzen van den arbeidsdag overschrijdt4 ,daarvandaan de economische paradox1 dat het machtigste middel tot verkorting van den arbeidstijd1 in het onfeilbaarste middel omslaat1 alle levenstijd van den arbeider en zijne familie in disponibele arbeidstijd voor de waardevorming van het kapitaal om te doen zetten44444 ,hoe meer het machinewezen en met hem1 eene bijzondere klasse van ervaren machinearbeiders zich ontwikkelen1 zooveel te meer neemt dus een nieuwe oorzaak daarvan1 namelijk3 ,,de ,,intensiviteit ,,van ,,den ,,arbeid toe4 ,op dien grondslag 7van den normaalarbeidsdag7 ontwikkelt zich een verschijnsel 444 tot een beslissende belangrijkheid--namelijk de intensifikatie van den arbeid4444 ,het is vanzelfsprekend1 dat met de vooruitgang van het machinewezen en de opgehoopte ervaring eener bijzondere klasse van machinearbeiders1 de snelheid en daarmede de intensiviteit van den arbeid1 langs natuurlijken weg toenemen4 ,zoo gaat in ,engeland sedert eene halve eeuw de verlenging van den arbeidsdag hand in hand met de groeiende intensiviteit van de fabrieksarbeid44444 ,zoodra het gestadig zwellende verzet van de arbeidersklasse1 den ,staat dwong1 de arbeidstijd gewelddadig te verkorten en in de eerste plaats voor de eigenlijke fabriek een normalen arbeidsdag voor te schrijven1 van het oogenblik af aan dus1 waarin verhoogde produktiviteit van mrwaarde door verlenging van den arbeidsdag buitengesloten was1 wierp zich het kapitaal1 met volle macht en bewustzijn op de produktie van relatieve mrwaarde1 door bespoedigde ontwikkeling van het machinesysteem4 ,gelijktijdig trad daarmede eene verandering in het karakter van de relatieve mrwaarde in het leven4 ,de vraag doet zich alsnu voor1 he de arbeid gentensiveerd wordt4 ,zoodra de verkorting van den arbeidsdag1 welke in de eerste plaats de subjektieve voorwaarde voor de condensatie van den arbeid schept1 namelijk de geschiktheid van den arbeider meer kracht in een bepaalden tijd vlottend te maken1 wettelijk-dwingend werd1 werd de machine in den hand van het kapitaal tot een objektief en systematisch toegepast middel1 mr-arbeid in denzelfden tijd1 uit denzelfden arbeid te persen4 ,dit geschiedde op dubbele manier3 door verhoogde versnelling der machines en door uitgebreider omvang van de1 door denzelfden arbeider te bewaken machinerie1 of van het terrein zijner arbeid4 ,verbeterde construktie der machinerie1 werd deels noodzakelijk ter uitoefening van grooteren druk op den arbeider1 deels begeleidde zij vanzelf1 de intensifikatie van den arbeid1 omdat de grenzen van den arbeidsdag den kapitalist tot de strengste economie van produktiekosten dwongen4 ,de verbetering van de stoommachine verhoogde het getal van hare cylinder-omwentelingen in eene minuut en veroorloofde tegelijk1 door grootere krachtsbesparing1 een omvangrijker mechanisme met denzelfden motor te drijven1 bij gelijkblijvende1 ja zelfs bij verminderende kolen-vertering4 ,de verbetering van het transmissie-mechanisme verminderde de wrijving1 en wat de moderne machinerie zoo in het oogvallend onderscheidt van de oudere1 zij reduceerde de doorsne en het gewicht van de groote en kleine assen1 tot op een1 steeds dalend minimum4 ,de verbeteringen van de arbeidsmachinerie ten slotte1 verminderen bij verhoogde snelheid en uitgebreider werking haren omvang1 zooals bij de moderne stoomweefstoel2 of vergrooten met haren romp1 den omvang en 't getal der door haar gedreven werktuigen1 zooals bij de spinmachine2 of wel vermeerderen de bewegelijkheid dezer werktuigen1 door onzichtbare detailveranderingen derwijze als dit bij de self-acting mule1 in het midden van de jaren #ahej het geval was1 toen de snelheid van de spindels met #a_/e verhoogd is geworden4 ,,de ,,fabriek4 ,na de beschouwing van den invloed der machine op de maatschappelijke voortbrenging en daarmede1 op de maatschappelijke verhoudingen1 wijdt ,marx eene bespreking aan de moderne fabriek1 waarbij hij het principieele verschil uiteenzet1 tusschen de kapitalistische werkplaats uit de ,manufaktuur-periode en de industrieele fabriek1 die met de stoommachine wordt gedreven4 ,in de ,manufaktuur en onder het ,handwerk1 bedient de arbeider zich van het werktuig2 in de fabriek dient de arbeider onder de machine2 ginds gaat van hem de beweging van het arbeidsmiddel uit1 welker beweging hij hier evenwel te volgen heeft4 ,in de ,manufaktuur vormden de arbeiders de leden van een levend mechanisme4 ,in de fabriek bestaat een dood mechanisme1 onafhankelijk van hen1 en zij worden daarbij als levende aanhangsels ingelijfd4444 ,aan alle kapitalistische produktie1 in zooverre zij niet alleen arbeidsproces1 maar ook tegelijk waarde-vormend proces van het kapitaal is1 is het eigen1 dat niet de arbeider de arbeidsmiddelen1 maar omgekeerd1 de arbeidsmiddelen den arbeider aanwenden2 maar eerst met de machinerie1 wordt deze omkeering tot eene technische en handtastelijke werkelijkheid4 ,door zijne verandering in een automaat1 treedt het arbeidsmiddel gedurende het arbeidsproces zelf1 den arbeider als kapitaal tegenover en wel als dooden arbeid welke den levenden arbeid overheerscht en hem uitzuigt4 ,de technische ondergeschiktheid van den arbeider1 onder den gelijkvormigen gang van de arbeidsmiddelen en de eigenaardige samengesteldheid van het arbeidslichaam1 uit individuen van beiderlei geslacht en verschillenderlei ouderdom1 doen een kazerneachtige discipline ontstaan1 die zich tot een volkomen fabrieksrgime vervormt1 en den reeds vroeger aangeduiden arbeid van het toezicht1 dus tegelijk de verdeeling van de arbeiders in handenarbeiders en arbeidsopzichters1 in gemeene industriesoldaten en industrieofficieren1 ten volle doet ontwikkelen44444 ,de fabrieks-codex1 waarin het kapitaal zijn autocratie over de arbeiders1--zonder de anders door de bourgeoisie zoo geliefde verdeeling der machten en het nog veel geliefder vertegenwoordigende stelsel1--privaat-rechtelijk en eigenmachtig heeft geformuleerd1 is slechts de kapitalistische karrikatuur van de maatschappelijke regeling van het arbeidsproces1 die noodig werd door de coperatie op groote schaal en de aanwending van gemeenschappelijke arbeidsmiddelen1 der machinerie namelijk4 ,in de plaats van den zweep des slavendrijvers is nu het strafwetboek van den opzichter gekomen4 ,alle straffen lossen zich natuurlijk op in geldstraffen en loonkortingen4 ,en de wetgevende scherpzinnigheid van de fabrieks-,lycurgussen1 maakt voor hem de overtreding harer wetten1 zoo mogelijk1 nog winstgevender dan hunne opvolging4 ,wij wijzen hier slechts op de materieele voorwaarden waaronder de fabrieksarbeid verricht wordt4 ,alle zinnelijke organen worden gelijkmatig geschaad1 door de kunstmatig verhoogde temperatuur1 de met afval van het ruwmateriaal bezwangerde atmosfeer1 het oorverdoovend alarm enz42 afgezien nog van het levensgevaar onder dicht op elkander geplaatste machinerie1 die met de regelmatigheid van de jaargetijden1 hare industrieele veldslag-bulletins voortbrengt4 ,de economiseering van de maatschappelijke produktiemiddelen1 eerst in het fabriekssysteem broeikasmatig gerijpt1 wordt in de hand van het kapitaal1 tegelijkertijd tot eene systematischen roof aan de levensvoorwaarden van den arbeider tijdens den arbeid2 roof aan ruimte1 lucht1 licht en aan persoonlijke beschuttingsmiddelen tegen levensgevaarlijke of voor de gezondheid schadelijke omstandigheden van het produktieproces2 om van inrichtingen tot gemak van den arbeider hier niet eens te spreken4 ,noemt nu ,fourier1--zoo eindigt ,marx zijne analyse van de fabriek1--ten onrechte de fabrieken verzachte galeien8 ,,machines ,,en ,,arbeiders4 ,de machine maakt den arbeider overbodig1 dat is met de kapitalistische produktiewijze1 tot een onloochenbaar feit geworden4 ,een groote reeks van burgerlijke economen1 zegt ,marx1 neemt aan1 dat alle machinerie die arbeiders verdringt1 steeds tegelijkertijd en noodwendig een1 daaraan gelijkblijvend kapitaal1 tot werkverschaffing van aan hetzelve identieken arbeid vrij doet komen4 ,dit kapitaal1 althans opgevat in den zin van levensmiddelen1 welke de arbeiders verteerd zouden hebben1 wanneer zij aan den arbeid gebleven waren1 en dat nu de behoefte heeft arbeid voor deze vrijgekomen groepen van arbeiders in het leven te roepen1 ten einde daarna door hen te worden geconsumeerd4 ,deze theorie die van de compensatie1 gelijk zij in de engelsche economie van ,mc4 ,culloch1 ,torrens1 ,senior1 ,john ,stuart ,mill e4 a4 wordt geheten1 wordt door ,marx scherp gecritiseerd4 ,het werkelijke1 door het economisch optimisme1 geparodieerde feit zegt ,marx1 is dit3 de door de machinerie verdrongen arbeiders1 worden uit de werkplaats op de arbeidsmarkt geworpen en vermeerderen aldaar1 het getal der reeds voor kapitalistische uitbuiting disponibele arbeidskrachten4444 ,de uit de eene tak van industrie geworpen arbeiders1 kunnen gewis in een andere werk vinden6 ,vinden zij dat1 en wordt daardoor den band tusschen hen en de met hen vrijgekomen levensmiddelen weder aangeknoopt1 dan geschiedt dit door middel van een nieuw1 er aan toegevoegd kapitaal dat naar belegging haakt1 geenszins echter door middel van een reeds vroeger gefunktioneerd hebbend en thans in machinerie veranderd kapitaal444 ,verder trekt elke tak van industrie jaarlijksch een nieuwe menschenstroom aan1 die haar zijn contingent1 ter regelmatige vervanging en wasdom1 levert4 ,zoodra de machinerie1 een deel van de tot dusver in eene bepaalde tak van industrie werkende arbeiders1 vrij doet komen1 wordt ook het plaatsvervangingscontingent op nieuw verdeeld en in andere takken van arbeid geabsorbeerd1 terwijl de oorspronkelijke slachtoffers in het overgangstijdperk1 grootendeels verworden en omkomen4444 ,dat de machinerie1 waar zij noodzakelijkerwijs arbeiders uit een tak van produktie verdringt1 eene toename van arbeidskrachten in een andere tak te voorschijn kan roepen1 is een werking1 zegt ,marx1 die met de compensatie-theorie niets van doen heeft4 ,de machine schept een nieuwe soort van arbeid1 niet alleen door het bouwen van machines2 maar met de uitbreiding van het machinebedrijf in een tak van industrie1 wordt ook dadelijk de produktie in andere takken van het bedrijf opgevoerd1 die welke er de produktiemiddelen voor moeten leveren44444 ,het onmiddellijke resultaat der machinerie is1 de mrwaarde en tegelijk daarmede de produktenmassa waarin zij zich vertoont1 dus met de substantie waarop de kapitalistenklasse benevens haren aanhang teert1 die maatschappelijke groepen zelven1 te vergrooten4 ,haren groeienden rijkdom en het relatief gestadig verminderend getal van1 voor de produktie der eerste levensbehoeften benoodigde arbeiders1 brengen met nieuwe weeldebehoeften1 tegelijk nieuwe middelen ter hunner bevrediging voort4 ,een grooter deel van het maatschappelijk produkt1 verandert zich in surplus-produkt en een grooter deel van dat surplus-produkt1 wordt in verfijnder en vermenigvuldigder vormen1 gereproduceerd en verteerd4 ,met andere woorden dus3 de produktie van de weelde neemt toe4 ,de vermeerdering van produktie- en levensmiddelen1 bij relatief afnemend getal arbeiders1 drijft weder tot uitbreiding van den arbeid in industrietakken1 welker produkten als kanalen1 warendokken1 tunnels1 bruggen etc41 slechts in den verren toekomst vruchten dragen4 ,er vormen zich1 hetzij direkt op den grondslag der machinerie1 hetzij op een daarmede gelijkstaand1 algemeen stadium van industrieele omwenteling1 geheel nieuwe takken van produktie en dus nieuwe terreinen voor den arbeid4 ,ten slotte veroorlooft de buitengewoon verhoogde produktiekracht1 in de spheren van de groot-industrie1 vergezeld als zij gaat van intensief en extensief verhoogde uitbuiting van de arbeidskracht in alle overige produktiespheren1 een steeds grooter deel van de arbeidersklasse1 als onproduktief in gebruik te nemen en aldus de oude huisslaven1 onder den naam van dienstbare klasse1 zooals lakeien1 dienstboden1 livreiknechts enz41 op steeds massaler wijze te reproduceeren4 ,marx critiseert ook vervolgens de theorie1 dat de machinerie1 nadat de schriktijd van hare invoering en hare ontwikkeling afgeloopen was1 ten slotte bewezen heeft1 het aantal arbeiders te vermeerderen in plaats van te verminderen4 ,dat is1 zegt hij1 zeker waar maar die toename1 was niet minder eene toename van grooter en steeds aangroeiender levensonzekerheid bij de arbeidende klasse6 ,de ongehoorde1 stootenderwijs verkregen rekbaarheid van het fabriekswezen en zijne afhankelijkheid van de wereldmarkt1 brengen noodwendig koortsachtige produktie voort1 waarmede dan eene volgende overvulling van de markten1 met de daarop contrakteerende verlamming intreedt4 ,het leven der industrie1 zet zich om in een elkander opeenvolgende reeks tijdperken1 van middelmatige levendigheid1 prosperiteit1 overproductie1 crisissen en stagnaties4 ,voor den arbeider beteekent deze kringloop1 het gestadig zweven tusschen overarbeid en werkeloosheid1 volkomen onzekerheid van den arbeid en de loonshoogte1 kortom van zijn gansche levenspositie in het algemeen4 ,het groot-industrieele bedrijf heeft de oude verhoudingen der huisindustrie gerevolutioneerd4 ,deze revolutie wordt nog bespoedigd door de1 met de algemeene invoering en ontwikkeling van de fabriek noodzakelijk geworden1 fabrieks- en arbeidswetgeving4 ,de arbeidswetgeving1 zegt ,marx1 deze eerste bewuste en planmatige terugwerking van de maatschappij op de natuurlijke gestalte van haar produktieproces1 is1 zooals wij hebben gezien1 evenzoo een noodzakelijk produkt der groot-industrie1 als katoenen garens1 self-actors en de electrische telegraaf dat zijn4 ,marx gaat hier verder1 historisch de werking na van de arbeidswetgeving en komt tot deze conclusie3 ,daar waar de veralgemeening van de fabriekswetgeving1 als physiek en geestelijk beschuttingsmiddel der arbeidersklasse1 onvermijdelijk geworden is1 bespoedigt zij aan den anderen kant4444 de verandering van verstrooide in arbeidsprocessen op grooter1 maatschappelijker schaal1 dus de concentratie van kapitaal en de alleenheerschappij van het fabrieksregiment4 ,zij verstoort alle traditioneele en overgangsvormen1 waarachter zich de heerschappij van het kapitaal nog gedeeltelijk heeft kunnen verstoppen en zet er voor in de plaats1 zijn direkte1 onverkapte heerschappij44444 ,met de spheren van het kleinbedrijf en der huisarbeid vernietigt zij de laatste toevluchtsoorden der overtolligen1 en daarmede de bestaande veiligheidsklep van het gansche mechanisme der samenleving4 ,door de materieele voorwaarden en met de maatschappelijke combinatie van het produktieproces1 doet zij de tegenspraken en antagonismen van zijn kapitalistischen vorm rijpen1 en daarmede ook gelijktijdig1 de elementen tot vorming eener nieuwe en de omwentelingsmomenten1 ter verstoring der oude samenleving geboren worden4 ,,hoofdstuk ,,viii4 ,,het ,,arbeidsloon4 ,het zesde gedeelte 7zeventiende hoofdstuk7 van ,das ,kapital behandelt het arbeidsloon4 ,marx werkt hierin breeder uit1 zijn beschouwingen over het arbeidsloon1 zooals die reeds door hem in groote trekken zijn wergegeven in het te voren vermelde geschrift ,lohnarbeit und ,kapital uit het jaar #ahdg4 ,alleen is ,marx hier het onderscheid tusschen hetgeen de officieele economie betitelde met de prijs van den arbeid en die van de arbeidskracht1 dat beiden zeer verschillende dingen zijn1 geheel op het spoor gekomen4 ,marx bewees dan ook1 dat de arbeid geen waar kan zijn1 in eene maatschappij als de kapitalistische1 welker voortbrengingswijze juist tot voorwaarde heeft1 de bezitloosheid aan arbeidsmiddelen 7grondstoffen1 machines1 vervoermiddelen enz47 bij den arbeider4 ,wat de geldbezitter op de warenmarkt direkt tegenover zich vindt1 is inderdaad niet den arbeid1 maar het is den arbeider4 ,wat de laatste verkoopt1 is zijn arbeidskracht4 ,zoodra zijn arbeid werkelijk begint1 heeft hij reeds opgehouden hem toe te behooren1 kan deze dus niet meer door hem verkocht worden4 ,de arbeid is de substantie en de immanente maat van de waarde1 maar hij zelf heeft geen waarde4 ,wij hebben vroeger gezien1 dat de prijs eener waar1 is1 de in geld uitgedrukte waarde der waar4 ,wij wezen er evenwel reeds toen op1 dat volgens ,marx1 deze beide vormen3 waarde en prijs1 door verschillende faktoren worden bepaald en niet met elkander verward mogen worden4 ,hetgeen zich als de waarde van de arbeidskracht1 in haren geldvorm uitdrukt1 is het arbeidsloon4 ,marx onderscheidt dit in3 tijd- en stukloon4 ,de geldsom die de arbeider voor zijn dagarbeid1 weekarbeid enz4 bekomt1 vormt het bedrag van zijn nominaal1 of naar de waarde geschat arbeidsloon4 ,het is echter duidelijk1 dat al naar de lengte van den arbeidsdag1 alzoo naar mate der dagelijks door hem geleverde hoeveelheid arbeids1 hetzelfde dagloon1 weekloon enz4 een zeer verschillende prijs van den arbeid1 d4 w4 z41 zeer verschillende geldsommen1 voor hetzelfde kwantum arbeid1 vertegenwoordigen kan4 ,men moet dus bij het tijdloon weder onderscheid maken1 tusschen het totaal-bedrag van het arbeidsloon1--dagloon1 weekloon enz41--en den prijs van arbeid4 ,de gemiddelde prijs van een arbeids-uur dient hier tot maatnheid van den prijs der arbeidskracht4 ,daaruit volgt1 zegt ,marx vervolgens1 dat het dagloon of weekloon enz4 hetzelfde kan blijven1 hoewel de prijs van de arbeidskracht voortdurend dalen kan4 ,omgekeerd1 kunnen dag- en weekloon stijgen1 hoewel de prijs van den arbeid1 constant blijft of zelfs daalt4 ,het rijzen van de nominale dag- of weekloonen1 kan daarom begeleid zijn van een gelijkblijvenden1 of een zinkenden prijs van de arbeidskracht4 ,marx onderzoekt dit verschil nader en ook de juiste rol1 die de lengte van den arbeidsdag hierbij speelt4 ,het is een algemeen bekend feit1 dat hoe langer de arbeidsdag in een tak van industrie1 zooveel te lager is het arbeidsloon4444 ,in de eerste plaats volgt uit de wet3 bij eene bepaalden prijs van den arbeid1 hangt het dag- of weekloon van de kwantiteit der geleverden arbeid af1 dat1 hoe lager de prijs van den arbeid is1 des te grooter het kwantum arbeids zijn moet of des te langer de arbeidsdag1 opdat de arbeider van een1 al is het dan ook maar kommervol doorsneloon1 verzekerd kan zijn4 ,het lage peil van den arbeidsprijs1 werkt hier als een aansporing1 tot verlenging van den arbeidstijd4 ,omgekeerd evenwel1 produceert harerzijds de verlenging van den arbeidstijd1 een daling van de arbeidsprijzen en daarmede ook eene in dag- en weekloonen4 ,het stukloon1 is niets dan een veranderden vorm van het tijdloon1 zooals het tijdloon de veranderde vorm is1 van de waarde1 of van den prijs der arbeidskracht4 ,bij het stukloon1 ziet het er op 't eerste gezicht uit1 alsof de door den arbeider verkochte gebruikswaarde1 niet de funktie van zijn arbeidskracht is1 de levende arbeid1 maar de reeds in het produkt belichaamde arbeid1 en alsof de prijs van dezen arbeid niet1 gelijk bij het tijdloon1 door de breuk3 ,dagwaarde der arbeidskracht4 -------------------------------------- ,arbeidsdag van een bepaald getal uren1 maar door de voortbrengingsgeschiktheid van den producent wordt bepaald4 ,reeds aanstonds moet het geloof1 dat zich aan dezen schijn vastklampt1 sterk aan het wankelen worden gebracht1 door het feit1 dat beide vormen van het arbeidsloon ter zelfder tijd1 in denzelfden tak van het bedrijf1 nevens elkander kunnen bestaan4444 ,op zich-zelf is het echter reeds duidelijk1 dat het verschil van vorm in de uitbetaling van het arbeidsloon1 aan zijn wezen niets verandert1 hoewel de eene vorm1 voor de ontwikkeling van het kapitalisme ook gunstiger kan zijn1 dan de andere4 ,marx beschouwt vervolgens1 de karakteristieke eigenschappen van het stukloon nader4 ,de kwaliteit van den arbeid1 wordt hier door het werk-zelf gecontrleerd1 dat de gemiddelde deugdzaamheid moet bezitten1 wil de stukprijs ervan ten volle worden behaald4 ,het stukloon wordt dus naar deze zijde1 tot eene der verschrikkelijkste bronnen van loonaftrek en van kapitalistische knevelarij4 ,het biedt den kapitalist1 een geheel bepaalden maat aan1 voor de intensiteit van den arbeid4 ,slechts arbeidstijd1 die zich in een van-te-voren bepaalde en langs den weg der ervaring vastgestelde hoeveelheid waren belichaamt1 geldt hier als maatschappelijk noodwendigen arbeidstijd en wordt als zoodanig betaald4 ,in de grootere klermakerswerkplaatsen van ,londen1 wordt daarvandaan een zeker stuk arbeid1 bijv4 een vest1 herleid tot een uur1 een half uur etc42 het uur op #f d4 geraamd4 ,uit de praktijk is het daar bekend1 hoe groot het gemiddelde produkt van een uur is4 ,bij nieuwe modes1 reparaties etc41 ontstaat dan kwestie tusschen ondernemer en arbeider1 of een bepaald stuk arbeids een uur etc4 is1 totdat ook hier de ervaring weder heeft beslist 444 ,daar kwaliteit en intensiteit van den arbeid1 hier dus door den vorm van het loon zelve worden gecontrleerd1 wordt een groot deel van het arbeidstoezicht hiermede overbodig4 ,het vormt daarvandaan1 zoowel de grondslag van het1 vroeger geschilderde systeem der moderne huisarbeid1 als een hirarchisch geledend systeem van exploitatie en onderdrukking4444 ,het stukloon vergemakkelijkt eenerzijds het tusschenschuiven van parasieten1 tusschen kapitalisten en loonarbeiders2 anderzijds onder-verhuring van den arbeid 7subletting of labour74 ,de winst van de tusschenpersonen1 vloeit uitsluitend voort uit het verschil tusschen den arbeidsprijs1 die de kapitalist betaalt en dat deel van dien prijs1 dat aan den arbeider werkelijk ten goede komt4 ,dit systeem heet in ,engeland karakteristiek ,zweetsysteem 7,sweating system74 ,aan den anderen kant1 veroorlooft het stukloon den kapitalist om met den hoofdarbeider1--in de manufaktuur met den chef van de groep1 in de mijnen met den uitbreker der kolen etc41 in de fabriek met den eigenlijken machinearbeider1--een contrakt voor zoo en zooveel per stuk af te sluiten2 tegen een prijs1 waarvoor die hoofdarbeider-zelf de aanwerving en de betaling van zijn hulparbeiders voor zijne rekening moet nemen4 ,de exploitatie van den arbeider door het kapitaal1 verwerkelijkt zich hier1 door middel van de exploitatie van den arbeider door den arbeider4444 ,bij het tijdloon1 heerscht op enkele uitzonderingen na1 gelijk arbeidsloon voor dezelfde funkties1 terwijl bij het stukloon de prijs van den arbeidstijd1 als het ware door een bepaald kwantum van produkten gemeten wordt2 het dag- of weekloon daarentegen wisselt af1 met de individueele verschillen der arbeiders1 waarvan de een slechts het minimum van een produkt in een bepaalden tijd levert1 de ander het gemiddelde1 de derde weder meer dan het gemiddelde4 ,met betrekking tot de werkelijke inkomsten 7der arbeiders71 springen hier dus groote verschillen in het oog1 al naar de verschillen van geschiktheid1 kracht1 energie1 uithoudingsvermogen etc4 van den individueelen arbeider4 ,dit verandert natuurlijk niets1 aan de algemeene verhouding tusschen kapitaal en loonarbeid4 ,eerstens1 houden zich die individueele verschillen1 voor de werkplaats in haar geheel1 tegenover elkander in evenwicht1 zoodat zij in een bepaalde arbeidstijd het gemiddelde produkt oplevert en het betaalde totaalloon1 het gemiddelde loon voor de tak van bedrijf wordt4 ,tweedens1 blijft de proportie tusschen arbeidsloon en mrwaarde onveranderd1 omdat het individueele loon van den individueelen arbeider1 in overeenstemming is met de door hem individueel geleverde hoeveelheid mrwaarde4 ,maar de grootere speelruimte1 die het stukloon der individualiteit aanbiedt1 streeft eenerzijds drheen1 die individualiteit en daarmede het vrijheidsgevoel1 de zelfstandigheid en de zelfcontrle van den arbeider te ontwikkelen1 anderzijds hunne concurrentie onder en tegenover elkander1 te bevorderen4 ,het heeft daarvandaan de tendens1 om1 met de verheffing van de individueele arbeidsloonen boven het gemiddelde niveau1 dit niveau-zelf te doen dalen4 ,waar een beproefd stukloon1 zich sedert lang en traditioneel ingeburgerd heeft1 en zijne naar-beneden-drukking bijzondere moeielijkheden opleverde1 namen de werkmeesters dan ook maar zelden hunnen toevlucht1 tot zijne gewelddadige verandering in tijdloon4 ,in elk land geldt een zekere gemiddelde intensiteit van den arbeid1 beneden waarvan de arbeid1 die bij de produktie eener waar mr dan den maatschappelijk-noodwendigen tijd verbruikt1 er daarvandaan1 niet als arbeid van normale kwaliteit kan gelden4 ,slechts een1 boven de nationale doorsnede zich verheffende graad van intensiteit1 verandert in een bepaald land de maat van de waarde1 door den enkelen duur van den arbeidstijd4 ,de middengraad van intensiteit van den arbeid1 wisselt af van land tot land2 zij is hier grooter1 daar kleiner4 ,deze nationale doorsneden1 vormen daarvandaan eene ontwikkelingstrap1 welker maat-nheid1 de doorsne-nheid van den universeelen arbeid is4 ,vergeleken met de minder intensieve1 produceert alzoo de meer intensieve nationale arbeid1 in denzelfden tijd mr waarde1 die zich dus in mr geld uitdrukt444444 ,in de mate waarin in een land de kapitalistische produktiewijze ontwikkeld is1 in diezelfde mate1 verheffen zich daar ook de nationale intensiteit en produktiviteit van den arbeid1 boven het internationale niveau4 ,de verschillende quanta waren van denzelfden soort1 die in de verschillende landen1 onder gelijken arbeidstijd voortgebracht worden1 hebben aldus ongelijke internationale waarde1 die zich in verschillende prijzen uitdrukt1 d4 w4 z4 elk naar de internationale waarde van de verschillende geldsommen4 ,de relatieve waarde van het geld1 zal dus kleiner zijn1 bij de natie met een ontwikkelde kapitalistische produktiewijze1 dan bij die met een minder ontwikkelde4 ,hieruit volgt dus1 dat het nominale arbeidsloon1 het aequivalent van de arbeidskracht uitgedrukt in geld1 eveneens hooger zal zijn bij de eerste natie1 dan bij de laatste2 wat geensdeels nog zeggen wil1 dat dit als werkelijk loon geldt1 d4 w4 z4 als de1 voor den arbeider ter beschikking gestelde hoeveelheid levensmiddelen4 ,,hoofdstuk ,,ix4 ,,het ,,akkumulatieproces ,,van ,,het ,,kapitaal4 ,wij hebben gezien1 hoe geld tot kapitaal wordt en de loonarbeider voor zijnen arbeid1 niet alleen niet de waarde van het voor de noodige produktiemiddelen uitgelegde deel van het kapitaal bekomt1 maar ook nieuwe waarde voortbrengt1 die gelijk is aan de waarde zijner arbeidskracht1 plus de mrwaarde daarvan4 ,maar met de verschijning van de mrwaarde1 is de beweging van het kapitaal nog niet afgesloten4 ,zooals de waarde zich moet omzetten in geld1 zoo moet ook de mrwaarde1 op hare beurt1 weder gerealiseerd worden in geld4 ,dit proces nu1 gaat steeds voort1 telkens evenwel1 met eene waardevermeerdering1 van de in de spheer der circulatie geworpen hoeveelheid waren4 ,de kapitalist die de mrwaarde produceert1 d4 w4 z4 onbetaalden arbeid onmiddellijk uit de arbeiders pompt en in waren fixeert1 is wel-is-waar1 de eerste toe-eigenaar1 maar geenszins de laatste bezitter dezer mrwaarde4 ,hij heeft haar achteraf steeds te deelen gehad1 met kapitalisten1 die in 't algemeen genomen1 andere funkties van de maatschappelijke produktie te vervullen hebben1 met de grondeigenaren1 enz4 ,de mrwaarde splitst zich daarvandaan in verschillende deelen4 ,zijne onderdeelen komen aan verschillende categorien van personen ten goede en verkrijgen verschillende1 tegenover elkander1 zelfstandig opgroeiende vormen1 zooals winst1 rente1 handelswinst1 grondrente etc4 ,deze veranderde vormen van de mrwaarde1 worden door ,marx in het derde boek van ,das ,kapital1 elk op zich zelf behandeld en geanalyseerd2 het eerste ,boek behandelt enkel maar eene kant van het totaalproces1 n4l4 het onmiddellijke produktieproces van de mrwaarde4 ,dit produktieproces is ook1 evenals het maatschappelijk proces1 tegelijk een reproduktieproces4 ,de maatschappij moet1 onder welke voortbrengingsvorm dan ook1 niet alleen consumptiemiddelen1 maar ook produktiemiddelen voortbrengen4 ,is dus de produktie kapitalistisch van vorm1 de reproduktie moet dit natuurlijk k wezen4 ,brengt de maatschappelijke produktie mrwaarde voort1 zoo ook de reproduktie4 ,wij houden ons dus op dit oogenblik met deze eenvoudige reproduktie gelijk ,marx haar noemt1 bezig4 ,het produktieproces wordt ingeleid1 met den koop van de arbeidskracht voor een bepaalden tijd1 en deze inleiding vernieuwt zich bestendig1 zoodra de verkoopstermijn van den arbeid komt te vervallen en daarmede eene bepaalde produktie-periode1 week1 maand enz4 afgeloopen is4 ,betaald wordt den arbeider echter eerst1 nadat zijn arbeidskracht gewerkt heeft en zoowel hare eigene waarde1 als de mrwaarde1 daardoor in waren gerealiseerd zijn4 ,hij heeft aldus evenals de mrwaarde1--die wij voorshands slechts zullen beschouwen als het consumptiefonds der kapitalisten1--ook het fonds voor zijn eigene betaling1 het variabel kapitaal voortgebracht1 alvorens het in den vorm van arbeidsloon terugvloeit1 en hij wordt slechts zoolang aan den arbeid gehouden1 als hij dit gestadig op nieuw voortbrengt 444 ,het is een deel1 van het door den arbeider-zelf gestadig gereproduceerde product1 hetwelk in den vorm van arbeidsloon1 voortdurend tot hem terugvloeit4 ,de kapitalist betaalt hem de warenwaarde1 zeer zeker in geld uit4 ,dit geld is evenwel de veranderde vorm van het arbeidsprodukt4 ,terwijl de arbeider1 een deel van de produktiemiddelen in produkten verandert1 zet zich een deel van zijn vroeger produkt terug om1 in geld4 ,het is een arbeid van de vorige week1 misschien een van het laatste half jaar1 waarmede zijnen arbeid van heden1 of die van het volgende half jaar1 wordt betaald4 ,de illusie welke de geldvorm hier teweeg brengt1 verdwijnt dan ook dadelijk1 zoodra in plaats van den individueelen kapitalist en den individueelen arbeider1 de beschouwing treedt van3 kapitalistenklasse en van arbeidersklasse4 ,de kapitalistenklasse geeft der arbeidersklasse gedurig1 aanwijzingen in geldvorm1 op een deel van het door de laatste voortgebrachte en het door de eerste zich toe-geigende produkt4 ,deze aanwijzingen geeft de arbeidersklasse1 der kapitalistenklasse evenzoo gestadig weder terug en zij onttrekt haar daarmede1 het haarzelve toevallend gedeelte van haar eigen produkt4 ,de warenvorm van het produkt en de geldvorm van de waar1 omsluieren slechts deze transaktie4 ,het variabel kapitaal1 is aldus slechts eene bepaalde historische verschijningsvorm van het fonds voor levensmiddelen of het arbeidsfonds1 dat de arbeider voor zijn zelfbehoud en reproduktie behoeft1 en dat hij1 onder alle systemen van maatschappelijke produktie1 steeds zelf produceeren en zelf reproduceeren moet4 ,dit arbeidsfonds1 vloeit hem gedurig daarom in den vorm van betalingsmiddelen van zijn eigen arbeid toe1 omdat zijn eigen produkt gedurig1 in den vorm van kapitaal1 van hem vervreemd wordt4444 ,om geld te veranderen in kapitaal1 was het aanwezig zijn van eene waardeproduktie en eene warencirculatie1 niet voldoende4 ,er moesten daartoe eerst1 hier bezitters van waarde en ginds bezitters van waardescheppende substantie2 hier bezitters van productie- en levensmiddelen1 daar bezitters van niets dan arbeidskracht1 tegen over elkander komen te staan1 als koopers en verkoopers4 ,scheiding tusschen het arbeidsproduct en den arbeid-zelf1 tusschen de objectieve arbeidsvoorwaarden en de subjektieve arbeidskrachten1 was dus de feitelijk gegeven grondslag1 was het uitgangspunt van het kapitalistisch produktie-proces4 ,wat echter in den aanvang het uitgangspunt was1 dat wordt door middel van de enkele continuteit van het proces1 de eenvoudige reproduktie1 steeds op nieuw geproduceerd en vereeuwigd1 als het eigen resultaat van de kapitalistische produktie4 ,eenerzijds verandert het produktie-proces voortdurend den stoffelijken rijkdom in kapitaal1 in waarde- en genotmiddelen voor de kapitalisten4 ,anderzijds komt de arbeider gestadig uit het proces1 zooals hij er intrad1--persoonlijke bron van rijkdom1 maar ontbloot van alle middelen om dezen rijkdom voor zich te verwerkelijken4 ,daar vr zijn intrede in het proces1 zijn eigen arbeid hem zelf ontvreemd wordt1 dezen1 door de kapitalisten zich wordt toegeigend en bij het kapitaal wordt ingelijfd1 belichaamt hij zich gedurende het proces1 gestadig1 in het produkt van vreemden4 ,daar het produktieproces1 tegelijk het consumptieproces van de arbeidskracht door de kapitalisten is1 verandert het produkt des arbeiders1 niet alleen voortdurend in waren1 maar in kapitaal2 waarde1 die de waardescheppende kracht uitzuigt1 en levensmiddelen die personen koopen2 produktiemiddelen1 die den producenten tewerk zetten4 ,de arbeider zelf1 produceert daarvandaan gestadig den objektieven rijkdom als kapitaal1 de hem vreemde1 hem beheerschende en hem uitbuitende macht2 en de kapitalist produceert even zoo gestadig1 de arbeidskracht als subjektieve1 van haar eigen belichamings- en verwerkelijkingsmiddelen gescheiden1 abstrakte1 een in de bloote lichamelijkheid van den arbeider bestaanden1 bron van rijkdom1 kortom den arbeider als loonarbeider4 ,deze gestadige reproduktie1 of de vereeuwiging van den arbeider1 is het sine-qua-non der kapitalistische produktiewijze44444 ,van maatschappelijk standpunt beschouwd1 is dus de arbeidersklasse1 ook buiten het onmiddellijk arbeidsproces1 even zoozeer het eigendom van het kapitaal1 als het doode arbeidsinstrument4 ,zelfs hare individueele consumptie1 is binnen zekere grenzen1 niets dan een moment in het reproduktieproces van het kapitaal4 ,dit proces zelf1 zorgt er wel voor1 dat die zelfbewuste produktieinstrumenten niet wegloopen2 terwijl het hun produkt1 gestadig van pool naar tegenpool van het kapitaal verwijdert4 ,de individueele consumptie zorgt eenerzijds1 voor hare eigen instandhouding en reproduktie1 anderzijds1--door vernietiging van levensmiddelen1--voor hare gestadige wederverschijning op de arbeidsmarkt4 ,de romeinsche slaven waren door ketens1 de loonarbeiders zijn door onzichtbare draden1 aan hunne eigenaren gebonden4 ,de schijn van hunne onafhankelijkheid1 wordt hier echter1 door de gestadige verwisseling der individueele loonheeren en door de fictio juris van het contrakt1 gehandhaafd44444 ,het kapitalistisch produktie-proces reproduceert alzoo1 door zijn eigene voltrekking1 de scheiding tusschen arbeidskracht en arbeidsvoorwaarden4 ,het reproduceert en vereeuwigt daarmede1 de exploitatievoorwaarden van den arbeider4 ,het dwingt den arbeider gestadig tot verkoop van zijn arbeidskracht1 om daarvan te leven en maakt telkens de kapitalisten geschikter tot dien koop1 om er zich door te verrijken4 ,het is nu niet meer het toeval1 hetwelk kapitalist en arbeider1 als kooper en verkooper1 tegenover elkander op de arbeidsmarkt brengt4 ,het is het alternatief van het proces-zelf1 dat den een steeds als verkooper zijner arbeidskracht op de waren-markt terugslingert en zijn eigen produkt steeds in het koopmiddel van den ander doet veranderen4 ,inderdaad behoort de arbeider aan het kapitaal toe alvorens hij zich aan den kapitalist verkoopt4 ,zijne economische onderhoorigheid1 wordt tegelijk tot een middel1 en tegelijk omhuld door de periodieke vernieuwing van zijn zelf-verkoop1 door de verwisseling zijner individueele loonheeren en de oscillatie 7slingering71 in den marktprijs van den arbeid4 ,het kapitalistisch produktieproces1 in zijnen samenhang beschouwd of als reproduktieproces genomen1 produceert dus niet alleen mrwaarde1 het produceert en reproduceert de kapitaalsverhouding zelf2 aan de eene zijde dus kapitalisten1 aan de andere zijde loonarbeiders4 ,,hoe ,m,,rwaarde ,,kapitaal ,,wordt4 ,het geval dat de mrwaarde1 in haar geheel1 door den kapitalist individueel wordt geconsumeerd1 is uitzondering4 ,de meerwaarde verandert1 minstens voor een deel1 weder in kapitaal4 ,aanwending van mrwaarde of terugverandering van mrwaarde in kapitaal1 is3 akkumulatie van kapitaal4 ,beschouwen wij dit proces1 in de eerste plaats van het standpunt van den individueelen kapitalist4 ,een spinner heeft bijv4 een kapitaal van #aj1jjj pd4 ,st4 uitgelegd1 waarvan #d_/e in katoen1 machines etc41 het laatste vijfde in arbeidsloon4 ,hij produceert jaarlijks #bdj1jjj pond garen1 ter waarde van #ab1jjj pd4 ,st4 ,bij een percentage van mrwaarde van #ajj proc41 steekt de mrwaarde in het meerprodukt of nettoprodukt van #dj1jjj pond garen1 een zesde gedeelte van het brutoprodukt1 tot een waarde van #bjjj pd4 ,st41 dat door den verkoop gerealiseerd moet worden4 ,een waardesom van #bjjj pd4 ,st41 is gelijk een waardesom van #bjjj pd4 ,st4 ,men kan het echter1 noch dat geld aanzien noch kan men het eraan ruiken1 dat het mrwaarde is4 ,het karakter van een waarde als mrwaarde toont aan1 hoe het tot zijn eigenaar kwam1 maar het verandert daardoor niets1 aan den aard van die waarde of van het geld4 ,om nu de nieuw gewonnen som van #bjjj pd4 ,st41 in kapitaal om te zetten1 zal dus de spinner1--alle andere omstandigheden gelijkblijvend1--vier-vijfde daarvan uitleggen in den aankoop van katoen etc4 en een vijfde in den aankoop van nieuwe spinners1 die op de markt1 de levensmiddelen vinden zullen1 welker waarde hij hen voorgeschoten heeft4 ,dan fungeert dat nieuwe kapitaal van #bjjj pd4 ,st4 in de spinnerij1 en brengt zijnerzijds weder een mrwaarde van #djj pd4 ,st4 voort4444 ,het is dus de oude geschiedenis3 ,abraham gewan ,izak1 ,izak gewan ,jakob enz4 ,het oorspronkelijke kapitaal van #aj1jjj pd4 ,st41 brengt een mrwaarde van #djj pd4 ,st4 voort1 deze1 wederom gekapitaliseerd1 aldus in een tweede toegevoegd kapitaal veranderd1 brengt een nieuwe mrwaarde van #hj pd4 ,st4 voort1 enz4 ,de oorspronkelijke verandering van geld in kapitaal1 voltrekt zich alzoo in de nauwkeurigste overeenstemming1 met de economische wetten van de warenproduktie en met het uit hen afgeleid eigendomsrecht4 ,in weerwil daarvan1 leidt zij tot het volgende resultaat3 #a7 ,dat het produkt den kapitalist toebehoort en niet den arbeider2 #b7 ,dat de waarde van dit produkt1 buiten de waarde van het uitgelegde kapitaal1 eene mrwaarde bevat die den arbeider arbeid1 maar den kapitalist niets gekost heeft en die1 desniettegenstaande het eigendom van den kapitalist wordt2 #c7 ,dat de arbeider zijn arbeidskracht behouden heeft en ze opnieuw verkoopen kan1 zoodra hij daarvoor een kooper vindt44444 ,dit resultaat wordt onvermijdelijk1 zoodra de arbeidskracht door den arbeider-zelf1 als waar1 dus vrij wordt verkocht4 ,maar ook van deze stonde af aan1 wordt de warenproduktie de algemeene--en wordt zij de typische produktievorm2 eerst van hier af aan1 wordt elk produkt a priori voor den verkoop geproduceerd1 en gaat alle geproduceerde rijkdom door de circulatie heen4 ,eerst van daar1 waar de loonarbeid haren basis is1 dwingt de warenproduktie zich aan de geheele samenleving op4 ,maar ook eerst daar is het1 dat zij al hare verborgene krachten ontvouwt4 ,te zeggen1 dat de tusschenkomst van den loonarbeid de warenproduktie vervalscht1 wil zeggen1 dat de warenproduktie wil zij onvervalscht blijven1 zich niet ontwikkelen mag4 ,in dezelfde mate1 zooals zij zich volgens hare eigene1 immanente wetten voortontwikkelt tot kapitalistische produktie1 in diezelfde mate slaan de eigendomswetten der warenproduktie om in wetten der kapitalistische toe-eigening4 ,marx keert zich vervolgens tegen die economisten1 welke de akkumulatie van het kapitaal verklaarden uit de onthouding of de spaarzaamheid der kapitalisten2 de z4g4n43 abstinentie- of onthoudingstheorie van de officieele economie1 door den ,engelschen econoom ,w4 ,nassau ,senior het eerst geformuleerd4 ,deze laatste verklaarde1 zegt ,marx1 ik vertaal het woord kapitaal1 als produktie-instrument beschouwd1 door het woord onthouding6 ,een deel der meerwaarde1 zegt ,marx1 wordt door de kapitalisten als revenue verteerd1 een ander deel als kapitaal aangewend of geakkumuleerd4 ,bij een bepaalde hoeveelheid mrwaarde1 zal een dezer deelen zooveel te grooter zijn1 naar mate het andere kleiner is4 ,alle andere omstandigheden1 als gelijkblijvend vooropgesteld1 bepaalt de verhouding waaronder deze verdeeling zich voltrekt1 de grootte der akkumulatie4 ,wie evenwel deze verdeeling onderneemt1 dat is de kapitalist4 ,zij is dus de handeling van zijnen wil4 ,van dat deel van de door hem geheven schatting1 dat hij akkumuleert1 zegt men1 hij bespaart het1 omdat hij het niet opeet1 d4 w4 z4 omdat hij zijne funktie als kapitalist ermede uitoefent1 n4l4 de funktie om zich te verrijken1 die hem is opgelegd4 ,slechts in zooverre1 als de kapitalist gepersonifieerd kapitaal is1 heeft hij eene historische waarde1 en dat historische recht van bestaan1 als waarvan de geestige ,lichnowsky zegt3 er geen datum van bestaat4 ,slechts in zooverre1 steekt zijn eigene transitive noodzakelijkheid1 in de transitive noodzakelijkheid der kapitalistische produktiewijze4 ,maar in zooverre zijn dan ook1 niet de gebruikswaarde en het genot1 maar de ruilwaarde en derzelver vermeerdering1 de hem voortstuwende motieven4 ,als fanatikus van de tot-waarde-making der waarden1 dwingt hij onbarmhartig de menschheid tot produktie1 om der produktie wille2 daarvandaan dus1 tot eene ontwikkeling van de maatschappelijke produktiekrachten en tot de voortbrenging van materieele produktievoorwaarden1 welke alleen de reale basis voor eene hoogere ontwikkelingsvorm kunnen vormen1 wier grondslag de volle en de vrije ontwikkeling van elk individu is4 ,slechts als personifikatie van het kapitaal1 is de kapitalist respectabel4 ,als zoodanig1 deelt hij met den schattenverzamelaar1 de absolute tendens naar verrijking4 ,wat evenwel bij dezen1 eene individueele manie schijnt te zijn1 is bij den kapitalist1 de werking van het maatschappelijk mechanisme1 waarin hij niets dan een drijfrad is4 ,buitendien maakt de ontwikkeling der kapitalistische produktie1 eene voortdurende verhooging1 van het in eene industrieele onderneming vastgelegd kapitaal1 tot eene noodzakelijkheid1 en de concurrentie legt aan elken individueelen kapitalist1 de immanente wetten van de kapitalistische produktiewijze1 als uitwendige dwangwetten op de schouders4 ,zij dwingt hem voortdurend1 zijn kapitaal uit te breiden1 ten einde het te behouden en uitbreiden kan hij dit alleen1 door middel van eene progressieve akkumulatie4 ,in zooverre als zijn doen-en-laten1 slechts funkties zijn van het in hem levend1 met een wil en bewustzijn begaafd zijnd kapitaal1 geldt voor hem1 zijn eigen private consumptie als een roof aan de akkumulatie van zijn kapitaal1 gelijk in de italiaansche boekhouding1 privaat-uitgaven op de dbetzijde van den kapitalist tegenover het kapitaal figureeren4 ,de akkumulatie1 beteekent de verovering van de wereld1 door den maatschappelijken rijkdom4 ,zij breidt met de massa van het gexploiteerde menschen-materiaal1 tegelijk1 de direkte en de indirekte heerschappij van het kapitaal uit4 ,maar deze erfzonde werkt overal door4 ,met de ontwikkeling der kapitalistische produktiewijze1 van de akkumulatie en van den maatschappelijken rijkdom1 houdt de kapitalist op eene bloote incarnatie van het kapitaal te wezen4 ,hij voelt een menschelijk roeren voor zijn eigene ,adam en wordt er zoodoende toe gestemd1 de dweperij voor ascese1 als een vooroordeel van den ouderwetschen schattenverzamelaar te belachen4 ,terwijl de klassieke kapitalist1 de individueele consumptie als een zonde aan zijne funktie en tegen de onthouding van de akkumulatie brandmerkt1 is de meer moderne kapitalist in staat1 de akkumulatie als een ontzeggen van het drijven naar genot1 op te vatten4 ,twee zielen wonen er1 ach6 in zijn borst1 de eene wil zich van de andere scheiden6 ,in het historische begin van de kapitalistische produktiewijze1--en ieder kapitalistisch parvenu maakt zulk een historisch stadium1 individueel door1--zijn de drang naar verrijking en de gierigheid1 als absolute hartstochten overheerschend4 ,maar de vooruitgang van de kapitalistische produktie1 schept niet alleen een wereld van genot1 zij opent met de speculatie1 benevens het credietwezen1 duizenderlei bronnen voor plotselinge verrijking4 ,op een bepaalde hoogte van ontwikkeling1 wordt eene conventioneele graad van verkwisting1 die tevens te-pronk-stelling van rijkdom en daarvandaan credietmiddel is1 zelfs tot eene noodzakelijkheid voor de affaire van den ongelukkigen kapitalist4 ,de weelde wordt een onderdeel1 dat in de representatiekosten van het kapitaal opgaat4 ,buitendien verrijkt de kapitalist zich niet1 gelijk de gierigaard1 naar verhouding van zijnen persoonlijken arbeid en zijne persoonlijke niet-consumptie1 maar in die mate1 waarin hij vreemde arbeidskracht uitzuigt en den arbeider onthouding van levensgenot opdwingt4 ,alhoewel daarom de verkwisting van den kapitalist1 niet het bona fide karakter van de verkwisting der feodale heeren bezit1 maar in haren achtergrond1 veel meer smerige gierigheid en angstiger berekening op den loer liggen1 groeit desniettegenstaande zijne verkwisting met zijne akkumulatie aan1 zonder dat de een den ander afbreuk behoeft te doen4 ,daardoor ontwikkelt zich gelijktijdig in den trotschen borst van het kapitalistisch individu1 een faust-achtig conflikt1 tusschen den drang naar akkumulatie en den drang naar genot4 ,marx stelt in het licht1 hoe tal van omstandigheden de akkumulatie in de hand kunnen werken en doen toenemen1 door de expansiekracht van het kapitaal te doen vergrooten1 zooals de exploitatie van mijnwerken1 die van den bodem etc4 ,algemeen resultaat3 ,terwijl het kapitaal de beide oer-vormen van den rijkdom1--arbeidskracht en bodem--bij zich inlijft1 verwijdt het zijne expansiekracht1 die hem veroorlooft de elementen zijner akkumulatie uit te breiden ook naar de overzijde van de1 schijnbaar door zijn eigen grootte getrokken grenzen1 getrokken door de waarde en de massa der reeds geproduceerde produktiemiddelen1 uit welke het zijn bestaan put4 ,een andere gewichtige faktor in de akkumulatie van het kapitaal1 is de produktiegraad van den maatschappelijken arbeid4 ,met de produktiekracht van den arbeid groeit de produktenmassa aan1 waarin zich eene bepaalde waarde1 alzoo ook de mrwaarde van eene gegeven grootte1 vertoont4 ,bij gelijkblijvende en zelfs bij dalende voet van de mrwaarde1--in zooverre zij slechts langzamer daalt1 als de produktiekracht van den arbeid stijgt1--groeit de massa van het meerprodukt aan4 ,bij gelijkblijvende verdeeling derzelve1 in revenue en toeslagkapitaal1 kan daarvandaan de consumptie aangroeien1 zonder afname van het akkumulatiefonds4 ,de proportioneele grootte van het akkumulatiefonds kan zelfs op kosten van het consumptiefonds aangroeien1 terwijl de goedkoopermaking der waren1 voor de kapitalisten even zoo vele of meer genotmiddelen als voorheen1 ter beschikking stelt4 ,maar met de aangroeiende produktiviteit van den arbeid1 gaat1 zooals men gezien heeft1 de goedkoopermaking van den arbeider1 alzoo een aangroeiend percentage van de mrwaarde hand aan hand1 zelfs wanneer het rele arbeidsloon ook stijgt4 ,dit stijgt niet in verhouding tot de produktiviteit van den arbeid4 ,hetzelfde variabel kapitaal1 zet alzoo meer arbeidskracht en daardoor meer arbeid in beweging4 ,dezelfde constante kapitaalwaarde1 belichaamt zich in mr produktiemiddelen1 d4 w4 z4 in meer arbeidsmiddelen1 arbeidsmateriaal en hulpstoffen1 levert dus zoowel meer produkten vormers1 als meer waardevormers of arbeidsopslurpers4 ,bij gelijkblijvende en zelfs afnemende waarde van het toegezet kapitaal1 vindt daarom bespoedigde akkumulatie plaats4 ,niet alleen breidt zich de ontwikkelingstrap van de reproduktie stoffelijk uit1 maar de produktie van de mrwaarde groeit ook sneller aan dan de waarde van het toegezet kapitaal44444 ,bij een bepaalde exploitatiegraad van de arbeidskracht--zoo eindigt ,marx deze beschouwing--wordt de hoeveelheid van de mrwaarde bepaald door het getal van de gelijktijdig uitgebuite arbeiders en dit beantwoordt1 hoewel in afwisselende verhouding1 aan de hoegrootheid van het kapitaal4 ,hoe meer het kapitaal dus door middel van de successievelijke akkumulatie aangroeit1 des te meer groeit ook de som van waarden aan1 die zich in consumptiefonds en akkumulatiefonds splitst4 ,de kapitalist kan daarom flinker leven en tegelijkertijd zich meer ontzeggen4 ,en tenslotte werken alle springveeren van de produktie zooveel te energieker1 naarmate hare ontwikkelingshoogte zich1 met de hoeveelheid van het voorgeschoten kapitaal1 meer en meer verwijdt4 ,men zal uit deze beschouwingen bemerkt hebben1 dat bij ,marx1 het kapitaal geen vaste grootte heeft1 maar integendeel zr elastisch is4 ,dit1 in tegenoverstelling met de klassieke staathuishoudkunde die van oudsher ervan hield om het maatschappelijk kapitaal op te vatten als zijnde van een vaste grootte en van eene vaste werkingsgraad4 ,als de typische vertegenwoordigers van die opvatting1 noemt ,marx in de eerste plaats1 de staathuishoudkundige ,jeremias ,bentham4 ,maar zoowel ,robert ,malthus als ,james ,mill1 7de vader van ,john ,stuart ,mill7 en ,mac,culloch1 hielden aan dit dogma van de staathuishoudkunde vast4 ,zoodoende kwam de officieele economie na ,adam ,smith1 tot de theorie van het arbeidsfonds4 ,tot welke tautologie het voeren moet1 zegt ,marx1 om de kapitalistische grenzen van het arbeidsfonds1 om te dichten in zijn maatschappelijke natuurgrenzen1 leert ons ,prof4 ,fawcett3 ,het circuleerende kapitaal van een land is zijn arbeidsfonds4 ,om daarom het doorsne-geldloon dat elke arbeider bekomt te berekenen1 hebben wij slechts eenvoudig dit kapitaal te deelen door het getal dat de arbeidersbevolking groot is1 zoo zegt deze professor4 ,van den grootsten invloed was deze theorie van het arbeidsfonds zeer zeker op de stelsels die men er op heeft gebouwd4 ,als het variabel kapitaal van een vaste grootte is1 dan is het begrijpelijk1 dat er maar een zekere hoeveelheid levensmiddelen enz4 onder de twee klassen1 onder kapitalisten en arbeiders te verdeelen valt4 ,theoretiseert men nu nog verder1 dat van die hoeveelheid er een gedeelte afgaat1 bestemd voor het loon van de arbeiders1 dat eveneens zijn vaste grootte heeft1 dan spreekt het van zelve1 dat men tot conclusies kan komen gelijk ,robert ,malthus er als volgt trok3 ,het getal arbeiders1 dat in een land aan den arbeid kan worden gesteld1 en de hoogte van hun loon1 hangen af van de hoeveelheid der voorradige levensmiddelen4 ,is het loon te laag of kunnen vele arbeiders werk vinden1 dan zal dit alleenlijk daarheen leiden1 dat het getal der arbeiders zich sneller vermeerdert1 dan de voorraad levensmiddelen4 ,het is de natuur1 niet de produktiewijze1 waaraan de ellende der arbeidersklasse moet worden geweten4 ,uit deze theorie1 is de z4 g4 n4 bevolkingswet van ,malthus geboren1 die nagenoeg door de gansche economische wetenschap echter sedert jaren is opgegeven4 ,in den tijd waarin ,marx evenwel schreef1 was zij een dogma van de officieele staathuishoudkunde1 waaraan niet mocht worden getwijfeld4 ,marx is haar het eerst1 en wel zoo grondig te lijf gegaan1 dat men kan zeggen1 dat al wat n hem over die wet van ,malthus in kritischen zin is geschreven1 slechts min of meer bedekt plagiaat is geweest1 van de wijze waarop ,marx aantoonde1 hoe lke produktiewijze haar eigen bevolkingsleer heeft en hoe lke phaze in de kapitalistische produktiewijze1 hare bevolkingstoestand met zich mede brengt zoo dat aldus van natuurlijke bevolkingswetten geen sprake kan zijn4 ,in het drie-en-twintigste hoofdstuk van ,das ,kapital gaat ,marx de invloed na1 die de aangroeiende akkumulatie van het maatschappelijk kapitaal op de arbeidersklasse heeft4 ,wasdom van kapitaal1 zegt hij1 sluit wasdom van zijn variabel1 of in arbeidskracht omgezet bestanddeel1 in zich4 ,een deel van de in het toeslagkapitaal omgezette mrwaarde1 moet steeds terug-veranderd worden1 in variabel kapitaal of in het voorgeschoten arbeidsfonds4 ,veronderstellen wij dat1 nevens overigens gelijk gebleven omstandigheden1 de samenstelling van het kapitaal onveranderd blijft1 d4 w4 z4 eene bepaalde massa productiemiddelen of constant kapitaal1 steeds dezelfde massa productiemiddelen vereischen om in beweging te worden gezet1 dan groeit klaarblijkelijk de vraag naar arbeid en het substitutiefonds der arbeiders1 in verhouding tot het kapitaal zooveel te sneller aan1 als het kapitaal te sneller aangroeit4 ,dewijl het kapitaal jaarlijks eene mrwaarde produceert1 waarvan een deel jaarlijks tot origineel kapitaal geslagen wordt2 daar dit inkrement aanwas zelf jaarlijks aangroeit met den toenemenden omvang van het bereids in funktie gestelde kapitaal1 en daar eindelijk1 onder de bijzondere spoorslag van den drang naar verrijking1 zooals bijv4 het openen van nieuwe markten1 nieuwe spheren van kapitaalbelegging--als gevolg van nieuw-ontwikkelde maatschappelijke behoeften enz4--de ontwikkelingshoogte van de akkumulatie plotseling uitzetbaar kan worden1 door enkel veranderde verdeeling van de mrwaarde of het meerprodukt in kapitaal en revenue2 kunnen de akkumulatie-behoeften van het kapitaal1 de aangroeing van de arbeidskrachten of van het aantal arbeiders1 de vraag naar arbeiders hunnen toevoer overvleugelen1 en zullen daarvandaan de arbeidsloonen stijgen4444 ,de meer of minder gunstige omstandigheden1 waarin de loonarbeiders zich in het leven houden en vermeerderen1 veranderen niets1 aan het grondkarakter van de kapitalistische produktiewijze4 ,zooals de eenvoudige reproductie1 voortdurend de kapitaalsverhoudingen zelven reproduceert1--kapitalisten aan den eenen kant1 loonarbeiders aan den anderen1--zoo reproduceert de reproductie op uitgebreider schaal of de akkumulatie1 de kapitaalsverhoudingen op uitgebreider schaal1 in meer kapitalisten1 of grootere kapitalisten aan de ne pool1 meer loonarbeiders aan de andere4 ,de reproduktie van de arbeidskracht1 die zich bij het kapitaal onophoudelijk als een middel tot waardevorming moet doen inlijven1 die niet van hem loskomen kan1 en welker onderhoorigheid aan het kapitaal alleen verduisterd wordt1 door de verwisseling van den individueelen kapitalist waaraan zij zich verkoopt1--vormt inderdaad maar een moment in de reproduktie van het kapitaal-zelf4 ,akkumulatie van kapitaal is dus tevens vermeerdering van het proletariaat4444 ,de wet van de kapitalistische produktie1 die klaarblijkelijk aan de natuurlijke bevolkingswet ten grondslag ligt1 komt eenvoudig hierop neer4 ,de verhouding tusschen kapitaal1 akkumulatie en de percentage van het loon1 is niets dan de verhouding tusschen den onbetaalden1 in kapitaal omgezetten arbeid en de tot beweging van het toeslag-kapitaal benoodigde hoeveelheid toegevoegden arbeid4 ,zij is dus geenszins een verhouding van twee van elkander onafhankelijke grootheden3 eenerzijds de grootte van het kapitaal1 anderzijds het getal van de arbeidersbevolking2 zij is veelmeer in laatste instantie1 de verhouding tusschen den onbetaalden en den betaalden arbeid1 van dezelfde arbeidersbevolking4 ,groeit de hoeveelheid der door de arbeidersklasse geleverden1 en door de kapitalistenklasse geakkumuleerden onbetaalden arbeid1 snel genoeg aan1 om slechts door eene buitengewone toeslag van betaalden arbeid1 zich om te kunnen zetten in kapitaal1 dan stijgt het loon1 en1 al het andere gelijkgebleven1 neemt de onbetaalde arbeid dan in verhouding af4 ,zoodra evenwel deze afname het punt beroert1 waar de1 het kapitaal voedende mrwaarde1 niet meer in normale hoeveelheid aangeboden wordt1 dan treedt er eene reaktie in3 een geringer deel van de revenue wordt gekapitaliseerd1 de akkumulatie verlamt en de stijgende loonbeweging verkrijgt een terugslag4 ,de verhooging van den arbeidsprijs1 blijft dus eng besloten binnen grenzen1 welke de grondslagen van het kapitalistisch systeem niet alleen onaangetast laten1 maar ook nog zijne reproduktie op aangroeiende schaal blijven verzekeren4 ,deze in een natuurwet gemystificeerde1 wet van de kapitalistische akkumulatie1 wil dus feitelijk slechts zeggen1 dat hare aard1 elke zoodanige afname in den exploitatiegraad van den arbeid of elke zoodanige verhooging van den arbeidsprijs uitsluit1 welke de gestadige reproduktie van de kapitaalsverhoudingen en hunne reproduktie op steeds uitgebreider schaal1 ernstig in gevaar kunnen doen brengen4 ,dit kan niet anders zijn1 onder een produktiewijze1 waarin de arbeiders voor de behoeften van de waarde-schepping der voorradige waarden bestaan1 in plaats van omgekeerd1 dat de belichaamde rijkdom er voor de ontwikkelingsbehoefte van de arbeiders is4 ,zooals de mensch1 in den godsdienst door het maaksel van zijn eigen hoofd1 zoo wordt hij onder de kapitalistische produktiewijze1 door het maaksel zijner eigene handen beheerscht4 ,,concentratie ,,van ,,het ,,kapitaal4 ,de algemeene grondslagen van het kapitalistisch systeem eenmaal gegeven1 treedt in het verloop van de akkumulatie telkens een punt te voorschijn1 waarop de ontwikkeling der produktiviteit van den maatschappelijken arbeid1 de machtigste hefboom wordt der akkumulatie4 ,dezelfde oorzaak1 zeide reeds ,adam ,smith1 welke de loonen verhoogt1 n4l4 de toename van kapitaal1 drijft tot verhooging der produktieve geschiktheden van den arbeid en stelt eene kleinere hoeveelheid arbeids1 in staat1 om eene grootere hoeveelheid van produkten voort te brengen4 ,marx zegt3 ,afgezien van natuurlijke voorwaarden1 als vruchtbaarheid van den bodem etc41 en van de omstandigheden onafhankelijke1 en gesoleerd arbeidende producenten1 dewelke zich echter meer kwalitatief1 in de deugdelijkheid1 dan kwantitatief in de massa van het gemaakte werk zal vertoonen1 drukt zich de maatschappelijke produktiegraad van den arbeid uit1 in de relatieve grootheidsomvang der produktiemiddelen1 welke een arbeider gedurende een zekeren tijd1 met dezelfde inspanning van arbeidskracht1 in produkt kan omzetten4 ,de massa der produktiemiddelen1 waarmede hij funktioneert1 groeit aan1 met de produktiviteit van den arbeid44444 ,bijv4 met de manufaktuurmatige verdeeling van den arbeid en de toepassing der machinerie1 wordt in denzelfden tijd meer grondstof verwerkt1 treedt dus eene grootere massa van grondstof met hulpmaterieel1 het arbeidsproces binnen4 ,dat is het gevolg van de aangroeiende produktiviteit van den arbeid4 ,aan den anderen kant1 is de massa van in gebruik genomen machinerie1 arbeidsvee1 minerale mest1 draineerings-inrichtingen enz4 de voorwaarde voor groeiende produktiviteit van den arbeid4 ,evenzoo1 de massa van de in bouwwerken1 hoogovens1 transportmiddelen etc4 geconcentreerde hoeveelheid produktiemiddelen4 ,hetzij evenwel voorwaarde1 hetzij gevolg1 de groeiende grootte-omvang van de produktiemiddelen1 in vergelijking tot de bij haar ingelijfde arbeidskracht1 drukt de aangroeiende produktiviteit van den arbeid uit4 ,de toename der laatste1 verschijnt dus in de afname der arbeidsmassa1 in verhouding tot de door haar voortbewogen massa van produktiemiddelen1 of in de grootte-afname van den subjektieven faktor van het arbeidsproces1 vergeleken met zijne objektieve faktoren4 ,deze verandering in de technische samenstelling van het kapitaal1 de groeiing der massa van produktiemiddelen1 vergeleken met de massa van de haar doen-levende arbeidskracht1 spiegelt zich terug in hunne waardesamenstelling1 in de toename van het constante bestanddeel der kapitaalswaarde1 op kosten van zijn variabel bestanddeel4 ,er worden bijv4 van een kapitaal1 procentsgewijs berekend1 oorspronkelijk elke #ej proc4 in produktiemiddelen en elke #ej proc4 in arbeidskrachten vastgelegd2 later1 met de ontwikkeling van den produktiegraad van den arbeid1 elke #hj proc4 in produktiemiddelen en elke #bj proc4 in arbeidskrachten etc4 ,deze wet van den stijgenden groei van het constante deel van het kapitaal1 in verhouding tot zijn variabel deel1 wordt bij elke schrede bevestigd1 door eene vergelijkende analyse van de prijzen der waren1 hetzij dat wij verschillende economische tijdperken van eene enkele natie bij elkar vergelijken1 of die van verschillende naties1 in hetzelfde tijdstip4 ,de relatieve grootte van het prijselement1 die slechts de waarde van de verteerde produktiemiddelen1 of het constante deel van het kapitaal vertegenwoordigt1 zal in direkte1 de relatieve grootte van het andere1 de arbeid betalende of het variabel deel van het kapitaal vertegenwoordigende prijselement1 zal1 over het algemeen1 in omgekeerde verhouding staan1 tot de vooruitgang der akkumulatie4444 ,op de grondslag der waren-produktie1 waarbij de produktiemiddelen het eigendom van private personen zijn1 waarin de handarbeider1 of gesoleerd en zelfstandig waren voortbrengt of zijn arbeidskracht als waar verkoopt1--omdat hem de middelen tot eigenbedrijf ontbreken--realiseert zich deze voorwaarde slechts door den groei van de individueele kapitalen1 of in die mate1 waarin de maatschappelijke produktie- en levensmiddelen tot privaat eigendom der kapitalisten worden omgezet4 ,de bodem der waren-produktie1 kan de produktie op groote schaal slechts dragen1 in haren kapitalistischen vorm4 ,een zekere akkumulatie van kapitaal in handen van individueele waren-producenten1 vormen daarom de voorwaarde voor de specifiek kapitalistische voortbrengingswijze44444 ,maar methodes tot vermeerdering van de maatschappelijke produktiekracht van den arbeid1 die op dezen grondslag verrijzen1 zijn tegelijkertijd1 methodes tot vermeerderende produktie van de mrwaarde of van het meerprodukt1 hetwelk zijnerzijds1 wederom het scheppingselement van de akkumulatie is4 ,zij zijn dus tegelijkertijd1 methodes ter voortbrenging van kapitaal door kapitaal1 of methodes tot zijne bespoedigde akkumulatie4 ,de onophoudelijke terugontwikkeling van mrwaarde in kapitaal1 doet zich kennen1 als de aangroeiende grootte1 van het in 't produktieproces opgaande kapitaal4 ,deze wordt harerzijds tot grondslag eener meer uitgebreide voet van produktie1 van de haar begeleidende methodes tot verhooging van de produktiekracht van den arbeid en tevens tot bespoedigder produktie van mrwaarde4 ,wanneer dus telkens1 een zekere graad van kapitaals-akkumulatie1 als voorwaarde voor de specifiek kapitalistische produktiewijze te voorschijn komt1 veroorzaakt deze laatste1 op terugwerkende wijze1 een bespoedigde akkumulatie van het kapitaal4 ,deze beide economische faktoren brengen1 naar mate van de samengestelde verhouding1 van de afstooting die zij wederzijds op elkander uitoefenen1 de wisseling voort in de technische samenstelling van kapitaal1 waardoor zijn variabel bestanddeel steeds kleiner en kleiner wordt1 vergeleken met zijn constant deel4 ,elk individueel kapitaal is een grootere of kleinere concentratie van productiemiddelen1 met een zich daarmede in overeenstemming bevindend commando1 over een grooter of kleiner leger van arbeiders4 ,het breidt1 met de vermeerderde massa van den als kapitaal funktioneerenden rijkdom1 ook zijne concentratie in de handen der individueele kapitalisten1 daarvandaan de grondslag van de produktie op groote schaal1 en de specifiek kapitalistische produktie-methoden uit4 ,de groei van het maatschappelijk kapitaal1 voltrekt zich in den groei van vele1 individueele kapitalen4 ,alle andere omstandigheden als gelijkblijvend aangenomen1 groeien de individueele kapitalen1--en met hen de concentraties van produktiemiddelen1--in die verhouding aan1 waarin zij aliquote 7gelijkdeelende7 deelen van het maatschappelijk totaal-kapitaal vormen4 ,tegelijkertijd scheuren zich dan afstootsels van de oorsprong-kapitalen los en funktioneeren als nieuwe1 zelfstandige kapitalen4 ,een groote rol speelt hierbij1 onder anderen1 de verdeeling van vermogens in kapitalisten-families4 ,met de akkumulatie van kapitaal groeit daarvandaan ook1 meer of minder1 het aantal kapitalisten aan4 ,twee punten karakteriseeren deze soort van concentratie1 welke onmiddellijk op de akkumulatie berust1 of veelmeer1 met haar identiek is4 ,ten eerste3 de aangroeiende concentratie der maatschappelijke produktiemiddelen in de handen van de individueele kapitalisten wordt1 onder overigens gelijkblijvende omstandigheden1 beperkt1 door den graad van wasdom in den maatschappelijken rijkdom4 ,ten tweede3 het in elke produktiespheer vastgelegde deel van het maatschappelijk kapitaal1 wordt verdeeld onder vele kapitalisten1 welke tegenover elkander staan als onafhankelijke1 en met elkander concurreerende warenvoortbrengers4 ,de akkumulatie en de haar begeleidende concentratie1 worden dus niet alleen op vele punten gesplitst1 maar ook de aangroeing van de funktioneerende kapitalen1 wordt doorkruist door de vorming van nieuwe1 en de splitsing van oude kapitalen4 ,doet zich daarvandaan de akkumulatie eenerzijds voor1 als de aangroeiende concentratie der produktiemiddelen en van commando's over arbeid1 zoo doet zij zich anderzijds aan ons kennen1 als repulsie 7afstooting7 van vele individueele kapitalen onder elkander4 ,deze versplintering van het maatschappelijk totaal-kapitaal1 in vele individueele kapitalen1 of deze repulsie van zijn onderdeelen van elkander1 werkt zijne attraktie tegen4 ,het is hier niet meer de eenvoudige1 met de akkumulatie identieke1 concentratie van produktiemiddelen en het commando over den arbeid1 het is de concentratie van reeds gevormde kapitalen1 de opheffing van hunne individueele zelfstandigheid1 de onteigening van kapitalist door kapitalist1 het omzetten van vele kleinere1 in weinige grootere kapitalen4 ,dit proces onderscheidt zich van het eerste daardoor1 dat het slechts veranderde verdeeling van reeds voorradige en funktioneerende kapitalen veronderstelt en zijn speelruimte1 dus niet door de absolute wasdom van den maatschappelijken rijkdom of de absolute grenzen der akkumulatie wordt beperkt4 ,het kapitaal zwelt hier1 in eene hand tot een groote massa aan1 omdat het daar1 in vele handen1 verloren gaat4 ,dit is de eigenlijke centralisatie1 in onderscheiding met akkumulatie en concentratie4 ,welke de wetten zijn1 die deze centralisatie der kapitalen of de attrakties van kapitaal tot kapitaal beheerschen1 wordt hier door ,marx niet verder behandeld1 dat geschiedt in het tweede deel van zijn werk4 ,eene aanduiding evenwel wordt hier in algemeene trekken gegeven3 ,de concurrentiestrijd wordt gevoerd door de goedkoopermaking der waren4 ,deze goedkoopermaking der waren hangt1 caeteris paribus1 7onder overigens gelijke omstandigheden7 af van de produktiviteit van den arbeid1 deze echter weder1 van de ontwikkelingstrap welke de produktie heeft bereikt4 ,de grootere kapitalen verslaan daarvandaan de kleinere4 ,verder herinnert men zich1 dat met de ontwikkeling van de kapitalistische produktiewijze1 de minimum-omvang van het individueele kapitaal1 dat benoodigd is om een bedrijf onder zijn normale voorwaarden te drijven1 aangroeit4 ,de kleinere kapitalen dringen zich daarvandaan in produktiespheren1 welke door de groote industrie nog maar sporadisch1 of onvolkomen zijn aangetast4 ,de concurrentie werkt hier onvermoeid voort1 in direkte verhouding tot het aantal1 en in omgekeerde verhouding1 tot de grootte der rivaliseerende kapitalen4 ,zij eindigt steeds met den ondergang van vele kleine kapitalisten1 welker kapitalen1 deels overgaan in handen van den overwinnaar1 deels ondergaan4 ,afgezien hiervan1 vormt zich nog met de kapitalistische produktiewijze een gansch nieuwe macht1 het credietwezen1 dat in zijn begin op den achtergrond1--als de bescheidene helper van de akkumulatie1--nu naar binnen sluipt langs onzichtbare draden1 de over de oppervlakte der samenleving1 in grootere of kleinere massa's verspreide geldmiddelen1 in handen van individueele of met elkander geassocieerde kapitalisten trekt1 maar dan schielijk een nieuw en vruchtbaar wapen wordt in den concurrentiestrijd1 om zich ten slotte in een reusachtig sociaal mechanisme1 dat tot centralisatie van kapitalen dient1 te veranderen4 ,de centralisatie1 zegt ,marx verder1 vervolkoment het werk der akkumulatie1 doordien zij de industrieele kapitalisten in staat stelt1 de voet hunner operaties uit te breiden4 ,hetzij dit laatste resultaat nu het gevolg is1 van de akkumulatie of van de centralisatie2 hetzij zich de centralisatie voltrekt langs den gewelddadigen weg van annexatie1--waar zekere kapitalen op zoo overwegende wijze gravitatie-middelpunten worden voor anderen1 dat zij diens individueele cohesie breken en dan de op zichzelf-staande deelen tot zich trekken1--of dat de versmelting der reeds gevormde1 respektievelijk in die vorming inbegrepen kapitalen1 door middel van de geleidelijke aktie1 door de vorming van naamlooze vennootschappen geschiedt--de economische uitwerking blijft dezelfde4 ,de aangegroeide uitdijding van de industrieele tablissementen1 vormt overal het uitgangspunt voor een omvattender organisatie der totaal-arbeid van velen2 voor een breeder ontwikkeling harer materieele drijfkrachten1 d4 w4 z4 voor de voortschrijdende revolutioneering van individueele1 en volgens de traditie gedreven produktie-processen1 in maatschappelijk-gecombineerde en wetenschappelijk-gedisponeerde produktieprocessen4 ,marx wijst er nog vervolgens op1 dat de akkumulatie een veel langduriger proces is1 dan de centralisatie4 ,de wereld1 zegt hij1 ware nog niet van spoorwegen voorzien1 als zij had moeten wachten1 totdat de akkumulatie enkele kapitalisten ertoe gebracht had1 opgewassen te zijn1 tegen het bouwen van een spoorweg4 ,de centralisatie daarentegen1 heeft dit met een handomdraaien klaar gespeeld1 door middel van de maatschappijen op aandeelen4 ,en terwijl de centralisatie1 aldus de werkingen der akkumulatie verhoogt en bespoedigt1 breidt zij uit1--en bespoedigt zij gelijktijdig1--de omwentelingen in de technische samenstelling van het kapitaal1 die deszelfs constant deel1 doen vermeerderen op kosten van zijn variabel deel en daarmede de relatieve vraag naar arbeid doen verminderen4 ,de door centralisatie1 over nacht als het ware1 tezam gesmede kapitaal-massa's1 reproduceeren en vermeerderen zich gelijk de anderen1 slechts vlugger1 en worden hiermede tot nieuwe1 machtige hefboomen voor de maatschappelijke akkumulatie4 ,als er dus sprake is van vooruitgang der maatschappelijke akkumulatie1 dan zijn daar--heden ten dage--de werkingen der centralisatie stilzwijgend onder begrepen4 ,,de ,,industrieele ,,reservearm,e4 ,het1 door de voortgang der akkumulatie1 opnieuw gevormde kapitaal1 verschaft in verhouding tot zijne grootte1 steeds aan minder arbeiders werk4 ,gelijktijdig met de akkumulatie1 gaat ook de revolutioneering van het oude kapitaal haren gang4 ,marx toonde het aan1 hoe de centralisatie daarvoor de machtigste hefboom is4 ,volgens de ,malthusianen is de overbevolking het gevolg hiervan1 dat de levensmiddelen1 7men moest zeggen3 het variabel kapitaal7 aangroeien1 in de arithmetische progressie-reeks van #a3 #b3 #c3 #d3 #e3 enz4 terwijl de bevolking de tendens heeft1 zich in de geometrische reeks van #a3 #b3 #d3 #h3 #af3 enz4 te vermeerderen4 ,daarom leerden ,malthus c4 s41 dat de bevolking de produktie der levensmiddelen vooruit ijlde ten gevolge waarvan de ondeugd en de ellende ontstonden4 ,wat evenwel progressief voortgaat1 is de afname van het variabel kapitaal1 gelijktijdig met de wasdom van het totaal-kapitaal4 ,het variabel kapitaal1 zoo het oorspronkelijk #a_/b was van het totaal-kapitaal1 wordt progressief #a_/c1 #a_/d1 #a_/e1 #a_/f enz4 van het totaal-kapitaal4 ,marx zegt3 ,deze1 door de wasdom van het totaal-kapitaal bespoedigde en sneller dan zijn eigen aanwas bespoedigde1 relatieve afname van zijn variabel bestanddeel1 schijnt aan de andere zijde1 omgekeerd steeds sneller absolute aanwas der arbeidersbevolking te zijn1 als aanwas van het variabel kapitaal of van de middelen ter hunner werkverschaffing4 ,de kapitalistische akkumulatie produceert veeleer1 en wel in verhouding tot hare energie en haren omvang1 gestadig eene relatieve1 d4 w4 z4 eene voor de gemiddelde behoefte tot waardemaking van het kapitaal overtollige1 dus eene overvloedige of bijgevoegde arbeidersbevolking44444 ,met de grootte van het reeds funktioneerend1 maatschappelijk kapitaal en de graad van zijn aanwas2 met de uitbreiding van de produktie-trappen en de massa der in beweging gezette arbeiders2 met de ontwikkeling der produktiekracht hunner arbeid1 met den breederen en volleren stroom van alle fonteinen des rijkdoms1 verwijdt zich ook de ontwikkelingshoogte1 waarop grootere attraktie der arbeiders door het kapitaal1 met grootere repulsie van hetzelve verbonden is1 nemen de snelheid van de wisseling in de organische samenstelling van het kapitaal en zijn technische vorm toe en zwelt de cirkel der produktiespheren aan1 welke er dan gelijktijdig1 dan bij afwisseling1 door worden aangegrepen4 ,met de door haar zelf geproduceerde akkumulatie van het kapitaal1 produceert de arbeidersbevolking alzoo1 in steeds groeiender mate1 de middelen voor haar eigene relatieve overtolligmaking4 ,dit is eene1 aan de kapitalistische produktiewijze eigenaardige bevolkingswet1 gelijk feitelijk elke produktiewijze1 hare bijzondere1 historisch geldende bevolkingswet heeft4 ,eene abstrakte bevolkingswet1 kan alleen maar onder planten en dieren heerschen1 in zooverre daar althans de mensch niet historisch ingrijpt4 ,waar evenwel een surplus-arbeidersbevolking1 het noodwendig produkt is van de akkumulatie of van de ontwikkeling van den rijkdom op kapitalistischen grondslag1 daar wordt deze arbeidersbevolking1 omgekeerd1 tot een hefboom der kapitalistische akkumulatie1 ja1 tot een bestaans-noodzakelijkheid voor de kapitalistische produktiewijze zelve4 ,zij vormt een disponibele1 industrieele reserve-arme1 die aan het kapitaal evenzoo absoluut toebehoort1 alsof hij haar op zijn eigen kosten grootgebracht had4 ,zij schept het1 voor zijne afwisselende waarde-scheppings-behoeften1 steeds bereidvaardige1 exploitabele menschen-materiaal1 dat onafhankelijk is van de grenzen der feitelijke bevolkingstoename4 ,marx voert verder1 historische en economische bewijzen uit de engelsche industrietoestanden aan1 voor de absolute afname van het aantal aan den arbeid zijnde arbeiders1 bij1 naar verhouding gelijkblijvende1 uitbreiding van de produktie4 ,de beweging van de wetten van vraag en aanbod van den arbeid1 op deze basis1 voltooit de despotie van het kapitaal1 zegt hij4 ,de ijzeren loonwet eveneens een dogma der oudere officieele economie1 wordt echter daardoor geen werkelijkheid4 ,zoodra1 eindigt ,marx hier1 de arbeiders achter het geheim komen1 dat in dezelfde mate waarin zij meer arbeiden1 meer vreemden rijkdom produceeren1 en de produktiekracht hunner arbeid aangroeit1 zelfs hunne funktie1 als een middel tot waardeschepping voor het kapitaal1 meer precair voor hen wordt2 zoodra zij ontdekken1 dat de intensiteitsgraad van de concurrentie onder hen1 zelfs geheel en al van den druk der relatieve overbevolking afhankelijk geworden is2 zoodra zij daarvandaan door ,trade ,unions enz4 een planmatige samenwerking tusschen arbeidenden en arbeidsloozen pogen te organiseeren1 om de runeerende gevolgen van deze natuurwet der kapitalistische produktiewijze op hunne klasse1 te breken of te verzwakken1 toornen het kapitalisme en zijn sykophanten1 de staathuishoudkunde1 terstond over aantasting der eeuwige en om zoo te zeggen heilige wetten van vraag en aanbod4 ,elke samenwerking tusschen arbeidenden en arbeidsloozen1 stoort dan namelijk het zuivere spel van deze wet6 ,zoodra anderzijds echter1 in de kolonin bijv41 tegenwerkende omstandigheden1 de schepping der industrieele reserve-armee en met haar1 de absolute afhankelijkheid der arbeidersklasse van de kapitalistenklasse verhinderen1 rebelleert het kapitaal tegen deze heilige wet van vraag en toevoer en zoekt haar door dwangmiddelen op te heffen4 ,,hoofdstuk ,x4 ,,de ,,tendensen ,,der ,,kapitalistische ,,produktiewijze4 ,zagen wij tot nog toe1 hoe het kapitaal zijn eigen bestaansvoorwaarden1 steeds van voren af aan1 op nieuw voortbrengt1 het is ons tevens duidelijk geworden1 dat er oorspronkelijk voorwaarden aanwezig moeten geweest zijn1 waaronder dit zich kon ontwikkelen1 tot het moderne kapitalisme dat wij kennen4 ,het vierentwintigste hoofdstuk van ,bd4 ,i van ,das ,kapital bevat een uitvoerig onderzoek van buitengewone historische waarde2 dit hoofdstuk is getiteld3 ,de zoogenaamde oorspronkelijke akkumulatie4 ,marx wendt zich daarin tegelijkertijd1 polemisch tegen de officieele staathuishoudkunde en tegen hare beschouwing van den oorsprong van het moderne kapitalisme4 ,de geheimen van de oorspronkelijke akkumulatie1 zoo is de eerste paragraaf van dit klassieke hoofdstuk genoemd1 die aldus aanvangt3 ,men heeft gezien hoe geld tot kapitaal wordt2 door kapitaal tot mrwaarde en uit die mrwaarde1 meer kapitaal gemaakt wordt4 ,intusschen heeft de akkumulatie van het kapitaal de mrwaarde tot voorwaarde1 de mrwaarde op haren beurt1 de kapitalistische produktiewijze1 deze heeft evenwel het aanwezig zijn van grootere massa's van kapitaal en van arbeidskracht1 in handen van warenproducenten tot voorwaarde4 ,deze geheele beweging nu1 schijnt aldus te draaien in een vicieusen cirkel1 waar wij alleen kunnen uitkomen1 wanneer wij eene1--aan de kapitalistische akkumulatie voorafgaande--oorspronkelijke akkumulatie1 7precious accumulation volgens ,ad4 ,smith71 veronderstellen2 eene akkumulatie1 welke niet het resultaat1 van de kapitalistische produktiewijze1 maar alleen maar1 haar uitgangspunt vormt4 ,deze oorspronkelijke akkumulatie1 speelt in de staathuishoudkunde dezelfde rol1 die de zondenval speelt in de theologie4 ,adam beet in den appel en daardoor kwam de zonde over het menschelijk geslacht6 ,hare oorsprong wordt ons verklaard1 doordien zij ons1 als eene anecdote uit het verleden wordt verteld4 ,in een lang vervlogen tijd1 bestond er aan den eenen kant1 eene vlijtige1 intelligente en vr alles1 eene spaarzame lite1 en aan den anderen kant1 eene luierende1 al het hunne en meer dan dat1 verbrassende troep schooierds4 ,de legende van de theologische zondeval1 vertelt ons alleen maar1 hoe de mensch ertoe verdoemd werd1 zijn brood in 't zweet zijns aanschijns te moeten eten1 de historie van de economische zondeval evenwel1 onthult ons1 hoe er lieden zijn1 die ook dt niet noodig hebben4 ,het komt echter op 't zelfde neer4 ,maar zoo zou het dan gekomen zijn1 dat de eersten1 rijkdom konden akkumuleeren1 en de laatsten ten slotte niets meer over hadden dan hun eigen huid4 ,en van af deze zondeval1 dateert de armoede van de groote massa1 die altijd nog1 ondanks al haren arbeid1 niets te verkoopen heeft als zichzelve1 nevens den rijkdom der weinigen1 die voortdurend aangroeit1 alhoewel dezen reeds lang opgehouden hebben te arbeiden4444 ,geld en waren1 zijn niet a priori kapitaal1 evenzoomin als produktie- en levensmiddelen4 ,zij moeten tot kapitaal worden omgezet4 ,deze verandering zelve1 kan slechts geschieden onder bepaalde omstandigheden1 die zich daarheen toespitsen1 dat tweerlei zeer verschillende soorten van warenbezitters1 elkander moeten tegemoet- en met elkander in contakt moeten komen2 aan de eene zijde eigenaren van geld1 produktie- en levensmiddelen1--want het geldt1 de in hun bezit zijnde som van waarden weder tot waarde te maken1 door middel van den aankoop van vreemde arbeidskracht1--aan den anderen kant vrije arbeiders1 verkoopers van de eigen arbeidskracht en daardoor verkoopers van arbeid4 ,vrije arbeiders in dien dubbelen zin1 dat zij1 noch zelven onmiddellijk behooren tot de produktiemiddelen1 zooals slaven1 lijfeigenen etc41 noch de produktiemiddelen hn toebehooren1 zooals bij den het eigenbedrijf voerenden boer enz4 dit het geval is4 ,zij moeten daarvan los en leeg zijn4 ,met deze polarisatie 7vaststelling der beide polen7 van de warenmarkt1 zijn de grondvoorwaarden voor de kapitalistische produktiewijze gegeven4 ,de kapitaalsverhouding1 stelt de scheiding van de arbeiders en hun eigendom aan de verwerkelijkingsvoorwaarden van den arbeid1 op den voorgrond4 ,zoodra de kapitalistische productiewijze eenmaal op eigen beenen staat1 is deze scheiding niet alleen aanwezig1 maar reproduceert zij zich telkens weder1 op steeds uitgebreider schaal4 ,het proces dat de kapitaalsverhouding schept1 kan alzoo niets anders zijn1 dan het scheidingsproces van den arbeider van het bezit zijner arbeidsvoorwaarden2 een proces1 dat eenerzijds de maatschappelijke levens- en produktiemiddelen in kapitaal verandert1 anderzijds de onmiddellijke producenten in loonarbeiders4 ,de zoogenaamde oorspronkelijke akkumulatie1 is niets anders1 dan het historische scheidingsproces van producent en produktiemiddelen4 ,zij schijnt ons eene oorspronkelijke toe1 omdat zij de vrgeschiedenis van het kapitaal en de aan hem beantwoordende produktiewijze1 uitmaakt4 ,de economische struktuur der kapitalistische samenleving is voortgekomen uit de economische struktuur van de feodale maatschappij4 ,de oplossing van deze1 heeft de elementen voor gene1 vrij doen komen4 ,de onmiddellijke producent1 de arbeider1 kon eerst dn over zijn persoon beschikken1 nadat hij had opgehouden geketend te zijn aan den bodem en aan een ander persoon lijfeigen of onderhoorig te wezen4 ,om een vrijen verkooper van arbeidskracht te kunnen worden1 die zijne waar overal heendragen kan1 waar een markt daarvoor te vinden is1 moest hij vervolgens1 aan de heerschappij van gilden1 met hunne leerlingen- en gezellenverordeningen en beperkende arbeidsvoorwaarden1 zijn ontgroeid4 ,daardoor schijnt ons de historische beweging1 welke de producenten in loonarbeiders verandert1 eenerzijds toe1 als eene bevrijding van de dienstbaarheid en gildedwang1--en het is dan ook deze zijde alleen1 die er voor de geschiedschrijving van onze burgerlijke economie bestaat4 ,maar aan de andere zijde evenwel1 werden deze nieuw-bevrijden1 eerst verkoopers van zich zelven1 ndat hun1 al hunne produktiemiddelen1 en hun alle1 door de oude feodale inrichtingen van de maatschappij aangeboden garanties voor een bestaan waren geroofd geworden4 ,en deze geschiedenis der expropriatie 7onteigening71 is in de annalen der menschheid1 gegrift1 met sporen van bloed en vuur4 ,de industrieele kapitalisten1 deze nieuwe potentaten1 moesten hunnerzijds1 niet alleen de handwerkmeesters der ,gilden verdringen1 maar ook in het bezit komen van de bronnen van rijkdom1 die in het bezit waren van de feodale ,heeren4 ,van deze zijde1 doet zich hunne opkomst dan ook kennen1 als een vrucht van den zegenrijken strijd1 zoowel tegen de feodale machten en hunne opstandverwekkende voorrechten1 als tegen de ,gilden en de banden welke dezen1 aan de vrije ontwikkeling der produktie en aan de vrije uitbuiting van menschen door menschen1 hadden in den weg gelegd4 ,de ridders van de industrie1 speelden het nochtans alleen daardoor klaar1 de ridders van den degen te verdringen1 doordien zij gebeurtenissen uitbuitten1 waaraan zij gansch onschuldig waren4 ,zij hebben zich naar boven gewerkt door middelen1 even zoo gemeen1 als die waardoor de romeinsche vrijgelatene zich1 voormaals1 tot heer van zijn patronus heeft weten te maken4 ,het uitgangspunt der ontwikkeling1 die zoowel de loonarbeiders1 als de kapitalisten heeft voortgebracht1 was de knechtschap der arbeiders4 ,de voortgang1 bestond in een verwisseling van den vorm dezer knechtschap2 in de verandering van de feodale1 in de kapitalistische maatschappij4 ,om haren gang te begrijpen1 behoeven wij in het geheel niet zoo vr in de geschiedenis terug te gaan4 ,alhoewel wij den eersten aanvangen van de kapitalistische produktiewijze1 reeds in de #ad;e en #ae;e eeuw in eenige steden aan de ,middellandsche ,zee sporadisch tegenkomen1 dateert de aera van het kapitalisme1 eerst van af de #af;e eeuw4 ,daar waar zij optreedt1 is de opheffing van de lijfeigenschap reeds lang een voldongen feit1 en het glanspunt van de ,middeleeuwen1 het bestaan van de souvereine steden1 is daar een geruimen tijd reeds aan het verbleeken4 ,historisch1 hun tijdperk kenteekenend in de geschiedenis der oorspronkelijke akkumulatie1 zijn alle revoluties1 die der zich vormende kapitalisten-klasse als hefboomen dienden2 voor alles evenwel die momenten1 waarin groote menschenmassa's plotseling en gewelddadig van hunne bestaansmiddelen werden losgerukt en als vogelvrije proletarirs op de arbeidsmarkt werden geslingerd4 ,deze expropriatie van de landelijke producenten1 van de boeren1 van grond en bodem1 vormt de grondslag van dit gansche proces4 ,hare geschiedenis neemt in verschillende landen1 verschillende kleuren aan en doorloopt verschillende phazen in verschillende achtereenvolgende reeksen en in verschillende tijdperken der geschiedenis4 ,alleen in die van ,engeland1 bezit zij een klassieken vorm4 ,de historische bewijzen1 die ,marx vervolgens aanhaalt om aan te toonen1 op welk een gewelddadige manier men in den aanvang van het kapitalistisch stelsel in ,engeland1 zich van den bodem der vrije boeren heeft bemachtigd1 welke men dan bovendien naar de steden heeft gejaagd1 om ze aldaar bij de industrie als loonarbeiders in te lijven1 zijn een doorloopende staving voor het voorgaande4 ,zoowel tot beschutting van den eigendom tegen vagebonden 7in den regel van hunnen grond beroofde eigen-boeren71 als ter bevordering van de omzetting van gemeenschappelijk eigendom in privaat-eigendom1 zoo als ,marx dit1 met historische feiten in de hand1 van ,engeland weergeeft1 zoo trad de staatsmacht ook daar handelend op1 waar het gold de arbeiders te doen gewennen1 aan de subordinatie en de discipline van het kapitalisme4 ,strenge wetten stelde de ,staat1 zoowel op de vagabondage 7z4 g4 n4 bloedwetgeving onder ,hendrik ,,viii in #aecj en onder ,elisabeth in #aegb72 als op het maximum dat het arbeidsloon mocht bedragen1 en tegen arbeiders-coalities4 ,deze laatsten bleven in ,engeland nog heerschen1 tot aan het jaar #ahbe1 toen zij moesten bezwijken voor den drang der arbeiders4 ,dit hoofdstuk over de onteigening van het landvolk van grond en bodem1 eindigt ,marx aldus3 ,de roof der kerkelijke goederen1 de frauduleuze ontvreemding van de staatsdomeinen1 de diefstal van gemeenschappelijk-eigendom2 de usurpatorische en met onbarmhartig terrorisme voltrokken revolutioneering van ,feodaal en ,clan-eigendom 7zooals bijv4 in ,schotland71 in modern privaat-eigendom1 dat waren evenzoovele idyllische methodes van de oorspronkelijke akkumulatie4 ,zij veroverden het veld voor de kapitalistische agrikultuur1 lijfden den grond en den bodem bij het kapitaal in1 en schiepen daarmede voor de industrien in de steden1 de noodige toevoer van een vogelvrij proletariaat4 ,met het proletariaat1 ontstond evenwel ook1 de inwendige markt voor het kapitaal4 ,vroeger produceerde elke boerenfamilie zelf levensmiddelen en de voorwerpen voor huiselijk gebruik1 die zij noodig had4 ,thans werd dit natuurlijk ook anders4 ,de levensmiddelen kwamen1 met de opkomst van het kapitalisme in de voortbrenging1 als waren op de markt4 ,de produkten der kapitalistische industrie1--in dit tijdstip3 de periode der ,manufaktuur1--vonden nu hunnen aftrek bij de loonarbeiders der industrie van de groote landgoederen1 zoo ook bij de boeren zelf4 ,veeltijds was hun land te klein geworden1 om ze voort te brengen2 de landbouw werd voor hen tot nevenbedrijf en de huisindustrie voor het doel van eigen verbruik1 trad op den achtergrond en maakte plaats voor een huisindustrie1 die was voortbracht voor de kapitalisten4 ,voor den koopman in den aanvang1 maar later voor den landelijken industrieel2 eene der afschuwelijkste1 maar tevens een der meest winstgevende vormen1 van de kapitalistische uitbuiting4 ,zoo gaat1 zegt ,marx1 hand aan hand met de expropriatie van vroeger hun eigen-bedrijf beoefenende boeren en met de losmaking van hunne produktiemiddelen1 de vernietiging van landelijke nevenindustrie1 het scheidingsproces van manufaktuur en agrikultuur4 ,een volgende paragraaf betitelt ,marx3 ,,het ,,genesis ,,der ,,industrieele ,,kapitalisten4 ,hij schetst daarin het ontstaan van het industrie-kapitaal4 ,wij zagen n4l4 hoe het eigenlijke proletariaat werd geschapen1 wij zagen ook hoe de kunstmatige overbevolking geschapen werd4 ,waarvan stamden evenwel1 die groote kapitaalsrijkdommen in weinige handen1 die de grondslag konden vormen1 voor een verdere ontwikkeling van de kapitalistische produktiewijze8 ,de middeleeuwen kenden1 als van uit de oudheid overgerfd1 twee soorten van kapitaal3 het woekerkapitaal en het koopmanskapitaal4 ,sedert de ,kruistochten toch1 was het handelsverkeer met het ,oosten verbazend toegenomen en daarmede het koopmanskapitaal1 en deszelfs centralisatie1 in betrekkelijk weinige handen4 ,maar deze bronnen waren nochtans de eenige niet4 ,het door woeker en handel gevormde geldkapitaal1 werd door het feodale staatswezen op het land2 door de gilde-inrichting in de steden1 in zijne revolutioneering tot industrieel kapitaal gehinderd4 ,deze beperkingen1 vervielen met de oplossing der feodale gevolgschappen1 met de expropriatie en met de gedeeltelijke verjaging van het landvolk4 ,de nieuwe ,manufaktuur werd dan in een zee-exporthaven opgericht1 of op zekere punten van het platteland1 waar zij buiten de contrle van het oude stadswezen en zijn gildewetten stond4 ,in ,engeland1 heerschte daardoor een langen verbitterde strijd van de corporate towns1 tegen deze nieuwe industrieele aanplant-scholen4 ,de ontdekking van goud- en zilverlanden in ,amerika1 de uitroeing en verslaving der ingezeten bevolking in de mijnen2 de aangevangen verovering van ,oost-,indi2 de verandering van ,afrika1 in een jachtveld naar zwarte slaven1 zij allen teekenen de dageraad van de kapitalistische produktie-aera4 ,deze idyllische processen1 vormen de hoofdmomenten van de oorspronkelijke akkumulatie4 ,op den voet worden zij gevolgd1 door de handelsoorlogen der ,europeesche naties1 met het aardrond als toeschouwplaats4 ,deze worden geopend1 door den afval der ,nederlanden van ,spanje1 nemen een reusachtigen omvang aan in ,engeland's anti-,jakobussenoorlog1 terwijl zij nog voort spelen1 in de opiumoorlogen tegen ,china1 enz4 ,de verschillende momenten der oorspronkelijke akkumulatie1 verdeelen zich nu meer of minder1 naar tijdelijke rij-opvolging namelijk1 over ,spanje1 ,portugal1 ,nederland1 ,frankrijk en ,engeland4 ,in ,engeland worden zij aan het einde van de #ag;e eeuw1 systematisch tezamengevat in koloniaal-systeem1 staatsschulden-systeem1 modern belastingsysteem en protektiesysteem4 ,deze methoden1 berusten zelfs voor een deel op het brutaalste geweld1 bijv4 bij het koloniale systeem4 ,allen evenwel1 nemen de ,staatsmacht daartoe in hun dienst1--deze geconcentreerde en georganiseerde macht in de samenleving1--ten einde het revolutioneeringsproces van de feodale in de kapitalistische produktiewijze1 kunstmatig te bevorderen en de overgangen daarvan1 af te korten4 ,het geweld1 is de vroedmeester van elke oude samenleving1 die met een nieuwe zwanger gaat4 ,hij-zelf is een economische macht4 ,marx voert nog1 in dit hoofdstuk tal van bewijzen van uitbuiting aan1 door het ,engelsche koloniale systeem en het systeem van het openbare crediet1 dat der staatsschulden4 ,hij zegt3 het protektiesysteem was een middel tot het fabriceeren van onafhankelijke fabrikanten1 tot het onteigenen van onafhankelijke arbeiders1 om nationale produktie- en levensmiddelen te verkapitaliseeren en de overgang1 van uit de oude in de moderne produktiewijze1 op gewelddadige wijze te verkorten4 ,de ,europeesche staten verscheurden zich1 om het patent dezer uitvinding te bekomen en eenmaal in dienst van de plusmakers getreden1 brandschatten zij ten diens behoeve1 niet alleen het eigen volk1 indirekt door beschermende rechten1 maar ook direkt door exportpremies enz4 ,in de afhankelijke naburige landen1 werden alle industrien gewelddadig uitgeroeid1 zooals dit bijv4 geschiedde met de ,iersche wolmanufaktuur door ,engeland4 ,op het ,europeesche vasteland werd1 naar ,colbert's voorbeeld1 dit proces nog zeer vereenvoudigd4 ,het oorspronkelijke kapitaal1 dat de industrieelen behoefden1 vloeide hier voor een deel zelfs direkt uit de staatsschatkist4 ,met de ontwikkeling der kapitalistische produktie gedurende de ,manufaktuur-periode1 had de publieke opinie in ,europa1 de laatste rest van haar schaamtegevoel en haar geweten ingeboet4 ,de naties renommeerden op cynische wijze met elke infamie1 die een middel tot kapitaals-akkumulatie kon zijn4444 ,terwijl zij de kinderslavernij in ,engeland invoerde1 gaf de katoenindustrie tegelijkertijd den stoot1 tot omzetting van de vroeger meer of minder patriarchale slaven-economie in de ,vereenigde ,staten1 in een commercieel exploitatiesysteem4 ,over het algemeen1 behoefde de omsluierde slavernij van de loonarbeiders in ,europa1 dan ook tot pidestal1 de slavernij sans phrase in de nieuwe ,wereld4 ,tantae molis erat1 de eeuwige natuurwetten van de kapitalistische produktiewijze te ontbinden1 het scheidingsproces tusschen arbeiders en arbeidsvoorwaarden te voltrekken2 op de eene pool1 de maatschappelijke produktie- en levensmiddelen in kapitaal om te zetten1 op de tegenpool1 de volksmassa in loonarbeiders1 in vrije arbeidende armen1 dt was het kunstprodukt1 dat de moderne geschiedenis ons aanbood4 ,wanneer het geld1 volgens ,augier1 met natuurlijke bloedvlekken op den wang ter wereld komt1 dan is het kapitaal ter wereld gekomen1 besmet van kop tot teenen en druipend uit alle porin1 van bloed en vuil4 ,het nu volgende hoofdstuk handelt over3 ,,de ,,historische ,,zending ,,van ,,de ,,kapitalistische ,,akkumulatie4 ,in een kort overzicht1 resumeert hier ,marx de resultaten1 uit zijn analyse en zijn onderzoek gewonnen4 ,thans gaat hij over tot het bepalen van de richting die het kapitalisme1 eenmaal gekomen op de hoogte waarop het staat1 consekwent en op de weg der ontwikkeling voortgaande1 zal volgen4 ,marx heeft hier niet anders gedaan1 dan in groote lijnen den weg van het proces aangegeven1 niet de snelheid van dit proces1 dat door tal van omstandigheden1 soms kan worden onderbroken1 soms kan worden vertraagd4 ,dit zagen wij ook reeds uit ,marx zelf1 bij het schetsen o4 a4 van het concentratieproces van het kapitaal4 ,men heeft ,marx vaak1 moedwillig zelfs1 onderschoven1 een profetie te hebben gegeven in deze bladzijden voor het heden1 en dan verklaard1 dat deze niet uit is gekomen6 ,het is zeker zeer gemakkelijk1 eerst een carricatuur te maken van groote denkbeelden1 die afgeleid zijn uit ervaring en analyse1--de grondpijlers voor elk wetenschappelijk onderzoek1--en dan deze te gaan bespotten4 ,marx profeteert niets4 ,marx leerde ons uit het verleden1 het heden1 uit het heden de toekomst af te leiden4 ,niet de toekomst-maatschappij1 die eene afspiegeling zal moeten zijn van de economische en politieke verhoudingen1 die dan de heerschende zullen zijn1 maar van de toekomstige oplossing van het kapitalistisch produktiesysteem4 ,marx zegt dan3 ,zoodra dit omwentelingsproces 7van de oude verhoudingen tot zuiver privaat-kapitalistische7 naar diepte en naar omvang1 de oude samenleving in genoegzame mate heeft gerevolutioneerd2 zoodra de arbeiders in proletarirs1 hunne arbeidsvoorwaarden in kapitaal zijn omgezet1 zoodra de kapitalistische produktiewijze op eigen beenen staat1 verkrijgen de verdere socialiseering van den arbeid en de verdere verandering van den bodem en andere produktiemiddelen in maatschappelijk uitgebuitte1 dus gemeenschappelijke produktiemiddelen1 daarvandaan ook de verdere onteigening van den privaatbezitters1 eenen nieuwen vorm4 ,wat thans onteigend moet worden1 is niet langer meer de1 zijn bedrijf zelf uitoefenenden arbeider1 maar het is de vele-arbeiders-exploiteerende kapitalist6 ,deze onteigening voltrekt zich1 door de werking van de immanente wetten der kapitalistische productiewijze-zelf3 door de centralisatie der kapitalen4 ,en kapitalist slaat er velen dood4 ,hand-aan-hand met deze centralisatie1 of expropriatie van vele kapitalisten door weinigen1 ontwikkelt zich de coperatieve vorm van het arbeidsproces1 op steeds stijgender ontwikkelingstrap2 de bewuste1 technische toepassing van de wetenschap2 de planmatige uitbuiting van de aarde2 de revolutioneering van de arbeidsmiddelen1 in slechts gemeenschappelijk te gebruiken arbeidsmiddelen1 de economiseering van alle produktiemiddelen1 door hun gebruik als produktiemiddelen van gecombineerden maatschappelijken arbeid2 de omslingering van alle volken in het net van de wereldmarkt1 en daarmede1 het internationale karakter van het kapitalistische rgime4 ,met het gestadig afnemende aantal kapitaal-magnaten1 welke alle voordeelen van dit omwentelingsproces usurpeeren en monopoliseeren1 groeien de massa van ellende en van verdrukking1 de knechtschap1 de ontaarding en de uitbuiting aan1 maar k de opstand daartegen1 van de steeds aanzwellende en door het mechanisme van het kapitalistisch produktieproces-zelf1 geschoolde1 vereenigde en georganiseerde arbeidersklasse4 ,het kapitaal-monopolie wordt tot een band voor de produktiewijze1 die met en onder haar is opgebloeid4 ,de centralisatie der produktiemiddelen en de socialiseering van den arbeid1 bereiken een punt1 waarop zij onverdragelijk worden met dit hun kapitalistisch omhulsel4 ,dat springt dan uiteen4 ,het uur der kapitalistische productiewijze heeft dan geslagen4 ,de onteigenaars worden onteigend4 ,de1 uit de kapitalistische produktiewijze voortkomende kapitalistische toeeigeningswijze1 de kapitalistische eigendom dus1 is de eerste negatie van het individueele1 op eigen-arbeid gebaseerde1 privaat-eigendom4 ,maar de kapitalistische produktiewijze1 brengt met de noodzakelijkheid van een natuurproces1 hare eigene negatie voort4 ,er is dus hier negatie van de negatie4 ,deze herstelt niet het privaat-eigendom1 maar wel het individueele eigendom weder1 op den grondslag van het door de kapitalistische aera veroverde3 de coperatieve arbeid en het gemeenschappelijk bezit van de aarde benevens de door den arbeid zelve geproduceerde produktiemiddelen4 ,de revolutioneering van het1 op eigen arbeid der individuen berustende1 versplinterde privaat-eigendom in den kapitalistischen1 is natuurlijk een proces1 onevenredig langdurig1 hard en moeielijk1 aan de revolutioneering van den feitelijk reeds op maatschappelijken grondslag berustenden1 kapitalistischen eigendom1 in maatschappelijken4 ,dr was het te doen1 om de expropriatie van de geheele volksmassa door enkele overweldigers1 hier zal het te doen zijn1 om de onteigening van enkele overweldigers door de gezamenlijke volksmassa4 ,,slot4 ,met deze uiteenzetting van de kritiek1 door ,marx geoefend op het kapitalisme1 is het belangrijkste1 uit het ,eerste deel van ,das ,kapital in hoofdtrekken wergegeven4 ,de inhoud der volgende deelen1 die tot nog toe verschenen zijn1 hier weer te geven1 zou een dubbel zoo dik boek als dit is1 noodzakelijk maken4 ,marx behandelt in de andere deelen1 den zoo belangrijken dtailarbeid1 die voortsproot uit de algemeene wedergave van zijn critiek en van zijne analyse van het kapitalistisch produktieproces4 ,deze volgende deelen1 zijn dan ook in hooge mate interessant voor den vak-geleerde1 maar eigenen zich uiteraard niet1 tot een eenigszins populaire verkorting4 ,wat het hier wergegevene betreft1 verklaren wij1--en dit is om alle misverstand op te heffen1--slechts op de belangrijkste gedeelten uit ,marx de aandacht te hebben gevestigd4 ,uit den aard van de zaak moet dit dus wel onvolledig werk zijn4 ,de ruimte waaraan wij gebonden waren1 heeft ons overal zeer groote beperkingen opgelegd4 ,waar het vervolgens mogelijk en doenbaar was1 lieten wij ,marx met zijn eigen woorden en in zijn eigen taal aan het woord4 ,het noodige verband is er door ons1--hier en daar door middel van de populaire uiteenzetting van ,karel ,kautsky daarbij te gebruiken1--aan de brokstukken toegevoegd4 ,maar wij vleien ons1 den gemiddelden lezer1 een goed begrip te hebben gegeven van ,marx' denkbeelden4 ,zoo ook van zijn levenswerk ,das ,kapital voor een belangrijk gedeelte1 duidelijk te hebben ontwikkeld1 datgene1 wat er1 naar men zou kunnen zeggen1 de grondpijlers van vormt4 ,,inhoud4 ,voorwoord ,bladz4 ,i4 ,inleiding4 ,bladz4 ,,vii4 ,beteekenis van het socialisme1 bladz4 ,,vi4 ,communisme der ,evangelien en ,middeneeuwen1 bladz4 ,,vii4 ,wortels van de moderne sociaal-demokratie3 ,plato1 ,thomas ,morus1 ,sekten vr de ,hervorming1 bladz4 ,,viii4 ,sekte der ,kwakers3 ,john ,bellers2--,staatsromans van ,thomas ,hobbes en in de #ah;e eeuw--,testament van ,jean ,meslier1 bladz4 ,x4 ,utopien der #ah;e eeuw3 ,morelly1 de ,mably1 ,brissot de ,warville1 bladz4 ,,xi4 ,eerste ,gedeelte ,bladz4 #ac4 ,hoofdstuk ,i4 ,de ,fransche ,revolutie van #aghi1 bladz4 #ac4 ,jean ,paul ,marat1 ,franois ,boissel1 bladz4 #ad4 ,saint-,just en ,babeuf1 bladz4 #ae4 ,het ,eerste fransche ,keizerrijk1 bladz4 #ah4 ,hoofdstuk ,,ii ,bladz4 #bj4 ,de ,socialistische ,utopisten4 ,graaf de ,saint-,simon1 bladz4 #ba4 ,brieven uit ,genve1 bladz4 #bb4 ,inleiding tot een wetenschappelijken arbeid der #ai;e eeuw1 bladz4 #bd4 ,saint-,simon's ethiek1 bladz4 #be4 ,over de hervorming van de europeesche samenleving1 bladz4 #bg4 ,over de ,industrie1 bladz4 #bh4 ,verhandelingen over de politiek1--,scheiding van ,saint-,simon en ,a4 ,thierry1 bladz4 #ca4 ,verschijning van ,l'organisateur2 le ,parabole 7de gelijkenissen71 bladz4 #cb4 ,het nieuwe ,christendom1 bladz4 #ce4 ,saint-,simon's einde1 bladz4 #ci4 ,charles ,fourier1 bladz4 #dj4 ,theorie van de vier ,bewegingen1 bladz4 #db4 ,de nieuwe industrieele en socitaire wereld1 bladz4 #dg4 ,l'harmonie ,universelle et le ,phalanstre1 bladz4 #dh4 ,leven in een ,fouriersche ,phalanstre1 bladz4 #ee4 ,verdeeling der arbeidsopbrengst1 bladz4 #ef4 ,fourier over ,bevolkingsleer1 bladz4 #ei4 ,de phazen der beschaving en hare eigenschappen bij ,fourier1 bladz4 #fa4 ,critiek op ,handel en ,staatswezen1 bladz4 #fc4 ,de ,fouriersche school1 ,fourier's dood1 bladz4 #fe4 ,robert ,owen1 bladz4 #fe4 ,owen's eerste optreden als fabrikant1 bladz4 #fh-fi4 ,owen's optreden als sociaal fabrikant1--de ,inrichtingen van ,new ,lanark1 bladz4 #gc4 ,de eerste kleine-kinderen bewaarplaats door ,owen gesticht1 bladz4 #ge4 ,owen's grondprincipes1 bladz4 #gf4 ,nieuwe inzichten omtrent de samenleving enz41 bladz4 #gg4 ,owen in aanzien1 bladz4 #ha4 ,owen verlaat ,new-,lanark1 bladz4 #hb4 ,kolonie ,new ,harmony1 bladz4 #hc4 ,ruilbank-plannen1 bladz4 #hd4 ,het werk ,the ,new ,moral ,world1 bladz4 #hd4 ,denkbeelden over de menschelijke natuur1 bladz4 #hd4 ,over de verdeeling van den rijkdom1 bladz4 #he4 ,over de taak van het staatsbestuur1 bladz4 #hg4 ,critiek op de arbeidstoestanden en op den ,godsdienst1 bladz4 #hg4 ,over belastingen1 bladz4 #hh4 ,over de vestiging der ,communiteiten1 bladz4 #hi4 ,overgangsbepalingen van de oude maatschappij naar de communiteiten1 bladz4 #ib4 ,de ,vierentwintig stellingen1 bladz4 #ib-ic4 ,owen's vergelijking met de wervels1 bladz4 #if4 ,owen en de ,heilige ,alliantie1 bladz4 #ih4 ,hervormingen der ,trade ,unions1 bladz4 #ii4 ,owen's einde1 bladz4 #ajj4 ,samenvatting der utopistische denkbeelden1 bladz4 #aja4 ,tweede ,gedeelte ,bladz4 #ajb4 ,hoofdstuk ,i4 ,de ontwikkeling der philosophie4 ,verband van ,kant1 ,fichte en ,hegel met de denkbeelden van ,marx1 bladz4 #ajc4 ,het engelsche ,materialisme der #ag;e eeuw1 #ajc-ajd4 ,invloed van ,john ,locke en ,david ,hume op het fransche ,materialisme der #ah;e eeuw2--,helvetius ,de ,l',homme1 bladz4 #ajd4 ,kant's ,kritiek der zuivere ,rede1 bladz4 #aje4 ,kant's ,antimonien1 bladz4 #ajf4 ,fichte's aanknooping aan ,kant1 bladz4 #ajf4 ,schelling en ,hegel1 bladz4 #ajg4 ,hegel's dialektiek in de geschiedeniswetenschap1 bladz4 #ajh4 ,kant's ,moraal en ,fichte's ,rechtsstaat1 bladz4 #aaj4 ,hegel's philosophische grondstelling1 bladz4 #aaj-aaa4 ,hoofdstuk ,,ii4 ,de critiek op de ,hegelsche philosophie1 bladz4 #aab4 ,l4 ,feuerbach's ,wesen des ,christenthums1 ,de stellingen van ,marx over ,feuerbach1 bladz4 #aab-aac4 ,karel ,marx' eerste optreden1 bladz4 #aae4 ,marx' jongelingsjaren en zijn connekties met ,arnold ,ruge enz41 bladz4 #aaf4 ,verhouding tot de familie von ,westphalen1 bladz4 #aaf4 ,marx in connektie met ,bruno ,bauer1 ,kppen1 enz41 bladz4 #aag4 ,marx' promotie aan de ,hoogeschool te ,jena--,die ,rheinische ,zeitung--,opheffing dier ,courant4 ,huwelijk van ,marx--,marx' vertrek naar ,parijs--,deutsch-,franzsische ,jahrbcher1 bladz4 #aah-aai4 ,arbeid van #ahdc--;,critiek op de ,rechtsphilosophie1 bladz4 #abj-acd4 ,artikelen van ,marx over de ,jodenkwestie1 bladz4 #ace-adf4 ,eerste samentreffen met ,friedrich ,engels1 bladz4 #adf4 ,de ,vorwrts uit ,parijs en ,engels' ,positie der arbeidende klassen in ,engeland1 bladz4 #adg4 ,samenwerking met ,engels te ,brussel1 bladz4 #adg-adh4 ,de ,heilige ,familie1 bladz4 #adh-aee4 ,hoofdstuk ,,iii4 ,marx tegen ,proudhon4--,de ellende der ,philosophie antwoord van ,marx aan ,proudhon1 bladz4 #aef4 ,proudhon's ,economie1 bladz4 #aeh-afj4 ,proudhon's geschiedenisconstruktie1 bladz4 #afa-afc4 ,marx' eerste1 systematische beschouwing over de ontwikkeling der klassen1 bladz4 #afd-aff4 ,over de ,economen1 bladz4 #aff-afg4 ,over de ,socialisten1 bladz4 #afg-afh4 ,marx' systematische beschouwingen over de werkplaats en de ontwikkeling der ,fabriek1 bladz4 #afi-agb4 ,marx over werkstakingen en vakvereenigingen4 ,systematische beschouwing1 over de historische taak van vak-arbeiders1 bladz4 #agc-age4 ,hoofdstuk ,,iv4 ,het historisch ,materialisme1 bladz4 #agf4 ,ontwikkeling der dialektiek van ,hegel1 bladz4 #agg4 ,de nieuwe levensbeschouwing en het ,humanitaire socialisme1 bladz4 #agg4 ,systematische uiteenzetting van het ,historisch ,materialisme--,voorrede van ,de critiek der staathuishoudkunde 7#ahci74 bladz4 #agh-ahj4 ,deutsche ,brusseler ,zeitung en ,westphlisches ,dampfboot--,arbeid in ,brussel--,samenwerking met ,moritz ,hesz1 ,wilhelm ,wolff enz4 bladz4 #ahj4 ,tegen het ware ,socialisme1--,oprichting van den ,communistenbond te ,londen1 bladz4 #ahj-aha4 ,het ,communistisch ,manifest1 bladz4 #aha-aie4 ,periode der ,neue ,rheinische ,zeitung4--,ondergang dier ,courant--,dichtregelen van ,freiligrath1 bladz4 #aie-aig4 ,over ,vrije ,handel1 bladz4 #aih-aii4 ,derde ,gedeelte ,bladz4 #bjj4 ,hoofdstuk ,v4 ,de critiek op het kapitalisme4--,das ,kapital--,oordeel van een ,russisch critikus uit het ,voorwoord1 bladz4 #bja-bjc4 ,de ,analyse van de ,waar1 #bjc-bje4 ,de ,waarde der ,waren1 bladz4 #bje-bjh4 ,de ,arbeidskracht als ,waar1 bladz4 #bjh-baj4 ,hoofdstuk ,,vi4 ,het ,geld4 ,funktie en beweging van het geld onder het kapitalisme1 bladz4 #baa-bah4 ,verandering van geld in kapitaal1 bladz4 #aah-bba4 ,voortbrenging van de ,mrwaarde1 bladz4 #bba-bbd4 ,het gewicht van de arbeidskracht daarbij1 bladz4 #bbd-bbe4 ,de relatieve meerwaarde1 bladz4 #bbe-bbg4 ,hoofdstuk ,,vii4 ,machinerie en groot-industrie1 bladz4 #bbh-bcd4 ,verlenging van den arbeidsdag daardoor1 #bcd-bcf4 ,intensiviteit van den arbeid1 #bcf-bcg4 ,de ,fabriek1 #bcg-bci4 ,machine en ,arbeiders1 bladz4 #bci-bda4 ,hoofdstuk ,,viii4 ,het ,arbeidsloon1 bladz4 #bdb-bdd4 ,dagwaarde van de arbeidskracht1 bladz4 #bdd-bdf4 ,hoofdstuk ,,ix4 ,het ,akkumulatieproces van het kapitaal1 bladz4 #bdg-bej4 ,hoe meerwaarde tot kapitaal wordt1 bladz4 #bej-bei4 ,concentratie van het ,kapitaal1 bladz4 #bei-bfi4 ,de ,industrieele reservearme1 bladz4 #bfd-bff4 ,hoofdstuk ,x4 ,de tendenzen der kapitalistische produktiewijze--z4 g4 n4 ,oorspronkelijke akkumulatie1 bladz4 #bfg-bgb4 ,het ,genesis der industrieele kapitalisten4 ,de historische zending van de kapitalistische akkumulatie1 bladz4 #bgd4 ,de onteigening der onteigenaars1 bladz4 #bgb-bgf4 ,slot1 bladz4 #bgf4 ,,verbeteringen4 ,bladz4 #abf1 #ag;e regel van boven af1 staat3 pari1 moet zijn3 al pari4 11 #bjc1 #ab;e regel van boven af1 staat3 vormt1 moet zijn3 vorm4 11 #bjg1 #af;e regel van boven af1 staat3 staan1 moet zijn3 staat4 11 #bjh1 #aa;e regel van onder af1 staat3 geschikte1 moet zijn3 geschiktheid4 11 #bbf1 #hste regel van onderaf staat3 waren der waarde1 moet zijn3 waarde der waren4