,,de ,,sexueele ,,zeden ,,in ,,woord ,,en ,,beeld ,door ,d4 ,ph4 ,van ,vloten ,elderinck4 ,met #id afbeeldingen in den tekst en #ci losse platen4 ,,liefde ,,en ,,zinnelijkheid4 ,gebr4 ,graauw1 ,amsterdam--,haarlem--,weltevreden ,n4 ,o4 ,i4 ,,voorwoord4 ,de ,sexueele ,zeden in ,woord en ,beeld4444 wij gevoelen het levendig1 deze titel kan aanleiding geven tot misverstand aangaande den inhoud1 althans omtrent den geest waarin het aangekondigde onderwerp is behandeld4 ,wat toch onze ,nederlandsche literatuur bezit aan werken op het gebied van het sexueele leven1 is voor een groot gedeelte openlijke of verkapte pornografie1 en voor de rest dorre archiefstudie of resultaat van natuur-wetenschappelijk onderzoek4 ,dit werk evenwel is noch het een1 noch het ander4 ,het werk is gehouden op de hoogte van zijn grootsch en schoon onderwerp--wat met de waardigheid van dat onderwerp in strijd is te achten en wat gezonde fatsoensbegrippen aanstoot zou kunnen geven is op dezen onderzoekingstocht in het wonderland der sexueele zeden als minderwaardig en onbelangrijk voorbijgegaan4 ,een vluchtig doorbladeren van dit deel zal ook degenen1 die ten deze de hoogste eischen stellen1 met n oogopslag moeten overtuigen dat het qui s'excuse s'accuse hier niet van toepassing is4 ,aan den anderen kant is de inhoud gedeeltelijk wel geput uit bronnen als archieven en dergelijke2 en ook de resultaten der physiologische wetenschappen1 voor zoover bruikbaar voor het gestelde doel1 zijn er in verwerkt2 maar steeds is naar literair-smakelijke vormen gezocht om er de gevonden schatten in op te dragen4 ,het gebied1 dat in dit werk wordt betreden1 is onuitputtelijk rijk en veelzijdig--in het sexueele leven leeft de mensch zich uit in zijn vurigste instincten1 die den een--individun zoowel als gemeenschappen--opheffen naar de hoogste bergtoppen van zedelijke volmaking1 den ander daarentegen heenvoeren naar de diepste afgronden van menschelijke ontaarding4 ,in die bonte veelheid van feiten en verschijnselen is steeds gezocht naar het typische en het interessante1 maar vooral ook naar het wezenlijke4 ,zoo moest dit werk1 dat een zoo belangwekkend stuk beschavingsgeschiedenis der menschheid behandelt1 in velerlei opzicht worden tot een eersteling in onze nationale literatuur4 ,dit wat het ,woord betreft4 ,een enkele opmerking nog over het ,beeld4 ,daaraan is--een vluchtig doorbladeren van dit eerste deel kan het alweer getuigen--evenveel zorg besteed1 als aan den literairen inhoud4 ,zoo gaat het feitenmateriaal1 in dit werk opgehoopt1 als van regel tot regel aanvullend en toelichtend vergezeld van het schoone van wat de ,kunst--die ideele spiegel der werkelijkheid--op het gebied van ons onderwerp heeft voortgebracht4 ,dit is in hoofdtrekken het program1 waarnaar dit werk met veelzijdige hulp--waarvoor hier nogmaals zij dank gezegd--is opgebouwd4 ,moge het een trouwe en eerlijke weerspiegeling worden bevonden van de grootsche werkelijkheid1 die het zoekt weer te geven4 ,amsterdam4 ,de ,schrijver4 ,,inhoud4 ,hoofdstuk ,i ,liefde ,hoofdstuk ,,ii ,zinnelijkheid ,hoofdstuk ,,iii ,mannelijke en ,vrouwelijke ,zinnelijkheid ,hoofdstuk ,,iv ,schoonheids-,idealen ,hoofdstuk ,v ,schaamte ,hoofdstuk ,,vi ,de ,toenadering der ,sexen ,hoofdstuk ,,vii ,de ,rol der ,zintuigen in het ,liefdeleven ,hoofdstuk ,,viii ,de ,kleeding als ,bondgenoote der ,zinnelijkheid ,hoofdstuk ,,ix ,kuischheid ,i4 ,,liefde4 ,erregt an des ,lenzes ,erwarmung1 ,indes du die ,welten umfliegst1 ,ruht ,alles in deiner ,umarmung3 ,o heilige ,liebe1 du siegst6 ,graaf ,platen4 ,het eerste en het laatste woord in het leven der sexen is ,liefde4 ,wat is ,liefde8--,dichterzielen en romantische naturen kennen een bovenzinnelijke drift1 een etherischen hartstocht1 die de sexen tot elkander voert1 maar die niets sexueels heeft1 die integendeel rein is en onstoffelijk1 en de ziel in een stemming brengt1 dat zij elke gedachte aan iets sexueels als ontwijdende heiligschennis met afschuw van zich stoot4 ,dezen hartstocht der onbevlekte reinheid noemen zij ,liefde4 ,en ten allen tijde hebben dichters en romantische geesten1 tot op ,tolstoi en ,ellen ,key in onze dagen1 dezen hartstocht bezongen en in de stoutste beeldspraak hem extase-dronken verheerlijkt4 ,vele der schoonste en verhevenste gedachten die uit menschenbrein zijn ontsprongen1 gelden dit zoo vurig vereerde heilige der heiligen van het gevoelsleven4 ,wat liefde in dezen zin is onttrekt zich aan elke definitie4 ,de ,liefde is het mysterie der aardsche twee-eenheid2 zij is een raadsel1 samengesteld uit waarheden4 ,het behoeft nauwelijks gezegd1 dat deze liefde niet alleen vereerders heeft4 ,zoo zijn er ten allen tijde zulken geweest1 die haar bestaan eenvoudig ontkenden en haar ontnuchterend terugbrachten tot een der middelen waardoor de natuur den geslachtelijk rijpenden mensch voorbereidt tot de functie der voortplanting4 ,tusschen beide uitersten bestaan honderden uiteenloopende meeningen omtrent deze sfinx onder de menschelijke neigingen4 ,eenig begrip van het wezen der liefde zooals dichters zich haar droomen kan men zich bij benadering vormen uit de voorstellingen die zij er van geven4 ,al die voorstellingen dragen uitermate het kenmerk van het potisch verhevene en van het nevelig onbestemde4 ,definities1 die nuchteren geesten zouden kunnen bevredigen1 geven zij van de liefde niet4 ,zij spreken van haar slechts in beeldspraak4 ,en de stoutste vergelijkingen blijven naar hun gevoelen altijd nog ver beneden de werkelijke heerlijkheid van dezen wonderen hartstocht4 ,liefde1 in dezen verheven zin1 is een nimmer-eindigend hooglied1 waarvan elk woord klinkt als het ontroerend snikken eener fel-bewogen ziel4 ,beminnen met deze liefde der dichters is het eenige1 zegt ,victor ,hugo1 wat de eeuwigheid kan vullen4 ,het oneindige behoeft het onuitputtelijke en dat onuitputtelijke is de liefde4 ,liefde1 die zoo lief heeft1 zet het heelal in vuurgloed--men voelt haar branden in het merg van het gebeente en men ziet haar gloeien in de diepten der hemelen4 ,liefde is het eenig noodige4 ,het overige is maar het overige4 ,verheven liefde is lichtend als het morgenrood en stil als het graf4 ,voor twee wezens1 die elkander beminnen met de ware liefde1 is samen te zwijgen grooter geluk nog dan samen te spreken1 en bij dat spreken klinkt ieder woord als door de sterren gezongen4 ,liefde1 zegt ,la ,bruyre1 ontstaat plotseling1 zonder medewerking van den overleggenden wil1 uit temperament of uit zwakheid4 ,de ,liefde1 klaagt ,george ,sand1 is een vrijwillige slavernij1 waarnaar vooral de vrouwelijke aard met kwijnend verlangen snakt en haakt4 ,maar een damp was opgegaan uit de aarde1 citeert ,rosegger 7in3 ,mann und ,weib71 en bevochtigde den ganschen aardbodem4 ,en ,jehovah formeerde den mensch uit het stof der aarde1 en in zijne neusgaten blies hij den adem des levens4 ,en ,jehovah sprak3 ,het is niet goed1 dat de mensch alleen zij2 ik zal hem eene hulpe maken1 die als tegen hem over zij4 ,toen deed ,jehovah een diepen slaap op den mensch vallen2 en hij nam ne van zijne ribben1 en sloot derzelver plaats toe met vleesch4 ,en deze ribbe bouwde ,jehovah tot eene vrouw1 en hij bracht haar tot den mensch4 ,toen zeide de mensch3 ,deze is ditmaal been van mijne beenen en vleesch van mijn vleesch4 ,men zal haar manninne heeten4 ,dit is de eerste liefdesgeschiedenis4 ,sindsdien hebben alle menschen liefdesgeschiedenissen geleefd1 alle dichters liefdesgeschiedenissen geschreven1 en alle gevoelige harten met graagte liefdesgeschiedenissen vernomen4 ,en gedurende de duizenden jaren1 dat de menschheid bestaat1 is de liefde gelijk gebleven1 evenals de roos aan de doornstruik in de wildernis nog altijd dezelfde is4 ,hoe zeloten zich ook hebben beijverd de liefde in grove boetekleederen te verstikken1 ze te verbannen naar de hel2 hoe ook de samenleving gepoogd heeft het allerhoogste en allerschoonste te fatsoeneeren en in vormen te wringen--de liefde is zichzelven gelijk gebleven1 als de gloed van het vuur1 dat men wel kan blusschen maar niet verkoelen4 ,waar de liefde heerscht1 daar vallen alle hindernissen weg1 daar scheuren alle hulsels der beschaving1 en het laatste is wat het eerste was3 ,adam en ,eva4 ,de liefde is sterker dan de dood1 zoo jubelt het ,hooglied van ,salomo in zijn praallooze pracht van ,oostersche dichting1 beschenen door de bleeke verte des verledens4 ,hare kolen zijn vurige kolen1 vlammen van ,jehovah4 ,vele wateren zouden de liefde niet kunnen blusschen1 ja de rivieren zouden ze niet verdrinken2 al gaf iemand al het goed van zijn huis voor deze liefde1 men zou hem ten eenenmale verachten4 ,kom haastelijk1 mijn liefste6 en wees gij gelijk eene ree1 of gelijk een welp der herten op de bergen der specerijen4 ,naast dit voorbeeld der vurige liefdeslyriek van het oude ,oosten stellen wij er een uit het oude ,noorden1 dat in gansch anderen toon op nog grootscher wijze de liefde verheerlijkt4 ,wij ontleenen het aan de inaugurale rede van ,prof4 ,frantzen te ,utrecht3 ,over den ontwikkelingsgang der erotische lyriek bij de ,germaansche volken 7#aijh74 ,een der ,edda-liederen bezingt de liefdesgeschiedenis van ,helgi en de valkyrja ,sigrn1 dochter van ,hogni4 ,als ,sigrn verneemt1 dat haar vader haar tegen haar zin heeft verloofd met een anderen vorst1 gaat zij met haar gezellinnen naar ,helgi1 dien zij ontmoet te midden van een veldslag4 ,bij het vernemen van wat haar tot hem voert trouwt hij haar1 zeilt met zijn vloot naar het land van zijn mededinger en overwint deze2 alleen ,sigrn's broeder ,dagr ontkomt den dood en zweert ,helgi trouw4 ,de twee gelieven zijn nu vereenigd1 maar ,dagr neemt kort daarop wraak en doodt ,helgi1 waarop ,sigrn haar broeder vervloekt en haar dooden geliefde prijst4 ,zij laat voor hem een grafheuvel aanleggen en op dien heuvel verschijnt op een avond te paard ,helgi met een aantal gezellen4 ,hij wordt het eerst gezien door een van ,sigrn's dienstmaagden1 die den verrezene ziende zegt3 ,is het bedrog wat ik meen te aanschouwen1 of het einde der wereld8 dat de dooden rijden1 dat gij uw rossen met de sporen prikkelt2 of is den helden terugkeer geschonken8--,helgi antwoordt3 ,het is geen bedrog1 wat gij meent te aanschouwen1 noch het einde der dagen1 ofschoon gij ons ziet en schoon we onze rossen met de sporen prikkelen1 en ook is ons helden geen terugkeer geschonken4--,daarop gaat de dienstmaagd naar huis en boodschapt wat zij gezien heeft haar meesteres aldus3 ,ga uit1 ,sigrn van ,sevafjoll1 als gij den legervorst nu wilt vinden2 ontsloten is de heuvel1 ,helgi is gekomen2 zijn wonden bloeden2 en hij de koning bad u dat ge de bloeddroppels mocht komen stelpen4--,sigrn gaat onmiddellijk en begroet ,helgi vol vreugde3 ,eerst wil ik u kussen1 mijn gedooden koning1 eer gij uw bloedig harnas afwerpt2 uw haar1 ,helgi1 is met rijp bedekt1 uw lichaam besproeid met den dauw van de lijken2 ijskoud zijn de handen van ,hogni's schoonzoon1 hoe zal ik1 o koning1 u kunnen helpen8--,helgi antwoordt3 ,uw schuld is 't1 ,sigrn van ,sevafjoll1 dat ,helgi's lichaam met lijkendauw besproeid is3 bittere tranen toch schreit gij iederen avond1 en elke traan valt bloedig dezen held op de borst1 ijskoud1 klam en vol smarten4 ,laat ons nu drinken kostlijke wijnen1 al moeten wij missen leven en landen2 voor mij mag niemand klaagliederen zingen1 al ziet men mijn borst vol bloedende wonden1 want nu zijn de vrouwen in het graf opgenomen2 der mannen geliefden zijn bij ons1 de dooden4--,sigrn spreidt terstond in den heuvel een leger en zegt dan3 ,ik heb u1 ,helgi1 een leger bereid1 rustig en vreedzaam1 zoon der ,ylfingen6 ,ik wil hier in uw armen slapen1 o koning1 zooals ik in het leven bij u placht te rusten4--,in den morgen rijdt ,helgi1 vr het kraaien der hanen met de zijnen weer heen en komt niet weer terug1 waarop ,sigrn van heimwee spoedig sterft4 ,deze spookachtige winternachtsdroom3 de ontmoeting in een grafheuvel van den dooden held1 klam van bloed1 met ijskoude handen en wit bevroren haren1 en de trouwe geliefde1 die hem aan haar hart koestert en verwarmt2 die mengeling van de hoogste zaligheid der liefde met de kille huivering van den dood1 ontroerend door zijn schier huiveringwekkende schoonheid en aangrijpend door zijn realistische kracht1 schittert te midden der oude ,eddaliederen als een heerlijk gedenkstuk van de verheven majesteit der oud-,noorsche liefdes-idealen4 ,strenge eischen van bovenzinnelijke reinheid werden door sommige middeleeuwsche minnehoven 7waarover later nader7 aan de liefde gesteld4 ,zoo vaardigde het minnehof van koningin ,eleonora de volgende decreten uit3 ,de liefde kan der liefde niets weigeren4 ,een minnaar1 die verandert1 verandert niet--hij heeft slechts geveinsd te beminnen4 ,alleen de deugd maakt der liefde waardig4 ,niemand kan tweemaal beminnen4 ,beminnen kan niet1 wie beheerscht wordt door wellust4 ,geheel het romantische ridderwezen werd trouwens beheerscht1 in theorie tenminste1 door zulke hooge opvattingen aangaande de liefde4 ,de minnehoven1 die een ware revolutie teweegbrachten in de begrippen van dien tijd betreffende het huwelijk1 vaardigden een wetboek uit van ware liefde4 ,daarin werd verklaard1 dat liefde en huwelijk onvereenigbaar zijn4 ,de vrome sluiers1 zegt ,mevr4 v4d4 ,wissel-,herdersche in haar vertaling van ,hudry-,menos' ,leven en streven der vrouw1 die het ,christendom met afgewend gelaat over de sexueele gemeenschap geworpen had1 werden verscheurd en de behoefte aan een inniger1 dieper vereeniging dan die van het huwelijk brak zich baan4 ,het samengaan van de verbintenis der zielen met die der lichamen werd voor onmogelijk gehouden2 men liet ze naast elkander bestaan1 met verschillende personen als object3 eenerzijds den vriend of de vriendin1 anderzijds den echtgenoot of de vrouw4 ,zoo had een vrouw een reelen man en een ideelen echtgenoot4 ,de literaturen aller volken wemelen van gloeiende lofzangen der liefde1 in alle talen hebben de literaire genien en alle verheven geesten zich uitgeput haar te bezingen4 ,de liefde1 verklaart ,madame de ,stal1 verleent ieder uur zooveel zoetheid1 vult elke minuut met zooveel heerlijkheid1 dat zij1 ook met de onzekerste toekomst voor oogen1 in den roes van het oogenblik alles doet vergeten4 ,in haar is een dag gelijk aan een eeuw van geluk of van lijden1 zoo vol is die enkele dag van gedachten en gevoelens4 ,o waarlijk1 slechts door de liefde leeren wij de eeuwigheid verstaan6 ,zij heft alle tijdsbepalingen op1 evenals elk begrip van begin of van einde2 men gelooft het voorwerp der liefde reeds zoolang men leeft te hebben bemind1 want hoe zou men zonder hetzelve hebben kunnen leven8 ,en hoe schrikkelijker de scheiding zou zijn1 des te onwaarschijnlijker komt zij ons voor4 ,twee wezens1 die elkander beminnen1 oordeelt ,marie ,bashkirtseff 7in3 ,journal ,,ii7 hebben de illusie van een volmaakt en heerlijk al2 daarin1 geloof ik1 ligt de groote aantrekkingskracht van de liefde4 ,bij bloedverwanten1 bij vrienden1 in de maatschappij1 overal ontmoet men onzuivere bedoelingen3 hier is het de begeerte1 daar afgunst1 gemeenheid1 onrecht1 valschheid2 zelfs de beste vriend heeft zijn verborgen berekeningen en1 zooals ,maupassant zegt1 de mensch is altijd alleen1 daar het hem onmogelijk is in de geheime gedachten ook van den besten vriend door te dringen4 ,maar de liefde volbrengt het wonder der zielengemeenschap4 ,men geeft zich over aan illusies1 wat beteekent dat8 ,wat men gelooft dat wezenlijk bestaat1 dat bestaat ook wezenlijk4 ,de liefde schept een schijnbare wereld1 die is1 zooals de werkelijke wereld moest zijn4 ,jij alleen kunt mij ellendig maken1 jij alleen mijn hart verheugen en mij troosten1 zoo luidt een der bekentenissen der liefde 7,helose in een harer brieven aan ,abelardus74 ,en jij alleen hebt den plicht dat dan ook te doen2 want ik heb mij steeds zoo blindelings overgegeven aan je wil1 dat ik op een wenk van jou mijzelven zou hebben vernietigd1 want je verdriet te doen1 waarmee dan ook1 zou mij onmogelijk zijn4 ,de liefde1 de opperste gebiedster in het hart van de vrouw1 doet nooit afstand van haar heerschappij1 zegt ,legouv 7,la femme au ,x,i,xme sicle74 ,zij kan met de jaren veranderen1 maar nooit dooft zij geheel uit4 ,van haar dertigste tot haar veertigste jaar maakt de liefde der vrouw een nieuwe trap van ontwikkeling door1 zij heeft dan ondervinding1 maar gelooft niettemin nog aan liefde2 zij handelt echter niet meer zoo zonder overleg1 berekent meer1 wat alleen zeggen wil1 dat zij zich niet meer zoo licht vergist2 zij is omzichtiger geworden1 haar liefde1 minder onstuimig1 is teederder4 ,men verwijt de vrouwen vaak1 dat zij het naderen van den ouderdom vreezen2 deze vrees ontspringt uit de wetenschap1 dat zij dan alle hoop moeten laten varen nog bemind te worden2 vandaar haar ontsteltenis bij het verschijnen der eerste grijze haren en der eerste rimpels4 ,alle vrouwen zijn ontvankelijk voor deze vrees1 ofschoon velen er zich geen rekenschap van geven4 ,zelfs in haar ouderdom kan de vrouw zich niet aan den invloed der liefde onttrekken4 ,zij wordt hetzij een oude coquette1 die glimlachend voor haar spiegel staat en haar rimpels angstvallig verbergt1 om zich voor te bereiden op een proef van de macht harer verschrompelde bekoorlijkheid2 hetzij een vriendelijke huismoeder1 die met nieuwe toewijding alle teederheid haars harten op haar gezin overbrengt2 hetzij een statige matrone1 die het goede doet dat haar hand vindt om te doen1 kalm glimlachend over de illusies der jeugd4 ,neen1 de liefde sterft nooit in het hart van de vrouwen2 de ouderdom is voor haar droevig of gelukkig1 al naar de herinneringen1 die in haar ziel leven1 treurig of liefelijk zijn4 ,door gebrek aan liefde te sterven--zingt in zijn heroeke taal ,victor ,hugo--is schrikkelijk4 ,het is de verstikkingsdood van de ziel4 ,men aanschouwt een ster om twee redenen3 omdat zij licht geeft en omdat zij ondoorgrondelijk is2 de liefde is een lieflijker licht en een grooter verborgenheid4 ,uren van liefde zijn uren die zich hebben losgemaakt van het leven der engelen en tot menschelijke wezens zijn nedergedaald4 ,de liefde is een deel van de ziel en evenals deze een goddelijke vonk1 onverderfelijk1 ondeelbaar1 onvergankelijk4 ,de liefde is een onsterfelijke vuursprank in ons1 die niets kan dooven4 ,de gelieven1 die gescheiden zijn1 vullen de afwezigheid met duizend hersenschimmen1 die allen werkelijkheden zijn4 ,laat men hen beletten elkander te zien1 of elkander te schrijven--zij zullen een menigte geheime middelen vinden om met elkander in gemeenschap te blijven4 ,zij zenden elkander het gezang van de vogelen1 den geur van de bloemen1 het licht van de zon1 de zuchten van den wind1 den lichtglans der sterren1 al wat er heerlijks is in de schepping4 ,de liefde is machtig genoeg om de gansche natuur met hare boodschappen te belasten4 ,de liefde kent oogenblikken1 waarin de ziel knielt1 in welke houding het lichaam ook zij4 ,zoodra de liefde twee wezens tot een hemelsche eenheid heeft samengesmolten1 is door beiden het geheim des levens gevonden2 zij zijn dan slechts de twee elementen van het goddelijk mysterie eener heilige twee-eenheid4 ,de ware liefde is microcosmos en macrocosmos tegelijk--zij is troosteloos of verrukt over een gevonden handschoen1 en zij behoeft een eeuwigheid voor haar hoop en haar trouw4 ,zij omvat tegelijkertijd het oneindig kleine en het oneindig groote4 ,van liefde sterven is ervan leven1 dus gij die lijdt door de liefde1 bemin nog meer4 ,naast elkander in het graf liggen en van tijd tot tijd elkander in de duisternis de hand streelen1 zou voor de eeuwigheid voldoende zijn4 ,hoe grootsch is het1 bemind te worden6 ,maar grootscher is het te beminnen4 ,liefde vervult het hart met heldenmoed4 ,het bestaat dan louter uit reinheid1 het haakt naar niets dan wat groot en verheven is4 ,een lage gedachte kan er evenmin in ontkiemen als een distel in een ijskristal4 ,de minnende ziel bewoont het blauw des hemels en voelt de diepe onderaardsche schokken van het lot minder nog dan de toppen der bergen aardbevingen voelen4 ,als er niemand was die beminde1 zou de zon uitdooven4 ,liefde is inademing van paradijslucht4-- ,het zijn niet alleen de dichterzielen die in extase zoo de liefde bezingen4 ,in gelijksoortige formules vinden wij haar verheerlijkt door denkers1 geleerden1 natuurkundigen1 door allen die geestelijk hoog staan4 ,de hooggestemde verstandsmensch ziet in de liefde evenveel schoonheid als de fijn besnaarde gevoelsmensch1 en hun geestdrift stijgt tot dezelfde in het blauw zich verliezende hoogten4 ,doen wij slechts een greep in de aphorismen op de liefde in ,mantegazza's ,physiologie der ,liefde4 ,een der vele wonderen der liefde is1 dat zij onbluschbaar is en door geven niet afneemt maar aangroeit4 ,de liefde is een onleschbare dorst1 een oceaan1 dien niemand zou kunnen ledigen1 want als de gloed der zon er een golf van doet opgaan in damp1 voeren honderd stroomen duizend nieuwe golven aan4 ,de liefde tot rede te willen brengen is hopeloozer taak dan het kwadraat van den cirkel te willen vinden4 ,de ,olympus der liefde telt meer helden en martelaren dan eenig ,pantheon ter wereld en biedt meer heerlijkheden dan de paradijzen aller godsdiensten tezamen4 ,ieder vindt juist zooveel liefde als hij verdient4 ,het lijden des harten te verzachten met den balsem der liefde is een der kuren1 waarbij moeilijk valt te zeggen wie het meest te benijden is1 de zieke of de arts4 ,de natuur heeft den man polygaam geschapen2 het is de hooge roeping der vrouw hem monogaam te maken4 ,wanneer een beleediging de liefde kan dooden1 is dat een bewijs dat de eigenliefde sterker was dan de liefde4 ,er is geen honger1 dien het brood niet verzadigen kan1 geen dorst1 dien put of kelder niet in staat is te lesschen1 en geen smaak1 dien de kookkunst niet bij machte zou zijn te bevredigen4 ,de liefde echter hongert en dorst zelfs bij een leven van liefde en wij sterven allen met een nog ongebruikt kapitaal van hartstocht1 dat wij wellicht nalaten aan onze kinderen4 ,voor menschen1 mannen zoowel als vrouwen1 die elkander teeder en innig liefhebben1 hebben tijdelijke scheidingen versterkende en bederfwerende kracht4 ,maar ook alleen voor gevoelige en zuivere zielen4 ,voor mannen1 die men met kunstgrepen verovert en voor vrouwen die voor geld verkrijgbaar zijn geldt slechts het spreekwoord3 ,uit het oog1 uit het hart4 ,voor de liefde bestaat er geen bezoedeling1 geen vernedering en geen schande4 ,zij is een zoo machtig licht1 dat zij alles in hemelschen luister doet stralen1 zulk een warmtebron1 dat zij alle ijs doet smelten1 en zulk een zoetheid1 dat zij alle bitterheid wegneemt4 ,tenslotte bepalen noch de kuischheid1 noch de deugd1 noch de fatsoensbegrippen1 noch de eischen der moraal de grenzen van het betamelijke en gepaste tusschen man en vrouw1 maar die grenzen worden met vaste en zekere hand gesteld door de liefde4 ,liefde is met geld niet te koopen4 ,liefde geeft zich om niet1 kan niet gekocht worden4 ,wat men voor geld krijgt als liefde1 is niets dan een nietswaardig1 mislukt surrogaat4 ,niets verlangen en alles erlangen is het heerlijke geheim der verheven liefde4 ,alles zien met de oogen gesloten1 niets zien met de oogen geopend1 dat is een der dagelijksche wonderen der liefde4 ,een uur beminnen is gelijk aan de liefde der dieren1 een dag liefhebben is algemeen menschelijk1 het gansche leven liefhebben is hemelsch1 het gansche leven een enkel wezen liefhebben is goddelijk4 ,liefde zoo opgevat wordt in de nieuwere literaturen veelvuldig aangeduid als ,platonische liefde4 ,inderdaad vindt men in de dialogen van ,plato sporen van een onderscheid1 door den grooten philosoof van het ,schoone gemaakt tusschen zinnelijke en onzinnelijke liefde1 speciaal in den dialoog die den titel draagt ,het ,gastmaal4 ,op een feestmaal1 waarmee de dichter ,agathon zijn kort te voren in een dichterwedstrijd behaalde overwinning viert1 besluiten de gasten om de beurt een lofrede te houden op ,eros 7 ,amor74 ,phaedrus1 ,pausanias1 ,eryximachus1 ,aristophanes en ,agathon voeren eerst het woord en beschouwen het onderwerp van verschillende kanten1 elk naar zijn persoonlijke levensbeschouwing4 ,de blijspeldichter ,aristophanes bespot op zijn geniale wijze al deze beschouwingen evenals de gewone opvatting1 als zou de liefde alleen een streven zijn naar zinnelijken lust4 ,tenslotte neemt ,socrates1 ,plato's leermeester1 het woord2 deze prijst de bovennatuurlijke liefde als de levende en onsterfelijke wijsbegeerte1 wier doel is de heerlijkheid aan te toonen van de deugd1 als de eenige1 de ware en onvergankelijke schoonheid4 ,dit dichterlijk stuk ,platonische wijsbegeerte1 van begin tot einde gehouden in den even krachtigen als dichterlijken stijl1 die dezen denker der oudheid kenmerkt1 is een heerlijk hooglied der liefde1 waartoe alle ,muzen het hare hebben bijgedragen1 en waarin de auteur al de schatten zijner phantasie1 zijner welsprekendheid en zijner stilistische schoonheden1 rijkelijk gekruid met ,attisch zout1 over zijn lezers uitstort4 ,de liefde1 als dichterlijk motief1 is een goudmijn1 die nimmer kan worden uitgeput4 ,zij is dan ook voor alle groote dichters het onderwerp1 dat hen onweerstaanbaar aantrekt en waar zij de liefde bezingen1 daar viert steeds hun genie de heerlijkste triumfen4 ,hoe grooter het dichtergenie1 des te verhevener1 idealer en romantischer hun opvatting van de liefde4 ,hun liefde is een oneindige wereld2 zij is paradijs1 hemel en hel tegelijk4 ,en deze liefde ontdekken zij voornamelijk bij de vrouw4 ,geen der groote dichter-denkers der eeuwen heeft het wezen der liefde zoo doorvorscht als ,shakespeare en de resultaten van zijn ontdekkingstochten in dit geheimnisvolle gebied heeft hij ons geopenbaard in zijn onsterfelijke werken4 ,en steeds is het de vrouw1 waarbij hij de liefde vindt in haar verhevenste en aangrijpendste openbaringen1--,miranda1 ,perdita1 ,julia1 ,viola1 ,beatrice1 ,rosalinde1 ,imogene1 ,desdemona4 ,en ook de furie-achtige ontaardingen leert hij ons kennen3 ,cleopatra1 koningin ,margaretha1 lady ,macbeth4 ,nooit zijn zijn vrouwen en haar liefde onbeduidend of minderwaardig4 ,andere dramatische dichters1 zegt ,heine1 hebben in den kleingeestigen nijd en naijver1 in de wederkeerige ijverzucht der vrouwen jegens elkander stof gevonden voor humor en satire4 ,shakespeare in zijn machtige grootheid versmaadde zulke minderwaardige motieven1 zelfs in zijn blijspel4 ,de edelste gevoelens inspireert hij zijn vrouwen en zoo ontstaan de liefelijke en verheven verhoudingen1 die wij in zoovele zijner vrouwenfiguren moeten bewonderen4 ,shakespeare geeft in ideale volmaaktheid de drie hoofdlijnen der liefde te aanschouwen3 de ideale liefde in ,miranda1 de romantiek der liefde in ,julia1 de woest-zinnelijke liefde in ,cleopatra4 ,ook de liefde ontkomt echter niet aan de natuurwet1 dat alles van minstens twee kanten is te beschouwen4 ,naast lofzangen zijn er ook vloekzangen op de liefde4 ,de liefde1 zoo definieert ontnuchterend ,mantegazza1 is de meest schaamtelooze1 de zelfzuchtigste1 de onwederstaanbaarste en ergerlijkste aller menschelijke ongerechtigheden4 ,tegen alle waarheid1 deugd1 dankbaarheid1 wetten en zeden in verslingert zij haar gunst aan den eerste den beste1 aan het hoogste of het gemeenste1 al naar het toeval dat wil4 ,romantisch verheven liefde heeft haar eigenaardige gevaren4 ,als een der partijen met deze liefde een gewetenloos of lichtzinnig persoon bemint1 is hij of zij verloren4 ,het behoort tot de grootmoedigheid der liefde1 dat zij blind maakt4 ,het behoort1 zegt ,victor ,hugo1 in het bijzonder tot liefde der vrouw1 dat zij grootmoedig is en edelmoedig1 zoo1 dat zij zich geheel overgeeft4 ,zoodra hare liefde den hoogsten graad heeft bereikt1 wordt het maagdelijk gevoel der vrouw op zonderlinge wijze als bedwelmd4 ,en aan welke gevaren stelt ge u dan bloot1 o edele zielen6 ,gij geeft het hart1 wij nemen vaak slechts het lichaam4 ,uw hart blijft u over en bevend beschouwt ge het in het donker dat volgt op het licht dat bedriegelijk bleek4 ,de liefde kent geen middenweg--zij verderft of zij redt4 ,in dit dilemma ligt het geheele menschelijke lot4 ,als de liefde niet het leven is1 dan is zij de dood4 ,van alle dingen die bestaan ontwikkelt de liefde het meeste licht1 maar ook de meeste duisternis4 ,in de liefde is alles onwaar en alles onecht1 oordeelt ,chamfort4 ,een verliefde is een mensch1 die beminnelijker wil zijn dan hij wezen kan2 vandaar komt het1 dat haast alle verliefden belachelijk zijn4 ,trek van de liefde de eigenliefde af1 en de rest is weinig meer dan niets4 ,liefde1 zoo de dichtkunst en de romantiek ons die doen kennen1 is1 hoe beiden haar ook verheerlijken1 zelden een bron van geluk1 gewoonlijk een bron van romantisch ongeluk4 ,of zij bestaat1 men mag het bij zoo stellige verzekeringen niet betwijfelen1 maar vast staat in elk geval wel1 dat deze liefde zeldzaam is1 en dat zij doelloos is4 ,de reine of platonische liefde is een integreerend deel van de liefde1 en de wellustige zinnelijkheid is evenzeer een integreerend deel van de liefde2 en als men deze beide deelen tezamen brengt1 is het product de door de natuur gewilde liefde4 ,,ii4 ,,zinnelijkheid4 ,tegenover de liefde als het heilige vuur1 dat de sexen in reinheid tot elkander drijft1 pleegt men als het onheilige vuur de zinnelijkheid te stellen1 die men daarbij voorstelt als te bestaan in louter onrein1 dierlijk lijfsbegeeren4 ,in deze dualistische opvatting is de liefde het sexueele goed en de zinnelijkheid het sexueele kwaad1 de eerste het hoogere geestelijke1 de laatste het lagere materieele4 ,naast deze opvatting van de zinnelijkheid zijn er nog tal van andere1 die hierin overeenstemmen1 dat zij liefde en zinnelijkheid aanmerken als twee tegen elkander indruischende of aan elkander ondergeschikte1 in elk geval geheel verschillende grootheden4 ,bij de dichters en romantici der oude sentimenteele school vinden wij de zinnelijkheid even diep verafschuwd als de liefde door hen wordt verheerlijkt4 ,het zijn in hunne voorstellingen zooveel als de twee polen van het liefdeleven1 de twee verst van elkander gelegen mogelijkheden in het verkeer der sexen4 ,van de liefde vernemen wij niets dan schoons1 heerlijks en edels1 van de zinnelijkheid niets dan leelijks1 inferieurs en schandelijks4 ,zulke meeningen zijn niet louter dichterlijke en literaire overdrijvingen4 ,zij weerspiegelen opvattingen die werkelijk in de voorstelling veler menschen leven4 ,de vraag1 wat liefde is en wat zinnelijkheid1 beantwoordt men zich algemeen in dezen zin1 dat de liefde louter een reine gemeenschap der zielen schept1 en dat de zinnelijkheid alleen vleeschelijk genot1 lichamelijken wellust zoekt en beoogt4 ,deze opvattingen beheerschen vrij algemeen de denkbeelden omtrent het leven der sexen en zij hebben op de sexueele zeden een zeer ingrijpenden invloed4 ,in werkelijkheid vloeien beide factoren--indien men aan het denkbeeld van twee factoren in het liefdeleven wil vasthouden--zoo onontwarbaar ineen1 dat het onmogelijk is de juiste verhouding1 waarin beide in een bepaald geval aanwezig zijn1 aan te geven4 ,dit staat echter wel vast1 dat rekenkundig uitgedrukt elke liefde altijd een zeker percentage bewuste of onbewuste zinnelijkheid bevat1 en dat in zinnelijkheid veelal een grooter of kleiner gehalte aan liefde verborgen is4 ,en vaster nog staat dit1 dat louter liefde1 zonder zinnelijk begeeren1 dus zonder lichamelijk verkeer1 nutteloos en doelloos zou zijn en in laatste instantie onvermijdelijk zou moeten voeren tot uitsterving van het menschdom4 ,zinnelijkheid zonder liefde kan schijnbaar wel tot het door de natuur beoogde doel leiden1 maar in werkelijkheid wordt ook in dit geval dat doel in den regel niet bereikt4 ,want door zinnelijkheid die niets zoekt dan lichamelijk verkeer is de prostitutie ontstaan4 ,de door de natuur gewilde toestand schijnt dus wel deze te zijn1 dat liefde steeds vermengd zij met een zekere dosis zinnelijkheid1 en dat zinnelijkheid steeds haar oorsprong neme uit liefde4 ,de mate waarin beide factoren meewerken aan de door de natuur verlangde uitkomst hangt dan waarschijnlijk geheel af van individueele eigenschappen en eigenaardigheden4 ,en waar beide factoren even onmisbaar mogen worden geacht1 mogen beide ook in gelijke mate aanspraak maken op erkenning van te zijn even superieure1 niet minder- en meerderwaardige1 maar gelijkwaardige krachten4 ,achter het gansche spel toch van liefde en zinnelijkheid schijnt zich weer een wondervol doelmatige arbeidsverdeeling te verbergen1 waarbij een deel van den noodzakelijken arbeid is opgedragen aan wat men noemt geestelijke krachten1 en het andere deel aan stoffelijke krachten1 zoo1 dat alleen harmonische samenwerking van deze beide bereiking van het gestelde doel garandeert1 terwijl eenigerlei abnormaal overwicht van een van beide factoren onmiddellijk dat doel bedreigt en in gevaar brengt4 ,evenals ieder levend wezen is ook de mensch onderworpen aan de natuurwet1 die aan al wat leeft slechts een tijdelijk bestaan toestaat4 ,maar gedurende dat tijdelijk bestaan heeft ook de mensch het vermogen zich in een gelijkvormig wezen te reproduceeren4 ,deze reproductie1 waarvan het voortbestaan van het menschdom afhangt1 vereischt de samenwerking van twee individuen van verschillende sexe4 ,deze samenwerking wordt door de liefde voorbereid en veredeld1 maar zij wordt in en door de zinnelijkheid voltrokken4 ,en hoe etherisch de liefde van twee romantisch minnenden ook moge zijn1 ten slotte zal er een oogenblik komen1 dat twee blijven niet langer kan en het vuur der zinnelijkheid hen in elkanders armen drijft en hen vereenigt tot een twee-eenheid1 waarboven ,amor zegevierend zijn pijlbundel zwaait4 ,zoo zijn liefde en zinnelijkheid twee factoren in het geslachtsleven1 waarvan elk zijn zeer bepaalde functie heeft te vervullen en die beide onmisbaar zijn te achten voor het normaal1 dat is het door de natuur gewilde verloop van de geslachtelijke verhouding tusschen man en vrouw4 ,om de betrekkingen tusschen man en vrouw te kunnen begrijpen1 zegt ,dr4 ,julius ,weiss 7vertaling van ,dr4 ,b4 ,c4 ,goudsmid in ,man en ,vrouw71 moet men teruggaan tot de alleroudste geschiedenis der menschheid1 tot den oorsprong van alle leven1 tot de dierenwereld1 tot aan de laagste vormen1 en zelfs tot het plantenrijk en de eencellige organismen4 ,paring1 voortplanting en vermenigvuldiging is verbonden aan al wat leeft4 ,samensmelting en deeling bestaat tot bij de eencellige wezens toe4 ,reeds bij de klokdiertjes vindt men twee verschillende soorten van individuen1 die als mannelijke en vrouwelijke kunnen worden beschouwd4 ,hoe hooger we stijgen in de reeks der dieren1 des te duidelijker wordt het verschil en des te scherper treedt de wet op den voorgrond1 dat die twee individuen die in vorm verschillen1 met elkander in betrekking trachten te komen4 ,duizendvoudig zijn de bijzondere vormen waarin zich het elkander begeeren en het elkander vinden afspeelt4 ,terwijl het echter bij de lagere diersoorten slechts de instinctmatige aandrift is1 die de betrekkingen tot mannelijk en tot vrouwelijk element doet ontstaan1 komt er bij den mensch nog de werkzaamheid der hersenen bij1 welke op die betrekkingen een belangrijken invloed uitoefent4 ,geestelijke krachten komen in het spel1 die onzichtbare draden spannen tusschen den man en de vrouw2 deze draden winden zich vast om de beide geslachten en ketenen ze aan elkander--bij de dierlijke aandrift voegt zich de liefde4-- ,de zinnelijkheid staat dus niet lager dan de liefde1 maar zij is het doel van de liefde4 ,uit heel de levende natuur gaan aanhoudend stemmen op om al wat leeft1 ook den mensch1 in de liefde te onderrichten4 ,de natuur wil dat de mensch beminne1 en dat hij beminne in zinnelijkheid4 ,daarvan spreken tot hem al de tallooze stemmen waarover de natuur beschikt4 ,daartoe dringen hem1 evenals ,serge en ,albine in het ,paradou1 de bedwelmende geuren der bloemen1 geuren die hem verhalen van den bruiloft der rozen1 van den bruidstijd der viooltjes1 van al de weelderige zinnelijkheid van het vurige leven4 ,uit de boomgaarden voert de wind den geur aan van rijpe vruchten1 een geur zwaar van vruchtbaarheid en beladen met prikkelende specerijen1 vanille en muscaat4 ,uit de velden en weilanden verheft zich het zoete gefluister der millioenen grassen1 de gedempte liefkozingen eener ontelbare paarzieke menigte4 ,aan de oevers buigen zich de wilgen in hevig verlangen1 zich spiegelend in de naaktheid der stroomen1 wier oppervlakten huiveren onder het liefkozend kussen der zon4 ,in het bosch suist geheimzinnig de tragische hartstocht der eiken en van al het hooge geboomte1 waar bij het geritsel der takken in de heiligdommen van het gebladerte duizenden liefdestooneelen zich afspelen1 terwijl de heesters omlaag onder luidruchtig stoeien zich om elkander strengelen om liefdes-gunstbewijzen te rooven met de onverzadigbaarheid van uitgelaten gelieven4 ,duidelijker nog verkondigen de stemmen uit het dierenrijk1 dat de algemeene levenswet is beminnen4 ,de krekels in het gras sjirpen van liefde tot stervens toe4 ,kleurige vlinders wisselen al fladderend voor onze oogen hun begeerige kussen4 ,in de takken ruischt het zoete geritsel der nesten1 vol trillend leven4 ,in het bosch1 op het veld1 overal gloeien vurige oogen1 glinsterend van onverzadigbare paardrift4 ,waar men den blik wendt ontwaart men naar bevrediging hunkerend liefdesverlangen4 ,waar maar een wijfje is1 is een mannetje1 huilend van begeerte of hijgend van uitputting4 ,in de wateren zijn het de dartele visschen1 die hun versch-bevrucht kuit toevertrouwen aan de broedende koestering der zon4 ,in sloot en in plas klinkt het minziek gekwaak der kikvorschen bij hun dagenlangen wellust4 ,op donkere plekken liggen paarsgewijs in elkander gekronkeld sissende slangen1 schier bezwijmend van genot en rillend van verrukking4 ,onder ieder blaadje wordt een insect bevrucht1 onder elk grasje vermenigvuldigen zich familin1 alles ademt voortplanting en teeldrang--de gansche natuur is n algemeene levenverwekking4 ,de liefde laat den mensch in een mensch van de andere sexe zijn beter en hooger ik aanschouwen4 ,zij voert twee wezens met differente krachten en hoedanigheden tot elkander1 om gezamenlijk de taak der bestendiging van het leven te vervullen4 ,zij is daarbij de bovennatuurlijke wijding der door de natuur gewilde ontwijding1 de geestelijke voorbereiding tot de stoffelijke gemeenschap4 ,de liefde is de wolk van pozie rondom de verrichtingen der dierlijkheid--zij dekt het laagste met het hoogste4 ,zonder liefde leeft de mensch gemakkelijker1 maar nutteloozer4 ,waar het wonder der liefde tot volle ontplooiing komt1 daar is zij de schitterende kroon des levens4 ,in de liefde worden man en vrouw elkanders verlosser en heiland1 elkanders haven der rust in de stormen van het woelige leven4 ,maar de liefde1 om niet in doelloosheid te verzinken1 behoeft als levenwekkende factor het vuur van de zinnelijkheid4 ,in zinnelijkheid1 uit liefde geboren1 is niets onreins meer4 ,de in liefde begeerende mannelijke zinnelijkheid ziet in de vrouw niet meer louter het wijfje1 minder nog enkel een voorwerp van wellust-voldoening1 maar zij is hem opgegaan als een verheven zinnelijke macht1 de moeder van komende geslachten--zij is den zoo begeerende geen erotisch verbruiksartikel1 maar het liefelijkst wonder der schepping4 ,en hierin komt dan bij het schijnbaar dierlijke de engel weer boven1 die volgens ,pascal is in den mensch4 ,liefde zonder zinnelijkheid is onbestaanbaar of zoo al bestaanbaar1 doelloos4 ,zinnelijkheid zonder liefde is een surrogaat of een karikatuur van de liefde4 ,liefde is het middel der natuur om de zinnelijkheid geconcentreerd te houden op een bepaald individu4 ,de vatbaarheid voor zinnelijke liefde is1 evenals de begeerte naar het zinnelijk genot1 bij beide geslachten verschillend4 ,voor zinnelijkheid zonder liefde is de man veelal wel vatbaar4 ,de vrouw zelden4 ,de zinnelijkheid der vrouw ontvlamt in den regel eerst door liefde1 en is daarvan bijna onafscheidelijk4 ,hare zinnelijkheid is in hooge mate subjectief1 die van den man daarentegen objectief4 ,de zinnelijkheid der vrouw gaat als regel uitsluitend uit naar den geliefden man2 de zinnelijkheid van den man richt zich op de vrouw in het algemeen2 vandaar dat de man zich gemakkelijker tevreden stelt met surrogaat1 in den vorm van bordeelbezoek als anderszins4 ,nog in tal van andere opzichten verschilt de zinnelijkheid van beide geslachten in zeer sterke mate1 gelijk wij in het volgend hoofdstuk nader in het licht stellen4 ,het bovenbedoelde verschil in de zinnelijkheid van man en vrouw schijnt mede een der redenen1 waarom de vrouw1 in de jeugd tenminste1 meer neiging bezit tot dwepende1 reine1 onzinnelijke liefde1 dan de man4 ,in tegenstelling met de mannen1 zegt ,stendhal1 zijn nagenoeg alle vrouwen vatbaar voor dwepende liefde4 ,van den eersten roman af1 dien het jonge meisje van vijftien jaar in het geheim leest1 wacht zij in stilte op de komst van den liefdes-hartstocht1 zonder zich in het minst bewust te zijn van het zinnelijk element harer verwachting4 ,alleen een groote hartstocht heeft waarde voor haar4 ,dit dwepend verlangen wordt nog sterker tegen het twintigste jaar1 als zij de eerste teleurstellingen des levens heeft ondervonden1 en nooit sterft dat liefdes-verlangen geheel weg uit haar ziel1 terwijl de man op zijn dertigste jaar de liefde voor iets kinderachtigs1 onmogelijks of belachelijks houdt4 ,wat ten slotte de zinnelijkheid van den man zich doet richten op een bepaald individu der andere sexe1 dat zijn de uiterlijke bekoorlijkheden1 die dat individu bezit1 en die zich aan zijn zinnelijkheid voordoen als schoon en begeerlijk4 ,in alle belangstelling van den man jegens een vrouw is als regel van het eerste oogenblik af een hoog percentage bewuste zinnelijkheid4 ,de ontroering1 welke den man overvalt bij den aanblik eener vrouw wier uiterlijke persoonlijkheid hem aantrekt1 en hem gemeenschap met haar voorspiegelt als het hoogste geluk1 is niets dan ontvlammende geslachtslust1 niets dan een wellustige waan1 zegt ,schopenhauer1 die den man doet gelooven1 dat hij in de armen van juist die vrouw1 op wier uiterlijk schoon zijn zinnelijkheid reageert1 intenser genot zal vinden dan in die van welke andere ook1 of dat het bezit van juist dat vrouwelijk individu hem een bijzonder geluk zal verschaffen4 ,het is alleen het instinct dat hier werkt4 ,de gansche levende natuur is naar wij boven reeds hebben geschetst doortrokken van zinnelijkheid4 ,ook de menschenwereld1 neen1 vooral de menschenwereld4 ,elke verhouding tusschen een man en een vrouw bevat eenige procenten zinnelijkheid4 ,er is geen enkele intieme betrekking tusschen twee normale personen van verschillende sexe1 die geen erotischen ondergrond heeft1 of waarbij zich niet vroeg of laat de geslachtelijke aantrekking doet gelden--afgezien dan van betrekkingen tusschen bloedverwanten en tusschen personen die in leeftijd zeer ver van elkander staan4 ,de ,platonische1 reine1 onzinnelijke liefde1 waarmee romantische zielen zoo gaarne dwepen1 is gedealiseerde zinnelijkheid1 die de natuur aan enkele bevoorrechte wezens voor korten tijd vergunt1 maar zij wil niet en duldt niet1 dat die liefde van blijvenden aard zij4 ,voor het natuurlijk doel der liefde is die phase eigenlijk tijdverlies4 ,de zinnelijkheid is als onweerstaanbare neiging gelegd in alles wat leeft1 teneinde de eeuwigheid van het leven te verzekeren4 ,zinnelijkheid is toekomstig leven4 ,onzinnelijke liefde1 consequent volgehouden1 beteekent uitsterving4 ,de natuur wil bestendiging van het leven1 zij wil geen uitsterving--zinnelijkheid is daarom natuurlijkheid en onzinnelijkheid verheven-romantische onnatuur4 ,in de meeste gevallen duurt in de menschenwereld het romantisch voorspel der ,platonische liefde maar zeer kort2 of wel het blijft geheel achterwege4 ,niet zelden ook is het dwepend minnen zonder zinnelijkheid zelfbedrog of humbug1 waarbij de sexueele terughoudendheid1 velen van nature eigen1 voor sexueele reinheid doorgaat4 ,in het leven der sexen is liefde1 die volstrekt ontoegankelijk blijft voor zinnelijk begeeren1 uitzondering2 en liefde1 die bewust wordt gedragen door verlangen naar lichamelijke gemeenschap1 regel4 ,het overgroote meerendeel der menschen beschouwt het andere geslacht niet met den dweepzieken blik der ,platonische liefde1 maar met het vurig oog der dadelijk-begeerende zinnelijkheid4 ,alle zinnelijkheid met voorkeur voor een bepaald individu is reeds liefde in natuurlijken zin en voor het doel der natuur volkomen voldoende4 ,deze liefde komt dan ook het meeste voor4 ,vooral is dit het geval in die kringen1 die vrij zijn gebleven of zich vrij hebben gemaakt van de conventies der beschaving en in het vrijelijk zich uitleven niet door den schijn dier beschaving worden gehinderd4 ,bij dezulken pleegt de geprikkelde zinnelijkheid zich te uiten in de duidelijkste woorden en daden en men geeft vrijwel onmiddellijk op de ondubbelzinnigste wijze te kennen waarnaar de begeerte uitgaat4 ,hier zoekt men niet te verbergen1 dat de lichamelijke heerlijkheden van het andere geslacht het middelpunt zijn van alle denken en voelen1 en dat het ideaal1 dat men zoekt in de liefde1 is het zinnelijk genieten4 ,en dit geldt niet alleen van den man1 maar1 zij het in anderen1 in verzachten vorm1 ook van de vrouw1 wier natuurlijke rol in het liefdeleven1 waarover later1 haar als van zelf tot meer vertoon van ingetogenheid dwingt--zelfs de schijnbare tegenstand van de vrouw is als regel een natuurlijk lokmiddel harer zinnelijkheid4 ,dat trouwens ook de vrouw ten deze openhartig kan zijn1 indien er geen reden aanwezig is die het tegenovergestelde verkieselijker maakt1 daarvoor zijn de bewijzen maar voor het grijpen4 ,een treffend en min of meer officieel voorbeeld hiervan willen wij hier aanhalen uit het in #aghe verschenen1 thans zeer zeldzame werkje van den ,engelschman ,r4,p4 ,knight over den ,priapusdienst4 ,daarin tracht de schrijver aan te toonen1 dat de heidensche eeredienst van ,priapus1 den griekschen god der vruchtbaarheid1 voor wien men in wijnbergen1 tuinen enz41 beelden placht te plaatsen1 in het ,christendom onder andere vormen is herleefd4 ,en hij beschrijft ten bewijze daarvan een processie1 die hij in #aghj te ,isernia bij ,napels heeft bijgewoond4 ,hij voegt er aan toe1 dat de burgemeester van het plaatsje voor de waarheid van het verhaal instaat4 ,bij die processie dan1 die den heiligen ,cosimo gold1 aan wien de kerk daar ter plaatse was gewijd1 verkochten kooplui langs den weg aan de deelnemende vrouwen en meisjes phallusfiguren in was1 om deze aan den heilige te wijden4 ,evenals men anders wasfiguren van handen1 voeten en verdere lichaamsdeelen1 waarvoor men genezing komt afsmeeken1 aan den beschermheilige opdraagt1 offerden de vrouwen en meisjes hier phallusfiguren1 om verlossing van onvruchtbaarheid1 herstel van potentie of krachtiger potentie voor hare mannen af te smeeken4 ,een jonge vrouw offerde den heilige een bijzonder grooten phallus4 ,blijkbaar bestond voor deze jonge vrouw het eenige ideaal1 dat zij in de liefde zocht1 in den wensch den geliefde in staat te vinden hare zinnelijkheid op de krachtigste wijze te bevredigen4 ,dit geval staat trouwens allerminst op zichzelf4 ,in vele kerken en kapellen der katholieke wereld vindt men sporen van gelijksoortige zeden4 ,ook na het uitsterven van den officieelen heidenschen phallusdienst is de phallus in de vrouwelijke phantasie blijven voortspoken4 ,nog moet er tusschen ,brussel en ,mons een kapel bestaan1 waarbinnen een heiligenbeeld met zeer forschen phallus vereerd wordt door onvruchtbare vrouwen1 die daarheen bedevaarten doen om van hare steriliteit te worden genezen4 ,bij ,nivelles moet een aan ,petrus gewijde kapel zijn1 waar bedevaartgangsters heentrekken om haar echt gezegend te zien4 ,de beschaving1 voor zoover zij zich inlaat met het sexueele leven1 heeft de zinnelijkheid niet verminderd2 zij heeft ze alleen leeren verbergen1 ze heeft den weg naar het einddoel verlengd en daarop tallooze hindernissen en belemmeringen geplaatst1 maar zij heeft de zinnelijkheid niet verzwakt en minder nog uitgeroeid4 ,de schaal der zinnelijkheid is bij den primitieven1 onbeschaafden mensch eendeelig en zijn erotisch program bevat niets dan het directe geslachtsgenot4 ,bij den beschaafden mensch is die schaal daarentegen verdeeld in tallooze graden1 doch zij is daardoor alleen gecompliceerder en delicater geworden4 ,terwijl de pozie en in het algemeen de literaire kunst gaarne en bij voorkeur passielooze liefde verheerlijkt1 idealiseeren de beeldende kunsten bij voorkeur de zinnelijkheid4 ,het wezen dezer kunsten is zinnelijkheid1 zij zijn zichtbaar geworden zinnelijkheid4 ,tusschen kunst en zinnelijkheid bestaat een onverbrekelijk verband--zinnelijkheid is de scheppende natuurdrift die leven uit leven voortbrengt2 kunst stelt die levenwekkende drift zichtbaar voor oogen in haar hoogsten en edelsten vorm4 ,ook in de zinnelijkheid der kunst weerspiegelt zich het verschil1 dat in het liefdeleven de beide sexen spelen4 ,de rol der vrouw in het liefdeleven is passief1 ontvangend en verder-ontwikkelend2 die van den man actief1 verwekkend en scheppend4 ,evenzoo is het in de kunst4 ,de scheppende artistieke kracht van de vrouw is1 in vergelijking met die van den man uiterst gering4 ,niet ten onrechte wordt dit voor een deel gesteld op rekening harer voor scheppende werkzaamheid zooveel ongunstiger omstandigheden en haar mindere vrijheid4 ,maar de eenige reden kan dit niet zijn4 ,er zijn volken1 het ,engelsche bijvoorbeeld1 waar de vrouwen1 der hoogere standen tenminste1 sinds vele eeuwen ongeveer dezelfde maatschappelijke vrijheden genieten als de mannen4 ,en niettemin heeft ook het ,engelsche volk eigenlijk geen enkele geniale vrouw voortgebracht4 ,daarentegen is den zonen van het proletariaat door alle eeuwen heen in alle landen vrijwel alle gelegenheid onthouden om de in hen sluimerende geestelijke krachten tot ontwikkeling te brengen4 ,niettemin zijn uit dat proletariaat tal van genien opgestaan3 ,spinoza1 ,fichte1 ,goya1 ,edison1 ,rembrandt1 ,thorwaldsen en zoovele anderen4 ,een eigenaardigheid van ieder tijdvak is1 dat het zich beschouwt als bijzonder overgegeven aan de zinnelijkheid4 ,daarnaast verrijst dan voor de verbeelding het verre verleden1 toen de menschen in reinheid van zeden en heilige onnoozelheid kuischelijk voortleefden4 ,van die vroegere reinheid van zeden is den geschiedvorscher echter niets bekend4 ,in elk tijdperk vindt hij onder veranderde omstandigheden en verhoudingen en in gewijzigde vormen den mensch slaafs onderworpen aan de zinnelijkheid4 ,nergens geeft de geschiedenis te aanschouwen een menschdom in een toestand van oorspronkelijke reinheid2 de oorspronkelijke of wilde mensch is evenmin rein als de geciviliseerde dito4 ,de zinnelijkheid is een natuurdrang4 ,zij moge individueel verschillen in graad1 en min of meer onder bedwang zijn te brengen van een krachtigen wil1 van buitenaf regelen of aan banden leggen laat zij zich niet4 ,volken en kringen met zeer strenge sexueele zeden kweeken dan ook heel weinig reinheid van harte1 wel echter brengen zij onvermijdelijk kat-in-'t-donker-knijpende brave-,hendrik-gehuichel voort4 ,de vermeende reinheid van den natuurstaat is niets dan een droombeeld eener hersenschimmige gouden eeuw4 ,voor de christelijke traditie1 die de beschaving van een groot deel van den aardbol nog volkomen beheerscht1 begint de geschiedenis der sexueele zeden met den zondeval van ,adam en ,eva in het paradijs4 ,bij den val van het eerste menschenpaar der bijbelsche overlevering treedt ,eva1 de vrouw1 op als de verleidster4 ,deze voorstelling is der vrouwenwereld in de hoogste mate noodlottig geworden4 ,want aan die voorstelling heeft men het recht ontleend1 de vrouw te beschouwen en te behandelen als een onrein wezen1 althans als een onreiner wezen dan het beklagenswaardig slachtoffer van de verleidingskunst der vrouw3 de man4 ,over den oorsprong der ,mozasche paradijslegende1 waarbij wij hier1 om haar onberekenbaren invloed op de denkbeelden inzake geslachtelijke dingen1 een oogenblik moeten stilstaan1 is door de geleerden eeuwenlang getwist4 ,daarmede hebben wij ons hier niet in te laten4 ,het is ons hier natuurlijk volkomen onverschillig of ,mozes zijn inspiraties voor het boek ,genesis uit de overleveringen van het volk ,israel of wel1 tijdens zijn verblijf aan ,pharao's hof1 uit de leer der ,egyptische ,isispriesters en uit de bij hen opgedane kennis van de religieuse mythen van andere volken1 heeft geput4 ,evenmin is het hier van belang of het verhaal van de schepping en den zondeval van het eerste menschenpaar in den ons bekenden vorm van ,israelietischen oorsprong is en van de ,joodsche religie is overgegaan in die van andere volken1 of omgekeerd4 ,maar wel is van belang het feit1 dat in de voornaamste godsdiensten der wereld dat verhaal van onberekenbaren invloed is geweest op de begrippen aangaande de vrouw en inzake het geslachtelijk verkeer in het algemeen4 ,dat verhaal toch stelt de sexueele gemeenschap voor als de eerste zonde1 terwille waarvan het aardrijk vervloekt is1 en waardoor de rein geschapen mensch is vervallen tot een wezen dat geneigd is tot alle kwaad4 ,en het was de vrouw1 die het eerst viel2 zij bezweek voor de lokstem van de slang1 en verleidde vervolgens den man4 ,en toen zij gezondigd hadden zagen zij dat zij naakt waren4 ,de strekking van dit verhaal is te laten uitkomen1 dat de vrouw ten opzichte van de zinnelijkheid1 die meteen als zonde wordt gekwalificeerd1 zwakker is dan de man en dat zij diens verleidster is4 ,de vrouw is1 met andere woorden1 de zedelijk minderwaardige1 de eigenlijke oorzaak van 's menschen verdorvenheid2 zij is zelf zonder weerstandsvermogen tegen de zinnelijkheid en de verleidster van den man4 ,deze opvatting beheerscht alle beschavingen voor welke de ,bijbel goddelijk gezag heeft1 en zij heeft in alle samenlevingen1 die dit boek als grondwet van hun geestelijk leven hebben aanvaard1 de positie der vrouw en de denkbeelden omtrent hare zedelijke waarde1 bepaald1 in de eerste plaats dus van het ,jodendom en van het daaruit voortgekomen ,christendom4 ,met den banvloek1 dien ,mozes ,god in den mond legt3 ,uw man zal heerschappij hebben over u6 heeft hij de vrouw in deze godsdiensten voor altijd onder de heerschappij van den man gesteld4 ,de paradijslegende komt ook in andere godsdiensten voor4 ,wij vinden haar in het ,brahmanisme der ,indirs1 nog voor de hervorming van dien godsdienst door ,buddha1 die circa #fjj jaar vr ,christus leefde4 ,de ,brahmaansche paradijslegende verloopt in hoofdzaak precies zoo als in het ,bijbelverhaal wordt geschilderd4 ,alleen treedt in de plaats van de paradijsslang de draak ,tiamat4 ,voor diens overredende woorden bezwijkt de ,brahmaansche ,heya evenzeer als de ,mozasche ,eva1 en ,hadami blijkt even weinig bestand tegen de verleiding der vrouw als de ,bijbelsche ,adam4 ,hier treft de vloek voor de zonde in hoofdzaak echter slechts den draak4 ,heya wordt niet met de erfzonde beladen1 maar de ,godheid schenkt haar vergiffenis1 wijl zij niet uit egosme zondigde1 maar uit liefde jegens haar vriend1 dien zij door het eten van de verboden vrucht nader tot de ,godheid wilde brengen en hem boven de hemelgeesten wilde verheffen4 ,de ,brahmaansche variant op de paradijslegende bevat dus een geheel andere ethische kern4 ,de reden waarom ,mozes dit motief van verzoening1 dat de barmhartigheid der beleedigde ,godheid op den voorgrond stelt1 heeft vervangen door een eeuwige wraakoefening aan alle schuldige partijen--slang1 vrouw en man--is wellicht deze1 dat hij als staats- en godsdienststichter een mannelijk en krachtig volk noodig had en geen zweem van vrouwenheerschappij kon dulden1 en dat hij daarom de vrouw bij voorbaat tot een door ,god vervloekt en tot eeuwige dienstbaarheid veroordeeld onrein en minderwaardig wezen brandmerkte en haar zoodoende op den achtergrond zocht te dringen en van allen invloed op het openbare leven onverbiddelijk uit te sluiten4 ,hij is hierin op de meest volkomen wijze geslaagd1 zijn vonnis over de vrouw werkt tot nu toe door4 ,de ,talmoed vult het ,bijbelverhaal omtrent ,adam en ,eva op even origineele als interessante wijze aan en tracht tevens eenige onklaarheden daarin op te helderen4 ,in ,genesis #a 3 #bf vat ,god het plan op menschen te maken en in vers #bg wordt dat besluit ten uitvoer gelegd3 ,en ,god schiep den mensch1 man en vrouw schiep hij ze1 zonder dat blijkt1 dat hierbij een andere manier werd gevolgd dan bij de scheppingen op de voorgaande dagen4 ,hier schijnt het dus1 dat ook de mensch is geschapen door een eenvoudig3 ,er zij6 ,maar in het tweede hoofdstuk vers #g en verder wordt de schepping van den mensch opnieuw en uitvoeriger verhaald4 ,daar echter wordt onder mensch alleen verstaan de man1 ,adam4 ,deze wordt in den hof ,eden gesteld1 om dien te bouwen en dien te bewaren1 onder verbod van te eten van den boom der kennis des goeds en des kwaads4 ,en als ,adam alle dieren hun namen heeft gegeven en zich alleen begint te gevoelen1 krijgt hij ,eva tot gezellin4 ,hier schijnt dus een aanmerkelijke tijd te zijn verloopen tusschen de schepping van de twee eerste menschen1 terwijl men uit hoofdstuk ,i zou opmaken1 dat zij gelijktijdig werden geformeerd4 ,wat eerst slechts mensch wordt genoemd1 heet bij de schepping van ,eva plotseling ,adam2 en ,eva heet aanvankelijk alleen vrouw2 eerst na den zondeval noemt ,adam haar ,eva1 dat is3 leven1 of3 de levengevende moeder4 ,alles wijst er op dat hier twee lezingen min of meer slordig door elkander zijn gewerkt4 ,een tweede leemte in de ,mozasche ontwikkelingsgeschiedenis van het menschdom komt er reeds aan het licht bij de tweede sexueele verhouding die op aarde onder de menschen zou hebben plaats gehad4 ,na de verdrijving uit het ,paradijs vernemen wij1 dat ,eva twee zonen baarde1 ,kan en ,abel4 ,kan vermoordt zijn broeder en zal tot straf op aarde dolende en zwervende zijn4 ,hij wordt echter gerust gesteld1 dat de bloedwraak niet aan hem zal worden voltrokken en hij gaat daarop naar het land ,nod1 ten oosten van ,eden4 ,hier blijkt hij eensklaps een huisvrouw te hebben1 die hem een zoon schenkt1 onderwijl de tot dolen en zwerven gedoemde reeds bezig is de eerste stad op aarde te stichten4 ,de vraag dringt zich op voor de bloedwraak van wie ,kan bevreesd kan zijn geweest en vanwaar de huisvrouw kwam1 die hem in het land ,nod een zoon baarde1 en wie de stad moesten bevolken welke ,kan in dat land bouwde4 ,aan de hand van het ,mozasch verhaal is maar n1 en een zeer onwaarschijnlijk1 antwoord op die vraag te geven1 n4l4 dat de nakomelingen van ,adam in weinige jaren reeds de gansche omgeving van den hof ,eden hadden bevolkt4 ,hier treedt de ,talmoed echter ophelderend tusschenbeide4 ,deze verhaalt1 dat ,adam dadelijk bij zijn schepping reeds een gezellin kreeg1 ,lilith geheeten1 met wie het hem vergund was sexueele gemeenschap te hebben4 ,uit ,adam's gemeenschap met deze zijn eerste vrouw1 die wij ons als een wezen tusschen mensch en engel1 dus van hooger orde als de mensch1 hebben voor te stellen1 werd een geslacht van reuzen geboren1 die in hun overmoed en op aansporing van ,lilith zich tegen de hemelgeesten en daarmee indirect tegen ,god zelf keerden4 ,zij werden overwonnen en als demonen verbannen1 evenals hun moeder1 die zich over de nederlaag wreekte door voortaan in het verborgen1 onder allerlei gedaanten zooveel kwaad te doen als in haar vermogen was4 ,zij was het die uit ijverzucht haar opvolgster1 ,adam's tweede vrouw1 ,eva1 in de gedaante eener slang verleidde om te eten van den boom der kennis des goeds en des kwaads4 ,doch dan wordt weer onaannemelijk dat hiermee symbolisch de sexueele gemeenschap wordt bedoeld1 gelijk men zoo gaarne aanneemt4 ,wel echter heldert de ,lilithlegende het na korten tijd zoo bevolkt zijn van de omgeving van den hof ,eden eenigszins op--men kan dit toeschrijven aan de ongemeene vruchtbaarheid van ,adam's eerste vrouw1 die als half mensch en half engel wordt voorgesteld4 ,mozes zelf schijnt op deze ,lilithlegende te zinspelen1 als hij in ,genesis #f vers #b klaagt1 dat ,gods zonen de dochteren der menschen aanzagen en zich vrouwen namen1 terwijl in vers #d wordt medegedeeld1 dat daaruit reuzen geboren werden en dat dit de geweldigen waren1 die er van ouds geweest zijn4 ,met deze zonen ,gods kunnen dan de nakomelingen van ,lilith bedoeld zijn1 geen engelen1 want de mededeeling wordt gedaan als een klacht1 en gemeenschap met engelen had het menschdom in zedelijk opzicht wel kunnen verbeteren maar niet verslechteren4 ,als ,adam na de schepping van ,eva ontwaakt en haar ziet1 roept hij uit3 ,deze is ditmaal been van mijne beenen enz4 ,ook hieruit valt af te leiden1 dat hij reeds eerder een gelijkvormig wezen had gekend1 n4l4 ,lilith1 doch dat deze tweede hem meer gelijk was dan de eerste4 ,blijkbaar heeft ,mozes om maar de vrouw voor zijn boven aangegeven doel een trap lager te kunnen stellen dan den man1 de verschillende legenden1 waarvan hij zich bij het samenstellen van zijn scheppingsverhaal bediende1 geweld aangedaan4 ,de eerste vrouw moest als verleidster1 als minderwaardige fungeeren1 daarom moest de halfengel ,lilith1 de eigenlijke eerste vrouw op aarde volgens zijn gegevens1 maar voor zijn opzet minder bruikbaar1 uit zijn ,genesis verdwijnen4 ,hij heeft echter niet zorgvuldig alles weggelaten1 wat op de ,lilithlegende betrekking heeft1 en door die slordigheid zijn epos der schepping tamelijk verward gemaakt4 ,het paradijsdrama is door de beeldende kunst in tallooze variaties voorgesteld4 ,op vele dier voorstellingen heeft de verleidende slang een menschenhoofd4 ,waar dat het geval is wil de kunstenaar blijkbaar doen uitkomen1 dat ,eva's verleidster niemand anders was dan haar wraakgierige en ijverzuchtige voorgangster ,lilith1 die op die manier den vrede van het eerste menschenpaar tracht te verstoren en hen in het ongeluk te storten4 ,dat de vrucht1 welke de verleidster ,eva deed eten1 een appel was1 wordt in ,genesis niet gezegd4 ,volgens de oud-,hebreeuwsche traditie was die vrucht geen appel1 maar een vijg1 of wel een noot4 ,de appelboom is vermoedelijk slechts door een woordspeling aan zijn voorname rol als boom der kennis gekomen3 malum kan zoowel appel als het booze beteekenen4 ,en de noodlottige vrucht van dien eersten appelboom zou ,adam bij het eten in de keel zijn blijven steken1 wat de oorzaak zou zijn1 dat de man een sterker vooruitspringend strottenhoofd heeft dan de vrouw4 ,de schepping van ,eva uit de ribbe uit ,adam's zijde genomen1 is het zinnebeeld geworden van de eenheid van man en vrouw1 en de christelijke scholastiek heeft dit uitgelegd als een symbool van ,jezus' wonde in de zijde1 waaruit als de bruid van ,christus de nieuwe ,eva1 n4l4 de christelijke kerk1 is voortgekomen4 ,op gelijke subtiele wijze is de geheele paradijslegende uitgesponnen en deze is daardoor de bron geworden van verachting en achteruitzetting van de vrouw4 ,de priester werd voor haar later zelfs te rein en te heilig geacht1 en het huwelijk werd hem om die reden verboden1--de vrouw werd daardoor vernederd tot een wezen van lagere orde dan de man4 ,en in het algemeen werd de vrouw aangemerkt als de oorzaak van alle kwaad op aarde1 als een van oorsprong onrein en gevaarlijk wezen1 dat in gemeenschap stond met booze geesten en kwade bovenaardsche invloeden1 die zich van haar bedienden om den onschuldig-reinen man in de eeuwige verdoemenis te storten4 ,wij herinneren in dit verband aan het heksengeloof der middeleeuwen1 waarover later meer4 ,en ook thans1 in onze dagen1 heeft de voorstelling nog volstrekt niet afgedaan1 dat de bekoorlijkheden der vrouw niets zijn dan een lokmiddel van ,satan om de zielen ten verderve te voeren4 ,zoo bleef de ,paradijsvloek1 door ,mozes uitgesproken om redenen van staat1 de vrouw de eeuwen door vervolgen en hij heeft over de schoone en zwakke sexe nameloos leed gebracht4 ,en met deze opvatting der vrouw als dogma vooropgesteld1 kan de man zich nog altijd boven de vrouw verheven wanen1 want nog iederen dag1 elk uur worden er ,adam's en ,eva's geboren1 die door de zwakheid van den man tegenover de verleiding der vrouw een tastbaar ,eden veroveren of een gedroomd paradijs verliezen4 ,,iii4 ,,mannelijke ,,en ,,vrouwelijke ,,zinnelijkheid4 ,zinnelijkheid is bestaanbaar zonder liefde1 maar liefde en zinnelijkheid gaan als regel onafscheidelijk samen--de natuur wil niet1 dat de sexen in ,platonische sympathie of in ,vestaalsche reinheid naast elkander blijven voortleven4 ,hieruit vloeit voort1 dat beide sexen vatbaar moeten zijn voor zinnelijkheid4 ,en dit is inderdaad het geval4 ,de begeerte naar lichamelijke gemeenschap met de andere sexe is aanwezig bij de vrouw zoowel als bij den man4 ,de aard van beider zinnelijkheid is echter verschillend4 ,uit dit verschil ontstaat de strijd der sexen1 waarbij de eene partij1 de man1 schijnbaar de actieve rol vervult van aanvaller1 terwijl aan de andere partij1 de vrouw1 eveneens schijnbaar1 de passieve rol is toebedeeld van de tegenstrevende1 die met alle middelen van de krijgskunst der liefde moet worden overmand4 ,later zullen wij zien1 dat dit in werkelijkheid precies andersom is4 ,de vraag wordt dikwijls opgeworpen1 wie zinnelijker is1 de man of de vrouw4 ,en het antwoord is in den regel3 de vrouw4 ,om dit te bewijzen heeft men inderdaad in de geschiedenis van alle tijden de ,messalina-naturen1 wier zinnelijkheid aan het ongehoorde grensde1 maar voor het grijpen4 ,en mag men de nieuwste romanliteratuur 7,zola1 ,strindberg7 gelooven1 dan is van elk tweetal vrouwen de eene een onverzadigbare ,venuspriesteres en de andere een hysterische vampier1 die den man niet los laat alvorens hem het laatste merg uit het gebeente is gezogen4 ,nu is er inderdaad veel1 wat de meening1 als zou de vrouw zinnelijker zijn dan de man1 en dat de vrouw veel meer en veel intenser behoefte zou hebben aan geslachtsleven en geslachtsgenot1 schijnt te bevestigen4 ,daar is in de eerste plaats de vrouwelijke ijdelheid1 zoo geheel en al in dienst gesteld van de behaagzucht en dus blijkbaar beheerscht door het vrouwelijk geslachtsinstinct4 ,dit zou ongetwijfeld wijzen op een sterker zinnelijkheid der vrouw1 als de vrouw maar in even sterke mate zinnelijk was als zij coquet en behaagzuchtig is4 ,maar dit is juist niet het geval4 ,integendeel1 de coquetste vrouwen zijn absoluut niet de zinnelijkste en sterk-zinnelijke vrouwen zijn dikwijls allerminst coquet of behaagziek4 ,het zijn juist de coquetten1 die het minst voor de bekoringen der zinnelijkheid bezwijken en dan ook in het spelen met vuur het verst durven gaan en op het laatste moment altijd nog de kracht blijken te bezitten zichzelf het halt toe te roepen4 ,coquetterie ontketent alleen anderer zinnelijkheid1 maar blijft zelf koel en onbewogen1 zij vergeet zich niet en laat zich niet meeslepen1 zij blijft elk oogenblik gereed en bij machte het contact te verbreken en de aansluipende zinnelijke bekoring van zich af te schudden4 ,een verdere reden1 waarom bij de vrouw een sterker zinnelijkheid verondersteld wordt dan bij den man1 is deze1 dat in het geslachtelijk liefdeleven de vrouw de partij is1 voor wier rekening de heele nasleep van gevolgen komt--over de vrees daarvoor1 zoo redeneert men1 kan alleen de onweerstaanbare drang eener overmachtige zinnelijkheid haar heenhelpen4 ,slechts wie door begeerte geheel en al wordt overheerscht1 zoo oordeelt men1 kan bereid zijn zoo groote offers te brengen ter harer bevrediging4 ,ook uit de geslachtelijke onvermoeibaarheid van de vrouw1 uit haar physiologisch onbeperkt uithoudingsvermogen in het sexueel verkeer1 in vergelijking waarmee de man een impotente zwakkeling schijnt1 is men gewoon een zooveel grootere zinnelijkheid bij de vrouw af te leiden4 ,doch bij al zulke beoordeelingen van de vrouwelijke natuur is het bijna altijd de man1 die aan het woord is4 ,en waar de man zich beijvert om bewijzen te leveren voor de macht van de zinnelijkheid over de vrouw1 daar geeft hij niets dan een beeld van zichzelven2 ook in dit opzicht ziet de mensch1 anderen beoordeelende1 overal niets dan zichzelf4 ,de neiging van den man om de vrouw een felle1 nimmer sluimerende en nauwelijks te beheerschen zinnelijkheid toe te schrijven1 wijst er dan ook veeleer op1 dat inderdaad de man zelf zich machteloos voelt tegenover dezen machtigste aller menschelijke hartstochten4 ,trouwens1 elke vergelijking van de zinnelijkheid van man en vrouw moet noodzakelijk tot valsche conclusies leiden4 ,beide zijn niet te vergelijken4 ,de zinnelijkheid van de vrouw is in wezen een geheel andere1 dan die van den man1 waar nog bij komt1 dat de zinnelijkheid iets geheel individueels is--ieder individu is weer anders in dit opzicht dan alle anderen1 evenals ieder individu weer een ander aangezicht en een andere stem heeft dan alle anderen4 ,veel van wat bij de vrouw wordt uitgelegd als uitingen van erotischen lust1 is in werkelijkheid geheel iets anders4 ,bij den man zijn liefde en zinnelijkheid onafscheidelijk verbonden2 zuiver mannelijke liefde is in wezen niets dan zinnelijke begeerte2 alle denken en voelen van den man ten opzichte van de vrouw concentreert zich tot het verlangen haar sexueel te bezitten4 ,bij de liefde der vrouw is dit in veel mindere mate het geval2 de zinnelijke begeerte speelt in de liefde der vrouw een zeer ondergeschikte rol1 is haar bijzaak4 ,de liefde van den man is als regel zuiver physiek1 en streeft allereerst naar het lichamelijk bezit4 ,de liefde der vrouw kan psychisch zijn in een mate1 als bij den man slechts hoogst zelden het geval is4 ,in het zieleleven der vrouw opent een ontluikende liefde een geheel ander1 een oneindig verder1 grootscher en schooner verschiet1 dan bij den man4 ,de liefde van den man1 in wezen louter zinnelijkheid1 drijft hem louter tot het zoeken van bevrediging dier zinnelijkheid2 het voorloopig einddoel zijner liefde is1 het voorwerp daarvan physiek te bezitten2 verder reikt zijn blik niet4 ,de natuur heeft dat zoo gewild3 de rol van den man in de vereeuwiging van het leven is daarmee geindigd1 met komende geslachten heeft de man slechts erotische betrekkingen--het natuurlijke einddoel van de liefde van den man is bevrediging zijner zinnelijkheid4 ,maar bij de vrouw kan het anders zijn4 ,wat voor den man het fel-begeerde einddoel is1 is voor haar een aanvankelijk ternauwernood klaar bewuste bijzaak1 die bovendien eer afschrikt dan aantrekt4 ,haar blik reikt verder4 ,zonder zich duidelijk rekenschap te geven van het hoe1 ziet de vrouw1 hoe ook meegesleept door het zoet geheim van het minnen1 zich in de verte al moeder4 ,het natuurlijke einddoel van de liefde der vrouw is moederschap4 ,dit spiegelt zich reeds af in de voorliefde van het kleine meisje voor de pop2 reeds als klein kind moet de vrouw1 zooals ,victor ,hugo opmerkt1 een voorwerp hebben om te verzorgen1 te vertroetelen1 te kleeden1 te ontkleeden4 ,het eerste kind is de voortzetting van de laatste pop4 ,de hier geschetste verschijnselen in de zinnelijkheid van man en vrouw geven natuurlijk slechts gemiddelden aan4 ,er zijn mannen die boven het hier gegeven beeld uitgaan1 en er zijn vrouwen1 die er beneden blijven4 ,evenwel wekt elke afwijking van dit beeld naar boven of naar beneden den indruk van onnatuur1 en1 is die afwijking sterk1 van abnormiteit en ontaarding4 ,zoo is bijvoorbeeld de vrouw1 die van nature of door de zeden is verruwd tot mannelijk-heftige zinnelijkheid1 schaamteloozer en bruter in haar zinnelijkheid1 dan de normale man4 ,de geschiedenis en de literatuur1 voor zoover deze laatste geen vrucht is van louter phantasie1 leveren daarvan overvloedig voorbeelden1 die ieder trouwens in eigen omgeving in ruime mate kan waarnemen4 ,alwin ,schultz zegt van het hofleven ten tijde der minnezangers3 ,de mannen zijn veel schaamachtiger dan de vrouwen4 ,en hij staaft deze bewering met tal van feiten1 o4a4 merkt hij omtrent de gemeenschappelijke baden op1 dat zelfs de deftigste adellijke dames er bij die gelegenheden vermaak in schepten1 zich van alle kleeding te ontdoen en zoo den aanblik harer intiemste bekoorlijkheden aan alle aanwezige mannen prijs te geven4 ,terwijl de mannen in elk geval nog een schaamgordel aandeden1 tooiden de vrouwen zich met hare sierlijkste kapsels en met prachtvolle armbanden en halssnoeren4 ,zoo pronkten zij op de meest coquette manier met hare naaktheid4 ,waar wij dus de bewering1 dat de vrouw van nature zinnelijker zou zijn dan de man1 moeten afwijzen1 op grond hiervan dat het liefdeleven der vrouw in wezen een geheel andere richting gaat dan dat van den man1 dan is daarmee nog volstrekt niet gezegd1 dat bij de vrouwen nooit een dermate felle en hevige zinnelijkheid voorkomt1 dat ze die van den normalen man nog te boven gaat4 ,zoo iets te beweren zou onzinnig zijn4 ,want ten allen tijde en onder alle lagen der bevolking zijn er onverzadigbare ,messalina-typen geweest1 wier vurige zinnelijkheid aan het buitensporige grensde4 ,maar normaal is zulks bij de vrouwen in geenen deele2 het ,messalina-type is en blijft de uit zedenbederf of uit ziekelijke ontaarding ontstane uitzondering4 ,het is er ver van af1 dat met de hier bedoelde sexueele abnormiteit algemeene zedelijke minderwaardigheid noodzakelijk zou moeten gepaard gaan4 ,integendeel1 ongewoon hevige zinnelijkheid gaat dikwijls vergezeld van algemeene genialiteit1 die op zichzelf ook in strijd met den norm en dus abnorm is4 ,degenen1 die van meening zijn1 dat de vrouw in het algemeen zinnelijker is1 meer en sterker behoefte heeft aan sexueel verkeer dan de man1 vinden hun krachtigste argumenten in de geschiedenis4 ,deze weet inderdaad op haast iedere bladzijde te verhalen van buitensporig zinnelijke vrouwen4 ,de vrouwen1 die zij ons leert kennen1 zijn zelfs voor het meerendeel sterk erotische naturen4 ,dit verleidt licht tot generaliseeren--die weinige historische figuren neemt men als vanzelf als typen van de vrouwelijke sexe in het algemeen4 ,de geschiedenis evenwel leert ons alleen het bijzondere kennen2 zij is altijd sterk partijdig1 in zooverre dat zij het gewone1 het normale1 het alledaagsche1 als niet interessant1 liefst stilzwijgend voorbijgaat1 om zich geheel te verliezen in het ongewone1 het opvallende en abnormale4 ,alleen de koortsig kloppende pols interesseert haar4 ,zoowel op dit als op elk ander gebied is hetgeen de geschiedenis ons bericht niet de regel1 maar de uitzondering4 ,en reeds hierin ligt een bewijs1 dat de fel-zinnelijke vrouwen der geschiedenis niet het type aangeven van de vrouw in het algemeen1 maar de afwijkingen van het type1 nog afgezien van wat hierbij op rekening kan worden gesteld van onwillekeurige overdrijving4 ,de zinnelijke vrouwen der moderne roman-literatuur zijn louter scheppingen van de verhitte phantasie van den zinnelijken man4 ,veeleer dan photografien naar de werkelijkheid zijn het louter anthropomorfismen4 ,evenals in de religies de mensch zich een ,god schept naar zijn eigen beeld1 zoo schept in het materieele de man zich ook de vrouw naar zijn eigen beeld4 ,de hevige zinnelijkheid1 die men de vrouw toeschrijft1 is weinig meer dan de eigen zinnelijkheid1 die aan het woord is4 ,men ziet de vrouw niet gelijk zij werkelijk is1 maar zooals men haar wenscht4 ,de literatuur van alle tijden bewijst overigens op treffende wijze1 de grootere zinnelijkheid van den man4 ,in de literatuur van mannen over vrouwen1 speelt altijd het zinnelijke de hoofdrol1 in de literatuur van vrouwen over mannen is dit hoogstzelden het geval4 ,tegenover duizenden van gloeiende zinnelijkheid trillende werken van mannen staan slechts eenige zeer weinige zoodanige werken afkomstig van vrouwen4 ,daaruit blijkt1 hoe de vrouw het geheele stoffelijke en geestelijke leven van den man vult en dat in het leven der vrouw daarentegen de man maar een betrekkelijk geringe plaats inneemt1 en dan nog minder in sexueel dan wel in ander1 voornamelijk economisch opzicht4 ,in de beeldende kunst valt precies hetzelfde verschijnsel waar te nemen4 ,ook hier weer tegenover honderdduizenden heet-zinnelijke kunstgewrochten van mannenhand nauwelijks eenige weinige zoodanige scheppingen van vrouwen4 ,de in beeld gebrachte phantasie van den man is als regel erotisch1 en juist de zinnelijkheid heeft den man bezield tot zijn meest artistieke scheppingen4 ,en van welk ander standpunt men de zinnelijkheid van beide geslachten waarneemt1 steeds blijkt1 hoeveel grooter de macht der zinnelijkheid is over den man dan over de vrouw4 ,er is bijvoorbeeld geen enkele reden om aan te nemen1 dat in de menschenwereld de zinnelijke verhoudingen anders zouden zijn dan in de dierenwereld4 ,evenals bij de woestheid van stier en hengst vergeleken koe en merrie paradijs-reine wezens zijn1 evenzoo is het ten deze gesteld in de menschenwereld4 ,dat er naast duizendtallen sexueele gewelddaden door mannen gepleegd aan vrouwen nauwelijks een enkele verkrachting van mannen door vrouwen is te stellen1 is in geenen deele louter hieraan toe te schrijven1 dat de man physiek krachtiger is dan de vrouw2 de zinnelijkheid van den man is zooveel heviger1 en hij is die zooveel minder meester dan de vrouw4 ,behalve in graad verschilt de zinnelijkheid van den man ook in aard ten eenenmale van die van de vrouw1 gelijk wij boven reeds hebben opgemerkt4 ,op elke bladzijde dezer geschiedenis zal dit in onderdeelen blijken4 ,hier volstaan wij voorloopig met eenige algemeene opmerkingen4 ,in het leven der liefde poseert de man als actieve partij1 als aanvaller1 en de vrouw als de zich gevende1 passieve partij2 de man speelt de rol van overwinnaar1 hij schijnt op te treden met energie en onweerstaanbaar krachtsvertoon1 hij schijnt de meester in het koninkrijk van de liefde en de vrouw de overwonnene1 die tot de geslachtelijke overgave is genoodzaakt4 ,zoo is de schijn4 ,en de werkelijkheid is precies andersom4 ,de lijdelijkheid van de vrouw in het liefdeleven is gelijk aan de lijdelijkheid van de magneet1 en de aanvallende activiteit van den man aan die van het ijzer4 ,de verhouding tusschen ijzer en magneet geeft treffend de verhouding weer tusschen man en vrouw in het leven der liefde--eenerzijds schijnbare lijdelijkheid1 die in werkelijkheid onweerstaanbaar aantrekkenden invloed uitoefent2 anderzijds een even schijnbare activiteit1 die in werkelijkheid zwicht voor onzichtbaar op hem werkende natuurkrachten4 ,in de zinnelijke liefde is de vrouw de meerdere1 de gebiedster1 de heerscheres1 rondom haar golft een stroom van bekoring1 die den man aantrekt en vasthoudt en den schijnbaren veroveraar in werkelijkheid de slaaf maakt van de schijnbaar overwonnene4 ,als in zooveel andere dingen speelt ook in het liefdeleven de natuur een slechts voor geoefende oogen herkenbaar spel van schijn en wezen1 waarbij de werkelijkheid precies de omkeering is van wat men meent te zien plaats vinden4 ,de natuur heeft de vrouw de rol toebedeeld1 zich tegenover den man passief te gedragen en hem tegelijkertijd op de meest geraffineerde manier te verlokken1 te verleiden en aan haar voeten te trekken4 ,de zegevierende aanvaller is in werkelijkheid de krijgsgevangene van de schijnbaar voor zijn aanval bezwekene4 ,zoo is den man in het leven der liefde het zware1 moeilijke en onaangename werk overgelaten en zelfs de eer van de hoofdrol te vervullen1 komt hem niet toe4 ,tot het gehoorzaam volbrengen van deze ondankbare taak dwingt de natuur den man met behulp van diens heftige zinnelijkheid4 ,om deze te bevredigen moet de man tot de vrouw komen en hare gunst verwerven1 en dit telkens weer1 zoo dikwijls zijn geslachtsverlangen om bevrediging roept1 dat is1 zoolang de natuur ter bereiking van haar doel den man kan gebruiken4 ,de vrouw heeft niets te doen dan eenvoudig de magnetische kracht der bekoring1 die van haar uitgaat1 te laten werken4 ,hoe zinnelijker nu de man is1 des te lichter is de verlokkingstaak van de vrouw en des te grooter is haar overwicht over den man1 die niettemin nog altijd de rol van aanvallende1 actieve partij blijft vervullen4 ,de zooveel vuriger zinnelijkheid van den man ontheft de vrouw van de noodzakelijkheid hare schijnbare geslachtelijke koelheid af te leggen4 ,zoo is de zinnelijkheid van de vrouw in aard altijd tegenovergesteld aan die van den man1 ook dan wanneer de macht der zinnelijkheid over beiden even groot is4 ,hieruit ontspringen alle geslachtelijke verhoudingen tusschen man en vrouw1 van begin tot einde1 zoowel in het huwelijksleven als in het stadium van het eerste minnen4 ,de natuurlijke rol van de vrouw in het leven der liefde is veel samengestelder en ingewikkelder dan de natuurlijke rol van den man4 ,in overeenstemming daarmee is ook de zinnelijkheid van de vrouw gecompliceerder dan de zinnelijkheid van den man4 ,stellen wij ons de schaal van de mannelijke zinnelijkheid voor als ndeelig1 dan is die der vrouwelijke wel honderddeelig4 ,in het stoffelijke en geestelijke leven der vrouw speelt het geslachtelijke bij voortduring en zonder onderbreking een rol1 het treedt nooit tijdelijk op den achtergrond1 zooals bij den man1 bij wien de zinnelijkheid vrijwel uitsluitend bestaat in bevrediging der geslachtsdrift en in erotisch genot haar einddoel ziet4 ,bij de vrouw staat het geheele leven onder den invloed van den geslachtszin1 maar van de eigenlijke geslachtsdrift is de vrouw veel onafhankelijker dan de man1 zij is die meer meester en ook openbaart de geslachtslust zich bij haar minder snel en minder stormachtig dan bij den man4 ,terwijl de geslachtsdrift van den man ten allen tijde licht ontvlambaar is1 heeft de geslachtsprikkelbaarheid bij de vrouw een meer periodiek--bij tusschenpoozen optredend en dan weer insluimerend--karakter1 hetgeen blijkbaar in verband staat met de menstruatie en in aard overeenkomt met den periodieken paartijd bij de dieren4 ,in die tusschenpoozen van sluimerende geslachtelijke prikkelbaarheid is de vrouw sexueel in die mate ongevoelig1 dat velen1 waaronder ,lombroso1 de vrouw een natuurlijke geslachtelijke gevoeligheid meenen te moeten ontzeggen4 ,in vele gevallen heeft het inderdaad den schijn1 of de zinnelijkheid der vrouw eenvoudig bestaat in het opwekken der zinnelijkheid van den man4 ,haar eigen geslachtelijke bevrediging zou dan gelegen zijn in de wetenschap begeerd te worden en die begeerte bevrediging te schenken4 ,in elk geval eindigt de eigenlijke geslachtsfunctie der vrouw niet1 zij begint integendeel nauwelijks met de bevrediging der sexueele zinnelijkheid4 ,uit dit feit vloeien voor het geheele verkeer der sexen een menigte consequenties voort1 die zich bij alle verhoudingen tusschen man en vrouw doen gelden en het geheele gebied der sexueele zeden beheerschen4 ,bij de vrouw staat het geheele stoffelijk en geestelijk leven onder den directen invloed der sexualiteit en de zinnelijkheid is van die sexualiteit slechts een der factoren4 ,bij den man is de geheele sexualiteit geconcentreerd op de bevrediging der zucht naar geslachtsgenot4 ,de mate1 waarin de man onder den invloed staat van zijn zinnelijkheid1 schijnt verschillend naar ras1 klimaat en andere uitwendige omstandigheden1 en individueel weer naar leeftijd1 temperament en lichamelijke gesteldheid1 maar altijd vertoont de mannelijke zinnelijkheid1 zoo niet als eenig dan toch als hoofdkenmerk3 verlangen naar sexueel verkeer4 ,met de bevrediging sluimert de geheele mannelijke zinnelijkheid voor korteren of langeren tijd in4 ,dit verschil in zinnelijkheid bij man en vrouw heeft tengevolge1 dat de wederzijdsche sexueele waardeering eveneens verschillend is4 ,de geliefde vrouw is voor den man in hoofdzaak1 zoo niet uitsluitend1 een voorwerp van erotisch genot1 zijn liefde jegens haar hangt af van de mate van sexueele bekoring1 die zij op hem uitoefent4 ,verzwakt die bekoring1 dan verzwakt ook zijn liefde1 werkt een andere bekoring sterker op hem in1 dan verplaatst zich ook zijn liefde4 ,vandaar het verschijnsel bij den man in het algemeen1 dat men zijn polygamischen aard noemt1 de onbestendigheid in zijn zinnelijkheid1 zijn spoedig verzadigd zijn van het eene liefdesobject en zijn voortdurende ontvankelijkheid voor nieuwe prikkels1 een verschijnsel1 dat in het liefdeleven der menschen een der belangrijkste factoren is4 ,tegenover het polygamische karakter der mannelijke zinnelijkheid staat wel iets dergelijks bij de vrouw1 maar het doet zich bij haar meer sporadisch voor en daarenboven in veel zwakkere mate1 weer een natuurlijk gevolg hiervan1 dat in de vrouwelijke zinnelijkheid de bevrediging van den geslachtslust een meer ondergeschikte plaats inneemt4 ,iedere man1 zou men kunnen zeggen1 begeert alle vrouwen2 zijn zinnelijkheid is bijna keusloos1 de zinnelijkheid vervult zijn gansche wezen in die mate1 dat ter bevrediging ieder object hem welkom is1 zonder dat eerst liefde of zelfs maar genegenheid1 hoe vluchtig ook1 eenigerlei toenadering behoeft te hebben bewerkt--de prostitutie bewijst zulks4 ,bij de vrouw is dit als regel weer geheel anders4 ,tot de vrijwillige sexueele overgave komt de vrouw alleen door gevoelens1 die met de zinnelijkheid wel in verband staan1 maar daar tevens boven staan4 ,uit zinnelijken drang geeft de vrouw zich niet aan den eersten den besten onbekende1 hare gecompliceerde zinnelijkheid zou daarbij geen bevrediging vinden4 ,de zinnelijke man daarentegen stelt zich wel met de eerste de beste tevreden en zijn zinnelijkheid van zooveel lager orde kan daarbij ten volle de bevrediging vinden1 die hij zoekt4 ,er is nog een verschil tusschen de mannelijke en vrouwelijke zinnelijkheid1 dat misschien meer nog dan de reeds opgesomde verschillen1 tusschen beider sexueel bestaan een diepe scheiding maakt en aan het zinneleven der vrouw een eigenaardige kleur geeft1 die bij den man volkomen gemist wordt4 ,de zinnelijkheid van den man is zuiver materieel en louter animaal1 onderscheidt zich in wezen in het minst niet van die der mannetjesdieren2 in het zinnelijke is hij niets dan het fel-begeerige geslachtsdier4 ,het liefdeleven van de vrouw daarentegen is als doortrokken van mystiek4 ,ook bijgeloof speelt er een zeer groote rol in1 en indien de vrouw godsdienstig is aangelegd1 is ook haar zinnelijkheid sterk vermengd met religieuse gevoelens en opvattingen4 ,ook in de zinnelijkheid blijkt de vrouw bovenal gevoelsmensch4 ,alle streven om de zinnelijkheid te idealiseeren en tot iets bovenzinnelijks te verheffen1 de sexueele zeden te verfijnen en te veredelen1 gaat uit van de vrouw en het is hare mystieke opvatting1 ook van het liefde- en zinneleven1 die haar daarbij onbewust drijft4 ,de zinnelijkheid van de vrouw zoekt naar verfijning1 is delicaat en teer1 die van den man daarbij vergeleken bruut1 gewelddadig en plomp4 ,het mystieke karakter der vrouwelijke zinnelijkheid blijkt uit de geschiedenis der godsdiensten4 ,de tempels zijn de eerste bordeelen geweest en ongeveer elke religie heeft onder een of anderen vorm gekend wat men noemt gewijde prostitutie4 ,of latere tijden zich beijveren zulks te stempelen tot ontaarding als anderszins1 verandert niets aan de feiten4 ,en die feiten zijn1 zoowel bij het ,christendom als bij andere godsdiensten1 dat vrouwen1 die 7aanvankelijk voorzeker uit zuiveren zielsdrang7 zich in tempels1 kloosters als anderszins afzonderden om haar leven te wijden aan mystieke kuischheid1 temidden van haar streven om zich te verheffen tot bovenaardsche reinheid typische voorbeelden konden worden van de meest felle vrouwelijke zinnelijkheid4 ,wij verwijzen hier slechts naar de ,vestaalsche maagden der oudheid en naar vele nonnenkloosters der middeleeuwen4 ,de berichten omtrent de grove zinnelijkheid en de geslachtelijke buitensporigheden van vele dezer klooster-zusters vormen op zichzelf een reusachtige bibliotheek4 ,zoo schrijft de vermaarde kroniekschrijver ,gailer van ,kaisersberg van den tijd der hervorming3 dat de meisjes toenmaals in het klooster gingen1 omdat men daar het best het vleesch kon dienen4 ,vele z4g4 vrouwenkloosters der #ae;e-#ah;e eeuw waren niets anders dan plaatsen van losbandig vermaak voor den adel en de patricirs1 en in vele daarvan was des nachts geen nonnencel zonder bezoeker4 ,de kronieken leeren ons1 dat kloosters toenmaals de eigenlijke hoogescholen waren der galanterie en der meest uitgezochte zinnelijke genietingen4 ,door den zuiverenden invloed van de wederkeerige controle der concurreerende godsdiensten onderling1 en ook op grond van de noodzaak om tegenover de toenemende godsdienstloosheid een vertoon te kunnen maken van hooger zedelijkheid1 is daar eerst in den modernen tijd algemeen verandering in gekomen4 ,later komen wij uitvoerig hierop terug4 ,het bijgeloovige karakter der vrouwelijke zinnelijkheid valt o4a4 duidelijk te onderscheiden in een der gruwzaamste ontaardingen van den menschelijken geest1 die de geschiedenis heeft aan te wijzen1 n4l4 de middeleeuwsche heksengeschiedenissen4 ,voornamelijk de vrouwen en de vrouwelijke zinnelijkheid spelen daarin een rol1 en daaronder weer hoofdzakelijk de zich in mystiek verdiepende vrouwen4 ,de ondergrond toch van alle heksenvrees en heksengeloof was de opvatting der ,christelijke kerk1 dat door de vrouw de zonde in de wereld gekomen is en door de zonde de dood4 ,van deze opvatting uitgaande is het maar een kleine stap om tot de overtuiging te komen1 dat de schoot der vrouw de ingang is naar de hel1 en dat de vrouw in voortdurende gemeenschap staat met den duivel4 ,bij deze voorstelling kwam nog een tweede4 ,de vrouw wordt gaarne voorgesteld als een ondoorgrondelijk raadsel1 namelijk in hare bekorende macht over den man4 ,door deze onweerstaanbare macht die iets geheimzinnigs schijnt te hebben--hoewel zij louter gelegen is in de onverzadigbare mannelijke zinnelijkheid--werd de vrouw in de phantasie der mannen1 en ook dikwijls der vrouwen zelf1 een demonisch wezen in menschengedaante1 en in de onweerstaanbare bekoring die de vrouw uitoefent op den zinnelijken man1 zag men iets duivelachtigs1 iets1 waarvan ,satan zich bedient om de zielen ten verderve te voeren4 ,zoo ontstond de heks en al wat zich daaromheen heeft afgespeeld1 waarop wij later gelegenheid zullen hebben breedvoerig terug te komen4 ,hier willen wij omtrent dit verschijnsel alleen nog dit opmerken4 ,bij al deze heksengeschiedenissen en alle daaraan verwante verschijnselen1 zooals de hysterische epidemin in de kloosters1 heeft men klaarblijkelijk alleen te doen met niets dan een soort erotischen godsdienstwaanzin4 ,men overlaadde den geest zoodanig met voorstellingen van sexueele reinheid en met schrikbeelden voor het zondigen daartegen1 dat men tenslotte onderging in sexueele onreinheid4 ,de bijtwoede en de besmettelijke waanidee van door den duivel te zijn onteerd1 die dikwijls heele nonnenkloosters aanstak1 waren eenvoudig manzieke aanvallen1 niets dan nymphomane excessen1 voortgekomen uit met geweld onderdrukten geslachtslust1 die door het steeds denken aan sexueele reinheid wel werd aangewakkerd1 maar niet gedood4 ,de man als bevrediger der geslachtslust was het1 die in deze onreine delirin der naar bovenzinnelijke reinheid strevende vrouwen rondspookte1 razende geeuwhonger naar geslachtsverkeer en niets anders was de duivel1 die in het bloed dezer alle geslachtsverkeer schuwende nonnen woedde4 ,duizenden naar vlekkelooze reinheid hakende nonnen minden onbewust in ,jezus alleen den man1 en haar geheele leven van geslachtelijke onthouding was n voortgezette geestelijke ontucht4 ,van abnormaal-hevige zinnelijkheid kan bij den man nauwelijks gesproken worden4 ,de macht van den man over zijn zinnelijkheid is uiterst gering1 zijn geslachtelijke prikkelbaarheid zeer groot4 ,men kan in het algemeen dan ook zeggen1 dat de man als regel steeds1 waar hij daartoe de gelegenheid heeft1 zijn zinnelijkheid botviert tot de grens zijner geslachtelijke potentie4 ,bij de vrouw is dit weer geheel anders4 ,haar macht over de zinnelijkheid van haar eigen lichaam is ongevenaard grooter dan bij den man1 en juist door haar geslachtelijke koelheid is zij in sexueele dingen bijna altijd de meerdere van den man4 ,om deze reden kan men wel spreken van abnormaal-hevige zinnelijkheid bij de vrouw4 ,individueele voorbeelden daarvan zullen wij in de verdere deelen van dit werk bij menigte leeren kennen4 ,hier volstaan wij met eenige typische bijzonderheden in dit opzicht4 ,gewoonlijk wordt bordeelbezoek uit zinnelijkheid alleen toegeschreven aan mannen4 ,in het bordeel zoo meent men1 is het de man1 die het tekort aan bevrediging zijner zinnelijkheid komt aanvullen1 terwijl de vrouw die zinnelijkheid alleen exploiteert1 ter geldwinning4 ,dit is echter niet geheel juist4 ,deze plaatsen ter bevrediging der grofste zinnelijkheid1 wisten reeds de ,romeinsche vrouwen der oudheid evenzeer te vinden2 zij bezochten incognito de bordeelen en gaven zich daar af met de bezoekers als gewone publieke vrouwen4 ,de geschiedenis vermeldt zoo iets uit verschillende tijden1 als een geliefkoosde sport van bij voorkeur voorname dames1 en volstrekt niet alleen onder de ,heidensche1 ook onder de ,christelijke beschaving kwam zulks voor4 ,uit de #ad;e1 #ae;e en #af;e eeuw bijvoorbeeld vermelden talrijke kronieken1 dat vrouwen1 als eerbaar bekend staande en uit de deftigste familin1 in bordeelen verrast werden1 dikwijls door haar eigen mannen4 ,uit de dorre registers der #ah;e-eeuwsche ,parijsche politie zijn ten deze kort geleden interessante bijzonderheden bekend geworden1 die voor de kennis der sexueele zeden van het grootste gewicht zijn4 ,daaruit verneemt men bijvoorbeeld dat talrijke dames der hoogste standen geregelde bezoeksters waren van beruchte huizen van ontucht2 ook1 dat vele harer koppelaarsters in haar dienst hadden1 die onbekende manspersonen1 reizigers1 officieren1 geestelijken enz41 bij haar hadden te brengen4 ,en voor eenige jaren is plotseling als door een toeval1 officieel het bewijs geleverd1 dat ditzelfde ook nog plaats vindt in onzen tijd4 ,de burgemeester van ,philadelphia1 het gentrigeer tegen hem van de grootkapitalisten dier stad moede1 liet1 om zich te wreken1 in den zomer van #aijc zekeren avond een razzia houden in alle deftige bordeelen1 met het resultaat1 dat onder de naar de politiebureaux geleide bezoekers en bezoeksters dier inrichtingen1 een groot aantal dames der geldaristocratie van ,philadelphia werden aangetroffen4 ,en1 hoewel op minder opzienbarende wijze1 worden in alle groote bevolkingscentra der oude en nieuwe wereld van tijd tot tijd gevallen ruchtbaar1 waaruit blijkt1 dat ook de vrouw het bordeel weet te vinden1 om haar onbevredigde zinnelijkheid den vrijen teugel te vieren1 haar zinnelijke energie ten volle uit te leven4 ,wat bekend is van de naakte bals1 levert het bewijs1 dat daarbij steeds de vrouwen1 en wel deftige dames uit de hoogbeschaafde en welgestelde kringen den boventoon voerden4 ,zulke bals zijn vele eeuwen lang een gezochte vermakelijkheid geweest1 die vooral voor de vrouwen een onweerstaanbare bekoring bleken te hebben4 ,en zij zijn hoogstwaarschijnlijk heden nog evenzeer en even algemeen in zwang als voorheen4 ,met zekerheid weet men dit zoowel van ,berlijn1 ,weenen1 ,parijs en ,mnchen als van de half-aziatische metropolen ,petrograd1 ,moskou1 ,budapest en andere4 ,en ook weet men1 dat daarbij nog evenzeer als voorheen steeds het vrouwelijk element de overhand heeft en in de meest phantastische uitspattingen den toon aangeeft4 ,een ander karakteristiek voorbeeld van de hevig-zinnelijke natuur sommiger vrouwen is haar veelvuldig opgemerkte voorliefde voor erotische1 obscene en zelfs plat-pornografische lectuur4 ,in de #ag;e eeuw heerschte1 naar ,philander von ,sittenwald bericht1 bij de vrouwen algemeen de mode1 zulke de zinnelijkheid prikkelende werken te laten inbinden in den vorm van kerkboeken1 teneinde zonder opzien te wekken overal1 tot zelfs in de kerk toe1 er zich ongehinderd in te kunnen verlustigen4 ,deze zelfde truc wordt nog heden veel toegepast4 ,nog tegenwoordig brengen in ,amerika1 ,engeland en elders1 de handelaars in zinnelijke prikkellectuur hun waar veelal in den handel in den uiterlijken vorm van stichtelijke werken1 gezangboeken1 kerkboeken1 zakbijbels en dergelijke1 wetende dat in dien oogenschijnlijk onschuldigen vorm een ruime afzet bij de vrouwelijke jeugd en ook bij oudere vrouwen verzekerd is4 ,een ,engelsch verzamelaar is in het bezit van een uitgebreide dusdanige damesbibliotheek1 waarvan elk exemplaar de duidelijkste sporen draagt van veelvuldig gebruik1 terwijl tallooze kantteekeningen in fijn en sierlijk damesschrift de indrukken weergeven1 die de inhoud alzoo op de lezeressen gemaakt heeft4 ,uit die kantteekeningen vooral blijkt1 dat de opgewonden vrouwelijke phantasie in het zinnelijke ook de meest ontuchtige orgin1 die de man zich kan droomen1 nog verre weet te overtreffen4 ,veelzeggend is in dit opzicht ook de sarcastisch-paradoxale vraag van ,otto ,weiss3 of jonge meisjes boeken mogen schrijven1 die ze zelf niet mogen lezen4 ,de slotsom van elke vergelijking tusschen de zinnelijkheid van man en vrouw kan geen andere zijn dan deze1 dat zij volstrekt onvergelijkbare grootheden zijn2 dat de zinnelijkheid van den man in zijn bruutheid tamelijk eenvormig is1 terwijl daarentegen de zinnelijkheid van de vrouw oneindig gecompliceerd is en vol van de verrassendste nuancen1 en daarom ook veel interessanter2 en dat tenslotte de zinnelijkheid van de vrouw1 hetzij door verfijning boven1 hetzij in grove dierlijkheid beneden de mannelijke zinnelijkheid staat1 doch nimmer daaraan gelijk is4 ,,iv4 ,,schoonheids-,,idealen4 ,de zinnelijkheid van den mensch richt zich aanvankelijk in het algemeen op de andere sexe1 maar zij doet tenslotte een keuze en vestigt zich op een bepaald individu1 en men mag aannemen1 dat de persoonlijkheid1 waarop die keuze valt1 de sterkste aantrekkingskracht vermocht uit te oefenen op de zinnelijkheid van wie die keuze doet4 ,dit doet de vraag rijzen1 welke eigenschappen een persoon hebben moet om een persoon van het andere geslacht zoozeer te bekoren en te behagen1 dat de begeerte tot bezit en vereeniging wordt opgewekt4 ,evenals alle vragen1 die het leven der liefde en der zinnelijkheid betreffen1 is ook deze interessante vraag uiterst gecompliceerd en een positief en afdoend antwoord laat zich daarop niet geven4 ,gelijk vanzelf spreekt1 wordt hier alleen bedoeld zuiver sexueele keuze op louter sexueele gronden en niet die1 welke berust op overwegingen van financieelen of maatschappelijken aard4 ,wij houden ons hier dan ook alleen bezig met die gevallen1 waarin de keuze inderdaad de persoonlijkheid zelf geldt en niet zijn of haar bezittingen1 stand als anderszins4 ,de begeerte tot bezit en tot vereeniging met een persoon van de andere sexe wordt1 dit behoeft geen nader betoog1 in de eerste plaats gewekt door lichamelijke eigenschappen en wellicht ook eenigermate door innerlijke1 geestelijke hoedanigheden4 ,maar welke zijn die eigenschappen en hoedanigheden8 ,het is duidelijk1 dat de eigenschappen1 die de zinnelijkheid en de liefde der individun van het andere geslacht opwekken1 verschillend moeten zijn4 ,anders toch zouden allen hetzelfde type begeeren1 en dit is naar de ervaring leert1 niet het geval1 de smaken zijn integendeel ook ten deze zeer verschillend4 ,wijl nu a priori kan worden aangenomen1 dat er geen twee menschen zijn wier in- en uitwendige individualiteit volstrekt gelijk is1 schijnt het geoorloofd en in elk geval het veiligst1 zulks ook op sexueel gebied aan te nemen en zich te stellen op dit standpunt1 dat ieder individu een eigen1 van anderen verschillend sexueel ideaal heeft4 ,als het nu een mensch mag gelukken1 dat exemplaar van de andere sexe te vinden1 dat volkomen aan zijn individueel ideaal beantwoordt1 dan zal het bezit daarvan hem toeschijnen als het hoogst bereikbare geluk4 ,en diensvolgens zal zoodanig persoon met alle kracht er naar streven om in dat begeerlijke bezit te geraken4 ,maar het vinden van het wezen1 dat in sexueel opzicht volkomen aan het individueele ideaal voldoet1 is naar alle waarschijnlijkheid voor ieder individu buitengesloten4 ,het enkele feit1 dat ieder zich zijn ideaal zou moeten zoeken uit meer dan #hjj millioen individun van het andere geslacht1 verspreid over een oppervlakte van vele millioenen vierkante kilometers1 leert met behulp der eenvoudigste kansberekening1 dat zulk een vondst gelijk zou staan met een wonder1 dat niemand redelijkerwijze kan verwachten4 ,theoretisch beschouwd vindt dan ook niemand zijn liefdesideaal4 ,en als het gevonden werd1 dan zou zulk een gelukkige vinder ook weer het ideaal van dat ideaal moeten zijn--iets wat men mag beschouwen als de onwaarschijnlijkheid in kwadraat4 ,geen sterveling mag dus op aarde hopen1 dat het hoogste liefdesgeluk hem ten deel zal vallen4 ,de practijk van het leven heeft echter in dezen doolhof van onwaarschijnlijkheden ten allen tijde uitweg weten te vinden4 ,waar het hoogste ideaal niet vindbaar is1 en dat is het nimmer naar wij zagen1 daar stelt men zich tevreden met de meer of minder verre benadering van het ideaal4 ,en het overgroote meerendeel moet zich noodzakelijkerwijze zeer ver van zijn ideaal verwijderen1 zoodat er tenslotte van de gansche idealentheorie weinig of niets terecht komt4 ,regel is1 dat ieder individu1 dat eenigermate zich door lichamelijke eigenschappen van een wezen der andere sexe voelt aangetrokken1 zich daarvan zijn ideaal maakt en er zich mee tevreden stelt4 ,op deze wijze vindt ieder individu in zijn onmiddellijke omgeving gewoonlijk onmiddelijk zoodanig surrogaat voor het wellicht in hem sluimerende1 maar onvindbare ideaal4 ,daarbij blijkt steeds en overal1 dat zekere typen grootere aantrekkelijkheid bezitten dan andere en zulke meest-begeerde typen gelden dan als het ideaal in een bepaald milieu4 ,daar deze zinnelijke aantrekkelijkheid vrijwel uitsluitend uitgaat van de uiterlijke1 lichamelijke hoedanigheden1 van de lichaamsvormen en het geheele uiterlijk voorkomen1 en wijl het zinnelijk aantrekkelijke schoon wordt genoemd1 zijn zulke idealen tevens schoonheids-idealen4 ,elke tijd nu1 elk volk1 elk ras1 elke leeftijd en elk milieu heeft zijn eigen schoonheids-idealen in dezen zin4 ,en evenmin als er een eeuwige moraal is1 zijn er eeuwige schoonheids-idealen4 ,de ,fransche anthropoloog ,cordier zegt hiervan3 ,de schoonheid is geen monopolie van een of ander ras4 ,elk ras verschilt in zijn schoonheidsbegrippen van andere rassen4 ,daarom kunnen schoonheidsregels nooit absolute en algemeene waarde hebben4 ,de zinnelijkheid van den man reageert het sterkst en het snelst op lichaamsvormen1 die hij individueel als schoon aanmerkt4 ,de zinnelijkheid der vrouw schijnt meer gevoelig voor krachtsvertoon1 voor lichaamskracht4 ,natuurphilosophen zien in deze wederkeerige aantrekking tusschen het schoone en het sterke een natuurwet werken1 in het belang van het geheele menschelijke geslacht4 ,zoo construeert iedere natie1 iedere tijd1 ieder milieu zich zijn eigen ,apollo en zijn eigen ,venus4 ,waar en in welken tijd men zoekt1 steeds blijkt onmiddellijk hoe de mannelijke zinnelijkheid zich de vrouw wenscht1 maar zelden valt te bepalen1 welke concrete eischen de vrouwelijke zinnelijkheid stelt aan den man4 ,dit is weer een gevolg van het feit1 dat men in het leven der liefde overal en telkens ontmoet1 dat de man optreedt als de aanvallende partij1 die als zoodanig luide en duidelijk zijn wenschen en begeerten kenbaar maakt1 terwijl de vrouw een passieve rol speelt en om in die rol te blijven zich omtrent hare verlangens niet of weinig uitlaat4 ,in werkelijkheid is de rol der vrouw1 naar wij zien zullen1 volstrekt niet uitsluitend passief en afwachtend2 door haar bewust en onbewust lokken1 door haar zinnelijke aantrekkingskracht1 die zij kunstmatig zooveel zij kan tracht te versterken en te verhoogen1 treedt de vrouw evenzeer actief op1 veelal nog actiever1 als de man2 doch dit geschiedt altijd met behoud van den schijn van lijdelijkheid2 steeds tracht de vrouw te blijven in de rol van passiviteit4 ,en daarom spreekt de man zich duidelijker uit omtrent de eischen1 die hij stelt aan de uiterlijke persoonlijkheid van de vrouw1 dan de vrouw dit doet ten aanzien van den man4 ,de vrouw als zoodanig oefent op den man de meeste aantrekkingskracht uit door haar uiterlijke vormen4 ,voor den man gaat er van elke vrouw wier lichaamsvorm zich aan zijn bewustzijn voordoet als schoon1 een machtige zinnelijke bekoring uit4 ,de mannelijke zinnelijkheid reageert daarbij niet slechts op een enkel type1 maar als regel op een menigte typen4 ,een en ander leidt logisch tot de gevolgtrekking1 dat elke vrouw1 wier uiterlijke vormen de sexueele zinnelijkheid van ook maar n man vermogen te doen ontvlammen1 eenigerlei schoonheid bezit4 ,want wat zinnelijke liefde vermag op te wekken is schoon4 ,schoonheid1 zegt ,plato1 is zichtbaar geworden liefde4 ,waar nu van bijna elke vrouw nog eenige zinnelijke aantrekkingskracht uitgaat1 mag men aannemen1 dat vrouwenschoonheid van alle betrekkelijke begrippen wel het meest betrekkelijke is en allerminst is gebonden aan een enkelen vorm1 maar zich in een menigte vormen kan voordoen4 ,dat er inplaats van een enkel algemeen schoonheids-ideaal vele en velerlei schoonheids-idealen der vrouw zijn1 leert reeds een vluchtige blik op de werkelijkheid4 ,aan den anderen kant staat evenzeer vast1 dat niet van alle vrouwen een zelfde mate van aantrekkelijkheid uitgaat4 ,integendeel1 in dit opzicht vallen vele graden waar te nemen4 ,in het spraakgebruik gelden die typen1 van wie de krachtigste sexueele bekoring schijnt uit te gaan1 als schoonheids-idealen bij uitnemendheid4 ,indien nu ten allen tijde dezelfde typen de meeste1 en andere typen de minste bekoring hadden uitgeoefend1 dan zou men1 daardoor geleid1 tot bepaling van een algemeen schoonheids-ideaal kunnen komen4 ,maar juist het tegenovergestelde is het geval--tusschen de schoonheids-idealen wordt aanhoudend stuivertje gewisseld4 ,een type1 in een gegeven tijd in zwang als ideaal1 blijkt dikwijls kort daarna in de achting sterk gedaald4 ,blijkbaar raakt men van een bepaald type tenslotte verzadigd en de smaak slaat dan veelal om in de richting van het tegendeel van dat type4 ,een vluchtige blik op wat al zoo in den loop der tijden als schoon heeft gegolden1 bewijst dit onmiddellijk4 ,het schoonheidsbegrip in het algemeen en ten aanzien der vrouw in het bijzonder is zeer relatief1 eerstens bij elk menschenras1 verder bij elk volk1 tenslotte bij ieder individu4 ,en zelfs de individuen doorloopen ieder voor zich weer een reeks graden1 die bij den een allengs opklimmen en verfijnen1 bij den ander daarentegen geleidelijk afdalen en vergroven4 ,een diepere beschouwing dezer verschijnselen leert1 dat de schoonheids-idealen van een tijdperk1 van een volk1 van een individu1 voortkomen uit de algemeene geestelijke en stoffelijke gesteldheid van dien tijd1 dat volk1 dat individu4 ,dit openbaart zich het duidelijkst en het krachtigst in de kunst4 ,de kunst is ontstaan uit de zinnelijkheid1 en zij is ten allen tijde gebleven de verraderlijke medeplichtige van de zinnelijkheid1 van wie wij alles vernemen1 wat wij omtrent de zinnelijke idealen van een tijdperk of volk wenschen te weten4 ,de kunst van een tijdperk leert ons met documentaire betrouwbaarheid de zinnelijke schoonheids-idealen van dat tijdperk kennen4 ,het schoonheids-ideaal van elken tijd hangt af van het algemeene karakter van den betreffenden tijd4 ,evenmin als er een voor eeuwig vaststaande moraal bestaat1 bestaan er eeuwige schoonheids-begrippen1 maar deze zijn evenals alles wat bestaat onderworpen aan gestadige vervorming en vervanging1 onder den invloed van velerlei geestelijke en stoffelijke factoren4 ,in tijden van groote bewegingen1 van krachtig geestelijk en stoffelijk leven zien wij1 uit het algemeene beeld van de kunst dier tijden1 een groote overeenkomst in de overheerschende schoonheids-idealen4 ,hetzelfde valt waar te nemen in tijden van algemeene geestelijke en stoffelijke inzinking en van algemeen ouderdomsverval4 ,zoo stemt de glorietijd der oudheid in schoonheids-idealen treffend overeen met het tijdperk der algemeene geestelijke en stoffelijke wedergeboorte na den geestelijken dood der middeleeuwen--het tijdperk der ,renaissance4 ,in beide tijdperken geldt die man als schoon1 die het zuiverst de lichamelijke kenmerken bezit zijner natuurlijke geslachtelijke activiteit1 nl4 kracht en energie4 ,het herosch schoonheids-ideaal in beide tijdperken is3 de gestalte van een ,apollo van ,belvedere1 met de energie van een bekroonden hengst1 zooals ,brandes zegt in zijn werk over ,shakespeare4 ,en de vrouw geldt als schoon1 als zij ten volle is toegerust voor de glorin van het moederschap2 niet het teere wezentje van was-bleeke doorschijnendheid1 en met nauwelijks lichaam genoeg om een sexe te mogen veronderstellen2 maar de vrouw wier schoot en wier boezem1 begeerende en begeerd1 zwelt van onuitputtelijke vruchtbaarheid2 zij moet tegelijk ,venus en ,juno zijn1 groot en imposant van gestalte1 met weelderige lendenen en de malsche majesteit eener ,venus ,callipygos1 met vleezige dijen en volle armen1 in staat de reuzen die zij aanlokken in haar omhelzingen te verstikken4 ,zoo zijn de majestueuze vrouwenfiguren der antieke kunst en zoo zijn de vrouwen van een ,ariosto en een ,rubens4 ,tijden1 die in algemeen karakter het tegendeel vormen van die herosche kracht1 hebben een tegenovergesteld schoonheids-ideaal4 ,geen forsche weelderigheid van vormen kan dan bekoren2 wat men wil zijn slanke figuren1 tenger en teer1 sierlijk en klein2 in de plaats van het gezond-heftige treedt het pikant-wellustige2 wat men verlangt is verfijning1 decadente romantiek in het zinnelijk genieten1 men keert zich af van het geweldige der natuur en wordt meer en meer toegankelijk voor de meest phantastische perversiteiten4 ,en daarbij wordt de natuurlijke bestemming der zinnelijkheid--dat is levenverwekking--angstvallig ontweken4 ,zingenot zonder gevolgen1 visitatie zonder ontvangenis1 wordt het algemeene streven1 totdat men tenslotte in doellooze zinnelijkheid ondergaat4 ,en precies zooals zich dit alles afspeelt in gansche tijdperken1 gaat het ook in het leven van waarschijnlijk ieder individu4 ,ongetwijfeld beweegt de zinnelijkheid van elk individu zich in de richting van een der hier geschetste uitersten4 ,met dit verschil dan tusschen individu en het geheel der samenleving1 dat het individu zich alleen in de eene of in de andere richting consequent uit kan leven1 terwijl het geheel tenslotte een grens en een hoogtepunt bereikt1 dan op den afgelegden ontwikkelingsweg terugkeert en zich in tegengestelde richting begint te bewegen4 ,het individu kan zich als regel niet herstellen1 het kan niet omkeeren1 terwijl het geheel steeds zwanger gaat van zijn tegendeel1 zoodat een machtig tijdperk steeds verval1 en een tijd van verval steeds renaissances in zich bergt4 ,hoe meer een tijdperk zinnelijk genieten terwille van het zinnelijk genot op den voorgrond stelt1 des te grooter wordt de omweg dien men maakt naar het zinnelijk genot4 ,de zege in de zinnelijkheid wordt gesplitst in tientallen gedeeltelijke overwinningen1 en voor iedere zegepraal werpt men meerdere barricaden op1 die eerst bestormd moeten worden1 ook als de eindoverwinning reeds van te voren bij beide partijen vaststaat4 ,men rekt het genot door het te verschuiven tot later1 men geniet door de begeerte te prikkelen en met de bevrediging te dralen4 ,elke erotische maaltijd moet bestaan uit eenige dozijnen schotels1 die het hoofdgerecht voorafgaan en tot bijzaak maken4 ,het zinnelijk menu moet bestaan uit een aaneenschakeling van de uitgezochtste lekkernijen1 die steeds den zinnelijken honger prikkelen zonder hem te verzadigen4 ,men verfoeit en minacht den eenvoudigen kost met slechts n gerecht1 waaraan men zich zonder toespijzen verzadigt1 zoodat de honger gestild is en er geen behoefte of begeerte naar meer overblijft4 ,direct op het hoofddoel los te gaan1 anders dan bij wijze van afwisseling1 geldt dan als alleen goed voor boeren en onbeschaafd volk1 dat niet weet te leven4 ,geheel in overeenstemming daarmee zijn in zulke tijden de heerschende schoonheids-idealen en dit werkt met de zekerheid eener natuurwet terug op alles wat het verkeer en het leven der sexen direct of indirect betreft1 en vooral op de middelen1 die de vrouw te baat neemt1 om hare sexueele aantrekkingskracht te verhoogen4 ,de gezonde man in de volle kracht des levens gevoelt zich zinnelijk alleen aangetrokken tot de tot vollen lichamelijken wasdom gekomen volrijpe vrouw4 ,de afgeleefde en uitgeputte zinnelijkheid van den grijsaard voelt zich daarentegen slechts aangetrokken tot de geslachtelijke onrijpheid2 alleen de boezem die zich nog pas flauw begint te ronden1 lokt hem aan4 ,evenzoo is het gesteld met de vrouw4 ,in haar bloeitijd haakt zij naar den potenten man1 die haar geslachtelijken honger tot verzadigens toe vermag te stillen en die aan het altaar van ,priapus ware ,herculeswonderen vermag te presteeren4 ,de overrijpe matrone daarentegen1 die den zinnelijk-krachtvollen man niet meer kan bekoren1 richt het restant harer aantrekkelijkheid op de onervarenheid van den knaap1 om haar in laatste flikkeringen oplaaiend vuur te koelen aan het eerste ontgloeien zijner opkomende manbaarheid4 ,en zooals in het leven der individuen is het hiermee ook gesteld in het leven der geslachten en volken4 ,het leven van de individueele deelen is een verkleind beeld van het leven van het geheel4 ,een volk in volle physieke kracht heeft een herosch forsch en krachtig1 rijp en weelderig schoonheids-ideaal en het verzadigt zich daaraan met herosche kracht2 de potentie is evenredig aan de begeerte4 ,een volk dat in een toestand verkeert van ouderdomsverval1 heeft smaak in het onrijpe1 in het on- en tegennatuurlijke1 en wordt verteerd door impotente begeerte4 ,uit het bovengezegde blijkt1 dat het begrip schoonheid in hooge mate afhankelijk is van den aard der zinnelijkheid1 en de aard der zinnelijkheid is weer voor een groot deel afhankelijk van het geheele geestelijke en stoffelijke milieu waarin het individu verkeert4 ,dit geldt allereerst van de zinnelijkheid van den man1 doch ook1 zij het misschien in mindere mate1 van die der vrouw4 ,het abstracte ideaal van vrouwelijke schoonheid heeft in de oudheid zijn hoogste uitdrukking gevonden in de ,aphrodite-figuur der ,grieken4 ,aphrodite1 door de ,romeinen ,venus genoemd1 is in de mythologie der ,ouden de uit het schuim der zee geboren godin der liefde en der schoonheid4 ,als zoodanig overtreft zij alle hemelsche en aardsche wezens in bekoorlijkheid en bevalligheid4 ,in haar gevolg zijn de drie ,gratin--de personificaties van het vurig zinnelijk verlangen4 ,in haar gordel schuilt de tooverkracht aller zinnelijke betoovering1 waartegen ook de wijzen niets vermogen4 ,al wat leeft in den hemel of op aarde is aan haar zoete macht onderworpen4 ,zij is de schenkster aller schoonheid en van alle liefdegeluk en zij is als zoodanig tevens de godin der huwelijken en van alle op wederzijdsch minnen berustende geslachtsgemeenschap4 ,de voorstelling eener uit de golven der zee opgestegen godin der liefde is uit ,azi tot de ,grieken gekomen--de ,aphrodite der ,grieken is de esthetisch verfijnde ,astarte der volken van het oude ,west-,azi4 ,naar de plaatsen waar en de hoedanigheden waarin zij vereerd werd1 droeg zij vele bijnamen1 evenals de ,venus der ,romeinen4 ,als zinnebeelden der liefde waren aan haar toegewijd de myrte1 de roos en de appel1 als zinnebeelden der vruchtbaarheid de maan1 de duif1 de haas4 ,de kunstenaars der oudheid stellen haar bij voorkeur voor als een jonge vrouw1 schitterend in de weelderige schoonheid der jeugd1 vol gratie en bekoorlijkheid4 ,in het gevolg van ,aphrodite dacht men zich1 naar wij boven reeds zagen1 de drie ,gratin of ,chariten3 ,euphrosyne 7feestvreugde71 ,aglaja 7gloed7 en ,thalia 7bloeiend geluk71 door de oude en de nieuwe kunst voorgesteld als liefelijke en bekoorlijke vrouwelijke wezens 7zie de bijlage3 ,de drie ,gratin74 ,naast deze godin der liefde kende de ,helleensche oudheid ook een god der liefde1 meer speciaal der dartel-zinnelijke liefde4 ,bij de ,grieken heette deze mannelijke liefdegod ,eros1 bij de ,romeinen ,amor en ook ,cupido4 ,hij is de personificatie van de macht waardoor alle levende wezens op aarde ontstaan4 ,hij is de zoon van ,aphrodite1 een vader heeft hij niet4 ,bij de dichters is hij een dartele1 bevallig-schoone knaap1 een overmoedige kwelgeest van goden en menschen4 ,op gouden vlerken rondvliegend1 gewapend met een boog en een gevulden pijlkoker1 wondt hij al wat hij ontmoet in den hemel1 op de aarde1 in de zee en in de onderwereld4 ,hij is niet alleen de god der geslachtelijke liefde 7die in de moderne literatuur naar hem ook wel erotische liefde wordt genoemd71 maar ook der vriendschap4 ,gaarne brengt men hem in gemeenschap met ,psyche 7zie bijlage3 ,amor en ,psyche71 de personificatie van de menschelijke ziel1 en dikwijls voorgesteld als een vlinder of als een meisje met vlindervleugels4 ,appulejus geeft in zijn ,metamorphosen van de verhouding van ,eros 7,amor7 en ,psyche de volgende liefelijke voorstelling4 ,een koning had drie dochters1 waarvan ,psyche de jongste en mooiste was4 ,eros vatte liefde voor haar op en voerde haar in onzichtbare gedaante naar een eenzaam oord1 waar zij in liefde met hem vereenigd leefde1 echter zonder hem ooit te zien4 ,hare afgunstige zusters bewogen haar er bij ,eros1 ondanks diens verbod1 op aan te dringen zich te vertoonen4 ,zij werd toen door ,eros verlaten en zwierf droevig rond om hem terug te vinden4 ,eindelijk1 na vele wederwaardigheden werd zij om het doorgestane lijden van schuld gereinigd geacht en voor altijd met hem vereenigd4 ,haar dochter gaf zij den naam van ,gelukzaligheid4 ,appulejus heeft aan deze vertelling een wijsgeerigen zin gegeven4 ,eros is de machtige geest1 die den mensch door schoonheid en liefde brengt tot het goede en daardoor tot gelukzaligheid2 wil men meer dan hij daarvoor noodig acht1 dan trekt hij zich terug en hem dan terug te vinden is een lange weg van lijden en wroeging4 ,van de geheele eindelooze reeks van godenfiguren der oude mythologien is er geen1 die in de romantische en dichtliteratuur aller volken1 alsook in de beeldende kunsten zoo veelvuldig voorkomt als ,eros 7,amor74 ,meest spreekt men dan in schertsenden zin1 waarin dan evenwel een diepere beteekenis verborgen ligt4 ,de groote ,deensche sprookjes-dichter ,andersen geeft van dezen beminnelijken kwelgeest de volgende voorstelling4 ,er was eens een oude dichter1 zoo'n wezenlijk goede oude dichter4 ,op een avond1 toen hij rustig thuis zat1 brak er een vreeselijk onweer los2 de regen viel bij stroomen neer1 maar de dichter zat warm en wel bij zijn kachel1 waarin het vuur knetterde en de appels braadden4 --,wie in dat weer buiten is1 moet wel doornat worden1 peinsde hij1 want hij was een goedmoedige dichter4 --,ach1 doe open6 ,ik bezwijk van koude en ik ben zoo nat6 riep eensklaps daarbuiten een kinderstem4 ,het kind weende en klopte aan de deur1 onderwijl de regen in stroomen bleef neervallen en de storm de vensters deed rammelen4 --,arme kleine6 zeide de oude dichter en stond op en opende de deur4 ,daar stond een jonge knaap2 hij was geheel en al naakt en het water droop hem uit het lange blonde haar4 ,hij bibberde van koude2 was hij niet binnengelaten1 dan zou hij in het barre weer zeker zijn omgekomen4 --,jij arme kleine6 zeide de oude dichter en nam hem bij de hand4 ,kom binnen1 ik zal je verwarmen6 ,wijn en een appel zal je ook hebben1 want je bent een lieve jongen6 ,dat was hij ook4 ,zijn oogen leken twee heldere sterren1 en ofschoon het water hem uit het blonde haar droop1 krulde het zich toch alleraardigst4 ,hij zag er uit als een kleine engel1 maar hij was bleek van kou en bibberde over het gansche lichaam4 ,in zijn hand hield hij een prachtigen boog1 die echter door den regen geheel was bedorven2 de kleuren der mooie pijlen vloeiden door den regen in elkander4 ,de oude dichter ging weer zitten bij zijn kachel1 nam den kleinen knaap op zijn schoot1 streelde hem het water uit zijn haren1 warmde de verkleumde handjes in de zijne en gaf hem wat warmen wijn te drinken4 ,toen leefde het kind op1 er kwam een blos op zijn wangen1 hij sprong op den vloer en trippelde om den ouden dichter heen4 --,je bent een vroolijke jongen6 zei de oude4 ,hoe heet je8 --,ik heet ,amor6 antwoordde hij4 ,kent u me niet8 ,daar ligt mijn boog4 ,daarmee kan ik schieten4 ,kijk1 nu is het weer goed weer2 het maantje schijnt6 --,maar je boog is bedorven6 zeide de dichter4 --,dat zou jammer zijn1 zeide de kleine knaap1 nam hem op en bekeek hem4--,o1 hij is al weer droog en hij is weer goed4 ,de pees is juist goed strak geworden4 ,ik zal hem eens probeeren4 ,en meteen spande hij den boog1 legde een pijl erop1 mikte en schoot den ouden dichter precies in het hart4 --,nu kan u zien1 dat mijn boog niet bedorven is6 zeide hij1 lachte luid en liep weg4 ,neen1 geen aardige jongen4 ,zoo op den ouden dichter te schieten1 die hem zoo vriendelijk in zijn warme woning had opgenomen1 zoo lief tegen hem was geweest en hem warmen wijn en den lekkersten appel gegeven had4 ,de goede dichter lag op den vloer en weende1 want hij was precies in het hart geraakt4--,foei1 zeide hij1 wat een ondeugende jongen is die ,amor6 ,ik zal het aan alle goede kinderen vertellen1 dat ze zich voor hem kunnen wachten en nooit met hem spelen1 want hij zou ze maar kwaad doen4 ,aphrodite 7,venus71 de godin der liefde1 was bij de ,ouden tegelijkertijd de godin der vrouwelijke schoonheid--liefde en schoonheid waren voor het esthetisch gevoel der ouden onafscheidelijke begrippen4 ,haar mannelijke tegenhanger1 ,eros 7,amor71 is evenwel niet tegelijk de vertegenwoordiger der mannelijke schoonheid1 wel der zinnelijkheid in het algemeen1 als om te kennen te geven1 hoezeer men de liefde bij den man onafscheidelijk achtte van zinnelijkheid4 ,als personificatie der mannelijke schoonheid gold bij het meest artistieke volk der oudheid ,apollo 7zie bijlage3 ,apollo van ,belvedere71 de beschermer van al wat goed en schoon is1 doch meer nog de jongeling ,adonis1 het symbool van het jonge lenteleven4 ,deze jongeling deed zoozeer de vrouwelijke zinnelijkheid ontvlammen1 dat behalve ,aphrodite zelf o4a4 ook ,persephone1 de machtige en schrikkelijke koningin der onderwereld1 op hem verliefde1 waaruit een felle strijd tusschen de beheerscheressen van den ,hades en van den ,olympus ontbrandde1 aan welken strijd ,zeus zelf tenslotte een einde moest maken door te bepalen1 dat elk der beide godinnen hem een deel van het jaar zou bezitten4 ,in geheel de antieke wereld werden in den zomer met groote pracht ,adonisfeesten gevierd1 waaraan vooral de vrouwen deelnamen4 ,ook keizer ,hadrianus' gunsteling ,antinous 7zie bijlage3 ,antinous7 was een ideaal van mannelijke schoonheid der antieke wereld4 ,tegenover ,aphrodite 7,venus7 als godin der schoonheid en der liefde staat ,pallas ,athene 7,minerva71 het symbool der boven de sexualiteit staande vrouwelijke waardigheid1 het ideaal der eeuwige maagd1 los van alle zinnelijkheid1 het zinnebeeld der vrouwelijke wijsheid1 die zich niet1 zooals zoo vaak die van den man1 door zinnelijken hartstocht laat vervoeren en meeslepen4 ,ook in deze gedachte vond de oudheid een bevrediging van haar schoonheids-idealen--de ,pallasbeelden van ,phidias op den ,acropolis te ,athene en op ,lemnos golden als de in beeld gebrachte verheven vrouwelijke schoonheid bij uitnemendheid4 ,in hun voorstellingen in beeld als anderszins van al deze en verdere figuren hunner nationale mythologien1 hebben de kunstenaars der ,helleensche oudheid hunne begrippen en idealen van mannelijke en vrouwelijke schoonheid vastgelegd4 ,en die voorstellingen hebben het esthetisch gevoel van alle latere geslachten kunnen bevredigen4 ,zij zijn de voorbeelden van verheven zoowel als van zinnelijke schoonheid geworden voor alle tijden en de kunstenaars uit latere tijden geven aan hunne schoonheids-idealen bij voorkeur de namen dezer idealen der oudheid 7zie bijlagen3 ,venus en ,amor1 ,venus en ,adonis1 en ,venus74 ,de kunstproducten uit dien tijd1 toen niets heilig was dan het schoone1 zijn tot op heden in den strijd om den voorrang met die van andere tijdperken steeds weer boven gekomen en erkend als de ideale typen van den schoonen mensch4 ,het ,venusbeeld van het eiland ,melos 7nu3 ,milo71 de ,venus die in #aehd in het bezit kwam der familie de ,medici te ,florence en daarom in de kunst bekend is als de ,venus der ,medici1 verder de ,venus van het ,kapitool en de ,venus ,callipygos zijn daarvan de onsterfelijke voorbeelden 7zie de bijlagen74 ,en dit geldt niet alleen van hunne uitbeeldingen van de godenwereld1 maar ook van hunne gewrochten naar het levend model--bij hen zijn de godinnen niet schooner of verhevener dan de hetaeren of publieke vrouwen1 zooals ,aspasia1 ,phryne1 ,thas1 ,myrrhina1 ,lamia1 ,thargelia1 ,las1 ,theodota enz4 ,zelfs zou de vermaarde hetaere ,phryne het model zijn geweest1 waarnaar ,praxiteles zijn ,aphrodite voor ,cnidus1 de hoofdstad van het ,dorisch ,verbond in ,klein-,azi 7vandaar3 ,venus der ,cnidirs of ,cnidische ,venus71 schiep4 ,en hoezeer beide uitersten die zich bij de vrouw laten denken--godin en prostituee--door de ,ouden op n lijn werden gesteld1 zoo zij slechts beantwoordden aan hun ideaal van schoonheid1 blijkt hieruit1 dat in den tempel te ,thespi1 de geboortestad van ,phryne1 het beeld van ,aphrodite en een portretstandbeeld van ,phryne nevens elkaar stonden4 ,dit vinden wij trouwens terug in elk gulden tijdvak der kunst4 ,treffende voorbeelden daarvan zijn vele voorstellingen van de maagd ,maria4 ,bij vele daarvan is het bij den eersten blik duidelijk1 dat bij het ontwerpen den maker geheel iets anders voor den geest heeft gezweefd dan een onsterfelijk godsbegrip4 ,van de moeder-gods-beelden der ,renaissance zijn vele niets dan uitingen van het erotische schoonheids-ideaal van dat tijdvak4 ,evenals in de oudheid aan hetaeren een plaats werd waardig gekeurd naast de godin van den ,olympus1 zoo zij slechts schoon waren1 wordt ,maria1 behalve hemel-koningin tevens de ideale koningin der zinnelijke schoonheid4 ,de aanblik van de boezems en verdere vrouwelijke vormen der ,renaissance-,maria's wekken alles behalve bovenaardsche en bovenzinnelijke gedachten en verlangens4 ,in de voorstelling van de ,boodschap is zij blijkbaar meer de in erotischen gloed ontvlammende jonge vrouw1 voor wier geest blijkbaar zeer aardsche beelden zweven1 dan een in verheven geestverrukking zich verdiepende uitverkorene1 die in de glorie van smetlooze reinheid het wonder der onbevlekte ontvangenis ondergaat4 ,van etherische kuischheid is in den regel geen spoor meer te ontdekken4 ,waar zij het kind ,jezus zoogt1 is dit voor den schilder gewoonlijk slechts een even welkom als schijnbaar ongezocht motief om een schoone jonge vrouw op het pikantst te decolleteeren 7zie bijlage3 ,moederweelde74 ,zoo wordt in de ,renaissance het heiligenbeeld1 evenals in de oudheid1 het ideaal der zinnelijke schoonheid4 ,dit blijkt te meer1 wijl in die ,mariabeelden niet zelden vrouwen werden vereeuwigd1 die haar beroemdheid voornamelijk hadden verworven in en om de alcove4 ,men denke hier slechts aan het beroemde portret van ,agnes ,sorel van ,jean ,foucquet 7thans in de ,antwerpsche galerij74 ,als madonna met het goddelijk kind op den arm demonstreert zij de gansche pracht en de volle weelderige heerlijkheid van haar om zijn schoonheid vermaarden boezem4 ,en alleen om die pracht te vertoonen was het blijkbaar te doen1 zoowel den schilder en het model als hem die de opdracht had gegeven4 ,het motief der moeder ,gods was daarbij alleen het ongezocht schijnende voorwendsel4 ,interessant is bij al deze doorzichtige pogingen om het hemelsche in dienst te stellen van het zinnelijke aardsche schoonheidsideaal1 dat in dien tijd bij vrijwel alle voorstellingen van de maagd ,maria de onnoozele ,joseph gemist wordt4 ,maria had hare schoonheid niet haar man te vertoonen1 maar aan ieder die oog had voor vrouwenschoon4 ,en waar men zich van ,maria bedient om de heerlijkheden der vrouw ten toon te stellen1 daar heeft men ,joseph niet noodig1 hij kan gaan1 hij zou slechts hinderen en opnieuw de ondankbare rol spelen van overbodige bijlooper4 ,het erotisch karakter van de heiligenbeelden der ,renaissance komt natuurlijk nog sterker uit als het motief zelf reeds op iets erotisch betrekking heeft1 zooals bijvoorbeeld bij de voorstelling van de boetvaardige ,magdalena4 ,al die boetvaardige ,magdalena's der ,renaissance zijn schoone zondaressen1 wier zonde op het eerste gezicht zeer begrijpelijk is1 maar wier boetende ziel meer vervuld schijnt van de mysterin der alcove dan van de verschrikkingen van het vagevuur4 ,ook in dezen tijd weer was niets heilig dan het schoone en al wat aan het toenmalig schoonheids-ideaal beantwoordde werd heilig geacht4 ,en opnieuw greep men in dit tweede groote tijdvak van heerschappij van het schoone1 zelfs bij voorkeur naar het heilige4 ,het oude testament werd de groote voorraadschuur van onderwerpen voor voorstellingen1 waarin de schoonheids-idealen zich in erotischen gloed konden openbaren4 ,joseph en de vrouw van ,potifar 7zie bijlage71 ,lot en zijn dochters1 ,simson en ,delila1 ,david en ,bathseba1 ,suzanne in het bad en dergelijke zijn de geliefkoosde onderwerpen van de kunst--steeds de trouwe spiegel van het geestesleven van een tijdvak of van een volk--der ,renaissance4 ,en ook de geheele ,olympus herleefde weer1 voor zoover hij erotische motieven aan de hand kon doen4 ,als men ,venus1 ,jupiter1 ,mars1 ,juno1 ,diana en de verdere mythologische godheden of de legendarische en half-historische figuren uitbeeldde1 dan was dit steeds om hen ten toon te stellen in hun altijddurend genotleven4 ,men schilderde de tallooze godenminnarijen en daaruit steeds de meest pikante episoden4 ,en evenals men bij het uitbeelden van ,maria louter de toenmalige opvatting der vrouwenschoonheid weergaf1 hield men zich bij het schilderen van de antieke goden en godinnen in het minst niet angstvallig aan de origineelen1 maar gaf daarin zijn eigen schoonheids-idealen weer4 ,in den tegenwoordigen tijd is de slanke figuur het overheerschende esthetische ideaal van vrouwenschoonheid1 terwijl een bepaald ideaal van mannenschoon moeilijk zou zijn aan te wijzen4 ,een noodzakelijk gevolg van dit slankheidsideaal is de vereering der lichaamsvormen van het meisje1 zelfs van het nauwelijks de kinderschoenen ontwassen en lichamelijk nog onrijpe meisje4 ,en een verder gevolg van deze vereering van het meisjesachtig slanke1 is een algemeene simulatie van meisjesvormen door de geheele vrouwenwereld4 ,zoolang mogelijk en met alle ten dienste staande toilet-1 garderobe- en andere middelen streven alle nog levenslustige vrouwen er naar meisje te schijnen4 ,geen vrouw meer is op het eerste gezicht boven de twintig1 zoo zij niet over de vijftig is4 ,zoo machtig is de invloed der mode op het algemeene beeld1 waarin zich de vrouwenwereld van een tijdperk vertoont1 nu zoowel als voorheen4 ,algemeen heerscht de meening1 dat van de schoonste vrouwen1 d4w4z4 van die welke het esthetisch ideaal van het oogenblik het dichtst nabij komen1 ook de grootste erotische bekoring uitgaat4 ,onwillekeurig neemt men aan1 dat alle vrouwen1 die als courtisanes van vorsten als anderszins haar naam in de geschiedenis hebben achtergelaten1 bijzondere schoonheden geweest zijn4 ,dit is echter volstrekt de regel niet4 ,integendeel1 een heele reeks van zulke vrouwen voldeden maar aan matige schoonheidseischen4 ,en een menigte esthetisch bijzonder schoone vrouwen zou daar tegenover zijn te stellen1 van wie niet blijkt1 dat zij bijzonder de aandacht hebben getrokken4 ,men moet aannemen dat bij de erotische aantrekking tusschen de sexen niet louter de esthetisch schoone lichaamsvormen den doorslag geven1 maar dat zich daarbij ook allerlei duistere sympathin doen gelden4 ,de geliefde vrouw is altijd een engel1 of zij moeder1 zuster1 dochter of echtgenoote heet4 ,de vrouw1 die men niet liefheeft1 is en blijft maar een vrouwspersoon1 al ware zij zoo schoon als de ,venus van ,milo4 ,photo ,bruckmann1 ,mnchen4 ,het heeft niet ontbroken aan pogingen om langs materieelen en werktuigelijken weg een normaal schoonheidstype vast te stellen1 en wijl bijna uitsluitend de meer zinnelijke man zich daarvoor interesseert1 gelden al zulke pogingen voornamelijk de vrouw4 ,de kenteekenen1 waarnaar in zulke stelsels de mate van schoonheid wordt beoordeeld1 heeten te zamen een schoonheidskanon of kortweg kanon4 ,zulke kanons stellen bepaalde eischen aan de voornaamste uitwendige deelen van het lichaam enz41 en het meerendeel dier eischen komt neer op een eenvoudige meting4 ,een individu1 dat aan alle gestelde eischen zou voldoen1 zou dan als het ideaal van schoonheid moeten worden aangemerkt4 ,zulke kanons stammen al uit de oudheid4 ,volgens den kanon van ,polycletus moet het gezicht een tiende van het geheele lichaam uitmaken4 ,de ,egyptische kanon stelde den eisch1 dat de lichaamslengte gelijk moest zijn aan #ai maal de lengte van den middelvinger4 ,in den tegenwoordigen tijd heeft men een anderen weg ingeslagen--men heeft bij een zoo groot mogelijk aantal individun de gemiddelde maat der verschillende lichaamsdeelen zoeken vast te stellen en daarnaar normale maten voor het gansche lichaam berekend1 en ten slotte daaruit ideale schoonheidstypen voor rassen en individun trachten af te leiden4 ,als grondmaat 7modulus7 nam men de zonderlingste en willekeurigste uitgangspunten2 zoo bijvoorbeeld de ,duitsche anatoom ,g4 ,fritsch de lengte van de lijn tusschen neus en schaambeensvereeniging bij rechtstandige houding4 ,al zulke pogingen om met den maatstok het ideaal te vinden1 hebben natuurlijk weinig of geen esthetische waarde4 ,want daarin worden doorsnee en ideaal op n lijn gesteld4 ,zoo heeft een ,belgisch geleerde door optelling van de gezamentlijke lengtematen aller ,belgen en deeling van het zoo verkregen aantal millimeters door het totaal aantal ,belgen1 de ideale lichaamsmaat van den ,belg zoeken vast te stellen2 bij het bekend worden dier methode hebben zijn landgenooten karikaturisten wel gezorgd1 dat hij met zijn systeem terecht kwam bij alles behalve ideale typen4 ,en men is zelfs nog verder gegaan en heeft een meting van het heele menschdom voorgeslagen1 ten einde op die wijze den idealen mensch op te sporen4 ,men is op deze buitensporigheden thans vrijwel teruggekomen4 ,men houdt nog wel vast aan maatstaf of kanons1 aan een verzameling van uiterlijke kenteekenen waarnaar de meerdere of mindere mate van lichaamsschoon moet worden beoordeeld1 maar men spreekt daarbij weinig of niet meer van ideaal4 ,vele kunstenaars hebben zulke kanons opgesteld1 vooral om een richtsnoer te hebben voor de onderlinge verhoudingen der lichaamsdeelen4 ,de oude ,grieken reeds hebben naar een zuiver schoonheidstype gezocht4 ,behalve aan afmetingen kenden zij daarbij ook beteekenis toe aan andere factoren4 ,en in natuurlijkheid staat de ,grieksche kanon dan ook vrijwel altijd bovenaan1 n4l4 die van ,polycletus1 later een weinig gewijzigd door ,lysippus1 wiens kanon het zuiverst heet te worden vertegenwoordigd door zijn ,speerdrager 7te ,napels74 ,de ,grieksche schoonheidskanon1 zooals oud-,griekenland's beeldhouwwerken die te aanschouwen geven1 beheerschen nog heden de beeldhouwkunst niet alleen1 maar vrijwel de geheele esthetische opvatting van de schoonheid der vormen1 in het bijzonder van de vrouw4 ,lange beenen golden bij de ,grieken als ideale1 waarschijnlijk wijl zij bij hen betrekkelijk zeldzaam waren4 ,de ,apollo van ,belvedere 7zie bijlage7 is zulk een zeldzaam ideaal1 doch in geenen deele een voorbeeld voor de verhoudingen bij het normale blonde type dat in een groot deel van ,europa de overhand heeft4 ,zoodat dit ideaal hierom reeds niet als algemeen ideaal van den schoonen mannelijken mensch kan gelden4 ,men volgt nog altijd de ,grieksche kanon na tot in bijzaken en dingen1 die van zekere plaatselijke opvattingen afhangen1 toe4 ,zoo behoorde het tot het toilet der antieke dames1 het schaam- en okselhaar zorgvuldig te verwijderen1 een gebruik dat in de geheele volkenkunde maar hoogstzelden elders wordt teruggevonden4 ,doch voor de ,grieksche beeldhouwers was er in elk geval een geldige reden om hunne vrouwenbeelden onbehaard voor te stellen2 dit geschiedde niet uit preutschheid1 maar integendeel om het erotisch effect te verhoogen1 wijl aanwezigheid van schaamhaar voor het ,grieksche gevoel den indruk van afstootende onreinheid zou hebben gewekt4 ,en de geheele nieuwere kunst heeft deze eigenaardigheid van den ,griekschen schoonheidskanon blindelings nagevolgd4 ,kunstgeleerden1 zooals ,stratz en anderen1 hebben in den laatsten tijd den antieken kanon in gewijzigden vorm opnieuw populair weten te maken4 ,opzettelijk of onbewust hebben zij de modellen voor hunne metingen enz4 uitgekozen naar de beginselen der antieke esthetiek1 en ze zijn zoodoende tot vrijwel dezelfde resultaten gekomen4 ,de kanon van ,stratz nu stelt aan het ideaal van vrouwenschoon de volgende eischen3 ronden schedel en klein gezicht1 met groote oogholten1 smalle onderkaak en zachten overgang van de wangen in den hals2 ronde hals en schouders1 slanke taille met smalle lange borstkas1 ronde borsten1 breed bekken en gewelfde billen2 ronde ledematen1 smalle handen met langen wijsvinger1 ronde1 gevulde dij1 zacht geteekende knievorm1 ronde kuiten1 kleine voet met smalle teenen1 waarvan de tweede de langste is1 weelderig hoofdhaar1 spaarzaam okselhaar1 bijna geheel verborgen schaamhaar en verder een onbehaarde1 zacht-teere huid4 ,door al deze kanons worden denkbeelden omtrent schoonheid en lichaamsvormen gewekt1 die noodzakelijk tot teleurstellingen moeten leiden4 ,wijl de menschen geen gelegenheid hebben levende naaktheid te zien1 verzadigt hun verbeelding zich aan gebeeldhouwde1 geschilderde1 geteekende vormen4 ,daarnaar richten zij hun eischen aan de levende werkelijkheid4 ,maar ook de grootste kunstwerken zijn altijd gedealiseerde scheppingen eener artistieke phantasie1 en de toeschouwer1 die de heerlijkheid dier vormen en omtrekken in zich opneemt1 kan bij het aanschouwen der werkelijkheid niet anders ondervinden dan teleurstelling4 ,voor het leven der liefde heeft dit zijn eigenaardige consequenties3 de geliefde blijkt weinig of niet aan de regelen van den schoonheidskanon te beantwoorden1 iedere verdere intieme onthulling brengt een nieuwe ontgoocheling1 de hooggespannen esthetische verwachting blijft onbevredigd4 ,natuurlijk ligt in vrijwel al zulke gevallen de schuld bij de lichtgeloovigen1 die de valsche voorstellingen van de kunst voor goede munt hebben opgenomen4 ,de kunst in haar streven naar bovenaardsch schoon heeft het esthetisch oog niet geoefend1 maar verblind en niet zelden wendt het zich dan vol ergernis af van de werkelijkheid1 die zich niet bekommert om kanons4 ,en zoo komt een ,schopenhauer er toe1 sprekende van de vrouwen1 deze verachtelijk aan te duiden als het in elkaar gegroeide1 smal-schouderig1 breedheupig en kortbeenig geslacht1 dat men met meer recht het leelijke dan het schoone geslacht zou kunnen noemen4 ,bij het beoordeelen van schoonheidkanons dient steeds in het oog te worden gehouden1 dat deze zijn samengesteld1 niet naar het levend model der werkelijkheid1 maar naar de bedriegelijk-ideale scheppingen der kunst1 die uit de werkelijkheid alleen datgene neemt1 wat haar esthetisch instinct bevredigt4 ,kunst verheft zich boven de werkelijkheid4 ,gedeeltelijk is zij daartoe ook gedwongen door gebrek aan gelegenheid tot waarneming4 ,welke man bijvoorbeeld is in de gelegenheid1 rustig en kritisch een genoegzaam aantal onbekleede vrouwenlichamen te zien te krijgen8 ,zelfs de beeldende kunstenaar niet1 die toch keus moest hebben uit het beste1 doch die ten deze geheel afhankelijk is van de misre van de modelmarkt4 ,van ,drer is bekend1 dat hij gretig de gelegenheid aangreep die de badhuizen van dien tijd aanboden1 wijl hij daar tenminste een aantal vrouwen te zien kreeg4 ,geestdriftige vrouwenvereerders zeggen dat elke vrouw mooi is4 ,maar zoo als ongeveer altijd1 is ook in dit geval de werkelijkheid in de hoogste mate onhoffelijk1 zij logenstraft die vurige bewonderaars bij elken stap en overstelpt ze brutaal en zonder erbarmen met de bewijzen1 dat het percentage vrouwen1 dat werkelijk mooi of schoon kan worden genoemd1 zeer gering is1 terwijl het overgroote meerendeel ook nog beneden het matigste schoonheidsideaal blijft4 ,men mag dan ook aannemen1 dat de stelling alle vrouwen zijn schoon eigenlijk niets meer is1 dan een galante ontboezeming eener oververhitte mannelijke zinnelijkheid1 die in de vrouw niet den geheelen mensch zoekt maar in iedere vrouw alleen een wezen ziet van de andere sexe1 een instrument ter bevrediging van zinnelijken wellust4 ,de lof3 alle vrouwen zijn schoon1 verheerlijkt niet de vrouw1 maar haar sexe1 er spreekt geen vereering uit1 maar begeerte4 ,dezulken1 die zoo spreken zijn erotische naturen1 die elke vrouw alleen daarom schoon vinden1 wijl iedere vrouw tot zekeren graad de wellust vermag te dienen4 ,degenen1 die zonder keus alle vrouwen mooi1 d4i4 begeerlijk vinden1 stellen aan het vrouwelijk schoonheids-ideaal in werkelijkheid de geringste1 de laagste eischen4 ,het hoogste en waardigste ideaal leeft bij hen1 die in de vrouw in de eerste plaats den mensch zien en wien het sexueele in de vrouw eerst dan aantrekt en bekoort1 als hun verrukt oog haar gesierd ziet met eenige der tallooze psychische wonderbloemen1 zonder welke ook de schoonste vormen het verfijnde esthetisch gevoel niet kunnen bevredigen4 ,dat de vrouw minder zinnelijk is dan de man blijkt ook weer hieruit1 dat men nimmer hoort van vrouwen1 die alle mannen onvoorwaardelijk mooi vinden4 ,op het punt van uiterlijk voorkomen is de vrouw in den regel in haar oordeel kalmer en beradener dan de man1 haar zinnelijkheid is daarbij niet allereerst aan het woord1 en zij bezit tegen schoone vormen ook veel grooter weerstandsvermogen dan de man4 ,dit feit brengt sommigen tot het enorme misverstand1 dat de vrouw voor mannelijk schoon zoo goed als geheel onverschillig en ongevoelig zou zijn1 en dat haar sympathien gewoonlijk door geheel andere eigenschappen en hoedanigheden moeten worden gewonnen4 ,dit is echter een overdrijving van het feit1 dat de vrouw niet in die mate als de man machteloos staat tegenover de bekoring der schoonheid4 ,op de vraag1 wie het schoonste product der schepping mag worden genoemd1 de man of de vrouw1 is waarschijnlijk het antwoord1 hetwelk het dichtst bij de werkelijkheid komt dit3 dat de som van schoonheid bij beide sexen wel ongeveer gelijk zal zijn4 ,wel worden de vrouwen bij voorkeur aangeduid als het schoone geslacht1 doch deze qualificatie is te beschouwen als een compliment der mannelijke galanterie1 waarmee de man meer zijn zinnelijke begeerte dan zijn meening te kennen geeft4 ,de man pleegt zich krachtens zijn eigenaardige rol in het liefdeleven1 onbewimpeld over de vrouw uit te laten1 en openlijk te verkondigen hoezeer alles in haar hem aantrekt4 ,de vrouw laat om dezelfde reden zich minder openlijk en dikwijls in het geheel niet uit4 ,haar natuurlijke taak is1 begeerlijk te zijn2 eigen begeerte te laten blijken zou daarbij een tactische misslag zijn en tegen misslagen van dien aard is elke vrouw steeds angstvallig op haar hoede4 ,het wordt zelfs wel eens betwijfeld of de gevoelens van de vrouw in het minst te vergelijken zijn met de gevoelens van de man voor de vrouwelijke sexe4 ,zulke twijfelaars zijn er volstrekt niet zeker van1 of bijvoorbeeld de vrouwen wel een schoonheids-ideaal ten opzichte van den man bezitten4 ,wat ten slotte den man de sympathie eener vrouw doet winnen1 is gewoonlijk niet in de eerste plaats1 misschien zelfs eerst in de laatste plaats1 zijn lichaamsschoon4 ,en in de literatuur1 afkomstig van vrouwenhand1 zijn genoeg aanwijzingen te vinden1 die voor deze meening schijnen te pleiten4 ,volgens ,laura ,marholm 7in ,das ,buch der ,frauen7 is de man voor de vrouw niets meer dan een komisch dier4 ,onder de vrouwen1 zegt zij1 is het nu juist niet gebruikelijk zoo plechtig tegen den man op te zien als deze zich dat wel verbeeldt en zoo als zij hem zich dat maar laat verbeelden4 ,zij vinden hem komisch2 en dat niet pas na het huwelijk1 maar dan al wanneer zij1 wat men noemt verliefd op hem is4 ,de mannen weten niet half hoe komisch de vrouwen hen vinden1 niet slechts als individuen1 maar ook in het algemeen als man4 ,het komische1 dat zij in hem zien1 is juist al datgene waarop hij het meest trotsch is4 ,hoe teerder1 leniger en fijner gebouwd de vrouw is1 des te belachelijker vindt zij het komische groote dier1 dat zoo plomp is en zoo log-onbeholpen manoeuvreert1 om z'n in haar oog zoo komisch doel te bereiken4 ,vooral voor jonge meisjes is de man een altijddurende bron van vroolijkheid4 ,als de mannen een kring van dames zooveel onbedaarlijke pret zien hebben1 schijnen zij maar niet te kunnen begrijpen1 dat zij zelf en niets anders de bron zijn van die pret4 ,en dat is ook weer zoo komisch4 ,en hoe braver1 verliefder1 inniger enz4 de man is1 des te pathetischer droomt hij van een groote liefde en is toch zoo ernstig daarbij1 en zijn snoezig wijfje1 die er behalve uit utiliteitsoverwegingen ook uit louter katachtigheid behagen in schept een beetje valsch te zijn1 doet even ernstig en plechtig als hij--en dit beetje spel is wat haar in haar beetje liefde nog het meeste bekoort4 ,want de vrouw wil spelen1 afwisseling hebben1 haar natuur is veranderlijk2 de man gedijt in eenvormigheid1 tracht al zijn geestelijke krachten op n punt en n enkel doel te concentreeren1 de vrouw gruwt daarvan4 ,hoe begaafder de man is1 des te meer behoefte heeft hij aan eenvormigheid2 hoe begaafder de vrouw is1 des te sterker is haar behoefte aan afwisseling en aan vele en velerlei indrukken van buiten af4 ,de vraag1 wie schooner zijn1 de mannen of de vrouwen1 wordt volstrekt niet eenparig ten gunste van het vrouwelijk geslacht beantwoord4 ,voor sommigen mogen niet de vrouwen1 maar de mannen er aanspraak op maken1 het schoone geslacht te worden geheeten4 ,weliswaar is er misschien geen voorbeeld van dat een vrouw zoo oordeelde4 ,maar dat er mannen zijn1 die deze meening zijn toegedaan is al opmerkelijk genoeg om er een oogenblik bij stil te staan en te vernemen op welke gronden sommigen zich verstouten het schoone geslacht het monopolie van schoonheid te betwisten4 ,natuur gaf den man een veelzijdiger taak te vervullen1 rustte hem veel ruimer toe met allerlei vermogens1 en zij vormde dienovereenkomstig zijn lichaam en zijn uiterlijke verschijning4 ,de verhoudingen der ledematen tot den romp zijn onberispelijk1 alle onderdeelen van het mannelijk lichaam zijn esthetisch in overeenstemming met het geheel4 ,vaster en zekerder1 fier in zijn hooger stabiliteitsgevoel1 staat de man op zijn voeten--hij is het beeld van massieve1 majestueuse schoonheid4 ,de natuur schonk hem in het geheel1 zoowel als in de deelen1 meer vorm 7in artistieken zin71 daar zij zijn spieren duidelijker aan de oppervlakte legde1 waardoor bij elke beweging zich op de vlakken een kunstvol lijnenspel vertoont 7zie bijlage3 ,de ,sabijnsche ,maagdenroof74 ,en vooral ook is de schoonheid van het mannenlichaam bestendiger4 ,wel onderwerpt ,natuur ook den man aan de onverbiddelijke wet der zichtbare veroudering1 maar zij stelde het merkbare begin daarvan op veel hooger leeftijd dan bij de vrouw4 ,en zij stelt in den regel bij den man voor de schoonheden die zij ontneemt nieuwe in de plaats4 ,zelfs de grijsaard kan voor het artistiek geoefend oog heerlijk schoon zijn4 ,en niet alleen voor den kunstenaar1 maar voor ieder die eenigen smaak heeft voor vormen zijn vele koppen van oude mannen werkelijk mooi4 ,maar zelfs degenen1 die op deze gronden den man in het algemeen den prijs der schoonheid wenschen te zien toegekend1 moeten toegeven1 dat er in elk geval een tijd is in het leven beider sexen1 waarin het recht op de eer van het schoone geslacht te worden genoemd1 onvoorwaardelijk toekomt aan de vrouw4 ,en dat is in de jeugd4 ,zelfs de minst galante onder alle schoonheidsrechters1 ,schopenhauer1 kan zulks niet ontkennen4 ,maar toch philosofeert genoemde wijsgeer--en op zijn voorbeeld allen1 die aan de vrouw den eeretitel van het schoone geslacht misgunnen--daaruit nog een even kleineerende als hatelijke voorstelling van de zaak4 ,hij oreert als volgt3 ,bij het meisje veroorlooft de natuur zich iets1 wat men in de tooneeltaal noemt een knaleffect4 ,zij schenkt namelijk genoemd schepseltje voor enkele jaren een overmatige schoonheid en bekoorlijkheid1 evenwel op kosten van geheel haar verder leven4 ,in die jaren is zij in staat1 op de phantasie van den man zulk een indruk te maken1 dat hij er zich toe laat verleiden voor het heele verdere leven de zorg voor haar in een of anderen vorm op zich te nemen1 iets1 waartoe hij waarschijnlijk nooit zou komen1 als hij alleen te rade ging met het gezond verstand4 ,zoo heeft de natuur ook de vrouw1 evenals elk ander levend wezen1 toegerust met de wapenen en werktuigen1 die haar in staat stellen haar bestaan te verzekeren2 waarbij de natuur ook in dit geval weer hare gebruikelijke schriele zuinigheid betracht4 ,want evenals de wijfjesmier na haar bevruchting haar vleugels verliest1 daar deze voortaan toch overbodig zijn en voor het behoorlijk vervullen der dan komende plichten zelfs gevaarlijk en dus ongewenscht1 zoo ook verliest gewoonlijk de vrouw na een of twee kraambedden haar schoonheid2 en dit waarschijnlijk om dezelfde reden4 ,veel ingang hebben intusschen deze en dergelijke meeningen nimmer gevonden4 ,hetzij bewust1 hetzij instinctief1 heeft men ten allen tijde begrepen1 dat er onderscheiden moet worden tusschen een esthetisch en een erotisch ideaal1 en dat het erotisch ideaal in het leven der liefde een geheel andere factor is dan het abstracte esthetische ideaal van geslachtlooze schoonheid4 ,en inzonderheid ,schopenhauer1 hoewel deze zich schijnbaar grondig met de vrouwen heeft bezig gehouden1 ontzegt men algemeen het recht en de bevoegdheid om over vrouwen te oordeelen4 ,zijn geheele opvatting van de vrouw is zoo instinctief antipathiek jegens de zwakke sexe1 dat hij dikwijls onwillekeurig een onnatuurlijken afkeer van de vrouw bij zich doet veronderstellen4 ,zijn oordeel over de vrouw vat hij ergens samen als volgt3 ,de in elkaar geschrompelde1 smalschouderige1 breedheupige en kortbeenige sexe kan alleen door den man1 wiens intellect is verduisterd door de geslachtsdrift1 de schoone sexe genoemd worden4 ,de heele schoonheid dier sexe is een waandenkbeeld der mannelijke zinnelijkheid4 ,in plaats van haar het schoone geslacht te noemen1 zou men de vrouwelijke sexe met meer recht als het leelijke1 het onesthetische geslacht kunnen aanduiden4 ,noch voor muziek of pozie1 noch voor de beeldende kunst hebben zij zin of ontvankelijkheid1 en als zij zulks voorwenden en voorgeven is dit niet anders dan louter na-aperij1 om des te beter te kunnen behagen4 ,om deze reden zijn zij in het minst niet in staat persoonlijk het geringste tot stand te brengen1 en de reden daarvan is naar mijn meening deze3 de man streeft in alles naar de directe heerschappij over de dingen1 hetzij door ze te begrijpen1 hetzij door ze te bedwingen4 ,maar de vrouw kan nooit anders dan indirect de dingen beheerschen1 namelijk door den man te beheerschen4 ,daarom ligt het in den aard der vrouwen1 in alles niets dan een middel te zien om den man in haar macht te krijgen4 ,schoon is volgens ,kant datgene1 waaraan men algemeen een welgevallen heeft4 ,er zijn nog vele andere definities beproefd1 maar deze verliezen zich allen in het onverstaanbare4 ,en een zeer belangrijke omstandigheid wordt daarbij gewoonlijk buiten beschouwing gelaten1 n4l4 deze1 dat datgene1 waaraan men algemeen een welgevallen heeft1 veranderlijk is4 ,de ,fransche anthropoloog ,cordier heeft in #ahfj in een verhandeling over de schoonheid van den mensch het eerst voor de beoordeeling van de menschelijke schoonheidsidealen het juiste standpunt geformuleerd4 ,hij zegt3 ,de schoonheid is in geenen deele het uitsluitend bezit van een of ander ras4 ,daarom kunnen er geen algemeene schoonheidsregelen worden aangegeven1 ze moeten voor ieder ras afzonderlijk worden gezocht4 ,en niet alleen zijn de schoonheidsidealen verschillend naar de rassen1 dat is naar plaats1 maar evenzeer naar tijd4 ,wat in een gegeven milieu in den eenen tijd schoon heet1 geldt in een anderen tijd als onschoon4 ,zoo is er zelfs in de ,west-,europeesche kunst een periode geweest 7,goltzius en ,drer zijn daarvan twee vertegenwoordigers7 waarin sterke corpulentie het schoonheidsideaal was voor de vrouw2 een bepaalde reden daarvan is niet aan te geven2 misschien was het een symboliek van de zwangerschap4 ,zeker is1 dat corpulentie alleen bij primitieve volken schoon pleegt te worden gevonden4 ,ook de schoonheidsidealen zijn onderworpen aan mode4 ,en onderzoek leert wel wat bij de verschillende volken en in verschillende tijden schoon werd gevonden1 maar zelden of nooit blijkt1 waarom dat zoo was4 ,de wet van oorzaak en gevolg houdt zich hierbij zoo volkomen schuil1 dat het buitengesloten is in deze verborgenheid door te dringen1 en nog meer om gevolgtrekkingen te maken voor de toekomst4 ,wat hierna mooi zal gevonden worden valt hoegenaamd niet te zeggen2 evenmin onder welke omstandigheden de smaak zich zal beginnen te wijzigen4 ,nu is het een feit1 dat het menschelijk lichaam in den loop van vele duizenden jaren niet is veranderd4 ,men heeft skeletten opgegraven uit tijden1 toen de mensch nog slechts zeer gebrekkige steenen werktuigen had1 niets dan ruwe vuursteensplinters1 en dus nog stond aan het begin van het steentijdvak4 ,en deze skeletten1 wier ouderdom nog niemand zelfs heeft durven schatten1 maar waarbij men minstens aan honderdduizend jaar moet denken1 verschillen in het minst niet van die van den tegenwoordigen mensch4 ,van den lichaamsvorm van den mensch moet dan ook worden aangenomen1 dat hij binnen de grenzen van het ras zoo goed als constant en onveranderlijk is4 ,als nu de kunst ten allen tijde eenzelfde ideaal van schoonheid had gehad1 dan zou men overal en altijd steeds dezelfde vormen en proporties ontmoeten4 ,dit is echter niet het geval4 ,integendeel1 elke eeuw levert weer nieuwe menschen in het marmer en op het doek4 ,de kunst streeft er dus niet in de eerste plaats naar1 de menschelijke vormen natuurgetrouw weer te geven1 zij kiest en corrigeert die vormen naar het schoonheids-ideaal dat voor het oogenblik in de mode is2 wat zij geeft zijn geen portretten1 maar willekeurige scheppingen der door mode en heerschenden smaak benvloede verbeelding4 ,dit geldt zonder uitzondering voor alle tijden en voor alle volken1 wier kunst zich met het weergeven van den mensch heeft beziggehouden4 ,dus geldt het ook voor de oudheid1 en daarom laat zich uit de antieke kunstwerken al evenmin een kanon van eeuwige en onveranderlijke schoonheid afleiden1 evenmin als uit de scheppingen der hedendaagsche kunstenaars1 die zich reeds bij het kiezen hunner modellen al of niet bewust door den heerschenden smaak en de eischen der mode van het oogenblik laten leiden4 ,zoo is in het gebied der esthetische idealen nu eens dit schoon en dan weer het tegendeel4 ,conclusie3 de esthetische schoonheid is veranderlijk1 wat in het eene tijdperk aantrekt1 stoot in een ander tijdperk af4 ,het effect der erotische schoonheid op de gezonde zinnelijkheid is daarentegen vrijwel onveranderlijk4 ,in dit opzicht vormt het erotisch schoonheids-ideaal de tegenstelling van het esthetische ideaal4 ,het erotisch verlangen van den man bijvoorbeeld reageert veel minder op slankheid en regelmaat1 dan op gezondheid en gevulde vormen4 ,en het is niet moeilijk daarin de wijze voorzorg der ,natuur te ontdekken3 het vet is als krachtreservoir1 als de opzameling van latente energin1 voor het mannelijk geslachts-instinct onbewust het schoonste aan het vrouwenlichaam1 en dit komt de nakomelingschap ten goede4 ,van de vol-weelderige vrouw gaat voor de mannelijke zinnelijkheid de krachtigste erotische aantrekkingskracht uit4 ,haar omzwerft steeds een wolk van aanbidders1 terwijl de slank-schrale magerheid1 ook al is deze het esthetisch ideaal van het oogenblik1 in haar vleeschloosheid alleen blijft staan4 ,zoo drijft de ,natuur in haar wijsheid de meesten naar de besten1 d4i4 de voor haar doel de meest geschikten4 ,als men op de straat mannen bijna allen ziet omkijken naar een vrouwenfiguur1 dan is dit bijna altijd een weelderig-gevulde vrouw die dit geldt1 tenzij de buitensporigheid van het toilet de aanleiding is4 ,het is vooral de weelderige ontwikkeling van de dusgenaamde secundaire geslachtskenmerken3 boezem en bekkenstreek1 die magnetisch aantrekt4 ,menige vrouw1 die in bijzondere mate aan het erotisch ideaal der mannen beantwoordt1 kan zich nauwelijks in het openbaar vertoonen zonder bijna onmiddellijk zich te zien gevolgd door een drom stomme vereerders4 ,en nu is het wel opmerkelijk1 dat het erotisch en het esthetisch ideaal voor vrouwenschoon misschien in geen tijdperk zoo lijnrecht tegenover elkander hebben gestaan als in onze dagen het geval is4 ,er heerscht tusschen beide idealen een letterlijk diametrale tegenstelling4 ,dit heeft voor de sexueele zeden zijn eigenaardige consequenties4 ,in kringen1 waar het op geld niet aankomt1 en de vervulling van wenschen geenerlei hindernis in den weg staat1 komt het tamelijk veelvuldig voor1 dat mannen veel meer om deze reden1 dan krachtens polygamische geaardheid1 met twee vrouwen betrekkingen onderhouden4 ,met een slanke modepop1 levende op de grenzen der lichaamloosheid1 en daardoor erkend als ideaal van schoonheid1 vertoont hij zich in het openbaar1 in de opera1 bij wedrennen1 in badplaatsen en op soupers4 ,en een tweede1 toegerust met alle weelden van het erotisch ideaal1 vormt den harem van den bezitter en wordt dienovereenkomstig in een met die functie overeenkomende afzondering gehouden4 ,er zijn echter ook tijden geweest1 waarin het esthetisch of mode-ideaal en het natuurlijke erotische ideaal van schoonheid vrijwel samenvielen en ineensmolten4 ,dit valt af te leiden uit de voortbrengselen der kunst uit sommige tijden4 ,en hoe standvastig en onveranderlijk het erotisch ideaal leeft in de mannelijke phantasie1 blijkt wel hieruit1 dat juist die kunstwerken zoo lang ze bestaan1 ook dan als het esthetisch ideaal het tegengestelde schoon noemde1 ten allen tijde de gezonde zinnelijkheid in verrukking hebben gebracht en eveneens ten allen tijde de ontsteltenis der shocking-apostelen hebben gaande gemaakt4 ,zulke kunstwerken zijn in de eerste plaats die van ,rubens1 ,titiaan1 ,paolo ,veronese1 ,palma il ,vecchio1 ,giorgione en de scheppingen hunner navolgers4 ,in werken dezer meesters ziet men1 hoe weelderige volheid1 regelmatigheid van vormen en kracht zich in grandiose harmonie in het vrouwenlichaam kunnen vereenigen4 ,wel is de volmaaktheid1 zooals wij ze in die werken zien1 in de werkelijkheid uiterst zeldzaam1 maar een utopie is zij allerminst4 ,het zuiverste erotische schoonheidsideaal triumfeerde machtig en schitterend in de werken van ,p4,p4 ,rubens4 ,het meerendeel der werken van ,rubens zijn verheven erotische orgin1 vergoddelijkte ,venusfeesten van in wellust-begeerte zich rekkende volmaakt-schoone mannen en vrouwen1 ja elk werk van dezen meester is een hooglied van gloeiende zinnelijkheid1 oorsprong des levens4 ,alle werk van ,rubens is in beeld gebrachte grootsch-heerlijke erotiek4 ,zinnelijkheid is vuur en vuur is leven1 kracht en potentie4 ,rubens werk is als stroomend vuur4 ,alles in zijn werken is aangegrepen door zinnelijk vuur1 zijn mannen1 zijn vrouwen1 de dieren1 zelfs de planten1 alles ademt paardrift1 alles straalt levenverwekking4 ,rubens' vrouwenfiguren hebben slechts n doel3 zinnelijke verlangens te wekken1 de begeerte te doen opvlammen in die stroomen van vrouwelijke heerlijkheid onder te gaan4 ,en zijn vrouwen hebben slechts n wensch3 zinnelijke verlangens te bevredigen4 ,het zijn zonder uitzondering heerlijke tempels van onmetelijken wellust1 tempels die waard zijn er telkens en altijd weer aan de liefde te offeren4 ,de vrouwen van ,rubens hebben geen andere dan deze goddelijk-animale bestemming1 hetzij hij boerinnen schildert of voorname dames1 of hij ons ,diana te aanschouwen geeft of de vrome ,angelica1 aan wier ontbloote schoonheid het oog van een oude kluizenaar zich in een laatste begeeren verzadigt4 ,en dat alles neemt bij hem overal zoo edele en heerlijk-herosche vormen aan1 dat voor ons oog zich ook het laagste vergoddelijkt4 ,steeds vertoont zich de geslachtsliefde als de heilige1 allesbeheerschende wet der bestendiging van het leven1 nooit als in lijfsgenot zwelgende liederlijkheid4 ,de boezem is de algemeene voedingsbron van het menschelijk leven1 hij is het heerlijkste symbool van gezondheid en van kracht en daarom ook der schoonheid4 ,verheerlijking van den boezem is dan ook de boventoon in de vurige hymne in kleuren1 die elk werk van ,rubens te zien geeft4 ,in zijn apotheose van het vleesch is de schoonheid van den boezem hem steeds het belangrijkste4 ,hij schildert slechts vrouwen van den leeftijd1 waarop de boezem zich in volrijpheid moet hebben ontwikkeld1 en hij schildert slechts vrouwen met heerlijke borsten4 ,boezem en schoonheid zijn bij ,rubens onafscheidbare begrippen1 en zoo hebben bij ,rubens alle vrouwen prachtvolle borsten4 ,telkens en altijd weer opnieuw schildert ,rubens ,helena ,fourment1 zijn vrouw1 maar eigenlijk schildert hij alleen haar overheerlijken1 juister3 haar ,rubenschen boezem1 evenals van haar zuster ,susanna4 ,aan die schoonheid kan hij zich niet verzadigen en in zijn verrukking noodt hij de gansche wereld bij die heerlijke pracht te gast4 ,dat de zinnelijkheid van nature haar ideaal vindt in gevulde1 weelderige vormen1 dat leeren ook de erotische voorstellingen van den primitieven mensch4 ,onlangs is uit de diluviale aardlagen van ,frankrijk een verzameling reliefbeeldhouwwerk opgegraven1 grootendeels bestaande uit vrouwenfiguren4 ,dit zijn de oudste vrouwenbeelden die wij thans kennen4 ,het opmerkelijkste van deze beelden is de kolossale ontwikkeling van heupen1 dijen1 buik en borsten4 ,de geleerden hebben zich het hoofd gebroken met de vraag1 of dit als met dikke vetkussens bezaaide vrouwentype slechts als een schepping van de phantasie dier primitieve kunstenaars moest worden beschouwd1 dan of men er een natuurgetrouwe uitbeelding der toenmalige vrouwen in had te zien4 ,men achtte ten slotte dit laatste het aannemelijkste1 vooral wijl bij deze oudste voortbrengselen der sculptuur blijkbaar in alles naar realisme was gestreefd en alle idealiseerende overdrijving er vreemd aan was2 ongetwijfeld stelden zij dus een werkelijk door de makers waargenomen type voor4 ,de vrouwen bij dit volk1 zoo redeneerde men1 bleven het grootste deel van haar leven in hare veilige holen1 terwijl de mannen op voedsel uitgingen4 ,zoo ondergingen zij1 door ruime voeding bij weinig of geen lichaamsbeweging1 een levenslange mestkuur4 ,hier werd dus toegegeven1 dat deze diluviale menschen nog geen esthetisch schoonheidsideaal bezaten2 maar op het denkbeeld1 dat deze beelden het erotisch ideaal dier voor-historische menschelijke wezens uitdrukte1 kwam men niet4 ,toch schijnt dit vrij duidelijk4 ,die beelden geven niet aan1 hoe de vrouwen bij dit oer-ras er uitzagen2 maar hoe men zich de vrouw erotisch het schoonst1 d4i4 zinnelijk het meest begeerlijk1 voorstelde4 ,hoogstwaarschijnlijk vonden de makers dier beelden in hun omgeving enkele individuen1 die dit ideaal min of meer nabij kwamen4 ,aan karikaturen valt hier natuurlijk niet te denken--het wezen der karikatuur veronderstelt een veel hoogeren trap van ontwikkeling en is den oermensch nog ten volle vreemd4 ,wel echter is het mogelijk1 dat deze dikvleezige vrouwen nog iets anders vertegenwoordigen dan het erotisch ideaal der mannen van dien tijd4 ,vet wordt alleen die vrouw1 die veel te eten heeft en niets behoeft te doen1 dus niet behoeft te werken4 ,dus moeten anderen voor haar werken4 ,het lijkt niet waarschijnlijk1 dat een enkele man1 die toenmaals als jachtgereedschap niet anders had dan een knuppel en een paar steenen1 in staat was om zijn gezin zoo in overvloed te doen baden4 ,derhalve bezigde men slaven1 die men voor zich liet werken1 en de vruchten van wier arbeid men zich toeigende4 ,zoo leeren ons deze vrouwen-beelden niet alleen het erotisch ideaal dier oermenschen kennen1 maar ook bijzonderheden omtrent hun maatschappijvorm1 welke blijkbaar berustte op de slavernij4 ,de schoone1 d4 i4 vetvleezige vrouw symboliseert het erotisch ideaal en tevens de rijke1 d4 i4 voorname vrouw4 ,ditzelfde vinden wij terug zoowel in de eerste tijden der geschiedenis als bij de volken die nog thans op bijna voorhistorischen trap van beschaving staan--voornaamheid1 macht en rijkdom zinnebeeldig voorgesteld door corpulentie4 ,de volkenkunde leert ons tal van merkwaardige voorbeelden van erotische vereering der gemeste vrouw4 ,speke heeft in het landschap ,karagw ter westkust van het ,victoriameer in ,afrika waargenomen1 dat de vrouwen der dorpshoofden zoo monsterachtig dik waren1 dat zij nauwelijks meer konden staan4 ,emir ,pacha vermeldt hetzelfde uit de streken van de beneden-,kagera4 ,stoll vestigt er de aandacht op1 dat ook het oud-,egyptische beeldhouwwerk meest zeer zwaarlijvige vrouwen te zien geeft1 en dan zijn dit blijkbaar steeds voorname vrouwen en vorstinnen4 ,in het zooveel beschaafdere ,nieuwe ,rijk blijkt daarentegen het slank-meisjesachtige het ideaal te zijn4 ,bij de ,guanchen der ,canarische eilanden speelde volgens ,barros1 die in de #ae;e eeuw die eilanden bezocht1 in de sexueele zeden dikvleezigheid der vrouw een voorname rol4 ,de vrouwen1 zegt deze schrijver1 moeten daar bij den bruidsschouw in de eerste plaats dik en vet zijn1 en daarom worden zij al van jongsaf opzettelijk letterlijk gemest4 ,magere meisjes worden voor het huwelijk ongeschikt geacht2 men meent1 dat dan haar buik nog te klein en te nauw is om flinke kinderen ter wereld te brengen4 ,de voor ,westersche begrippen afzichtelijke steatopygie 7dikbilligheid7 der ,hottentotsche schoonen is overbekend4 ,en wanneer de ,tunesische jodin heden ten dage den huwbaren leeftijd bereikt1 moet zij zes weken het bed houden en zich zeer zwaar voeden4 ,want eerst als zich op haar lichaam vetkussens hebben gevormd1 komen er minnaars opdagen4 ,in al deze gevallen wordt steeds een nauw verband tusschen deze welgedaanheid en de maatschappelijke positie der vrouw verondersteld2 magerheid bij de vrouw wordt beschouwd als een gevolg van werken en werken geldt als het zekere bewijs van arme afkomst4 ,zoo tracht men bij deze primitieve volken door de dikte zijner vrouwen eigen maatschappelijken welstand te demonstreeren4 ,wat in de beschaafde landen de paleizen der koningen1 de kasteelen van den adel en de voorname huizen en de villa's der gegoede burgers zijn1 dat zijn bij de onbeschaafde of anders dan de westersch beschaafde volken de vet- en vleeschmassa's hunner vrouwen--uiterlijke blijken van macht en rijkdom4 ,van het standpunt der moderne ,europeesche esthetiek is het ,indogermaansche menschenras zoo niet alleen schoon1 dan toch verreweg het schoonste4 ,van de steatopygische ,hottentot-,venus zoowel als van de betatoeerde ,australirs wendt zij zich vol afkeer af1 om maar niet te spreken van de ,botokoeden1 wier ideaal van vrouwenschoon misvorming verlangt van het aangezicht door opspalking der lippen met schijfjes hout4 ,maar afgezien van deze buitensporigheden1 waartoe ook de kunstmatige voetverschrompeling der ,chineesche vrouwen kan worden gerekend1 bezit elk menschenras natuurlijke erotische schoonheid4 ,zoodra de ,europeaan zijn natuurlijke vooringenomenheid voor het blanke ras een weinig heeft leeren afleggen1 zal hij onwillekeurig ook den elastischen bouw eener jonge ,mina-negerin met haar rechte postuur en haar lichten ,diana-tred kunnen bewonderen en de sierlijke fijnheid eener bronskleurige ,egyptische schoon kunnen vinden4 ,voor het leven der sexen heeft de esthetische schoonheid een ondergeschikte beteekenis4 ,hoofdzaak is hier de erotische schoonheid4 ,niet alle schoonheid1 zegt ,gervantes in ,don ,quichote1 inspireert liefde4 ,er is veel schoonheid1 die alleen het oog bekoort en overigens koel laat4 ,als ,goethe dan ook zegt3 ,schoonheid is overal een welkome gast1 dan heeft hij klaarblijkelijk de erotische schoonheid op het oog4 ,want voor erotische schoonheid is ook het ruwste gemoed1 zoolang niet alle zinnelijkheid er in is gedoofd1 ontvankelijk1 terwijl esthetische schoonheid alleen op den artistiek verfijnden smaak indruk maakt4 ,v4 ,,schaamte4 ,de welopgevoede ,europeesche mensch schaamt zich zijn naaktheid4 ,tegenover de logica en tegenover de natuur is die schaamte onredelijk1 even onredelijk als de angst en de afschuw dien de menschen koesteren voor een geraamte1 terwijl zij toch weten dat zij zelf zulk een geraamte in zich omdragen4 ,toch schijnt zij als een neiging in de ziel van ieder mensch te zijn gelegd en doet zij zich gelden met een kracht1 die soms de kracht der zinnelijkheid zelf schijnt te overtreffen4 ,waarom schamen wij ons8 ,niet om daarin een soort beveiliging te vinden tegen de macht der zinnelijkheid1 maar om ons nog machteloozer tegenover deze natuurdrift te maken6 ,ook het sexueele schaamtegevoel staat in directen dienst der zinnelijkheid4 ,het is in ons de verraderlijke bondgenoot van de andere sexe4 ,de schaamte prikkelt en onderhoudt de zinnelijkheid4 ,het is hier weer hetzelfde spel van schijn en wezen1 dat het geheele sexueele zijn van den mensch omgeeft1 en dat er naar streeft steeds den schijn te wekken van het tegenovergestelde der werkelijkheid4 ,het eerste wat men de vrouwen geleerd heeft1 zegt ,diderot 7,sur les femmes7 is3 het vijgenblad1 dat haar oudste stammoeder haar heeft nagelaten1 smaakvol en coquet te dragen4 ,alles wat zij de eerste kinderjaren te hooren krijgt komt neer op de vermaning3 ,mijn dochter1 let toch op je vijgenblad6 ,je vijgenblad zit goed1 je vijgenblad zit slecht4 ,volgens ,debay 7,physiologie des trente beauts de la femme7 is het schaamtegevoel een natuurlijk instinct van de vrouw1 dat haar zoeken doet naar middelen om de teugellooze begeerte van den man van haar af te leiden4 ,debay heeft hier zeer kernachtig het tegenovergestelde van de werkelijkheid geformuleerd6 ,het geldt bij het geheele blanke menschenras als iets vanzelfsprekends1 dat beide geslachten buitenshuis alleen gezicht1 hals en handen onbedekt laten1 al het overige wordt met kleederen aan het gezicht onttrokken en wie meer laat zien doet iets onbetamelijks en onfatsoenlijks4 ,diezelfde menschen1 die hun eigen en anderer naakt lichaam onfatsoenlijk vinden1 bewonderen het naakte lichaam in de kunst4 ,en ook schaamt men zich niet voor zijn naaktheid als men alleen is4 ,uit een en ander schijnt reeds te blijken1 dat de schaamte met de naaktheid op zichzelf niets uitstaande heeft4 ,waar in dit hoofdstuk het woord schaamte wordt gebezigd1 wordt het steeds bedoeld in zijn beteekenis van naaktheidsschaamte4 ,het woord schaamte toch duidt een heele reeks zeer uiteenloopende gewaarwordingen aan4 ,de schaamte in dezen zin is een dier vele schijnbare tegenstrijdigheden1 zooals het sexueele leven van den mensch er zoovele te zien geeft4 ,het is een uiterst veranderlijke1 ten volle individueele gewaarwording1 die met naaktheid en zedelijkheid niets gemeens heeft4 ,men kan naakt gaan zonder begrip te hebben van schaamte daarvoor4 ,het is geheel iets anders1 of een ,europeesch philosoof dan wel een inboorling van ,brazili of van den ,bismarck-,archipel zijn naaktheid toont4 ,de naaktheid is het niet die van nature het schaamgevoel kwetst1 zoo min bij de nog op primitieven trap van beschaving staande volken als bij onze ,europeesche kinderen in de eerste levensjaren4 ,de oorsprong van het schaamtegevoel is gelegen in de natuurlijke neiging van het vrouwtje om voor den blik van het mannetje hare geslachtskenmerken te verbergen1 nu eens om zich voor een ongewenschte benadering te beschermen1 dan weer om de begeerte sterker te prikkelen of uit vrees afkeer en walging op te wekken4 ,het verborgene trekt sterker aan dan het zichtbare1 het onbekende prikkelt de nieuwsgierigheid1 terwijl het bekende onverschillig laat4 ,in deze zucht tot verbergen heeft zoodoende de ,natuur de vrouw van een zinnelijk machtsmiddel temeer tegenover den man voorzien4 ,en de vrouw heeft ten allen tijde van dit machtsmiddel een ruim gebruik gemaakt4 ,door het hanteeren van het wapen der dusgenaamde schaamte heeft de vrouw het vermogen meer en langer interessant te zijn voor de mannelijke zinnelijkheid1 en deze op te voeren tot de gewenschte hoogte1 dan van eenvoudige naaktheid redelijkerwijze ware te verwachten4 ,en gelijk in de natuur neigingen zoowel als organen meerdere functin vervullen1 zoo ook met het sexueele schaamtegevoel3 het werpt hinderpalen en beletselen op tegen te groote agressiviteit van den man1 en werkt als stimulans bij te geringe agressiviteit van den man4 ,algemeen zijn physiologen zoowel als psychologen het er over eens1 dat het schaamtegevoel geen oorspronkelijk instinct bij den mensch is1 maar een verworven eigenschap4 ,daarvoor pleit ten eerste het verschijnsel1 dat het schaamtegevoel zich onder de menschen in alle denkbare richtingen heeft ontwikkeld1 zoodat de manieren waarop1 of juister nog1 de lichaamsdeelen waarvoor men zich schaamt1 zeer verschillend zijn4 ,er is nauwelijks een lichaamsdeel op te noemen1 waarop niet hier of daar in de wereld het schaamtegevoel zich heeft neergezet4 ,een natuurlijk instinct nu is niet zoo verplaatsbaar4 ,een tweede bewijs tegen het aangeboren zijn van het schaamtegevoel is het volkomen ontbreken daarvan bij jonge kinderen4 ,het kind1 dat nog vrij is van de sexueele zinnelijkheid1 kent de schaamte niet4 ,eerst met het ontwaken van de zinnelijkheid1 ontwaakt ook de schaamte4 ,bij ieder menschelijk wezen herhaalt zich zoo de ,paradijslegende--de zinnelijkheid roept de schaamte voor de naaktheid wakker4 ,de natuur is altijd naakt1 de onschuld is het evenzeer2 bij ieder vergrijp jegens de natuur en bij iedere ontwijding der onschuld werpt de mensch het beeld der liefde nieuwe hulsels om de schouders1 zegt ,mantegazza4 ,en als met de intrede der geslachtelijke rijpheid het schaamtegevoel zich doet gelden1 dan schaamt het kind zich juist precies voor dezelfde lichaamsdeelen als waarvoor het zijn omgeving zich ziet schamen4 ,evenals het kind moet leeren spreken1 moet het zich leeren schamen en het komt daarin onder gewone omstandigheden nooit buiten de desbetreffende opvattingen van zijn naaste omgeving4 ,zoo kan men evenals van een moedertaal ook spreken van een moederschaamte en even verschillend als de talen is ook het schaamtegevoel4 ,schaamte is in hinderlaag liggende zinnelijkheid4 ,zij staat in directen dienst van de zinnelijke lokking4 ,als zoodanig is zij het sterkst ontwikkeld bij de vrouwelijke sexe1 wier rol in het sexueele leven juist bestaat in aanlokken4 ,de pure naaktheid lokt minder dan de zich beschaamd verbergende naaktheid4 ,omdat schaamte ten slotte hierop uitloopt1 dat zij de vrouw begeerlijker maakt1 daarom zorgt de vrouw onmiddellijk bij het tot rijpheid komen1 dat zij zich schaamt1 naar dit in haar omgeving betaamt1 nooit anders4 ,die schaamte geldt dan altijd in de allereerste plaats lichaamsdeelen1 die op de mannelijke omgeving de sterkste erotische aantrekking blijken uit te oefenen4 ,waar dit de voet is1 daar zit de schaamte in den voet1 waar het 't aangezicht is1 daar zit de schaamte in het aangezicht1 en zoo voort4 ,de vrouwelijke schaamte gaat op en neer met de mannelijke zinnelijkheid4 ,waar de schaamte haar doel voorbij schiet1 d4w4z4 als zij zoo goed slaagt in haar wel schijnbaar1 maar niet werkelijk beoogd doel3 het erotisch offensief der mannen te keeren--daar wordt zij onmiddellijk gecorrigeerd en in de gewenschte richting gewijzigd en men haast zich het zoo schaamachtig verborgene desnoods openlijk aan de blikken prijs te geven4 ,wat het sterkst de mannelijke zinnelijkheid prikkelt1 dat wordt bewust of onbewust als regel toegepast4 ,is dit de ingetogen schaamte1 dan schaamt men zich ingetogen2 wordt met luchtige opvattingen meer effect verkregen1 dan worden die luchtige opvattingen gehuldigd4 ,de schaamte is grootendeels modezaak en het is dan ook de mode die uitmaakt hoe en waarvoor men zich schamen moet4 ,blijkbaar denken ook de vrouwen er zelf ongeveer zoo over4 ,de reden1 waarom de menschen zich hun naaktheid schamen1 zegt ,marie ,bashkirtseff in haar ,journaal1 is deze1 dat zij hun kleine gebreken kennen4 ,was men er zeker van1 geen vlekje op de huid noch een slechtgevormde spier of een misvormden voet te hebben1 dan zou men zonder zich te schamen1 naakt loopen4 ,men geeft zich hiervan geen voldoende rekenschap1 en toch is dit en niets anders de oorzaak van onze schaamachtigheid4 ,hoe zou men ook kunnen aarzelen iets werkelijk schoons1 iets waarop men trotsch kan zijn1 te vertoonen8 ,wie heeft ooit sinds den tijd van koning ,candaules1 die zijn gasten met de onverhulde heerlijkheid zijner schoone vrouw verrukte1 een schat of schoonheid bezeten en zich daarop niet beroemd8 ,even licht als men tevreden is met zijn aangezicht1 even angstvallig en behoedzaam is men ten opzichte van de gebreken van het overig lichaam4 ,wie zich volmaakt weet kent de schaamte niet1 de schoonheid is almachtig1 ook tegenover de schaamte4 ,schaamte is vrees voor kritiek op de schoonheid van het lichaam4 ,de sexueele schaamte is een erotisch lokmiddel4 ,dit lokmiddel is als zoodanig oorspronkelijk alleen der vrouw eigen en bij haar een natuurlijke neiging4 ,het ligt geheel in de lijn van de vrouwelijke rol in het geslachtsleven1 die in schijnbaar afweren bij werkelijk lokken bestaat4 ,ook thans nog is het sexueele schaamtegevoel sterker ontwikkeld bij de vrouw dan bij den man4 ,in den loop der tijden is de schaamte tot gewoonte geworden1 een gewoonte zoo sterk1 dat zij zich ook nog doet gelden in die momenten1 waarin zij het minst op haar plaats lijkt4 ,in de sexueele zeden en de sexueele moraal neemt deze gewoonte gewoonlijk het karakter aan van een deugd1 waardoor haar voortbestaan ook van dien kant voldoende is gewaarborgd4 ,naaktheid wordt door natuurvolken nimmer als naaktheid gevoeld1 zij weten niet dat zij naakt gaan2 bij hen is de naaktheid natuurlijk en schaamte daarvoor is hun onbekend4 ,eerst als men het bekleeden van het lichaam heeft leeren kennen1 ontstaat de schaamte over naaktheid4 ,waar naaktheid gewoonte is1 werkt zij niet erotisch4 ,waar bekleeding gewoonte is1 werkt reeds de minste ontblooting in hooge mate erotisch4 ,en de bekleeding zelf werkt ook erotisch4 ,waar dit wordt ontdekt of begrepen1 daar begint men zich onmiddellijk te gewennen aan kleeding en kiest terstond het dubbele erotische voordeel der kleeding boven de naaktheid4 ,men schuwt derhalve in beginsel de naaktheid niet uit schaamte1 maar wijl daarvan onvoldoende erotische aantrekking uitgaat4 ,men grijpt naar kleeding niet uit schaamte voor de naaktheid1 maar om de naaktheid begeerlijker te houden4 ,er is allerlei naaktheid3 de nooit bekleed zijnde of natuurlijke naaktheid en de ontbloote of zinnelijke naaktheid4 ,verder nog artistieke naaktheid1 die welke de kunst phantaseert4 ,aangezien de rol der vrouw in het liefdeleven bestaat in het passief uitoefenen van erotische aantrekking op de andere sexe1 is de kleeding voor het vrouwelijk geslacht in meerdere mate een erotische kwestie dan voor den man1 wiens rol van actieven aard is4 ,overal en ten allen tijde interesseert dan ook de vrouw zich veel meer voor kleeding dan de man4 ,de hartstocht der vrouw voor kleeding is daarom1 zij het veelal onbewust1 van zinnelijken aard4 ,door haar kleeding verhoogt zij hare zinnelijke aantrekkingskracht1 terwijl de natuurlijke zinnelijke bekoring der naaktheid er eveneens door verhoogd wordt4 ,ook als zoodanig vervult het sexueele schaamtegevoel getrouw zijn dubbele functie--het is tegelijkertijd het buitenste bolwerk der bedreigde kuischheid1 en de uiterste voorpost in het gebied van de tegenpartij4 ,het schaamtegevoel brengt er toe de naaktheid te bedekken4 ,daardoor ontneemt het echter aan de naaktheid niet haar zinnelijke bekoring1 maar onderhoudt die juist4 ,de gewoonte1 naaktheid te zien1 verstompt zeer snel voor den zinnelijken prikkel daarvan4 ,door het schaamtegevoel blijft dus de zinnelijke bekoring van de naaktheid behouden4 ,het schaamtegevoel doet tevens voorwendsels aan de hand1 om de natuurlijke zinnelijke bekoring van het lichaam tot in het onbegrensde te verhoogen4 ,en wel door de kleeding4 ,de kleeding1 schijnbaar het middel om de naaktheid te bedekken1 staat in werkelijkheid geheel en al in dienst der zinnelijke lokking1 en vervult die rol onberekenbaar beter1 zekerder en aanhoudender1 dan de bloote naaktheid zou kunnen4 ,het schaamtegevoel1 dat gebiedt de naaktheid te bedekken1 stelt daarmee tevens instaat1 de gebreken dier naaktheid te verbergen1 de werkelijkheid te corrigeeren1 omtrent die werkelijkheid in elke gewenschte richting volkomen om den tuin te leiden1 al wat de zinnelijkheid maar verlangen kan te fingeeren4 ,zoo bezit speciaal de vrouw in het schaamtegevoel het voorwendsel om zich met alle ten dienste staande middelen begeerlijker te maken4 ,zoodoende dient haar het schaamtegevoel niet om het andere geslacht op kuischen afstand te houden en de gevaarlijke aandacht der licht ontvlambare zinnelijkheid van het andere geslacht af te leiden1 maar juist om de phantasie van de andere sexe te prikkelen en nieuwsgierigheid op te wekken naar het schijnbaar zoo angstvallig verborgene4 ,de schaamte prikkelt de zinnelijkheid ook door de aarzeling1 die zij bij het verleenen van de eerste tot de laatste gunst doet betoonen4 ,het is toch het eigenaardige in het wezen van het geslachtsleven1 dat elk beletsel1 elk uitstel1 iedere tegenstand de begeerte verhoogt en versterkt4 ,de geslachtslust vereischt voor zijn bevrediging1 zelfs dat aanvankelijk de bevrediging hopeloos schijnt4 ,alleen wanneer de voldoening stap voor stap nader komt1 en de vesting stelling na stelling onder allerlei moeielijkheden wordt genomen1 waarbij de eindoverwinning lang onzeker blijft1 alleen dan wordt de eindelijke zege zoo genoten dat zij bevrediging schenkt4 ,naarmate de citadel gemakkelijker capituleert1 wordt de overwinning minder op prijs gesteld4 ,en tot dit gansche spel van zich stap voor stap en van gunst tot gunst te laten veroveren1 wordt de passieve partij voor een groot gedeelte in staat1 gesteld door het schaamtegevoel1 dat aan dit spel tevens de natuurlijkheid verleent1 die het effect ervan nog verhoogt4 ,schrijvers als ,bachofen en anderen hebben uit de geschriften der klassieke oudheid een menigte mededeelingen verzameld1 waaruit blijkt1 dat bij tal van volken de geslachtelijke schaamte zich zelfs niet uitstrekte tot de handeling der geslachtsgemeenschap4 ,wij leeren daaruit volken kennen1 die reeds een zekere mate van beschaving bezaten1 en wier sexueele zeden op volgens onze begrippen nog zoo lagen trap stonden1 dat zij in het openbaar en voor aller oogen geslachtsgemeenschap hadden4 ,zenobius verhaalt1 dat de ,berg-,massageten het iets heel gewoons vonden1 op de publieke straat geslachtsgemeenschap te hebben4 ,strabo en ,herodotus vermelden hetzelfde van andere ,tartaarsche rassen4 ,apollonius1 ,xenophon en ,diodorus hebben zulke zeden waargenomen bij de bergbevolking ter zuidkust van de ,zwarte ,zee4 ,wij mogen hieruit besluiten1 dat er menschenmaatschappijen hebben bestaan1 in wier beschaving schaamtegevoel voor sexueele dingen onbekend was4 ,de schaamte heeft ook nog een anderen psychologischen ondergrond1 ten minste bij den geciviliseerden mensch4 ,deze schaamt zich min of meer voor zijn geslachtelijke neigingen1 wijl ze weinig in overeenstemming schijnen met zijn bewustzijn van waardigheid en superieuriteit4 ,het zwichten voor de zinnelijkheid schokt het met zooveel zorg gekweekte besef van verre verheven te zijn boven den alledaagschen mensch4 ,het zich vatbaar weten voor de paardrift brengt den eigenwaan aan het wankelen1 want het dwingt tot de vernederende erkenning dat men zich trots alle zelfverheffing nog evenmin als wie ook heeft kunnen emancipeeren van de dierlijkheid4 ,de maskers der beschaving en der inbeelding vallen af1 de gedroomde meerderwaardigheid blijkt denkbeeldig2 men blijkt nog altijd evenzeer dier te zijn als wie ook onder de verachten uit de omgeving4 ,en dit alles wekt bij den geciviliseerden mensch een gevoel van vernedering en van schaamte tegenover zichzelven en tegenover anderen4 ,men voelt zijn waardigheid wankelen onder het besef dat men zwak is1 hoe sterk men ook moge schijnen2 dat men willoos tegenover de begeerte het andere geslacht naloopt1 terwijl men den schijn aanneemt zooiets beneden zich te achten2 dat men in het openbaar van esthetiek spreekt en van zelfbeheersching en zelfbedwang en deze in het geheim in het gezicht slaat4 ,nergens zoozeer als op het gebied der zinnelijkheid wordt de mensch1 wat hij zich ook inbeeldt1 zoo vernederend met den neus neergedrukt op het feit van zijn zwakte tegenover de natuur4 ,op geen enkel ander gebied drijft de natuur zoo den spot met 's menschen hoogmoed en trots1 en wordt zijn fierheid ieder oogenblik zoozeer geknakt en verootmoedigd4 ,op geen ander gebied bevindt de mensch zich zoozeer een willoos werk- en speeltuig van redelooze natuurkrachten4 ,en zelfs al slaagde hij erin1 deze voor een tijd of voor altijd te overwinnen1 dan zou hij wel iets hebben verloren1 maar niet iets hebben gewonnen4 ,al deze overwegingen kunnen tot een zekeren afkeer van de geslachtelijke dingen leiden1 tot minachting en tot schaamte over het feit1 dat men niettemin dat verachte niet missen kan en niet missen wil1 dat men doet wat men niet zou willen doen en evenmin zou willen laten1 en dat men ten slotte evenzeer als het dier zijn schatting betaalt aan de natuur die in haar eischen geen verschil kent tusschen den mensch en het dier1 en den mensch alleen den schralen troost laat van de mogelijkheid1 bedoelde schatting te betalen in het geheim4 ,een ander merkwaardig verschijnsel bij het schaamtegevoel is de zeer verschillende localisatie van zijn hoofdzetel4 ,geen neiging is aan het lichaam zoo verplaatsbaar als de schaamte1 geen aandrift kiest zich zoo grillig zijn zitplaats als deze4 ,het schaamtegevoel toch heeft volstrekt niet zijn zetel in de eigenlijke erotische sferen van het lichaam4 ,de ,mohammedaansche vrouw schaamt zich vooral voor haar aangezicht4 ,in ongekleeden staat verrast is zij er alleen op bedacht haar aangezicht te verbergen4 ,en zoo vertoont het schaamtegevoel naar tijd1 ras en zeden1 de zonderlingste wisselingen en ook daaruit blijkt dat het geen natuurlijk instinct is1 maar een uitvloeisel van zede1 gewoonte en opvoeding4 ,de plaats aan het lichaam1 waar de schaamte haar hoofdzetel heeft1 is louter een kwestie van mode4 ,een absoluut schaamtegevoel bestaat niet1 het is veranderlijk en van allerlei invloeden afhankelijk4 ,in vele streken was of is het schaamtegevoel bijvoorbeeld gelocaliseerd op den voet4 ,de ontblooting van den voet gold daar voor de vrouw als iets1 wat de grenzen der coquetterie overschreed1 dus als onfatsoenlijk en onbetamelijk4 ,wijl het schaamtegevoel altijd zetelt aan gedeelten van het lichaam waarvan sterke erotische bekoring uitgaat1 of waaraan tenminste bijzondere erotische beteekenis wordt gehecht1 mag men aannemen1 dat daar1 waar het schaamtegevoel der vrouw was neergestreken op den voet1 de mannen op een f anderen grond zich speciaal erotisch bezighielden met den voet4 ,wat toch voor de eene sexe erotische bekoring heeft1 wordt door de andere sexe onmiddellijk schaamachtig verborgen gehouden4 ,vermoedelijk heeft men bij deze erotische belangstelling voor den voet der vrouw te doen met een verschijnsel van masochistisch servilisme1 d4i4 erotisch genieten in zelfvernedering voor de vrouw4 ,en de vrouw1 als gewoonlijk zonder zich al te veel rekenschap te geven van het wezen van het verschijnsel1 was er met des te meer ijver op bedacht1 het erotisch te exploiteeren4 ,men schaamde zich voor den voet minstens even sterk als voor de geheimste verborgenheden der genitale sferen4 ,de coquetteerende voet werd zorgvuldig bekleed en verborgen gehouden en kwam slechts als bijzondere gunst uit zijn schuilhoek te voorschijn4 ,de galante abb ,brantme bericht3 ,in den vroegeren tijd had een mooie voet zooveel verleidelijks1 dat kuische ,romeinsche vrouwen en allen die kuisch wilden schijnen1 beschroomd waren1 hem openlijk den blikken prijs te geven1 zoodat zij hem zooveel zij konden onder haar lang kleed verborgen hielden1 waardoor haar gang zoo terughoudend en afgemeten was1 dat hij nooit onder het kleed zichtbaar werd2 en ook thans nog doen in navolging van dien ouden tijd desgelijks nog in ,itali vele vrouwen4 ,gravin d',aulnoy deelt van de ,spaansche vrouwen der #ag;e eeuw mede3 ,hare rokken zijn van voren en aan de zijden zoo lang1 dat zij slepen1 van achteren echter slepen zij niet4 ,zij dragen ze tot op den grond reikend1 zoodat ze er bij het loopen op trappen1 opdat men hare voeten niet zien kan1 want deze lichaamsdeelen zoeken zij op het zorgvuldigst te verbergen4 ,naar ik verneem komt een dame eerst dan1 als zij een heer reeds alle mogelijke tegemoetkomingen heeft betoond1 er toe hem haar voet te toonen1 als uiterste blijk van haar genegenheid2 dit noemt men hier 7in ,spanje7 de laatste gunst der liefde4 ,men moet toegeven1 dat niemand zulke snoezige voetjes heeft1 haar schoentjes zijn niet grooter dan onze poppenschoentjes4 ,die schoentjes zijn van kleurig marroquin1 zonder hak1 en omsluiten den voet even nauw als een handschoen4 ,als zij loopen1 schijnt het of zij zweven2 in geen eeuw zouden wij ,franaises die manier van loopen kunnen leeren4 ,deze zelfde gravin vertelt ook1 dat zij eens een voorname dame bezocht1 die nog te bed lag1 en alvorens op te staan1 haar verzocht de deur af te sluiten1 om verzekerd te zijn niet te worden verrast op bloote voeten4 ,een ,duitsch auteur der #ah;de eeuw schrijft hieromtrent3 ,zoo vrijgevig de ,spaanschen waren met het exposeeren van de schoonheden van het bovendeel van haar lichaam1 zoo angstvallig verborgen zij de onderste uiteinden4 ,eerbare vrouwen hielden haar beenen en voeten voor zoo ongenaakbaar en heilig1 dat zij liever haar leven zouden gelaten hebben dan ze prijs te geven aan de blikken van een vreemd manspersoon4 ,opdat de voet nooit door een spiedenden blik kon worden ontwijd1 droegen de ,spaanschen een kleed dat zoo lang was1 dat de voeten bij het loopen steeds geheel onzichtbaar bleven4 ,behalve de uiterste gunstbewijzen1 die een vrouw vermag te schenken1 was dit de grootste1 dat de geliefde den minnaar haar voet toonde4 ,de voeten en beenen der koninginnen waren zoo hoogheilig1 dat het reeds een misdaad was er aan te denken2 men begrijpt dus wat het zou geweest zijn er van te spreken4 ,toen prinses ,maria ,anna van ,oostenrijk als bruid van ,philips ,,iv naar ,spanje kwam1 bood men haar in een stad waar groote fabrieken van zijden kousen waren1 een aantal paren der kostbaarste dameskousen aan4 ,de majordomus der toekomstige koningin wierp ze echter met verachting van zich met den uitroep1 dat een koningin van ,spanje geen kousen noodig had1 daar zij immers geen beenen mocht hebben4 ,de koninklijke bruid1 dit hoorende1 barstte in tranen uit en gaf te kennen dat ze naar ,weenen terug wilde1 want dat men er haar onkundig van had gelaten1 dat een koningin van ,spanje de beenen moesten worden afgezet4 ,de zaak werd haar toen duidelijk gemaakt en men verhaalde het geval aan den koning1 die zich niet weerhouden kon er om te lachen--het was een der drie keeren dat hij in zijn leven gelachen heeft4 ,de geschiedenis der sexueele zeden kent ook een geval1 dat de voetschaamte tengevolge heeft gehad dat van een geheel ras bij iedere vrouw de voeten van kindsbeen af volkomen worden verminkt4 ,dit is het geval bij de ,chineezen4 ,deze zede is vooral in de ,zuidelijke deelen van het uitgestrekte ,hemelsche ,rijk in zwang en inzonderheid bij de vrouwen der hoogere standen1 zooals trouwens elke erotische zede het volledigst en tot haar uitersten in de hoogere kringen tot ontwikkeling kan komen--overal toch kan de vrouw haar erotische rol alleen dan ten volle vervullen1 als zij niet behoeft te werken en zich kan laten bedienen4 ,de voetverminking begint bij het vierde of het zevende levensjaar4 ,met verbanden worden de voeten zoo omwikkeld1 dat ze bijna worden afgebonden4 ,daardoor wordt de groei niet alleen gestuit1 maar de geheele voet schrompelt ineen tot een vormeloozen stomp4 ,zooveel mogelijk ontziet men daarbij den grooten teen4 ,hoe lang deze zede al bestaat1 is niet bekend4 ,marco ,polo en ,ibn ,batuta1 die in de #ac;de en #ad;e eeuw ,china hebben bezocht1 maken er met geen woord gewag van2 maar volgens de ,chineesche annalen is het gebruik al overoud4 ,waarschijnlijk is het 't allereerst in zwang gekomen onder de allervoornaamste vrouwen1 die de reizigers natuurlijk niet te zien kregen--bij ongeciviliseerde en halfbeschaafde rassen worden de erotische pronkjuweelen altijd voor vreemdelingen angstvallig verborgen gehouden4 ,omtrent de bedoeling dezer verminking verkeerde men vroeger geheel en al in het onzekere4 ,de oorzaak is natuurlijk hierin gelegen1 dat de ,chineezen deze1 volgens onze begrippen afschuwelijke voeten1 schoon vinden en de ,chineesche vrouw verminkt haar voeten omdat zij daardoor over een erotisch machtsmiddel temeer beschikt4 ,matignon schrijft hieromtrent in de ,archives d',anthropologie criminelle 7#ahih73 ,het trok mijn aandacht1 hoe groote liefhebbers de ,chineezen zijn van pornografische afbeeldingen4 ,en op ongeveer alle ,chineesche pornografien ziet men de mannelijke partij een vrouwelijken voet liefkoozen4 ,als een bewoner van het ,hemelsche ,rijk een vrouwenvoet in de hand neemt1 dan is1 vooral als hij bijzonder klein is1 het effect hetzelfde als bij den ,europeaan het betasten van een jeugdigen frisschen boezem4 ,alle ,chineezen die ik hieromtrent ondervroeg1 antwoordden mij eenstemmig3 ,heerlijk1 een kleine voet6 ,jullie ,europeanen kunnen niet begrijpen1 hoe heerlijk1 hoe verleidelijk1 hoe onweerstaanbaar dat is6 ,de aanraking van een kleinen vrouwen voet brengt den ,chinees letterlijk in een erotischen roes en voert zijn zinnelijk verlangen op tot den hoogsten graad4 ,niet zelden klagen ,chineesche christenen in de biecht over hun zwakheid tegenover de vleeschelijke bekoring1 die den aanblik van vrouwenvoeten op hen uitoefent4 ,morache deelt mede1 dat in ,china geloofd wordt1 dat het verminken der voeten sterke vetafzetting aan den schaamheuvel1 mons veneris1 veroorzaakt2 en ook aan de schaamlippen1 zoodat zeer kleine voeten zeer weelderige ontwikkeling der geslachtelijke heerlijkheden aankondigt4 ,ook zou men in ,china gelooven1 dat het niet kunnen loopen een verhoogden bloedsaandrang naar de schaamstreek veroorzaakt1 zoodat kleine voeten het erotisch temperament en bijgevolg het vermogen geslachtsgenot te schenken1 in sterke mate verhoogen4 ,in elk geval weet men thans met volkomen zekerheid1 dat de voetverminking der ,chineesche vrouwen een erotischen grond heeft4 ,het schaamtevoel der ,chineesche zetelt dan ook in hoofdzaak in haar voeten4 ,wij hebben boven reeds gezien1 dat de localisatie van het schaamtegevoel in den voet niet uitsluitend bij de ,chineezen is voorgekomen1 maar elders is terug te vinden4 ,zoo is voorheen ook in ,rusland de vrouwenvoet een voorwerp van erotische aanbidding der mannen geweest4 ,p4 ,jacoby verhaalt omtrent ,oost-,rusland3 ,op heete dagen kan men de vrouwen hier zich onbeschroomd zien bewegen met ontblooten boezem1 ja zoo goed als geheel ongekleed4 ,maar men zal ze nooit met bloote voeten zien en ook de naaste mannelijke bloedverwanten krijgt nooit den voet en het onderdeel van den voet der vrouwen te zien4 ,deze vrouwen hebben haar schaamte in de voeten en ook haar coquetterie4 ,den voet eener vrouw te ontblooten is hier voor den man de inleiding tot het uiterste en de aanraking van de voetbekleeding veroorzaakt bij hen dezelfde gewaarwordingen als bij den ,europeaan het aanraken van een van het lichaam nog warm corset4 ,de schoonheid der vrouw concentreert zich voor deze mannen in den voet4 ,in de minnezangen der ,mordwijnen is de voet de vrouwelijke bekoorlijkheid1 die het meest geprezen en het vurigst bezongen wordt4 ,den voet tegenover een persoon van het andere geslacht te ontblooten geldt als een hoogst ongepaste sexueele daad en is zooveel als het symbool der sexueele overgave4 ,daardoor is de kous en de voetbekleeding daar een zinnebeeld van het huwelijk1 evenzoo als elders de trouwring4 ,tegenwoordig nog is er in ,oost-,rusland een traditioneel lied1 dat jonge meisjes zingen bij het raden naar haar toekomstigen echtgenoot4 ,het thema van dat liedje is3 kom en trek mijn kousen uit4 ,bij de volken in het ,russische ,noorden en ,oosten moet de bruid zulks in den huwelijksnacht herhaaldelijk voor den bruidegom doen1 elders is het de taak van den bruidegom2 en dat heeft dan niet de beteekenis van een echtelijk gunstbewijs1 maar van een echtelijke ceremonie4 ,bij de welgestelde burgerij en den kleinen adel stoppen de ouders van een bruidspaar geld in de kousen hunner kinderen als een cadeautje voor de andere partij1 waarbij dan stilzwijgend wordt aangenomen1 dat de jonggetrouwden elkander de kousen uittrekken als teeken van sexueele overgave en bezitneming4 ,het verminken van den voet met erotische oogmerken is ook onder de geciviliseerde volken zeer algemeen1 hoewel men de zaak hier niet zoo tot het uiterste drijft als de ,chineezen4 ,om de illusie te kunnen wekken van een kleinen voet te hebben persen ook de ,europeesche vrouwen haar voeten gaarne in te nauw schoeisel4 ,met het gevolg1 dat ook in ,europa de vrouwen inplaats van fraaie1 meest misvormde voeten hebben1 met over elkander geschoven teenen en ontsierd door leelijke en pijnlijke eksteroogen4 ,vandaar schaamt ook de ,europeesche vrouw zich haar voeten bloot te toonen1 doch hierbij heeft men bij uitzondering te doen met schaamte die niet zinnelijke bekoring beoogt4 ,de meeste vrouwen weten zeer wel dat zij leelijke voeten hebben2 en zoo graag zij met het snoezig1 bevallige laarsje coquetteeren1 zoozeer schuwen zij het1 den voet ontbloot te toonen4 ,aan badplaatsen behooren badpantoffels dan ook tot de onontbeerlijke bestanddeelen van het badtoilet4 ,de ontgoocheling der ontblooting is wel het sterkste bij den voet4 ,doordat het schaamtegevoel zich zoo verschillend uit1 worden volksstammen1 die zich anders schamen dan wij1 veelal voorgesteld als geen schaamte te bezitten4 ,met dit oordeel moet men echter uiterst voorzichtig zijn4 ,zelfs bij natuurvolken1 die nog staan op den laagsten trap van geestelijke ontwikkeling1 zijn sporen van een meer of minder ontwikkeld schaamgevoel te vinden4 ,zeer algemeen wordt gemis van kleeding1 naakt-gaan1 met gebrek aan schaamtegevoel verward4 ,de geheele of nagenoeg geheele naaktheid van vele volksstammen is zeer wel vereenigbaar met een hoog-ontwikkeld schaamtegevoel2 omgekeerd is het zich bedelven onder kleeding volstrekt geen waarborg voor het bestaan van het meest elementaire begrip van betamelijkheid en decentie4 ,aan den anderen kant schijnt het schaamtegevoel1 waar het eenmaal bestaan heeft1 wel voor verzwakking vatbaar1 maar niet voor algeheele uitroeing4 ,zelfs bij de meest verdierlijkte prostitues blijkt altijd nog eenig spoor van schaamte overgebleven1 hoe ook hare gedragingen het tegendeel schijnen te verkondigen4 ,slaat men ze slechts wat nauwkeuriger en in bepaalde omstandigheden gade1 zegt ,parent-,duchatelet 7in ,zedenbederf der ,parijsche vrouwenwereld71 dan blijkt1 dat zelfs de grootste moreele ontaarding dit gevoel toch niet geheel en al heeft kunnen vernietigen en dat er bij velen ten minste nog sporen van zijn overgebleven4 ,komt b4v4 een vreemde in de visitatiekamer der prefectuur of der gevangenissen1 op het oogenblik dat zij ontkleed staan voor het onderzoek1 dan ziet men ze oogenblikkelijk de armen over de borst kruisen en zich zooveel mogelijk bedekken4 ,schaamteloos gedragen zij zich alleen jegens hare minderen1 dat zijn hare mannelijke bezoekers1 maar voor anderen leggen zij dikwijls een bijna normaal vrouwelijk schaamtegevoel aan den dag4 ,niet zelden ziet men ze blozen1 wanneer ze gedwongen zijn zich voor meerdere mannen te ontblooten4 ,bij het reglementaire onderzoek wenden zij zich gaarne altijd tot denzelfden arts1 zij komen alleen op de uren waarop zij zeker zijn dezen te zullen vinden4 ,en wie zulks heeft meegemaakt1 weet welk een diepen indruk het onderzoek en de demonstratie harer geslachtsziekten voor een talrijk auditorium op deze vrouwen maakt4 ,allen1 zonder uitzondering1 ook de meest schaamteloozen1 worden tijdens zulk een onderzoek slag op slag vuurrood en blijkbaar is het voor haar een marteling4 ,ook uit deze schaamte der schaamteloozen van beroep blijkt de zinnelijke ondergrond van het schaamtegevoel4 ,zoodra de naaktheid blijkt onverschillig te laten of zelfs walging en afkeer te wekken1 keert het schaamtegevoel onmiddellijk terug1 als een poging der natuur om het gebroken evenwicht te herstellen4 ,een andere eigenaardige kant van het schaamtegevoel bij de geciviliseerde volken is1 dat het zich niet uit tegenover alle soortgenooten1 maar voornamelijk tegenover standgenooten4 ,vooral is dit het geval met het vrouwelijk schaamtegevoel4 ,tegenover den huisknecht werkt bij de voorname dame het schaamtegevoel haast even weinig als tegenover den huishond4 ,men acht het beneden zich1 men schaamt zich1 tegenover zoo iets als de knecht zich precies zoo te schamen als jegens den maatschappelijk gelijke4 ,duidelijk straalt hier weer de zinnelijke ondergrond van het schaamtegevoel in door3 schaamte veronderstelt de mogelijkheid van begeerd te worden1 en alleen reeds de gedachte daaraan beleedigt den maatschappelijk meerdere4 ,zeer sterke voorbeelden van gemis aan schaamte bij voorname vrouwen jegens personeel zijn bekend uit alle tijden en streken1 waar bijvoorbeeld slavernij of lijfeigenschap heeft bestaan1 voor zoover daarvan tenminste kultuurhistorische bijzonderheden bekend zijn4 ,slaven en lijfeigenen1 die geen personen maar slechts dingen waren1 kende men geen schaamte toe1 en men schaamde zich ook niet voor hen4 ,een der meest krasse voorbeelden daarvan verhaalt ,masson in zijn ,mmoires secrets sur la ,russie4 ,een ,russische edelvrouw ging met een ,franaise wandelen in een voor het publiek toegankelijk park4 ,twee lijfeigenen1 lakeien1 volgden op eenigen afstand4 ,onderweg moest de ,russin aan een natuurlijke behoefte voldoen4 ,zij wenkte hare lijfeigenen1 ging een weinig van den weg af1 liet zich door de beide mannen de rokken lichten1 en verrichtte1 op hen steunend1 de affaire4 ,op de ontstelde vraag van de ,franaise1 die iets van mannenoogen stotterde1 antwoordde de ,russin met eenige bevreemding1 dat het toch maar slaven en geen mannen waren4 ,ditzelfde beneden zich achten van schaamte tegenover den mindere openbaart zich op velerlei manieren bij ongeveer allen voor wie bediend te worden door gewoonte tot een recht is geworden4 ,tegenover huisknecht of dienstmaagd acht men het zelden noodig pikante geheimpjes al te zeer te verbergen4 ,bij het toilet onttrekt men zich zorgvuldig aan de blikken van standgenooten1 maar bekommert zich weinig om het personeel1 en voor het kamermeisje heeft men in het geheel niets te verbergen4 ,evenzoo ten opzichte van het neglig en tal van andere dingen4 ,er ligt voor vele naturen1 in het bijzonder voor zinnelijk verruwde gemoederen1 een hevig erotisch genot in het beleedigen van anderer schaamtegevoel4 ,dit verschijnsel wordt veel meer bij mannen waargenomen dan bij vrouwen1 en de meest algemeene vorm waaronder het optreedt1 is het bezigen van woorden en uitdrukkingen1 die op geslachtelijke dingen betrekking hebben1 het vermaakscheppen in wat men verstaat onder liederlijke taal1 het zingen van vuile liederen1 het vertellen van pornografische aardigheden4 ,een ander veelvuldig voorkomende vorm is het schrijven van woorden of uitdrukkingen van sexueelen aard op plaatsen waar ze velen noodzakelijk onder de oogen moeten komen4 ,voor velen schijnt het een sadistisch genot1 vrouwen luid een obsceen woord toe te roepen4 ,een andere vorm is de dusgenaamde exhibitie4 ,deze bestaat hierin1 dat men met erotische oogmerken om anderer schaamtegevoel te kwetsen1 lichaamsdeelen1 waarop het schaamtegevoel gelocaliseerd is en wat de schaamte dus gebied te verbergen1 exhibiteert 7tentoonstelt1 zien laat74 ,dit kan geschieden zoowel in natura als met afbeeldingen en voorstellingen4 ,waar zulks uit strafrechtelijk oogpunt gewaagd kan worden1 grijpt de neiging tot exhibitie alle mogelijkheden aan--ontblooting der genitalin en der nates1 naaktloopen1 openlijke onanie en dergelijke4 ,doch zulks nadert dan reeds het gebied van het geslachtelijk abnormale4 ,exhibitie bezielt ook de vrouwen1 die elke gelegenheid aangrijpen om kunstenaars als model te dienen of die zich telkens en telkens weer door artsen laten onderzoeken4 ,ook de voorstellingen van worstelaars1 athleten enz4 hebben een sterk exhibitischen bijsmaak4 ,de echte exhibitie is trouwens mannen misschien nog meer eigen dan vrouwen4 ,min of meer schijnt ieder mensch1 man zoowel als vrouw1 van nature neiging te bezitten tot exhibitie2 de vrouw die met haar decollet coquetteert1 en de man1 die een zoo nauwen pantalon draagt dat alle lijnen daarin scherp uitkomen1 exhibiteeren4 ,de medische wetenschap leert1 dat de exhibitie bij sommige individuen ten volle den bijslaap kan vervangen en geslachtelijke bevrediging ten gevolge kan hebben4 ,ongetwijfeld speelt hierbij echter geslachtelijke nerveusiteit een groote rol4 ,het exhibiteeren veronderstelt opzet om het schaamtegevoel te beleedigen1 of om uiting te geven aan een werkelijke of voorgewende erotische spanning4 ,niet dus het eenvoudig zichtbaar laten of toonen is exhibitie4 ,een en dezelfde handeling bijvoorbeeld kan voor de een exhibitie zijn1 terwijl zij het voor de ander niet is4 ,zulks hangt geheel af van de opvattingen van het milieu en de daarin gehuldigde sexueele moraal4 ,een zielszieke1 zegt ,stoll1 die met ontbloote penis voor het raam staat om de aandacht van passeerende vrouwspersonen te trekken1 en kerels1 die1 als er geen politie in de nabijheid is1 voor voorbijgaande meisjes en vrouwen hun penis ontblooten en daarmee onanistische manipulaties bedrijven1 plegen exhibitie1 maar de ,negers van de kust van ,mozambique1 die vroeger geen andere schaambedekking hadden dan een soort suspensoir om den penis1 worden door de vrouwen van hun stam in het minst niet van exhibitische bedoelingen verdacht1 daar zij van der jeugd af aan den aanblik daarvan gewoon zijn4 ,de prostitue der ,europeesche bordeelen1 die in laag uitgesneden robe haar borsten tentoonstelt voor een ieder1 die de oogen maar op wil slaan1 beoogt exhibitie2 de meisjes van de tallooze volksstammen in tropische gewesten die gewoon zijn het bovenlichaam geheel onbedekt te laten1 doet weliswaar hetzelfde in nog sterker mate als bedoelde prostitues1 maar met geen zweem van exhibitische oogmerken4 ,de danseres onzer ,europeesche balletten1 die bij hare evoluties voor de tooneelkijkers van kaalhoofdige schouwburg-habitus haar beenen opgooit en bij oogenblikken in de wolken van gaas en kant de lijnen van haar dijgewricht ter observatie geeft1 simuleert exhibitie2 maar der inboorlinge van het ,gazellenschiereiland op ,nieuw-,pommeren1 die geheel naakt en zelfs met gepileerd schaamhaar ter markt komt1 is elke gedachte aan exhibitie vreemd4 ,in de landen der strengste ,mohammedaansche orthodoxie zou een vrouw1 die zich ongesluierd op straat vertoonde1 in de oogen harer geloofsgenooten exhibitie begaan1 gelijk dit bij de ,egyptische danseressen dan ook inderdaad het geval is1 als zij bij haar optreden haar gezicht vertoonen4 ,daarentegen zou het belachelijke onzin zijn bij de ,europeesche1 die hetzelfde doet3 haar gelaat onbedekt laten1 exhibitische bedoelingen te veronderstellen1 terwijl het zoo geliefkoosde decollet en het ontblooten der armen 7anders dan bij den arbeid7 weer niets dan exhibitie is4 ,zoo hangt het geheel van de heerschende sexueele zeden en opvattingen af1 of het toonen van welk lichaamsdeel ook1 exhibitie bedoelt of niet4 ,met lichaamsdeelen die sexueel volkomen indifferent zijn1 kan elders de grofste exhibitie worden bedreven4 ,,vi4 ,,de ,,toenadering ,,der ,,sexen4 ,bij ieder normaal ontwikkeld menschelijk wezen leeft physiologisch en psychologisch een krachtige drang naar de andere sexe4 ,natuurwetten hebben de geslachtelijke scheiding doen ontstaan en1 sexueel gesproken1 den geheelen mensch gesplitst in twee helften3 man en vrouw4 ,diezelfde natuurwetten hebben echter een sterk verlangen naar toenadering bij beide sexen achtergelaten4 ,zonder dat verlangen zou de voortplanting onmogelijk zijn geworden en in de natuur drijft en dringt juist alles tot voortplanting en instandhouding der eenmaal ontstane soort4 ,ten behoeve dier toenadering is de mensch van nature toegerust met een reeks neigingen1 waartegen ook de machtigste wilskracht op den duur niets vermag4 ,alle voorwaarden zijn in den mensch aanwezig om hem in een eventueelen strijd tegen het sexueel verlangen1 vroeg of laat te doen bezwijken4 ,de macht der individualiteit is altijd minder sterk dan de macht der sexualiteit4 ,aangenomen mag worden dat het sexueel verlangen gemiddeld bij beide geslachten in even sterke mate aanwezig is4 ,het openbaart zich bij beide geslachten echter niet op dezelfde wijze4 ,het onderscheid tusschen den mannelijken en den vrouwelijken aard openbaart zich reeds bij de ei- en de zaadcel4 ,ja1 zelfs komt die aard bij deze scherper uit dan in menig ander stadium der ontwikkeling4 ,reeds in deze eerste levensbeginselen komt de speciaal mannelijke en de speciaal vrouwelijke rol in het geslachtsleven ten duidelijkste uit4 ,de jacht van de zaadcel op de eicel is een beeld van het geheele leven der sexen4 ,de eicel is passief1 en afwachtend en haar eenige taak is aantrekkingskracht uit te stralen1 de zaadcel tot zich te trekken1 als de magneet het ijzer4 ,de zaadcellen daarentegen zijn bewegelijk1 onrustig1 uiterst gevoelig voor de bekoring1 die uitstraalt van het vrouwelijk element4 ,zij worden de eicel op afstanden1 die vele honderdduizenden malen hun eigen lengte kunnen bedragen gewaar1 en stormen er trillend van begeerte als in een razenden wedloop op af4 ,talloozen komen onderweg om1 uitgeput door de bovenmatige inspanning die het hun kost hun dik kopje met het dunne zweepachtige staartje kronkelend voort te bewegen4 ,maar velen bereiken toch nog het zoo vurig begeerde doel en omzwermen het eitje als een wolk vurige aanbidders4 ,evenwel1 velen zijn geroepen1 maar slechts een enkele is uitverkoren4 ,voor dien uitverkorene opent zich het kleine genadepoortje in den vliezigen celwand1 en de bevoorrechte glipt het vrouwelijk cellichaam binnen1 om er levenverwekkend mee samen te smelten4 ,precies hetzelfde speelt zich af in het verkeer der sexen1 dat aan de handeling der bevruchting voorafgaat4 ,de vrouwelijke aard bestaat in uitstraling van zinnelijke bekoring naar de geheele omringende mannenwereld4 ,die bekoring is deels onbewust1 deels bewust4 ,het vrouwelijk wezen op zich zelf al oefent op de mannenziel een machtige bekoring uit--voor den man is iedere vrouw als omgeven door een wolk van zinnelijke aantrekking4 ,die natuurlijke aantrekking weet de vrouw met tallooze hulpmiddelen nog oneindig te versterken4 ,de zoo door natuurlijke en kunstmatige bekoringen aangelokte mannen omzwerven de vrouwen als een drom vurige aanbidders1 evenals de zaadcellen de eicellen4 ,en ook hier weer zijn velen geroepen1 maar een eenige slechts is uitverkoren4 ,de jacht van den man op de vrouw1 waarbij de man begint als jager1 om te eindigen als de gevangene van het doel zijner jacht1 zal zich als het tenslotte komt tot het door de nature beoogde einddoel1 weer precies zoo tusschen zaad- en eicel op de geschetste wijze herhalen1 echter in veel sneller tempo en met veel grooter zekerheid dat het doel werkelijk zal worden bereikt4 ,want in het liefdespel der sexen worden vele eenmaal aangeknoopte banden weer verbroken1 beide partijen kunnen tot het laatste oogenblik de verbintenis alsnog doen eindigen1 maar het door zaadcellen bedreigde eicelletje is reddeloos verloren1 de drang der natuur kan op dat punt niet meer worden gestuit4 ,wij willen hier het even liefelijke als dramatische spel der wederzijdsche toenadering van nog een paar andere kanten beschouwen4 ,van nature gevoelen de beide sexen zich tot elkander aangetrokken4 ,dit is een algemeene wet der natuur4 ,geheimzinnige krachten voeren de sexen tot elkander4 ,het is als een zesde zintuig1 dat den mensch voortdurend de andere sexe doet zoeken1 begeeren en vinden4 ,de zinnelijkheid is voor het individu veelal eenvoudig doel1 maar in de ordening der natuur is zij het middel tot bestendiging van het leven1 en zij werkt bij alle menschelijke wezens1 zonder uitzondering4 ,en de zinnelijkheid werkt zoo1 dat ze den mensch met onweerstaanbare aandrang er toe aandrijft1 gemeenschap met de andere sexe te begeeren4 ,dit doet den mensch hunkerend rondzoeken naar bevrediging1 en zijn begeeren1 aanvankelijk gericht op de gansche andere sexe1 vestigt zich tenslotte op een bepaald persoon1 en wel op die1 welke het meest overeenkomt met zijn erotisch ideaal1 m4a4w4 op de persoonlijkheid1 die het meest voldoet aan zijn zinnelijken smaak--verondersteld blijft hierbij natuurlijk1 dat geen andere factoren de keus bepalen4 ,is het individu1 welks keus is bepaald1 een man1 dan is het volgende wat hem te doen staat1 het voorwerp van zijn keuze op een of andere wijze van dit feit in kennis te stellen4 ,bij den man is de keuze en het kenbaar maken daarvan vrij en van zijn min of meer tactvol optreden kan dan afhangen of zijn keus de verlangde gemeenschap tengevolge heeft of niet4 ,de vrouw daarentegen gevoelt in hetzelfde geval zich genoopt haar keus te verzwijgen4 ,zij mag alleen kiezen uit wat zich haar aanbiedt4 ,zij heeft ten deze niet de vrijheid1 die de man heeft4 ,van haar wordt een afwachtende houding verwacht4 ,vandaar is er bij de vrouw van een vrije geslachtelijke keuze geen sprake4 ,wijl dit verschijnsel in het zinneleven der dieren ook kan worden waargenomen1 schijnt het normaal en door de natuur gewild4 ,hoe dit zij1 in de sexueele zeden van alle tijden en volken vinden wij den man het recht toegekend--en in toepassing brengen--zijn keus kenbaar te maken en openlijk naar het bezit van het voorwerp zijner keuze te dingen2 terwijl de keus der vrouw beperkt is tot het recht om een desbetreffend aanbod te accepteeren of van de hand te wijzen4 ,bij beide sexen heeft zich deze verhouding ontwikkeld tot de hoogste wet in het sexueele leven4 ,de vrouw1 die haar keus op dezelfde wijze als de man kenbaar zou maken1 zou daarmee tegen alle sexueele gebruiken zondigen4 ,en wat haar wellicht nog het meest in haar passieve rol doet berusten1 dat is dit andere verschijnsel1 dat het bezit van de zich aanbiedende vrouw in den regel door den man weinig of niet wordt begeerd1 en in elk geval niet hoog wordt gewaardeerd4 ,zoo werkt alles er toe mede dit zoo in stand te houden4 ,de vrouwelijke passiviteit in het liefdeleven openbaart zich in velerlei vormen en graden en soms is1 oogenschijnlijk tenminste1 het verschil met de mannelijke activiteit zeer gering4 ,er zijn vrouwen1 die als ,mohammed tot den berg weten te gaan1 als de berg niet tot ,mohammed komt4 ,tal van vrouwen erkennen dit openlijk en eischen het recht daartoe voor de vrouwenwereld op4 ,zoo schrijft ,frieda von ,blow in ,einsame ,frauen3 ,men zegt3 de man moet kiezen en der vrouw het hof maken1 de vrouw moet afwachten4 ,dit generaliseeren is domme onzin1 zooals zooveel wat zich voor wijsheid uitgeeft4 ,er zijn mannen die beslist het hof gemaakt en ook gekozen moeten worden en uit zichzelf nooit den moed zullen vinden zich aan een vrouw te verklaren4 ,daarentegen zijn er vrouwen1 met wier aard lijdelijkheid geheel en al in strijd is en die zich daar volstrekt niet in zouden kunnen schikken4 ,ik zelf bijvoorbeeld ben gewoon mij altijd zelf mijn tafelburen en mijn cavalier bij den dans uit te kiezen4 ,mannen1 wier omgang mij van te voren niet aanstaat1 laat ik ook niet de gelegenheid mij te naderen4 ,intusschen1 al moet men toegeven1 dat er vrouwen zijn1 die de kunst verstaan gracieus de rollen om te keeren en toch ten volle vrouw te blijven1 valt toch niet te ontkennen1 dat dit uitzonderingen zijn op den algemeenen regel4 ,de meeste vrouwen geven er de voorkeur aan zich het hof te laten maken en weten zich uitmuntend in hare dusgenaamde passiviteit1 die in werkelijkheid zeer actief is1 te schikken en daarin te berusten4 ,uit den aard der zaak is de rol der vrouw in het liefdeleven gecompliceerder1 dus interessanter1 dan die van den man4 ,om deze reden zal elke studie van den sexueelen omgang zich meer met de vrouw bezig houden dan met den man4 ,de rol der vrouw is wel schijnbaar passief en afwachtend1 maar in werkelijkheid is zij even actief en offensief als de rol van den man4 ,maar bij de vrouw is de erotische activiteit van geheel anderen aard--zij trekt den man1 bewust of onbewust1 tot zich1 zij wekt den zinnelijken honger der mannen op en prikkelt die door te dralen met de bevrediging en op honderd andere manieren en zoo is de passieve vrouw in het liefdeleven de eigenlijke hoofdpersoon4 ,de man is de betooverde1 die handelt onder den invloed van sexueele dwanggevoelens4 ,de toenadering der beide sexen voltrekt zich1 wanneer het door de natuur aangewezen pad wordt bewandeld1 niet plotseling1 maar integendeel zeer langzaam en geleidelijk4 ,vr het komt tot de handeling die de natuur wil1 en die beide sexen al of niet klaar bewust willen1 doorloopen beide partijen velerlei phases1 die elk voor zich de bron kunnen zijn van aangename gewaarwordingen en van die zielstoestanden1 die men in het algemeen noemt geluk4 ,langzaam en geleidelijk brengen geheimzinnige krachten met onuitputtelijk geduld beide helften van het geslachtelijk geheel in elkanders sfeer van sexueele aantrekking1 laden ze beide met de levenwekkende electriciteit van den hartstocht1 en voeren ze zoo tot elkander als twee wolken die den bliksem dragen4 ,tot tenslotte op een gegeven moment plotseling het contact tot stand komt en het tusschen beide partijen tot een verklaring komt1 die over beider toekomst beslist4 ,aanvankelijk is er bij beide sexen schuwheid jegens elkander1 de ontluikende bloemen schijnen elkander eer te ontwijken dan te zoeken2 tusschen beide bestaat een onbewuste schroomvalligheid1 die zich uit in onhandige verlegenheid4 ,het eerste ochtendgloren van het mysterie der liefde hult zich in onbestemde nevelen1 en jonge onbedorven zielen worden aanvankelijk gescheiden gehouden door een zwijgend misverstand4 ,het eerste ontluiken der liefde is als een half-onbewuste worsteling1 waarbij de jongeling beschroomdheid aan den dag legt en het meisje stoutmoedigheid--in deze eerste phase1 waarin beide sexen elkander pogen te naderen1 nemen zij als het ware elkanders hoedanigheid aan4 ,er is eerst vereering op een afstand1 zwijgende aanschouwing1 onbegrepen vergoding1 waarvan men het niet waagt te spreken1 waarvan men zich alleen bewust is1 dat het iets is en dat men het moet verbergen4 ,zoo kan het liefdeleven in zijn eindelooze verscheidenheid een aanzienlijk deel van het bestaan der individun vullen1 alvorens de natuur haar doel met dit alles ziet bereikt4 ,en vooral dit voorspel1 dat dit gezamenlijk bezwijken voor den machtigen drang der natuur voorafgaat1 is voor ons in dit werk van belang en hiermede zullen wij ons dan ook in hoofdzaak bezighouden4 ,bij het tot elkander voeren der geslachten bedient de natuur zich van ongeveer alle zintuigen1 gelijk wij in een afzonderlijk hoofdstuk1 hierover handelend1 zullen trachten aan te toonen4 ,ieder individu is met al zijn zintuigen gevoelig voor de bekoring die tot hem uitgaat van het andere geslacht4 ,deze bekoring neemt gewoonlijk den vorm aan eener opzettelijk aangewende lokking4 ,dit lokken geschiedt niettemin slechts tot op zekere hoogte opzettelijk1 het zetelt niet in den overleggenden wil1 evenmin als dit het geval is met de aantrekking die van de magneet uitgaat naar het ijzer4 ,de lokking1 die het eene geslacht uitoefent op het andere1 is een bloot natuurlijke functie1 die echter1 evenals iedere natuurlijke functie1 door den mensch min of meer kan worden beheerscht1 geoefend en versterkt4 ,het groote natuurlijke en daarom op zichzelf onbewuste lokmiddel der vrouw is de maagdelijkheid4 ,de bekoring der maagdelijke onschuld op de sexueele psyche van den man is onweerstaanbaar1 en de jacht van de mannelijke zinnelijkheid geldt in de eerste plaats de virga intacta4 ,de maagdelijkheid1 zegt ,hippel in ,ueber die ,ehe1 is de ,meimaand van het jaar1 de bloesem der boomen1 de dageraad van den dag2 de maagdelijkheid is een zoo teere zaak1 dat men er ternauwernood van kan spreken1 zonder ze te bezoedelen4 ,onder de ,alexandersagen komt een sprookje voor van heerlijke bloemen in het woud1 uit wier roode en witte kelken1 als in de lente de sneeuw gesmolten is1 liefelijke feen te voorschijn treden1 die den ganschen zomer bij vogelenzang en bloemengeur hun heerlijke jeugd genieten4 ,maar als de herfst komt1 als de bronnen ophouden te vlieten1 bloemen en bladeren verwelken en verdorren1 dan verdwijnen deze liefelijke kinderen der bloemen en hun kort leven vergaat4 ,de wonderkinderen van dit sprookje zijn de maagdelijke vrouw1 zooals de mannelijke phantasie zich die gaarne droomt4 ,de maagdelijke vrouw straalt een onuitsprekelijke bekoring uit4 ,in de voorstelling veler volken en godsdiensten is de maagd een wezen van bovenmenschelijke reinheid1 toegerust met bovennatuurlijke krachten4 ,er is nauwelijks iets1 dat in de sexueele zeden een zoo groote rol speelt als de maagdelijkheid4 ,de eeredienst der maagdelijkheid1 zegt ,ploss in ,das ,weib in der ,natur- und ,vlkerkunde1 is een esthetisch dogma1 dat uitgaat van de opvatting1 dat de sexueele ongereptheid der jonge vrouw een zeer bijzondere zedelijke waarde heeft4 ,in deze waardeering van de intacte sexualiteit der vrouw valt door de gansche beschavingsgeschiedenis heen een naturalistische en een idealistische opvatting waar te nemen4 ,zelfs bij de natuurvolken vallen sporen van een zekeren graad van eerbied en zedelijk ontzag voor de maagdelijkheid te bespeuren4 ,bij de beschaafde rassen geldt het als iets natuurlijks1 in de ongereptheid en reinheid van den maagdelijken toestand het ideaal der kuische en heerlijke vrouwelijkheid te vereeren4 ,reeds in het oudste ,germaansche recht werd de maagdelijkheid als iets eerbiedwaardigs beschouwd1 en de ,christelijke godsdienst kende aan een kuisch maagdelijk leven een zoo hooge beteekenis toe1 dat vele gehuwd geweest zijnde vrouwen later tot heiligen zijn verheven1 omdat zij ook in den echtelijken staat haar maagdelijkheid ongeschonden hadden bewaard4 ,en hoewel bij de ,germanen1 sinds zij tot het ,christendom overgingen1 de oorspronkelijke eerbied voor de vrouw in het algemeen allengs verminderde1 wijl de geestelijke met het oog op den zondeval in het ,paradijs hen leerde de vrouw als een onrein wezen1 als de verleidster van den man te beschouwen1 toch bleef bij hen de eerbied voor de maagdelijke reinheid ongeschokt4 ,in den ,christelijken godsdienst1 hoewel die de vrouw als de oorzaak van de eerste zonde en daarmee van alle zonde beschouwt1 heeft de vereering der moeder ,gods als de onbevlekte maagd ,maria de maagdelijke vrouw omgeven met een wolk van hemelschen luister4 ,en nog allerlei andere dingen hebben er toe bijgedragen1 dat de ideale beteekenis van het begrip maagdelijkheid in onze hedendaagsche beschaving behouden is gebleven4 ,de legende van de heilige ,ursula en haar elfduizend maagden1 zegt ,mantegazza1 is door de geleerden en de geschiedvorschers slecht uitgelegd4 ,zij beteekent1 dat de maagdelijke vrouw een gansch legioen kleinere maagdelijkheden in zich omdraagt1 die de een na de ander bemind en veroverd willen worden4 ,zelfs in het oogenblik des doods blijft er in de vrouw nog veel maagdelijks over4 ,de oude beschavingen kenden aan de maagdelijkheid allerlei mystieke beteekenissen toe4 ,aan den hemel der oudheid reeds schitterde het sterrenbeeld van de ,maagd als personificatie van ,dice1 de strenge godin van de straffe1 onbuigzame gerechtigheid1 die in de gouden eeuw als ,astrea1 ,sterrenmaagd1 op aarde leefde en in de ijzeren eeuw als de laatste der godheden naar den hemel ging4 ,door de ,maria-vereering kreeg vooral in de sexueele zeden der ,christenheid de maagdelijkheid der vrouw een verheven-mystieke beteekenis4 ,in de eerste tijden van het ,christendom hebben de kerkvaders zich beijverd om de opvattingen omtrent de virginiteit der christenvrouw een heiliger en verhevener karakter te verleenen1 dan zij had bij de concurreerende heidensche religies4 ,ook in dit opzicht moest met alle middelen het ,christendom worden voorgesteld als een geheel nieuwe leer1 van hooger orde en direct van bovenaardschen oorsprong4 ,en zoo werd bij elke gelegenheid1 die zich voordeed1 de christelijke maagdelijkheid voorgesteld als bij uitstek rein en verheven1 stralende met den luister van hemelsche heerlijkheid4 ,de kerkvaders hebben geen woorden genoeg om de reinheid der christelijke maagden te verheerlijken en op de ,vestaalsche maagden der ,romeinen te smalen en deze verdacht te maken en hare echtheid of wel hare belangeloosheid te betwijfelen4 ,hoe zou men de ,vestaalsche maagden kunnen prijzen8 vraagt ,ambrosius2 maagdelijkheid als kostwinning is geen maagdelijkheid1 alleen die1 welke ontspruit uit liefde voor de deugd2 het is geen maagdelijkheid1 die in het openbaar wordt gekocht of gehuurd4 ,en aan keizer ,valentinianus ,,ii schreef hij3 ,gij bezit hoogstens een zevental ,vestaalschen1 en die waren nog jonge kinderen1 toen zij zich aan ,vesta wijdden4 ,en dat zijn dan alle maagden1 waarop het heidendom bogen kan4 ,zeven ongelukkigen1 die men met het vooruitzicht op pracht1 weelde1 tallooze slaven en groote inkomsten heeft verleid tot haar maagdelijkheid1 en die daarin alleen staande blijven door de hoop dat zij in weerwil van haar gelofte toch niet als maagd zullen behoeven te sterven4--,kan men1 zoo vraagt dezelfde ,ambrosius in het eerste boek van zijn werk ,de ,virginitate1 de ,vestaalsche maagden en de priesteressen van ,pallas ,athene vergelijken met onze christelijke maagden8 ,wat beteekent een maagdelijkheid zonder zuiverheid van zeden1 wat is de waarde van een maagdelijkheid die als een drukkenden last tegen belooning wordt aanvaard voor een bepaalden termijn1 inplaats dat men uit innerlijken aandrang haar vrijwillig zich oplegt8 ,maagdelijkheid1 die men zich heeft voorgenomen op een zeker tijdstip te verbreken1 staat niet hooger dan gewone lichtzinnigheid4 ,en wat te denken van een godsdienst1 die op die manier van de jeugd schijn-kuischheid koopt en bij de ouderen onkuischheid toelaat6 ,neen1 de ,vestaalsche maagden zijn niet waarlijk maagdelijk1 want zij zijn het gedwongen1 en evenmin eerbaar1 daar zij haar maagdelijkheid verlagen tot een beroep1 en wijl zij zich elken dag prijsgeven aan de onreine blikken van het bedorven en losbandige volk4 ,door deze mystieke opvatting der maagdelijkheid werd deze in de christenkerk weldra een hooge en verdienstelijke wijding4 ,de kerk werd de reine bruid1 aan wie men zich wijdde1 ,christus werd de hemelsche bruidegom1 met wien men zich door een mystiek huwelijk wenschte te verbinden4 ,de maagdelijkheid werd daardoor minder begeerd om haar zelf1 dan wel als een verheven toestand1 die recht gaf uit de hoogte neer te zien op anderen4 ,zij werd een heroeke deugd1 die hare beoefenaarsters recht verleende om te worden beschouwd als wezens van hoogere orde4 ,inderdaad droegen de christelijke vrouwen der eerste eeuwen1 die zich tot levenslange maagdelijkheid hadden verbonden1 een onderscheidingsteeken1 n4l4 een kap1 die vrijwel overeenkwam met de ,romeinsche mitra4 ,naast de esthetische en idealistische vereering der maagdelijkheid is er nog een andere1 een louter zinnelijke vereering1 die weinig of niets moois heeft en niets anders is dan een naturalisme van de grofste soort4 ,deze vorm van vereering is intusschen de meest algemeene1 wijl hij eigen is aan de grof-aangelegde en zeer zinnelijke naturen1 die in aantal overal en altijd verreweg in de meerderheid zijn4 ,ook deze naturen stellen maagdelijkheid op hoogen prijs1 doch hunne motieven daarvoor zijn van zeer nuchteren aard en alles behalve idealistisch4 ,wel blijft daarin dikwijls een min of meer esthetische afkeer van de reeds door anderen bezoedelde vrouw meespreken1 maar de eigenlijke en wezenlijke grond van hun voorliefde voor den maagdelijken staat van de vrouw1 die zij met huwelijksoogmerken het hof maken is1 dat zij gaarne zekerheid hebben1 dat er niet reeds met anderen uitersten al of niet met gevolgen zijn voorgevallen waarbij dikwijls nog komt de onbehagelijke vrees1 steeds met de voorgangers vergeleken te worden4 ,de hooge waarde1 die er op idealistische en naturalistische gronden aan de maagdelijkheid wordt gehecht1 brengt mede1 dat verlies daarvan voor de vrouw gelijk staat met verlies van haar voornaamste natuurlijk lokmiddel4 ,de ontmaagde vrouw daalt sterk in sexueele waarde4 ,vandaar zijn er reeds tamelijk vroeg in de geschiedenis bepalingen gemaakt1 die de vrouw het recht gaven vergoeding te eischen van dengene1 die haar zonder haar te trouwen van dezen schat had beroofd4 ,in de volgende deelen van dit werk zullen wij daarvan tal van interessante gevallen en niet minder interessante verwikkelingen1 daaruit soms voortvloeiende1 leeren kennen4 ,een verder gevolg van de buitensporige beteekenis die er gehecht wordt aan den maagdelijken staat der vrouw is1 dat zij verlies daarvan zoo mogelijk zoekt te verbergen4 ,dit leidt er toe1 dat er zeer veel maagdelijkheid wordt gesimuleerd4 ,er zijn altijd meer maagden1 dan er maagdelijkheid is2 de vrouw blijft maagd1 niet totdat zij in werkelijkheid den maagdelijken staat komt te verliezen1 maar zoolang het tegendeel niet kan worden bewezen1 d4i4 zoolang er zich geen gevolgen voordoen4 ,dit feit is aan de mannenwereld niet onbekend1 en in de geschiedenis der sexueele zeden wemelt het van gebruiken1 voorzorgsmaatregelen enz41 die er op zijn berekend zich aangaande het bestaan der maagdelijkheid zekerheid te verschaffen4 ,zoo rustte in vele landen eeuwenlang op het huwende meisje de verplichting1 het bewijs te leveren1 dat zij als ongerepte jonkvrouw het huwelijksbed had beklommen4 ,in vele streken bestond dat bewijs hierin1 dat des daags na het huwelijk het bruidshemd met de bloedige sporen der ontmaagding zegevierend uit het venster moest worden gehangen4 ,alleen dit gold als een bewijs1 dat de laatste gunst het eerst aan den echtgenoot was verleend en wel eerst in den bruidsnacht4 ,en hoe overvloediger de sporen in het linnen aanwezig waren1 met des te meer trots werd het kennissen en buren getoond1 want des te grooter was de roem der kuischheid van de bruid4 ,in de ,pentateuch geeft ,mozes herhaaldelijk tal van voorschriften en ritueel-hyginsche beschouwingen ten aanzien der maagdelijkheid der meisjes van het volk ,isral4 ,de man had volgens de ,mozasche wetten het recht bij zijn bruid maagdelijkheid te verlangen4 ,en uit ,deuteronomium ,,xxii 3 #ac v4v4 blijkt ten duidelijkste1 dat hij reeds methoden aangaande het constateeren der maagdelijkheid heeft aangegeven1 die wij later in de verschillendste oorden der wereld als een gevestigd gebruik terugvinden1 nl4 het vertoonen van het met bloed bevlekte bruidslinnen4 ,de methode door ,mozes aangegeven komt neer op het volgende4 ,ingeval een man na het huwelijk zich beklaagde haar niet meer maagdelijk te hebben bevonden1 dan hadden haar ouders het recht het tegendeel te bewijzen en wel door aan de raad der oudsten het met bloed bevlekte bruidslaken te toonen4 ,waren zij daartoe in staat1 dan werd de klagende echtgenoot gekastijd en beboet1 hij moest de vrouw in kwestie bij zich houden en haar ouders kregen de opgelegde boete4 ,kon het verlangde bewijs echter niet worden vertoond1 dan werd de klacht van de echtgenoot als gegrond beschouwd en de vrouw werd gesteenigd1 omdat zij eene dwaasheid in ,isral gedaan had1 hoereerende in haars vaders huis4 ,uit dezen rechtsgang valt af te leiden1 dat de ouders het bewuste linnen1 waarvan te eeniger tijd het leven van hun dochter zou kunnen afhangen1 langen tijd als een belangrijk document zullen hebben bewaard4 ,en ook dit valt er uit af te leiden1 dat een zich schuldig wetende bruid alles zal hebben gedaan om haar bruidegom in den bruidsnacht aan haar ongerepte maagdelijkheid te doen gelooven4 ,verder blijkt uit de ,mozasche methode1 dat zij zich niet in het minst verheft boven het primitieve weten van dien tijd en op geheel onjuiste voorstellingen berust omtrent de anatomische bijzonderheden van den maagdom4 ,dit gebruik bestaat in onzen tijd nog in verschillende ,slavische landen en o4a4 ook in ,rumeni in sommige plattelandstreken1 waaromtrent een auteur1 met de zeden van dat land grondig bekend1 het volgende mededeelt3 ,de man houdt de ontdekkingen1 die hij in den bruidsnacht gedaan heeft ten aanzien van de eerbaarheid zijner bruid1 voorloopig voor zich4 ,eerst na verloop van drie dagen1 wanneer er bezoeken worden afgelegd bij de verwanten der vrouw1 mag de zaak ter sprake worden gebracht4 ,deze tocht op den derden huwelijksdag heet de groote weg1 wijl hij den ouders eer of veel schande brengt4 ,is het meisje ongerept bevonden1 dan heerscht daarover in den familiekring de uitbundigste vreugde1 waarbij het bevlekte linnen als teeken van het onbevlekt verleden der bruid op een schotel wordt rondgereikt2 elk der aanwezigen bewijst daaraan eer door een geldstuk in de schaal te leggen4 ,in deftiger kringen wordt de bezichtiging van het bruidshemd alleen toegestaan aan de wederzijdsche schoonouders4 ,door ,brantme1 ,aretin en tal van andere novellisten en schrijvers wordt gewag gemaakt van het bestaan van deze en soortgelijke gebruiken in ,spanje1 ,itali1 in verschillende ,duitsche landen en elders4 ,steeds blijkt daarbij1 dat bij den minderen man het tepronkstellen van het bebloede bruidshemd zoo openlijk mogelijk en met allerlei feestelijkheden plaats had1 terwijl bij de voorname lieden deze ceremonie in den huiselijken kring werd verricht1 uitsluitend in het bijzijn van de ouders en verdere nauwe verwanten en vrienden4 ,daarbij tegenwoordig te mogen zijn gold dan ook als een groote eer4 ,in de meeste streken hebben dit soort gebruiken mettertijd meer en meer een symbolischen vorm aangenomen1 vooral toen de anatomische bijzonderheden der lichamelijke maagdelijkheid meer en meer algemeen bekend werden4 ,de eerste stap tot symboliseeren van het grof-naturalistische maagdelijkheidsbewijs bestond in den regel hierin1 dat men wel het werkelijk bruidshemd vertoonde1 maar met sterk geretoucheerde sporen van het bloedbad1 dat men zoo gaarne wilde hebben aangericht4 ,daartoe moest men trouwens ook om andere redenen al dikwijls zijn toevlucht nemen4 ,het geheele gebruik toch berust op een dwaling en het moet toch reeds vroeg algemeen bekend zijn geweest1 dat het verlies der maagdelijkheid volstrekt niet noodzakelijk gepaard behoeft te gaan met het nalaten van de zoo vurig begeerde sporen1 en dat uitblijven daarvan nog hoegenaamd geen recht geeft de maagdelijkheid in twijfel te trekken4 ,het gebruik zelf verraadt algemeene losheid van zeden--de wensch naar zichtbare bewijzen ten deze veronderstelt twijfel aan de gegeven verzekering en acht de mogelijkheid van verzwegen voorechtelijke geslachtsgemeenschap niet buitengesloten6 ,intusschen komt in de hooge vereering der vrouwelijke ongereptheid bij volkomen onverschilligheid voor de maagdelijkheid van de mannelijke partij de dubbele moraal1 die er in het sexueele leven gesteld wordt voor man en vrouw1 scherp uit4 ,met die vereering toch wordt aan de vrouw geslachtsverkeer vr het huwelijk ontzegd1 en als het plaats heeft gehad1 zeer zwaar aangerekend1 terwijl voor den man ten deze de grootste vrijheid als vanzelfsprekend wordt beschouwd4 ,natuurlijk hebben ten allen tijde de eenmaal ten sexueelen val gekomen vrouwen getracht1 dit feit te verbergen4 ,en ten tijde1 dat bovengeschetste bruidshemdsgebruiken in zwang waren1 hebben zulke vrouwen gezocht naar middelen om in den bruidsnacht den man de illusie van de maagdelijkheid zijner bruid te doen behouden4 ,wat verloren was gegaan trachtte men kunstmatig te herstellen4 ,daaruit heeft zich in den bloeitijd van dit soort sexueele gebruiken een heele reparatiekunst ontwikkeld1 waarvan apothekers1 handelaars in wonderdoende kruiden en kwakzalvers de voornaamste beoefenaars waren4 ,en met behulp van allerlei samentrekkende zalven en preparaten schijnt men er werkelijk in te zijn geslaagd de verloren maagdelijkheid telkens in voldoende mate te vernieuwen om den eerstvolgenden geliefde of den echtgenoot niet alleen de illusie te laten1 dat hij de eerste was die de bloem der onschuld plukte1 maar hem daarvan ook de zichtbare bewijzen in den vorm van duidelijke en onmiskenbare sporen te leveren4 ,zoo kon men met behulp van wat schijnheiligheid en der niet al te dure middelen der kwakzalvers zoo lang maagd blijven als men verkoos1 zoodat dit soort vereering der maagdelijkheid allerminst de maagdelijkheid hoog hield4 ,de vereering der maagdelijkheid draagt derhalve allerminst een verheven karakter4 ,integendeel1 in de geschiedenis der sexueele zeden treft men steeds weer het eigenaardig verschijnsel aan1 dat in tijden van algemeene losheid van zeden de virginiteit het hoogst staat aangeschreven en het vurigst wordt begeerd4 ,hetzelfde doet zich voor in alle zedelooze kringen en ook valt zulks op te merken bij loszinnige individun4 ,de vrouwelijke zoowel als de mannelijke sybariet verlangt iets1 wat maar eenmaal en door n kan genoten worden4 ,hun begeerte haakt naar niets zoo sterk als naar het nog ongerepte4 ,en voor dezulken is de maagdelijkheid niet iets1 wat met heiligen eerbied vervult1 maar als het kostelijkste gerecht dat voor den genotmensch bestaat4 ,dit soort verheerlijking van de maagdelijkheid der vrouw kan zelfs leiden1 en leidt dan ook dikwijls1 tot een ziekelijke ontaarding1 waarvoor men den naam van ontmaagdingsmanie heeft uitgevonden1 een manie1 die in de nieuwere geschiedenis vooral in ,engeland heeft gewoed1 gelijk bij de ,pall ,mall-onthullingen1 waarop wij later terugkomen1 is gebleken4 ,wat den man in de maagdelijk-onschuldige schoonheid nog extra bekoort1 is de onwetendheid daarvan bij de vrouw4 ,jeugdige onschuld1 opgeluisterd door argeloosheid heeft een onuitsprekelijke bekoring1 en niets is heerlijker en meer betooverend dan een schitterende onschuld1 die in haar handen de sleutel heeft van een hemel4 ,de verdere natuurlijke lokmiddelen der vrouwelijke sexe zijn de jeugd en uiterlijk lichaamsschoon4 ,deze zijn van minder algemeenen aard1 wijl daarin de individueele smaak meespreekt4 ,ten opzichte der maagdelijkheid bestaat geen verschil van smaak1 ten opzichte van jeugd en schoonheid wel en in zeer sterke mate4 ,de rol der schoonheid van lichaamsvormen in het sexueele leven hebben wij reeds behandeld in een afzonderlijk hoofdstuk in dit deel4 ,tot de bijkomstige erotische lok- en machtsmiddelen der vrouw behoort in de eerste plaats de tegenstand4 ,tegenstand prikkelt in hooge mate de mannelijke begeerte4 ,de vrouw weet dit en doet er haar voordeel mee4 ,als zij de zinnelijkheid van den man op zich gericht weet1 dan hult zij zich in het masker der schaamachtigheid1 neemt den schijn aan van onverschilligheid en onwil en ontvlucht de gehoopte omhelzing4 ,juist deze tegenstand1 zij moge echt zijn of gespeeld1 prikkelt de erotische veroveringszucht van den man en blaast in vele gevallen de aanvankelijk slechts vluchtige begeerte aan tot een niet meer te beheerschen hartstocht4 ,het strookt geheel met den actieven aard van den man1 dat juist het stuiten op tegenstand de waarde van het bezit voor hem verhoogt4 ,in het spel der liefde is dit stuiten op tegenstand voor den echt-mannelijken man een ware behoefte2 hij verlangt en behoeft tegenstand1 en geen tegemoetkoming van de vrouw4 ,en zoo gedraagt de vrouw zich in het sexueele leven in den regel terughoudend1 tegenstrevend1 beschaamd en defensief1 en wordt daardoor de veroveraarster van den man1 dien zij in schijn de rol ven aanvaller en veroveraar laat4 ,doch zoo als ongeveer alles in het leven der liefde1 kan ook dit lokmiddel der liefde weer leiden tot allerlei misverstand4 ,want er is in de liefde een lokkende tegenstand1 die ontwijkt om te prikkelen tot meer intensieve vervolging1 en er is een ernstig gemeende1 wezenlijke tegenstand1 die inderdaad bedoelt af te wijzen4 ,daar de vrouw in het spel der liefde en der zinnelijkheid altijd begint met hare naar haar gunst dingende erotische krijgsgevangen af te wijzen1 behoort er in vele gevallen groote kennis van den vrouwelijken aard toe om zich omtrent den aard der afwijzing niet te vergissen4 ,de vrouw bezit in hooge mate het vermogen om door zelfbeheersching hare overwinningen tot volkomenheid te brengen4 ,den in sexueel opzicht zoo oneindig veel zwakkeren man ontbreekt dit vermogen nagenoeg geheel4 ,om een man te veroveren heeft de vrouw alleen maar te beschikken over wat uiterlijke knapheid1 zelfs het enkele vrouw-zijn is voor de vrouw al voldoende een man sexueel te binden4 ,het allerminste kamermeisje kan de ,apollo van ,belvdre of een gepurperden koning in vijf minuten veroveren1 zegt ,mantegazza1 terwijl ,apollo door de minste deerne kan worden afgewezen4 ,daarin bestaat de eigenaardige macht der vrouw4 ,de mannen zijn in den strijd der liefde evenals vliegen met alles te vangen--het is nog steeds ,mantegazza1 die hier aan het woord is--en het is veel moeilijker een muis te vangen dan een man1 want voor een muis heeft men tenminste nog een slim ingerichte val noodig1 terwijl dikwijls de pantoffel eener vrouw voldoende is om een man te vangen4 ,het is dan ook gemakkelijker een vesting bij overrompeling in te nemen1 dan een vrouw4 ,als men gelooft1 dat de verovering door overrompeling is gelukt1 dan heeft men wel den schijn1 maar niet het wezen1 wel de vrouw1 maar niet haar liefde bezeten4 ,alle zintuigen der vrouw staan voortdurend als schildwachten en luisterposten uitgezet en slaan bij het minste onraad alarm2 en nu kunnen deze schildwachten wel eens door list of sluwheid om den tuin worden geleid1 maar nooit het hart der vrouw1 dit wordt door te veel versterkingen verdedigd en beschermd1 het is niet te nemen1 noch door list1 noch door verrassing2 het moet zichzelf overgeven en dit doet het nooit anders dan na een langdurig beleg4 ,en wanneer het eindelijk op het punt staat te bezwijken1 dan moet er nog een laatsten1 geweldigen stormloop worden ondernomen om het te nemen4 ,het geeft zich eerst over1 als het al zijn kracht tot verzet en verweer volkomen heeft uitgeput en de laatste verschansingen heeft zien bezwijken4 ,de overgave der vrouw is altijd eervol1 fier ontrolt zij bij het bezwijken de vanen en treedt in volle wapenrusting den veroveraar tegemoet1 die dan weldra in werkelijkheid haar krijgsgevangene blijkt4 ,geen der vele onneembare vestingen van ,europa kan zich beroemen nog nimmer door bestorming1 uithongering of verraad te zijn ingenomen2 maar vele zwakke vrouwen hebben de zwaarste aanvallen afgeslagen1 en de man wreekt zich over zijn vele nederlagen tegenover de vrouw1 door haar een zwak1 hulpbehoevend1 onzelfstandig schepsel te noemen4 ,de vrouw is met hare natuurlijke lokmiddelen niet te vreden4 ,steeds zoekt zij ze kunstmatig te versterken en er nieuwe aan toe te voegen4 ,alle zintuigen bieden haar daarvoor aangrijpingspunten4 ,wij zullen daarom allereerst een blik werpen op de rol der zintuigen in het liefdeleven4 ,,vii4 ,,de ,,rol ,,der ,,zintuigen ,,in ,,het ,,liefdeleven4 ,de zintuigen vervullen in het liefdeleven de rol van koppelaars2 zij staan allen in meerdere of mindere mate in directen dienst van de zinnelijkheid1 de smaak misschien uitgezonderd4 ,elk der zintuigen heeft in het liefdeleven een zeer bepaalde functie4 ,gezamenlijk dienen zij de natuur in het tot elkander voeren der sexen4 ,zeer bescheiden is daarbij de taak van den smaakzin4 ,tot deze nemen echter dikwijls impotente individuen de toevlucht1 om door smaakprikkels geslachtsprikkels op te wekken of te versterken4 ,het geloof in het bestaan van genotmiddelen1 die het vermogen bezitten erotische gevoelens wakker te roepen1 is nu en dan in de geschiedenis zeer algemeen geweest1 waarbij echter steeds het bijgeloof een zekere rol speelde4 ,wij herinneren hierbij aan de vele eeuwenlang algemeen in zwang geweest zijnde minnedranken1 waarmee men deels door middel van den smaak1 deels door tooverwerking bij een bepaald persoon liefde jegens zich meende te kunnen opwekken4 ,natuurlijk waren van zulke minnedranken die genotmiddelen1 welke geslachtsdrift gezegd werden op te wekken1 dusgenaamde aphrodisiaca1 steeds de hoofdbestanddeelen4 ,van een bepaalde natuurlijke functie van den smaak in het leven der liefde blijkt echter weinig of niets4 ,waar men den smaak in dienst tracht te stellen van de zinnelijkheid1 heeft dit in elk geval steeds iets opzettelijks en gewilds1 waarbij men tracht natuurlijke gevoelens kunstmatig op te wekken4 ,geheel anders staat het reeds met de beteekenis van het gehoor in het zinneleven4 ,dit blijkt reeds uit het feit1 dat met het intreden der geslachtelijke rijpheid de menschelijke stem zich wijzigt1 waarmee de natuur als het ware dit feit hoorbaar kenbaar maakt4 ,verder blijkt dit uit het verschil tusschen de mannen- en de vrouwenstem1 een verschil dat nog de sexe verraadt waar die zich opzettelijk verborgen tracht te houden4 ,talrijke geluiden oefenen voorts een krachtige erotische werking uit4 ,de stem1 zang en muziek zijn in de eerste plaats lokmiddelen der liefde4 ,in het dierenleven1 deze spiegel van het menschelijk leven in natuurlijke dingen1 vindt men dit terug in de loktonen beider seksen bij een menigte diersoorten4 ,en ook getuigen van de macht van het gehoor op de zinnelijkheid1 de gemakkelijke zegepralen in de liefde van groote zangers en zangeressen1 ook al zijn deze door de natuur stiefmoederlijk bedeeld met lichaamsschoon4 ,de oude ,atheners beschouwden muziek1 inzonderheid fluitspel1 als het machtigste hulpmiddel tot opwekking en prikkeling der zinnelijkheid2 en bij hen bestond eeuwenlang een afzonderlijke klasse van prostituees3 de fluitspeelsters1 die gewoon waren ware orgin van geslachtelijke buitensporigheden aan te richten4 ,sterker misschien nog is de invloed van den reukzin op de zinnelijkheid4 ,deze vermag1 hoewel bij verschillende individuen in zeer verschillende mate1 rechtstreeks onopzettelijk den geslachtslust op te wekken en te prikkelen4 ,hckel beweert zelfs1 dat de reuk de quintessence van alle geslachtelijke liefde is4 ,zwaardemaker heeft ontdekt dat alle erotisch werkende geuren behooren tot een en dezelfde groep van scheikundige stoften1 n4l4 tot de caprylen4 ,bij vele dieren spelen verschillende natuurlijke geuren in hun geslachtsleven een zeer belangrijke rol1 bijvoorbeeld bij het muskusdier en den bever4 ,bij den mensch kunnen1 vooral bij zeer zinnelijke naturen1 de erotisch werkende caprylgeuren van allerlei lichaamsafscheidingen krachtig op de geslachtelijke instincten inwerken4 ,in het sexueele leven spelen de erotische geuren dan ook een groote rol4 ,tegenover de lichamelijke uitwasemingen van de andere sekse bezitten vooral mannen maar een zeer gering weerstandsvermogen4 ,vele anders moeilijk te verklaren sexueele connecties berusten op den onweerstaanbaren invloed van geslachtsgeuren4 ,de meeste plotselinge liefdesbetrekkingen tusschen in stand of in leeftijd zeer uiteenloopende individuen zijn aan de erotische prikkelbaarheid van den reukzin toe te schrijven4 ,vele mannen schijnen ongevoelig voor het uiterlijk schoon of andere eigenschappen der vrouwen1 terwijl zij zich in sterke mate voelen aangetrokken door de vrouwelijke atmosfeer4 ,en evenals er erotische reukprikkels zijn die aantrekking uitoefenen1 zijn er ook geuren die afstooten2 m4a4w4 er zijn sympathieke en antipathieke geslachtsgeuren4 ,het ligt in den aard der vrouw alle ter harer beschikking staande erotische machtsmiddelen over den man tot den hoogsten graad van volkomenheid op te voeren4 ,alles in haar drijft haar aan om hare magnetische aantrekkingskracht op den man te versterken en hem aan zijn natuurlijken plicht van aanvallen--aanvallen waarin steeds zij overwinnares zal zijn--met alle kracht te herinneren4 ,het ligt dus voor de hand1 dat ook der mannen zwakheid tegen erotische geuren door de vrouw wordt benut om hem te dwingen tot het geslachtelijk offensief1 dat haar de sexueele zegepraal moet brengen4 ,en zoo zien wij dan ook ten alle tijde en overal de vrouwen zich hullen in wolken van kunstmatige erotische geuren1 teneinde te trachten de natuur te verbeteren1 ze aan te vullen1 te versterken4 ,hoe bewuster met dit rondom zich spreiden van prikkelende geuren beoogd wordt den man aan te lokken1 des te sterker en overvloediger wordt van zulke geuren gebruik gemaakt1 zoo dat de aanwending daarvan dan ook haar hoogtepunt bereikt bij de prostituees1 die ter bereiking van hare oogmerken in de eerste plaats zoeken naar snelwerkende zinnelijke prikkels4 ,de vrouw bedient zich zeer algemeen van zulke geuren1 de man daarentegen zelden en dan nog in veel mindere mate4 ,dit bewijst1 dat de vrouw weet van het aanwenden van geuren effect te kunnen verwachten1 en dat de man evenzoo weet1 dat erotische geuren op de vrouw weinig of geen uitwerking hebben4 ,de vrouw parfumeert zich niet wijl zij zelf zooveel behagen schept in welriekende geuren1 maar in de eerste plaats om hare geslachtelijke aantrekking te verhoogen1 den man te lokken en te boeien4 ,met het zich hullen in de geuren van muskus1 amber1 patschouli1 ylan-ylan1 heliotroop1 reseda1 viooltjes1 beoogt de vrouw1 bewust of onbewust1 hetzelfde als met haar opschik en haar toilet1 haar kleeding en hare verdere lokmiddelen4 ,de vrouw parfumeert zich om te behagen4 ,en daar zij zelf weinig of niet vatbaar is voor de zinnelijke bekoring door middel van den reukzin1 kunnen erotische geuren door den man niet met vrucht worden toegepast4 ,vandaar parfumeeren mannen zich niet met het doel1 bij de vrouw erotische voorstellingen op te wekken4 ,men meent te hebben waargenomen1 dat elk parfum verschillende sexueele voorstellingen opwekt2 dat de eene erotische geur het geslachtsinstinct in andere richting leidt dan de andere4 ,ook schijnt op elk individu een bepaald sexueel parfum krachtiger erotische prikkeling uit te oefenen dan de overige4 ,de erotische voorstellingen1 opgewekt door den reukzin1 zijn in het algemeen van lager orde4 ,zinnelijkheid1 daardoor opgewekt1 begeert gewoonlijk niets dan onmiddellijke bevrediging der geslachtsdrift4 ,vandaar dat erotische geuren tot de gebruikelijke lokmiddelen der prostituees behooren4 ,de aard van den geur1 die de zinnelijkheid heeft opgewekt1 is veelal van invloed op de hevigheid der zinnelijke bekoring4 ,bij wie daarvoor ontvankelijk zijn1 werken bijvoorbeeld directe lichaamsuitwasemingen der andere sexe veel krachtiger op de animale begeerten1 dan de kunstmatige erotische parfums dit doen op dezulken bij wie daardoor geslachtelijke voorstellingen worden wakker geroepen4 ,esthetisch is de zinnelijkheid1 opgewekt door geuren1 nimmer4 ,het zintuig der zinnelijkheid bij uitnemendheid is het gevoel4 ,het gevoel heeft zijn zetel in de huid1 en zoo is de geheele huid in zekeren zin geslachtsapparaat1 zij is1 zooals ,blsche opmerkt1 de groote koppelaarster1 de allesbeheerschende middelaarster in liefdeszaken4 ,bij onesthetische naturen bestaan de blijken van liefde allereerst in bevoeling1 aanraking1 betasting4 ,maar ook in het algemeen oefent aanraking der huid1 in het bijzonder elke liefkoozende en zacht wrijvende of krieuwelende aanraking1 een sterk sexueele werking uit4 ,de huid is intusschen niet overal in gelijke mate geslachtelijk prikkelbaar4 ,de gedeelten die dit vermogen in hooge mate bezitten heeten de erogene 7geslachtelijk in hooge mate prikkelbare7 zones4 ,deze prikkelbaarheid is uit den aard der zaak geconcentreerd in de geslachtszone en daar weer het sterkst in de eigenlijke zetel van het wellustgevoel1 n4l4 de eikel bij den man en de clitoris bij de vrouw1 bij wie tevens het slijmvlies van vagina en vulva een hooge mate van sexueele sensibililiteit bezit4 ,in het liefdeleven der sexen spelen intusschen die erogene zones de hoofdrol1 wier prikkelbaarheid minder intens is1 en ook is haar esthetische waarde hooger4 ,iedere aanraking van personen tusschen wie een geslachtelijke connectie bestaat is een merkwaardige sexueele zede op zichzelf1 zooveel het ineenstrengelen der handen en het gearmd gaan1 als de kus en de omhelzing4 ,alle zinnelijke liefde uit en openbaart zich allereerst in den drang1 de geliefde of begeerde tegenpartij in het minnespel aan te raken--het wezen der menschelijke geslachtsliefde bestaat in een neiging tot alzijdige lichamelijke aanraking1 en niet zelden is bij sterk zinnelijke naturen aanraking voldoende voor geslachtelijke bevrediging--bij sommigen kan reeds een hartstochtelijke kus die bevrediging teweegbrengen4 ,de invloed van het gevoel op de zinnelijkheid is zoo sterk1 dat ter opwekking van erotische voorstellingen en sexueele verlangens het volstrekt geen vereischte is1 dat de aanraking plaats heeft tusschen de individuen welke die voorstellingen of verlangens gelden4 ,aanraking van een geheel onbekend persoon1 onverschillig of deze van gelijke of andere sexe is1 kan de minnende plotseling aan het geliefde wezen herinneren en dit in al zijn begeerlijkheid voor oogen stellen4 ,zelfs de aanraking van het eigen lichaam kan met behulp van de phantasie geslachtelijke opwinding veroorzaken1 een feit1 waarop de mogelijkheid der onanie berust4 ,tenslotte kan de huid ook door allerlei stoffen zooals bont1 wol1 fluweel en zijde geslachtelijk worden geprikkeld1 een verschijnsel1 hetwelk berust op een geheel complex van factoren1 die wij hier niet nader kunnen nagaan1 maar die blijkens de romans van ,sacher-,masoch en de verdere ,masochistische literatuur in het zinneleven van vele individuen een groote rol spelen4 ,het gevoelszintuig werkt evenwel niet alleen door liefkoozende en streelende aanraking op de zinnelijkheid4 ,integendeel1 ook pijnlijke aanraking kan een erotische uitwerking hebben4 ,en wel zonder dat er een reden is om aan abnormaliteit te denken4 ,in de geschiedenis der sexueele zeden speelt de dusgenaamde flagellatie een zeer groote rol4 ,flagellatie bestaat in slaan of geeselen van het ontbloote lichaam met erotische oogmerken4 ,dit is de letterlijke beteekenis van dezen term1 terwijl het opzettelijk zich daaraan overgeven flagellantisme genoemd wordt4 ,bij uitbreiding spreekt men gewoonlijk echter van flagellatie in al die gevallen1 waarbij uit lichamelijk leed erotisch genot wordt geput4 ,dit verschijnsel doet zich zoowel actief voor als passief4 ,bij de actieve flagellatie werkt het slaan erotisch op dengene die slaat2 dit is veel waargenomen bij degenen voor wie slaan gewoonte is geworden1 bijvoorbeeld onderwijzers4 ,passieve flagellatie is die1 waarbij de geslagene erotisch genot ondervindt1 en dit leidt tot het op het eerste gezicht abnormale en ongerijmde verschijnsel dat lichaamssmart niet gemeden en geschuwd1 maar integendeel begeerd en gezocht wordt4 ,havelock ,ellis1 die dit verschijnsel het eerst en ook het grondigst heeft onderzocht1 somt tal van voorbeelden op om te bewijzen1 dat de vrouw een zekere neiging bezit smart te zoeken en door smart te genieten1 een opvatting die evenwel weinig ingang heeft gevonden4 ,vermoedelijk berust de gewaarwording van erotisch genot bij slaan enz4 eenvoudig op de prikkel1 die daardoor wordt uitgeoefend op de huidzenuwen2 dit heeft bloedsaandrang naar het getroffen lichaamsgedeelte ten gevolge1 wat via de ruggemergscentra een prikkel uitoefent op het zenuwstelsel der geslachtsorganen4 ,hiermee wordt aan het geheele verschijnsel alle romantische kleur en alle geheimzinnigheid ontnomen en onderscheidt het flagellantisme zich alleen in graad van de erotische gevoeligheid voor liefkozingen en streelende aanrakingen4 ,niettemin zijn er tijden geweest1 waarin de flagellatie het meest geliefkoosde aphrodisiacum was1 dat nog baat scheen te geven als alle andere zonder effect bleven4 ,eigenlijk treft men de flagellatie aan in alle tijden in wier intiem leven men tot dusver heeft kunnen doordringen4 ,blijkbaar behoort zij dus tot het gebied der sexueele zeden4 ,het meest algemeen schijnt de flagellatie in zwang te zijn geweest in de #ah;e eeuw4 ,zij was toen ongetwijfeld een normaal hoofdbestanddeel van het geheele geslachtsleven4 ,in alle rangen en standen der samenleving werden roede en zweep in dienst gesteld van de liefde1 en men sprak daarvan openlijk met de meeste vrijmoedigheid4 ,men zag er een bijzondere delicatesse van het sexueele genieten in4 ,vele mannen bezochten geregeld inrichtingen1 waar gelegenheid bestond zoowel om zichzelf met de roede te laten behandelen1 of als om zich te laven aan het schouwspel dat anderen1 en dan bij voorkeur meisjes en kinderen1 op die wijze werden bewerkt4 ,in alle ook maar eenigszins naar de eischen des tijds ingerichte bordeelen waren bovendien dusgenaamde erotische folterkamers1 voorzien van alle instrumenten1 die dezen zonderlingen vorm van genot en deze paradoxale voorbereiding tot genot1 konden dienen4 ,waar men echter het flagellantisme aantreft als een gezocht en gebruikelijk bestanddeel der sexueele zeden1 vindt men vrijwel altijd tevens een in zinnelijkheid geheel opgaand1 erotisch ontaard milieu1 dat de zinnelijkheid zoekt op te drijven tot een niet te verzadigen en niets-ontziende begeerte1 die aan vermogen meer eischt dan de natuur in staat is vrijwillig te schenken4 ,dan wordt de natuur1 wijl slaan op zekere lichaamsdeelen de geslachtscentra prikkelt1 met de zweep gedwongen meer te geven dan zij eigenlijk kan4 ,evenwel is dit blijkbaar slechts een der oorzaken1 die tot het flagellantisme leiden4 ,vermoedelijk doet zich1 waar het tenminste mannen betreft1 daarbij ook gelden een zeker pervers genot in eigen vernedering4 ,de diepste vernedering voor den man nu in sexueele dingen is zijn mannelijken aard af te leggen en zich door de vrouw als physiek de mindere te zien behandelen1 zich physiek aan de vrouw te onderwerpen en zich weerloos door haar geweld te laten aandoen4 ,hierop doelt blijkbaar een ,engelsche schrijver over de sexueele zeden der #ah;e eeuw1 waar hij zegt3 ,vele lieden1 die maar een gebrekkige kennis hebben van de menschelijke natuur1 gelooven1 dat de hartstocht voor de flagellatie alleen voorkomt bij grijsaards en bij dezulken1 die door sexueele uitspattingen zijn uitgeput4 ,dit is echter volstrekt niet het geval4 ,er zijn evenveel jongelingen en mannen in de volle kracht des levens1 die door dezen hartstocht zijn aangegrepen1 als ouden van dagen en verzwakte personen4 ,gewoonlijk wordt ,engeland beschouwd als het land1 waar deze ontaarding der gezonde zinnelijkheid ten allen tijde het meest werd aangetroffen4 ,een feit is het1 dat vooral ,engelsche schrijvers zich met dit verschijnsel hebben beziggehouden4 ,ook is er geen land waar het gebruik van de roede en van lijfstraffen in het algemeen zoo wordt verheerlijkt als in ,engeland4 ,niettemin schijnt het minstens voorbarig1 op deze twee gronden de flagellatie als een specifiek ,engelsche geslachtszonde aan te merken4 ,en dit te minder1 waar het bekend is1 dat in de #ag;e en #ah;e eeuw vooral deze ontaarding der zinnelijkheid ook in andere landen zeer algemeen voorkwam en men er zich speciaal in tallooze kloosters van het verste ,zuiden tot in het hoogste ,noorden aan overgaf4 ,alles wijst er op1 dat het flagellantisme alleen daar bloeien kan1 waar de natuurlijke prikkels beginnen te verstompen1 zoodat de natuur alleen nog maar door de zweep er toe kan worden gebracht de overspannen begeerte te bevredigen4 ,hiervoor spreekt ook het bekende feit1 dat prostituees zich gaarne en met pervers genot door hare souteneurs laten mishandelen4 ,de manie van het flagellantisme kan zoowel hetero-sexueel zijn als homo-sexueel1 wat trouwens met alle geslachtelijke perversies het geval is4 ,sommige navorschers der sexueele zeden1 zooals ,iwan ,block en ,lawes1 zijn van meening1 dat het vrouwelijk geslacht meer tot actieve zoowel als tot passieve flagellomanie geneigd is dan het mannelijke1 iets wat trouwens a priori waarschijnlijk is--wat de passieve flagellatie betreft wijl onderwerping en dulding meer in den aard der vrouw ligt1 dan in dien van den man2 en wat de actieve flagellatie aangaat wijl machtsmisbruik een gewoon verschijnsel is bij den machtelooze1 die in de gelegenheid komt macht uit te oefenen--en dit is in sexueel opzicht het geval als de door zinnelijkheid ontaarde man zich willoos en onmachtig aan de vrouw overlevert1 bereid om in ruil voor geslachtsgenot alles van haar te dulden4 ,in den tegenwoordigen tijd wordt het flagellantisme waarschijnlijk niet of bijna niet meer beoefend met de zweep of de roede4 ,tegenwoordig zijn het de masseuses aan wier handen flagellomane individun zich ter verpleging overgeven4 ,minstens van even groote beteekenis als de gevoelszin is voor het sexueele leven de gezichtszin4 ,dit is tevens het zintuig1 dat als aangewezen is om de zinnelijkheid te veredelen en te idealiseeren en de esthetische waarde van den gezichtszin voor het liefdeleven is grooter dan die van de overige zinnen tezamen4 ,de gezichtszin wekt de begeerte tot bezit op door middel van schoonheidsprikkels--het oog roept de zinnelijkheid wakker door de bekoring der schoone vormen4 ,het is de natuurlijke taak der vrouw1 de bij den man sluimerende zinnelijkheid op haar persoon te vestigen4 ,dit kan op groote schaal het best en daarom met de meeste kans op succes geschieden door te werken op den gezichtszin4 ,deze manier van lokking levert de meeste kans een groot aantal te bekoren2 zij verschaft dus een ruime keuze4 ,en doordat de gezichtszin fijnere1 edeler instincten wakker roept1 levert de lokking1 die zich wendt tot den gezichtszin1 tevens de meeste kans op tot bekoring der beste1 meest begeerenswaardige exemplaren2 lokking1 gericht op den gezichtszin1 verschaft daardoor niet alleen een ruime keuze1 maar tevens keus uit het beste4 ,om deze redenen trachten alle vrouwen in de eerste plaats schoon te zijn1 d4w4z4 te beantwoorden aan de heerschende schoonheids-idealen voor de vrouw4 ,om haar schoonheid te verhoogen en gebreken daarin te verbergen vindt het vrouwelijk geslacht dan ook altijd weer nieuwe hulpmiddelen uit4 ,tot die hulpmiddelen behoort in de allereerste plaats de kleeding4 ,c4 ,h4 ,stratz neemt als vaststaande aan1 dat het oorspronkelijk doel der kleeding niet lichaamsbedekking geweest is1 maar lichaamsversiering4 ,reeds vroeg zal de ondervinding de vrouwen hebben geleerd1 dat bedekking en verberging der bekoorlijkheden de zinnelijkheid meer prikkelt1 dan openlijk tentoonstellen daarvan4 ,tegenwoordig is bij de meeste volken het bedekken van het lichaam wel schijnbaar de hoofdzaak1 vooral in de gematigde en koude luchtstreken1 maar overal is niettemin voor het vrouwelijk geslacht verhooging der schoonheid ter verhooging der sexueele aantrekkingskracht de ware en eigenlijke hoofdzaak bij haar kleeding4 ,het is voor de vrouw bij het kiezen harer kleeding vrijwel onverschillig wat bedekt of niet bedekt wordt1 mits de kleeding haar slechts goed1 d4 i4 verleidelijk en verlokkend staat4 ,bij den man is dit geheel anders4 ,in de mannenwereld dient de kleeding behalve tot lichaamsbedekking allereerst tot aanduiding van standsverschil2 door zijn kleeding vestigt de man de aandacht op zijn stand in de maatschappij2 hij demonstreert er zijn werkelijken of denkbeeldigen welstand mee1 maar sexueele oogmerken spelen in de mannenkleeding geen noemenswaardige rol4 ,vandaar overal een veel grootere eenvormigheid in de mannen- dan in de vrouwenkleeding1 ,natuurlijk staat dit rechtstreeks in verband met de schijnbare activiteit en de even schijnbare passiviteit van man en vrouw in het leven der liefde4 ,de vrouw is in het liefdeleven de aantrekkende magneet1 en alle middelen waarmee zij die aantrekking van nature vermag uit te oefenen1 tracht zij--natuurlijk veelal zonder zich daarvan duidelijk bewust te zijn--kunstmatig te versterken4 ,daar zekere geuren de geslachtelijke aantrekking blijken te versterken1 hult zij zich in wolken van erotische geuren4 ,daar opzichtigheid en opschik in nog hoogere mate sexueele aantrekking uitoefenen1 hult zij zich tevens in wolken van opzichtigen opschik4 ,iedere vrouw1 die zich opschikt en mooi kleedt1 heeft daarmee de al of niet bewuste bedoeling hare natuurlijke geslachtelijke aantrekkingskracht te verhoogen4 ,om het oog der mannen te bekoren en zoodoende hun zinnelijkheid op te wekken1 versierden de vrouwen zich aanvankelijk met elk veelkleurig en fraai voorwerp1 dat zij maar machtig konden worden4 ,daaruit ontwikkelde zich de kleeding1 die ook daar waar bescherming van het lichaam tegen koude of warmte een gebiedende noodzakelijkheid is1 toch1 vooral wat de vrouwen betreft1 in de eerste plaats wordt dienstbaar gemaakt aan schoonheid1 ter verhooging van de sexueele aantrekkingskracht4 ,de leiding gaat daarbij sinds onheugelijke tijden uit van een factor1 die deze neiging tegelijkertijd aanwakkert1 exploiteert en bevredigt3 de mode4 ,wat deze op een gegeven oogenblik mooi verklaart1 daaraan onderwerpen zich nagenoeg alle vrouwen1 ook al gemakshalve1 wijl dat haar ontslaat van de moeite1 zelf uit te vinden1 wat mooi is4 ,bij deze onderwerping blijkt steeds1 hoezeer het schijnbare hoofddoel der kleeding3 bescherming van het lichaam tegen koude of warmte1 in werkelijkheid bijzaak is4 ,als de mode zulks voorschrijft1 ontblooten alle vrouwen gewillig boezem1 schouders1 armen enz4 ,bij vele dusgenaamde onbeschaafde volksstammen dragen alleen gehuwde vrouwen kleederen4 ,de mannen beschouwen haar als een bezit1 dat zij angstvallig en ijverzuchtig aan alle nieuwsgierige en begeerige blikken wenschen te onttrekken4 ,bij zulke stammen is het dan tevens regel1 dat zelfs volwassen jongedochters geheel naakt loopen4 ,daarentegen zijn er ook stammen bij welke de ongehuwde vrouwelijke leden zich kleeden1 met het bewuste doel1 hare sexueele aantrekkingskracht te verhoogen en zich begeerenswaardiger te maken1 terwijl de gehuwde vrouwen zulks niet meer noodig achten en ongekleed gaan4 ,hier gaat men derhalve uit van de--zielkundig juiste--opvatting1 dat van verbergende1 bedekkende kleeding1 wijl zij de nieuwsgierigheid opwekt en de phantasie in werking brengt1 machtiger bekoring uitgaat dan van de algeheele naaktheid1 die niets meer te raden overlaat1 en wier bekoring door de gewoonte zeer snel afneemt1 zooals iedereen weet1 die een tijdlang onder naaktlevende wilden vertoefd heeft4 ,datzelfde beginsel is thans ongeveer overal doorgedrongen1 niet alleen in wat men noemt de beschaafde wereld1 maar ook overal waar men die beschaving1 zij het in nog zoo geringe mate1 heeft leeren kennen4 ,bekleeding en bedekking van het lichaam sluiten echter de mogelijkheid in1 dat zich ook in het verleidelijkste en bekoorlijkste hulsel1 inplaats van een begeerenswaardige ,venus1 een ,megera verbergt4 ,deze mogelijkheid matigt en vermindert weer de aantrekkingskracht der bekleeding4 ,de kleeding moet daarom niet slechts verbergen1 maar tegelijkertijd zooveel mogelijk aanduidingen geven van wat zij verbergt1 en het hoogste raffinement der vrouwenkleeding bestaat dan ook hierin3 zoo weinig mogelijk te toonen1 doch op een wijze dat er zooveel mogelijk valt te raden1 volgens den paradox3 in kleederen naakt4 ,een nauwsluitend tricotcostuum of een kleed van dunne1 zich aan het lichaam leggende stoffen verbergt alles1 doch laat tevens alles raden en oefent daardoor een machtige erotische werking uit1 wat reeds de ,ouden wisten4 ,dit feit1 dat een doelmatige gedeeltelijke bedekking of ontblooting sexueel sterker behaagt en bekoort dan de volle naaktheid1 is een onderdeel van een veel omvattender verschijnsel in het leven der sexen4 ,de mannelijke zinnelijkheid wenscht geen dadelijke1 lijdelijke overgave1 zij verlangt integendeel verzet1 tegenstand1 zij wil de zege stuk voor stuk bevechten1 wat zich aanbiedt wordt weinig of niet meer begeerd1 wat zich al te licht prijsgeeft trekt niet aan1 stoot eer af4 ,evenzoo is het met de zich vrijelijk aan den blik prijsgevende naaktheid4 ,de berekende schijnbeschaamdheid der half bekleede ,venus van ,medici is verleidelijker en aanlokkender voor de mannelijke zinnelijkheid dan de onbekommerde naaktheid van de ,venus van het ,vatikaan4 ,is het doel der bovenkleeding verlokking in het algemeen1 dat der onderkleeding is in hoofdzaak persoonlijke verlokking van den begunstigden man4 ,hoe dichter de vrouwelijke kleeding de huid nadert1 des te ingewikkelder en gecompliceerder en teven des te meer zinnenbedwelmend wordt zij4 ,kanten1 borduursels1 linten1 strikken1 de meest phantastische stoffen1 de geraffineerdste kleurencontrasten4 ,natuurlijk ligt in dat alles een diepere bedoeling4 ,de schatten van vinding en phantasie1 die de linnenkast eener welgestelde dame vertegenwoordigt1 verraadt te duidelijk1 hoezeer men zich in die schijnbaar zoo onbeduidende bijzaak als de onderkleeding heeft verdiept4 ,de artistieke pracht en de erotische doelmatigheid van elk onderdeel van het vrouwelijk dessous bewijzen voldoende1 dat hiermee iets anders wordt beoogd dan lichaamsbekleeding4 ,het dessous is weer een dier middelen waarmee de vrouw zich kwijt van de taak haar door de natuur toegewezen3 zich tegenover den man schijnbaar passief te gedragen en hem toch op het geraffineerdst te bekoren en te verlokken en hem bij voortduring door haar erotische overmacht aan zich onderworpen te houden4 ,zoo zien wij dan ook1 dat geen vrouw die zichzelf respecteert zich bij de keus harer onderkleeding alleen door hyginische overwegingen laat leiden2 integendeel1 de dame van heden kleedt zich1 wat haar dessous betreft1 's winters vrijwel precies zoo als in den zomer1 hoezeer zij zoodoende haar gezondheid in gevaar brengt4 ,heel het vrouwelijk dessous is een wolk van erotische verlokking4 ,moet de vrouw bij haar bovenkleeding zich om tal van redenen beperken1 bij haar onderkleeding kan zij vrijelijk en ongehinderd haar lokkende zinnelijkheid uitleven2 de onderkleeding immers ligt buiten het gebied der openbare zedelijkheid4 ,hierbij kan men alle beschikbare phantasie te hulp roepen en kan men zich alles veroorloven4 ,en zoo is aan de vrouwelijke onderkleeding alles verleidelijk1 pikant1 een ware orgie van vormen en kleuren4 ,wij zullen het thema der kleeding in het volgend hoofdstuk uitwerken4 ,behalve de kleeding zijn er nog tal van andere factoren1 die der vrouw de mogelijkheid openen om door middel van den gezichtszin erotischen invloed uit te oefenen en overal en in alle tijden zien wij de vrouwen zich in ruime mate van die mogelijkheid bedienen4 ,en tevens met voorliefde4 ,de blikken te bekoren is voor de vrouw eenerzijds voor haar ijdelheid het meest streelend1 en anderzijds is dit tegelijk het zekerst en het veiligst4 ,de oogen een verrukkelijk schouwspel te bereiden is bovendien de eerste gunst1 die de vrouw den man bewijst1 het is de gebruikelijke ouverture van alle vrouwelijke flirt1 en het gansche spel der vrouwelijke coquetterie bestaat voornamelijk hierin1 door pikante poses1 verleidelijke houdingen en schijnbaar achteloos aan den blik prijsgeven van intieme bekoorlijkheden den man te behagen4 ,door zoo op den gezichtszin te werken kan de vrouw1 zonder haar schijnbaar passieve rol in het leven der liefde af te leggen1 toch actief optreden1 en dat met onweerstaanbare macht4 ,de sexueele gevoeligheid van den gezichtszin biedt de vrouw de mogelijkheid1 de mannelijke zinnelijkheid reeds op een afstand te doen ontvlammen en tot de begeerde uitbarsting te brengen4 ,de gezichtszin staat bij sommige1 vooral mannelijke individuen dermate onder den invloed der zinnelijkheid1 dat het zien alleen van een individu der andere sexe de verbeelding zoodanig prikkelt1 dat bevrediging der geslachtsdrift plaats vindt4 ,hammond beschrijft dit als volgt3 ,bijvoorbeeld een man ziet een vrouw1 die zinnelijke bekoring op hem uitoefent4 ,hij concentreert al zijn aandacht op haar1 laat zijn verbeelding werken1 stelt zich voor dat hij haar nadert1 trapsgewijze brengt hij dan met zijn phantasie alle stadin van den cotus voor zijn geestesoog1 tot het tenslotte tot orgasme komt4 ,er zijn mannen1 die alleen dezen vorm van zinnelijke prikkeling kennen1 doch dan deze methode meermalen op een dag kunnen toepassen4 ,in enkele gevallen is het zien van een afbeelding eener vrouw of het denken aan een vrouw1 al voldoende1 orgasme te veroorzaken4 ,tot de natuurlijke cohabitatie zijn zulke personen in den regel ten volle impotent4 ,dit verschijnsel is ongetwijfeld een gevolg van het feit1 dat het schoonheids-ideaal1 dat op de zinnelijkheid inwerkt1 en deze in actie brengt1 het individu overweldigt door middel van den gezichtszin4 ,alle zinnelijkheid verlangt in de eerste plaats te zien4 ,de masturbant beschouwt bij zijn practijken veelal een vrouw of een afbeelding1 of zijn verbeelding plaatst hem deze voor oogen4 ,en ook bij het gewone en normale geslachtsleven speelt deze ideele cotus een belangrijke rol3 men cohabiteert met een persoon en denkt daarbij aan een andere4 ,het zintuig van het gezicht1 het oog1 speelt in het liefdeleven nog een andere rol4 ,liefde wordt allereerst verklaard met het oog4 ,het is de blik die de vonk schiet welke de hartstocht der liefde tot uitbarsting brengt1 evenals een bliksemstraal de met electriciteit geladen onweerswolken4 ,de blikken dergenen1 die door duistere sympathin zich tot elkaar voelen aangetrokken en tot elkander worden gevoerd1 ontmoeten elkander en toonen elkander de diepte der ziel1 waarin reeds de geheimzinnige en geurige bloem der liefde tot ontluiking is gekomen4 ,zoo is het dat de echte liefde wordt verklaard4 ,het overige is vooreerst maar het overige en komt later4 ,het oog vermag in de liefde onuitsprekelijke dingen te zeggen4 ,het is de blik die de eerste liefdesverklaring stamelt4 ,,viii4 ,,de ,,kleeding ,,als ,,bondgenoote ,,der ,,zinnelijkheid4 ,de kleeding heeft onder het voorwendsel het lichaam bescherming te verleenen tegen allerlei uitwendige invloeden1 een geheel andere functie te vervullen4 ,kleeding is lichaamsversiering in dienst der zinnelijkheid en der ijdelheid4 ,is voor den man in het algemeen de kleeding een der middelen om zijn maatschappelijke positie te demonstreeren1 voor de vrouw is de kleeding gedurende een groot deel van haar leven een direct erotisch probleem1 een vraagstuk1 waarmee zij zich in den sexueelen strijd om het bestaan aanhoudend moet bezighouden4 ,vandaar dat wij ons hier uit den aard der zaak voornamelijk bij de kleeding der vrouw moeten bepalen4 ,het allervoornaamste1 zoo niet het eenige doel van het decoratief vertoon van de kleeding der vrouw is3 verhooging der erotische bekoring van het vrouwelijk lichaam4 ,de vrouw kleedt zich1 niet om bekleed te zijn1 maar om te bekoren en te behagen4 ,de rest is bijzaak4 ,tot op zekere hoogte is ook bij de mannen de kleeding een erotisch probleem1 maar zij is dit in veel geringere mate en op geheel andere wijze4 ,de man heeft in het liefdeleven de oogenschijnlijk actieve rol van aanvallende partij2 daarbij kan de kleeding1 die zijn stand en zijn welstand al of niet overeenkomstig de werkelijkheid te kennen geeft1 hem behulpzaam zijn in den eersten stormloop4 ,en ook streeft de man er bij de keuze van kleeding naar1 dat ze hem zoo voordeelig mogelijk late uitkomen4 ,maar bij de vrouw is de kleeding het groote middel om hare natuurlijke sexueele aantrekkingskracht onberekenbaar te verhoogen en tot op gevorderden leeftijd intact te houden4 ,en dit geldt niet alleen van de geraffineerde pronk en van den opzettelijken opschik1 maar van elke lichaamsbedekking der vrouw in het algemeen4 ,men weet thans1 en de vergelijkende volkenkunde levert daarvoor dag aan dag nieuwe bewijzen1 dat het een dwaling is1 als men spreekt van een den mensch van den beginne af aangeboren schaamtegevoel1 dat hem er toe zou hebben gedreven zekere deelen van het lichaam te bedekken4 ,wij weten verder1 dat integendeel elke vorm van kleeding oorspronkelijk nooit eenig ander doel heeft gehad dan om te strekken ter versiering ten behoeve van oogmerken1 die in laatste instantie bevrediging der zinnelijkheid beoogen4 ,de vrouw is1 en wordt nog om haar hartstocht voor kleeding1 waarmee de tegenwoordige vrouw als erfelijk is belast1 veel gesmaad en bespot4 ,de mannen maken zich gaarne vroolijk over al die linten en strikken1 al dat kant en bont1 al dien blinkenden en kleurigen opschik1 die sinds duizenden jaren in het leven der schoone sexe een zoo voorname rol spelen1 en zij zien er minachtend en geringschattend op neer en verbeelden zich daarboven verheven te zijn4 ,ten onrechte1 want de vrouw neemt al die hulpmiddelen te baat1 wijl ondervinding haar heeft geleerd en nog dagelijks leert1 dat juist die hulpmiddelen op den man een onweerstaanbare uitwerking hebben4 ,de vrouw kleedt en tooit zich en schikt zich op1 niet in de eerste plaats1 omdat zij zelf daar zoo op gesteld is1 maar omdat zij den man daartegen zwak weet4 ,als de man den spot drijft met de zucht naar opschik der vrouw1 bespot hij eenvoudig zijn eigen voorliefde voor de opgeschikte vrouw4 ,gewoonlijk beschouwt men het geheimzinnige hulsel1 waarin de vrouw hare natuurlijke bekoorlijkheden verbergt1 als een lustig spel der grillige phantasie1 waaraan de vrouwelijke ijdelheid zich te buiten gaat4 ,evenwel is hier allerminst sprake van een spel4 ,de kleeding is voor de vrouw de oorlogsrusting in haar lijdelijk offensief in den strijd der liefde4 ,van de doelmatigheid dier wapenrusting hangt haar overwinning af4 ,zich opschikken is het zwak der vrouwen dat haar sterk maakt--het is voor haar een erotisch machtsmiddel4 ,dat het erotisch probleem der kleeding op zoo uiteenloopende wijze is opgelost1 is te verklaren als volgt4 ,bij het versieren van het lichaam gaat de mensch1 op welken trap van beschaving hij zich ook bevindt--zoowel op den hoogsten als op den laagsten trap--steeds er naar uit1 de speciale eigenschappen van het ras1 die natuurlijk als voordeelen boven andere rassen worden aangemerkt1 zoo scherp en zoo gunstig mogelijk te laten uitkomen4 ,voor een zoo volmaakt mogelijk exemplaar van zijn ras te worden aangezien1 daarnaar streeft onwillekeurig ieder mensch4 ,de meest in 't oog springende ras-eigenschappen der ,europeanen1 speciaal der ,europeesche vrouwen1 zijn3 betrekkelijk lange beenen1 een natuurlijke taillevorming met merkbare insnoering van den middel1 verder een breed bekken1 ronde heupen en stevige borsten1 als halve bollen op de borstkas staande4 ,deze speciale eigenschappen der ,europeesche rassen hebben de richting bepaald1 waarin de kleeding zich in dit werelddeel heeft ontwikkeld4 ,uit het streven om de lengte der beenen te laten uitkomen1 ontstond de rok1 die het mogelijk maakt met een oogopslag de verhouding daarvan tot het bovenlichaam op te nemen4 ,evenzoo danken gordels en ceinturen hun ontstaan aan de zucht om er de aandacht op te vestigen1 dat men in taillevorming niet achterstond4 ,toen de kleeding zich zoover had ontwikkeld1 dat ze zich gesplitst had in een geheel afzonderlijke onder- en bovenkleeding1 werden ten behoeve van ditzelfde oogmerk de achtereenvolgende vormen van het corset uitgedacht1 als een hulpmiddel om de verdere vrouwelijke eigenschappen van het blanke ras--breed bekken en staande borsten--aan het geheel bekleede lichaam toch nog te kunnen tentoonstellen4 ,dat dit geen hypothese is1 leert een vergelijking met een menigte andere rassen1 bij welke een breed bekken1 taille-insnoering en een opgerichte boezem niet tot de speciale raskenmerken behooren4 ,bij zulke rassen1 het ,chineesche bijvoorbeeld1 is in de kleeding geen spoor te ontdekken van een streven om de taille in te snoeren of den boezem kunstmatig omhoog te persen4 ,het corset is dus een hulpmiddel in dienst der erotische instincten der vrouwen van het blanke ras1 en dit verklaart1 waarom men deze vrouwen er tot dusver nog niet toe heeft kunnen krijgen1 en er wellicht nimmer toe zal krijgen1 van het corset afstand te doen1 en waarom zelfs eenmaal van dit folterwerktuig bekeerde dames het onder een andere benaming al of niet onder eenigszins gewijzigden vorm1 al spoedig weer binnen smokkelen4 ,in het algemeen is de kleeding ontstaan uit de ervaring1 dat het verhulde lichaam meer en langduriger bekoort dan het naakte lichaam4 ,hierover is al nader uitgewijd in het hoofdstuk dat handelt over den invloed der zintuigen in het liefdeleven en in dat over de schaamte4 ,een natuurlijk gevolg van de zucht om de bijzondere raseigenschappen te laten uitkomen en voor een volmaakt vertegenwoordigster van het ras te kunnen doorgaan1 is gelijk van zelf spreekt3 overdrijving4 ,wie een verlangde eigenschap in den hoogsten graad bezit of schijnt te bezitten1 valt het eerst en het meest in het oog4 ,zoodoende zoekt de kleeding gewoonlijk een bijzondere ontwikkeling van de bovengenoemde raseigenschappen voor te wenden4 ,daarbij wordt in den regel weinig of geen rekening gehouden met de natuurlijke harmonie1 grondslag en eerste eisch van elke ware schoonheid4 ,maar1 esthetische overwegingen komen bij de kleeding zoo goed als niet aan het woord4 ,met de kleeding toch worden geen esthetische1 maar practisch-erotische oogmerken beoogd4 ,en nu moge het waar zijn1 dat hoogstzelden vrouwen met de breedste heupen1 den weelderigsten boezem en de omvangrijkste callipygische bekoorlijkheden als werkelijke schoonheden en esthetische idealen worden aangemerkt1 toch leert de ondervinding maar al te duidelijk1 dat in werkelijkheid toch diegenen de voorkeur genieten1 bij wie deze raseigenschappen het krachtigst ontwikkeld zijn4 ,de vrouw wil niet in de eerste plaats schoon genoemd zijn1 maar zij wil bovenal gezocht en begeerd zijn1 en zoo strekt de kleeding niet om de schoonheid der vrouw te verhoogen1 maar om hare zinnelijke aantrekkingskracht te verhoogen4 ,de passieve rol van de vrouw in het geslachtsleven dwingt haar1 als zij in haar passiviteit toch actief wil optreden--d4w4z4 als zij schijnbaar lijdelijk wil blijven en toch erotische actie wil voeren--de kleeding als bondgenoote te aanvaarden4 ,deze bondgenoote toch stelt haar meer dan iets anders in staat1 verdekt offensief op te treden4 ,zij mag er met zekerheid meer effect van verwachten dan zelfs van de meest verleidelijke coquetterie1 het andere groote actieve middel der vrouw2 deze wordt tot een nauw verstaanbaar gefluister1 vergeleken bij de beeldrijke lofrede1 die de vrouw door haar kleeding op zich kan laten houden tot den man4 ,de kleeding is1 kort gezegd1 de hoogste troef in het spel der verlokking4 ,door de pracht in haar kleeding en door steeds up to date daarmee te zijn1 kan de vrouw bovendien haar welstand ten toon spreiden4 ,door daarbij een goede keuze en eenigen smaak aan den dag te leggen kan zij tenslotte met haar kleeding zelfs hooggespannen verwachtingen wekken omtrent hare geestelijke kwaliteiten4 ,zoo is de kleeding voor de vrouw een onuitputtelijk arsenaal en haar operatiebasis in den sexueelen strijd om het bestaan4 ,het zou der vrouw geringe moeite kosten al datgene1 wat zij met haar kleeding vermag1 op de edelste en meest esthetische manier te doen1 en haar natuurlijk schoon met behulp der kleeding eenige malen te verdubbelen4 ,in plaats daarvan is als regel de bekleeding der vrouw1 met esthetisch oog bezien1 een toonbeeld hetzij van leelijkheid1 hetzij van dwaasheid4 ,de kleeding1 die zou kunnen dienen het vrouwenschoon te verhoogen1 doet eigenlijk niet anders dan dat schoon onkenbaar maken4 ,wat de bestaande schoonheid kon versterken en vermeerderen1 verwoest haar4 ,de natuurlijke schoonheid wordt bedekt met leelijkheid2 om mooi te zijn1 maakt men zich leelijk6 ,de oplossing van deze tegenstrijdigheid is eenvoudig4 ,de kleeding is voor de vrouw geen doel1 maar middel4 ,het doel is niet schoon te zijn1 maar begeerd te worden4 ,niet de roem der schoonheid is het doel in den sexueelen wedstrijd1 maar de verovering van den man4 ,en daarbij staan de kansen niet het gunstigst voor het schoone en harmonische1 maar voor het opzichtige en buitensporige4 ,de vrouw moet in de eerste plaats den bruidssluier machtig worden4 ,daartoe is het niet voldoende schoon te zijn4 ,integendeel1 het welslagen is zeer weinig gewaarborgd1 als de oplossing van dit vraagstuk wordt gezocht in de richting van het esthetisch zuiver schoone2 zekerheid bijna van slagen daarentegen is er1 als men de kunst verstaat de aandacht op zich te vestigen1 en door iets opvallends boven de eindelooze massa van mededingsters weet uit te steken4 ,het zwakste punt van de te veroveren vesting1 den man1 is diens zinnelijkheid4 ,op dit punt moet hij dus bij voorkeur worden aangetast4 ,aanvallen in dezen zin1 zoo1 dat de schijn van lijdelijkheid blijft bewaard1 kan de vrouw het best met haar kleeding4 ,daarin dus zoekt zij zonder te spreken de verleidelijkste zinnelijke beloften te doen4 ,het slagen is zeker voor wie daarin slaagt4 ,ieder costuum moet aan de mannenwereld de verzekering geven3 ik ben datgene1 of ik ben nog datgene1 wat de vrouw in de eerste plaats zijn moet--instrument der zinnelijkheid4 ,alles moet daarbij voor de brute logica van der vrouwen strijd om het bestaan wijken4 ,geen der schijnbare dwaasheden in de vrouwenkleeding is dan ook dwaasheid4 ,integendeel1 alles is daarbij altijd verwonderlijk doelmatig ingericht op het verlangde effect4 ,de leiding heeft daarbij de mode6 ,de mode is het1 die het bovengeschetste probleem op telkens nieuwe wijze oplost4 ,deze voert de vrouwen1 die haar uniform aannemen1 naar een vrijwel zekere overwinning4 ,in dienst der mode bereiken de vrouwen bijna zeker haar doel--zij het verminkt4 ,de mode is tegelijk de machtigste vriendin en de boosaardigste vijandin van de vrouw en de bekendste en daarom de meest en het luidst gesmade misdadigster tegen de heerlijke schoonheid der vrouw4 ,het is volstrekt geen phrase als men zegt1 dat de meeste modes meer vrouwen te gronde richten dan eenige oorlog mannen het leven gekost heeft4 ,wel vergiet de mode geen bloed1 zij doodt niet direct1 maar des te meer gewonden en verminkten vallen er op hare slagvelden4 ,maar juist daarom is de mode barbaarscher nog dan de oorlog4 ,want de nakomelingen1 die uit de verminkte en verzwakte slachtoffers der mode geboren worden1 moeten mede boeten4 ,aan tienduizenden onschuldigen worden door een vergald leven de zonden der ouders gewroken4 ,en het schijnbaar zonderlingste daarbij is1 dat er waarschijnlijk nog nimmer een mode geweest is1 die niet1 behalve tegen de gezondheid1 tevens tegen de schoonheid zondigde4 ,de mode is doorgaans met alle begrippen van schoonheid volkomen in strijd en heden ten dage is de naar de regelen der mode bekleede vrouw zoover als maar mogelijk schijnt van eenig natuurlijk schoonheidsideaal verwijderd4 ,woorden als chique vervangen bij de aangekleede vrouw het begrip schoon2 een chique vrouw1 ontkleed1 is niet zelden de meest afschrikkende tegenstelling van het vrouwen-schoonheidsideaal1 zooals ons dat in de ,aphrodite's der oudheid nog altijd op het heerlijkst belichaamd is4 ,en een evenbeeld eener ,aphrodite1 naar de regelen van welke mode ook aangekleed1 volkomen onherkenbaar zijn4 ,het schijnt ten allen tijde de opzettelijke bedoeling van de mode te zijn geweest1 alles wat de natuur aan vrouwenschoon laat ontstaan1 te misvormen en te vernielen4 ,en ook heeft de mode de vrouw verlaagd4 ,iedere mode toch streeft er alleen naar1 de vrouw als geslachtswezen kunstmatig meer presentabel te maken4 ,zij vestigt daarom als met schreeuwende reclame de aandacht op alles wat de vrouw tot vrouw maakt4 ,niet de innerlijke en uiterlijke harmonie1 het psychische en geestelijke wezen in de vrouw komt in de kleeding tot uiting1 maar wel beijvert de mode zich de intieme lichamelijke bekoorlijkheden der vrouw aan te prijzen en te laten uitkomen1 zoo1 dat ieders aandacht er dadelijk bij wordt bepaald1 dat zij lichamelijk over de middelen beschikt1 die haar als geslachtswezen bruikbaar maken4 ,de mode verlaagt de vrouw door dit alles tot een levende reclamezuil der zinnelijkheid4 ,en doordat de mode om haar doel te bereiken gedurig moet zoeken naar iets nieuws dat opzien verwekt1 maakt zij de vrouw van tijd tot tijd tot een afzichtelijk monster1 dat eer schrik aanjaagt dan bekoring uitoefent4 ,de mode heeft de vrouw nooit anders dan misvormd en daarvan ook in ruime mate blijvende sporen nagelaten4 ,iedere modegril is een nieuwe zonde tegen de natuurlijke schoonheid4 ,altijd zoekt de mode het in het abnormale1 dwaze en onredelijke4 ,dit geldt zoowel van de constante plaatselijke of nationale modedrachten--met eenige weinige uitzonderingen--als van de zeer veranderlijke grootsteedsche en mondaine modes4 ,wat de mode dicteert is als regel onnatuurlijk en in zijn zotte onzinnigheid belachelijk4 ,niets bijvoorbeeld is schooner en heerlijker dan de blos der gezondheid1 het frissche bloeiende rood der wangen4 ,de mode veracht die natuurlijke schoonheid1 en verklaart haar voor ordinair1 boersch1 de eerste de beste boerin ziet er immers ook zoo uit6 ,en bovendien1 de dame1 die in de wereld verkeert1 zich angstvallig wacht voor elke inspanning1 in de salons haar leven slijt en meer kunstlicht dan daglicht ziet1 kan onmogelijk anders dan vale1 bleeke wangen hebben4 ,de mode weet echter raad1 zij verklaart de bleeke1 vale tint1 waarmee boudoir1 salon en balzaal het aangezicht kenteekenen1 voor voornaam1 deftig en interessant4 ,zoo wordt het ziekteverschijnsel tot schoonheidsregel verheven en de kleur der gezondheid wordt veracht1 geschuwd1 zelfs kunstmatig verwijderd en vervangen door de doodsch-vale modekleur4 ,bleekheid wordt interessant en pikant1 zij schijnt te spreken van smachtend verlangen en aan de liefde gewijde nachten4 ,en als de bleekheid niet vanzelf wil komen1 dan wordt zij kunstmatig op het aangezicht gebracht4 ,op dezelfde wijze heeft de mode bij elk deel van het vrouwelijk lichaam als met voorbedachten rade gestreefd naar ontaarding en misvorming4 ,van den schedel tot aan de voeten heeft zij de vrouw verminkt1 van haar natuurlijk schoon beroofd en voor het geroofde ergerlijke reclame-achtige surrogaten in de plaats gesteld4 ,bepalen wij ons een oogenblik bij den voet4 ,de voet is een der meest delicate schoonheden van het vrouwelijk lichaam4 ,de heerlijke volmaaktheid van dit lichaamsdeel maakt het tot een klein scheppingswonder op zichzelf4 ,de voet is echter niet uitsluitend sieraad1 hij heeft een functie1 en deze is1 het geheele lichaam een bevallige en vlugge bewegelijkheid te verleenen--zonder krachtigen voet geen gracieusen en zekeren gang4 ,nu geldt terecht een kleine voet als schoon4 ,maar de mode1 wier wezen bestaat in karikatuur-achtige overdrijving1 is niet tevreden met klein2 schoonheid moet niet twijfelachtig zijn1 maar zich duidelijk manifesteeren4 ,de voet moet derhalve niet slechts klein zijn1 maar zeer klein1 abnormaal1 wanstaltig klein4 ,zoo luidt de wet der mode voor alle vrouwen en naar het schijnt voor alle tijden4 ,en negen tienden der vrouwen wringen haar leven lang haar voeten in te kleine schoenen1 waarin de voeten zoo onnatuurlijk worden samengeperst1 dat het eenvoudig onmogelijk is behoorlijk rechtop te staan1 om maar niet te spreken van een paar uur flink loopen4 ,zoo verandert de sierlijke rythmus van het gaan in een onbeholpen1 erbarmelijk gewaggel in eendachtige lompheid4 ,en deze inbreuk op de harmonische schoonheid is nog het geringste nadeel1 want de onmogelijkheid1 behoorlijk te kunnen loopen1 is vrij wat ernstiger4 ,maar1 zoo fluistert de verdwaasde mode1 waarom behoeft een dame eigenlijk te loopen8 ,en zij troost haar verminkte slachtoffers met de dwaasheid1 dat toeren te voet voor een dame ongepast en onbetamelijk zijn4 ,er zijn zelfs tijden geweest1 dat loopen voor een vrouw ronduit onfatsoenlijk werd genoemd4 ,abnormaal kleine voeten getuigen er tevens van1 dat de bezitster zich de weelde heeft kunnen verlooven zich van het vermogen van het gaan te berooven--daarom zijn zulke verminkte voeten tevens het symbool geworden van maatschappelijke voornaamheid1 waardoor men zich nog met des te vuriger ijver aan deze zelfverminking overgeeft4 ,zoo zijn er nog tallooze mode-dwaasheden1 waardoor het vrouwenschoon voor altijd wordt vernietigd4 ,het lichaam van iedere vrouw1 die bij voortduring concessies doet aan de ,draconische wetten der mode1 vertoont onuitwischbare sporen van de aangerichte verwoesting--ze is in den volsten zin des woords voor haar gansche leven geteekend4 ,aan de voeten liggen de teenen niet meer regelmatig naast elkander1 maar ze zijn tot een afzichtelijk kluwen over elkaar gewrongen4 ,en dan de taille-snoering6 ,deze vult dag aan dag de ziekenkamers en de zalen der vrouwenklinieken met een talloos leger van slachtoffers1 die allen met de afschuwelijke insnoering van het corset1 het ,kansteeken der mode1 zijn gestriemd4 ,hierbij schijnt het inderdaad1 of een booze geest een afschuwelijk spel van dwaasheden drijft met de vrouw4 ,de grootste trots en het schoonste sieraad van het opgroeiend meisje zijn hare borsten4 ,honderden hoogstaande vrouwen hebben ons dit geheime welgevallen geschetst4 ,vol schuchterheid ontwaart zij de eerste ronding1 met onschuldig welbehagen volgt zij den langzamen aanwas1 en met klimmende verrukking ziet zij de beide halfronden van vrouwelijke heerlijkheid zich verheffen in maagdelijke volheid4 ,ze weet instinctief1 dat dit het verhevenste sieraad is van de jonge vrouw1 dat het haar dagelijks begeerlijker maakt voor den geliefde4 ,en hoewel ze dit alles gevoelt en weet1 toch snoert zij zich in en perst zich ineen1 dag aan dag1 week aan week4 ,het onvermijdelijk gevolg blijft niet uit en doet zich weldra gevoelen4 ,zij voelt de vastheid en elasticiteit van den mishandelden jongen boezem verminderen en verdwijnen1 nog vr hij zich in volrijpe schoonheid heeft kunnen ontplooien4 ,maar zij gaat door met zich in te snoeren--de mode gebiedt het4 ,en zij troost zich met de drogreden1 dat men het immers toch niet ziet4 ,de ergerlijke1 ja misdadige zotternij van de mode springt hier wel het duidelijkst in het oog3 om den schijn van schoonheid van een jongen boezem te fingeeren1 wordt de werkelijk bestaande schoonheid verwoest4 ,dit staat inderdaad gelijk met den leugen te verkiezen boven de waarheid1 uit louter lust tot liegen4 ,het is de werkelijkheid prijsgeven en opofferen voor iets wat diezelfde werkelijkheid verzwakt nabootst4 ,zoo is de mode de boosaardigste vijandin1 die de vrouwenwereld heeft en tevens de meest bedriegelijke schijnvriendin4 ,maar in weerwil van dat alles schijnt de heerschappij van de mode nog ongeschokt1 neen1 zich nog altijd hechter te vestigen4 ,de reden daarvan is1 dat zij de vindingrijkste en meest succesvolle bondgenoote is van de vrouw in haar strijd om het bestaan4 ,daardoor kan de mode de gansche vrouwenwereld slaafsch aan zich onderwerpen en oppermachtig over haar heerschen als een despotieke gebiedster1 die geenerlei inbreuk op haar tiranieke wetten duldt4 ,het hoofddoel der kleeding is voor de vrouw zinnelijk begeerlijk te zijn4 ,zinnelijk nu werken op den gezonden doorsnee-man van nature die vormen1 die getuigen van bijzondere geschiktheid voor de functie1 die aan de vrouw is toebedeeld3 een breed bekken en weelderige borsten4 ,een breed bekken verzekert een krachtige ontwikkeling van het wordende kind1 en een goed-ontwikkelde boezem belooft voor dat kind een overvloedige voedselbron te zijn4 ,de kleeding moet de vrouw daarbij te hulp komen1 zij moet de vormen in de gewenschte richting corrigeeren4 ,om die reden is de vrouwenkleeding in hoofdzaak een erotisch probleem1 dat de mode ten koste desnoods van alles1 helpt oplossen4 ,de mode streeft volstrekt niet1 wij zeiden het reeds1 naar schoonheid2 zij streeft alleen naar het telkens weer op nieuwe manier versterken der zinnelijke bekoring van de vrouw4 ,het is een dwaling te meenen1 dat de mode dwaas is2 zij doet alleen dwaas voor zoover dit ter bereiking harer oogmerken noodig is4 ,hare dwaasheid is berekend4 ,hare buitensporigheden zijn wel overwogen4 ,er heerscht in het rijk der mode allerminst willekeur1 niet de caprice roept modes in het leven1 maar de eisch der strengste doelmatigheid4 ,de mode is dwaas uit overleg1 en met volmaakte kennis van de zwakke punten van den tegenstander4 ,de dwaasheden der mode blameeren minder de vrouw1 dan den man2 zij getuigen niet van voorliefde voor het dwaze bij de vrouw1 maar bij den man4 ,want de mode kleedt de vrouw alleen hierom dwaas1 wijl dit het welslagen van het beoogde doel verzekert4 ,in de mode heerscht niet het toeval1 evenmin de gril van het oogenblik2 alles in de mode is nuchteren berekening1 vooral hare vermeende onbestendigheid4 ,in die onbestendigheid toch ligt voor een belangrijk gedeelte het geheim van haar succes4 ,de mode immers bedoelt aandacht te trekken4 ,het meest trekt de aandacht het nieuwe4 ,daarom1 ieder oogenblik wat nieuws1 ieder seizoen nieuwe vormen1 om het der vrouw mogelijk te maken in steeds nieuwe combinaties al hare bekoorlijkheden en al hare lichamelijke1 geestelijke en materieele eigenschappen en bezittingen ten toon te spreiden4 ,zoo is de mode veranderlijk niet uit grilligheid1 maar uit berekening4 ,als de zinnelijke bekoring eener modedracht begint te verminderen1 dan heeft de mode al weer een nieuwe gereed1 ,zoo vult zij de beschaafde wereld aanhoudend met nieuwe vrouwen1 die er geheel anders uitzien dan die van gisteren1 en waarvan weer opnieuw het maximum van zinnelijke lokking uitgaat4 ,hoe ten volle mode en kleeding in directen dienst staan der zinnelijkheid blijkt allereerst uit het antwoord op de vraag1 waar de modes eigenlijk vandaan komen4 ,hieromtrent worden wij voldoende ingelicht door de zedemeesters van alle tijden4 ,steeds hooren wij dezen in alle toonaarden jammeren en met de grootste zedelijke verontwaardiging ontsteld verzekeren1 dat de meeste en succesvolste scheppingen der mode door de beroepspriesteressen van ,venus zijn uitgedacht4 ,deze bewering is volkomen juist1 het bewijs er voor is zonder eenige moeite te leveren4 ,maar in het feit zelf ligt niets verwonderlijks1 het is een zeer natuurlijk en volkomen logisch gevolg van het bovengeschetste doel van de kleeding4 ,het is de dagelijks en ieder uur beoefende taak der bedoelde priesteressen van ,venus3 geslachtswerktuig en niets anders dan dat te zijn2 om goede zaken te maken zijn zij gedwongen op het geraffineerdst te werk te gaan4 ,omdat haar geest zich daar voortdurend bij moet bepalen1 vinden zij natuurlijk de beste oplossingen van de vraag3 hoe met de kleeding de krachtigste bekoring uit te oefenen en zij zijn steeds de eersten om de uitwerking van nieuwe vindingen te beproeven4 ,het succes dat deze klasse van vrouwen daarmee heeft1 blijft bij de rest niet onopgemerkt en ook der op eerbaarheid gestelde vrouw blijft niets over dan het voorbeeld te volgen1 willen zij niet riskeeren in de niets ontziende concurrentie ten onder te gaan1 d4 w4 z4 over het hoofd gezien en terzijde geschoven te worden4 ,het is de taak der mode1 haar eenige taak eigenlijk1 de geslachtsverschillen te laten uitkomen1 op hunne aanwezigheid opmerkzaam te maken1 alle lijnen1 die sexeverschillen markeeren1 als te onderstreepen en zoo noodig te corrigeeren4 ,voor het blanke menschenras is de boezem het voornaamste uiterlijke geslachtskenmerk der vrouw4 ,daarvan gaat naar den man de krachtigste bekoring uit4 ,stratz merkt terecht hieromtrent op3 ,bijzonder sterk en eigenaardig is de bekoring1 die de vrouwelijke borsten op ons uitoefenen4 ,terwijl de natuurvolken daarvoor ten eenenmale onverschillig zijn en zelfs bij de ,japanners en ,chineezen1 die toch ook geheel bekleed gaan1 de boezem geen zinnelijke beteekenis schijnt te hebben1 zijn de borsten bij de op hoogeren trap staande volken van het ,kaukasische ras het zinnebeeld der vrouwelijke aantrekkingskracht geworden en zij gelden1 als zij goed zijn ontwikkeld1 als het hoogste sieraad van het vrouwelijk lichaam4 ,naar een teekening van ,hans ,holbein den ,jongere 7#adig-aedc71 ,museum1 ,bazel4 ,natuurlijk is dit de mode niet onbekend4 ,zij maakt integendeel het meeste werk van den boezem4 ,hare vernuftigste en meest geraffineerde scheppingen gelden altijd den boezem4 ,zij doet de middelen aan de hand om deze al of niet voorhanden schoonheid op het duidelijkst te laten uitkomen1 en waar ze geheel ontbreekt1 ze voor te wenden4 ,dit begint al bij het jonge meisje1 want een vroege krachtige ontwikkeling van de buste heeft ten alle tijde gegolden voor een benijdenswaardig geschenk der natuur4 ,het tot puberteit komende meisje vestigt met haar kleeding dan ook het eerst de aandacht op haar boezem2 daarmee opent zij haar lijdelijk offensief tegen de mannenwereld2 met den boezem begint het tentoonstellen der vrouwelijkheid4 ,en van dat oogenblik blijft steeds de boezem de stelling van waar uit de erotische strijd wordt gevoerd1 het geheele leven door1 tot in den ouderdom toe4 ,nog altijd een mooien gevulden1 weelderigen boezem te hebben1 dat is de grootste triumf der volrijpe vrouw4 ,en wijl het de mode nooit te doen is om werkelijkheid1 maar alleen om schijn1 en zij met de werkelijkheid zelfs geen rekening wenscht te houden1 verwoest zij1 naar we boven zagen1 eerst de werkelijkheid1 om vervolgens met schijn het door haar vernielde weer aan te vullen4 ,zij handelt als een berekenend speculant1 die kunstmatig gebrek schept om zich een vlotter afzetgebied te verzekeren4 ,alle mode is voor de ontwerpers trouwens niets dan koopmanschap4 ,vandaar is dus het verlokkend presenteeren van den boezem ten allen tijde het voornaamste probleem geweest1 dat de mode zich ter oplossing zag voorgelegd4 ,en zij heeft dat probleem in den loop der tijden op honderden verschillende manieren weten op te lossen4 ,het liefst1 wijl het meeste effect verzekerend1 bedient zij zich daarbij van gedeeltelijke ontblooting1 de decolletage4 ,het decollet bedoelt niets anders1 dan bekoring uit te oefenen op den man4 ,wel oefent het bekleede lichaam krachtiger erotische aantrekking uit dan het naakte lichaam4 ,maar bij het decolleteeren staat men voor een dier gecompliceerde gevallen1 die aan toepassing der homeopathie doen denken4 ,zoo blijft er voor den leugenaar als laatste middel over om te misleiden3 de waarheid te zeggen1 wijl niemand die dan van hem gelooft4 ,langs een gelijksoortigen omweg gaat de erotische bekoring met behulp van decollet4 ,het bekleede lichaam werkt op den ,europeeschen mensch veel zinnelijker1 dan het naakte lichaam4 ,door de bekleeding is in de plaats van de onverschilligheid der wilden voor het alledaagsche naakte een brandende nieuwsgierigheid gekomen voor het zich in kleederen verbergende lichaam4 ,treffend zou dit blijken als een vrouw in neglig1 maar geheel bekleed1 zich op straat zou begeven in gezelschap van een andere met ontbloote armen1 beenen enz4--aller blikken zouden zich wenden naar het neglig1 de slechts gedeeltelijk bekleede gezellin zou ternauwernood worden opgemerkt4 ,het bekleede lichaam prikkelt de phantasie1 die1 eenmaal aan het werk1 zich het verborgene en onbekende in de gloeiendste en heerlijkste kleuren afmaait4 ,de steeds weer opnieuw opgewekte nieuwsgierigheid en de steeds opnieuw in werking gebrachte verbeelding verschaffen het bekleede lichaam een nimmer verzwakkende zinnelijke bekoring4 ,het decolleteeren nu schijnt een tegemoetkoming aan deze nieuwsgierigheid4 ,niet echter om die nieuwsgierigheid te bevredigen--daarmee ware niets gewonnen--maar integendeel om haar nog sterker te prikkelen4 ,zoo blijkt uit het decollet hoe diep en hoe grondig de mode zich in het haar ter oplossing gegeven thema heeft ingedacht4 ,zij maakt met de strategie van een wereldveroverend veldheer geniaal gebruik van elke voor de hand liggende en meer nog van elke niet voor de hand liggende gunstige omstandigheid4 ,met de decolletage benut zij het feit1 dat gedeeltelijke en beperkte tegemoetkoming niet leidt tot bevrediging der nieuwsgierigheid1 maar tot nog grootere nieuwsgierigheid3 zij exploiteert met de ten deele ontbloote boezems met weergalooze handigheid het verschijnsel1 dat een enkel woord van een geheim de nieuwsgierigheid om alles te weten opvoert tot de uiterste grens van spanning4 ,dat het decolleteeren geen ander dan het hier geschetste doel beoogt1 en dat men dit ten allen tijde ook zeer goed geweten heeft1 valt direct te bewijzen met tal van verbodsbepalingen dienaangaande4 ,zoo waren er in tijden1 waarin het decollet niet alleen binnenshuis maar ook daarbuiten mode was1 veelal allerlei voorschriften1 hetzij wettelijke verordeningen1 hetzij decreeten van den goeden toon1 die de aanwending van dit lokmiddel aan zekere regelen onderwierpen4 ,herhaaldelijk komt men daarbij voorschriften tegen die aan ongehuwde vrouwen een lager decollet toestaan dan aan getrouwde vrouwen4 ,weduwen worden dan in dit opzicht als gehuwd aangemerkt totdat de wettelijke termijn1 binnen welke zij geen nieuw huwelijk mochten aangaan1 verstreken was4 ,daarna mochten zij zich weer decolleteeren als jonge meisjes4 ,met deze regeling werd natuurlijk zonder meer erkend1 dat het decollet mannenvangst beoogde1 en dat dit recht eigenlijk alleen aan ongehuwde vrouwen toekwam4 ,de bedoeling van het decollet is ontegenzeggelijk alleen deze1 den boezem prijs te geven aan de blikken der mannen teneinde zinnelijke bekoring uit te oefenen4 ,of daarbij precies doelbewust dan wel werktuigelijk en uit navolgingssleur wordt gehandeld1 is natuurlijk vrijwel om het even4 ,nu laat de zinnelijkheid zich het allerminst bekoren door openlijk vertoon1 zonder meer4 ,er is een vorm van decollet1 die slechts weinig bekoort en waarbij de bekorende kracht in elk geval slechts van korten duur is3 het toonen van den boezem in zijn eenvoudige naaktheid1 zooals men het gezicht en de handen bloot laat4 ,er zijn tijden geweest1 waarin dit de mode was4 ,en steeds bleek dan1 dat er in een ommezien van tijd ook van dit1 als kostbaarste sieraad der vrouw en als het heerlijkst erotisch wonder der schepping zoo vaak bezongen uitgangspunt van zinnelijke aantrekkingskracht1 niet meer bekoring uitging1 dan van gezicht of handen4 ,naaktheid heeft geen blijvende bekoorlijkheid4 ,deze vorm van decollet beantwoordde dan ook allerminst aan het gestelde doel en is dan ook waarschijnlijk zelden of nooit als direct middel ter bekoring bedoeld4 ,daarvoor zijn een menigte andere manieren van ontblooting uitgedacht--gedeeltelijke ontblooting1 waarbij het zichtbaar gedeelte de nieuwsgierigheid naar de rest had te prikkelen2 en de bedekte ontblooting1 waarbij het kleed los den boezem bedekte en op elk gewenscht oogenblik opengeworpen kon worden1 evenals de rok kan worden opgenomen om het been te toonen4 ,zoo heeft het decollet zoolang de mode de vrouwenkleeding beheerscht1 regelmatig heen en weer geschommeld tusschen een minimale en een maximale ontblooting4 ,bij dat maximum werd het kleed zoover opengelegd1 dat vrijwel de geheele voorkant van het bovenlichaam aan de blikken werd prijsgegeven4 ,koningin ,isabella van ,beieren bracht in de #af;e eeuw een mode in zwang1 waarbij het kleed van den hals tot aan den middel openhing1 en aan haar hof moet deze mode onmiddellijk met een waren hartstocht zijn aangenomen4 ,in de #af;e eeuw heerschte deze mode herhaaldelijk en er werden toen nog allerlei middelen bedacht1 om het erotisch effect nog te verhoogen3 rondom de borsten werden schitterende versierselen gelegd2 ook werden wel beide tepels verbonden door met diamanten bezette borstketens4 ,van langen duur zijn zulke modes echter nimmer geweest4 ,tegen een zoo ver en zoo consequent doorgevoerden zin voor openbaarheid staken steeds onmiddellijk zware stormen van oppositie op4 ,en wel uit de vrouwenwereld zelf4 ,misschien uit mededoogen met de bedreigde zedelijkheid4 ,vermoedelijk en waarschijnlijk echter om nog een andere reden1 die dan tevens de eigenlijke reden was4 ,een zoo ver gaand decollet konden natuurlijk slechts de zeer weinige zeer ruim met boezemschoon bedeelde vrouwen zich veroorloven4 ,zij die op dit punt niet bijzonder op de vrijgevigheid der natuur hadden te roemen of die reeds tot meer respectabelen dan bekoorlijken leeftijd waren geklommen1 gevoelden jegens zulke modes heel gauw onoverkomelijke gemoedsbezwaren1 die zich dan lucht gaven in een categorisch non possumus4 ,deze categorie van vrouwen nu maakt ten allen tijde de groote meerderheid uit en door haar aantal reeds weten zij dan weldra een haar zoozeer ongunstige en dus onwelgevallige mode in miscrediet te brengen4 ,de allereerste eisch voor een mode om wat haar hoofdlijnen betreft langen tijd te kunnen heerschen is1 dat zij alle vrouwen in staat stelt erotische aantrekking uit te oefenen4 ,een mode1 die de volle werkelijkheid onthult1 voldoet wel het minst aan dien eisch4 ,haar bestaan is daarom altijd van korten duur4 ,en de mode is daar om alle vrouwen in den strijd om het sexueel bestaan een kans te geven4 ,om die reden schommelde het decollet meestal tusschen grenzen1 waarbij de mannelijke nieuwsgierigheid in voldoende mate geprikkeld werd1 zonder dat omtrent de werkelijkheid iets bepaalds viel waar te nemen1 en die elke mogelijkheid openlieten om de natuur te corrigeeren en aan te vullen naar den eisch van het schoonheidsideaal van den dag4 ,de mode heeft het van tijd tot tijd ook wenschelijk en voor haar doel nuttig geacht heel niet te decolleteeren1 tenminste in het openbaar4 ,zoo is het geweest in ongeveer de geheele #ai;e eeuw4 ,maar nooit werd daarmee dan tevens het werken met de erotische bekoring van den boezem prijsgegeven4 ,integendeel1 het probleem werd dan in tegenovergestelde richting even bevredigend opgelost4 ,wat getoond moest worden bleef angstvallig bedekt1 maar daarbij werd even angstvallig zorg gedragen1 dat het verborgene zijn aanwezigheid even duidelijk verried als wanneer het onbedekt ware gelaten4 ,het beginsel1 waardoor de mode zich bij het oplossen van dit ingewikkelde vraagstuk liet leiden1 was dit3 de vrouw moet geheel bekleed zijn en toch het effect maken van niet bekleed te zijn4 ,hoe weergaloos geniaal dit schijnbaar absurde probleem is opgelost1 daarvan getuigen heele reeksen van modes uit den modernen tijd4 ,het meerendeel der moderne vrouwenmodes1 waarbij letterlijk niets onbedekt wordt gelaten1 maakt niettemin een veel zinnelijker effect dan vele openlijk losbandige modes uit vroegere tijden met al hare verregaande ontblootingen1 en zij zijn samen te vatten in de formule3 in kleederen naakt4 ,niet minder merkwaardig is het spel1 dat de mode in den loop des tijds heeft gedreven met de bekleeding van het onderlichaam1 den rok4 ,bij dit kleedingstuk1 dat een heele reeks bekoorlijkheden drastisch moet demonstreeren1 komt in alle tijden nog duidelijker uit1 dat het hoofddoel der vrouwelijke kleeding is3 zinnelijke bekoring uit te oefenen op de andere sexe en der vrouw de jacht op den man te vergemakkelijken4 ,het pronken met den boezem laat nog plaats voor andere opvattingen2 de boezem der vrouw is van majestueuse schoonheid1 zijn aanblik kan verheven gedachten wekken1 waaraan zinnelijkheid vreemd is4 ,maar de bekoorlijkheden waar de rok de aandacht der andere sexe bij heeft te bepalen1 zijn van geheel anderen1 van direct en uitsluitend zinnelijken aard4 ,de rok heeft der mode ten allen tijde groote moeilijkheden bereid4 ,met eenvoudige niet-bedekking kon hier gevoegelijk niet worden gewerkt4 ,daarom zocht men het steeds in het opzichtige en buitensporige1 en de meeste en allerergste modedwaasheden betreffen dan ook den rok4 ,de meest in het oog springende dwaasheden1 die met den vrouwenrok alzoo zijn begaan1 bestaan in zijn buitensporige verlenging1 zijn buitensporige verwijding en zijn buitensporige vernauwing4 ,buitensporige verkorting is daarentegen ondoelmatig gebleken4 ,het zoeken van de mode1 om het erotisch probleem van den rok op te lossen in diens lengte1 heeft als uiterste opgeleverd den rok met sleep4 ,de sleep is telkens1 als de mode hem invoerde1 langen tijd in zwang gebleven4 ,hij beantwoordde niet alleen aan de eerste eischen1 die de mode stelt aan ieder kleedingstuk van de vrouw1 maar hij bleek tevens uitermate geschikt om hem te laten getuigen van den welstand der draagster4 ,de sleep toch belet elke vrije beweging4 ,alleen rijke en voorname vrouwen kunnen zich de weelde veroorloven kleederen te dragen die dwingen tot nietsdoen1 en als met geweld tot welke bezigheid ook1 ongeschikt maken4 ,een sleep met zich mee te voeren gaf dus rijkdom1 macht1 aanzien te kennen4 ,zoo was de sleep het symbool van voornaamheid en deftigheid4 ,en hij beantwoordde tevens bij uitstek aan het hoofddoel1 dat met elk kleedingstuk der vrouw in de eerste plaats wordt beoogd4 ,hoe langer de rok is1 des te vaker ziet de vrouw zich gedwongen hem op te nemen1 en des te hooger ook moet hij worden opgenomen4 ,er is geen beter voorwendsel om op ongezocht schijnende wijze de beenen te toonen1 dan te lange rokken te dragen4 ,bij den sleeprok heeft de vindingrijke mode dus de omgekeerde methode te baat genomen als bij den boezem3 zij ontbloot niet1 maar geeft te veel1 en schept daardoor de noodzakelijkheid dat te veel ieder oogenblik buiten werking te stellen4 ,of en wanneer die noodzakelijkheid zich voordoet1 daarover beslist de draagster1 en natuurlijk valt dan die noodzakelijkheid telkens zeer opmerkelijk samen met de directe utiliteit dier manoeuvre4 ,uit een en ander valt zonder veel moeite de conclusie te trekken1 dat het stelselmatig en overdreven angstvallig verbergen der beenen door de vrouwenkleeding niet geschiedt ter wille der schaamachtigheid1 die delicate intimiteiten aan het gezicht zoekt te onttrekken1 maar juist ter wille van het tegendeel4 ,men bedekt overdreven om voorwendsels aan de hand te doen tot onthulling en dat juist dan te doen als daarvan effect mag worden verwacht4 ,vandaar is de korte1 voetvrije rok als erotisch lokmiddel veel minder bruikbaar dan de te lange rok1 want hij biedt geen gelegenheid tot doeltreffend manoeuvreeren4 ,de oplossing van het probleem door een buitensporig verwijden rok schiep nog meer mogelijkheden om de beenen--niet te bedekken4 ,deze vorm van rokken is vooral in de #ah;e en #ai;e eeuw onder de benamingen hoepel-1 baleinrok en crinoline in de mode geweest4 ,deze rokken komen ons heden verregaand afschuwelijk voor4 ,zij maakten de vrouwen tot wangedrochten4 ,maar dat zij zoo lang in de mode bleven bewijst op zichzelf reeds1 dat zij niettemin volkomen beantwoordden aan hun doel4 ,zooals van zoovele buitensporigheden der mode1 wordt de uitvinding van den wijduitstaande rok toegeschreven aan een vorstelijke minnares1 en wel aan mevr4 de ,montespan4 ,als bewijs daarvoor beroept men zich op een brief van hertogin ,elisabeth ,charlotte van #bb ,juli #agah1 waarin het heet3 ,madame de ,montespan heeft den hoepelrok uitgevonden om te verbergen dat zij zwanger was 7de ,montespan stierf in #agjg74 ,want telkens als zij dien rok aanhad was het alsof op haar voorhoofd stond geschreven dat zij weer zwanger was2 ten hove zeide men dan tegen elkander3 ,madame de ,montespan draagt haar hoepelrok1 ze is dus weer zwanger4 ,ik geloof echter1 dat zij zich maar zoo hield in de hoop weer wat meer consideratie te ondervinden4 ,dat de wijde rok niet is uitgevonden door ,mevr4 de ,montespan blijkt evenwel ten duidelijkste hieruit1 dat zulke rokken veel vroeger reeds in ,engeland gedragen werden4 ,daarentegen is het niet onwaarschijnlijk1 dat er datgene mee werd beoogd1 wat in bovenaangehaald citaat aan de minnares van ,lodewijk ,,xiv werd toegedicht3 zwangerschap te verbergen4 ,reeds hierom is dit waarschijnlijk wijl in dien dartelen tijd ongeveer elke dame zich dagelijks aan het gevaar eener buitenechtelijke zwangerschap blootstelde1 terwijl zwangerschap1 zooals gewoonlijk in tijden van zinnelijke ontaarding1 als iets belachelijks1 als iets doms en bespottelijks gold4 ,zoodoende was er de dames alles aan gelegen haar fataal malheur op het gladde ijs der galanterie zoo lang mogelijk te verbergen4 ,hierop zullen wij later ruimschoots gelegenheid hebben uitvoeriger terug te komen4 ,in elk geval valt hiermee moeilijk te verklaren1 dat deze rok1 in weerwil van zijn tallooze ongemakken en zijn verregaande leelijkheid1 toch tot driemaal toe geruimen tijd in de mode is herrezen4 ,daarvoor moeten nog andere redenen zijn geweest4 ,en het is niet moeilijk die te ontdekken4 ,de wijd uitstaande stijve rok was een vorm van bedekking1 die de vrouwen tot veelvuldige en telkens langdurige en verstgaande onthulling van wat zij niet wenschte te verbergen niet slechts verleidde1 maar direct noodzaakte4 ,de hoepelrok-dragende dame moest bij het gaan1 door de vele hindernissen die zich daarbij noodzakelijk moesten voordoen1 eenige dozijnen keeren per uur zich op de meest drastisch werkende wijze ten toon stellen4 ,dit beteekende1 dat zij even zooveel malen zich de vurig begeerde gelegenheid ongezocht zag geboden om met hare meest intieme bekoorlijkheden op het verleidelijkst te pronken4 ,de constructie dezer rokken was zoo1 dat zij als het ware van zelf een zich openend en weer sluitend decollet van onderen naar boven deden ontstaan4 ,de voorliefde der vrouwenwereld voor deze gedrochtelijke rokken berustte dus eenvoudig op hunne erotische doelmatigheid4 ,voor een kleedingstuk1 dat haar steeds een als betooverd gevolg van exemplaren der andere sexe garandeert1 trotseert de vrouw met vreugde en heroeke zelfopoffering alle ongemakken1 iederen last4 ,en de mode heeft nog geen zekerder werkend toestel kunnen vinden dan deze soort rokken4 ,zijn zonderlinge vorm moest elk oogenblik onvermijdelijk even zonderlinge ontblootingen1 d4w4z4 gelegenheden daartoe1 veroorzaken4 ,en de noodzakelijke voorwaarde1 dat die ontblootingen steeds konden doorgaan voor onopzettelijk1 ongewild en ongezocht1 was daarbij in ruime mate aanwezig4 ,al die opzettelijke ongelukjes hadden het extra verlokkende en verleidelijke van het toevallige en momenteele4 ,en welke ongehoorde perspectieven de wijduitstaande rok elk oogenblik beloofde1 bijvoorbeeld bij het opgaan der trappen1 bij het instappen in een rijtuig en bij tallooze andere gelegenheden1 kan men zich heden ten dage eerst duidelijk voorstellen als men weet dat in dien tijd van een dessous nog eigenlijk geen sprake was4 ,onder de baleinrok werd slechts een zeer kort onderrokje gedragen en een pantalon was in de geheele #ag;e en #ah;e eeuw een diep veracht kleedingstuk4 ,het gold voor de vrouw als iets zeer onbetamelijks en schandelijks1 een pantalon te dragen1 deze werd alleen welvoegelijk geacht voor oude vrouwen4 ,alleen bij het rijden droegen de dames een pantalon4 ,door dit alles schonk de hoepel- of baleinrok de vrouw de zekerheid1 dat ten allen tijde vurige blikken in hoopvolle verwachting op haar waren gevestigd1 blikken1 die in spanning het oogenblik verbeidden1 dat een gelukkig toeval1 of een ondeugende streek van den wind de zoozeer begeerde openbaring zou bewerken4 ,iets pikanters valt trouwens nauwelijks te bedenken4 ,niet in den roes der overgave1 maar in de meest onschuldige en onverwachte situaties en op de meest ongezocht schijnende manieren konden met behulp van dezen rok de intiemste bekoorlijkheden voor een ondeelbaar oogenblik aan de nieuwsgierigen blikken worden prijsgegeven4 ,en deze openbaring van een oogenblik was1 naar de ervaring dag aan dag leerde1 voldoende om den blik der mannen in den geest ook verder te doen doordringen en hun verbeelding heen te leiden naar het laatste4 ,het was de tot de uiterste grens opgevoerde tegemoetkoming der vrouw aan de wenschen van den man1 de echt vrouwelijk gemaskeerde toenadering1 waarbij niets werd nagelaten en toch niets kon worden bewezen en de schijn nog in ten volle bevredigende mate gehandhaafd bleef4 ,de hoepelrok1 hoe monsterachtig en hoe wanstaltig ook1 hulde de vrouw in een wolk van erotische bekoring met onweerstaanbaar aantrekkend vermogen4 ,aan den eersten en hoogsten eisch1 aan welk kleedingstuk der vrouw ook gesteld1 werd door dezen rok op bijna1 ideel volmaakte wijze voldaan4 ,en daarom was hij voor de vrouw een inderdaad ideel kleedingstuk1 een der doelmatigste en dus schoonste geschenken der mode aan de vrouw4 ,de nauwe rok heeft hetzelfde probleem in tegenovergestelde richting1 maar niet minder bevredigend1 opgelost4 ,de mode wijzigt zich naar de algemeene inzichten en opvattingen van het oogenblik4 ,in den eenen tijd worden groteske middelen vereischt1 in den anderen tijd kan de mode met meer natuurlijke volstaan4 ,met den nauwen rok wordt niets onthuld en alles getoond4 ,de vormen blijven bedekt1 maar het oog kan al hun lijnen volgen1 ook de intiemste en meest delicate1 niets wordt werkelijk gezien1 maar alles valt te raden2 men ziet de werkelijkheid1 maar nog gehuld in den sluier der illusie4 ,kortgeleden heeft de mode een vergeefsche poging gewaagd1 nog een stap verder te gaan1 en de vrouwen een kleedingstuk te geven1 dat het midden hield tusschen rok en pantalon4 ,de erotische bekoring1 zooals de vrouw die wenscht1 bleek van dat kleedingstuk echter gering4 ,ondanks de grootste reclame is het de mode niet mogen gelukken het ingang te doen vinden4 ,op precies dezelfde manier als de bekleeding met bovenkleeding slechts een middel is om de nieuwsgierigheid naar het verborgene te prikkelen1 en die nieuwsgierigheid nog te versterken door gedeeltelijke of momenteele onthullingen--op precies dezelfde manier woekert de mode in de kleeding der vrouw met elk ander kleedingstuk4 ,ook het schijnbaar geringste en meest ondergeschikte heeft zijn hooge erotische beteekenis en zijn bepaalde erotische functie--van den hoogen hak der schoen 7die zelfs een sterk geprononceerde erotische beteekenis heeft1 wijl hij het lichaam een stand geeft1 waarbij de boezem naar voren en de callipygische heerlijkheden naar achteren zich scherper afteekenen7 tot de versierselen van het hoofdhaar1 alles staat bij de vrouw in directen en regelrechten dienst der passieve verlokking1 alles heeft dit eene doel3 de andere sexe toe te roepen3 vergeet-mij-niet4 ,daartegenover staat1 dat de vrouw1 zoodra zij er zich van bewust wordt dat zij in sexueel opzicht heeft afgedaan1 dikwijls volkomen onverschillig wordt voor kleeding en voor allen opschik1 en dan niet zelden aan de verzorging harer uiterlijke verschijning evenveel te weinig zorg besteedt als vroeger te veel4 ,dit ligt trouwens in den aard der vrouw1 die overhelt tot uitersten4 ,ongeveer altijd kiest de mode een bepaald centrum van bekoorlijkheden van het vrouwelijk lichaam uit1 om daarop allermeest de attentie te doen vallen4 ,en heeft zij eenmaal een keus gedaan1 dan ontziet zij verder geen middel om haar doel zoo volkomen mogelijk te bereiken4 ,dat is een kwarteeuw geleden gebleken1 toen het een tijdlang de mode was inzonderheid te pronken met callipygische bekoorlijkheden4 ,met behulp van den cul de ,paris of de tournure was toen eensklaps elke vrouw uiterlijk herschapen in een ,venus ,kallipygos4 ,deze mode viel ook daarom zoo in den smaak1 wijl zij onmiddellijk zoozeer in de gunst viel ook der oudere dames4 ,het onthaal dat een nieuwe mode vindt1 de opgang1 dien zij maakt1 en de levensduur1 die haar is beschoren1 hangen in niet geringe mate af van de dames van middelbaren leeftijd2 deze toch hebben het vrijwel in haar macht1 een mode die haar niet aanstaat1 in korten tijd in miscrediet te brengen4 ,en een nieuwe mode staat deze dames het best aan1 als zij ook haar eenige gelegenheid biedt om nog eenige laatste triumfen te vieren4 ,en de mode der tournure was haar bijzonder gunstig4 ,alle schoonheden zijn vergankelijk1 enkele der heerlijkste schoonheden bloeien alleen in de jeugd1 andere zijn duurzamer1 het duurzaamste zijn de bekoorlijkheden van ,venus ,kallipygos2 de volheid dier bekoorlijkheden is op den leeftijd der rijpheid zelfs het grootst4 ,vandaar de geestdrift waarmee deze mode door de in leeftijd reeds ietwat gevorderde dames geaccepteerd en met alle argumenten--behalve de ware--verdedigd werd4 ,deze mode was zooveel als een omkeering der decolletage4 ,de rol1 die anders de borsten speelden1 werd nu door haar tegenvoeters vervuld2 het uitstralingscentrum van erotische aantrekking was van de noordpool verplaatst naar de zuidpool4 ,wat bij deze wel doeltreffende maar weinig delicate mode eenigszins zou kunnen verwonderen1 is dit1 dat zij viel midden in een periode van zeer hooggestemde fatsoensbegrippen1 waarvan wij in het hoofdstuk over de ,sexueele moraal 7volgend deel7 nader komen te spreken4 ,en in werkelijkheid was de callipygische mode bij het schaamtelooze af indecent2 in tweerlei opzicht zocht zij het lager bij den grond dan de modes1 die bij uitnemendheid als onkiesch en onbetamelijk gelden1 die namelijk1 welke de vrouwen met den ontblooten boezem laten pronken4 ,weliswaar kan men in het algemeen zeggen1 dat het lichaam geen enkele bekoorlijkheid bezit1 die op zichzelf verachtelijk of van lagere orde is4 ,voor callipygische schoonheden behoeft de bezitster zich evenmin te schamen als voor welke andere natuurlijke schoonheid4 ,maar zoo zeker als dit is1 even zeker is het1 dat de aard der effecten van alle schoonheden in het minst niet gelijk staat4 ,het effect van den vrouwelijken boezem kan rein zijn4 ,de boezem is niet slechts het heerlijkst erotisch wonder aan de vrouw1 maar tevens het verhevenste erotisch wonder4 ,hij vertegenwoordigt niet louter het genot1 maar hij is ook het symbool van de verheven bestemming der vrouw4 ,hij getuigt meer nog dan van de heerlijkheid der vrouw1 van de glorin van het moederschap4 ,de equatoriale bekoorlijkheden daarentegen zijn direct en uitsluitend zinnelijk2 zij zijn provoceerend erotisch1 zij voeren de phantasie zonder omwegen regelrecht heen naar het laatste en vestigen de aandacht zonder meer op de geslachtsgemeenschap4 ,en onder die bekoorlijkheden van lager orde zijn de callipygische ontegenzeggelijk de brutaalste en grofste4 ,daarmee te pronken is wel de duidelijkste en meest directe provocatie van den erotischen stormloop der mannen1 en het minst delicate erotisch gastmaal1 dat de mode aan de zinnelijke mannenoogen ooit heeft voorgezet4 ,een der jongste vindingen der altijd met weer nieuwe vindingen verrassende mode is de blouse4 ,deze heeft weer de algemeene taak z te verbergen1 dat niets verborgen blijft4 ,ook de blouse beantwoordt volkomen aan dezen eisch4 ,en wel op zeer bijzondere en zeer geraffineerde wijze4 ,zij verraadt niet1 zooals de bovenkleeding in het algemeen1 den plastischen vorm1 maar die velerlei kleine verborgenheden en heimelijkheden waarnaar de man zoo nieuwsgierig is en die zijn nieuwsgierigheid1 hoe ook bevredigd1 altijd weer sterker prikkelen4 ,in de eerste plaats veroorlooft de blouse effectvol te woekeren met de pikante linnen- en kantwonderen1 daaronder als in hinderlaag opgesteld4 ,gelijk het retrouss in staat stelt de met kant afgezette jupon1 en van tijd tot tijd zelfs de dartele volants van nog intiemer kleedingstuk hun werk te laten doen1 evenzoo is de blouse bestemd met de niet minder pikante ondertaille en verdere chemiserien te manoeuvreeren4 ,de blouse is gedurende haar betrekkelijk kort maar glorierijk bestaan al herhaaldelijk verbeterd en daardoor voor haar edel doel telkens geschikter gemaakt4 ,de laatste vinding is geweest haar laag uit te snijden en de uitsnijding weer te vullen met jour entredeux1 die alles lieten zien wat zij verborgen4 ,daarmee was met de blouse alles bereikt1 wat met haar te bereiken viel4 ,de man kon op zijn gemak alle voor hem zoo interessante en voor de vrouw zoo vleiende waarnemingen ongehinderd doen4 ,het was als een naar alle regelen der kunst opgemaakte etalage4 ,en waar de draagster het van pas oordeelde eenige toenadering te toonen1 daar behoefde zij zich slechts ongezocht een weinig voorover te buigen1 om den begunstigde nog meer zekerheid te verschaffen omtrent de hem interesseerende punten4 ,en zulks kon geschieden zonder iets te riskeeren1 verdere tegemoetkoming was ook bij den besten wil niet meer doenlijk1 want deze blouses hadden en hebben steeds rugsluiting4 ,dit is echter een voordeel te meer van deze etalageblouse4 ,de heerlijkheden1 die de beschouwer te zien krijgt1 maken hem door hun onbereikbaarheid nog begeeriger en hongeriger en wekken tenslotte ook den kooplust4 ,de mode1 die de vrouwenwereld tallooze diensten bewijst1 is niettemin de boosaardigste en wreedaardigste vijandin van de vrouw1 gelijk wij boven al hebben uiteengezet4 ,met haar voortoovering van schijnschoon heeft zij in ontelbare gevallen wezenlijk schoon voor altijd verwoest4 ,doch alle strijd tegen de mode is tot dusver nutteloos en doelloos gebleken1 en haar almacht over de vrouw is nog altijd ongeschokt1 zij is voor iederen strijder een onvatbare vijandin4 ,op n punt verslagen1 herrijst zij als een onsterfelijke fenix onmiddellijk weer uit haar asch4 ,ook heden nog dient de kleeding in de allereerste plaats erotische doeleinden4 ,elk vrouwenkleed is er op berekend om den man er toe te brengen in gedachten de draagster te ontkleeden en te genieten4 ,met haar kleeding wil de groote meerderheid der vrouwen eenvoudig de begeerte der andere sexe wekken1 bewust of onbewust 7maar meestal bewust71 direct gevolg van de wet der passiviteit1 die haar een afwachtende houding heeft opgelegd1 welke wet zij tegelijkertijd naleeft en overtreedt4 ,het is pikant en streelend voor de vrouwelijke eigenliefde1 zich ten alle tijde door velen bewonderd en in den geest genoten te weten1 en dit genot verzekert haar alleen de mode1 die daarbij nog de kansen verhoogt op meer tastbare successen4 ,de vrijheid om met de kleeding erotisch te manoeuvreeren is ten allen tijde aangemerkt als een standsvoorrecht4 ,in vroegere tijden werd aan de vrouwen uit het volk eenvoudig verboden zich te kleeden1 zooals de vrouwen der hoogere standen4 ,er zijn tallooze verbodsbepalingen uitgevaardigd1 die aan gewone vrouwen het dragen van een of ander erotisch zeer effectvol kleedingstuk ontzegden4 ,nimmer daarentegen is ergens aan de vrouwen het dragen verboden van kleeding die haar verleelijkten en ontsierden4 ,gelijk de economische machtsmiddelen in het algemeen beschouwd werden als een uitsluitend voor de hoogere standen bestemde gave der natuur1 zoo zijn ten allen tijde de erotische machtsmiddelen aangemerkt als het speciale voorrecht van de beter gesitueerde vrouw4 ,met de komst der burgerlijke gelijkheid voor de wet was dit voorrecht niet meer in stand te houden met wettelijke maatregelen4 ,maar het streven om het te handhaven bestaat nog evenzeer als voorheen en met andere middelen wordt het dan ook nog evenzeer gehandhaafd als vroeger4 ,het voornaamste middel daartoe is de kostbaarheid der materialen4 ,door deze op te voeren tot een zekere hoogte wordt een groot deel der vrouwenwereld van het deelnemen aan den erotischen kruistocht tegen de mannenwereld automatisch uitgesloten4 ,een tweede middel is de snelle wisseling der mode4 ,door beide middelen vereenigd beschikt de rijkste steeds over de verst-dragende en nieuwste wapens in den sexueelen strijd4 ,een derde middel is nog de zorgvuldige benvloeding der kleedingzeden in de richting van het standsvoorrecht4 ,bij het toepassen van dit middel komt vooral ook de kerk te hulp4 ,de toepassing van het middel ligt opgesloten in de machtspreuk1 dat het de meid niet past evenzoo gekleed te gaan als mevrouw4 ,in die formule uit zich niet in de eerste plaats de vrees voor uitwissching der standsgrenzen1 maar het bedreigde voorrecht van in erotische kleeding den boventoon te voeren4 ,angst voor geslachtelijk de mindere te zijn van de maatschappelijk mindere1 is er in aan het woord4 ,in den jongsten tijd is b4v4 het gedecolleteerde balkleed beschouwd als de uitrusting1 waarop uitsluitend de hoogere standen recht hebben4 ,het zou de hevigste verontwaardiging wekken1 als het dienstmeisje gedecolleteerd naar bals zou gaan1 terwijl men het heel natuurlijk vindt dat zelfs jonge meisjes uit eigen kring zich in de meest schaamtelooze drachten voor de mannen te pronk stellen4 ,george ,hirth schrijft hieromtrent in zijn werk3 ,wege zur ,kunst3 ,de kunst1 jonge meisjes in gedachten te ontkleeden en te genieten1 leert men het best op hof- of dergelijke bals1 waarbij voor de vrouwen ontblooting van een groot deel van het bovenlichaam obligatoir is4 ,en het is verbazend1 hoe gauw jonge vrouwen der hoogste standen zich met deze voor ons mannen zoo prikkelende tepronkstelling verzoenen4 ,niettemin zouden diezelfde vrouwen met verachting den neus ophalen1 als op bals van het mindere volk de vrouwen een even diepen blik lieten slaan in haar erotische verborgenheden4 ,dat bij de minder welgestelde klassen het decollet en zoovele andere erotische manoeuvres met de kleeding bijna niet voorkomen1 heeft natuurlijk een andere oorzaak1 dan dat zij het uitsluitend recht der bemiddelden op het toepassen van deze erotische kunstmiddelen zouden erkennen4 ,de ware oorzaak is1 dat deze modes een zeer hoog minimum van luxe in de kleeding vereischen1 een luxe die verre boven haar pecunaire draagkracht gaat4 ,de mode is echter een industrie1 en als elke industrie streeft zij er voortdurend naar1 haar afzetgebied te vergrooten en uit te breiden4 ,en weinige industrien hebben het zoozeer in haar macht1 haar afzetgebied zoo oneindig en nog altijd meer uit te breiden1 als de mode4 ,zoo zij hare wonderproducten slechts financieel binnen het bereik brengt der massa1 dan is die massa onmiddellijk bereid die producten te koopen4 ,veel heeft de mode al in die richting gedaan4 ,met een variant op een stelling van een vermaard philosoof kan men zeggen1 dat met de goedkoopte van de scheppingen der mode alle ,chineesche muren van standsverschil1 voor het uiterlijk tenminste1 zijn weggevallen4 ,sinds het meisje uit het volk zich goedkoop naar de mode kan kleeden1 is zij een even gedwee slavin dezer tiranieke heerscheres gebleken1 als haar beter met geldelijke middelen toegeruste sexegenooten4 ,haar offervaardigheid jegens dezen afgod is zelfs nog grooter1 want veelal moet zij zich in diens dienst verder nagenoeg alles ontzeggen4 ,gewillig offert zij hem haar eersten en laatsten stuiver4 ,de kleeding als uiterlijk kenmerk der sexe is reeds vroeg een onderwerp geweest1 waarmee ook de wetgever zich inliet4 ,en daarbij doet zich het eigenaardig verschijnsel voor1 dat de wetten zich meer inlieten met den aard der kleeding1 dan met het gekleed-zijn zelf4 ,blijkbaar heeft zich maar hoogstzelden de noodzakelijkheid voorgedaan--en dan nog slechts in enkele alleenstaande gevallen--dat een gemeenschap haar leden de verplichting moest opleggen zich te kleeden4 ,de voordeelen der kleeding in sexueel zoowel als in ander opzicht1 zijn ten allen tijde zoo ten volle begrepen1 dat alleen dwepers1 krankzinnigen en andere geestelijk-abnormalen de voorkeur hebben gegeven aan naakt loopen4 ,anders schijnt het echter gesteld met de kleederdracht1 die voor de eigen sexe de algemeen gebruikelijke was4 ,ten alle tijde schijnt het noodig te zijn geweest1 den mannen te verbieden zich te verkleeden als vrouw1 en omgekeerd4 ,reeds ,mozes vaardigde een dusdanig verbod uit3 ,het kleed eens mans zal niet zijn aan eene vrouw1 en een man zal geen vrouwenkleed aantrekken2 want al wie zulks doet1 is den ,heere uwen ,god een gruwel 7,deut4 #bb3 #e74 ,,ix4 ,,kuischheid4 ,kan de mensch de zinnelijkheid onder bedwang brengen van zijn wil8 ,de zinnelijkheid is nevens de begeerte naar voedsel de krachtigste neiging door de natuur in ieder individu gelegd4 ,wijl de zinnelijkheid een natuurdrift is1 kan zij op zichzelf niet onzedelijk zijn4 ,de aandrang der zinnelijkheid volgen op de wijze door de natuur gewild en aangewezen1 staat in zedelijk opzicht niet hooger of lager dan honger stillen en dorst lesschen4 ,in weerwil van het voor de hand liggende dezer eenvoudige waarheid1 zijn er ten allen tijde personen geweest1 die krachtens een of ander beginsel zich van de zinnelijkheid trachtten te ontdoen en die haar met alle kracht in zich zochten te keer te gaan en te dooden4 ,als men zoodanig streven eenvoudig beoordeelt naar de natuurwetten1 dan is zulk pogen om de zinnelijkheid in zich uit te roeien niet verdienstelijker dan het zijn zou den drang naar voedsel te onderdrukken4 ,de consequentie van het streven de zinnelijkheid te dooden zou zijn3 uitsterving van het menschelijk geslacht1 iets wat de natuur juist met alle middelen zoekt te voorkomen4 ,op verstandsargumenten steunt deze strijd tegen den sterkste aller menschelijke hartstochten dan ook zelden4 ,meestal zijn het gevoelsredenen1 die tot dezen kamp tegen de natuur leiden4 ,voor het overige zijn deze redenen van even uiteenloopenden als dikwijls zonderlingen aard en daardoor vormt deze strijd tegen de zinnelijkheid een der interessantste hoofdstukken in de geschiedenis der sexueele zeden4 ,er zijn ten allen tijde zedemeesters en zelfs levensbeschouwingen geweest1 en zij bestaan heden ten dage misschien in ruimer mate dan ooit te voren1 die het geslachtsleven en inzonderheid zijn vleeschelijke zijde eenvoudig voor onzedelijk verklaarden en het voorstelden als iets minderwaardigs1 verachtelijks en verlagends voor den mensch4 ,de katholieke kerk bijvoorbeeld legt haar geheele geestelijkheid het celibaat op4 ,hoewel het huwelijk een der heilige sacramenten is1 wordt toch het geslachtsleven door deze kerk als iets onreins beschouwd4 ,de onthouding van het huwelijksleven wordt door de katholieke kerk gewoonlijk aangemerkt als een apostolische verordening en in elk geval neemt men aan1 dat de onthoudingsstaat1 de maagdelijke toestand1 meer bij de hooge roeping van den geestelijke past dan de huwelijksstaat--een maagdelijk priesterschap alleen mag de geheimen vieren van den ,zoon1 die geboren werd uit een ,maagd4 ,zoover gaat weliswaar geen der andere variaties van het ,christendom1 maar opvattingen die het geslachtsleven als onrein en van lager orde aanmerken1 vindt men overal terug1 ook in andere religies en in tallooze andere ethische wereldbeschouwingen4 ,ook individueel is de meening vrij algemeen verbreid dat het sexueele leven in wezen minderwaardig is en er zijn menschen1 bij wie dit gevoel zoo sterk leeft1 dat het leiden kan tot geslachtelijke impontentie4 ,uit de heidensche ,oudheid zijn zoodanige opvattingen evenzeer bekend4 ,de dochter van ,zeus' zuster ,hestia of ,vesta1 werd1 omdat zij een eed zwoer van ongehuwd en altijd maagd te willen blijven1 door den oppergod verheven tot godin van den huiselijken haard4 ,ter harer eere werden in vele steden door maagden1 die gelofte van kuischheid hadden gedaan1 altijd-brandende vuren onderhouden4 ,in haar groot heiligdom te ,rome werd door zes priesteressen1 de ,vestaalsche maagden1 een eeuwig vuur gebrand4 ,deze ,vestaalsche maagden stonden als reine wezens in hoog aanzien4 ,als meisjes van ten hoogste #aj jaar werden zij voor den ,vestadienst uitgekozen en zij moesten #cj jaren in rein-maagdelijken staat de kuische godin dienen4 ,op inbreuk op de gelofte van kuischheid stond de doodstraf4 ,ook hier dus een bijzondere beteekenis gehecht aan de vrijwillige sexueele onthouding4 ,wanneer men in het zinnelijke en dus in het geslachtsverkeer iets minderwaardigs ziet1 het beschouwt als zonde1 dan treft deze opvatting in den regel allermeest1 zoo niet uitsluitend1 de vrouw4 ,in zulke voorstellingen wordt de vrouw als vanzelf de verleidster van den onschuldigen man2 zij is de eenige oorsprong van het kwaad1 een voortbrengsel der hel1 de bondgenoote in menschengedaante van den satan1 enz4 ,dat de strijd tegen de zinnelijkheid zich vooral aan het gevoel van den man voordoet als verdienstelijk en van hooge zedelijke waarde1 is een bewijs te meer voor de grootere zinnelijkheid van den man4 ,in de voorstelling van den door zinnelijkheid als verteerden en voortgezweepten man moet het bestrijden van dien fellen en hevigen hartstocht zich als vanzelf als iets bijzonder verdienstelijks voordoen en in het bewustzijn der minder zinnelijke vrouw moet die verdienste ook evenveel minder worden gevoeld--ook in de wereld der ideen hangt de waarde af van de inspanning die het verkrijgen kost4 ,strijd tegen de zinnelijkheid1 met het doel die volkomen te dooden1 gaat in alle godsdiensten die dien strijd tot een verdienstelijke zaak verheffen1 gepaard met een principiele onreinverklaring van de vrouw4 ,het sterkst komt dit uit in den christelijken godsdienst4 ,reeds in de leer van de erfzonde wordt de vrouw kortweg tot de bron van alle zedelijke onreinheid verklaard4 ,door de vrouw is de zonde in de wereld gekomen1 de vrouw is het symbool aller onreinheid1 zoo ongeveer luiden de grondstellingen van het ,christendom betreffende de vrouw4 ,de kerkvaders hebben dit thema in den loop der tijden uitgewerkt1 daarbij geleid door hun individueele neiging tot ascese4 ,met zulke opvattingen tot uitgangspunt is het maar een stap om te komen tot de overtuiging1 dat de schoot der vrouw ongeveer de poort is van de hel4 ,met de opvatting1 dat de vrouw de verpersoonlijking is van de zonde in de wereld1 verbond zich nog een andere voorstelling4 ,de man1 willooze slaaf zijner zinnelijkheid1 die hem de vrouw ten allen tijde in zijn verbeelding doet rondspoken1 zoekt de oorzaak van zijn onmacht tegenover de bekoring1 die van de vrouw tot hem uitgaat1 niet in eigen zinnelijkheid1 maar hij geeft er de voorkeur aan zulks toe te schrijven aan een geheime macht1 die de vrouw zou bezitten1 waardoor zij in den sexueelen strijd steeds de meerdere blijft4 ,zoo ontstond de voorstelling1 die omschreven wordt door de formule3 de vrouw is een raadsel4 ,en door dat raadselachtige neemt de vrouw in de opvatting van den man als vanzelf de gedaante aan van een demon1 welke te bestrijden een verdienstelijke zaak moet zijn1 die opvoert tot hoogere zedelijke volkomenheid4 ,in de meeste godsdiensten1 die voortgekomen zijn uit het ,jodendom1 is de eerste zonde en daarmee de oorzaak van alle zonden het geslachtsverkeer van het eerste menschenpaar1 ,adam en ,eva4 ,dit verhaal is in het eerste bijbelboek van ,mozes gehuld in het dichterlijk kleed van den zondenval in het ,paradijs1 het eten van de verboden vrucht4 ,en het is de vrouw1 die daarin optreedt als de verleidster van den man4 ,nadat de zonde gepleegd was zagen zij hunne naaktheid en schaamden zich4 ,in dit verhaal wordt en passant het onmiddellijk verband tusschen zinnelijkheid en schaamte erkend4 ,inderdaad1 zonder zinnelijkheid geen schaamte4 ,en omgekeerd1 waar schaamte is1 daar is zinnelijkheid4 ,het gronddenkbeeld van het dooden der zinnelijkheid ligt voor de hand4 ,als alle heil gelegen is in het hiernamaals1 dus in de geestelijke wereld1 dan vloeit daar rechtstreeks uit voort1 dat al wat daarbuiten ligt1 al het aardsche1 onheilig moet zijn1 en inzonderheid datgene1 wat zich het krachtigst doet gelden3 de zinnelijkheid1 het vleeschelijke4 ,vandaar moet dat vleeschelijke het allereerst gedood worden4 ,de grondslag der ascese is derhalve een eenzijdige overschatting van het dusgenaamd geestelijke4 ,het dooden van het vleeschelijke1 om geheel te kunnen leven voor het geestelijke1 doet zich aan elk hartstochtelijk-godsdienstig gemoed voor als het hoogste en het eerst noodige4 ,men vindt dan ook de ascese in een of anderen vorm bij ongeveer alle godsdiensten terug en zelfs in vele wijsgeerige stelsels van den jongsten tijd4 ,de profeten bij uitnemendheid der moderne ascese zijn ,schopenhauer en ,tolstoi4 ,beiden1 zij het op geheel verschillende gronden1 ontkennen alle zedelijkheid der sexualiteit4 ,de ascese heeft echter een keerzijde4 ,door den voortdurenden strijd tegen de zinnelijkheid en de sexueele verzoeking wordt de phantasie juist bovenmate geprikkeld1 en op oogenblikken1 dat de wilskracht onder den opstand van het vleesch bezwijkt1 wreekt zich de mishandelde natuur en drijft den vromen asceet dan niet zelden tot de ongehoordste natuurlijke en onnatuurlijke uitspattingen4 ,toch is aan te nemen1 dat het dooden der zinnelijkheid naar het ideaal der ascese mogelijk is4 ,zoo worden1 zegt ,hammond1 in de verschillende religies1 waarin de sexueele geheelonthouding als een verdienstelijke zaak geldt1 de priesters1 die het celibaat hebben aanvaard1 met den tijd volkomen vrij van elke zinnelijke aanvechting en allengs impotent4 ,hetzelfde geldt voor heele secten1 wier godsdienstleer sexueele geheelonthouding voorschrijft4 ,maar alvorens de zinnelijkheid ten volle is gedood1 de geslachtsdrift is opgeheven1 is er een lang tijdperk van de hevigste kwellingen te doorworstelen1 gelijk blijkt uit het leven van tal van vrome kerkvaders1 inzonderheid van den heiligen ,antonius1 wien de volkomen vrijmaking van elk geslachtsinstinct een ,gode welgevallig werk toescheen4 ,ook verschillende wijsgeeren der ,oudheid1 ,seneca en anderen1 hebben nu en dan tot sexueele onthouding en vooral tot oefening in zelfbedwang in zinnelijke dingen1 aangemaand4 ,zij gingen bij dit laatste uit van zuiver verstandelijke overwegingen en voor zoover zij zich wisten te onthouden van overdrijving1 hebben hunne vermaningen hooge zedelijke waarde4 ,veel invloed op de sexueele zeden van hun tijd hebben zij echter niet kunnen uitoefenen1 daarvoor waren hunne leeringen te bloot verstandelijk en richtten zij zich te weinig tot het gevoel1 dat ten slotte de machtigste factor is om uit de bespiegeling te komen tot een daad4 ,de ,oudheid had ook haar personificatie der kuischheid3 ,puditia1 die te ,rome in een afzonderlijk heiligdom werd vereerd1 doch haar eeredienst was nooit zeer algemeen1 en ontaardde weldra en verdween spoedig geheel4 ,het is een eigenaardig kenmerk van tal van godsdiensten dat zij een sterke neiging bezitten om de kuischheid1 in het bijzonder de levensgelofte van kuischheid1 te verheerlijken als een daad van zeer bijzondere beteekenis voor het aardsche leven zoowel als voor het hemelsche4 ,en natuurlijk vloeit daar als vanzelf uit voort1 dat het gehoor geven aan de stem der natuur als iets van lager orde wordt beschouwd1 dat1 hoewel niet bepaaldelijk te veroordeelen en tot op zekere hoogte geoorloofd1 niettemin blijk geeft van zedelijke minderwaardigheid en onvolkomenheid4 ,naarmate men de kuischheid vereert1 moet men noodzakelijkerwijze de niet-kuischheid--het zwichten voor den drang der vleeschelijke zinnelijkheid--zien als iets minderwaardigs1 dat van de bovenaardsche dingen afleidt en daarmee eigenlijk onvereenigbaar is4 ,men heeft het celibaat der priesters1 monniken en nonnen in de ,katholieke kerk een verdwazing en een idiotisme van den menschelijken geest genoemd1 een vorm van krankzinnigheid1 waarbij de andere sexe het verafschuwde idee fixe was4 ,deze verklaring van een zoo ingrijpend en tevens zoo massaal opgetreden verschijnsel1 voorzeker een der merkwaardigste in de geheele geschiedenis der sexueele zeden1 is misschien wel de eenvoudigste1 maar in geenen deele de meest aannemelijke4 ,een instelling1 die zoovele eeuwen lang zich vrijwel ongeschokt heeft kunnen handhaven1 moet andere redenen van bestaan hebben4 ,en in dit geval laten die redenen zich ook wel aanwijzen4 ,de twee groote drijfveren1 die in de menschheid en in ieder mensch individueel werken en alle handelingen in eerste instantie beheerschen en besturen1 zijn de stoffelijke belangen en de zinnelijkheid4 ,tezamen doen deze beide drijfveren1 door de natuur als machtige neigingen in den mensch gelegd1 hem streven naar instandhouding van zijn individueel bestaan en naar instandhouding van de soort4 ,het eene zoowel als het andere is dan ook genoegzaam daardoor gewaarborgd4 ,al 's menschen handelingen zijn uit deze twee neigingen1 hetzij rechtstreeks te verklaren1 hetzij er sterk door benvloed4 ,en hoe algemeener en gelijkmatiger een verschijnsel in de menschheid optreedt1 met des te meer zekerheid kan men het als een uitvloeisel van een dezer of van beide neigingen beschouwen4 ,de individueele mensch toch wordt bij zijn handelingen ook nog gedreven door verschillende andere neigingen1 die zijn bijzondere eigenaardigheden uitmaken4 ,hoe algemeener daarom een verschijnsel zich voordoet1 des te grooter wordt de waarschijnlijkheid1 dat de oorzaak daarvan niet in bijzondere neigingen1 maar in de beide genoemde algemeene neigingen is te zoeken4 ,het celibaat nu is geen verschijnsel dat zich bepaalt tot eenige weinige individuen4 ,millioenen en millioenen mannen en vrouwen hebben in den loop der eeuwen zich door de kuischheidsgelofte tot het celibaat verbonden4 ,de oorzaak mag op boven aangegeven gronden dus veilig in de beide voornaamste neigingen1 die 's menschen handelingen regeeren1 worden gezocht4 ,waar de eene1 de zinnelijkheid1 hier uit den aard der zaak als zoodanig niet in aanmerking kan komen1 daar het celibaat daar juist rechtstreeks tegen gekeerd is1 blijft als vermoedelijke oorzaak slechts de andere over1 die van het stoffelijk levensonderhoud4 ,ongetwijfeld heeft de instelling van het celibaat een economischen ondergrond4 ,de voorliefde voor den ongehuwden staat1 het streven naar emancipatie van de zinnelijkheid bewijst niet1 dat de kloosterbewoners krankzinnigen of idioten waren1 maar alleen1 dat onder bepaalde omstandigheden de economische belangen1 het materieele zijn1 voor den mensch sterker kunnen wezen dan de zinnelijkheid2 en dat als noodwendig een van beide natuurlijke neigingen moet wijken1 de zinnelijkheid het onderspit delft4 ,de eerste kloosters1 zooals het ,christendom ze heeft voortgebracht1 waren niets anders dan gemeenschappen van zeer arme lieden1 die zich vereenigden om zich te zamen beter door het leven te kunnen slaan1 dan zulks voor ieder afzonderlijk mogelijk was4 ,reeds in de allereerste kloosters der ,christenheid werden dan ook allerlei beroepen uitgeoefend en de gemeenschappelijke arbeid van allen was het middel van bestaan van het geheel4 ,het was een vorm van communisme1 waar ieder inbracht naar vermogen en ontving naar behoefte4 ,alleen op deze wijze zagen in de eerste tijden van het ,christendom de ,christenen een mogelijkheid1 zich economisch tegen het ,heidendom1 dat hen vijandig gezind was en hen uitsloot en vermeed1 te handhaven4 ,de aard dezer kloosterinstellingen vereischte gemeenschappelijk bezit zoowel van de middelen van voortbrenging als van de voortbrengselen1 want bij een gemeenschappelijke huishouding is private eigendom onbestaanbaar1 gelijk de geschiedenis aller communistische stichtingen bewijst4 ,vandaar leefde men in de kloosters noodgedwongen communistisch1 deed afstand van allen privaten eigendom4 ,om dezelfde reden moest men ook afstand doen van het huwelijk in een tijd1 waarin het eigendoms- en het erfrecht zich reeds volkomen hadden ontwikkeld4 ,om het voortbestaan der kloostergemeenschap1 die alle leden het stoffelijk bestaan waarborgde1 te verzekeren1 mochten er geen banden des bloeds ontstaan4 ,terecht vreesde men1 dat die sterker zouden blijken1 dan de kunstmatige kloosterinstellingen4 ,aan het verzekerd stoffelijk bestaan dat 't gemeenschapsleven bood1 moest noodzakelijk het familieleven worden opgeofferd4 ,de kloosters en het celibaat zijn dus volstrekt niet ontstaan uit godsdienstig idiotisme1 maar eenvoudig uit den drang der economische omstandigheden4 ,het afzweren van het huwelijk1 al of niet gepaard met sexueele onthouding1 had echter oorspronkelijk met kuischheid niets uitstaande4 ,het beteekende aanvankelijk niet in de eerste plaats afstand doen van geslachtelijk verkeer1 maar alleen van den toenmaals algemeen gebruikelijken en geijkten vorm van geslachtelijk verkeer4 ,van de eerste monniken reeds namen duizenden hun toevlucht tot andere manieren van bevrediging der geslachtelijke behoefte4 ,dat niettemin de strengste kuischheid van begin af aan zoo krachtig mogelijk werd gepropageerd1 was in geenen deele uitsluitend en ook niet voornamelijk om de kuischheid zelf1 maar om andere redenen1 die allen het voortbestaan van de kloostergemeenschap en het ongerept behoud van haar goeden naam en haar waardigheid op het oog hadden4 ,als men het kloosterleven in dit licht beschouwt1 dan wordt het ook duidelijk1 hoe deze instelling zoo heeft kunnen ontaarden4 ,naarmate de economische omstandigheden veranderden1 sloeg het klooster om in zijn tegendeel--van een factor van ontwikkeling werd het een rem voor de ontwikkeling1 om ten slotte1 hoewel schijnbaar nog levend en levenskrachtig in ontbinding over te gaan en de geheele ,christenheid met zijn bederf te vergiftigen4 ,wijl namelijk deze communistische vorm van samenleving belangrijke economische voordeden bood in vergelijking met het gewone gezinsleven1 zoodat er veel meer kon worden voortgebracht dan er voor de gemeenschappelijke behoefte noodig was1 kwam het oorspronkelijk doel van het klooster weldra te vervallen4 ,de kloosters werden rijker en rijker en daarmee steeds machtiger4 ,rijkdom en macht beteekenen1 dat men beschikken kan over den arbeid van anderen4 ,de kloosters zagen zich1 rijk en machtig geworden1 ontheven van de noodzakelijkheid om van eigen arbeid te leven2 de mogelijkheid was hun geopend1 van anderer arbeid te leven1 en zij maakten van die mogelijkheid natuurlijk gebruik4 ,met al de gevolgen1 die hieruit noodwendig moeten voortvloeien4 ,deze gevolgen zijn gewoonlijk van tweerlei aard--eenerzijds verfijning van het leven1 door de gelegenheid zich te kunnen wijden aan wetenschap en kunst1 anderzijds ontaarding1 door het voortleven in weelderige doelloosheid4 ,beide gevolgen hebben zich in de rijk en machtig geworden kloosters voorgedaan4 ,toen de kloosterbewoners niet meer werden gekweld door stoffelijke zorgen1 begonnen zij zich te wijden aan de beoefening van kunsten en wetenschappen en daardoor zijn de kloosters in de middeleeuwen de brand- en uitgangspunten geweest van alle hoogere beschaving4 ,maar hoe meer de rijkdommen1 zonder inspanning verkregen1 aanzwollen1 ontstond in vele kloosters in diezelfde mate het tweede der beide bovengenoemde gevolgen van in weelde niets-doen1 de minder edele en verheven vormen van genieten3 luiheid1 eten en drinken en wellust4 ,zoo werd het klooster van een hefboom der ontwikkeling een nuttelooze1 niets inbrengende en veel verbruikende parasiet4 ,precies zooals het gegaan is met de kloosters1 is het ook gegaan met de geheele kerkelijke hierarchie4 ,te midden der grootste ontaarding bleef het celibaat ongeschokt gehandhaafd4 ,de belofte van kuischheid bleef de opperste deugd4 ,maar met kuischheid had het kloostercelibaat reeds in de vroege middeleeuwen weinig meer uitstaande4 ,het celibaat werd integendeel een vrijbrief voor de meest ongehoorde uitspattingen4 ,een en ander blijkt daarvan uit de middeleeuwsche aflaattarieven4 ,zoo moest in ,itali een geestelijke voor het houden van een concubine #g grossi betalen2 wie jaarlijks deze som stortte had het recht er voortdurend een bedgenoote op na te houden4 ,wie zich in de kerk met een vrouw afgaf1 moest de absolutie daarvoor betalen met #f grossi4 ,en hoe de kerk zich in deze dingen verdiepte1 hoezeer zij in zinnelijke dingen wist te nuanceeren1 blijkt nog uit dezen post uit dezen interessantste aller prijscouranten3 wie een vrouw of meisje verkrachtte onderweg uit de kerk naar haar woning1 moest meer betalen dan in gewone gevallen1 want dan was zij rein4 ,wel is er van tijd tot tijd ernstig naar gestreefd1 de losbandigheid der door kuischheidsgeloften gebondenen te beteugelen4 ,maar het bloed en de natuur zijn sterker dan willekeurige verordeningen4 ,de strengste straffen zelfs bleven vruchteloos4 ,waar natuurlijke bevrediging der zinnelijke behoefte onmogelijk of te gevaarlijk werd1 daar gaf men zich over aan gelijkgeslachtelijke en onnatuurlijke zinnelijkheid4 ,te bewijzen is dit alweer uit de maatregelen die de kerk zelf daartegen van tijd tot tijd heeft genomen4 ,zoo werd op een concilie te ,parijs verboden1 dat nonnen bij elkander sliepen1 dat kloosterbroeders bij elkander sliepen1 enz4 enz4 ,natuurlijk hielp dit niets1 want al deze maatregelen richtten zich tegen de gevolgen1 maar lieten de oorzaken onaangetast4 ,wijl dit telkens en opnieuw bleek1 moest men steeds grootere concessies doen4 ,en voorwendsels daarvoor1 die alle partijen bevredigden1 waren gemakkelijk te vinden1 daar het celibaat reeds oorspronkelijk volstrekt niet de beoefening van de kuischheid betrof1 maar alleen onthouding van het huwelijk4 ,in het celibaat bezat de kerk het middel om haar vermogen voor versnippering te behoeden en zoodoende haar macht te behouden en steeds uit te breiden4 ,vandaar heeft zij nooit willen toestemmen in opheffing van het celibaat1 hetwelk haar macht aan het wankelen zou brengen 7gelijk zulks wel voldoende gebleken is bij het protestantisme1 dat het celibaat verwierp74 ,maar om de geestelijkheid tegemoet te komen1 werd nu eens zijdelings1 dan weer rechtstreeks1 het houden van concubines toegestaan4 ,de kerk heeft zich daaruit zelfs een nieuwe bron van inkomsten weten te scheppen1 waarvan boven aangehaalde berekening uit een aflaattarief een der vele voorbeelden is4 ,de grootste dogmatici der kerk hebben aan dit punt al hun scherpzinnigheid gewijd1 teneinde geschikte en aannemelijke formules te vinden4 ,toen in de #af;e eeuw de strijd om het recht der priesters op het huwelijk opnieuw ontbrandde1 en vele priesters zelf dit recht opeischten1 verdedigde de beroemde en invloedrijke ,fransche prelaat ,gerson het liederlijk leven van het meerendeel der priesters en monniken als volgt3 ,schendt een priester zijn gelofte van kuischheid1 als hij ontucht bedrijft8 ,neen4 ,want door de gelofte van kuischheid doet hij alleen afstand van het huwelijk4 ,een priester1 die zich aan de zwaarste vergrijpen tegen de zedelijkheid schuldig maakt1 breekt zijn gelofte van kuischheid niet1 zij zou alleen worden verbroken1 wanneer de priester huwde4 ,hij maakte alleen dit voorbehoud1 dat alle opspraak moest worden vermeden1 en geslachtelijke omgang niet op ,zondag mocht plaats hebben1 niet aan heilige plaatsen en uitsluitend met ongehuwden4 ,op deze en dergelijke manieren werd de celibaatskwestie in den geest der kerk en tevens overeenkomstig de pecunaire belangen der kerk opgelost--den priester werd de ongehuwde staat vergemakkelijkt en verlicht1 en het vermogen der kerk bleef in de doode hand en kon gestadig aangroeien2 tevens bracht de zaak ook rechtstreeks baten op1 want de in concubinaat levende priester moest daarvoor een cijns opbrengen4 ,deze cijns is tallooze malen geregeld4 ,voor zoover voor het celibaat verlichting werd gezocht door geslachtelijk samenleven buiten huwelijk1 valt tegen dezen vorm van geslachtelijk verkeer weinig aan te voeren4 ,te veroordeelen valt daarbij eigenlijk alleen de atmosfeer van leugen en huichelarij1 die deze oplossing van de zaak schept rondom den door belofte van kuischheid gebondene4 ,buitenechtelijke samenleving1 beoordeeld naar zedelijke begrippen die vrij zijn van vooroordeel1 kan reiner zijn en hooger staan dan het naar alle regelen van gewoonte en gebruik tot stand gekomen huwelijk4 ,elke sexueele verhouding1 die op vrije keuze en vrije neiging van beide partijen berust1 is zedelijk1 en elke sexueele verhouding1 die andere motieven heeft1 is onzedelijk4 ,maar in de kloosters werkten alle omstandigheden de grofste geslachtelijke ontaarding in de hand4 ,en zoo zijn uit tallooze bronnen1 oorkonden1 kronieken enz4 de onomstootelijke bewijzen aan te voeren1 dat in de oude kloosters liederlijkheid en uitspattingen regel waren4 ,geslachtelijke bandeloosheid kent geen grenzen en geen teugel4 ,haar wezen is sexueele overdaad en behoefte aan steeds snellere afwisseling2 en bij de spoedig intredende oververzadiging grijpt zij naar elken denkbaren vorm van onnatuurlijke en tegennatuurlijke bevrediging4 ,zoo werden duizenden kloosters broeinesten van ontucht en geslachtelijke buitensporigheid4 ,er zijn tijden geweest dat ,priapus en ,venus nergens1 zelfs niet in de gewone bordeelen1 zoo vurig werden vereerd als in de kloosters4 ,hier herleefde ten laatsten male de gastvrije prostitutie4 ,in vele streken toch waren de vrouwenkloosters de geliefkoosde nachtverblijven der ridderschap1 waar zij dezelfde genoegens vonden als in het bordeel1 met dit verschil1 dat zij niets kosten--men betaalde met zijn potentie4 ,de kloosters waren de plaatsen1 waar de meest woeste geslachtelijke orgin werden gevierd1 en ook de meest buitensporige begeerten onbeteugeld konden worden bevredigd4 ,en het was in die tijden algemeen bekend dat de kloostermuren meer van kindergeschrei dan van psalmgezang weergalmden4 ,opmerkelijk zijn daarbij vooral ook de maatregelen1 waarmee de monniken de concurrentie van de leeken in den omgang met de nonnen zochten te weren4 ,meestal zocht men dit doel te bereiken1 door de voorstelling te wekken1 dat zondigen met gewijde personen een minder groot kwaad was dan zondigen met leeken4 ,een document1 waaruit zulks kan blijken1 is de volgende verklaring van ,magister ,hendricus van de ,mendicanterorde te ,straatsburg1 uit het jaar #abfa3 ,aangezien een non1 die door den aandrang des vleesches en door menschelijke zwakheid overweldigd1 haar kuischheid schendt1 minder schuldig is en meer verschooning verdient als zij zulks doet met een geestelijke1 dan met een leek1 enz4 ,de natuur geweld aandoen moet steeds onvermijdelijk leiden tot ontaarding4 ,en de eene ontaarding leidt weer onvermijdelijk tot de andere4 ,de gelofte van kuischheid leidde tot de ergste uitspattingen1 en de noodzakelijkheid1 om dit voor de geloovige menigte verborgen te houden dwong tot de ergste gruwelen2 vruchtafdrijving en kindermoord waren in de nonnenkloosters aan de orde van den dag1 en vele kloosters waren besmettingshaarden van de afschuwelijkste geslachtsziekten4 ,zoo werd het onnatuurlijk middel tot reiniging der zeden de bron van de afschuwelijkste zedenverwildering4 ,ook het ascetisch leven der kluizenaars levert tallooze bewijzen op voor de stelling1 dat overdreven onthouding lichtelijk overslaat in overdreven uitspattingen4 ,onderwijl de eerste kerkvaders en propagandisten van het ,christendom de oude godsdiensten bestreden en steeds het antieke zedenbederf als een donkeren achtergrond bezigden1 waartegen de vlekkelooze reinheid van het ,christendom op het scherpst moest uitkomen1 schoot om hen heen1 onder hun eigen volgelingen1 datzelfde zedenbederf1 met hetzelfde program van uitspattingen1 de gewijde en de gastvrije prostitutie inbegrepen1 al weer allerwege wortel met de weelderige groeikracht van onuitroeibaar onkruid4 ,waar ooit een leer of een denkbeeld uitroeing der zinnelijkheid heeft geischt1 heeft dit altijd geleid1 niet tot kuische reinheid1 maar tot geslachtelijke verwildering4 ,zulks leert vooral het ,christendom4 ,zoo moest de ,h4 ,cyprianus reeds in de derde eeuw n4 ,chr4 getuigen1 dat er geen vroomheid meer was onder de ,christenen1 dat de vrouwen zich poederden1 en dat men ,jezus ,christus' lichaam prostitueerde aan de ,heidenen4 ,ten opzichte van de sexueele zeden was het ,christendom weinig meer dan een herrijzenis van het antieke ,heidendom--de eeuwige eerediensten van ,venus1 ,bacchus en ,priapus bleven onder andere vormen ook in het ,christendom voortleven4 ,de zinnelijkheid in den mensch laat zich niet dooden4 ,waar zulks beproefd wordt barst zij te eeniger tijd los met vulcanisch geweld4 ,de zinnelijkheid is alleen te veredelen en te verfijnen en dat alleen door de liefde4