,,de ,,nederlandsche ,,nationale ,,kleederdrachten ,,door ,,th4 ,,molkenboer ,,met #ha ,,afbeeldingen ,,naar ,,photographische ,,opnamen ,,uitgegeven ,,door ,j4 ,m4 ,,meulenhoff ,,aan ,,het ,,damrak #hh ,,te ,,amsterdam ,,in ,,het ,,jaar ,,mcmxvii ,,voorwoord4 ,dit boekje bedoelt niets anders dan een kort overzicht te geven van de nationale ,nederlandsche kleederdrachten die heden 7#aiaf7 nog in de verschillende provincin in werkelijkheid door de bevolking gedragen worden4 ,de hierbij gevoegde plaatjes geven een afbeelding van de voornaamste dier drachten en de wijze waarop zij gedragen worden4 ,de hier afgebeelde personen zijn geen aangekleede figuranten1 maar de werkelijke en gewoonlijke dragers van hun costumes1 zoodat deze afbeeldingen derhalve een volkomen indruk van de betreffende nationale kleedij geven4 ,de bestaande realiteit af te beelden en te beschrijven1 was mijn eenig doel1 ik streefde naar een korte inventariseering van datgene wat er1 thans in #aiaf1 nog van die zoo bekende ,hollandsche inheemsche drachten is over gebleven4 ,dit is dus een handboekje1 waaruit zich landgenoot en vreemdeling op een makkelijke wijze eenige1 zoo noodig gebleken1 kennis van de wel zeer bekende1 maar zoo weinig gekende nationale kleedij kan verschaffen4 ,uit den aard van dezen opzet volgt dat hier slechts die drachten besproken worden die heden 7in #aiaf7 nog werkelijk gedragen worden en dat van deze slechts een zeer korte beschrijving zonder meer gegeven wordt4 ,alle mededeelingen of bespiegelingen over de historische wording1 blijven hier achterwege4 ,alleen is van dit plan afgeweken voor de provincie ,friesland1 waar de nationale drachten wel niet meer dagelijks door het volk gedragen worden1 maar een zeer belangrijke rol spelen zoodra de ,friezen zich als ,friezen willen doen kennen1 en deze kleedij dus nog bij herhaalde gelegenheden gedragen wordt1 zoodat ook deze costumes hier moesten worden besproken en afgebeeld4 ,de gegevens die in dit boekje zijn bijeengebracht1 zijn door mij sinds #aiab verzameld4 ,de eerste aanleiding tot deze studie gaf het ,feest in ,nationale kleederdrachten1 dat op den #ab ,september #aiac te ,amsterdam1 op mijn initiatief en onder mijn leiding gehouden werd4 ,op dat feest waren ongeveer zeshonderd personen in ongeveer honderd verschillende drachten bijeen4 ,toen ben ik begonnen de daar verzamelden te photographeeren1 en ik heb de meeste van hen1 later1 in herhaalde rondreizen door ,nederland in hun eigen woning1 bezocht4 ,uit hun mond heb ik de verschillende gegevens en wetenswaardigheden omtrent alle onderdeden van hun costumes vernomen en opgeteekend4 ,de meest uiteenloopende persoonlijkheden1 van elken stand en rang1 stonden mij bij mijn vragen om inlichtingen te woord4 ,waar ik echter mijn vragen niet naar mijn wensch of niet duidelijk1 volledig of zakelijk genoeg door de dragers van die nationale drachten zelf beantwoord kreeg1 daar vroeg ik belangstellenden om inlichtingen4 ,en het viel mij daarbij op hoe velen in den lande1 vooral in de provincie1 en dat niet alleen onder den boerenstand1 maar onder alle rangen en standen1 nog zoo veel belangstelling in1 en kennis van een of andere locale dracht bewaren4 ,hier was het een burgemeester1 daar de gemeente-secretaris1 weer elders een gewone boer of boerin1 soms een heel eenvoudige winkelier1 een schoolmeester of een naaister of mutsenmaakster1 die mij te woord stond4 ,en zij allen wisten zeer veel bijzonderheden van een of andren dracht te vertellen1 die echter in het bestek van dit boekje niet alle kunnen worden opgenomen4 ,maar hun kennis pleitte voor de groote plaats die de nationale kleedij nog in veel streken van ons land in de volks-psyche inneemt4 ,aan allen1 die mij bij het kostbare en tijdroovende verzamelen van deze gegevens hun bereidwillige medewerking verleenden1 mijn bijzonderen dank4 ,alles wat ik vernam1 kon hier echter niet worden meegedeeld4 ,dit boekje beoogt slechts een kort overzicht van heel de ,nederlandsche volks-kleedij te geven4 ,mochten onnauwkeurigheden of storende onvolledigheden worden opgemerkt1 dan houd ik mij voor verdere inlichtingen1 voor photo's en beschrijvingen1 van welken kant ze ook komen mogen1 gaarne aanbevolen4 ,die nieuwe gegevens zullen het dan misschien mogelijk maken1 later uitvoeriger dit hoogst belangrijke onderwerp meer volledig te behandelen4 ,vooral ook omdat de kennis van onze nationale kleederdrachten een heel nieuw veld van studie is1 en niets in deze door mij1 ten behoeve van dit werkje1 uit litteratuur kon worden gecompileerd4 ,daar dit dus geheel uit eigen onderzoekingen is saamgesteld1 hoop ik dat bij de beoordeeling van dit werk deze omstandigheden in aanmerking zullen genomen worden4 ,nog altijd hebben onze nationale kleederdrachten de bijzondere belangstelling van ons volk en van het buitenland1 ofschoon die belangstelling zeer verschillend in soort is4 ,een deel van de bevolking onzer voornaamste centra van moderne beschaving1 beschouwt die merkwaardige costumes niet anders dan als verachtelijke overblijfsels van een verouderde1 achterlijke cultuur4 ,zij ergeren er zich aan1 en meenen dat die blijken van boerschheid en onbeschaafdheid nu maar zoo spoedig mogelijk moeten verdwijnen1 omdat zij landgenoot en vreemdeling niet anders dan het levende bewijs geven van de inertie van onzen volksgeest4 ,andere ,nederlanders1 die meer gevoel voor het eigendommelijke en pitoresque hebben1 en nog iets eigens weten te waardeeren1 en die1 ondanks de alles verpletterende niveleeringswoede van wat men de hooggeroemde moderne beschaving noemt1 nog eenige zelfbewustheid hebben overgehouden1 zien in die nationale kleedij nog de laatste resten van onze eenmaal zoo groote en eigen ,nederlandsche cultuur1 en waarvan zij de laatste manifestatie in deze volks-drachten erkennen4 ,voor hen zijn die drachten dan ook een bewijs dat ons volk nog iets eigen ,hollandsch heeft4 ,maar voor vele buitenlanders1 die ons land vliegensvlug doorreisden1 en niet anders dan naar oppervlakkige indrukken oordeelen1 en dus niet het wezen van ons volk1 noch van onze nationale kleederdrachten gezien hebben1 zijn die costumes een middel geworden om heel ons volk belachelijk voor te stellen4 ,zij verbinden de idee van de ,hollandschheid aan het logge uiterlijk van een grove1 wijdgebroekte visscherskerel1 die zij op zijn breede klompen over het asphalt onzer hoofdsteden zagen stappen1 als n logge klos-klomp van levensdomheid4 ,en veel ,hollanders meenen beschaafd te zijn door die buitenlandsche miskenning uit domheid te billijken en na te volgen4 ,die verkeerde beoordeeling bij landgenoot en vreemdeling1 vindt echter in hoofdzaak zijn grond in gebrek aan kennis van het wezen zoowel als van de verschillende vormen van onze nationale kleedij4 ,bovendien hebben de verkeerde afbeeldingen en beschrijvingen de waardeering nog meer geschaadt4 ,en 444 dat is tot op zekere hoogte de schuld van de ,hollanders zelf4 ,zij hebben de afbeelding en de beschrijving van het nationale monument dat in hun inheemsche kleederdracht bestaat1 voor het allergrootste deel aan buitenlanders overgelaten1 die er niets anders dan het vreemde1 het rare1 dikwijls slechts het belachelijke in zagen4 ,meer en beter kennis van het wezen1 van de bedoeling en van den vorm van onze nationale kleederdrachten zal in het binnen- en buitenland niet alln die costumes1 maar ook heel ,nederland ten goede komen4 ,die meerdere en betere kennis is meer dan noodzakelijk4 ,in deze het mijne bij te dragen is het doel van dit handboekje1 dat1 het zij nog eens herhaald1 geenszins aanspraak maakt op volledigheid1 maar slechts met de mij hier ten dienste staande middelen een algemeen en kort overzicht over deze nationale drachten geven wil1 maar met juiste mededeelingen aan de hand van echte en ware afbeeldingen4 ,th4 ,,molkenboer4 ,amsterdam1 ,juli #aiaf4 ,i4 ,,inleiding4 ,a4 ,,over ,,kleederdrachten ,,in ,,het ,,algemeen4 ,het moet als een door de anthropologie en de cultuurgeschiedenis bewezen waarheid gelden dat de redenen1 waarom zich den mensch kleedt1 niet gevonden moeten worden in climatologische of zedekundige gronden1 maar in den wil om zich te onderscheiden4 ,versiering is de eerste grondgedachte van de primitieve menschelijke kleedij geweest1 versiering van zijn eigen lijfelijke persoonlijkheid om zich van zijn mede-menschen te onderscheiden1 versiering als middel om zijn eigen plaats onder de menschen in te nemen1 als middel dus tot zelfbestaan4 ,de koningsmantel is de uiterste consequentie van deze eenvoudige grondgedachte4 ,later1 toen den mensch zich meer en meer van de natuurstaat verwijderde en de geheele aardbol ging bewonen1 hebben zich de wisseling in temperatuur1 de bodemgesteldheid en allerlei andere omstandigheden1 die met de geologie en geographie in verband stonden1 den aard van de kleeding in de verschillende landen bepaald4 ,rassen-eigenaardigheden1 godsdienstige opvattingen en ten slotte nationale en politieke oorzaken hebben daarna invloed op den vorm1 de kleur en het algemeen aspect van de kleeding gehad4 ,en zoo ontstonden de nationale kleederdrachten1 die in hun grondgedachte niet anders bedoelen dan de dragers reeds dadelijk1 door hun kleeding1 als uit dit of dat land afkomstig1 als bij dit of dat volk behoorende1 te doen kennen 4444 door onderscheiding4 ,opmerkelijk is daarbij1 dat eenzelfde soort kleedingstuk in verschillende landen1 in bijna gelijken vorm voorkomt1 omdat het zijn reden in dezelfde climatologische of gebruiks-gronden vindt4 ,waar dan de hoofdvorm overal dezelfde is1 zelfs de stof waaruit zoo'n kleedingstuk in de verschillende landen is gemaakt1 dezelfde blijft1 is de kleur en vooral de versiering voor ieder land of streek verschillend1 zoodat het nationale1 het eigene1 het onderscheidende nog zeer duidelijk op den voorgrond treedt1 ondanks de algeheele overeenkomst in het wezen en den vorm van zoo'n stuk kleedij4 ,als voorbeeld moge de veel gesmade1 veel uitgelachen wijde broek van onze ,volendammers gelden1 welk oer-type van beenbekleeding voor mannen in bijna iedere ,europeesche1 ,west-,aziatische en ,noord-,afrikaansche volksdracht--ja zelfs in de ,chineesche--terug te vinden is4 ,toch zal in ieder land dit kleedingstuk1 om de eigenaardige kleur of bijzondere versiering1 zijn zeer eigen cachet hebben en den drager al dadelijk van zijn mede-menschen doen onderscheiden1 hem als uit dit of dat land afkomstig doen kennen4 ,en zoo is het met ieder onderdeel van de menschelijke kleedij1 omdat ieder dezer deelen tot een paar hoofd-typen terug te voeren zouden zijn1 die overal terug komen1 alln in ieder land op zeer kenmerkende1 onderscheidende wijze vervormd en versierd4 ,b4 ,,over ,,nationale ,,kleederdrachten4 ,het eerste beginsel van de nationale drachten is dus de bewoners uit een zeker land van die1 uit een ander gewest1 te doen onderscheiden4 ,het is begrijpelijk1 dat daarom het wezen van de nationale drachten ten nauwste samenhangt met het nationaliteits-gevoel4 ,sterker nog4 ,het vindt zelfs zijn oorsprong in gewestelijke concentratie1 soms zelfs in den wil van een stad of dorp om zich geheel van de buitenwereld af te scheiden1 te onderscheiden4 ,het wezen van een nationale kleedij is derhalve geheel tegenovergesteld aan het wezen van de mode4 ,want de mode vooronderstelt een internationale idee1 of althans een idee waarin den wil zich als land of stad in zichzelf te onderscheiden1 is opgeheven4 ,de mode vooronderstelt een gelijkheid in nationaliteiten1 steden en bewoners1 en uit zich in gelijkvormigheid4 ,de nationale kleedij bestreeft juist het tegenovergestelde1 de zoo sterk mogelijke individualiseering van een land1 een stad1 zijn bewoners1 waarvan zij de persoonlijkheid accentreert4 ,in zoo verre is ook de idee van een nationale kleedij geheel tegenovergesteld aan die van het uniform4 ,want een uniform bedoeld een uiterlijke gelijkvormig making met de volkomen terzijde zetting van de persoonlijkheid4 ,in zooverre is dus de idee van een uniform gelijk aan het wezen van de mode4 ,maar een uniform wordt gedragen op bevel1 de mode volgt ieder individu uit eigen keuze4444 als men 't tenminste zoo noemen mag4 ,maar bij de mode is althans nog sprake van persoonlijkheid1 te meer ook daar ieder individu1 naar eigen smaak1 de mode veranderen kan1 niet alln voor zoover het zijn eigen kleeding betreft1 maar ook zelfs op de kleeding van anderen invloed kan uitoefenen4 ,in de nationale kleeding echter treedt de persoonlijkheids-idee van het volk--als volk--op1 ze vormt er het wezen van1 d4w4z4 ze brengt de persoonlijkheids-idee van een gemeenschap tot uiting4 ,en aangezien een gemeenschap niet spoedig nieuwe ideen1 nieuwe uitingsvormen aanneemt1 is het logisch1 dat het beginsel van de nationale kleederdrachten ten nauwste samenhangt met het begrip conservatisme--maar1 in den goeden zin van dit woord4 ,c4 ,,over ,,de ,,nationale ,,kleederdrachten ,,en ,,de ,,vooruitgaande ,,beschaving4 ,dt verwijten de zoogenaamde beschaafden de nationale kleederdrachten het meest1 dat ze een kenteeken zouden zijn van achterlijkheid1 van onbeschaafdheid en1 deze twee vereenigd1 van boerschheid4 ,daar zou iets voor dit argument te zeggen zijn1 als datgene1 wat die nieuwlichters voor die oude drachten--die de resultante zijn van een eeuwenheugende cultuur--in de plaats zouden willen stellen1 zooveel beter was dan die ouderwetsche kleedij4 ,maar dat is geenzins het geval4 ,zij1 die deze oude drachten zouden willen doen verdwijnen1 zouden er niets anders voor in de plaats willen1 kunnen stellen1 dan de zoogenaamde universeele mode4 ,behalve1 dat dit de aesthetica niet ten goede zou komen1 misschien echter eenigen grond in de gezondheidsleer zou kunnen vinden1 zou die verandering psychologisch noch aan het geheel1 noch aan het individu ten goede komen4 ,tenzij--maar dat is voorloopig nog niet mogelijk--in de plaats van die oude drachten een nieuwe kleedij gesteld kon worden1 die in zijn vormen1 kleuren1 versieringen en veel-soortige beteekenis even algemeen waardevol is1 als die oude kleedingswijze4 ,die nationale kleeding dus met opzet te willen doen verdwijnen1 omdat ze zoogenaamd de uiting is van onbeschaafdheid1 zou gelijk staan zich aan de volkspersoonlijkheid te vergrijpen4 ,en in deze tijd van algemeene vernivelleering1 van gebrek aan persoonlijkheids-gevoel1 zou dat gelijk staan met de werkelijke cultuur aan te randen1 door haar uiterlijk met geweld te willen vernietigen4 ,de nationale kleederdrachten behooren tot de monumenten die ons het voorgeslacht liet1 als een uiting van haar persoonlijkheids-gevoel1 haar persoonlijkheids-wezen1 haar eigen beschaving en idealen4 ,en al deze monumenten1 de oude kasteelen1 kathedralen en huizen1 de oude meubelen en ook die oude kleedij1 moet men1 als een deel van den geest van het verleden1 hun eigen dood doen sterven4 ,il faut laisser mourir les monuments4 ,het zou even zoo dwaas zijn die oude kleedij met geweld te willen verbieden1 als ze1 daar waar ze uit zich zelf verdwenen is1 weer te willen doen herleven4 ,en dit geldt voor alles wat ons het voorgeslacht liet4 ,slechts datgene waarin de algemeene waarheid leeft1 blijft1 en krijgt op zijn tijd zijn nieuwe kleed1 kan zich1 op zijn tijd1 opnieuw verjongen en zich dan weer doen onderscheiden4 ,de nationale kleederdrachten nu zijn een zeer bijzondere uiting van het persoonlijkheids-bewustzijn van een land1 van een streek1 van een stad4 ,en zoolang dat bewustzijn in de bewoners van dat land leven blijft1 zoolang blijft hun nationale1 eigene kleeding bestaan4 ,zoodra zij zich echter inter-nationaal1 of zonder zelfstandigheid gaan voelen1 verdwijnt hun eigene kleeding4 ,als zoodanig ligt er dus wel eenige waarheid in het verwijt van die zoogenaamd beschaafden1 dat in streken waar nog een nationale kleederdracht gevonden wordt1 nog een zekere achterlijkheid bestaat4 ,maar dan moet dit aldus verstaan worden1 dat onder achterlijkheid1 persoonlijkheid verstaan wordt4 ,maar sinds wanneer is dan persoonlijkheid gelijk aan achterlijkheid4 ,tenzij dat men in het vasthouden aan die van oudsher overgeleverde vorm-geving1 aan dat persoonlijkheidsgevoel een star en dood vasthechten aan de uiterlijkheid ziet4--,in dat geval is het werkelijk een gebrek aan vooruitgang1 een achterlijkheid4--,maar 4444 zoo is het in werkelijkheid niet4 ,het is geenszins waar dat die oude kleedij slechts door domme boeren en onbeschaafde buitenlui gedragen wordt uit sleur1 omdat ze niet beter weten4 ,moge dit voor den stads-mensch zoo schijnen1 de waarheid is anders4 ,zeker in de streken en bij de boeren die de nationale dracht nog in zijn geheel naar het oude model dragen4 ,dit getuigt de wijze waarop en de gelegenheid waarbij die boeren hun oude kleeding dragen4 ,zij zien hun eigen ideaal in die bijzondere kleedij1 die kleurige stoffen1 linten1 strikken1 gouden sieraden en kantwerk4 ,voor hen is die kleedij werkelijk mooier en beter dan de stadskleeding of de mode4 ,en dit bewijst niet de achterlijkheid van deze menschen1 maar het pleit voor hun onbedorvenheid1 voor de oprechtheid van hun gevoel en hun smaak4 ,en zoo deze dan al niet van de meest verfijnde soort moge zijn1 ze is in ieder geval echt4 ,en zij worden in hun voorliefde volkomen in het gelijk gesteld door kunstenaars en aesthetici1 die de typische schoonheid van de ware1 nog intact gebleven oude drachten boven de gemiddelde moderne modekleedij zullen stellen1 er het meerdere karakter1 de grooter eigenheid van erkennen4 ,is die aanhankelijkheid aan het oude1 die zoogenaamde achterlijkheid1 niet heel wat beter dan over te gaan tot een slecht gedragen moderne kleedij1 die in den regel voor de nationale dracht in de plaats wordt gesteld8 ,men kan dus niet zeggen dat het uit sleur is dat die nationale drachten nog gedragen worden 444 of dat hun eigendommelijke schoonheid niet een nog levende schoonheid zou zijn1 die door de dragers niet duidelijk als zoodanig zou worden gekend4 ,zelfs de mode heeft in die nationale costumes de eigene schoonheid weten te waardeeren1 en veel motieven en kleur-combinaties zijn aan die drachten door de moderne vrouwenkleeding ontleend4 ,zelfs de kanten mutsjes1 die men nog voor kort--door hun overdreven stijfgeplooidheid--nog zoo grootmoederlijk vond1 vinden thans bij de moderne dameskapsels navolging4 ,zoodat per slot het boersche en het onbeschaafde niet ligt bij die nationale drachten1 maar in de onkunde die er omtrent hen heerscht1 en bij de moderne modes die alle goeden smaak bederven1 en er eerder over gedacht zou moeten worden tot de oude volkskleedij terug te keeren dan ze af te schaffen4 ,althans als er sprake zou zijn van cultuur en ware goede smaak en1 indien terug-gaan als zoodanig ooit te verdedigen zou zijn4 ,intusschen is noch het een1 noch het ander het ware4 ,de tijd zal in deze ook op het gebied der kleedij een nieuw persoonlijkheids-idee doen ontstaan1 die bij de oude nationale drachten zoo levend en zoo kenbaar was1 en die in de moderne costumeering slechts bij zeer hooge uitzondering tot uiting komt en bereikt wordt4 ,en1 persoonlijkheid1 ook in kleeding1 is toch immers slechts het eenige kenmerk van ware cultuur--dat is1 van een van binnen-uit gekomen zelf-ontwikkeling1 zelf-opheffing1 zelf-verbetering4 ,,ii4 ,,de ,,nederlandsche ,,nationale ,,kleederdrachten4 ,a4 ,,algemeen ,,overzicht4 ,thans1 in #aiaf--;en reeds in #aiab op het feest in ,nationale kleederdrachten te ,amsterdam1 moet geconstateerd worden dat van de ,nederlandsche-eigen-volks-kleedij niet veel meer over is1 en dat wat er nog is1 zienderoogen en jammerlijk verandert en verdwijnt4 ,en het gaat met dat verdwijnen ieder jaar sneller4 ,op zichzelf zou men hier niet over moeten treuren1 omdat met het verdwijnen van dat1 wat afgedaan heeft1 de plaats vrij wordt voor nieuw leven4 ,maar erger is het dat vele drachten zoo deerlijk veranderd worden1 zoo verknoeid worden moet men zeggen1 door toevoegsels of veranderingen die enkele dragers 7maar vooral draagsters7 aan deze kleedij aanbrengen4 ,dat veranderen heeft er meer toe bijgedragen dat algemeen wanbegrip dat onder het groote publiek over die costumes heerscht te doen ontstaan1 dan de werkelijke costumes zelf4 ,aan het origineel erkent men tenminste het ware1 al vindt men het niet mooi4 ,de eigen-gereide verandering wordt in den regel echter slechts lachwekkend4 ,ik denk hier aan de bekende capotte-hoedjes--een overblijfsel van de ,fransche-,dames-,modes van omstreeks #ahhj--;die in het ,nederlandsche nationale costume zijn overgegaan1 onder den naam van de kiep 7,west-,friesland74 ,deze kiep wordt over de boeren-muts gedragen1 met banden onder de kin vastgeknoopt1 en is een toonbeeld van verregaande onredelijkheid en smakeloosheid4 ,zoo'n toevoegsel maakt het geheele costume en de draagster zelf werkelijk belachelijk4 ,dergelijke veranderingen maakten het nationale costume bespottelijk4 ,maar andere wijzigingen kwamen de moderne smaak meer in het gevlei1 ofschoon ze evenzeer tegen het wezen van de nationale dracht streden4 ,zoo dragen de ,zeeuwsche vrouwen op ,walcheren sinds eenige jaren een corset1 en maken zij hun vele rokken niet meer van zoo dikke wollen stoffen4 ,het gevolg is dat er veel meer teekening in hun figuur kwam1 en bijna eenzelfde lijn als de moderne dames-costumes werd verkregen4 ,voeg daarbij dat de van nature zoo wel gebouwde ,walcherensche vrouwen al reeds uit zichzelf een meer moderne verschijning hebben dan bijvoorbeeld de ,marker vrouwen1 dan begrijpt men hoe op ,walcheren de nationale dracht voor de vrouwen zoolang en zoo algemeen mode kon blijven4 ,ze flatteerde in hooge mate1 ze kwam de lijn van het moderne vrouwen-costume nabij1 en ze bleef toch schijnbaar nationaal zonder dit echter in werkelijkheid geheel te zijn4 ,ziedaar een voorbeeld van verandering1 die althans niet aesthetisch storend werkt en daarom het uiterlijk van het nationaal costume als zoodanig niet geheel ten nadeele komt4 ,maar behalve de veranderingen die iedere draagster1 naar eigen smaak1 aan haar eigen dracht aanbrengt1 zijn er andere factoren die op het verdwijnen van de nationale costumes van grooten invloed zijn4 ,want 4444 ze verdwijnen langzaam maar zeker--al die bonte1 typische1 nationale ,nederlandsche-volks-eigen drachten1 met zoo eigen schoonheid en charme4 ,de groote en uitgebreide correspondentie1 die ik sinds #aiab met belangstellenden over dit onderwerp voer1 bewijst dit4 ,gemeentelijke autoriteiten zoowel als priv-personen1 uit alle deelen van ons land1 zij allen zijn het er over eens dat die drachten zienderoogen verminderen4 ,en--komt men ter plaatse zelf--dan zullen het u alle oude vrouwtjes verhalen hoe in hun jeugd allen minstens nog mutsen droegen1 terwijl thans 7#aiaf7 de jeugd1 in diezelfde streken1 geen enkel spoor van nationale dracht meer in haar kleeding toont4 ,de ouderen herinneren zich1 dat in hun jeugd bijna allen in nationale kleedij gingen1 althans met de muts en de rest van de kleeding was dan althans van ouderwetsche stof1 snit en kleur4 ,de menschen van middelbaren leeftijd van thans 7#aiaf7 tooien zich nu en dan nog met de muts en het oorijzer of de gouden sieraden1 die van de ouders zijn gerfd1 en dan nog alln uit piteit voor hun voorzaten4 ,maar de jeugd van dezen tijd 7#aiaf7 is volkomen modern4 ,dit geldt voor het allergrootste deel van ,nederland1 en in de allereerste plaats de groote steden en hun omgeving1 zelfs in streken als ,zeeland1 op ,marken1 ,urk en in andere plaatsen1 waar de dracht nog vrij algemeen is1 vindt men al huisgezinnen1 waar slechts een deel van de kinderen in nationaal costuum gaan1 de anderen bekeerd zijn1 zooals ik eens een jong meisje van #ac jaar1 7in ,huizen7 die modern droeg1 hoorde zeggen4 ,de moderne jeugd is zoogenaamd te verstandig1 en na dit geslacht zal in het volgende wellicht alle herinnering aan de nationale kleedij in ,nederland verloren zijn1 met uitzondering van een paar streken1 waar thans nog de oude dracht algemeen en in zijn geheel gedragen wordt4 ,maar die streken worden hoe langer hoe kleiner4 ,want een andere oorzaak van het veranderen1 en daardoor verdwijnen van de nationale kleedij1 is de kostbaarheid van die dracht4 ,en ook vereischen de meeste van die costumes zeer veel kennis om ze te vervaardigen1 ze zijn lastig in het dragen1 en kostbaar in onderhoud1 vooral de kanten mutsen en kappen1 die meestal door speciale strijksters moeten behandeld worden4 ,ook dit zijn ongemakken1 die de moderne jeugd gaarne ontgaan wil1 vooral omdat de nieuwerwetsche kleeding zooveel eenvoudiger en losser in het dragen is en geheel gereed in winkels kan worden gekocht4 ,maar daar staat tegenover1 dat vele van die oude drachten zoozeer flatteeren4 ,en 4444 welke vrouw zou dat niet zien 4444 en waardeeren1 en haar veel moeiten doen vergeten4 ,zoo die ijdelheid dan--voor zoover de vrouwencostumes betreft--voor een deel oorzaak zou kunnen zijn1 dat enkele van die oude drachten langer zouden kunnen blijven voortbestaan1 niet aldus met de mannendracht4 ,daar geeft het practische den doorslag1 ofschoon hier en daar nog een klein gevoel voor de geboorteplaats en een koppig vasthouden aan oude gebruiken tot de instandhouding van de plaatselijke dracht zal blijven medewerken4 ,over het algemeen moet echter vastgesteld worden1 dat de nationale ,nederlandsche kleedij langzaam maar zeker verdwijnt1 en dat vooral dit nu levende geslacht 7#ahgj-aibj71 de grootste veranderingen op dit gebied mee maakt4 ,b4 ,,waar ,,worden ,,de ,,nederlandsche ,,nationale ,,kleederdrachten ,,gedragen8 ,in ieder van de elf ,nederlandsche provincin wordt de nationale dracht op zeer verschillende wijze in stand gehouden4 ,in enkele streken komt ze thans 7#aiaf7 nog veelvuldig voor en wordt ze in haar geheel1 in onder- en bovenkleeding1 zoowel door de mannen als de vrouwen en de kinderen in eere gehouden4 ,in andere gedeelten van ons land1 en dat is wel het grootste deel1 vindt men er nog slechts de gedeeltelijke overblijfselen van4 ,die gedeeltelijke dracht bepaalt zich dan hoofdzakelijk tot de vrouwen-kleeding1 waarbij alleen de kap en het oorijzer en eenige bijzondere gouden en bloedkoralen lijfsieraden behouden bleven4 ,het verdere gedeelte van de kleeding dier vrouwen is dan een soort stadsdracht1 waarin zekere vormen en versieringswijzen van de oude drachten zijn overgebleven1 maar in heel andere stoffen1 heel andere 7meestal effen7 kleuren zijn uitgevoerd1 een en ander vervormd door den invloed van modedrachten van bijna een generatie terug4 ,dit halve nationale kleed heeft dus in ieder geval een bijzonder cachet1 maar zij is de bij uitstek smakelooze1 boersche en onbeschaafde en is de ergste vijand van de volledige nationale dracht geworden1 omdat ze zoo voor ieder in het oog vallend dualistisch verkeerd1 daardoor zoo leelijk en daarom zoo belachelijk is4 ,en in het overige deel van ,nederland zijn zelfs alle sporen van de ouderwetsche dracht verloren gegaan4 ,dit is vooral zoo in de groote steden en centra van industrie1 en dan voornamelijk onder de bevolking die van deze industrie leeft4 ,de boeren hebben in die streken soms nog hun eigen dracht--geheel of gedeeltelijk--behouden4 ,een merkwaardig voorbeeld van dien verderfelijken invloed van de industrie op onze nationale kleederdrachten ziet men in ,vlissingen1 dat geheel gemoderniseerd is1 terwijl op het overige gedeelte van het onvolprezen schoone ,walcheren1 tot zelfs onder de poorten van ,vlissingen zelf1 de inheemsche dracht in zoo bijzondere eer wordt gehouden4 ,zoo men de streken waar de nationale kleedij veel1 minder of in 't geheel niet meer gedragen wordt1 op de kaart van ,nederland aanteekent1 dan zal het opvallen1 hoe de volledige kleedij alln nog maar voorkomt in twee scherp afgescheiden centra 7zie bl4 #a74 ,het eene omvat ,zeeland1 en dan nog hoofdzakelijk alleen de eilanden ,walcheren en ,zuid-,beveland1 en een deel van ,staats-,vlaanderen4 ,het andere strekt zich uit langs de kust van de ,zuiderzee1 van ,staphorst 7in ,overijsel7 in het ,noorden1 tot ,huizen 7in ,noord-,holland7 in het ,zuiden4 ,de eilanden ,urk1 ,marken en ,volendam 7dat zoo goed als een eiland op het land is7 moet men ook tot dat centrum rekenen4 ,buiten deze twee zich zeer duidelijk afteekenende streken1 wordt het nationale costuum in ,nederland nergens meer compleet gedragen4 ,in alle andere streken komt het gedeeltelijk voor1 zelfs in de dorpen langs de ,noordzee1 waar voor ,scheveningen1 wat de vrouwenkleeding betreft1 een soort uitzondering gemaakt zou kunnen worden4 ,de streken1 waar de nationale dracht gedeeltelijk voorkomt1 strekken zich om deze centra uit1 ook in de groote steden zijn de drachten zoo goed als geheel verdwenen1 zoo men tenminste niet de zeer enkele oudere vrouw die nog alleen een eenvoudige muts 7de gewone ,hollandsche hulle7 draagt1 of enkele weezen-costumes mee wil rekenen4 ,in het algemeen kan men echter zeggen dat dit gedeeltelijk costume in het grootste 7westelijke7 deel van de ,provincie ,friesland nog gedragen wordt1 op enkele van de ,noordzee eilanden1 in ,noord-,holland 7in hoofdzaak ,west-,friesland71 op het platteland in ,zuid-,holland en ,utrecht1 de noordelijke ,zeeuwsche eilanden1 langs der ,gelderschen ,i,jsel in den achterhoek van ,gelderland1 in het land tusschen ,maas en ,waal en in het noordelijk en westelijk deel van ,noord-,brabant4 ,in ,groningen1 een groot deel van ,drenthe en ,overijsel1 in zuid-oostelijk ,noord-,brabant en in ,limburg is echter de dracht geheel verdwenen1 bijna ieder spoor is er van uitgewischt4 ,de overgangs-periode van heele op gedeeltelijke dracht1 die het geslacht dat thans 7#aiaf7 ongeveer vijftig jaar is1 heeft meegemaakt1 wordt door de jeugd uit dezen tijd 7#aiaf7 overgeslagen4 ,zelfs in centra waar de drachten om veel redenen nog in zeer groote eere zijn1 beginnen enkele jongeren direct met algeheelen afstand van het nationale costume te doen en kleeden zich1 niet alleen op zijn stadsch maar zelfs naar de laatste buitenlandsche mode1 nu deze nieuwere vormen en opvattingen zooveel spoediger tot de landelijke bevolking doordringen dan dit een geslacht geleden gebeurde4 ,en1 waar deze volledige verandering van costumeering1 zoo zonder overgangsproces1 plaats grijpt1 is het begrijpelijk dat voor de nationale drachten het grootste gevaar dreigt om in betrekkelijk zeer korten tijd volkomen te verdwijnen4 ,c4 ,,over ,,den ,,invloed ,,van ,,den ,,godsdienst1 ,,ras1 ,,rang1 ,,stand ,,en ,,beroep ,,op ,,de ,,nederlandsche ,,nationale ,,kleederdrachten4 ,de invloed van den godsdienst op de nationale drachten is een zeer bijzondere4 ,niet alleen dat de vorm van het costume ook zelfs naar den godsdienst verschillend wordt1 zooals dit zeer sterk is op ,zuid-,beveland1 maar het blijkt dat de godsdienst ook van invloed is op het behoud onzer nationale drachten4 ,over het algemeen heb ik opgemerkt dat in meer orthodoxe streken--zoowel protestantsche als roomsch-katholieke--de drachten langer bewaard blijven dan in minder godsdienstige1 zoodat dus de godsdienstige factor als eene ten goede voor de drachten moet worden aangemerkt4 ,de invloed van het ,ras laat zich ook in den vorm van de costumes nawijzen zooals ik dat reeds hier en daar in dezen text doe4 ,hierover hebben ook ,dr4 ,jos4 ,schrijnen1 in zijn hoogst belangrijk boek over ,nederlandsche volkskunde1 ,prof4 ,j4 ,h4 ,gallee in zijn werk over ,het boerenhuis in ,nederland en zijn bewoners1 en ,prof4 ,l4 ,bolk in zijn verhandeling over ,de bevolking van ,nederland in haar anthropologische samenstelling1 hun zienswijzen en de resultaten van hun studin neergelegd4 ,de rang en stand in de maatschappij heeft in zooverre ook haar invloed op de nationale drachten doen gelden1 dat de costumeering rijker en fraaier werd1 naarmate de drager in betere sociale omstandigheden verkeerde4 ,op den vorm van de dracht had dit slechts weinig invloed1 men was niet gewend bijzondere kenteekenen1 om de standen te onderscheiden1 te dragen4 ,om deze redenen zijn dus onze nederlandsche nationale drachten echte volks-drachten4 ,anders is dit met de gelegenheids-kleedij4 ,niet alleen dat de vorm en de kleur van de kleeding der kinderen dikwijls van de dracht van de volwassenen onderscheiden is1 maar voornamelijk wordt het onderscheid groot tusschen daagsche1 feestelijke of rouw-kleedij4 ,dit is bij al onze nationale drachten min of meer het geval1 maar--begrijpelijkerwijze--daar het sterkst1 waar de drachten nog volledig door mannen en vrouwen gedragen worden1 omdat ook de oude zeden1 met die oude drachten1 behouden bleven4 ,de invloed van die zeden en gebruiken1 doet zich dan zeer sterk op de kleeding gelden1 en komt in de verscheidenheid van die kleedij bij vele gelegenheden tot uiting4 ,opmerkelijk is daarbij vooral de bijzondere fraaiheid en ingewikkeldheid van de trouw-costumes1 en--hoe zou het anders kunnen--vooral van deze gelegenheids-kleeding van de vrouwen4 ,overal wordt bij de costumeering van de bruid een zeer bijzondere prachtlievendheid1 zoowel in kleur als in bewerking van het costume1 ten toon gespreid4 ,maar ook het verschil in beroep bracht verschil in kleedij1 zonder dat er echter van een consequent doorgevoerde beroeps-kleeding kan gesproken worden4 ,zoo is er1 bijvoorbeeld op ,scheveningen1 verschil in de kleeding tusschen de visschers en de dorps-bewoners 7die andere bezigheden hebben74 ,maar over het algemeen is de afwijking van het algemeene type der locale kleeding tengevolge van beroep of stand niet zeer groot4 ,de grootste variatie wordt veroorzaakt door de gelegenheid waarbij het costuum gedragen wordt4 ,ten slotte zou nog een afzonderlijk hoofdstuk te wijden zijn aan de weezen-costumes4 ,ofschoon deze1 als uniformen1 niet tot de eigenlijke nationale kleedij gerekend kunnen worden1 staat daar tegenover1 dat het wezen en de vorm van vele dezer drachten toch zoo nauw bij de eigenlijke volksdrachten aansluiten1 er zoo zeer uit voortkomen en er zich zoodanig mee hebben vermengd1 dat deze meestal toch ook ouderwetsche costumeeringen hier noodzakelijk in het kort besproken moeten worden4 ,enkele van deze costumes zijn hier in dit boekje afgebeeld en beschreven1 om toch vooral ook niet deze zoo typeerende kleedij te vergeten1 die door een groot deel van het publiek zoo goed gekend wordt1 en die1 naast de werkelijke nationale drachten1 toch ook veel aardigs en eigens aan de lokale kleur van enkele ,hollandsche steden hebben bijgezet4 ,de mooie ,amsterdamsche burgerweesjes1 die uit ,haarlem1 uit ,leeuwarden en zoovele andere steden1 mochten in dit bestek ook niet vergeten worden4 ,d4 ,,over ,,de ,,beteekenis ,,van ,,onze ,,nederlandsche ,,nationale ,,kleederdrachten ,,uit ,,een ,,ethisch ,,en ,,aesthetisch ,,oogpunt4 ,het ware zeer verkeerd onze nationale volks-kleederdrachten de maatstaf van een hooger schoonheidsbeginsel aan te leggen4 ,zij behooren1 als een van de vele monumenten van oude geschiedenis en kunst1 geheel gelijk gesteld te worden met de kleinkunst1 de gebruikskunst1 die uit het volk1 uit zijn aard1 zeden en gewoonten voortkwam1 zonder in wezenlijk of direct verband met de hoogste intellectueele waarde en geestelijke idealen van dat 7ons7 volk te staan4 ,en omdat ons ,nederlandsche volk zich in haar kunstuitingen1 zelfs in die van haar beste perioden1 steeds meer een volk van particulariseerend gevoel dan van veralgemeenende verstandelijkheid heeft betoond1 moet het ook niet verwonderen dat haar volks-kunst1 waaronder onze nationale kleederdrachten te rekenen zijn1 nooit belangrijker wordt dan wat met wat goede maar boertige smaak1 veel werk-kracht en een vroolijke maar oppervlakkige levensbeschouwing bereikt kon worden4 ,verheffend schoon zijn daarom onze nationale kleederdrachten niet1 maar ze zijn levensvol1 soms rijk1 soms fijn1 maar over 't algemeen meer aardig1 merkwaardig en typeerend dan inspireerend4 ,zij behooren1 gelijk zoovele opmerkelijke maar anders geen hoogere princiepen uitdrukkende meubelkunst en klein-architecteur1 tot dat zelfde soort monumenten van onze groote voorgeschiedenis gerekend te worden1 waarvan de overblijfselen nog voor een deel in enkele streken van ons land te vinden zijn is in oude buurtjes en grachtjes1 huisjes en hoekjes4 ,als zoodanig hebben zij dus in het werkelijke hedendaagsche leven van ons volk geen beteekenis meer dan die van curieuse bezienswaardigheid4 ,slechts in die gedeelten van ons land waar nog oude of ouderwetsche zeden en gewoonten heerschen1 hebben en behouden zij echter alleszins hun reden van bestaan1 en 4444 zijn zij nog de dragers van het levende volks-ideaal4 ,de schoonste van deze drachten zijn voornamelijk die welke door den ,frieschen stam gedragen worden1 te weten de costumes in ,friesland1 ,urk1 ,volendam en in ,zeeland4 ,bij deze alle moet een verfijning van vorm en kleurenkeus geconstateerd worden1 die op iets hoogers dan het gemiddelde volks-ideaal wijst1 die meer geestelijke ontwikkeling en aspiraties verraadt4 ,ook de meerdere voortreffelijkheid en schoonheid van dit ras boven de andere bewoners van ,nederland verklaart de meerdere belangrijkheid en grooter schoonheid van deze drachten boven de andere4 ,behalve de aristocratische allure die vooral het ,friesche costume haar draagsters geeft1 het bijzonder groot-burgerlijke van de ,hindelooperdracht1 de levens-volheid en natuurkracht1 waarvan de ,urker en ,volendammer kleedij getuigt1 wordt in deze het toppunt van evenwichtigheid bereikt in het ,zeeuwsche costume1 dat meer natuurlijk dan zoovele andere drachten 7bijv4 ,marken1 ,staphorst enz47 alle voordeelen van de eigenheid van het volk1 van het ras1 op zijn best en het schoonst tot uiting brengt en als onderstreept4 ,in de ,zeeuwsche drachten 7vooral die van ,zuid-,beveland en van ,walcheren7 komt den wil zich van anderen te onderscheiden1 hoogere1 meer intellectueele idealen uit te drukken1 dieper levenskijk te hebben zoo volmaakt en zoo harmonieus tot zijn recht in een even smaakvolle als stijlvolle kleedij1 die als genspireerd en gecomponeerd schijnt op de bijzondere lichamelijke schoonheid van dit zeeuwsch-friesche ras1 dat ongetwijfeld het schoonste1 en naar den bouw van het lichaam het meest algemeen-menschelijk-normale deel van het nederlandsche volk is4 ,werkt den aanblik van het ,nederlandsche nationale costume dan niet altijd verheffend1 is het in zich zelf niet altijd even hyginisch1 lijkt het soms meer vreemd en gezocht dan origineel1 soms meer bont dan kleur-rijk1 soms meer merkwaardig dan mooi1 het geeft in zijn groote verscheidenheid een zeer juisten blik op de ,nederlandsche volkspsyche4 ,de klein-burgerlijkheid1 die een hoofdkenmerk van ons volk is1 en die dikwijls tot boerschheid wordt1 komt in enkele van die drachten ten zeerste uit1 zooals die van ,marken1 ,gelderland en ,noord-,brabant4 ,aan den anderen kant echter zijn er elementen in die volks-kleedij1 die zich bijna boven de groot-burgerlijkheid tot een soort regenten-aristocratie verheffen1 zooals de provinciale 7oude7 dracht in ,friesland en ,zeeland1 waar door verfijnden smaak in kleuren en vormen iets hoogers bereikt wordt1 al wordt die meer aesthetische werking van deze drachten dan voor een groot deel veroorzaakt door de grootere rasschoonheid van de dragers1 en--speciaal van de draagsters4 ,wil men deze historische drachten1 en wat er thans nog van over is1 op deze wijze beschouwen1 dan blijken ze even waardevol voor de kennis van de ,nederlandsche volks-ziel als de oude meubelen1 architectuur en het allergrootste deel van onze nationale schilderschool4 ,ze zullen altijd hun waarde aan hun oprechtheid en waarheidszin blijven ontleenen1 zoowel aesthetisch als ethisch1 ze zullen aldoor als een werkelijke afspiegeling van den geest en de idealen van ons volk moeten worden erkend4 ,en 4444 staan zij in dat opzicht lager1 of zijn zij minder belangrijke of minder hooge kunst dan al het andere1 wat ons van het voorgeslacht bleef8 ,ik betwijfel het4 ,de beste uitingen van onzen ,nederlandschen volksaard1 op het gebied van welke kunst van het verleden of van het heden men het dan ook neme1 zijn en blijven1 voorzoover het specifiek ,hollandsche wat er aan is1 toch immers niets anders dan uitingen van boeren1 burgers en buitenlui4 ,en onze nationale kleederdrachten behooren werkelijk niet tot de minst-belangrijke van die uitingen van boeren-kunst6-- ,e4 ,,litteratuur ,,over ,,de ,,nederlandsche ,,nationale ,,kleederdrachten4 ,alvorens tot een korte beschrijving van die nationale drachten1 zooals zij thans 7#aiaf7 zijn1 over te gaan1 moge hier een kort overzicht volgen van de publicaties die--voor dezen--over dit onderwerp zijn verschenen4 ,een blik op de goede1 of goed bedoelde beschrijvingen en afbeeldingen van deze drachten1 hoe zij waren en zijn1 en tevens een woord over de slechte en niet goede afbeeldingen1 kan hier hen1 die omtrent dit onderwerp meer willen weten1 een korte leiddraad geven4 ,want beide soort publicaties over onze zooveel bewonderde en tegelijk zoo zeer gesmade en belachelijk gemaakte nationale drachten1 moge hier eenige critiek vinden4 ,in 't algemeen mag gezegd1 dat de goed-bedoelde1 zoowel als de slechte beschrijvingen en afbeeldingen van deze costumes1 ieder het hunne hebben bijgedragen om de kennis en waardeering in de war te brengen4 ,enkele goede1 en meer wetenschappelijke1 d4 w4 z4 meer juiste beschrijvingen daargelaten1 moet het meeste van wat over dit hoogst belangrijke maar uiterst omvangrijke onderwerp werd gepubliceerd1 tot de romantische en lyrische proza en pozie gerekend worden4 ,bijna steeds waren het slechts phantasien die men gaf1 prent-verbeeldingen1 plaatjes1 groepjes die wel het schilderachtige1 het aardige1 lieve en typeerende van het uiterlijke dezer drachten gaven1 maar meer ook niet4 ,zoo is een van de eerste publicaties op dit gebied1 de uitgave van ,j4 le ,francq van ,berkhey uit #aggc1 meer bezingend dan beschrijvend4 ,behalve een zeer objectief boekje over ,hindeloopen1 dat in #ahee te ,leeuwarden verscheen1 zijn de publicaties van ,e4 ,maaskamp uit #ahjc en de ,karakter-schetsen1 kleederdrachten1 enz4 in #ahdb door de ,nederlandsche ,maatschappij van ,schoone ,kunsten in ,den ,haag gepubliceerd1 niet anders dan prentenboeken te noemen1 waarbij den text meer lyrische ontboezemingen zijn1 dan beschrijvingen4 ,zoo is het ook met de lithographische platen van ,valentijn ,bing en ,braet von ,ueberfeldt1 in #aheg uitgegeven1 ofschoon hier een paar prenten met goede dtails aan zijn toegevoegd4 ,de vele atlassen1 die in de bibliotheek van het ,rijks ,museum1 en in de verschillende oudheidkundige genootschappen bijeengebracht zijn1 waaronder de verzameling van ,f4 ,muller 7,amsterdam #ahgi7 wel een van de voornaamste is1 bevatten slechts losse platen1 met geen of te weinig beschrijvenden text4 ,de voorstellingen uit den tijd vr dat de photographie in dienst van deze wetenschappelijke onderzoekingen werd gesteld1 zijn allen te artistiek1 geven te kennelijk slechts den persoonlijken indruk van den lithograaph of teekenaar weer4 ,de meeste van deze voorstellingen zijn dan ook geen objectieve afbeeldingen van bepaalde costumes1 het zijn slechts tafreelen3 een boer1 een dienstmeid1 zonder verder te praeciseeren4 ,de geschiedenis van de nationale kleederdrachten1 die uit dit materiaal alln zou moeten worden samengesteld1 zou derhalve een zeer twijfelachtige wetenschappelijke waarde krijgen4 ,later begon men echter juister beschrijvingen van de nationale drachten te geven1 toen ook de photographische afbeelding bespreking van dit onderwerp in verschillende tijdschriften toeliet4 ,een van de eersten die stelsel-matig in dezen te werk ging1 was ,mr4 ,j4 ,e4 van ,someren ,brand4 ,reeds in #ahic verschenen opstellen van zijn hand over speciale dtails van dit omvangrijke studie-vak1 in ,elseviers maandschrift4 ,bijzonder mooi gellustreerde opstellen verschenen later in ditzelfde tijdschrift1 in ,buiten1 en andere periodieken4 ,het meest complete en het meest als een wetenschappelijke verhandeling bedoelde werk1 is echter de reeds hierboven genoemde standaard-uitgave van ,professor ,j4 ,h4 ,galle1 over het ,boerenhuis in ,nederland en zijn bewoners4 ,een geheel zelfstandige serie platen en een opstel van ,professor ,galle zelve1 en een over de ,anthropologische samenstelling van de bevolking van ,nederland1 van de hand van ,prof4 ,l4 ,bolk1 is aan deze uitgave--die eigenlijk in hoofdzaak over de boerenwoningen gaat--toegevoegd4 ,hoe voortreffelijk dit werk echter ook moge zijn1 moet toch betreurd1 dat ,professor ,galle waarschijnlijk niet over de noodige bladzijden voor text en illustratie kon beschikken1 om niet alleen het uiterlijk aspect van enkele onzer nationale drachten af te beelden en t globaal te beschrijven1 maar om ook de onderkleeding te hebben kunnen behandelen4 ,bovendien missen deze prenten1 die alle naar photographie genomen zijn1 de kleur4 ,en1 die kleur is een zoo belangrijke factor in die kleurvolle en kleurige volks-kleedij1 dat ze1 zonder deze1 niet in afbeeldingen in zwart te begrijpen is4 ,voor ,zeeland publiceerden ,dr4 ,j4 ,c4 de ,man en ,j4 ,a4 ,frederiks in #ahid een beschrijving van de ,zeeuwsche drachten4 ,ook verscheen een plaat in kleuren waarop alle ,zeeuwsche kleederdrachten1 tot een schilderachtige groep vereenigd1 staan afgebeeld4 ,deze plaat werd uitgegeven onder leiding van ,mr4 ,j4 ,e4 van ,someren ,brand1 den bijeenbrenger van een hoogst belangrijke collectie costumepoppen4 ,ofschoon deze prent1 naar omstandigheden1 7lithographie in kleuren naar een kleurlooze photo7 zeer belangrijk is1 is ze niet voldoende4 ,het is ondertusschen te bejammeren1 dat van de andere provincies niet dergelijke prent-verbeeldingen zijn gemaakt4 ,deze plaat werd uitgegeven door de ,uitgevers ,mij4 ,elsevier1 in #ahid4 ,een nog altijd niet geschreven standaardwerk over onze nationale kleederdrachten zal niet alln de boven1 maar ook de onderkleeren in al haar dtails moeten beschrijven en afbeelden1 niet alln in zwart1 maar ook 7en vooral7 in kleur4 ,en niet alln zal het effect dat deze drachten op den beschouwer maken1 moeten worden weergegeven1 maar vr alles het wezen1 de ware vorm1 de constructie van die kleedij in schematische verbeeldingen moeten worden vastgelegd1 ondersteund door photo's naar de dragers en draagsters zelf1 opdat ook de wijze van dragen1 de habitus der bevolking1 hun uiterlijke ras-eigenaardigheden voor het nageslacht duidelijk bewaard mogen blijven4 ,tot zoover over de goed-bedoelde en goede publicaties over onze nationale drachten4 ,thans over de slechte1 de verkeerde1 zelfs de leugenachtige4 ,en tot deze laatste moeten vooral de duizende prentbriefkaarten gerekend worden die in de laatste tien jaren1 in den handel zijn gebracht4 ,behalve dat deze prentjes slechts kiekjes1 plaatjes te zien geven1 zijn de gekleurde uitgaven1 die in deze bestaan1 meestal in het buitenland vervaardigd1 en daardoor in den regel hopeloos verkeerd4 ,ze accentueeren het bonte1 boersche1 onbeschaafde1 door foutieve op-kleuring nog meer1 zoodat deze verkeerde series veel misverstand omtrent onze nationale kleedij in de wereld gebracht hebben4 ,maar niet minder zijn daar de vele reclameplaten schuld aan1 en de wijze1 waarop zich 7vooral de ,amerikaansche7 reclame van een zoo dankbaar en dutchy 7lees3 mal7 motief heeft meester gemaakt als de ,hollandsche nationale drachten den niet begrijpenden boodt4 ,die verkeerde1 en dikwijls opzettelijk verkeerdelijk aangedikte voorstellingen hebben onze nationale kleederdrachten in het oog van den buitenlander 7en--terugwerkend1 in het oog van vele ,hollanders7 een zeer slechten roep bezorgd4 ,zelfs ging een deel van deze verkeerde gedachten op ,holland en de ,hollanders over4 ,dit kon des te makkelijker1 omdat de kennis van de algemeene aardrijkskunde1 en speciaal van het kleine ,nederland1 in de groote landen 7vooral ,amerika1 ,engeland1 ,frankrijk7 onder het beschaafde publiek niet bijzonder ontwikkeld is4 ,men is toen1 in dat groote buitenland1 die boerschheid1 onbeschaafdheid en lachwekkende logheid1 die men1 door die verkeerde voorstellingen1 gedwongen werd te zien1 voor den geest van ,holland en zijn bewoners gaan houden4 ,en dit heeft een juist begrip omtrent en kennis van het ware ,holland in de wereld niet bevorderd4 ,en toch--dit alles had voor een deel vermeden kunnen worden1 zoo er een goed standaardwerk over onze nationale kleederdrachten bestaan had4 ,maar tot nog toe hebben onze nationale kleederdrachten1 ofschoon zij evenzeer een levende uiting van den geest der vaderen zijn1 nog niet die aandacht der officieele en wetenschappelijke wereld tot zich getrokken1 die zij om zooveel redenen werkelijk verdienden4 ,hier blijft thans nog de collectie aangekleede poppen te vermelden1 die in de verschillende musea in den lande de herinnering aan die nationale drachten levendig zullen houden1 als die drachten zelf dan niet meer door de bevolking zullen worden gedragen1 en 4444 als die poppen en hun kleedij tegen dien tijd niet door de mot en andere oorzaken zullen zijn vergaan4 ,reeds in #ahih werd door ,mr4 ,j4 ,e4 van ,someren ,brand1 toenmaals ,directeur van het ,stedelijk ,museum te ,amsterdam1 een verzameling van ongeveer honderd verschillende nationale costumes tezamen gebracht1 die in hooge mate merkwaardig is4 ,deze belangrijke collectie1 die tot ,september #aiaf in het ,rijks ,museum te ,amsterdam te zien was en waar zij1 om zooveel redenen1 op de eenige haar toekomende plaats was1 is sinds dien1 jammer genoeg1 naar het openlucht ,museum te ,arnhem uitgewezen4 ,behalve deze collectie zijn minder omvangrijke verzamelingen van meer plaatselijke costumes1 op poppen gemonteerd1 in de musea van ,middelburg1 ,leeuwarden1 ,hindeloopen en andere steden opgesteld4 ,en behalve deze poppen1 worden in menige familie enkele ouderwetsche drachten in hun geheel of in gedeelten als kostbare--maar doode--herinneringen aan het voorgeslacht bewaard4 ,vooral is dit het geval in ,friesland1 waar echter nu en dan den gewestelijken geest weer levend wordt1 zoodat bij bijzondere feestelijkheden deze costumes nog wel voor den dag komen1 om te getuigen1 dat het gevoel van eigenheid nu en dan nog wakker kan worden4 ,maar behalve deze hier in 't kort opgesomde beschrijvingen en plaatjesachtige verbeeldingen1 deze prent-briefkaarten en poppen in nationaal costume en die enkele1 in oude kasten en stoffige doozen bewaarde kleedingstukken1 is van de nationale drachten in ons land niets over1 dan wat er in de verschillende streken nog gedragen wordt1 heele1 halve1 veranderde en onjuiste kleeding1 die zoo is1 omdat ze zoo is1 waar moeielijk eenige juiste en wetenschappelijke critiek op gegeven kan worden en die de eenige reele bron is voor onze kennis van dit bijzondere monument van echt ,hollandsche geschiedenis en kunst4 ,een korte inventariseering1 van dat1 wat heden 7#aiaf7 nog van die nationale volks-kleedij in werkelijkheid over is1 beoogt dit boekje4 ,f4 ,,wat ,,werd ,,en ,,wordt ,,er ,,voor ,,de ,,instandhouding1 ,,de ,,belangen ,,en ,,de ,,kennis ,,van ,,de ,,nederlandsche ,,nationale ,,kleederdrachten ,,gedaan4 ,ten laatste moge hier nog een korte beschouwing volgen over wat er voor onze zoo beroemde ,nederlandsche volksdrachten gedaan werd4 ,in de meeste landen waar eveneens zoo'n belangrijk monument uit het verleden1 als wij in onze nationale drachten hebben1 is overgebleven1 en dat bovendien een monument is1 in zich zelf zoo merkwaardig1 en dat zveel tot de waardeering van ons ,hollandsche land1 vooral bij den vreemdeling1 heeft bijgedragen1 wordt van overheidswege alles in het werk gesteld om die volkseigenheid te bestudeeren1 te doen voortduren1 en ze op allerlei wijze te beschermen4 ,in ,nederland evenwel1 de liberale leuze getrouw van laisser faire1 laisser aller1 een land1 waar tengevolge van die idee kunst geen regeeringszaak is en dus niet beschermd wordt1 werd en wordt officieel nog niets voor die nationale kleedij gedaan4 ,alle pogingen in deze ten goede1 gingen en gaan uit van particulieren4 ,de verzameling poppen1 die tot ,september #aiaf in het ,rijks ,museum op zijn eigenlijke plaats was1 werd door particulier initiatief1 door particulier geld bijeengebracht4 ,ook was het zoo met de verzamelingen in de provincin1 waar zich particulieren1 vereenigingen of genootschappen te werk stelden4 ,en deze laatsten hebben zeer goed werk gedaan4 ,maar de regeering deed niets4 ,ook dat moge een van de vele factoren zijn1 dat de nationale drachten in ,nederland1 om 't zoo te zeggen1 aan zich zelf overgelaten1 zoodanig vervormd1 veranderd en gehavend werden1 en per slot geheel zullen verdwijnen1 omdat het dragen er van niet van hooger hand werd aangemoedigd1 of op een of andere wijze beloond4 ,de pogingen die in dezen van priv-personen en vereenigingen uitgaan1 kunnen echter nooit dat gezag en die overtuigende ernst hebben1 die een lands-bestuur aan zijn verordeningen of wenschen geven kan4 ,en al deed en doet de vereeniging ,nehilennia in ,middelburg ook nog zoo haar best 7in een streek trouwens waar 't nog niet zoo heel erg noodig is7 deze en dergelijke vereenigingen zullen toch niet bij machte zijn met goed gevolg tegen de wassende wansmaak en vooroordeelen van de zoogenaamde stads-beschaving te strijden4 ,een van de beste middelen in deze echter1 wordt wel door die ,zeeuwsche vereeniging toegepast4 ,zij speculeert op de ijdelheid van de dragers 7meer speciaal van de draagsters7 van het nationaal costume4 ,geen beter middel had zij kunnen bedenken1 dan eenige personen in nationale dracht1 en daarna diezelfde personen 7eenige kinderen7 in stads-kleedij te laten photographeeren1 ,het onderscheid is z sterk1 dat het de meest van smaak ontbloote mensch treffen moet4 ,het is1 om 't zoo te noemen1 een afschrikwekkend voorbeeld4 ,zoo aardig en zoo geheel met een eigen cachet als die kinderen er uit zien in hun nationale dracht1 zoo leelijk1 zoo on-eigen1 zoo onbeschaafd zien zij er uit in het stadsch4 ,waarlijk1 de boerschheid komt in die kinderen dan eerst werkelijk uit als ze zoogenaamd beschaafd1 dat is3 op zijn stadsch1 gekleed zijn1 terwijl ze er in hun nationale dracht er heel wat minder boerachtig1 minder onbeschaafd uitzien4 ,met het veranderen van kleeding wordt dus door de boerenbevolking juist het tegenovergestelde bereikt van wat zij bedoelt4 ,en dt is het wat van overheidswege aan den volke had moeten en kunnen gedemonstreerd worden1 dat het niet vernederend of verachtelijk is om de nationale kleedij te dragen1 dat ze niet leelijk1 niet onbeschaafd is en niet achterlijk maakt1 maar dat juist het on-oordeelkundig en smakeloos dragen van de moderne stads-kleedij de dragers en draagsters belachelijk en leelijk maakt4 ,indien dit aan het volk gedemonstreerd was geworden1 zou dit aanschouwelijk onderricht van zeer veel invloed op de nationale drachten gebleken zijn4 ,want1 vooral bij de vrouwen is de indruk1 die zij in hun costuum maken1 toch nog maar altijd de hoofdzaak4 ,en die ijdelheidsfactor komt de nationale dracht ten goede4 ,vooral de mooiste1 natuurlijkste en meest rationeele drachten1 zooals de ,friesche en de ,zeeuwsche4 ,zoolang de vrouwen zelf zullen blijven inzien dat die kappen en mutsen van kant1 die gouden sieraden1 die keurig geplooide doeken en kleurige beuken1 die korte mouwen en lage-halsjes-dracht haar goed kleedt1 flatteert2 4444 en zoolang er mannen zullen zijn1 die deze schoonheid zullen opmerken 4444 en het de vrouwen zullen zeggen 4444 zal de nationale dracht in eere blijven4 ,het bewijs wordt immers reeds door de praktijk geleverd4 ,geen dame die in ,middelburg of ,goes gaat logeeren verzuimt het zich in de zoo flatteerende ,zeeuwsche dracht te doen photographeeren4 ,en1 indien een ,friesch meisje al de fijnheid en de ingeboren aristocratische allure van haar ras op het voordeeligst wil doen uitkomen 4444 dan zet ze een oorijzer op1 met een fijne kap en de diamanten speld op het voorhoofd1 dan doet ze kleurigzijden jurken aan1 het prachtige kanten schortje voor1 en witte kousen met lage schoentjes aan4 ,de nationale dracht vindt op die wijze een beschermster in zich zelf en in de vrouw4 ,maar wat haar het meest ten nadeel komt1 is dat ze kunstmatig in het leven wordt gehouden ten bate van het vreemdelingenverkeer4 ,dan verlaagt ze zich in haar dragers en draagsters tot bedelende comedianten4 ,en1 omdat dit door buitenlanders reeds zeer duidelijk is opgemerkt1 heeft dit soort propaganda van de nationale kleedij1 die nationale drachten zelf1 haar dragers en ook heel ,nederland1 in het buitenland zeer veel kwaad gedaan4 ,er zou van overheidswege tegen geageerd moeten worden4 ,want met de gebruikelijke onkunde omtrent de ,nederlandsche geschiedenis en aardrijkskunde1 die in het buitenland zelfs onder de meest ontwikkelde standen heerscht1 heeft deze verkeerde reclame tot de meest onwelwillende uitleggingen aanleiding gegeven4 ,zoo werd mij in ,amerika's hoofdstad1 ,washington ,d4 ,c41 door een dame1 een kunst-kritieken-schrijfster1 verweten1 dat het ,nederlandsche volk het bedel-eiland ,marken1 tot een schande voor heel de ,hollandsche natie in stand hield4 ,volgens haar was dat eiland1 met huizen1 bewoners en kleedij en al1 opzettelijk gemaakt om het den vreemdelingen lastig te maken met bedelarijen4 ,men moge1 in ,nederland1 zeggen dat die dame niet zeer goed op de hoogte was1 maar dat verhelpt de zaak niet4 ,dat exploiteeren van de nationale kleederdracht als vreemdelingen trekkende curiositeit kan niet anders dan tot misbruiken1 en tot de daarbij behoorende misvattingen bij den vreemdeling1 leiden4 ,en op die wijze zouden de nationale kleederdrachten een middel worden om ,nederland in het buitenland1 evenals ,itali1 den naam te bezorgen1 dat het zijn oude monumenten alln exploiteert als middel om te bedelen4 ,maar er is iets anders4 ,dat wat het meest voor de nationale kleederdrachten noodig was1 nog steeds het meest noodig is1 zoowel voor tijdgenooten1 landgenooten1 en vreemdelingen1 voor heden en vooral voor de toekomst1 dat is een volledige afbeelding en beschrijving van die drachten4 ,en het blijkt1 dat een particulier zich daar niet toe zetten kan1 tenzij hij een klein fortuin en een belangrijk aantal jaren en zeer veel moeiten aan deze inventariseering ten koste legt4 ,waar de regeering1 de gemeenschap in dezen niet het initiatief neemt en royaal 7dat is de eenige goede en mogelijke manier7 dit werk zelf ter hand neemt of aan een persoon opdraagt1 daar zullen de nationale drachten tevergeefs op den rijken1 maar tegelijk kundigen dolenden ridder wachten1 die zijn geld1 tijd en inzicht geven wil om de schoonheid van deze stervende princes 4444 zooals men met een beetje goeden wil de nationale kleederdrachten van ,nederland metaphorisch noemen kan1 in woord en beeld aan het nageslacht over te dragen4444 ,of zal die officieele en particuliere belangstelling en dat initiatief 4444 echt ,hollandsch1 ook weer zoo lang op zich laten wachten1 totdat het te boek stellen van al die gegevens 44444 niet meer mogelijk zal zijn64444 ,,iii4 ,,de ,,beschrijving ,,van ,,de ,,nederlandsche ,,nationale ,,kleederdrachten ,,in ,,de ,,verschillende ,,provinci,n4 ,,noord-,,holland4 ,noord-,holland heeft drie centra van nationale kleedij1 die geheel van elkaar gescheiden zijn4 ,dit zijn3 ,marken en ,volendam1 ,west-,friesland1 en het ,gooi4 ,in het overige deel van deze provincie--en vooral in ,amsterdam en omgeving1 is de dracht zoo goed als geheel verdwenen ofschoon men hier en daar oude vrouwtjes ziet met een kanten-muts1 die meestal de zeer eenvoudige ,hollandsche hul is1 om enkele weeshuisdrachten niet te vergeten4 ,langs de kust van de ,noordzee en op de eilanden is ook niet veel opmerkelijks1 behalve op ,terschelling4 ,a4 ,,marken4 ,van al de nationale kleederdrachten in ,nederland1 zijn die van ,marken het meest merkwaardig1 omdat ze het meest zonderling zijn4 ,zij vormen een type op zich zelf1 die van al de andere drachten zeer afwijkt1 zooals ook de ,hindelooper dracht in ,friesland4 ,maar ze zijn door de groote verscheidenheid van costumeeringen voor mannen1 vrouwen en kinderen1 de meest ingewikkelde kleedij1 die men bijna kan denken4 ,opmerkelijk is1 dat zich deze dracht in al zijn verscheidenheid tot op onzen tijd zoo volledig heeft kunnen handhaven1 en dat op een eiland1 dat zoo zeer van de zee te lijden heeft1 uit slechts een paar buurtjes van houten huisjes bestaat1 in zijn geheel even over de duizend inwoners telt1 en dat--'t ergst van al--zoo dicht bij een groot modern wereld-centrum--als ,amsterdam is1--ligt1 en dat zooveel door vreemdelingen wordt bezocht4 ,alle drachten die op ,marken voorkomen1 hier te bespreken1 is onmogelijk4 ,de voornaamste zijn deze3 #a4 ,de zuigeling 7zie bl4 #f7 7van beide geslachten7 wordt op bijzondere wijze in hemdjes1 jakjes1 mutsjes en wollen dekens1 als een stijve pop ingebakerd4 ,de kleuren van deze kleedij zijn zeer levendig1 meest allen met rood tot hoofdkleur4 ,de stoffen zijn van geweven of gedrukte katoen 7sits of cretonne7 en de versieringen bestaan uit kant1 7echte of machinale-linnen kant7 of uit borduringen in kruissteek4 ,de mutsen1 die deze jonge kinderen worden opgezet1 bestaan uit drie of vier witte en gekleurde kapjes overelkaar1 met een bandje onder de kin vastgehouden4 #b4 ,de jongens en meisjes tot zes jaren1 zijn hetzelfde gekleed1 in kleurige rokjes1 die naar onder wijd uitstaan4 ,beide dragen mutsen van gebloemde stof 7meest rood7 over witte ondermutsen4 ,het eenige verschil in de dracht van jongens of meisjes1 en waardoor men hen van elkaar kan onderscheiden1 is de vorm van het kleurige overmutsje1 dat bij den jongen meer een rond kalotje is en van boven1 op de kruin1 met een rozet is versierd4 ,de mutsen der meisjes zijn uit drie stukken1 n middenbaan met twee zijpanden1 en missen de kruin-versiering4 ,overigens hebben de jongens zoowel als de meisjes beide gekrulde haarvlechten langs de slapen en in den nek4 #c4 ,de meisjes-dracht blijft aldus tot hun zesde jaar4 ,dan krijgen zij een corset of rijglijf1 7zooals het op ,marken heet7 een zeer dik en stijf kleedingstuk van meestal bruine baai1 rijk geborduurd met bloemen in sterke kleuren 7zie bl4 #g74 ,dit rijglijf sluit1 met een lange witte feter van achter4 ,het is zoo stijf1 7door de vele balijnen7 dat de meisjes-figuren 7zie bl4 #h7 er die eigenaardige houterige1 stijve vorm door krijgen1 die ook de figuren van de volwassen vrouwen op ,marken kenmerkt4 #d4 ,de jongens krijgen op hun zesde jaar een broek1 7zie bl4 #e7 in plaats van hun rokken4 ,die broek is van donker blauwe of bruine baai1 in dezelfde wijde vorm als die van de volwassen mannen4 ,het bovenlijf van den jongen is echter nog ongeveer gekleed als van het meisje1 en hij draagt nog het mutsje met de lange krullen4 #e4 ,op zevenjarige leeftijd krijgt de jongen volkomen mannenkleeren aan1 bestaande uit een baaitje van blauwe stof1 halsdoekje1 twee knoopen in de kraag1 en een pet of hoedje op4 #f4 ,de jonge meisjes krijgen op hun zestiende jaar de kleeren van volwassen vrouwen4 ,de volledige beschrijving van een dagelijksch ,marker vrouwencostuum volgt hier3 7zie bl4 #b1 #c1 #d1 #e47 ,zij draagt1 over het bloote lijf1 een linnen 7ongebleekt katoenen7 hemd met lange mouwen4 ,aan den hals is een staande boord1 die met kruissteek in zwarte wol1 met geometrische figuren is versierd4 ,een dergelijken rand siert ook het eind van de mouwen1 om de polsen4 ,dit halskraagje heet beffie4 7,zie bl4 #a47 ,deze ornamenten blijven steeds bij het ,marker costume te zien1 zelfs ook als de vrouw geheel aangekleed is4 7,zie bl4 #a1 #b47 ,over het hemd komt de onderbroek met bandjes1 van wit katoen1 met dikke 7blauwe7 wollen kousen1 die onder de knie worden opgebonden4 ,over het hemd gaat een mouw-vest van wit katoen1 even over de taille reikend1 zonder boord1 van voren sluitend1 met mouwen van gestreept 7rood en wit7 katoen4 ,dit mouwvest heet mouwen4 ,over deze mouwen komt het rijglijf 7zie fig4 #d7 of het corset1 althans een kleedingstuk dat de dienst doet van keurs of corset4 ,het is van bijzonder zware en dikke constructie1 van donker blauwe baai of wol1 gevoerd met witte wollen stof4 ,tusschen deze voering zijn van voren en van achter 7niet op zij7 balijnen aangebracht4 ,de vorm is die van een keurslijf1 het gaat over de schouders1 heeft armsgaten1 rijkt even over de taille en is van voren iets uitgesneden4 ,het wordt--van voren--dicht gesnoerd met een lange witte feter4 ,het opmerkelijke van dit kleedingstuk1 is de rijke ornamenteering met geometrische bloemen in zeer sterke kleuren4 ,om de heupen worden rollen aangebracht1 langwerpige kussens1 die de rokken wijd-uit moeten doen staan en het figuur van de draagster moeten verbreden4 7,zie bl4 #b47 ,over dit rijglijf komt1 van voren1 de borstlap1 een stuk vurig roode baai1 vierkant1 dat met spelden wordt vastgezet4 ,daarover komen de voorpanden1 een soort bolero-vormig jakje1 van voren van vuur-roode baai1 terwijl het achterpand van 7meest paarsche7 satinet is4 ,over de broek heeft de ,marker vrouw eerst de onderrok aangelegd1 een zeer dikke rok van ruig 7bruin-rood7 baai1 van onder afgezet met een gelen band1 van voren sluitend1 met een grooten zak1 rechtsch4 ,deze rok heet het ruigje4 ,over dit ruigje komt het schort1 een groote wijde donkerblauwe rok van baai1 laken of serge4 ,het is zeer dicht-ineen geplooid van achter1 van voren hangt het rechter1 zoodat het1 naar onder1 het figuur van de draagster zeer omvangrijk maakt4 ,over dit schort komt het boezel1 de boezelaar1 van donkerblauw katoen1 van boven versierd met een stuk van geweven1 geruite 7blauw-witte7 katoen4 ,over de voorpanden komt de bouw1 het sieraad van de ,marker-vrouwendracht4 ,het bestaat uit een vierkant lapje1 gebloemde sits of satinet1 en wordt op de onderkleeding vastgespeld4 7,zie bl4 #a47 ,over de mouwen komen nog halve overmouwen1 die van den pols tot den elleboog rijken1 van 7meestal7 paarsche satinet1 met gele boordsels4 ,om den hals komt dan nog het halsdoekje1 een vierkant1 van in blok-versiering geweven 7meestal rood7 katoenen doekje1 dat op bijzondere wijze wordt geplooid1 en aan de punten versierd is1 met zilveren en koralen kwastjes 7akertjes74 ,bij dit costume draagt de ,marker vrouw in huis1 of zondags1 muilen 7van zwart leer71 in de week klompen4 ,gaat zij met slecht weer 7of 's winters7 uit1 dan heeft zij over dit costuum nog een jakje van donkerblauw baai of laken1 met lange mouwen en schootje 7of taille71 aan den hals vierkant uitgesneden4 ,de hoofdbedekking is niet minder ingewikkeld4 ,de haren worden van achter afgeknipt1 de rest wordt tot twee vlechten gedraaid1 die1 langs de slapen1 van onder de muts uitkomen4 ,van voren draagt zij ponny1 gelijk afgeknipt haar1 dat met de vingers aldoor naar boven wordt gekruld1 als een luifeltje boven de oogen4 7,zie bl4 #a47 ,over de haren gaat eerst een wit katoenen muts met platten bol4 ,om den bol van die muts wordt een stijve band gelegd om den vorm te bewaren4 ,over deze ondermuts worden twee stroken van rood baai gewikkeld1 en een ander lint1 waarop zwarte ornamenten in kruissteek4 ,die drie stroken moeten ieder op hun juiste plaats gehouden worden door spelden4 ,over deze onderlaag komt de overkap van fijn ballist en 7van voren7 een strook van kant1 z1 dat de roode baai en de zwarte ornamenten door die dunne stoffen heen schijnen4 ,de geheele vorm van deze muts wordt door de verschillende plooingen1 stijve stoffen en spelden in een cilinderachtigen vorm gehouden4 ,aldus is1 in het kort omschreven1 de gewone ,marker-vrouwendracht4 ,de kleur is over het algemeen voor de rokken donkerblauw1 het bovengedeelte van de kleeding1 vanaf de heupen1 vertoont niet dan zeer sterke kleuren1 waarbij rood in alle nuances de hoofdkleur is4 ,bij rouw verdwijnt al dat rood1 het wordt paarsch bij lichte rouw of blauw1 en zwart bij zware rouw4 ,de vorm der kleeding blijft in al zijn onderdeelen evenwel dezelfde4 ,bij trouwplechtigheden is het costume van de bruid1 wat de vorm betreft1 wl gelijk aan dat van de gewone vrouwendracht1 maar is de kleur in hoofdzaak gestemd op wit4 ,wit is de feestkleur bij de ,marker-vrouwendracht1 en bij dat alles wordt het bijzondere van die gelegenheidsdracht nog verhoogd door de bijzondere zorg die er besteed wordt aan de plooingen van de 7witte7 boezelaar4 ,die plooingen worden bij de meeste nationale kleederdrachten bijzonder verzorgd1 ook door de ,marker-vrouwen4 ,zelfs in hun gewone daagsche dracht is de 7donkerblauwe7 boezel meestal zeer zorgvuldig op de strijkplank bewerkt4 #g4 ,de mannen-dracht op het eiland ,marken 7zie bl4 #e7 wijkt in zooverre van de dracht van het nabije ,volendam af1 dat1 ofschoon het baaitje ongeveer gelijk is1 de das anders is1 niet de eigenaardige bonten muts van de ,volendammers gedragen wordt1 maar steeds de ronde vilten hoed1 en dat de baaien broek niet zoo wijd 7ofschoon toch nog wijd genoeg7 maar niet zoo lang is4 ,bij de ,volendammers vallen de wijde broekspijpen neer tot bij de grond4 ,op ,marken worden de mans-broeken bij de knien nauwer1 en rijken niet verder dan even over de knie1 zoodat ze de onderbeenen en de blauwe kousen doen zien4 ,het opmerkelijke van deze nationale ,marker-dracht is1 dat ze over het algemeen niet den indruk van werkelijke schoonheid maakt1 hoofdzakelijk omdat het menschelijke figuur er in zoo hooge mate in door wordt ontsteld4 ,die platte bovenlijven1 daardoor lang lijkende armen1 uitermate breede heupen1 betrekkelijk korte rokken1 en daar onderuit de dunne beenen44444 dat alles werkt niet zeer aesthetisch1 maar het is in hooge mate eigendommelijk en schilderachtig door de kleur4 ,daar komt bij1 dat het ,marker-menschenras niet tot het fraaiste van ,nederland behoort4 ,het schijnt1 dat zij in overdaad van opvallende kleeding willen goed maken1 wat de natuur hen ontzegde4 ,de kinderen echter zien er zeer pitoresk uit1 maar 't is een zeer vreemd-aandoende1 onwezenlijke schilderachtigheid1 daar men aan wennen moet4 ,bijzonder is het echter zeer zeker dat deze dracht in heel haar ingewikkeldheid1 lastige snit1 moeilijk te verwerken materiaal1 en veelvuldige versiering met borduurwerk geheel door de ,marker-vrouwen zelf vervaardigd wordt1 voor zichzelf zoowel als voor haar kinderen4 ,die bijzondere moeizaamheid1 bij het maken1 zal dan ook de reden zijn1 dat zij het eenmaal verkregen resultaat met zooveel zorg bewaren4 ,in ieder ,marker-huisje is een zoogenaamde pronkkamer1 waar in een hoek1 meestal boven een laag kastje1 een aantal spanen doozen1 met kanten dekkleedjes bedekt1 staan opgestapeld1 waarin die kleeren worden bewaard4 ,ieder kind1 ieder meisje1 iedere vrouw heeft zoo'n paar van die doozen1 en de huisvrouw houdt alles netjes1 door dien stapel van haar rijkdom soms met koperwerk1 doekjes met kant en bloemen te versieren4 ,er spreekt uit die dingen bewijs genoeg1 hoe zeer die nationale kleedij op ,marken1 zelfs heden ten dage 7#aiaf71 nog uit den volkswil voortkomt4 ,b4 ,,volendam4 ,tegenover ,marken1 aan de vasten wal1 maar toch zelf zoo goed als een eiland1 ligt ,volendam1 dat tot vr vijf-en-twintig jaar weinig bekend1 weinig bezocht en als afgesloten van de buitenwereld was4 ,opmerkelijk is dat1 ofschoon zoo dicht bij ,marken1 alles in ,volendam anders is1 ook de volksdracht4 ,voornamelijk zal dit liggen in het verschil van godsdienst4 ,op ,marken is men protestant1 heel ,volendam is roomsch-katholiek4 ,zelfs wordt het nationale costume in ,volendam uitsluitend door de roomschen gedragen4 ,op ,marken treft het stijve1 bijna fanatieke van het volk en zijn dracht1 in ,volendam is het een en al zwierige levenslust1 in het volk zoowel als in zijn kleedij1 zeden en gewoonten4 ,ongetwijfeld is de ,volendammer-dracht het meest van alle ,nederlandsche drachten in het buitenland bekend4 7,zie bl4 #h-i-aj-aa47 ,de ,volendammer-dracht is als het type van den ,hollander en de ,hollandsche idee geworden1 natuurlijk zeer ten onrechte4 ,maar de buitengewone gezonde stoerheid die uit de kleedij spreekt1 en vooral ook uit zijn dragers1 de levens-volheid bij de vrouwen1 de quasi ironische ongeneerdheid bij de mannen1 hebben misschien in het buitenland tot die generaliseering aanleiding gegeven4 ,hoe het zei1 de ,volendammer-dracht is heel wat menschelijker dan die van ,marken4 ,en bestaat hier geen1 of geen merkbaar verschil tusschen de dracht der kinderen en die van de volwassenen8 ,de vrouw is gekleed in lang withemd met korte mouwen4 ,daarover komt de wollen half lange borstrok4 ,daarover het rompje1 zonder mouwen1 even over de taille rijkend1 van voren sluitend met haak en oogen4 ,een corset draagt de ,volendamsche niet1 en1 omdat ze tot een stevig1 gezond ras behoord1 blijft haar figuur1 de vorm van taille1 buste en heupen normaal1 ondanks de 7dikwijls7 te dikke rokken-tooi4 ,over het rompje komt de kra-lap of krop-lap4 ,deze bestaat uit twee vierkante lappen1 met een uitsnijding voor den hals1 over de schouders aan een kant met haak en oogen vastgezet1 van onder1 door banden aan de punten1 om het lijf vastgebonden4 ,deze krop-lap is van gebloemde stof1 meest katoen4 ,de ornamentjes zijn echter zeer klein1 meestal kleine bloemetjes op een witten ondergrond4 ,over deze krop-lap komt het kletje1 een kort jakje van donkerblauwe stof1 met half lange mouwen1 vierkante uitsnijding aan den hals 7waardoor vr en achter de krop-lap te zien komt7 en van voren sluitend4 's ,zondags wordt het effect nog verhoogd door een dunnen doek van 7witte of gebloemde7 tule1 die tusschen het kletje en de krop-lap gestoken wordt4 7,zie bl4 #aa47 ,over het hemd komt de onderbroek1 daarover de gestreepte rok 7van gestreept katoen71 daarover de donkerblauwe baainrok1 dan de dikke wollen streep-rok1 dan de bovenrok4 7,zie bl4 #h1 #i47 ,deze laatste is 's ,zondags van witte1 zeer dikke baai1 met vertikale strepen in fel rood en groen versierd4 7,zie bl4 #i47 ,alle rokken gaan rechts dicht4 ,over dit alles komt de boezelaar van dezelfde stof als het kletje1 met een rand van boven1 van geruit-geweven katoenen stof1 welke zondags van zijde is en allerlei kleurige versieringen heeft4 ,ook dit schort wordt mooi in de plooi gestreken1 zooals bij de ,marker vrouwen4 ,de rokken van de ,volendamsche zijn niet zoo kort als die van de ,marker vrouw4 ,zij loopt in huis 7over de matten7 op haar donker-blauwe kousen1 op straat 7zondags7 op muilen van leer1 door de week op klompen4 ,de hoofdbedekking bestaat uit het hulletje1 van witte kant1 dat over een zwarte onderkap is getrokken4 ,de haren zijn geheel afgeknipt als bij een jongen4 ,van achter komt1 in den nek1 een opkrullend randje haar onder de muts uit4 ,soms draagt de ,volendamsche dan nog om den hals een wollen das met 7blauwe7 blokken geweven4 ,ook de hals-snoer van bloedkoralen met gouden slot1 dat van voren sluit1 wordt niet vergeten4 ,het ,volendamsche vrouwen en meisjes costume is in de week eenvoudiger4 ,dan wordt1 in de plaats van het kletje1 een gestreept wollen jakje gedragen1 meestal grijs-paarsch of blauw van kleur1 met kleine ornamentjes4 ,de boezelaar is dan dikwijls wit 4444 dit laatste is reeds een verbastering van de ware dracht4 ,het mannen-costume van de ,volendamsche visschers 7zoowel als van de eendenfokkers en kaasboeren7 bestaat uit een rood baai hemd met mouwen1 tot de knien rijkend4 ,van voren heeft dit hemd een boordje1 genaamd het befje1 waarin twee gouden knoopen worden gedragen4 ,daarover een gestreept baaitje tot de heupen4 ,daarover de gezondheid1 een soort buikgordel1 die met bretels1 genaamd galgen'1 wordt opgehouden4 ,dit kleedingstuk is meestal van blauwe wol of baai4 ,een onderbroek van gekleurd keper1 sluitend met knoop1 en bandjes onder de knie1 die de zwarte kousen ophouden4 ,daarover komt de bovenbroek van zwarte pij1 met drie zakken1 en twee groote zilveren knoopen van voren1 genaamd klapstukken4 ,over dit costume draagt hij in de week het polka-baaitje1 een kort hesje met mouwen4 's ,zondags draagt de ,volendammer over de gezondheid de gestreepte baai1 een vest zonder mouwen1 met dubbelen overslag4 ,om den hals een doek1 genaamd karwas1 7zie bl4 #h7 die tusschen de gestreepte baai wordt gestoken4 ,daaroverheen het blempje1 een jas met mouwen1 dat van voren sluit4 ,in den winter gaat daarover de blauwbaai1 een zwart jasje met mouwen en dubbelen overslag4 ,de lapel is blauw1 omdat dit de omgeslagen blauwe voering is4 ,om de kraag en de lapel is een fluweel boordje1 genaamd het katje4 ,daarbij worden 's zondags schoenen gedragen1 door de week klompen4 ,op het hoofd een pet of ruige muts1 met groene lintjes van achter4 7,zie fig4 #h1 #i47 ,al deze kleedingstukken worden door de ,volendammer vrouwen gemaakt4 ,c4 ,,west-,,friesland4 ,van de ,west-,friesche dracht is niets meer overgebleven1 dan de kap en het oorijzer1 en eenige typeerende lijfssieraden1 die door de vrouwen gedragen worden1 benevens een algemeene costumeering1 die niet heelemaal stadsch1 noch heelemaal boersch is1 niet nieuwerwets1 noch werkelijk antiek4 ,zij levert een van de beste voorbeelden hoe de nationale kleedij veranderen kan tot iets wat niet te qualificeeren is1 en het werkelijk nationale nog alln in de hoofdbedekking bestaat4 7,zie bl4 #ab1 #ac47 ,deze dracht vindt men in ,west-,friesland1 ,drechterland en de ,streek tusschen ,hoorn en ,enkhuizen4 ,in ,zaanland is niets meer van de oude drachten over1 daar getuigen nog slechts de oude houten huisjes en hun bij uitstek merkwaardige groene kleur van de vroegere eigenheid van dit land4 ,de kap1 genaamd de ,noord-,hollandsche 7zie pl4 #ab71 wordt gedragen over het door een bandje bijeengebonden haar4 ,eerst een zwarte en dan een witte ondermuts1 deze laatste van kant en met zwart lint geboord4 ,daarover gaat het oorijzer1 een ongeveer vijf-centimeter breede strook van goud1 eindigend in vierkante met filigraan bewerkte zijstukken1 genaamd3 de pooten4 ,daarover komt de bovenmuts1 zeer dikwijls van echte kant1 van voren een breede strook1 naar achter een nog breedere1 zeer sterk en mooi regelmatig geplooide ,kappekant-strook4 ,de bol wordt gevormd door zeer fijne blauwe tule4 ,het oorijzer en de onderkap schijnen dus door de blauwe tule heen1 wat een zeer rijk effect maakt4 ,het oorijzer wordt vastgehouden1 en aan de bovenmuts gespeld door de kapspelden1 die achter de pooten zitten4 ,naast de pooten1 op het voorhoofd1 komen de veertjes1 kromme gouden naalden1 die onder de bovenmuts gestoken worden en gedeeltelijk het voorhoofd bedekken4 ,naast deze steekt men zwarte toertjes1 valsche1 zwarte1 kleine krulletjes4 ,op het voorhoofd dragen de oudere vrouwen een voornaald1 van goud1 rijk met diamanten bezet4 ,om den hals komt de ketting van zeer dikke bloedkoralen1 met gouden slot van voren4 ,bij den hals wordt een gouden doekspeld gedragen en om den hals1 naar beneden afhangend met een kruisje1 de kruize-ketting4 7,zie bl4 #ab1 #ac47 ,bovendien dragen velen een gouden horlogeketting die tot aan het middel rijkt4 ,het geheele kapsel is een zeer fijne en ingewikkelde constructie van kant1 naalden en veeren1 rijk bezet met diamanten4 ,in de ooren draagt men gouden hangers 7bagge74 ,deze dracht is zeer kostbaar4 ,de eenvoudiger ,west-,friesche dracht bestaat uit de gewone ,hollandsche hul1 7zie bl4 #ac7 die over eene zwarte ondermuts wordt gedragen4 ,deze muts lijkt veel op de gewone ,volendamsche muts1 de punten worden echter naar voren gedragen1 in ,volendam hangen die meer naar beneden of naar op zijde4 ,over deze ,hollandsche hul draagt men in heel ,west-,friesland de boeren-hoed1 het schuit-hoedje4 7,zie bl4 #ac47 ,het is van zeer bijzonder1 schuitvormig model1 van zeer fijn wit stroo1 heeft zondags een witte 7zijden7 rand1 in de rouw een zwarte1 door de week een rand in alle kleuren 7roze74 ,deze ,west-,friesche kap wordt weliswaar thans 7#aiaf7 nog vrij veel gedragen1 maar de wijze van dragen is verschillend4 ,de oudere vrouwen laten de achterste strook meer hangen1 de jongere zetten deze meer naar boven1 dat staat vlugger4 ,vele jonge vrouwen dragen die kap echter reeds niet meer1 of alleen 's zondags4 ,d4 ,,het ,,gooi4 ,het ,gooi vormt1 zoowel geographisch als volks-kundig een zeer bijzonder deel van de provincie ,noord-,holland4 ,wat de kleederdrachten betreft1 sluit het zich niet direct bij ,holland1 maar meer bij ,gelderland en ,utrecht aan1 terwijl op de grens-scheiding tusschen deze verschillende streken1 het meer dan bijzondere visschersdorp ,spakenburg een oase op zichzelf is1 die tot geen van deze gewesten te rekenen is4 ,het eigenlijke ,gooi echter1 bestaat1 voor zoover de kleederdrachten betreft1 uit de drie dorpen1 ,laren1 ,blaricum en ,huizen4 ,hilversum1 dat geographisch wl tot het ,gooi behoort1 telt in dezen echter niet mee1 omdat men er geen resten van een nationale dracht vindt4 ,des te belangrijker zijn de drie eerstgenoemde dorpen4 ,i4 ,,laren4 ,weinig plekjes van ons land zijn in de internationale artisten-wereld zoozeer bekend1 als ,laren4 ,maar of die vermaardheid1 zelfs ook maar voor een deel1 te danken is aan de opmerkelijke kleederdracht en het eigene van de oorspronkelijke bevolking van dit dorp1 zou te bezien staan4 ,zeker is het1 dat ,antoon ,mauve1 toen hij om gezondheids-redenen dit oord van gezonde lucht noodgedwongen ontdekte1 daar niet kwam om de eigenheid van de bevolking1 maar het meest door de schoonheid van het landschap werd aangetrokken4 ,zijn nakomelingen en navolgers zijn--meest allen--even blind voor die volkseigenheid gebleven als hun grooten meester4 ,vandaar dat ook in ,laren zich het bijzondere verschijnsel voordeed dat1 te midden van een kunstenaarskolonie1 een bevolking leefde waarvan het uiterlijk iedere begrijpende kunstenaar zou hebben genspireerd4 ,voor de ,laarder artisten bleven de ,laarder inboorlingen echter niets dan plekken-kleur4 ,het menschelijke en de diepere beteekenis1 de psychologiesche redenen voor de bijzondere uiterlijke verschijning van die landelijke bevolking1 is blijkbaar aan deze moderne artisten voorbijgegaan4 ,en toch1 hoe merkwaardig is niet die ,laarder inheemsche kleedij1 hoe merkwaardig is niet het ras dat ze draagt1 hoe opmerkelijk zijn niet de typen1 en is niet heel dit volk dat zoozeer zijn eigenheid bleef bewaren1 ondanks de steeds sterker wordende overstrooming van moderne-villabouw1 ,sommerfrischler en inter-nationalistisch kunst-snobbisme met al zijn verderfelijken en onnatuurlijken aankleve4 ,dat ,laarder volk heeft een zeer bijzonder ,hollandsch type4 ,het paart de gemoedelijkheid en kracht van het ,hollandsche element aan het fiere1 en bijna aristocratische van het ,friesche ras4 ,dat blijkt vooral uit de burgerlijke voornaamheid van de oudere vrouwen1 met hun zielvolle gezichten1 hun hooge gestalte1 en de prachtige maar eenvoudige deftigheid van den vorm en de kleur van hun eigenaardige dracht1 de gouden kettingen1 de geplooide doeken1 en het geheel bekroond door de vierkante muts1 die het eigenaardig ras-type nog te meer accentueert4 ,en dat bijzondere cachet wordt nog des te meer geconserveerd1 omdat slechts de ,roomsche bevolking dit costume draagt4 ,er is dus wisselwerking tusschen levensopvatting-uit-geloof en volks-dracht1 zooals dat trouwens bij alle nationale drachten in ,nederland en elders duidelijk op te merken is4 ,de kleedij van een ,laarder vrouw 7zie bl4 #ah1 #ai7 bestaat uit3 ,een hemd met heel lange mouwen1 daarover borstrok van keper1 daarover romp of corset van blauw-keper1 van voren dicht1 zonder eenige verdikking 7met kussentjes7 aan de heupen4 ,daarover komt de gewone krop-lap 7kralap74 ,over de 7open7 broek met bandjes 7onder de knie7 komt de blauw baaienrok1 daarover de zwarte 7katoen7 moir-rok1 daarover de zwarte bovenrok en het 7lange7 jak van dezelfde stof1 beide soms van zijde1 satijn of thibet1 in effen zwart1 blauw of bruin4 ,de rokken zijn alle van voren plat1 op zij twee platte plooien1 van achter met rimpels4 7kleine plooitjes47 ,dan komt de boezelaar1 die heelemaal rond het lichaam gaat1 van achter tegen elkaar sluit4 ,ze is meestal van zijde1 aan de kanten geboord met satijnlint4 's ,winters en 's zomers is het costume hetzelfde4 ,het jak is aan den hals uitgesneden1 zoodat de kroplap te zien komt1 en de mouwen zijn wijd1 met hooge poffen aan de schouders4 ,daarover gaat de overdoek1 van zwarte of blauwe zijde1 met bonte kleuren met franje1 netjes geplooid1 van voren en van achter vastgespeld in de taille4 ,om den hals komt een ketting van vier rijen bloedkoraal1 het gouden vierkante slot in den nek1 van achter4 ,en dan de muts1 bestaande uit zwarte ondermuts over het haar1 dat niet afgeknipt is1 maar plat is weggekamd4 ,daarover het oorijzer van zilver of goud1 in hoofdvorm gelijk aan den oorijzer-vorm van ,staphorst tot ,nunspeet1 en z gedragen dat de speld onder aan de wang komt1 zijdelings van den mond1 zooals op ,urk en op ,staphorst4 ,daarover de vierkante muts1 een vergroot-soort ,hollandsche hulle1 waarvan echter de punten niet afhangen1 maar weer naast het hoofd1 naar boven1 zijn opgespeld1 waardoor het geheel een vierkanten vorm krijgt1 het geheele hoofd als in een cubus-vorm van kant vervat schijnt1 een zeer mooie en eigenaardige vorm-geving4 's ,winters wordt over dit costume een schoudermantel gedragen1 7schoe-mantel7 van zwart thibet1 met blauw baai gevoerd1 en een naar achteruitstaande1 stijve kraag1 met haak en oog onder de kin1 soms met linten vastgestrikt4 ,de vorm doet aan de schoormantels van de ,scheveningsche vrouwen denken4 7,zie aldaar47 ,dat is het typische1 echte1 ,laarder vrouwen-costume1 dat in zijn eenvoudige vormen en meestal op zwart1 donker-blauw of paarsch en bruin gekleurde hoofd-tinten slechts verlevendigd wordt door de gouden 7kruize7 ketting1 de bloedkoralen om den hals en de eigenaardige vierkante muts4 ,maar dat alles verkrijgt eerst zijn ware eigendommelijkheid1 door het bijzondere menschen-ras1 dat deze dracht getrouw blijft1 een ras dat niet uitmunt door lichamelijke schoonheid1 zooals het ,zeeuwsche1 ,urker of ,friesche1 maar dat vooral den indruk van burgerlijke deugdelijkheid geeft4 ,er wordt in ,laren nog een ander soort muts gedragen1 de meer nieuwerwetsche1 de zoogenaamde ronde muts1 die niet anders is dan de ,hollandsche hul1 waarvan de punten een weinig meer naar boven-voren steken1 en de kromming boven het voorhoofd wat ronder is dan bij de ,hollandsche hul4 ,overigens is ze van hetzelfde type4 ,bij de ronde muts wordt het gewone verboerschte stads-costume gedragen4 ,de mannen-dracht van ,laren heeft niets opmerkelijks4 ,,ii4 ,,blaricum4 ,ook in ,blaricum is de dracht tweeledig4 ,enkelen dragen nog het ouderwetsche jak met de kroplap1 zichtbaar op de borst 7zie fig4 #bj7 en de vierkante muts1 zooals in ,laren4 ,anderen dragen de stadskleeding en de kap4 ,die kap is bijna van dezelfde constructie als de ,west-,friesche4 7,zie fig4 #ab47 ,opmerkelijk is ook weer1 dat in ,blaricum slechts de ,roomschen de nationale dracht nog dragen1 evenals in ,laren4 ,in het nabije ,huizen evenwel1 dat geheel protestant is1 dragen de ,roomschen geen nationaal costume4 ,ook in ,eemnes1 dat protestant is1 wordt de ronde muts anders 7strakker7 gedragen dan in ,blaricum4 ,de kap zit aldus in elkaar3 ,over het gespleten haar--d4w4z4 het haar dat met een scheiding in het midden is gekamd1 komt de zwart zijden ondermuts4 ,daarop worden aan de voorzijde drie zwarte valsche krulletjes 7aan iederen kant7 gespeld1 aan een elastiek dat om het hoofd gaat en de zwarte ondermuts vasthoudt4 ,daarover worden de 7gouden7 naalden--met een elastiekje--vastgezet4 ,dan wordt aan de overmuts 7kap7 het oorijzer vastgespeld aan de boeken1 tusschen de muts en de blauw zijden bol1 7zie ,west-,friesche kap7 en dit wordt in zijn geheel zoo op het hoofd gezet4 ,dan worden de naalden achter de boeken gestoken en de spelden er ingezet4 ,bijzonder opmerkelijk is bij die dracht al het goud wat erbij hoort4 ,de kapspelden en naalden en de oorbellen zijn alle zonder diamanten1 alln van in filigraan bewerkt goud 7in tegenstelling met ,west-,friesland74 ,om den hals komt de koralen ketting1 bij de vierkante trek-muts een vierkant slot 7pukkel-slot7 of 7plaatjes-slot71 met vier rijen bloedkoralen1 het slot van voren4 ,bij de kap is het slot rond4 ,dan draagt men een broche 7van goud71 genaamd de borst-speld4 ,dan een gouden ketting1 waaraan gouden kruisje1 dat tot midden op de borst komt1 dikwijls met een schuifje1 genaamd boot4 ,dan daarbij nog een lange losse 7horloge7 ketting van goud1 en het horloge in de ceinture1 welke laatste een gesp heeft4 ,ook op de schoenen zijn gespen4 ,deze worden echter thans niet meer in ,blaricum gedragen4 ,het costume dat1 naar den vorm1 7bij de kanten kap7 verboerschte stadsdracht is1 heeft verschillende kleuren1 varieerend tusschen blauw1 bruin1 geel en groen1 en zwart in de rouw1 altijd van effen stof4 ,,iii4 ,,huizen4 ,zeer bijzonder zijn de drachten in het geheel protestantsche ,huizen1 het visschersdorp aan de ,zuiderzee4 7,zie bl4 #ba1 #bb1 #bc47 ,het is zeer zeker een nationale dracht1 die in ,huizen gedragen wordt1 maar het is er een die niet van ouden vorm of snit is1 maar wellicht nog niet zoolang geleden oudere modellen heeft verdrongen4 ,daar ze echter zeer algemeen is1 en zeer getrouw wordt in stand gehouden1 is het een nationale dracht1 den ,huizers 7of liever de ,huizerinnen7 eigen4 ,het eenige echte oude van dit costume is echter slechts de kap1 die in wezen en vorm volkomen van alle andere ,nederlandsche mutsen-vormen afwijkt4 ,dus ook in ,huizen is in hoofdzaak slechts het vrouwen-costume belangrijk1 ofschoon de dracht der ,huizer-visschers niet zoo stads-boersch is als die van de plattelands-boeren1 en meer kenmerkend dan deze4 ,de invloed van ,marken1 ,volendam en ,urk is op die mannendracht merkbaar1 ze behoort tot dezelfde familie van deze visschers-kleedij4 ,maar de wijde broek ontbreekt tegenwoordig1 ze is meer1 wat de pijpen betreft1 van het gewone model4 ,overigens is ze van den bekenden vorm met een klep1 en versierd met zilveren knoopen1 juist zooals de mannen op ,urk die dragen4 7,zie bl4 #bc47 ,het vrouwen-costume van ,huizen kan aldus beschreven worden3 7,zie bl4 #bb1 #bc73 ,over het hemd komt een borstrok en een lijfje1 daarover een jak1 in de laatste twintig jaren met zeer wijde mouwen1 die poffen1 boven de schouders uit1 hebben4 ,dat jak is zeer bijzonder van vorm1 met zeer fijne plooitjes in de taille1 aan de armsgaten1 aan de polsen1 en zeer kort1 even over de taille rijkend4 7,zie bl4 #bb1 #bc47 ,het is van effen kleur in een stof waar bloemetjes in zijn geweven1 meestal bruin1 bruin-paarsch of zwart4 7,zie bl4 #bd47 ,de rokken bestaan uit3 gestreepte onderrok1 7soms twee stuks71 n witte rok1 een zwarte bovenrok4 ,alle rokken gaan links dicht2 de bovenrok is van thibet 7of3 paramat71 van zeer dunne stof1 van voren recht1 van achter met zeer vele 7rimpels7 plooitjes4 ,van onder wordt er een strook van #be cm4 breedte tegengenaaid4 ,daarover gaat de boezelaar 7schulk71 van gewoon friesch 7blauw7 bont1 's zondags paarsch of andere kleur4 ,daarover komt een losse ceinture met losse banden1 die van voren over het schulk afhangen4 ,die ceinture gaat met haak en oog van voren dicht4 7,zie bl4 #bb1 #bc47 ,men draagt 's zondags lage verlakte schoenen1 en in de week muilen of klompen4 ,door de week worden de mouwen opgestroopt1 zoodat de meisjes en vrouwen bloote armen hebben1 's zondags draagt men de mouwen lang4 ,dit costume1 dat voor meisjes en vrouwen gelijk is1 wordt niet door de kinderen gedragen4 ,de meisjes1 tot hun vijftiende jaar1 dragen jurken met korte mouwen1 die van boven zeer sterk geplooid zijn4 ,dit noemt men pijpmouwen4 ,tot aan den hals wordt dan over de kleeding heen een wit boezelaar gedragen4 7,zie bl4 #ba47 ,over de armen1 gebreide pols-mouwen4 ,om den hals draagt men een slot met #e rijen granaten-koralen4 ,het slot van voren4 ,soms komt daar nog een gekleurd zijden das bij1 dat echter onder de koralen en het slot gedragen wordt4 ,de uitstekende puntjes1 van voren1 zijn dan het voornaamste dat men in 't oog wil doen vallen4 ,de mutsen van de ,huizer kinderen en vrouwen zijn het meest varierend4 ,de kinderen dragen1 in de week1 tot hun #ad of #ae;de jaar een pik-muts1 dat is een soort cornet of tip-muts1 die geheel gehaakt of gebreid is van witte katoen of wol1 en van achter over den nek1 afhangt4 ,deze mutsen worden gestreken1 zoodat ze eenigzins stijf staan1 en in de eigenaardige golvende plooingen blijven behouden die men hen heeft gegeven4 ,het haar wordt daarbij door deze meisjes los gedragen4 ,ze dragen 's zondags een rond strooin 7zwart7 hoedje1 versierd met een pluim1 die als een hane-kam over den bol van de hoed is gelegd4 ,van voren twee spelden of broches4 7,zie bl4 #ba47 ,tusschen hun veertiende en achttiende jaar dragen de jonge meisjes een plooi-muts1 bestaande uit een bol van witte kant1 rings-om versierd met een rand 7van een hand breedte7 van plooitjeskant1 die fijn geplooid is om het gezicht1 in den nek in grootere plooien afhangt4 ,die plooitjeskant omsluit en overhuift het gezicht1 wat nog erger het geval is met de oorijzer-muts1 die de meisjes en vrouwen boven de achttien jaar dragen4 7,zie bl4 #bd47 ,het haar wordt gespleten--dat is met een scheiding in het midden gekamt1 en bijeengebonden tot een knotje achter in den nek4 ,daarover gaat een zwarte ondermuts1 daarover de witte over- of oorijzer-muts4 ,soms wordt 's ,zondags een witte ondermuts gedragen1 gewerkt met zwarte zijde4 ,over de ondermuts komt het oorijzer1 van gelijken vorm als langs de heele ,zuiderzee-kust van ,staphorst af tot hier 7,huizen7 toe gedragen wordt4 ,de spelden komen aan de slapen--dus weer anders dan in ,laren1 maar zooals in ,nunspeet4 ,de oorijzer-muts zelf is van witte tulle met randen van kant1 en de lange kanten slippen worden links en rechts aan het oorijzer bij de slapen opgespeld4 ,vandaar dat deze muts1 van voren gezien1 een zeer bijzondere lijn-vorming geeft1 en1 van terzijde bekeken1 zoo groot en vooruitstekend is1 dat het gezicht van de draagster er als het ware in wegschuilt4 ,dit is evenwel van zeer bijzonder aesthetische werking4 7,zie bl4 #bd47 ,opmerkelijk is nog--vooral voor de zeden en gewoonten van de ,huizers1 dat een bruid 7zie bl4 #bb7 een japon draagt van bruine stof1 maar dat haar wijde schort van hemelsblauwe fijne wol is1 met een lint van zijde1 ook in die kleur4 ,dit blauwe schort wordt maar nmaal gedragen1 nl4 bij het aanteekenen ten stadhuize4 ,bij het trouwen is de bruid geheel in het zwart1 ook haar schort is aldus4 ,maar het blauwe schort blijft bewaard totdat het eerste kindje geboren is4 ,dan wordt het tot een doopjurk gemaakt1 waarmede het kind ook nog 's ,zondags ter kerke gaat1 of die bij volgende doop-plechtigheden gebruikt wordt4 ,e4 ,,de ,,noordzee-,,kust ,,en ,,de ,,eilanden4 ,veel bijzonders valt er niet op te merken van de visschersdorpen langs de ,noordzee-kust1 behalve van ,scheveningen4 ,ook in ,zandvoort1 dat een oudere plaats is1 bleef een weinig van de nationale dracht over in de ,hollandsche hul1 waarvan echter de badgasten een soort vermoderniseerde imitatie gaan dragen1 nu ze door de eigenlijke visschersbevolking afgeschaft schijnt4 ,de wereld verandert66644444 ,i,jmuiden en ,wijk aan ,zee1 zijn geheel moderne plaatsen4 ,in ,egmond en ,bergen draagt men de ,west-,friesche dracht4 ,op ,texel is niets van de oude drachten over1 zoomin als op ,wieringen of op ,vlieland4 ,op ,terschelling echter bleef een oude dracht gehandhaafd1 die nog zeer merkwaardig is1 al bestaat ze bijna uitsluitend uit een hoofdbedekking van eigenaardigen vorm1 met afhangende stroken4 7,zie bl4 #ad47 ,die kap noemt men zwarte kap1 daaronder draagt men een witte1 genaamd3 het mutske4 ,de verdere kleedij bestaat er uit een lijf met schoot in ouderwetschen vorm1 in allerlei kleur1 jak genaamd4 ,daaronder komt de rok van merinos 7vroeger thibet74 ,het voorschoot noemt men scheldoek4 7,zie ,hindeloopen74 ,deze dracht1 die hoofdzakelijk merkwaardig is om haar geheel1 wordt thans nog alleen door de vrouwen van middelbaren leeftijd gedragen2 de jeugd doet dit niet meer4 ,vroeger droeg men op dit eiland een zilveren oorijzer1 met gouden voor- en zij-naalden4 ,f4 ,,de ,,meeren ,,en ,,polders4 ,in de drooggelegde ,meeren en ,polders van ,noord-,holland1 wordt geen nationaal costume gedragen4 ,toen na de drooglegging van de ,haarlemmermeer verschillende families uit alle deelen van ,nederland zich daar kwamen vestigen1 droegen zij de kleedij van hun geboortestreek4 ,thans zijn die--zoo verscheidene--costumes geheel verdwenen4 ,g4 ,,de ,,groote ,,steden4 ,in ,haarlem en ,amsterdam is het nationale costume geheel verdwenen4 ,dat neemt niet weg dat zelfs onder den rook van ,amsterdam1 aan de ,amstelveenschen ,weg1 onder ,sloten1 en aan den overkant van het ,,ij1 de ,hollandsche hul toch nog vrij veel door de oorspronkelijke boerenbevolking gedragen wordt4 ,het eenige1 wat werkelijk oud is1 wat in de stad1 in deze overbleef1 nu zelfs ook de ouderwetsche bakers niet meer bestaan1 is het zoo beroemde costume van de ,amsterdamsche burgerweezen4 ,maar ook die dracht1 hoe schilderachtig1 hoe verfijnd en hoe gracieus ook1 zal misschien spoedig verdwijnen1 daarmede nog meer ,amsterdam's eigen cachet ontnemend4 ,en niet ten onrechte is die dracht zeer bekend1 want ze behoort tot de mooiste die uit het verleden tot ons kwam4 7,zie bl4 #af1 #ag47 ,het costume voor de kinderen1 de jongere meisjes1 en de volwassenen 7#ag jaar7 is verschillend1 hoofdzakelijk door de kap1 die bij de ouderen van doorzichtige tule of kant is1 en het oorijzer 7van zilver7 te zien geeft4 ,verder hebben de ouderen een omslagdoek1 waarvan de eigenaardige plooing en wijze van dragen1 bijna volkomen overeenkomst heeft met de doek van de ,zeeuwsche drachten4 ,als zoodanig kenmerkt dit costume zich dan ook als bij uitstek van ,hollandsch maaksel4 ,tot voor kort droegen de meisjes merkwaardige kapjes en omslagdoeken1 die thans door meer moderne1 maar minder fraaie capes vervangen zijn4 ,de kleinere meisjes dragen witte schorten1 waarvan het model in de laatste tijden ook verandering onderging4 ,die eigen-gereide vervormingen zijn erger voor een nationale dracht1 dan de totale afschaffing4 ,daar komt bij1 dat de meisjes zelf in de laatste jaren1 in de week1 deze dracht niet met de noodige zorg dragen1 en zich daardoor minder aantrekkelijk voordoen dan ze zouden hebben kunnen zijn4 ,zij ook hebben meegewerkt deze dracht in discrediet te brengen4 ,de hoogst onredelijke critiek van buitenstaanders over het gevangenis-pak van deze arme kinderen heeft het andere gedaan4 ,tegen domheid vechten zelfs de goden te vergeefs4 ,mocht dit zoo bijzonder aantrekkelijke costume echter uit ,amsterdam's straten verdwijnen1 dan zullen zij veel missen1 die nooit1 op een mooie ,zondagmorgen1 dat rijtje rood-wit-zwarte meisjes in hun uiterst aesthetische kleedij1 dat typische poortje in dit stukje ,oud-,amsterdam hebben zien uitschreiden4 ,de jongens-dracht is1 half zwart1 half rood1 door haar snit echter weinig opmerkelijk4 ,ook ,haarlem heeft zijn burgerweezen1 ook in een oude dracht1 ook rood1 zwart en wit1 maar ze is niet zoo fraai als de ,amsterdamsche1 ze is ietwat stijver1 vooral de muts en de omslag-doek van de meisjes4 7,zie bl4 #ae47 ,behalve het ,burgerweeshuis heeft ,amsterdam nog een paar andere weeshuizen1 de ,oranje-appel1 het ,maagdenhuis enz41 waar de dracht van de verpleegden een zekere historische oorsprong heeft1 maar thans te veel ontsteld is4 ,,utrecht4 ,in ,utrecht is alln iets van de nationale kleedij over1 in de streken die aan het ,gooi en ,gelderland grenzen4 ,de groote streek waar nog de nationale dracht in eere is1 en die zich langs de kust van de ,zuiderzee van ,staphorst tot ,huizen uitstrekt1 gaat ook over de noord-oostelijke hoek van de provincie ,utrecht4 ,daar vindt men dan ook in ,soest en omgeving1 ,hoogeland1 en vooral in ,spakenburg en ,bunschoten nog zeer belangrijke resten van de oude kleedij4 ,soest en ,hoogeland 7zie bl4 #be7 sluiten zich bij ,laren aan1 en vormen een groep apart1 waar de zoogenaamde vierkante muts 7zie bl4 #bf7 het voornaamste kenmerk van is4 ,overigens is de kleedij met omslagdoeken in 7soms7 kleurige zijden1 en de gouden 7kruize7 kettingen ongeveer gelijk aan wat men in ,laren ziet4 ,maar opmerkelijk en zeer bijzonder is de dracht in ,spakenburg4 ,,spakenburg4 ,die twee dorpen1 ,bunschoten en ,spakenburg1 liggen als een eiland in een wijd plat uitgestrekte landstreek1 bijna zonder boomen1 zich tusschen ,nijkerk en ,eemnes uitstrekkend1 de ,eem-vlakte1 ten noorden begrensd door de zee1 ten zuiden door het land en de bosschen van ,baarn1 links door het ,gooi en rechts door de zandgronden van ,gelderland4 ,in die kale uitgestrektheid1 tegen den zeedijk1 ligt het oude visscherdorp ,spakenburg1 waar de traditie van de oude kleederdracht nog zoo fraai is bewaard gebleven4 ,in hoofdzaak zijn het wliswaar de vrouwen en kinderen wier kleeding belangrijk is1 maar toch ook hebben de mannen nog niet geheel hun oude dracht vergeten1 welke--wat zeer begrijpelijk is--zeer aan die van ,marken1 ,urk en ,volendam doet denken1 ofschoon veel minder dan de dracht die de mannen van ,huizen dragen4 ,de vrouwen-kleeding geeft1 op het eerste gezicht1 het meest den indruk van die van ,marken1 voornamelijk omdat ze zoo kleurig is4 ,maar het blijkt dat ze1 wat constructie betreft1 zich toch geheel bij de drachten van de ,zuiderzee-kust aansluit1 zoowel wat de lijfs-kleeding als de muts aangaat4 ,opgemerkt dient1 dat de twee dorpen1 ,bunschoten en ,spakenburg1 n geheel vormen1 en dat de drachten en de huizen daar volkomen gelijk zijn4 ,spakenburg is het visschersdorp dat met een kanaaltje van een paar honderd meter met ,bunschoten1 dat meer in het land ligt1 verbonden is4 ,de dracht van een ,spakenburgsche 7of ,bunschotensche7 kan aldus omschreven worden3 7,zie bl4 #bg1 #bh1 #bi47 ,het haar wordt opgestoken1 met een zwart bandje vastgebonden1 dat van boven het voorhoofd tot onder het achterhoofd gaat4 ,daarover komt de zwarte ondermuts1 daarover de witte gehaakte of gebreide ondermuts1 die plat tegen het hoofd aanligt1 en niet uitsteekt4 7,zie bl4 #bh1 #bi47 ,daarover de witte kanten muts1 die ietwat naar voren steekt1 een randje van kant heeft1 en van onder een weinig wordt omgebogen4 7,zie bl4 #bg en #bi47 ,dit soort muts lijkt op de 7oorijzer7 mutsen van ,huizen1 7zie aldaar7 maar is veel kleiner1 en ze lijkt eveneens op de muts van ,harderwijk en ,nunspeet1 maar iets grooter4 ,het type is bijna hetzelfde4 ,oorijzer en belletjes worden niet gedragen4 7,zie bl4 #bg en #bi47 ,de lijfs-kleeding bestaat uit een hemd met korte mouwen1 een hemdrok van zelf-gereide stof1 7zie ,staphorst7 zwart met blauwe voering1 rijkend tot het middel4 ,daarover den slippen-kolder1 een soort buis met schootjes1 geen mouwen4 ,onder deze kolder een witte onderdoek1 om den hals4 ,de hemdrok is voorzien van half lange mouwen1 die van friesch 7rood7 bont zijn1 en te zien blijven als de kleeding geheel voltooid is4 7,zie bl4 #bg1 #bh1 #bi47 ,daarover komt de krap-lap1 in ,bunschoten die van zeer bijzonder model is4 ,ze is korter dan gewoonlijk1 gaat niet tot de taille1 zooals gewoon1 maar slechts tot halverwege de borst1 maar ze is zeer breed1 zoodat ze buiten de schouders uitsteekt1 en daardoor als het ware kappen om de schouders vormt1 die het geheele figuur breed en vierkant maken1 en het bijzondere van de geheele dracht vormen1 omdat er de aandacht zoo dadelijk door getrokken wordt4 7,zie bl4 #bg47 ,over die krap-lap1 die van witte stof1 7katoen7 met zeer kleurige 7roode7 bloemen versierd1 gemaakt is1 komt de roode doek1 de halsdoek1 die niet breed uitgedragen wordt1 zooals bij de andere drachten1 maar stijf om den hals zit1 en even smal over de borst gaat1 en in de taille wordt vastgezet4 ,deze doek is altijd rood1 van friesch bont1 en wordt met spelden vastgezet4 ,bij de bruid is die doek wit4 ,de onderkleeding bestaat uit een 7open7 broek en een onderrok van gestreept katoen1 die door de heupen1 driekante kussentjes1 die in de taille ter zijde worden gelegd1 om de rokken te doen uitstaan1 worden opgehouden4 ,daarover gaan twee roode baaien rokken en een gestreepte katoenen rok4 's ,zondags komt er nog1 over die roode rokken1 een derde bij4 ,daarover de zwarte plooitjes-rok1 van voren glad1 van achter geplooid4 ,door de week is deze geheel effen1 zonder plooien4 ,ook deze rokken zijn van zelf-gebreide stof4 ,daarover komt de boezelaar--genaamd3 de schulk1 7zie ,huizen1 ,staphorst enz47 van blauw katoen1 met een stukje van friesch 7rood7 bont1 het patroon 't zelfde als van de halflange mouwen4 ,dit schort wordt vastgemaakt met blauwe linten4 ,zeer opmerkelijk is bij deze dracht1 de wijze1 waarop deze rokken en boezelaar van achter worden vastgemaakt en opgehouden door een koperen haak1 die aan de slippen-kolder is vastgehecht4 ,de rokken en boezelaar worden allen op die wijze in de hoogte--om 't zoo te zeggen--opgehangen1 zoodat plooien en lijnen van de ,bunschoten vrouwen-dracht1 van achter1 allen naar n punt 7die haak71 even boven de taille te samen komen1 even onder de krap-lap4 ,die constructie is zeer opmerkelijk4 ,zeer bijzonder is ook nog het trouw-costume1 dat alle jonge meisjes in voorraad schijnen te hebben1 zelfs reeds vr dat zij verloofd zijn1 en waarmede zij 's zondags naar de kerk gaan4 ,het bestaat in hoofdzaak uit een jak1 genaamd3 het brung-jak1 van meestal bruine stof1 versierd met een motief van kleine appeltjes4 ,die stof heet dan ook appeltjes-brung4 ,de vorm van dat jak is zoo1 dat van voren een lage uitsnijding komt1 in hart-vorm1 van achter vele plooien te samen komen onder twee knoopjes1 die even boven de taille 7tusschen de schouderbladen7 zijn aangebracht4 ,dit jak wordt over de gewone kleeding1 met krap-lap n al1 aangetrokken4 ,de krap-lap is dan evenwel niet stijf1 en de doek1 die anders altijd rood is1 is bij de bruid wit4 ,over dit jak wordt een zwart zijden schort gedragen1 dat van achter opgebonden wordt1 de band over de twee knoopjes 7op den rug7 gaande4 's ,zondags draagt men ook wel dit zelfde jak van koren-blauw1 ook met appeltjes1 en dan soms ook een wollen scholk1 met bont zijden stuk en zijden linten4 ,door de week echter1 zijn alle vrouwen 7zie bl4 #bh7 hetzelfde gekleed1 met groote1 wijde1 witte scholk en de roode halsdoek4 ,de schoenen zijn zeer breede1 zwart leeren pantoffel vormige sloffen1 met groote1 breede zilveren gespen4 ,door de week1 draagt men meestal klompen4 ,de kinderen zijn eenvoudiger gekleed1 ofschoon de kleur even sterk is--meestal gestemd op rood4 ,zij dragen een bont rokje 7gekleurd katoen7 en daarover een friesch bont 7meest rood7 scholkje4 ,de hoofdbedekking bestaat uit een gebreide muts van witte of donkere wol1 met witte mopjes1 of uit een zwarte mutse1 op de wijze zooals de kinderen op de ,veluwe dragen4 7,zie ,hierden1 ,nunspeet1 ,staphorst47 ,ze heeft dezelfde vorm1 bestaat uit een nauw-sluitende muts1 met een dikke rand van voren1 genaamd3 de zwarte pluim4 ,aan de linkerkant van het hoofd is een strikje1 aan de rechterkant een goud krapje1 een gesp of ander soortige versiering4 ,de bevolking van deze twee dorpen is geheel gereformeerd4 ,katholieken of joden zijn er niet4 ,ook die eenheid van godsdienst--dat conservatisme--komt het voort-bestaan van deze eigenaardige dracht ten goede1 zooals overal dergelijke eenheids-godsdienst-toestanden de nationale eigendommelijkheid helpen bewaren4 ,bijzonder aesthetisch is deze dracht niet4 ,de vormen die de toch al niet al te fraaie vrouwenlichamen aannemen1 zijn1 zooals die van ,marken1 houterig en log4 ,maar het eigendommelijke van de dracht is des te opmerkelijker4 ,in de andere deelen van de provincie ,utrecht1 is de nationale dracht zoo goed als geheel verdwenen1 tenzij dat hier en daar oudere vrouwen nog een hulle dragen4 ,die is dan echter meestal niet van specifiek ,utrechtsche vorm4 ,,zuid-,,holland4 ,in de provincie ,zuid-,holland1 is niet veel meer van de nationale drachten overgebleven4 ,al wordt1 door de geheele provincie1 vooral in ,schie en ,rijnland1 de ,hollandsche muts nog wel gedragen1 en al vindt men op de eilanden nog overblijfselen van die oude costumes1 zooals ook langs de kust van de ,noordzee1 toch is er geen enkel centrum waar de dracht nog zoo compleet gedragen wordt als op ,marken1 ,volendam of in het ,gooi4 ,te ,katwijk 7zie bl4 #ca7 en ,noordwijk 7zie bl4 #cj7 heeft de visschersbevolking nog een zeker cachet1 vooral de vrouwen1 met hun eigenaardige mutsen en gouden sieraden4 ,maar 't belangrijkste van wat in deze provincie gevonden wordt1 ziet men in ,scheveningen4 7,zie bl4 #cb1 #cc47 ,,scheveningen4 ,het is alweer zeer opmerkelijk1 hoe in een dorp1 zoo vlak bij een groote stad1 en naast een steeds grooter wordende internationale badplaatsbevolking1 een andere bevolking haar oude gebruiken z sterk bewaren kan1 als bestond die stad en dat internationale verkeer niet4 ,twee uitersten leven en bestaan hier naast elkaar1 zonder elkaar te benvloeden4 ,en niet alleen dat de ,scheveningsche dracht1 vooral onder de vrouwen1 zoo algemeen blijft1 het is ook zoo eigenaardig dat ze weinig verandert4 ,de grootste veranderingen zijn er een geslacht terug al in aangebracht1 in de groote periode1 waarin de boeren-bevolking onder den invloed van de beschaving der steden kwam4 ,de ,scheveningsche vrouwen-dracht is aldus te omschrijven3 ,zij draagt vijf rokken over elkaar van verschillende kleur en stof1 waarvan de bovenste van zwart thibet of merinos is4 ,daarover draagt zij een zwart schort1 des ,zondags van zijde4 ,de bekleeding van het bovenlijf bestaat uit een jak van gewone katoenen stof1 grijs van kleur1 of bruin1 of blauw4 ,daarover komt een schouderdoek1 vierkant1 maar dubbel gevouwen tot een groote driehoek1 en alzoo omgeslagen1 en vastgemaakt in de taille4 ,deze doek is van wol1 en groen1 bruin of blauw4 ,op het hoofd draagt men de mop-muts1 genaamd3 de moppes1 met oorijzer1 waarin de parel-spelden1 naar boven stekende spelden1 van goud3 die aan het ,scheveningsche costume zoo bijzonder opmerkelijk zijn4 ,het oorijzer eindigd in de stukken1 mooi bewerkte ovalen gouden sieraden1 in de vorm van een broche4 ,aan de zijkant van de muts zijn plooien1 genaamd3 de klappen4 ,deze mutsen zijn 's ,zondags van kant4 ,als men in de rouw is zijn ze van effen battist of van kamerdoek4 ,de doek wordt bij den hals1 saamgehouden door een gouden broche4 ,om den hals komt de halsketting1 met gouden slot van voren4 ,over dit costume wordt 's winters de schoor-mantel 7schouder-mantel7 gedragen1 die 's ,zondags van allerlei kleuren is1 van binnen met witte baai is gevoerd4 ,de kraag is zeer stijf en versierd met opgeplooid lint4 ,in de rouw of op gewone werkdagen1 is deze schoor-mantel van zwarte stof1 rood gevoerd1 met stijve kraag1 met fluweel geboord4 ,deze dracht wordt door de ,protestantsche vrouwen gedragen1 en alln door de visschersbevolking4 ,de ,roomsche vrouwen dragen om den hals1 in plaats van de broche1 een kruisje1 en1 indien het burgervrouwen zijn1 dragen zij aan de muts niet de rijk bewerkte ovalen stukken1 maar boeken1 vierkante gouden plaatjes1 die soms eenigszins cilindrisch omgebogen zijn4 ,het mannen-costume bestaat uit een blauwe trui van wol1 en een wijde broek1 met een pet op4 ,als herinnering aan oude tijden wordt1 bij gelegenheden1 de hooge hoed gedragen4 7,zie bl4 #cc47 ,de kleedij op de ,z4-,h4 eilanden1 vooral op ,goeree en ,overflakkee1 sluit zich bij de drachten van ,zeeland aan1 speciaal die van ,noord-,beveland4 ,zij geeft dezelfde lange1 wijde muts te zien met de kurketrekkers van goud langs de slapen1 die men krullen noemt4 ,de wijde floddermutsen van deze ,z4-,h4 eilanden1 zijn echter niet zoolang en groot als die van ,noord-,beveland4 ,bovendien zijn de gouden sieraden iets anders4 ,,zeeland4 ,men kan gerust zeggen1 dat de ,nederlander1 die ,zeeland nooit bezocht heeft1 niet alleen het mooiste1 maar ook het merkwaardigste deel van zijn land niet kent4 ,daar waait in dit eilanden-domijn een heel andere wind dan in het overige deel van ,nederland4 ,het is alsof men daar in een heel andere cultuur-staat verplaatst wordt1 het is anders dan heel het overige ,holland bij elkaar1 het is meer algemeen menschelijk1 meer natuurvol1 meer inspireerend1 meer tot den mensch sprekend dan al het andere1 wat in het feitelijke ,holland en in de andere provincin het eigenlijke ,hollandsche van ,holland maakt4 ,dat komt door het land1 den bodem1 door het menschen-ras en door de kleeding1 die alle drie1 deze buitengewone sfeer scheppen1 die niet alleen eenig is voor ,nederland1 maar ook in dit deel van ,europa zijns gelijke niet heeft4 ,zeeland is nog het ,natuur-land in het overigens geheel ver-civiliseerde ,holland1 het is de tuin van ,nederland4 ,en de bloem uit dien tuin is ,walcheren4 ,a4 ,,walcheren4 ,welk een schoonheid4 ,schoonheid van land1 bouwland1 parken1 bosschen1 duinen en zee1 schoonheid van oude steden1 oude architectuur1 schamele resten van een cultuur1 z eigen als in geen van de andere deelen van ,holland gevonden wordt1 en die nog werkelijk voortleeft1 ondanks de moderne tijden1 ondanks dat dwars door dit eilandenrijk het wereldverkeer voortijlt4 ,dat is het merkwaardige van ,walcheren1 dat is zijn pracht1 omdat het zuiver-menschelijk en natuurlijk-volmaakte wat daar te zien is1 tot het gevoel van het hart1 en tot het begrip van de objectieve schoonheid spreekt4 ,en dat natuur-schoon van land en ras spiegelt zich daar in de kleedij1 of omgekeerd1 de bevolking componeerde zich een kleedij1 waardoor zijn eigendommelijke rassenschoon zoozeer uit komt en geccentueerd wordt4 ,en dat geldt niet alleen voor de vrouwen en meisjes met hun prachtige bouw1 hun mooie lichaams-lijnen en fijn besneden gezichten1 de donkere oogen1 de prachtige armen en de mooie halzen4 ,maar dat geldt ook voor de mannen1 die typen te zien geven vol van wereldwijsheid en menschenkennis1 alsof een cultuur van geslachten oud al deze gewone boeren1 die in hoofdzaak de landbouw bedrijven1 hun interessante gezichten geteekend heeft4 ,en de kleedij is er juist op berekend om den opmerker dat alles nog meer te doen beseffen4 ,want zoowel de mannen- als de vrouwen-kleeding op ,walcheren is hoogst eenvoudig4 ,moge ze vroeger rijker1 kleuriger geweest zijn1 zooals een paar zeer fraaie voorbeelden in het museum van ,middelburg getuigen1 ze was toen toch reeds wat ze nu was1 niet anders dan dat wat een goede1 rationeele kleeding uit haar wezen zijn moet1 het middel om de persoonlijke schoonheid van het individu nog meer te doen uitkomen1 te doen opmerken4 ,en waar zou dat meer gerechtvaardigd zijn1 tot mooier geheel hebben kunnen voeren dan juist op ,walcheren4 ,de vrouwen-dracht is voor de kinderen en de volwassenen hetzelfde4 ,zij bestaat uit de gewone onderkleeding en een aantal rokken1 waarvan de bovenste1 zooals ook het van voren met een coeurtje uitgesneden lijfje1 van zwarte stof is4 ,deze werd in de laatste tijden steeds dunner1 zoodat de figuren van de draagsters slanker werden4 ,zelfs werd het corset te hulp genomen om de natuurlijke fraaie lichaamsbouw nog meer te doen uitkomen4 ,vroeger werd dit corset natuurlijk niet gedragen4 ,de armen zijn bloot tot boven den elleboog4 ,van voren en van achter iets minder1 komt de witte beuk1 het ,zeeuwsche kleedingstuk par excellence1 te zien4 ,deze is op ,walcheren meestal wit1 soms met kant en plooien1 welke laatste verfraaingen toevoegsels en veranderingen van den nieuweren tijd zijn4 7,zie bl4 #cd47 ,de hoofdbedekking bestaat uit een witte ondermuts en witte boven- of trekmuts1 vrij eenvoudig van model1 maar bijzonder gemaakt door de eigenaardige veelvuldige kleine plooitjes1 en door de gouden sieraden die aan de slapen1 naast en bijna voor de oogen hangen4 ,het haar is op zeer bijzondere wijze gekruld1 z1 dat het van voren met een zeer regelmatige wrong 7of krul7 onder de muts uitkomt4 7,zie bl4 #cd1 #ce1 #cf1 #cg1 #ch47 ,om den hals1 die dikwijls 7vooral in den zomer7 vrij laag geheel bloot is1 7als de beuk wat meer naar beneden is getrokken7 wordt een bloedkoralen ketting gedragen van rijen kralen1 met een dikwijls zeer mooi gouden slot 7van oude bewerking7 van voren4 ,de schoenen zijn lage muilen1 op het land draagt men klompen4 ,in den winter trotseert de gezonde ,zeeuwsche de barre koude1 ondanks haar steeds bloote armen1 7die dan echter met zwart-wollen pols-mouwen zijn bekleed7 alln met een 7meest zwart7 wollen omslagdoekje van betrekkelijk zeer geringe afmeting4 ,op het hoofd wordt een klein wit strooien hoedje gedragen1 geboord met een kleurig 7meest blauw7 of zwart lint1 dat in zeer bijzondere plooing1 van achter1 tot een soort roset wordt4 ,dit lint hangt bij de vrouwen1 uit het ,middelburger ,ambacht1 langs het hoofd1 naar voren1 over de borst neer4 ,dit hoedje verdwijnt echter hoe langer hoe meer1 zooals de groote platte hoeden1 die men tot voor een geslacht terug nog droeg1 en die reeds geheel verdwenen zijn4 ,de kinderen op ,walcheren1 dragen aan de muts lange kanten stukken1 die tot op den rug afhangen4 ,dat is de kindermuts1 zooals die op heel ,walcheren voorkomt4 ,ze is ook de dracht van de vrouwen uit het ,middelburger ,ambacht1 dat is de streek direct om de stad ,middelburg heen4 ,deze muts is veel eenvoudiger van vorm dan de trek-muts1 die de gewone ,walcherensche dracht is4 ,ze is niet zoo fijn geplooid--kost dus veel minder van opdoen1 maar heeft een afhangende strook van achter 7zie bl4 #ch7--;die bij de kinderen1 vooral als ze klein zijn1 soms tot aan het middel valt4 7,zie bl4 #cg47 ,de ,middelburger-ambacht-muts wordt daarom ook door vele vrouwen uit het volk gedragen1 omdat ze minder kostbaar is4 7,zie bl4 #ch47 ,dit costume wordt op ,walcheren nog zeer veel gedragen1 zelfs in de steden1 behalve ,vlissingen1 waar alle herinnering aan het oude1 door de zegeningen 787 van de moderne industrie1 zijn gedood4 ,niets merkwaardiger dan een marktdag op ,donderdag in ,middelburg1 voor het mooie ,stadhuis of op de schilderachtige ,botermarkt1 waar men een gekrioel van de meest verscheidene ,zeeuwsche drachten waar kan nemen4 ,dit is een werkelijk eenig schouwspel in dit gedeelte van ,europa1 omdat het niet alln zoo bijzonder eigendommelijk is1 maar tegelijk werkelijke schoonheid te zien geeft1 schoonheid van menschen-ras1 en buitengewone aesthetische kleedij4 7,zie bl4 #bf47 ,vooral de kinderen zijn een lust der oogen4 ,nergens ziet men kinderen met zoo mooi gevormde gestalte1 zoo fijn besneden gezichtjes1 zoo stijl-volle allure als op dit merkwaardige eiland4 ,en waar men1 op een of ander afgelegen dorp een school ziet uitgaan1 moet het treffen1 dat vele van deze kleintjes1 7vooral de meisjes7 een verschijnen hebben alsof het aangekleede stadskinderen zouden zijn1 als men die qualificatie althans als een omschrijving van beschaafdheid zou willen doen gelden4 ,maar die boeren kindertjes van het platteland van ,walcheren1 hebben meer cultuur dan de stads-kinderen1 want ze zijn natuurlijker4 ,bij hen is de mooie houding1 de vriendelijkheid en de liefheid niet een gevolg van aangeleerdheid1 maar ze zit in het ras1 zooals ook hun geheel on-boersche schoonheid uit hun ras voortkomt4 ,het zijn gecultiveerde-natuur-menschen4 ,walcheren bestaat eigenlijk uit twee deelen1 die in de laatste eeuwen echter slechts n eiland vormen4 ,het land van ,arnemuiden en ,nieuwland1 dat ten oosten van het kanaal van ,walcheren ligt1 heeft daarom ook een eigen kleederdracht4 ,deze lijkt in veel opzicht1 wat de vorm aangaat1 op de ,zuid-,bevelandsche1 en sluit zich bij deze aan4 ,maar het verschil zit in de muts4 7,zie bl4 #dj1 #da47 ,die kap is anders dan de ,zuid-,bevelandsche en anders dan de ,walcherensche4 ,ze is niet zoo groot als de eerste1 en grooter dan de laatste1 maar van achter is ze anders geplooid dan een van deze kappen1 ook om den hals zit ze anders4 ,ze is echter buitengewoon fraai van model1 zelfs voor de kinderen1 die haar niet van kant1 maar van battist of neteldoek dragen4 7,zie bl4 #db47 ,wat de kleedij van de ,walcherensche boeren betreft1 deze is1 zooals die van de andere deelen van ,zeeland nog wel eigenaardig1 maar1 op een paar blinkende ,zeeuwsche knoopen na1 en een beetje eigenaardige snit1 niet veel anders dan alle boeren-drachten4 ,het merkwaardige ligt meer in den drager dan in zijn costume1 en1 door het bijzondere uiterlijk--den niet te omschrijven wereld-wijzen kop van den ,zeeuwschen boer--verkrijgt zijn heele verschijning iets zeer aparts1 dat toch maar voor een zeer klein deel door het costume veroorzaakt wordt4 ,b4 ,,zuid-,,beveland4 ,het ,zuid-,bevelandsche costume is het rijkste van alle ,zeeuwsche drachten1 ofschoon het ,axelsche 7uit ,zeeuwsch-,vlaanderen7 het meest eigenaardige en bijzondere is4 ,het ,walcherensche is ongetwijfeld het meest natuurlijke en menschelijkste4 ,zeer opmerkelijk is het nogal belangrijke onderscheid dat er tusschen de ,roomsche en ,protestantsche drachten op het eiland bestaat1 7zie bl4 #dd1 #de71 welk onderscheid het meest uit de kleedij van de vrouwen spreekt4 ,en in hoofdzaak ligt het verschil in de muts4 ,de ,protestanten dragen een ronde muts1 d4w4z4 eene waarvan de groote vleugels links en rechts van het hoofd regelmatig rond ombuigen1 en zich van achter in den hals vereenigen4 ,daardoor moet het slot van de halsketting van voren gedragen worden4 ,de ,roomsche vrouwen hebben daarentegen een muts1 die meer vierkant van model is1 althans van achter op zeer bijzondere wijze in rechthoekigen vorm bijeen is gebracht4 ,de zij-kanten langs het hoofd vallen niet naar achter1 maar in naar onder recht 7vierkant7 afgewerkte vleugels naar voren1 zoodat den nek vrij komt en aldaar het gouden slot van de halsketting gedragen wordt4 7,zie bl4 #df1 #dg47 ,bovendien is de beuk1 ht beroemde ,zeeuwsche kleedingstuk1 bij de ,roomschen rondom den hals versierd met een randje kant en kralen4 ,de ,protestanten hebben dat niet1 de beuk is niet versierd4 7,vergelijk bl4 #df1 #dg1 #dh met bl4 #ej1 #ea47 ,een ,zuid-,bevelandsch costume kan alsdus worden omschreven4 7,zie bl4 #dc tot en met #ea47 ,over het algemeen draagt men drie rokken4 ,de rok heet op z'n zeeuwsch keus1 zoodat er gesproken wordt van een lief-keus1 7lijf-rok71 dat is een rok waaraan een lijfje vast is1 en van een rand-keus1 een rok waaraan1 van onder1 een rand bevestigd is4 ,die rokken zijn 's winters en 's zomers verschillend van stof en van kleur4 ,over die rokken komt een dof-blinkend zwart schort1 van zijde of satinet4 ,de rokken sluiten aan den zij-kant1 met haken en oogen1 de plooingen vallen aan den zij-kant en van achter4 ,van voren zijn geen plooien4 ,over het bovenlijf een wit katoenen hemd1 daarover een hemd-rok met korten mouwen1 van voren sluitend4 ,daarover dragen de ,protestantsche vrouwen een corset1 de ,roomsche daarentegen niet4 ,de ,protestantsche dragen bovendien een broek1 de ,roomsche vrouwen niet4 ,over dit hemd-rok komt de beuk4 ,dit zoo beroemde en belangrijke kleedingstuk bestaat uit twee bijna vierkante lappen1 ongeveer #ce bij #de cm4 groot4 ,ze zijn aan den eenen kant aaneen gehecht1 met een uitschulping1 om den hals door te laten4 ,die twee vierkante stukken bedekken dus1 de eene de borst1 de andere den rug1 ze worden vastgehouden1 op de eene schouder met haakjes en oogen1 van onder met banden4 ,de beuk is een kleedingstuk dat in bijna alle ,nederlandsche nationale drachten een voorname rol speelt4 ,in ,zeeland heet het de beuk1 maar in de andere deelen van ,nederland waar het voorkomt1 ,volendam1 ,spakenburg1 op de ,veluwe1 ,staphorst enz41 enz41 heet ditzelfde kleedingstuk de krap-lap of kra-lap of krop-lap4 ,de vorm wijzigt zich soms zeer1 7zooals te ,spakenburg71 maar de idee en de bedoeling blijft steeds dezelfde4 ,deze beuk wordt van gebloemd katoen of zijde gemaakt1 ieder jaar van een andere stof1 naar de mode en de nieuwe smaak1 dat aangeeft1 en deze wordt op den ,paaschdag vertoont4 ,paaschen is de mode-datum 4444 en 4444 niet alln in ,zeeland4 ,de rijkdom van menig zeeuwsch meisje wordt ook naar het aantal verschillende beuken en doeken die zij heeft1 afgemeten1 7afgezien nog van de kap1 de stukken en de halsketting47 ,maar menige zeeuwsche schoone heeft kasten vol beuken en doeken1 7soms #cj stuks en meer7 waarvan erbij zijn van zeer groote kostbaarheid1 omdat de duurste zijde er voor gebruikt wordt4 ,de kleur van deze beuken is niet te bepalen4 ,alle kleuren worden gebruikt1 en bij de ,roomschen wordt het effect nog verhoogd door de kanten en kraaltjes om den hals4 7,zie bl4 #df1 #dg1 #dh47 ,de doek is een vierkante lap 7doek71 van ongeveer #a4ej meter lengte en een #a meter breedte1 die diagonaals-gewijze gevouwen wordt1 zeer zorgvuldig wordt geplooid1 welke plooien door spelden in bedwang gehouden worden4 ,deze doek wordt om de schouders omgeslagen1 van voren over elkaar gelegd1 en in de taille wordt ze 7met spelden7 vastgemaakt4 ,deze doek is van allerlei stof en kleur1 dikwijls zelfs van fluweel1 soms van zijde1 door de week ook wel van katoen4 7,zie bl4 #df1 #dg1 #dh1 #di1 #ej1 #ea47 ,aan de voeten draagt men lage schoenen van leer4 ,de hoofdbedekking is zeer ingewikkeld4 ,het haar wordt meestal kort geknipt1 behalve van voren om de krul te maken1 de haarkrul die van voren onder de muts uit1 te zien komt4 ,de kinderen dragen ponny1 genaamd3 de bles4 7,zie bl4 #dc47 ,over het haar gaat de gouden beugel van zeer bijzonderen vorm1 die in twee vierkante bladen eindigt1 die van voren met lijn-ornament zijn begraveerd1 van achter glad4 ,die heele versiering heet de stukken en ze is altijd geheel van goud4 ,daarover komt de tip-muts1 een wit mutsje met een plooi-kantje ringsom1 een bol1 en met een bandje op het hoofd gehouden4 ,van voren een klein kantje4 ,over deze tip-muts dragen de ,roomsche vrouwen een blauw-zijden-mutsje1 dat alleen den bol van het hoofd bedekt4 7,zie bl4 #dh47 ,de ,protestantsche hebben dit niet4 ,daar is dit mutsje wit1 of1 in den rouw1 zwart4 ,daarover komt dan de boven-muts1 bij ,roomschen zoowel als bij ,protestanten4 ,de vorm is het best op de photographie te zien4 7,zie bl4 #df1 #ea47 ,de mutsen der ,roomschen worden ietwat met blauwsel gestreken1 die van de ,protestantschen zijn wit4 ,de eersten strijken en maken hun mutsen niet zelf1 dat doet de mutsen-opdoenster4 ,de laatsten strijken de mutsen zelf4 ,naast de stukken1 die nu onder de boven-muts uitkomen en door de draai in de gouden spang die hen vasthoudt1 naar links en rechts van het voorhoofd uitstaan1 zijn de cantille-spelden in de tip-muts gestoken4 7,zie bl4 #df47 ,daarboven steekt men de boven-spelden1 kleiner1 massiever van vorm dan de opengewerkte cantille-spelden4 ,dan komt daar nog de bloedkoralen halsketting en het gouden slot bij4 ,men draagt vijf rijen vrij groote koralen1 's zondags zelfs zes rijen4 ,het slot 7bij de ,roomschen van achter1 bij de ,protestanten van voren7 heeft door de week drie oogen1 's zondags vijf4 7,zie bl4 #df1 #dg1 #dh en bl4 #ej1 #ea47 ,al deze sieraden vertegenwoordigen dikwijls een heele waarde1 zoodat het begrijpelijk is1 dat zij1 die eenmaal deze dracht hebben1 ze in eere houden1 zij die ze niet hebben1 haar niet gemakkelijk aanschaffen4 ,maar de meeste ,zuid-,bevelandsche vrouwen1 zoowel ,protestantschen als ,roomschen1 blijven die nationale kleedij tot nogtoe zeer getrouw1 wat vooral bewezen wordt door het feit dat zij de jeugd1 zelfs het kleinste kindje1 dagelijks in die dracht tooien4 7,zie bl4 #dc47 ,en dat zegt wat1 als de jeugd er nog aan hecht de nationale dracht te dragen6444 ,dan is het voortbestaan van die dracht vooreerst gewaarborgd4 ,de bloote armen worden in den winter1 zoowel op ,walcheren als op ,zuid-,beveland1 tegen de koude beschermd door pols-mouwen of mitaines1 die de merkwaardige naam van ,labedisten dragen1 afkomstig van den godsdienstigen dweper ,jean de la ,badie1 die in #afff te ,middelburg predikaties hield tegen de in zijn oogen onzedige gewoonte van de vrouwen1 om de armen bloot te dragen4 ,zooals gezegd1 wordt de ,zuid-,bevelandsche dracht reeds door de zeer jonge kinderen gedragen1 ook door de jongentjes4 ,bij de meisjes zijn dan de schorten meestal van zoogenaamd friesch bont--7met blauwe ruiten geweven katoen47 7,zie bl4 #dc47 ,in den rouw zijn alle onderdeelen van deze kleedij1 ook bij de kinderen1 zwart1 de vorm echter blijft steeds hetzelfde4 ,ook nog is een zeer bijzondere vrouwen-dracht in ,zeeland opmerkelijk1 die in de oester-putten bij ,ierseke gedragen wordt4 ,het costume bestaat dan1 voor het bovenlijf en het hoofd geheel uit de gewone dracht1 alln de rokken zijn vervangen door een hooge1 wijde1 leeren broek met waterlaarzen4 ,aesthetisch werkt over 't algemeen deze dracht niet1 maar ze ontstond uit de behoeften van het bedrijf4 ,ze behoort dus meer tot de beroeps-drachten dan tot de nationale kleeding4 ,c4 ,,zeeuwsch-,,vlaanderen4 ,in ,zeeuwsch-,vlaanderen is een streek1 die zich tusschen ,axel1 ,zaamslag en ,hulst uitstrekt1 waar het ,axelsche costume gedragen wordt4 ,geen meer bizarre1 meer on-,hollandsche dracht dan deze1 niettegenstaande haar eigenlijke constructieve deelen zeer klaarblijkelijk van zuiver ,hollandsch-,zeeuwsche afkomst zijn4 ,maar er zijn eenige details dermate in overdreven en geccentueerd dat het geheel1 op het eerste gezicht1 zeer exotisch aandoet1 en wellicht 7als ik deze onderstelling wagen mag7 is ontstaan onder den invloed van de madonna-beelden met hun 7zie bl4 #ed1 #ee7 versieringen zooals die in het nabije ,vlaanderen-land in de ,roomsche kerken1 moge zijn opgemerkt4 ,zooveel is zeker1 dat den indruk die deze dracht maakt1 vooral als ze door kinderen en half-volwassenen gedragen wordt1 die van een uitheemsch-afgodbeeld maakt1 wonderlijk van vorm en kleur1 maar in zeer hooge mate eigendommelijk en zeer zeker van bijzondere werking op de aesthetische verbeelding4 ,deze dracht wordt in die streek nog zeer veel gedragen4 ,de mannen-dracht is tot de gebruikelijke zwarte boeren-kleedij teruggebracht1 maar die der vrouwen en kinderen is des te rijker4 ,de algemeene constructie van dit costume komt overeen met het ,zuid-,bevelandsche1 dat is1 het bestaat uit eenige rokken1 7keuzen7 waarvan de onderste twee van baai zijn1 dan n van moir1 en daarover een van zwart satijn of fransch merinos4 ,het bovenlijf is gekleed in het mouw-lijfje1 waarvan de korte1 even boven de ellebogen eindigende mouwen1 geboord zijn met kant4 ,dan volgt de bekende beuk en de doek4 ,de bijzonderheid bij deze dracht ligt hoofdzakelijk in de zeer rijke koralen-versiering aan den hals1 die op de beuk1 zoowel van voren als van achter is aangebracht4 7,zie bl4 #ed1 #ee1 #ef47 ,bovendien is de doek1 die steeds van gebloemde1 gekleurde zijde is1 op zeer eigenaardige wijze met groote punten op de schouders opgeplooid4 ,deze punten1 die naast het hoofd naar boven steken1 worden in de doek gehouden door stijfpapieren opvulsels4 ,daarbij komt1 dat de boezelaar eveneens van kleurige gebloemde zijde is1 en bovendien van voren in de taille een groote strik van breede zijden linten1 rijk met kleurige bloemen versierd1 gedragen wordt4 7,zie bl4 #ed1 #ef47 ,voeg daarbij de koralen ketting met gouden slot 7van voren7 en eenige gouden kettingen en broches 7spelden7 waarvan de voornaamste de groote zijden strik in de taille vasthecht4 ,het geheel krijgt daardoor dat zeer rijke1 kleurige en zonderlinge uiterlijk wat de ,axelsche dracht van alle andere nederlandsche drachten onderscheidt1 zoowel door vorm als door kleur4 7,zie bl4 #ed1 #ee1 #ef47 ,opmerkelijk is1 dat de hoofdbedekking bij zooveel rijkdom van de lichaams-kleeding1 zeer eenvoudig is4 ,niets dan een witte onder-muts en een kanten over 7trek7 muts1 en lange gouden spelden en krullen1 alles vrij nauw aan het hoofd aansluitend4 ,de tegenstelling in deze met het ,zuid-,bevelandsche costume is zeer groot1 waar de aandacht vooral getrokken wordt door de groote kanten kappen1 zij het dan ook dat de afmeting van die kappen in de laatste kwart eeuw aanmerkelijk is toegenomen4 ,het ,axelsche costume wordt in dit deel van ,zeeuwsch-,vlaanderen slechts door de ,protestanten gedragen2 de ,roomschen gaan in gewone burger-dracht1 d4w4z4 niet in nationaal costume4 ,in het westelijk deel van ,zeeuwsch-,vlaanderen1 vindt men nog een merkwaardige rest van een oude dracht1 te ,breskens1 tegenover ,vlissingen4 ,daar bestaat het costume 7van de vrouwen7 in een soort cornet-muts met ornament van bijzonderen aard 7roset-vorming74 ,de rest van het costume is een ouderwetsch jak1 dat tot aan de knien rijkt1 over een zeer wijd geplooide rok en schort4 ,dit jak1 rok en schort zijn 7meest7 allen van dezelfde kleur--bruin1 grijs of zwart--en van een 7meest7 glimmende stof 7zijden1 satijn1 satinet7 of van katoen4 ,het geheel van dit costume maakt meer een ouderwetsche 7,overijselsche7 indruk1 uit de periode #ahcj-fj1 dan van een werkelijk nationale ,zeeuwsche dracht4 ,in de nabije en oud-tijds zoo belangrijke vestingstad ,sluis zijn wel een paar zeer mooie oude gebouwen uit de vervlogen glorie-tijd overgebleven1 maar van een nationale kleedij is er geen spoor4 ,d4 ,,noord-,,beveland4 ,ten slotte bieden de ,noord-,zeeuwsche eilanden een bijzonder type van nationale dracht in het ,noord-,bevelander costume1 dat ook op ,tholen1 ,schouwen1 ,duiveland en de ,zuid-,hollandsche eilanden nog gedragen wordt1 ofschoon in eenigszins anderen vorm4 ,de mannen hebben op die eilanden geen eigen dracht meer1 en voor de vrouwen bestaat dat alln uit een zeer omvangrijke en lange flodder-muts1 die over een witte onder-muts1 soms ook zonder deze1 gedragen wordt1 met de bekende gouden kurke-trekkers 7krullen7 aan de slapen1 en een zeer bijzondere wijze van haar-dracht over het voorhoofd4 ,twee kunstig gedraaide krullen komen onder de muts uit1 in een vorm1 die doet denken aan een slakkenhuis4 ,deze muts rijkt1 in ,noord-,beveland1 op den rug1 tot in de taille1 en plooit direct aan de slapen breed uit4 ,ze is voor het grootste deel van zeer fijne tule of kant1 met een breeden geornamenteerden rand4 ,de mutsen op de andere eilanden hebben ongeveer denzelfden vorm1 maar zijn kleiner4 7,zie ,zuid-,holland47 ,,friesland4 ,opmerkelijk is het1 dat in ,friesland1 dat toch met de provincin ,holland1 ,zeeland1 ,utrecht en ,gelderland de oude kern van het eigenlijk ,holland uitmaakte1 en welks volksstam van zoo overwegenden invloed op de overige bevolking van ons land was1 gn of zeer weinig sporen van een eigen nationale kleedij gevonden worden1 terwijl juist in de andere deelen van ,nederland1 de afstammelingen van diezelfde ,friezen1 de nationale dracht getrouw bleven4 ,wat hiervan de oorzaak zij1 dient hier niet te worden onderzocht1 slechts als een bijzonderheid te worden aangewezen4 ,het zij genoeg te vermelden dat juist dit volk1 dat zich als geen deel van het ,nederlandsche volk1 zoozeer een eigen volksstam gevoeld1 haar eigen kleedij in de praktijk van het hedendaagsche leven verloor1 maar er tegelijk bijzonder trots op blijft zich in die kleedij te steken1 zoodra zij zich als ,friezen in het openbaar leven wil vertoonen4 ,het eigenaardige verschijnsel doet zich hier dus voor dat de oude dracht1 die wel is waar door alle standen1 in hooge eere gehouden wordt44444 maar in hun kasten en doozen goed wordt opgeborgen44444 maar zelden wordt gedragen4 ,in de andere provincin bleef men het oude costume getrouw44444 of ze verdween in haar geheel1 zoowel uit het werkelijke leven als uit de rommelkamers en oude koffers4 ,het moderne geslacht hecht niet meer aan familie-stukken4 ,hoe eigenaardig deze toestand ook is1 men vindt ze ook eenigszins terug in de ,zaanstreek4 ,maar wat er van de friesche dracht in het werkelijke leven bleef1 was niets dan het beroemde oorijzer1 waarin echter1 in den vorm waarin het tegenwoordig nog gedragen wordt1 moeilijk het oer-type van de hoofd-versiering te erkennen is1 waartoe alle oorijzer-vormen1 die in dezen tijd nog in de verschillende streken van ,nederland gedragen worden1 waarschijnlijk terug te brengen zijn4 ,in het ,friesch-museum te ,leeuwarden zijn de verschillende verwordings-vormen van het friesche oorijzer bijeengebracht en in de catalogus1 door den conservator ,mr4 ,p4 ,c4 ,j4 ,a4 ,boeles1 7uitgave ,meijer en ,schaafsma1 ,leeuwarden #aiji7 uitvoerig afgebeeld en omschreven4 ,uit deze serie blijkt in ieder geval--om hier zoo min mogelijk op historisch terrein te komen1 dat het friesche oorijzer thans belangrijk breeder is dan het vroeger was1 dan een van de andere oorijzers die in ,nederland ooit geweest zijn4 ,bovendien is het friesche van goud1 terwijl de 7zooveel kleinere7 oorijzers in de andere deelen van ons land 7,scheveningen1 ,staphorst1 ,zeeland enz47 meestal van zilver zijn4 ,dit wijst op grooter rijkdom bij de ,friezen1 wat eveneens blijkt uit het nationale costume dat bij het oorijzer hoort1 althans1 wat er thans bijgedragen wordt door dames die zich in nationale kleedij wenschen te steken4 ,die costumes bestaan in hoofdzaak uit nogal wijde jakken 7tot de knie7 en rokken1 meestal in zijde van allerlei kleuren1 waarover de doek 7op de borst gekruist7 en het schort gedragen worden4 7,zie bl4 #eg1 #eh1 #ei47 ,deze doek en schort1 zijn evenals de witte flodder-muts van dikwijls zeer kostbare1 sierlijke en fijne kant4 7,zie bl4 #ei47 ,de hoofd-tooi1 waaruit thans echter het heele friesche nationale costume bestaat1 en die nog in een groot deel van deze provincie gedragen wordt1 7ofschoon steeds minderend71 bestaat uit de witte tip-muts over het haar4 ,daarover de zwarte muts4 ,daarover het oorijzer en daarover de flodder-muts1 met de twee gouden knoppen aan weerszijden van de slapen1 boven het kant van de flodder-muts uitkomend4 ,dat1 wat men echter thans1 bij gelegenheden1 als het origineele friesche nationale costume wil zien aangemerkt1 heeft echter veel overeenkomst met de mode-kleedij van de periode #ahcj-fj1 vermengd met achtiend' eeuwsche herinneringen4 ,de mannen-drachten die men daarbij rekent1 hebben met hun driekante steken en korte kuitbroekjes te zeer een ietwat achttiend'eeuwsch cachet4 ,dat neemt niet weg dat het geheel van dit niet zoo zuiver historische costume1 een bijzonder aesthetischen indruk maakt4 ,vooral de hoofdversiering is zeer charmant door het bijzondere dat de vrouwen van het friesche ras eigen is1 zoodat het geheel alleszins aan den eisch voldoet die een werkelijke nationale kleeding gesteld mag worden1 en dat is3 dat ze kenmerkend1 onderscheidend1 voor dt ras en dat land zij4 ,,hindeloopen4 ,een zeer bijzondere groep vormen de ,hindeloopen-drachten4 7,zie bl4 #fa1 #fb1 #fc47 ,ook deze worden thans niet meer in het werkelijke leven gedragen1 ofschoon eenige personen in die dracht1 in de eenige straat van het oude ,hindeloopen gezien1 zeer zeker geen oneigenlijke indruk maken4 ,alles in dat oude stille plaatsje is nog juist zoo gebleven als het in de tijden was toen die ,hindelooper-dracht nog algemeen werd gedragen4 ,dat moet op zijn laatst1 ongeveer in het begin van de negentiende eeuw1 geweest zijn4 ,thans leven er nog ouderen van dagen1 die zich herinneren hoe in hun jeugd enkele personen1 uit gehechtheid aan het oude1 die bijzonder schilderachtige kleedij nog dagelijks droegen4 ,maar 't waren toen ook reeds zeer weinigen4 ,thans ziet men ze in de zoovele ,hindelooper binnenkamers die in het midden van de negentiende eeuw1 in de ,romantische periode1 als levende schilderijtjes in elkaar zijn gezet4 ,het ,hindelooper costume bestaat1 voor zoover de mannen betreft1 uit een zeer sterk achttiend'eeuwsche lange jas met vele knoopen1 korte kuitbroek1 lage schoenen en op het hoofd een driesteek4 7,zie bl4 #fb1 #fc47 ,belangrijker echter is de kleedij van de vrouwen en van de kinderen1 vooral omdat de constructie van deze dracht1 in de verschillende over elkaar gedragen lagen1 en den vorm van de onderdeelen1 alsook hun oud-friesche benamingen een werkelijk volledige nationale en van oudsher overgeleverde kleedings-wijze zijn4 ,de ,hindelooper-dracht 7der vrouwen7 bestaat uit een wit linnen hemd 7geen onderbroek7 en drie onderrokken4 ,de bovenste rok is zwart en heet de skoote en is van harde wollen stof4 ,over het hemd komt eerst een keurs-lijf van laken1 met schouderbanden4 ,over dit keurs-lijf komen twee oelofs 7 over-lijf74 ,het onderste van gekleurd laken met mouwen van gebloemde zijde1 het bovenste van zwarte stof4 ,te zamen heeten deze twee over-lijven het geweid 7het gewaad74 ,dit bovenste oelof 7overlijf7 wordt van voren met een veter1 in de rouw groen of zwart1 anders rood1 rose of vleeschkleur bijeen geregen4 ,die veter is #h #aj el lang1 de rygpen hangt bij getrouwden rechts1 bij ongetrouwden links4 ,de borst wordt bedekt met een vierkant doekje1 genaamd voorspeld-doek1 dat onder het oelof wordt gestoken4 ,daaroverheen wordt het meest bijzondere ,hindelooper kleedingstuk gedragen de wentke1 de lange getailleerde mantel of jak1 met lange mouwen1 van gekleurde sits1 en welk kleedingstuk de eigenlijke overkleeding vormt4 7,zie bl4 #fa1 #fb1 #fd47 ,is het wat korter van maaksel 7tot aan de knien zooals een jak7 dan heet het kassakijntje4 ,de kleur van deze wentke is zeer verschillend1 men gebruikte er allerlei soort sits voor1 de bekende uit ,voor-,indi en ,perzi aangevoerde bedrukte katoen in dikwijls zeer fantastische maar meestal zeer mooie1 kleurige en rijke patronen4 ,deze wentke staat van voren open als een jas1 zoodat ze de met den veter dichtgeregen oelof zien laat1 en ook het schort1 dat van ,oost-,indisch bont weefsel is 7in vierkante weefpatronen7 en meestal rood is in alle nuances 7in den rouw is het soms blauw74 ,om den hals komt de zijden doek1 ook uit geruit bont weefsel1 bij elkaar gehouden door den strijker1 een ring of speld van goud4 ,deze das wordt door de getrouwde vrouwen links tusschen de oelof gestoken1 door de ongehuwde meisjes rechts 7ten teeken dat haar hart 7links7 nog vrij is74 ,dan siert zich de ,hindelooper vrouw1 aan haar gordel1 links met de prak1 bestaande uit naaldenkoker1 speldenkussen1 schaar en haakpen 7van zilver74 ,rechts draagt zij de kleurige koralen beugeltasch met slot4 ,de hoofd-tooi is niet minder ingewikkeld en kleurig4 ,eerst wordt het haar bijeengebonden1 daarover verschillende ondermutsen gedaan met een stuk gouddraad-lint over de kruin1 welk lint men de de blinker noemt4 ,daarover komt het eigenaardige1 kapvormige1 cilindrische hoedje 7als men 't zoo noemen mag7 van stijf linnen1 overtrokken met andere stof1 gevoerd met rood baai1 welk hoogst eigenaardig kleedingstuk de foar flechter heet 7of3 huidje hoedje74 ,daarover komt de flip en de zondook1 de eigenlijke groote1 vierkante1 maar in bijzondere vorm geplooide en gestreken1 doch van 7meestal7 roode bonte stof1 die van voren tegen de foar flechter met een speld bevestigd wordt1 zoodat de vleugels naar achter afhangen en den curieusen vorm aan den heelen hoofdtooi geven die eenig is onder alle nationale drachten in ,nederland4 ,deze zondook is bij de jongere meisjes anders van vorm dan bij de vrouwen1 te meer omdat deze eersten geen foar flechter dragen4 ,ook de wentke krijgen de meisjes eerst op hun twintigste jaar4 ,de bruiden 7zie bl4 #fc7 dragen bovendien over dezen reeds zoo ingewikkelden hoofdtooi--die hier slechts zeer in 't kort is beschreven--een witten sluier1 het witmoer geheeten1 welke van dunne tulle is en tot aan de taille van achter en aan de zijden afhangt4 ,bovendien komt om de foar flechter een bruids-fristel1 een van geel1 zwart en wit gevlochten wrong van ongeveer een vinger dikte4 ,deze buitengewoon sierlijke en rijke dracht heeft1 naar men wil1 vooral ook zijn oorzaak gehad in de eenzame ligging van het oude stadje ,hindeloopen4 ,de mannen waren meestentijds op hun reizen1 de vrouwen bleven alleen thuis1 werden eenzelvig en zochten hun afleiding en vermaak in het zoo rijk en bont mogelijk opsieren van eigen huis en kleedij4 ,hoe dit zij1 zij verkregen een geheel dat eenig is in zijn soort1 vooral ook omdat men de waarde en de beteekenis van deze zonderlinge kleederdracht niet overzien kan zonder ze in haar eigen milieu1 het kleurige ,hindelooper binnenhuis1 te hebben bewonderd4 ,verder dient nog de aandacht gevraagd voor de bijzondere dracht van twee ,leeuwarder weeshuizen1 welke drachten thans ook reeds--jammer genoeg--zijn afgeschaft4 7,zie bl4 #fd47 ,,groningen4 ,ofschoon ook ,groningen een oude geschiedenis heeft1 is er1 zoo goed als niets van de provinciale en nationale kleedij overgebleven4 ,op het feest in nationale kleederdrachten in #aiac te ,amsterdam gehouden1 was het mij niet mogelijk ook maar n paar 7man en vrouw7 in echt1 heden nog gedragen ,groninger kleedij te kunnen vinden4 ,de historische dracht1 waarin toen een heer en dame verschenen1 heeft ook bij-lange die beteekenis voor de ,groningers niet als de ,friesche dracht voor de ,friezen4 ,het is opmerkelijk dat in een deel van ons land als ,groningen1 met haar zoo eigen historie1 de traditie zoo volkomen verloren kon gaan4 ,,drenthe4 ,ook ,drenthe is niet zeer rijk aan nationale drachten4 ,wat als zoodanig nog kan gelden is de 7,friesche7 kap en het oorijzer dat in zekere streken van deze provincie nog gedragen wordt 7zie bl4 #fe74 ,de overige kleedij is dat bekende hybridische half ouderwetsche costume dat in heel ons land onder de platte-lands-bevolking de werkelijke nationale drachten vervangen heeft4 ,het is een imitatie van de stads-dracht1 in vorm en versiering tot ongeveer geen enkele periode te rekenen1 in kleur soms nog--als 't op zijn 's ,zondags--erg mooi moet zijn1 opvallend door persoonlijke wansmaak4 ,de muts en het oorijzer zijn dan het eenige overgeblevene1 maar die eenige rest van die werkelijk nationale dracht wordt dan niet weinig ontsierd door de ,kiep 7zooals men het in ,west-,friesland noemt71 een soort van vrije fantasie door middel van allerlei gitten1 bloemen en strikken op het zoogenaamd capot-hoedje1 dat omstreeks #ahhe le dernier cri van de ,parijsche mode 7wansmaak7 was4 ,in de veenstreken vindt men geen nationale dracht1 omdat het in later tijd aangelegde kolonies zijn4 ,,overijsel4 ,in ,overijsel zijn de tradities beter bewaard1 ofschoon in hun volheid slechts in ,staphorst en op ,urk4 ,in de rest van de provincie vindt men veel de halve nationale dracht1 hoofdzakelijk de muts1 maar de eigenlijke nationale dracht is verdwenen1 vooral hoe meer men naar het ,oosten gaat4 ,a4 ,,het ,,eiland ,,urk4 ,van zeer bijzondere belangrijkheid is de kleedij en haar dragers en draagsters op het eiland ,urk4 ,het is niet te zeggen wat van deze het belangrijkst is1 het ras van menschen dat ,urk bewoont1 of hun kleeding4 ,maar beide zijn ze in hooge mate interessant4 ,zooals in ,zeeland 7vooral ,walcheren7 wonen er op ,urk nog ras-menschen1 iets wat men van de andere streken van ons land niet zeggen kan--en 't minst van de groote steden4 ,maar de ,urkers zijn fraai en gezond van bouw en er zijn bijzonder schoone vrouwentypen 7zooals op ,walcheren7 en zeer krachtige mannengestalten4 ,hun kleeding sluit1 wat de algemeene vormen aangaat1 bij de gewone ,hollandsche nationale drachten aan4 ,bij de mannen de wijde broeken en de nauw-aangesloten baaitjes1 juist zooals op ,volendam en ,marken1 ofschoon eenigszins anders van dtails1 maar in bedoeling hetzelfde1 omdat die kleeding voor een groot deel bepaald is door de practijk van het visschersbedrijf en het leven op zee4 7,zie bl4 #ff1 #fg74 ,wat de vrouwen betreft bestaat de dracht uit het noodige aantal rokken van verschillende stof en kleur1 de kroplap1 de doek en op het hoofd de kap of hulle4 ,in zooverre is alles1 wat de constructie betreft1 gewoon4 ,maar het onderscheid in deze dracht met die van dezelfde soort in de andere deelen van het land ligt in de wijze waarop de verschillende dtails gedragen worden1 en4444 wie ze draagt4 7,zie bl4 #ff en #fh74 ,dit laatste is1 voor zoover de aesthetische werking betreft1 bij iedere kleeding toch maar de hoofdzaak4 ,want al ligt er veel waarheid in het oude gezegde de kleeding maakt den man1 de meeste kleeding echter doet den drager zich slechts van de andere menschen onderscheiden naar afkomst1 rang of positie1 niet naar schoonheid of aesthetische werking4 ,men moet een kleeding kunnen dragen4 ,en1 zoo er vrouwen zijn die de ,hollandsche dracht weten te dragen1 dan zijn het die van ,urk4--,dat moet gezegd zijn4 ,want de ,urker-dracht onderscheidt zich niet door kleur of veel opschik4 ,ze is zeer eenvoudig1 ze heeft geen on-noodige dtails1 maar haar werkelijk aesthetische waarde ligt in het ras dat ze draagt4 ,de kleuren zijn meest alle donker1 gebloemde zijde1 donkere wol en laken1 hier en daar slechts met een klein werkje4 ,de hoofdzaak is echter dat het natuurlijke figuur 7van de vrouwen7 zeer door deze dracht tot zijn recht komt1 en de ,urker-vrouwen alles doen om hun natuurlijke gaven in deze nog meer te doen uitkomen4 ,er is wisselwerking tusschen den vorm van het lichaam dat de kleeding draagt en den vorm van die kleedij zelf1 geleid door het natuurlijk instinct van de draagster zelf1 die ziet hoe ze een costume dragen moet1 om de aandacht door middel van haar costume op zichzelf te doen vallen4 ,nog duidelijker blijkt die wil om zelf gezien te worden--en niet hun kleedij--7die ook zoozeer bij de vrouwen op ,walcheren bestaat7 uit de wijze waarop de ,urker-vrouw haar kleine maar prachtig hulletje draagt4 ,de heele hoofd-versiering is zeer nauw aan het hoofd aansluitend1 zoodat het gezicht--dat dikwijls zeer schoon is--duidelijk uitkomt4 ,opmerkelijk is daarbij het echt vrouwelijke raffinement waarmee het oorijzer gedragen wordt4 ,de knop1 waar dat nationale kleinood in eindigt1 komt bij de ,urker-meisjes midden op de wang1 dicht bij den mond4 ,maar doordat in het oorijzer zekere veering zit1 drukt die knop kuiltjes in de wang1 om op die wijze de natuurlijke charme van het gezicht nog meer te doen uitkomen4 ,men behoeft werkelijk niet naar ,parijs te gaan1 om zekere geheimen van het vrouwen-toilet te leeren doorgronden4 ,een ,parisienne zou van een ,urkersch visschers-meisje nog heel wat kunnen leeren44444 ,om een korte opsomming te geven van de ,urker kleedij van de vrouw1 moge dit hier volgen3 ,de kap of hulle bestaat uit zwarte ondermuts1 daarover het oorijzer 7van zilver71 daarover de de hulle 7overmuts71 van voren met een 7zelfgemaakt7 kantje4 ,van achter versiert een vrouw in den rouw die hulle met een dasje1 dat is een zwart zijden strook1 met een bandje en spelden vastgehouden4 ,van voren komt onder de hul de top uit1 zoo heet het haar dat als ponny recht is afgeknipt tot even boven de oogen4 ,om den hals de ketting van roode granaten1 het gouden slot van achter4 ,de lijf-kleeding bestaat uit een hemd met korte mouwen1 een 7open7 onderbroek1 zwarte kousen1 borstrok van zwarte baai met half lange mouwen van zijde1 fluweel of thibet4 ,deze mouwen blijven bij de volledige kleeding te zien4 ,daarover komt het middelde1 een soort corset1 eenigszins gelijkend op het rijglijf wat de ,marker-vrouwen dragen4 ,het is echter niet zoo versierd met ornamenten1 maar van blauw 7of rood7 damast1 van voren met een veter dicht geregen die door 7koperen7 ringen gaat4 ,van onder 7achter7 aan de taille zijn eenige rollen aangebracht1 bij wijze van queu de ,paris om de rokken wijder te doen uitstaan4 ,onder het corset draagt men de borstlap van roode baai4 ,het aantal rokken bestaat uit den ondersten rok1 een tusschenrok1 den zevenkleurigen rok 7rood1 wit1 zwart1 groen1 ongeveer zooals die 's ,zondags te ,volendam wordt gedragen7 en daarover de bovenrok1 's winters van baai of duffel1 zwart of licht blauw1 's zomers van thibet1 laken of luster4 ,dan de kroplap1 van voren echter meestal versierd met een ornament in kruissteek 7het hartje7 dat soms de initialen van de draagster vertoont4 ,daarover de borstrok1 of het lijfje--of lifien1 's winters van zwarte wollen stof1 's zomers van thibet4 ,dit lifien is een jakje met korte mouwen1 laag uitgesneden aan den hals1 een schootje en een strik van gebloemde zijde1 dat is boordsel langs den hals4 ,daarover gaat de doek van donkerkleurige gebloemde zijde1 meestal donker-rood of paarsachtig van nuance4 ,deze doek heeft 7tegenwoordig7 meestal franje4 ,daarover de boezel1 of schort1 met een strik van gebloemde zijde1 zijnde een horizontale strook van een handbreedte aan de taille4 ,dit boezel is van zwart thibet of zijde4 ,merkwaardig is nog dat de ,urksche vrouwen wanten of pols-mouwen dragen over hun van boven den elleboog bloote armen4 ,het zijn niet de labedisten van de ,zeeuwsche schoonen1 maar gewone pols-bedekkingen van gebreide 7zwarte7 wol4 ,verder bestaat het schoeisel uit zwart-leeren muilen4 ,opmerkelijk is verder hoe die dracht verandert1 niet van vorm maar van kleur1 voor weduwen1 bruiden1 en voor kinderen4 ,voor de weduwe is ze geheel zwart1 voor de bruid iets kleuriger1 7en nieuwer71 voor de kinderen eenvoudiger1 vooral wat het schort en de rokjes aangaat4 ,veel wit wordt dan ook door de kinderen gedragen1 ofschoon de vorm--van de dracht--ook voor de kinderen1 dezelfde blijft4 7,zie bl4 #fh74 ,b4 ,,staphorst4 ,de ,staphorster-dracht onderscheidt zich van de andere drachten door haar bijzondere compleetheid1 zoowel voor mannen1 vrouwen als kinderen4 ,ze sluit echter1 wat haar vormen aangaat1 geheel bij de drachten aan die men aan de kust van de ,zuiderzee vindt1 vanaf ,staphorst tot aan ,huizen in ,noord-,holland4 ,vooral vanaf ,harderwijk tot aan ,staphorst onderscheiden zich de drachten 7van de vrouw7 door kleine hoofd-tooi1 plat-makende borst 7en torso7 bekleeding en zeer breed en plat makende heup-bedekking4 ,de kleuren zijn over 't algemeen zeer sterk1 veel rood1 bij de ,staphorster-vrouwen ook veel blauw4 ,zelfs zijn de overmutsen 7in ,nunspeet en ,oldenbroek7 bont1 d4 w4 z4 van stof met kleurige ornamenten versierd4 ,het oorijzer1 dat in deze heele streek eenzelfde eigenaardige haak-vormige zilveren beugel is1 wordt echter van ,huizen naar ,staphorst1 oostwaarts gaande1 zoo gedragen1 dat de knop 7krul in den vorm van een kurketrekker7 bij de vrouwen van ,harderwijk1 ,hierden1 ,nunspeet1 ,hulshorst1 ,elburg en ,oldenbroek aan de slapen komt1 steeds meer zakt1 totdat ze bij de ,staphorster-vrouwen geheel tot de kaak reikt4 7,zie ,urk47 ,ook is bij de ,staphorster-vrouwen het oorijzer breeder dan bij die in ,gelderland1 en het ondersteunt niet meer de haarvlecht achter tegen het hoofd1 maar ligt boven op de kruin1 in schuine richting4 ,ook zijn er andere afwijkingen in de ,staphorster dracht1 zoodat de geheele vorm van de hoofdbedekking anders wordt4 ,het ,staphorster-vrouwen costume kan aldus worden beschreven3 7zie bl4 #gb en #gc47 ,over het bloote lijf komt het katoenen hemd1 zonder kraag1 daarover de borstrok van vijfschaft1 met mouwen tot aan de ellebogen4 ,dit vijfschaft of viefschaft is een wollen stof1 gemaakt van het wol van de schapen1 die de ,staphorsters zelf teelen4 ,die wol wordt de door ,staphorster vrouwen zelf gesponnen en in bepaalde kleuren1 door werklieden in de buurt van ,staphorst gekleurd1 en volgens bepaalde patronen door een paar hand-wevers tot de stof geweven1 waarvan de kleedij der ,staphorster-vrouwen voor een groot deel gemaakt wordt4 ,het is in strepen geweven1 zwart en donkerblauw1 met rood hier en daar1 in bepaalde dessins die ieder hun beteekenis hebben 7wit-streept1 rood-streept1 enz474 ,over die borstrok komt het lijfje1 of de kraplap zooals die bij de andere drachten voorkomt4 ,deze kraplap is van wol of gebloemde zijde of katoen4 ,daarover de verschillende rokken 7geen onderbroek71 een paar van baai en de bovenste van vijfschaft4 ,dan de omslagdoek van geruite 7meest roode7 katoen of zijde1 een schort 7schulk7 van donkerblauw wol1 dat somtijds eveneens als het vijfschaft zelf gesponnen en geweven is4 ,de banden van dit schort zijn altijd hel-blauw1 de strik hangt met lange einden van voren neer4 ,nog verdient vermelding dat de rokken opgehouden worden1 en breed gemaakt1 door kussentjes die aan de borst-rok bevestigd zijn1 maar welke verdikkingen alleen aan de zijkanten1 dus niet van achter1 worden aangebracht4 ,daardoor heeft het figuur van de ,staphorster-vrouw nog on-gracelijker voorkomen4 ,de doek wordt wel niet zoo stijf over de borst gesnoerd als in ,kampen en in ,nunspeet gewoonte is1 maar het figuur wordt stelselmatig plat en breed gemaakt door die kussentjes4 ,ook door den eigenaardigen vorm van de muts wordt het bijzondere van de dracht nog verhoogd4 ,de heele hoofdtooi wordt gevormd door3 een bandje dat het haar vastbindt1 waarover de zwarte onder-muts met toet4 ,die toet van stijf papier geeft een soort hoorn--boven het voorhoofd4 ,daarover komt de muts van gebloemde zijde met zijden boordbanden die onder de kin in wijd uitstaande1 stijve1 lange dunne strikken worden saamgebonden4 ,daarover gaat het oorijzer1 vastgehouden door een zwarte band4 ,daarover de witte toet-muts van kant1 die maar zeer zelden gewasschen wordt1 omdat ze anders te spoedig versleten zou zijn4 ,ook deze muts wordt onder de kin bevestigd met een bandje4 ,door de zeer nauwe aansluiting van de hoofdtooi1 en het wijde van de schouders 7door de doek7 het saamgenepene van de borstkas1 de wijde plooien aan de heupen1 de zeer korte rokken1 en daaronder uit de beenen 7ongeveer #ae c4,m4 te zien7 en de 7nogal7 logge sloffen1 met zeer breede neuzen en groote zilveren gespen1 dat alles in donkerblauwe en hel-roode kleuren1 met de sterkblauwe lange linten van het schort1 geeft die ,staphorster dracht een ietwat boersch uiterlijk1 wat toch ook wel zijn zeer bijzondere eigenheid heeft4 ,in dat boersche1 ongracelijke1 komt het overeen met de ,marker1 ,bunschoter en ,noord-,veluwsche drachten1 die alle zeer kleur-rijk zijn maar de natuurlijke vormen van het lichaam geweld aandoen4 7,zie bl4 #gb74 's ,winters wordt over die dracht een buisje met lange mouwen gedragen1 zonder schootje4 's ,zondags echter heeft dit kleedingstuk een schootje en is met bont 7blauw en wit geruit7 gevoerd1 zoogenaamd ,friesch bont1 dat men echter in ,friesland ,oost-,indisch bont noemt4 ,dit langere buisje heet kaschijn1 wat overeen komt met het ,hindelooper kassekijntje1 een kleedingstuk van hetzelfde soort4 ,de kinderen hebben hetzelfde costume1 maar vereenvoudigd4 ,de stoffen zijn niet van molton1 baai of laken maar meest van ,friesch bont4 ,de doek is echter steeds rood1 zooals bij de volwassen menschen4 ,het groote verschil ligt echter in de hoofdtooi4 ,kinderen beneden de zes jaar dragen nog geen oorijzer1 maar een zwart kapje van voren met een dikken rand astrakan4 ,dit kapje heet de nette1 het is1 behalve de astrakan-strook1 van zwarte stof met garneeringen4 ,links van het hoofd komt een strik 7rozet7 van zwart zijden lint1 rechts een haak1 een soort gesp van zilver4 7,zie ditzelfde kleedingstuk van de kinderen op de ,veluwe waar het poets of poete heet en de haak soms van goud is1 het astrakan van veertjes74 ,bovendien neemt de ,staphorster-vrouw1 's zondags1 naar de kerk1 een mooi met zilver beslagen bijbel mee1 met kettingen1 enz4 ,de mannen-dracht is zeer eenvoudig1 ofschoon meer origineel dan de boeren-dracht in andere streken4 ,het bleef meer een echt nationaal costume1 vooral door de korte jekker1 genaamd kamizool1 met twee rijen knoopen4 ,opmerkelijk is ook dat het hemd steeds van boven aan den hals zichtbaar blijft1 met de twee beroemde ,staphorster 7bolle7 gouden knoopen4 ,kleine jongens dragen dezelfde dracht als hun volwassen dorps-genooten4 ,ten slotte zij nog opgemerkt dat de ,staphorster-vrouw buitengewoon netjes op hare nationale kleedij is1 dat deze steeds1 als ze niet gedragen wordt1 in altijd dezelfde en zeer mooie plooien wordt opgeborgen1 aan welke plooien steeds bijzondere zorg besteed wordt4 ,vergelijk in deze de netheid en nauwkeurigheid waarmede alle nationale drachten1 op ,marken1 in ,zeeland en ,hindeloopen behandeld worden4 ,overal worden die drachten in mooie1 daarvoor speciale gemaakte doozen opgeborgen4 ,en 444 zoolang de ,staphorster-vrouwen nog z zuinig op hun bijzondere dracht zijn1 zoolang zullen ze deze nog in eere houden4 ,verder blijft in de provincie ,overijsel de strook1 langs de ,i,jssel en ,twenthe4 ,in ,kampen zoowel als in ,zwolle is de complete nationale dracht verdwenen1 maar door de vrouwen uit de volks-klassen wordt nog vrij veel de neepjes-muts en de plooi-muts de drie-plooitjes gedragen4 ,de rest van de costumeering bestaat dan meestal uit het jak1 een tot aan de knien wijd-afhangend kleedingstuk met mouwen1 op dezelfde wijze zooals dat door de vrouwen van ,breskens 7,zeeuwsch-,vlaanderen1 ,texel1 enz4--zie aldaar7 gedragen wordt4 ,daarbij behoort dan de zeer wijd geplooide rok1 en het wijde boezelaar1 een en ander van zwart thibet1 de boezelaar ook wel van grijze1 bruine of groene zijde4 7,zie bl4 #gj47 ,om den hals draagt men daarbij een gestrikt zeer bonten 7zijden7 dasje1 genaamd het knuppeldoekje4 7,zie bl4 #fi47 ,daarbij komt dan de neepjes-muts1 met de gouden bellen die in de fijne plooitjes van de muts gehaakt zijn1 en niet in de ooren hangen4 ,deze muts wordt over het zwart 7satinet7 ondermutsje gedragen1 en heeft van achter een ongeveer #bj cm4 lange afhangende reeks stijve plooien1 genaamd de strook4 ,de muts wordt met een bandje onder de kin vastgehouden4 ,om den hals roode bloedkoralen1 vijf streng1 met gouden slot van voren4 ,in den rouw zijn de koralen van git4 ,uit deze onderdeelen bestaat het mooie of zondagsche costume4 ,de algemeene indruk is die van ouderwetschheid1 zonder die van een werkelijke nationale kleedij te geven4 ,het is dan ook eigenlijk niet anders dan een mode-dracht die1 denkelijk omstreeks #ahfj1 de werkelijke oude en nationale dracht vervangen heeft4 ,dit geldt niet alln voor ,overijsel of voor de hier besproken dracht1 maar voor heel ,nederland4 ,de tweede veranderings-periode zou dan misschien omstreeks #ahij te stellen kunnen zijn1 toen die mode van het jak vervangen werd door de imitatie van de stads-modes uit dien tijd4 ,zoo althans lijkt het1 naar wat de dracht van de plattelandsbevolking in ,west-,friesland1 ,drenthe1 ,overijsel1 de ,zuid-,hollandsche en ,zeeuwsche eilanden en andere streken te zien geeft4 ,daarbij echter is--bij veel vrouwen--de nationale kap of muts 7soms met het oorijzer7 bewaard gebleven4 ,de totale afschaffing van die muts is dan de laatste phase van het verdwijnen van de allerlaatste overblijfselen van de nationale dracht4 ,om na deze kleine historische bespiegeling1 die ik gaarne voor beter geef1 tot ,overijsel terug te komen1 zij opgemerkt dat deze neepjes-muts ook in de andere deelen van de provincie gedragen wordt1 alsook in een deel van den achterhoek van ,gelderland4 7,zie bl4 #ga47 ,opmerkelijk voor ,zwolle1 ,kampen en die streek1 is de plooi-muts die de daagsche dracht uitmaakt4 7,zie bl4 #fi47 ,daarbij wordt dan werkelijk de nationale dracht van krop-lap en doek gedragen1 welke laatste1 niet zooals in ,zeeland1 op ,urk en op andere plaatsen van ons land in de taille wordt vastgehecht1 maar in de armsgaten1 onder de oksels wordt gestoken1 waardoor die doek een kruis hoog over de borst vormt4 7,zie bl4 #gd en #gf47 ,deze wijze van den doek te dragen is aan alle drachten gemeen van ,staphorst tot en met ,harderwijk4 ,ze is1 ofschoon misschien practisch1 zeer weinig aesthetisch1 want ze maakt het effect of de borstkas van boven--daar waar ze uit de natuur bij een vrouw juist bewelfd behoort te zijn--met alle geweld in elkaar geknepen wordt4 ,fraai is het niet1 maar het is zeer kenmerkend4 7,zie bl4 #gd1 #ge en #gf47 ,die plooi-muts nu is van zeer bijzonderen vorm1 van achter met een niet naar onder1 maar stijf naar achter staande strook van zware plooien4 ,een zeer merkwaardig soort muts1 eenig in haar soort1 ofschoon bij ,nijkerk 7,gelderland1 zie aldaar7 een dergelijk soort muts1 onder den naam van drie-strook of drie-plooi gedragen wordt4 7,zie bl4 #fi74 ,ook draagt de vrouw uit ,kampen het oorijzer1 maar dan op de wijze van de ,staphorster vrouwen1 d4 w4 z4 de krul 7kurketrekker7 niet naast de slapen1 maar onder aan de wang 7kin74 ,deze mutsen1 plooi-muts zoowel als neepjes-muts1 zijn van kant of 7in den rouw7 van fijn neteldoek4 ,ze worden door de draagsters zelf opgedaan 7 gestreken74 ,,gelderland4 ,in de provincie ,gelderland1 die het geographische midden van ons land uitmaakt1 worden de nationale kleederdrachten nog in vele streken in groote eere gehouden4 ,men kan deze provincie in drie deelen splitsen3 ,a4 ,de ,veluwe4 ,b4 ,de ,achterhoek4 ,c4 ,het land tusschen ,rijn en ,maas4 ,a4 ,,de ,,veluwe4 ,tot de ,veluwe moet1 althans voorzoover de nationale kleedij betreft1 niet alln het geographische gebied van dien naam gerekend worden1 maar de heele kuststrook langs de ,zuiderzee vanaf ,staphorst in ,overijsel tot en met ,huizen in het ,gooi in ,noord-,holland4 ,al de drachten in die streek zijn van hetzelfde type1 slechts weinig van elkaar afwijkend1 en voorzoover de variaties betreft in elkaar overgaande4 ,zoo lijkt bijvoorbeeld de dracht in ,oldenbroek soms op die van ,staphorst1 terwijl ze zich echter ook bij die van ,nunspeet aansluit4 ,het oorijzer wordt echter 7in ,oldenbroek7 soms anders gedragen1 meer op de wijze zooals op ,staphorst1 dat is1 met de krul beneden aan den wang4 ,het opmerkelijke van de ,veluwsche drachten is echter dat de doek niet in de taille bijeen wordt gespeld1 zooals dat bij de meeste ,hollandsche drachten het geval is1 maar onder de oksels tusschen de kroplap wordt gestoken4 7,zie bl4 #gd1 #ge1 #gf74 ,dat geeft aan de figuren die on-aesthetische platheid en houterigheid die een hoofdkenmerk is van dit minder fraaie ras1 waaraan dan de klederdracht nog de laatste rest van natuurlijkheid ontneemt4 ,een goed en normaal gebouwd ras zou uit zichzelf reeds zon kleedij1 die de natuur zoo ontstelt1 verwerpen4 ,de bewijzen daarvoor vindt men op ,walcheren1 ,urk en ,volendam4 ,de muts in ,nunspeet en ,oldenbroek is van een anderen vorm dan die van ,staphorst1 zonder de spitse punt boven het voorhoofd1 over 't algemeen meer naar achter dan naar boven zich vormend1 met een witte onderkap1 aan de slapen uitgeschulpt1 het heele hoofd omvattend1 en geboord met een fijn plooi-randje4 ,daarover komt de bonte muts1 in sterke kleuren1 een soort kalotje dat een deel van de witte muts laat zien4 ,daarover het oorijzer1 met een bandje vastgehouden en met de krul aan de slapen4 ,van het haar komt niets te zien1 ook zelfs niet boven het voorhoofd4 ,de indruk van deze ,nunspeter bonte-muts is zeer fraai4 ,jammer dat ze het hoofd zoo klein en nietig maakt boven den plat-genepen romp en de wijd-uitstaande rokken4 7,zie bl4 #gd en #ge47 ,het mannen-costume in deze streek is zoo goed als geheel modern4 ,het mist alle eigene cachet1 zooals de ,staphorster mannen-dracht die nog heeft4 ,tot voor zekeren tijd droegen de vrouwen van ,hierden nog groote strooien hoeden 7in den zomer7 met eigenaardige linten en boor-garneersels 7zooals op bl4 #gc te zien is74 ,ook ziet men bij begrafenisplechtigheden nog merkwaardige drachten1 de mannen in lange jas en hoogen hoed1 zooals dat ook in ,staphorst nog het geval is4 7,zie bl4 #gc47 ,al die groote strooien hoeden die de vrouwen zoowel in ,friesland als in ,hierden1 ,staphorst en op ,walcheren tot voor een generatie terug nog boven hun mutsen en oorijzers droegen zijn uit de mode gegaan4 ,zoo verandert 444 en verdwijnt gaandeweg de ,nationale ,kleedij4 ,in ,ermelo en ,putten is de dracht weer anders4 ,men draagt er bijna geen oorijzer meer4 ,ook geen bonte-muts over de witte ondermuts1 de krop-lap is soms wit1 de doek effen 7niet bont7 de boezelaar zonder stuk4 ,meer westelijk van ,putten is van die hierboven omschreven 7,geldersch-,friesche7 dracht niets meer te zien en ging ze over in een ander type1 dat van het ,utrechtsche en van het ,gooi4 ,bunschoten en ,spakenburg vormen weer een klasse op zich zelf4 ,in ,nijkerk1 het oude en merkwaardige stadje1 ziet men niets dan mutsen1 de beroemde cornet-muts1 met de lange achterstrook en de vele kleine plooitjes die het hoofd omgeven4 ,dit is de ,zondagsche muts1 die soms nog verfraaid wordt door een breed 7licht blauw7 zijden overlint1 dat om den bol en van achter om het achterhoofd gaat1 en dat onder de kin wordt vastgestrikt4 ,de rest van de kleeding is ouderwetsch en stadsch4 ,bovendien wordt in ,nijkerk nog een daagsche plooi-muts gedragen1 van voren met drie strookjes over elkaar1 van achter met een zonderling geplooide strook4 ,deze muts draagt den naam van drie strookjes4 ,soms draagt men onder deze muts een zwarte ondermuts1 maar meestal zet men ze1 direct1 op het bijeen gebonden haar4 ,b4 ,,de ,,achterhoek4 ,in den ,achterhoek1 in het ,graafschap ,zutphen en in de ,lijmers 7het land rond ,zevenaar71 is niet veel van een nationale kleederdracht overgebleven4 ,wat er nog van te zien is1 bestaat uit de neepjes-muts die de vrouwen dragen1 van denzelfden vorm als in ,overijsel 7zie bl4 #gj en #ga7 7,zwolle7 welk ouderwetsch kleedingstuk zoogenaamd gemoderniseerd wordt door het kapothoedje1 7dat in ,friesland de kiep heet71 het smakelooze onding van strikken1 bloemen en gitten 7alles in het zwart7 dat over die muts gedragen wordt4 ,de kleeding der mannen heeft niets opmerkelijks meer4 ,c4 ,,de ,,betuwe1 ,,en ,,het ,,land ,,tusschen ,,maas ,,en ,,waal4 ,in de ,betuwe zelf is de nationale dracht eveneens zoo goed als verdwenen1 althans in het land van ,tiel en in de ,neder-,betuwe is er niets van over4 ,in het land van ,maas en ,waal echter1 in de ,bommeler-,waard en in het land van ,nijmegen sluit zich het weinige wat er nog van de nationale dracht over is aan bij de eigenaardige hoofd-tooi die in ,noord-,brabant1 en speciaal in de ,meijerei van den ,bosch1 nog veel voorkomt4 7,zie bl4 #gh en #hj74 ,de mannen-dracht in die streken heeft niets wat deze van de gewone boersche stads-kleeding onderscheidt1 maar de vrouwen dragen de groote1 breede1 witte mutsen met breede lange linten1 en een soort verstedelijkt niet-oud1 niet-moderne costume1 waarbij men vele malen een soort pelerine of cape-vorm ziet toegepast1 die in het ,noordelijker deel van ,nederland onbekend is1 maar in het land van ,maas en ,waal1 in het land van 's ,hertogenbosch1 en vooral ,zuidelijker 7in ,belgi7 een merkwaardig cachet aan de bevolking geeft4 ,deze capes of pelerines worden alleen door de vrouwen gedragen4 ,ze doen denken aan een ouderwetschen mode-vorm en zijn van zwarte stof gemaakt en gegarneerd met plooien en belegsels4 ,ze zijn half lang1 maar somtijds ook tot den grond rijkend1 met een capuchon over het hoofd4 ,van dit laatste type ziet men somtijds nog oudere vormen in 's ,hertogenbosch4 ,de witte muts nu1 die men in het land tusschen de ,maas en de ,waal draagt heet knipmuts4 ,ze bestaat uit tule-kant1 aan de voorzijde geplooid met behulp van fijn koperdraad1 hetwelk met een blauwe stof omwonden is4 ,dit is het ,karekas4 ,bij zware rouw bestaat de muts geheel uit neteldoek1 bij lichten rouw uit tule4 ,de meer gegoeden dragen over deze knipmuts een krans van gemaakte bloemen1 aan de uiteinden voorzien van breede zijden linten4 ,deze bloemen en linten te samen heeten de poffer1 en ze geven het uiterlijk van de draagster een zeer bijzonder cachet omdat de heele hoofdtooi daardoor zeer breed wordt4 7,zie bl4 #gh74 ,bij de rijke boeren wordt de zoogenaamde bodem van de knipmuts in plaats van met bloemen gewerkte tule1 uit echte kant gemaakt4 ,dat zijn dan de baan-mutsen4 ,deze mutsen die geheel wit zijn1 zijn1 door hun grootte en bewerkelijkheid1 soms zeer kostbaar4 ,onder de knipmuts wordt een ondermuts van zwart merinos gedragen1 gevoerd en opgevuld met watten4 ,ook dat draagt er toe bij deze hoofdtooi buitengewoon breed en zwaar te doen schijnen4 ,de algemeene indruk heeft dan ook niet veel ,hollandsch meer4 ,een kennelijk zuidelijker1--,belgische--smaak1 heeft blijkbaar deze hoofdtooi ontworpen4444 of3 haar vervormd4 ,ze lijkt althans zeer veel op wat men in deze in ,vlaanderen en het land van ,brussel ziet4 ,,noord-,,brabant4 ,de groote provincie ,noord-,brabant vormt1 in het zuidelijk deel van ons land een soort geographisch1 anthropologisch en cultuur-historisch overgangs- en grensgebied tusschen ,noord en ,zuid4 ,het is het terrein waar de ,noordelijke 7,germaansche7 en de ,zuidelijke 7,romaansche en ,gallische7 idealen elkaar ontmoeten en in elkaar versmelten4 ,en dat komt zeer duidelijk in de kleederdrachten uit die in deze streek gedragen worden4 ,wat er van die oude volks-eigen drachten nog over is1 is niet veel meer dan de boeren-muts1 zooals die door de plattelands-boerinnen gedragen wordt4 ,dat is juist zooals in zooveel andere streken van ons land1 waar die mutsen de eenige resten van de oude drachten zijn4 ,maar behalve die mutsen is--in ,noord-,brabant--de overige lijfskleeding1 en dan vooral van de vrouwen1 meer opmerkelijk dan in eenige andere ,nederlandsche provincie1 al moet die lijfs-kleeding1 die thans 7#aiaf7 onder die boeren-bevolking nog vrij algemeen is1 dan niet geheel tot de eigenlijke historische nationale volksdracht gerekend worden1 en al blijkt ze meer onder de vervormde mode-navolgingen te moeten worden gerangschikt4 ,maar ze is er niet minder bijzonder karakteristiek om4 ,en dit zal voor een groot deel het gevolg zijn van het hierboven reeds genoemde feit1 dat in ,noord-,brabant de ,noordelijke en ,zuidelijke idealen in elkaar overgaan4 ,en1 dat getuigt die kleeding on-weerlegbaar4 ,want geheel ,hollandsch is die kleeding niet1 noch in haar wezen1 noch in vorm1 noch in kleur1 en ze is ook niet geheel on-,hollandsch 7,belgisch1 ,vlaamsch1 ,waalsch of ,fransch7 maar ze houdt het midden tusschen deze twee1 en ze vertoont de kennelijke invloed van het ,noordelijke zoowel als van het ,zuidelijke ideaal4 ,reeds bij de bespreking van de andere provincin had ik de gelegenheid op te merken hoe groot 7dikwijls7 die invloed van de ,godsdienst op het voortbestaan van een nationale kleeding is4 ,de gehechtheid aan een een-maal algemeen beleden ,godsdienst waarborgt1 in een bepaalde streek1 het voortbestaan van oude zeden en gewoonten1 en daardoor het voortbestaan van de1 uit die zeden voortkomende1 volkskleeding4 ,ook is er wel geen streek in ons land waar de bevolking z conservatief is en zoo gehecht aan haar oude geloof en zeden1 als in ,noord-,brabant1 welk conservatisme op zich zelf zoo lang stand kan houden omdat er een bijna absolute eenheid van godsdienst is4 ,om deze toestand te helpen bestendigen1 moedigt 7o4a47 de ,roomsche geestelijkheid de boerenbevolking aan1 hun oude kleeding getrouw te blijven1 om zoodoende met de kleeding1 de oude zeden1 en daardoor de oude godsdienst te kunnen handhaven4 ,en uit die wisselwerking tusschen geloof1 zeden en kleeding--en uit die algemeene verspreidheid van die eene ,godsdienst1 moge het verklaard worden dat die oude drachten1 of liever die ouderwetsche drachten nog zoo veelvuldig in deze provincie voorkomen en voortbestaan4 ,maar een andere1 zeer belangrijke factor1 voor de verklaring van en het verkrijgen van een juister kennis en inzicht in die bijzondere--niet oude1 maar ouderwetsche--drachten in deze bijzondere provincie1 lijkt mij den invloed die het ras van menschen1 dat ,noord-,brabant bewoont1 op haar eigen kleedij had4 ,hiervoren had ik al gelegenheid op de wisselwerking te wijzen die er--naar mijn oordeel--bestaat tusschen de drager en zijn costume1 tusschen de lichaamsvorm van den mensch en zijn kleed4 ,nu behooren de bewoners van ,noord-,brabant zeer zeker niet tot de mooiste specimina van het genus homo dat ons land bewoont4 ,het lijkt wel of de zware klei en de dorre1 drooge zand- en heide-gronden die--geologisch--deze provincie vormen1 de bevolking van die streken tot dat kleine1 breede1 schonkige1 breedhoofdige ras heeft gemaakt met dat harde1 verbetene en stugge uiterlijk dat den opmerker dadelijk opvalt4 ,omdat de lichaamsbouw van de ,noord-,brabanders zoo leelijk is1 moet het niet verwonderen dat die zelfde plompheid en traagheid die uit hun ongracelijke verschijning spreekt1 ook als het hoofdkenmerk van den vorm1 de snit en de kleur van hun kleedij gelden moet4 ,want deze is grof van detail1 niet oud maar ouderwetsch1 zonder phantasie1 zonder uiting van levenslust1 maar kleinzielig van gedachte1 zonder vreugde1 benepen en boersch4 ,een dracht van oude mannetjes en oude vrouwtjes14444 maar met dat al1 of liever juist daarom1 zeer interessant voor den student in volkspsyche1 zoo dan al minder aantrekkelijk voor den eclectischen aestheticus4 ,ieder volk1 ieder ras1 ieder mensch heeft de kleeding die hij verdient4444 en die slechts een uiting is van het eigen innigste wezen1 idealen en levensopvatting4 ,een mooie1 aesthetisch werkende kleeding kan slechts door een mooi1 naar geest en lichaam beide harmonisch ontwikkeld menschenras worden saamgesteld4 ,getuige de kleeding van de ,grieken4 ,en die kleedij kan slechts goed en waar1--dus3 aesthetisch werkend1 door personen gedragen worden die niet alleen dezelfde idealen hebben als het volk 7het ras7 dat die kleedij samenstelde1 maar die ook de lichaamsvormen hebben waarop deze kleedij is gecomponeerd4 ,dan eerst is er harmonie tusschen den drager en zijn costume1 dan eerst kan er werkelijke schoonheid bereikt worden omdat ze op de werkelijkheid en de waarheid berust4 ,als een kleedij1 die op een welgebouwd lichaam gecomponeerd is door een mensch gedragen wordt wiens lichaamsbouw minder harmonisch is1 dan wordt zelden een volkomen aesthetisch geheel verkregen4 ,soms zelfs is het belachelijk4 ,het is niet bij toeval dat de heerenmode in ,engeland1 het land van de welgebouwde mannen1 wordt ontworpen4 ,en het is niet zonder oorzaak dat de dames-modes uit ,parijs komen1 waar de schoongevormde ,parisiennes de aesthetisch aangelegde mode-ontwerpers het best gelegenheid geven een vrouwen-kleedij te componeeren die het schoone van de vrouw doet uitkomen4 ,ziet maar hoe een slechtgebouwde man of een leelijke vrouw een goed ,londensch of ,parijsch toilet staat4444 ,het is al te kennelijk niet voor hen gemaakt1 dus3444 staat het leelijk6-- ,er zal altijd een wisselwerking1 dus ook een contrasteering tusschen den mensch en zijn kleedij blijven4 ,een mooie dracht maakt een mooi mensch mooier4444 maar een leelijk mensch leelijker4 ,het schoone doet slechts het schoone uitkomen1 recht wedervaren4 ,ieder mensch kan slechts de kleedij die hemzelf1 zijn eigen innerlijke en uiterlijke wezen toont1 goed dragen4 ,al het andere is masquerade1 onechtheid1 leugen4 ,zoo is het ook met de nationale kleederdrachten4 ,zoo is het met de ,zeeuwsche vrouwen-kleeding1 die mooi is en aesthetisch werkt1 omdat ze op een welgebouwd ras is gecomponeerd4 ,daarom werkt de dracht van het eiland ,marken wl picturaal1 artistiek1 maar niet aesthetisch4 ,daarom is de werking van de drachten in ,noord-,brabant zeer on-aesthetisch1 maar ze wekt de belangstelling1 de nieuwsgierigheid1 door het ouderwetsche1 boersche1 ongewone4 ,die ,brabantsche kleeding vraagt de aandacht1 niet voor en om zich zelf1 maar voor de zeden en gewoonten waar zij de uiting van zijn4 ,en dat is het zeer bijzondere van de volkskleeding in deze provincie4 ,deze kleine uitwijding over de oorzaken1 die den aard van de volkskleedij in ,noord-,brabant bepalen1 was1 tot duidelijker omschrijving van die kleedij zelf--noodzakelijk4 ,meer dan bij de beschrijving van de volkskleedij in andere provincin4 ,want de inventariseering van die volksdrachten in ,noord-,brabant zou in hoofdzaak de beschrijving van de zeden en gewoonten van die streek moeten zijn4 ,de kleedij zelf is1 als kleedij1 niet zoo heel belangrijk1 noch om de snit1 noch om de stof1 vorm of kleur4 ,in hoofdzaak is de muts van de boerinnen het voornaamste4 ,die heeft nog de van ouds-her overgeleverde vormen4 ,maar de andere lijfs-kleedij is meer curieus dan fraai4 ,de mannenkleeding heeft niets bijzonders4 ,maar vooral de mutsen zijn zeer belangrijk1 te meer daar er zooveel verschillende soorten mutsen gedragen worden4 ,bijna ieder dorp heeft haar eigen vorm1 en de afwijkingen zijn soms zeer bijzonder4 ,en die afwijkingen vinden meestal hun grond in plaatselijke zeden en gewoonten4 ,staatkundig bestaat deze provincie uit drie deelen4 ,ieder van deze heeft een eigen volks-kleederdracht4 ,het grootste en belangrijkste deel vormt het ,oostelijk deel van de ,provincie1 de ,meierij van 's-,hertogenbosch4 ,in het midden is de ,baronie van ,breda4 ,in het ,westen ligt het ,markgraafschap van ,bergen-op-,zoom4 ,in ieder van deze gewesten zijn weer afzonderlijke streken aan te wijzen waar de dracht belangrijk van die van de andere streken afwijkt1 maar het hoofd-type blijft1 voor ieder van deze gewesten1 binnen haar grenzen1 hetzelfde4 ,a4 ,,de ,,meierij ,,van 's-,,hertogenbosch ,vooral ten ,zuiden en ten ,oosten van 's-,hertogenbosch1 en in het ,land van ,boxtel1 ,liempt1 ,rooy1 ,vechel1 ,osch1 ,rosmalen1 ,helvoirt en ,best is de ,meierij'sche dracht het meest zuiver4 ,ze bestaat uit een zeer groote1 wijde muts met lange strook of vleugel die zoowel naar achter als naar de zijkanten 7half over de schouder7 breed uitplooit4 ,deze muts wordt over een zwarte ondermuts gedragen1 over het haar dat afgeknipt of bijeengebonden is1 al naar de persoonlijke smaak4 ,de groote1 eigenlijke boven-muts1 de eigenlijke ,meierij'sche of oud ,noord-,brabantsche muts heeft van voren1 boven het voorhoofd1 een aantal vertikale plooitjes1 7kneepjes7 een wijde bol over het hoofd 7de kruin of bodem7 en van achter de lange afhangende strook4 ,gewoonlijk is deze muts van 7echte7 kant gemaakt1 waardoor ze1 ook door haar grootte1 zeer kostbaar wordt4 ,in den rouw is ze van rouwdoek1 zoogenaamd organdine4 ,daaroverheen gaat de poffer4 ,dat is de eigenlijke versiering van de muts1 het hoogst eigenaardig samenstel van uit kant en witte stof1 koralen en franjes gemaakte dikke rand van bloemen1 die als een 7arm-dikke7 zware wrong over het voorhoofd 7op de muts7 wordt gelegd en met een bandje van achter om het hoofd wordt vastgehouden4 ,aan deze poffer zijn groote breede 7witte7 zijden linten bevestigd1 die tot bijna in de taille naar achter afhangen1 van franje zijn voorzien en deze geheele muts met de uitwaaiende strook van achter een zeer wijd en breed aanzien geven4 ,het hoofd van de draagster wordt er ongewoon breed en log door1 te meer daar het verdere van de figuur in den regel gehuld is in een zoogenaamde kapmantel1 een pelerine of omhanger van ouderwetschen snit1 die het lijf tot aan de taille omsluit1 soms zelfs tot de knien of den grond afhangt4 ,de groote muts met de pompeuze poffer is dan breeder dan de schouders1 en het lijf lijkt smaller door de kapmantel4 ,deze poffers zijn dikwijls zeer verschillend van maaksel1 niet alleen naar de verschillende streken van de ,meierij1 maar ook naar den rijkdom van de draagster1 het min of meer bijzondere van de gelegenheid waarbij ze wordt gedragen1 enz4 ,ze is niet altijd geheel wit4 ,soms zijn de bloemen met blauw doorwerkt1 of de breede linten licht blauw4 ,het is begrijpelijk dat dit een zeer dure dracht is1 te meer ook daar het opmaken van deze mutsen door speciale mutsen-maaksters gedaan moet worden4 ,niet altijd echter draagt de ,noord-,brabantsche vrouw deze bijzondere muts4 ,ook wordt ze1 in de ,meierij slechts op het platte land gedragen4 ,in de stad 's-,hertogenbosch ziet men slechts de zoogenaamde ,bossche dienstbodenmuts1 die van zeer eenvoudige constructie is1 van voren drie rijen plooitjes boven het voorhoofd heeft1 en met een lange band en strik onder de kin vastgemaakt wordt4 ,die tot een dikke massa saam-gebrachte plooitjes boven het voorhoofd heet de tuil4 ,soms draagt de vrouw uit het volk in ,den ,bosch ook een zwarte muts1 die echter een vervorming moet heeten van het beruchte1 hier reeds meermalen genoemde capot-hoedje4 ,op het land1 bij de boeren echter dragen de jonge meisjes tot hun tiende jaar een zwarte wollen muts1 met groote1 dikke wrong boven het voorhoofd4 ,die muts heet kaper4 ,na hun tiende jaar1 of tegen den tijd dat de kinderen ter eerste communie gaan 7vroeger ongeveer op het twaalfde jaar7 krijgen de meisjes zwarte boeren mutsen1 een muts met een vorm1 die aan de mutsen met poffer van de volwassen vrouwen doet denken4 ,het zijn breede1 zware1 zeer rijk en overdadig versierde mutsen met breede strikken en veeren en gitten en gespen1 van achter met twee afhangende breede linten4 ,het effect van deze mutsen is dat ze het hoofd van het kind zeer breed en zwaar doen schijnen4 ,in deze kindermutsen is in de ,meierij zeer veel variatie4 ,in ,vechel maakt men in den rand soms zelfs zwart-glazen belletjes1 die rinkelen als de kinderen loopen4 ,deze kinder-mutsen worden door de jonge meisjes tot hun #bj;e #bc;e jaar gedragen1 of totdat zij verloofd zijn4 ,sommige van haar zetten die muts al vroeger af1 om ouder te schijnen4 ,dan--als zij verloofd of getrouwd zijn--of dit willen schijnen1 zetten zij de groote1 witte ,noord-,brabantsche muts op4 ,bij die muts draagt de ,noord-,brabantsche vrouw nog bijzondere gouden versieringen1 maar geen oorijzer4 ,in de ooren heeft zij bijzonder groote bellen van filigraan-goud met bloedkoraal versierd1 in waaiervorm1 zoodat ze waaierbellen heeten4 ,om den hals soms een hals-ketting van roode1 zwarte of witte koralen met gouden slot 7van voren74 ,daarover zeer dikwijls een klein halsdoekje van zeer sterke kleuren1 op de wijze als het knuppeldoekje van de vrouwen in ,kampen 7zie aldaar74 ,de rest van de lijfskleeding is niet anders dan ouderwetsch te noemen4 ,ze hangt bijzonder smakeloos van vorm om het dikwijls grof en breed gebouwde lichaam1 waarover de kapmantel of de pelerine1 welke een soort vervormd overblijfsel van een ouderwetsche modedracht van #ahhj is4 ,in ,den ,bosch ziet men echter nog sporadisch oudere vrouwtjes met zeer bijzonder soort kapmantels die tot op den grond afhangen1 en een capuchon over het hoofd4 ,deze dracht1 die een zeer oude is1 waag ik het te vooronderstellen dat ze van oude klooster-kleedij1 van monnikspij of nonnen-habijt is afgeleid4 ,in ieder geval is de oorsprong niet ,hollandsch1 zooals ook de halflange pelerines met franjes en kanten naar ,fransche en ,belgische modellen zijn nagevolgd4 ,de smaak en het ideaal van het ,noord-,brabantsche volk betoont zich ook in deze meer zuidelijk dan noordelijk4 ,maar behalve deze worden thans door de boeren-bevolking1 en vooral ten platten lande nog veel de ouderwetsche doeken gedragen1 de ,kashmire-shawls die onder het tweede ,keizerrijk in ,frankrijk zoozeer in de mode waren4 ,die dracht is thans voor die ,noord-,brabantsche oude boerinnen de gewone1 waarbij ze dan de van ouds-her stammende muts dragen1 een hybridisch samenstel van resten van oude volks-dracht en mode-namaak1 dat alles te samen den indruk maakt van een soms wel schilderachtige en typische1 maar zeer achterlijke1 conservatieve en on-aesthetische kleedij4 ,er mag hier even worden opgemerkt dat iets wel zeer eigendommelijk1 karakteristiek1 en zelfs mooi van kleur combinatie1 en daardoor zeer pittoresk kan zijn1 maar dat het geheel dan nog zeer wel tegen de aesthetica1 dat is1 tegen de wetten van een objectief schoonheidsbegrip kan strijden4 ,maar er zijn nog meer resten van werkelijk oude drachten in de ,meierij4 ,en daartoe behoort de falie een langwerpig vierkante doek van ongeveer drie meter lengte1 bij n meter breedte1 met franje aan de smalle einden4 ,deze1 van zwarte stof gemaakte groote lap 7want anders is het niet7 wordt over het hoofd gedragen1 zoodat de lange plooien het geheele lichaam van de vrouw inhullen4 ,een zeer bijzonder kleedingstuk dat ook al weer alleen zijn behoud aan de gehechtheid aan oude zeden dankt1 want het wordt alleen bij rouw1 kerkgang of doop gedragen4 ,maar behalve deze costume-onderdeelen en de genoemde mutsen wordt in de ,meierij een soort muts door de boeren-bevolking gedragen die het midden houdt tusschen de stads-7dienstboden7muts1 en de groote ,noord-,brabantsche muts met poffer4 ,dat is de buiten-muts4 ,dat is een muts die1 even als alle mutsen uit de ,meierij de tendenz vertoont van het hoofd breed te willen maken1 maar het is een muts uit n stuk1 met niet zoo'n lange kanten strook van achter1 maar met een korter1 stijve plooing1 genaamd de luif4 ,van voren zijn drie rijen plooitjes1 op de bol2 van voren naar achter loopend1 aan iederen kant een takje met uit neteldoek gemaakte bloemetjes1 en van achter twee breede1 witte linten2 onder de kin een 7vaste7 witte strik4 ,de muts heet buiten-muts omdat ze door de menschen van buiten gedragen wordt1 in tegenstelling met de stads-menschen4 ,vervolgens worden in de ,meierij 7in ,helvoirt7 nog strikke-mutsen door kinderen gedragen1 en in ,eindhoven nog cornetten1 en zouden er nog vele details mede te deelen zijn over de poffer die zoo'n bijzonder cachet1 zoo'n onhollandsch1 zoo'n verbeten1 koppig1 en vooral zoo'n boersch uiterlijk aan de ,noord-,brabantsch vrouwen van het land geeft1 als ze daar met hun korte breede1 lijven1 en groote hoofden1 op groote schoenen1 met groote passen langs de zonnige1 zandige wegen van het met zwaar hout begroeide landschap of naast een over de dikke keien rammelende groote boerenwagen sjokken1 waarvoor het zware paard langzaam voortstapt4 ,b4 ,,de ,,baronie ,,van ,,breda4 ,het eerste wat van de mutsen1 die door de boeren-vrouwen in de ,baronie van ,breda gedragen worden1 in tegenstelling met die van de ,meierij van ,den ,bosch1 opvalt1 is1 dat de afmetingen van die ,bredasche mutsen zooveel kleiner zijn4 ,maar toch zijn ze nog groot en wijd1 in vergelijking met de mutsen die in de andere deelen van ons land worden gedragen1 vooral groot en wijd en dik boven het voorhoofd4 ,dat wordt in ,breda niet veroorzaakt door de volumineuze poffer maar door de kroon1 of de kroesel of de krans4 ,de muts van de vrouwen uit de ,baronie bestaat uit een rand zeer dun geplooide of strakke kant1 die om het hoofd gaat en langs de ooren naar achter afbuigt tot in den nek1 tot bijna op de schouders4 ,die effen kanten strook heeft van achter een bodem of kruin1 een naar achter afhangende1 opgenomen breede lap kant-stof1 tot op schouders afhangend4 ,het geheel wordt ingeregen met een bandje tusschen de voor-strook en de bodem 7of kruin7 en op die wijze op het hoofd vastgehouden4 ,dit is de eenvoudigste soort van het algemeene type van de muts in de ,baronie4 ,dit is de strakke muts1 die van tulle of gaas is in de rouw en door de week en 's ,zondags van kant4 ,ze wordt over een zwarte ondermuts gedragen en van voren1 op het voorhoofd1 hebben de vrouwen twee kleine krulletjes haar 7valsch of echt7 aangebracht1 die even onder den rand van de muts uitkomen4 ,in deze eenvoudigste vorm heeft deze ,baronie-muts veel overeenkomst met de groote floddermutsen die op de ,zuid-,hollandschsche eilanden worden gedragen4 ,ze is als het ware het overgangs-type tusschen de ,noord-,brabantsche1 sterk-,belgische vormen en de zuiver ,hollandsche vormen van ,zuid-,holland en ,zeeland4 ,deze strakke muts wordt echter veelvuldig gevarieerd in een mooier en rijker bewerking4 ,dan wordt het de dubbele muts4 ,de hoofdvorm blijft dezelfde4 ,de voorste strook kant1 die het gezicht omsluit1 wordt echter dubbel1 in twee geledingen over elkaar4 ,in den regel zijn deze dubbele mutsen steeds van kant en doen alleen 's ,zondags dienst4 ,behalve dat bestaat er nog een vereenvoudigde soort van deze strakke mutsen1 veel kleiner1 minder omvangrijk1 zonder afhangende bodem1 met slechts een zeer smal strookje kant rond het gezicht1 en met dunne bandjes onder de kin vastgehouden4 ,dat is het ouderwetsche mutsje1 genaamd het ongelukske1 dat oudere vrouwen thans nog dragen1 en dat alln bij 't werk dienst doet4 ,men ziet hieruit1 dat ook hier1 evenals in ,zeeland1 in den laatsten tijd de tendenz bestaat de mutsen steeds grooter te doen worden4 ,over die strakke en dubbele muts komt nu de kroon1 of de bloemkrans of de kroesel1 een dikke wrong van kleine bloemetjes in tulle uitgevoerd en met kralen opgesierd1 meestal geheel wit van kleur1 maar soms ook met blauwe bloemetjes en kralen verfraaid4 ,deze kroon ligt vlak op de muts1 boven het voorhoofd1 en gaat van de eene slaap naar de andere1 en is vastgehecht op een 7meestal7 lichtblauw zijden lint dat van achter1 onder de afhangende bodem1 achter het hoofd is vastgezet met haak en oog4 ,bij deze mutsen behooren1 evenals in de ,meierij1 lange1 groote gouden oorhangers1 halskettingen van koraal1 en een klein kleurig doekje1 cache-nez dat met kleine puntjes links en rechts onder de kin uitstaat1 naast de groote witte strikken die de strakke of dubbele muts onder de kin vasthoudt4 ,de verdere lijfs-kleeding is1 vooral voor de boerinnen van het platte land1 de ook in de ,meierij bekende kapmantel1 of ook nog zeer dikwijls de oude ,kashmire-shawl4 ,merkwaardig is in dit deel van ,noord-,brabant de zeer kennelijke invloed van de ,belgische nationale drachten1 vooral in de dorpen langs de ,belgische grens in het zuiden van de ,baronie en in het land van ,bergen-op-,zoom4 ,in die streken dragen de ,brabantsche vrouwen twee soorten mutsen1 een ,hollandsche 7,bredasche7 en een ,belgische4 ,deze laatste als zij over de ,belgische grens 7vr den oorlog7 's ,zondags ter kerke gingen4 ,soms echter dragen zij die muts ook als ze in ,breda naar de markt gaan4 ,deze ,belgische muts is betrekkelijk klein1 geheel van ineengeplooid wit lint1 min of meer vierkant van hoofdvorm1 een weinig naar de zijkanten en naar achter uitstekend1 ,maar op die muts zijn groote strikken van breed1 gekleurd lint aangebracht1 geel1 rood1 groen1 paarsch1 in alle kleuren4 ,twee van die lange1 breede linten worden onder de kin vastgestrikt1 twee hangen lang af naar achter1 op den rug4 ,er is geen bijzondere kleur van deze linten voor bijzondere gelegenheden vastgesteld1 tenzij zwart voor den rouw4 ,bij deze ,belgische mutsen behoort een kapmantel of pelerine van meer pompeus maaksel dan de gewone1 meer kant1 tulle1 linten en strikken1 ofschoon de hoofdvorm dezelfde is als de andere pelerines4 ,dit kleedingstuk is een zeer kennelijke verboerschte imitatie van de ,parijsche mode van omstreeks #ahhj4 ,behalve deze mutsen wordt in de ,baronie1 naar de kant van ,zundert1 een soort muts gedragen die veel overeenkomst heeft met de buiten-muts van de ,meierij4 ,in ,zevenbergen is de vorm weer anders1 daar wordt de kroon niet meer gedragen1 of slechts zeer klein1 maar vervangen door een rijk geplooid breed lint1 dat ook naar achter afhangt--zoo ook in de ,zevenbergsche hoek1 waar de vorm zich gaandeweg meer bij de ,zuid-,hollandsche mutsen-vormen aansluit4 ,c4 ,,het ,,mark-,,graafschap ,,van ,,bergen ,,op ,,zoom ,ten slotte de mutsen in het land dat aan ,zeeland en ,zuid-,holland grenst4 ,de algemeene vorm is die van de ,bredasche muts1 maar zonder de kroon1 dus eenvoudiger1 smaller1 platter4 ,verder is in deze streek de invloed van de ,belgische en ,zeeuwsche drachten meer kenbaar1 en vormt ze een overgangsgebied naar de eigenlijke ,hollandsche drachten4 ,vandaar dat men slechts weinig van een eigen dracht in deze streek merkt1 althans niet in de steden1 ,de plattelandsbevolking blijft het langst de boerendracht getrouw4 ,de meeste vrouwen dragen reeds hoeden1 dat wil zeggen ouderwetsche hoofddeksels1 die tot geen land en geen tijd behooren1 en1 zooals gewoonlijk bij dergelijke soort kleedij1 zeer smakeloos zijn4 ,,limburg4 ,in de provincie ,limburg zijn slechts weinig sporen van een eigen nationale kleedij te vinden4 ,in den noord-westelijken hoek1 in het land van de ,peel en bij ,mook1 in ,venraaij en in ,weert zijn de drachten aan die van ,noord-,brabant verwant4 ,behalve deze dracht in het ,noorden van de provincie is in de buurten van ,sittard nog eenige resten van een eigen volks-dracht te herkennen4 ,oude vrouwen dragen daar nog het halflange jak over een dikke1 breede rok die helder violet is en van zoogenaamd tirtei is gemaakt--ze dragen drie van die rokken over elkaar van dezelfde stof maar van verschillende kleur4 ,die rokken zijn1 aan de taille sterk gefronsd 7d4 w4 z4 geplooid7 waardoor de heupen zeer breed worden4 ,de stof van die rokken is zeer zwaar4 ,ze dragen daarbij geen corset1 maar een onderlijfje1 en daar over het jak1 dat van voren dicht gaat4 ,ze loopen op klompen4 ,de mouwen van het jak zijn wijd1 saamgeregen aan de polsen4 ,het jak is van satinet 7's zomers7 en 's winters van wollen stof1 en bruin van kleur4 ,dit jak heeft geen halsboordje4 ,om de hals wordt dan een vierkante doek geknoopt1 die eerst driehoekig 7diagonaal7 is gevouwen1 op de gewone manier4 ,die doek1 die van met sterke kleuren bedrukte wol is gemaakt1 heet de plak4 ,nog zoo'n doek van dezelfde kleur1 gaat1 eveneens diagonaal gevouwen1 over het hoofd1 en wordt onder de kin vastgeknoopt1 ,om de hals gaat een zwart lint waaraan een kruisje1 dat op de borst hangt4 ,het schort1 dat deze vrouwen dragen1 is 's ,zondags als ze naar de ,kerk gaan1 zwart4 ,thuis en in de week is het blauw4 ,deze kleeding heeft niets ,hollandsch1 ofschoon de omslag-doek om de hals en schouders een wijze van kleeden is1 die in de ,hollandsche drachten--maar ook bij zooveele andere costumes--nog al veel voorkomt4 ,maar de doek over het hoofd is waarschijnlijk van ,duitsche oorsprong4 ,ook de kleurigheid van deze doeken doet1 zoowel door de versierings-motieven als door de kleurcombinatie1 zelfs aan russische kleedingswijzen denken4 ,in ,zuid-,limburg1 in het land tusschen ,maastricht en ,kerkrade en ,vaals1 is niets van een nationale eigen dracht te bekennen4 ,het is zeer de vraag of in die streken ooit een eigen ,nederlandsche nationale of gewestelijke kleedij bestaan heeft1 waar dit land altijd zoo direct onder invloed van ,duitsche en ,belgische 7,waalsche7 cultuur geweest is4 ,de bijzondere drachten van de mijnwerkers uit de buurten van ,heerlen zijn slechts beroepskleedij1 en kunnnen dus--ook om hun internationale gedachte--niet tot de ,nederlandsche volkseigen drachten gerekend worden4 ,,naschrift4 ,ik heb den text voor dit boekje in den zomer van #aiaf saamgesteld4 ,eerst in #aiag kon ik de proeven corrigeeren en meen thans nog de volgende bemerkingen te mogen maken4 ,de invloed die de oorlog ook op de ,nederlandsche nationale kleederdrachten thans reeds heeft zal echter pas duidelijk later overzien kunnen worden4 ,het bleek mij bij de onderzoekingen die ik in deze laatste jaren deed1 dat ook de grondstoffen waaruit die nationale drachten vervaardigd worden gaandeweg gaan ontbreken1 omdat van deze zooveel uit het buitenland moet worden aangevoerd4 ,zoo vernam ik van een mutsen-maakster in de ,meierij dat de bloemen1 die voor de poffers gebruikt worden1 niet meer worden ingevoerd4 ,de echte 7,belgische7 kant is ook niet meer te krijgen1 of ze wordt te duur4 ,daardoor wordt de inheemsche dracht een onbereikbare luxe voor velen die nog gaarne de oude traditie getrouw zouden willen blijven4 ,men moet wel tot de gewone stads-kleedij overgaan4 ,zoo kwam mij eveneens ter oore dat in de ,baronie veel boerinnen te ver van plaatsen wonen waar mutsen-opdoensters wonen4 ,ze kunnen hun mutsen niet meer gestreken krijgen1 het loont niet meer dit vak te beoefenen4 ,verscheidene geweven stoffen1 zooals voor de drachten van ,volendam en ,marken worden schaarsch4 ,ook heeft de groote watervloed die in het voorjaar van #aiaf ,noord-,holland1 en speciaal ,marken en ,volendam teisterde1 het aspect van de huizen veranderd1 ze meer modern gemaakt1 waardoor de oude dracht niet meer in overeenstemming met de nieuwere woningen is4 ,en er is een on-miskenbare wisselwerking tusschen de huizen waarin de menschen wonen en de vorm en kleur van hun kleedij4 ,zoo verdwijnt langzaam-aan de volks-eigen dracht door allerlei oorzaken1 en1 in deze oorlogstijd zelfs tegen den wil der bevolking in4 ,thans1 in deze jaren1 was het den tijd de complete gegevens omtrent deze costumes te verzamelen1 vr dat misschien nog erger gevolgen van den wereldoorlog ons land treffen en er voorshands voor bestudeering van het oude geen tijd en geld en energie meer beschikbaar zal zijn1 als wellicht de hernieuwing en de omvorming van het heden en het opbouwen van een ander-soortsche toekomst alle krachten van allen vergen zal4 ,het bleek mij dat deze zeer veel tijd rovende en bijzonder kostbare studin niet langer als privaat-onderneming konden worden voortgezet1 en daarom ook meende ik zelfs in deze tijden een poging te mogen wagen om de belangstelling van 's ,rijks ,regeering voor de ,nederlandsche nationale kleederdrachten te wekken4 ,in het begin van #aiaf richtte ik een verzoek tot ,z4 ,ex4 den ,minister van ,binnenlandsche ,zaken om het bijeenbrengen van gegevens en afbeeldingen van die drachten te willen subsidieeren4 ,de minister vroeg om advies bij de ,koninklijke ,academie van wetenschappen4 ,deze adviseerde gunstig4 ,de ,regeering stelde mij daarop een subsidie in uitzicht en mijn plannen als zoodanig ondervonden schijnbaar een veelzijdige sympathie4 ,toch kwam van al deze goede bedoelingen en goeden wil niets terecht4 ,dr4 ,a4 ,pit1 ,directeur van het ,nederlandsch ,museum van ,geschiedenis en ,kunst te ,amsterdam1 onder wiens ,directie de zoo fraaie verzameling van poppen in nationale kleedij uit het ,rijksmuseum was uitgewezen1 en die door den minister was opgedragen toezicht op mijn werk te houden1 heeft de uitvoering van deze plannen1 nog vr ze begonnen waren1 langs den bureaucratisch-administratieven weg onmogelijk gemaakt4 ,of het later aan iemand anders dan aan mij vergund zal worden deze studin1 met steun van de ,regeering te doen1 wil ik thans niet uitmaken4 ,maar het is wl absoluut zeker dat thans een kostbaren tijd en mogelijkheden verloren gaan1 die niet terug te winnen zullen zijn1 zelfs niet met nog zoo veel geld 4444 om van den goeden wil en zekere andere voordeelen niet te spreken1 die hier te niet gedaan werden4 ,ik voor mij ben daarom den uitgever dankbaar--en velen zullen met mij hem dankbaar zijn--omdat hij mij in de gelegenheid stelde dit korte overzicht van het materiaal dat ik over de meest belangrijke van deze drachten verzamelde1 op deze wijze te publiceeren4 ,dit is lang niet alles1 4444 en zeer zeker niet compleet 4444 maar het is misschien een begin of een aanleiding om later vollediger beschrijvingen te boek te stellen4 ,later 4444 als het dan tenminste nog kan 4444 ,want het is thans1 op elk gebied1 de groote tijd waarin alles veranderd1 de tijd1 waarin het oude verdwijnt1 om in de toekomst wellicht geen enkel spoor na te laten4 ,zoodat ieder jaar1 dat de beschrijving en afbeelding van onze ,nederlandsche nationale kleederdrachten1 ten pleiziere van welke groep1 welk groepje of wiens persoon1 omdat het niet van hen uitgaat1 of om welke redenen dan ook1 vertraagd of onmogelijk gemaakt wordt1 een vergrijp is tegen de ,historie van ,nederland1 een vergrijp ook tegen een redelijke wetenschappelijkheid1 tegen een werkelijke levende beoefening van een practische--en daardoor waardevolle--kunsthistorie4 ,juni #aiag4 ,th4 ,,molkenboer4 ,,inhoud ,voorwoord ,i4 ,inleiding ,a4 ,over kleederdrachten in het algemeen ,b4 ,over nationale kleederdrachten ,c4 ,over de nationale kleederdrachten en de vooruitgaande beschaving ,,ii4 ,de ,nederlandsche nationale kleederdrachten ,a4 ,algemeen overzicht ,b4 ,waar worden de ,nederlandsche nationale kleederdrachten gedragen ,c4 ,over den invloed van den godsdienst1 ras1 rang1 stand en beroep op de ,nederlandsche nationale kleederdrachten ,d4 ,over de beteekenis van onze ,nederlandsche nationale kleederdrachten uit een ethisch en aesthetisch oogpunt ,e4 ,litteratuur over de ,nederlandsche nationale kleederdrachten ,f4 ,wat werd en wordt er voor de instandhouding1 de belangen en de kennis van de ,nederlandsche nationale kleederdrachten gedaan ,,iii4 ,de beschrijving van de ,nederlandsche nationale kleederdrachten in de verschillende provincin ,kaart van ,nederland ,noord-,holland ,a4 ,marken ,b4 ,volendam ,c4 ,west-,friesland ,d4 ,het ,gooi ,i4 ,laren ,,ii4 ,blaricum ,,iii4 ,huizen ,e4 ,de ,noordzee-kust en de eilanden ,f4 ,de ,meeren en ,polders ,g4 ,de groote steden ,utrecht ,spakenburg ,zuid-,holland ,scheveningen ,zeeland ,a4 ,walcheren ,b4 ,zuid-,beveland ,c4 ,zeeuwsch-,vlaanderen ,d4 ,noord-,beveland ,friesland ,hindeloopen ,groningen ,drenthe ,overijsel ,a4 ,het eiland ,urk ,b4 ,staphorst ,gelderland ,a4 ,de ,veluwe ,b4 ,de ,achterhoek ,c4 ,de ,betuwe1 en het land tusschen ,maas en ,waal ,noord-,brabant ,a4 ,de ,meierij van 's ,hertogenbosch ,b4 ,de ,baronie van ,breda ,c4 ,het ,mark-,graafschap van ,bergen op ,zoom ,limburg ,naschrift ,register ,inhoud